logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15418 Items)

Angels & Airwaves

Duidelijke boodschap van Angels & Airwaves: love

Geschreven door

De Californische Angels & Airwaves is de band gevormd rond Blink 182 zanger/gitarist Tom Delogne, Box Car racer gitarist David Kennedy, 30 Seconds To Mars bassist Matt Wachter en The Offspring en Alkaline Trio drummer Atom Willard. Ze hadden een duidelijke boodschap mee: LOVE. Zo zal ook hun lang verwachte album ( na ‘We don’t need to whisper’ en ‘I-empire’) heten die net op 14 februari wereldwijd uit zal komen.

Na een muzikale intro openden ze met “It hurts” en je wist meteen dat het goed zat voor de rest van de avond. Daarna volgde het eerste bekende nummer “Everything’s magic “ dat al luidkeels werd meegezongen.
Tom Delongne had geen enkele moeite het publiek mee te krijgen met zijn danspasjes en zijn soms wat ietwat knullige bindteksten die erg kenmerkend zijn voor de charmes van deze zanger die regelmatig zijn publiek aan de microfoon probeerde te verleiden. Ze speelden “Lifeline” en “Shove” om daarna heel het publiek mee te krijgen met het bekendste nummer “The adventure”. “The Moon Atomic” en “Epic Holiday” hoorden we nog ergens om tot slot te eindigen met het sterke “Secret Crowd’s”, dat evenzeer werd meegezongen door het publiek.
De band kwam in de bis voor de dag met het erg mooie liefdesnummer “Breathe” waarop de nodige hartjes de lucht in werden gestoken; als afsluiter van een schitterende muzikale avond was er “The War” waar de band voor een laatste keer de zaal in vuur en vlam zetten.

De voorprogramma’s waren Neon Trees, een Amerikaanse band die nog niet zo bekend is, maar toch nieuwsgierigheid opwekten.

Daarna was er Twin Atlantic, een Schotse alternatieve rockband die vorig jaar op Pukkelpop heeft gestaan en dit jaar op Groezrock staat. Dit had wel iets en had wat weg van Dead Poetic en The beautiful mistake, maar dan wat meer rock.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Hooverphonic

Hooverphonic sluit terug aan bij de Belgische scène …

Geschreven door

Na het plotse vertrek van Geike Arnaert, een goede twee jaar terug, was het stil rond Hooverphonic; een stilte die Alex Callier deels gebruikte voor een nieuw project, met name Hairglow, maar hij was natuurlijk in hoofdzaak bezig om samen met Raymond Geerts een waardige opvolgster van Geike te vinden; Noémie Wolfs werd de nieuwe zangeres. We waren dus uitermate benieuwd of zij in de voetsporen van Geike kon treden en haar kon opvolgen. Aan belangstelling lag het alvast niet, want de twee concerten in de AB waren uitverkocht …

Toen de lichten in de zaal doofden, traden de muzikanten tijdens de intro één voor één aan; langs de zijkant van het podium zette Noémie “One Two Tree” in, een nummer dat op hun recentste plaat terug te vinden is. Met een zelfzekere tred en de nodige elegantie begaf de 22 jarige jonge deerne zich naar het midden van het podium waar ze meteen flirtend achter haar microfoon stond. Tot onze grote verbazing vuurden ze onmiddellijk na hun opener de eerste single “The Night Before” uit hun gelijknamige album af. Noémie liet voor een eerste keer zien wat ze allemaal in haar mars had; ze is extraverter en haar stem is korrelig, meer doorleefd, en minder hoog en breekbaar; ondanks alles zal haar stem altijd wel met die van Geike worden vergeleken.
Een vergelijking die niet steeds mag gesteld worden, want we zagen een Noémie, die tijdens klassiekers als “The World Is Mine” en “Jackie Cane” niet echt moest onderdoen voor Geike; alleen tijdens “Mad About You” kon je duidelijk horen dat ze de hoge vocals van Geike niet aankon.
Hun set sloten ze af met “Sometimes” een nummer waarbij Noémie het publiek aanspoorde om met haar mee te zingen; het publiek leek overtuigd, hing aan haar lippen en scandeerde vol enthousiasme het refrein.
Een ingetogen “Eden” opende de bis en een bloedmooie “Vinegar & Salt" volgde. Een tweede bisronde breidden ze er nog aan met enkele nieuwe songs als “More, “Danger zone” en “How can you sleep”, die een venijnig staartje kreeg van gitaren en pedaaleffects. Een meer dan gesmaakt optreden dus.

Elk zal wel z’n mening hebben betreffende het ‘nieuwe’ en het ‘oude’ Hooverphonic. De band beet van zich af, gaf sommige oude nummers een andere invalshoek en is met Noémie Wolfs klaar om een nieuw hoofdstuk aan te vatten; ze hebben genoeg kwaliteit in huis om opnieuw aan te sluiten bij de Belgische scène …

Playlist: One Two Tree, The night before, Heart broken, Club Montepulciano, The last thing, Norwegian Stars, 2 Wicky, Angels never die, Identical Twins, Expedition Inpossible,
George’s Café, Encoded love, The world is mine, Jackie Cane, Mad about you, Sometimes
Bis: Eden, Vinegar & Salt, Renaissance affair
Bis: More, Danger Zone, How Can You Sleep

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

Mauro Pawlowski

Mauro Pawlowski: geniale schizofrene muzikale duizendpoot

Geschreven door

Mauro Pawlowski onder één noemer vangen is onbegonnen werk daar zijn muzikale uitspattingen zich uitstrekken van aanstekelijke jazzy poprock met zijn Nieuw Zwart Trio tot aan de groovy vampierhardrock van zijn alter ego Somnabula en alles wat daartussen ligt. Telkens experimentele zijprojecten met een scherp randje waarvan zijn laatste uitgebroed ei Radical Slave (keiharde no wave i.s.m. Dirk Swartenbroekx a.k.a. Buscemi en Remo Perrotti, ex-Bedtime for Bonzo) hoge ogen gooit. Op Welcome to Mauroworld 2.0 kan je je hart ophalen: alles wat Mauro uitbracht onder verschillende noemers staat er mooi gebundeld.

De muzikale kameleon verscheen voor ons vorige week zaterdag in de Kreun onder drie kleurrijke en gevarieerde gedaanten: Nieuw Zwart Trio, Pawlowski en Mauro & The Grooms. Geen moment verveling dus!

Om 20h15 werden we ondergedompeld in een muzikaal warm bad dat een wereld van wilde en ontembare energie openbaarde. Mauro liet zich omringen door Elko Blijweert (gitaar) en Jeroen Stevens (drums) onder de noemer Nieuw Zwart Trio. Met hun dreigende jazzy postrock brachten ze een greep uit de soundscape die Mauro componeerde voor de laatste dansvoorstelling van Wim Vandekeybus. Hierbij werden diverse thema’s aangeboord die draaien rond (her-)geboorte, instinct, leven en dood. Onheilspellend en mooi tegelijk!

Een klein uur later werd het trio aangedikt met Pascal Deweze (Metal Molly, Sukilove), Sjoerd Bruyl (Sukilove) en Ben Younes (Eat Lions). Onder de projectnaam Pawlowski nam deze superband het album ‘Truth & Style’ uit 2006 onder handen. Mauro bracht deze schijf uit onder één van zijn vele alter ego’s Otot (the satanic son of Somnabula). Wat volgde was een ‘Musical Mauro Mayhem’ of hoe anarchie zou moeten klinken in muziekvorm. “Experiments in haste” vatte dit alles mooi samen. Lekker!

De meerderheid van het publiek was natuurlijk gekomen voor het derde luik van de avond: hoofdact Mauro & the Grooms. Dansbare chaos die je voortdurend op het verkeerde been zette. Mauro liet zich nu omringen door rasmuzikanten als Jan Wygers (Creature With An Atom Brain) op bas, de voortreffelijke gitarist Steven Janssens (Daan), Herman Houbrechts (Nemo, Dead Man Ray, Mitsoobishy Jacson) op drums en David Joris op synths. Het publiek kreeg waar het voor kwam: een best-of van the Grooms: er werd zowel getapt uit de ‘Ghostrock’-EP als uit het ‘Black Europa’-album. De ene parel na de andere werd de Kreunzaal ingeslingerd en er werd geheupwiegd dat het een lust was voor het oog. Toen Mauro ook nog twee oude Evil Superstars-krakers (“B.A.B.Y.” en “Can’t seem to fuck things up”) uit de kast haalde, kon de pret niet meer op. Het publiek ging wild tekeer en shakete als nooit tevoren.
Mauro en zijn kompanen hielden het na een groot uur bekeken en wilden de coulissen intrekken. Maar dit was buiten de wil van de talrijk opgekomen muziekliefhebbers gerekend. Ze wilden meer en dat kregen ze ook: twee Somnabula-klassiekers (“Theme from S.O.S.” en “Somnabula”) en met de ultieme dans “Dance of the Grooms” dat gerust nog uren mocht doorgaan, werden we de kille nacht ingestuurd.

Mauro kwam, zag en overwon. Mogen we nog veel schitterend werk van zijn veelzijdige persoonlijkheid aan onze oren toevertrouwd krijgen in de toekomst. ‘Mauro rules in every way’!

Setlist Mauro & The Grooms: 1] Trip To Beg [2] Ghost Rock [3] Slow Bones [4] Doing Something Right [5] Corruption [6] Fear Life [7] What It Takes [8] Days To Burn [9] Weapon Of Beauty [10] Low Talking Woman [11] B.A.B.Y. [12] Can’t Seem To Fuck Things Up [13] Stay Awake! [14] She Comes With A Feeling [15] Leaving Montreux // Encores = [16] Theme From S.O.S. [17] Somnabula [18] Dance of the Grooms

Organisatie: Kreun, Kortrijk

Pennywise

Pennywise als een tornado!

Geschreven door

In een organisatie van Democrazy & that's all punks kreeg de Vooruit in Gent de West Coast punkers Pennywise over de vloer. Als support acts fungeerden T.S.O.L , Red Tape Parade en Flatcat.

Daar waar ze op de laatste editie van Groezrock al een aardige indruk nalieten, was het nu uitkijken of Pennywise in de gezellig volgelopen Vooruit opnieuw kon overtuigen want niet al hun vorige passages in België waren even succesvol.
De toon was nochtans snel gezet... want van meet af aan was de drive, inzet en goesting van dit Californische combo opmerkelijk en namen ze de enthousiaste crowd in een wurggreep die ze een dik uur lang vasthielden en slechts middels “Bro Hymn” een abrupt einde zou krijgen.
Onder het 'bewind' van nieuw 'opperhoofd' Zoli Teglas – overgekomen van Ignite- werd vanaf de eerste noten van “Fight 't ill you die” de gashendel volledig opengedraaid. Het publiek sprong direct op de kar wat resulteerde in menige mosh- en circlepits gekruid met de nodige dives. De band genoot van zoveel energie in de pit en stoomde met “Same old story”, “Society” en “Homesick” gezwind door z'n set.
Als een pletwals in een rotvaart pakten ze quasi moeiteloos alles en iedereen in. Met in de hoofdrollen zanger Zoli -slechts één jaar bij de band- die zonder problemen de vorige frontman Jim Lindberg doet vergeten en gitarist Fletcher die continue de troepen bleef opjutten en het tempo continu strak hield. Ook “Fuck authority”, “Straight ahead” en “Rules” sierden de playlist, even later kregen we toch voor enkele minuten rust met de Ben E King cover “Stand by me” maar na enkele minuten explodeerde ook dit nummer in een enthousiaste splinterbom. Met de nadruk van de playlist op vooral het oudere werk was het dan al lang duidelijk dat de uptempo, catchy punkrockmachine in een begenadigde dag verkeerde, het plaatje klopte helemaal.
In de veel te korte bisronde brachten ze één van hun oudste tracks “Pennywise” gevolgd door het onvermijdelijke “Bro Hymn” dat ze nog steeds opdragen aan hun bassist Jason Thirsk die in '96 uit het leven stapte. In een mum van tijd nam het publiek het podium in en al gauw stonden een honderdtal enthousiastelingen vocale steun te verlenen bij deze klassieker.

Helaas was dit ook meteen het einde en kregen we eigenlijk wel iets te weinig waarvoor we gekomen waren maar door de intensiteit en performance van de band konden we ons enkel gelukkig prijzen dat we deze wervelwind mochten aanschouwen.
Uitkijken doen we reeds naar de nieuwe 12 de! plaat die er staat aan te komen met voor het eerst dus Zoli op de vocals.

Openers van de avond waren het Brugse Flatcat die na een break van een kleine 2 jaar terug aan de oppervlakte verschenen. Met een mix van gloednieuwe nummers en ouder werk brachten ze de zaal op temperatuur. Dit viertal nu 15 jaar bezig en nog steeds in originele bezetting komt eind volgende maand met nieuw werk op de proppen. Hun enthousiaste poppunkrock brengen ze nog steeds vol begeestering en met “Rockstar fantasy” sloten ze hun 30 minuten opwarmwerk af.

Ook het Duitse Red Tape Parade kreeg een klein halfuur waarin ze een mix van punkrock en hardcore ten berde brengen maar die door te weinig variatie zijn doel mist.

Wat niet kan gezegd worden van T.S.O.L die op het laatste moment nog werden toegevoegd aan de line up. Deze Amerikaansen legendes -bijna 30 jaar dienst- brengen veel schwung en diversiteit in hun punksound en tonen dat ze zeker nog niet versleten zijn.

‘Punks not dead’.

Organisatie: Democrazy, Gent

K's Choice

Hartverwarmende en rockende K’s Choice

Geschreven door

K’s Choice is de tandem van broer en zus Gert en Sarah Bettens die in de jaren ’90 goed op dreef waren met hun lekker in het gehoor liggende poprock. Ze hadden een handvol hits uit, o.m. “Believe”, “Almost happy”, “Everything for free”, “Me freeez”, “I smoke a lot”, “Not an addict” en “Come live the life” uit de recente cd. Na de succesvolle afscheidstour van de plaat ‘Almost happy’ (2002) hielpen ze elkaar wel eens in het songschrijven en was er onverwachts een gastoptreden van één van de twee tijdens hun clubtours. En het verhaal begon opnieuw toen liedjes van over de oceaan werden gemaild, gezien Sarah al enkele jaren in de VS leeft en Gert in ons landje. In 2009 was er het eenmalig optreden in Dranouter en konden we kennismaken met een paar nieuwe songs, die in dezelfde trend lagen. Net als in Lotto Arena vorig jaar was het een optreden van melodieus spannende rockers en ingetogen, gevoelig materiaal, geleest op akoestische gitaren, piano en een puike samenzang, het voortouw genomen door Sarah. Tja, de recente ‘Echo mountain’ was ook op die manier opgebouwd.

Binnenkort in maart komt de familie Bettens terug langs met een full band, maar vóór ze aankloppen in ons landje zagen we hen in een uitverkochte Aéronef in Lille, die de succesvolle tour in Frankrijk onderstreept.
Het sympathieke Belgische gezelschap werd op handen gedragen. Het deed deugd een laaiend enthousiast publiek de refreinen van de singles moeiteloos te horen meezingen.
We werden eerst opgewarmd door een reeks hartverwarmende en intieme ‘unplugged’ versions, spaarzaam en sober begeleid en soms met een ‘candlelight’ gehalte. Er heerste een samenhorigheidsgevoel door het kampvuursfeertje. De nieuwe songs kwamen in de spotlights, “Along for the ride” en “Killing dragons”, die elan kregen door de berglandschappen op doek, “Let it grow”, met strijker aandoende toetsen en “How simple can it”, dat net als “Butterflies instead” zachtjes werd geneuried door het publiek. Verder hoorden we een sfeervolle benadering en een sterke samenzang van o.m. “Favorite adventures” en “Winners”. “Live for real” overtuigde door het akoestische gitaarspel en de beheerste pianotunes. Op “Virgin state of mind” kon je een speld horen vallen. Een adembenemende eerste 45 minuten …
Na een kleine pauze kwam de band terug en werden de gitaren ingeplugd. Nu was het tijd voor het rockende luik. “Hide” was de snedige, potige opener; een broeierige “Believe in you”, “Almost happy” en “Come live the life” volgden, die ze speelden met meer subtiliteit en finesse. Het vertrouwen groeide alsmaar … “I will carry on” en de titelsong “Echo mountain” klonken straffer door de strakker en steviger aanpak. Zelfs het breekbare “Not an ddict” gaven ze door pedaaleffects een pittig gedreven staartje. Inderdaad ,K’s Choice kon de registers opentrekken, volle gas geven, en verloren nergens de melodie uit het oog. “If this isn’t right” en “If you’re not scared”  toonden het ook nog aan.
Door de variaties in de songopbouw was het optreden in een oogwenk voorbij. Ze verwenden het Franse (en Belgische) publiek met een viertal songs waaronder het opbouwende “Everything for free” en “Too many happy faces” ( referentie aan Damien Rice). Ook het donker dreigende, ingehouden “Shadowman”, door Gert gezongen, mocht er best zijn.
De band werd letterlijk op het podium geschreeuwd en ze imponeerden tot slot met “God in my bed”, die een ingetogen start had , crescendo opbouwde en explodeerde in gierend gitaargeweld!

Ondanks dat de songs van het debuut geweerd worden, grossierde de band in z’n oeuvre, hield van een afwisselende aanpak en klonk ingetogen als stevig. Ze toonden aan dat het nieuwe materiaal probleemloos naast het oudere kon staan en ze palmden probleemloos het publiek in. Puik werk dus!

En het Belgisch feestje kon niet meer stuk en kreeg nog meer kleur door Arid die hier vanavond als support fungeerde. Ook zij waren op tournee in Frankrijk. Al sinds de vorige cd ‘All things come in waves’ zijn ze terug ‘alive & kicking’ en zorgden ze ervoor dat hun melodieus emotievolle poprock en hun weemoedige ballads een flinke scheut venijnigheid voorgeschoteld kregen. Net als K’s Choice kwam de ruwe bolster regelmatig naar boven. Ze klonken stevig en rauw(er), zonder de melodie te bannen. Jasper’s vocale capriolen werden tot een minimum herleid.
Songs als “Broken dancer”, “You are”, “Too late tonight” en “If you go” moesten ons niet meer overtuigen, en aan de reacties te horen, waren zij geen onbekend Belgische bandje … Mooi meegenomen dus!

Organisatie: Agauchedelalune (ism l'Aéronef), Lille 

Marble Sounds

Overvol Vooruit Kaffee geniet van het beloftevolle Marble Sounds

Geschreven door

We waren al sterk onder de indruk van de pakkende, melancholische, sfeervolle ‘treurwilg’ fluisterpop van Marble Sounds, het project van sing/songwriter Pieter Van Dessel (ooit de helft van de electro Plastic Operator) die werd aangevuld met enkele rasmuzikanten van Soon, General Mindy en waarvan we ook Gianni Marzo van Isbells herkenden.

De plaat ‘Nice is good’ is een adembenemende trip door de spaarzame begeleiding, de broeierige opbouw, het fijne gitaarspel en de meesterlijk in elkaar gestoken geluidjes; een hartverwarmende en wonderschone sound dus, die een resem droomsongs opleverde door de gelaagde melodie, die forser durfden te klinken door de aanzwellende partijen.
Ondanks het feit dat de plaat al enkele maanden oud is, krijgt de band nu de verdiende erkenning en worden ze op de radio gedraaid met de eenvoudige, emotievolle single “Sky high” (op plaat met de Japanse zangeres Miwako Shimizu). Marble Sounds laat zich net als een Bon Iver ontdekken en slaagt erin je te overtuigen en in te palmen … En was nu net die Bon Iver een paar jaar terug ook niet gratis te zien?!
Je kon beweren dat het succes te wijten viel aan het gratis concert in het Kaffee van de Vooruit, maar wie binnenstapte of – strompelde hoorde en zag de eenzame pracht van het gezelschap. Een terechte publiekstrekker door het talent van de heren. Een volgepakt Kaffee genoot van de klanken van de sing/songwriterpop en americanapop …
Desolate pracht met notie voor extravertie, dynamiek en uitbundigheid, die aardig wist aan te sluiten bij
Isbells, Amatorski en Yuko, de sing/songwriterpop van Bon Iver, Bonnie ‘Prince’ Billy en Sparklehorse, en stoeide met de muzikale kleuren van Fleet Foxes, Broken Social Scene, Notwist, Pinback, Sigur Ros en natuurlijk Jonsi.
De muzikale schoonheid en pracht, live iets rauwer en directer, raakte, en de spelvariaties en de samenzang gaven kleur en elan. Ze scoorden al erg hoog
in onze persoonlijke top, maar hun liveprestatie gaf nog meer glans.
Al meteen verbaasden ze met het repetitief opbouwende “Good occasions”. “Two & still counting” en “My friend” intrigeerden als americana pareltjes met een Sebadoh referentie. Drie songs die behoorden tot het beste van een Belgisch bandje. Of wat te denken van de sfeervolle “Smoking was a day job” door het subtiele glockenspiel/xylo en “They can’t take this away” door het banjogetokkel. “Come here” en “If you stay then I can’t go” waren sober en ingehouden.
We noteerden dus heel wat variabelen van hun bedwelmende droompop. “The time to sleep”, opener van de cd , besloot de set en vatte hun mijmerende emotievolle klankkleur samen.

Of een overvol Kaffee de ideale plek was, laten we in het midden, duidelijk was dat hier een band stond te spelen, die in 2011 potten kan breken! Je bent gewaarschuwd, die woensdagavond zagen we hen nog gratis … Het komende weekend treden ze aan als support van Hooverphonic, en wie weet, volgt er nog meer. In het oog te houden dus!

Tracklist:
Good Occasions, Smoking was a day job, They can’t take this away, Come here, Redesign, Two and still counting, If you stay then I can’t go, Never lost never won, My friend, Sky high, The time to sleep
Bis: You know me

Organisatie: Vooruit, Gent

Steve Wynn

Steve Wynn & Chris Cacavas: 30 jaar geduld beloond op gewijde grond

Geschreven door

We weten het zeker. In de strijd om de eretitel ‘Hardest working man in contemporary rock’ kaapt Steve Wynn zonder veel moeite de bloemen weg. Het leven van de Californiër oogt in feite even routineus als afwisselend: wanneer eventjes niet in de studio trekt hij alleen of met een paar metgezellen prompt op tournee, en eens thuisgekomen van diezelfde tournee klinkt alweer de lokroep van de studio.
Amper zijn we bekomen van Wynn’s recentste opus ‘Northern Aggression’ en de bijhorende memorabele doortocht in de Botanique twee maanden terug, en daar verschijnt de prille vijftiger in alweer een nieuwe gedaante op Europese clubpodia.
Dit keer heeft Wynn een akoestische set in petto waarbij hij zich in verschillende landen telkens door een andere muzikale soulmate laat bijstaan. In het Mechelse Cultuurcentrum konden de Vlaamse Wynn fans alvast rekenen op een primeur, want voor het eerst in hun dertigjarige vriendschap stonden Wynn en de al even legendarische multi-instrumentalist Chris Cacavas als duo samen op de planken.

Voor aanvang van de eigenlijke set mocht Chris Cacavas in de koorzaal van de Minderbroederskerk komen bewijzen waarom hij naast zijn exploten als keyboardspeler bij Green On Red en Danny & Dusty ook een respectabele singer-songwriter mag genoemd worden. Enkel vergezeld van een elektrische gitaar maakte hij voorzichtig gebruik van de gelegenheid om enige promo te voeren voor zijn recentste album ‘Love’s Been Discontinued’ waaruit “Tell Me Everything” en “Who’s Your Whore” werden geplukt. Door zijn mooi resonerende stem klinken Cacavas’ songs een stuk weemoediger en introverter dan deze van Wynn, maar met zijn maatje deelt hij gelukkig wel een gezonde dosis zelfrelativering.
We hadden best wel nog een uurtje kunnen verder luisteren naar Cacavas’ verhaaltjes over mislukte relaties, onbeantwoorde liefdes en morele ontgoochelingen, maar uiteindelijk moest het publiek het stellen met vier proevertjes die de appetijt al voldoende hadden aangescherpt voor de hoofdschotel van de avond.

Artiesten die in de Mechelse Minderbroederskerk komen optreden zijn best wat spaarzaam met genotsmiddelen, want er is immers die verschrikkelijk steile kerktrap waarlangs ze zich in ware Hollywood stijl richting publiek moeten begeven. Wynn kwam wijselijk voorzichtig die gevreesde trap af en dook met “Merritville” (‘84) meteen resoluut in de Dream Syndicate catalogus. Cacavas had ondertussen een accordeon beet en deed zo zijn duit in het zakje om deze Paisley Underground classic om te dopen tot een meeslepend folkepos. Wynn kreeg de pakweg honderd aanwezigen hiermee zonder veel moeite op zijn hand, en gooide meteen wat complimentjes terug over het indrukwekkende culturele erfgoed van de Mechelaars.
De Californiër maakte er ook geen geheim van dat hij tijdens zijn akoestische tournees wel eens wat obscuur werk van onder het stof durft te halen. “Dandy In Disguise” is zo een vergeten parel uit diens tweede solo album ‘Dazzling Display’ (’91) die hier in ere werd hersteld. Ook “Burn” uit het onlangs digitaal opgepoetste Dream Syndicate opus ‘Medicine Show’ is een gem die Wynn de afgelopen jaren doorgaans in de kast liet, maar ook in een acoustische versie en gestript van alle feedback moeiteloos overeind bleef. Het recente werk onderging een zo mogelijk nog grotere transformatie.
Op Wynn’s jongste album staan “We Don’t Talk About It” en “Resolve” stijf van de psychedelische effecten en reverb, in Mechelen werden ze omgevormd tot broeierige folksongs.
Even over halfweg nam de set plots een onverwachte wending. Het technisch weerbarstige orgeltje van Cacavas had al een paar songs lang hier en daar wat roet in het eten gegooid, maar in plaats van zich te ergeren in het onding besloten de ervaren rotten van de nood een deugd te maken. De stekkers werden uit de instrumenten getrokken, en als twee muzikale predikanten begaven Wynn en Cacavas zich in de koorzaal om de set 100% unplugged verder te zetten. Het duo klonk nu helemaal bevrijd van alle stress waardoor “If It Was Easy Everybody Would Do It” en “Wait Until You Get To Know Me” een beetje weg hadden van dronkemansliedjes. De die-hard fans beseften dat deze onverwachte wending zou eindigen in een traditioneel rondje om-het-hardst-persoonlijke-favorieten-schreeuwen, en toen Wynn daartoe het startsein gaf kreeg hij in een mum van tijd “Boston”, “Tears Won’t Help” en “Carolyn” als verzoekjes naar het hoofd geslingerd.

Na een korte adempauze in de lobby namen de twee heren hun vertrouwde stekjes op het podium terug in voor een zinderend en schijnbaar eindeloos durend “Amphetamine”. Cacavas mocht vervolgens uitblazen in de coulissen, waardoor Wynn voor het eerst die avond helemaal alleen op de planken stond. Ondergetekende zag zijn kans schoon om keihard om persoonlijke favoriet “Follow Me” te verzoeken... en met kippenvel op de rug werden wij op onze wenken bediend. Na deze sentimental journey uit het ‘Fluorescent’ album (’94) kon het contrast met de rauwe afsluiter “Days Of Wine And Roses” niet groter zijn. Bestaan ze eigenlijk wel, optredens waar Steve Wynn een mindere dag heeft? In Mechelen had de Californiër alvast de minste moeite om ons van het tegendeel te overtuigen.

Newtown

Newtown EP

Geschreven door

Het Antwerpse collectief Newtown debuteert met een sterk gevarieerd EPtje . . De indie rockende band brengt broeierige, spannende, frisse songs, “Enchaner”, “New Hampshire”, “Kings of the future”, durven te exploderen op opener “A general idea” en “A God”, en overtuigen met een gevoelige, pakkende ballad, “Closer to”.
Ze leunen deels aan bij de indie van Built to Spill en Pavement (terecht als invloed aangehaald), er is een vleugje dEUS en ze ademen de emotievolle sing/songwriterpop van Tom McRae.
Dit smaakt naar meer en we zijn alvast benieuwd wat na dit EPtje komt …

Info op http://www.myspace.com/newtownantwerp of http://www.vi.be/newtown

Silver Junkie

Streets & Boulevards

Geschreven door

Silver Junkie zag het licht als het eenmansproject van sing/songwriter en multi- instrumentalist Tino Biddeloo. Een paar jaar geleden debuteerde hij summier met de EP ‘Midtown walk’.
Er is hard gewerkt aan de full cd. Er valt veel te ontdekken op de veelzijdige plaat, sober, ingetogen als breder geïnstrumenteerd, van het intiem gevoelige “Ophelia” en “A thousand words” naar “Forbidden land” (prachtige opener met vocaliste Elise Caluwaerts), “Maria” en  “Berlin”. Of “Perfume”, “Charlie’s Girl” (knipoog naar Waits) … Inderdaad, ontroering met hart en ziel.
De emotievolle songs zijn subtiel uitgewerkt, hebben een herfstige melancholie en tikken aan bij Tindersticks, Cave , Gotan Project, Madredeus, de desolate zuiderse sound van Calexico en de spannende dreiging van onze dez Mona. Pop, rock, blues, chanson kruist flamenco en fado. Viool, cello, bandoneon en blazers vullen gitaar, piano en een ingehouden drums aan. Vocaal dringt Stuart Staples, Leonard Cohen en Neil Diamond door.
Maar er is meer dan de muziek bij Biddeloo. Als invloeden citeert hij Tom Waits, David Lynch en Charles Baudelaire. Film, fotografie, literatuur en beeldende kunst behoren tot mans interessewereld, wat je duidelijk hoort in het genre muziek … Kunst als muziek.
In clubs en theaters komt de sound sterk tot z’n recht, en hij is niet vies de huiskamer te betreden. Een lampedairtje meer op de piano of naast de gitaar zijn de sfeermakers.

Info http://www.silverjunkie.be

Rory Gallagher

The Beat Club Sessions

Geschreven door

Rory Gallagher, een briljant gitarist die met een bluesvirus in de genen werd geboren, heeft zo een 15 jaar geleden de pijp aan maarten gegeven. De brave man had door overmatig alcoholverbruik zijn eigen lever een beetje te veel op de proef gesteld en zou dat met het leven moeten bekopen toen er complicaties optraden bij een onvermijdelijke levertransplantatie.  Gallagher mocht zo op zijn 47 ste al een potje gaan jammen met Jim Morrison, Keith Moon en Phil Lynnot (yep, de beste bands spelen allemaal op de podia van de eeuwige jachtvelden).
Naar goede Hendrix gewoonte zijn er postuum een hele reeks platen verschenen, de ene al wat interessanter dan de andere en we hebben geluk, want deze hier is duidelijk een van de betere. De opnames dateren van uit het begin van Gallagher’s solo carrière, het betreft live-in-de-studio sessies voor de Duitse Beat Club series die ook in DVD versie te krijgen zijn. Niet toevallig in Duitsland, Gallagher was er immers zeer populair. Duitsers hebben dus toch smaak, … soms.
Voor de fans zal het echter vergeefs zoeken zijn naar nieuwe of ongekende dingen. Het album bevat bijna uitsluitend songs uit de eerste twee solo platen ‘Deuce’ en ‘Rory Gallagher’. Wat de plaat echter wel bijzonder maakt, is dat we Gallagher hier op het toppunt van zijn kunnen treffen. Hij speelt de ziel uit zijn lijf en het soleerwerk is razend knap, puur, energiek en uiterst levendig. De kwaliteit van deze opnames is uitstekend en het live gevoel is constant aanwezig. Bovendien overstijgen nogal wat songs de versies van de studio platen, “Hands up”, “Could’ve had religion”, “Used to be” en het zwaar naar Hendrix ruikende “Should’ve learned my lesson” klinken rauwer en beter dan ooit.
Daarom is dit ook voor de die hard fans een verplichte aanvulling voor hun collectie. Voor de leek is het een prachtige kennismaking met het talent van een briljant blues- en rockmuzikant die veel te vroeg deze aardbol heeft verlaten.

Asobi Seksu

Fluorescence

Geschreven door

Nog nooit van gehoord, zegt u? Nochtans is dit duo in thuisland Amerika één van de groepen die geboekstaafd staan als bands die het zouden moeten maken en waarbij je hun muziek reeds kon horen in kwakkelseries als ‘Ugly Betty’.
Het is inderdaad niet echt een referentie die telt en het doet de shoegazepop van Yuki Chikudate en James Hanna allesbehalve eer aan.
Vanaf de eerste blik op de hoes  is het overduidelijk dat men hier zijn inspiratie vond in de vele Vaughan Oliver-werken op het 4-AD label en die invloeden hoor je ook meer dan terug in hun muziek.
Toegegeven, de dreampop van dit New Yorks duo is niet echt origineel te noemen maar dat neemt niet weg dat deze plaat mooi in je platenkast kan staan naast pakweg Lush of zo. Vernieuwend is dit geenszins maar wel bloedstollend mooi.

Perverted

Vote Reverend Greed

Geschreven door

De meeste bands zouden er moedeloos van worden, behalve Perverted By Desire (of gewoonweg Perverted) die na een kwarteeuw ploeteren in de underground terug opnieuw tevoorschijn komen gekropen met ondertussen hun negende album.
Spilfiguren Genius I en 2M (uitspreken als Double M) moet je niks meer wijsmaken, zeker niet als je weet dat ze ooit in zee zijn gegaan met een krankzinnige producer als Wayne Kramer.
Wie Perverted By Desire een beetje kent weet dat deze Limburgers tot alles in staat zijn en dat ze het soort band zijn die voor geen enkel genre  hun neus ophalen, ook al klinkt deze nieuwe plaat verschrikkelijk veel op wat Jon Spencer met zijn Blues Explosion uitstak.
Vanaf het begin schreeuwt Genius “Are you ready for the Perverted?” waarbij meteen een schurende fuzzgitaar zijn intrede doet en met zoiets ben je meteen in de ban van een halfuurtje No Wave ook al denk je door de inbreng van 2M je ook aan Riot Grrrl-groepen uit het verleden.
Perverted zou echter Perverted niet zijn moesten ze niet een beetje experimenteren en dat is dan ook wat je krijgt op het tweede deel van de cd waarin allerlei wereldmuziekinvloeden de kop komen opsteken.
De ommedraai maakt Perverted weliswaar een band met vele gezichten maar het maakt van ‘Vote Reverend Green’ ook een iewat schizofreen album, maar met een half briljant album zijn we hier ook al dik tevreden.

Röyksopp

Senior

Geschreven door

Het Noorse duo Rocksöpp zorgde ervoor dat hun beeldrijke elektronica van de poolvlaktes van het debuut ‘Melody AM’ een breder poppy randje kreeg op ‘The understanding’. Vorig jaar verscheen ‘Junior’, die eerder voor de gulden middenweg ging en een keur aan gastvocalistes had, die het album kleur gaven. Lichtvoetig, hartverwarmend, ijzig en vrolijk. De opvolger ‘Senior’ is de andere kant van ‘Junior’ en benadert nog meer dan het debuut soundscapes van de poolvlakte. Een filmische aanpak en weggelegd voor documentaires. Geen popsongs, dromerige vocals of catchy ritmes dus, maar sferische, beeldrijke, introverte elektronica (luister maar eens naar de tweede helft van de cd!), die af en toe eens forser durft te klinken door de grooves (“The alcoholic” en “Tricky two”, die we in een andere versie horen).
Met dit album heb je een ideale yoga les, kom je tot rust, voel je letterlijk een knetterend haardvuur of een ijzige wind bij een wandeling …
‘Senior’ integreert geen hippe dance stijlen en slaat geen nieuwe paden in . Een rustgevende vierde plaat, die de heren probleemloos naast Air plaatst.

Junip

Fields

Geschreven door

De Zweed José Gonzalez kennen we van het debuut ‘Veneer’ en de tweede cd ‘In our nature’; hij fabriceerde twee onnavolgbare breekbare covers, namelijk “Heartbeat” (The Knife) en “Teardrop” (Massive Attack). Wereldwijd succes verkreeg hij met z’n melancholische ‘treurwilg’ sing/songwriterpop, een combinatie van mans intens gevoelige gitaarspel en z’n warme, fluwelen stem. Twee cd’s intieme gitaarpop, candlelightvoer!
Maar al enkele jaren lang teisterde het muzikale virus om met vrienden Tobias Winterkorn (toetsen) en Elias Araya (drums) een plaat uit te brengen. En zoals we Gonzalez nu al een beetje kennen, de songs moeten rijpen. Hij is er alvast in geslaagd met Junip een pracht van een debuut af te leveren, uitermate beheerst, doordacht en subtiel. Een ingetogen en diverse plaat, een fusion van pop, folk, psychedelica, ‘70s, americana en soul/jazzy loops.
We horen hypnotiserende, spannende, broeierige songs als “In every direction”, “Don’t let it pass”, “Off point, “Always” en “Tide”. Ook de andere songs moeten echt niet onderdoen qua opbouw, intensiteit en emotie. Er is de subtiliteit op het broeierige “To the grain”, de indie dringt diep door op “Howl”, die het nauwst leunt aan The Feelies en “Sweet & bitter” intrigeert door de zalvende drums.
Junip is niet zomaar een samenwerking , maar is een volwaardige band die een fraai geheel brengt en verrassend sterk uit de hoek komt.

The Chemical Brothers

Further

Geschreven door

Tom Rowlands en Ed Simmons hebben op compromisloze, speelse en ontspannende wijze gewerkt aan de zevende plaat; na ‘We are the night’ en het samenstellen van boordevol restmateriaal en experimentjes op ‘Brotherhood/Electronic battle weapons’.
We horen de gekende combinatie van pop, elektro, chemical dance, krautrock, psychedelica en Britpop , netjes gelaagd door trancegerichte zalvende beats en dromerige soundscapes; nergens echt overdreven, vettig, bonkend of pompend. Geen massieve danstracks met forse breakbeats zijn te horen en ook de huidige ontwikkeling van o.m. dubstep binnen het moderne dance/elektronica landschap raken ze maar matig. Intro’s houden wel lang aan en climaxen blijven wat uit, maar vervelen doet het niet!
Geen grootse hits, maar goede nummers als “Espace velocity”, “Horse power” en “Swoon”. “Dissolve” refereert op z’n beurt aan het oude Spacemen 3 met de Britpoppsychedelica. En inderdaad er is ook geen overdaad aan gastvocalisten.
The Chemical Brothers braken met de jaren al wat minder potten, en winnen net als Underworld niet meer de jonge zieltjes; ze worden een dagje ouder en laten het ‘real to real’ dancegehalte wat links, maar brengen wel een intrigerend boeiend concept uit op de leest van  Underworld en Royksöpp.

Hooverphonic

Hooverphonic – ‘tryout’ als aanzet naar het clubcircuit …

Geschreven door

Een week vóór Hooverphonic z’n clubtour definitief afschoot met de nieuwe jonge zangeres Noémie Wolfs, zocht de band den buiten op en hield halt in het pittoreske Dranouter in de Westhoek. Een ‘tryout’ concert, een warming up en een laatste vingeroefening naar het echte werk en de vuurdoop in de clubs.
Het deed de tandem Callier – Geerts deugd er opnieuw als band te kunnen zijn. Eerder werd de tienjarige carrière van de band besloten, gezien zangeres Geike Arnaert de band verliet en haar eigen weg ging, een muzikale carrière die ze startte met o.m. het Dorleac project met Spinvis.
Hooverphonic trok een streep op hun hoogtepunt met Geike, een oeuvre van fijn, uitgekristalliseerd, uitgebalanceerde materiaal van trippop en filmisch dreigende en bevreemdende sounds, soms rijkelijk ondersteund van bombast en orkestraties. Naar het eind klonken ze rauwer en kregen de songs een sterke ‘60s rock’n’roll tint.

Tja ‘that was then, this is now’ … na een reeks selectierondes kwamen de twee heren terecht bij de jonge Noémie, die wel de dochter of de veel jongere zus kon zijn van de twee andere. Haar stem klonk meer soulful, korrelig, doorleefd en was minder hemels en breekbaar. De nieuwe plaat ‘The night before’ klinkt dromerig, krijgt kleur door strijkersarrangementen en neigt niet naar bombast; een ‘80s wave referentie is aanwezig en ze durven variëren met ‘60s gitaar rock’n’roll en een filmische spaghettiwestern klank! Meeslepend materiaal, dat een opbouwende groove en een hoger tempo aankon. De plaat pint zich vast aan ‘The magnificent tree’ en ‘Jackie Cane’.
Live kunnen we U ook geruststellen, duidelijk was dat de band met hun nieuwe zangeres op elkaar was ingespeeld … en kleine foutjes mogen er zijn op een tryout. Noémie is extraverter, liet in interviews al een zelfverzekerde indruk na en was hier haar zenuwen de baas. Ze was gekleed in een rood-zwart gestreepte trui, de schouders (lichtjes) ontbloot, felrode lippen en een indringende blik, net als op de plaat … Ze benadrukte nog wel eventjes de statische, coole opstelling van Geike aan de microfoon, in het midden van de band, maar had voldoende lef om het publiek in te nemen.
Het zeskoppige Hooverphonic gaf de nummers een gepast gevoelig, snedig en subtiel gitaarspel en een diepe bastune; de toetsen en synths zorgden voor het juiste tegenwicht. Op gang kwamen ze met het nieuwere werk, waarbij al vroeg de puike single en titelsong van de cd ‘The night before’ werd gespeeld; een goede aanzet trouwens om vertrouwen te winnen. “Club Montepulciano” en “2 wicky” waren de eerste oudjes, klonken ietwat anders met de jaren en Noémie zong ze met een diepere, vollere stem, minder hoog, indringend en dreigend. Ze bleven overeind! Na het poppy “Anger never dies”, ademde de combinatie “Identical twin” (intens, broeierig, spannend, bezwerend en gedragen door piano- stem), “Expedition impossible” (repetitief opbouwend) en “George’s café” (bepaald door het akoestische gitaargetokkel en viool), de sfeer van een bruine kroeg. Ook een soundtrackgevoel en beelden van spaghetti westerns borrelden op. Het sfeervol “Encoded love” werd meer & meer opwindend door de opbouwende groove.
Wat volgde, was een ‘best of’ in een ietwat gewijzigde versie met o.m. “The world is mine” en “Jackie Cane”, de ene met het herkenbare, bepalende baslijntje, de andere door  het treffend gitaargetokkel. Het podium kreeg een rode gloed op de classics “Mad about you” en “Sometimes”, vocaal meer doorleefd, maar die eigenlijk achterna gezien enkel door Geike maar kunnen huiveren en kippenvel bezorgen. Noémie was vindingrijk genoeg om het refrein van “Sometimes” zachtjes te laten meezingen en - neuriën door het publiek.
Na iets meer dan een uur werd de set besloten. Er was ruimte, veel ruimte om nog een resem songs voor te stellen. Ze wisselden de bekende “Eden” en “Vinegar & Salt” af met het avontuurlijke “Renaissance affair” van ‘Blue wonder power milk’, een schitterende donker onheilspellende sfeermaker door de repetitieve opbouw, die mooi uitgesponnen werd.
Tot slot speelden ze nog enkele ingetogen broeierige songs van ‘The night before’, “More” en “Danger zone”. “How can you sleep” stond eerst voor de ideale nachtzoen van Noémie, maar door het poppy en de krachtiger wordende aanpak, werden we wakker geschud, en tot slot overstelpt van zich afbijtende gitaren ... Een overtuigende afsluiter …

Hooverphonic heeft het verlies van Geike verteerd en komt zelf spontaner en losser voor de dag. Ondanks het feit dat er muzikaal niet echt veel verschilpunten zijn met vroeger, is toch een nieuw hoofdstuk aangesneden …

Neem gerust een kijkje naar de pics die werden genomen tijdens hun concert in de Ancienne Belgique, Brussel op 30 januari 2011

Organisatie: Muziekcentrum Dranouter (Festival Dranouter), Dranouter

Sheer Terror

Sheer Terror - onkruid vergaat niet! – ‘Ugly don’t die - exclusive European show’

Geschreven door

Het was meer dan 10 jaar geleden dat we Sheer Terror nog eens live aan het werk konden zien. Ondergetekende was namelijk getuige van het ‘allerlaatste optreden ooit’ – dixit Paul Bearer – in 1998 op het Dour festival. Bearer was toen de ‘vernieuwde, commerciële’ hardcore-scene zodanig beu dat hij zijn ontgoocheling niet onder stoelen of banken kon steken. Hij ventileerde toen zijn woede in een niet misverstane speech na het laatste nummer en ritste zijn ‘bulldog-bomberjack’, zei dat hij het definitief voor bekeken hield en met zijn typische ‘angry face’ gaf hij het publiek nog een laatste maal “The finger”, draaide zich om en was voorgoed weg. En hij meende het maar al te goed. Sheer Terror was niet meer.

In oktober 2004 besliste Sheer Terror om hun NY-fanbase, die nooit de kans kreeg om deftig afscheid te nemen, op 2 final farewellshows te trakteren in de legendarische CBGB’s club. Deze shows waren in een mum van tijd uitverkocht. Beelden van beide shows werden, samen met een documentaire, gebundeld in de ‘
Beaten By The Fists Of God DVD’ in 2005.
Toen de band met een volledig nieuwe bezetting (enkel zanger Bearer is de enige constante) na jaren afwezigheid in augustus 2010 zijn opwachting maakte op het jaarlijkse ‘This is Hardcore’-festival in the Starlight Ballroom in Philadelphia ging dit als een lopend vuurtje via de electronische snelweg de wereld rond. Menig hardcore-minded hart klopte enkele tellen sneller en speculaties over een nakende comeback vulden menig forum op het worldwide web.

Vorige zaterdag werd deze speculatie een feit en konden we getuige zijn van deze al geruime tijd aangekondigde comeback van de in 1984 opgerichte NY-hardcore pioniers. Organisator Heartbreaktunes wist de helden namelijk te strikken voor een éénmalige Europese show in een overvolle Trix in Antwerpen. ‘Die Hard’ fans van het eerste uur kwamen dan ook van heinde en verre om deze unieke kans niet aan zich voorbij te laten gaan. Het internationale publiek bestond naast een overgroot deel landgenoten uit Hollanders, Fransen, Duitsers, Engelsen, Scandinaviërs en last but not least een verdwaalde, dronken Pool. Kortom: een zootje ongeregeld.
Om 22h30 schalde het heroïsche “Also sprach Zarathustra” van Richard Strauss (cf. de openingsscene van “2001, A Space Odyssey “ van Stanley Kubrick) door de boxen. De vernieuwde line-up onder leiding van Reverend Paul Bearer kwam onder luid applaus het podium opgewandeld. Bearer, fles Scotch stevig geklemd in de hand, vroeg hoe het gesteld was met zijn talrijk opgekomen publiek. Hij kreeg enkel enthousiaste positieve bevestigingen. De laatste tonen van de klassieke intro waren nog niet uitgedeind of klassieker “Here to stay” werd op een wild en enthousiast publiek losgelaten, direct gevolgd door “I spoiler” (beide songs uit het ‘Just can’t hate enough’ album uit 1990).
Bearer (half mens – half bulldog) liet er geen gras over groeien en blafte gretig de hardcore lyrics in de gezichten op de eerste rij. Nu en dan duwde hij zijn mic in het gezicht van een ad random fan die de teksten uit volle borst meezong. Het voorste gedeelte van de zaal kolkte van bij de eerste tonen tot de laatste noot. Stagediven, crowdsurfen en lanterfanten in de moshpit waren schering en inslag.
Geruggesteund door een stevige ritmesectie en een gitarist met een ‘serial killer look’, raasde Bearer als een hondsdolle stier het podium af en aan. Ouder werk “Ashes, ashes”, “Walls” en “Twisting and Turning” werd afgewisseld met songs uit latere albums, “Love songs for the unloved’, “Don’t hate me ‘cause I’m beautiful” en “Bulldog”.
Brulboei Bearer zong zijn halsslagader bijna uit zijn vel en met een roodaangelopen hoofd om U tegen te zeggen, brieste hij zodanig dat een kennel pitbulls met de staart tussen hun poten (moesten ze al een staart hebben) de aftocht zouden blazen.
Dit in schril contrast met de ‘reverend’ Bearer tijdens de bindteksten tussen 2 nummers door. Daarin zag je de andere kant van de zanger, die hilarische one-liners op het publiek losliet. Hij bleek een ruwe bolster met een blanke pit, die gespeend van enige zelfkritiek (over de top narcisme) de lachers op zijn hand kreeg. Hij kan gerust een carrière als stand-up comedian ambiëren. Het enige nadeel was dat het concert hierdoor vaart miste (de bindteksten waren soms langer dan de songs zelf). Maar het publiek zag er geen graten in.
Na een groot uur stapten Bearer en co het af, maar dit was maar van korte duur, daar het publiek nog honger had naar meer. Het werd op zijn wenken bediend met nog een 3-tal kopstoten van jewelste: “Everything’s fine” (een cover van de legendarische Australische band The Saints), “Just can’t hate enough” en “Cup ‘O Joe”. Toen was het over en out.

Bearer beloofde spoedig terug te keren naar ons landje met nieuw werk en verdween dan definitief in de coulissen. Sheer Terror toonde (in tegenstelling tot de support acts) hoe een oldskool hardcore gig moet gebracht worden: eerlijk, rauw, beenhard, zonder compromissen en vooral met héél véél energie. We kunnen niet wachten tot er nieuw materiaal op ons losgelaten wordt!
Sheer Terror is terug springlevend of zoals ze het zelf aangeven: “Ugly don’t die”!

Organisatie: Heartbreaktunes i.s.m. Trix, Antwerpen

Buurman

Buurman – Omdat goede ‘buren’ belangrijk zijn

Geschreven door

Limburgers zijn sympathieke, warme, maar vooral ondernemende mensen. Hoe verklaar je anders dat de aardige, verre buren van Buurman bereid waren om helemaal tot in de andere hoek van het ‘land met de afgrond’ af te zakken voor een try-out concert. Ongetwijfeld zullen ook andere belangen hen gelokt hebben naar het verre Dranouter. Waren ze vorig jaar reeds de revelatie van het wereldbefaamde Folkfestival, in 2011 zal deze band van Geert Verdickt ongetwijfeld z’n plaats vinden op het grote podium. Volkomen terecht want deze try-out, als voorbereiding op de nieuwe theatertournee ‘Flou Artistiek’, was er eentje om in te kaderen en getuigde van een zeldzaam geziene klasse en amusement van eigen bodem.

Voor wie Buurman niet kent laat ik even weten dat deze band Nederlandstalige, vaak poëtische songs brengt. Het debuut ‘Rocky’ was vooral een mix van Chanson, Folk, Kleinkunst en lichtvoetige Fanfarepop. De band werd meer dan eens vergeleken met de broeders van Yevgueni. Buurman heeft echter veel meer in huis en laat op het tweede album ‘Mount Everest’ een veel breder en tegelijkertijd toegankelijker geluid horen. ‘Mount Everest’ is veel meer een popplaat geworden zonder het geluid van het debuut helemaal te verloochenen.

De bombastische opener van de nieuwe plaat “In Godsnaam” mocht ook deze try-out in gang schieten. Dat men nog steeds even trots is op de eerste plaat, liet men al vrij vroeg horen in “Rocky”, dat werd gespeeld met vriendschap en liefde voor hun trouwe broeder! Andere vroege hoogtepunten waren ongetwijfeld het filmische “Zweef” en het stevig rockende: “Omarm Mij”. “Bent U er nog? “, vroeg boegbeeld Verdickt naderhand aan het publiek, dat net ervoor van zijn stoel was geblazen. Een publiek dat zichtbaar genoot en de deskundigheid en klasse van de 5 Buurmannen van Geert naar waarde wist te schatten.
Zanger Geert zelf was ‘een beetje ziekskes’, maar gaf desondanks alles wat hij in zich had. Naast een brede waaier aan muzikale sferen en doorleefde emoties, was er ook ruimte voor het wat lichtere werk. Zo kwam de Buurman evergreen “Mooi Weer en Fruitsla” als een welgekomen zachte zomerse regenbui aan de Middellandse Zee. De set zat goed in elkaar en kwam tot een nieuw hoogtepunt toen het publiek actief deelnam aan een feestje met “Seks en Slechte Whisky”. In schril contrast stond deze ludieke publieksparticipatie met het intieme en melancholische “Tot De Zon Weer Voor U Schijnt”; met een breekbare Geert Verdickt aan de piano in een wondermooie ode aan zijn dochtertje.
Tot slot beklom men nog de “Mount Everest” en keerde men terug naar het beginpunt waar het voor de heren allemaal mee begon, de allereerste Buurman single “God, Ik en Marjon”.
Bissen kwam men met “Pruimelaar” en de nieuwe single en Vox hit (Radio 1) “Londen Stansted”. “Sommige Mensen”, geschreven door Lars Van Bambost, liet de kleine zaal nog een allerlaatste keer uit de bol gaan.

Buurman bewees met deze try-out (What’s in a name!....dit was echt wel een volwaardig concert!) klaar te zijn voor de grotere podia en theaters. Eind deze maand is er de aftrap van de nieuwe theatertournee in de Brusselse Ancienne Belgique. Ga ze zien want dit is de allerbeste Nederlandstalige band van het moment. Rocky, Annemie, Marjon en zelfs God…ze zullen er allemaal zijn.

Setlist: *In Godsnaam *Speling Van Het Zonlicht *Rocky *Alles In Zwart-Wit *Zweef *Omarm Mij *Mooi Weer En Fruitsla *Casablanca *Pas 18 *Rockster *Middellandse Zee *Seks En Slechte Whisky *Mount Everest *Tot De Zon Weer Voor U Schijnt *God, Ik En Marjon
*Pruimelaar *London Stansted *Sommige Mensen

Video Live Reports: (Videoplaylist Buurman @ Dranouter 2011: (Part 1 - Part 4)
http://www.youtube.com/view_play_list?p=CD16AFF52ECBFE3C

Photo Slide Show:
http://www.slide.com/r/RF5yIWZ_3D8ks8pmEk9NB1YSg2Wkauso?previous_view=lt_embedded_url

Organisatie: Muziekcentrum Dranouter, Dranouter

Hautekiet en De Leeuw

Hautekiet en De Leeuw: twee vrienden op drift

Geschreven door

Hollandse Halve Belgen, het is een diersoort die opvallend goed gedijt op Vlaamse bodem. De zeemzoeterige Beatles rip-off van Joost Zweegers, de lekkere gerechjes van Sergio Herman en de bokkesprongen van Jos Lansink zijn intussen genoegzaam bekend, maar onze favoriete HHB moet met ruime voorsprong toch wel Rick De Leeuw zijn. De voormalige frontman van de vrolijke (punk)rockbende Tröckener Kecks is niet echt sant in eigen land, maar lijkt vooral onder de Moerdijk opvallend veel vrienden te maken. Met één van zijn grootste boezemvrienden, radiopionier en Radio 1 baas Jan Hautekiet, vormt De Leeuw sinds 2004 trouwens een muzikaal gelegenheidsduo dat inmiddels aan haar derde theatershow bezig is.
Tijdens ‘Op Drift!’ gaat het onwaarschijnlijke duo dieper dan voorheen graven in de grote levensvragen, enkel gewapend met een reeks (vooral nieuwe) liedjes, gedichten en verhalen. Elke voorstelling die een ondertitel draagt als ‘Een work-out voor oog, oor, ziel en hart’ prikkelt onze nieuwsgierigheid, dus gaven wij acte de présence op één van de laatste voorstellingen van de ‘Op Drift!’ tournee die afgelopen vrijdag in de statige Brugse Stadsschouwburg halt hield.

Artiesten die vanaf de eerste seconde het publiek op het verkeerde been zetten, we lusten er wel pap van. Het was immers niet de rustige vastheid Hautekiet maar wel de hyperkinetische duivel-doet-al De Leeuw die bij aanvang plaats nam achter de zwarte vleugelpiano om een monotoon en  dreigend riedeltje in te zetten. Pas na enige tijd verscheen ook zijn Vlaamse kompaan voor de microfoon om droogjes een tekstfragment uit “De Koning Der Nederlanden” te debiteren. De rollen werden echter al vlug omgedraaid. Hautekiet heroverde zijn vertrouwd zitje achter de piano, en met bevlogen versies van “Deze Oude Wereld” en “Zoek Niet Langer” trok De Leeuw de set op gang. Net wanneer het publiek denkt een knus avondje kleinkunst voor de boeg te hebben gaat de voorstelling plots een andere kant op. De Leeuw gaat rustig zitten en bevestigt zijn reputatie van meesterlijke verteller tijdens “De Koning en De Dood”, een hedendaags sprookje over de tweestrijd tussen de wil om te leven en de onontkoombare dood. Hautekiet duikt ondertussen in de klankkast van zijn piano en mishandelt er de snaren totdat er een grillige soundtrack bij het verhaal wordt tevoorschijn getoverd. Een eerste hoogtepunt noemen we zoiets.
Tijdens “Dit Is Echt” draaft een overdreven molenwiekende De Leeuw over het podium, en Hautekiet grijpt dit moment meesterlijk aan om zijn Hollandse ‘vriend’ een lesje in zelfrelativering aan te smeren. De Radio 1 baas gaat er weliswaar prat op om geen namen te noemen, maar zijn ironische uithalen naar egotrippende rocksterren zonder inhoud zijn heerlijk precies op het lijf van De Leeuw geschreven. De rijzige Hollander met Vlaamse voorliefde gaat eerst prompt in de tegenaanval, maar laat vervolgens zijn sympathie voor Hautekiet blijken door een vers uitgeschonken Duvel op diens piano neer te planten. Stilaan wordt ook duidelijk waarom de voorstelling nu eigenlijk ‘Op Drift!’ heet. Met dit soort driftige sketches herdefiniëren de twee heren meteen ook het begrip ‘vriendschap’: grondig van mening verschillen en soms discussiëren tot je er bij neervalt, maar op het eind van de dag ga je toch steeds met een handdruk of een knuffel uit elkaar.
De sfeer wordt andermaal omgegooid met een liefdesliedje uit, jawel, de Tröckener Kecks catalogus. Ontdaan van alle studiofranjes klinkt “Ik Denk Nooit Meer Aan Jou” uit het afscheidsalbum ‘TK’ (2000) raker dan ooit. Alweer een hoogtepunt, maar dan verpakt in kippenvel.
Het geamuseerde publiek geniet met volle teugen, ook wanneer Hautekiet na een nieuwe anekdotische woordenwisseling met een Duvel in de hand eerst het podium en tenslotte ook de zaal verlaat. Na een reeks smeekbedes verklaart een te trotse De Leeuw dat niet hij maar iemand uit het publiek de pianist dan maar moet terughalen. Of ene Carla wel of niet deel uitmaakte van het complot laten we hier even in het midden, feit is wel dat deze enthousiaste toeschouwer Hautekiet terug de zaal instuurde voor een zinderende finale. Deze wordt ingezet met vrije interpretaties van Bob Dylan’s “Like A Rolling Stone” en Léo Ferré’s “Thank You Satan”, en als klap op de vuurpijl een magistrale vertaling van “Venus In Furs”. Hautekiet en De Leeuw, even in de huid van het onderkoelde Velvet Underground duo Cale en Reed, deden dit onvolprezen stukje muziekgeschiedenis alle eer aan. Al hoorde je die niet echt, toch bleef de laatste noot ervan nog nazinderen toen de heren het podium inmiddels al hadden verlaten.
Voor de verplichte encore hadden we stiekem gehoopt op de moderne kleinkunst klassieker “Het Leven Is Nog Nooit Zo Mooi Geweest”, maar toen de keuze uiteindelijk op “Wat Telt Is De Liefde” viel konden we daar wel mee leven.
Met het finale “Mijn Vriend” en een klapzoen van Hautekiet aan De Leeuw werd de vriendschap tussen de integere intellectueel en de punkpoëet met piekhaar op passende wijze beklonken.

En zoals het goede vrienden past vervolgen beide heren binnenkort terug hun eigen weg, maar wanneer ze elkaars pad straks opnieuw kruisen komt daar gegarandeerd terug heerlijke muzikale hommeles van. Laat maar komen dus die volgende theatertournee!

Ohja "In geen tijden zo genoten als vandaag" (Uit "Een Dag Zo Mooi" van Tröckener Kecks)

Organisatie: Cultuurcentrum Brugge, Brugge

Rockhal Luxemburg: events

Geschreven door

Nieuw
27-04-2011 – Hooverphonic
05-05-2011 – La Fouine
18-06-2011 – Flogging Molly

Concerten
13-01-2011 THE CHEMICAL BROTHERS
26-02-2011 MAROON 5
26-03-2011 CAMELIA JORDANA
01-04-2011 WITHIN TEMPTATION
21-05-2011 RAPHAEL

Rockhal Luxembourg – Luxemburg Esch Alzette
Info http://www.rockhal.lu

The Courteeners

Falcon

Geschreven door

Het Britse Courteeners uit Manchester leunt toch wel erg nauw aan de ‘90s Britpop van The Stone Roses, Wedding Present en James en later van Oasis, Pulp en Supergrass. En heeft The Smiths en Morrissey als voornaamste idool en inspiratiebron. Ze zijn toe aan de tweede cd, ‘Falcon’ volgt ‘St Jude’ van 2008 op.
Ze spelen toegankelijke, melodieuze en sfeervolle pop, met een folky ondertoon, soms ondersteund van orkestraties, o.m. op “Take over the world”, “Cross my heart & hope to fly” en “You overdid it doll”. Soberder gaan ze dan te werk op “The rest of the world”, “Cameo brooch” en “Last of ladies”. Pakkend werk dus!
Maar ze blijven niet hangen binnen dit concept en kunnen forser, harder en directer klinken, waaronder “The opener” en de extra tracks op de bonus.
In eigen land zijn ze al redelijk populair. Over de plas moet het vuur nog aangewakkerd worden!

Pagina 417 van 498