logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

garbage_olt_riv...
Biohazard 8/8/2...

The Bevis Frond

The Bevis Frond - Moet er nog een gitaarsolootje zijn?

The Bevis Frond - Moet er nog een gitaarsolootje zijn?

Sam De Rijcke - The Bevis Frond is het toonvoorbeeld van de eeuwige cultgroep, al 40 jaar aan de gang, erkend door een selecte groep liefhebbers maar quasi compleet genegeerd door de voltallige muziekbusiness. De band is er nooit in geslaagd om een groot publiek te bereiken (ook vandaag terug een zeer magere opkomst, onterecht natuurlijk, zo gaat dat nogal dikwijls), maar werd in al die jaren wel op handen gedragen door een schare trouwe fans waaronder ook alternatieve gitaarrockbands als Teenage Fanclub, Lemonheads, Wipers en Dinosaur Jr.
The Bevis Frond is het geesteskind van Nick Saloman, die met verschillende bezettingen al sinds eind jaren tachtig zo een slordige 25 albums heeft gemaakt. Daarop een zeer uiteenlopende sound die zowel schatplichtig is aan de psychedelische sixties als aan folk-rock, prog-rock en hard-rock. Op al die albums zijn er steevast minutenlange heerlijke gitaarsolo’s terug te vinden, een eigenschap die prominent aanwezig is, en in de live performances is dat uiteraard niet anders.

Saloman profileerde zich als een sympathieke frontman, maar vooral als een begenadigd gitarist die trouwens volledig lak heeft aan een imago of guitarhero-allures, een vaak ergerlijke aandoening waar veel van zijn collega’s aan lijden. Maar hoegenaamd niet zijn bandleden, want die speelden als een bende ervaren rotten die alle knepen van het vak van binnen en van buiten kenden.
Zo zat vanaf “Through The Hedge” de drive er al volledig in, de heren voelden elkaar perfect aan, alsof Neil Young & Crazy Horse hier van jetje stonden te geven. Een niet te miskennen invloed trouwens, dat zou vanavond meermaals blijken. Alsook die van Alex Chilton, want het songschrijverschap van Saloman leek ons ook sterk beïnvloed door Big Star, dat kwam duidelijk naar boven in “Lights Are Changing” en verder in de set in “He’d Be a Diamond” (niet toevallig ooit gecoverd door Teenage Fanclub) en “Stars Burn Out”.
Omdat de gitaar zo centraal staat in de songs van The Bevis Frond, werd Saloman dan nog eens bijgestaan door een extra gitarist, de eveneens briljante Paul Simmons. Die combo zorgde meermaals voor gensters, met name in het schitterende “Pale Blue Blood” kwam Simmons met een fenomenale minutenlange solo aanzetten. “A Simple Pursuit” was een eerste hap uit dat verduiveld goede gloednieuwe album ‘Horrorful Heights’, een ballad met een illustere solo zoals we die ook al eens in het arsenaal van Jay Mascis durven aantreffen.
In een geweldig en uitvoerig “Superseeded” werd Simmons wat tegengewerkt door een weerbarstige gitaarversterker, maar dit was hoegenaamd geen hinderpaal om die song tot een hoogtepunt van de avond te laten uitgroeien. Terwijl Simmons het euvel trachtte te herstellen toverde Saloman immers de meest sprankelende solo uit zijn gitaar, om er daarna dan samen een stevige lap op te geven en de boel nog eens volledig te laten openbarsten. In een stevig rockend “Well Out of It” gingen de heren dan nog eens volledig loos en soleerden ze tegen elkaar op, een ware gitaareruptie, virtuositeit zonder machogedrag. In een uitmuntend “Space Age Eyes” deed het superieure gitaarduo dat nog eens fijntjes over. Het kon ook iets compacter en snediger, getuige “Undertaker”, een welgemikte punksneer die zowel het tempo als de adrenaline de hoogt in joeg.
En dan kregen we als uitgebreid toetje “King For A Day”, één van de sterkhouders van dat nieuwe album, waarin Saloman zijn band voorstelde, inclusief de onvermijdelijke individuele solomomentjes met een ultieme uitbarsting daarbovenop.
The Bevis Frond plakte er onmiddellijk nog twee compacte en hevige rockers aan als ultieme bisronde. Het kan aan ons liggen, maar eentje daarvan, het furieuze “Maybe”, neigde toch verdacht veel naar Neil Young’s “Rockin In a Free World”. Dan geven we u toch graag even dit mee, “Maybe” staat op ‘Miasma’, een album uit 1987, Neil Young’s wereldhit is er eentje uit 1989.

Sowieso een uitmuntend concert van een dikke 2 uur. The Bevis Frond heeft er zich al lang bij neergelegd dat die doorbraak er wellicht nooit zal komen, het maakte hen niet uit voor hoeveel volk ze uiteindelijk maar stonden de te spelen, het spelplezier, de goesting en de klasse dropen ervan af.

Erik Vandamme - The Bevis Frond - Een adembenemende, lang psychedelische trip
De Britse band The Bevis Frond (****), de band van de Britse muzikant Nick Saloman, is uitgegroeid tot een begrip binnen underground rock middens. Niet enkel brachten ze talloze prachte schijfjes uit, ook live hebben ze met hun lange sets de (kleine) clubs in vuur en vlam gezet.
Met die warme intimiteit stonden ze nu in de N9, Eeklo. Al veertig jaar lang weten ze meeslepend-aanstekelijk-energiek uit te pakken met een adembenemende, lang psychedelische trip.

Die langdradigheid is geen struikelblok, want Nick is een charismatische frontman die als gitarist, performer en klasse verteller uitmuntend is. Hij is goed omringd, we horen van de band verbluffende riffs, onvermoeibaar zweefden en vlogen de gitaarriedels om ons heen. Heerlijk genietbaar dus in die speelsheid en de leuke kwinkslagen van een band die als jonge wolven tekeer gaat.
The Bevis Frond bracht songs uit hun nieuwste album 'Horrorful Heights', eentje die bol staat van losgeslagen riffs, lange solo's en verbluffende uithalen. De aandacht behouden ze met brio; van een country vibe gaat het moeiteloos naar typische jaren '60, om dan te belanden in die jaren '90 gitaarscene. Een tijdloze band … De gitaren gaan helemaal loos en de warme vocals zijn een meerwaarde. Continu werd geswitcht tussen ingetogenheid en dynamiek van verschillende genres. Iedereen was mee in hun muzikaal verhaal. Magisch!
Geen idee waarom deze band altijd een beetje die 'cultstatus' heeft blijven behouden, want puur muzikaal en qua charisma is deze The Bevis Frond groots en leuk. Wat een trip!

Organisatie: N9, Eeklo

Michelle David & The True-Tones

Michelle David & The True-Tones - Souldiva zonder kapsones

Geschreven door

Michelle David & The True-Tones - Souldiva zonder kapsones

De laatste plaat van Michelle David & The True-Tones, ‘Soul woman’, klinkt me net iets te gesofisticeerd om echt te bekoren maar hun stevige livereputatie kon me toch verleiden om naar Les 4 Écluses af te zakken. Daar speelden ze al mijn twijfels genadeloos van tafel. En alsof dat nog niet volstond kregen we vooraf nog een tweede revelatie gepresenteerd, Moïra.

Moïra verwijst naar de Griekse godin van het lot maar blijkt tevens een erg populaire groepsnaam. Maar vanaf nu zal ik de naam Moïra vooral associëren met een kwartet uit Lille. Hoewel de groep enkel de digitale single, "Butterfly effect", heeft uitgebracht, maakte ze live een opvallend mature indruk.
Moïra bewoog zich in het schemergebied tussen jazz en rock en kon daarbij rekenen op de sensuele uitstraling van frontvrouw Maï. Haar soepele, soulvolle zang deed voortdurend aan Amy Winehouse denken en daar is absoluut niets mis mee.
Wat verder opviel, was het ontbreken van de alomtegenwoordige elektronica en de keuze voor louter ambachtelijke instrumenten. De bassist en de drummer leken zo uit een jazzcombo geplukt terwijl de gitarist wat meer rock georiënteerd was en niet vies bleek van een toefje psychedelica.
Het echte uithangbord bleef evenwel de gracieuze zangeres die een enkele keer ook de keys bespeelde.
Moïra toonde zich een veelzijdige groep door zowel stevig als fijnbesnaard uit de hoek te komen. Knap!

Michelle David (°1966) groeide op in New York waar ze vanaf haar vierde in de kerk zong. Nauwelijks een jaar later maakte ze al deel uit van een eerste groep, The Mission Of Love. Daarna was ze vooral actief in musicals en studiosessies. In 1994 verhuisde ze naar Nederland, waar ze in de buurt van Amsterdam woont. Sinds 2015 heeft ze er ook een Nederlandse groep, The Gospel Sessions, die in 2022 werd omgedoopt tot The True-Tones. Dit jaar verscheen haar achtste plaat met die band: ‘Gospel woman’, een goed excuus om nog eens de hort op te gaan.
Michelle David bleek een gedrongen verschijning die zich meteen ontpopte tot een souldiva, maar dan wel eentje zonder kapsones. Ik was meteen in de ban van haar warme stem die ze af en toe rauw liet uithalen en steeds oprecht klonk.
Haar Nederlandse begeleiders, alle drie keurig in het pak, oogden misschien wat droog, muzikaal bleken ze van onschatbare waarde.
Michelle David opende de set met "Brothers and sisters", titeltrack van haar voorlaatste plaat. Klassieke uptempo soul, energiek gebracht met twee gitaren en zonder bas; pas na enkele nummers ruilde Onno Smit zijn gitaar voor een basgitaar.
"Speak to me", dat zo een hit van Diana Ross & The Supremes had kunnen zijn, klonk wat ruwer dan op plaat, mede doordat David een deel enkel begeleid door de drums van Bas Bouma zong.
Onmiddellijk daarna kreeg diezelfde Bouma tijdens "You are" zijn solospot, waarin hij zijn talenten ongehinderd mocht botvieren. Het werd een erg gevarieerde set inclusief twee schitterende gospelsongs ("Peace" en "I thank you"), waarvoor de muzikanten even gingen zitten. Voor mij was "If you don't try", dat de rauwe energie van James Brown bezat, het absolute hoogtepunt. Met "More grace" waagde David zich dan weer aan een streep hitsige funk.
Maar er was niet alleen die fenomenale stem, die soms aan Candi Staton herinnerde, ook de gitaar van Paul W. Willemsen klonk al even verbazingwekkend. Zeker geen krachtpatserij, maar vooral de met zorg gekozen klankkleuren, niet zelden met vintage rock-'n-roll tinten, spraken tot de verbeelding.

Dit was één van die optredens waarin zowat alles klopte en de songs stuk voor stuk de plaatversies overtroffen. Slechts één keer lukte dat niet: "When all is said and done" klonk me toch iets te glad. Maar dat bleek uiteindelijk een te verwaarlozen detail in een grandioze set waarin Michelle David het publiek in extase wist te brengen.
Dat publiek mocht tijdens de bis, "Yeah yeah yeah", nog een keer massaal meebrullen, waarna het voldaan en uitgeput huiswaarts kon trekken.

Organisatie: Les 4 Écluses, Dunkerque

Eric Clapton

Eric Clapton - Een Master Class in de Blues

Geschreven door

Eric Clapton - Een Master Class in de Blues

Op 81-jarige leeftijd hoeft Eric Clapton niemand meer iets te bewijzen, maar in een uitverkochte AFAS Live in Antwerpen liet de Britse legende zien dat zijn passie voor de blues nog even vurig brandt als in zijn jonge jaren. De avond voelde als een cirkel die rond was, mede door het voorprogramma van Andy Fairweather and the Lowriders. De decennialange vriendschap en muzikale geschiedenis tussen Andy en Eric zorgde voor een warme sfeer die de toon zette voor een avond die volledig in het teken stond van vakmanschap en de muziek die hen beiden al die jaren heeft geïnspireerd.

Eerlijk is eerlijk: tijdens de eerste nummers van de elektrische set was het nog even zoeken. Een diesel op leeftijd komt nu eenmaal wat trager op gang, en de precisie in de vingers en de afstelling met de zaal hadden even tijd nodig om de ideale temperatuur te bereiken. Maar eenmaal aan het draaien, was er geen houden meer aan. Clapton werd geflankeerd door een begeleidingsband uit de duizend, waarbij de synergie met gitarist Doyle Bramhall II voelbaar werd bij elke noot. In de ritmesectie legde Nathan East op bas, samen met de krachtige drums van Sonny Emory, een stevig fundament. Op de toetsen werd de diepgang bewaakt door oudgediende Chris Stainton, terwijl Tim Carmon op zijn Hammond B3-orgel voor diepe, ronkende soul-accenten zorgde. De achtergrondzangeressen Katie Kissoon en Sharon White tilde de nummers naar een bijna spiritueel niveau.
Vanaf de Cream-klassieker “Badge” vonden de muzikanten elkaar met de ogen dicht, waardoor Clapton alle ruimte kreeg om zijn Stratocaster te laten zingen. Het concert ontpopte zich tot een meesterlijke reis, waarbij de band naadloos schakelde tussen de rauwe blues van “I'm Your Hoochie Coochie Man” en de groove van “I Shot the Sheriff”.
Het meest breekbare moment van de avond diende zich echter aan bij de start van het akoestische blok. Clapton nam moederziel alleen plaats op een eenvoudig plooistoeltje in het midden van het podium voor Robert Johnsons “Kind Hearted Woman Blues”. De soberheid van dat beeld, een man, een gitaar en de blues, was indrukwekkend. Pas bij het tweede akoestische nummer, “Nobody Knows You When You're Down and Out”, kwam de rest van de band hem weer vergezellen om de intimiteit van de set verder uit te bouwen. De ingetogen versie van “Layla” en de breekbare uitvoering van “Tears in Heaven” toonden aan dat de kracht van Clapton anno 2026 vooral ligt in de beheersing en het gevoel voor nuance.
In de finale ging het volume weer omhoog en kreeg de machine de kans om volledig op volle toeren te draaien. Tijdens het uitgesponnen “Old Love” en de Robert Johnson-klassiekers “Cross Road Blues” en “Little Queen of Spades” ontstond er een prachtige wisselwerking tussen de gitaren en het ronkende orgel van Carmon.
De avond bereikte een kookpunt met het onvermijdelijke “Cocaine”, waarna de voltallige band in de toegift met Bo Diddley’s “Before You Accuse Me” nog één keer alle remmen losgooide.

Het was meer dan een concert; het was een waardig eerbetoon aan de bronnen van de blues, gebracht door een legende en een band die, eenmaal warmgedraaid, simpelweg onverslaanbaar bleek.

Organisatie: Gracia Live

Big Thief

Big Thief – Pareltjes melancholisch hoopvol

Geschreven door

Big Thief – Pareltjes melancholisch hoopvol

We zijn uitermate content het kwartet Big Thief uit Brooklyn, NY, rond Adrianne Lenker en Buck Meek terug live te kunnen zien. Bijna twee uur lang werden we in hun unieke muzikale wereld ondergedompeld en die het genre van de indiefolk/rootsamericana in het hart draagt. Met steeds opnieuw een pak songs die we nog niet hebben gehoord …

Big Thief is één van die pareltjes die de ‘next big thing’ is ontgroeid , een band waar we soms geen vat op kunnen krijgen, en die steeds ons weet te verrassen. Ze dwarrelen ietwat tussen underground en bekendheid. De fijne respons, die ze steeds verkrijgen, doet hen deugd. Voor wie dacht net een rits songs te horen van ‘Double infinitiy’, de zesde plaat die in het najaar van 2025 verscheen, was eraan voor de moeite, want Big Thief stelde live vooral nummers voor die in de pipeline stonden, gecombineerd met een handvol doorheen hun tienjarige carrière.
Big Thief, na al die jaren nog even creatief, inspiratievol, opwindend in het genre, zeker als je er de eerste jaren op nahoudt want toen verscheen materiaal bij de vleet, met de doorbraak ‘Masterpiece’ en de kleppers ‘UFOF’- ‘Two hands’. De laatste vijf jaar waren gemoedelijker, twee albums uit in die jaren, gezien Lenker de tijd nam om ook solo haar muzikaal ei kwijt te kunnen. Maar goed, Lenker en C° hebben elkaar terug gevonden , met een nieuwe bassist en een sterk muzikaal goed in het indiegenre om verder op te bouwen.
… En live zat het goed. De nummers klonken meeslepend, aanstekelijk, spannend, broeierig en zoals we het van hen beginnen gewoon te worden, altijd oog voor spliksplinternieuw werk. De laatste keer dat we hen zagen na corona op Werchter was dit ook zo. Bijna de helft van de songs moeten nog op plaat komen en van de recente plaat kwamen er maar een paar, o.m de single “Incomprehensible”, pas op het eind van de set.
Tja dat is Big Thief zeker, je als een dief in de nacht bij de neus nemen , met gelaagd materiaal in een soort jamming, die intens, hecht, subtiel uitgekiend is, met ruimte voor een solo hier en daar. Melancholisch hoopvol waarbij Lenker, 35 intussen, de angst van het ouder worden aanhaalt, maar zich tracht te verzoenen met het leven zoals het is. Hoedanook , met hun muziek is het net prachtig om oud op te worden
Muzikaal doet soms denken aan The Band, The V. U., Joni Mitchell, Emmylou Harris, The Feelies, Daniel Lanois, Pearl Jam en Neil Young.
Lenker, zoals steeds, is wat onwennig op het podium , maar haar gitaarvirtuositeit schiep haar vertrouwen, waardoor de band goed op elkaar was afgestemd en het publiek deed genieten van hun elegante ruwe schoonheid, twinkelend weemoedig, gedragen door haar kenmerkende mompelende, neuzelige, gevoelige lichthese vocals.
Het geheel klonk sfeervol, warm, charmant en vergat de rauwe, snijdende kantjes niet. Integer, innemend, sprankelend, dynamisch emotievol dus.
Die muzikale wereld begon met “Baby honey sweetheart darlings”, letterlijk een ‘sweetheart darling’ binnen hun stijl , sober en mooi opgebouwd. De eigen nummers van Lenker kregen hier af en toe ook een plaatsje, in de beginfase “Carry” , die natuurlijk een Emmylou deed opborrelen.
We kwamen vertrouwd in de stemming met enkele songs doorheen hun oeuvre; die mochten er zijn,  “Certainty”, “Masterpiece”, “Shoulders” en “Real love”, die een broeierige spanning en friste hadden, zonder het dromerige element te verliezen. Klepper was natuurlijk “Not”, eentje om te koesteren en ons bij de leest houdt door de indie hoog in het vaandel te houden met intrigerende kleurrijke partijen en een (g)rauwe solo. Eentje die tekent bij Neil Young & z’n Crazy Horse of Promise of the real .
Tijd voor de nieuwtjes in de pipeline , het met de kersttijd geschreven “Xmas day”, “Mr man” en “Pterodactyl” , sfeervol van opbouw , maar die crescendo gewijs krachtiger klonken en met talrijke tempowissels het boeiend hielden. Dat is nu net Big Thief, het publiek als zichzelf steeds verrassen door iets nieuws te brengen en door geconcentreerd allerhande stekelige wendingen in het genre te hanteren. Tussenin nog een “Simulation swarm” , “Vampire empire” en Adrianne Lenker nummers als “Terminal paradise” en “Anything”.

Met “Paul”, aangemoedigd door het enthousiaste publiek, uit hun debuut, werd overtuigend besloten. Een “Cattails” en “Forgotten eyes” lijken in deze tour opgeborgen, maar we kregen voldoende pareltjes van deze intellectband te horen in een melancholisch hoopvol concept die onze batterij hebben opgeladen om er steeds opnieuw tegenaan te gaan.
Na de tour in Frankrijk, UK en Ierland onder meer, komen ze begin juni in ons landje. Neem deze band alvast mee!

Organisatie: Aéronef, Lille

Triggerfinger

Triggerfinger - Een eeuwige knaldrang!

Geschreven door

Triggerfinger - Een eeuwige knaldrang!

Toen mijn moeder zaliger in pensioen ging en haar voormalige baas zei 'we zullen u missen' repliceerde ze 'niemand is onmisbaar, het kerkhof ligt vol mensen die niet konden gemist worden'. Ze had overschot van gelijk … Om dit persoonlijke verhaal door te trekken, in de muziek zijn er bands waar elke schakel zodanig belangrijk is dat, als er één verdwijnt, alles in elkaar kan zakken …
Neem nu Triggerfinger (****), de oorspronkelijke formatie bestond in 1998 uit Ruben Block, Mario Goossens en Wladimir Geels en oogstte daarmee veel succes. Het echte blok graniet werd gevormd in 2003 toen Paul  'Lange Polle 'Van Bruystegem Geels verving. Als een niet aflatende stoomtrein denderde Triggerfinger van de kleine naar de rote podia, speelde festivals plat en drukte zijn stempel op de rock’n’roll in ons landje. In 2023 verliet Lange Polle de band wegens gezondheidsproblemen én in n 2025 overleed hij op amper 66 jarige leeftijd. De band zette echter door, en met nieuwe bassist Geoffrey Burton, stonden ze nu in een uitverkochte AB. Het gemis is groot, maar de eeuwige knaldrang blijft nog steeds stevig overeind …

De band gaf al aan niet bij de pakken te blijven zitten en is aan nieuw werk bezig. Met de  nieuwe song “Geronimo” bezorgde Triggerfinger ons een eerste uppercut. Het viel ons op hoe het nummer niet moest onderdoen op hun oudere kleppers door de heel herkenbare riffs, en de typisch kenmerkende Triggerfinger sound. Het belooft dus ruim negen jaar na de voorganger 'Colossus'.  “By Absences of the Sun”, “Short Memory Love” en  “First Taste” volgden. Sterk. “Stars”, ook een nieuwtje, ging erin als zoete koek.
Ruben trok zijn vestje  uit, stoof als een waanzinnige over het podium en brieste als een losgeslagen stier. Mario verpulverde zijn cimbalen, ging soms recht staan en porde het publiek aan en tot slot bassist Geoffrey speelde rauwe baslijnen. Een vlijmscherpe sound en geheel. Kortom, hier stond een brok graniet die uit een diep dal was gekropen, en met een ferme mokerslagen iedereen verpulverde.
Het publiek ging gretig mee in het muzikaleverhaal, en we zijn er zeker van dat Lange Polle met een brede glimlach hierboven meegenoot van de triggerfinger return. “Flesh Tight” en “Black Panic” zetten de snedige, stevige trend verder. Rustpauzes waren er amper, het klonk verpletterend emotioneel en de solo’s waren subliem, intens.
Een wervelende finale kregen we met onbreekbare songs als “Is It” en in de bis “Come Clean”. “Let it Ride”, wuifde ons definitief uit.  Wat een muzikale rit!
Triggerfinger bracht in deze comeback het ultieme rock feestje, de blik vooruit! Wat een gedrevenheid, speelsheid en enthousiasme. Triggerfinger knalde opnieuw en iedereen heeft het geweten in de AB! Triggerfinger is meer dan springlevend!

Setlist: Geronimo - Colossus - By Absence of the Sun - Short Term Memory Love - First Taste - That'll Be the Day - No Trouble - Stars - Perfect Match - Flesh Tight - Through the Beam - Love Lost in Love - Black Panic - All This Dancin' Around - Is It
Encore: Come Clean - I Follow Rivers (Lykke Li cover) - Let It Ride

Organisatie: Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

Monstrosity

Monstrosity - Monstrosity had geen support nodig!

Geschreven door

Monstrosity - Monstrosity had geen support nodig!
Monstrosity, Bio-Cancer, Reject the Sickness, Deadwood

Terwijl in Trix Antwerpen Abbath en Vomitory de zaal vulden, bleek dit toch enigszins een tegenvaller op deze avond van Monstrosity  en hun support-acts in Kortrijk, meer bepaald in het gezellige zaaltje van De Verlichte Geest.
Ik schat dat er een 80-tal aanwezigen in de kleinere zaal (de grote zaal was dus allesbehalve nodig) waren, en de meesten schoven pas aan toen de hoofdband uit Amerika bijna aan hun set ging beginnen.

Er waren dus enkele bands die deze avond mochten helpen tot een goed einde te brengen, en ik trapte de avond af met Reject the Sickness. Deadwood stond blijkbaar voor de meesten wat te vroeg geprogrammeerd, en dus ook voor mezelf.
Reject the Sickness is dus een Belgische band en speelt een mix van metalcore, aangevuld met wat melodische death metal erin. Zanger Guy Vercruysse heeft een geweldige strot en aarzelde niet om deze in verschillende facetten te gebruiken. De variatie van grunts, screams en wat cleanere vocalen zorgen voor extra diepgang, en ik moet  toch wel zeggen dat hij het nodige vuur in de muziek bracht.
Toppertje tijdens de set was zonder twijfel “Chaos vs Chaos” die aantoont dat er meer dan genoeg kwaliteit in de band zit. De drums hoorde je diep tot in je buik stompen dus de klank zat meer dan goed in dit zaaltje. Spijtig genoeg vooraan minder enthousiasme, maar de band probeerde zo goed als mogelijk het niveau aan te houden. Het obligatoire applaus voor de andere bands werd afgerond en als toemaatje kregen we nog het titelnummer van hun laatst release uit 2025 – “Signs of the End” mee die deze energieke set afsloot.

De volgende band was mij minder bekend, Bio-Cancer uit Griekenland was de naam, maar ik vrees dat deze show enkel in mijn korte termijn geheugen zal blijven hangen. Eerst en vooral toch de opmerking dat de zang enthousiast klonk, spijtig genoeg was er geen variatie te bespeuren en was het moeilijk te horen wat die kerel in feite zong. Hij zong alvast heel rap om het tempo van de gitaren te volgen hehe. De galopperende riffs van deze Thrash band waren wel heel goed, de backing vocals een leuke verademing, maar ik kon mij niet van de indruk ontdoen dat ik naar 1 lang nummer aan het luisteren was gedurende hun set van ongeveer 40 minuten. Goeie poging, maar het geroezemoes achteraan de zaal bevestigde mijn opinie.
Aan de aanwezigen, schrijf Griekse Thrash niet af na deze ervaring, want er zijn genoeg toppers uit die contreien te ontdekken!

En toen was het tijd voor de hoofdband van deze avond: Monstrosity - in feite de enigste band die de meesten wilden zien denk ik. Neen, support acts heeft deze Amerikaanse Death metal machine niet nodig. Drummer Lee Harrison zette zijn koptelefoon op en tikte op zijn simbalen om de show te starten met het machtige “Definitive Inquisition” van hun debuutplaat ‘Imperial doom’.
Zanger Ed Webb die actief is bij de band sinds 2021 stond wat statig op het podium, maar zijn imposante verschijning en grimas keken je veelzeggend aan. De volle riffs in dit nummer lokten de aanwezigen wat dichterbij en de hoofdjes deinden lekker mee op de versnellingen die dit nummer rijk zijn.
“Final Cremation” van hetzelfde album was de perfecte aansluiting zodat in hetzelfde spoor werd gebleven van energie en aanvoeling. Midden maart hebben ze hun laatste album vrij gegeven getiteld ‘Screams from Beneath the Surface’ die heel lovende reacties heeft gekregen. Uiteraard heb ik deze al meermaals beluisterd, en ik kan mij alleen maar aansluiten dat dit album een pot lekkere Death metal bevat.
Van dit album werden nummers “Banished to the Skies”, klasbak “The Colossal Rage” waarbij de tekst will end your life krachtig uit de strot van Mr. Webb spuwde, “Spiral” en afsluiter “Slaves to the Evermore” gespeeld. Maar voorlopig kan niks tippen aan de oudere albums van hun beginperiode!
Het zweet druppelde van de muzikanten maar de interactie met het publiek bleef beperkt, mij niet gelaten, hoe meer nummers ik live kan horen ipv over koetjes en kalfjes te leuren, des te beter!
Het oudere werk dan maar, en dit materiaal blijft toch lekker diep en vol klinken! “Manic” van in mijn ogen hun beste album ‘Millenium’ zit wederom boordevol riffs, gigantische drumpartijen en een volle strot die de kunst van Death metal samenvat.
Ook kwamen ze nog op de proppen met een cover van Bathory genaamd ‘”Total Destruction”, de kers op de taart van dit optreden.
Het afscheid duurde niet lang, éénmaal zwaaien richting het volk en weg waren ze. Zo sluit ik graag mijn dinsdag af haha, met pure Death metal van een steengoede band!

Organisatie: DVG Club, Kortrijk

Cat Clyde

Cat Clyde - Frisse kijk op traditionele muziekvormen

Geschreven door

Cat Clyde - Frisse kijk op traditionele muziekvormen

De Zwerver nodigt niet zo vaak singer-songwriters uit, maar wanneer dat wel gebeurt, worden die met zorg geselecteerd en blijken het meestal artiesten van een uitzonderlijk kaliber. Zo staat het optreden van Kassi Valazza, vorig jaar ook in het café, nog steeds op mijn netvlies gebrand. Na haar verbluffende set op Leffingeleuren 2024 leek het erop dat we met Cat Clyde een concert van hetzelfde niveau mochten verwachten.

Tijdens de twee Belgische haltes van de tour (De Roma en De Zwerver) mocht de Brusselse Maya Teklal het voorprogramma verzorgen en dat leek me een logische keuze. Zoals zoveel anderen begon Maya Teklal tijdens de lockdown met het schrijven van songs. Als grootste invloeden noemt ze Haley Heynderickx en de haast onvermijdelijke Adrianne Lenker. Dat leverde eigentijdse indiefolk op waarin af en toe een zweem van de klassieke seventies singer-songwriters opdook.
Maya Teklal bracht een reeks sterke nummers waarvan het broze "Mother song" en het met heerlijke hoge ooh-oohs opgesmukte "Ocean" me het meest zijn bijgebleven. De sobere begeleiding bleef beperkt tot haar akoestische gitaar, aangevuld met een tweede gitarist die afwisselend akoestisch en elektrisch speelde.
Vooral op elektrische gitaar liet die laatste zich opmerken met enkele fraaie accenten. Helaas konden we die nauwelijks horen en leek het alsof hij Teklal vooral niet wou storen. Gelukkig bleef die hemelse, bijzonder wendbare stem me de hele set verbazen.
Maya Teklal ontpopte zich tot een aangename verrassing van wie ik hoop haar ooit met een volledige band terug te zien.

Cat Clyde, die Métis-roots heeft, groeide op in de landelijke omgeving van de Canadese provincie Ontario, waar ze momenteel nog steeds in Stratford woont. Haar eerste podiumervaring doet ze op bij The Big Wheels, een band, opgericht door een plaatselijke muziekwinkel, die het niet verder schopt dan enkele optredens op braderieën maar wel de kiem zaait. Later volgde nog een surfpunkgroepje, The Shitbats, waarna ze in 2017 solo debuteerde met het album ‘Ivory castanets’.
Dit jaar verscheen haar zesde studioplaat, ‘Mud blood bone’, een album dat nu al lijkt te solliciteren naar een plek in  de eindejaarslijstjes.
Na een instrumentaal opwarmertje van de band begon Cat Clyde haar set met "Where's my love", tevens het openingsnummer van die laatste plaat, die ze zo goed als volledig zou spelen. Tweede song was "My love", een cover van de Marty Robbins-hit uit 1960, waarbij ik me afvroeg hoe ze ertoe komt zo'n oud nummer te coveren en het zelfs boven het origineel te laten uitstijgen. Het was meteen een treffend voorbeeld van wat Cat Clyde zo uniek maakt: haar frisse kijk op traditionele muziekstijlen als blues, soul, folk, jazz en zelfs rock-'n-roll. Die interesse in dat brede scala aan stijlen is misschien niet zo verwonderlijk als je weet dat ze op haar dertiende gitaar leerde spelen aan de hand van de akkoorden van Leadbelly en Robert Johnson.
De muzikanten van de plaat waren er niet bij. Ze liet zich begeleiden door een tourband bestaande uit bassist Frank Styles, drummer Danny Jerome en gitarist Laurence Hammerton. Drie competente muzikanten, elk een boerensjaaltje om de hals geknoopt, die wat in de schaduw bleven van hun nochtans niet bijster grote werkgeefster.
Clyde bleef alle aandacht opeisen met haar indrukwekkende, soepele stem, doordrenkt van een heerlijke twang, en haar onnavolgbare mimiek. Het leek wel alsof ze voor elke zinsnede een andere gelaatsuitdrukking had. Die verongelijkte blikken tijdens het rockabilly-achtige "Man's World", waarin ze het heeft over het zich verweren tegen een door mannen gedomineerde wereld, waren onweerstaanbaar.
Het werd een set met louter hoogtepunten, al sprong "Dark back" er toch nog uit: zwevende countryfolk met borstelende drums die aan Gillian Welch deed denken. Ze had eerder al vermeld dat ze jarig was, maar toen de drummer haar een gebakje met een kaarsje aanbood kon een door het hele café voluit meegezongen "Happy Birthday" niet uitblijven.
Cat Clyde bleek een onvervalst natuurtalent dat met haar rauwe, levendige zang en begeesterende songs alle harten voor zich won. Na een sensationele set kwam ze nog één keer terug voor een ingetogen soloversie van "The river", afkomstig van haar tweede plaat uit 2019. 

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

My Sleeping Karma

My Sleeping Karma - Een dunne lijn tussen concert- en mediatieve beleving

Geschreven door

My Sleeping Karma - Een dunne lijn tussen concert- en mediatieve beleving

My Sleeping Karma
combineert stoner rock met een vleugje psychedelica. De Duitse Psychedelische rock band is al sinds 2006 bezig. Hun platen hebben een spirituele achtergrond. Ook live is My Sleeping Karma een totaalbeleving. In 2016 schreven we nog (Trix) ‘de muziek van My Sleeping Karma dien je vooral te beluisteren met een open geest, en het verstand op nul. Dus niet alleen puur met het gehoor. Muziek die je dus vooral moet 'voelen' om echt te begrijpen.’
We hebben ze nog enkele keren gezien op festivals als Dunk!festival en Desertfest,
Nu waren ze te gast in een goed volgelopen De Casino. Een blij weerzien.

De formatie Colour Haze (****) bewoog zich op hetzelfde spirituele paadje als de hoofd act. De psychedelische sound overheerste door de gitaarloops en de warme vocals. Het werkte hypnotiserend, mede door de beelden op het scherm. Een totaalbeleven dus.
De strakke, swingende ritmesectie, de warme fuzz gitaar klanken en die repeterende, aanstekelijke, langgerekte improvisaties maakten de brug van de psychedelica van de jaren 60 en 70 naar het ‘nu’, met een krachtig, modern geluid. Resultaat een overtuigende ‘overweldigende’ ervaring.

My Sleeping Karma  (****) trok de lijn door met langgerekte, kleurrijke instrumentale pracht en uppercuts. Elementen uit de Oosterse cultuur worden toegevoegd aan hun kenmerkende psychedelische stoner. Mooi en uniek binnen die scene.
Bindteksten zijn zeldzaam, My Sleeping Karma laat hier de muziek voor zich spreken. Meteen zaten we in die wondere muzikale wereld met “Prithvi”, “Drannel Xu IIop” en “Brahama”. Het tempo wordt opgedreven en we komen terecht in die Oosterse ‘zen’. “Akasha” en “Hymn 72” zijn sterkhouders.
De band is terug begonnen met liveoptredens na het overlijden van drummer Steffen Weigand in 2023. Emoties hieromtrent borrelen terecht op. Je voelt de pijn en het verlies, maar ook troost, moed en doorzetting.
De concert- en mediatieve beleving kruisen elkaar. Indringend, ondergaan en letterlijk beleven. Een muzikaal warme omhelzing. We werden erna terug in de dagdagelijkse realiteit gedropt.
Een bijzonder spiritueel getint avondje, met die Oosterse tint van twee interessante bands,  My Sleeping Karma en Colour Haze.

Setlist: The Four Horsemen (Aphrodite's Child song) – Prithvi - Drannel Xu IIop - Tamas - Brahama - Ephedra - Maya Shakti - Prema - Akasha - Psilocybe - Hymn 72
Encore: Ahimsa - Ain't Nobody  (Rufus & Chaka Khan song)

Pics homepag @Sven Dullaert

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas)

Pagina 9 van 394