AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15418 Items)

Freaky Age

Living in particular ways

Geschreven door

De jonge gasten van Freaky Age kwamen voor het eerst in de spotlights toen ze in 2006 deelnamen aan de finale van de Humo’s Rock Rally. Ze waren toen veertien. De punkpopsnaken zijn intussen een EP en CD verder, en vier jaar later behouden ze het princiep van onversneden pure rock’n’roll met een breder randje: broeierige melodieuze poprock die nauw leunt aan de postpunk en onmiskenbaar is verbonden met dynamiek en frisheid van Maximo Park, hoekig, stevig, gejaagd, venijnig als meeslepend en sfeervol.
De single “Never see the sun”, vooraan op de tracklist, vat het al mooi samen. “A little late”, “It ain’t right” en “Rich believers” kunnen er nog een tandje bijdoen. “The racing horse” klinkt binnen het FA concept gematigder en met “After all” hebben ze een intense, rustige sleper op plaat staan.
Kijk, Freaky Age heeft puike songs klaar op ‘Living in particular ways’, een songschrijver die de kunst heeft om melodieuze rocksongs te schrijven en de indringende zang van Lenny Crabbe geeft diepte en zeggingskracht; bezeten muzikanten met een sterke uitstraling.
Freaky Age heeft een groei doorgemaakt met de nieuwe cd, 13 songs, eenheidsworst van de goede soort!

Faithless

The Dance

Geschreven door

Faithless, de Britse band rond rapper Maxi Jazz en elektronicawizzards Sister Bliss en Rollo Armstrong bereikten met het debuut ‘Reverence’ (’95) meteen een groot publiek; instant klassiekers “Insomnia” en “Salva mae” zijn in het geheugen gegrift.
Faithless groeide uit tot een lieflijk, charismatische popdance formatie, die zichzelf oversteeg en zorgde voor een prachtige eeuwwisseling. Faithless, een band, die de mensen een warm hart toebedeelde, waarvan we de refreinen leuk konden neuriën, meezingen en die terecht tot V-vingers in de lucht bewoog. De twee vorige cd’s ‘No roots’ (‘04) en ‘To all new arrivals’ (’07) zijn eerder gematigd goed, en hadden net niet dié bepalende tune en synthtoets van lady Sister Bliss om iedereen in extase te brengen of uit z’n dak te doen gaan.
De nieuwe cd ‘The Dance’ kan zich nestelen naast de succesvolle eerste drie platen ‘Reverence’, ‘Sunday 8PM’ en ‘Outrospective’.
Bezwerende trancepop is de noemer door de opbouw, de zegraps, de doeltreffende, efficiënte mee neuriënde elektronicatoetsen en zalvende beats. Intens spannend, broeierig, dromerig en dansbaar, afhankelijk van de straffere, hardere wordende beats. Die crescendo opbouw werkt aanstekelijk. Op die manier zijn we sterk te vinden voor de opener “Not going home”, “Tweak your nipple”, “Feelin’ good” ( familielid Dido op zang) en “Sun to me”, die kunnen tippen aan de vroegere successen.
Op “Feel me  now”  is er een glansrol weggelegd voor gastzanger Neil Arthur, die vocaal diep & hoog kon uithalen. We kunnen ook niet omheen de sfeervolle lounge en de hemels, breekbare melodieën als “Flying h”, “Love is my condition” ( zang Mia Maestro) en “North star” (Dido). Of er is de dubreggae inslag op “Crazy balheads”.
Al de ingrediënten samen zijn typisch Faithless, van erg geslaagd – geslaagd tot minder geslaagd.
Faithless bracht met ‘The Dance’ een uitermate spannende plaat uit. Als concept voldoende variaties, aanstekelijk, prikkelend en dansbaar, of van een voortkabbelende inhoud en uitglijders, gelukkig in de minderheid …

Marble Sounds

Nice is good

Geschreven door

Tja, muzikale projecten kunnen mooi zijn. Isbells al groeide tot een wonderschoon project & idem dito mag gezegd worden van Marble Sounds, het project van sing/songwriter Pieter Van Dessel, tweede lid van de elektro Plastic Operator.
Samen met leden van Isbells (Gianni Marzo); Soon en General Mindy horen we pakkende, melancholische, sfeervolle ‘treurwilg’ fluisterpop, spaarzaam begeleid of gekenmerkt door opbouwende melodieën, broeierig, intens en meesterlijk in elkaar gestoken. Een instrumentatie van emotievol tokkelende gitaarlijntjes in een gevatte, gepaste songstructuur, die sober zijn of kunnen aanzwellen, kleurrijk en breder omlijst door strijkers, toetsen en blazers.
Nummers als “The time to sleep”, “Two and still counting”, “Good occasions” en “My friend” vormen een adembenemende trip, droomsongs dus en hartverwarmend door de gelaagde melodie.
De groep plaatst zich ergens Isbells, Amatorski en Yuko, haalt de sing/songwriterpop van Bon Iver, Bonnie ‘Prince’ Billy en Sparklehorse aan, en stoeit met de muzikale kleuren van Broken Social Scene, Notwist, Pinback en Jonsi.

Pavement

Quarantine the past: The Best Of Pavement

Geschreven door

Het Amerikaanse kwintet Pavement is goed tien jaar na de laatste vijfde worp ‘Terror twilight’ terug bij elkaar voor enkele reünie concerten. Stephen Malkmus en de zijnen, waarvan we ook vooral Mark Ibold (ook nog een tijdje op tour met Sonic Youth) en Bob Nastanovich (multi-instrumentalist en tweede zang) onthouden, maakten zich in de jaren ‘90 populair met de ‘do it yourself’ gedachte van rammelende, soms opzwepende, lofi gitaarmuziek en opmerkelijke sfeervolle werkstukjes. Onderhuids behielden ze de melodieuze kracht, gedragen door de nasale, melancholische en onvaste zang van gitarist Stephen Malkmus. ‘Crooked rain, crooked rain’ en ‘Brighten the corners’ overtuigden een breder publiek, de andere cd’s beklemtoonden het vluchtige karakter en de ongekunstelde chaos! Pavement – Indierock - Indie nonchalence - Jeugdige rommeligheid! Hun invloed en straatwaarde zijn intussen fors verhoogd.
Met deze tour is er nu een prima verzamelaar uit van 23 songs, bijgevoegd 5 nummers van vroegere EP’s, enkele obscure tracks en de song “Unseen power of the picket fence”, hun eerbetoon aan REM.
Het sterkst vertegenwoordigd zijn de tracks van ‘Slanted & enchanted’ en ‘Crooked rain, crooked rain’. Het is genieten om songs als “Gold soundz”, “Stereo”, “Cut your hair”, “Shady lane”, “Summer babe”, “Range life” en “Trigger cut/wounded-kite at:17” op 1 cd te horen. We missen wel de instant klassieker “Stop breathin”.
‘Quarantine the past: The Best Of Pavement’ is een indrukwekkend overzicht trouwens, die een stampvol gouden indiehits bevat voor onder de kerstboom. Tja, niet voor niks was Pavement één van de belangrijkste indierockbands van de nineties … 

I Am Kloot

Sky at night

Geschreven door

Het Britse trio I Am Kloot, rond zanger/gitarist John Bramwell, zijn al een kleine tien jaar actief, en waren samen met een Kings Of Convenience en Turin Brakes aan de basis van de new acoustic movement; ze zorgden voor (rockende) popsongs pur sang, ontdaan van enige franjes, bepaald en gedragen door heerlijk semi-akoestisch gitaargetokkel, spaarzame drums en indringende, in whisky gedrenkte of soms hoog uithalende emotievolle vocals. Die benadering horen we vooral op de eerste twee platen ‘Naturally history’ en ‘I Am Kloot’.
De dromerige aanpak en inhoud heeft door de jaren enkele subtiele aanpassingen gekregen, want het trio is al toe aan de vijfde cd. De elementaire prachtliedjes krijgen er een ruimtelijk zwierige strijker bij of krijgt meer diepte door piano, synths en een blazer. Inderdaad, tien songs die allemaal wel gezapig zijn, rustig, ingenomen of worden gekenmerkt door een broeierige opbouw. “Northern skies”, “To the brink”, “It’s just the night” en “I still do” zijn mooie voorbeelden. “Lately”, “Proof” en “Radiation” klinken in dit concept het hardst en zorgen voor de meeste variatie.
John Bramwell en C° uit Manchester hebben met ‘Sky at night’ een treffende plaat uit van ingetogen pracht en netjes verpakt meer uptempo materiaal.
Bevriende leden van Elbow Guy Garvey en Craig Potter stonden in voor de productie!

Simple Songs

SimpleSongs

Geschreven door

Achter de naam SimpleSongs gaat sing/songwriter Ken Veerman schuil, die garant staat voor een resem ingetogen, broeierige, donkere, emotievolle treffende songs. Songs die een trippop sfeer ademen en kleur krijgen door de spaarzame ondersteuning van een breed instrumentarium. Eerder verscheen al een EP. Hij kon beroep doen op enkele gastmuzikanten. Piano en synths vormen de rode draad op het debuut en zijn stem neigt naar Damien Rice.
“Death is not what it used to be” en “The right way” zijn melodieus dromerige songs en “Second time around” heeft een sterke opbouw. Het ‘einde-van-de-wereld’ thema intrigeert de songschrijver. Veerman kaapte in 2006 al de tweede plaats weg op het Antwerps rockconcours Frappant en speelde al de halve finale van HRR in 2008.

Info op http://www.simplesongs.be

Spencer The Rover

The Accident

Geschreven door

Spencer The Rover is het muzikale project van Koen Renders, een vakman die van vele markten thuis is. Hij is gitarist, pianist, zanger, mentor en producer van jonge talenten maar we houden het hier op een songsmid pur sang. Het was al zes jaar geleden dat hij nog iets losliet. ‘The Accident’, het lang verwachte album van Spencer The Rover, is een rijk gearrangeerd en gevarieerd album geworden, met blazers en strijkers, die oorspronkelijk geschreven werden aan de piano. Sprookjesachtig, speels en inderdaad terecht een tikkeltje Britser en lichtvoetiger dan het oude werk. Referentie vormt alvast Paul McCartney.
De sound vormt meer dan ooit een echte eenheid, zowel tekstueel als muzikaal duiken dezelfde personages, verhaallijnen en muzikale motiefjes op. Fijne samenwerkingen hield hij er op na en ook de hoes en illustraties getuigen van vindingrijkheid en zijn meer dan de moeite.
Uitnodigend om je even te laten onderdompelen in deze wereld. Ohja, de voorbije maanden trok hij voornamelijk concerterend langs kleine huiskamers.

Info op http://www.spencertherover.com

Ozark Henry

Ozark Henry – hartverwarmende poprock!

Geschreven door

Hoeven we Piet Goddaer en z’n alter ego Ozark Henry nog voor te stellen? De trilogie ‘Birthmarks’ (’01) – ‘The sailor not the sea’ (‘04) en ‘The soft machine’ (’06) leverde o.m. “Sweet instigator”, “Word up”, “Rescue me”, “Indian summer”, “Vespertine”, “These days” en “Grace” op, die in het geheugen gegrift zijn. Het zijn mooie, subtiel uitgewerkte & kwalitatief puike songs, die een sterke melodieuze opbouw hebben en ervoor zorgden dat de band in Vorst Nat en de Lotto Arena geraakte en zelfs enkele festivals kon afsluiten.
Kijk, Ozark Henry biedt sfeervolle, dromerige, melancholische pop met orkestraties, doorspekt met een vleugje electro, trippop en jazz en gedragen door Goddaer’s warme, innemende en heldere stem.
En de sing/songwriter is een bezige bij, want als toemaatje kregen we nog de soundtrackbijdrages, tv tunes en tot slot de akoestisch toon gezette songs op ‘Grace’, een overtuigende afsluiter, aangevuld met singles “Remains” en “Godspeed”. 15 jaar muzikale geschiedenis dus …
Na een rondreis in Scandinavië, intussen papa geworden en een labelswitch klinkt Goddaer terug muzikaal fris. ‘Hvelreki’ is de bundeling van de indrukken en ervaringen en staat voor een IJslandse gelukwens van “moge een walvis aanspoelen op jouw strand” . De geluidskunst van soundscapes horen we alvast op de nieuwe plaat in radiovriendelijke, cleane, gelaagde, gevoelige en innemende songs. Loversongs die een prachtig Noorderlicht laten zien.

Tabula rasa live? Piet Goddaer, zelf achter piano en toetsen, beschikte over een jonge band, drie jonge muzikanten van de Brit School Of Performing Arts & Technology, die de songs in een poprockend kleedje stopten, zonder tierlantijntjes of orkestraties. Ze werden ondersteund van landschappen en projecties, het ideale decor om het nieuwe materiaal bij te staan. Binnen het OH concept, waren bindteksten en aankondigingen achterwege gelaten. Enkel een weifelende Merci en een nederige houding.
Muziek nu, ingezet door een heupwiegende “Remains” en een forser klinkende ”Eventide”. De nieuwe songs klonken vaardig, direct, puur en strak. Van meligheid of bombast was er geen sprake meer! Het sfeervolle, ingetogen en donkere “Yours & yours only” was spannend door de slepende opbouw, de tempowisselingen en de rockende soli. “Air & fire” en “It’s in the air tonight”, dromerige, mijmerende songs op piano en synths waanden ons in gebergtes en we voelden letterlijk de sneeuwvlokken op de wangen.
Goddaer bracht met z’n nieuwe begeleidingsband voldoende afwisseling en variatie aan in emotie en tempo, en qua sfeer creëren leunde hij nauw aan wat we al van Jonsi zagen; een poppy “Godspeed”, een intiem pakkende “Hvelreki” en ingehouden versies van “Sundance” en “Miss you when you’re here” gingen over naar het broeierige “A night sea journey”, “No hands” en “Memento” (beiden toegevoegde tracks op de cd). Ze waren verpakt in een steviger rockkleedje.
Eventjes gewoon worden toch, maar het materiaal als de band stonden er en overtuigden! Dat Ozark Henry frisheid uitstraalde, gebeurde evenzeer met de vroegere singles “At sea” en “These days”, sober ingezet en die gaandeweg crescendo rockten. Sprankelende popbubbels zetten ze in de bis verder met de opener van ‘Hvelreki’ “Out of this world” en de single “This one’s for you”, de OH Xmas song bij uitstek! Scherpte en dynamiek tot slot in de laatste reeks “Indian summer”, rauw exotisch en lief ,en een emotievolle “Give yourself a chance with me” door de aanzwellende partijen. Een warm onthaal volgde telkens!

Drie avonden lang was Ozark Henry in de AB te zien. Zonder woorden en Zonder de eigen stijl te verloochenen, hoorden we pittig gevoelige songs van een gretig spelende, gemotiveerde band die nergens vonken deed spatten, maar de M van Muziek op de juiste plaats in het hart droeg. Hartverwarmend!

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

Tyson Boogie

First Round

Geschreven door

Een zeer leuk plaatje dat ons net voor de jaarwisseling bereikte, was ‘First Round’ van Tyson Boogie.  Deze -Franse band uit Lille startte aanvankelijk met de bedoeling om een soort ‘tribute’-band te worden. Men kon jammer genoeg niet beslissen welke grote broer  men zou naspelen.  AC/DC, Van Halen, Black Sabbath, Twisted Sister, Grand Funk… bij al van deze groepen was er wel een reden waarom ze niet in aanmerking kwamen.
Tyson Boogie  besliste dan maar om een ander pad op te gaan en een potje muziek te maken vol riffs die aan bovengenoemde bands refereert.
‘First Round’ is zoals de naam doet vermoeden het eerste plaatje van het Noord-Franse trio  en bevat vijf overheerlijke, rauwe lappen rock-n-roll.  Terwijl de nummers “Tyson Boogie” en “Behind The Scene” enorm doen denken aan  Lemmy en diens Motorhead,   horen we op “Never Confused” en “Rock Your City” duidelijk de invloed van ene Anus Young.  Vooral dit laatste nummer klinkt fenomenaal  en rechtvaardigt de aanschap van deze EP.
Originaliteit is hier dan misschien niet van toepassing, Tyson Boogie is duidelijk wel een goed geoliede rockmachine! 

Die Antwoord

SOS

Geschreven door

Die Antwoord is de ‘next level rap-rave’ crew uit Kaapstad, Z-Afrika, zoals ze zelf omschrijven, bestaande uit leden Ninja, Yo-Landi ViSSer en DJ Hi-Tek. Ze slagen in een mengeling van verschillende culturen en brengen verschillende types mensen samen; wat ze precies als hiphopcrew rappen, begrijpt niemand iets echt. Vette en keiharde raps, hiphop en rave, en een geheel van kale, hoekige, opgefokte en pompende beats en elektro horen we, niet vies van een vleugje funk, disco en gabberhouse. Met een straatrandje en verheerlijking van uitschot … ‘Die Modderfokking Antwoord’ dankt zijn reputatie aan bizarre optredens, waarbij het publiek in verwarring achterblijft.
Een ultieme, unieke stijl van het trio, die een grote en trouwe fanbase heeft. Ze hebben op hun ‘SOS’ debuut een pracht van een hit, “Enter the Ninja”. De rest van de cd is een verfrissende afwisseling en borduurt in een sfeer van ‘straight to the face’ opruiend en agressief, maar eentje die het leuk wil houden. Net als De Jeugd Van Tegenwoordig en The Opposites …
En met hen is er een golf van Zuid-Afrikaanse rapcrews, waaronder ook Jack Parow, die houdt van exotisme in die maffe Zuid-Afrikaanse raps en straattaal …

The Brian Jonestown Massacre

Who killed Sgt Pepper?

Geschreven door

The Brian Jonestown Massacre is een band apart, die al van 1990 bezig is en een handvol intrigerende werkstukjes uit heeft. De naam verwijst naar de eerste gitarist van The Rolling Stones als naar de collectieve zelfmoord van de sekte Jim Jones in Jonestown.
Spil is Anton Newcombe, die met Europese muzikanten van o.m. Spiritualised en Spacemen 3 een soort eerbetoon maakte aan The Beatles. Eerder al deed hij het al voor My Bloody Valentine, The VU en natuurlijk de Stones. Muzikaal kun je het amper horen. Aan sommige titelsongs hoor je dat de plaat deels in IJsland is opgenomen.
Hij fascineert met opbouwende en repeterende ritmes en duikt in neopsychedelica, shoegaze, wave, krautrock met bangra beats en sampling. Bezwerende en geflipte trips van Joy Division, Suicide en PIL horen we. “Bungur Hnifur”, “This is the first …”; “This is the one …” en “Someplace else unknown” zijn maar een paar voorbeelden.

Deerhunter

Halcyon Digest

Geschreven door

Het Amerikaanse Deerhunter werd vorig jaar ruimschoots beloond met de cd ‘Microcastle’. De snedige, meeslepende en dromerige indierock leverde de band onder de graatmagere zanger/gitarist Bradford Cox de definitieve doorbraak op. De sound omschrijven ze zelf als ‘ambient punk’, een aanstekelijke, broeierige en intense sound, mooi gedoseerd in ritme, structuur en instrumentatie. Bezwerende, dromerige, licht zwevende rocksongs die een brede waaier aan invloeden en sferen hebben.
En ze kozen voor een duidelijke variatie op de opvolger, die gemoedelijk klinkt en écht intrigeert door de spannende opbouw en repeterende ritmes. Er staan een pak aardige en fijne songs op, die per beluistering je weten in te palmen, waaronder “Earthquake”, “Memory boy”; “Desire lines”, “Helicopter” en de reeks afsluitende songs, gedragen door een bedwelmende licht neuriënde zangpartij. Emotievolle indiepop pur sang, die raakt en overtuigt!

!!!

Strange weather, isn’t it?

Geschreven door

!!! bracht al een paar langspeelplaten broeierige, aanstekelijke en dansbare punkfunk uit. De songs hebben een bezwerende opbouw door de diepe bassgroove, de fijne gitaartokkels, de intrigerende synths en de opzwepende drums, bepaald door die half neuzelende praatzang van Nic Offer. Op de vorige, derde cd, verkenden ze nieuwe horizonten, met wisselend succes; ze verloren ook twee belangvolle leden van het eerste uur, die de uitroeptekens wat deden verbleken.
De punkfunk op de recente plaat is directer en/of breder en laat ruimte om de kracht en energie van techno en psychedelica toe te voegen. De eerste songs “AM./FM” en “Most certain sure” kenmerken grotendeels de rest van de cd. “Wannagain wannagain” laat wat meer galm en dubeffects horen, “Jamie ..” rockt nogal en ergens middenin de plaat, “Jump back” klinken ze lichtvoetiger. Dansnummer bij uitstek is het afsluitende “Hammer” die al de !!! ingrediënten samenbrengt tot een leuke swingende cocktail. De band wordt vocaal bijgestaan door een zangeres …
Potten zal !!! niet meer breken, daarvoor zitten ze wat gebed in hun eigen genre, maar de lichte variaties zorgen voor overtuigend werk. Op die manier kan men na vier platen eens denken aan een !!! ‘Best of’ … voor onder de kerstboom …?!

My Little Cheap Dictaphone (MLCD)

The tragic tale of a genius

Geschreven door

Er is veel leuks te beleven aan de andere kant van de taalgrens. Girls In Hawaii en Ghinzu hadden al veel Vlaamse zieltjes gewonnen. Of MLCD dat zal kunnen is niet meteen gezegd, maar ze hebben een conceptplaat afgeleverd om >U tegen te zeggen. ‘The tragic tale of a genius’ draait rond de op – en ondergang  van een getalenteerd muzikant, onmiskenbaar verbonden op het leven van Beach Boy legende Brian Wilson.
Zanger/gitarist Redboy en bassist Xa zijn de spil van de band, die een filmisch broeierige plaat uithebben; een soort rockopera tussen droom en werkelijkheid, vertaald in een resem samenhangende songs. De sfeervolle songs zijn subtiel uitgewerkt en zijn rijkelijk ondersteund van orkestraties en strijkersarrangement.
Ze werkten samen met goed en bekend buitenlands volk, waaronder Pal Jenkens (Black Heart Procession) en Jonathan Donahue van Mercury Rev.
‘The tragic tale of a genius’ is een groots, symfonisch en dromerige plaat van de heren, waarvan “He’s not there”, “Shrine on” en “What the devil says” alvast heel sterk en opbouwend zijn.
David Lynch en Alfred Hitchkock behoren tot hun favorieten en ze dromen om wel eens een soundtrack te schrijven. Live integreren ze de muziek met artwork en projecties. Er valt dus wel degelijk iets te beleven over de taalgrens. Zoals Elio DR zou willen zeggen “Bart DW, noteer je”?!

Broken Social Scene

Forgiveness Rock Record

Geschreven door

De leden van het Canadese BSC, onder de motor Canning – Drew, hebben al drukke tijden achter de rug. Toen ze in 2002 werden gelanceerd als de nieuwe invloedrijkste indierockband’, was het tevens ook de aanzet om de eigen carrières elan te geven. Naast de twee spilfiguren bouwden o.m. James Shaw, Apostle Of Hustle en Leslie Feist fijne projecten uit.
De muzikale ingrediënten van hun warme sound zijn sfeervolle, dromerige gitaarmuziek, rock, psychedelica, jazz en americana, die lange instrumentale passages, inventieve ritmes bevat en verrassende, boeiende wendingen ondergaat.
Inderdaad, ‘You forgot it in people’ was op dat gebied een meesterwerk. Sinds 2005 brachten ze onder BSC geen nieuw werk meer uit. Met andere woorden, naar dit collectief, deze beweging en dit cultureel fenomeen was het even uitkijken wat ze in 2010 nog konden samen. De meesterlijke ideeën van vroeger kunnen ze niet meer evenaren, maar ze bieden een aangename muzikale leefwereld van songs als “World sick”, “Texico bitches”, “Sentimental x’s” en “The sweetest kill”. Het zijn juweeltjes door de instrumentaties, de meeslepende opbouw, de diverse wisselingen en de verrukkelijke loops.
Minder intrigerend dan vroeger weliswaar, maar nog steeds even onderhouden!

Hooverphonic

The night before

Geschreven door

Na het tienjarig bestaan van Hooverphonic besloot zangeres Geike Arnaert de tandem Callier – Geerts te verlaten en een eigen wending te geven aan haar muzikale carrière. Hooverphonic besloot toen met ‘The President of the LSD Golfclub’, die het uitgekristalliseerde, fijn  uitgebalanceerde, soms rijkelijk gevulde trippopgeluid eerder een filmisch bevreemdende, dreiging gaf, wat we nog hoorden in het ver verleden van hun debuut.
“… That was then , this is now…” want Hooverphonic is na ruim twee jaar back op de kaart. Een mediacampagne volgde om een nieuwe zangeres te vinden, maar in de laatste selectierondes hield Hooverphonic het stil wie de nieuwe zangeres kon zijn. De jonge Noemie Wolfs is het geworden en ze kan de dochter of de veel jongere zus zijn van de twee andere bandleden; ze is een extraverte dame en heeft een korrelig stemgeluid, minder hemels en breekbaar, maar meer doorleefd en soulfull. Jawel, een muzikaal talent; binnenkort kunnen we de podiumprésence evalueren.
Muzikaal is het een popplaat geworden die de top van ‘The magnificent tree’ en ‘Jackie Cane’ tracht te benaderen. De songs zitten mooi in elkaar gekunsteld, klinken dromerig, krijgen kleur door strijkersarrangementen en kunnen een hoger tempo of opbouwende groove hebben. Sprookjespop en een musicalsfeertje.
Songs als “George’s café”, “Sunday afternoon” en “Danger zone” ademen dan op hun beurt een spaghetti westerns soundtrack of van die Franse Zwart-Wit films van oude Citroens DS. ‘The night before’ is een stijlvolle plaat geworden (wat hadden we anders gedacht van Hooverphonic!) waarvan de titelsong, single van de plaat btw, alvast de parameter is voor de rest van de cd …

The Sights

Most of what follows is true

Geschreven door

Men zal het je zeker reeds verschillende malen verteld hebben dat het goed is om van verschillende markten thuis te zijn maar in de wereld van de muziek kan dit ook op een nefaste wijze uitdraaien, en dat geldt jammer genoeg ook voor deze groep uit Detroit.
Ook al is dat pas hun derde lp, zijn deze 4 Amerikanen reeds 11 jaar bezig en op deze ‘More of what follows is true’ hebben ze blijkbaar besloten om met ieder nummer een andere stijl aan te boren en zoiets levert natuurlijk een zeer onevenwichtige plaat op.
Alle rocknummers zijn in het begin van de cd geplaatst wat je even doet vermoeden dat met dit kwartet  de nieuwe Strokes in huis hebt gehaald maar al gauw blijkt deze groep zich te bezondigen aan platgereden powerpopweggetjes of zelfs zeemzoete FM-ballads met de daarbij geleverde afgrijselijke teksten of zelfs gedateerde slechte country.
Met een zeef kunnen we hier best enkele leuke songs uit de brand slepen maar als geheel lijkt deze plaat nergens op.

Kylesa

Spiral shadow

Geschreven door

Er beweegt iets in de metaalsector. Als het extreme death-, trash- en grindcoremetal betreft, moet u ons niet komen wakker maken, maar voor zware jongens die creatief omspringen met het genre hebben wij altijd al een boontje gehad. Zo houden wij ondermeer van Tool, Helmet, Earthless, Priestess, Mastodon, Baroness, Torche en Isis.
En sedert kort ook van Kylesa. Omdat hun zware stuff overgoten is met een subtiel psychedelica sausje, en omdat zij evenwel met een portie Black Sabbath als met een hap Husker Dü of Janes Addiction durven afkomen.
De ferme brok lawaai die Kylesa voortbrengt wordt veroorzaakt door ondermeer twee drummers en twee gitaristen, kwestie van er een vol geluid uit te persen. Daar wordt dan nog een aardige dosis hardcore punk tussen geworsteld, en zelfs een streep gruizige shoegaze sluipt binnen in de overweldigende en machtige sound. Dat klinkt even gedurfd als geslaagd in “Drop out” en “Dust”.
De groep haalt duidelijk hun invloeden niet uit één en hetzelfde vijvertje, in “Back and forth” toveren ze terloops een overtuigende en smerige SonicYouth uit hun botten.
Tussen de razernij en de loodzware riffs wordt de melodie niet uit het oog verloren en dat mondt uit in een monstersong als “Crowded road” (moet echt wel een stomend moshpitfeestje zijn) en in gevaarlijk bijtende en logge grunge metal op “To forget”.
Een moordende plaat die moeiteloos de grenzen van de metal overstijgt.

Ron Wood

I feel like playing

Geschreven door

Als The Stones pas uit hun kot komen wanneer Jagger vindt dat de tijd er rijp voor is, en dat kan soms jaren duren, dan moeten de anderen toch iets om doen hebben. Een soloplaat is dan de enige juiste uitweg. Wij kunnen ons perfect voorstellen dat het bij Keith Richards en Ron Wood veel sneller kriebelt dan bij Jagger, althans wanneer het op spelen aankomt. Bij Jagger is het vooral zijn portefeuille die bepaalt wanneer er nog eens iets moet gedaan worden.
U merkt het ook al aan de titel, het plezier van het spelen is datgene wat centraal staat op de nieuwe plaat van Wood. Hij heeft misschien niet het songschrijverstalent van zijn kompanen in de Stones, maar hij heeft wel een gitaar en een pak interessante vrienden (Eddie Vedder, Bobby Womack, Billy Gbbons, Slash, Flea, Kris Kristofferson,…). Genoeg om de studio in te gaan en een fijn, doch niet wereldschokkend, plaatje op te nemen.
Een beetje van alles is hier te vinden, reggae, soul, blues, country en rock. Niet alles is echter even geslaagd, maar echte miskleunen vinden we niet terug, al komt de wat slijmerige afsluiter “Forever” gevaarlijk dicht in de buurt.
Wood is op zijn best wanneer er hevig gerockt wordt. In het snedige “Thing about you” is hij samen met Billy Gibbons zeer lustig op dreef en op de Willie Dixon klassieker gaat het er tamelijk vettig en funky aan toe, mede dankzij een geweldige Bobby Womack. Ook in “Fancy pants” en “100 %” borrelt de rock’n’roll naar het kookpunt toe en Wood’s gitaar sneert als een vlijmscherp mes doorheen “I don’t think so”, een song die niet zou misstaan op één van de betere Stones platen.
Niet alleen Ronnie’s gitaar scheurt dat het een lust is, ook zijn vocale prestaties zijn bij momenten verbluffend. Niet dat hij een begenadigd zanger is, verre van, maar zijn rasperige stem zit de songs als gegoten. In “Why you wanna go and do a thing like that for” en “Tell me something” komt hij zelfs aardig in de buurt van Dylan.
Een knap plaatje dus en het is maar zeer de vraag of het volgende Stones album, als dat er ooit nog komt, beter zal zijn.

Cherry Overdrive

Go prime time, honey!

Geschreven door

Bij ons kan je nog niet beweren dat Cherry Overdrive een naam is maar in hun thuisland zijn deze 4 rockmeiden uit Kopenhagen vaak te horen op de Deense radio. Veel heeft te maken dat ze enkele jaren een niet onaardige hit wisten te scoren met “Reptiles” waardoor ze binnenin het garagerockmilieu als helden werden onthaald.
Ook al zit de garagerock hier diep verdoken in de ondergrond is dit genre in de Scandinavische landen meer dan populair.
Het succes van hun eerste cd bracht hun naar alle uithoeken van de wereld en met deze nieuwe cd proberen ze opnieuw hun pijlen op de garagerocksector te richten.
Het resultaat is rauwe vrouwenrock dat naast de rauwheid van een L7 of Seven Year Bitch ook de commercialiteit van een (jawel) Anouk in zich heeft en daardoor heb je als luisteraar meer dan eens het gevoel dat deze release noch mossel noch vis is.
Ze hebben de looks, ongetwijfeld de attitude maar hier bij de redactie van Musiczine vinden we dat ze naast een dosis ballen de volgende keer wel met wat sterker songmateriaal voor de dag mogen komen! ‘Go prime time, honey!’ is een cd met het juiste geluid alleen moet er dringend aan de rest worden gesleuteld!

Info
www.heptownrecords.com

Wolf People

Steeple

Geschreven door

Schaamteloos retro is ‘Steeple’ van Wolf People, jonge gasten die hebben zitten grasduinen in de hippie platen en wietplantages van hun ouders. Er zijn er wel meer die dezelfde bezigheden hebben, dezer dagen, zie ook Tame Impala en Dungen.
Die van Wolf People zijn er zonder veel kleerscheuren in geslaagd om doorheen de lagen psychedelica en de Hendrixiaanse gitaren voor een handvol sterke songs te zorgen. Je moet het maar doen, een song als “Tiny circle” verdacht veel naar Jethro Tull laten ruiken en die toch als een potente rocker laten klinken.
De heren flirten zowel met Cream (“Painted cross”) als met Hendrix (‘Cromtech’), ze bedrijven met evenveel verve de blues (“Castle keep”) als folkrock (“Banks of Sweet Dundee”, parts 1 & 2).
Retro als‘t maar zijn kan, en toch klinkt dit niet als belegen schimmelkaas maar wel als een nieuwe frisse portie hippievoer.
Een mens zou na het horen van zoveel fraais zowaar een ticket naar Woodstock gaan boeken, maar hou het misschien gewoon op de Antwerpse Trix op 13 januari. En vergeet uw gerief niet.

Pagina 419 van 498