Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15418 Items)

Husky

Forever so

Geschreven door

Uit Australië, Melbourne komen ze overgewaaid , dit kwartet van songschrijver Husky Gawenda. Dromerige , sfeervolle, broeierige indiepop horen we onder z’n hemelse, droefgeestige stem . En net als bij bands Fleet Foxes , Grizzly Bear, Midlake, Bon Iver en Isbells hoor je hier een prachtige backing stemmenpracht , die de songs kleur geven.
Eerst hadden ze in eigen beheer ‘Quiet little rage’ uit (2008) , maar met deze plaat (eigenlijk) een tweede debuut, mikken ze op Europa . Dertien afwisselende , ontroerende songs die lekker wegdromen en  je meevoeren op de golven van de zee.
Geniet van de subtiel kracht en finesse van songs “Tidal wave” , “History’s door (sterkste nummer van de cd !), “Hunter” , “Don’t tell your mother” , als de soundtrack neigende  “Instrumental” en de titelsong.
Een ontdekking waard en nu maar hopen dat ze hier airplay verkrijgen …

Isbells

Stoalin’

Geschreven door

Isbells dwarrelt graag in de muzikale leefwereld van Crosby, Stills & Nash ; Elliott Smith, Nick Drake en José Gonzalez. En te situeren, ergens tussen Bon Iver, Iron & Wine, Kings of Convienence, Band Of Horses en Fleet Foxes; zijn ze toe aan de tweede cd , ‘Stoalin’ , die enerzijds akoestisch ingehouden klinkt, maar anderzijds net als Bon Iver durft elektrischer, frisser, krachtiger te gaan , en breder is gearrangeerd, ondersteund van een zachte, zalvende, meerstemmige en hemelse zang, aangevuld met ‘Duyster’-dame Chantal Acda .
Een herfstig klanken palet  en een haard/kampvuur gevoel blijft behouden door de dromerige, innemende, beklijvende songs.
De elektrische gitaar, mandoline, steelpedal ( allemaal btw van Gianni Marzo!)  en een uitwaaierende blazer met dubbele percussie trekt een intens, stevig geluid open. Pakkende melodieën in rijk geschakeerde arrangementen .
Kortom , Isbells van Gaëtan Vandewoude blijft garant staan voor aantrekkelijke, aangename , sfeervolle , catchy ’mijmer’ songs . Kenmerken: pure schoonheid , subtiele betoverende geluidjes , stemmenpracht, een melancholieke ondertoon en soms een weelderig arrangement; “Heading for the newborn”, “One day” , “Elation” en “Erase & detach” zorgen voor afwisseling en progressie in het typische Isbells’geluid .

The Waxbills

When Loves Comes

Geschreven door

Het Canadese The Waxbills van sing/songwriter Nathan Warriner, al van 2008 actief,  focust zich op Europa met hun derde plaat ‘When loves comes’ . We hebben hier aanstekelijke poprock met subtiel uitgekiende ritmes en een sterke emotievolle zang. Soms komt  in de pittig gedreven rocksongs Bush van Gavin Rossdale bovendrijven, maar het trio wisselt voldoende af , en gaat soms richting country/americana door toevoeging van het gitaargetokkel, banjo en mondharmonica. Van alles wat dus , maar rode draad  is dat het materiaal een hoge hitpotentie heeft .
Uiterst genietbare pop door songs als “First aid kit” , “Break free”, “Blood on the road” , “Bells”  en de titelsong . Toegankelijk materiaal , waarbij dit bandje verdient op de doorsnee radio te worden gedraaid . Fijne nieuwkomer!

http:// www.waxbills.com

Labasheeda

Castfat Shadows

Geschreven door

 

Labasheeda uit Amsterdam lijkt me een goed bewaard geheim … Ze zijn al toe aan een derde plaat  en ze brengen een afwisselend geheel van broeierige, sfeervolle en rauwe emotievolle rammelrock. De songs hebben een melodieuze ondertoon en weten te raken .
Ze gaan van een snedig, gedreven “Detective song” , “On tippy toes” en  “Castfat shadow”, naar een intense “With drawn” en een repetitief opbouwende “Fake Italian” en “Last ride” . De toegevoegde vioolpartijen op sommige songs als “Double exposure” en  “Intertwined” zorgen voor een bredere sound en geven kleur. Een boeiende plaat dus, die een Magnapop en Kim Gordon jaloers kunnen maken .
Dit is een band die met deze plaat in ons landje  kan overtuigen. Sterke plaat!

Video
http://www.youtube.com/watch?v=WeXmYmDpZQc&feature=plcp

Info http://www.labasheeda.nl

Delorentos

Little sparks

Geschreven door

Ze zijn al een tijdje bezig , dit kwartet uit Dublin Ierland . Ze hebben met de derde plaat ‘Little sparks’ een evenwichtig, consistent, fris album uit.
De songs zitten goed in elkaar, zijn kwalitatief sterk en subtiel uitgewerkt . Vaardig materiaal met een folky tune . “Did we ever really try”, “Bullet in a gun” en “Care for” trekken meteen de aandacht  en liggen in de lijn van een Two door cinema club, Sons & Daughters  en Los Campesinos ; pas op het eind wordt gas teruggenomen en klinken ze wat rustiger, sfeervoller en meer ingenomen. Fijne plaat!
Info op http://www.delorentos.net

FeestinhetPark 2012 - donderdag 23 augustus 2012

Geschreven door

 

FeestinhetPark 2012 - donderdag 23 augustus 2012
FeestinhetPark 2012

Vier dagen Feest in Oudenaarde … wat begon als een ééndagsfestival in het stadspark is nu uitgegroeid tot een gezellig 4-daags festival aan de Donkvijvers. Het festival dringt zich op en eigent zich een uniek plaatsje op na de Lokerse Feesten, Festival Dranouter en staat opnieuw na Pukkelpop geprogrammeerd .
De organisatie kon terugblikken op een gevarieerde, kleurrijke affiche, een muzikale smeltkroes; de samenwerking was er (opnieuw) met de Gentse scène en de Charlatan; en naast de (Elektropedia) Redbull stage was er ook het eigen café Kaffee Hyppo, stageplaatsen voor DJ talent (van eigen bodem) …
De organisatie trekt vooral de kaart van sfeer en gezellig samenzijn: een prachtig sfeerrijk decor (de opmerkzame indeling van de tenten op het terrein, de knap aangeklede podia, de ruimte, de wirwar aan lichtjes, een reuzenrad, …), de partysfeer, de ontspannen vibe, de publieksvriendelijkheid en een fantastisch publiek … Het is heerlijk vertoeven op FihP! De 17e editie werd een groot succes met opnieuw ruim 40000 bezoekers.

dag 1 – donderdag 23 augustus 2012

Customs gaf het startschot. Het kwieke combo, strak in het pak, had er wel zin in en trok direct fel van leer. Met "Toupee" en "Velvet love" maakten ze het jonge publiekje nieuwsgierig. Ze deden hun uiterste best en de livestatus van het Leuvense viertal won. Een overtuigende set met in de slotfase kleppers als "Justine", "Rex" en "Harlequins of love". Frontman Kristof Uittebroek zal de komende maanden met zijn nieuw project August Albert op pad gaan, eerste single "Such a fool" wordt gelanceerd in september.

Het feestgezelschap The Slackers openden in de Charlatan tent. Met hun aanstekelijke mix van ska, dub, soul, jazz en reggae brachten ze de vroege vogels - onder een stralend zonnetje- aan het shaken. Het zestal gaf zich zoals altijd volledig en in ‘no time’ waanden we ons op een Jamaicaans of Braziliaans strand. Een beetje jammer dat ze zo vroeg geprogrammeerd stonden; gerust mogen ze een volgende keer hoger op de affiche. De up tempotunes sloegen in als een bom; deze live sensatie toverde een glimlach op ieders gezicht!
Het zestal, al ruim 100 optredens per jaar, genoot er duidelijk van!

Ze is/wordt een grote madam, onze Gentse New Yorkse Trixie Whitley, vroeger nog solo, nu op tour met 3 muzikanten. De dochter van Chris Whitley, 25 intussen,  is geëvolueerd tot een volwaardige artieste met een DIY attitude. De spontane lady met de klok heldere, indringende stem stelde haar (nieuwe) werk voor van "I'd rather go blind", "Thousand thieves" en "Pieces", die een sterke respons verkregen van een bijna volle Grand mix tent. Haar soulvolle vocalen imponeerden, ze etaleerde haar klasse achter de pianovleugel en toonde even later haar gitaarkunsten; kortom, een présence om U tegen te zeggen. Trixie deed het op haar eigen ‘naturelle’ manier, vertederend en extravert.
Het debuut verschijnt binnenkort en zal gensters slaan; de kwalitatieve liveset kan dit enkel maar bevestigen …

DJVC , aka JasperVan Cauwenberghe, kon in de knapste setting van de site, de Kaffee Hyppo stage,  zijn ding doen. Een thuismatch voor het 21 jarige dubsteptalent uit Oudenaarde, die voor dit event door een eersteklas opzwepende MC-er  werd bijgestaan ... Een ruime schare (lokale) aanhangers gingen volledig in die energieke dubstep op, die Jasper door de boxen knalde. Deze jonge gast zit niet stil, hij knutselt zelf tracks ineen en heeft al enkele goed onthaalde EP’s uitgebracht. Deze dj/producer heeft een volle agenda, draait op steeds groter wordende feestjes en heeft dus duidelijk heel wat in zijn mars. Beloftevol!

Ook de inrichting van de Elektropedia Red Bull stage was de moeite … One87 & MC Mush openden hier ‘het bal populaire’ …Pompende drum 'n’bass is hun handelsmerk, die ze verweven met flarden jungle, dub en hiphop. Het jonge volkje genoot er ten volle van, en ondanks de concurrentie van de 3 andere podia, konden ze rekenen op heel wat belangstelling! One87, bezieler van Fried Chicken records + één van de drijvende krachten achter 'Star Warz', en MC Mush waren de ideale geleider voor Fred V & Grafix

De Kortrijkzanen van Goose tekenden vorige week al voor één van de meeste bewierookte sets op Pukkelpop. Benieuwd waren we of ze hier hetzelfde kunstje konden herhalen...
Dezelfde furieuze start herkenden we met een dreigend "Can't stop me know" en een catchy "British mode", ondersteund van een spraakmakende lichtshow, die een absolute meerwaarde is voor hun spetterende en stomende liveset. Hun mix van elektronica en gitaren bekoort een ruim dans- en rockend publiek. Het nieuwe "Real" - van de binnenkort te verschijnen nieuwe plaat - sloeg in met typische eighties synths; nog twee nieuwe tracks volgden.
De majestueuze "Black gloves", "Everybody" en "Bring it on" pompten en veranderen de tent in een uitgelaten, kolkende dansmassa.
De apotheose kwam er met het zwevende, spacey "Synrise" en een lang uitgesponnen groovy " Words" , die door de rits strobo's , de ultieme bommetjes werden.
Goose acteert op erg hoog niveau en we zijn uiterst nieuwsgierig naar die derde plaat …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/feest-in-het-park-2012/

Organisatie: FihP, Oudenaarde

 

FeestinhetPark 2012 - vrijdag 24 augustus 2012

 

FeestinhetPark 2012 - vrijdag 24 augustus 2012
FeestinhetPark 2012

Nieuwsgierig waren we op dag 2 naar Dope D.O.D, 4 Nederlanders die al support waren voor Limp Bizkit en Korn. De link met De Jeugd Van Tegenwoordig was snel gelegd, al doet Dope D.O.D het wel met Engelse rhymes. Hun sound, een mix van rap, hip hop en wat dubsteparrangementen, versmolten met de nodige vuilbekkende raps, is het visitekaartje van deze 'tough guys'. Het jonge publiek was te vinden voor de rauwe sound, hoewel wij het nogal eenduidig en monotoon vonden.

In de Charlatantent kon Feadz op een bomvolle tent rekenen … nu, dat kon aan hem liggen ofwel aan de kletterende regenbui die voorbijtrok? De Franse electro wizzard die bij het hippe Ed Banger label zit, speelde een overtuigende set. Onder futuristische visuals creëerde hij een sterke présence; Wat een uitgelaten sfeertje. Hij mixte een dansbaar setje ineen waarin hiphop en electro hand in hand gingen. Hij is één van de ‘rising stars’, heeft een samenwerking met o.a. Mr Oizo en is het muzikale brein achter Uffie .

Zijn landgenoot Kavinsky was er even later te zien. Momenteel is hij erg gekend met de "Nightcall" - soundtrack van ‘Drive’. Eerder het jaar stuurde hij z'n kat naar Karma Hotel maar de goede critics leerden uit te kijken naar z'n performance.
Invloeden van de Parijse housescène integreerde hij en we kregen verder een catchy setje; oude classics en nieuw werk werden perfect gemixt.
Tot ver buiten de tent liet hij iedereen genieten waarin z'n skills en trics veel lof oogstten.
Eén van de absolute hoogtepunten dit weekend!

Met Arsenal stond een groep, die in het verleden al verschillende keren de affiche kleurde. Dat ze erg geliefd zijn kon je meteen merken aan een goedgevulde Grand Mix. Openen deden ze sterk met “High Venus” gevolgd door het mooie “Estupendo”.  Op die manier was de miezerige regen vergeten. Met nummers als “Longee” en ‘”Saudade” gingen ze op dit elan verder. Geen enkele andere band die er in slaagt zo een zomers gevoel bij de mensen te brengen. De temperatuur in de tent steeg, zo hard zelfs dat een vurige fan haar slipje op het podium smeet, wat als een trofee aan de microstatief van frontman John Roan werd gehangen. Halverwege hun optreden werden ze bijgestaan door Baloji (ex Starflam) die meezong op “Personne ne bouge”. Zangeres Leonie Gysel maakte ‘opnieuw’ indruk met haar sterke vocals, en haar zwoel blik en sensuele bewegingen waren aangenaam om naar te kijken. John op zijn buurt was de ‘spring-in-tveld die de vaart er in hield, en de groep voortstuwde. Voor ons is het duidelijk dat Arsenal er nog steeds in slaagt prachtige nummers te maken, waar je een heerlijk zomers gevoel van krijgt.

De vorig jaar overstroomde Kaffee Hyppo werd dit jaar gerestyled; een kunststukje van een soort doorkijktent, oplichtende plastieken luidsprekers en een leger moving. Na het gesmaakte optreden van vorig jaar, waren de Dilly Boys er terug. Dik 2 uur lang deden ze hun eigen ding en ze onderscheiden zich moeiteloos van de andere dj’s hier. Ook zij konden op een grote fanbase uit de streek rekenen en brachten iedereen in de juiste mood. De typische Britpopsound met uitstapjes naar soul, rock en r&b is hun handelsmerk. Check eens hun eigen 'Date with the night' feestjes in het Gentse waar live optredens met afterparty’s zijn gecombineerd.

Hun vrienden Hindu radio dj's trokken de door hen opgebouwde vibe door, niet makkelijk gezien op dat moment ook een Arsenal , Kavinsky en Kelis te zien waren. De eclectische sound ging nog een stapje verder dan de Dilly Boys . Een beetje minder volk hier door de concurrentie, maar er is een publiek te vinden voor dit genre.
Het rondreizende rock 'n roll circus is inmiddels een begrip in het underground milieu; dat de organisatie dit soort acts een plaatsje gunde  in de indrukwekkende line-up, is uitermate sympathiek!

Vlak vóór de heren van De Jeugd Van Tegenwoordig de avond in de Grand Mix afsloten, hadden we nog één van de headliners Kelis. De Amerikaanse Diva slaagde er in om 20 min te laat te komen, en na haar aankondiging liet ze het volk nog ruim 3 min wachten. De resterende 35 min die ze voor de boeg had, werden pijnlijke minuten waar ze in de verste verte niet meer het niveau haalde dat we van haar gewoon zijn.  Ze kon soms niet meer dan 4 zinnen toonvast zingen. ‘Proberen’ deed ze wel, ze stond te swingen en drumde eens mee met haar 2 vrouwelijke percussionisten. Enkel tijdens de hitronde van “Bounce”,’ “Acapella” en “Milkschake” keerde het tij, en viel er wat sfeer in de tent te noteren. Kortom, Kelis was maar een ‘mager beestje’, een trieste soms beschamende vertoning. Wat door iedereen kon beaamd worden …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/feest-in-het-park-2012/

Organisatie: FihP, Oudenaarde

 

FeestinhetPark 2012 - zaterdag 25 augustus 2012

 

FeestinhetPark 2012 - zaterdag 25 augustus 2012
FeestinhetPark 2012

De meest geboekte band tijdens de festivalzomer is de vrolijke bende van School Is Cool - hun debuut in Oudenaarde btw - lokten al vroeg een pak nieuwsgierigen. Sterk onthaald werden ze met hun  aanstekelijke songs en de rits hits van hun debuut.
Ze openden met "The world is gonna end tonight"; een hoofdrol nam violiste Nele Paelinck- die aan haar afscheidstour bezig is , aangezien ze naar Argentinië verhuist. De band stelde al nieuw werk voor met " Us junkyard kids" en "I'm not having fun" tussen de gekende tracks van 'Entropology'.
School is Cool speelden niet op safe, zijn sterk geëngageerd en blijven gaan voor een bruisende dynamiek. "In want of something" en "The underside" zetten het feestje verder.
"New kids in town" is beetje de vaste afsluiter, een classic binnen hun uurtje ‘feelgood’ popmusic.

Nog net pikten we de laatste tunes van Lewis mee in de Charlatan tent. Enkele retrotracks hoorden we in de 'harde' set. Riton loste hem af, de sympathieke Brit bracht een uiterst gevarieerde electroset maar moest ondanks de puike prestatie, met lede ogen aanzien hoe het volk afdroop om 't Hof Van Commerce te zien. In dat halfuur draaide hij enkele remixen, die hij maakte voor o.a. Kylie Minogue en M.I.A, en putte hij uit de recente EP 'Ritontime' van het prestigieuze Dim Mak label. Een gemiste kans...


De Grand Mix liep vol voor de West-Vlaamse rap van ‘t Hof Van Commerce. De ‘Gentse ‘ Izegemnaren zijn terug ‘in’ , hebben de harten van het jonge publiekje veroverd en zetten FeestinhetPark op stelten met hun comeback album ‘Stuntman’. Nieuwe nummers als “‘Voe de show’” en “Kletser ip de biln” werden afgewisseld met oudjes “Kom mor ip” en “Zonder Totetrekkerie”. De twee MC’s Flip Kowlier en Serge Buyse liepen als duracellkonijnen op het podium, wisten het publiek op te jutten , en er was ruimte om wat te dollen, Kowlier bracht op unieke wijze een ode aan Goose . De singles “Wupperbol” en “Stuntman” werden net als de vroegere hits warm onthaald. Met “Dommestik en Levrancier” werd de menigte uitzinnig. Mooi om te zien hoe iedereen uit z’n dak ging en de refreinen meebrulde … Met ‘t Hof kregen we een stomend hiphopfeestje … Iemand was zodanig uitbundig dat hij tot in de nok van de tent kroop … Achterna was het feestje voor hem ten einde …

Iets na 20u30 stond Aeroplane klaar. Na  het vette feestje van ’t Hof viel het hier in de Charlatantent wat tegen. De sfeer kon niet opgekrikt worden . De meeste mensen stonden wat lusteloos rond zich heen te kijken, al deed Vito de Luca zijn uiterste best. Zijn set vol zweverige French house, gebracht op een matrix achtige ledwall , maakte een niet al te grote indruk, enkel op nummers als “We can’t fly” en “Superstar” konden we een danspasje bespeuren.  Ook het bekende “Melvin” van Arsenal passeerde de revue. ‘Stilstaan’ en ‘(rond) kijken’ was de danstaal van de toeschouwer …

Black Box Revelation
is deze zomer maar voor een handvol concerten in ons landje door de Amerikaanse tour . Een tweede FeestinhetPark kon niet ontbreken.
Jan en Dries, de coolness zelve, namen een blitzstart met "Do I know you" en "High on a wire" . Een ‘best of’ set was het offensief , waarbij uit alle albums een viertal nummers gekozen werden. Een vroeg rustpunt hadden we met "Never alone/always together" maar voor de rest werd ferm gas gegeven met een jammende Paternoster en de typisch rafelende drums van Van Dijck. Een lauwe respons viel op  - was het publiek murw geslagen door 't Hof?- een afwachtend, soms apathisch publiek zelfs die langs de 'zijlijn' stond toe te kijken ...
We noteerden knappe vertolkingen van "Sealed with thorns" en "Crazy white men"; hier gingen de voorste rijen ‘total loss’ op de rauwe rock 'n blues sound van de Dilbeekse wervelwind. Pas in het slot explodeerden ze met "Gravity Blues" en "Set your head in fire". "My perception" was de ultieme bis – ondanks de nooit aflatende overgave, was de reactie ondermaats … Spijtig …

Groove Armada
van Andy Cato en Tom Findlay,  kwamen tijdens FeestinhetPark een dj-set spelen. Het duo had in een mum van tijd een overvolle tent en zorgde voor een ijzersterke set . Funk, disco en electro waren verweven. Verblindende en hypnotiserende red-light visuals namen de partypeople mee naar 'the next level' en af en toe hoorden we flarden Groove Armada tracks tussen al het dancegeweld. Een aangename verrassende DJ set dus … We hadden het even anders op …  Zo zie je maar …

Van het excentrieke electrocombo Vive La Fête verscheen eerder het jaar een nieuw album, ‘Produit de Belgique’. Ook zij zijn momenteel op vele festivals te zien. Een fijne comeback, gezien het al een tijdje geleden was dat ze hier te zien waren , en ze de buitenlandse optredens wou afwerken . Heel benieuwd waren we dus hoe ze klonken en hoe goed de nieuwe nummers zouden aanslaan.
Op de tonen van “An der schönen blauwen Donau” van Johan Strauss kwamen de in het zwart gehulde heren en dame het podium op . Vanuit een dikke rookwolk verscheen de dynamische frontvrouw Els Pynoo. Onmiddellijk werd “Tokyo” in gezet, een nummer dat niet altijd even toonvast in de oren klonk. Vol overgave bewoog Pynoo zich over het podium en trok ze moeiteloos de aandacht naar zich toe. De schaarse kledij zal daar wel voor iets hebben tussen gezeten. Ook Danny Mommens viel op,  o.m. met “Jesus Christ Superstar”, een cover van de soundtrack uit de gelijknamige filmklassieker.
Het nieuwe materiaal moet nog ietwat gekneed worden . Vive La Fête classics als  “Maquillage” en “Ne touche pas” kregen de sterkste respons. Vive La Fête brengt nu niet meteen de meest complexe en veelzijdige songs, maar de stekelige, hitsende sound en hun  enthousiasme leverden een bruisende set.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/feest-in-het-park-2012/
dankjewel vrienden van Indiestyle voor de hulp)

Organisatie: FihP, Oudenaarde

FeestinhetPark 2012 – zondag 26 augustus 2012

Geschreven door

 

FeestinhetPark 2012 – zondag 26 augustus 2012
FeestinhetPark 2012

Iets later dan gepland verscheen er een donkere man op het podium van de Charlatan tent, gehuld in strak wit pak. De man laat zich de ‘King of da Dance Hall’ noemen … We hebben het over de spraakmakende Beenie Man. Een Jamaicaan op het FihP podium staat garant voor een dik feestje. Openen deed hij met “Toyfriend” en een uur lang raggae/dancehall ‘Beenie’ volgde. Dat hij er heel veel zin in had, kon je duidelijk zien door de interacties en de brede glimlach op z’n gezicht. Heel opmerkelijk was zijn cover “I gotta feeling”  van de Black Eyed Peas, iets wat misschien niet in het rijtje thuis hoort , maar wel de ganse tent deed ontploffen.
De man werd een aantal jaar terug nog door verschillende organisaties van hun affiche geschrapt door opvallende homofobe uitspraken. De man herpakte zich en bood openlijk zijn excuses aan. Op FeestinhetPark ontpopte hij zich als een erg amicale gast , die zijn publiek een leuk muziek dagje wenste te bezorgen .

Absynthe Minded is uitgegroeid tot één van de populairste Belgische bands en daar zijn nummers als “My heroics, part one”; “Envoi” en “Moodswing baby” voor verantwoordelijk. Bert Ostyn en C° putten eerst uit hun nieuwe album 'As It Ever Was'. De invloeden van blues, rock en jazz boden een bijzondere rustieke sfeer waarbij het publiek zachtjes mee wiegde op de tonen van een hemels vioolspel. Hun laatste  single "Space", die een direct herkenbare pianomelodie heeft , werd enthousiast onthaald. En natuurlijk zijn de hits niet vergeten, “My Heroics, Part One “ en “Plane Song” vulden aan, en het publiek genoot en knikte goedkeurend met het hoofd. Een gretig Absynthe Minded speelde vanavond en een tevreden publiek onthaalde hen sterk.

Merdan Taplak is een 28-jarige dj/producer uit Antwerpen met Turkse roots. Op de Charlatan stage mag hij het festival in schoonheid afsluiten. Hij wordt bijgestaan door koperblazers en accordeon; typische Balkan beats worden losgelaten op een dolenthousiast publiek. Als een echte volksmenner laat hij de mensen volledig uit hun dak gaan, kortom hij bewijst een steengoede dj en entertainer te zijn, een vakman die weet een feestje (op) te bouwen.

Vier intense FihP dagen werden net als de flikkerlichtjes op schitterende wijze gedoofd … Tot volgend jaar op 22, 23, 24 & 25 augustus in Oudenaarde.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/feest-in-het-park-2012/

Organisatie: FihP, Oudenaarde

 

Sigur Rós

Sigur Rós – muzikale schoonheid in OLT Rivierenhof

Geschreven door

 Sigur Rós – muzikale schoonheid in OLT Rivierenhof
Sigur Ros

Er zijn zo van die concertavonden die je nooit meer vergeet. Sigur Rós @ Openluchttheater Rivierenhof was zo’n concert om in te lijsten. Qua timing, sfeer en locatie konden we de IJslandse progressieve post-rock band onder geen beter gesternte zien. Na een onvergetelijke zomerreis doorheen IJsland hebben we immers het IJslandvirus nog stevig te pakken. Slechts 2000 diehard Sigur Rós fans konden dit optreden bijwonen. Over de locatie en ticketverkoop was er dan ook heel wat te doen omdat de vraag naar tickets zeker vijf keer hoger was dan het aanbod.

Sigur Rós is na enkele jaren van relatieve pauze opnieuw op wereldtournee vertrokken. Gewapend met de nieuwe plaat ‘Valtari’, die eind mei verscheen en de opvolger van het bekroonde album ‘Með suð í eyrum við spilum endalaust' uit 2008, waren Jón Þór 'Jónsi' Birgisson & co er helemaal klaar voor. Het nieuwe album van Sigur Rós: ‘Valtari’ is echter allesbehalve een ‘pletwals’ zoals de titel wil doen uitschijnen. Nog meer dan de vorige albums is deze nieuwe plaat een echte groeiplaat waarin uitgesponnen atmosferische klankstructuren en bizarre instrumentale rijk georkestreerde stukken het grootste deel van de plaat uitmaken. Opvallend is dat de stem van Jónsi vaak afwezig is. We waren dan ook reuzenbenieuwd hoe dit allemaal live zou klinken.

Om 19:00 mocht support-act Nik Void wat beats op ons loslaten. Nic Void is het pseudoniem van de Londense  gitariste, vocaliste Nikki Colk (aka Nik Colk). Samen met een ‘noisemaker’ die aan wat knopjes draaide, bracht ze een brij van oninteressante, bizarre beats, waar niet echt naar geluisterd werd, maar gewoon als achtergrond diende voor een goed gesprek.

Even na 21:00 opende Sigur Rós met het rustige, sublieme “Ekki Múkk” uit de nieuwe plaat. Een mooie sfeervolle opener die ons meteen in vervoering bracht. Even verrukkelijk was het daaropvolgende “Í Gær”, dat helaas na enkele minuten volledig de mist in ging wegens technische problemen. De bas van Georg ‘Goggi’ Hólm liet het afweten en wat volgde was een gefrustreerde en wat klungelige band die niet meteen een antwoord wist op de opeenvolgende technische euvels. Jammer want het haalde de setlist door elkaar en het niveau van dit optreden wel een beetje naar beneden.
Nog opmerkelijk was dat toetsenist Kjartan Sveinsson er niet bij was. Deze jonge multi-instrumentalist heeft nu al genoeg van het toeren. Officieel is hij nog steeds lid van Sigur Rós maar live is hij er alvast tijdens deze tour niet bij. Hij werd vervangen door Ólafur Björn Ólafsson en Benni Hemm Hemm op keyboard en hobo, aangevuld door Hólm’s jongere broer Kjartan Dagur Hólm die de gitaarpartijen voor z’n rekening nam. Samen met 2 extra strijkers en 2 extra blazers is Sigur Rós tijdens deze Valtari tour een elfkoppige band. Dit resulteerde in een zeer rijk bombastisch geluid…alsof je soms naar een volledig symfonisch orkest aan het luisteren was.
De ‘love it or hate it’ falsetstem van Jónsi was weer fenomenaal sterk en is nog steeds het handelsmerk voor deze unieke onaardse band. Klassiekers als “Svefn-g-Englar” en “Hoppípolla” doen het nog steeds het best bij het publiek.
Wij waren echter het meest onder de indruk van finale met het uitstekende “Festival”, het ingetogen “Varúð” en het opbouwende “Hafsól”.
Maar het beste moest dan nog komen. De voorspelbare bisronde, waarin “Untitled #8" (a.k.a. "Popplagið")” de hoofdbrok vormde, blies iedereen van z’n stoel…wat een song, wat een energie. Met slechts één zin (“Thank You For Coming, Sorry About The Mess”) bedankte en excuseerde zanger Jonsi zich voor de wat wisselvallige muzikale avond.

Een beetje overdreven want wij hadden toch zeer genoten van meer dan 2 uur muzikale schoonheid zoals alleen deze IJslandse band ze brengen kan! Snuif gerust eens de sfeer op via onderstaande live videofragmenten.

Youtube videos: Sigur Rós (3 videos)
http://www.youtube.com/playlist?list=PL88EC86BD6620FDCD

Setlist: *Ekki Múkk  *(Lagið) Í Gær  *Ný Batterí  *Sæglópur  *Svefn-g-Englar  *Viðrar Vel Til Loftárása  *Olsen Olsen  *Hoppípolla  *Með Blóðnasir  *Festival  *Varúð  *Hafsól

*Untitled #1 (a.k.a. "Vaka") *Untitled #8" (a.k.a. "Popplagið")

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/sigur-ros-27-08-2012/

Organisatie: OLT Rivierenhof, Deurne (ism Arenberg, Antwerpen)   

Houza Palooza Festival 2012 - Alles in zich voor een groots dansevent

Geschreven door

Houza Palooza Festival 2012 - Alles in zich voor een groots dansevent
Houza Palooza Festival 2012
Festival Area Bree
2012-08-24 & 2012-08-25
Bree

Houza Palooza – dag 1 – vrijdag 24 augustus 2012

Het ene festival is nog maar net gedaan, of het volgende kondigt zich weer aan. Houza  Palooza is toe aan zijn vijfde editie en om die speciale gelegenheid te vieren, besloot de  organisatie er een extra dagje aan vast te breien. Ons niet gelaten, kom maar op met de beats en het gedreun. We can take it!

Eerste stop is Cookie monster. Ondanks een enorme groei aan populariteit, blijft dubstep  voor mij een zeer vreemd fenomeen. Ik haat het om in clichés te hervallen, maar wie  dubstep zegt denkt automatisch rugzakken en de alom bekende rugzakmove. Ik zet me over  mijn eerste indrukken en tracht te begrijpen waar het allemaal om draait.
De set van Cookie monster kwam vooral over als een geforceerd popconcert met als enig  
hoogtepunt “Million Voices” van Otto Knows. Hoewel het publiek volledig uit zijn bol ging, is het design van het podium hetgeen mij het meest is bijgebleven.

Het is al even droog op Houza Palooza en in de Desperado tent wacht Dominik Eulberg het  publiek op. Deze Duitse dj, die tevens ook boswachter is, brengt geraffineerde tunes en  weet zo zijn liefde voor de natuur perfect te combineren met muziek. Heel even vergeet ik  waar ik ben en laat me volledig meesleuren in zijn wereld. Een wereld vol kleur,  animal sounds, heerlijke beats en orgastische tunes. Dominik Eulberg, ik ben fan.

Grote namen scheppen hoge verwachtingen. Zo dus ook voor Etienne de Crécy. Als Houza Palooza een koninkrijk is, dan is Etienne de Crécy daar heer en meester. Zonder waarschuwing wordt het publiek meegesleurd in een wereld die enkel hij begrijpt. Eerst  neemt hij je bij de hand, om je vervolgens alle hoeken van de kamer te laten zien. Heel zijn   set is één grote rollercoaster waar hopelijk nooit een eind komt. Etienne nam me mee naar de meest duistere plekken en plaatste me dan vliegensvlug terug in prachtig verlichte zaal. Op geen enkel andere manier valt dit dan ook te beschrijven, pure proza.

Op deze laatste noot verlaat ik de weide. Houza Palooza 2012 is tot nu toe alvast een geslaagde editie

Houza Palooza – dag 2 – zaterdag 25 augustus 2012

Zaterdag heeft de belofte een schitterende dag te worden. Ik maak snel mijn line-up en haast me naar de weide.
Op naar de Pro Tech tent voor Stimming: What a vibe! Heerlijke eclectische minimal beats die een half gevulde tent konden bekoren aan het begin van een heerlijk festival… Mooie opbouw met hoogtepunten waarop het publiek reageerde met spontaan geroep en  applaus. Een dikke plus voor deze artiest. Iedereen was volledig in de ‘Stimming’!

Met enige tegenzin trek ik naar de Desperados tent voor Gunther D. Maar wow, hoe goed kan fout zijn! Op infantiele, maar ludieke wijze het publiek bespelen met een mashed up mix van iconen en botsautotunes. Het publiek kon het wel smaken.

De Stealth Bombers-tent was al aardig vol gelopen toen het Britse hiphop/grime/dubstep-collectief met een vertraging van 20 minuten aan haar set begon. Het drietal, dat de laatste jaren veel bekendheid verwierf door collabs met gerenommeerde dubstep- en drum ‘n’ bassproducers zoals Skrillex, Flux Pavillon, Knife Party en Noisia, begon eraan met een kwartier oldschool hiphopbeats die door het jonge volkje alvast warm onthaald werden.  Maar toen de zware dubstepbommen gedropt werden brak de hel pas goed los. En of het een feestje was: tot in de backstage werd er meegebounced op tracks als “Still Getting It” (ft. Skrillex) en “Lines in Wax” (ft. Flux Pavillon). Terwijl DJ Nonames vakkundig een verschroeiend napalmtapijt van bass en beats aan elkaar breide, spitten MC’s Orifice Vulgatron en Metropolis de lyrics machinegun-style. Orifice had in de backstage zelfs enkele woordjes Nederlands geleerd, of toch eentje: HOERENZONEN!!!

Foreign Beggars
raasden door hun set als een sneltrein zonder haltes en als uitsmijter werd de tent nog even platgebrand met “Contact”, de knaller die het gezelschap opnam met Noisia….In augustus 2013 toch maar even halt houden in Kiewit!
Chokri?

Organisatie: Houza Palooza Festival

Pukkelpop 2012 thru the eyes & ears of Geert Huys

Geschreven door

Pukkelpop 2012 thru the eyes & ears of Geert Huys
Pukkelpop 2012
Geert Huys

“Damn it’s hot up here!”, “Is het daar ook zo warm?”, “Where we come from, we’re not used to this heat”... de stuk of 200 bands en artiesten die afgelopen weekend de Pukkelpop affiche kleurden blonken niet meteen uit in originele bindteksten, maar des te meer in respect en enthousiasme om deze hoogmis van de ‘alternatieve’ muziek na het rampjaar 2011 opnieuw op de kaart te zetten. Hieronder een hoogst persoonlijke impressie van drie dagen muzikaal vertier gedrenkt in stof, zweet en special beers.

DAG 1, donderdag 16 augustus

In een bloedhete en aardig volgelopen Castello viel het Engelse viertal ALT-J (***) een wel bijzonder warme ontvangst te beurt. Hun studentikoze mix van folk en lichtvoetige dubstep-pop maakt van het debuut ‘An Awesome Wave’ één van de opmerkelijkste platen van afgelopen voorjaar. Live klinken deze arty kids als een uitgeklede versie van Mumford & Sons waarin kale folk en knisperende beats in de mix gaan. Iets in ons zegt dat de Castello bij hun volgende doortocht op Pukkelpop een paar maatjes te klein zal zijn.
Hoogtepunten: “Tessellate”; “Dissolve Me”

Weinig volk vervolgens in de Wablief?! tent voor de doortocht van MAD ABOUT MOUNTAINS (***). Deze band is het nieuwe speeltje van Piet De Pessemier, die we horen te kennen als voormalige sidekick van Stijn Meuris in Monza maar vooral als frontman van Krakow. Een streepje early Neil Young of een portie Gram Parsons gaan er bij ons altijd wel in, dus konden we de verstilde Americana van dit introverte kwartet wel smaken. De band had wat meer mogen flirten met de 100 dB geluidslimiet, maar al bij al toch een aangenaam zoethoudertje in afwachting van de volgende worp van Krakow.
Hoogtepunt: “The Way It Will Be” (Gillian Welch cover)

Sympathieke kerels zijn het, THE HORRORS (****), om net als Foo Fighters hun afgelaste optreden van 2011 een jaartje later te komen goedmaken . Echter, eens de vijf Londenaren het podium van de Marquee betraden overheersten dramatiek en Weltschmerz. De tristesse was af te lezen van het gezicht van oppervleermuis Faris Badwan die met een lege blik het publiek bestudeert. De groep forceerde vorig jaar een kleine doorbraak met hun derde album ‘Skying’, maar concentreerde zich op Pukkelpop toch maar wijselijk op hun voorlopig opus magnum ‘Primary Colours’. Heerlijk toch, van die groepen die een zonnige festivaldag vakkundig komen verpesten met hun zwartgallige deuntjes.
Hoogtepunten: “Mirror’s Image”; “I Can See Through You”; “Still Life”; “Sea Within A Sea”

Samen met M.I.A. dingt Santi White aka SANTIGOLD (**) al een paar jaar naar de titel van alternative queen of pop. Op de Main Stage stond inderdaad een goed geoliede op-en-top Amerikaanse act: verkleedpartijen allerhande, overbodige danseressen die nieuwe standjes uitprobeerden met paraplu’s en koffers, en een collectief orgasme voor een selecte schare fans die eventjes de bühne op mocht. Helaas haalden de doelloos afgevuurde beats en diepe bassen het van de fraaie popnummers die deze Amerikaanse griet ondertussen op haar kerfstok heeft. Tussenstand M.I.A. - Santigold: 1-0
Hoogtepunt
: “Disparate Youth”

Met een opwindende mix van vrolijk knetterende beats en verdraaide indiegitaren deden de vier kerels van het Schots-Engels-Ierse gezelschap DJANGO DJANGO (***) probleemloos de Club uitpuilen. Hun set leek eigenlijk wel één lange aanloop naar de onwaarschijnlijke voorjaarshit “Default” die de veerkracht van de plankenvloer in de tent voor een eerste maal op de proef stelde. Wie hun debuutalbum in huis heeft weet dat de heren bij momenten nog wat te arty farty klinken, maar live wist de groep daar probleemloos bovenuit te stijgen door de speelse percussie en de sterke vocal harmonies. Pukkelpop was het eerste Belgische festival waar Django Django mocht aantreden, maar naar verluid steekt er al een nieuw contractje in de achterzak van Herman Schueremans.
Hoogtepunten
: “Waveforms”; “Default”

Het leven kan verkeren: een goed half jaar terug werd BLOC PARTY (****) nog klinisch dood verklaard, maar in Kiewit herrezen Kele Okereke & co wonderbaarlijk als één van de headliners op de Main Stage. Bovendien komt er weldra, na vier jaar relatieve radiostilte, nog eens een nieuw studioalbum van de groep uit. De lange sabbatical lijkt de band deugd te hebben gedaan: Kele oogt scherp en bedelt uitdrukkelijk om publieksaandacht, terwijl de rest van zijn maats er als vanouds een hels tempo op na houden. Het viertal lijkt zijn reputatie als strakke rockband terug te willen opeisen, en heeft daartoe de goedkope beats uit het verleden grotendeels overboord gegooid. Bloc Party is back in town, maar voor hoelang durft deze keer niemand te voorspellen.
Hoogtepunten: “So Here We Are”; “Team A”; “Helicopter”

De prijs voor ‘Het Snoepje van de Eerste Pukkelpop Dag’ ging met stip naar LIANNE LA HAVAS (***). Haar folky soulpop met echo’s van Corinne Bailey Rae en Norah Jones ging er zo net voor zonsondergang bijzonder vlotjes in. La Havas heeft de looks, de stem en kan bovendien een aardig stukje gitaar spelen. Met zo’n CV zou ze als totaal overgekwalificeerd uit elke talentenjacht worden geweerd, de Club tent sloot deze BBC’s Sound of 2012 genomineerde daarentegen maar al te graag in de armen.
Hoogtepunten: “Is Your Love Big Enough?”; “Forget”; “No Room For Doubt”

Vooraf werd BJÖRK (***) als een eerder gewaagde headliner op de Main Stage aanzien, en de IJslandse bosfee had een voortreffelijke show in petto om die verwachtingen moeiteloos in te lossen. Vergezeld van een ruim 10-koppig engelenkoor, dat naast louter vocale ook flink wat choreografische hoogstandjes had ingestudeerd, loodste de inmiddels 46 lentes tellende zangeres het publiek door haar unieke droomwereld. De ene keer bezwerend en etherisch begeleid door indrukwekkende visuals met Moeder Natuur in de hoofdrol, de andere keer eigenzinnig en strijdvaardig waar stuiterende beats en tribal techno over de hoofden van heel wat verbaasde festivalgangers heen vlogen. Hadden we medelijden met al wie te vroeg op post was voor de doortocht van Netsky? Bijlange niet!
Hoogtepunten: “Hunter”; “Jóga”; “Declare Independence”

Van meet af aan bleek de meerstemmige huiskamerpop van FEIST (**) in de Marquee een geval van ongelukkige casting. We zien de samenstellers van het Cactusfestival of Festival Dranouter gewillig een ledemaat naar keuze afstaan om deze Canadese op hun affiche te krijgen, maar voor het Pukkelpop publiek werkte de Feist formule gewoonweg niet. Ja, zelfs niet toen het origineel van “The Limit To Your Love” voorbij kabbelde. Niet getreurd, Chokri, zet hier volgend jaar gewoon Broken Social Scene waarmee Feist in 2002 de indiemijlpaal ‘You Forgot It In People” opnam, en we verscheuren al die dreigbrieven.
Hoogtepunt: “How Come You Never Go There”

Toegegeven, de fut was er bij ons al een beetje uit even voorbij één uur ’s nachts, maar voor de MARK LANEGAN BAND (****) is dit wel hét tijdstip bij uitstek om hun gitzwarte blues te orakelen. Vergezeld van enkel maar Belgische muzikanten, met snarengeselaar Steven Janssens (o.a. Daan) en Creature With The Atom Brain opperhoofd Aldo Struyf in een gedeelde hoofdrol, serveerde Lanegan één uur lang niets dan hoogtepunten uit zijn jongste opus magnum ‘Blues Funeral’ afgewisseld met een aantal pareltjes uit diens voorganger ‘Bubblegum’. Vastgeroest aan zijn microfoon standaard wisselde de ranke Amerikaan naar goede gewoonte nauwelijks een woord met het publiek, tot op het moment wanneer hij zijn goede vriend en Afghan Whigs frontman Greg Dulli op het podium mocht begroeten voor het magistrale slotakkoord “Methamphetamine Blues”. Geen enkele witch doctor bedenkt een betere therapie tegen de pijn van het zijn.
Hoogtepunten: “Grey Goes Black”; “Hit The City”; “Wedding Dress”; “The Gravedigger’s Song”; “Methamphetamine Blues”

DAG 2, vrijdag 17 augustus
Wie de drie gitaren op het podium van de Marquee zag blinken van ongeduld kon al een beetje vermoeden dat de doortocht van het uit Atlanta overgevlogen gezelschap O’BROTHER (***) geen gezellig ochtendwandelingetje zou worden. Muzikaal begeven deze heren zich in watertjes die al eerder zijn doorzwommen door o.a. Deftones, Mogwai, Radiohead en Sigur Rós. De combinatie van een imposante wall of sound en de emo-uithalen van frontman Tanner Merritt was nu niet meteen een licht verteerbaar ontbijt te noemen, maar klaarwakker werden we er in ieder geval wel van.
Hoogtepunten: “Sputnik”; “Machines Part II”

“Pukkelpop, dan is het nu tijd voor een muzikale uppercut; geniet van jullie bloedneus, hier zijn BLOOD RED SHOES (***). Alle heruitzendingen van Comedy Casino despijt, de one-liner humor van Luc Janssen is en blijft een gegronde reden om jaarlijks naar de Main Stage van Pukkelpop af te zakken. Voor zover we konden zien kreeg het Engelse noisepop duo overigens geen bloedneuzen maar wel een paar bloedrode schoentjes te zien die een die-hard fan tot bij de camera kreeg. Net als bij pakweg de Ramones zaliger neemt de verwondering bij elke doortocht van Blood Red Shoes op Pukkelpop telkens weer een beetje af. Maar ach, wat zou het. De strakke formule met die punky gitaar en heerlijk stampende drums als ingrediënten is inmiddels gekend, maar na vier edities in Kiewit nog bijlange niet uitgewerkt.
Hoogtepunten: “Don’t Ask”; “I Wish I Was Someone Better”

Razorlight zonder imagoprobleem? The Kooks met ballen? Howler met songs? Er zijn duidelijk meerdere complimentjes te maken aan het adres van OBERHOFER (****). In de Marquee wist deze Amerikaanse band rond de jonge lo-fi held Brad Oberhofer ons te imponeren met een trits catchy, intense maar nooit kleffe indiepop songs. Oberhofer is in eigen land waarschijnlijk net oud genoeg om zelf een pint te bestellen, maar op Pukkelpop gaven hij en zijn kornuiten blijk van gedegen stielkennis. En ja, elke frontman die roekeloos het publiek in duikt en al gitaar spelend de contouren van de tent gaat verkennen kan uiteraard op onze onvoorwaardelijke sympathie rekenen.
Hoogtepunten: “Landline”; “Haus”

Een zanger in zwart maatpak en dito deukhoed op de Main Stage? Dat moet Paul Smith van MAXÏMO PARK (***) zijn, de postpunk band uit Newcastle die in ’05 fenomaal debuteerde met ‘A Certain Trigger’ maar sindsdien hardnekkig op zoek is naar een bestaansreden. Nieuwe songs als “The Undercurrents” zijn verdienstelijk, maar missen ontegensprekelijk de spanning en dynamiek van de beginjaren. Maxïmo Park’s live reputatie is daarentegen in al die jaren alleen maar indrukwekkender geworden. Als gitaarloze frontman had Smith de handen vrij om alle uithoeken van het podium te verkennen, wat bij de heersende temperaturen toch een pak zweet moet hebben opgeleverd in dat maatpak.
Hoogtepunten: “Going Missing”; “Our Velocity”; “Apply Some Pressure”

In de reeks ‘Artists to Watch in 2012’ kregen we in de Club de naar Londen uitgeweken Nieuw-Zeelander WILLY MOON (***) voorgeschoteld, een hyperkinetische kid in strak maatpak die rauwe 50ies rock’n’roll een moderne twist geeft door er moddervette hiphop beats doorheen te halen. Moon klinkt als de ADHD versie van Screamin’ Jay Hawkins, wiens “I Put A Spell On You” in een korte maar krachtige versie trouwens ook op de setlist stond. Eens over de eerste cultuurschok heen kreeg Willy Moon het publiek mooi op zijn hand, het was dan ook niet minder dan doodjammer dat hij en zijn kornuiten er reeds een kwartier voor tijd de brui aan gaven. An artist to watch, yes indeed!
Hoogtepunten: “Sound Of The Radio”; “Yeah Yeah”; “My Girl”

Het Belgisch-Nederlandse heavy bluesrock combo DRIVE LIKE MARIA (****) joeg de temperatuur in de Wablief?! tent vervolgens pijlsnel de hoogte in met een set die zowaar nog intenser, smeriger en strakker klonk dan wat Triggerfinger ons tegenwoordig voorschotelt. Eindelijk ook nog eens een rockband met een prima vrouwelijke gitariste, Nitzan Hoffmann, in de rangen; en het kon niet op, want tijdens de nieuwe single “Howl” verscheen in de persoon van Lara Chedraoui (Intergalactic Lovers) nog meer vrouwelijk schoon op de planken. Drive Like Maria kon afgelopen jaren reeds voorprogramma’s versieren van ZZ Top en AC/DC, maar het lijkt ons enkel een kwestie van geduldig afwachten vooraleer deze indrukwekkende live groep op eigen kracht potten gaat breken.
Hoogtepunten: “Black Horses”; “So”

Door de ogen van Jesse Hughes, de enigmatische frontman van EAGLES OF DEATH METAL (***), is het leven niets meer dan één eindeloos durend rock’n’roll feestje. Conceptalbums, gitaaracrobatiek of wereldverbeterende bindteksten zijn dus niet besteed aan deze Amerikaanse partyband die op de Main Stage alle rock’n’roll clichés op een hoopje gooide en er nog mooi mee weg kwam ook. Dat de songs over zulke diverse onderwerpen handelen als girls, sweethearts, women, ladies, birds, chicks en babes is ons onder de loden zon van Kiewit niet eens opgevallen.
Hoogtepunten: “Cherry Cola”; “Heart On”

Het Engelse powertrio BAND OF SKULLS (**) kwam speciaal uit de States overgevlogen om de temperatuur in de Marquee nog een paar graden te laten stijgen, maar hadden zich achteraf gezien die moeite beter kunnen besparen. Het gezelschap uit Southhampton beschikt zonder twijfel over de juiste looks en killer riffs om hun retro-act geloofwaardig te doen overkomen, alleen ontbraken de songs om de vlam echt in de pan te doen slaan. Meer dan eens leken hun nummers ergens halverwege te stagneren om uiteindelijk te verzanden in een soort zielloze bluesrock waar we het noch warm noch koud van kregen. Graag dus even terug naar dat repetitiekot vooraleer Chokri nog eens een uitnodiging stuurt.
Hoogtepunt: “Death By Diamonds And Pearls”

Op de tonen van John Sebastian’s “Welcome Back” sjoffelden de heren van GRANDADDY (*****) sinds veel te lang nog eens een Belgisch podium op voor wat één van de meest memorabele optredens van Pukkelpop 2012 zou worden. Opener “El Caminos In The West” zette meteen de toon voor een beknopte ‘Best of’ set die de massaal toegestroomde dertigers en veertigers in de Marquee op hun wenken bediende. Het ontwapenende speelplezier van de Californiërs en de enthousiaste herkenningskreten bij het publiek zorgden voor een magisch sfeertje dat ook de doorgaans eerder zwijgzame frontman Jason Lytle niet onbewogen liet. De baardemans met de onafscheidelijke baseball pet liet zich op het einde zelfs verleiden tot één van de meest oprechte quotes van de festival driedaagse: “Getting together again after all those years first seemed a horrible idea.
Thank you for proving us wrong!”.
Hoogtepunten: “The Crystal Lake”; “Hewlett’s Daughter”; “AM 180”; “Summer Here Kids”; “He’s Simple, He’s Dumb, He’s The Pilot”

Bericht aan de naarstige timmermannen die zich ontfermen over de plankenvloer van de Marquee tent: na de orkaan genaamd GOOSE (****) is er weer abnormaal veel werk aan de winkel. De Kortrijkzanen lagen dan ook aan de basis van een merkwaardige volksverhuizing: in no time werd de Marquee, doorgaans het uitverkoren terrein voor liefhebbers van het betere gitaarwerk, overspoeld door het vaste publiek van de Dance Hall. Het kostte frontman Mickael Karkousse dan ook geen enkele moeite om het jonge volkje te laten opgaan in de kolkende spiraal van electrohouse en big beats, en even dachten we - met onze excuses voor de ongepaste beeldspraak - dat het dak van een uitpuilende Marquee er af ging. Voor Goose is er maar één horde meer te nemen op Pukkelpop, dat is Luc Janssen van zijn sokken blazen op de Main Stage.
Hoogtepunten: “British Mode”; “Synrise”; “Bring It On”; “Words”; “Everybody”

Zou de groep zonder schermutselingen het einde van de set halen? Welke projectielen zou de immer zelfvoldane Ian Brown naar zijn monkey face geslingerd krijgen? We hadden genoeg pertinente vragen klaar net voor de aftrap van THE STONE ROSES (***) op de Main Stage, maar warempel, geen enkele leverde een leuke anekdote op. Tijdens de Reunion Tour van de herenigde Madchester helden wordt hun even legendarisch als invloedrijk titelloos debuut uit ’89 bijna integraal opgediend, en de heren lijken er nog plezier aan te beleven ook. Minstens even opvallend is de muzikale klasse die John Squire, Mani en Reni uitstralen, al lieten ze het gesoleer bij momenten wel heel breed hangen tijdens ellenlange versies van “Fools Gold” en “Waterfall”. Ook de uiterst goedgeluimde Brown probeerde zijn deel van de aandacht op te eisen door prullaria in het publiek te gooien of voor de camera te stoeien met Kung-fu speeltjes. De Roses stonden er dus, oerdegelijk, zelden indrukwekkend, maar hun bladzijde in de popencyclopedie meer dan waardig.
Hoogtepunten: “I Wanna Be Adored”; “Sally Cinnamon”; “I Am The Resurrection”

Hoe hard Greg Dulli ook zijn best deed om zich van een tweede muzikaal leven te verzekeren met The Twilight Singers of met vriend-voor-het-leven Mark Lanegan als The Gutter Twins, nooit haalde hij dezelfde impact als met THE AFGHAN WHIGS (*****). De triomftocht van de herenigde Whigs in het Koninklijk Circus lijkt de geschiedenis in te gaan als één van de beste Belgische zaaloptredens van 2012, en in de Marquee deed de groep diezelfde tour de force doodgewoon nog eens over. Van de onheilspellende intro van “Crime Scene, Part One” tot de laatste noten van de bezwerende mantra “Into The Floor”, het zeskoppige gezelschap greep ons anderhalf uur bij het nekvel als een bloeddorstige teek. Dulli heeft de nicotine en de booze zo goed als opgegeven waardoor hij nu op alle fronten, van rock’n’roll animal tot crooner, voluit kan gaan. Ergens lazen we ‘Foo Fighters overklassen alles en iedereen’ als slotsom van Pukkelpop 2012. Sorry Dave, maar Greg & co waren jou een stap voor.
Hoogtepunten: “Gentlemen”; “Debonair”; “Fountain And Fairfax”; “66”; “Miles Iz Ded”

DAG 3, zaterdag 18 augustus
Het Londense vijftal DRY THE RIVER (***) omschrijft haar geluid als ‘folky gospel music played by a post-punk band’, meer woorden hadden wij echt niet nodig om na een stevig ontbijtje dus al meteen de Marquee in te duiken. Klinken deze jongelui op hun onlangs verschenen debuutalbum ‘Shallow Bed’ nog als een gotische versie van Mumford and Sons, dan hadden ze in Kiewit beduidend meer decibels in petto. Hun pastorale folkrock werd op dit vroege uur rauw en onversneden opgediend waarin fijnproevers een geslaagde blend van Fleet Foxes en Mogwai konden ontwaren. Mr. Google leerde ons intussen dat Dry The River genomineerd werd voor The Sound of 2012, een eer die ze duidelijk niet gestolen hebben.
Hoogtepunten: “Lion’s Den”; “Shield Your Eyes”

De zon was al verschrikkelijk vroeg van de partij op de Main Stage, maar echt zomeren deed het pas toen het bevallige nepblondje Ritzy Bryan van THE JOY FORMIDABLE (***) ten tonele verscheen. Een paar jaar terug had Bryan ongetwijfeld nog posters van Lush, Slowdive, Ride en Smashing Pumpkins op haar kamer hangen, nu probeert ze samen met haar maats die invloeden in een modern jasje te steken. Het trio uit Noord-Wales twijfelt nog wat teveel tussen zeemzoet en vitriool om ons echt in te pakken, maar is wel reeds Formidabel als festivalact.
Hoogtepunten: “Cradle”; “Whirring”

We gingen vervolgens wat schaduw opzoeken in de Castello bij alweer een band uit Wales, MAN WITHOUT COUNTRY (***). Hun melancholische synths zijn wat blijven steken in de 90ies toen New Order, Saint Etienne en godbetert zelfs Pet Shop Boys hippe bands waren, maar wie een groepje als Hurts wat te stroperig vindt (geen nood, we zijn met velen) kan zijn/haar tijd beter verliezen aan dit fijne gezelschap. Man Without Country is vooralsnog een grote onbekende op de populaire radiogolven, maar bij intimi als Björk, Archive en Band Of Skulls mogen de heren als wederdienst voor hun fijne remixes voortaan op de sofa blijven pitten.
Hoogtepunten: “Puppets”; “Foe”

In de Shelter stond vervolgens nu eens geen punk, hardcore of emo geprogrammeerd, maar wel vuige garagerock en snoeiharde rockabilly van het Londense vijftal THE JIM JONES REVUE (***). Met een beetje verbeelding kan je deze doorleefde rockers als het Engelse spiegelbeeld van The Jon Spencer Blues Explosion beschouwen, maar dan wel één die het aandurft om naast een koppel moddervette gitaren ook een piano het podium op te zeulen. We durven wedden dat Jerry Lee Lewis, Little Richard en Nick Cave goedkeurend knikken wanneer de theatrale frontman Jim Jones als een bezetene over het podium raast. Voor de twijfelaars, haal hun recentste plaat ‘Burning Your House Down’ in huis en geniet van een onvervalst rock’n’roll delirium.
Hoogtepunten: “Dishonest John”; “Shoot First”

In de Club botsten we op DAUGHTER (***), op het eerste zicht de zoveelste act in de reeks meisje-met-gitaar-maar-zonder-lief. Al vlug werd echter duidelijk dat de timide Engelse fee in kwestie, Elena Tonra, geen gratuite riedeltjes maakt à la Amy McDonald. De liedjes van Tonra lijken op het eerste zicht wat futiel, maar het zijn de extra laagjes creepy soundscapes, gitaar echo’s en spaarzame percussie die de voorlopig bescheiden catalogus van Daughter zo bijzonder maken. Hou dit kind ver weg van de manager van The Cranberries en er kunnen nog mooie dingen gebeuren met Daughter.
Hoogtepunten: “Love”; “Youth”

Natuurlijk hadden de 90ies adepten naast Grandaddy en Afghan Whigs maar wat graag Pavement over de vloer gehad in de Marquee, maar met STEPHEN MALKMUS & THE JICKS (***) komt een mens al aardig in de buurt. Malkmus was zoals gewoonlijk zijn nonchalante zelf en liet de spotlights vooral richten op een aantal van zijn Jicks, waaronder drummer Jake Morris die zelfs een nummertje mocht inzingen. Het was best wel een mooie verdienste van Malkmus & co om zonder ook maar één duidelijk aanwijsbaar Pavement moment toch een aantrekkelijke show neer te zetten waarin trouwens een pak nummers uit het jongste album ‘Mirror Traffic’ staken. Een leuker voorprogramma op een festival als dit kon Bob Mould, de volgende in rij op het Marquee podium, zich niet inbeelden.
Hoogtepunten: “Stick Fingers In Love”; “Tune Grief”

Eventjes hadden we gevreesd dat de vederlichte gitaarpop van THE SHINS (***) wat bleekjes zou uitvallen op de Main Stage, maar de Amerikanen hadden voor de gelegenheid toch flink wat decibels bijgestoken met een behoorlijk potige set als resultaat. Op hun bijna-doorbraak plaat ‘Port Of Morrow’ schuwen frontman James Mercer en zijn maats niet langer Het Grote Gebaar en heeft de groep duidelijk aan radiovriendelijkheid gewonnen. De onverbiddelijk brandende middagzon had een groot deel van het publiek echter knockout geslagen, waardoor het verhoopte nationaal zangfeest tijdens “Simple Song” uiteindelijk toch niet door ging.
Hoogtepunten: “Phantom Limb”; “Simple Song”; “The Rifle’s Spiral”; “So Says I”;

De prettig gestoorde nachtegaal met de onafscheidelijke pet PATRICK WATSON (****), die tevens zijn naam ontleent aan de gelijknamige Canadese groep, liet zoals gewoonlijk het publiek met open mond meegenieten van zijn onnavolgbare barokpop die ergens het midden houdt tussen Debussy en Jeff Buckley. Zijn weemoedige falsetstem moest optornen tegen een verzameling instrumenten met een laag rock’n’roll gehalte zoals viool en xylofoon, de songs lijken dan ook eerder te zijn ontstaan in Alice’s Wonderland dan in het weidse Quebec. En opeens was daar het krop-in-de-keel moment van deze dolle driedaagse, toen Watson en zijn makkers dicht tegen elkaar aanschurkten voor een groepsmeditatie. Het begon zachtjes prevelend, ging langzaam over naar fluisterend en eindigde uiteindelijk in één minuut stilte om klokslag 18u10 als eresaluut voor de vijf gevallen muziekmakkers van Pukkelpop 2011. Op de oorverdovende stilte volgde een al even oorverdovend applaus, waarop groep en publiek ietwat stomdronken van emotie hun weg vervolgden.
Hoogtepunten: “Adventures In Your Own Backyard”; “Luscious Life”; “Big Bird In A Small Cage”

Op de Main Stage kwam het Zweedse garagepunk combo THE HIVES (***) andermaal bewijzen dat voorspelbaarheid een onbeschaamde deugd kan zijn. Vijf heren in nagelwitte hemden die zich in het zweet werken met op kop de Jim Carrey van de punkrock Howlin’ Pelle Almqvist, of hoe heerlijk karikaturaal een rockband kan zijn. Of hoe The Hives één van de weinige groepen zijn wiens opruiende en nonsense bindteksten een stuk langer duren dan hun nummers, en elk nieuw album een beetje minder relevant blijkt dan het vorige. Het zal het publiek, ons incluis, allemaal een zorg wezen: The Hives maakten er zoals steeds een compromisloos feestje van en hebben inmiddels voldoende garagerock standards op hun erelijst prijken om Jan Becaus én André Vermeulen terzelfdertijd hun cool te laten verliezen.
Hoogtepunten: “No Pun Intended”; “Hate To Say I Told You So”; “Tick Tick Boom”

Onze eerste kennismaking met THE ANTLERS (***) was toen we het album ‘Hospice’ in handen kregen, een hartverscheurende songcyclus over de onmogelijke liefde tussen een terminale kankerpatiënt en diens verpleegster. Dit trio uit Brooklyn heeft van dit soort zwaarmoedigheid haar handelsmerk gemaakt, en het valt te betwisten of hun muziek wel geschikt is om een festivalpubliek op een zonnige namiddag te entertainen. De Club tent liep echter moeiteloos vol om deze cult groep in wording een begeesterende set te zien geven. De etherische subtiliteiten die hun albums kleuren werden grotendeels ingeruild voor een weidser klankenpalet waarin de ontredderde falset van frontman Peter Silberman heerlijk verstrengeld zat. Nooit gedacht dat we deze emo trip een klein uur lang zouden uitzweten, maar eens ondergedompeld in de weemoed van The Antlers kende de volharding van lichaam en geest duidelijk geen grenzen meer.
Hoogtepunten: “Rolled Together”; “I Don’t Want Love”

Begon de loden zon ook op de Main Stage haar tol te eisen, ligt het helse tempo tijdens hun huidige tour toch wat te hoog, of vonden Dan Auerbach en Patrick Carney een stek als voorprogramma van Foo Fighters toch wat te minnetjes? We hebben er het raden naar, maar feit is dat de nieuwe mega act in wording THE BLACK KEYS (**) te routineus voor de dag kwamen en hun minimale bluesrock zelden een vuist kon maken. Dat Auerbach nauwelijks een woord over de lippen kreeg deed er ook al geen goed aan, en toen tegen het einde van de set de StuBru hits elkaar in ijl tempo opvolgden veerde een deel van de Dave Grohl fans plots toch even recht maar bleek het kalf al verdronken. Het smerige slotakkoord “I Got Mine” betekende een klein eerherstel maar kon een tweede zit voor deze twee blanke bluesrocknegers niet meer afwenden.
Hoogtepunt: “I Got Mine”

De Amerikaanse wereldgroep WILCO (****) die opent voor een amper halfgevulde Marquee leek wat op fictief surrealisme. Net als op Lowlands heet het zwarte beest van Jeff Tweedy & co Dave Grohl, maar uiteindelijk laten toch een pak liefhebbers van progressieve Americana de gelijktijdig geprogrammeerde Foo Fighters links liggen. We zien hoe het zestal uit Chicago gretig opent met het oudje “Misunderstood”, en zich tijdens het daaropvolgend half uur naar een climax toe werkt die uitmondt in een gitaareruptie van snarenwonder Nels Cline tijdens “Impossible Germany”. Daarna ebde de spanning wat weg tijdens een te lange opeenvolging van rustige en minder beklijvende nummers. Met “Heavy Metal Drummer” joegen Tweedy en zijn makkers het tempo terug de hoogte in, even later wordt het publiek  uitgewuifd met het honingzoete “Hummingbird”. De honing heeft echter een bittere nasmaak, want Wilco moet vlug plaats ruimen voor de draaitafels van Dizzee Rascal en dus wordt het verlangen naar bissen niet ingewilligd. Dave en Dizzee, het zullen nooit onze beste maatjes worden.
Hoogtepunten: “The Art Of Almost”; “I Am Trying To Break Your Heart”; “Impossible Germany”; “Handshake Drugs”; “Dawn On Me”

Pukkelpop 2012 kreeg in de Shelter het genadeschot van het onlangs opnieuw verenigde hardcore punk combo REFUSED (****). Na een minutenlange intro van monotone drones viel een nagelwit gordijn plots naar beneden en deelde dit Zweeds dynamiet met “Worms of the Senses/Faculties of the Skull” een eerste gemene kopstoot uit. En het moet gezegd zijn, bijna 15 jaar na het verscheiden van de groep heeft hun maatschappijkritische vitriool nog maar weinig aan zuurtegraad verloren. Uiteraard kon brulboei Dennis Lyxzén niet zonder slag of stoot voorbij gaan aan het ‘Free Pussy Riot’ manifest en kregen hun Russische geestesgenootjes een welgemeend hart onder de riem. Bijtende hardcore, ambient soundscapes, jazzy drumloops en samples gingen allemaal mee in de betonmolen, wat van Refused nog steeds een unieke ervaring in het genre maakt. We gunnen de Zweden veel vermaak in hun tweede leven, ’t is alleen te hopen dat daar niet meteen een ‘Free Refused’ van komt.
Hoogtepunten: “Rather Be Dead”; “Liberation Frequency”; “New Noise”

Chokri & co lanceerden met de simpele doch doeltreffende slogan “So good to see you” Pukkelpop versie 2.0. Of ze daar in slaagden moet iedereen die de afgelopen drie dagen verbrand, bezweet, halfslapend, beneveld, dorstig, giechelend, glimlachend, zingend, huilend, of gewoonweg genietend over het dorre gras van Kiewit strompelde uiteraard voor zichzelf uitmaken. Wat ons betreft, hasta la vista en gedraag jullie een beetje.

Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Helicon

Helicon

Geschreven door

Helicon brengt verschillende stijlen zoals psychedelische rock, shoegaze en postrock samen in hun selftitled album. Helicon wordt gevormd door  de broers John-Paul en Gary Hughes afkomstig uit East Kilbride en Glasgow.  
Hun muziek klinkt alsof je binnenwandelt in een moderne versie van het sprookje van Duizend-en-één-nacht. Ze nemen je mee op hun vleugels van Arabische gaze, voeren je tot aan de sterrenhemel en laten je los op een trillende zee van postrock.
Ze speelden voornamelijk in de USA en UK en werden onlangs toegevoegd aan de line up van Liverpool’s International Festival of Psychedelia die doorgaat op 29 september.

Op hun bandcampagina http://heliconglasgow.bandcamp.com/  kan je hun muzikale wellness beluisteren. Op Facebook vind je ze terug onder http://www.facebook.com/helicon1band  

The Golden Glows

A prison songbook – A tribute to Alan Lomax

Geschreven door

Situering – Alan Lomax … Zoals zijn vader voor hem had gedaan, reisde de Amerikaanse folklorist en musicoloog Alan Lomax in de jaren ’40 naar het diepe zuiden van de States om er opnames te maken van de worksongs die gevangenen zongen tijdens de dwangarbeid. Zo verzamelde hij pareltjes die vandaag voortleven in covers van pakweg Ry Cooder (“Goodnight Irene”), Moby (“Natural Blues”) en Nirvana (“Where Did You Sleep Last Night”).
Of een “Black Betty” van Ram Jam, die ook uit de collectie van Lomax komt. En die zwarte Betty is geen vrouw, maar de naam van de zweep die over de slavenruggen ging bij het plukken van katoen. Het is een nummer van Lead Belly, zowat de bekendste van Lomax’ ontdekkingen.
Situering - The Golden Glows
De Belgische The Golden Glows, met de zangeressen Katleen Scheir, Nel Ponsaers, en tenorzang van gitarist Bram van Moorhem, geven een moderner kleedje aan die (prison) songs die Alan Lomax vastlegde.
Een eerbetoon met een legendarische verzameling songs van oude countryblues. Muziek uit vervlogen tijden van Amerikaanse songs van de jaren 20 , Ierse en Engelse folk traditionals; een gevarieerd postuum , intens doorleefd , gedrenkt in blues, jazz en gospel. Een schitterende vocale harmonie en muzikale pracht, ingehouden , sober en extravert. 
Roland Van Campenhout en The Golden Glows toerden samen met deze  ‘A Tribute To Alan Lomax’. Heel interessante ontdekking!

Dz Deathrays

Bloodstreams

Geschreven door

Dz Deathrays, partypunkers uit Brisbane , Australië … Het duo Shane Parsons en Simon Ridley komen in navolging van Death from above 1979 een reeks broeierige, energieke en noisy garagepunksongs voorstellen, waarbij lekker wordt gestoeid met elektronische (digital hardcore) ritmes . Kenmerkend zijn dus de intense, rauwe, meeslepende en explosieve tempowisselingen, de elektrische spanning en geladenheid en de onvaste, soms schreeuwende zang .
Het levert een zompig staaltje hitsend materiaal op, die het duo uitermate interessant houdt door de afwisselende aanpak, een mokerende “Teenage kickstarts”, “Play dead until you’re dead” en “L.A. lightning”, de opbouwende explosieve “Cops capacity”, “Gebbie street” en “Dinomight” (met een knipoog naar Jack White) en de spannende intensiteit van geniale uitwerkingen van “No sleep” en “Dollar  chills”.
Dz deathrays is er eentje om in het oog te houden …

Perfume Genius

Put your back n 2 it

Geschreven door

We kunnen aankloppen bij Mike Hadreas , sing/songwriterschap met een hoge gevoeligheidsfactor en muzikale fijnproeverij betr Perfume Genius. Ontroerende, persoonlijke, korte meesterwerkjes horen we op de tweede plaat, die moeiteloos rijmt aan ‘Learning’, het debuut.  De homothematiek in z’n minst vrolijke vorm, wordt aangesneden, zoals we het kennen van een Antony & The Johnsons. De man; zijn stem en piano vormen de basis van het materiaal , en worden sober en spaarzaam aangevuld door synths/piano/toetsen van tweede man en vriend Alan Wyffels; een drummer/gitarist biedt het ingehouden materiaal wat meer intensiteit, diepgang en breedte. De songs zijn gebaad in melancholie, kunnen een donkere dreiging hebben en kunnen op die manier meedingen in het Angelo Badalamenti concept , één van de favorits van Hadreas.
Muzikale pracht en schoonheid, sober en elegant … Het zijn allemaal korte, kernachtige, licht klassieke schetsen.
Perfume Genius laat de intimiteit, melancholie en gevoeligheid in al zijn (muzikale ) variaties horen en treft ons diep in het hart . Subtiele kracht van twaalf kernachtige  songs als een ingetogen “Normal song”, “No tear” en “All waters”, of de forsere aanpak van “Dark pants” en “Hood”. Diep indringende sing/songwriterschap is dit …

Twin Sister

In Heaven

Geschreven door

Twin Sister is een beloftevolle jonge band uit Portland rond gitarist Eric Cardona en de bevallige Andrea Estella.. Na twee EP’s ‘Vampire with dreaming kids’ en ‘Colour your life’ zijn ze toe aan hun debuut , een album vol aangename droompoppsychedelica; een sprookjesachtige dreamworld van een meeslepende, hypnotiserende sound , die durft te prikkelen door een zachte, speelse, swingende groove en een ietwat snedige aanpak .
Twin Sister hangt ergens tussen Sterolab (die typerende Franse tunes)  , Mazzy Star en Björk , en bepalend is de hemelse, broze  en breekbare zang van Estella .
We hebben binnen dit droom/indie concept een gevarieerd geheel, een onschuldige “Daniel”, een broeierige “Bad street”, een retrorockend “Saturday Sunday” en de filmische tunes van “Spain” en “Gene ciampi” . Kwalitatief hip materiaal dus!

Pukkelpop 2012 – donderdag 16 augustus 2012

Geschreven door

Pukkelpop 2012 – donderdag 16 augustus 2012
Pukkelpop 2012

‘So good to see you’ was het credo om de ellende van vorig jaar door te spoelen . Met respect.
Pukkelpop maakte z’n naam van driedaagse airshow meer dan waar: eigentijdse, opmerkelijke en progressieve muziek. De organisatie beet sterk van zich af en stoomde een lijst namen klaar van beloftevolle ontdekkingen, gevestigde waarden en artists die de Belgische trots uitdragen op de verschillende podia. Kleurrijk wordt het ingedeeld door de dance acts en dj’s; de terreindecoratie, de randanimatie en de kermisattracties; de immense diversiteit van eet- en drankstandjes sieren het geheel.
En het zag er opnieuw goed uit. Pukkelpoppers die de zon en warmte trotseerden en er een onvergetelijk feest van maakten.
Een ijzersterke affiche van ‘voor elk wat wils’ en ‘voor alle leeftijden’, verspreid over de drie dagen om je ‘alternatieve’ ei kwijt te kunnen … de jonge freaks en de doorwinterde liefhebber konden hun muzikaal hartje ophalen …
Met een replay van Foo Fighters op zaterdag als absolute headliner . Moest er nog stof zijn? met ruim 66000bezoekers per dag …’It was good to see you’ …

Een overzicht van ons parcours

dag 1 – donderdag 16 augustus 2012

Muzikaal was de eerste dag van Pukkelpop  top en we plaatsen in het immense aanbod eerst de spotlight op de Mainstage.

Op het middaguur kregen we al meteen een ‘best of’ setje van Zornik van Koen Buyse . Ze zijn al meer dan tien jaar bezig , hebben tientallen radiohits uit en er wordt nu naarstig gewerkt aan een nieuwe plaat . Radiohits? Jawel , Zornik rockte en bracht het publiek meteen in de juiste stemming met
frisse, aanstekelijke en energieke rocksongs. “Believe in me”, “It’s so unreal”, “Scared of yourself”, “The enemy” en “Black hope shot down”.

Het Britse Rizzle Kicks bouwden een feestje iets later, met hun aparte mengeling van hippop, mariachi en ska . Een uitgebreid ensemble met blazerssectie dus . De twee rappers deden de eerste rijen bewegen en hadden een gezond gevoel van humor. Summerfeelings met “Down with the trumpets”. 

Erg vroeg stond Snoop Dogg geprogrammeerd . Tja , onze gangsta luv-er, intussen naar de rastabeweging overgestapt, heeft vandaag nog een tweede optreden, een enig zaalconcert in de 013 in Tilburg.  Met een grote reggae vlag en rastakruin manifesteerde hij zich en palmde hij volledig de wei in . Snoop Dogg  gaat momenteel als Snoop Lion door het leven en is een rang hoger in het dierenrijk geklommen …
En ook live slaagde hij daar wel in … Op het podium stond hij er met een volledige liveband, een paar MC’s en een DJ … real hiphop met allerhande invloedjes (G-funk, reggae en Dr Dré geluidjes), samples ( “PIMP”, “I wanna love you”, “Jump around”)  en een laidback van het eigen materiaal als “Next episode”, “California gurls”, “Who am I, what’s my name”, “Young wild and free”, “Gin & juice” en “Drop it like it’s hot”. De entourage van een dansende, oude man , met een reuzenjoint in de hand, en discochicks, die ervoor zorgden dat de temperaturen nog een graadje hoger de lucht ingingen  … Snoop vs Kingston vs Dr Dré …

De wedergeboorte van Bush was er eentje om U tegen te zeggen . Rossdale en C° spanden de snaren strak; maar moesten het vooral hebben van het oude werk als “Machine head”, “Everything zen” en “Glycerine”.
Goed afgetraind was hij er voor z’n fans, en ging hen persoonlijk groeten . De betrokkenheid, enthousiasme, spelplezier was groot. Aan dynamiek en gedrevenheid  geen probleem dus . Een samenhorigheidsgevoel creëerden ze met “Come together” van The Beatles. Maar of hun comeback succesvol is , is iets anders!

Santigold ,
de ‘o’ door een ‘i’ gewijzigd, had goed gekeken naar de combi PP bandjes . In fleurrijk fluogroen kwam ze met haar danseressen op de stage en bracht een even frisse cocktail van hippop, funk , soul en electro . Het was een tijdje geleden (2008 dat we de dame hier nog aan het werk konden zien . Een nieuwe plaat heeft ze uit ‘ Master of my make believe’ .
Een fijne zomerse band en twee danseressen
die synchroon danspasjes uitvoerden, omringden de excentrieke, sympathieke zangeres , die over een klok heldere, indringende stem beschikt. “LES artistes”, “The keepers” en “Disparate youth” zaten mooi verdeeld in de set . Op “Creator” kon het publiek mee de stage op . Leuke set , al zat er op ‘t eind wat sleet . Zo hot als een paar jaar terug, is ze wel niet meer …

Je ziet maar wat een time out kan meebrengen . Het heeft Kele en de zijnen deugd gedaan om er opnieuw in te vliegen  met Bloc Party . “Glad to be here” en we kregen een ‘best of’ met o.m. “Hunting for witches”, “Positive tension” , “Song for clay”, “ Banquet “, “So here we are”, “One more chance”, “The prayer” , “Flux”, “Helicopter” en een link naar het nieuwe werk met “Kettling”, “Team a“ en de single “Octopus” … Het jonge publiek was nog niet echt mee na ruim vier jaar stilte. Heerlijk straf rockend spul, en indien nodig ondersteund van synths. Btw, de nieuwe plaat ‘4’ verschijnt binnen een paar dagen …

Apart , heel apart was de show, de act en de muziek van Björk . Geluidskunst , met knisperende , abstracte elektronica, drums,  een koorzang en haar frêle stem . De visuals kleurden een onschuldige, onheilspellende droomwereld , vulkaanuitbarstingen, vuurwerk, onderwaterwereld en allerhande meer.  Met een knipoog naar LFO en Aphex Twin. Interessant wel, maar niet meer voor het grote publiek . Haar fanbase is waarschijnlijk de laatste twee platen niet meer toegenomen .
De klemtoon kwam op de recente ‘Biophilia’, en een paar oudjes “Hunter” , Hidden place”,  “Pagan poeltry” en  “Possible maybe”  kregen een vervormd, eigenwijs kleedje toegemeten  … De dame heeft alvast niet stilgezeten de laatste jaren,  en ze slaagde in een avontuurlijk, apart , heel aparte set en show …

Moet er nog stof zijn? Een stevig feestje kon  beginnen met Netsky live . Ongelofelijk wat onze Boris Daenen in staat is en hoe hij wordt overvallen door het succes. Een ganse wei valt voor z’n drum’n’bass en  dance  met poppy invloeden . Een  generale repetitie tijdens de try-outs , een geslaagde tweedaagse in de AB en een stomend concert op Rock Werchter . Hier boog en danste de menigte. Een MC (Script) en twee gastzangeressen (Diane Charlemagne en Scarlet) vulden aan en zorgden voor grootse uitvoeringen van “Moving with you”, “Love has gone”,  “Give & take” en  “Come alive”. Wat een ongelofelijke groei . Netsky live stond ér en klonk groots op de Mainstage. Net als op Werchter, één van de hoogtepunten en een waardige afsluiter . Magistraal. Hij haalde er z’n ouders bij als support . Wat een mooi hartverwarmend gebaar. Respect. Schitterend concert! 

En er viel op dag 1 nog veel te beleven . In de Marquee had Bram Vanparys aka  The Bony King Of Nowhere  de Gentse scene mee  van o.m. An Pierlé & White Velvet, Amatorski, Kiss the anus of a black cat en Esther Lybert. Deze ‘Bon Iver’ sing/songwriter (‘a man & his guitar’) stond in de spotlights; de songs van ‘Alas my love’ en ‘Eleonore’ kregen een bredere omlijsting, zonder ook maar bombastisch aan te voelen . Nee, de sound was uitermate beheerst, fraai gearrangeerd en gedragen door de melancholische stem van Vanparys. Een sfeervol concept, voor herhaling vatbaar . Als toemaatje speelden ze er eentje van Leonard Cohen ( “Tonight will be fine”) , die tijdens die week en in het weekend te zien was op het  Sint-Pietersplein in Gent.

Het Australische The Jezabels brachten een kneur van dromerige, onheilzwangere indierock, twinkelende synthpop en gothic invloeden; gevarieerde ‘pop noir’ met een rockend kantje.  Hayley Mary is een sterke zangeres. De cd ‘Prisoner’ heeft nog niet het verhoopte succes in Europa , maar de gig was standvastig en klonk overtuigend.

Het 50 minuten durende optreden van Of Monsters and Men was een aanvoer van één voor één vrolijke nummers. De stemmen Nanna Bryndís Hilmarsdóttir en Ragnar 'Raggi' Þórhallsson zijn beiden heel erg mooi, maar ze zijn het mooist wanneer er een samenzang is tussen de twee. De stem van Nanna Bryndís Hilmarsdóttir heeft iets speciaal, enige kritiek is dat het niet altijd even duidelijk is, het lijkt alsof ze haar woorden op het einde inslikt waardoor het soms moeilijk is om te begrijpen wat ze zingt. Heeft de IJslandse taal er iets mee te maken?. Tijdens het nummer “Little Talks” zong het publiek uit volle borst mee, iedereen voor en op het podium had er plezier in. Het nummer was dan ook uitzonderlijk goed gebracht en je kon het verschil bijna niet horen. Voor ons is Of Monsters And Man een band om in de gaten te houden, iets zegt ons dat de band binnen paar jaar met gemak naast andere IJslandse kleppers als Jonsi, Sigur Ros en Björk kan staan. (Tehani – Pieter)

Hot Chip
 is na talrijke solo-uitstapjes terug bij elkaar en doet uitkijken naar hun show in de AB met hun “Ready for the floor” en “I feel better” deuntjes . Geen ballads , maar heerlijke danspopelektronica . Hier kwam een party gevoel naar boven en hadden we een mishmash, die aanstekelijk inwerkte op de dansspieren; “I was a boy from school” , “Don’ deny your heart”, “Over & over” en “Hold on” ontbraken niet,  aangevuld met een vleugje Fleetwood Mac’s “Everywhere” … Hot shot!

We werden iets later in een Feist  web geweven , gedegen songs met een brede instrumentatie en een uptempo karakter … Haar zaal optredens hadden het al ingeleid en ze gaat verder dan haar geestesgenoten Cat Power en Joan Wasser. Feist staat live op scherp!
Een goed op  elkaar afgestemde band verzekerde een ritmisch sterke aanpak en gaf boeiende wendingen, wat de nummers opbouwde, breder, forser en meer opwindend maakte, met enkele explosies, gedragen door haar warme, gevoelige, licht melancholische stem. Wat een power, dynamiek, extravertie en intimiteit … “My moon , my man” stak het vuur aan de lont , “Limit to your love” (also known by James Blake) werd in een volledig nieuw jasje gestoken,  en ze trakteerde ons op een ingenieus leuke “See lion woman” (Nina Simone).

Acht jaar heeft Lanegan gewacht op eigen nieuw werk . En hij houdt van ons landje en klopte aan bij Belgische muzikanten . ‘Blues funeral’ werd de opvolger van ‘Bubblegum’ ; het resultaat: broeierige , innemende rock met een donker randje en een dreigende ondertoon , dit is Mark Lanegan (Band) , een soort ‘4 Horses of the Apocalyps’. Het tempo werd nogal hoog gehouden en we hadden denderende versies van “The gravedigger’s song” , “Hit the city” en  “Riot in my house”. ‘Praatvaardig’ zoals hij is, lag de klemtoon op de kwaliteit, de ruimte voor de instrumentatie en  z’n grafstem. Op het eind haalde hij er nog Greg Dulli bij en kon met een fenomenaal “Methamphetamine blues” afgesloten worden …

Andere ontdekkingen?  jawel een check in de Castello leverde volgende bands op
Van No ceremony///, met backslashes, uit Manchester , hebben we weinig info vooraf. Ze speelden op de middag slepende wave/electro, niet vies  van een  James Blake geluidje. Bakken synths, gitaren en elektronische drums en een indringende, hemelse vocaliste, een sound beetje in de voetsporen van Peter Hook, wat je in de ‘Ceremony’ sferen van Joy Division – New Order doet belanden.

Alt-J is één van de Britse sensaties  uit Leeds; de muziek van hun debuut ‘An awesome wave’ laat zich op vele manier omschrijven en heeft als rode draad broeierige, weerbarstige als dromerige, gevoelige indierock, niet vies van een zweverig melodielijntje. Ze speelden voor een volle tent, en een ongerepte vindingrijkheid  in het materiaal viel op, warm, toegankelijk en  avontuurlijk , met al die ritmes en voices . Ze waren sterk onder de indruk van de respons. Iemand zei me invloeden van een 22-Pistepirkko, inderdaad een fijne referentie . Songs die wat tijd nodig hebben, maar die rijpen en respect afdwongen door al die verschillende contouren . In het najaar in de AB Club en in de GrandMix . Be there !

De Chromatics dan, uit Portland , ook sterk onthaald met hun ‘Kill for love’ album ; de gelijknamige single is in ons geheugen gegrift; we hoorden een combinatie van synthpop, zweverige, ijle gitaren en bleeps onder de dromerige, galmende zang van Ruth Radelet. Voor de prachtige titelsong waren we iets te laat, maar “These streets will never took the same” maakte het meteen goed .  Heel wat referenties selecteerden we van hun aparte ‘pop noir’, in een Curebedje , met op het eind een rits covers,  “Running up that hill” en ”My my hey hey”.

Tot slot in de Club … Kort na de middag was er de folky americana van Bowerbirds , in een rustige, innemende, voortkabbelende
Band Of Horses en South San Gabriel stijl. Sfeervolle, sobere ‘flyin’ birds music’ …  Minus The Bear uit Seattle , al ruim tien kaar bezig, trad iets later op; eerste indruk: intens broeierige rockende songs …
De overtuigende act van Django Django ; ze hebben onze gebeden na Les Nuits Bota gehoord en lieten de percussie en de synths overheersen. Na de clubervaring hebben ze de kaart  van ‘opwinding’ gekozen . De ‘catchy’ songs werden
rijkelijk gecharmeerd door pulserende beats, psychedelicatunes , ‘60s rock’n’roll, percussie en uitgeholde kokosnoten. “Default , één van de meest aanstekelijke songs de afgelopen maanden, was het absolute hoogtepunt . Ons gedacht van een ‘Beach Boy ‘Surfin’ California  in de (streamin’ whiskey) Highlands van Schotland’ , werd hier opnieuw bevestigd … Django Django , onthou die naam!
Of de shoewave van The Big Pink  … ze penden een stevig live concert neer; het zwakke materiaal van de recente ‘Future this’ werd vergeten. Ze gaven er ne ferme lap op door een geweldig prikkelend geluid van krachtige synths, opzwepende percussie en galmende gitaren . Er was geen sprake van zwaar aangezette en overdreven bombast . Zanger  Robbie Furze hitste het publiek op. Singles “Hit the ground (Superman)” en  “Dominoes” sprongen wild om zich heen .
tUnE-yArds
van de uit Oakland afkomstige zangeres/multi-instrumentaliste Merrill Garbus en bassist Nate Brenner stoeide met allerhande geluiden , een soort knutselpop, die door gretig aanstekelijke drumloops en blazers  afroritmes  sterk integreerde. De songs werden gedragen door bedwelmende, variërende, verbeten zangpartijen.  Een ritmisch kleurrijk geluid  van het talentrijke tUnE-yArDs besloot de Clubstage. Sjeik!

Ohja , Het Finse viertal Apocalyptica in de shelter, brak door in ’93 met Metallica covers op cello. Me First and the Gimme Gimmes fungeerde als ideale geleider. Als achtergrond zagen we de cover van hun cd '7th Symphonie'. Klemtoon komt op meer eigen nummers van wisselende kwaliteit. Tijdens het optreden was “Nothing Else Matters' (Metallica) het hoogtepunt. Een kippenvel moment volgde toen het lied uit volle borst werd meegezongen door het publiek, wat ook gebeurde tijdens het nummer “Master of Puppets” (Metallica). De zangstem tijdens “End of me” was niet helemaal zuiver maar tijdens elk refrein leek hij zich te herpakken. De zang tijdens “I Don’t Care” was veel beter omdat de vocals meer bij de song aansloten. Een geslaagd optreden en het publiek interageerde. Spijtig genoeg was  het geluid niet optimaal en de cello’s waren soms heel stil tegenover het geluid van de drum. (Tehani – Pieter)

Pukkelpop is back … “So Good To See U at PP” …

Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pukkelpop 2012 – vrijdag 17 augustus 2012

Geschreven door

Pukkelpop 2012 – vrijdag 17 augustus 2012
Pukkelpop 2012

Op dag 2 van Pukkelpop was het warm– bloedheet zelfs; 66000 bezoekers trotseerden de hitte. Muzikaal hadden we een drankcontainer klaar en kon je makkelijk het kaf van ‘t koren onderscheiden … De reünieconcerten vandaag waren uitermate geslaagd …
Een overzicht van ons parcours …

… Zoals een Keane in loop van de avond . Knuffelbeergehalte voor een Pukkelpop  publiek … Publiekslieveling Chaplin charmeerde en trakteerde op een ‘best of’ . Hun recente album ‘Strangeland’ klinkt minder geforceerd en gaat terug naar de begindagen; op die manier heb je een reeks gevoelige popsongs  met een zalvend weerhaakje, aangevuurd door pianist/toetsenist Tim Rice-Oxley; van “Crystal ball”, “Bend & break”, “Spiralling”, “This is the last time” tot “Everybody’s  changing”, “Somewhere only we know “ en “Is it any wonder”  … Tja , die mannen hebben al een pak ‘Feelgood’ songs op hun actief en waren duidelijk een hitmachine . .

Later op de avond The Stone Roses, de Manchester band die de jaren ’90 inluidde met hun memorabel titelloos debuut, én die de Britpopscene ‘opnieuw ‘ in kaart bracht. Persoonlijk moet ik terug gaan naar het Futuramafestival Deinze, en dan spreken we al van ’89- ’90, dat we de band nog aan het werk zagen . We keken alvast uit wat deze reünie kon betekenen . Brown en de zijnen speelden een snedig, gedreven , slepende set en ondanks de spanningen die er kunnen heersen, zijn zij sterk op elkaar ingespeeld . Wat een gitaarriffs, effects , diepe basstunes en overweldigende drums .  We genoten van hun versies “I wanna be adored”, “Sally cinnamon”, “Ten storey love song”, “Fools gold” (wat een versie btw) , “Waterfall” , “Love spreads”, “ This is the one” en “ I am the resurrection” . Heerlijk uitgesponnen bezwerende songs . Geniaal!  
Brown kan  een nors, vies opzicht hebben en smoelen trekken, maar in een goede bui is hij tot veel in staat en naast de stem vaste zang , kon er wat ‘fun ‘ van af met figuurtjes en papieren vliegtuigjes voor de camera . De drummer was in de nineties blijven hangen met z’n zomerhoedje op … ‘Mad’chester op z’n best …

En eerder op het hoofdpodium?
Rode schoenen met veters zagen we zwaaien van uit het publiek … Inderdaad , vroeg op de middag speelde het amicale duo Steven Ansell – Laura-May Carter, Blood Red Shoes , al voor de vierde keer op Pukkelpop; dynamiek , opwinding en standvastigheid is iets dat ze perfect beheersen . Een treffend en stevig samenspel, al is de nieuwe plaat ‘In time to voices’ minder hitsend , ze staan er op de Mainstage en brachten  een furieuze lijst van “It’s getting bored by the sea”, “Dont ask”, “Say something, say anything”, “I wish I was someone better” en een zwetende “Je me perds “.

Maxïmo Park
moet het nog steeds hebben van hun eerste twee platen van springerige en energieke postpunk.  Ze gaan breder en klinken gevoeliger op het nieuwe werk,  maar die postpunk van “Girls who love guitars”, “Apply some pressure”   en “Book from boxes” blijven we van houden . En met een zanger Paul Smith , die zo geplukt kan zijn uit een notoire Britse serie. Eerlijkheidshalve moet ik bekennen nu minder onder de indruk te zijn van dit enthousiast spelende gezelschap .

Ideaal bij dit zomer weer …de fris, twinkelende, aanstekelijke, dansbare pop van Two door cinema club, die binnenkort nieuw werk zullen uithebben . Af en toe hoorden we al een tip van de sluier , maar op ‘t eerste zicht blijft het ons nog niet bij . Afwachten tot er meer werk van te horen zal zijn met hun cluboptreden in de Bota november a.s.  Onder de brandende zon boden ze aangenaam , ontspannende ijsblokjes en zijn het  de singles “Do you want it all”, “This is the life”, “Something good can work” , “Eat that up, it’s good for you” en “You’re not stubborn” die ‘em deden …

De Zweedse Lykke li moest de onwennigheid wat doorbreken op zo’n grote stage . Bevreemdende (triphopsounds), sfeervolle  en toegankelijke synthpop gingen hand in hand samen, met een zangeres die meer en meer uit haar schelp kwam . Net als bij Björk zagen we bij die sound een acterende dame. Haar songs werden fors ondersteund van synths en percussie, met een knipoog naar The Knife . “Sadness is a blessing”, “Little bit” , “Get some” en “I follow rivers” stonden garant voor een fijn optreden, al had men toch beter een switch gedaan met Goose  die de  Marquee deden ontploffen  ...

In de Marquee kregen we al vroeg op de middag de stoner/postmetal/sludge  van de Texanen O’Brother , slepende songs, met een onderhuidse spanning  die durfden te exploderen . Een dampend concertje met maar liefst vier gitaren. Boeiend zeker in het begin, maar dan zakte het wat in elkaar en daalde de sensatie. Goed , maar niet verrassend.

Minder spannend klonk de uit de VS afkomstige  Oberhofer ; ze brachten alles in 1 song samen in hun noisy indierock, waardoor we niet goed wisten welke richting en stijl ze wensten te hanteren . Beetje wat Mars Volta vroeger deed .

The Walkmen speelde in de namiddag de meest evenwichtige set met hun broeierige intrigerende gitaarrock … Niet meteen beklijvend , maar een ruime voldoende . Btw de New Yorkers zijn al een decennium bezig , maar beginnen nu pas wat airplay te verkrijgen .

Sam Sparro had hier een volle tent . Niet verwonderlijk , want hij heeft momenteel een instant zomerhit “Happiness” (in de Magician remix). Algemeen kregen we een portie funkende soulbrotherpop door een heuse band, ondersteund door backing vocalistes. Op “I feel for you” , “Black & gold” en “Happiness” werd stevig gedanst en werd het nog een graadje warmer …

Meteen raak, The Band Of Skulls . Hun songs staan er overduidelijk
, jachtig, zompig, strak verbeten en meespelend; kortom snedige gitaarrock van een trio zonder scrupules. Er werd uit de twee albums deftig geswitcht , maar de emotievol potige rock‘n’roll van de eerste plaat “Fires”, “Hollywood Bowl”, “Light of the morning”, “I know what I am” en natuurlijk “Death by diamonds and pearls” zijn kleppers. Ook “Sweet sour”, “Bruises” en “The devil takes care of his own” pakten ons snel in. Een trio op volle toeren!

En dan de oudjes Grandaddy en Afghan Whigs … overtuigende reünies en heerlijk om hun nineties nostalgie te horen , de ene met de dromerige sound, de synthbleeps en de zweverige vocals , de andere die de donkere melancholie een krachtige rockface gaf . Jason Lytle en Greg Dulli , je bezorgde ons onvergetelijke momenten …
* de catchy psychedelische popdeuntjes van Grandaddy , gekenmerkt van verrassende wendingen , blijft na al die jaren iets unieks . Een fijne comeback, met even fijne beelden op het achterplan, de ideale outfit voor de houthakkershemden met baarden en pet . Bezwerend, meeslepend en  opzwepend materiaal, o.m. “El caminos in the west” , “The crystal lake”, “AM 180”,  “Summer here kids”, “Stray dog & chocolate cake”  en een lang uitgewerkt uitgesponnen “He’s simple , he’s dumb, he’s the pilot” , een nummer waarvan de heren van Pink Floyd een kluif konden aan hebben …
* En als de nacht valt, dan zwerven heren als Lanegan en Dulli rond; The Afghan Whigs zijn back en gaven al een verpletterend optreden in de KC, juni ll. De zo goed als oorspronkelijke band werd aangevuld en zette een messcherpe, strakke, krachtige set neer . Een diep getrokken, pakkende, emotievolle, broeierige sound  alsof twintig jaar Afghan Whigs verdiende los te barsten, te exploderen en een Dulli die de ziel uit z’n lijf schreeuwde. Geen soulfulle uitstapjes die we vroeger wel eens konden horen , maar een band die er gretig tegenaan ging met bijna welgeteld 20 songs . Geen moment verveling als je een som maakt van “Crime scene”, “Uptown again”, “What jail is like” , “Gentlemen” , “66”, “Going to town”, “Debonair”, “Miles iz ded” en “See & don’t see” . Wat een return . 

De songs van Skindred  klonken fors in de shelter. Hun gig - een explosieve cocktail van metal en reggae- deed de temperatuur nog een paar graden stijgen. Songs als “Rat Race”, “Nobody” en “Roots Rock Riot” bonkten. Met frontman Benji Webbe heeft Skindred een top entertainer in huis die de menigte in de hitte moeiteloos liet moshen, springen en crowdsurfen. Opeens klonk het welombekende “Single Ladies” van Beyoncé door de tent, menig toeschouwer zong mee, maar opeens werd het lied afgebroken. Een verontwaardigde blik van frontman Benji Webbe?! Hij smeet zich helemaal en sprong wild rond op het podium. De aparte intro leidde uiteindelijk het prestigieuze nummer “Pressure” in. Stomend setje alvast. (Tehani – Pieter)

En onze dag was nog niet ten einde … We stonden even stil in de Club met de subtiel , uitgekiende rock van Zulu Winter , die aangenaam verrast waren van de respons. Het Britse ensemble houdt van gelaagde melodieën, een ingehouden melancholie en hoekige ritmes. Met het debuut  ‘Language ‘ kwamen ze onder de aandacht en kunnen ze een doorbraak forceren. Charmerende rockende songs hadden we van het talentvolle We are augustines , die een uitstapje richting Gaslight Anthem en Bad Religion niet schuwen en duidden op de  factor gevoeligheid en ingetogenheid.  
Tot slot The tallest man on earth, sing/songwriterpop van
de Zweedse troubadour Kristian Matsson . Hij houdt z’n songs uitermate boeiend met z’n akoestische gitaar, het -getokkel en z’n bezielde, emotievolle stem . Hij kan rekenen op heel wat bijval , want bij valavond was hier veel volk opgedaagd die de man op handen droeg . De Club werd ingepalmd door een groots artiest. Folky sing/songwriterpop van het hoogste niveau die een Bruce Cockburn en Luka Bloom naar de kroon steekt .

Drive Like Maria is een graag gezien gast op het festival en kon opnieuw terecht in de pittoreske Wablief?! Tent . R
ockers in hart en nieren. Hun rauwe rock’n’roll, stoner  en bluesrock getuigde van puur vakmanschap en was de adrenaline verhogende pil bij uitstek . Alsof het nog niet warm genoeg was … Een Nederlands/Belgische rocksensatie pur sang!

Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pukkelpop 2012 – zaterdag 18 augustus 2012

Pukkelpop 2012 – zaterdag 18 augustus 2012
Pukkelpop 2012

Op de stoffige Pukkelpopweide steeg de temperatuur tot boven de 35 graden . Het was puffen geblazen . De organisatie zorgde ervoor dat de bezoekers op deze al lang op voorhand uitverkochte afsluitende dag voldoende water kregen, o.m. twee flesjes voor de prijs van 1. Vlak voor de podia werden waterzakjes uitgedeeld en net vóór de ingang van een tent werd je al eens besproeid. Fijn .
Om 18h10 werd 1 minuut stilte gehouden,  eerbetoon aan de slachtoffers van 1 jaar terug . Emotioneel sterk . Respect.
Muziek, jawel hoor , een overzicht van ons parcours , met als absolute headliners Black Keys – Foo Fighters

Al vroeg op de middag waren we op post voor hert sympathieke Dry the river (Marquee). De Londenaren verweven op de plaat ‘Shallow bed’ broeierige poprock met folky elementen; de melodielijnen klinken zwierig als meeslepend. Live onderging hun sound een metamorfose en gingen ze gretig te werk. Hun indiesound bouwde op , werd heviger en gedrevener, kon woest zijn en exploderen . Felle gitaren, effects , toetsen en viool gaven kleur en helden over naar de postpunk , de folky tunes van Other Lives, de psychedelica van Pink Floyd en de postrock van een Mogwai en Explosions in the sky. De indringende stem van Peter Liddle (denk aan Elbow Guy Garvey) werd aangevuld met heerlijke stemmenpracht. Songs als “No ceremony”, “Weights & measures” , “No rest” en  “Lion’s den” bezorgden kippenvel en balanceerden tussen ingenomenheid en extravertie . Wat een ontdekking . Grootse band in wording!

Nog niet helemaal bekomen, zagen we al een volgende sensatie The Joy Formidable (Mainstage). Een even begeesterende set speelde het trio uit Wales onder de ijzersterke zang   van de blonde Ritzy Bryan. Gecontroleerde chaos, hard, melodieus en catchy, waarbij het trio wild tekeer kon gaan en de nummers lekker lang kon uitspinnen. Bruisend enthousiasme , waarbij ze zich moeiteloos een plaatsje eigen maakten op het hoofdpodium. Haar indringende blik zette de shoegaze kracht bij. The Joy Formidable ging op songs als “The everchanging spectrum of a lie”, “Austere” en “Whirring” als een tsunami te werk, van gedoseerde, broeierige intensiteit naar uitbarstingen van gierend gitaargeweld om dan te eindigen in een bezwerend poppy slot. Strak , heet en ontploffend! Ritzy Bryan kondigde aan dat haar band zeer binnenkort terug op de Belgische podia zal staan, en dit met nieuw werk. Wij kunnen echt niet lang meer wachten. Ongelofelijk formidabel!

De Club werd omgedoopt tot een bruine kroeg bij Jamie N Commons . Een doorleefde rootssound , met oog voor subtiliteit en een raspende vocalist, brachten een reeks sfeervolle, slepende, uiterst genietbare songs . Songs die moeten opboksen tegen het zweet en het eerder wensen te houden op een ochtendgloren door de bluesy licks, de slides en de mondharmonica.

Het veelbelovende Howler (Marquee) hadden we eind vorig jaar in de AB Club al veel beter aan het werk gezien (check onze review). Vandaag hadden ze een beetje last van de warmte en stonden ze nogal ongeïnteresseerd hun ding te doen ( en ’t zijn nochtans geen Britten). Hun doortocht op Pukkelpop was dus hoegenaamd niet onvergetelijk maar we wensen de talentrijke jonge snaken nog een gouden toekomst toe, want ze hebben het in zich, getuige die verbluffende debuutplaat.


Ha, wie we daar hebben, The Jim Jones Revue (Shelter), tuig waar we maar niet genoeg kunnen van krijgen. Waarom, vraagt u zich af ? Omdat dit zootje ongeregeld de meest vuile en gortige rock’n’roll speelt die we de laatste jaren gehoord hebben. Dit is The Stooges, John Spencer, The Cramps,  Little Richard, Jerry Lee Lewis en MC5 samen door de gehaktmolen gedraaid aan full speed. Heerlijk vunzig en uiterst bronstig, en met een ongekende gedrevenheid. Zulke bands maken ze deze tijd niet meer. Eén van de hoogtepunten van Pukkelpop.

Erg mooi en intens klonk Daughter (Club) rond de Britse zangeres Elena Tonra, die ons uitnodigden op een heerlijk rit van eenvoudige , eerlijke, sfeervolle indiefolk , met een donker The xx randje . “Run”, “Landfill” en “Youth” waren meer dan de moeite door de ijle, breekbare, ontroerende zang en door de spannende en scherpe gitaarriedels. Fijne ontdekking op Pukkelpop.

Even een graai meegenomen van Trash Talk (Shelter), niet echt ons ding, lawaaierige trash metal met irritant schreeuwerige zang. Er is een publiek voor, maar ’t zijn wij niet. De toog was een valabel alternatief.

De eeuwig gecontroleerde rommeligheid van Stephan Malkmus & The Jicks (Marquee) zullen we blijven koesteren. Malkmus heeft Pavement voorgoed achter zich gelaten, hij speelde hier een gezond slordige selectie uit zijn solo repertoire en liet ondertussen blijken dat hij eigenlijk een ongelooflijk begaafd  gitarist is, getuige een alweer prachtig “Real emotional trash”, een song zo geniaal dat enkel een bedreven Tom Verlaine dit zou kunnen evenaren.

Van een dezelfde schoonheid en subtiliteit als Daughter was Jessie Ware (Club). Ze heeft een verleden als achtergrondzangeres bij Jack Penate en SBTRKT, beschikt over een licht galmende, gouden fluwelen ‘Florence Welch’ stem  en gaat muzikaal breder in haar softrock door grooves, elektronica, gitaar, bas, soul en r&b toe te voegen . Singles als “Wildest moments” en “Running” kwamen verdiend in de belangstelling en klonken live overtuigend . Net als Daughter nog wat statisch op de stage , maar daar kan verandering in komen in het clubcircuit. In het najaar in de AB (Club). Checken mensen …

Kotsen op het podium, dat moet kunnen. De zanger van het explosieve bandje Pulled Apart By Horses (shelter) kwam er mee weg, want ondanks zijn braakpartijtje bracht hij één van de meest energieke optredens van de dag, en dat met de venijnige emo trash punk waarmee hij en zijn band de Shelter in vuur en vlam zetten. Geniale pokkeherrie.

Alsof het nog niet heet genoeg was  … Het publiek in de nokvolle Dance hall ging volledig los op de muziek van Major Lazer. Een fictief Jamaicaans stripfiguur, oorspronkelijk opgericht door Diplo en Switch, die het in 2010 voor bekeken hield. Diplo -eveneens bekend onder eigen naam- ging verder in zee met Walshy Fire en Jillionaire, de huidige gezichten achter Major Lazer. Vol ophitsende beats, flarden songs en samples zweepte men het publiek op . Twee danseressen zorgden voor een bijkomend showtje. Stampende, zwetende lijven tot ver buiten de tent , op de beats; het dak ging eraf!
Ondanks de verschrikkelijke hitte waagde Diplo zich toch om over het publiek te lopen in een bloedhete opblaasbare bal. Enkele bekende tunes werden gedraaid terwijl de t-shirts zwaaiend in de lucht , toch voor enige afkoeling zorgden. De alombekende song “Get Free” werd in een originele -maar jammer genoeg mindere- versie gebracht. Weird! Aanrader voor de (dance) liefhebbers. (Tehani – Pieter)

En dan tijd voor een legende, genaamd Bob Mould (Marquee), die hier voor de gelegenheid het volledige ‘Copper Blue’ album kwam voorstellen, een meesterwerkje die ondertussen ook al 20 jaar oud is. Puntig, punky, en met tonnen venijn en energie gebracht. Nostalgie ? Ja, maar met evenveel branie en vuur dan vroeger gebracht, meer zelfs, dit was een stuk intenser dan de set van Sugar zo een 20 jaar gelden in de Vooruit. U zal het zich misschien herinneren, een optreden die zo slecht was dat het weer goed werd, enkel de aanwezigen van toen zullen begrijpen waar we het over hebben.
Bob Mould mocht later op de avond ook nog eens aantreden als special guest bij Foo Fighters (Dave Grohl weet heus ook wel wie zijn grote voorbeelden zijn, Mijnheer Mould was stichtend lid van Husker Du en daar zijn zowel Nirvana als vele andere gitaargroepjes nog geen klein beetje schatplichtig aan), maar Moulds optreden moest qua elektriciteit en dynamisme in niets onderdoen voor de set van de mega band Foo Fighters. Om maar te zeggen, wij hebben vandaag meer genoten van Bob Mould dan van Dave Grohl.

En wat te zeggen van Graveyard (Shelter), retro als de pest, maar wonderbaarlijk fantastisch. Met deze langharige Zweedse seventies rock gingen we zo maar eventjes 40 jaar terug in de tijd en passeerden we langs Cream, Black Sabbath, Jimi Hendrix, Blue Cheer om uiteindelijk bij  Motorpsycho te belanden. Uitermate geweldig en graag meer van dat, op 30 november in de Trix bijvoorbeeld. Be there.

Lower Dens (Castello) is het volgende muzikale project van de freakfolkster Jana Hunter. Hier gaat ze met haar band ergens tussen The Antlers, Beach House, Slowdive en Stereolab. Een bedwelmende , hypnotiserende sound, dromerig, meeslepend, galmend, die door de soundscape-opbouw en de effects fors en snedig kunnen klinken . Ondanks de koele uitstraling van het gezelschap , betoverden ze ons met een “Rosie” , “Candy” , “Brains” en “Nova anthem”.

Ondertussen mocht Howlin’ Pelle Almqvist op de Mainstage nog maar eens zijn showtje opvoeren. En ook al kennen we zijn truukjes ondertussen al, hij kan ons blijven bekoren. Waarom ? omdat The Hives nog steeds de meest vinnige garage punk aan deze kant van de planeet voortbrengen. Ook al zijn The Hives voorspelbaar, we zien ze altijd graag terugkomen want rechttoe rechtaan rock’n’roll werkt altijd.

Na al dat hevige gitaargeweld waren de dromerige songs van The Antlers (Club) een welgekomen verademing. De band wist een innemende set songs neer te zetten die ons strak bij het nekvel pakte. Knappe songs met gevoel en diepgang, neem eens uw toevlucht tot hun laatste pareltje ‘Burst Apart’ en u zal begrijpen waarover wij het hebben.

De Boiler Room, 20u. Qua hitte even op adem gekomen …maar in de Dance hall of in Boiler room is het even anders; de festivalgangers kunnen er maar niet genoeg van krijgen. Tiga de welombekende DJ uit Canada ‘draait’ olie op het vuur … De rode lasers in het rond, enkele gloeilampen en de geometrisch gevormde achtergrond maken het helemaal af. De electro, dance en house beats pompten en het publiek gaat los, weliswaar toch wat uitgeput van de voorgaande dagen. (Tehani – Pieter)

The Black Keys (Mainstage) zijn een band die ons nauw aan het hart ligt, omdat ze met hun tweetjes de blues nieuw leven hebben ingeblazen, omdat ze vorig jaar met het ontvlambare ‘El Camino’ de plaat van het jaar hebben gemaakt en omdat ze ons al meermaals op een podium hebben omvergeblazen. Helaas hebben zo ons vandaag een beetje ontgoocheld, de scherpe kantjes waren er om onduidelijke redenen af, en hoewel de vuile blues alweer bij momenten in de lucht hing, The Black Keys konden op geen enkel ogenblik hun memorabel optreden van eerder dit jaar in de Zénith (en naar verluidt ook in de Lotto Arena) evenaren. Jammer, maar geen verloren zaak, daarvoor zijn deze gasten te goed.

De pompende beats en riffs van Sleigh Bells (Club) rond
het Amerikaanse duo Derek Miller – Alexis Krauss, daverden, triggers van een Atari Teenage Riot en Crystal castles, alsof The Kills een industrial inspuiting hadden gekregen, of een M.I.A met een machinegeweer werd wakker geschud . Hier zat power en vuur in. ‘Reign of terror’ is hun plaat, een terechte titel voor hun dampende, gespierde , verschroeiende electrorock . Schurend, gruizig, militant, noisy en vlijmscherp! Deze band wist ons te overtuigen.

En dan Foo Fighters (Mainstage), de band die iedereen moest zien maar die eigenlijk nog geen enkel deftig album heeft gemaakt en toch immens populair is. Per album heeft de groep immers een drietal ijzersterke songs afgeleverd, en dit bleek meer dan genoeg voor een hitsig optreden. Een jukebox, maar wel een stevige. De songs, die op plaat doorgaans nogal braaf klinken, waren stuk voor stuk straffer dan de studioversies, het tempo zat er goed in en Dave Grohl liep over van de goesting en rockte als de beesten.
Anderzijds klonk het allemaal nogal overdreven Amerikaans en ervoeren wij geenszins de spontaniteit die Foo Fighters hier op Pukkelpop kwamen tentoonspreiden in 1995, wat echt wel een memorabel optreden was.
Vandaag stond er dan ook  zodanig veel volk voor het hoofpodium dat wij ons openlijk afvroegen of er uberhaupt wel iemand was komen opdagen voor de andere podia. Daar stond wel het fantastische Wilco in de Marquee (gelukkig hadden wij ze al gezien in januari in de AB, schitterend concert trouwens) en in de Shelter was The Refused een geweldige punkset aan het geven (hebben we van horen zeggen). Wij twijfelen er nog altijd aan of we de juiste keuze hebben gemaakt, maar dit is dan ook het steeds terugkomende dilemma van Pukkelpop.

Omdat de Olympics nog niet zo vet lang achter de rug zijn willen voor de prestaties van vandaag gerust enkele medailles uitdelen : goud voor Jim Jones Revue, zilver voor Bob Mould, brons voor Graveyard en een Olympisch diploma voor The Joy Formidable en Foo Fighters.

Tot volgend jaar!

Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Yellowstock Festival 2012 – geslaagde zesde editie!

Geschreven door

Yellowstock Festival 2012 – geslaagde zesde editie!
Yellowstock Festival 2012
JH De Bogaard
Geel
2012-08-17 – 2012-08-18

Yellowstock is het geesteskind van Freek Cruysberghs en zijn maten van Jeugdhuis De Bogaard in Geel.Yellowstock Festival gaat door op de grondvesten van het jeugdhuis en is dit jaar aan zijn zesde editie toe.
Yellowstock staat voor psychedelische rock muziek and beyond. Headliners van dit jaar waren Electric Moon en Gnod. De zon was van de partij net als de hoeveelheden aan psychedelica.
Yellowstock lijkt een postmoderne versie van Woodstock maar dan kleinschaliger. De bezoekers die er waren leken van overal ter wereld toe te stromen om deel uit te maken van dit psychedelisch Walhalla.
We vinden er een chill out corner met tuinstoelen, handgeschilderde deuren die de line up aankondigen, een Aziatisch eetkraam, een hamburgertent voor omnivoren, een alternatieve bar met het lekkerste vruchtensap ter wereld,  en gezellige huis- en tuindecoratie die het decor een intieme sfeer geven als de schemer de nacht inluidt.
Hoewel het festival plaatsvindt op de jeugdhuissite van De Bogaard lijkt de jeugd in de minderheid te zijn. Enige punt van kritiek is dat de lichtjes in de bomen al van de start van de dag branden, wat in tijden van ecologisch bewustzijn een grote verspilling lijkt.
Tussen de korte pauzes van de optredens door zien we de Yellowstockcrew naarstig aan het werk om de vuilnis op te pikken,wat dit toch wel een clean festival maakt. Opletten geblazen als je je te grootmoedig voelt en met de blote voeten door het gras loopt, want sigarettenpeuken wachten er om de onderkant van je voeten te verbranden. Gelukkig is de Rode Kruis stand op wandelafstand, die je met alle plezier van de beste verzorging voorziet.

dag 1 – vrijdag 17 augustus 2012
The Grand Astoria uit Sint-Petersburg zet de toon van onze eerste dag op Yellowstock. In hun set brengen ze zowel atmosferische postrocknummers als onversneden psychedelische stonerrock met hoge tonen die het geheel een spacy vibe geven. Verrassend zijn verder hun sprongen naar meer jazzy-mathrock ritmes. Ze breien dit aaneen zonder in een onsamenhangendheid te vervallen. The Grand Astoria is Grand in wat ze doen,en na het optreden moeten we toch even bekomen van de schroeiende hitte onder een psychedelische hemel.

Ira de Dios is de tweede band die we te zien krijgen en stelt ons toch wel teleur. Er is weinig variatie in ritme en hun nummers komen nogal rommelig over. Bij momenten lijkt het eerder op heavy punkrock, zonder vernieuwend te zijn. Na hun Rolling Stonesriff verwerkt in een eigen nummer haken we dan ook af en zoeken verkoeling in de chill out corner.

De volgende band in de rij was normaal gezien Obelyskkh, maar wegens panne met hun bus wordt er een wissel gedaan met SardoniS, een band uit onze contreien. SardoniS bestaat slechts uit twee bandleden en waren eerder dit jaar al te zien op Stonerfest. Hun tweede album is net uit,en hun set was dan ook een mix van oude en nieuwe nummers. SardoniS staat voor postmetal sludge afgewisseld met hardcore drumritmes.

Obelyskkh arriveerde veilig ter plaatse en speelt een iets kortere set dan voorzien. Pure stonerrock met een postmetalkantje, die na enkele nummers toch wat monotoon begint te klinken.  Hier geldt de regel dat als je één nummer heb gehoord, je ze eigenlijk allemaal hebt gehoord.

Als er iets bestaat als psychedelische postrock dan is Jastreb/Seven That Spells er het boegbeeld van. Ze bewijzen goede muzikanten te zijn door er af en toe ook mathrock tussen te gooien.

De verrassing van de avond was BONG. Ze speelden binnen en het leek of je een tempel van drone binnenwandelde. Ze creëren door hun repetitieve ritmes in een bad van drone en spacy soundscapes een atmosferische duisternis. Ze staan garant voor een langzame opbouw en meer dan zaligmakende outro’s. Niet voor gevoelige kijkers daar in hun videoprojectie beelden werden getoond van het villen van een leguaan. BONG is echter een band waar je met de ogen gesloten nog meer  van kan genieten, maar van slapen was geen sprake.

My Sleeping Karma kon vanaf het eerste nummer rekenen op een enthousiast publiek. De band bruist van de energie en weet Yellowstock van begin tot eind in de ban te houden.
Door de zinderende hitte van de eerste dag en de wervelwind aan muzikale psychedelica houden we het na My Sleeping Karma voor bekeken en geven Electric Moon aan het publiek die er maar niet genoeg van kan krijgen.

dag 2 – zaterdag 18 augustus 2012
We starten de tweede dag met Monkey3 uit Zwitserse regionen. Ze staan voor psychedelische stonerrock hoewel samenhang bij deze band toch ver te zoeken is. Goed uitgebouwde postrock met Arabische invloeden creëren eerder een filmische soundtracksound die dan weer plots afgewisseld wordt met psychedelische postmetalstukken. Een vreemde cocktail…

Abramis Brama speelt op het warmste punt van de dag en we kiezen er dan ook voor om de show van buiten te volgen. Ze brengen rauwe stonerrock die door merg en been gaat. De frontzanger valt op door z’n wit kostuum en kapitein Hookhand. Abramis staat voor het typische stonerrockgeluid versterkt met stevige powerriffs.

De volgende band in de lijn is Baby Woodrose en bestaat uit vier groepsleden.  Onlangs is Ralph A. Rjeily, hun toermanager , overleden en Baby Woodrose bracht dan ook een eerbetoon aan hem deze avond. Baby Woodrose is het toonvoorbeeld van authentieke stonerrock die het publiek in vlam zet met nummers als “I am a vulcano”, ”Bad Drugs”, “Go” en andere catchy nummers. Je kan er funkinvloeden in horen afgewisseld met psychedelische gitaareffecten.

Naam kan het best omschreven worden als een poststonerband. Postrock, psychedelische rock en stonerrock, het is hun allemaal niet vreemd. De synths, orgel en pianogeluiden zorgen voor variatie in nummers die bij veel andere bands ontbreekt.

Spectrum bestaat uit bandleden van Space Man 3 en Spiritualized. De set van Spectrum kwam in slow motion op gang maar mondde al snel uit tot een psychedelische woestenij. Spectrum staat voor psychedelische rock waar de repetitieve bas en drum een voorname plaats innemen. De zang was niet altijd toonvast wat op zich niet meteen storend was. In februari dit jaar brachten ze hun tweede cd uit met de titel ‘Lust and Lost Joy’ en intussen zijn ze hard aan het werken aan een derde album.

We sluiten deze laatste dag Yellowstock af met de hypnotiserende show van GNOD, de Meesters der Psychedelische Bezwering. Hun repetitieve psychedelische sound versterkt door hun sociaal-politieke boodschap die door videoprojecties afgevuurd wordt maken van GNOD meer dan gewoon een band. De grens tussen band en publiek vervalt dan ook bijna onmiddellijk door de zinderende energie die ze uitstralen en je opzuigt in een bijna transcendentale toestand.
Het is zeker de moeite waard deze band live aan het werk te zien en naar Incubate te trekken,waar ze op vrijdag 14 september in Extase spelen.

Organisatie: JH De Bogaard, Geel (Yellowstock Festival)

Pagina 374 van 498