logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
Hooverphonic

Blitzen Trapper

Blitzen Trapper - Degelijke countryrock

Geschreven door

Blitzen Trapper - Degelijke countryrock
Blitzen Trapper
De Zwerver
Leffinge
2018-04-04
Ollie Nollet

Vito was oorspronkelijk het soloproject van Vito Dhaenens maar staat intussen voor een vijfkoppige band (uit Gent) die me meteen verraste met een brok stevige americana (catchy refrein, melancholische tussenstukjes en een spijtende gitaar in de finale). Daarna zochten ze het in wat eigentijdser klinkende folk geïnspireerde indiepop die al even beklijvend klonk terwijl ze één keer ook een zonovergoten garagepopsong uit hun mouw wisten te schudden. “Onlangs derde geëindigd in Westtalent”, wist iemand me te vertellen. Derde pas? Ik meende hier overduidelijk een winnaar aan het werk te zien. Of zou West-Vlaanderen bulken van het talent? Wat ik moeilijk kan geloven. In ieder geval bleek Vito hier een erg volwassen groep met een trits aanstekelijke nummers. Natuurlijk was niet alles even sterk. De song die de toetsenman ten gehore mocht brengen viel wat tegen omdat het te ver richting synthpop dreef. Maar met de uitstekende en charismatische zanger, Vito, die duidelijk wat genen van zijn vader, Derek (van The Dirt), geërfd heeft, in de gelederen lijkt de toekomst verzekerd.

Ik maakte voor het eerst kennis met Blitzen Trapper in 2007 in de Botanique, in het voorprogramma van Two Gallants. Het werd toen geen onverdeeld succes : americana pareltjes werden afgewisseld met draken van elektropopsongs. Een jaar later zag ik de groep uit Portland, Oregon al terug in de 4AD, opnieuw met Two Gallants. En er bleek toch iets veranderd. Ze hadden net een plaat uit op Sub Pop, ‘Furr’, waarop er voor een eenduidiger geluid (wat traditioneler met veel seventies –en countryrockinvloeden) werd gekozen. Goeie plaat maar net niet goed genoeg om een blijvertje te zijn. Ook de platen die zouden volgen konden me nooit helemaal overtuigen.
Na tien jaar zag ik ze nu opnieuw en lieten ze een meer coherente indruk na. De songs klonken mooi uitgebalanceerd, badend in een Laurel Canyon sfeer waarbij de wat experimentelere en arty sound van vroeger ingeruild werd voor een conventioneler geluid. Zanger Eric Earley, wiens frasering me soms aan Bob Dylan deed denken, speelde deels op akoestische en deels op elektrische gitaar wat de afwisseling zeker ten goede kwam. Gitarist Erik Menteer vertelde ons op een gegeven moment dat hij niet het gewenste geluid uit zijn gehuurde synthesizer kreeg en dat hij voor die song dan maar de tamboerijn zou bezigen. Waarop ik dacht : waarom een synthesizer huren voor die enkele songs en gewoon niet alles op gitaar erdoor jagen. Schitterende gitarist trouwens, net als Eric Earley. Die ene keer dat ze in duel gingen , smaakte dan ook duidelijk naar meer. Ook de rest van de groep waren voortreffelijke muzikanten. Wat ze bewezen toen ze zowel “When I’m dying” als “Thirsty man” lieten eindigen met een lang uitgesponnen outro. Die twee adembenemende jams klonken wat psychedelisch en spooky, een mix van het beste van Grateful Dead en Ryley Walker , en waren wat mij betreft de mooiste momenten van de avond. Na een lange set tijdens dit eerste optreden van de tour was er toch nog tijd voor een uitgebreide bisronde. Eerst tweemaal Earley solo waarna de band terugkwam voor “Wild Mountain Nation”, waar iemand om geroepen had, en “Rock and roll (was made for you)”.

Mooi concertje, dat zeker, maar toch niet van die aard om meteen een spurtje in te zetten naar het platenstandje.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Jimi Hendrix

Both Sides Of The Sky

Geschreven door

Om te beginnen willen we dit even duidelijk stellen : Jimi Hendrix is de Eddy Merckx van de elektrische gitaar. Geen mens de er aan twijfelt dat hij de grootste aller tijden was en er zal nooit een betere opstaan.
Maar wij fronsen toch altijd een beetje de wenkbrauwen als men komt opzetten met alweer een ‘nieuw’ Jimi Hendrix album. Je mag niet vergeten dat Hendrix in zijn korte leven amper drie platen heeft uitgebracht. Met alle postume releases kan je ondertussen wel al een hele platenwinkel vullen, liefst in een ruimte met uitbreidingsmogelijkheden.
Een mens mag dus terecht vrezen dat er 48 jaar na de dood van Hendrix enkel maar wat kruimels zouden overblijven. Maar dat is buiten Eddie Kramer gerekend. De geluidstechnicus heeft destijds uren, dagen, nachten, maanden met Jimi in de studio gesleten en hij weet perfect in welke schuif welke opname ligt. Jimi Hendrix blijkt nu eenmaal een artiest te zijn geweest die quasi alles opnam wat hij deed, enkel toen hij moest kakken werd de bandopnemer even afgezet.
Dus, releasen die handel, dacht Eddie Kramer dan maar, iemand zal er wel beter van worden.
Naar ons weten heeft Hendrix nergens nog directe erfgenamen rondlopen, Kramer zal hier dus ongetwijfeld zelf wel een aardige stuiver aan overhouden.

O
ok onze platenkast puilt uit van de postume releases, maar we vragen ons nu toch stilaan af of de schatkist ondertussen nog niet tot op de bodem is leeggeroofd. Op ‘Both Sides Of The Sky’ is het gitaargenie Hendrix immers nog maar eens in volle glorie te bewonderen, maar een pak van dat met veel poeha aangekondigde ‘nieuwe’ materiaal hebben we toch al wel eens eerder gehoord.
Wat ben je eigenlijk met de 37 ste versie van “Hear My Train Coming” ?, natuurlijk een fantastische song, maar de versie op ‘Both Sides Of The Sky’ voegt bitter weinig toe aan al deze die er zijn aan voorafgegaan. “Power Of Soul” is ook weer typisch zo’n take die weinig verschilt van alle andere uitvoeringen. Vertrouwde songs als “Lover Man”, “Steppin’ Stone” en de Muddy Waters cover “Mannish Boy” krijgen hier versnelde interpretaties mee, best wel leuk, maar echt onmisbaar zouden we die niet noemen.
Toch valt hier heus wel wat te rapen, zelfs voor de doorwinterde Hendrix fan die dacht dat ie alles al in huis had. Jimi had immers wel eens bezoek in de studio en de passanten mochten geregeld een potje komen mee jammen, en natuurlijk mocht alles op tape. Stephen Stills zingt aardig en speelt een fijn staaltje hammond orgel op zowel “$20 Fine” als op Joni Mitchell’s “Woodstock”, waarop Jimi trouwens de basgitaar beroert. Johnny Winter komt zijn gitaartrukendoos bovenhalen op “Things I Used To Do”, een straffe bluestrack en één van de redenen waarom je moet overgaan tot het aanschaffen van dit album. Met “Georgia Blues” komt er nog zo’n knappe trage blues aan met de bekoorlijke soulvolle vocals van Lonnie Youngblood.

Verder is het uiteraard alom smullen van Jimi’s gitaarvernuft. Een hoogtepunt is “Send My Love To Linda” dat heel breekbaar en fluisterend begint om dan halverwege over te gaan in een soort Blue Cheer jam. Afsluiter “Cherokee Mist” is ook absoluut de moeite, Jimi trekt hier met een vliegend tapijt naar het Oosten en laat zijn gitaar heerlijk psychedelisch uitfreaken. Deze was al eens eerder op plaat gezet, wij vinden hem terug in onze vierdelige box ‘The Jimi Hendrix Experience’ uit 2009, maar die versie had duidelijk minder tijd in de papavervelden doorgebracht.
Een pluspunt is dat al deze opnames van onberispelijke studiokwaliteit zijn, een pluim die we ook weer mogen steken op Eddie Kramer’s hoed. Iets heel anders bijvoorbeeld dan al die krakkemikkige en halfslachtige opnames die we kennen van generatiegenoten The Stooges of The Velvet Underground. Uiteraard ook steengoede muziek, maar het leek soms wel of al die tracks met een aftands cassetterecordertje waren opgenomen in de kelder van het plaatselijke wassalon.
Natuurlijk zullen de fans deze ‘Both Sides Of The Sky’ aanschaffen, hun collectie zou wel eens onvolledig kunnen zijn. Maar aan zij die Jimi Hendrix nog moeten ontdekken en niet echt weten waar te beginnen zouden wij de simpele raad geven : koop gewoon de drie studio albums waar Hendrix zelf in levende lijve bij betrokken was (‘Are You Experienced’, ‘Axis : Bold As Love’ en ‘Electric Ladyland’) en stort u nadien desgewenst op al dat formidabele live materiaal.

Voor de fans, Kramer laat weten dat het nog niet gedaan is. Het studio materiaal is zo goed als op, maar er zou nog een hele hoop live shit klaar liggen.

Earthless

Earthless - Supersonische heavy gitaarrock

Geschreven door

Earthless - Supersonische heavy gitaarrock
Earthless
Kreun
Kortrijk
2018-04-03
Sam De Rijcke

Het Canadese Comet Control zet de avond gepast in met geestverruimende psychedelische rock met een noise- en shoegaze randje. Een half uurtje volstaat om de zaal een eerste keer te bedwelmen. Fijne set, ideale opwarmer voor de gitaareruptie die er op zal volgen.

Earthless heeft met ‘Black Heaven’ een denderende nieuwe plaat uit met daarop zes tracks waarvan geen enkele boven de 10 minuten uitkomt. Uiterst ongewoon voor een band die doorgaans instrumentale monstertracks van ruim meer dan 20 minuten aflevert. Bovendien wordt er op drie songs zelfs gezongen. Nooit eerder gehoord bij Earthless, maar het werkt.

Hebben we hier dan met een ernstige koerswijziging te maken ? Neen, toch niet, dit is nog steeds die typische Earthless sound met eindeloze supersonische solo’s op een bedje van zwaar groovende stoner-rock. En live komen er sowieso nog meer vonken uit. Frontman Isaiah Mitchell slaat van in het begin aan het soleren en stopt eigenlijk nooit gedurende een uur en een kwart.
Een optreden van Earthless is infeite één lange gitaarsolo waarin de gitaar van Mitchell freewheelt door het hele universum. Maar tussen het soleren door blijkt Isaiah Mitchell toch nog een aardig potje te kunnen zingen. Dat hij daar niet eerder opgekomen was, zijn stem leent zich gewoon perfect voor dit soort heavy rock met seventies-allures. Het brengt extra drijfkracht in hun set, zo presenteren “Electric Flame” en “Gifted By The Wind” zich als twee kloeke retro hard-rock songs die met de haren in de wind door de atmosfeer zoeven. En op het einde van de set geeft Mitchell nog een geslaagde interpretatie van de Led Zeppelin song “Communication Breakdown”, een wilde cover van een sowieso al opwindende hard-rock klassieker.
Natuurlijk zijn er ook die mokerslagen van instrumentals als “Uluru Rock” en het machtige nieuwe “Black Heaven”, heavy space-rocksongs die minutenlang door de ruimte scheuren. Overdaad schaadt, zou een mens dan wel eens durven denken, maar niet bij Earthless. Hier gaan de ellenlange gitaaruitspattingen nooit vervelen. Voor een stuk is dit te danken aan de bijzonder strakke ritmesectie van Mario Rubalcaba (drums) en Mike Ensington (bas), twee bedreven heren die de perfecte moddervette onderbouw vormen voor de royale gitaarkunsten van Mitchell. Denk een beetje aan Jimi Hendrix en zijn fantastische Experience-trawanten Mitch Mitchell en Noel Redding.
En hoewel The Jimi Hendrix Experience een terechte referentie is, moeten we Earthless toch aanschouwen als een overrompelend powertrio dat een unieke eigen sound heeft gecreëerd. Noem het voor ons part psychedelische jam-space-stoner-rock, Earthless brengt er in ieder geval het publiek mee in hogere sferen. Iedereen smult van de gitaarsololawine.

We hebben nog nooit eerder een band gezien die het genre zo intens bedrijft en die met zo een gigantische overkill aan gitaarsolo’s toch een constante spanning weet aan te houden.

Als u meer van dat wil dan gaat u best toch ook even checken bij Colour Haze (Muziekodroom, 25/05) en Samsarah Blues Experiment (Magasin 4, 17/11).

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/earthless-03-04-2018/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/comet-control-03-04-2018/

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Cabbage

Nihilistic Glamour Shots

Geschreven door

Beetje vreemd, dit moet doorgaan voor het zogenaamde debuutalbum van Cabbage, maar de band heeft in de afgelopen drie jaar el een pak EP’s en singles uitgebracht met in totaal zo een slordige 30 songs, dat zijn zowat drie albums als je ’t ons vraagt. Al die tracks maakten trouwens duidelijk dat Cabbage niet zomaar in één hokje is onder te brengen, dit is een bandje die er deugd in vindt om de mensen herhaaldelijk op een verkeerd been te zetten.
Cabbage brengt hun eigenwijze rock met rebelse trekjes en een typische zweem van Britse arrogantie, het presenteert zich als een dwarse kroegentocht doorheen de afgelegen steegjes van de meest eigenzinnige Britse pop, punk en postrock. Cabbage ontgint er grond waar een hoop bekende en minder bekende goden hen zijn voor geweest zoals The Fall, Arctic Monkeys, Virgin Prunes, Black Grape, Fat White Family, Future Of The Left en Idles.
Met het begin van “Preach To The Converted” zou je denken dat de nieuwe Ho99o9 of Death Grips is aangekomen, maar dan helt de song over naar wilde en tegendraadse rock met weerhaken.
We herkennen de humor en spitsvondigheid van het ons zeer genegen Future Of The Left in prikkelende songs als “Obligatory Castration” en “Molotov Alcopop”. “Postmodernist Caligula” is een dol punkertje waar The Buzzcocks in rondhangen en “Celebration Of A Disease” is dan weer je reinste garage-rock met een gestoord sixties orgeltje in de gelederen. “Subhuman 2-0” is een semi akoestische afsluiter waarmee Cabbage er uit gaat met flair in nonchalante Doherty stijl.
Elke track op dit album heeft zo zijn sterktes, er staan geen vullertjes op dit album.
Er valt dus heel wat te ontdekken op deze ‘Nihilistic Glamour Shots’, een rijk en gediversifieerd album met geregeld een hoek af.

Eliminator

Last Horizon

Geschreven door

Er is een nieuwe generatie van jonge muzikanten die wel wat zien in wat we vroeger de New Wave Of British Heavy Metal (NWOBHM) noemden. Bij ons heb je Ironborn die een beetje die richting van de klassieke heavy metal uitgaat, in Duitsland heb je Pulver, maar in Groot-Brittannië zijn er tal van bands die teruggrijpen naar de erfenis van Iron Maiden, Angel Witch en Raven. Eliminator is een relatieve nieuwkomer in die groep. Deze Britten brachten zopas hun debuutalbum ‘Last Horizon’ uit.
Eliminator had een tijdlang Dave Pugh, de gitarist van folkmetallegende Skyclad, als zanger, maar die heeft het te druk om Eliminator erbij te nemen.  Daarvoor kwam Danny in de plaats en dat is verdomd een heel sterke zanger. Geen Bruce Dickinson, dat ook weer niet, maar als deze Danny nog wat kan groeien in stemvolume en bereik, zit Eliminator op rozen. Ook de gitaristen leveren sterk werk. In de teksten en de songopbouw zitten dan weer weinig verrassingen, maar deze Britten doen hun ding met veel vuur en gedrevenheid. Die passie zie je nog zelden in het materiaal dat de dinosaurus-bands uit de klassieke heavy metal recent uitbrengen.
Eliminator doet de kunstjes van Iron Maiden en Judas Priest nog eens over op een sublieme manier. Maar we zitten in een compleet andere tijdsgeest. Een album als ‘Last Horizon’ zal dus nooit dezelfde impact hebben als de eerste albums van de NWOBHM.  
Eliminator zal hard moeten werken, in donkere kroegen en op kleine festivals, om deze muziek aan de man te kunnen brengen. Als ze dat een paar jaar na elkaar met dezelfde passie kunnen doen als waarmee ze dit album opnamen, dan kan het lukken om ook in België door te breken.

Septic Tank

Rotting Civilasation

Geschreven door

Het Britse Septic Tank was begin de jaren ’90 actief, maar studio-opnames werden toen niet gemaakt. De band was een hardcore-uitlaatklep voor drie leden (Scott Carlson, Lee Dorian en Gaz Jennings) van de legendarische doommetalband Cathedral. Carlson zat ook nog in Repulsion, Death, Church Of Misery en Genocide, terwijl Dorian ook nog bij Napalm Death en Jennings bij Death Penalty. Maar Septic Tank was eerder een zijprojectje.
Septic Tank bleef lang een halve legende. Tot er in 2012 plots wat studiotijd over was bij de opnames van een Cathedral-album. In enkele uren werd een EP geschreven en opgenomen. Dit jaar is er dan toch een eerste volwaardige album van Septic Tank. ‘Rotting Civilasation’ is een verzameling van liefst 18 tracks. Sommige daarvan werden pas in de studio bedacht en onmiddellijk opgenomen. Het hele album werd in nauwelijks enkele dagen tijd ingeblikt. Jamie Gomez Arellano fungeerde als drummer en als producer. Als drummer is hij niet zo vermaard, maar hij zat reeds in de studio met Cathedral , Paradise Lost, Ghost en Opeth.
Alle nummers zijn heel kort, snel en hard en hebben teksten die overal lak aan hebben. Denk aan Discharge, GISM en Black Flag. Er zit een beetje doomcore in, maar denk vooral aan de trashcore, en de politiek geïnspireerde hardcore en punk die furore maakte ten tijde van Reagan en Thatcher. Dat Septic Tank geen relict uit het verleden is, laten ze horen op “Social Media Whore” en “Whitewash”.
Positieve uitschieters op ‘Rotting Civilasation’ zijn “Never Never Land”, “Rotting Empire”, “Danger Signs” en “Who”.

Ramona

Blackbird (single)

Geschreven door

De Nederlandse Ramona bracht vorig jaar haar debuut uit. We lazen in de review (zie http://www.musiczine.net/nl/nl/decouvertes/ramona/ramona/ ) dat dit een fijne ontdekking was. Ze werd omschreven als een brave Christine Hersh, Feist of Joni Mitchill. Deze “Blackbird” is de volgende single uit dit debuut. Meerstemmig gezongen, met een sobere percussie en een beetje bas. Daarnaast ook een beetje xylofoon. Alles klinkt een beetje als dreampop en met daarnaast een refrein dat blijft hangen. Een geslaagde single dus.

Voor de single werd een sfeervolle en eenvoudige clip gemaakt die je hier kunt ontdekken.

“Blackbird” of hoe je met weinig middelen toch indruk kunt maken.

 

The Spectors

Ooh Aah Aah

Geschreven door

The Spectors hebben een nieuw album. Of de nieuwe The Spectors hebben een album. Het hangt er maar van af waar je ‘nieuw’ wil plaatsen, het klopt elke keer. Na een EP en een lovend onthaald debuutalbum heeft frontvrouw Marieke Hutsebaut de band ontbonden. Ze is op haar eentje beginnen schrijven aan nieuw materiaal en heeft daar dan een nieuwe band bij samengesteld, zonder synths deze keer.

Muzikaal heeft Marieke het geweer van schouder veranderd, maar ook weer niet te bruusk. Het nieuwe album ‘Ooh Ooh Aah’ biedt bruisende, soms sprankelende shoegaze en dromerige poprock. Wat je zou krijgen als je de wall of sound van de Jesus & Mary Chain zou enten op de vrolijke nonchalence van The Breeders. Een echte lente-plaat, maar zeker niet volbloed-zomers.

Achter al die laagjes van zoemende en galmende gitaren zitten lyrics die fragmentarisch vertellen hoe Marieke haar leven met Asperger ervaart. Moedig om te beginnen en vooral ook herkenbaar voor wie een beetje thuis is in de materie. Maar ook voor wie daar niet mee bezig is, blijft dit een album vol heel aangename poprock.

Er zitten muzikaal heel wat referenties in naar de sixties, eighties en nineties. De sound en de koortjes van “Borderline” leunen hard op de erfenis van The Breeders uit de nineties, maar The Spectors geven er nog een eigen sixties-twist aan. “When The Morning Falls” is dan weer melancholische shoegaze, een beetje als een uitgeregend huwelijk tussen The Raveonettes en The Posies.

“Only You” is een perfecte popsong, maar dan gecamoufleerd in een Twin Peaks-jasje. “Leader Of The Pack” en “Be My Baby” zijn geen covers, maar eerder een vage knipoog naar het naïeve van de sixtiespop. Opvallend is dat bonustrack “Clyde & Bonnie” niet uit de toon valt, hoewel die nog met de ‘oude’ bandbezetting werd opgenomen.

The Spectors schieten met ‘Ooh Aah Aah’ fel uit de startblokken voor de tweede ronde in hun nog jonge bestaan. Deze tweede ronde is een paar tinten minder donker en meer dreampop, maar ook meer met een eigen gezicht. Benieuwd hoe dat eigen gezicht straks nog meer vorm zal krijgen.

The Spectors spelen in mei vier keer het voorprogramma van The Sheila Divine in België en zullen ook daarna nog moeilijk te ontkomen zijn op de Vlaamse podia.

https://www.youtube.com/watch?v=sBW7_gONr6Q

 

 

 

Gateway

Boundless Torture

Geschreven door

Gateway is het eenmansproject van Bruggeling Robin Van Oyen. Hij brengt doom-terreur of doom-death. Slepende, aanhoudend beukende doom-metal vol tristesse en met wel heel diepe en soms atmosferische grunts.

Van Oyen bracht zijn eerste opnames uit in eigen beheer (enkel ‘Scriptures Of grief’ kwam vorig jaar uit via cassettelabel Sentient Ruin), maar voor de nieuwe EP ‘Boundless Torture’ vond hij onderdak bij Pulverised Records uit Singapore. Daar zit – behalve een rits Amerikaanse, Zweedse en Singaporese bands – ook nog het Belgische Thronum Vrondor onder contract.

Het pièce de résistance op deze EP is zonder meer “Odyssey Of The Bereaved”. Een epische, uitgebalanceerde track van meer dan 10 minuten waarop Van Oyen al zijn doom-duivels ontbindt en met passages die soms aan een mix van sludge en atmosferische blackmetal doen denken. Ook “Boundless Torture” (ook ruim voorbij de 10 minuten) en “Famished Below” (net geen 5 minuten) zijn prima doom-death. Alleen het korte en gejaagde “Iron Storms” lijkt met zijn hakkende drums op het eerste zicht niet in het rijtje te passen. Misschien is het als tussenstukje bedoeld of anders als tegengewicht om het slepende van de andere tracks nog extra in de verf te zetten.

Voor fans van Hooded Menace en Incantation. En voor wie al eens zonder oogkleppen wil luisteren.

https://www.facebook.com/gatewaydeathdoom


Qntal

VIII Nachtblume

Geschreven door

Qntal schreef begin de jaren negentig geschiedenis toen ze muziek uitbrachten dat een mix was van medieval en electro. Iets wat tot voorheen niet was voorgedaan. Tot op heden houden de Duitsers het genre, dat ze zowat zelf hebben uitgevonden, met hun releases op een hoog niveau. En dat is op deze release niet anders.
Zo verrassen als meer dan twintig jaar geleden doen ze niet meer. Maar ze weten het boeiend te houden en kwaliteit af te leveren. Wat enigszins wel verrassend zijn de songs gezongen door Michael Popp. Zoals op “Die Finistre Nacht” dat door zijn zang veel meer richting gothic gaat. De elektronica geeft de track ook een andere invalshoek. De middeleeuwse thematiek is hier zo goed als weg. Het is een fijne song maar het is gewoon even wennen. Daarnaast bevat ‘Nachtblume’ terug een aantal die tracks geweldig mooie melodieën bevatten. Tracks die je meenemen in een andere wereld. Ik denk dan aan het titelnummer. Daar combineren ze de gekende combinatie van middeleeuwse instrumenten en elektro. De elektro komt in de tweede helft opzetten en wordt zo een erg dansbare track. Met daarnaast de heerlijk en melancholische zang van Syrah. Een heel mooi opgebouwde song. Ook “Echo” is zo’n nummer. “O Fortuna” klinkt imposant, klassiek en lijkt uit een andere tijd te komen. Zo houdt dit 12 tracks aan.
‘Nachtblume’ bevat nummers die soms meer richting elektro gaan en dan weer meer richting medieval folk. Maar altijd met de nodige kwaliteit, melodie en sfeer.
Terug een release waar de fans en de liefhebbers van het genre heel tevreden gaan mee zijn.

Pagina 391 van 964