Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15418 Items)

Subterranean Masquerade

Mountain Fever

Geschreven door

De uit Israël afkomstige band Subterraenean Masquerade gooide in 2004 hoge ogen met het debuut' Suspendid Animation Dreams'. Hoewel de band in het hokje progressieve metal wordt geduwd, is er bij hen veel meer aan genres. Metal, progmetal, pop, progrock, punk, screems, grunts, koormuziek, folk, blazers, klassieke muziek, gierende gitaren, poppy refreinen, dubbel bas, oosterse muziek, middeleeuwse instrumenten passeren de revue.
Eerder dit jaar bracht Subterraenean Masquerade ondertussen hun vierde album, 'Mountain Fever', die hun diversiteit onderstreept.
Pakkende melodieën, emotioneel beladen songs en een verschroeiende sound, loeit door de boxen. “Snake Charmer” is er zo eentje. Ze doen op dit elan, bijzonder veelzijdig, verder en raken de metal snaar, al dan niet met een donker kantje.
Binnen het genre kom je zelden zulke bands tegen die de comfortzone durven verlaten, en hun  grenzen verleggen. Luister maar naar het episch mooie “The Stillnox Oratory”; Subterraenan Masquerade slaat je murw door die emoties en de verschroeiende riffs. De meest opmerkelijke song is het acht minuten lange epos “For the leader , with strings music”. Een schitterend nummer.
Wie houdt van avontuur in Progressieve metal komt hier aan zijn trekken. Terug is het geheel dat hier boeit door de talrijke verrassingen; ademloos blijven we achter. 'Mountain Fever' is sterk overtuigende plaat dus! Het is ons een raadsel dat deze Israëlische band nog niet is doorgebroken.

Tracklist: Snake Charmer (4:09) Diaspora, My Love (3:15) Mountain Fever (5:25) Inwards (6:46) Somewhere I Sadly Belong (5:43) The Stillnox Oratory (5:30) Ascend (5:58) Ya Shema Evyonecha (4:36) For The Leader, With Strings Music (8:26) Mångata (4:26)

 

Arlo Parks

Arlo Parks - Jong soultalent overtuigt

Geschreven door

Arlo Parks - Jong soultalent overtuigt

De warme, liefdevolle sound van Arlo Parks omarmde ons, op de ideale afstand van anderhalve meter weliswaar, in deze barre coronatijden. Ze wuifde de Sint uit vanavond en maakte de feestdis klaar voor het eindejaar. Haar schone , lichtvoetige muziek in een soulful kader, met een bloemetjes(tapijt) op het podium, nodigde ons uit.
Arlo Parks, is een jong Brits aanstormend talent die een samenhorigheidsgevoel in deze tijden sterk onderstreept .

Arlo Parks debuteerde in volle coronatijd met haar EP ‘Sophie’ en het debuut ‘Collapsed in sunbeams’ . Een resem singles , die ook op het debuut te vinden  zijn, lieten al horen hoe pop, soul, r&b en elektronica elkaar vinden in zeemzoete, frisse, innemende, knappe songs , gedragen door haar zachte, lichthese vocals . Ergens roept het Macy Gray, Tracy Chapman op, kun je wel zeggen, met haar warm , lieflijk, helend materiaal . Haar zalvende sound van gemoedelijkheid en amicaliteit wordt omgeven van levens- en persoonlijke vragen , wat siert.
Ze stond op alle beloftelijsten van 2021 en lost deze dus probleemloos in . Een Grand Mix met mondmasker ontving Parks en band met open armen . Net met haar band (zes in totaal) weet ze de tiental nummers open te trekken , door de fijn gitaarmelodieën, de bastunes, de synths, een trompet en de indringende drums. Een popsoulgeluid om van te snoepen . Zij beweegt zich hierin als een jonge, dartelende twintiger.
Het zat meteen goed met één van haar groovy singles “Hurt”. We slalommen in een gevoel van solidariteit , “Green eyes” heeft een loungy tune en op “Portra 400” verwijst ze naar haar idolen My Bloody Valentine en Beach house; bubbels van vriendschap borrelen op, o.m. “Too good”, “Caroline” en “Eugene” door de sfeervolle popgroove , ietwat het uitgangsbord van de plaat. “Angel’s song” boeit door de wisselende summiere en brede instrumentatie. De blazersectie is in de totaliteit van de sound een beduidende meerwaarde . Intimiteit en extravertie kruisen elkaar. Boeiend, aangenaam. Top.
Ze praat de nummers aan elkaar, aks een volleerde presentatrice en palmt hiermee haar publiek in; Iedereen, zowel publiek , als band , geniet en beleeft plezier. Deugddoend.
Ze loodst ons doorheen de drie laatste songs, ingetogen, pakkend op “Sophie”, het droevige, pakkende “Super sad generation” en het broeierige , tintelende “Hope” , woorden die we meenemen in deze donkere dagen om er elke dag opnieuw tegenaan te gaan …

Knappe melodieën met een goede vibe  en een sterke goedlachse sing/songwriter , tekent net dat jong talent . De festivalzomer lonkt , welk festival ook … Maar eerst opnieuw de Botanique aandoen , in uitgesteld relais ... Arlo Parks is de naam!

Organisatie : Grand Mix, Tourcoing

Meskerem Mees

Meskerem Mees - Meesterlijke en frivole spontaniteit

Geschreven door

Meskerem Mees - Meesterlijke en frivole spontaniteit

Meskerem Mees is na haar overwinning op Humo’s Rock Rally in 2020 en enkele radiohitjes al lang geen onbekende meer in het Belgische muzieklandschap. Onlangs heeft ze eindelijk haar debuutplaat ‘Julius’ uitgebracht waaruit ze voor dit optreden veel uit geput heeft.

Als eerste aan de beurt was er Sura Sol. De Brusselse heeft al wat muzikale ervaring met het trio Las Lloronas. Sura brengt diezelfde mix van akoestische muziek en slam poetry met uiteraard veel persoonlijke toetsen. Ook al was ze op van de stress, toch bracht ze haar muziek met overtuiging en finesse, wat merkbaar was in "Seaside" en "Other Side". Niet enkel had ze haar sterke en gevarieerde (soms een hoge, soms eens diepe) stem, een akoestische gitaar en een ukulele tot haar beschikking, ook gebruikte ze al borstkloppend haar lichaam om één van haar nummers te brengen. In “Le clown est mort” etaleerde ze enig haar meertaligheid in het Frans en het Spaans. Met oprechte charme kreeg ze in "Little Humans" en afsluiter "Shine" iedereen zachtjes aan het zingen. Een leuke en geslaagde opwarmer!

Meskerem Mees kwam met (vervang)cellist Frederik Daelemans het podium op terwijl het voor de rest muisstil was. Toch maakte ze een ontspannen indruk toen ze zachtjes begon met het fantasierijke “Astronaut”. Aarzelend en aftastend maar vervolgens overtuigend was het publiek zeer dankbaar voor deze opener. De rijke fantasie die Meskerem Mees heeft, speelde haar in “Parking Lot” parten waardoor ze de aanzet van lyrics even vergat. Gezwind en charmant maakte ze dat slippertje even recht, wat haar meer dan hartelijk werd vergeven. Het publiek genoot ingetogen van het schouwspel waardoor je tijdens “Season Shift” als het ware een speld kon horen vallen.
Dat Mees een bezwerende stem heeft, was al vroeg in de set merkbaar maar die ontplooide ze volledig in het sterke “Song for Lewis” en het heerlijk kabbelende “Blue and White”. Soms balanceerde de Gentse tussen opgewekte zelfzekerheid en twijfelende droevigheid. De frivoliteit in “Queen Bee” en “Where I’m From” stond mooi in contrast met het droevige “Man of Matters”. Even beeldde ze het nummer in door naar het plafond te staren.
Het meer bekende “Joe” en uiteraard “The Writer” kon op heel veel enthousiasme rekenen van de toehoorders. Tussendoor liet ze met een nieuw nummertje even zien wat ze nog in haar mars heeft. Het bisnummertje “Better Never than Forever” diende als leuke afsluiter waar ze het publiek al zingend helemaal meekreeg.
Elk detail in de muziek, de bindteksten en de mimiek maakte dit een perfect concert. Meskerem Mees’ spontane quasi speelse onbezonnenheid en de uiterst kundige muzikale pareltjes maken haar een zeer boeiende artiest die je graag in je gezelschap wilt.
Door omstandigheden was dit helaas haar laatste concert van dit jaar al zullen we uiteraard nog veel van haar blijven horen!

Setlist
Astronaut - Parking Lot - Season Shift - Song for Lewis - Man of matters - Try You Might - Dandelion - Joe - Queen Bee - Blue and White - Away the Sparrow - Best Friend - The Writer - Where I am from - Better never then forever

Organisatie; Botanique, Brussel

Old Time Relijun

Old Time Relijun - Erfgenaam van Captain Beefheart?

Geschreven door

Old Time Relijun - Erfgenaam van Captain Beefheart?

Old Time Relijun zag in 1995 het levenslicht ergens in een donkere, beschimmelde kelder in Olympia, Washington. Na een plaat in eigen beheer begonnen ze een samenwerking met Calvin Johnson's ‘K Records’, die tot op de dag van vandaag stand houdt. Na 8 platen en veel optredens, ook in Europa, houdt de groep het in 2007 echter voor bekeken.
Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan en de groep wordt in 2018 nieuw leven ingeblazen. Sindsdien verschenen de mini-lp ‘See now and know’ en ‘Musicking’. En dat nadat zanger-gitarist Arrington De Dionyso in 2016 een bijzonder nare ervaring meemaakte. Toen werd hij maandenlang bedreigd door neonazi's en Trump-aanhangers. Herinnert u zich Pizzagate nog? Die waanzinnige complottheorie waarin beweerd werd dat het pizzarestaurant en muziekcentrum Comet Ping Pong in Washington, D.C. de thuisbasis was van een pedofielennetwerk geleid door Hillary Clinton en haar campagnevoorzitter John Podesta. In 2010 had Arrington in dit restaurant een muurschildering gemaakt wat blijkbaar als een bevestiging van die complottheorie werd gezien waardoor hij belaagd werd door extreemrechtse internettrollen en paranoïde samenzwering aanhangers. Zelfs familie en vrienden werden geviseerd. De Dionyso liet zich evenwel niet intimideren en speelde bovendien met zijn freejazzcollectief ‘This saxophone kills fascists’ een geheim concert in de Comet Ping Pong naast de betreffende muur, een zoete "fuck you" naar alt-right.

Maar deze avond stond hij dus met Old Time Relijun op het podium van café De Zwerver. De laatste dag van een lange Europese tour waaraan hij duidelijk veel plezier beleefd had. Terwijl de meeste toeschouwers goed ingeduffeld waren, verscheen Arrington De Dionyso op blote voeten en met een zonnehoed ten tonele. Enige excentriciteit was hem niet vreemd, iets wat je op zijn minst ook van zijn muziek kon zeggen.
Na dat hiatus van 11 jaar leek er muzikaal niet veel veranderd en dan baseer ik mij op de platen want van hun optreden, meer dan 15 jaar geleden, dat ik zag is me niet veel bijgebleven. Dit deed meteen weer denken aan ‘Trout mask replica’, het zwaar experimentele meesterwerk van Captain Beefheart. Diezelfde mix van blues, freejazz en avant-garde. Wel leek het wat compacter gebracht dan vroeger  en zorgden het inventieve en soms zelfs dansbare drumwerk van nieuwkomer Amanda Spring Walker en de verrassend melodieus en warm klinkende staande bas van Aaron Hartman (De Dionyso's compagnon de route van het eerste uur) ervoor dat het steeds toegankelijk bleef.
Want de vreemde maar boeiende zanglijnen van De Dionyso, die zich meestal in de hogere regionen bevonden, waren een stuk minder makkelijk behapbaar.
Een paar keer verraste hij ons zelfs met pure keelzang terwijl hij één keer bewees hij zonder moeite ook in een operette zijn streng zou kunnen trekken. Desondanks was het toch zijn gitaarspel dat me het meest fascineerde. Bluesy maar toch onvoorspelbaar, soms dissonant of gewoon freakend wanneer hij zijn snaren tegen de microfoonstandaard schuurde.
Een ietwat onverwacht sterk concertje dat me naast de onvermijdelijke Beefheart ook aan James Chance deed denken.

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

The Limiñanas

The Limiñanas - Psyché-rock heruitgevonden

Geschreven door

The Limiñanas - Psyché-rock heruitgevonden

The Limiñanas zijn een garagerockduo uit Perpignan, het uiterste zuiden van Frankrijk, tegen de Spaanse grens aan. In de jaren negentig zat Lionel Limiñana in de locale punkrockscene, en samen met zijn vrouw richtte hij in 2009 The Limiñanas op. De inspiratie vinden ze in de jaren zestig en zeventig: psychedelica, fuzzrock, kraut, maar ook Serge Gainsbourg en Ennio Morricone mengen ze tot een lekkere bouillabaisse. Ze gebruiken graag gastzangers en op vorige platen werkten ze samen met onder meer Peter Hook en Anton Newcombe van The Brian Jonestown Massacre.

Hun achtste plaat is een samenwerking met Laurent Garnier. ‘De Pelicula’ is een soort conceptalbum rond twee personages, Saul en Juliette , een soundtrack bij een film noir of een adult stripverhaal dat onvermijdelijk slecht afloopt. Laurent Garnier was er niet bij in de Aéronef, maar de band was wel uitgebreid tot een zevental, met centraal vooraan Marie Limiñana op een eenvoudig drumstel zonder hi-hats en daarnaast Lionel Limiñana op gitaar, een struikgewas onder de kin torsend, genoeg om alle kappers van Rijsel een royale eindejaarspremie te geven.
De Franse Warren Ellis schrijft zowel instrumentale nummers waarin de groove centraal staat, als Franstalige (dikwijls parlando waardoor je automatisch bij Gainsbourg uitkomt), als Engelstalige nummers, die afwisselend door twee bandleden gezongen werden.
De set was heel afwisselend, soms zachte sixties psychedelische pop ondersteund door beelden van sixtiesiconen als Faye Dunaway, Jeanne Moreau en Brigitte Bardot, dan weer bakken distortion ondersteund door een dement orgeltje, fifties reverb en tamboerijn, of een Spaanse dancepunk-anthem (‘Que Calor’!) dat uit de pen van de Dewaele Brothers had kunnen komen, gevolgd door een bezwerend krautrocknummer dat een cover van Can bleek te zijn.
In de bis werden The Undertones van hun punkjasje ontdaan en in een noisebad gestoken.

In een oud interview vertelde Lionel Limiñana dat hij niet houdt van puristen in de muziek, of het nu garagerockadepten of punkers zijn. Dat zag je vanavond ook op het podium van de Aéronef, de psychedelica van de jaren zestig was de grote gemene deler, maar het opzoeken van nieuwe geluiden en het mengen van genres stond voorop.

Setlist: Saul/Je rentrais par le bois... BB /Last Picture Show/Istanbul is sleepy/Shadow people/Juliette dans la caravane/Dimanche/The Gift/Funeral Baby/Crank (The Beach Bitches cover)/One of Us, One of Us, One of Us.../Que Calor!/Au début c'était le début/Ghost Rider/Mother Sky (Can cover)/Steeplechase
Bis: Je m'en vais/Teenage Kicks (The Undertones cover)/The Train Creep A-Loopin (Tiny Bradshaw and His Orchestra cover)

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/the-liminanas-05-12-2021.html
Organisatie: Aéronef, Lille  

Don Kapot

Backback + Don Kapot - Intiem huiskamerconcert

Geschreven door

Backback + Don Kapot - Intiem huiskamerconcert

Na de recente beslissingen van het overlegcomité is het weer schakelen voor de cultuursector. Sommige concertzalen sluiten voorlopig de deuren. Of proberen er voor de zoveelste keer interactief mee om te gaan.
De N9 in Eeklo bracht in samenwerking met JazzLab, een double Bill met twee bands die de grenzen van jazz en rock aftasten, muzikaal gedreven en kleurrijk van aard.
Backback en Don Kapot zorgden op die manier voor een intiem huiskamerconcert!

Backback (*****) is een trio muzikanten die perfect de lijn bewandelen tussen pure rock en jazz. Met hun schijf 'Deuk' brengen ze een eigenzinnige ode aan jazz grootmeester Duke Ellington, een man die in de roaring 20ths zijn tijd al ver vooruit was en heel vernieuwend tewerk ging. Geen gemakkelijke opgave om zo iemand te evenaren, maar het trio slaagt met brio erin die jaren twintig honderd jaar later te laten heropleven.
Lekker groovy en ingenomen klonk het. Het konk ietwat helend in de omstandigheid van zitplaats en met mondmasker op. Het is een overtuigende combinatie tussen de aanstekelijke gitaar riedels van Filip Wauters, de fijnzinnige drums van Giovanni Barecella en de warme baritonsax van Marc De Maeseneer. Gegarandeerd kreeg je de ene na de andere adrenalinestoot.
De bandleden spreken de fans aan en muzikaal improviseren ze op speelse wijze. Ze weten met een kwinkslag alles goed op te vangen.
We zijn er zeker van dat Ellington hierboven met een brede glimlach mee genoot; wij zeerzeker van de aanpak van het trio die het verleden eigentijds interpreteerden.

Ook Don Kapot (*****) bestaat uit muzikanten die perfect de jazz vibes, afro-beat, rock en allerlei stijlen door de mangel halen. Het trio, drummer Jakob Warmenbol , bassist Giotis Damianidis en baritonsaxofonist Viktor Perdieus, voelen elkaar perfect aan.
In de biografie op de facebook pagina van het evenement lezen we :'' Hun composities starten van improvisaties en combineren de energie en vrijheid van de vrije jazz met de totale trance van de beste dansmuziek." .
We voelden het concert op deze wijze aan, of het nu de verschroeiende drum solo's zijn van Jakob, of die verdomd groovy, kleurrijke, flirterige baslijntjes van Giotis, of die baritonsaxofoon van Viktor. Het is een adembenemend mooi, opzwepend geheel.
Don Kapot verlaat de comfortzone in hun stijlen , wat hen nu net zo bijzonder maakt, lees maar even de recensie hier van 'Hooligan' .
Live zetten ze het meesterlijk om, met een vleugje humor en absurditeit. Don Kapot wist de dansspieren te tintelen , zelfs zittend!
We genoten nog even na,  op weg naar huis, van die plaat 'Hooligan' …

Organisatie: JazzLab ism N9, Eeklo

The Black Lips

The Black Lips - Valse start ruimschoots goedgemaakt

Geschreven door

The Black Lips - Valse start ruimschoots goedgemaakt

Na het optreden van The Cold Stares haalden we nog opgelucht adem: rock-'n-roll was terug maar nauwelijks een maand later stonden we hier opnieuw met een mondkapje en op zoek naar een zitplaats.
Maar het moet gezegd, De Zwerver had er via de opstelling in de zaal alles aan gedaan om de pijn wat te verzachten. Vooraan stoelen rond een olievatje, daarachter barkrukken rond hoge tafels, alles netjes in bubbels verdeeld. Het had zeker wat. Toch bleef het vreemd aanvoelen om zo The Black Lips, een groep die altijd uitnodigt tot wilde feestjes, te moeten meemaken.

Maar eerst hadden we nog Tuff Guac (wat staat voor straffe guacamole) uit Antwerpen. Tuff Guac is het soloproject van ‘Belly Button Records’ baas, Rafael Valles Hilario die ook actief is bij The Jagged Frequency, Moar en Brorlab. Op de plaat ‘Green and handsome’ heeft Valles alle instrumenten zelf ingespeeld maar op het podium laat hij zich begeleiden door een uitstekende band bestaande uit bassist Jasper Suys, drummer Gert-Jan Van Damme (beiden uit Mogo) en Wim De Busser, ook gekend als King Dick, op gitaar en minimale toetsen.
Tuff Guac bracht ons aanstekelijk rammelende, fuzzy garagepop die een stuk steviger klonk dan op plaat. Veel memorabele songs heb ik niet gehoord maar dat werd ruimschoots gecompenseerd door een smeuïge sound waarin vooral de wonderlijke samenzang tussen Valles en de altijd begeesterende King Dick opviel. En dreigde een song al eens compleet de mist ingaan, dan was er altijd een venijnige, explosieve gitaarsolo om de meubelen alsnog te redden. Zowat elk nummer had zo'n gitaareruptie in de staart, maar die waren telkens kort en snedig genoeg om nooit te vervelen. Tuff Guac, volgend jaar op de affiche van Rock Zerkegem? Mijn sympathie hebben ze alvast.

Black Lips uit Atlanta, Georgia grossiert sinds 1999 in chaotische garagepunk (zelf noemen ze het flower punk) maar verrasten begin vorig jaar vriend en vijand met ‘Black Lips sing... in a world that's falling apart’. Niet vanwege de profetische titel maar door de onverwachte muzikale wending waarin de groep zowaar de country omarmde. Country pur sang is het zeker verre van, maar de invloeden zijn er toch overduidelijk.
Is dit een pastiche, een parodie of een hommage aan de country of is dit echt de nieuwe richting die ze uit willen? Duidelijkheid hierover is er niet zoals er eigenlijk niets duidelijks is aan Black Lips. Toch was er één teken die erop wees dat ze verder deze koers wilden varen.
Ter gelegenheid van deze tour werd namelijk een single opgenomen met twee opmerkelijke covers: "Colt 44" van The Range Rats (een kortstondig countryprojectje van Dead Moon voorman Fred Cole) en "Alone and Forsaken" van Hank Williams.
Het Italiaanse label ‘Wild honey’ hield op het allerlaatste moment de single evenwel in nadat er beschuldigingen tegen zanger-gitarist Cole Alexander bekend raakten. Alexander (toen 29) zou sexueel ongepaste berichten gezonden hebben naar de toen 17 jarige Emily Langland die ermee naar ‘The Times’ stapte. Vreemd genoeg hadden de twee een jaar later wel sex met onderlinge toestemming.
Het zoveelste gelijkaardige incident bij Burger Records waar ook o.a. Nobunny in ongenade viel. Black Lips stonden dan wel niet onder contract bij Burger Records, Langland leerde Alexander wel kennen op Burgerama (het festival van het label) waar de groep twee opeenvolgende jaren headliner was. Wat er ook van zij, de gevolgen zijn niet te ontkennen. Ook hun langlopend contract met Vice Records (sinds 2007) werd niet verlengd en van die twee nieuwe nummers was geen spoor te bekennen in Leffinge.
Black Lips kende nogal wat personeelswissels maar de huidige bezetting met maar liefst vier leadzangers (enkel drummer Oakley Munson weigert te zingen), die nu reeds zo'n drie standhoudt, lijkt me toch de sterkste die ze ooit gekend hebben. Naast Munson zagen we gitarist Cole Alexander en bassist Jared Swilley die er van in het prille begin bij waren. De excentrieke juwelenontwerpster Zumi Rosow op sax en de al even excentrieke Jeff Clarke (ex Demon's Claws) op gitaar vervolledigden de line-up. Die laatste als vanouds in een matrozenhemdje op de blote benen, alleen zijn buikje blijkt wat verder uit te dijen.
 Ik zag The Black Lips al ettelijke keren aan het werk waarbij hun optreden in de Recyclart (2007) nog steeds in mijn geheugen gegrift staat. De verwachtingen waren dus erg groot en die werden de eerste 20 minuten zeker niet ingelost. Daarvoor klonk het te rommelig, mede door een foute klankbalans, en waren de meestal oudere nummers niet de beste die ze ooit gemaakt hebben. Zo'n "Sea of blasphemy" bijvoorbeeld klonk nog erger dan de titel liet vermoeden. Tijdens die beginfase kon alleen een song gezongen door Jeff Clarke, helemaal in Demon's Claws stijl, mijn hart verwarmen.
Maar dan rechtte de groep de rug en met "Get it on time", een cover van een eerder obscuur Velvet Underground nummer, kregen we zowaar een onvervalst hoogtepunt. Waar ik vroeger soms dacht dat Zumi Rosow een wat overbodig lid was moest ik mijn mening nu totaal herzien. Hoe ze dit nummer zong zal me nog lang heugen, dat weet ik nu al. Zumi for ever.
Meteen ook het startschot van een reeks rudimentaire parels waarbij het neerzitten op een stoel een ware marteling werd. Mindere broeders zaten er nu niet meer tussen en "Hooker Jon", "Dirty Hands" of "O Katrina!" zorgden voor de totale extase.
De beste songs uit hun nieuwe en overigens uitstekende plaat hadden ze opgespaard voor de bisnummers. Eerst het enkel door Zumi en Jeff gebrachte "Chainsaw" (zwijmelende country) gevolgd door de uppercut "Gentleman" zorgden voor het absolute kippenvelmoment.
Wat de kers op de taart moest worden, "Hippie, Hippie, Hoorah" (Jacques Dutronc) kapseisde jammerlijk en dat niet alleen door het relletje vooraan.
Toch was het ondanks alles een ongemeen mooie avond geweest en lijken the Black Lips na meer dan twintig jaar nog lang niet uitgezongen.

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

Los Bitchos

Good To Go -single-

Geschreven door

Onlangs bespraken we hier nog de debuutsingle van het Nederlandse Chica Chica en inmiddels krijgen we in bijna geheel dezelfde sfeer een single van Los Bitchos. Dat is een vierkoppige instrumentale meidenband die net als Chica Chica en My Baby, die andere Nederlandse band, een beetje retro klinkt en verschillende leuke genres blendt: psych, poprock, desertblues en allerlei retro-exotica.
Hun vorige single, “Las Panteras”, was dansbaarder, met wat meer cumbia en chicha, maar “Good To Go” heeft – na de spaghetti-western-intro dan, meer een zweverige mantra-feel.
Deze tracks zijn niet wereldschokkend vernieuwend of grensverleggend, zelfs helemaal niet perfect uitgevoerd, maar wel onweerstaanbaar leuk.

https://www.youtube.com/watch?v=yo-18aT_Hwo

 

Beech

Artifact

Geschreven door

Beech wist ons in 2018 aangenaam te verrassen met de EP ‘Teabag’. Nu is er het debuutalbum ‘Artifact’ en de belofte van ‘Teabag’ is uitgekomen: een volledig album met lo-fi verveeld-klinkende slackerpop in de geest van Lemonheads, Pavement en Teenage Fanclub. Met hier meer aandacht voor de melodie en meer upbeat dan bij de grote voorbeelden van de jaren ’90. Er zit soms zelfs iets zonnigs of zomers in deze Belgische slackerpop. De grens tussen slacker en dreampop wordt een paar keer overgestoken, in de beide richtingen. Het enige wat we nog missen is zo nu en dan een direct herkenbaar refrein dat de songs een eigen gezicht heeft.
De toon in de lyrics en in de muziek in het algemeen (die vocale harmonietjes in de koortjes!) is dus eerder positief-upbeat en vrolijk; al zijn er tracks waar er misschien toch een kleine schaduw over hangt.
Het niveau ligt constant hoog en dan is het moeilijk om er een paar positieve uitschieters uit te halen. “A Big Surprise” en “Another One” zijn heel sterke songs. “Into My Room” en zeker “Wrap Your Head Around It” hadden in de jaren ‘90/2000 misschien zelfs een paar weken in de Afrekening kunnen staan.
Daaruit zou je kunnen besluiten dat Beech twee of drie decennia te laat komt met deze fijne blend van slacker en dreampop, maar wie weet is deze band de voorloper van een slacker-revival. Het zou hen zeker gegund zijn.
Naar goede traditie bij Gazer Tapes is deze ‘Artifact’ van Beech vooral op cassette beschikbaar.
https://gazertapes.bandcamp.com/album/artifact

 

Sygo Cries

Talking About Walls EP

Geschreven door


Twee zomers geleden las Wim Guillemyn (The Other Intern) het berichtje van Mika Goedrijk (This Morn’ Omina, Nebula-H, Pow(d)er Pussy) dat hij een creatieve, gemotiveerde bassist zocht voor Sygo Cries. Wim had de groep nog onlangs gezien toen ze voorprogrammma waren van Your Life On Hold. Hij wist wat hij muzikaal kon verwachten en wilde vooral meebouwen aan songs en meldde zich zonder verwachtingen aan. Na wat gechat, spraken ze af. Het klikte meteen. Een idee of een stukje melodie mondde elke keer uit tot een song. Inhoudelijk was het ook een match.
De volgende zomer (2021) kwam Olivier Moulin (The Mars Model) erbij voor live keys en synths. Kort erna kwam de vraag van een jonge hond genaamd Brooklyn Machet om gitaar te mogen spelen bij de band. Na een paar sessies vonden ze dat de andere invalshoek van Brooklyn een meerwaarde bracht en werd hij een vast lid. Een goed jaar later is er dit eerste mini-album op 12” clear blue vinyl.

Voor de productie van ‘Talking About Walls’ vroegen ze Jon Wolf (Your Life On Hold, Mildreda, Diskonnekted, Der Klinke, Dive). Het mini-album omvat vier songs met een mix van verschillende invloeden. De echoes van de Belgische coldwave-en postpunkscene zijn onmiskenbaar aanwezig.

Op de A-kant staan twee songs die zowel catchy als stevig klinken. “Spiders (in our head)” heeft een onderhuidse dreiging  en wisselt inventieve baslijnen met de klassieke ijle riffs van het genre. De tempowisseling bij elk refrein is bijzonder catchy. Van “End of the Century” konden we hier reeds de demo-versie bespreken. Het was de eerste song die Wim en Mika samen schreven. Waren we over de demo reeds lovend, dan is de afgewerkte versie nog sterker geworden, met opnieuw heel inventieve versnellingen en pauzes in het tempo. De dreiging is hier iets minder dan op de openingstrack, maar het gevoel van onbehagen is wel tastbaar. Live wordt deze A-kant een bommetje.
Op de B-kant vinden we een herwerking van “Ship of Friends”, een track van de ‘vorige’ versie van Sygo Cries, die op het album ‘Split’ (2016) stond. Hier krijgen de synths een hoofdrol en dat levert een bijzonder dansbare track op die flirt met EBM en EDM. Het mini-album eindigt met de duistere elektro-ballad “The Parting Glass” die mooi in laagjes opbouwt.

‘Talking About Walls’ is een prachtig mini-album. Het enige dat we kunnen opmerken is dat er ‘maar’ vier songs op staan, terwijl we al uitkijken naar een volledig album.

 

Rex Rebel

Live At The AB

Geschreven door

Rex Rebel is het nieuwe muzikale project van transman Sam Bettens, vroeger de stem van K’s Choice. Het trans-gegeven is belangrijk genoeg om al meteen te vermelden, want in de lyrics van debuutalbum ‘Run’ en het daarvan afgeleide ‘Live At The AB’ is dat veruit het belangrijkste onderwerp.
Het lijkt wat vroeg om zo kort na de release van ‘Run’ en met nauwelijks concerten (corona !) op de teller al met een live-album te willen komen, maar dat maakt vast deel uit van het statement dat moet gemaakt worden dat dit echt het nieuwe project is van Bettens en dat K’s Choice misschien wel voorgoed in de ijskast zit.
Nochtans zaten alle leden van het trio Rex Rebel ook in K’s Choice en dat is zowel de sterkte als de zwakte van dit nieuwe muzikale project. Als je enkel de muziek beschouwt, lijkt het alsof men in de klassieke rockbandopstelling enkel de gitaar ingewisseld heeft door synths. De songopbouw, de melodie en de arrangementen ruiken nog hard naar die bij een rockband en missen de elementen van de synthpop-traditie, hoewel daar best wel nog ideeën voor het rapen liggen.
Op «‘Live At The AB’ klinkt die vaststelling nog wat harder door dan op debuutalbum ‘Run’, waar productioneel en in de arrangementen het rock-dna nog wat verdoezeld kon worden. Maar dat zegt niets over de kwaliteit.
Als je de tracks van ‘Live At The AB’, en dus ook die van ‘Run’ op de weegschaal legt, duidt de wijzer telkens ‘degelijk’ aan en een paar keer ‘fantastisch’ (op “Big Shot“).
In de lyrics geeft Sam Bettens ons een eerlijke en van overdreven pathos ontdane inkijk in zijn leven en gevoelens bij zijn transitie. Dat is mooi en moedig. Ook Sam’s stem is in transitie, maar in deze live-registratie wel nog duidelijk herkenbaar voor de fans van zijn oudere werk.
De keuze op ‘Live At The AB’ om de set af te sluiten met de cover van “Freedom“ van George Michael ligt voor de hand. Hoewel het geen albumtrack is op ‘Run’, heeft Rex Rebel deze cover immers reeds uitgebracht als single. De live-versie rammelt wat harder dan de single-versie. Het tempo van de zanglijn bleef onveranderd ten opzichte van het origineel, maar aan de muziek en melodie werd wel wat gesleuteld. Dichter bij het origineel van “Freedom“ blijven hadden we misschien meer gewaardeerd.
Dat er live geen K’s Choice-track werd gespeeld, heeft waarschijnlijk ook te maken met het willen benadrukken van Rex Rebel als nieuw en onomkeerbaar begin. Dat is zeker een te verdedigen keuze. Er blijft nog tijd genoeg om daar naar terug te grijpen.

 

Marble Sounds

Never Leave My Heart -single-

Geschreven door

Met “Never Leave My Heart” laat Marble Sounds wat meer horen van de muzikale richting die het nieuwe, vijfde album uitgaat. Vanuit een meeslepende piano en Pieter Van Dessels fluwelen stem ontvouwt de song zich tot een sublieme popparel.
Opnieuw heel weinig gitaar te horen dus op deze nieuwe single. Wel een heel breekbare, intieme sound, alsof Pieter net naast je zit te zingen/fluisteren. En de mood is heel uplifting. Heel anders dan het overaanbod aan tranerige melancholie horen we hier iemand die de liefde lijkt te omarmen en ook dat kan al eens deugd doen en fijne muziek opleveren.
Prima single, net als voorganger “Quiet”. Van het album verwachten wij nu minstens hetzelfde.

https://www.youtube.com/watch?v=wJjtdKBDLbY&t=1s

 

Cobra The Impaler

Blood Eye -single-

Geschreven door

Cobra The Impaler is de nieuwe metalband van gitarist Thijs De Cloedt (Haester, ex-Aborted, Horses on Fire), zanger Manuel Remmerie (Majestic Sun, Von Detta), James Falck (Bear) en Mike Def (Horses on Fire). Dirk Verbeuren (Megadeth, Soilwork en Aborted) heeft alles ingespeeld, maar de livedrummer is intussen Ace Zec. Deze laatste deed eveneens de mix voor het album en de single “Blood Eye” die we als aperitiefje voorgeschoteld krijgen.
Cobra The Impaler kon ons meteen overtuigen bij hun live-debuut op Headbanger’s Balls Fest in Izegem. Lees hier .
Toen reeds was het moeilijk om een genre te kleven op het soort van metal dat deze band brengt. De complexe songopbouw en de tempowisselingen in “Blood Eye” hebben ze misschien geleend van de deathmetal, maar de stoner-vocalen duwen de song een andere richting uit. Meer naar de moderne heavy metal en naar Mastodon en Baroness, maar dan met meer scherpe randjes.
Er werd ook aan de meezingbaarheid gedacht, met een ‘I’ll face you, tyrant’ die je al bij de eerste luisterbeurt kan meebrullen.
Op het album ‘Colossal Gods’ is het nog wachten tot volgend jaar, maar dat wordt er eentje om naar uit te kijken.

https://www.youtube.com/watch?v=6wSa_pxyezA

 

Sleepmakeswaves

Live At The Metro

Geschreven door

De Australische instrumentale postrockband Sleepmakeswaves begon zijn carrière met twee albums bij het Australische label Bird’s Robe Records alvorens uit te komen bij twee Europese toplabels in het genre: het Belgische dunk!records en Pelagic Records. Sindsdien bracht Bird’s Robe al een verzamelalbum met drie EP’s uit van Sleepmakeswaves en nu is er ‘Live At The Metro’, de live-registratie van een concert van 2015, opgenomen voor een radio-uitzending.
De fans van de band en van het genre in het algemeen zullen bijzonder blij zijn met dit live-album. Het werd opgenomen in 2015 in Sydney, na een lange tournee die deze band onder meer naar België bracht.
Kort voor deze opname stond Sleepmakeswaves met nagenoeg dezelfde set in de Kavka in Antwerpen, met Skyharbor en Tides From Nebula. De set bestaat vooral uit tracks van ‘Love Of Cartography’, het album uit 2014 dat de Australiërs op die tournee aan het promoten waren. Enkel de openingstrack en de setafsluiter komen van hun debuutalbum ‘…And So We Destroyed Everything’: “In Limbs And Joints” en “A Gaze Blank And Pitiliess As The Sun”.
Fans van ‘Love Of Cartography’ krijgen met ‘Live At The Metro’ dan ook waarschijnlijk de beste versie ooit te horen van die set, met een wel heel enthousiast publiek tussen de tracks in.
Als extraatje krijg je de bedankingen van de band erbij en een paar leuke quotes over de tournee. Een leuk live-album voor wie de band al langer volgt en misschien kan deze sprakelende live-registratie ook enkele fans overtuigen die rotsvast geloven dat in postrock het album altijd beter is dan het concert.

https://sleepmakeswaves.bandcamp.com/album/live-at-the-metro

 

A Murder In Mississippi

Hurricana

Geschreven door

Ons land staat niet bekend als de absolute top in bluegrass en americana, maar er zijn momenten dat we scoren. ‘Hurricana’ is zo’n album dat ons verrast in originaliteit en kwaliteit.
A Murder In Mississippi gooit op dit album een paar genres op een hoopje. De basis is americana en bluegrass, maar de kruiding komt van folk, blues en dark country. Waar andere bands in die genres al snel naar traditionals en covers grijpen, kiest deze Gentse band voor veel eigen composities waarbij je wel een gevoel van herkenning krijgt, alsof het toch traditionals zijn die je al eerder hoorde.
Eén van de grootste troeven van A Murder In Mississippi is zanger-gitarist Leander Vandereecken, een naam die we ook kennen van de Missy Sippy All Stars en blijkbaar ook van hardcore/metalband 6 Days Of Justice. Leander zingt zonder overdreven Southern-accent (soms zelfs met een eerder Schotse of Ierse toets) en heeft een aangename stem. Je gelooft hem, zowel in de feel-good-songs als in de treurende/murder ballades. De vocale afwisseling komt van Mirthe en Lore en die afwisseling in de backings en zelfs een paar keer in de lead vocals (zoals op het heerlijke dreamfolk-duet “Starlightdreamer”) tilt het geheel naar een nog hoger niveau. Dat zou misschien wel wat vaker mogen gebeurd zijn op dit zo ook al fijne album, want het contrast tussen de vrouwelijke en mannelijke vocalen is puur goud.
Muzikaal zijn er hoofdrollen voor banjo en viool en komen er geen of nauwelijks klassieke drums aan te pas. De composities zijn – uiteraard – allemaal heel klassiek, maar zitten wel goed in elkaar, met veel aandacht voor de melodie en de meezingbaarheid van het refrein.
Openingstrack “River Whispers” twijfelt wat tussen folk en americana, terwijl “Wrong Side Of The Road” een uitnodiging is om te gaan linedancen. Deze single heeft overigens een heel leuke en goed ingeblikte video. Het scheelt niet veel of dit was een one-take video die – alvast bij mij – inzake aanpak herinneringen oproept aan die van “Unfinished Sympathy” van Massive Attack.
Maar terug naar de muziek. In bluegrass en dark country heb je minstens een paar tranentrekkers nodig en die hebben ze zeker bij A Murder In Mississippi, zoals in murderballad “Forever And A Day”. “The Raven And The Oak Branch Tree” is een swingende bluegrass-hymne over iemand die zijn ziel aan de duivel heeft verkocht. De song vertraagt met elk couplet tot op het einde de trein zich opnieuw op gang trekt. Heel mooi gedaan, dat spelen met het tempo.
“Run Brother Run” is een ongecompliceerd uptempo dronkemanslied dat het live zeker goed zal doen.
Het absolute hoogtepunt, voor mij dan toch, is het onheilspellende en met veel power gebrachte “Your Kingdom Burning”.
‘Hurricana’ is een bijzonder aangenaam album met een ongekend hoog niveau.

 

Stikstof

Stikstof - Een intense doortocht van een Brusselse hiphop wervelstorm, alles kapot!

Geschreven door

Stikstof - Een intense doortocht van een Brusselse hiphop wervelstorm, alles kapot!  

In de beslissingen van het Overlegcomité moet o.m. de evenementsector opnieuw schakelen, waardoor staande concerten voorlopig onhold worden geplaatst. We blijven in deze fase ferm geconfronteerd met dat taaie virus . Stikstof bracht net voor die definitieve beslissing een Brussels hiphop wervelstorm, een feestelijke avond , nog even proevend van de vrijheid. Kregen we dus nog even ‘adem’ruimte …

DJ Unregular (***1/2)  mocht de boel wat opwarmen. Er stond nog niet veel publiek en voor de meesten was het een aangenaam moment om een pint te halen aan de toog en lekker te keuvelen, iedereen genoot van de aanstekelijke hip hop.

De tweede act RonnyHuana (****) is een ‘coming up’ hip hop fenomeen, aan het doorbreken naar een ruim publiek, dankzij enkele knappe releases. Een donker kantje is verbonden met de hardheid uit de straat, de humor is niet veraf . RonnyHuana had het in het begin nog even moeilijk om het publiek mee te krijgen, maar door z’n charisma en het klasse entertainment vormde dit geen probleem. Klaar voor de doorbraak dus!

Stikstof (*****) is uit het goede hout gesneden. Het trio bestaat op zich uit klasse muzikanten, die er live tegenaan gaan! Stikstof schakelde een versnelling hoger om iedereen aan z’n kant te krijgen.
De laatste omstandigheden omtrent de beperkingen (CST ticket, mondmasker en een laatste keer rechtstaand) zorgden ervoor dat het publiek eerst rustiger was, leek het.
In het begin dus namen velen een afwachtende houding aan. Maar Stikstof zijn hongerige wolven die hun prooi verslinden en dus live gretig klinken . Ze zoeken hun publiek op, doen al gauw enkele 'wall of deaths', en doen een pogo/moshpit feestje ontstaan.
Het publiek mag het podium op, tot groot jolijt van de menigte dus, waarna die gingen crowdsurfen tot voorbij de PA. Naarmate de set vorderde, stond dan ook niemand meer stil.
Bijna twee uur lang ging Stikstof op dit elan door, zonder adempauze. De Casino werd herschapen in dansende hiphopfans die nog eens goed uit de bol gingen. “Alles kapot” is niet alleen een energieke top song, het werkt even aanstekelijk, energiek op het publiek …
Alles gewoon kapot spelen, na een ietwat moeizame start. Hiphop op z’n best, muziek en zijn teksten, die emoties losweken.
Iedereen genoot van deze intocht; een laatste doortocht btw van deze Brusselse hiphop wervelstorm met een uitzinnig publiek, at last …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/stikstof-26-11-2021.html

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Balthazar

Balthazar - Belgische klasse op internationaal niveau

Geschreven door

Balthazar - Belgische klasse op internationaal niveau

Balthazar - Eén van de drie wijzen die mirre bracht aan het kindeke Jezus … En hier op muzikaal gebied is Balthazar één van de beste Belgische muziekgroepen op dit moment. Dit bewezen ze in de Lotto Arena met hun éerste concert van een tweeluik dat hun Europese tournee ter promotie van hun nieuwe plaat ‘Sand’ afsloot.
Voor we naar Antwerpen trokken hadden we al even de buitenlandse pers geraadpleegd en die waren bijzonder positief. We hoopten dan ook op iets moois.

In het voorprogramma kregen we Sylvie Kreusch, nu de ex van Balthazar-kopman Maarten Devoldere. Na haar avontuur met Maarten en het zijproject Warhaus, is ze solo gegaan en heeft ze net de soloplaat ‘Monbray’ uit. Ze trad op in een opvallend wit kostuum waar haar jas toch wel wat te groot was. Maar dit bleek helemaal bijzaak, want haar halfuurtje op het podium was er eentje om van te snoepen. Klare, heldere songs met regelmatig passende schrille screams ertussen; veel percussie en synthesizer aangevuld met slangenachtige dansmoves over het ganse podium van Kreusch zelve, maakten er een zeer aangenaam kijk- en luisterspel van. Hier is een nieuwe Fever Ray opgestaan , The Knife achterna. En dat weet je het muzikaal wel … Imponerend! Deze dame heeft héél wat in haar mars. Wat een songs. We duimen verder voor haar.

Playlist Sylvie Kreusch : Walk Walk, Seedy tricks, Haunting melody, All of me, Just a touch away, Please to Devon, Let it all burn

Een kwartier later dan aangekondigd kwamen de vijf heren van Balthazar de bühne op in een wat typisch lichtjes arrogante stijl. De twee directeurs van de groep, Maarten en Jinte, waren in stijlvol pak , in tegenstelling tot drummer Michael Balcaen , die op zijn kousen achter het summiere drumstel kroop.
Maar al vanaf de eerste minuten merkte je dat ze een zeer geroutineerde, opper-professionele groep zijn die niets aan het toeval overlieten. Ook hun zeer mooie bedachte lichtshow was hier een bewijs van. Ze timmeren dan ook al gestaag vijftien jaar aan hun muziekcarrière. En dat was dus te merken.
Meestal zet ofwel Maarten of Jinte op klaaglijke wijze het nummer in , maar dan volgt al héél vlug , en dat maakt Balthazar zo uniek , de samenzang . Op zowat alle nummers zingen alle bandleden mee en niet zomaar op de achtergrond. De schuiftrompet van Tijs Delbeke draagt bij tot het geheel . Sjeik en compact.
Dit resulteert in een unieke Balthazar-sound die door de bijna volledig uitverkochte Lotto Arena bijzonder werd gesmaakt. De nieuwe en oudere nummers zijn perfect over de set verspreid en lopen soms naadloos in mekaar over. Een zeer aangenaam luisterstuk dus.
De groep zijn geen echte publiekmenners en vragen ook niet constant om mee te zingen of mee te klappen, maar lokken dit spontaan uit met hun uniek funky speelstijl en zang.
Naar het einde toe stak iedereen dan ook enthousiast zijn drank omhoog bij de woorden “Rise your glass” van het nummer “Blood like wine”. En bij de nummers “Fever” en afsluiter “Losers” hadden ze het publiek volledig op hun hand en werd er dus duchtig meegezongen en geklapt. Wat een apotheose.
Daarvoor kregen ze dan ook , na ruim anderhalf uur, terecht minutenlang een staande ovatie. We hopen dat ze deze richting blijven uitgaan en bij hun volgende doortocht in ons landje zullen we zeker opnieuw op de afspraak zijn!

Playlist Balthazar : Hourglass, Grapefruit, Do not claim them anymore, Sinking ship, the boatman, Moment, On a roll, I’ll stay here, You won’t come around, Blood like wine, linger on, I want you(ode aan Sylvie ), Fifteen floors, Fever, Entertainment … Bunker, Losers

Organisatie: Live Nation

J.E. Sunde

J.E. Sunde - Unieke gastvrijheid met ontelbaar veel extraatjes

Geschreven door

In het kleine maar gezellige zaaltje van Villa Bota aan het Brugse Astridpark, ontvouwde afgelopen donderdagavond zich een fijn en gezellig tafereel met J. E. Sunde. De Amerikaanse singer-songwriter, voluit John Edward, brengt vanuit Wisconsin, prachtige americana/folkpareltjes uit. Die pareltjes kregen we te horen in een intieme gezellige sfeer waar Sunde ook graag met ons in gesprek ging.

Ondanks dat het op plaat, tot dusver twee, zeer rijk klinkt qua arrangementen, was het live zeer sober. Slechts uitgerust met een gitaar en microfoon, slaagde hij er al zittend in om het publiek te beroeren. Als binnenkomer was er “Fire of the Mountain” die de verhouding tot een god en de nietigheid al meteen beklemtoonde. Zijn stem was met de typische vibrato meteen herkenbaar en al duidelijk voldoende opgewarmd.
Vervolgens deed zijn vocale behendigheid in “Clover” soms denken aan The Tallest Man on Earth of Passenger. In datzelfde nummer schudde hij zijn eerste sterke gitaarsolo van de avond losjes uit zijn mouw. Als ijsbreker had hij het in zijn eerste bindtekst over de mooie Brugse binnenstad waar hij handig zijn eigen woonplaats aan breidde. Hoewel Wisconsin muzikaal weinig bekend is, toonde hij aan met het rake “Love Gone to Seed” hoe de afkomst voor een muzikant van weinig belang is. Sufjan Steven-gewijs beeld hij zich vervolgens een leven in Los Angeles met “Sunset Strip”.
Het unieke aan concerten van zo’n kleine omvang, is dat de artiest graag de tijd neemt om het over zijn muziek te hebben. Bij J.E. Sunde was het niet anders. Als een folktroubadour gaf hij geregeld inkijk in hoe zijn nummers zijn ontstaan of door wat ze zijn geïnspireerd. Op haast filosofische wijze haalde hij op zeer gevatte wijze zijn kunstwerkjes uiteen. Soms leek hij het spoor kwijt te zijn van wat hij precies wou zeggen, maar het publiek was telkens mee. Bijvoorbeeld ging het in "Prism" chronologisch snobisme oftewel waarom we op sommige vlakken niet verder staan. Dat iedereen een eigen pad volgt met zijn ups en downs maar ook met blinde bochten was enig mooi gebracht in "Blind Curve". “We Live Each Other’s Dreams” behandelde het feit dat je bij anderen opkijkt naar dingen die jij niet hebt.
Toch was het concert ook luchtig en licht komisch. "Easy kid" ging over een vervelende ontmoeting op een moment dat Sunde daar niet echt zin in had. Zijn beginnende kennis van het Frans was de aanleiding voor "Alice". Als de Amerikaan over liefde zong, dan was dat alles behalve platte pastiche. Zo bracht hij veel nummers uit zijn laatste langspeler ‘9 Songs about Love’ zoals onder andere “Love Gone to Seed”, “I Love you,  You’re my Friend” en “Your Love Leaves a Mark on Me”. Ontroerend mooi was het hoogtepunt “I Don’t Care to Dance”.
De gelukkigen die aanwezig waren, kregen met afsluiter "Creature feeling", die hij rechtop en zonder micro zong, een zoveelste extraatje.

Op een natte koude novemberdag slaagde J.E. Sunde met zijn benaderbaarheid en vrijgevigheid iedereen met een gelukzalig gevoel naar huis te sturen.

Setlist
Fire of the Mountain - Clover - Love Gone to Seed - Sunset Strip - I Love You, You’re My Friend - Prism - Your Love Leaves a Mark on Me - We Live Each Other’s Dreams - I Don’t Care to Dance - Alice - Easy Kid - Risk - Wedding Rings - Blind Curve - I Will Smile When I Think of You - Glory, Gloria - Creature Feeling

Organisatie: Cactus Club, Brugge

 

Viagra Boys

Viagra Boys - Must see bluepills in clubs en festivals!

Geschreven door

Viagra Boys - Must see bluepills in clubs en festivals!

Het Zweedse Viagra Boys is een must see in de clubs en voor de komende festivalzomer. Het doet deugd zo’n zootje ongeregeld rond zanger Sébastian Murphy te zien, die hun nihilistische rock’n’roll onderdompelen in een smerig, zompig , vunzig poeltje. Het blauwe pilletje smolt in de mond. Pijlsnel voelden we ons opgaan om een band te zien spelen op een anarcho-gevoel van adrenaline en fun, omringd van alkohol & cigarettes.
Een klein anderhalf uur werden we in volle coronacrisis meegevoerd in een muzikaal no-rules wereld, net dertig jaar na datum met het even verticaal middenvinger optreden van Nirvana in de Vooruit, Gent.

In uitgesteld relais zagen we de Viagra Boys uit Stockholm nu aan het werk en ze zijn de ideale schoonzonen als festivalband; de volgetattoeërde Murphy in ontbloot bovenlijf en soms met bivakmuts op, heeft al een pak jaren op de teller en al een zwaar leventje achter de rug. Mede oprichter gitarist Benjamin Vallé had evenzeer een zware rugzak en verleden; hij verliet de band vóór de opnames van de tweede ‘Welfare jazz’ en overleed nog onlangs in oktober. Hij werd geëerd in één van de nummers, “Slow learner”, een intrigerende, ontspoorde punkyjazzsong van die nieuwe tweede effectieve plaat, die begin 2021 verscheen.
Viagra Boys heeft een eigenwijze , unieke kijk op rock’n’roll, maakt er een potpourri van postpunk, psychedelische synthpop en punkyjazz. Ze injecteren het op losse, ontspannende, humoristische wijze, met een zekere relativering.
Het stoomt, bruist en sist. Ze creëren een broeierig, spannend, opzwepend sfeertje door de repeterende, aanstekelijke ritmes , de diep ronkende bas, discokitschtunes en anarchosax. Ze hebben een kolos van een zanger die lekker leuk , gek kan doen.
Bands als Nirvana, Hayseed Dixie , Barkmarket, God, Pigbag, X-Ray Spex en Suicide en ja ook ons Arno/TC Matic borrelen op bij hun sound en hun optreden.  Dit betekent dat de 80s, 90s mooi geïntegreerd zijn.
Het sextet bracht ons meteen in de juiste stemming met het oudje “Research chemicals”, terug te vinden op één van de debuutEPs. Eentje van zo’n zevental minuten. Wat een start door de repeterende, dreunende , opbouwende ritmes en de lekker vervormde lallende brulpraatzang dito act van Murphy. Cowpunk, Demonisch! Wild, onstuimig, chaotisch, geschift en toch groovy, melodieus, dansbaar, gecontroleerd. Alles in één nummer.
Murphy is een volleerd Shane MacGowan, met een plasticzak biertjes bij zich , hij stapt , danst, valt, rolt op het podium, of is bij de eerste rijen te vinden. Het tempo houden ze hoog, strak met “Ain’t nice”, één van de recente singles. Verdomd wat klinkt dit goed . Het intense , slepende “Just like you”, deed onderliggend aan TC Matic denken. De teugels zijn losgeslagen op het zo goed als instrumentaal klinkende “6shooter”, die alle richtingen uitgaat , als een ‘unstoppable train’ in een walm van fuzz en noise. Het muzikaal venijn druipt verder door in een spannend, broeierig soms explosief “Down in the basement”, “TOAD” en “Worms”. “Sports” en “Shrimp shack” zijn uitermate bezwerend door de opbouwende , rollende grooves en free jams . Apocalyptisch! Ze vormden de apotheose in hun muzikale gekte.

De bluepills van de Viagra Boys werden in een goed gevulde Aéronef sterk onthaald , de eerste rijen hotsten op en neer . Het publiek werd warm gehouden en smaakte deze band, een live-festivalband bij uitstek!

Opener was Tamar Aphek, een relatief onbekend kwartet uit Tel Aviv, Israël. Het goed ingeënte kwartet, ergens muzikaal tussen Fugazi en The Breeders in, speelt lofi speedy indierock gekruid van psychedelica en freejazz. Zij wisten ons regelmatig te raken!

Organisatie : Aéronef, Lille

The Waltz

Red Orange Moon -single-

Geschreven door

Er komt toch heel wat goeds voort uit Kortrijkse regio. Ditmaal The Waltz, een viertal dat hier de vooruitgeschoven single “Red-Orange Moon” op de wereld loslaat voor hun komende debuut album (met name ‘Looking Glass Self’) volgend jaar.
Deze jonge band dook de Dunk! Studio binnen tijdens de pandemie om een plaat op te nemen. Deze single is gestoeld op een heavy groove van bas en drum waarop de rest van de song komt op te liggen. Het klinkt vrij potent dus. Het bevat een leuke bridge waarin alles down gaat en ietwat psychedelisch klinkt. Het staat er als een huis moet ik zeggen.
Een leuke track dat het beste doet vermoeden voor de rest. Qua stijl ligt het ergens tussen Idles, The Jesus Lizard, de ruwere Blur, de grooves a la Franz Ferdinand…
Hun vorige single “Flowers” is ook de moeite waard om eens te beluisteren. Het is ietsjes melodieuzer dan deze single. Je hoort er elementen van de jaren 90 in, ook elementen van indie rock, shoegaze, alternative rock en dat allemaal door elkaar gemengd tot hun eigen stijl.
Een aanradertje.

The Waltz - Red-Orange Moon (Official Video) - YouTube

 

Nils Frahm

Old Friends New Friends

Geschreven door

Nils Frahm werd bekend dankzij zijn mix van klassieke muziek en elektronische muziek (synths, drumcomputers, loops).  Deze ‘Old Friends New Friends’ is een lange verzameling van eerder onuitgebrachte stukjes piano van 2009 tot 2021. Volgens Frahm is het niet echt een nieuw album omdat er geen grote lijn, verhaal of thema in zit en ook niet echt een verzamelalbum, maar zo voelt het wel.
De Duitser geeft twee redenen op voor dit album. De eerste is dat hij wil vermijden dat er later iemand door zijn muzikale kluizen zou graaien end at die dan zomaar wat bij elkaar zou graaien om langs de kassa te komen. Hij ‘redt’ deze 23 fragmenten en de rest wordt voorgoed gewist of opgestookt. Een tweede reden is dat Frahm broedt op een soort van nieuw begin. Daarover wil hij nog niet veel kwijt, maar het moet zijn dat deze pianostukjes niet langer bij dat nieuwe verhaal zullen passen.
Het verzamelalbum dan. Het gaat – zoals je kan verwachten – een beetje alle kanten op. Van heel naakte, verstilde en kleine piano-akkoorden tot al meer uitgewerkte en ge-arrangeerde stukken. “Rain Take” is bv. heel mooi uitgewerkt, tegenover ingetogen, kleine stukjes als “Berduxa” of “Late”. Het treurende “Todo Nada” heeft een typische ruis als van een stoffige vinyl. “Wedding Waltzer” swingt en walst een klein beetje, op een jazzy kind of way. “Further In The Making” heeft een wat Oosterse look & feel.
Bij heel wat tracks op ‘Old Friends New Friends’ bekruipt je hetzelfde gevoel: je snapt meteen waarom die track niet op de brandstapel ging, maar je voelt ook duidelijk dat ze (nog) niet de innerlijke kracht hebben van zijn werk op ‘Felt’ of ‘Screws’. Je voelt je getuige van een artiest die zoekt en probeert, die dingetjes uitwerkt of weggooit. In hun soms nog onbewerkte vorm herinneren sommige liedjes meer aan zijn soundtracks dan aan pakweg ‘Juno’. De opnamekwaliteit is niet altijd fantastisch.
“New Friend” is – op de intro en outro na misschien – een mooie, voldragen track die met een beetje meer vijlen en schaven zeker sterk genoeg is voor een regulier album. Hetzelfde geldt voor “Nils Has A New Piano”.  Mijn persoonlijke favoriet is “Strickleiter”.
Deze goedgevulde verzamelaar zal toch vooral de bestaande fans plezieren. Ondertussen kijken we uit naar dat nieuwe begin van Nils Frahm.

 
Pagina 142 van 498