logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

Bellemont

No Antidote -single-

Geschreven door

Er zijn van die duetten die je wel aardig vindt en dan zijn er duetten die je van je sokken blazen. De nieuwe single van Bellemont, waarin de band de hulp krijgt van Pieter-Jan De Smet (PJDS) is er eentje van de tweede categorie. Pieter-Jan en Tracee van Bellemont overtroeven elkaar als onheilsbode, zonder uit de bocht te gaan. Dit is van het niveau van “Henry Lee” van Nick Cave en PJ Harvey (net zo doorleefd, maar nog donkerder dan het bekendere “Where The Wild Roses Grow” met Kylie Minogue). Mooi ook hoe de band zich terughoudend opstelt tegenover al die vocale ellende. Net aanwezig genoeg voor een stevige fundering, maar zonder enige franje toe te voegen. Het drumcomputergeluid zet je misschien wat op het verkeerde been, maar zodra de kerkklok-sample en de zang invallen, is er geen ontsnappen aan.
Als dit de voorbode is van een nieuw album van Bellemont, hebben ze onze aandacht. Prachtige single. Wereldklasse.

No Antidote -single-
Bellemont feat. PJDS
 

A Bear Called Panda

A Bear Called Panda

Geschreven door

A Bear Called Panda is een band afkomstig uit Hasselt die bestaat uit ex-leden van de rockband Civilian. De band tovert een potje hardrock uit zijn toverstaf en kruidt die met de nodige ingrediënten die doen denken aan bands als B52's. Dat is in grote mate de verdienste van de vrouwelijke vocalen, die meermaals komen bovendrijven op dit debuut 'A Bear Called Panda'. Een best catchy en energieke schijf, die van begin tot einde aan je ribbenkast blijft kleven.
Die aanstekelijkheid, waarop stilzitten trouwens onmogelijk is, komen we al tegen bij “Henry Winkler” en het gezapige “Destruction”. “Spank Me With Love” is niet alleen een zeer grappige titel, de humor en zelfrelativering is een rode draad op de volledige plaat. Lekker uptempo poprocksongs die je aanzetten tot een feestje bouwen, dat lukt ook bij “Captain Love”,”The Mule” en “Shake It! (Till You Break It!)”. Wie hier niet vrolijk van wordt heeft duidelijk teveel azijn gedronken.
Tijdens het schrijven van deze recensie was het vrij donker en somber buiten, maar deze muziek brengt prompt een zonnetje in huis en in je hart. Zonder meer is het ook het soort hardrockmuziek waarbij uitbundig een feest zal ontstaan op het podium. In deze donkere tijden mag dat ook eens.
Rocken kunnen de heren en dame zeker en vast, dat bewezen ze met Civilian reeds uitvoerig. Maar ook binnen dit project A Bear Called Panda bewijst dat, net als het beestje de Panda, de puurste rockmuziek nog steeds niet is uitgestorven. Gepolijste songs, gestroomlijnde gitaren en drumsalvo's die opvallend snedig klinken worden bekroond met een vocale inbreng die je voortdurend aanzet tot dansen. Het grote voordeel bij A Bear Called Panda is echter de voortdurende kruisbestuiving tussen mannelijke en vrouwelijke vocalen die elkaar perfect aanvullen, waardoor dat dak er prompt compleet afgaat tijdens de daarop volgende songs als “Spinning World”, “Alligator” en “Live It Up”. Radiovriendelijke songs die je prompt zit mee te brullen, met de luchtgitaar in de hand en de haren in de lucht. Lekker headbangen alsof de jaren '70 of'80 nog steeds bezig zijn. Ondanks duidelijke verwijzingen naar dat verleden staat de band echter stevig met de beide voeten in het heden. Ze klinken daardoor niet gedateerd maar eerder opvallen fris en monter.
Als je eens een slechte dag hebt, wordt je prompt vrolijk en monter van deze aanstekelijke schijf van A Bear Called Panda die met 'A Bear Called Panda' een opvallend toegankelijk debuut op de markt bracht. Echter is dit vooral muziek die op het podium tot zijn recht komt, waar eens alle registers worden opengegooid, geen enkel dak er nog zal blijven opliggen. Zeker weten! Wie houdt van catchy rock zonder scrupules, raden we dus niet alleen de plaat te kopen maar ook deze band eens live te gaan zien en horen. Het loont beide de moeite!

Pet Shop Boys

Hotspot

Geschreven door

Pet Shop Boys wordt zelden als een echte jaren ’80-band gezien, toch boekten ze in dat tijdperk hun grootste hits. Vanaf de jaren ’90 verloren ze met elk album wat meer de aansluiting met de heersende popmuziek, maar ze behouden wel een trouwe aanhang bij het publiek en ze blijven idolen voor andere muzikanten van zowat elke generatie. En ze blijven degelijk materiaal uitbrengen. Voor een breedgedragen radiohit gaan ze al lang niet meer, die strijd hebben ze opgegeven. Wel hebben ze op ‘Hotspot’ hun aloude succesformule uitgepuurd en gepimpt met een moderne twist hier en daar. In het team achter dit album is het vooral producer Stuart Price (Madonna, New Order, …) die de Pet Shop Boys in de 21 ste eeuw houdt. Haal zijn skills als producer uit dit album en je komt uit bij een flets doorslagje van albumvullertjes uit de begindagen van het Britse duo. Hij geeft de Britten een mellow en suikerzoete dreamy synthpopsound die slechts zelden retro aanvoelt. Enkel bij “Only The Dark” ontwaren we een volbloed jaren ’80-vibe.
“Will O The Wisp” heeft een sterke intro en een beat die weggelopen lijkt uit het begin van de nillies. Niettemin is het één van de sterkste tracks, vooral omdat zanger Neil Tennant hier toch enige sense of urgency in zijn lyrics legt. Op de meeste andere tracks klinkt hij eerder verveeld en van sarcasme doordrongen of net heel oppervlakkig. Die sterke song wordt meteen gecounterd met het cheesy “You Are The One”. Flauw, lauw en zoutloos en met love-lyrics van dertien in een dozijn. Ook “Happy People” is niet van een niveau dat ons blij maakt, maar het is ten minste een dansbaar niemendalletje. De tweede kers op de taart van deze ‘Hotspot’, na “Will O The Wisp”, is “Dreamland”, de single waarop Years & Years meedoet. Het moet zijn dat Tennant en Lowe zich uitgedaagd voelden, want op deze track klopt alles en zit de vibe heel juist: modern, een beetje urban, dansbaar en hitsig. Wel herken je er nog nauwelijks de hand van de Pet Shop Boys in. Daarna volgen de heel matige tracks zoals het zich voortslepende “Hoping For A Miracle” en het stuurloze retrovehikel “Only The Dark”. Het uptempo-duo  ”I Don’t Wanna” en “Monkey Business” kan wel makkelijk overtuigen. “Burning The Heather” krijgt een akoestische gitaarlick van Bernard Butler van Suede, maar dat kan de saaiheid van deze slome draak niet compenseren. Je hoort Butler’s gitaar nauwelijks en zelfs een halve solo werd hem niet gegund. Een gemiste kans. “Wedding In Berlin” begint als een eurodancetrack zoals ze die in de jaren ’90 in de Belgische discotheken draaiden met in de mix het klassieke kerkorgel  waarmee ze in Hollywoodfilms de huwelijksmis mee inzetten. Pet Shop Boys hebben altijd een kitscherige kant gehad, maar dit is er toch wat over.
‘Hotspot’ is al bij al een aardig album, maar geen mijlpaal in de lange loopbaan van de Pet Shop Boys. Misschien wel goed om het album een paar luisterbeurten te geven voor wie in mei naar hun show in Vorst Nationaal gaat.

Elektro/Dance
Hotspot
Pet Shop Boys
 

From Wolves To Whales

Dead Leaves Drop

Geschreven door

Binnen het wereldje van improviserende jazz zullen de namen Nate Wooley, Dave Rempis, Pascal Niggenkemper en Chris Corsano wellicht een belletje doen rinkelen. Samen vormen zijn de band From Wolves To Whales. Met ‘Dead Leaves Drop’ laat de band een plaat horen waar dat improviseren volledig uit de doeken wordt gedaan in het streven naar de kortste weg van het denken naar actie. Deze schijf bevat twee songs van telkens twintig minuten, het voelt echter aan als een oneindige trip die ondanks de toch wat chaotische en experimentele aanpak wel degelijk een bepaalde richting uitgaat. Namelijk deze van de emoties van de mens die zich gewillig laat meevoeren. Dat laatste is eigenlijk de belangrijkste voorwaarde om zowel de plaat als de band echt te begrijpen.
“Pakicetus” klinkt vaak als een allesverwoestende wervelstorm die geluidsmuren doet wankelen, maar eveneens als een zacht briesje waarbij je tot gemoedsrust wordt gebracht. Binnen dit aanbod gaan saxofoon- en trompetklanken telkens het verfijnde gevecht aan met die typische druminbreng en baslijnen die je ofwel de adem benemen ofwel je in angstzweet achterlaten. Dat schipperen tussen verschillende uiteenlopende emoties is de reden waarom je als aanhoorder gekluisterd aan je stoel blijft zitten, luisterend naar muzikanten die ware meesters blijken te zijn in tot in het oneindige improviseren. Hoewel je in eerste instantie een chaotische brij opmerkt, zorgt deze virtuositeit wel degelijk voor enige structuur. Althans als  je verder kijkt dan wat er aan de oppervlakte drijft en je daadwerkelijk gaat verdiepen in de inhoud van wat je wordt aangeboden. Improviserende muziek is dan ook een muziekstijl die je niet moet horen maar vooral voelen. Binnen die schijnbaar vormeloze puinhoop die we ook bij “Ambulocetus” opmerken , schuilt een energie die op je gemoed inwerkt, eens je die trip echt ondergaat. De schijnbaar onlogische aanpak van saxofoon- of basklanken, of vervormde trompetgeluiden en een drummer die zijn vellen bedient alsof hij een nieuw instrument heeft uitgevonden; keert niet alleen terug op deze tweede song, het is de rode draad op de volledige schijf.
De mogelijkheden en de vrijheid gebruiken om met hun instrumenten gewoon klanken uit te vinden of grenzen af te tasten waar geen grenzen zijn, trekt ons dan ook over de hele lijn over de streep.
Elk van de muzikanten tasten die mogelijkheden van hun instrumenten dan ook tot in het oneindige af en vullen wonderwel elkaar blindelings aan binnen die schijnbare chaotische aanpak.
'Dead Leaves Drop ' is dan ook geen voer voor luisteraars die houden van een afgelijnde structuur in de muziek die ze beluisteren. Zij die echter houden van een avontuurlijke aanpak en het ontdekken van klanken binnen die voornoemde instrumenten waarvan je het bestaan niet kende - waaronder wij onszelf ook rekenen - zullen zeker hun gading vinden in een samensmelting van meesters in improvisatie, die al hun toverkrachten samenbundelen om een magie te doen ontstaan waardoor je wegzweeft naar een kleurrijke en onontgonnen wereld binnen sax, drum en bas. Die dus alleen bestemd is voor zij die willen voelen, en niet alleen luisteren. Om zo inderdaad de kortste weg van het denken naar de actie daadwerkelijk te ontdekken.

Lumen Drones

Umbra

Geschreven door

Lumen Drones is het experimentele jazzproject rond Nils Økland: Hardanger-fiddle en -viool. Samen met gitarist Per Steinar Lie (gitaar) en Ørjan Haaland (drum) verlegde hij in 2015 al grenzen met zijn titelloos debuut. Vooral die Hardangerviool is een historisch instrument, dat voor Nils een speciale plaats bekleedt binnen dat experimentele project. De tweede schijf kwam op de markt , 'Umbra'. Waar deze stelling nog meer in de verf wordt gezet.
“Inngang” geeft al de toon aan. Je wordt als aanhoorder onder hypnose tot diepe rust gebracht zonder dat Lumen Drones je in slaap wiegt. Net door de hypnotiserende inwerking van die Hardangerviool gecombineerd met twinkelende gitaarlijnen en drumpartijen die eerder aanvoelen als het strelen van een gebroken hart, voel je een gelukzaligheid over jou neerdalen die je wegvoert naar een verloren land. Dit trio is duidelijk op elkaar ingespeeld, ze vinden elkaar dan ook blindelings op songs als “Dronesag”, “Gorrlaus Slatt”, “Umbra” en het prachtige “Avalanche In A Minor”. Nergens valt een speld tussen te krijgen op dit perfect in elkaar gebokste experimentele jazzplaatje. Het lijkt zelfs alsof de heren tijdens de opnames aan het improviseren slaan en dat laatste is zeer opmerkelijk. We vragen ons af welk magisch effect dit moet hebben op enkele podia?
Luister maar naar de perfecte interactie tussen drum en viool bij “Glor” of hoe de gitaarlijnen perfect aansluiten daarop. Gewoon enkele voorbeelden van hoe dit trio ondanks de perfectie, die spontaniteit niet uit het oog verliest. De ontroerende wijze waarop Lumen Drones je in een diepe trance doet belanden, wordt verder gezet op de daarop volgende parels van songs als “Speil”, “Etnir” en afsluiter “Under Djupet”. Er wordt hierbij geen geluidsmuur afgebroken, maar wel telkens een diepe snaar geraakt. Lumen Drones verlegt bovendien  een grens binnen experimentele jazz en tast de mogelijkheden af om diezelfde grens telkens opnieuw te verleggen. Binnen elke song ontdek je, na elke andere luisterbeurt, dan ook weer nieuwe dingen die je voordien nog niet had opgemerkt. Dat dit allemaal puur instrumentaal wordt gebracht, is een extra meerwaarde.
Liefhebbers van die Hardangerviool, maar ook van arrangementen waarin jazzcomponisten grenzen verleggen tot in het oneindige, en ter plaatse improviseren zullen in deze schijf en band zeker hun gading vinden. Wij waren alvast onder de indruk. Daar waar we bij het debuut dachten dat de grens was bereikt, doet de band er gewoon nog een paar scheppen bovenop. En dat laatste is nog het meest opmerkelijke aan dit volledige project. Een meesterwerk binnen experimentele jazz, zonder meer, deze 'Umbra' van Lumen Drones!

Soja Triani

Nouvelles

Geschreven door

Tom Beaudouin (ook lid van het post rock/elektronische concept Fragments)  en Amauy Sauve (drummer en geluidsman in de hardcore en metal scene) vormen samen het Franse indiepopduo Soja Triani. De heren zijn niet aan hun proefstuk toe en kunnen een hele bagage aan ervaring voorleggen. Via het label La Souterraine bracht Soja Triani zopas zijn debuut uit: 'Nouvelles'. Een aanstekelijk indiepopschijfje dat aan je ribben blijft kleven.
Flirtende met Franse chanson, komt “Le Futur” op een gezapige wijze binnen en prompt zing je de Franse teksten uit volle borst mee. Die hoge toegankelijkheid zorgt gelukkig voor geen al te kleffe atmosfeer. Gedrenkt in een vat boordevol experimentele elektronica verrast dit duo ons regelmatig met soundscapes die uit het niets opdagen. Met “L'Alpiniste”, “Rêve d'Ecuyer” en “Grand Voyage” zet Soja Triani dat meermaals in de verf. Geluidsmuren afbreken is er dus niet bij, maar de band raakt ook een beetje een rocksnaar binnen het Franse popgebeuren. Waardoor een zeer ruim publiek aan elektronische rock en pop muziek, over de streep kan getrokken worden. Die lijn wordt eigenlijk verder doorgetrokken op de volledige plaat. Het enige minpunt is dat alles diezelfde gezapige gang uitgaat, maar doordat die songs zo lekker aan je ribben blijven kleven bij elke luisterbeurt opnieuw, stoort dit allerminst. De subtiele knipoogjes naar experimenteel gedrag, zijn bovendien een meerwaarde die deze kritische benadering prompt in de vuilnisbak doen belanden.
Met 'Nouvelles' is in elk geval een nieuwe ster geboren, die pop en rock verbindt met Franse chanson waardoor een ruim publiek aan liefhebbers van Franse muziek in zijn brede omkadering over de streep zal moeten worden getrokken. Soja Triani bestaat duidelijk uit een duo dat goed weet waar ze mee bezig zijn, een ambitieus duo ook die hun stempel willen drukken op de indie pop en dat in de toekomst zeker zullen doen. Een duo om in het oog te houden dus, naar de toekomst toe.

Growing Horns

Growing Horns - Het is voor ons vooral belangrijk om shows te spelen die steeds beter worden, en op die manier met onze muziek meer mensen te bereiken

Geschreven door

Growing Horns - Het is voor ons vooral belangrijk om shows te spelen die steeds beter worden, en op die manier met onze muziek meer mensen te bereiken

Growing Horns
is een doom/sludge band die de zaken enigszins anders heeft aangepakt. Daar waar veel bands een demo of plaat uitbrengen, en zichzelf daarna live lanceren. Is Growing Horns omgekeerd tewerk gegaan. Hen live dus op verschillende podia tonen en zo een zekere fanbase opbouwen. Het heeft hen geen windeieren gelegd. De band brengt nu een EP uit 'The Nobility of Pain'. Ze kwamen deze EP voorstellen op zaterdag 21 december in een uitverkochte ELPEE in Deinze. We schreven daarover: '' Growing Horns slaat na vele jaren deuren open stampen, en concertzalen plat spelen, dus duidelijk een nieuwe bladzijde om die ons doet uitzien naar meer intensieve duisternis van uitzonderlijk hoog niveau in het nieuwe jaar 2020. Is dan ook de voornaamste vaststelling.'' We hadden ook een fijn gesprek met Wim en Daf over het hoe en waarom op deze wijze tewerk gaan? Het verleden en de toekomst plannen en nog veel meer.

Om met de deur in huis te vallen, waarom hebben jullie zo lang gewacht om eindelijk ene plaat uit te brengen (ik vind het een goede zet hoor)?
Daf: Wel, de plaat moest er eigenlijk vorig jaar al geweest zijn. Zoals je misschien weet, is onze vorige drummer Nick er vorig jaar zo ergens rond juli/augustus mee gestopt. We hadden echter al eerder in 2018 de studio vastgelegd voor september, maar door het vertrek van Nick hebben we dus die plannen in de vriezer moeten steken. Gelukkig hebben we met Simon een meer dan waardige vervanger gevonden en zijn we dus in mei van dit jaar samen met Jonas Nyaarr de GAM-studios in getrokken.

In tegenstelling tot live komen de muzikanten nu wel iets meer op de voorgrond stel ik vast, vooral die ritmesectie geeft een zeer andere draai aan de muziek die je niet altijd tegenkomt in het tot slome doom, bewust daarvoor gekozen?
Daf: Goh, bewust is een groot woord, maar zowel bas als drum zijn een essentieel onderdeel van het geluid van Growing Horns, als het ware zelfs de funderingen waarop Sven en Didier hun gitaarpartijen leggen. Dus vonden we het wel belangrijk dat dit ook op de plaat goed naar voren kwam.

Blijven jullie bewust het doom/sludge pad bewandelen, of zijn er mogelijkheden naar bijvoorbeeld black of zo? En waarom (of waarom niet)
Wim: Euhm, zeg nooit, nooit, maar waar Growing Horns nu voor staat is zo’n beetje de gemene deler van ieders smaak, het komt allemaal heel natuurlijk tot stand. Het is niet zo dat we tijdens het maken van nieuw werk op voorhand zeggen van: ‘En nu gaan we eens een nummer maken in die of deze trend'. Maar stel dat er morgen iemand met een bv ‘black-metal’ achtige riff komt aandraven en die past in het nummer, dan is dat goed mogelijk dat er op die manier een nummer ontstaat. Uiteindelijk zal er wel altijd een Growing Horns sausje overgegoten worden, dat wel.

Ik stel die vraag omdat me dat vooral opviel op die EP dat jullie bewust buiten de lijntjes van het globale doom/sludge kleuren. Is ook daar bewust voor gekozen?
Daf: Ik denk dat de muziek die we maken een soort van melting pot is van de invloeden van elk bandlid, en dat we daardoor misschien niet echt klinken als de zoveelste doomband. Er zijn natuurlijk een aantal gemeenschappelijke raakvlakken qua bands die we allemaal goed vinden, maar individueel luisteren we ook allemaal naar verschillende bands, gaande van de extreme snelle uitersten van death-, thrash metal en grindcore tot de ultra trage en lome doom en sludge, maar evengoed heel veel bands die je niet meteen onder metal kan klasseren.

De hoes is gewoon prachtig, een waar schilderij. Wie heeft die tekening gemaakt? Heeft het een onderlinge betekenis? (al kan ik dat daar zelf ook uit opmaken ik hoor het liever van jullie)
Wim: Daf kwam al snel aandraven met het idee om Bram Bruyneel onze hoes te laten tekenen.  Hij was zelf ook onmiddellijk gewonnen om met ons in zee te gaan. Die samenwerking verliep trouwens bijzonder vlot. We speelden onze ideeën door naar hem en reeds van bij de eerste schets werd het duidelijk dat we op min of meer dezelfde lijn zaten.  Bram is een uiterst getalenteerde tekenaar, als je ziet wat er reeds allemaal uit zijn pen is gevloeid, ongelofelijk !  Wij vinden het leuk als je bij artwork wel even langer nodig hebt dan één oogopslag om te zien wat er nu allemaal wordt afgebeeld, of welk verhaal er achter schuilt.… er zitten veel details in het ontwerp, die dan natuurlijk nog veel beter uitkomen op onze vinylhoes.  Zoals je al kon zien heeft Bram ons logo -de kop met de hoorns- verder uitgewerkt tot een volwaardig figuur.  De achterliggende gedachte is dat ons ‘wezen’ eigenlijk aan de basis ligt van de creatie van een ‘mythisch figuur’, de creatie van Lucifer.  De meeste mensen zullen wel weten dat op het moment dat hij zogezegd tegen God in ging, hij het begin van het kwaad en de bron van al het kwaad dat nog te voorschijn zou gaan komen, was.  Wij hebben daar onze eigen draai aan gegeven. Ons ‘wezen’ is eigenlijk de oorzaak van die creatie, waarmee hij ook ineens veel slechter is dan die gevallen Engel.

Deze zomer hebben jullie o.a. een optreden op Stormram moeten annuleren. Alles ok met Simon ondertussen?

Wim: Simon voelt zich ondertussen terug als een vis in het water.  Het was even schrikken op dat moment door die ingreep die hij nogal plots moest ondergaan.  Hij kroop trouwens veel te snel terug op zijn drumkruk, typisch Simon!  Jammer natuurlijk dat onze show in het water viel, maar gezondheid gaat natuurlijk boven alles.  Misschien komt er nog wel eens een herkansing voor ons?

De vriendschapsband binnen dat 'underground wereldje' tussen verschillende bands is dan ook enorm groot, want sommige van jullie daagden daar ook op. Is dat ook zo dat die vriendschapband zo groot is? En hoe zou dat komen?
Daf: In de vier jaar dat we de baan op trekken met Growing Horns, hebben we het geluk gehad met een aantal waanzinnig goede bands het podium te mogen delen, en daaruit zijn een aantal mooie vriendschappen ontstaan. Zonder uitzondering kunnen we wel stellen dat er heel veel respect is tussen en voor alle bands waarmee we al het podium hebben gedeeld, en het feit dat bands elkaar uitnodigen om op elkaars shows te spelen versterkt dat gevoel alleen maar, maar zorgt er tegelijkertijd ook voor dat er meer mensen komen opdagen naar underground shows.

Na ELPEE staan jullie ook op Alcatraz, hoe is dat in zijn werk gegaan? Connecties?
Daf: In zekere zin wel, want een aantal van de bands die dit jaar op Alcatraz speelden, zijn bevriende bands waarmee we al eens het podium mochten delen. De nieuwe La Morgue-tent op Alcatraz was een schot in de roos en bood de kans aan voornamelijk Belgisch talent uit de underground zijn kunnen te etaleren, en dat is zeer in de smaak gevallen. Enkele van die bands lieten onze naam vallen bij de organisatie, en we zijn vereerd dat we in 2020 mogen deel uitmaken van de nu al legendarische line-up!

Als je terugkijkt op de vorige jaren, wat waren de hoogte- en dieptepunten?
Daf: We mogen ons tot op heden gelukkig prijzen, want echte dieptepunten zijn er tot nu toe nauwelijks geweest. Het vertrek van Nick was er misschien eentje, maar dat heeft er wel voor gezorgd dat we een fantastische nieuwe drummer in de plaats kregen. Andere hoogtepunten waren de supportshow voor het jubileum van Cowboys & Aliens en onze passage op Headbangers Ball’s Festival in 2018.

Zijn er dingen waar je spijt van hebt en nu anders zou aanpakken, buiten een andere zanger? (grapje)
Daf: Ze vinden niemand die lelijk genoeg is om mij te vervangen, verdorie! (hahaha)
Ik vind spijt eigenlijk een nutteloos gegeven, want meestal kan je aan de meeste zaken die gebeurd zijn toch niets meer aan veranderen.

Hoe zijn de eerste reacties op deze EP eigenlijk?
Wim: Het was spannend afwachten voor ons. Zoals je wel vaker hoort kan je als band al snel je eigen nummers nog moeilijk zelf objectief beoordelen. Voor de eigenlijke opnames zijn we nog even een pre productie gaan doen bij Dunk en dat heeft zijn vruchten afgeworpen.  Samen met Jonas werden onze nummers nog eens ontleed en hier en daar werden er nog -weliswaar kleine- veranderingen aangebracht. We mogen wel zeggen dat we goed voorbereid waren, dat moest ook wel want de plaat werd eigenlijk live opgenomen.  Daardoor klinkt die iets meer organisch, iets wat wel goed bij ons past, vinden we. Ondertussen is onze plaat uit en het doet deugd dat de recensies positief zijn, de mensen kunnen onze herrie wel smaken blijkbaar !  Haha.

Wat zijn, buiten Alcatraz plat spelen deze zomer, de verdere plannen voor het nieuwe jaar?
Daf: De focus ligt nu volop op nieuwe nummers maken, nu de plaat klaar en uit is. Door het vertrek van Nick en de komst van Simon zijn we eigenlijk een stuk terug gezet in de tijd, want uiteraard heeft Simon ook zijn tijd nodig gehad om zich de nummers eigen te maken, en we staan er nog steeds van versteld in wat voor kort tijdsbestek hij dat voor mekaar gekregen heeft. Maar dan zijn we in mei van dit jaar de studio ingetrokken, en alles wat daarop volgde is de aanloop geweest naar de release van de plaat. Nu de plaat er is kunnen we ons volop focussen op shows spelen ter promotie van de plaat en op het schrijven van nieuwe nummers.

Zijn er ook plannen voor het buitenland?
Wim: Dat is iets wat binnen de band nog niet echt besproken is geweest.  We waren al meer dan blij dat we hier en daar in ons eigen Belgenlandje konden of mochten gaan spelen.  We doen niks liever dan live spelen en als we dat ook in het buitenland zouden kunnen gaan doen, waarom niet?

Kunnen we stellen dat dit het jaar van de grote doorbraak zal worden?
Wim: Ik denk niet dat er iemand binnen Growing Horns daar echt mee bezig is. Het is voor ons veel belangrijker om shows te spelen die steeds beter worden, en op die manier met onze muziek meer mensen te bereiken.

Wat is eigenlijk het einddoel (als dat er is) of wat wil je als band absoluut bereiken?
Daf: Er is binnen Growing Horns geen hoger doel of eindmeet die we als band willen bereiken, denk ik. Elke kans die we krijgen grijpen we met beide handen, en als dat er voor zorgt dat onze muziek daardoor meer mensen bereikt, dan is dat fantastisch. Het doet dan ook enorm deugd dat onze releaseshow in Elpee compleet uitverkocht was.

Een vraag die ik iedereen stel, ja zelfs de pop artiesten die ik interview, hoe staan jullie tegenover spotify en sociale media, spuw uw gal uit? (houdt het wel proper)
Daf: Ik denk dat social media een noodzakelijk kwaad is waar je tegenwoordig als band niet meer rond kunt. Het zorgt ervoor dat je muziek in alle uithoeken van de wereld kan gehoord worden, en daarom alleen al is het iets fantastisch. Maar tegelijk zorgt het er ook voor dat mensen de waarde van muziek een beetje uit het oog verliezen, omdat het overal met een simpele klik beschikbaar is. Gelukkig zijn er nog genoeg mensen die waarde hechten aan een fysiek exemplaar op cd of vinyl. Vandaar dat het voor ons ook maar logisch was om ‘The Nobility Of Pain’ op beide dragers te kunnen aanbieden.

Zijn er nog opmerkingen naar onze lezers toe?
Wim: We zijn ongetwijfeld heel tevreden kerels als er iemand na het lezen van dit interview de moeite neemt om ons eens te checken op Youtube, op onze Facebook pagina, eens langs te komen naar een optreden en daardoor overweegt om een fysiek exemplaar van ‘The Nobility of Pain’ aan te schaffen.
Facebook: https://www.facebook.com/growinghornsband/
Youtube: https://www.youtube.com/channel/UC96rsWBa1feTlhqAOiS72OA

Bedankt voor dit fijne gesprek, veel succes in het nieuwe jaar en de jaren daarop

Spoil Engine

Renaissance Noire

Geschreven door

Wij Belgen mogen terecht trots zijn op wat ons land te bieden heeft op vlak van metal in al zijn geuren en kleuren. Neem nu Spoil Engine, dat al sinds 2004 stevig aan de weg timmert, en met succes ondanks veel personeelwissels. Het zag er even naar uit dat de band zou ophouden te bestaan, tot zangeres Iris Goessens de vocalen voor haar rekening nam en er plotsklaps een andere wind waait doorheen Spoil Engine.  Met als gevolg live-optredens die we niet snel zullen vergeten surplus die ongelofelijk knappe schijf 'Stormsleeper' die in 2017 overal zeer goed werd ontvangen, ook bij ons. Tijd om daar een vervolg aan te breien in de vorm van 'Renaissance Noire', moet Spoil Engine  hebben gedacht. Dit is dan ook een schijf waarop de band begane wegen verder uitstippelt.
Vanaf “Riot” valt al de gevarieerde aanpak op, zowel vocaal als instrumentaal. Iris kan al haar vocale capaciteiten meer dan ooit in de strijd gooien op deze plaat, en dat zijn er heel wat. Cleane vocalen, verpulverend uithalen, screams die door merg en been gaan. Ze kan het allemaal aan. Geruggesteund door muzikanten die van wanten weten, en zowel melodieus als verschroeiend hard uithalen, wordt er over de gehele lijn niets aan het toeval overgelaten. Luister maar naar een song als “Venom” en voel de koude rillingen over je rug lopen, om daarna in een razend tempo uit het niets een mokerslag in je gezicht te verwerken krijgen, waardoor je prompt murw geslagen in de touwen hangt. Bij “The Hallow” krijgt Iris Goessens vocale ondersteuning van niemand anders dan Jeff Walker van Carcass. Niet dat ze die ondersteuning echt nodig heeft, want ze kan gerust op haar eentje haar mannetje staan, dat bewees ze meermaals zowel vocaal als wat uitstraling betreft. Laat het echter duidelijk zijn, de instrumentale aankleding sluit perfect aan op de stem van Iris. Daardoor staat de jongedame niet nodeloos te brullen in de woestijn, de riffs en de drumsalvo klievan dan ook als een botte bijl in ons vege lijf.
Wie hield van de aanpak op ‘Stormsleeper’ zal in deze 'Renaissance Noire' eveneens zijn gading vinden, stellen we vast. Maar vooral horen we, na dit al een paar keer live te hebben vastgesteld, ook op plaat een band die klaar is om de wereld compleet te veroveren. En dat is niet enkel de verdienste van een top frontvrouw als Iris. Maar dankzij een band waarbinnen iedereen op verschroeiende wijze de lat hoog legt en blijft leggen. Topplaat van een band die al ruimschoots 15 jaar evolueert en blijft evolueren in zijn kunnen.

The Hourglass Instinct

Switchblade Confession

Geschreven door

The Hourglass Instinct zijn Belgen. Waarom zeggen we dat? Dat lees je verder in deze recensie. De band uit Genk ontstond in 2012 en bracht ondertussen een EP en debuutalbum uit: 'Road to Woodstock'. Ondertussen heeft de band een lange weg afgelegd en is nu klaar voor een grote sprong voorwaarts. Met 'Switchblade Confession' , hun laatste bluesrockpareltje, is dat een kwestie van tijd.
“Milionaire High” is zo een aanstekelijk pareltje van een openingsong die lekker binnenglijdt en aan je ribben blijft kleven. Dit door de verdovende riffs en baslijnen die de haren op je armen doen rechtkomen. Een heel herkenbaar stemgeluid, met een al even aanstekelijke vocale aankleding maakt het plaatje compleet. Op hun vi.be-pagina wordt de band vergeleken met Cream. Dat is zeker niet te ver gezocht. Luister maar naar een lekker up tempo song als “Kiss The Sky” of het toegankelijke en op de dansspieren werkende “Redwood Woman”, een song die je trouwens prompt uit volle borst meebrult. Deze band soleert op zodanig hoog niveau dat ze klinken alsof ze uit de bakermat van het bluesrockgebeuren komen, maar toch zijn dit dus gewoonweg Belgen. En daar mogen we best trots op zijn, want deze band speelt op een zondanig eenzaam hoog niveau dat de kippenvelmomenten elkaar in ijltempo opvolgen. Je kunt nergens een speld tussen krijgen. Luister maar naar de daarop volgende songs “Gasoline Man”, “We Are The Wolves” en “High Heel Streaker” en voel de adrenaline door je aders stromen. Indrukwekkend hoe deze band ons niet gewoon murw slaat, maar compleet omver blaast door middel van dit pareltje van een bluesrockplaat. En dit vanaf de eerste tot de laatste seconde. ‘The Hourglass Instinct will rock your socks off with their variation of bluesrock, moody blues and straight up in your face rock ‘n roll!' staat te lezen op hun facebook-pagina. Soms redelijk ingetogen, zoals op “We Are The Wolves” waar de band klinkt als een bluesrockband in een rokerige pub ergens in Texas of zo. Prachtig. Dan weer het tempo opdrijven tot een climax. The Hourglass Instinct blijft die begane wegen trouwens verder bewandelen tot het eindpunt “Napalm (On My Breath)” waar de registers weer eens compleet wordt opengetrokken.
Als je houdt van blues rock waarbij grenzen worden verlegd en adrenalinestoten worden gecombineerd met kippenvelmomenten … en …als je houdt van aanstekelijke gitaarriffs, drumgeluiden als trommelgeroffel en vocale inbreng die de haren op je armen doen rechtkomen van innerlijk genot, dan is The Hourglass Instinct zeker jouw ding. Dat bewees deze band al eerder, maar op deze tweede schijf wordt dat nog eens compleet in de verf gezet.
'Switchblade Confession' is een aantrekkelijke bluesrockplaat die van begin tot einde aan je ribben kleeft. Eentje die je niet meer los laat, eens je eraan bent begonnen. Neem het van ons aan.
Deze plaat en band zijn niet alleen absolute top binnen het bluesrockgenre, ze zijn van het soort dat je zeer weinig tegen komt, en bovendien is het schijfje zeer verslavend, je krijgt er maar niet genoeg van. Een band en schijf om te koesteren als bluesrockfan om bovenstaande reden!

The Monotrol Kid

Exhale

Geschreven door

Op een vrij frisse zaterdagavond in november besloten we op een paar honderd meter van de deur eens een kijkje te gaan nemen naar de americanaband rond Erik Van Den Broeck, The Monotrol Kid.
En deden prompt één van de ontdekkingen van het jaar, net op tijd om in de eindejaarslijstjes terecht te komen.

Het volledige verslag van dit optreden  kunt u hier nog eens nalezen: http://www.musiczine.net/nl/concertreviews/item/76454-the-monotrol-kid-aanstekelijke-refreinen-gedrenkt-in-een-badje-boordevol-melancholie.html
De band timmert sinds 2008-2009 aan de weg, ook al was het debuut in 2011 eerder een solo-uitstap van Erik. Met 'Exhale' zet The Monotrol Kid een grote stap voorwaarts naar nationale tot internationale erkenning.
De band wordt in menig recensie in één adem genoemd met bijvoorbeeld Wilco. Dat is zeker niet vergezocht, integendeel. Maar vooral beschikt The Monotrol Kid over een eigen smoel. Vanaf die eerste song “The Northside” voel je al een klik in je hoofd, waardoor je hart prompt wordt geraakt met een eerste vuurpijl. Er zullen er meerdere volgen, want The Monotrol Kid is zo een band die op meeslepende wijze voortdurend die gevoelige snaar raakt, maar ook ons rock hart sneller doet slaan. Luister maar naar een intiem en wondermooie “Gold After Dark” en je hoort een beetje Bob Dylan boven komen drijven, die met snikkende stem, gerugsteund door een verdovend klankenbord, je gemoed tot rust brengt maar ook een spiegel voorhoudt. Knap gedaan.  Dat The Monotrol Kid op hemels hoog niveau songs naar voor brengt, bewezen ze eveneens in Café Bonaparte in Lokeren. 'The Monotrol Kid is een band die een zeer ruim publiek aan alternatieve rock fans over de streep zou moeten trekken, door een melancholische aankleding perfect te verbinden aan aanstekelijke rock en folk muziek” schreven we daarover.
In Café Bonaparte zagen we dus in elk geval een band die beide aspecten zodanig perfect verbindt, dat je enerzijds met een krop in de keel een traantje wegpinkt en later lekker headbangende de neiging voelt opborrelen om compleet uit de bol te gaan. En datzelfde gevoel krijgen we ook als we naar deze knappe schijf zitten te luisteren. Luister maar naar het lekker opzwepende “Throwing Stones” waar die folkelementen als een oorwurm je compleet inpakken en doen headbangen in de huiskamer.  Ook hier is de geest van Dylan en Wilco niet veraf. Maar we blijven benadrukken dat The Monotrol Kid een band is die een eigen smoel heeft gekweekt door de jaren heen, en met deze plaat meerdere stappen voorwaarts zet naar eeuwige roem. Wat ons betreft zelfs eerder gisteren dan morgen. Songs als “Good Enough” - mijn persoonlijke favoriet op deze schijf trouwens - en “It'll Be Alright” zijn omgeven door een zweem van melancholie en weemoedigheid, die je een krop in de keel bezorgen. Dat is niet alleen de verdienste van Erik zijn bijzonder warme stem. De muzikanten vullen die zodanig perfect aan, dat je wordt meegevoerd naar het verhaal dat wordt verteld. Een traan wegpinken, of lekker uit de bol gaan het is er dus allemaal bij op deze plaat gedrenkt in een bad van diversiteiten.
Die verscheidenheid in kunnen zou je ook als aanhoorder moeten aansporen om deze band te koesteren en plaat dus prompt aan te kopen. Want dichter dan bij het soort americana en indiefolk van eenzaam hoog niveau ga je met The Monotrol Kid niet komen. Dat bewees de band op een adembenemend mooie avond in november, dat doen ze ook op deze bijzonder veelkleurige schijf 'Exhale' fijntjes over.  Eentje om onder elke kerstboom te laten terecht komen, omdat het kan en omdat het moet.

Muddler

Muddler - Is het rock-'n-roll om tot de late uurtjes repeteren en op te treden in obscure clubs? Om de dag daarna je kinderen te knuffelen, hen naar school te brengen en in het dagelijkse leven te stappen? We denken van wel …

Geschreven door

Muddler - Is het rock-'n-roll om tot de late uurtjes repeteren en op te treden in obscure clubs? Om de dag daarna je kinderen te knuffelen, hen naar school te brengen en in het dagelijkse leven te stappen? We denken van wel …

Een unieke parel vinden tussen het overaanbod aan bands. Het is als zoeken naar een speld in een hooiberg. Echter, soms kom je toch heel uitzonderlijke artiesten nodig. Die de extra aandacht verdienen. We stellen u voor - Muddler. Zij combineren alternatieve rock met post hardcore, maar daar houdt het niet mee op. Zo zijn de teksten in het Nederlands, en verkent de band verschillende andere wegen binnen het post hardcore en Alternatieve rock. 'Snøck Epos' kwam eind november 2016 op de markt, en is inderdaad zo een unieke parel geworden die dus niet elke dag tegen komen. Ondertussen heeft de band niet stil gezeten. Ook dit jaar liet Muddler weer van zich horen met 'Niets leeft zonder wonden'. We besteden daar de nodige aandacht aan: ''Alles gaat voorbij, behalve het verleden. Dat blijft plakken tegen de binnenkant''. Net dat leren omgaan met je verleden, het een plaats proberen geven en kijken naar de toekomst is de rode draad in ieders leven. Het wordt op deze 'Niets leeft zonder wonden' zodanig intens naar voor gebracht. Dat het niet alleen om het leven van de tekstschrijver gaat, maar ook uw leven. En dat maakt van deze plaat een bijzondere parel die inderdaad aan de binnenkant blijft kleven. Omdat het ook U als luisteraar diep raakt." Schreven we daarover. De volledige recensie kunt u hier nog eens nalezen: http://www.musiczine.net/nl/cd-reviews/item/75873-niets-leeft-zonder-wonden.html .

We vonden het hoog tijd worden om de band eens enkele vragen te stellen. Het werd een gezapig gesprek van meer dan een uur met zanger Fons Vloebergs en bassist Ben Kovalewski  in het gezellige café The Fox in Lokeren.

Sommige mensen omschrijven hun stijl als Nederlandstalige stoner. Sommigen post-whatever-rock …las ik in een biografie, hoe zou je zelf uw muziekstijl omschrijven?
F: Dat is een heel moeilijke vraag. Het is geen metal, het is Nederlandstalig, is het Nederlandstalige rock? Ja, maar dat is zo breed. Het is gewoon zeer moeilijk om een genre te kleven op onze muziek. Dat is soms een probleem naar promotors toe, of om op de radio te komen. Daarom gaven we het - omdat onze stijl moeilijk te beschrijven is- de naam Snock; al is deze benaming een uit de hand gelopen grap. Het is een verzinsel van onze gitarist. We vonden het wel goed klinken.
Ik snap die vraag wel. Iedereen wil zaken in vakjes steken. Zo wordt het vatbaar. We hebben ook nooit gezegd of afgesproken welke muziekstijl we gingen spelen. We wilden muziek maken. En dit is hetgeen er dan uit komt. Eerlijk, zonder teveel franjes.


B: Ik geef ons graag de beschrijving 'Muziek voor verdwaalde kinderen & verloren zielen'.

Waar komt de stijl omschrijving 'Snock' (want zo wordt de stijl een beetje omschreven die jullie spelen) vandaan? En wat betekent het?
F: Eigenlijk is dat een antwoord op de vorige vraag. We dachten als we er toch iets moeten op kleven laten we het gewoon Snock noemen dan.

Fons, waarom gaat een mens op uw leeftijd nog eens skateboarden? en hoe gaat het met het revalideren (ik doe ook soms zotte dinges waarvan mijn lichaam naderhand zegt ''doe dit nooit meer!" )
F: Ik heb vroeger wel een beetje geskateboard, en ja kinderen, hé. Het lukte me best eigenlijk.... Tot die ene keer... Ik ben ondertussen geopereerd en nu moet ik nog revalideren. Ik heb er geen spijt van, het was leuk. Maarja..

Het feit dat jullie in het Nederlands zingen spreekt me wel aan, het is ook niet meer 'een schande' zoals veel jaren geleden. Maar toch, waarom in het Nederlands?
F: In het Nederlands kan ik me het best uitdrukken. Eerst zong ik in het Engels. Bepaalde nuances en bepaalde beelden kon ik niet goed weergeven. Bovendien creëert dat Engels voor mij meteen een afstand. Ik wil dichter op het vel zitten van diegene die naar Muddler luistert. Ik wilde ook verstaanbaar zijn, vandaar het AN. Mensen spoorden ons wel is aan om in het dialect te gaan zingen, ‘want da’s cooler en meer underground....’ Dat voelt voor mij niet naturel. En als er iets is wat ik wil met MUDDLER, dan is het eerlijkheid!


B: teksten in de moedertaal ‘komen harder binnen’. Zelfs bij mij. Je begrijpt ieder woord, je hoeft je niet af te vragen waarover de schrijver het heeft. Het voelt ook zeer naturel aan om in onze moedertaal te schrijven, geen vreemd gevoel.

Voelen jullie ook een verwantschap met kleinkunst? of is dat ver gezocht. Bij welke artiest of groep leunen jullie het dichtst aan eigenlijk? Een Nederlandstalige rock band die aan een opmars bezig is, is BEUK. In hoeverre voelen jullie zich verwant tot bands als deze laatste?
F: Met alle respect voor kleinkunst, we zijn er eigenlijk niet verwant mee. Eerder de rock dan? BEUK is wel eerder strak recht-toe-recht-aan en gaan; 1-2-3 knallen. Wij zitten ook een beetje in het donkerdere genre. Misschien een beetje Arbeid Adelt? We lazen ergens 'Gorki met Ballen’ of een verwijzing naar Aroma di Amore. Allemaal leuk om te horen, maar het is moeilijk te omschrijven. 

B: We zitten ergens tussen verschillende stijlen in. Een gezonde mengeling van wat elk bandlid graag hoort.

Moesten jullie met een artiest kunnen samenwerken, wie geniet je voorkeur?
B: Als er een artiest is waar ik zelf eens zou willen mee samen werken, zonder onrealistisch te dromen: Elvis Peeters. Zijn teksten en expressie spreken me enorm aan. Ook het soms absurde in zijn teksten. Zijn zangcadans zou perfect op sommige van onze nummers passen. Ik ben ontzettende fan van De Legende, al lijken ze veel minder gekend te zijn dan Aroma di Amore. Helaas heb ik ze enkele jaren te laat leren kennen, waardoor ik ze nooit aan het werk heb kunnen zien. Als ik mag dromen: Nine Inch Nails! Topplaten gemaakt en telkens wanneer ik ze live zie is het een 10/10. De gave om enerzijds knalharde nummers te maken en anderzijds prachtige, rustige pianopartijen te spelen. Pure klasse. 


F: Een band waar ik naar opkijk is Amerna. Zeer donker en duister, wel veel zwaarder dan wat wij doen. Zeer intensief. Daarmee kunnen samenwerken, ook dat zou bijzonder interessant zijn. Wat zij maken is pure zwarte poëzie.
Ik ben ook wel fan van wat Frank Van der Linden doet met De Mens. Vooral tekstueel dan. En Mario Goossens is ook iemand die altijd wel mag aankloppen. De overgave waarmee hij zich smijt is besmettelijk!

Het laatste album 'Niets leeft zonder wonden' is zeer confronterend. Gaat het over persoonlijke zaken, bij mij hij heeft het een zeer persoonlijke snaar geraakt
F: Het gaat zeker om persoonlijke zaken, toen ik de songs schreef ging ik door een moeilijke periode. Dat ligt nu wel achter mij, maar ja, sommige songs zijn wel een beeld van een periode. Ik heb het in een vorm gegoten die misschien vragen oproept.... Ik wilde vooral beelden en sfeer creëren. Ik vind wel dat dat goed gelukt is.

Het deed me vooral confronteren met mijn eigen moeilijke periode, dat viel me het meest op
F: Het is altijd fijn te horen als iemand echt geraakt wordt door die teksten, tenslotte schrijf je uw emoties van je af. Maar je hoopt daar dus ook anderen mee te raken. Ik heb een voordeel dat ik zeer positief in het leven sta, dat heeft me door die moeilijke periode getrokken eigenlijk. Hoe meer je de duisternis van jou kunt afschrijven, hoe dichter je bij het licht komt feitelijk. Als je door dat te kunnen zien op of naast het podium, daar dus iemand mee raakt is mijn missie geslaagd.

Omgaan met twijfels is eveneens een rode draad. Hoe gaa
t Muddler om met twijfels?
B: Doorzetten. Blijven gaan, blijven schrijven. Ik weet dat we geen voor de handliggende stijl spelen, maar dit mag geen reden zijn om te twijfelen aan je kwaliteit.

Hoe waren de algemene reacties tot nu toe?
F: De reacties waren eigenlijk zeer positief, slechte reacties bijna niet. Zowel de online pers als de fans reageerden goed.
B: Met één uitzondering. Een Nederlands radiostation beschreef onze muziek als "Marco Borsato op een schuurfeest. Het slechtste ooit", of zoiets. Al zie ik geen directe link tussen ons en Borsato, buiten de taal. Haha. Ieder zijn opinie natuurlijk!

Op Facebook las ik iets over K3 en reageerde daarop '' er zit meer rock'n'roll in K3 dan je denkt'' wat is jullie mening daarover? Wat is volgens jullie de definitie van echte rock-'n-roll?
F: K3 zou ik niet echt rock-'n-roll noemen. Maar als we het over de definitie van rock-'n-roll hebben is dat eigenlijk zeer breed. Is het rock-'n-roll om tot de late uurtjes repeteren en op te treden in obscure clubs? Om de dag daarna je kinderen te knuffelen, hen naar school te brengen en in het dagelijkse leven te stappen? We denken van wel. Het is eigenlijk hoe je dat zelf invult. Is het meer rock-'n-roll om dat niet te doen, en de clubs tot stukken in de nacht af te schuimen. Voor mij op dit moment in mijn leven niet. Dat vat het eigenlijk een beetje samen. Om nog een voorbeeld te geven: ooit naar een optreden geweest van AmenRa en naast mij stond de typische metalman tot in zijn gezicht getatoeëerd, en daarnaast iemand in een maatpak, net van zijn werk gekomen waarschijnlijk. Om maar te zeggen, het is niet de aankleding die de ene meer rock-'n-roll maakt dan de andere. Die mensen waren daar voor hetzelfde. En dat is wat echt telt, volgens mij.

Als je kijkt naar de jaren dat jullie bezig zijn, wat waren de diepte- en hoogtepunten?
F: In het begin was het even zoeken, maar eigenlijk hebben we een vat boordevol hoogtepunten, en we hopen dat zo te kunnen houden.
B: De release van ons album vind ik tot hiertoe het leukste hoogtepunt. De show zelf, de reacties van de fans achteraf. De besprekingen van het album, ... Eindelijk aan de mensen laten zien wat we waard zijn na ons eerste EPtje.

Hoe staan jullie tegenover spotify en sociale media? Met andere woorden hoe belangrijk is sociale media? En hoe ga je ermee om als band?
B: Gemengde gevoelens. Helaas kun je niet zonder Sociale media. Ik zeg 'helaas' omdat er vroeger veel meer mystiek en charme rond een band kon hangen. Je zat, als fan, op hun forums. Je praatte met andere fans over songs, artiesten en optredens. Wie waren de mensen achter de artiesten? Je had er het raden naar. Nu openen we Facebook ,en zien we wat ze als ontbijt aten. Ik denk dat je vroeger vanuit de underground kon opklimmen, terwijl je nu meer kans maakt wanneer je goeie (lees: betaalde) promotiecampagnes start, welke kwaliteit muziek je ook biedt. Zelf ben ik wel fan van Spotify. Een album kopen van een onbekende band, doe ik zelden. Op Spotify leer ik wekelijks nieuwe artiesten kennen. Wanneer ze echt de moeite zijn, ga ik ze live bekijken of koop ik een plaat. Dankzij beide kanalen leren mensen u kennen, komen ze naar uw optredens. Ze kopen een plaat. Dat is de charme van beide, dat het deuren opent of zou kunnen openen.

Wat zijn de verdere toekomstplannen van Muddler?
B:  In februari spelen we voor het eerst in Nederland (Gebouw-T).(Meer informatie: https://www.facebook.com/muddler.be/ ) Ik kijk hier ontzettend naar uit: lijkt me een prachtzaal!
Normaal hadden we tijdens deze maand ook een wereldbekend nummer willen vertalen en coveren. Helaas was iemand ons voor bij De Warmste Week. Haha, hoe is het mogelijk!? Desondanks kruipen we toch terug de studio in dit voorjaar voor een surprise.
F: Mijn persoonlijk toekomstplan is om eerst wat te revalideren. Maar ik weet dat het snel terug zal kriebelen. Dus met veel goesting kruip ik graag zo snel mogelijk terug het podium op.

Is er ook iets als een einddoel, iets dat jullie absoluut willen bereiken?
F: Verder blijven evolueren zoals we bezig zijn. Kunnen optreden, in binnen- en buitenland. En er vooral plezier in blijven beleven, zoals we nu doen. Het creatieve aspect is voor mij ook heel belangrijk. Kortom de natuurlijke flow waarop we nu zitten voelt goed.
B: Voor mij is het niet essentieel om elke week een optreden te spelen. Er zijn bands die tweemaal per jaar optreden, maar wel voor een vaste fanbase die van her en der uitrukt om hún band te zien. Dat lijkt mij veel bevredigender dan een band te zijn met 1000 shows op hun palmares. Een eigen Muddler-cult, klinkt nog goed ook.

Bedankt voor dit bijzonder fijne gesprek, en veel succes in het komende jaar en de jaren die daarop volgen

Jeroen Swinnen & David Martijn

De Twaalf

Geschreven door

'De Twaalf' is de soundtrack van fictiereeks 'De Twaalf' op Één. De muziek voor deze Soundtrack werd gecomponeerd door Jeroen Swinnen & David Martijn van Goose. De serie is een hedendaagse karakterreeks over een volksjury in een assisenproces. Naast de belichting van de zaak rond de schuld of onschuld van schooldirectrice Frie Palmers, gaat het eigenlijk ook om het proces van de twaalf juryleden zelf. Het zorgt voor een meeslepende benadering van het gegeven assisen en hoe een volksjury tewerk gaat. Maar ook belicht de serie het persoonlijke leven van elk van hen. Dit zorgt ervoor dat dit een heel unieke serie is geworden, en helemaal anders dan een doorsnee advocaten serie.
Om dit ook muzikaal naar voor te brengen, zet het duo Jeroen Swinnen en David Martijn alles in het werk om de spanning op te drijven of de luisteraar te laten mijmeren in stilte. Zoveel emoties verpakt in zoveel korte songs zorgen voor een visuele totaalbeleving die sterk aansluit bij de serie zelf. Of het nu gaat om een onbehagelijk gevoel dat u overvalt bij “Last Words” of eerder een lichtjes dreigende ondertoon bij “A Body In The Water”, telkens sluit de muziek perfect aan bij het thema. Angst, vertwijfeling, verdriet, vreugde en pijnlijke situaties gaan hand in hand en dat wordt muzikaal door het duo perfect gebracht. Eigenlijk is er trouwens niet één song uit deze catalogus die eruit springt, maar is het de volledige verpakking die ons over de streep trekt. Het combineren van al die bovenstaande aspecten loopt als een rode draad verder op de daarop volgende songs als “Everyone Sleeps At Night”, “I Love You Hundred Times More” en “Yours Or Mine”, weer zo een intensief mooi huzarenstukje waarbij dit duo jouw innerlijke emoties op een warme en intieme wijze bespeelt.
In een duurtijd van circa achtenveertig minuten slagen Jeroen Swinnen en David Martijn erin de essentie van de serie uit de doeken te doen en de muziek zodanig tastbaar te doen klinken alsof je zelf in die verhalenlijn terecht bent gekomen. Beluister deze schijf dan ook het best in zijn geheel, want elk puzzelstukje sluit perfect aan op het volgende. Elke schakel binnen deze schijf is even belangrijk. Om een magisch mooi geheel te vormen waardoor beeld en klank zodanig perfect met elkaar worden verbonden, dat de songs niet alleen op het scherm tot leven komen maar ook in uw hoofd als je de ogen sluit en je bewust laat meedrijven in de kleurrijke wereld, boordevol uiteenlopende emoties, die dit duo je aanbiedt op deze wonderbaarlijke mooie soundtrack.

The Junction (Italy)

Dive

Geschreven door

The Junction is een Italiaanse indierockband die niet aan zijn proefstuk toe is. De band bracht al twee parels van indierockplaten uit. 'Let Me Out' was in 2012 een schot in de roos en met 'Hardcore Summer Hits' drukte de band verder zijn stempel op het indierockgebeuren. Na enkele personeelswissels is het nu tijd voor de derde schijf, 'Dive' waaruit blijkt dat we te maken hebben met een indierockband die op het scherp van de snee staat te soleren en op een zeer energieke wijze tekeer gaat. Hierop stilzitten is onmogelijk.
Vanaf “Die Alright” worden de teugels gevierd en alle registers compleet opengetrokken. Als een wervelwind gaat de band tekeer en de band blijft dat verschroeiende tempo volhouden tot het bittere einde van deze plaat. Met “Dive”, “Try Something New” en “Crazy” haalt The Junction alles uit de kast om ons rockhart sneller te doen slaan. De bijzonder aanstekelijke songs blijven bovendien lekker aan je ribben kleven en zorgen voor meerdere adrenalinestoten. Deze band brengt subtiel echter ook streepjes melancholie in hun songs. Luister maar naar “Bombay Movie”, niet echt een rustpunt maar de melancholische kant van de band komt hier wel bovendrijven, althans in het begin van de songs. Want eens de percussie en gitaarlijnen tot een hoogtepunt worden gedreven, is er geen houden meer aan. De band blijft die energieke paden verder bewandelen op de daarop volgende songs. Luister maar naar een op een verschroeiend snel tempo gebracht “Niki Louder” of “Lost In The Middle East” en prompt ga je over tot omverstampen van heilige huisjes.
The Junction bezorgt je de ene na de andere adrenalinestoot, waardoor je rockhart sneller gaat slaan. Hierop stilzitten is zo goed als onmogelijk. Alle registers worden van begin tot einde compleet opengetrokken. De Italiaanse wervelstorm die opsteekt bij de eerste song op 'Dive' blijft aanhouden tot het einde van deze plaat. Er is weinig plaats om tot rust te komen, en bovendien werkt de energieke aanpak zeer aanstekelijk op je dansspieren. Wat ervoor zorgt dat we alle meubels opzij zetten en stevig headbangend de huiskamer onveilig maken. Dat deze band de daken er op deze wijze zal laten afgaan eens ze een podium betreden, daarover bestaat dankzij deze bijzonder verschroeiende aanpak, dan ook niet de minste twijfel.

Petosaure

Le Musc

Geschreven door

Petosaure is een veelzijdige Franse componist, zanger en muzikant die het Franse chanson verbindt met elektronische muziek en daar invloeden uit rock en metal aan toevoegt. De man timmert sinds 2016 noest aan de weg. Dit resulteerde in enkele geslaagde meesterwerken. Petosaure bracht nu een nieuwe schijf uit 'Le Musc', waaruit zijn veelzijdigheid nog maar eens blijkt.
Wat de titel van het album betreft citeren we even de biografie: ''De Musc vertelt het verhaal van een man die gelooft dat hij de liefde voor altijd heeft verloren. Hij schrijft gedichten in de lucht, in de hoop dat ze de oren bereiken van degene die van hem hield."
Het theatrale, de emoties, de pijn en de vertwijfeling komen al boven bij de eerste song “Mort Sûre”. Hieruit blijkt trouwens al dat Petosaure een artiest is waarop je geen label kunt kleven, gelukkig maar. Streepjes Franse chanson worden verbonden met rock en elektronica alsof dat de normaalste zaak van de wereld is. “Vampyre” is dan weer een song waar de mysterieuze wereld van vampiers uit de doeken wordt gedaan, het doet wat denken aan de figuren uit Bram Stroker's ‘Dracula’, diezelfde sfeer als in die film vinden we in elk geval terug in deze song. En bij voorkeur ook op de volledige EP, stellen we later vast. Die duistere sensualiteit, ook zo eigen aan bovenstaande film, vind je namelijk ook terug bij “Don Quixote “ en “Kielbassah”. Dit door de mysterieuze walmen rondom elk van de songs en een warme stem die je wegvoert naar een fantasiewereld, waar diezelfde mystieke wezens leven en overleven, in de duisternis wel te verstaan. Zonder te slaan, klinkt Petosaure over de gehele lijn dreigend genoeg om je in het angstzweet te doen baden. De hypnotiserende inwerking van zowel de stem als de muziek, doen je gewillig wegdrijven naar zijn bijzonder donkere wereld. Dat is meteen de grote sterkte van deze EP, en dat wordt verder in de verf gezet op de daarop volgende songs: “Kielbassah” en “Les Catacombes”.
De gehele EP 'La Muse' straalt het soort donker en ongrijpbaar uit, dat je letterlijk bij de keel grijpt. Petosaure biedt bovendien een bont allegaartje van muziekstijlen aan, van jazz naar rock over Franse chanson tot elektronische muziek, maar voegt daar vooral iets filmisch tot mysterieus aan toe, waardoor je in donkere gedachten je laat meevoeren naar het kasteel van een grootmeester die pijn, smart en liefde bezingt op een bijzonder emotionele wijze. Dat zorgt ervoor dat deze EP een unieke parel van een schijf is geworden om te koesteren als je houdt van artiesten die buiten de lijntjes kleuren, en vooral is deze EP een must have voor film en muziekliefhebbers die houden van muziek die je fantasie prikkelt. Bij voorkeur ook de fans van Bram Stroker's Dracula zullen zichzelf hier zeker in herkennen.

Dance/Elektro
Le Musc
Petosaure

Tricycle

Zoom

Geschreven door

Tricycle is het project rond accordeonist Tuur Florzoons. De band werd in1999 opgericht naar aanleiding van een circusvoorstelling in Duitsland en was dus eigenlijk bedoeld als een eenmalige muzikale begeleiding daarvan. Samen met altsaxofoon- en basfluit-virtuoos Philippe Laloy en contrabastovenaar Vincent Noiret werd echter een mooi vervolg daaraan gebreid in de vorm van platen als 'Orange For Tea' (2004), 'King Size’ (2008) en ‘Queskia?’ (2011). Met hun vierde plaat 'Zoom' viert de band zijn twintigste verjaardag op een zeer filmische wijze, die bovendien alle kanten uitgaat.
Net door voortdurend schipperen tussen folkse sferen, en jazz klanken waarbij improviseren tot het oneindige, de rode draad vormt blijf je geboeid zitten luisteren naar het visueel aanvoelend klankentapijt dat de band uitspreidt.  De feestelijke stemming die we heel subtiel opmerken bij songs als “But Bout Bought A Boat” of “Oakland” wordt mooi gecombineerd met songs in een eerder intieme atmosfeer, met een experimentele tongval die gelukkig niet al te zwaar op de maag ligt. Zoals bij “Zoom”, een lekker lang huzarenstukje, het geval is. De muzikanten binnen deze band zijn uiteraard geen groentjes, en bespelen hun instrumenten niet gewoon. Ze zijn er mee vergroeid, alsof dat instrument een onderdeel van hun lichaam en geest is geworden. Dat zorgt voor een onaards virtuositeit, die gelukkig de spontaniteit niet in de weg staat.
Het mooiste aan 'Zoom' is dat je drie muzikanten hoort die na al die jaren nog steeds enorm veel spelplezier uitstralen en elkaar perfect aanvullen. Is dat in een lekker uptemposong, zoals ook bij voornoemde song naar boven komt drijven. Of eerder die gevoelige snaar raken. Het blijkt meermaals dat elk van de muzikanten hun gewicht in de strijd werpen om een filmisch geheel te bekomen dat jazz, wereldmuziek en folkmuziek perfect met elkaar verbindt. Dat laatste blijkt nog maar eens uit het bijzonder intieme “Symphony For E.L.”, een song die je een krop in de keel bezorgt. Nog een opvallend punt aan deze schijf. Daar waar jazz, en vooral experimentele jazz, vaak moeilijk te verorberen stukjes vlees zijn voor de globale muziekliefhebber is deze ‘Zoom’ een bijzonder toegankelijk pareltje geworden, waarbij je het dus als liefhebber van voornoemde muziekstijlen niet te ver moet gaan zoeken. Net die eenvoud in aankleding, is eveneens het bewijs wat voor een getalenteerde muzikanten dit trio toch is. Dat wordt ook op de daarop volgende songs als “Happy Sam”, “Still” en afsluiter “Welgezind” uitvoerig bewezen.
Zonder meer is ‘Zoom’ een naslagwerk van twintig jaar improviseren met muziekstijlen die op het eerste gezicht eigenlijk niet in dezelfde verlengde liggen, maar door de hemelse en feestelijke aanpak, komt Tricycle hier zonder problemen mee weg en brengt een parel van een plaat uit die deze stijlen nog maar eens verbindt tot een magisch mooi geheel.

Psy'Aviah

Soul Searching

Geschreven door

Psy'Aviah is het grensverleggende elektronische project rond Yves Schelpe, die met 'Soul Searching' een wederom interessant schijfje uitbrengt, waarbij hij zich bewust laat omringen door artiesten die perfect aansluiten bij de beweegreden van dit nieuwe concept. We citeren de biografie op de bandcamp pagina even: 'Through some 12 brand new songs, Psy’Aviah transports us to the most remote unexplored places of his dreamscapes. A virtual otherworld where we can enter a state of mind allowing us to question our nostalgic or depressive thoughts, our insomniac behavior, our self-centered existence, humanity as a whole… Some kind of meditative trance triggered by pulsating electronic sequences, wrapped by highly melodic synth melodies, augmented by a wide palette of ethnic instruments facilitating the exotic traveling experience and topped by bewitching blissful male and female vocals reinforcing the hypnotic sensation’.
Bij opener “Becoming Human” , met de inbreng van niemand anders dan Dr. Dirk De Wachter, wiens stem schippert tussen die van Mark Lanegan en Nick Cave, wordt feitelijk de basis gelegd van hoe de volledige schijf in elkaar steekt. O.m. de emotionele inbreng van Mari Kattman bij “Searching” of “Train Of Thought” waar Kyoko Baertsoen haar heldere en breekbare stem je een krop in de keel bezorgt. Of de dansspieren worden op soulvolle wijze aangesproken op “New Times” met Alicia May. Verder het pakkende, bevreemdend aanvoelende “Dream Fever” met de sprookjesachtige stem van Saydi Driggers, die zo onaards mooi aanvoelt. Telkens worden we zowel instrumentaal als vocaal gewoon omver geblazen. Meer hoogtepunten volgen elkaar op. Er komt gewoon geen einde aan.
En feitelijk is elke song op deze plaat even belangrijk, en even wondermooi gebracht.  De rode draad op 'Soul Searching'  is dan ook het feit dat Psy'Aviah op zoek gaat naar de diepste zielsroersels van zichzelf, maar ook van ieder van ons. Dat kan er somber aan toe gaan, of op een bedje van weemoed. Telkens weet Psy'Aviah naar goede gewoonte een verhaal te vertellen over jou en mijn leven, binnen een elektronisch huzarenstuk dat emotioneel je doet wegzweven, maar je vaak ook doet dansen tot de vroege uurtjes. Want vooral is dit weer een bijzonder kleurrijke dansplaat geworden, waar buiten de lijntjes wordt gekleurd. Er valt naar goede gewoonte ook nergens een speld tussen te  krijgen, en de pareltjes volgen elkaar in een ijltempo op zodat we nergens een minpunt bespeuren.
Ook het fijne pakket remixen, die weer een andere zijde laten zien van Psy'Aviah zijn innerlijke zielsroersels, en worden omgeven door een vocale inbreng die je diep raakt.
Het lijkt wel alsof Yves een glazen bol heeft om de juiste talenten toe te voegen aan zijn songs, en zo ook in onze ziel te kijken naar pijn, vreugde en verdriet. Zoveel emoties samen gepakt in achtentwintig elektronische parels van songs, die je verdoven en confronteren met uw eigen nietigheid in deze soms harde wereld.
Yves is een gevoelsmens, altijd geweest. Het verwondert ons dat hij telkens weer iets nieuws toevoegt aan al die ellenlange meesterwerken, er staat geen einde op zijn inspiratie. Kijkend naar de wereld rondom hem en u, is dat ook niet zo uitzonderlijk. Maar weinig artiesten en muzikanten slagen er dus in om dat gevoel perfect over te brengen, en net die snaar keer op keer daar te raken waardoor je als aanhoorder wordt meegezogen in zijn en jouw verhaal. Klasse komt altijd boven drijven, en als Psy'Aviah iets aanraakt , verandert het altijd in goud. Dat bewijst hij op dit bijzonder fijn elektronisch meesterwerk weer uitvoerig.

Dance/Elektro
Soul Searching
Psy'Aviah

Wooden Soldiers

Wooden Soldiers

Geschreven door

Bands moeten iets hebben waardoor ze opvallen om zich te onderscheiden van de grote massa. Dat kan een element in hun muziek zijn, hun samenstelling, hun uitzicht etc… Bij Wooden Soldiers is dat in elk geval het geval. Ze maken dreamfolk, wat op zich nu niet zo speciaal is, maar vallen vooral op door hun driestemmige zang. Verder zijn ze maar liefst met zes leden en maken ze, naast de gewone instrumenten, ook graag gebruik van een indiaans harmonium, ukelele en viool. Na twee EP’s is er nu een full album dat ontstond na de relatiebreuk tussen de twee oprichters van de band. Voila dat was dan het informatieve gedeelte van de review. Wat met de plaat zelf?
Een intro en twaalf songs omvat hun debuut. “You Know” begint met een huilende viool à la “Suds and Soda” van dEUS. Daarna krijgen we een warme, volwassen klinkende song te horen. Ik hoor veel folk elementen. Toch klinkt het geheel modern en fris. Het ligt wat tussen Fleetwood Mac enerzijds en Americana anderzijds. Op “My Name” is de viool minder aanwezig en dat heeft het nummer een andere vibe. Het nummer is iets qua sfeer en stijl dat ligt tussen Fogerty en Los Lobos. Een heel mooie song dat onder mijn huid kruipt. “Crazy Town” klinkt meteen folk vanwege de ukelele. Het neigt ook wat naar country. “The Joker” is echte folk met zijn gitaar, ritme en meerstemmige zang. Echte folk liefhebbers gaan dit puurder vinden denk ik. Persoonlijk vind ik hen geslaagder wanneer ze er wat meer afstand van doen en andere elementen in verwerken. Maar dat is mijn persoonlijke smaak. Ook “City Lights” is meer dan de moeite waard. De vocals zijn meer dan geslaagd. Muzikaal zit ook alles goed. Een warme en gevoelige song.
Ze schreven voor het eerst de nummers met de ganse band samen. Het resultaat blijkt voor herhaling vatbaar. We horen hier goedgemaakte verhalende liedjes. Ze musiceren hier op hoog niveau. Het is folk maar het is niet van die duffe folk waarbij je aan hippies en geitenwollen sokken moet denken. Een debuut om u tegen te zeggen.

Growing Horns

Growing Horns - Kerstfeestje binnen een intensief doom sfeertje

Geschreven door


Het is een traditie aan het worden tijdens de kersperiode. Terwijl veel mensen de gezelligheid opzoeken van een kerstmarkt - nee geen wintermarkt - vertoeven wij rond die periode wel ergens op een doom of ander donkere muziek gericht gebeuren. Dat is anno 2019 niet anders, want tradities zijn er nu eenmaal om in ere te worden gehouden. Op een zachte zaterdagavond 21 december zakken we naar het altijd super gezellige café ELPEE in Deinze waar Growing Horns zijn debuut EP 'The Nobility of Pain' kwam voorstellen en zorgde voor het bordje 'sold Out'. Ze namen een ander doom/sludge klepper mee in hun kielzog: Welcome To Holyland.

Welcome To Holyland (****) groeide dit jaar uit tot één van dé ontdekkingen van het jaar. Reeds in februari werden we met verstomming geslagen toen we de band zagen optreden op het festival Doomsday in Zwevegem. "Wie zich echter gewillig liet meeslepen door dat verdovend klankenbord, vertoefde voor een kleine drie kwartier in een heel andere wereld. Omgeven door zijn eigen demonen, zonder dat je pijn voelt, maar wel een zekere gemoedsrust over jou voelt neerdalen, binnen diezelfde duistere omkadering. Dat alles diezelfde lijn uitgaat, en de band niet echt doet aan bindteksten, stoort daardoor allerminst." schreven we daarover. Ze deden dat kunstje later nog eens over op het festival Stormram.  In ELPEE moest Welcome To Holyland vooral zorgen dat die duisternis zou neerdalen over Deinze zodat Growing Horns de poorten van de Hel gemakkelijk zou kunnen doen openzwaaien. Iets waarin de heren trouwens met brio slagen. De band brengt een quasi instrumentale set, waar vooral 'intensief tot het kwadraat' de rode draad vormt. Hoewel de vaak demonische screams van Wim letterlijk door merg en been gaan, is het dan ook die voortdurende mokerslag in het gezicht die je krijgt, in de vorm van gitaarlijnen die door je vege lijf snijden als een bot mes en drumsalvo's als kanonskogels, dat je uiteindelijk compleet van de kaart doet achterblijven in de hoek van de kamer. Als klap op de vuurpijl sprak Wim zijn publiek deze keer wel iets meer aan, dat zorgt voor een extra pluim op de hoed. Ook al draait het bij Welcome To Holyland dus vooral om de muziek, en hoe je die als aanhoorder letterlijk beleeft.
Besluit: Welcome To Holyland is een doom/sludge band die grenzen verlegt binnen diezelfde intensiviteit zodat je, willen of niet, wordt meegesleurd naar die donkerste zijde van je ziel. Waar het wonderwel fijn vertoeven is. Dit stelden we dus al enkele keren vast in 2019. Dat werd in ELPEE wederom in de dikke zwarte verf gezet.

Growing Horns (****) deed eigenlijk een goede zet door eerst enkele jaren op tournee te gaan, en dan pas een debuut uit te brengen. Daardoor vorm je bewust een zeer sterke fan base die uiteraard aanwezig was op deze EP voorstelling. Geen wonder dat ELPEE op deze zaterdagavond was uitverkocht. We hadden ‘The Nobility of Pain' al onder de loep genomen en stelden vast dat, in tegenstelling tot wat op het podium het geval was, de muzikanten binnen de band op deze EP meer op de voorgrond treden. Vooral de ritmesessie bleek een schot in de roos, want Growing Horns pint zich bewust niet vast op dat doom/sludge gebeuren - waar niets mis mee is uiteraard - maar boort op deze EP ook andere bronnen aan of kleurt buiten de lijntjes. Live merkten we in het verleden dat frontman Dafus Demon die door zijn uitstraling en verschroeiende vocale inbreng de aandacht compleet naar zich toetrekt op dat podium. Onbewust, want de muzikanten krijgen zeker voldoende ruimte om hun ding te doen. Dat was wat we dus ook vaststelden toen we de band zagen optreden op Headbangers Ball Fest 2018 waarover we schreven: ''Gerugsteund door traag opbouwende riffs en drum salvo's zijn het de grimassen in zijn gezicht die tot de verbeelding spreken. Het lijkt wel alsof bij elke song opnieuw duivelse demonen uit zijn lichaam treden om de ziel van iedere aanhoorder over te nemen'' . Ook in ELPEE wringt Dafus zich in alle bochten, en wordt hij crowdsurfend over de gehele lengte van het café tot de buitendeur en terug naar het podium gedragen, en tovert weer die ene demonische grimas op zijn gezicht na de andere. Ook vocaal drijft hij het tempo zodanig op, met waanzin in de ogen, tot ook de aanhoorder onder hypnose is gebracht en nog maar eens zijn eigen demonen in de ogen kijkt.
Wat er dus vooral is veranderd is dat de muzikanten, net als op die EP, veel meer op de voorgrond treden en de ene striemende riff na de andere mokerslag uitdelen, waardoor de Hel pas echt losbarst. Echter, zeer subtiel, merken we vooral dat de band ook live buiten die comfort zone van het doom/sludge metal gebeuren treedt. Om andere donkere bronnen aan te boren. Daar zijn wij niet treurig om, integendeel. Growing Horns slaat na vele jaren deuren open, en spelen concertzalen plat, dus duidelijk een nieuwe bladzijde, die ons doet uitzien naar meer intensieve duisternis van uitzonderlijk hoog niveau in het nieuwe jaar 2020.
Besluit: Elke schakel binnen Growing Horns is namelijk even belangrijk, en dat laatste wordt voortdurend in de zwarte verf gezet.
Kortom, wie houdt van grensverleggende doom metal, waarbij ook buiten de lijntjes daarvan wordt gekleurd, zal in deze 'The Nobility of Pain' zeker zijn gading vinden. Dat is onze eindconclusie over deze EP.
Echter, ook live blijkt dit meer dan ooit de rode - of zwarte - draad te vormen. Meer dan ooit is Growing Horns een band waarbinnen elke schakel dus zowel op als naast het podium even belangrijk is. Maar vooral dat er dus ook live buiten elk lijntje van doom en sludge metal wordt gekleurd, trok ons het meest over de streep op dit bijzonder fijn kerstfeestje in ELPEE binnen een lekker intensieve doom sfeertje die zelfs in het licht van de kerstsfeer bij het buiten gaan, nog steeds aan je ribben kleeft.
Voor zij die er niet konden bij zijn volgen nog enkele herkansingen. Growing Horns zal het evenement 9 jaar ELPEE, dat doorgaat op 24,25 en 26 april 2020, openen.
Meer informatie: https://www.facebook.com/events/391391231783840/ en speelt ook op Alcatraz Metal Fest komende zomer: https://www.alcatraz.be

Pics homepag @Filip Van der Linden

Organisatie: Growing Horns ism ELPEE, Deinze

Waxy

Betting on Forgetting

Geschreven door

De opener op deze plaat zet je als luisteraar een beetje op het verkeerde been. Je hoort op “Dead and Gone” zang begeleid door een akoestische gitaar. Je zou haast denken dat je hier rustige kampvuur liedjes zal te horen krijgen. Niets is minder waar want op “Never Was Enough” tonen ze hun ware gelaat: Muziek dat gedrenkt is in psychedelische desert rock.
Dit viertal uit Palm Desert, California is al sinds 2005 bezig en met dit album zijn ze aan hun vierde album toe. “Fine!” is een korte song dat wat breekt met de rest. Het is haast crossover en doet wat aan de heel jonge Red Hot Chili Peppers denken. “Two Faced” is een interessante track dat ergens tussen grunge en stoner in zweeft. “There She Goes” begint boeiend in de intro maar het lijkt alsof ze teveel in één song willen steken. Daardoor valt de song wat tussen schip en wal. “Antidote” is dan beter geslaagd. Iets meer rechtdoor en minder verschillende elementen in de song maken hem hier sterker. Naar Waxy normen is dit een kort album met slechts elf nummers op. Afsluiter “Getting Lost, Getting Found” is een sfeervolle ballade geworden. Het haardvuur komt al voor mijn ogen branden. Ze eindigen zoals ze begonnen: rustig. Het rusteloze geweld zit tussen dit begin en einde.
Ik had nog nooit van Waxy gehoord tot ik deze plaat in mijn handen kreeg. Ik hoor goede elementen, enkele degelijke songs maar nergens een uitschieter. Enkele songs zijn duidelijk minder en daar heb je ook het gevoel dat ze wat persoonlijkheid missen. Voor de rest is het aan jullie om te oordelen.

Tien Ton Vuist

Tien Ton Vuist - rock is nog lang niet dood

Geschreven door

Luide gitaarrock zit opnieuw in de lift in Vlaanderen en daar zijn we blij mee. SONS, Equal Idiots en Black Leather Jacket kennen we al. Er bestaan nog meer bands in de Vlaamse underground die het misschien wel eens zouden kunnen gaan maken. Een goede kanshebber is Tien Ton Vuist.

Dit duo komt uit Oudenaarde en wist ons reeds te verrassen met de EP ‘Bidole’ en enkele knappe YouTube-clips. Er blijft wel een gat tussen het catchy en gepolijste studiomateriaal en de energieke en smerige garagerock van hun liveshows, maar dat is dan ook een universele uitdaging voor elke rockband. Er wordt inmiddels aan nieuw studiomateriaal gewerkt met een gerenommeerde producer. Tot het nieuwe materiaal er is, blijft Tien Ton Vuist concerten spelen. Zo mochten ze in De Harmonie in hun thuisstad de Kerstvakantie inzetten met een avondje onvervalste rock ’n roll.
Van ‘Bidole’ werden nog slechts drie nummers gebracht: “Asking  U Y”, “Boom La La” en “Smetterling”. Ook de nadien uitgekomen video-singles “Best Plan Ever”, “Not A Good Plan” en “Next In Line” mochten niet ontbreken. Nieuwe tracks als “Friends To Lovers” en andere zijn opvallend kort en krachtig. Bij Tien Ton Vuist gaan ze niet dikwijls voor een schaduwgevecht. Vaak halen ze meteen hard uit met een gemene rechtse, terwijl ze net zo goed al eens klassiek opbouwen of het zacht-hard-wisselen van de grunge bovenhalen. In Oudenaarde coverden ze van Kings Of Leon nog “Black Thumbnail” en “Four Kicks”, twee tracks waarvoor je het oeuvre van de Kings Of Leon al goed moet kennen.
De power, overgave en energie van deze band is altijd aanstekelijk voor het publiek en al na een paar nummers ontstaat een kleine moshpit voor het podium terwijl de iets rijpere fans iets verderop enthousiast staan mee te knikken. Zanger-gitarist Tijl zoekt vaak de rand van het podium op om de boel nog wat meer op te hitsen en gaat ook even tussen de fans gitaar spelen. Tegenover dat bijna ongeleide projectiel zit drummer Nikki vaak ietwat stoïcijns als een Charlie Watts, maar net zo goed gaat hij mee op in de adrenalinestoot die deze band is. Tien Ton Vuist sluit in De Harmonie af met de toegift “This Is Not A Surf Song”, een vlag die de lading dekt.

Met enthousiasme en goede songs alleen maak je het vandaag niet meer als rockband, maar het is wel de beste basis om van te vertrekken.

Organisatie: Harmonie, Oudenaarde

Warhola

Warhola op erg hoog niveau!

Geschreven door

Belgische kwaliteit op het podium net vóór eindejaar kregen we met Tessa Dixon en Warhola , en dit in één van de meest knusse zalen, De Casino, net niet helemaal uitverkocht.

Tessa Dixon opende de avond. De 21-jarige muzikante uit Brussel met Amerikaanse roots, was één van de drie winnaars van De Nieuwe Lichting 2019 naast Mooneye en David Nyach. Ze brengt heerlijke , donkere, dansbare popmuziek met een vrolijke vibe. Zelf kan ze als de beste dansen en laat dit dan ook uitvoerig zien op het podium. Haar vocals kan ze variëren als geen één , hoog en laag, past ze constant en beheerst aan in de nummers. Ze kreeg het publiek mee en er waren toch heel wat fans en kenners. Er werd gedanst en nummers als “Ignited” en “Beautiful Pain” werden meegezongen. De laatste song , na zo’n veertig minuten, droeg duidelijk de stempel van Billie Eilish , wat natuurlijk héél erg werd gesmaakt. Een sterke support act. StuBru deed prima z’n werk met hun Nieuwe Lichting wedstrijd.

Daarna mocht nog een winnaar op het podium, eentje die de Humo’s Rock Rally won in 2014. Het was Oliver Symons, (bijna) meer bekend als toetsenist van Bazart, met zijn groep Warhola. Ze stonden hier voor hun laatste concert als promo van hun in mei uitgebracht debuut ‘Young Loving’.
Ook hier zwevende, elektronische , héél dansbare popmuziek, die iets te veel neigde naar Oscar and the Wolf, die andere Belgische grootheid in het genre.
De muziek sleepte ons regelmatig mee langs idyllische plekjes met klaterende watervallen en een laaghangende mist waar konijntjes in het groene gras spelen, waar een betoverend mooie, schaars geklede blondine ligt te slapen en alles peis en vree is … Op andere momenten, zeker bij het tweede, hun bekendste nummer “Jewels” werd de zaal tot dansen en zingen toe bewogen.
En wat die Oliver kan met zijn stem is verbazingwekkend. De hoogtes die hij hiermee zonder zichtbare moeite haalt, zijn indrukwekkend en absoluut héél toepasselijk in de songs. We keken er naar, aanhoorden het en waren soms bang dat hij door zijn stem zou gaan maar niets van dat. Chapeau.
Tot twee maal toe mocht Tessa komen meezingen en ze deed dat met overtuiging en klasse. Met haar moves en zang past ze perfect in het Warhola-plaatje.
Na vijf kwartier zweven, dansen en zweten was het afgelopen. Een héél tevreden groep zag een al even tevreden publiek. Jammer dat we ze nu een hele tijd zullen moeten missen,  wist Oliver ons te vertellen.
Warhola paste hier in het plaatje van heel wat Belgische pop- en rockbands op een erg hoog niveau!

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Pagina 187 van 498