logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
Suede 12-03-26
Festivalreviews

Dourfestival Dour 2015 – zaterdag 18 juli 2015

Dourfestival Dour 2015 – zaterdag 18 juli 2015
Dourfestival 2015
Plaine de la Machine au Feu
Dour
2015-07-18
Jasper Verfaillie , Niels Bruwier en Johan Meurisse

Dag 4 van het Dour festival toonde vooral de elektronische kant van het festival. Met namen als Kate Boy, LA Priest, Goose en Mø kregen we zelfs veel (electro)pop voorgeschoteld.  Goede psychedelica hadden we van Moon Duo en Jessica93 en de Britpop zochten we op met Carl Barat en The Drums.

Het begint een goede gewoonte te worden om de dag in Le Labo te starten.  Vandaag hadden we de Luikse band The Scrap Dealers , die de tent omtoverden tot een heuse garage. Hun garagerock zou dan ook perfect passen op het Burger Records label. De gitaren klinken voortdurend goed door, en ervaren we zelfs een psychedelisch gevoel. Het doet denken aan de Californische scene waar Ty Segall, Thee Oh Sees en The Jacuzzi Boys toe behoren. Wat ook niet ontbreekt bij de band is de typische garagerock-shreeuw.  Stevig, simpel en rechtdoor , een mooie opener van de dag.

Alsof we niet genoeg hadden aan één band uit Luik stond er in La Petite Maison Dans La Prairie nog eentje paraat, Kennedy’s Bridge heeft een volledig ander geluid, een meer Britse invloed. Al snel doet hun geluid  denken aan Two Door Cinema Club, dus geheel vernieuwend is de muziek niet.  De zanger doet denken aan Kele Okereke en de muziek aan Bloc Party. Buiten de gezellige muziek,  is het te veel eenheidsworst , dus snel iets anders bekijken …

Dat andere krijgen we met Rangleklods, een Deense band , die meer uitblinkt in  elektronica. Het begint erg rustig met muziek die een perfecte intro  vormt. Kamerpop om te beginnen,  maar al gauw slaat het genre om. Het wordt echt hipstermuziek met zware beats en zelfs een beetje dubstep. Het doet denken aan de triphop van Tricky. Het zware geschut wordt ingezet en vanaf dan wordt er gedanst op de muziek. De experimentele pop van de band heeft wel een zeer donkere en aparte sfeer neergezet in de Jupiler Dance Hall.

Dan maar naar LA Priest, het soloproject van Sam Dust, beter bekend van Late Of The Pier. We gaan vol verwachtingen gaan kijken,  omdat o.m. “Oino” een grote hit is.  De man staat helemaal alleen op het podium, waardoor al zijn muziek ook in een loop moet worden gespeeld. Dit valt helemaal niet tegen , al is het begin iets minder funky en komt de zanger nogal traag op gang. Maar de smooth elektro die hij voortbrengt , is wel iets waar je zomaar inglijdt. De grote hit wordt in het midden gespeeld waarna de set enkel maar de hoogte ingaat. We krijgen zelfs  een echte house-track te horen, die de dansspieren sterk aanspreekt; na iets meer dan een halfuur zit de set er al op .

BRNS moet zowat het hipste zijn wat Dour op dag 4 te bieden heeft.  Ze zijn ‘hot’ op dit moment, en worden op handen gedragen door het talrijk opgekomen en enthousiaste publiek in La Petite Maison dans La Prairie. Het is al hun derde keer Dour, vertelde frontman Timothée Philippe. En die derde keer is wel hun beste keer (tot dusver). Prijsbeest “My Head is Into You”, ingezet door alle bandleden op  melodica, werd al snel weggegeven;  wat daarna kwam was minstens even goed. BRNS klinkt als een rockversie van Yeasayer en neemt nooit de makkelijke weg. Neem nu hun frontman Timothée Philippe: hij is niet alleen frontman, zanger maar ook drummer van de band. En denk nu niet dat hij gewoon eenvoudige drumpatroontjes speelt. Nee, luister maar eens naar “Behind The Walls” of “Inner Hell” en je hoort een band die perfect op elkaar is ingespeeld. Klasse dus! 

Er is nog leven (na) in Griekenland … We hebben het niet over de Griekse crisis, maar wel over Acid Baby Jesus, een band uit Athene die in Le Labo speelde. Verwacht geen duidelijke Griekse invloeden, het  zijn Grieken die de bouzouki hebben afgezworen en muziek maken die ergens tussen psychedelica en garagerock valt. Een Griekse Parquet Courts, zeg maar. Toch is hun muziek niet snedig genoeg voor garagerock en niet psychedelisch genoeg voor, nu ja, psychedelica. Ze bewandelen paden die door andere groepen al eens (en beter) bewandeld zijn. Maar de muziek klinkt tof, amusant en het is gewoon dikke fun om deze zotte Grieken bezig te zien.

In de Jupiler Dance Hall krijgen we het popmenu . Te beginnen met Kate Boy, een schone uit Stockholm , die zich manifesteert binnen de doorsnee (electro)pop en hier refereert aan een Icona Pop of Charli XCX . Wat opvalt is dat ze donkerder is gekleed dan de fleurige tenues die andere dames dragen. 
En ze kan zingen. Al was er even twijfel of er niet werd geplaybackt,  dit bleek een vooraf opgenomen achtergrondstem te zijn . Toch speelt ze op zeker. Op het einde brengt de zangeres nog een boodschap over: “We Are All Equal”, dankjewel , een matig gevulde tent kon dit ter harte nemen .

Met de ogen dicht leek het bijna een Nick Cave concert. Niet de briesende, onhoudbare Cave, maar eerder een rustige versie van zijn laatste plaat ‘Push The Sky Away’. De link met de sound en de vocals van Taylor Kirk is duidelijk, frontman van de Canadese band Timber Timbre. Hun muziek was nooit echt saai, maar ook nooit echt opwindend. Een donkere spanning met galmende gitaarriedels is terug te vinden. Minder bizar dan vroeger alleszins . En er is plaats voor extravertie  en wat intimidatie …  ‘I want you to forget all the other tents on this festival, just dream a little dream…’ op die manier kondigde Kirk een traag liedje aan. Al had de tent daar weinig oren naar, waarop Kirk een welgemeende ‘Shut the fuck up’ liet ontvallen. Niet doen, Kirk, niet doen.

Om even te bekomen zetten we ons aan The Last Arena om één van de enigste hedendaagse reggae-artiesten te bekijken,  die nog effectief uit Jamaica komt. Protoje & The Indiggnation is zoals de andere artiesten in het genre gekleed in de specifieke rasta-kleuren. De muziek was ideaal  om van te genieten en te bekijken bij deze warmte ; iedereen beweegt gezapig mee en ook wij kunnen niet stil blijven. Na een halfuur hebben we het toch wel gehoord door het  voortdurend weerkerende  dezelfde melodietje. Tja , typisch  reggae-artiesten zeker, hoewel Protoje  goed kon hiphoppen.

Daarna krijgen we met één van de populairste hedendaagse popzangeressen. Dat merk je ook aan de tot in de nok gevulde Jupiler Dance Hall.  Electropop die rockt, intrigeert  door het gitaarspel en opgezweept wordt door dubbele percussie. 
Haar populariteit heeft ze te danken door de  single met Major Lazer. Tegelijk maakt ze nummers die niet plat commercieel zijn , wat geapprecieerd wordt!   Maagdelijk wit dartelt ze op het podium , haar stem heeft wel iets en is een meerwaarde aan de sound.  De gekke moves en ietwat roekeloos gedrag maken van het concert een leuk visueel spektakel. Natuurlijk wordt er geëindigd met het nummer van Major Lazer (“Lean on”), waardoor we het straf vinden dat dit haar grootste hit is geworden, terwijl ze zelf ook wel goeie nummers heeft.

Hoera, The Libertines leven nog!! Een nieuw album, een nieuwe single en nu nog een nieuwe tour. In afwachting dat ze nog eens afkomen is het soloproject van Carl Barat alvast een mooi alternatief.  Muzikaal is er haast geen verschil! Carl Barat and The Jackals brengen dezelfde soort rechtoe-rechtaan rock. Hij houdt het wel meer binnen de lijntjes ; toegankelijke , beheerste rommeligheid,  eenvoudig , doeltreffend, energiek en springerig. Dolle pret!  Enkele crowdsurfers werden door een overijverige security al snel uit het publiek gehaald. Carl had er duidelijk zin in, al kon zijn licht bezopen staat daar ook iets  mee te maken hebben . Toch was hij op zijn best zonder The Jackals, de enkele liedjes solo op akoestische gitaar waren gevoelig , innemend , pakkend …

De electrorockers van Goose uit Kortrijk zijn ondertussen al een gevestigde waarde in de Belgische muziekscène. Ze hebben  al elk Belgisch festival plat gespeeld; toch was het hier 8 jaar geleden dat ze nog eens op Dour stonden. Goose deed exact wat er van hen verwacht werd: de fik erin!  Mooi, denk je dan … maar we hebben wel wat kanttekeningen te maken. Goose is een hitmachine geworden ,  wat hun set naar routineus doet ombuigen ,  en niet meer buiten de lijntjes durft te kleuren . De resem hits waren pompend , dynamisch en zorgden voor heel moves! De show was strak , wat verstikkend  kon ervaren worden . Ruimte voor een paar nieuwe songs was er , die wat meer psychedelica , glam en kitsch toelieten .

Kent u ze nog? Die jongens van het onweerstaanbare zomerhitje “Let’s Go Surfing” (2010) met dat fluitmelodietje die in je hoofd blijft slingeren ” …  Jawel, The Drums werden gebombardeerd als headliner in La Petite Maison ; het publiek van Dour hield van dit bandje. Dus duidelijk  veel volk dus.  ‘I hope time doesn’t change him’, zong Jonathan Pierce ergens midden in de set. De nummers kregen een  touch door de keys , de diepe bas en door de huppelende , glamrockende gitaarriedels . En Pierce dartelde over het podium.  Opvallend weinig nummers uit hun nieuwe  – onevenwichtige – ‘Encyclopedia’.  Ze openden de set met  het fletse “Bell Laboratories’.  Het kon dus maar beter worden . Gelukkig. The Drums overtroffen onze verwachtingen met een set  ‘oude glorie’,  “‘Best Friend”, ”Let’s Go Surfing” en de heerlijke meezinger “Down By The Water”, die dus snedig , strak , stevig klonken.


Net zoals LA Priest eerder de dag is Jessica93 een éémansproject. Maar hij speelt wel een volledig ander genre, iets meer gitaren , psychedelica dus ,  neigend zelfs naar de garagerock. We merkten dat de Parijzenaar het persoonlijk houdt op het gitaarspel en er een repetitieve ritmiek in steekt . De drums zijn vooraf opgenomen . Hit  gitaarspel an sich is niet denderend . In z’n totaliteit klinkt alles wat hetzelfde , wat eentonigheid , verveling opwekt . Volgende keer graag met band aub …

Roni Size ft Reprazent  kon putten uit het materiaal van bijna twintig jaar terug, met het album ‘New forms’ in de spotlights .   Een mix van hitsende drum’n’bass , hiphop, pop , soul en funk spraken de dansspieren aan . “Brown paper bag” is één van de killers in het genre , wat erg warm werd onthaald . Vorig jaar kwam Roni Size terug in de belangstelling met ‘Take kontrol’ , wat een nieuwe tour inluidde . Samen met zijn vrouwelijke soulvocalistes kregen we een gevarieerde set te horen , die dansbare soul&funk als rode draad had …  

Dat Ms. Lauryn Hill een echte diva is, werd meteen duidelijk. Ze begon niet alleen een half uur te laat aan haar set, maar ook toen de ‘miss’ eindelijk aan haar concert begon, leek ze niet helemaal in haar sas. Voortdurend was ze aan het sakkeren op de technicus  en op haar band. Ook haar backing vocalistes werden onder vuur genomen en werden aangepord tot fellere zangpartijen en moves . Ze worstelde zich door  haar eigen materiaal in het eerste deel van de set . Hill  verslikte zich in onbenulligheden , wat de vaart uit het concert nam en de schoonte van haar soulvolle funkende songs  bekladde . Ze  beschikte eigenlijk over een goed op elkaar ingespeelde band (wat een drums , bas en gitaar) die de songs een breder kader gaf . Best dat de bandleden over haar keken.  Vocaal zat het hier nog goed met Ms Hill. Het publiek, geërgerd door het half uur wachten, reageerde eerder gelaten en  onverschillig.
Pas toen Ms. Hill van haar stoeltje kwam , haar schoenen uitschopte, kreeg ze het publiek mee. Eventjes vreesden we dat de Amerikaanse zich strikt aan de settijd zou houden en stipt om 00u30 zou stoppen, maar la Hill wist van geen ophouden. Letterlijk een zotte doos op het podium , die er de schwung in stak , maar  vocaal begon ze er  naast te zitten , vooral toen de Fugees songs werden aangevat , “Fugee-la”,  “Ready or Not”, “Killing Me Softly” en Bob Marley’s “Is this love” . Het sein voor de weergoden om de hemelsluizen te openen! De bakken regen kon het publiek niet deren.
En zo werd de wei van Dour plots na drie dagen droogte omgedoopt  tot de vertrouwde modderpoel.


Moon Duo stond terecht als headliner in het kleine Le Labo . De psychedelische rockband uit San Fransisco haalde vette solo’s, gitaareffects  en dreunende keys naar boven . De repetitieve ritmiek is hun
handelsmerk. In tegenstelling tot Jessica93 klonken zij overtuigend sterk . Een volwaardige band hier , die zorgde dat er iets te beleven viel ; hun nummers gingen telkens over de  tien minuten. Bij Moon Duo krijg je meteen het gevoel dat je aan het trippen bent. D e perfecte soundtrack om  als een gek psychedelische moves te maken …

Afsluiten op Dour betekent dat de DJ’s het festival overnemen ; we gingen o.m. kijken naar  Jonathan Toubin. Geen slechte keuze, gezien de man allemaal  plaatjes draaide uit de oude doos (denk jaren 60). Tot onze verbazing dansten veel mensen op deze oude muziek. Retro Modern?  Rock N Roll Dance Ain’t Dead!


Neem gerust een kijkje naar de pics

http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dourfestival-2015/
Organisatie: Dourfestival , Dour

Dourfestival Dour 2015 – vrijdag 17 juli 2015

Dourfestival Dour 2015 – vrijdag 17 juli 2015
Dourfestival 2015
Plaine de la Machine au Feu
Dour
2015-07-17
Jasper Verfaillie en Niels Bruwier

Goed weer in Dour. Een stralende zon , om de derde dag aan te vatten . Vandaag aan de The Last Arena kon je alternatieve  toppers als Drenge, Tony Allen en The Wombats zien . Maar ook het onbekender werk van o.m. Wuman, Joy Wellboys en Thylacine werd onder de loep genomen.

Wuman : Le Labo, 13:05 , band uit Doornik die een thuismatch speelt … bizar genoeg zijn het allemaal mannen. Ze laten een verpletterende indruk na … heu … is dit écht Belgisch? De band brengt post rock om U tegen te zeggen. Ze doen ons sterk denken aan Foals maar dan zonder zang. Zonder stemgeluid slaagt deze groep erin te overdonderen. Het elektronische aspect wordt sterk benadrukt, maar tegelijk horen  we veel gitaren. Een mix van elektro en gitaren, waar je op het vroege middaguur je tent voor laat.

VUURWERK zorgde dan voor ‘vuurwerk’  in figuurlijk zin. Echt vuurwerk zien we pas ’s avonds laat op een festival! Met hun aanstekelijke electro/ambient rock konden ze La Petite Maison Dans La Prairie behoorlijk bekoren. De Brusselaars wisselden eigen nummers af met een soort remix van niet voor de hand liggende bands. Geen Amerikaanse of Britse hitjes, maar wel muziek van Belgische bodem als Oscar and The Wolf, School is Cool en Balthazar en toch … hoorden we daar niet ergens een vleugje “Michicant” van Bon Iver?

Joy Wellboy  (Jupiler Dance Hall) , is geen solo artiest of zo , maar een duo, die ook uit Brussel komen . Een getrouwd koppel weliswaar. Wim Janssens en Joy Adegoke brachten dit jaar hun nieuwe album ‘Wedding’ uit en zetten die woorden om in daden. Wie dacht dat Joy Wellboy saaie getrouwde-koppeltjes-muziek zou spelen, kwam bedrogen uit. De weinige toeschouwers (echt verschrikkelijk weinig!) kregen sensuele electropop ,  die bovendien helemaal live werd gespeeld, met de hulp van een loopstation en een drumcomputer.

De Nederlandse punkers van John Coffey stijgen in ons landje aan populariteit, dankzij hun zanger David Achter De Molen die op Pinkpop er in slaagde een biertje te vangen van uit het publiek. Op Dour werden geen biertjes opgevangen,  of in het publiek gekropen. Het was nog  te vroeg en er was te weinig volk.  We kregen een set vol powersongs die telkens niet langer dan drie minuten duurden; punknummers die niet zwaar op de maag lagen en een meezinggehalte hadden. Daarnaast tolden ze wat met hun publiek. Wat erin ging als zoetenkoek . Moshpits en een Wall Of Death waren hier aanwezig;  hitsende zaken die de set van John Coffey naar een hoger publike bracht . 

Wie Jungle had gezien op de eerste Dourdag, kon haast niet anders deze FuGu Mango meets Binti zien. Alleen deed Mango het zonder elektronica, maar met 5 achtergrondzangeressen (de dames van Binti dus). Resultaat: een zwoel , zomers optreden dat meer verrassing en variatie bood dan het optreden van Jungle.

Dan maar eens gaan kijken naar Thylacine in de Jupiler Dance Hall. De Franse DJ doet  deze zomer in Dour zijn enigste buitenlandse concert. Het enige wat hij bij heeft, is een saxofoon en zijn dj-booth. Het volk stroomt langzaam toe. Zijn beats zijn hoorbaar tot ver buiten de tent. De ambient/chillwave sounds doen  deels denken aan Massive Attack. Thylacine maakt niet echt gebruik van zang, het zijn de beats en de nogal luide bassen die iedereen meekrijgen. De Franstaligen  waren er  gek van.

Het nadeel aan zo’n overdaad aan bands is dat je kan te maken hebben met een ‘déjà entendu’. Zola Jesus (Jupiler Dance Hall) leek een blend van Florence & the Machine , BANKS en de Waalse Roscoe (Le Labo) had verdacht iets mee van die andere Walen Girls in Hawaii. Voor die laatste pakte dat goed uit, al misten we sterke momenten ; een beetje ‘te veel leentje-buur’ van hun streekgenoten.
Over Zola Jesus kunnen we kort zijn. De Russisch-Amerikaanse zette een met beats overladen Florence Welsh neer, en kon nooit echt overtuigen, ondanks het feit dat ze meters op het podium holde .

Na die elektronica hadden we nood aan gitaren, en met wie kon dat beter dan Drenge? De vuile rock van dit duo,  sinds kort wel een trio,  paste perfect op de Last Arena. Het was verrassend rustig aan het podium. Hun tweede album werd door recensenten op gejuich onthaald . Live klinkt het zeer goed. Er is een duidelijk verschil tussen het  nieuwe en oude werk. De oude zijn vies , zompig en recht vooruit , terwijl de nieuwe broeierig en rustiger zijn. Een perfecte balans ving dit goed op . Vooral afsluiter “Let’s Pretend” is een classic in-wording!

Deerhoof  is één van de vreemdste bands algemeen. Op Dour was de gitarist voor de gelegenheid volledig in het roze met een roze gitaar als apotheose. De band wist misschien zelf niet goed waar het heen wilde, maar dat is net hun handelsmerk. Ze begonnen stevig met Satomi die haar hoge stem perfect gebruikte als tegengewicht op de zware gitaren. De knettergekke muziek sloeg spijtig genoeg om in een saaie repetitie, zeker wanneer er werd gewisseld en Satomi op de drums bezig was. De vaart ging uit het concert  en het werd  alsmaar trager , wat ons bracht naar een mooi plaatsje bij Tony Allen .

Want deze Tony Allen zorgde voor één van de meest exclusieve shows op Dour. Samen met  Review, Damon Albarn en Oxmo Puccino bracht  hij een memorabel concert. De zanger werd net 75 . Toen Damon Albarn het podium betrad , wenste het volledige Dour-publiek hem een gelukkige verjaardag,  de mens werd er zowat emotioneel van. De uitvinder van de Afrobeat speelde een vlotte set voor zijn leeftijd, die begon met een instrumentaal worldnummer; de grote Damon Albarn trad hem bij. Na twee nummers zat zijn contributie er al op, maar hij wilde het podium nog niet direct verlaten. Dus zette hij een gekke hoed op en deed hij verschillende dingen met een synthesizer; lachen geblazen!
Oxmo Puccino was er bij voor het Franstalige publiek tevreden te stellen, want wat ons betreft was zijn passage het minst. Vandaar snel over naar het einde van de set waar Tony Allen nogmaals benadrukte dat hij geen ander genre dan afrobeat speelt; zijn afrobeat was zeer aantrekkelijk, leuk en dansbaar!

Van Tchami horen we niets dan goed, hij was al support van Skrillex en Diplo. Hij zit nu twee jaar in het vak. Op Dour was daar niets van te merken, zijn house-beats dreunden door je lichaam en hoofd als een trillende drilboor. We horen erg toegankelijke , dansbare muziek. Tchami zou wel eens een groot DJ kunnen worden. Zijn uiterlijk is grappig , met een baardje dat hem meer een metal-look geeft  ipv een house-dj te zijn . Hier was het dansen geblazen, en als DJ is dat toch het voornaamste doel.

Zijn The Wombats nog relevant?! Hun poppunk - met de nadruk op pop - ,  is ietwat afgezaagd aan het worden. Ze kregen een hoge plaats op de affiche; hun nieuwste album ‘Glitterbug’ bevat de perfecte popnummers. Het bleek ietwat ijdele hoop als we het publiek zagen, de weide was nog niet voor de helft gevuld. Maar wie er stond, was enthousiast en echte fan.
De nieuwe nummers passen perfect in het rijtje van de vorige twee platen . Poppy maar tegelijk twinkelen de gitaren. Een energieke band dus.  Het doet het concert geen oneer aan, gezien het vooral de gitarist is die voor de dynamiek en de opwinding  op het podium zorgt. De zanger is intussen wat bijgekomen.
De nummers klinken live iets minder sterk , de eenvoudigheid  van de songstructuur biedt net het  meezinggehalte. “Let’s Dance To Joy Division” is hun typische afsluiter.
Ze hadden nog  drie minuten over; dan maar een gitaarsolo/jam eruit halen , wat hun liefde voor de gitaar bewijst!

Eigenlijk zou iedere Vlaming verplicht zijn één keer in zijn leven naar Dour te komen. Noem het een ontdekkingstocht , een bedevaart of  whatever  … Dour toont aan dat er over de taalgrens heel straffe muziek gemaakt wordt.
Great Mountain Fire bewees dit in Le Labo. Ze deden dit ‘en verve’. Hun muziek is een aanslag op de benen en het hoofd. Met hun slimme en aanstekelijke melodieën kregen ze de afgeladen volle Labo aan het dansen. Tot groot jolijt bij de band zelf, die zich duidelijk in zijn sas voelde. Het is louter toeval maar wij dachten meteen aan een Waalse The Van Jets.

Het concert van de gekke zusjes van Cocorosie, viel nogal tegen. De meisjes spelen met een opera- en basstem, en gebruiken deze om vaak niet te zingen , maar als zegzang en rap. Bij onze Franstalige vrienden worden ze omarmd, maar bij ons was dit net iets te onprofessioneel om goed te zijn.

Veel beter verging het Glass Animals in de Jupiler Dance Hall. Hun ijle indiepop gedijde goed en leek sterk op die van landgenoten Wild Beast of Young Fathers. Toch duurde het tot het allerlaatste nummer “Pools” voor alle ingrediënten (Afrikaanse drums, minimalistische Foals-gitaren en meeslepende zang) pakten.  Als ze dat recept wat meer kunnen toepassen, zit er hier een echt goeie groep verscholen.

De headliner van de dag was C2C. Hun populariteit bij onze Franstalige vrienden en in Frankrijk is groot . De plaatjesdraaiers uit Nantes doen deze zomer slechts vier concerten aan , dus qua exclusiviteit telt dit!
Het viertal doet waar ze goed in zijn: ‘turntablism’, dus letterlijk plaatjes draaien, scratchen , …. Jammer dat het naar het einde van de set lichtjes begon te regenen waardoor het volk wegvluchtte. Hun grote hit “Happy” hoorden we in de verte, en net als de andere nummers klinken ze speciaal ...

George FitzGerald bracht beats mee in  La Petite Maison. Niet van die pompende bassen en breakbeats, maar ‘gewonere’ beats van het elektronische genre.  Denk Chet Faker op Ibiza.
Wij vonden zijn beats eerder vorm- en kleurloos; zijn muziek had onvoldoende een eigen gezicht. De man kon net zo goed Gerald FitzGeorge of Fritz GeorgeGerald heten. Zijn hitje “Full Circle” misten we of hebben we simpelweg niet herkend, want na zo’n drie kwartier werd het iets te eentonig en eenvormig.

We eindigden onze dag in de Jupiler Dance Hall met dj-sets van Sub Focus en Pendulum.
Sub Focus puurde uit eigen nummers als van andere, wat jammer is. De DJ heeft zelf genoeg goeie nummers die we liever in de live-set zagen; dansbaar dat wel, maar niet zo goed als een live met band.
Pendulum daarentegen was een stevige versie van Sub Focus. Drum’n’bass, maar dan in een metal-versie van het genre. Het publiek zette zelfs moshpits in.

Het was leuk maar evenzeer vermoeiend . De laatste dj’s haalden we niet meer. Maar het concept kennende wordt er verder gefeest!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dourfestival-2015/
Organisatie: Dourfestival , Dour

Dourfestival Dour 2015 – donderdag 16 juli 2015

Dourfestival Dour 2015 – donderdag 16 juli 2015
Dourfestival 2015
Plaine de la Machine au Feu
Dour
2015-07-16
Jasper Verfaillie en Niels Bruwier

Dag 2 van Dour is eigenlijk de eerste officiële volledige dag. Op het programma stonden vandaag zowel (onbekende) Waalse bands, ronkende gitaren van Rival Sons en Songhoy Blues, als beats van onder meer Flume en Mark Ronson. Maar daarnaast ook te ontdekken groepen waar we maar al te graag eens een kijkje gingen nemen.

Voor deze festivaleditie had Dour een nieuwe tent in te wijden. In Le Labo kon je elke dag een bont allegaartje aan groepen zien. Nu eens rock of indiepop, dan weer noise of springerige Brits/Japanse electropop zoals Kero Kero Bonito, de band die de eer kreeg om Le Labo te openen. Ondanks het vroege uur was er toch al aardig wat publiek voor de Londense band. De huppeldansjes en verkleedpartijtjes van zangeres Sarah Midori Perry (met Japanse roots) konden echter niet verhinderen dat veel mensen na enkele liedjes andere oorden gingen opzoeken. Hun liedjes over baby’s, huiswerk en afstuderen waren op zich wel schattig (“So kawaii’) maar dat was het dan ook. Het was meer een verijdelde karaoke. En wie dat geweldig vindt, is meestal ‘animefan’, Japans voor zat. Kero Kero tekende wel voor de meest interessante vraag van de dag: “How many shrimps do you have to eat before you turn pink?” Het antwoord vindt u wellicht ergens op het internet.

Samen met Kero Kero Bonito werd The Cannibal Stage geopend door My Dilligence. Deze Brusselse band kan worden beschouwd als het Brusselse antwoord op bands als Queens Of The Stone Age en Mastodon. Stevige maar tegelijk ook melodieuze stonerrock. Dit allemaal uit België, alweer een band waar we trots kunnen op zijn. Het werd een stevige set met luide gitaren en vette solo’s, maar vooral de perfecte opener voor het podium. Soms werd er zelfs een stevig geschreeuwd door de zanger, maar nooit echt met de bedoeling om zijn stem kapot te maken. Het waren melodieuze screamo’s. Om de band te vergelijken met een andere nationale trots: Triggerfinger maar dan net iets steviger.

De eerste band in La Petite Maison Dans La Prairie was Recorders. Ook dit is een band uit het Brusselse maar wel met een totaal andere stijl. Het is Indie Pop in zijn puurste vorm, denk aan Death Cab For Cutie en Phoenix en dan krijg je Recorders. Natuurlijk kan Recorders ook op zichzelf staan, dit hoor je vooral aan hun sterke single “Beach” die lekker catchy klinkt. De zanger van Recorders heeft iets weg van Max Colombie, al klinkt de band net iets leuker en minder melancholisch. De lampjes op de achtergrond tonen dat deze band het licht in het donker aansteekt met hun nummers, al wie vroeg gelukkig wilde worden was aanwezig bij Recorders en het werkte effectief.

Dat Afrika niet vaak wordt geassocieerd met rockmuziek is een understatement. Toch komen er de laatste tijd meer en meer bands uit het continent met onder meer Bombino, Terakraft en  Tinariwen. Telkens worden deze band geholpen door een grote naam uit de Westerse wereld. Ook Songhoy Blues is zo’n band. De band is afkomstig uit Mali en werd op hun debuutalbum geholpen door Nick Zinner van Yeah Yeah Yeahs, maar ook Damon Albarn is op hun album terug te vinden. De band onderscheidt zich door teksten te schrijven die over het politieke leven in Mali gaan.
Live is dit vooral een zwoele mix van gitaren en blues. De zanger van de band toont alvast zijn beste moves, het publiek kon dit alleen maar smaken. De entertainmentwaarde van de zanger is zeker een meerwaarde voor het concert die de bloedhete tent alleen maar warmer maakt. Ook live wordt de politieke boodschap van de band verkondigd, weliswaar in het Frans maar we konden er toch uit opmaken dat de oorlog zo snel mogelijk moet stoppen, overal! Mooie woorden die op gejuich werden onthaald, waarna er weer verder gedanst werd.

Orange Goblin was al een stukje bezig toen we er aan kwamen, toch konden we snel afleiden wat deze band is. Een dikke man, een baard en lang haar , die een zware donkere stem heeft, typisch metal zullen we maar zeggen? Hevige bassen die je lichaam zomaar doorzeven en een theatraal geluid kenmerken. Meer moesten we niet horen om zomaar af te leiden dat we na twee nummers genoeg hadden van de band.

Laat je nooit misleiden door de naam van een band. Unknown Mortal Orchestra is niet echt een orkest , en na hun optreden in La Petite Maison Dans La Prairie zijn ze ook niet meer onbekend. De band rond Nieuw-Zeelander Ruban Nielsen kwam verassend dansbaar uit de hoek en leek nog het meest op een funky versie van Tame Impala. Nielsen begon het concert redelijk schuchter. Hij zocht niet meteen contact met het publiek, maar dat hoefde ook helemaal niet. Zijn songs deden dat voor hem. Onweerstaanbare songs als “Ur Life One Night”, “From The Sun” en “How Can You Luv Me” deden niet alleen het publiek smelten, ook Nielsen voelde zich steeds comfortabeler in de rol van frontman.
Met “Multi-Love”, de titelsong van zijn nieuwe plaat, en “Can’t Keep Checking My Phone” breidde Unknown Mortal Orchestra een geweldig eind aan het eerste hoogtepunt van Dour 2015. Dat laatste nummer was trouwens niet van toepassing op het Dourpubliek. Er werden heel weinig smartphones gecheckt. Dat gaat nu eenmaal moeilijker als je danst, denken wij.

Wie niet naar Unknown Mortal Orchestra ging kon bij Josef Salvat een totaal andere sfeer beleven. Net zoals Unknown Mortal Orchestra is ook Josef Salvat zeer geliefd bij online muziekblogs. Natuurlijk zijn de meeste hypes niet altijd terecht, toch is Josef een verborgen schat die maar door weinig mensen werd gevonden. Want de Jupiler Dance Hall lag er verlaten bij toen de zanger het podium betrad. Wat ze gemist hebben? De nieuwe Justin Timberlake als het aan ons ligt! De zanger uit Australië heeft een zeer kenmerkende hoge stem en smijt zich volledig bij ieder nummer. Dit kan letterlijk genomen worden, want de zanger lag ettelijke keren op de grond te zingen. Hij steekt al zijn emoties in zijn nummers en dat is wat zijn concert zo sterk maakt. Doordat de zanger met gevoel zingt, worden zijn nummers automatisch beter. Met een cover van “Diamonds” van Rihanna en zijn eigen hit “Open Season” kon hij het publiek volledig meekrijgen. Zowel de tent als het uur kreeg hij niet vol, maar onze harten werden wel gevuld door liefde voor Josef.

Op The Last Arena waren Rival Sons net aan hun set begonnen. De rootsrockers uit California waren een week eerder nog het voorprogramma van AC/DC en van die set bleven alle nummers over. Gevolg, een saai wederkerende show door net diezelfde nummers. Het nieuwe werk had weinig bijval, het was net op die oudere dat de band echt goed door rockte. Helaas voor de band liep het volk langzaam maar zeker weg, en we gaven ze zeker geen ongelijk. Het ging allemaal nogal wat traag, en dat is precies wat de mensen op Dour niet willen.

Gelukkig kregen we erna te maken met ‘The Little James Brown’ Lee Fields & The Expressions. The Expressions beginnen met een intro die al meteen veel soul bevat. Maar de echte soul, die zit in Lee Fields zelf, wat een man! De zanger betreedt in glitterpack het podium en blaast ons meteen uit onze sokken met zijn stem. De zanger staat nog geen 10 seconden op het podium of iedereen wordt gek. De o zo bekende James Brown schreeuw, is ook aanwezig bij Lee Fields vandaar dat we nu ook zijn bijnaam begrijpen. Lee Fields is een rasentertainer, hij neemt het publiek mee naar waar hij wil. Het publiek volgt hem blindelings, wat tegelijk ook gevaarlijk kan zijn. Maar Lee Fields heeft een te groot knuffelgehalte om echt gevaarlijk te zijn. Het was vooral genieten van zijn soul en bewogen net als Lee Fields zelf met karige moves voor een zestiger.

Gedanst werd er ook op Young Fathers, al was het in een iets andere sfeer. Het Schotse kwartet brengt een soort avant-garde hip-hop die gesmaakt wordt door zowel pers als hipsters. Hun bandnaam mag je gerust letterlijk nemen. Young Fathers is de trotste papa van 2 geweldige platen: de oudste is anderhalf jaar en hun jongste drie maanden oud.
Ze staken al snel het vuur aan de lont met “No Way”, hielden het brandend met “Get Up’”halfweg de set , om dan uiteindelijk de et te blussen met “Shame” en “Only Child”. ‘White heat’ en zonder mededogen voor publiek, zo viel Young Fathers nog het best te omschrijven. Het zijn mannen van weinig woorden. “Do you wanna dance?” was zowat het enige dat de Fathers van het publiek wilden weten. Om daarna zelf het goeie voorbeeld te geven met een ‘pop n’ lock’ dansje waar Jejoen Bontinck nog iets kan van leren.

Op de Cannibal Stage valt er doorgaans veel minder te dansen en met A Place To Bury Strangers was dat niet anders. Met hun noiserock creëerden ze een ondoordringbare geluidsmuur die het publiek met verstomming sloeg. Maar niet echt op een goeie manier, want de apathische houding van de band sloeg over op het publiek , dat de muziek meer onder-gaat dan er in mee-gaat. Alle gitaarmishandeling ten spijt – gitarist/zanger Oliver Ackerman en bassist Dion Lunadon keilden regelmatig hun gitaren tegen de grond -, het leek eerder ‘van moeten’ om de show levendig te houden. Toen de bassist het publiek in dook en crowdsurfte tot ergens in het midden van de tent , had dit niet echt het verhoopte resultaat. Zo veel volk stond er nu ook niet in de Cannibal Stage. Samen met  gitarist Ackerman speelden de twee enkele liedjes in het publiek, al vond een groot deel van het publiek het toen al welletjes. Met een lauw applaus trokken de twee uiteindelijk terug naar het podium. Een wat vreemd einde voor een concert , op automatische piloot.

Gelukkig hadden we in La Petite Maison Dans La Prairie te maken met een rasechte Syriër. Omar Souleyman deed de tent propvol lopen. Het publiek werd al lichtjes gek toen de muzikant op het podium de Arabische beats inzette, het duurde toch vijf minuten vooraleer we Omar zelf te zien kregen. Wat volgde was een zweterige danspartij van jewelste. Net alsof we zelf in de woestijn van Syrië waren. Eventjes was er geen oorlog in Syrië, en dat aanvoelen probeert Omar te verwezenlijken. Met zijn beats verenigt hij alle culturen, op Dour danste iedereen vrolijk samen met de Arabier; van Racisme was er helemaal geen sprake! Het zijn nummers die telkens langer dan 10min duren , telkens met dezelfde wederkerende beat , alsook een zanger die het publiek telkens ophitst. Een korte samenvatting dus van hoe het concert er effectief aan toe ging. Saai, zou je denken, maar niets is minder waar. Omar heeft maar enkel die wereldlijke touch  nodig om iedereen gek te maken.

Het was al van meet af aan duidelijk dat Starflam een thuismatch speelde op Dour. In een aardig volgelopen Boombox mochten de Luikenaars een uur lang grasduinen in hun al 18 jaar lange carrière. Dat is lang, maar niet uitzonderlijk voor een hip-hop groep. Toch weten ze na al die jaren relevant te blijven. En dat doen ze niet met hippe beats of  vindingrijke melodieën, maar gewoon met nummers die ergens over gaan. Starflam is een groep die niet in elk nummer hun eigen bandnaam hoeft te scanderen. Ze maken nummers over broederschap, wapens het zwijgen opleggen en droegen het “Illusions”  op aan de Grieken en aan de ‘gens sans papiers’. Drie breakdancers die zich op het podium lieten gaan, en voor ambiance gingen . Dat was niet echt nodig, want het publiek at sowieso al uit hun hand.

Vandaag hadden we al Syrisch, Malinees en Frans gehoord, en alsof dat nog niet genoeg was kregen we nu het Noors . Een stevig concert. Kvelertak is in het milieu een grote naam, die op tour met Slayer later dit jaar gaat. Op Dour bewezen ze dat ze het helemaal alleen (even) goed kunnen. Ze hadden wel een klein probleem: de helft van hun gerief was te laat met het vliegtuig gekomen waardoor ze van andere bands materiaal moesten lenen. Dit had geen invloed op hun set, hoewel de stem van de zanger soms nogal stil was. De vele versterkers op het podium zorgden voor de luidheid van de band. De zanger met baard schreeuwde zich al vanaf het eerste nummer de longen uit het lijf. Een beest van een zanger trouwens , die je liever niet zomaar op straat tegen het lijf loopt. Dit bleek fantastische hardcore metal te zijn, potig maar even toegankelijk. Perfect voor het festival dus.

De grote producer Mark Ronson was van totaal andere gestalte. Hij stond o.m. in voor het werk van Amy Winehouse, Robbie Williams, Adele, Kaiser Chiefs en Duran Duran. Een legende dus. Hij speelde een DJ-Set wat minder indrukwekkend was. De beelden achter hem en de MC waren wel een mooie meerwaarde. Amy Winehouse stond enkele keren geprogrammeerd tijdens de set, samen met een rits grote hits. Wist je trouwens dat “Uptown Funk” van hem was? De song kwam zelfs twee keer aan bod! Volgens Ronson was dit het grootste publiek waar hij ooit voor ‘ge-dj’t’ had, al zullen we dat toch maar met een korreltje zout nemen.

De afsluiter was Flume, waar de verwachtingen hoog waren. Hij begon zijn set met zijn laatste single “Some Minds”; wat volgde waren singles als “On Top” en “Holding On’” in het eerste halfuur van de set.  In één adem wat saai door de weerkerende beats; voortdurend dezelfde opbouw en dezelfde ritmische insteeks . De opbouw duurde te lang, en na een uur begon het volk langzaam af te druipen.
We hoopten hier stiekem dat er nog iets tofs ging volgen. Maar de set eindigde met de remix van Lorde’s “Tennis Court” , het enige echte hoogtepunt . De grote DJ uit Australië was zijn publiek dankbaar . Hij zag er moe uit , wat de swing er deels uithaalde. Leuke visuals dat wel, om weg van te dromen en/of van in slaap te vallen.

Na 2u hadden we nog verschillende dj’s, o.m. voor de drum’n’bass liefhebbers waren er Camo & Krooked die hun set eventjes moesten stilleggen voor een gek die de lichtmasten beklom wat super gevaarlijk was. Tot in de vroege uurtjes kon worden gedanst … 

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dourfestival-2015/
Organisatie: Dourfestival , Dour

Dourfestival Dour 2015 – woensdag 15 juli 2015

Dourfestival Dour 2015 – woensdag 15 juli 2015
Dourfestival 2015
Plaine de la Machine au Feu
Dour
2015-07-15
Jasper Verfaillie en Niels Bruwier

Dour 2015 - Het is weer van dat, muziek ontdekken op wat één van de grootste alternatieve underground festivals van Europa. Het festival staat voor een avontuurlijke, muzikale ontdekkingstocht. De sfeer van het ‘alternative music event’ is er eentje om te koesteren.
Hoedanook, het Dourfestival is de uitgelezen kans om in een brede waaier van muziekstijlen een pak nieuwe groepen en alternatieve bands te leren kennen, de ideale windowshop-geleider door ruim 250 bands voor te stellen over verschillende podia … En een paar kleine bijkomende podia sieren nog het geheel om zo nog meer bands, artiesten e.a. zaken te ontdekken.
Voor deze 27ste editie hadden ze bij Dour iets speciaal in petto: een extra festivaldag. Deze extra dag werd georganiseerd voor de kampeerders als vervanging voor het campingfeestje, maar ook in het kader van Mons 2015, slechts op een boogscheut van het dorp . Vanaf dit jaar zal deze extra dag een vaste waarde zijn, gezien je volgend jaar ook vijf dagen naar het festival kan gaan.
Dour 2015 was er één die alle records brak, zo’n 228.000 bezoekers over de vijf dagen en ongeveer 270 artiesten kon het festival verwelkomen. Het werd een Dour om nooit te vergeten, heerlijk dampend sfeertje bij ieder concert hoe klein dan ook, uitzinnige taferelen, de geur van eet- en drankstandjes, nachtelijke DJ taferelen , de broeierige temperaturen, het stofferige parcours, de modder en vooral een grote uitbreiding van de Dour-community.

Dit al op woensdag wanneer er zo’n 35.000 aanwezigen waren voor de vijf artiesten op The Last Arena.

dag 1 – woensdag 15 juli 2015
Het festival werd geopend door Gallowstreet een Amsterdamse brassband dat ons meteen aan dezelfde Nederlanders van Jungle By Night deden denken. Hun eigentijdse brass vermengd met wat hiphop en funky trompetten maakten het alleen nog maar warmer aan The Last Arena. Perfecte muziek om een divers festival als Dour te openen. Het was al verrassend druk aan het podium, iedereen had duidelijk zin om te Doureuuuh!
De sfeer zat al goed van bij het eerste concert, en het werd alleen maar beter met de Brusselaars van La Smala. De naam van dit Hiphop-collectief is onmogelijk te vergeten, doordat het in ieder nummer enkele keren voorkomt. Het viertal is perfect op elkaar ingespeeld en kunnen zowel apart als samen perfect rappen. Dit met nog een extra beat onder , maakt het meteen ook dansbare hiphop. Ze lopen heen en weer op het podium. Daarnaast valt ook op hoe serieus ze hun job nemen, het zijn Hip Hoppers waar niet mee te spotten valt. Maar er kon dus wel serieus op gedanst worden.

Na deze Hip Hop en Brass is het nu de beurt aan Indie Rock met funky invloeden. Jungle staat garant voor een sterke liveshow, en ook op Dour was dit niet anders. Te beginnen met echte junglegeluiden bij wijze van intro, waarmee we ons even als een dier waanden. Iedereen wilde een glimp van Jungle meepikken waardoor er meteen al veel volk voor het podium stond, wat resulteerde in veel ambiance.
De band slaagt er in om ieder nummer op elkaar te doen gelijken, toch is er telkens een andere sfeer rond ieder nummer. Dat is wat hun live-shows sterker maakt dan op cd. Het sterke van de band is hun live zang maar ook het uiterlijk. De twee bandleiders zien er niet uit als mannen met zo’n hoge stem. Toch is het de samenzang van de twee die het concert maken, net als de extra bas die we in ieder nummer te horen krijgen.
Hun grootste hits krijgen een plaatsje op het eind waarmee het publiek meteen ontploft. “Busy Earnin’” en “Time” wordt onthaald met uitgebreide danspasjes.

SBTRKT  is een grote naam is in het DJ-milieu , die al onder meer samenwerkte met Ezra Koenig, Drake en Jessie Ware. Maar waaraan hij zijn plaats na Jungle had verdiend , vragen wij ons nog steeds af. Het blijkt te gaan om een saaie set , volledig uit de toon van de vorige artiesten . De DJ verzorgt post-dubstep die traag op gang komt, en eigenlijk nooit echt begint. Het zorgt er dan ook voor dat het publiek zich met mondjesmaat naar de eetstanden begeeft. De Visuals die hij heeft meegebracht zijn wel de moeite om te bekijken, alsook zijn kleurrijk masker dat hij voortdurend draagt. Het was jammer dat zijn kleurrijke nummers vanavond niet in het lijstje stonden , wat de avond nog donkerder maakte.

Het hoogtepunt van de avond, en meteen ook de laatste artiest zijn 2manydjs. Het is een eeuwigheid geleden dat de gebroeders Dewaele nog eens optraden (zo lijkt het toch). Maar ze zijn hun trucks nog niet kwijt. Het is geen DJ-set zoals een ander, want al vanaf het begin onderscheidt het duo zich door met een hoge tunes het publiek gek te maken. Het publiek roept massaal “Doureuuuh” … Het Dourgevoel zit meteen snor ! 
Er passeren verschillende nummers de revue, opbouwend, gevolgd door een zware dansbare bas. Eén nummer eerder die avond , komt zelfs terug in de DJ-set, “Julia” van Jungle , blijkt ook bij 2manydjs een topper. Op een bepaald moment krijgen we zelfs Tame Impala te horen. Eindigen doen ze met Supergrass’ “Allright”, want iedereen voelt zich ‘Allright’.
Het blijkt een wijze raad die 2manydjs ons wil meegeven: “Geniet van de komende dagen”. 

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dourfestival-2015/
Organisatie: Dourfestival , Dour

Gent Jazz Festival 2015 – Perfecte afsluiter van de beste Gentjazz ooit met een imposante Gregory Porter

Gent Jazz Festival 2015 – Perfecte afsluiter van de beste Gentjazz ooit met een imposante Gregory Porter
Gent Jazz Festival 2015
Bijlokesite
Gent
2015-07-18
Piet Clarysse en Lode Vanassche

Dag 7 - Perfecte afsluiter van de beste Gentjazz ooit met een imposante Gregory Porter

Het festival blijft steeds borgen wat goed is en verfijnen wat beter kan. Zo kregen we een Garden Stage voor nieuw, jong en vooral Belgisch talent. De catering is nog steeds om u tegen te zeggen. Het zijn niet alleen de muzikanten en de pers die verwend worden, maar vooral het publiek. GJ creëerde een kader waar je in alle rust kon genieten van de fantastische muziek en van de fantastische sfeer op de fantastische site. Driemaal fantastisch in een zin dus, en laat dit vooral geen vleierij zijn. Het is gewoon zo. En zo is dit gegroeid tot een van de beste festivals. Getuige hiervan de vijf uitverkochte dagen.  En met Porter kon men zich geen betere afsluiter inbeelden. Zou perfectie dan toch bestaan?

SNARKY PUPPY  Michael League (bas), Justin Stanton (trompet, keys), Mike Maher (trompet), Chris Bullock (sax), Bob Lanzetti (gitaar), Shaun Martin (keys), Bill Laurance (keys), Nate Werth (percussie), Larnell Lewis (drums).
Snarky Puppy sluit geen compromissen en laat zich inspireren door zowel Herbie Hancock, Björk, James Brown als Radiohead. Hun minimalistische en compromisloze aanpak doet aan Jaga Jazzist denken. Het podium staat lekker vol met percussie, twee drummers, drie blazers, effectenman, bas  en opdringerige gitaar, soms tot vier toetsenisten… Wat ze hun ‘Farm’ noemen telt eigenlijk 40 leden zodat deze steeds met wisselende bezettingen spelen.  Met zovelen trappen ze dan ook in de val van bombast, ondanks sobere basislijntjes. Gezapig loopt de tent vol en het publiek wordt vakkundig opgewarmd. We krijgen gelaagdheid en vele klanktapijtjes en voor de zoveelste keer mag op dit festival het woord speelplezier in de mond genomen worden. Deze Amerikaanse grootheden doen hun zin, spelen zowat alle genres en het publiek lijkt ervan te smullen. Gestructureerde en melodieuze chaos.

NENEH CHERRY with RocketNumberNine . Neneh Cherry (zang), Ben Page (synths), Tom Page (drums)
Met het risico genadeloos neergesabeld te worden durf ik beweren dat de Zweedse schoonheid wat tegenviel. Er stonden niet echt muzikanten op het podium en met een drummer  en een toesten/effectenman kregen we een hoop elektronica door de strot geramd. Neneh begint in ware hiphopstijl te debiteren, begint er dus eerder sober aan en ziet er toch nog ietwat patent uit, hoewel ze eerder mee heeft van onze kinderoppas. Ze vindt het heel leuk om ons te zien en met “Recovery” begin ik te vrezen voor een makke set. De tent loopt wel vol, maar ze laat ook de tent voor een deel leeglopen omdat een groot deel anders verwacht had.b Geen best of van haar gouden jaren tachtig of negentig, maar eerder de experimentele toer op. ‘You like it or not’, als het maar goed gebracht wordt. 
Daarenboven brengt ze nog een afgekookte versie van haar wereldhit “Manchild”. Rock 9 zorgt wat voor animo. Enkel de harde kern geniet met volle teugen van het trio. “To many faces of Jazz”, beweert Neneh, en de band laat pertinent de bas door merg en been snijden. Wat mij betreft sloeg de vonk niet over. Maar daar trok ze zich geen reet van aan. Maakt van koppigheid en eigenzinnigheid iemand een ware artieste?

GREGORY PORTER Gregory Porter (zang), Chip Crawford (piano, toetsen), Aaron James (contrabas), Yosuke Sato (altsax), Emanuel Harrold (drums)
Gregory Porter geldt ongetwijfeld als een van de grootste hedendaagse vocalisten ter wereld. Hij combineert een fenomenale zangstem met doorleefde teksten, rijke melodieën en een volleerd songschrijverschap. Zijn passage op Gent Jazz Festival is de ideale aanloop naar de langverwachte release van zijn nieuwe album later dit jaar. Hij is niet alleen fysiek een imposante verschijning, maar ook muzikaal. De meest zachtaardige, menslievende en liefdevolle man die ik ooit op een podium zag staan. Jesus! Gregory Porter loopt niet naast zijn schoenen en maakt zijn epitheton ‘legende’ wordt er parodoxaal alleen maar groter op omdat hij de gewone jongen met de pet (en wat voor een gek exemplaar) uit Californië gebleven is.
Met een al even imposante band brengt hij onder meer het gros van zijn Grammy winnende ‘Liquid Stories’.  In zijn ware bescheidenheid bedankte Porter het warme publiek en de warme ontvangst en waande zich in zijn natuurlijke habitat: een kleine jazzclub in Harlem. Je wordt moeiteloos ingepakt met pareltjes als “Hey Laura” en “No Love Dying”.
Het gebeurt zelden of nooit dat ondergetekende tot tranen toe ontroerd raakt bij zo’n weergaloze schoonheid en puurheid. Nu wel dus. Er werd tevens in primeur aangekondigd dat Gregory Porter in de volgende lente  de AB en Roma passeert. Nu tickets kopen en gaan, eer het alweer uitverkocht is.

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent 

Gent Jazz Festival 2015 – Van is The Man. Punt

Gent Jazz Festival 2015 – Van is The Man. Punt
Gent Jazz Festival 2015
Bijlokesite
Gent
2015-07-17
Piet Clarysse en Lode Vanassche

Dag 6 - Van is The Man. Punt

Het was bang afwachten hoe de twee befaamde knorpotten Van Morisson en Ginger Baker gingen gedragen op de Gentse heilige grond. Alles valt en staat met hun humeur. De mythe doet de ronde dat Van ooit eens een concert te elfder ure geweigerd afgezegd heeft omdat zijn meid verse vis op de markt gehaald had. De vrees was dus ongegrond en het uitverkochte Gent Jazz kreeg waar het voor gekomen was. Een Ierse bard die in zijn nopjes was en buiten categorie speelde.

Opener BONY KING (Bram Vanparys: zang & gitaar, Cleo Janse: backings & keys, Gertjan Van Hellemont: backings & gitaar, Jasper Hautekiet: bas, Maarten Moesen: drums) bracht zeemzoete folk en speelde een thuismatch. Deze Gentenaar wil geen wereldster zijn, maar gewoon mooie liedjes maken. En daar is hij verdomd goed in.  Begeleid door lapsteel, piano, akoestische gitaar, bas en drumt opent hij met zijn fluwelen stem zeer mooi en warm en dankt meteen het publiek. Zeer goed gebrachte Americana met samenzang in close harmonies. De wondermooie Cleo slaat de Fender Rhodes aan: Koude rillingen krijgen bij dertig graden, het kan. Heerlijk ingehouden explosies geven zelfs Dave Eugene Edwards het nakijken, met een liedje over de bijbel dan nog. Bram, die qua looks doet denken aan de jongere Beck, doet het even alleen en laat zich vervolgens vocaal assisteren door Cleo en Gertjan: Close in Harmony zorgt voor kippenvel. Een verdienstelijk concert van Bony King, een groep waar we nog veel zullen van horen. Bony King of Nowhere wordt ongetwijfeld Bony King Everywhere.

GINGER BAKER  werd ooit verkozen tot ‘Musician Least Likely To Survive The 60’s’. Met supergroep Cream beleefde Baker hoogdagen in de jaren zestig aan de zijde van Eric Clapton en Jack Bruce en groeide hij uit tot één van de allergrootste drummers, en een van de meest onvergetelijke en controversiële muzikanten. Hij heeft zelfs de eer model te staan voor Animal, de vermaarde drummer uit The Muppets . Ginger Baker was er bij, de nacht dat Jimi Hendrix stierf. Hijzelf heeft alles overleefd en weigert pertinent te sterven.
Ginger komt enkele minuten na de aankondiging het podium opgeschuifeld en begint aan de bewijsvoering dat hij nog steeds de beste drummer is en blijft grenzen verleggen, nu ook met zijn Jazz Confusion. Hij wordt geruggensteund door rechterhand en Ghanees gedreven percussionist aka Mr T. Contrabas soleert en ‘his coolness’ houdt drumsgewijs samen met de percussionist de teugels straks. Met een beetje goede wil kon je het betonnen smoelwerk zelfs betrappen op enige vorm van enthousiasme.
Om te bewijzen dat hij nog leeft wauwelt hij iets onbegrijpelijks in de micro om zijn muzikanten en het volgend nummer aan te kondigen. We krijgen een bejaarde “Zoot” en “Animal”, doch geen Muppetshow. Afro ritmes (Ginger heeft lang gedweept met Fela Kuti) en jazz zorgen altijd voor confused shit, zij het dan in perfect arrangement. Een melodisch instrument zoals een piano zou echter niet misstaan hebben en voor een nog vollere klank gezorgd hebben. Na een heerlijke drum en percussiesolo is het tijd om af te ronden en valt onze ouwe knar letterlijk van het podium.

Zoals hierboven beschreven zat VAN MORRISON goed in zijn vel en zorgde hij met zijn klassemuzikanten voor het absolute hoogtepunt van dit festival. Zijn muziek is altijd grensoverschrijdend geweest en gaat van de swingende soul-jazz tot de traditionele Keltische muziek . Bovendien zette hij verschillende muzikale projecten op om zijn blues-, jazz-, skiffle- en country-roots te herontdekken.
Van Morrison was zoals gewoonlijk kort van stof maar zeer goed bij stem. De tent ging al na enkele seconden overstag met een uitgesponnen versie van “Baby please don’t go”. Van the Man begint zelf te saxen en bij dit eerste nummer stellen ook  de andere muzikanten zich voor met hun instrument. Effen af allemaal klassebakken. De band draait meteen door en zijn o zo herkenbare stem vloeit het publiek in.
Onze vandaag welgeluimde knorpot houdt een gouden microfoon in de hand en geeft met zijn band een les in nederigheid voor het gros van muzikanten op deze aardkloot. Bovendien heeft hij maar pareltjes uit zijn enorm breed arsenaal uit te pikken. Zijne Koppigheid kiest gelukkig niet voor een best of en koos voor een knappe setlist, met naast classics als “Moondance”, “Days Like This” en het destijds al door Them opgenomen “Baby Please Don’t Go”, maar ook ruimte voor  bij voorbeeld “And The Healing Has Begun” en  'Tore Down A La Rimbaud”.  De klasse druipt er zo wat af en moeiteloos wordt er van genres verwisseld. Met “So Wath” wordt Miles Davis even gegroet, gevolgd door “There will be days like this”: Het is wat het is. De nummers volgen elkaar op , “Baby Burn” wordt wel even uitgemolken.
We ontwaren bij onze Ierse Bard zowaar een glimlach, naar zijn normen dus een heuse vlaag van euforie. Bovendien pleziert hij het intussen kokende publiek met een stomende versie van “Gloria”.
Met Helvetische precisie verliet Van na  90 minuten het podium en liet de band alleen achter. Een oude vos verleert zijn streken niet.

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent  

Gent Jazz Festival 2015 – Dag van de gitaar

Gent Jazz Festival 2015 – Dag van de gitaar
Gent Jazz Festival 2015
Bijlokesite
Gent
2015-07-16
Piet Clarysse en Lode Vanassche

Dag 5: Dag van de gitaar

Na de vrouwendag is het nu gitaardag en alweer loopt het terrein vol voor onder meer  het wonder Gary Clark Jr en het buitenaardse duo Rodrigo Y Gabriela.

Laura Mvula
zou niet misstaan hebben op de vrouwendag. Ze is mooi om naar te kijken en naar te luisteren. Twee jaar geleden getipt door BBC en  moeiteloos doorgebroken met “Sing To The Moon”, met haar eigen unieke orkestrale popsound, een klassieke mix van klassieke pop, jazz, gospel en soul. Met een cello, harp, viool,toets, drum en vooral de contrabas als sterkhouder  brengt het natuurtalent met haar warme stem heel gelaagde en warme nummers. Ze betrekt ook met graagte het publiek bij haar optreden door het te doen meezingen op “Is anybody out there”. Met haar eerste song ooit “She”, krijgt ze makkelijk het publiek mee en tevens zorgt ze voor een meezingertje “Human Nature” in een ode aan een of andere dode Michael Jackson. Why? De geschoren toekomstige wereldster maakt het wel goed met ”She Lion Woman”.

GARY CLARK JR. Gary Clark Jr. (gitaar, zang), Johnny Bradley (bas), King Zapata (gitaar), Johny Radelat (drums).
De tot vervelens toe en zelfs door Obama bewierookte en als nieuwe Hendrix bestempelde Gary Clark junior droeg dus een loodzwaar juk en had onmenselijk veel verwachtingen in te lossen. Het bleek deze prille dertiger niet te deren en pootte met zijn stampende blues een concert neer om u tegen te zeggen.  Gary begint er alleen aan op zijn SG en toont meteen zijn kunsten.  Met “Bright Lights” komt de trein goed op gang en wordt hij geassisteerd door een zowaar even capabele gitarist Zapata op Fender Strat, met poncho en cowboyhoed. Dus een heel klassieke opstelling. “Get it up now” en “My Train Pulls me in” staan garant voor ‘classic blues standards’ met de obligate solo’s. En dan lekker freaken .
Mensen die houden van ellenlange gitaarsolo’s en jamsessies komen ruimschoots aan hun trekken. Het  gitaarwonder brengt tussendoor ook nog even een ode aan BB King met “3 Clock Blues”. Deze zogenaamde nieuwe Jimi zal het wel langer trekken dan zijn 27ste, wat hij al bewezen heeft door er 31 te zijn. Een ding weten we zeker. Gary maakt bluesrock onsterfelijk, en hij is niet alleen.

RODRIGO Y GABRIELA. Rodrigo Sanchez (gitaar), Gabriela Quintero (gitaar)
Enkele jaren terug (2009) waren Rodrigo y Gabriela reeds te gast op Gent Jazz Festival, vergezeld door een Cubaans orkest. Covers van onder andere Tool, Led Zeppelin, Metallica, Jimi Hendrix, en metal invloeden, komen nog steeds geregeld terug tijdens hun optredens. Ditmaal komen ze terug in hun bekendste bezetting: met zijn tweetjes. Gabriella y Rodrigo brachten soelaas. Slechts gewapend met 2 akoestische gitaren leverden ze muziek alsof een hele band aan het werk was. Flamenco in de beste traditie van Al di Meola en Paco de Lucia, maar dan vernieuwend, gespekt met de roots waarin de het buskende duo vroeger aan de slag ging: metal. Een gitaar heeft meer dan 6 snaren, de kast laat zich gedwee beroffelen met swingende ritmes, ja zelfs tot er technobeat op je af komt. Het publiek ging steeds mee in een set die geen seconde verveelde. Rodrigo inviteerde zowat de halve tent op het podium om het publiek op te jutten. Virtuozen in het bespelen van publiek en gitaar. Ging er in als tapas! De tent staat andermaal op zijn kop.

Alweer(!) een gevarieerde topdag. Om even in de herhaling te vallen: Gent Jazz kan niet meer stuk.

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent  

Gent Jazz Festival 2015 - Ladies night

Gent Jazz Festival 2015 - Ladies night
Gent Jazz Festival 2015
Bijlokesite
Gent
2015-07-15
Piet Clarysse en Lode Vanassche

Dag 4: Ladies night

Traditiegetrouw gaat het tweede luik van dit festival breder en kiest voor genres die ergens wel aansluiten bij de eerder klassieke jazz die we konden bewonderen in het meer dan geslaagde eerste luik. 
De puike organisatie koos voor een heuse vrouwenavond en het zal niemand gespeten hebben. We integendeel. Het talrijk opgekomen publiek smulde ervan. Gentjazz kan niet meer stuk en in de wetenschap wat ons nog te wachten staat mag nu al besloten worden tot de beste editie ooit.

Je kan al beginnen met zich af te vragen waarom de super getalenteerde ANDREYA TRIANA niet internationaal doorbreekt . Ze bracht op het befaamde Ninja Tune label Lost Where I belong en Giants uit, werkte samen met Bonobo en passeerde niet onopgemerkt bij Jools Holland. Deze heerlijke casual Britse lady weet het publiek probleemloos in te palmen met een soort ingetogen grootsheid die je zelden tegenkomt. Eigenlijk heeft ze iets van de vroegere en betere Moloko meets Simply Red. De elektronica is heel subtiel aanwezig en Andreya zorgt via modules voor haar eigen backing vocals.  Haar diepe, soulvolle en heel persoonlijke stem en haar gedrevenheid en enthousiasme zorgt voor een publiek dat snel meegaat. Zeker wanneer ze een héél warme versie van Lauren Hill’s “Lullaby” ten berde brengt. Domper op de feestvreugde was wel een band die je nu en dan zag twijfelen en aan overtuigingskracht miste. Zo viel bijvoorbeeld “Song For A Friend” wat in het water.

MELANIE DE BIASIO Melanie De Biasio (zang, dwarsfluit), Pascal Paulus (vintage keyboards, gitaar), Pascal Mohy (piano), Dré Pallemaerts (drums, percussie)
In de jazzscène weet Melanie De Biasio met haar naturelle, warme en heldere stemtimbre al jarenlang haar publiek te ontroeren. Recentste album ‘No Deal’ bracht haar carrière afgelopen jaar in een stroomversnelling. Vorig jaar bracht ze al een begeesterend concert op Gent Jazz Festival .Deze Italiaanse Belg uit Charleroi speelt dus jazz, wat zij eerder blues noemt.
Ze is mooi om naar te kijken en mooi om naar te luisteren. Natural beauty en voice overheersen, zodat je steeds meer van haar muziek wil horen en genieten. Het is duidelijk dat er meer dan één Beth Gibbons bestaat.
We krijgen een zeer ingetogen en subtiele start. Wat een stem. Zo puur. Het geroezemoes van het publiek  werkt  als een rode lap op haar fragiele set en verhindert  ruimte voor bewondering en verwondering, zodat ze eigenlijk meer tot haar recht zou komen in een zaal of theater. Ze bleef halsstarrig in haar eigen wereldje, communiceerde nauwelijks met het publiek zodat vooraan op de eerste rijen staan de boodschap was. Melanie schildert donkere taferelen - met haar monotone diepe stem - intrieste blik, met dwarsfluit als vaste metgezel. De band is een symbiose tussen elektronica, vleugel en een stampende drummer als onnavolgbare motor van de band. Melanie eindigt toepasselijk met “I’m gonna leave you”. Het meegaan door het publiek in haar minimalistische repetitieve muzikale trip is niet echt geslaagd te noemen, zelfs al was er een bisrondje.

Op naar het feest van ZAZ. ‘Paris’ (2014) is een ode aan de Franse hoofdstad met 11 covers en twee nieuwe nummers en wordt hier zowat integraal gebracht. Voor het album kreeg ze medewerking van bijvoorbeeld Charles Aznavour, Quincy Jones en Thomas Dutronc. “Paris sera toujours Paris! La plus belle ville du monde” vat het album prima samen.
Speciaal voor Gent Jazz Festival treedt Zaz aan in een uitgebreide bezetting met het  Ghent Youth Jazz Orchestra. Zaz brengt dus een ode aan de stad Parijs van de jaren dertig uit de vorige eeuw tot nu, waarbij ze geroutineerde chansonniers gaat voeren, maar dan wel subliem. met bigband, stuk voor stuk supermuzikanten. Ze bezit een misthoorn, en een schwung ala charme waarmee ze moeiteloos de tent inpakt. Ze wordt werkelijk op handen gedragen,  en spreekt een aardig woordje Frans (“c'est comme une reveille comme ils disent en Francais”) . Alle soms clichématige ingrediënten voor een dijk van een concert zijn aanwezig. Als een 30ies diva het podium opstappen, charlestonsfeertje, humor, entertainment en communicatie. Met “Parissienne” begint het feest dat niet meer zal stoppen. “Paris s’eveille” zet de tent definitief op haar kop. ‘Zaza’ heeft er duidelijk zin in en sleurt een heus mannenkoortje het podium op.  Met plezier geeft ‘Zaza’ ruimte aan de voortreffelijke blazerssectie en aan bovengenoemde vier zwarte heren. 
Puur muzikaal gezien was het echter niet zo spitant en perfect, maar onze no nonsense ‘Zazaatje’ deed er alles aan om het publiek – dat nog een beetje mak was na de bezinning van Melanie - mee te krijgen. En daarin is ze met verve geslaagd.

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent

Pagina 62 van 143