logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic - ...
Kim Deal - De R...
Concertreviews

Psychonaut

Psychonaut - Post-metal met panache

Geschreven door

Psychonaut - Post-metal met panache

Wijf uit Gent is vrij nieuw aan het Belgische alternatieve metalfront, maar we gaan hier zeker nog van horen. De frontdame Marie De Graeve haalde verduiveld scherp uit met haar schelle en krachtige stem. Een geluk dat er in de Kreun geen glaswerk aanwezig was, anders was er hier gegarandeerd één en ander aan diggelen geslagen.
Met “Liar”, “Hysterical” en “Maniac” bracht Wijf een stel vlijmscherpe en snerende songs, de gitaar spuwde vuur en scheurende riffs tegelijkertijd, de vocals kwamen binnen als een frontale peer op uw bakkes. Dit was is Bikini Kill in een metalbad. Daarbovenop leek een veelbewogen “Circles” een geweldige song die gerust de battle met Brutus kon aangaan.
Verder waren hun invloeden alleszins niet af te leiden uit hun t-shirts, The Mars Volta hoorden we nergens (goeie smaak, dat wel) en laat ons hopen dat die Taylor Swift shirt als grap bedoeld was. Alhoewel, op foto hebben we die bassist ook al met een Dua Lipa shirt opgemerkt, draagt die kerel de kleren van zijn twaalfjarige zus, misschien?

Met alweer een ijzersterk nieuw album ‘World Maker’ onder de arm kon het Mechelse trio Psychonaut ondertussen al een kloeke setlist vullen met een stel onsterfelijke mokerslagen van songs.
In een dik uur propten ze het stinkende beste van zichzelf in een stevige wall of sound, een muur opgetrokken uit massieve post-metal met hier en daar enkele aangename en welgekomen rustpunten.
De heerlijke dubbele vocals, van razend naar clean en terug, zijn ondertussen ook een handelsmerk waar ze steeds bedrevener in zijn geworden. Binnenkomer “And You Came With Searing Light” was daar al meteen het toonvoorbeeld van, na een ingetogen start gingen onherroepelijk alle sluizen tegelijk open, de gitaar was verschroeiend en de vocals konden een volgroeide eik in tweeën kunnen splijten. Psychonaut was op die manier al direct op kruissnelheid en “All Your Gods Are Gone” en “Endless Currents” zoefden op dat daverende elan verder.
Met de excellente instrumental “All I Saw as a Huge Monkey” wist Stefan De Graef ons terug te overweldigen met zijn striemende en snedige gitaarspel. Dit was sowieso een hoogtepunt in de set, een track om Russian Circles stikjaloers te maken.
Met een ronduit fantastisch “Violate Consensus Reality” en een verpletterend “Interbeing” werden twee hoogvliegers uit het vorige album er met panache en verbetenheid doorgejaagd. Die aanhoudende spanning werd verder ten top gedreven met een verzengend “The Fall of Conciousness”. Hoe sterk de nieuwe songs ook mogen zijn, deze inmiddels 6 jaar oude kanjer is nog steeds de onbetwistbare topper in elke Psychonaut set, een zwaar ontvlambare knaller die zijn gelijke niet kent, met hier in de Kreun een alweer schitterende en wilde uitvoering.
Psychonaut eindigde met de tandem “You Are The Sky/Everything Else is Jus the Weather”, naar eigen zeggen hun favoriet uit de nieuwste plaat. En wie zijn wij om dat tegen te spreken.
Het trio raasde hier immers als een dolle bizon op het doel af en laste er dan halverwege een mooi en intiem rustpuntje in. Bespeurden wij daar trouwens geen Dire Straits-achtig gitaartje in de intro van “Everything Else”? En mag dit wel bij een hardvochtige metalband als Psychonaut? Tuurlijk wel, het onderstreepte de veelzijdigheid van Stefan De Graef en was het bewijs dat er ook gevoelige snaren op diens gitaar zitten.

Een betere setlist hadden we zelf niet kunnen bedenken, Psychonaut had er al de sterkste songs uit hun repertoire in gebald. Een dik uur bronstige en potige post-metal met een neus voor gevoel en variatie.

Neem gerust een kijkje naar de pics @Geert De Dapper
Psychonaut
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9100-psychonaut-02-04-2026?Itemid=0
WIJF
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9101-wijf-02-04-2026?Itemid=0

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Beoordeling

Nova Twins

Nova Twins stelt ‘Parasites & Butterflies’ voor - Brits gitaargeweld in Trix

Geschreven door

Nova Twins stelt ‘Parasites & Butterflies’ voor - Brits gitaargeweld in Trix

Een broeierige Trix Club was er voor een avondje onversneden Brits gitaargeweld en girlpower. De verwachtingen lagen hoog, zeker nadat ik Nova Twins vorig jaar in het Gentse Wintercircus al eens de boel zag afbreken. Dit keer kwamen ze hun nieuwste worp, ‘Parasites & Butterflies’, aan ons voorstellen.

De avond werd afgetrapt door Native James. Wat die man brengt, is lastig in een hokje te duwen: een explosieve cocktail van hiphop, grime, punk, rock en metal. Het was een beetje van alles, en misschien bij momenten ook net iets té veel van alles. Hoewel een vleugje meer focus de set ten goede zou komen, liet het publiek het zich als opener welgevallen. De sfeer zat er meteen goed in.

Toen Amy Love en Georgia South het podium bestegen, was het tijd voor de hoofdmoot Nova Twins. Met opener “Antagonist” vlogen ze er meteen vinnig in. De dames staan bekend om hun indrukwekkende arsenaal aan effectpedalen, hun pedalboards zien eruit als de cockpit van een ruimteschip, en dat hoor je. De sounds die ze uit hun bas en gitaar toveren zijn ronduit buitenaards.
Toch bleek die technische complexiteit deze avond een tweesnijdend zwaard. Tijdens nummers als “Taxi” en “Soprano” leek er wat gerommel met de techniek te zijn. Je merkte dat de dames af en toe hun focus verloren door de technische akkefietjes, wat de flow van de show heel even doorbrak. Gelukkig herpakten ze zich telkens met bakken attitude. Nummers als “K.M.B.” en de nieuwe klepper “Choose Your Fighter” zorgden voor de nodige moshpits en meezingmomenten.
Richting het einde van de set, met “Monsters” en afsluiter “Glory”, lieten ze nog eens zien waarom ze een van de spannendste livebands van het moment zijn. Dit was het voorlaatste concert van hun tour voordat ze een welverdiende pauze inlassen, om in juni weer aan de bak te gaan als support voor Evanescence.
Ondanks de technische haperingen was het een set die rammelde, piepte en kraakte op de best mogelijke manier.

Neem gerust een kijkje naar de pics
Nova Twins
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9416-nova-twins-02-04-2026?Itemid=0

Native James
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9417-native-james-02-04-2026?Itemid=0

Organisatie: Trix, Antwerpen

Beoordeling

Stoned Jesus

Stoned Jesus - Prog-metal meets stoner-rock op geslaagde dubbelaffiche

Geschreven door

Stoned Jesus - Prog-metal meets stoner-rock op geslaagde dubbelaffiche
Stoned Jesus, Wheel

Met lokale opwarmer Ice Sealed Eyes hadden we nogal wat moeite. Die kwamen immers met een weinig origineel concept aanzetten. Dit was schreeuwerige core-metal die van verschillende walletjes wou eten, het klonk als Linkin Park die Bring Me The Horizon plagieerde, of Enter Shikari die met Parkway Drive in de botsauto’s kroop. En laat dit nu toevallig allemaal irritante bandjes zijn die niet bepaald op ons favorietenlijstje staan.
Nu goed, Ice Sealed Eyes slaagde er met hun clichématige core-metal wel in om een klein beetje animo in het publiek te krijgen, dat was ook al iets. Maar verder was er weinig opwindends te melden. Oh ja, nog dit, kan er iemand eens aan de gitarist vertellen dat corona nu al enkele jaren voorbij is.

De Finse prog-metal band Wheel heeft niet alleen de mosterd gehaald bij Tool, maar ook quasi alle andere ingrediënten, check de echoënde gitaren, de opbouwende songs, de mysterieuze vocals en de immer pulserende jungle drums. Maar goed, ze mogen dan misschien schaamteloos de Tool sound jatten, ze verzinnen er tenminste hun eigen songs bij, en daarmee onderscheiden ze zich van Aenima of The Tool Experience, tribute bands die er enkel maar op uit zijn om zo perfect mogelijk het grote voorbeeld te kopiëren maar daar zelf geen greintje creativiteit aan toevoegen.
Wheel had daarentegen wel een stel gloeiende brokken van eigen songs meegebracht en die werden voorzien van een kloeke en potige sound die werd neergezet door een stel gretige en uiterst bedreven muzikanten.
Songs als “Vultures”, “Empire” en vooral het lange en bruisende “Wheel” ontpopten zich tot de ultieme orgelpunten van een uiterst energieke en gelaagde set. Ook al ligt de vergelijking met je weet wel wie er vingerdik op, we moesten Wheel toegeven dat ze een uur lang een stevige en overtuigende pot prog-metal wisten neer te zetten.

Stoned Jesus begon al direct met een pareltje. De heerlijke gitaarintro van “New Dawn” greep ons al onmiddellijk vast in de onderbuikstreek en was zo de aankondiging van wat een prachtconcert zou worden. De song sloeg algauw over in een ronkende en stomende stonerknal.
De Oekraïners waren meteen gelanceerd, de trein was vertrokken. Met “Shadowland”, nog een kraker uit dat fijne nieuwste album ‘Songs To Sun’, werden daar nog een stel vette riffs aan toegevoegd. Die nieuwe songs, met verder in de set ook nog een krachtig en furieus “Low”, kwamen in hun live versies nog een stuk wilder en harder voor de dag, er kwam veel meer stoom uit de ketel dan de plaat deed vermoeden.
Tussendoor had Stoned Jesus ook nog een paar oudjes in de set gedropt die ze naar eigen zeggen al enkele jaren niet meer live hadden gebracht, en dat tot grote vreugde van het publiek. “Rituals Of The Sun” was er zo één, een beukende Sabbath-riff, een bulldozerbas en daarbovenop de moordende gitaaruithalen van frontman Igor Sydorenko, zonder meer geweldig.
En dan moest het summum nog komen, in de vorm van het heerlijke langgerekte stonermonster “I’m the Mountain”, een absolute klassieker en dé publiekslieveling. Sydorenko ging gretig mee in het enthousiasme van zijn fans, hij liet zijn gitaar janken en gieren en maakte van deze onsterfelijke song wederom een onvergetelijk hoogtepunt.
Omdat de band in een strak tijdsbestek zat gewrongen werd er in de bisronde vooral op snelheid en strakheid ingezet met de welgemikte bommen “Wound” en “Here Come the Robots”.
Na een uur floepten helaas de zaallichten alweer aan, het was zo voorbij. Dit was zonder meer schitterend, maar veel te kort.

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

The Kids

The Kids - Nog geen sporen van sleet

Geschreven door

The Kids - Nog geen sporen van sleet
The Kids + Vaag + The Covids

Vijftig jaar punk! Vijftig jaar The Kids!! Als dat geen reden tot een feestje is, dan weet ik het ook niet meer. Bovendien bleek dat The Kids nog nooit in De Zwerver geweest waren. Hoe is dat nu mogelijk? Maar na zaterdag is die leemte alsnog gevuld, en dat overigens op een indrukwekkende wijze.

Punk blijkt na vijftig jaar springlevend! Overal schieten jonge punkbandjes als paddenstoelen uit de grond. Eén daarvan is The Covids uit Amsterdam. Ontstaan tijdens de pandemie - vandaar die mooie naam - hebben ze intussen twee albums op hun actief en een stevige livereputatie opgebouwd.
Na een korte intro gaf de band meteen "Banned from the USA" prijs, hun laatste single en wellicht ook hun beste nummer. Een droomstart voor een aanstekelijke set vol korte, no nonsense punkliedjes in de traditie van pioniers zoals The Undertones of Buzzcocks. Zanger Mehdi Tallal leek een pas bevrijd wild dier en ging als een razende tekeer. Daarbij ging de voorraad bier meteen tegen dek waardoor het podium in een schaatsbaan veranderde. Met als gevolg dat Tallal meermaals onderuit knalde maar dat kon hem niet afremmen. Al vlug trok hij zijn shirt uit en onthulde hij zijn blote bast, waarop in grote letters 'No kids more nukes' geschreven stond. De betekenis daarvan is me niet geheel duidelijk. Dat hij geen kinderen wil, weten we uit het nummer "No kids" maar wat hij met die kernwapens wil aanvangen blijft me een raadsel.
Wat provoceren maakt wellicht deel uit van dit soort rauwe, energieke punk die verrassend melodieus klonk. Als slotakkoord diepte het viertal nog een onverwachte cover op: "Just head" van Nervous Eaters, een obscure seventies punkband uit Boston. Mooi!
£
Met Vaag zagen we enkele oudgedienden uit de Kortrijkse underground terug: gitarist Mich Decruyenaere (Hitch, Galatasaray,...) en zanger Bram Coussement (Haemers) met bassist Simon Pertz en drummer Pieter Blancke. Het gezelschap heeft twee EP's op zijn naam staan: ‘Rauw’ en ‘Paniek!’, maar ondanks die titels en de groepsnaam zingen ze gewoon in het Engels. Nu ja, zingen? De zanger bleek een brulboei: zijn met veel overgave gebrachte maar vrij monotone geschreeuw begon na een tijdje op de maag te liggen. De gitaarlijnen van Mich Decruyenaere klonken fris en innovatief maar dat volstond niet om van een geslaagde set te kunnen spreken. Vooral die dichtgeplamuurde sound maakte het voor me te vermoeiend. Toch bleef ik hopen op een moment waarop er wat gas zou worden teruggenomen om zo wat ademruimte te creëren, maar dat kwam er uiteindelijk niet. Maar misschien was ik hier na het argeloze geweld van The Covids niet klaar voor.
De postpunk van Vaag leek plots wat te intellectueel, gekneld als ze zaten tussen twee groepen die zweren bij rechttoe-rechtaan punk.

The Kids zijn zonder twijfel de beste punkgroep die België ooit gekend heeft en ondanks hun eerder bescheiden oeuvre, vijf studioalbums en twee livealbums, mag de band stilaan als een instituut beschouwd worden.
Hun titelloze debuut uit 1978 is een klassieker in het genre, waarvan de originele exemplaren intussen behoorlijk wat geld waard zijn. In de loop der jaren bouwden The Kids ook in de Verenigde Staten een zekere cultstatus op, waar ze, live graag geziene gasten zijn. Maar onder het huidige regime krijgen ze daar helaas geen visa meer.
De groep bestaat dus vijftig jaar, zij het met een hiaat tussen 1985 en 1996. Na de reünie bleven ze regelmatig optreden maar nieuw werk, buiten een verdwaalde single, kwam er niet meer. Ze blijven dus in feite teren op hun oude nummers die inmiddels minstens 45 jaar oud zijn, maar geen mens die hen dat kwalijk neemt. En wie ze ooit zag weet ook waarom.
De drie originele leden in de frontlinie zagen er ondanks de gevorderde leeftijd vrij patent uit: gitarist Luc van de Poel (73), zanger-gitarist Ludo Mariman (71) en bassist Danny de Haes (63, hij was pas 12 toen The Kids begonnen). En Tim Jult is intussen ook reeds zo'n veertien jaar de drummer.
De set werd traditiegetrouw geopend met "No work". De setlist veranderde, in al die jaren na de comeback, nauwelijks, vertelde een fan me. Waarom zou die trouwens moeten veranderen? Eenmaal de perfecte opbouw gevonden, dan hou je die toch. Wat klonk dit meteen fel, scherp en strak!
Meteen daarna volgden nog een trits nummers uit dat tijdloze debuut, dat er zo goed als volledig werd doorgejaagd: "Bloody Belgium", "Do you wanna know", "For the fret" en "Money is all I need". Het waren punkbommetjes die niets aan frisheid hadden ingeboet, krachtig en helder gezongen door een minzaam grijnzende Mariman.
Van de Poel, de nestor van het gezelschap, was de beweeglijkste en leek zijn leeftijd voortdurend moeiteloos te tarten. Na de vinnige Wire cover, "1 2 X U" volgde "There will be no next time", een nummer dat behoort tot het collectieve geheugen en waarop ik iets meer reactie van het publiek had verwacht.
Dat een echte moshpit zou uitblijven was al voor de show duidelijk. Daarvoor was de gemiddelde leeftijd iets te hoog. Vreemd genoeg meldden de eerste danslustigen zich pas na die hit, bij "I wanna get a job in the city", ook een knaller uiteraard.
En zo verzeilden we haast ongemerkt in de zinderende finale, waarin ik het delirium nabij kwam door "Fascist cops", "This is rock 'n roll" en "Do you love the Nazis", uitzinnige volksliederen die me op slag dertig jaar jonger deden voelen.
Toen The Kids terugkwamen voor een bis was er een groepje enthousiastelingen al "Hey ho, let's go" aan het scanderen maar Mariman liet zich niet vermurwen en zette "If the kids are united" van Sham 69 in. Uiteraard kon "Blitzkrieg bop" van de Ramones dan toch niet ontbreken en met deze twee massaal meegezongen anthems werd het alsnog een behoorlijk wild feestje voor het podium.
Na vijftig jaar bleken er bij The Kids nog geen sporen van sleet merkbaar.  

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Beoordeling

Sara Salvérius

Sara Salvérius & Jean-Philippe Poncin - De vaak 'vergeten verhalen' in de schijnwerpers geplaatst

Geschreven door

Sara Salvérius & Jean-Philippe Poncin - De vaak 'vergeten verhalen' in de schijnwerpers geplaatst
Sara Salvérius & Jean-Philippe Poncin

Ik herinner me dat ik als kind heel aandachtig zat te luisteren naar de verhalen die mijn grootouders vertelden over de twee wereldoorlogen; niet alleen de ontbering maar ook grappige, gezapig anekdotes kwamen ter sprake. Het zijn verhalen die, ook op mijn 60ste, in mijn collectief geheugen gegrift staan.
Het sluit ook aan bij dit collectief, de verhalen die generaties ons en hun kinderen/kleinkinderen hebben verteld. Het is een schat van informatie, die niemand ongemoeid laat.
Op verzoek van het Klarafestival verbleef accordeon speelster Sara Salvérius een week in een woonzorgcentrum. De verhalen van de bewoners waren een inspiratiebron rond het concept 'verhalen zonder woorden'; ze schreef  hier muziek rond en ging samenwerken met klarinet virtuoos Jean-Philippe Poncin.
Onder Sara Salvérius & Jean-Philippe Poncin (*****) gingen ze op tour en dat bracht hen op een zondagochtend naar de Foyer in de HA Concerts. De verhalen in verteltrant en muziek deden herinneringen opborrelen en maakten er een boeiende morgen van.

In het intieme kader werden gezapige, grappige of soms dieptriestige verhalen verweven in hun klankentapijt, die allerlei emoties deden opflakkeren. Het pad van de zachtmoedig- en ingetogenheid werd betreden.
Het samenspel van klarinet en accordeon zorgden voor meer dan een uurtje magie. Sara vertelde enkele anekdotes over de bewoners die ze had ontmoet. Allemaal mooie vaak vergeten verhalen die dankzij Sara en Jean-Philippe in de schijnwerpers werden geplaatst. Heel de plaat kwam aan bod. Een diverse aanpak trouwens. De emoties borrelden op, nooit gaat het teveel de treurige of frivole kant op. Alles blijft hangen binnen een gezellig kader.  Sara is iemand die van vele markten thuis is, en verlegt grenzen met haar accordeonspel. Het spreekt tot de verbeelding wat ze allemaal uitvoert. Elke song heeft een boeiend, eigen persoonlijk verhaal.
Hoedanook, een bijzondere artieste. Ze wordt perfect aangevuld door Jean-Philippe die voor nog een beetje extra warmte zorgt met zijn klarinet. Mooi, dit samenspel dus.
Sara Salvérius & Jean-Philippe Poncin zijn enorm respectvol over de mensen van wie het gaat. Haar bindteksten raken en toveren een glimlach waar nodig.  Intens mooi hoe de (soms vergeten) verhalen tot leven komen door deze twee instrumentalisten van accordeon en klarinet!

Organisatie: HA Concerts, Gent

Beoordeling

Tramhaus

Tramhaus - Postpunk derby van de lage landen, België - Nederland: 1-1

Geschreven door

Tramhaus - Postpunk derby van de lage landen, België - Nederland: 1-1
Tramhaus + The Rats

Voor The Rats was dit de release show van hun nieuwe album ‘Boxing Days’, een vinnig plaatje met meer diepgang en emotie dan wat we van hen gewoon zijn, er komen immers al wat overtuigende ingetogen momenten opdraven tussen al die snerende postpunktracks.
Zanger Emile Dekeyser was op zijn zachtst uitgedrukt nogal wat nerveus, maar dit bleek eerder een pluspunt voor de zinderende postpunk van The Rats, want hoe nerveuzer hij was, hoe kwader en urgenter hij klonk, en dat kwam The Rats hun act alleen maar ten goede. De springveer heeft trouwens vanavond een nieuw record op zijn naam geschreven: hoogst aantal afgelegde kilometers op het Wintercircus podium. Om dat record ooit eens te kunnen breken, zal men in het Wintercircus Chat Pile moeten inviteren, zanger Raygun Busch is ook zo een halve gek die al kilometervretend zijn furieuze vocals eruit spuwt (misschien dan terug The Rats als support act vragen, dan kunnen die twee wildebrassen onderling uitmaken wie de beste is).
The Rats stoomden in sneltreinvaart doorheen bruisende nieuwe songs als “Rolling With the Punches”, “The Wrong Dog”, “Muck & Bullets” en een ijzersterk “The Top”.
Als ze gas terugnamen, dan was het met vernuft en passie, en dat al zeker in “Boxing Day”, een pareltje met een venijnige staart, prachtsong. Er zat heel wat drive en elektriciteit in The Rats, en dat hun sound nogal Brits klinkt hebben ze ook nooit onder stoelen of banken gestoken.
Ze gingen eruit met een publiekslieveling van het eerste uur “Old Flames”, dankzij de enthousiaste meute werd dit zo een beetje hun eigen “Bro Hymn”.
Een meer dan geslaagde release show van een bruisend plaatje.

Gelukkig zijn het niet allemaal zeemzoeterige singer-songwriters of carnavalacts die onze Noorderburen op ons afsturen, getuige de snedige postpunk van Tramhaus, een band die ondertussen al een kloeke live reputatie heeft opgebouwd, en deze is volledig terecht, als je ’t ons vraagt.
Tramhaus overtuigde met snedige en messcherpe postpunk die bij momenten naar de gekte van Viagra Boys neigde. Op hun wervelende album ‘The First Exit’ is niet één stinker te bespeuren, en vanavond werd dit zinderende plaatje er dan ook quasi volledig door gejast.
De sterkte van Tramhaus zat hem heel dikwijls in de opbouw van de songs, zo dreven “Once Again”, “Semiotocs” en “Make It Happen” zichzelf vanuit een aangename groove naar een hevige suspense. “The Cause” en “Beep Beep” waren dan weer regelrechte punkertjes die er vanaf de eerste seconde fel in vlogen en nogal wat roering veroorzaakten in het publiek.
Net als The Rats klonk Tramhaus heel Brits, met als voorbeelden frisse bandjes als Idles, Ditz, Yard Act, Shame en vooral Squid. Maar daarnaast hoorden we toch ook een zweempje Cramps, vooral in “Ffleur Hari”, een striemende garagerocker waarin de gitaren gretig uit de bocht vlogen, één van de absolute hoogtepunten. Nog zo een uitschieter was “Beech”, dat flink wat Viagra Boys bloed in de aderen had en meermaals ontplofte.
Tot slot denderde “Minus Twenty” heerlijk verder op een groovy basdreun en tintelende eighties gitaren met een hoek af, een prikkelende afsluiter van een bijzonder sterk concertje.

Organisatie: Democrazy, Gent

Beoordeling

GA-20

GA-20 - Adembenemende blues dankzij een injectie rock-'n-roll

Geschreven door

GA-20 - Adembenemende blues dankzij een injectie rock-'n-roll

Ondanks alle ellende liep ik de afgelopen dagen in jubelstemming rond want mijn favoriete bluesband was opnieuw in het land. Zo zullen er wellicht nog meer geweest zijn, want de N9 liep behoorlijk vol voor alweer een passage van GA-20 in ons land.

Maar eerst mocht een ander groepje dat me ook nauw aan het hart ligt het podium inpalmen: het Gentse Harvesters. Ik zag ze ongeveer een jaar geleden nog in het voorprogramma van James Leg in de 4AD waar ze vertelden dat ze druk bezig waren met hun tweede plaat. Die is nu af maar blijkbaar nog niet uit.
De officiële voorstelling staat pas gepland op 30 april in de Missy Sippy. Zo lang hielden ze ons echter niet in spanning want ‘Do some good’, zo heet de nieuwe plaat, werd  in de N9 integraal en met veel gretigheid door de boxen gejaagd. Allemaal nieuwe nummers dus - enkel de vooruitgeschoven single "Blackbird" was me bekend - waaruit bleek dat Harvesters resoluut de kaart van de seventies rock heeft gekozen. Americana en rootsrock invloeden leken definitief verdampt.
Een opmerkelijke keuze want de seventies worden - punk buiten beschouwing gelaten - vaak gezien als de meest dorre periode uit de rockgeschiedenis. Dat neemt uiteraard niet weg dat ook toen tal van uitstekende platen verschenen. Harvesters was ook zo slim om de stadionsound die toen voor het eerst de kop opstak links te laten liggen en te kiezen voor een onopgesmukt geluid dat eerder de geur van verschaald bier en rokerige pubs opriep.
De bas van Bart Soens en de drums van Lion De Clerck (Leopard Skull, Straight Shooter) zorgden voor een robuuste verankering terwijl de gitaren van Paul Lamont (Hitch, Grand Blue Heron), tevens verantwoordelijk voor de donkere, korrelige stem, en Miguel Moors (Blackup) voortdurend de sterren van de hemel speelden. Black Crowes, Robin Trower en Tom Petty worden wel eens naar voor geschoven als inspiratiebronnen, maar dat heb ik er niet in gehoord. Wel riepen de melodieuze gitaarlijnen een enkele keer herinneringen op aan Bad Company.
Eén nummer (een titel kan ik er helaas niet op plakken), dat een vergeten klassieker uit de seventies had kunnen zijn, sprong er zo uit dankzij de heldere, meteen vertrouwd aandoende gitaarriffs. De andere songs hebben wellicht wat meer tijd nodig om zich helemaal te laten doorgronden. Ondanks het ontbreken van de parels uit hun eerste plaat, ‘At Rosie’s Palace’, werd het een knappe set die me in ieder geval nieuwsgierig maakt naar de nieuwe elpee.

Nadat Matthew Stubbs na jarenlange dienst bij Charlie Musselwhite op de keien werd gezet, begon hij in 2018 een eigen bluesbandje om zo de eindjes aan elkaar te kunnen knopen. Met GA-20 schuimde hij eerst de café's en restaurants van zijn thuisstad Boston af maar al snel bleek zijn rauwe, compromisloze blues aan te slaan bij een breder publiek en begon hij heel intensief te touren, zowel in Amerika als Europa.
Zo kon ik de groep maar liefst zeven keer aan het werk zien zonder daarbij verre verplaatsingen te moeten maken. In 2024 leek het noodlot toe te slaan toen zowel Pat Faherty (zang, gitaar) als Tim Carman (drums) de groep totaal onverwacht de rug toekeerden. Vooral Pat Faherty, toch het uithangbord van de band, leek met zijn punk charisma onvervangbaar. Maar Matthew Stubbs is een doorzetter. Hij zocht en vond twee vervangers bij Ward Hayden & The Outliers (het vroegere Girls Guns And Glory), een old school country band die enkele keren had geopend voor GA-20.
Faherty en Carman begonnen van hun kant een eigen band, Canyon Lights, waarmee ze begin mei te zien zijn op twee Nederlandse bluesfestivals: Moulin Blues en Rhythm & Blues Night. Maar hun debuut, ‘Breathe easy’, waar ik hoopvol naar uitkeek, valt me serieus tegen .
Vorig jaar zag ik GA-20 voor het eerst in de nieuwe bezetting in café De Zwerver en toen bleek al dat de groep niets aan kracht had ingeboet. In de N9 kwamen ze zo mogelijk nog sterker uit de verf. Cody Nilsen zal zijn voorganger, Pat Faherty, nooit helemaal doen vergeten. Daarvoor was die laatste, met zijn immense krullenbol en onorthodoxe sprongen, te nadrukkelijk visueel aanwezig. Maar nu ik hem een tweede keer bezig zag, dringt de conclusie zich op dat Nilsen vocaal minstens even sterk is en als gitarist zelfs de betere.
En gitaren, daar draait het toch om bij GA-20. Twee gitaristen mochten, zonder dat een bassist hen voor de voeten liep, elkaar op het voorplan afwisselen: de melodieus en wat bedaarder spelende Matthew Stubbs en de scherpere en venijniger uithalende Cody Nilsen. Stubbs mag dan herhaaldelijk zijn liefde voor Chicago Blues hebben uitgesproken, maar wat GA-20 bracht was zoveel meer dan dat. 95% van de contemporaine Chicago blues vind ik eigenlijk strontvervelend. Maar GA-20 geeft de blues, met een gezonde injectie rock-'n-roll en een uitgekiende songkeuze, een extra dimensie. De blues heruitvinden doen ze niet - dat is ook helemaal niet nodig - maar ze laten haar wel weer fris en opwindend klinken. 
De set werd meteen schitterend geopend met het opgewekte "Cryin' & Pleadin'" van Billy Boy Arnold, misschien wel het beste nummer van hun laatste plaat, ‘Orphans’. Er zouden nog vier nummers uit die plaat volgen maar ook het oudere werk kwam ruimschoots aan bod. Zoals de twee rauwe Hound Dog Taylor covers, "Give me back my wig" en "She's gone", altijd goed voor een hoogtepunt. Bo Diddley's "Crackin' up" werd dan weer wat onderkoeld gebracht. Voor mij had het wat feestelijker gemogen, maar het was in elk geval eens wat anders.
Halverwege de set verlieten Stubbs en drummer Josh Kiggans het podium en worstelde Cody Nilsen zich door Lightnin' Hopkins' "I'm leaving you now". Hoewel de laatste plaat niet zo heel lang geleden verscheen, had een aantal nieuwe nummers al zijn weg naar de setlist gevonden en zeker niet de minste. "Can't hold out" van Elmore James, geschreven door Willie Dixon en "Crazy Love", ook al uit de pen van Willie Dixon maar in 1965 op single uitgebracht door Buddy Guy. Vooral dat laatste was opnieuw een openbaring!
De opbouw van de set bleef ongewijzigd met ook hier tegen het einde ruimte voor een uitstapje tussen het publiek. Maar waar Pat Faherty vroeger als een razende de menigte in dook, zoekt Cody Nilsen het rustig op om daarna te proberen de stilste noot ooit te spelen.
Als uitsmijter zorgde het aan Little Richard schatplichtige "Be my lonesome" nog voor een brok zinderende rock-'n-roll. En omdat zowel Stubbs als Nilsen 'Dale' als tweede naam hebben werd "Nitro" van Dick Dale gekozen als bis.
Een alweer adembenemende set kon nauwelijks mooier eindigen dan met deze spetterende surf-instrumental.

Organisatie: N9, Eeklo

Beoordeling

Ão

Ão – Een zwoel avondje dansen ‘in de club’

Geschreven door

Ão – Een zwoel avondje dansen ‘in de club’

Het is altijd leuk om je favoriete Belgische bands te zien groeien in hun kunnen. We hebben het over de formatie Ão (*****). Na hun passage op de hoogste verdieping van Beursschouwburg in Brussel , hun onvergetelijke passage in de AB Club in 2024 en de andere keren dat we hen al ondertussen live konden bewonderen, was het nu tijd om de band met de recente tweede plaat aan het werk te zien, ‘Malandra’.
Ão is uitgegroeid tot een vaste waarde binnen de Belgische muziek scene. Onlangs waren er twee try-out concerten . Leezs gerust
4ad https://www.musiczine.net/index.php/nl/item/101902-ao-try-out-malandra-ao-op-kruissnelheid
N9 https://www.musiczine.net/index.php/nl/item/101903-ao-try-out-welkom-in-hun-bezwerende-sounds
In een uitverkochte AB zaal zette Ão zijn opmars verder en zorgde voor een zwoel avondje dansen ‘in de club’ …

Het opvallende aan Ão is dat ze telkens zorgen voor een milde muzikale mix in culturen. De roots van de frontdame Brenda en de teksten in de Portugese taal zijn tekenend. Het geheel klinkt bedwelmend, spannend, creatief, meeslepend en weet evenzeer moeiteloos de dansspieren te prikkelen. Een waas van melancholie en weemoed sluimert over hun songmateriaal, o.m. op een “Me Condena”, “Speak” en “Meninas”. Zonder al te veel tristesse.
Wat een uiteenlopende emoties ervaarden we , met telkens een wervelend dansfeestje. Het is trouwens de sterkte van Ão. Songs als “Malandra”, “Sorte” tot ‘Acorda’ intrigerend door hun persoonlijk verhaal. De temperatuur stijgt des te meer. Brenda stzaat er in een mooi wit kledij op het podiumen ze staat op het einde in zwart topje en broek.
Muzikaal deinen we lekker mee op de dromerige, groovy en aanstekelijke klankentapijtjes “Cada vez”, “Aren’t you tired” en het sublieme persoonlijke “Talvez” gaan naar een climax. Het mooie “Volta” en “Pra Onde Eu You” besluiten definitief de set.
Ão overtuigt met de nieuwe plaat ‘Malandra’ en hun live performance. Met weemoed, het Zuiders tintje, de dans en de zin in experiment. Een grootse band in wording.
Zwoele zomeravonden in wording zullen er zijn met de nakende festivals.
Setlist: Me Condena //  Sofrimento  (Waldemar Bastos cover)//  Speak//  Orgulho//  Meninas // Crowd//  Cinza //  Malandra  // Sorte  //  Ode  //  Acorda  //  Cada Vez  //  Outra //  Mulher  //  Aren't You Tired //  Talvez  //  More
///  Encore:   Volta   //  Pra Onde Eu Vou?

Het voorprogramma werd verzorgd door Monagi (****), het alternatieve indie pop project rond songwriter en producer Jess Jacbos. Op uitgekiende wijze weet hij met zijn band een boeiende mix te creëren van filmische texturen, meeslepende melodieën met een subtiel onmiskenbaar melancholisch gevoel.
Live kregen we een intieme warme confrontatie. Muzikale ingetogenheid die charmeerde. De charismatische uitstraling van Jess op het podium was mooi met grappige kwinkslagen en een glimlach. Ergens tussen Richard Hawley en Serge Gainsbourg, die met diezelfde zwoelheid ons wisten te raken en te prikkelen.

Neem gerust een kijkje naar de pics @Dieter Boone
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9083-ao-2026-03-26?ltemid=0
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel  

Beoordeling

Pagina 2 van 386