Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_02
dEUS - 19/03/20...

Down The Rabbit Hole 2017 – Overzicht van het driedaags festival


Down The Rabbit Hole 2017 – Overzicht van het driedaags festival
Down The Rabbit Hole 2017
Groene Heuvels
Beuningen
2017-06-23 t/m 2017-06-25
Laurens Dekock en Masja De Rijcke

De 4de editie van Down The Rabbit Hole zat weer vol verassingen dit jaar. Vakantiepark De Groene Heuvels in Beuningen werd nog maar eens omgetoverd in een muziekaal paradijs. We betraden deze Nederlandse grond al voor de 3de keer maar werden ook dit jaar steeds opnieuw verbaasd door de mooie inkleding en de losse gezellige sfeer die tijdens het  festival aanwezig is. Dit is ongetwijfeld één van de mooist ingeklede festivals waar we ooit deel van mochten uitmaken en net zoals bij de collega’s van Best kept Secret wordt ook hier heel veel aandacht besteed aan lekker eten en worden de ordinaire vettige eetkraampjes achterwege gelaten. Zelf een pakje friet is hier van culinair hoogstaand niveau!

dag 1 vrijdag 23 juni 2017

De eerste stop van de dag vond plaats in de HOTOT, wist je trouwens dat elke tent op het festival genoemd is naar een konijnensoort?, voor het amerikaanse Cage The Elephant. Zij brachten hun plaat ‘Tell Me I’m Pretty’ uit in 2015 en releasten hun single “Trouble” in april vorig jaar. Geen nieuw werk dus maar wel opnieuw een energieke Matt Shultz die een uur heen en weer op het podium huppelt. Van deze alternatieve rockband hebben wij al eerder een graantje kunnen meepikken op Pukkelpop festival maar we moeten eerlijk toegeven dat er deze keer iets meer peper in hun gat aanwezig was. Vooral ‘Take me down’ en ‘Cold Cold Cold’ deden hun publiek enthousiast heen en weer springen waar wij uiteraard deel van uitmaakten.
Geslaagde opwarmer Down The Rabbit Hole 2017! (Masja De Rijcke)

Pond heeft een goeie frontman. Nick Allbrook staat er en beheerst de kunst van het publiek-entertainen. Het is niet alleen zijn bezeten mimiek, maar vooral zijn stem die het publiek in de Teddy Widder tent houdt. Ondanks dat het ook voor Pond hun laatste optreden van de tour was, zat de energie er nog in.
Voor Pond maakt het niet uit of het een rustig of een iets harder nummer is. De sound zat er telkens knal op. Hetgeen dat bij Tame Impala (het muzikanten-uitwisselingsproject van Pond) vaak te plat of te cheesy klinkt, deed Pond met meer overtuiging: synths en gitaren. Van minuut 0 tot 40 knikten we met een brede glimlach op de maat mee.
Vanaf minuut 40 zakte het boeltje echter een beetje in elkaar. De nummers werden iets te lang uitgerokken met iets te oninteressante soundscapes. (Laurens Dekock)

Wand, opgericht door onder andere Cory Hansen, bekend als toetsenist bij The Muggers (Ty Segall), brengt 22 september hun vierde plaat uit. Met drie full albums, waarvan ‘1000 Days’ (hun debuut) en ‘Ganglion Reef’ enkel beschikbaar zijn via hun interessant grafische ontworpen website, touren ze in 2017 in Europa en Amerika. Down The Rabbit Hole, het pseudo-psy-festival van het moment, was hun laatste stop.
Openen deden ze met hun nieuwe single, “Plum”. Dit was misschien niet hun  beste keuze. Het trage, ietwat tegendraadse nummer, had live geen meerwaarde. “Is dit het nou?”, merkte een fan, inclusief Wand T-shirt op. Floating Head” trok de hele boel terug op gang. De vier stille akkoorden die het nummer inzetten waren een voorbode voor onze irritante pratende Nederlanders. Het vijfde akkoord deed iedereen zwijgen en luisteren naar wat een stevig met fuzz gekruid garagenummer werd. Het is vooral de synergie tussen gitaristen Robert Cody en Cory Hanson dat ronduit impressionant was. Deze lijn werd verder doorgetrokken naar het volgende nummer, “Fire in the Mountain”. De rest van de set verzwakte echter. Net als de batterij van hun fuzz-pedaal, was het op. Er volgden nog enkele psychedelische uitgerekte trips, die ons een beetje deden denken aan The Grateful Dead, maar dan iets minder Grateful. Afsluiten probeerden ze nog in stijl te doen, maar het was al te laat. Ook al zou de band meer nummers van hun iets hardere plaat Golem hebben gespeeld, lag de zwakte niet in hun songkeuze. Het zijn tevens goede songs. Het was de laatste show van de tour en de fut was eruit. (Laurens Dekock)

Terug in de Hotot stond Bonobo en z’n liveband klaar om de de boel plat te spelen. En dat deden ze! De muzikale prachtstukken van deze band deden de haren op onze armen meteen rechtstaan en prachtige visuals die tijdens de show geprojecteerd werden maakten het hele werk compleet. De sound van Bonobo varieert tussen licht dansbare electronica en met heel soms een lichte klassieke sound en zweverige vocals. Het is een bijeenkost van geluiden die samen een prachtig geheel vormen. Geslaagd! (Masja De Rijcke)

Na Bonobo en rond 21u begaven we ons naar de ander kant van het festival voor Weval die net als collega Nathan Fake in de Fuzzy Lop speelde! Een Nederlandse electronische band die eerder al met hun EP’tje ‘Half age’ ons hart heeft gestolen met de nummers “The Most”, “Something” en “Half Age”. Onze verwachtigen lagen dan ook erg hoog voor deze band! Gelukkig hadden ook zij een volledige live band en een spetterende lichtshow van doen. Weval heeft het hele zootje volledig plat gespeeld. Ze lieten onze harten sneller slaan en ons meters hoog boven de lucht zweven. We kunnen met heel veel eerlijkheid zeggen dat dit de beste elektronische show was die we op deze drie dagen hebben gezien. Om hun set af te sluiten joegen ze “The Most” nog eens door de boxen om in stijl afscheid te nemen van hun publiek! Proficiat Weval! Dit vergeten we niet snel! (Masja De Rijcke)

Tijd voor wat badass gitaar geweld met Slaves!  Ik denk dat dit zowat de 4de keer is dat we dit Brits duo aan het werk zien en nog zijn we opnieuw enorm exited om dit nog eens mee te maken. Deze old – skool punkers weten normaal gezien telkens terug opnieuw de vetste en meest energieke show neer te zetten waar ze hun frustraties aan 160km per uur door hun microfoon schreeuwen. Enkel deze keer waren we iets minder onder de indruk van hun nederzetting. De badass punk attitude was wel weer ruimschoots aanwezig maar we moeten toch wel toegeven dat we vettige schijven van hun 1ste  plaat ‘Are You Satisfied?’ wat misten. “Cheer Up London” en “Sockets” waren wel terug aanwezig maar de grote kleppers als “The Hunter”, “Live Like an Animal” en “Sugar Coted Bitter Truth” werden achterwege gelaten. Ook de 5min durende pauze’s tussendoor elk nummer vormden bij ons vooral een bron van ergernis. Volgende keer beter guys! We weten dat jullie het kunnen! (Masja De Rijcke)

De Britse producer sloot de livemuziek vrijdag af met een liveset. Nathan brengt al tien jaar zware IDM. Zwaar niet op de gabbermanier, maar op de moeilijk begrijpbare en vaak zeer emotionele manier. Sommigen van zijn  nummers zijn  gewoon één grote opbouw naar niets met een heel subtiele beat onder, zie ‘The Sky was Pink’.
Live leek Nathan Fake niet zomaar de beats en de synths niet te matchen zoals op de plaat. Hij scheen zijn hele set puur te improviseren. Hij paste steeds hetzelfde stramien toe. Emotionele melodieën verschuild achter overstuurde arpeggio’s en plots en beat. ¾ of 4/4. Het maakte voor de volle Fuzzy Lop Niets uit. Niemand wist precies hoe hij of zij nu moest dansen, toch bleef iedereen doen alsof dat hij de groove gevonden had.
Dat is nu net de kracht van deze liveset. De minimalistische elektronica zuigt je volledige aandacht op in de muziek. Opbouwend als de muziek, geraak je verslaafd aan het feit dat er na de opbouw niets komt. Maar dat is ok, want het is de opbouw die je wil. (Laurens Dekock)

De laatste stop van onze eerste Down The Rabbit Hole- dag was Trentemøller. Deze man heeft al enkele albums op z’n naam staan en kwam het podium van de Teddy Widder alsook betreden met een volledige uitgeruste live band. Veel instrumenten op podium bij een elektronische act maakt ons altijd gelukkig! En gelukkig bleven we ook want Trentemøller wist z’n publiek hevig aan het dansen te houden doorheen z’n wervelend setje! Als kers op de taart had deze elektronische muzikant voor een mooie verassing gezorgd en Jehnny Beth ,de zangeres van Savages die af en toe te horen is op verschillende nummers van zijn platen, meegebracht. (Masja De Rijcke)

dag 2 – zaterdag 24 juni 2017

Dag 2 wordt door ons ingezet in de Hotot met Bazart. De vijfkoppige Belgische band die momenteel duizenden harten aan het veroveren is. Het niet kennen van deze band is dezer dagen onmogelijk want “Goud” en “Nacht” worden door radiozenders als Studio Brussel en MNM 25 keer op een dag uw strot ingeduwd of je dat nu leuk vindt of niet. Wij vinden het alleszins niet erg want we hebben de teksten van hun debuutplaat ‘ Echo’ met veel plezier vanbuiten geleerd. Ook live weet Bazart ons en de rest van het publiek volledig te overrompelen en Mathieu en co vliegen telkens met veel overtuiging en enthousiasme hun set door met “Lux”, “Echo”, “Nacht’”, en nog veel meer parels die ook te beluisterhen zijn op hun ‘Echo’! Ook één van hun nieuwe nummers kwam even piepen en eindigden deden ze uiteraard met “Goud” en met een overvolle tent die elke zin van het nummer rats vanbuiten kent. Heerlijk! (Masja De Rijcke)

Na Bazart zat er in de Fuzzy Lop ander Belgisch talent op ons te wachten. Warhaus! Het nevenproject van Maarten Devoldere van Balthazar die in 2016 met hun debuut ‘We fucked a Flame in to Being’ op de proppen kwam. We hebben al eerder een goeie ervaring gehad bij het bezichtiging van deze band maar deze keer waren de mannen in het gezelschap van Sylvie Kreush, die ook het boegbeeld was van het fantastische Soldier's Heart, wat deze vrij intieme show nog een stuk spectaculairder maakte. We hoorden bijna hun volledig album de revue passeren met daaraan toegevoegd hun nieuwe single die eind mei uitkwam “Love’s a Stranger”.(Masja De Rijcke)

De laatste van Fleet Foxes, ‘Crack Up’, is een moeilijke. Het was dan ook niet makkelijk voor te stellen wat het live zou brengen. Het optreden begon net zo: donker en moeilijk. Met het enige verschil dat je op plaat meerdere luisterbeurten kan permitteren. Met veel te lange pauzes tussen de nummers, was er wat onwennigheid.
Met “White Winter Hymnal” als vijfde song kreeg de set wat adem. Er was nog plaats voor de gezellige kampvuur-samenzang dat we gewoon zijn van hen. Het publiek had terug een houvast en zong in volle borst mee.
De verdere set kwam tot leven en gaf het gehele publiek het vreedzame gevoel van een Deadhead. De mensen lachten, dansten en zongen mee zonder de tekst te kennen. Toch waren het vooral de songs van hun eerste twee platen die pas echt overtuigden. (Laurens Dekock)

Tijd voor een feestje! Eén van Belgie’s meest legendarische bands zet voet aan wal in Nederland. Jaja we hebben het over Soulwax! In hun talrijke projecten hebben zij eindelijk onder Soulwax een nieuw album op de wereld gezet en touren ze rond met een volledig vernieuwde über spectaculaire show. ‘From Deewee’ werd in z’n mooiste vorm aan ons voorgesteld en liet de Hotot meerdere malen exploderen. Vooral de aanwezigheid van drie fantastisch drummers zorgenden voor een onophoudelijke climax. Meer van dat aub! We zijn al klaar voor de volgende show! (Masja De Rijcke)

Nicolas Jaar opent kort met een beleefde hallo en laat de muziek het verdere woord voeren. Hij begint met het experimentelere van zijn laatste werk. Na vijf minuten betekent dit dat alle technoboys de tent verlaten zodat de mensen die in het eindeloze gepreutel en synthverkrachting iets geniaal zien.
Na tien minuten gooit hij de eerste kick in. Het is vanaf hier dat hij zich bewijst. Die ene kick lijdt tot glasscherven. Geen idee wat er zo interessant aan is, maar niemand bezwijkt eraan en iedereen danst erop.
Ergens in het midden grijpt hij naar zijn basklarinet. Met allerlei effectpedalen laat hij een gillende solo denderen over de weide, want overal hebben ze het gehoord.
Het feest barst pas echt los met zijn minder experimentele dansbare hitjes, die hij telkens weer opnieuw verkracht met ferm overstuurde elektronica.
Dat is misschien wel het meest opvallende aan zijn set. Het lijkt alsof hij de hedendaagse techno/house of EDM cultuur vervloekt en met zijn eigen verkrachte dancehitjes een grote fuck you naar de technoboys toestuurt. (Laurens Dekock)

dag 3 – zondag 25 juni 2017

Onze Belgische hiphopster werd in maart de toegang naar SXSW geweigerd. Op Down The Rabbit Hole stond ze op tijd op het podium, gelukkig maar. Coely haar set voelde van begin tot einde bijna af (bindteksten mochten wel in het Nederlands). Onze Belgische Lauren Hill wist elke aanwezige bij het nekvel te grijpen en als een poppenmeester op en neer te laten springen.
De kracht zat hem voornamelijk ook in de liveband. De drummer ging los, de gitarist zich gaan met zijn ‘80s cheesy solo’s. Het zwakke moment in de set kwam dus wanneer enkel de DJ overbleef. Het is misschien maar een gedacht en volgende opmerking past niet meteen in het hiphop-gebeuren, maar de gehele set had door het veelvuldig gebruik van beats een minder speels gevoel. Een toetsenist zou al heel wat doen.
Toch moeten we het Coely nageven dat zelfs zonder band, ze er in slaagt een hele tent op een zondagochtend (12u30 is ochtend) mee te krijgen. (Laurens Dekock)

The Avalanches, het legendarische copy-paste duo bracht na 16 jaar een nieuwe plaat uit. Deze was goed, hetzij minder overtuigend en inventiever knip-en plakwerk dan hun debuut ‘Since I Left You’. Ze kwamen op vol overtuiging en lichte arrogantie. Het begon, maar ze maakten de arrogantie niet waar. Met volledige live band, brachten ze hun samplemuziek alsof ze iets te bewijzen hadden.
Dat is net het ding. Het duo klinkt ongelofelijk op plaat. Je rijdt als het ware doorheen de pop- en rockgeschiedenis om uiteindelijk te eindigen op een groovy funky nummer. Live vertaalde dit zich echter in een warboel van platte breakbeats zwak gitaarspel. De toetsensectie was dan wel gesampled.
Vreemd, want in het midden van de set valt op dat met enkel samples het hoogtepunt van de show bereikt wordt. Misschien moeten ze dit dan maar de hele show lang doen. (Laurens Dekock)

Op dag 3 was het nog eens tijd om de hardere punkgerelateerde gitaren het hart onder de riem te steken dus brachten we een bezoekje aan Cabbage. Een Band uit Manchester die nog maar al te goed weet hoe heel het punk gebeuren in elkaar zit! Met frontman Lee Broadbent die in z’n portierskostuum een uur lang volledig van jetje gaf! Stevig, hard en continue rechtdoor. Zo kunnen we deze mannen hun gitaargeweld omschrijven. Ondanks de magere opkomst waren wij toch wel zwaar onder de indruk dus jammer voor al degenen die tijdens deze show hoogstwaarschijnlijk een iet wat zwakke vertoning van Temples moest gaan bezichtigen. Als die hun optreden even teleurstellend was als hun nieuwe plaat ‘Volcano’ dan zijn wij oprecht blij dat we daar niet aanwezig waren. (Masja De Rijcke)

Temples’ debuutplaat bracht de Britse psychedelica van The Beatles en The Byrds terug tot leven. De opvolger ‘Volcano’ bracht synths zoals Tame Impala dat ook al deed.
Live was de set heel verdeeld. De nieuwe nummers willen episch zijn, maar een lak aan dynamiek zorgt er gewoon voor dat ze plat en poppy aanvoelen. Iets wat bands als Yes oplosten met een wall of sound bij de epische hoogtepunten.
De oude nummers brengen ze echter met volle overtuiging. Marc Bolan, euhm James Begshaw zijn stem zet aan om te zingen, zijn solo’s om vieze rock ’n roll smoelen te trekken.
Afsluiten doen ze met “Shelter Song”, wat een perfecte soundtrack voor ‘The Boat That Rocked’ had kunnen zijn. Het is duidelijk, ze wouden een nieuwe weg inslaan. Het lijkt enkel of ze live de keuze tussen links of rechts nog niet hebben gemaakt. (Laurens Dekock)

Even een kijkje nemen bij The Lemon Twigs! Rod Stewart stapt het podium op en leidt de gehele band hun eerste nummer te beginnen. We schieten spontaan in de lach.
Het duo achter deze band zet een ironische stap doorheen de rockgeschiedenis. Van een Roy Orbison-shuffle tot een ‘Bohemian Rhapsody’ finale. Dat laatste betekend vier keer episch het thema herhalen op de meest cheesy seventies wijze.
Genoeg over het eerste nummer, want ja dit was nog maar het eerste nummer. De rest van de set is echter niet veel verschillend. Punk en surf, progrock en blueslicks. Alles lijkt te kunnen voor deze jongens.
Ook al is de band ironisch bedoeld. Dit is echter niet het ironische. De ironie ligt hem in het feit dat het hele boeltje een gefaalde mop is. Het is een ongezouten afkooksel van wat een grootheid als Frank Zappa uitgevonden heeft. En dit is niet enkel door de stem die meermaals van ’t padje is gegaan. (Laurens Dekock)

Vier mooie dames op een podium! Kan niet slecht zijn toch? Was het ook helemaal niet want Warpaint heeft hier, net zoals ze vorig jaar op Pukkelpop deden, weer een portie girlpower verspreid. Warpaint zorgde voor een verassend dansbare show en liet heel wat positieve vibes door te tent vliegen. De vrouwelijke indie rock van deze dames was ook voorzien van enkele nieuwe nummers die ons reeds onbekend in de oren klonken maar verassend fris overkwamen. We zijn benieuwd naar nieuw werk en hopen op veel nieuwe shows in het najaar! (Masja De Rijcke)


Dan is het nu tijd voor het echte werk! Ho99o9 in de Fuzzy Lop. Alle remmen los en de ellebogen hoog op het zwaar geweld van deze ontspoorde figuren! De onophoudelijke  moshpits en de gigantische circle pit mocht uiteraard niet op dit hevig showtje ontbreken. Voor de geïnteresseerden, we hebben die met glans overleefd! Toen dit jaar hun album ‘United States of Horror’ uitkwam waren we vast overtuigd dat geen enkele band ons nog geesteszieker en nog gestoorder kan maken als deze. Zowel hardcore punk als hiphop neemt hier de leiding en onze gedachte werd nogmaals versterkt tijdens deze compleet krankzinnige show die zowat het beste optreden was dat we deze drie dagen hebben kunnen meemaken. Compleet bezweet en uitgeput zijn we na het optreden de tent proberen uitkruipen op zoek naar een pintje. Kwestie van ons lichaam opnieuw te voorzien van het verloren gegane vocht tijdens onze geweldaddige praktijken doorheen Ho99o9’s setlist. Jump till you die!
(Masja De Rijcke)

Om het deze drie festival dagen mooi af te sluiten hebben we onze beentjes nog eens de lucht ingegooid op de beats van Daphi & Hunee en vier uur later hebben we pas ons tent terug opgezocht.

Een geslaagd festival weekend waar we uiteraard volgend jaar terug aanwezig zullen zijn! See you soon, Down The Rabbit Hole! En bedankt voor deze mooie dagen!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/down-the-rabbit-hole-2017/


Organisatie: Down the rabbit hole (Mojo) , Beuningen   

TW Classic 2017 – Werchter Classic van de Zware Gitaren

Geschreven door

TW Classic 2017 – Werchter Classic van de Zware Gitaren
TW Classic 2017
Ferstivalterrein
Werchter
2017-06-24
Sam De Rijcke

Driewerf hoera, eindelijk hebben Slash En Axl Rose de eeuwenlange vete bijgelegd en is daar een Guns’n’Roses mega tournee van gekomen die ook België aandoet. Alleen jammer dat Izzy Stradlin bij de reünie straal werd genegeerd door de twee egotrippers. Maar goed, zijn vervanger deed het meer dan uitstekend.

Dhr Schueremans heeft de Guns’n’Roses reünie handig aangewend om er de stempel Werchter Classics op te kleven. Een aangepast voorprogramma zoeken was een koud kunstje. Eerst gauw even in de nabije omtrek kijken en dan kwam men algauw uit bij België’s metaltrots Channel Zero (bij gebrek aan iets anders in dit metaalarm landje) en Vlaanderen’s eigen metal-pastiche Fleddie Melculy. Om er nog een internationaal karakter aan te geven werden ook Wolfmother en The Pretenders er bijgehaald. Zo was er een affiche samengesteld die mocht doorgaan voor de Werchter Classic van de zware gitaren (The Pretenders dan even buiten beschouwing gelaten).

We zijn er nog altijd niet uit of Fleddie Melculy nu een eerbetoon is aan de metal of al dan niet een poging om het genre in het belachelijke te trekken. In ieder geval is dit een gezelschap met een wel heel hoog Spinal Tap gehalte. Ze doen ons trouwens denken aan Clawfinger, een band die ooit eens twee dagen hip is geweest, tot de grap er af was.

Channel Z
ero was al aardig vertrouwd met de weide van Werchter, het moet zowat de zesde keer zijn dat ze hier hun metalen tentje kwamen opslaan. Het klonk helaas ook (te) vertrouwd in de oren, de band pakte uit wet weinig of geen verrassingen en wij kregen dan ook zo een beetje het gevoel van “dit hebben we toch al een keertje te veel gezien”. Natuurlijk zijn onsterfelijke songs als “Black Fuel”, “Hail” en “Suck My Energy” Belgisch metal-erfgoed waar we best trots mogen op zijn, maar het wordt toch stilaan tijd dat daar eens iemand anders op die troon komt zitten.

De eerste act die er vandaag echt toe deed was Wolfmother, het Australische powertrio van gitaarwonder Andrew Stockdale die in 2005 een geweldige motherfucker van een debuutplaat afleverde om die later nooit meer te kunnen evenaren, laat staan overtreffen. Anno 2017 bleek dit geweldige album nog steeds de rode draad te zijn in de set met heerlijk snerende versies van “Woman”, “White Unicorn”, “Dimension” en helemaal op het eind de uitzinnige kraker “The Joker And The Thief”. Het was een verademing om te mogen vaststellen dat er nog  van die goeie ouwe hardrock met wilde haren bestaat. Stockdale haalde een salvo venijnige riffs en solo’s boven, maar het was vooral zijn bassist die de show stal. De kerel ging bij wijlen als een gek tekeer, trok meermaals een sprintje over gans het podium en bespeelde met brio zijn basgitaar en de keyboards tegelijkertijd.
Wolfmother was ouderwetse rock’n’roll zoals we die dezer dagen nog maar zelden te horen of te zien krijgen. De gedroomde opwarmer voor Guns ‘n’ Roses.

Wat te denken van The Pretenders ? Ideale band voor Werchter Classic eigenlijk, maar dan helaas niet voor deze editie. Akkoord, wij vonden Chrissie Hynde ook altijd een toffe madam, een doorleefde rock’n’roll bitch die al de zwaarste watertjes doorzwommen heeft en daarmee veel respect heeft afgedwongen. Maar haar levensstijl is altijd een stuk ruiger geweest dan haar muziek. En net die muziek mocht, zeker vandaag, toch iets meer power hebben vertoond. Een mens zou gedacht hebben dat The Pretenders voor de gelegenheid hier voor een accurate rock’n’roll benadering zouden kiezen, maar dat was een beetje te veel wishful thinking. De band hield het bij een risicoloze ‘best of’ set met voorzichtig paar nieuwe dingetjes er tussenin gesmeten. Allemaal best onderhoudend, dat wel, maar Guns’n’Roses fans hadden hier weinig boodschap aan en trokken dan ook massaal richting eetkraampjes. Hoezeer The Pretenders ook hun best deden, meer dan wat beleefd herkenningsapplaus voor hun gekende hitjes konden ze hier niet uit de brand te slepen. Volgende week mogen ze nog eens terugkomen naar de weide van Werchter, waar ze zich kunnen meten met popgroepjes in plaats van rockbands, daar komen ze gegarandeerd beter uit de verf.

Natuurlijk was Guns’n’Roses vanavond de band die alles wat er aan voorafging tot schroot herleidde. Onze grootste vrees, een arrogante vertoning van een bende omhooggevallen rocksterren, werd onmiddellijk weggeveegd. De band begon stipt op tijd, de heren hadden er bijzonder veel zin, ze grepen elkaar nooit naar de keel en vertoonden de ganse avond geen greintje arrogantie.
Akkoord, Axl Rose had bij de eerste drie songs nog niet genoeg smeerolie op zijn stembanden gegoten, maar eens dit euvel verholpen was kon de sneltrein niet meer worden gestopt. “Welcome To The Jungle” rockte als in zijn beste dagen, “Rocket Queen“ en “You Could Be Mine” sneerden en sisten als de gevaarlijkste ratelslangen. Rose zijn strot had nu wel het juiste timbre te vangen en Slash toverde het ene na het ander hoogstandje uit zijn gitaar. “You Could Be Mine”, “Civil War” en “Sweet Child Of Mine” waren briljante stukjes classic hardrock en de Misfits cover “Attitude” bracht zowaar de punkband in G’n’R naar boven, met bassist Duff McKagan op vocals die er voor de gelegenheid een flard “You Can’t Put Your Arms Around A Memory” van punkicoon Johnny Thunders in vermengde.
Ook de verdere coverkeuze mocht er best wezen. Naast de onvermijdelijke krakers “Live And Let Die” (Mc Cartney) en “Knockin’ On Heaven’s Door” (Dylan) was het best genieten van een Slash-gitaarintermezzo waarin de ultieme guitarhero Pink Floyd’s “Wish You Were Here” naadloos deed overvloeien in Clapton’s “Layla”. De heren zorgden verder nog voor een prachtig eerbetoon aan Chris Cornell met de meer dan respectvolle Soundgarden cover “Blackhole Sun”, en in de bisronde werd ook nog eens The Who geëerd met een potent “The Seeker”.
Werkelijk alles zat goed vanavond. Zelfs “November Rain”, wat wij normaal een ondraaglijke draak van een song vinden, kon ons deze keer dankzij wederom een geniale Slash overtuigen.
De ultieme uitsmijter was natuurlijk een fenomenaal “Paradise City”, een uitbundig slotfeestje bedolven onder vuurwerk en de geniale gitaarsalvo’s van Slash.

Drie uur wist Guns’n’Roses ons te entertainen, en dat was geen seconde te lang.

Organisatie: Lve Nation – Rock Werchter

Fleet Foxes

Fleet Foxes - De streken nog niet verleerd

Geschreven door

Voor een zaalshow in ons Belgenland is het jammergenoeg nog wachten tot 17 en 18 november. Dan speelt Fleet Foxes niet één maar twee keer in de Ancienne Belgique om hun terugkeer te vieren. Wie niet zo lang kan wachten, kon ook een bezoekje aan de nabije buurlanden brengen. Zo staan de vossen vandaag op Down The Rabbit Hole in Nijmegen, en trokken wij vrijdagavond naar de L' Aeronef in Lille om al eens te proeven van de herboren Fleet Foxes.

Opwarmen deed voorprogramma November Polaroid allerminst. Integendeel, hun muziek deed het spontaan winteren en zou veel beter tot zijn recht komen in, welja, november. Twee jonge vrouwen uit Lille met enkel hun stem, mistroostige gitaren en een kickdrum pakten ons van bij het begin bij ons nekvel. Hun slaapkamermuziek werd duidelijk beïnvloed door Daughter, The xx en andere London Grammars. Met de ogen dicht leken hun stemmen zelfs verdacht veel op die van Romy Madley Croft van The XX. Toch kon je kon je bij ieder nummer duidelijk de referentie horen. Nu eens Keaton Henson, dan weer Eddie Vedder of zelfs Kansas (u weet wel, die van "Dust in The Wind"). Ze speelden slechts vijf nummers, maar het publiek wou duidelijk nog meer. Bakken talent en potentieel hebben ze al, nu nog een eigen stem en sound vinden.

Een kleine zaal, niet volledig uitverkocht en een publiek dat uit veel verschillende nationaliteiten bestond: dat was wat Fleet Foxes te wachten stond in Lille. Het verhaal is ondertussen ook al bekend. Na ‘Helplessness Blues’ en de daaropvolgende tour vond frontman Robin Pecknold het welletjes en besloot hij zijn vossen in de vriezer te steken. Hij ging naar college, reisde de wereld rond en deed eigenlijk toen al inspiratie op voor wat de nieuwe plaat van Fleet Foxes zou worden. ‘Crack-Up’ is een sterke comebackplaat en het zou een hele uitdaging worden om die even sterk live te brengen. Maar de laatste twijfelaars kunnen we gerust stellen. De vossen zijn nog steeds zo fluks en vinnig als ooit te voren.

Terwijl de band het podium opkwam en de gitaren nog eens stemde, hoorden we de intro van "I Am All That I Need/Arroyo Seco/Thumbprint Scar" op tape. Zacht klotsend water en de brommende stem van frontman Robin Pecknold begroetten ons bij het fijne weerzien, tot daarna de kletterende akoestische gitaren het concert echt op gang trappen. Het eerste nummer van de nieuwe plaat ‘Crack-Up’ was dan ook een perfecte opener om terug aan te knopen met de band. Eigenlijk is het, zoals de titel doet vermoeden, drie nummers in één en live plakten Pecknold en de zijnen er nog eens "Cassius, -" en "- Naiads, Cassadies" achteraan. Zo kregen we een openingskwartier waar nummers schipperden tussen hard en zacht, tussen furie en kalmte, en met Pecknold als gids. Met de ogen dicht leidde hij ons van rustige riviertjes naar weidse oceanen.
Het nieuwe ‘Crack-Up’ mag dan wel zijn voet naast het ouder werk zetten, live moest het toch nog wat los komen. De reactie van het publiek tijdens het trio "White Winter Hymnal", "Ragged Wood" en "Your Protector" sprak boekdelen. Een tripje down memory lane, want ondertussen is het ook al negen jaar geleden sinds hun debuut furore maakte. Maar hun gouden harmonieën en herkenbare melodieën staan nog steeds in ons geheugen gegrift. Fleet Foxes nam haast geen pauze tussen de nummers. Elk einde betekende een nieuw begin van een ander nummer. Veel meer dan wat bedankingen en de vaststelling dat dit hun eerste (Europese) show was sinds het verschijnen van hun nieuwe plaat, kreeg het Franse publiek. Meer hoefde dat ook niet te zijn.
Fleet Foxes is een band van eenvoud. Hoewel hun nummers soms complex in elkaar zitten en barsten van de tempo- en kleurwisselingen, worden ze nooit academisch of ontoegankelijk. Ook de abstracte maar eenvoudige visuals versterkten dat alleen maar. Gemaakt door Sean Pecknold, broer van, zagen we afwisselend bewegende geometrische figuren, spiralen, verfvlekken, een sterrenhemel of een brandend vlammetje. Het leidde nooit af en bracht telkens de juiste mood bij het juiste nummer. "The Cascades" fungeerde dan weer mooi als instrumentaal tussendoortje en opstapje naar meer nieuwe nummers. "Mearcstapa" toonde duidelijk dat de band tijdens hun winterslaap wat spierballen gekweekt had en veel venijniger voor de dag kon komen. De schattige vossen konden ook flink van zich af bijten.
Live werd het verschil tussen oud en nieuw nog duidelijker. Waar het debuut en ‘Helplessness Blues’ nog heel hoopvol en kleurrijk klinken, moet ‘Crack-Up’ het hebben van zijn onderhuidse spanning en melancholie. Ironisch genoeg maakte Robin Pecknold's tijd op de schoolbanken hem volwassener, mysterieuzer en donkerder.
Meestal gaat een eerste touroptreden nog gepaard met kinderziektes of kleine mankementjes, maar niets van dat bij Fleet Foxes. De band speelde strak, hield het tempo hoog en voegde op tijd en stond wat subtiele details toe. Een stukje dwarsfluit, mandoline of contrabas gaven de nummers nog meer kleur en de heerlijke samenzang waar de band zo bekend mee werd, klonk zuiver en toonvast als altijd.
De vossen kwamen fris en uitgeslapen uit hun winterslaap en bleven niet bij de pakken zitten. Met "He Doesn't Know Why" en vooral "Mykonos" dat eindigde in een prachtige driestemmige samenzang, bleek dat het ouder werk nog steeds op de meest uitzinnige reacties kan rekenen.
Toch waren wij het meest onder de indruk van het duo "Third of May/Ōdaigahara" en 'The Shrine/An Argument". Beide nummers hebben een wat gelijkaardige structuur, maar blonken vooral uit in de vele tempowissels. Pecknold begon "The Shrine" op een akoestische gitaar met twee capo's en eindigde "An Argument" op een elektrische gitaar. Elke overgang was soms abrupt, soms vloeiend maar altijd logisch. Het laatste woord was echter voor de blazers. Op "Crack-Up" kregen we een hoekige saxofoonsolo en "Blue Ridge Mountains" werd uitgewuifd door een impromptu blazerssectie met de pianist op dwarsfluit, drummer op trompet en de extra percussionist/multi-instumentalist op hoorn.

Solo op een akoestische gitaar opende Pecknold de bissen met het aangrijpend en emotionele "Tiger Mountain Peasant Song". Moeiteloos creëerde hij een intieme sfeer en kreeg hij het publiek muisstil. Daarna schoof de pianist aan voor "If You Need To, Keep Time On Me" dat al even breekbaar klonk. Ook "Drops In The River" startte klein en groeide gestaag sterker. Een perfect opstapje naar afsluiter "Helplessness Blues", nog steeds hun meest melodieuze, hoopgevende en beste nummer. Zo sloten Fleet Foxes een met hoogtepunten bezaaide set af met nog maar een hoogtepunt.

Op 17 en 18 november speelt Fleet Foxes in de Ancienne Belgique, tickets zijn wonder boven wonder nog beschikbaar.

Ism Dansende Beren http://www.dansendeberen.be  

Setlist:
I Am All That I Need/Arroyo Seco/Thumbprint Scar
Cassius, - Naiads, Cassidies

Grown Ocean
White Winter Hymnal
Ragged Wood
Your Protector
The Cascades
Mearcstapa
On Another Ocean (January/June)
Fool’s Errand
He Doesn't Know Why
Mykonos
Third of May/Odagaihara
The Shrine/An Argument
Crack-Up
Blue Ridge Mountains
Bis:
Tiger Mountain Peasant Song
If You Need To, Keep Time On Me
Drops In The River
Helplessness Blues


Organisatie: Aéronef, Lille

King Gizzard & The Lizard Wizard

King Gizzard & The Lizard Wizard - Waanzinnig !

Geschreven door

King Gizzard & The Lizard Wizard - Waanzinnig !
King Gizzard & The Lizard Wizard
Kreun
Kortrijk
2017-06-21
Sam De Rijcke

U mag ons gerust gek verklaren als wij bij temperaturen van meer dan 30 graden naar een uitverkochte concertzaal trekken om er te bakken en te braden op de oververhitte psychedelische ritmes van King Gizzard & The Lizard Wizard. Voor zo een band willen wij heus wel wat trotseren.

Maar eerst zijn er The Mystery Lights om de zaal … euh…  op te warmen. 30 graden worden er algauw 40 als deze kwieke garagerockers hun duivels ontbinden. Geweldige band, dito sound en ophitsende songs die bij een temperatuur van ondertussen 50 graden bijzonder fris klinken. Het is garagerock met een Californisch retro tintje en met serieus wat peper in het gat. Het rockt, het bruist en het borrelt. Dit is niet zomaar een support act, en dat weet ook het publiek die hier nu al een zelden gezien broeiend enthousiasme opbrengt. Het is maar een kwestie van maanden tegen dat deze band grotere zalen zal platspelen.

Het moet nu ondertussen al zowat 60 graden zijn in de zaal. King Gizzard & The Lizard Wizard komt op en zet meteen gezwind een sissend “Rattlesnake” in. Ideaal weertje voor dat soort woestijnbeesten, de rattlesnake van dienst heeft dan ook de tijd van haar leven. Wij ook, ’t is nu al  70 graden maar dat kan ons niet deren en we reppen ons naar de frontzone, waar het gewoel bijzonder aanstekelijk werkt.
King Gizzard floept er een moddervette Sabbath riff uit in het zwoele “Doom City”, de Kreun gaat volledig uit zijn dak en doet de temperatuur stijgen tot 80 graden. De band hitst het zootje dan nog maar wat verder op met “Nuclear Fusin”, “Billabong Valley” en “Sleep Drifter”.
Maar het kan nog waanzinniger, ze gaan volledig in overdrive (al 90 graden inmiddels) met de gloednieuwe medley “Alter Me / Altered Beast”. En dat is een bom van een song, compleet geschift, explosief, psychedelisch en zwaar rockend tegelijkertijd. En heet natuurlijk ! bloedheet ! wat zeg ik ,‘t is verdomme al  100 graden in de zaal ! Maakt niet uit, hoe warmer het wordt hoe feller de band tekeer gaat. Het publiek doet hiervoor niet onder en wordt al even uitzinnig. Het kot staat in brand.
We moeten momenteel zo al boven de 120 graden zitten. De bandleden, die in Australië nochtans wat gewoon zijn qua hitte, zweten zich de pleuris. Ze trekken hun t-shirts uit en sporen de zaal aan dat ook te doen. Een wat overijverige fan neemt dat iets te letterlijk en laat meteen ook zijn broek zakken om dan leukweg in zijn blote flikker te gaan skydiven. Dat wordt opletten geblazen. Een voet in onze tronie, daar kunnen we nog mee leven, maar een bezwete leuter van een dolgedraaide fan in ons smoelwerk, dat  kunnen we missen als kiespijn.
Het wordt nog heviger en heter (150 graden al) met losgeslagen versies van “Gamma Knife”, “People Vultures”, “The Lord Of Lightning” en “Cellophane”. Zowat alles (band, songs, publiek, temperatuur,…) is volledig uit zijn voegen gebarsten.
Het wordt hier nu vlotjes 180 graden, mocht u nu een diepvriespizza in de Kreun komen leggen, hij is klaar binnen de 5 minuten. Doe dat dan wel ergens achteraan in een hoekje, anders wordt uw maaltijd genadeloos verpletterd door de uitzinnige menigte.
Dankzij de geestdriftige geflipte psycho-rock van King Gizzard & The Lizard Wizard is de Kreun nu ook omgetoverd tot één grote zweetplas. Ons land lijdt onder de droogte, maar als ze hier in de Kreun al het zweet komen wegpompen kunnen ze er een heuse bosbrand mee blussen.
Als King Gizzard merkt dat het gaspedaal echt niet meer dieper kan worden ingedrukt, gaan ze wat in relax modus met het lekkere luie “The River”. Helaas is dit ook het einde, wij hopen tevergeefs dat hierna nog een extatische bis komt.
Gans de zaal joelt samen met ons minutenlang om meer, maar het mag niet zijn. Kom dat tegen, Australiërs die zijn lamgeslagen door de Belgische loden hitte en uitgeblust achter de coulissen blijven. Maar hebben wij hier een legendarisch optreden meegemaakt, amai !

En dan nu : Bier! Bier ! Bier godverdomme ! Minister Schauvliege heeft vandaag aangekondigd dat we door de aanhoudende droogte niet langer kwistig mogen omspringen met water, dus zoeken wij naar alternatieven.
Trouwens, hoezo droogte, waar is die droogte ? we zijn verdomme kletsnat. Concert van het jaar !

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Coldplay

Coldplay – Formidable!

Geschreven door

Een wereldtournee zonder de hoofdstad van Europa aan te doen, er zijn dingen die gewoon niet kunnen. Dus stond het optreden netjes gepland op 21/06/2017 , met als toemaatje een extra concert, want als je 50000 zitjes verkoopt in een uur tijd, moet je als band wel ingrijpen en een 2e concert plannen.
Normaal leent het Koning Boudewijnstadion zich niet echt voor live-concerten, maar dit moet toch eén van de betere avonden van het stadion zijn geweest. Als de Rode Duivels hier niet meer willen spelen, laat andere sterren dan maar komen …

Het aanvangsuur vond ik iets te vroeg. Zeker als je de shows van Coldplay kent, en weet dat de lichtshow een grote impact heeft op het spektakel. Ze waren tenslotte de bakermat voor lichtgevende polsbandjes en zo meer. Het voordeel is dan wel dat je de kleurrijke podia ( er waren er 3 ) ziet, met de zo typische ‘flower-power’-achtige uitstraling. Zelfs Chris’ schoenen (Jordan Spizike) zijn volledig in de kleuren van het decor. En het was , alsof afgesproken met het KMI, een minuutje nadat de zon zich wegstak achter de grote luifel, rechts van het podium, dat het concert begon.
Tegenwoordig wil iedereen ‘spectaculair’ openen. Als je dan “O mio babbino caro” door de speakers laat knallen, maar er komt niemand… Ok, je hebt ieders aandacht, maar toch.
Er werden op geen kosten gekeken, dat is duidelijk. Bijna alles wat voorhanden is qua spektakelwaarde , werd uit de kast gehaald. Vuurwerk, confettikanonnen ( spectaculaire opener “A head full of dreams “ ), laserlicht ( perfect afgesteld op de bovenste ring ), de armbandjes,zelfs een spycam... you name it, they have it.
Ook tijdens ”Yellow” en “Every teardrop is a waterfall” ging een stuk van het ‘bandjes’ effect verloren. Ook de lasers verloren het gevecht tegen het daglicht. “The scientist” werd luidkeels overgenomen door het publiek op vraag van Chris. “ Birds” bracht toch iets van rust, maar met “Paradise”, afgesloten met de Tiesto – outro, sloeg de vlam onmiddellijk weer in de pan.
Een rustiger moment werd ingebouwd op het B-podium met “Always in my head”. Heel attent van Chris om ons te bedanken voor …alles in feite. Om tot daar te komen, de hoge ticketprijs, het drukke verkeer,… “Magic” , “ Princess of China” , met Rihanna op de videowall als begeleiding, en “ Everglow” maakten de rustmoment af.
Terug op het hoofdpodium, kwam nu toch de lichtshow meer tot z’n recht. We waren ondertussen toch al meer dan een uur bezig. “Clocks” , “Midnight”, “Charlie Brown” kleurden het stadion vol, “ Hymn for the weekend” werd vooraf gegaan door een heuse lasershow ,bij “ Fix you” werd er op het gepaste moment gepast vuurwerk afgestoken, perfect getimed. “Viva la vida” was de perfecte opzweeper om dan tijdens , “ Adventure of a lifetime” het stadion te vullen met ballen met het publiek als trampoline.
Het Koning Boudewijnstadion kon niet serener zijn dan tijdens “Kaleidoscope”, prachtig zicht. Ideaal om ‘te ontsnappen’ naar het C-podium. De VIPS mogen ook wat hebben hé. “ In my place” was akoestisch, en was de inleiding voor drummer Will Champion om Chris te assisteren bij “ Don’t panic”. Voor mij het hoogtepunt : instagram-volgers weten dat Chris een grote fan is van Stromae, vanavond aanwezig trouwens. Nooit gedacht dat Chris een ode zou brengen aan ons Belgisch toptalent en “ Formidable” zou brengen. Niet slecht, by het way. Stromae glunderde.

Een karaoke? De tekst van “Something just like this” verscheen op het grote scherm, dus werd er maar lustig meegezongen Ik denk dat er 50000 smartphones waren, dat was duidelijk te zien tijdens “ A sky full of stars”. Machtig zicht. Maar je voelde het einde naderen… iedereen zong en sprong mee, om het toch maar te laten rekken. Het slot kwam er met “Up&Up”. Afgesloten met prachtig vuurwerk .

Het voorprogramma was met Lyves en AlunaGeorge goed gevuld. Beiden kweten zich van hun taak, meer zat er echt niet in qua roem. Maar je voelde wel, en dat zeiden beide ook, dat hun werk geapprecieerd werd door Coldplay. Positivisme alom, net zoals de hoofd-act.

Ook is er steeds de positieve boodschap die ze proberen uitstralen en meegeven. En dit is oprecht! Dat voel je en kan je niet faken. Net als in 2011 , tijdens de ‘Mylo Xyloto’-tour toen hij opende met “Hurts like Heaven”, opende hij nu opnieuw met een positieve boodschap. Menigmaal refereerde Chris naar de moeilijke tijden, hier en elders. Je ziet wel dat ze enorm gegroeid zijn qua band en uitstraling. Dat er een enorme machine achter dit 4-tal zit, toont zich aan alles.
Maar de band heeft een succesformule gevonden, en de schare fans breidt alleen maar uit. Kan moeilijk anders. Zelfs Koningin Paola , deze avond ook aanwezig, is ondertussen fan geworden, kan je nagaan…

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/coldplay-21-06-2017/
Organisatie: Live Nation

Hans Zimmer

Hans Zimmer - Een orgasme voor het oor

Geschreven door

Bach , van Beethoven, Brahms, Debussy, Chopin,…. Ze lieten allemaal hun sporen na in hun tijdperk. Hans Zimmer plaatst zijn stempel op de 20ste en 21ste eeuw. De filmindustrie zou er anders uitzien zonder hem. Dankzij hem kijken we nu anders naar beelden. De man die noten omzet in emoties….en hoe!!

Ga er maar aan staan. Je mag samenwerken aan grote films. Je krijgt beelden voorgeschoteld, gaat de sfeer opsnuiven op de filmset. Want hij bepaalt een groot stuk hoe groot of diep we een spanning, emoties of rillingen beleven. Wat een empathisch vermogen moet Hans Zimmer hebben? Hoe goed kan je die juiste sfeer aanvoelen? En dit voor het gehele gamma aan filmsoorten.
Of het nu sci-fi, thriller, drama of tekenfilm is. Telkens weet H.Z. de juiste snaar te raken en de bijpassende emotie aan te spreken. . Juist die gevoelens worden nog bekrachtigd, opgewekt, uitvergroot door de soundtrack. Blijven nadien ook hot topics na de film. Welke is dan de overheersende factor? Wie maakt wie sterker? De film de muziek, of de soundtrack de film?
De kracht van een soundtrack wordt soms onderschat, en wordt pas duidelijk als je deze van elkaar loskoppelt. Net dit gebeurt nu, met Hans Zimmer on tour.
Nu focussen we ons alleen op de muziek. En met een superbe, aangepaste, perfect getimede lichtshow ( komen we later op terug ), is de essentie helemaal duidelijk. Dit bepaalt hoe we een film beleven, ondergaan, ervaren..
Dit wordt van in het begin duidelijk dat H.Z. voor elke situatie de geschikte en bijpassende muziek weet te componeren en wanneer wat te spelen. De opbouw gebeurt rustig met “Driving”, van ( Miss Daisy ) en “Discombobulate” ( Sherlock Holmes ). De eigen crew komt apart op, wordt persoonlijk in het zonnetje gezet, met als climax het orkest, dat alweer op het juiste moment, voorgesteld wordt op de tonen van “Zoosters breakout” ( Madagascar ).
We worden al direct weggeblazen door “ Roll Tide” ( Crimson Tide ) en “160 BPM” ( Angels en Demons ). De imponerende drumsolo’s veroorzaken een tsunami van geluidsgolven door de zaal. Het haar op m’n lichaam komt recht, en zal pas ‘ontwaken’ eens de zaallichten aangaan…
Het gedeelte ( Gladiator ) opent rustig met “The weat”, en een 6-koppige gitaarcrew bekrachtigen “The Battle”. Czarina Russel bezorgt ons koude rillingen bij “ Elysium / Honor Him” en “Now we are free”.
Nog maar net bekomen en we worden , opnieuw, bij de keel gegrepen door het machtige “ Chevaliers de sangreal” ( The Da Vinci code ).
Ik heb het al vermeld dat H.Z. een meester is qua sfeeropbouw. Dit wordt duidelijk door nu , uit het niets , Lebohan Maroke , begeleid door z’n dochter, uit de hoed te toveren, en de beklemmende sfeer totaal overhoop te werpen, en nostalgie te laten heersen. “The Cirle of Life” en “ King of pride rock” (The Lion King ).
Tina Guo overheerste in (Pirates of the Caribbbean ), “ Jack sparrow”, “ One day” , “ Up is down” en “He’s a Pirate” vatten mooi de capaciteiten van de cello-virtuoze. Magistraal begeleid door het orkest uiteraard.
Eindelijk en pauze, gelukkig maar, want iedereen kon zo even bekomen van de vele emoties.
“ You’re so cool” ( True romance) en “ Main theme” ( rain Man ) opende het 2e deel. Alweer een rustig begin, zo kon iedereen rustig z’n plaats opzoeken.
Eens iedereen ‘gesetteld’ was, werd je als het ware ‘meegezogen’ met “What Are You Going to Do When You Are Not Saving the World?” ( Man of steel ). De lichteffecten zorgden voor een soort lichttunnel, en gaven dit nummer de nodige rotvaart mee.
Ik had nog een woordje over de lichtshow beloofd. Deze was zo subliem aangepast dat het bij elk nummer de sterkte of de nodige stemming benadrukte. Of de film zelf. Hoe eenvoudig kan het zijn. Tijdens “ Journey to the line” ( Thin red line ) werd er de gehele tijd met een rode lijn ‘gespeeld’ tot deze uitmondde tot een geheel rood vlak op het einde van het nummer. Even krachtig als eenvoudig… Wat dan gezegd tijdens “ The electro suite” ( Spider man 2 ). Je kan dit bijna niet omschrijven, maar de lichtshow tijdens dit nummer greep je zo aan, sleepte je zo mee, en vooral, het gaf de zwaarte aan van deze soundtrack.
Net toen we dachten dat we al alles gezien hadden, bestaat er een overtreffende trap van overrompelen…? , kwam het gedeelte van ( The dark knight ) Tijdens “ Why so serious” zag ik de donkere ogen van Heath Ledger zo voor me… bijna angstaanjagend gewoon. Ook heel clever, de contouren op het scherm brachten af en toe de vorm van Batman terug. Spelen met het licht, maar dan voor gevorderden… konden niet ontbreken : “ Like a dog chasing cars” , “Why do we fall” , “Introduce a little anarchy” , “ Gotham’s reckoning” en “The fire rises” om het helemaal compleet te maken.
Helemaal murw geslagen door dit overrompelend schouwspel, werden we nu pas helemaal op het canvas geslagen door een serene, maar zo krachtige, vigoureuze ode aan Heath Ledger. En de inleiding van “Aurora”. Devastated. Zo voelde H.Z. zich na het drama in Aurora, Colorado. Toen er in 2012 70 slachtoffers vielen bij een schietpartij tijdens de première van The Dark knight rises. Hij schreef er dit ‘ woordeloos’ nummer voor. ‘Our arms are reaching out to he victims’.
Je kon een speld horen vallen. Kippenvel, bovenop alle emoties die we al beleefd hadden. Pakkend, hartverscheurend, aandoenlijk. Een gepast einde, welke nogmaals benadrukte hoe imponerend, overrompelend H.Z. zijn muziek kan zijn. Hoe treffend passend kon de soundtrack van (Interstellar ) zijn?  “ Day one”, “ No time for caution” en “Stay” rondden dit concert machtig af.
Een bisnummer zowaar, van een klassiek concert. Spijtig dat de halve zaal al vertrokken was.
Afsluiten werd passend gedaan, met alweer impressionant werk. Ditmaal van ( Interstellar )
“ Dream is collapsing” benadrukte de gruwelijk kolossale kracht van dit orkest. De lichtshow accentueerde de verschillende aspectgroepen tijdens “ Mombasa” en H.Z. sloot aan de piano af met “Time”. Treffender kon niet. De haren.. ze stonden nog steeds recht en konden eindelijk rust vinden.
Nog vermelden dat H.Z. bijgestaan werd, naast z’n eigen crew, door de European Philharmonia. http://www.europeanphilharmonia.eu/home/ . Iets waar we terecht trots op mogen zijn!

We gaan te vaak te snel voorbij aan wat de impact is van een soundtrack. Muziek en beelden vormen de perfecte symbiose wat de filmliefhebber zo koestert. Het één brengt het ander naar een hoger niveau. Maar steeds zien we samen. Dankzij H.Z. beseffen we nu welk een rijkdom we te snel vergeten. Alhoewel deze veel bepalend is voor het beleven van een avondje film. Dit genie aan het werk zien, zou een must moeten zijn voor ieder. De draagwijdte om dit live te horen, is gewoonweg subliem.. Een tsunami, mind blowing. Een orgasme voor de oren, zowaar.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/hans-zimmer-20-06-2017/
Organisatie: MB Presents

 

Hellfest 2017 – Een geslaagde 12e editie – Overzicht van de driedaagse

Hellfest 2017 – Een geslaagde 12e editie – Overzicht van de driedaagse
Hellfest 2017
Festivalterrein
Clisson (Fr)
2017-06-16 t/m 2017-06-18
Sam Bruynooghe en Yentl Stée

15 juni was het terug zover. Het team van Musiczine.net ondernam op een ongoddelijk vroeg uur terug de bedevaart naar Clisson dat blijkbaar in Frankrijk ligt en niet op het oppervlak van de zon zoals ik dacht. Het vroeg vertrek had echter wel zijn (onverwachte) voordelen! In plaats van vroeger ons bandje te kunnen halen zodat we een mooie plaats op de camping konden bemachtigen mochten we het plezier ervaren van uren in de zon te mogen wachten omdat we vergeten waren dat de deuren maar opengingen om 16u. Jammer genoeg werd het ontwikkelen van een zonneslag onderbroken omdat die gemene security de deuren vroeger open deed.

Hetgeen wat het eerst opviel is dat er ietwat veranderingen waren in de opzet van Hellfest en waar we onze bandjes moesten gaan halen, deze nieuwe opzetting was blijkbaar nog wat wennen voor de crew aangezien het wel wat stuntelig verliep om onze bandjes te kunnen halen en we behoorlijk lang hebben mogen wachten vooraleer er wel degelijk iemand ons bandjes kon geven. De overige veranderingen betroffen voornamelijk de locatie en vormgeving van de VIP (er is nu een soort van zwembad) en de uitgang van de VIP komt nu uit tussen de Temple en de Valley ipv aan de mainstages. Dit is wel een aanzienlijke verbetering aangezien het later op de dag op vorige jaren zeer moeilijk werd om langs deze weg binnen te geraken aangezien er meestal enorm veel volk voor stond.

Graag had ik hier ook nog kort een kleine situatie besproken die ik persoonlijk absoluut niet kunnen vond naar bezoekers toe. Dat Engels geen makkelijke taal is voor Franstaligen begrijp ik absoluut dus neem ik het de crew nooit kwalijk dat communicatie voornamelijk in handgebaren moet verlopen aangezien mijn Frans een belediging is voor de Franse taal. Op een gegeven moment vroegen we echter aan één van de aanwezige security-leden voor wat hulp in het Engels, mijn collega zijn zonnebril was aan het afzakken terwijl we zwaar materiaal aan het versleuren waren en we vroegen of hij deze snel eventjes terug kon omhoog duwen. Als reactie kregen we hierop ‘je bent op een Frans festival dus je moet maar Frans leren spreken’… Vrij respectloos naar internationale gasten toe want niet iedereen is even taalvaardig. Ik wil hier wel graag aan toevoegen dat we door de rest van de crew wel correct en vriendelijk behandeld werden. (Yentl)

dag 1 - vrijdag 16 juni 2017

Op de eerste echte festivaldag waren we er als de kippen bij om het optreden van Verdun mee te pikken in The Valley, het Stoner heiligdom van Hellfest. Voor een eigen publiek speelden deze Fransmannen uit Montpellier een halfuur lang snoeiharde, gitzwarte sludgedoom. Aangezien de pre-party op Hellfest niet veel voorstelt, was het publiek nog goed wakker om de intense muziek goed in zich te laten doordringen en intensief mee te bangen. Vooral zanger Paulo Rui liet een goede indruk na: zowel screams als cleane vocalen waren erg sterk. (Sam)

Om me eventjes wakker te kloppen besloot ik om snel eventjes de Altar binnen te wippen om daar wat deathgrind/goregrind van het Franse Putrid Offal op te pikken. Zelfs op dit vroege uur slaagden ze er in om al voor wat leven in het publiek te zorgen en de tent was verbazingwekkend goed gevuld (gelijkaardige optredens in België bestaan meestal uit 15 bezoekers). Muzikaal was het niet echt iets speciaal tot eigenlijk zelfs wat middelmatig, dit werd echter goed gemaakt door het enthousiasme en de ingesteldheid van de band zelf. (Yentl)

Nu iedereen weer goed wakker was geschud, was het tijd voor nog een band van Franse bodem, maar van een heel ander kaliber: de zorgeloze happy folk punk van The Decline!. De Warzone bleek een plek vol punk, sfeer en ambiance te zijn en de Bretoenen kregen het publiek moeiteloos mee met de ene meezinger na de andere. Er werd gemoshed dat het een lieve lust was en het bier vloog in het rond, ondanks het feit dat het amper 11u was. En hoewel zanger Kevin in opnames een beetje klinkt als een Arno op Xanax, bleek hij live toch voor heel wat energie te kunnen zorgen! De Franse punkscene blijkt vol potentieel te zitten, bewijst deze band. Na afloop verliet iedereen de Warzone met een tevreden glimlach van oor tot oor. (Sam)

Hoog tijd dan voor een bezoek aan de Main Stage voor een exotische primeur: hier zou de Tunesische band Myrath voor het eerst het podium van Hellfest onveilig maken. We werden even volledig in een Oosters sfeertje ondergedompeld: een imposant Arabisch decor en, tot groot genoegen van het verrassend massaal opgedaagde publiek, een charmante buikdanseres die onder bombastische opzwepende muziek de show opende. Daarmee was de deur opengetrapt voor een halfuur symfonische oriental heavy power metal. De Oosterse gezangen en violen waren waarlijk verfrissend onder de opkomende verzengende hitte. Myrath speelt heel epische, uplifting muziek die dankzij subtiele maar gesofisticeerde pianotoetsen toch licht en luchtig blijft. Vooral het gepassioneerde discours over liefde, vrede en verdraagzaamheid van zanger Zaher Zorgati blijft ons bij. Alle respect voor deze Tunesiërs om de scene te vertegenwoordigen in een niet zo evident thuisland en te tonen dat metal overal kan gedijen! (Sam)

Na een kleine ramp (ik was alweer mijn cashless kaart kwijt geraakt waarmee je je drank betaalt ipv jetons zoals op andere festivals) waardoor ik helaas Okkultokrati moest missen kwam ik voor de eerste keer aan bij the Warzone voor de oi! van Booze & Glory. Jammer genoeg is the Warzone in de open lucht en de onvergeeflijke warmte maakte het wat moeilijk om het feestje te bouwen die deze band verdiende. Op hun optreden is er eigenlijk weinig aan te merken, ze spelen oi! zoals het hoort wat dus eigenlijk gewoon bier en meezingers betekent. Wat heeft een mens meer nodig? De band nam ook een moment om te bevestigen dat de skinhead-cultuur nogal vaak onterecht met neo-nazisme wordt verbonden door kort en duidelijk tussen de nummers door de boodschap ‘Fuck fascism, fuck sexism and fuck homophobia’ te roepen. Altijd fijn om ook te merken dat deze uitspraak nog steeds met veel gejuich ontvangen wordt. (Yentl)

Volgende band op de Warzone is onmiddellijk ook één van mijn absolute favorieten op het festival, namelijk Leftöver Crack. Voor wie hoopt wat gratis crack te scoren tijdens hun shows heb ik slecht nieuws, hun naam is gebaseerd op ‘there is no such thing as leftover crack’. Deze band is medeoprichter van het genre ‘crack rock steady’ wat een mix tussen ska, crust punk, hardcore en rocksteady is. Openen deden ze met de intro van hun (voor mij) beste album ‘Fuck World Trade’, opvallend genoeg zonder frontman Stza. Deze kwam gelukkig na de intro het podium opgestormd in een nette hemd/das combo (de eerste keer in m’n leven dat ’k een crusty in iets anders zie lopen dan aan elkaar genaaide patches). De show was een pareltje waar veel toppers passeerden zoals “Gang Control” (niets fijner dan met duizend man tegelijk ‘fuck the police’ te roepen). Opvallend was wel dat de band tussen nummers door nog relatief ‘braaf’ was qua politieke uitspraken, hun links-anarchistisch gedachtegoed is nochtans een kenmerkend deel is van hun identiteit. Het enige waar ze het over hadden was de vraag of er joodse mensen aanwezig waren en of ze zich wel veilig voelden door de aanwezigheid van sommige bands met een nogal dubieuze achtergrond en fanbase die op het festival speelden. Oja dat en dat Stza het belangrijk vindt om politie te vermoorden bij het inleiden van het laatste nummer “One Dead Cop”. Jammer genoeg werd er maar één Choking Victim cover gespeeld (één van Stza’s andere bands) en deze was niet Crack Rock Steady wat een immense teleurstelling was. Verder toch een fijne show, maar ik had zo uitgekeken naar dat nummer nog eens live te kunnen horen. (Yentl)

Onderweg terug naar The Valley pikten we nog een paar nummers van Valkyrja mee. De Zweden speelden hun dreigende brutal black metal vol energie en werden duidelijk gesmaakt. De lokroep van het Amerikaanse Subrosa werd echter te sterk. Sludgy post metal waarbij het merendeel van de snaaraframmelingen niet op gitaar maar op twee violen gebracht wordt, dat moet wel goed zijn! Subrosa speelt intense muziek waar je helemaal in wordt meegezogen, zowel bij de trage melancholische vioolpartijen als de beukende stukken. Het overmatig vioolgebruik laat het geheel baden in een ietwat filosofisch Aziatisch sfeertje. Het enige wat een beetje  verveelde was de ietwat zeurderige stem van de zangeres, zeker aangezien de violiste het heel wat zuiverder kon. Desondanks is deze band zeker een verrijking! Zie het als een soort in de kelder opgesloten monsterlijke dikke broer van Russian Circles. (Sam)

Intussen was al een immense menigte aan het samentroepen in The Temple voor de Faeröerse paganveteranen van Týr. Pagan en folk metal bands doen het op Hellfest steeds zeer goed en dat was bij Týr niet anders. Zelfs voor de artiesten hun slagveld betraden in hun uniform van zwarte marcelletjes en leren broeken, stond het publiek al minutenlang wild te scanderen en schreeuwen. Dit enthousiasme hield Týr moeiteloos in leven tot het einde van de show. Wie zegt dat metal niet gezellig kan zijn, heeft het dus bij deze hartgrondig mis! De imposante lichtshow gaf aan dat de lichttechnieker intussen eindelijk ook wakker geworden. Dit kon helaas niet gezegd worden van de Braziliaanse blackened death  metal van Krisiun, dat in Altar een teleurstellend rommelige show uitvoerde. Tijd dus om een plaatsje voor Devin Townsend Project te reserveren aan de Main Stage. (Sam)

Toen ik ze op de line-up zag staan was mijn (en waarschijnlijk die van heel wat anderen) ‘huh, die bestaan nog?’. Ik heb het over niemand anders dan Helmet die in the Valley mocht spelen. Alhoewel deze band in de jaren ’90 zowat de meest populaire band in de alternatieve metal was,  is het lang vrij stil geweest rond deze band na hun split in ’98. Alhoewel ze terug samen spelen sinds 2004 en sinds dan al 4 nieuwe albums hebben uitgebracht. Zelf ben ik niet echt heel erg bekend met deze band hun materiaal behalve hun meest gekende nummers en ik heb al reeds enkele slechte ervaringen gehad met bands die hun vroegere glorie proberen terug te krijgen zoals (vul hier band naar keuze in die afschuwelijk slecht geworden is, er zijn er genoeg). Mijn verwachtingen waren dus niet bijster hoog, maar oh boy, dat was een vergissing. Helmet mag zich tot één van de beste optredens die ik tot nu heb gezien op Hellfest rekenen. Ik had wat m’n twijfels over de locatie, een band als Helmet zou beter passen op de mainstage ipv de Valley tussen de stoner bands. Deze werden echter allemaal netjes naar huis gespeeld. Helmet zit nog vol passie en speelde de gehele tent plat. Ik heb letterlijk geen enkel zwak moment weten te bespeuren en hun nieuwe nummers stonden er fantastisch tussen hun oude toppers. Ik moet eerlijk zijn dat ik de nieuwe nummers zelfs iets beter vind. Het publiek snakte naar meer, maar na 40 minuten zat het er al weer op. Volgend jaar (of op een ander jaar) toch iets hoger op de affiche hoop ik. (Yentl)

De knotsgekke Canadezen onder leiding van – wie anders – Devin Townsend maakten de hoge verwachtingen waar. Townsend flapt er gewoon alles uit wat in zich opkomt en het werkt nog ook (het concept van DTP is dan ook een creatieve uitlaatklep te zijn). Gekke bekken, grappen over Canadese geslachtsorganen, schaamteloze verleidingspogingen naar de dames in het publiek, sneren naar de collega’s van The Dillinger Escape Plan… De ongelofelijk entertainende Devin bezorgde de toeschouwers een onvergetelijke show. Alleen jammer dat op mijn persoonlijke favoriet “March Of The Poozers” het poozerkoor zelf achterwegen werd gelaten… Verder terecht een pareltje van de progressieve metalscene. (Sam)

Eerste echte teleurstelling van de dag was voor mij Red Fang. Twee jaar geleden stonden ze nog op de mainstage (wat een afschuwelijke ervaring was door de brandende zon), maar nu stonden ze iets meer passend in de Valley. Dit had echter wel als gevolg dat de tent afgeladen vol zat en dat er niemand meer bij kon. Achteraf heb ik toch van wat mensen gehoord dat ze de show hebben moeten missen omdat ze echt op geen enkele manier binnen konden geraken. Veel gemist hebben ze niet echt. Red Fang rammelde hun set af en het was eigenlijk behoorlijk saai. Slecht spelen deden ze niet, maar het kwam allemaal nogal ongeïnspireerd over en ik was op geen enkel moment echt geprikkeld door de muziek. Toegegeven, het is best mogelijk dat mijn mening sterk beïnvloed is door de temperatuur en de grote massa volk in de tent die het heel oncomfortabel maakte. Spijtig… (Yentl)

Even later bood zich een vrij zeldzame gelegenheid aan: de kans om de middeleeuwse folk van Corvus Corax live mee te maken. Het publiek was dan ook weer vrij massaal aanwezig en zeer enthousiast, ondanks het feit dat Corvus Corax niks met metal te maken heeft. Het showgehalte van deze band is natuurlijk wel vrij groot, van het tot in detail nagebootste onweer bij de intro tot de synchrone gekke danspasjes van de doedelzakspelers. Alle instrumenten werden met veel gevoel voor drama bespeeld en alle registers werden opengetrokken, tot het niveau waarop de muzikanten zelf niet meer helemaal konden volgen. Niet alleen de instrumenten vielen ten prooi aan de Duitse heksenmeesters: ook het publiek zwaaide, klapte, wiegde en danste als marionetten mee met de bevelen van Castus Rabensang en compagnie. Leuke extra’s waren zeker hun cover van Amon Amarth’s “Twilight Of The Thundergod”, maar vooral die van het ‘Game Of Thrones theme’ song, waarin ze zouden hebben meegespeeld. (Sam)

Normaal zouden we vervolgens de altijd heerlijke show van Behemoth bijwonen, maar een of andere imbeciel had besloten dat het een goed idee was om deze oh zo atmosferische band op klaarlichte dag op de Main Stage te zetten. Om eerdere goede herinneringen niet te verpesten, gingen we dan maar terug naar de Warzone voor nog wat Bretoense folk punk: Les Ramoneurs De Menhirs. In tegenstelling tot The Decline!, is de folk hier echt uitgesproken met doedelzakken en schalmeien. De liefhebbers van deze stijl wachtte trouwens een traktatie, want blijkbaar had de band een voltallig middeleeuws instrumentenkoor uitgenodigd om met hen het podium te delen! De sfeer zat er dus weer goed in en algauw werd de eerste rolstoelcrowdsurfer van het festival gespot. Met een oeuvre van folk rock over punk tot pure folk was er voor elk wel wat wils. Er werd weer naar hartenlust gemoshed en met bier gesmeten. Tegelijk was dit ook het eerste optreden waarop ik begon te merken dat de maximale capaciteit van Hellfest bereikt, en eigenlijk al overschreden was… (Sam)

Ten slotte besloot ik nog een laatste keer af te zakken naar de Valley voor de zwarte kunsten van Electric Wizard. Bij veel bands, hoe goed ze ook zijn, komt er doorgaans een punt dat je ze teveel gehoord hebt en/of live gezien hebt. Op dat punt maakt het eigenlijk niet meer uit hoe goed een band speelt, je hebt alles al gezien/gehoord en het is dus saai. Op één of andere magische manier slaagt Electric Wizard er in om dit niet enkel te voorkomen, maar gewoon doodleuk iedere keer dat ik ze zie wat beter te zijn dan de vorige keer. Op Hellfest gingen ze mooi verder op deze en vanaf de eerste noot tot de laatste hadden ze het publiek vast in een diepe trance. De tent vulde zich met de geur van één of andere brandende plant. Zwakke momenten waren er niet te bespeuren, sterke punten wel. Uitblinker tijdens deze set was toch wel “Black Mass”, wat een fantastisch nummer (en band). (Yentl)

En daarmee naderen we het einde van de eerste dag. In de Temple gaf Marduk zoals altijd heel standvastige extreme black metal ten beste en presteerde goed zoals gewoonlijk. Ze lokken nog steeds veel volk maar de warmte liet zich wat voelen; het publiek genoot eerder passief en halverwege lasten de artiesten ook een ietwat bizarre, korte pauze in.
Rob Zombie lijkt er maar niet in te slagen om uit de impasse te geraken: zijn muziek is goed uitgevoerd, de artiesten geven zich helemaal, maar toch klopt er iets niet. Zijn grapjes werkten niet en af en toe bleef het pijnlijk stil wanneer een publieksreactie gevraagd werd. Nochtans valt de arme Rob niks te verwijten, want de show zelf was zeker in orde. Misschien de volgende keer wel die glitterbroek thuis laten, Robbie. (Sam)


In Flames krijgt de laatste tijd veel kritiek van de oudere fans dat ze veel te veel de hipstercorekaart trekken. Ze hebben blijkbaar geluisterd, want veel nummers van het laatste album werden er op de Main Stage (gelukkig) niet gespeeld. Er was een vrij goede afwisseling van songs uit zowat alle albums vanaf  ‘The Jester Race’ tot ‘Battles’. Natuurlijk geeft de vernieuwde bezetting ook aan de oude nummers een heel nieuwe toets, maar al bij al was het één van de betere shows die we van In Flames sinds lange tijd zagen. Naar goede gewoonte probeerden de Zweden, tot grote frustratie van de security, ook dit jaar het record crowdsurfen te breken, met niet zo’n groot succes op een paar memorabele rolstoelcrowdsurfers na. (Sam)

Op hetzelfde moment meerden de Schotse piraten van Alestorm aan in de Temple. De ideale feestelijke afsluiter van een geslaagde eerste dag! Voor zover het oog reikte zag je piratenvlaggen, vreemde opblaasbare voorwerpen en crowdsurfers (al dan niet op een vreemd opblaasbaar voorwerp). Christopher, conform aan zijn geboorterecht gehuld in Schotse ruit, zorgde voor heel wat leuke interacties met het publiek en riep regelmatig onze versterking in om de lyrics mee te schreeuwen en aan te vullen. Een Alestorm show is niet voor, maar mét het publiek! De sfeer spetste er dan ook van af, mede geholpen door de onderzeese omkadering van lichtshow en rookeffecten. Ik zou een paar klassiekers kunnen opnoemen die de revue passeerden (“Keelhauled”, “Shipwrecked”, “Nancy The Tavern Wench”, “Mexico”, “Drink” …), maar in feite maakt dat geen moer uit want alle nummers van Alestorm zijn evenwaardige feestschijven.
Om onbegrijpelijke redenen werd tijdens de show van Alestorm besloten om alle bars te sluiten, TIJDENS! De show van ALESTORM! Duizenden euro’s gemiste kans. Waarschijnlijk dezelfde idioot die Behemoth op de main stage zette… Toeval of niet, maar op dat moment begon Christopher de heerlijke nieuwe song “Fucked With An Anchor” in te zetten en schreeuwde de hele tent uit volle borst mee: “Fuck you, you’re a fucking wanker”! Het enige wat meer toepasselijk was geweest, was een revolutie waarbij het volk de bar veroverde onder het zingen van “we are here to drink your beer, to steal your rum at the point of a gun”. Aangezien dat helaas niet gebeurde, gingen we moe maar voldaan terug naar de camping om daar nog alcoholische geneugtes te verkennen. (Sam)


dag 2 - zaterdag 17 juni 2017

Omdat een dag beginnen zonder een suïcidale depressie een dag is dat je niet geleefd hebt besloot ik de dag te starten met de loodzware, gitzwarte blackened sludge metal van Primitive Man. Bij aankomst was de soundcheck nog bezig en was ik toch ietwat verward. De band die claimde hun inspiratie te halen uit haat bleken een stel vrolijke kerels te zijn. Was dit een voorteken? Gingen ze nu ineens poppy glamrock beginnen spelen? Gelukkig kwam bij aanvang van de set de haat terug en speelde Primitive Man zwaar genoeg om een nieuw zwart gat te vormen op de plaats waar vroeger de Valley was. Een probleem die je soms hebt met dergelijke donkere bands bij wie de juiste atmosfeer zeer belangrijk is dat ze live, en al zeker op festivals, wat uit de boot vallen tegenover hoe ze op album spelen aangezien ze niet echt in de hand hebben hoe de atmosfeer daar is. Primitive Man leek daar alvast geen last van te hebben, één van de zwaarste en donkerste shows die ik in m’n leven gezien heb. Ik kijk uit naar meer. (Yentl)

Omdat het terug nodig was om weer wat licht in m’n leven te brengen na Primitive Man besloot ik terug de brandende hitte aan de Warzone te trotseren om daar crossover thrash metal van de Zwitserse metalpunks Insanity Alert. Toen ik toekwam was Heavy Kevy al mooi in een dwangbuis over het podium aan het stuiteren en was het publiek al bezig met een stevige pit ook al was het meer dan 30 graden (in de schaduw). Insanity Alert brengt niets dat je nog niet gehoord hebt, maar ze staan altijd garant voor een hoog fun-gehalte. Ook tijdens dit optreden was het gewoon lekker headbangen en moshen zonder veel boe of bah.
Hun parodie op “Run to the Hills” (Run to the Pit) passeerde de revu. Ook kreek ik het donkerbruin vermoeden dat ze grote fans van het roken van weed waren aangezien ze het er tussen elk nummer minstens 3 keer over hadden. (Yentl)

EINDELIJK! Na al die jaren kon ik eindelijk eens de ronduit fantastische Igorrr aan het werk zien! Ik zou graag op voorhand waarschuwen dat mijn review van de show wat vertekend kon zijn omdat ik een beetje een grote fan ben (lees: ik zou met een Igorrr-bedovertrek slapen als het mogelijk was). Jammer genoeg heb ik wel Ultra Vomit moeten overslaan aangezien ik absoluut vooraan wilde staan in de Temple.  Ik kan geen andere beschrijving gebruiken dan ‘perfectie’ en dat het de beste show is die ik ooit op Hellfest heb gezien. Voor de aanvang van de show vreesde ik wat dat de meer experimentele en elektronisch gerichte nummers aan de kant gingen geschoven worden voor z’n meer metal-gerichte nummers aangezien we op een metalfestival waren. Gelukkig had ik mij schromelijk vergist en er was een mooie balans tussen de twee. Wat ook perfect verliep waren de twee vocalisten. De vocale stijlen die toegepast worden in z’n nummers zijn nu niet meteen de makkelijkste (van operazang naar pruttelende beerput), maar live lieten ze allebei geen enkele steek vallen. Afsluiten werd er gedaan met Robert, gewoon pure breakcore zonder ook maar iets van metal erbij en een klein vleugje aan vocals. Perfect. Slechts twee dingen waren eigenlijk minder aan dit optreden, Absolute Psalm werd niet gespeeld en Igorrr was geen headliner waardoor er maar 40 minuten voorzien waren voor het optreden. Dat mocht van mij een pak meer zijn. (Yentl)

Aangezien Hellfest mij blijkbaar graag ziet werd er onmiddellijk na Igorrr één van mijn andere absolute favorieten 5 meter verder geplaatst op de Altar-stage. Deze band was niemand minder dan het almachtige Nails.  Dat ik naar deze band uitkeek is nogal een understatement. Vorig jaar leek het er nog op dat er een kleine ramp gebeurd was en ze er mee gestopt waren. Alle optredens werden afgezegd zonder ook maar iets van uitleg en het bleef maanden stil tot ze weer uit het niets optredens begonnen te bevestigen. Enkele jaren terug had ik ze nog gezien op Graspop, daar was hun toegewezen speeltijd langer dan al hun nummers bij elkaar dus speelden ze alles gewoon trager. Ondertussen is er een album bijgekomen dus met dat probleem zouden we niet meer opgezadeld zitten. Opvallend was wel dat ze bijzonder goed gezind waren, iets dat je nu niet echt verwacht als je de furieuze mix van grindcore, black metal, hardcore,… hoort die ze spelen. Dit had als zij-effect dat er jammer genoeg iets teveel tussen de nummers door werd gepraat en ze dus minder nummers konden spelen. Wat ze speelden was trouwens goed, maar ik moet toch eerlijk toegeven dat er precies iets miste. Mogelijks was het de warmte die het moeilijk maakte om enthousiast aan hun tempo deel te nemen, maar de pure haat die je op album hoorde en voelde was niet aanwezig bij dit optreden. Ook hebben ze “Abandon All Life” niet gespeeld wat een onvergeeflijke misdaad is. (Yentl)

Tijd voor nog een bezoekje aan The Valley. De Amerikaanse doom cultband Bongripper was er klaar voor! Na twee dagen festival kozen heel wat mensen voor de optie om in de tent neer te gaan zitten of liggen en de slepende, langzaam opbouwende nummers over zich heen te laten daveren. De mannen uit Chicago zelf leken er alvast begrip voor te hebben: ze lieten zich niet opjagen en genoten zelf ook van het relax siëstamomentje. Met hun repetitieve stijl brachten ze het publiek langzaamaan in een trance en kon iedereen de batterijen weer opladen voor de komende dag. Deze band bewijst dat je niet altijd op de eerste rij hoeft te staan springen om een intense muziekervaring mee te maken. (Sam)

Op naar The Temple voor Ereb Altor. De Zweden waren tijdens hun Hellfest-debuut het levende bewijs dat eenvoud siert! Geen grootse decors, kostuums of andere tierlantijnen, gewoon een stijlvol gestileerde wolvenbanier en simpele zwarte kledij. Ereb Altor zit in een constant dilemma tussen pagan en oldschool black metal en dat liet zich tijdens dit optreden ook voelen. De show begon met een erg sereen pagan nummer, maar onmiddellijk daarna riep frontman Mats ons op terug te gaan naar de oldschool black metal van weleer. Onvrijwillig schoot het woord poser door mijn hoofd. Er werden inderdaad een aantal oldschool black metal nummers gespeeld, maar steeds meer drongen slepende en meer groovy stukken zich op. Deze band heeft dus meer te bieden dan stoere kopietjes van nineties black metal. Ook de pagan zanglijnen door maar liefst drie muzikanten zijn een sfeerbrenger, zeker live. Ereb Altor verwende het publiek tot slot nog met een primeur van het nieuwste album, dat de veelbelovende breuklijn tussen pagan en black metal alvast verder in de verf zette.  (Sam)

Na dit black metal intermezzo stond ons een oldschool eighties marathon op de Main Stage te wachten. Pretty Maids verbaasde ons met een onverwacht levendige show! De symfonische heavy metal van deze oude knarren onder leiding van Ronnie Atkins verdient zeker ons respect. De man heeft duidelijk al één en ander (en menige flessen alcohol) meegemaakt in zijn lange leven, maar zijn stem is nog steeds loepzuiver. De energie spatte van het podium en Atkins is en blijft een geboren entertainer. Geregeld werd het publiek wakker geschud met een wedstrijdje “om ter luidst meezingen”. Een breed scala aan nummers passeerde de revue, voornamelijk werk uit de eerste albums in de eighties maar ook recentere songs, onder andere uit het laatste album ‘Kingmaker’. Deze heren zijn nog lang niet uitgezongen!

Vervolgens was het de beurt aan Steel Panther. Zij bieden steevast een heus spektakel, dus reeds lang op voorhand werd er stevig samengedrongen aan het podium en de catwalk. Vanaf “Eyes Of A Panther” was het er boenk op en alle klassiekers passeerden de revue! Van wilde extase bij “Death To All But Metal” tot ingetogen ballade op “That’s When You Came In”, De Amerikanen doen het allemaal. Waarschuwing: Michael Starr en de zijnen hebben erg veel tijd gestoken in aangebrande mopjes (zeg maar gerust: roasts) over zichzelf, elkaar en het publiek, in die mate dat comedy bijna sterker aanwezig was dan muziek.
Wat ons betreft mocht  er wat meer gespeeld worden, maar het publiek genoot zichtbaar van de vele beschuldigingen van incest en talentloosheid. Dit is één van die zeldzame momenten waarop je luidkeels juicht en applaudisseert wanneer iemand met een ongelofelijk verwijfde outfit ermee dreigt om je vriendin te neuken waar je moeder bij zit… Interessant was ook dat het aantal gedragen vrouwelijke bovenkledingstukken omgekeerd evenredig was met het aantal gespeelde nummers, iets wat de camera’s en het publiek zeker konden appreciëren. Op “17 Girls In A Row” was het uiteraard tijd voor de obligatoire tietjes op het podium, wanneer het vrouwelijke publiek het podium werd opgevraagd voor iets wat verdacht veel op een orgie begon te lijken. Tegen die tijd werd de overbevolking op de broeierig hete festivalweide, naast de jammerlijke ongemanierdheid van een nieuwe generatie jonge Franse metalheads, echter zo onaangenaam dat we haast gedwongen werden om rustiger oorden op te zoeken. En voor wie zich afvraagt hoe het optreden van Dee Snider verliep: zet thuis eens de videoclip van “We’re Not Gonna Take It” in een loop van een uur lang en je hebt het wel gezien. De man was beter veehouder geworden want uitmelken, dat kan hij wel. (Sam)


Volgende op het lijstje was Mars Red Sky op de Valley-stage. 3 jaar terug heb ik deze band nog moeten missen op Hellfest aangezien er een ongoddelijk lange rij was aan de ingang om binnen te geraken en ik nog niet door had dat je als journalist een andere ingang mocht gebruiken. Tijd om dit goed te maken dus. Mars Red Sky was ook mooi opgeschoven, van opener naar het midden van de affiche. Terecht ook overigens aangezien ze muzikaal een frisse wind brengen in het Stoner-genre. Ze zoeken de meer psychedelische en progressieve kant van het genre op waarbij vocals slechts sporadisch gebruikt worden. Ze slagen er ook in om dit live over te brengen, niet altijd een even makkelijke opdracht. Een stevige en goeie show die bewijst dat ze één van de rijzende sterren binnen het genre zijn. (Yentl)

Na al dat jolijt op de Main Stage konden we wel een bezinning gebruiken, dus installeerden we ons in The Temple voor wat het meest serene optreden van Hellfest moet zijn geweest: Alcest. De legendarische Franse frontman Neige lokt nog steeds heel veel volk; zijn verleden als bezieler van de Franse black metal heeft daar ongetwijfeld iets mee te maken. Vanavond stonden echter geen demonen centraal, maar de elfjes van wie de brave borst werkelijk zou geloven dat ze hem in zijn kindertijd ontvoerden en naar Tir Nan Og brachten. Het door blauwige mist overgoten podium zette de toon helemaal en Alcest begon heel energiek aan de show. Het was heel wat levendiger dan wanneer je hen in een zaalshow aan het werk ziet, maar ook deze formule werkt schitterend! Bij een liveshow van Alcest merk je pas echt hoe één anders gespeelde noot een wereld van verschil kan maken en alles op zijn plaats laat vallen. De nadruk van de show lag logischerwijs op songs uit het nieuwe album ‘Kodama’ en het meer recente werk. In totaal werden er slechts een vijftal nummers gespeeld, afgewisseld met schuchtere dankbetuigingen van de immer bedeesde Neige, maar de artiesten gaven zich er helemaal aan over en het publiek liet het met volle teugen binnenstromen. (Sam)

Maar net toen we dachten dat het niet beter kon worden, was het de beurt aan Wardruna. Hun deelname aan de soundtrack van Vikings heeft hun populariteit ongetwijfeld goed gedaan, op den duur wist je niet meer of het talrijke hoorngeschal nu uit het publiek kwam of bij de intro hoorde. Onder een magische backdrop die met het ene licht een dik gebladerte was, maar met een ander een groot rotsmassief of een oud perkament vol mystieke tekens, betraden Einar Selvik en zijn cultusleden het podium voor een imposante intro met twee massieve Oud-Noorse carnyces. Een woord van bewondering voor de geluidstechnici trouwens, want ze hadden ongetwijfeld hun handen vol met al die bizarre instrumenten in tune te houden. Ook mysterieuze vuurkorven en het fantastische schimmenspel gecreëerd door twee welgemikte volgspots droeg bij aan de magie. De trage, meeslepende tonen, de langzaam opzwellende trommels en het hypnotische gezang brachten ons gestaag in een diepe trance waarbij velen met gesloten ogen stonden mee te wiegen. Dit is meer dan muziek, dit is een performance die voor iedereen openstaat die graag even onze moderne wereld wil verlaten. Dit moet je simpelweg gezien hebben! (Sam)

Tot slot nog even bekomen met het brutale geweld van Kreator. Zoals verwacht werd het een uur lang beenhard beuken. Veel nummers uit het nieuwe album, maar ongeacht welk album hun tour promoot, is er altijd wel plek voor de obligatoire gevestigde waarden die het publiek verwacht: “Hordes of Chaos”, “Phantom Antichrist”, “Enemy Of God”, “Violent Revolution” ... Het grote verschil met Slayer is dat deze Duitse Thrashveteranen werkelijk elke keer zo energiek, moordend agressief en geloofwaardig blijven! Slayer is goed op albums maar stelt live vaak teleur, Kreator is zowel op album als live steevast steengoed. Een indrukwekkende driedimensionale backdrop van de demonenkop van ‘Gods of Violence’ droeg zeker bij aan de koortsachtige sfeer die er heerst op elk Kreator-optreden: en God zag dat het brutal was. (Sam)

Afsluiter in de Temple vandaag was nog één van mijn absolute favorieten. De post-black metal giganten genaamd Deafheaven. Aangezien ik er op één of andere manier altijd in slaag hun optredens te missen was dit dus mijn eerste keer. Als Igorrr niet eerder die dag gespeeld had dan was dit nu het beste optreden die ik ooit op Hellfest heb gezien. Alles klopte, beenharde en agressieve black metal afgewisseld met mierzoete dromerige post-rock dit met een vocalist erbij die ietwat deed denken aan hoe een black metal vocalist zich zou gedragen en er zou uitzien indien deze gedeeltelijk door Tim Burton ontworpen werd. Het was een bloemlezing van hun beste nummers (“Sunbather” en “Dream House” kan je zelfs gerust als enkele van de beste nummers in het genre zien). Een optreden van Deafheaven is een belevenis die nogal moeilijk in woorden uit te drukken valt. De beste manier om het te kunnen beleven zonder geld te moeten betalen is in een donkere kamer op een deftige muziekinstallatie hun volledige discografie afspelen terwijl je een hoge dosis van één of ander dissociatief hallucinogeen middel hebt genomen en dan kom je zelfs nog niet in de buurt. Ik zal alvast dus mijn best doen om iedere show die ze in de toekomst in de buurt spelen mee te pikken. (Yentl)

dag 3 - zondag 18 juni 2017

Aangezien ik niet echt fantastisch geslapen had en koffie me doet voelen alsof ik aan het crashen ben op crystal meth heb ik dus een andere manier nodig om me wakker te maken. Gelukkig kon Hellfest mij een alternatief aanbieden in de vorm van powerviolence gebracht door Harm Done. Echt effectief kan ik het jammer genoeg niet echt noemen. Niet omdat het een slechte show was want het was ronduit fantastisch, gewoon 30 minuten aan pure furie en tuinhandschoenen met kruisen op zodat we zeker konden zien dan dat de frontman SxE was. Nee het was eerder niet echt effectief omdat na afloop m’n gezicht naar de binnenkant geklopt was en ik in een diepe coma gevallen ben waar ik pas binnen twintig jaar zal uit ontwaken. Nog een geluk dat ik niet bij bewustzijn hoef te zijn om reviews te schrijven. (Yentl)

Voor een band die een paar weken terug nog in een Gents zaaltje van veertig man speelde, kwam er toch verrassend veel volk in The Temple opdagen voor Welicoruss. Gelukkig ook niet teveel, want wie had er tenslotte al eerder gehoord van deze obscure Russische folkmetalband die over de vergane glorie van de Russische cultuur zingt? De nieuwkomers op Hellfest lieten meteen hun tanden zien, want toen Emptiness maar bleef spelen in het naburige Altar, zijn de Russen simpelweg aan hun eerste nummer begonnen zonder er zich een fluit van aan te trekken. Onder een verfrissende bries liet Welicoruss hun epische folk black metal los. Dit was ongetwijfeld één van hun grootste shows tot dusver, maar daar was niks van te merken. De nummers werden energiek gespeeld en het publiek brabbelde mee zo goed en kwaad als ze konden. Het bleef tenslotte folk metal en op folk metal brul je luidkeels mee, ongeacht de vraag of je de taal begrijpt of niet! Op albums vind ik deze jongens niet zo speciaal, maar live zeker wel eens de moeite om mee te maken. Het enige jammere is dat deze band, met muziek die volledig is opgebouwd rond keyboards, live geen toetsenist meeneemt. Dat zou het toch nog een pak beter maken. Wel hadden we met de zanger te doen, die ondanks temperaturen van 35°C  de hele dag in zijn beestenvellen bleef rondlopen. Crazy Russians! (Sam)

Om eventjes te bekomen van het feit dat ik net in coma ben geklopt was het tijd om af te zakken naar de Valley om daar The Vintage Caravan aan het werk te zien. The Vintage Caravan is zo’n band waarvan je altijd vergeet wat ze nu net spelen als je hun naam ergens op een affiche ziet staan, maar je weet wel zeker dat je ze goed vond dus je gaat toch gewoon gaan kijken. Het voordeel hieraan is dat ieder optreden altijd een aangename verrassing is. Ze spelen een heerlijke mix tussen old-school jaren ’60 Rock en modernere Stoner Rock. Dit is nu niet echt een weinig voorkomende mix in het genre, maar The Vintage Caravan weet dit op zo’n manier te spelen dat het wel nog steeds origineel is en goed. Ze zijn ook gewoon leuk om live te aanschouwen, er zijn maar weinig bands in het genre die met zoveel energie live spelen. (Yentl)

Geleidelijk stroomde er echter opnieuw steeds meer volk toe in The Temple en was het uit met de rust. De Fransmannen van Regarde Les Hommes Tomber zijn de laatste jaren immers aan een ware opmars bezig in West-Europa en het feit dat de frontman actief is binnen de organisatie van Hellfest en dus iedereen van het wereldje kent, zal ook wel geholpen hebben. We begrepen al snel waar alle heisa om ging: RLHT speelt atmosferische black metal van de bovenste plank, met een paar vleugjes doom en post metal erdoorheen gedraaid. De muziek gaat diep en is intens, maar blijft tegelijk ook lekker groovy. Wie zich ooit afvroeg hoe een optreden van Watain er zou uitzien zonder alle tierlantijntjes en special effect: zo dus! We hielden ook wel van de sympathieke attitude van de frontman, die niet te trve cvlt was om de fans hartelijk te bedanken. (Sam)

Tijd voor Trap Them! Enkele jaren terug zouden ze ook in de Warzone spelen, maar ze hebben toen helaas moeten cancellen. Dit jaar hadden ze de kans om het terug goed te maken. Zelf ben ik een grote fan van de mix van sludge, grindcore en crust punk die ze brengen, maar ik moet eerlijk toegeven dat het optreden me niet echt wist te raken. Muzikaal zat het wel allemaal goed, maar het miste net dat agressieve, duister gevoel dat zo’n optredens fantastisch maakt. Het was overduidelijk dat de locatie hier veel mee te maken had, donkere muziek spelen op een open air stage op de warmste dag die er dat weekend was maakt het nogal moeilijk om energiek te zijn. Dit gold voor zowel publiek als band. Jammer, maar ik ben er vrij zeker van dat het op een meer gepaste locatie een stuk beter zou geweest zijn. (Yentl)

De volgende shows waren weer iets minder. De thrashers van Hirax deden er alles aan om de schaars opgedaagde liefhebbers van eighties thrash metal in de stijl van een vroege Slayer te verwennen en vooral de pure Rock&Roll-attitude van zanger Katon De Pena was memorabel. De beestige Afro-Latino slaagde erin ons het gevoel te geven dat we middenin een oude Amerikaanse film zaten waarin de bad guys steevast vertolkt worden door mannen met zware motoren en een voorliefde voor zware gitaren. Het was dus wel een stevig feestje, maar bass en drums waren veel te overheersend gemixed en het was nu eenmaal leuker geweest met wat meer volk. In elk geval was Hirax pakken beter dan Il Niño. Muzikaal gezien niet veel op aan te merken, maar iemand moet Christian Machado dringend eens zeggen dat hij absoluut niet clean kan zingen. Ofwel had hij gewoon slecht geslapen ofzo, maar in elk geval was zijn kattengejank zodanig abominabel dat we even onze toevlucht tot de VIP-ruimte zochten.  (Sam)

Ghost Bath is een ietwat controversiële band binnen de Black Metal. Niet om de gebruikelijke redenen zoals met een hakenkruis op de borst in Duitsland spelen, 1 van de leden in 45 NSBM-bands speelt of er een demo genaamd Aryan Supremacy op je discografie staat. Ghost Bath krijgt voornamelijk tegenwind vanwege de muziek die ze spelen (een mix tussen DSBM en Post-Rock) niet trve genoeg is (zucht)  en omdat ze in het begin van hun carrière alsof deden dat ze uit China kwamen en dat uiteindelijk een promotie-stunt bleek te zijn (minder zucht). Controverse terzijde, het is een goeie band. Ik was dus uiteraard aanwezig om ze voor een tweede keer te aanschouwen. Op een vorige passage op Ieperfest in 2016 wisten ze me niet echt te bekoren. Of het nu aan de band of aan de geluidskerel lag, het geluid zat absoluut niet goed en ipv een emotionele ervaring was het gewoon een geluidsbrij. Op Hellfest zat het geluid jammer genoeg ook niet echt denderend, maar het was wel al beter. De emotionele stukken waren beter hoorbaar wat de kwaliteit van het optreden de hoogte deed ingaan. Topper van de show was uiteraard ‘Golden Number’ die er in slaagde om een niet nader genoemde reviewer in tranen te doen uitbarsten. (Yentl)

Naast Ufomammut zette ook A Day To Remember een heel sterke prestatie neer. De Amerikanen uit Florida verschroeiden de weide met hun poppy mengeling van zorgeloze tienerpunk en loodzware metalcore. Dat deze band bij de jeugd zeer gesmaakt wordt, was wel duidelijk aan de vloeiende toestroom van jongeren naar het podium en van anciens naar de bar! Zelf is het mijn muziek ook niet, maar je moet toegeven dat Jeremy McKinnon weet hoe hij een feestje moet bouwen! Het begon allemaal met een toespraak van het podium (jawel) over wat er komen zou, dus gewaarschuwd waren we wel. Zodra de artiesten het podium betraden, werden honderden zwarte en witte slingers met grote kanonnen de lucht in geschoten en werd alles en iedereen versierd met wapperende wimpels. Uitkijken ook voor neerstortende T-shirts die door een roadie in een vreemd pakje het volk werden ingeschoten. Er vonden opnieuw een aantal recordpogingen plaats: “slowest song on the festival” (en dat met zo’n sterke doom affiche) en “crowdsurfing on top of a crowdsurfer” (wat na een paar faliekant afgelopen pogingen algauw op een sisser uitliep). Tussendoor regende het ook nog WC-rollen en strandballen. Lichte songs die ons allemaal weer even terugbrachten naar jarenlang opgekropte tienerhormonen zoals “All I Want”, “I’m Made Of Wax”, “Naivity” en “Have Faith In Me” werden vlot afgewisseld met beukers als “Second Sucks” en “Exposed” (wat trouwens een leuk djenty toetsje had, er zit meer diversiteit in ADTR dan hen vaak wordt toegeschreven). Show van dit genre staan bekend om hun zeer goede sfeer en dat was ook deze keer niet anders. We zijn aangenaam verrast! Waarlijk a show to remember… (Sam)

Een band op wie je altijd kan rekenen om een goeie show neer te zetten is wel Pentagram. De vraag nu was echter hoe ze het er gingen vanaf brengen op Hellfest zonder Bobby Liebling. Voor wie niet onmiddellijk weet waar ik het over heb, Bobby Liebling is op 11 mei gearresteerd en zit momenteel in voorhechtenis nadat hij z’n moeder die tegen de 90 aanschurkt ineen heeft geslagen. Dat Bobby wel vaker de vrouwonvriendelijke eikel uithangt is al langer geweten, op een eerdere tour is hij er in geslaagd om de support-bands te doen vertrekken door z’n opmerkingen over vrouwen en ‘grapjes’ over verkrachting. De resterende Pentagram-leden hebben echter besloten om de Europese tour verder te zetten zonder hem. Op Hellfest maakten ze hier niet echt veel woorden aan vuil, ze vermelden dat sommige mensen eindelijk eens moesten leren dat er gevolgen hangen aan daden die je stelt. Ik moet wel toegeven, zonder Bobby Liebling is Pentagram nog steeds een goeie band. Victor Griffin is zeker ook geschikt als frontman en liet geen steken vallen in z’n gitaarspel door deze verandering. Alhoewel zonder Bobby Liebling Pentagram nog steeds goed is kan je het echter nog moeilijk Pentagram noemen. Diens stem is en uitstraling op het podium is zo’n essentieel deel van Pentagram dat zonder hem het gewoon een geheel andere ervaring is. Niettemin was het toch een goeie show en verdienen de overige bandleden zeker een dikke duim omhoog om in zo’n korte tijdsperiode dergelijke intensieve line-up verandering op te vangen. Dat hun instrumenten afgebroken werden na hun optreden kan ik wel begrijpen, het moet best wel een frustrerende situatie zijn. (Yentl)

Met het einde van het festival in zicht, begaven we ons nog één keer naar The Temple voor een laatste folk metal feestje. Showbeesten van het moment waren de Duitsers van Equilibrium. Naar goede gewoonte was zanger Robse weer behoorlijk bezopen: je zag dat het publiek zijn gebrabbelde bevelen wel wou opvolgen, maar ze begrepen hem simpelweg niet (probeer Fransen in nuchtere toestand zelfs maar eens Engels met een Duits accent te laten begrijpen). Gelukkig bood gitarist Dom zich spontaan aan als vertaler, waardoor het toch nog een feest werd. De show bleef erg rommelig met vergeten tekstpassages en vreemde tempo’s, maar gelukkig was het publiek ook al te beschonken om zich daar iets van aan te trekken. Dit resulteerde in één van de grootste walls of death van het festival, enorme circlepits en een massa crowdsurfers, onder andere een memorabel exemplaar gezeten op een witte opblaaseenhoorn die meermaals de dieperik in tuimelde en maar bleef terugkomen. Zolang klassiekers als “Blut Im Auge”, “Born To Be Epic” en “Unbesiegt“ maar gespeeld worden, steekt het allemaal zo nauw niet! Toch zouden we graag ook eens een volwaardige show zien die verloopt zoals het hoor, en nog het liefst mét live toetsenist of op z’n minst goed gemixte samples… (Sam)

Terug naar de dodelijke hitte van de Warzone om daar de Amerikaanse hardcore-jongens van Trapped Under Ice. Het is altijd wat vreemd om dergelijke band te zien met een afstand van 10 meter tussen band en publiek in vorm van een barrière en security. Deze jongens spelen hardcore in de stijl van Terror, niets unieks maar wel goed. De verzengende hitte maakte het echter moeilijk om echt in te gaan op de muziek en alhoewel er stevig gepit werd heb ik het gevoel dat het publiek met hetzelfde probleem zat. De band zelf snapte niet hoe we er nog überhaupt in slaagden om nog te bewegen. De combinatie warmte en het niet kunnen springen van een podium nam toch heel wat plezier uit de show weg. Desondanks speelde de band een stevige set, maar echt memorabel kan je het niet noemen. (Yentl)

Als iemand die begonnen is met zwaardere muziek aan twaalfjarige leeftijd binnen de H8000-hardcore scene zal Integrity altijd een speciaal plaatsje hebben door de grote invloed die hun sound op deze scene heeft gehad. Daarnaast zijn ze ook nog eens de grondleggers van de donkere metalcore gekend als holy terror. Jammer genoeg hadden ze de pech dat ze samen met Prophets of Rage en Scorn moesten spelen wat zich vertaalde in een wel erg magere opkomst in de Warzone. De weinige aanwezigen waren ook zeer moeilijk enthousiast te maken voor wat er op het podium plaats vond alhoewel het muzikaal wel dik in orde was. Met nog meer dan 20 minuten speeltijd op overschot was Integrity al weer weg, alhoewel het er op leek dat dit eerder kwam doordat de drummer het wat moeilijk begon te krijgen vanwege de overdreven hitte. Spijtig… (Yentl)

Naast Pentagram moest ook Every Time I Die het vandaag doen zonder hun frontman. Keith Buckley’s dochter was immers plots opgenomen in het ziekenhuis, dus hij is onmiddellijk terug naar de VS vertrokken wat we hem zeker niet kwalijk kunnen nemen. Every Time I Die heeft gelukkig heel wat vrienden in andere bands die met veel plezier de vocals overnamen. Dit optreden ( en enkele andere optredens in de toekomst) hebben dus zelfs iets speciaals. Dit keer werden de vocals afwisselend gedaan door Ryan McKenney (Trap Them), Jeremy DePoyster (The Devil Wears Prada), Lawrence Taylor (While She Sleeps) en Griffin Dickinson (SHVPES). Dit zorgde voor een zeer diverse en intense set, toegegeven niet iedere vocalist paste even goed bij de muziek, maar dat nam niets weg aan de kwaliteit van het optreden. Wie Every Time I Die al eens eerder aan het werk heeft gezien weet dat dit één van de meest energieke live-bands is die je kan meemaken en Hellfest was hierbij geen uitzondering. Meerdere keren werd er opgeroepen aan het publiek om compleet los te gaan en het podium op te kruipen. Dit is slechts gedeeltelijk gelukt, maar er werd toch serieus gefeest. Tegen het laatste nummer is het uiteindelijk gelukt om toch iedereen het podium op te krijgen. Een optreden om niet snel te vergeten. (Yentl)

Het gebeurt maar zelden dat een optreden van één van je favoriete artiesten een grotendeels deprimerende bedoening is ook al spelen ze uitstekend. Dit was het geval bij The Dillinger Escape Plan. Hoe graag ik ze nog eens wou zien had ik liever niet dat het op deze manier zou gebeuren, dit is immers hun laatste tour. Daarna geen TDEP meer… Om het extra pijnlijk te maken speelden ze dan nog eens een ronduit fantastische show. Was het nu nog slecht geweest kon ik nog verkroppen dat ze ermee gingen stoppen, nu moet ik mezelf de komende weken in slaap huilen. Zoals je kan verwachten van TDEP was het terug 1 grote perfect gecontroleerde chaos zoals enkel zij dit kunnen doen. Met kleppers zoals ‘Prancer’ of ‘Black Bubblegum’ was het ook niet moeilijk om het publiek (inclusief ondergetekende) te doen ontploffen. Ook hier stoorde het me wel gigantisch dat er een barrière tussen het publiek en de band stond. Bij een laatste optreden van zo’n band had ik wel eens van het podium willen springen om vervolgens m’n nek te breken zodat ik niet hoef te leven met de leegte die deze band achterlaat. We zullen je missen TDEP… (Yentl)

Conclusie: in 2017 wist Hellfest terug een fantastische editie neer te zetten. De line-up zat strak en alhoewel er organisatorisch wel nog altijd wat verbeteringen mogelijk zijn was dit toch nog altijd één van de beter georganiseerde festivals. Indien Hellfest eens een regeling kan sluiten met de zon volgend jaar zou het fantastisch zijn alsook speciaal voor mij iets ontwerpen zodat ik die cashless kaart niet meer kwijt raak (terug 50€ armer omdat ik dat kreng kwijt was). Hellfest, ons zie je volgend jaar hoogstwaarschijnlijk terug! (Yentl)

Hellfest – www.hellfest.fr

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/hellfest-2017/
Organisatie: Hellfest (Clisson (Fr))

Vonnis

Evil. Against. Evil

Geschreven door

Wie het niet zo heeft voor muziek dat ergens een kruising tussen Amenra en Body Count zou kunnen zijn mag hier gerust afhaken. De rest mag zijn oren spitsen en zijn ogen uitwrijven want het Gentse Vonnis bevindt zich ergens op die kruising. Hoezo hoor ik je al zeggen? Op ‘Evil.Against.Evil’  vinden we wat van de hardcore en metal door bands als Body Count of Biohazard terug. De zang, nouja eerder diepe zielsschreeuwen, doen dan weer denken aan bv Amenra of Steak Number Eight. Met deze mix weten ze op ‘Evil.Against.Evil’ in vijf tracks ons aardig te verrassen. Op “Calculating Infinity” openen ze meteen alle kranen en heeft het gitaarwerk een episch karakter. Een repetitieve en dissonant klinkende akoestische gitaarriedel in het middenstuk betekent een korte adempauze om dan genadeloos toe te slaan. De kopstoot en agressie vind ik op “Chantu Du Cygne” wel nog iets gerichter uitgewerkt. “Nachtelijkgeknars” bestaat uit een sterke tekst die opgezegd wordt en alleen ondersteunt door een spacy en spooky synthsound. Sterk. “Apoptosis” is een song van slechts 40 seconden, maar wel degelijk een song. We sluiten af met de titeltrack die ons vier minuten lang meeneemt op een trip van vrees, agressie en wanorde.
U hebt het intussen al wel begrepen: ‘Evil.Against.Evil’ is niet voor softe zielen of mensen met een zwak hart. Desondanks vind ik dit een sterke release dat ons doet hopen op meer.

Volker

Dead Doll

Geschreven door

Death rock is een muziek genre dat, qua populariteit, al een tijd voorbij zijn hoogtepunt is. Maar nu en dan krijgen we toch nog eens een fijne release over de vloer. Zoals deze ‘Dead Doll’ van de Franse band Volker. Hun debuut album na een eerder verschenen EP.
Jen Nyx zingt zoals het moet: met branie, rebels en punky. De band speelt death rock met wat punk en sludge elementen. Samen zorgen ze toch opwindende muziek dat wat retro klinkt maar hier en daar wat moderne elementen bevat. Luister maar eens naar de wild om zich heen schoppende zang in bijvoorbeeld “Negative Waves”. Je zou soms denken dat ze nog metal of crossover heeft gezongen. Die moderne elementjes zitten ook subtiel in de drumpartijen bijvoorbeeld. Zoals op “Suicide Love Addict”. Daar zingt trouwens ook Arno Strobl ( bekend van o.a. Carnival in Coal en We All Die (Laughing) mee met Jen. Dat levert een mooi resultaat op. De teksten zijn geïnspireerd door de donkere kant van ons bestaan en ook door oude horror films met thema’s zoals geesten, tovenarij en de dood. Elf songs en een bonus remix van “Yell” krijgen we voorgeschoteld die ons geen moment doet vervelen..
‘Dead Doll’ is een evenwichtig en goed geproduceerd album. Met veel uptempo tracks en modern genoeg om niet te retro te klinken en lang genoeg te blijven boeien. Een fijn debuut dat bewijst dat in dit genre nog leven zit.

Deap Vally

Femejism

Geschreven door

Deap Vally  uit LA zijn twee stoere rockchicks met ballen, als we het puike debuut, een goede drie jaar terug,  ‘Sistrionix’ er op nahouden . Het meidenduo Lindsey Troy (zangeres/gitariste) en drumster Julie Edwards uit LA bieden een rits rauwe, broeierige rocksongs die probleemloos gelinkt werden aan het werk van The White Stripes , The Kills , Blood Red Shoes en old ladiesbands L7, Babes In Toyland en Hole. Deap Vally rockte , zoog en beet van zich af ; voldoende tempowisselingen en (adem) ruimte aan bluesy dampende , snedige gitaarlicks en hitsende drums sierden het werk.
Na een fantasieloze tweede plaat , zijn de riot girrrls er nu terug , met deze derde , die duidelijk een opfrisbeurt heeft genoten . De songs hebben een aanstekelijke , los swingende groove , klinken rauw , scheuren, schuren en zijn intens spannend, broeierig. Enkel op “Critic”, net halfweg de cd , wordt wat gas terug genomen .
Deap Vally is een stap voorwaarts nu, met de overtuigende derde!

Pagina 435 van 964