logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

Hey Satan

Hey Satan

Geschreven door

Wanneer je een zwak hebt voor psychedelisch klinkende gitaarlijnen, zware riffs en bijhorende vocals dan zal dit debuut van dit Zwitsers trio je wel eens kunnen bekoren. Zowel de teksten, het artwork als de muziek ademen een psychedelische en harde rocksfeer uit. Het kon zo een product uit de jaren zeventig zijn. Alles zit degelijk in elkaar maar soms is het wel wat clichématig (vooral de teksten). Het fijne is dat ze wel wat leuke hooks hebben in hun muziek. Luister maar eens naar “Legal Aspect Of Love”. De gitaren klinken gruizig en fuzzy en leggen een basis voor een vette groove. Soms zijn ze zowaar catchy. Op “Sunshine Blues” komt in het refrein iemand als Beck ( de Beck van “Dreams”, “Odelay” en “Loser”) zelfs om de hoek loeren. Let wel de vergelijking slaat enkel op het stemgeluid en het catchy element.
2 gitaren, een drum en een stem. Meer hebben ze niet nodig om een aardig psychedelic stoner/hardrock debuut af te leveren. We krijgen een meer dan aardig volgend album als ze nog wat meer eigenheid toevoegen en wat meer hun sound uitpuren. Het is tevens muziek dat live indruk moet kunnen maken.

Eight Sins

Serpents

Geschreven door

Eight Sins is een hardcore/metal band uit Frankrijk. Ze bestaan reeds een dikke tien jaar. Als ik het goed heb is dit hun vierde album dat ze uitbrengen. De zanger Loïx Pouillon voegt naast de typisch, toch voor hardcore, maatschappij kritische teksten ook wat elementen toe uit de hedendaagse metal in zijn zang. Nu en dan hoor je namelijk wat aanzetten tot grunts. Op vlak van gitaarwerk neigen ze bij momenten naar trashmetal (bv “Vultures”, “Ten Years”). Dit maakt dat ze soms vrij snedig klinken. Op andere momenten komt de hardcore iets meer tot uiting (“Where Is Your God?”, “Beers & Moshpit”). Tegenover hun vorige release “World of Sorrow” uit 2013 klinkt deze release snediger en meer trashy. Of je dat al dan niet beter vindt hangt een beetje van je smaak af. Dit album klinkt goed geproduceerd wat de luister ervaring ten goede komt. Erg grote verrassingen krijg je hier niet te horen maar het is een meer dan degelijk album in het genre.
Genoeg gepraat nu. We trekken onze boots aan en begeven ons naar de moshpit om ons eens goed te laten gaan op ‘Serpents’.

Hypochristmutreefuzz

Hypopotomonstrosesquipedaliophobia

Geschreven door

Het is ons een raadsel waarom men deze band steevast als noise-band catalogeert. Dit is immers geen hels lawaai maar een weloverwogen cocktail van geflipte hip-hop, eigenzinnige postpunk, binnenstebuiten gekeerde industrial, tegendraadse pop, verhakkelde funk en door de vleesmolen gedraaide triphop. Met hun boeiende en geïnspireerde sound is Hypochristmutreefuzz gewoon niet in één hokje te plaatsen, en dat is nu net de sterkte van deze plaat.
Bij de eerste tonen van “Finger” moeten wij al aan de geniale gekte van Les Claypool denken, terwijl de song dan iets verder middels een aanstekelijk aftands orgeltje richting Gruppo Sportivo afwijkt (voor wie zich deze geschifte Hollanders nog herinnert). Rapmuziek kan ons doorgaans aan onze witte reet roesten, maar hier geraken wij verdomd opgewonden van de dwarse hiphop van “Gums Smile Blood” en “Clammy Hands”, dit is Death Grips in een minder manisch periode, of Show Me The Body met pili pili in hun hol. In het ophitsende “Hypochondria” schuift Nine Inch Nails aan tafel met de jonge Red Hot Chilli Peppers, toen die tenminste nog dynamiet in hun testikels hadden, al dan niet in een sok verhuld. Ook de manier waarop het heftig groovende “One Trick Pony” tot ontploffing wordt gebracht is een hectisch opstootje die onze kop in vervoering brengt.
Wat een heerlijk driftig plaatje. Het kraakt, het botst, het klutst, het spettert, het bruist, het kriebelt en het jeukt, en vooral… het swingt als een extatische goudvis in een glas gin tonic !
Een springlevend album dat bol staat van verrassingen. Spastisch en hyperkinetisch, zeer zeker, maar dat is natuurlijk de bedoeling.

The Divine Comedy

The Divine Comedy - Op de slappe koord tussen kunst en kitsch

Geschreven door


Al ruim een kwarteeuw lang mag The Divine Comedy tot één van de meest markante buitenbeentjes van de Britpop scene worden gerekend. De muzikale voorbeelden van frontman Neal Hannon -notabene van Noord-Ierse afkomst en de enige constante in de levensloop van de band- heten dan ook niet The Kinks, The Who of The Jam maar wel Burt Bacharach, Scott Walker en Morrissey. Hannon fikste er zijn eigen brouwsel mee en schopte het van indie held tot een wat atypische mainstream figuur die aan de andere kant van het kanaal zijn barokke kamerpop moeiteloos de hitparades wist binnen te smokkelen.

In het statige decor van het Koninklijk Circus treffen we Hannon temidden de promo tour voor zijn eerste album in zes jaar. ‘Foreverland’ verkoopt als zoete broodjes en wordt gretig opgepikt door Radio 1, maar laten we vooral niet flauw doen: de nieuwste worp staat bol van wel erg luchtige orkestrale popdeuntjes die allerminst de geschiedenis zullen ingaan als hoogvliegers in de back catalogue van The Divine Comedy. Toeval of niet, maar de vijf nummers uit ‘Foreverland’ die de setlist halen zijn de stoorzenders vanavond. Getooid in 18de eeuwse legerkostuums trappen Hannon en zijn vijfkoppig orkest weinig indrukwekkend af met “How Can You Leave Me On My Own” en “Napoleon Complex” uit die plaat. Het eerste kwartier vatten we samen als ‘vermakelijk zonder impact’, maar altijd genietbaar blijft de typische tongue-in-cheek humor van de ironische gentlemen Hannon. Ook op het podium is de sfeer opvallend relaxed: de frontman dolt maar wat graag met zijn muzikale kompanen en trakteert ze zelfs halfweg de set op een wijntje of een frisse pint die hij uit een antieke wereldbol tevoorschijn tovert.
De eerste vonk slaat over als “Bad Ambassador” breed uitwaaierend wordt ingezet. Het nummer heeft alle kenmerken van een tijdloos Britpop anthem, alleen hebben onze radiozenders dat nooit gesnapt. Het is de eerste en meteen ook laatste song uit opus magnum ‘Regeneration’ (’01) die we in Brussel te horen krijgen. Ook de twee daaropvolgende platen die we zonder schroom tot het beste albumwerk van The Divine Comedy mogen rekenen worden wel erg stiefmoederlijk behandeld. Niet getreurd, want Hannon gaat voor kwaliteit eerder dan kwantiteit. Tijdens “Our Mutual Friend” uit ‘Absent Friends’ (’04) heeft de Ier zijn legeroutfit intussen ingewisseld voor een dandy maatpak met bolhoed en paraplu, en slentert hij theatraal door het publiek als een volleerde crooner. Even indrukwekkend is “A Lady Of A Certain Age” uit de laatste echt goeie DV plaat ‘Victory For The Comic Muse’ (’06) waar Hannon zoals alleen Hannon dat kan de leegheid van de Engelse aristrocratie schetst. De Noord-Ier blijft echter niet langer dan nodig stilstaan bij melodrama, want even later haalt hij voorprogramma Lisa O’Neill terug op het podium om met “Funny Peculiar” een lichtvoetig Bennett & Lady Gaga moment te scoren.
The Divine Comedy is het aan zijn mainstream status nu eenmaal verplicht om elke avond de nodige dosis crowdpleasers op te diepen. In de huidige tour blijven die radiohitjes allemaal netjes opgespaard  voor één langgerekte grande finale waarbij het publiek eindelijk eens die luie krent kan opheffen en zich aan een voorzichtig danspasje kan wagen. Het onweerstaanbare duo “At The Indie Disco” en “I Like” uit ‘Bang Goes The Knighthood’ (’10) ligt daarvan het meest vers in het geheugen,  maar voor de gestyleerde  pop singles “Becoming More Like Alfie”, “Something For The Weekend” en “The National Express” moeten we al terug tot diep in de 90ies.
Tijdens de drietal toegiften schakelde de band opnieuw een stuk of twee versnellingen lager, maar op afsluiter “Tonight We Fly” na leek de fut er ineens toch wat uit. Misschien zaten de drie opeenvolgende concertavonden in de Parijse Les Folies Bergère de week voordien daar voor iets tussen, feit is dat de doortocht van Hannon en co in Brussel zonder meer vermakelijk maar niet memorabel te noemen was.

Een meer gewaagde setlist met een lager campy gehalte had de koord tussen kunst en kitsch wellicht een pak strakker kunnen laten spannen. Dante wist wel beter, want volstrekt uniek en ongeëvenaard blijft La Divina Commedia natuurlijk wel.

Organisatie: Live Nation + Botanique, Brussel

Conor Oberst

Conor Oberst + Phoebe Bridgers + Miwi La Lupa @ AB: Goed, Beter, Oberst

Geschreven door

Conor Oberst + Phoebe Bridgers + Miwi La Lupa @ AB: Goed, Beter, Oberst
Conor Oberst
Ancienne Belgique
Brussel
2017-01-30
Jasper Verfaillie

Gewezen Bright Eyes frontman Conor Oberst mag dan zijn band vaarwel hebben gezegd, hij kan nog steeds op een schare trouwe fans rekenen. Zijn laatste solo album ‘Ruminations’ bleek een hele naakte en doodeerlijke plaat, dus het was afwachten of hij naar Europa zou afzakken met of zonder full band. Het werd het laatste en we hebben de band voor geen seconde gemist.

Het publiek in de AB werd getrakteerd op een dubbel voorprogramma. Wie al heel vroeg (lees 19u15) kwam opdagen, kon een half uurtje meegenieten van de zoete nummers van Miwi La Lupa. Hij lijkt wat op de zanger van Counting Crows en zijn stem doet denken aan die van Ben Gibbard, maar zijn nummers komen nog niet dicht in de buurt van die twee vergelijkingen. Veel van zijn songs zijn opgebouwd rond één of twee ideetjes en zijn teksten willen vaak iets te veel vertellen.
Voor zijn laatste nummer “Ended Up Making Love” (tevens de titel van zijn nieuwe plaat) wordt Miwi La Lupa bijgestaan door het tweede voorprogramma Phoebe Bridgers, waarna zij het naadloos overneemt. Haar heldere en broze stem pakt het publiek meteen in en heeft dezelfde emotionele diepgang als die van Julien Baker. In haar nummers heeft ze het over angstaanvallen, relaties en onzekerheden. Steeds met een ontwapende eerlijkheid die het publiek naar de keel grijpt. Haar debuut EP werd geproduced door Ryan Adams en voor haar nog te verschijnen debuutplaat kon ze rekenen op Conor Oberst zelve. Eentje om in de gaten te houden dus.

Onlangs kondigde Conor Oberst alweer een nieuw album aan. Het in maart te verschijnen ‘Salutations’  is eigenlijk grotendeels een herwerking van zijn vorig jaar verschenen ‘Ruminations’, deze keer met een full band versie van de meeste nummers. Of Conor die band ook mee had op tour was al meteen duidelijk. Op het podium stond een piano en een hele hoop gitaren, maar geen spoor van een drum of andere keyboards. Toen Oberst samen met Miwi La Lupa op podium stapte, waren we zeker: het zou een intiem avondje worden.
Enkel bijgestaan door Miwi op bas, een persoonlijke assistent voor zijn mondharmonica en een knuffeleendje op de piano kon Conor Oberst zich volledig concentreren op zijn songs. Want als je enkel een gitaar, mondharmonica en een vleugje bas gebruikt in je nummers, dan komt de aandacht nogal snel op de lyrics te liggen. Gelukkig zijn die van een heel hoog niveau. Conor spreekt vanuit het hart. Zijn eerlijke en oprechte songs bulken van de rouwe verhalen. Het sterke openingstrio “Tachydaria”, “Gossamer Thin” en “Barbary Coast” deed het publiek meteen verstommen en ze hingen voor de rest van het concert aan zijn lippen.
Toch kon Conor het niet laten om eventjes te reageren op de situatie in zijn thuisland. Eerst verontschuldigde hij zich nog voor “that fucking orange rat”, maar daarna riep hij het publiek op tot meer solidariteit en vond hij het zelfs mooi dat er in Brussel ook protesten waren. “We have to stick together,” maande hij het publiek aan. Zo werd “A Little Uncanny” een nummer dat het beste van de twee werelden samenbracht. Met de zin “He made a joke of the poor people, and that made him a saint,” doelde hij eigenlijk op Ronald Reagan, maar vandaag kan je er helaas ook iemand anders in herkennen. Even later wordt het persoonlijk als hij zingt: “They say a party can kill  you, well sometimes I wish it would.”
Daarna deed Conor Oberst iets heel ongebruikelijk. In plaats van bisnummers te spelen, deelde hij het concert op in twee delen. Na tien nummers kondigde hij een korte pauze aan, en daarna zouden ze gewoon nog wat nummers spelen. Het zouden er uiteindelijk nog acht worden, waaronder nog wat solonummers, een toepasselijke cover van The Felice Brothers en gelukkig nog wat oude nummers van Bright Eyes.

Zo werd het even hartverwarmend als hartverscheurende “Lua” een prachtig hoogtepunt uit het concert. Samen met Phoebe Bridgers werd het nummer een aangrijpend duet waarna het publiek ook wel een dikke knuffel nodig had. Zijn meest uptempo en vrolijke nummer spaart Conor als laatste. Het springerige “At The Bottom of Everything” werd op gejuich onthaald. Maar laat je niet door het jolige gitaarspel of de meezingbare melodieën. Wie naar de tekst luistert, ontdekt ook in de meest speelse songs, donkere kantjes.

De laatste zin die Conor Oberst zingt, vat het hele concert (en misschien wel zijn leven) nog het best samen: “I'm happy just because I found out I am really no one.” Geluk vinden in het ongeluk, zonlicht in de miserie. Als het uit de mond van Conor Oberst komt, geloven wij het meteen.

Setlist: Tachydaria/Gossamer Thin/Barbary Coast (Later)/ Cape Canaveral/Ten Women/You All Loved Him Once/Here Comes A Regular(The Replacements Cover)/A Little Uncanny/Ladder Song/Till St. Dymphna Kicks Us Out//Lenders In The Temple/Mamah Borthwick (A Sketch)/Counting Sheep/Next of Kin/Jack At The Asylum (The Felice Brothers Cover)/Lua/The Big Picture/At The Bottom of Everything//

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Lucky Chops

Lucky Chops - Omver geblazen.

Geschreven door

Lucky Chops - Omver geblazen
Lucky Chops
Ancienne Belgique (AB Box)
Brussel
2017-01-29
Cis Vliegen

Lucky Chops, een stelletje kerels die begonnen in de metrostations van New York. Het brass ensemble blies zich via filmpjes van passanten naar een kijkcijferkanon op Youtube. Niet veel later kwamen de café concerten waarna de bal begon te rollen naar festivals, zalen, evenementen en zelf een europese tour waarvan Brussel de eer had hen als eerste te mogen ontvangen. Een uitverkochte AB is een teken van het verlangen om deze youtube-figuren eindelijk in het echt te zien.  

Het voorprogramma is een stevige portie Belgisch drum geweld van Velotronix. Je kan ze vergelijken met zo’n typische drumgroep die je ook terughoort op straatfeesten, alleen deden zij het met hun vijven en voegden ze een snuifje elektronische effecten toe. Met aanstekelijke ritmes krijgen ze beweging in het publiek en gaven ze aan het een eer te vinden om te spelen in de AB. Voor mij bracht Velotronix meer een gezellige sfeer dan een pré feestje en komen ze meer tot hun recht tussen het publiek op straat, dan op een podium.

Vijf koppen verschijnen op het podium in plaats van de gebruikelijke zes. De zotste van de groep, degene met de meest absurde kapsels en kleren, Leo Pelligrino, is er niet bij. In eerste instantie een teleurstelling, maar deze wordt al snel weggeblazen door de vijf andere. Ik stel ze voor: Josh Holcomb (trombone) met een prachtige Delirium olifant op zijn t-shirt, Daro Behroozi (tenor saxofoon) met een politiek getint t-shirt, Joshua Gawel (trompet) met een ode aan Andy Warhol op zijn t-shirt, Charles Sams (drum) en tot slot in een grappige sport outfit de kleine Raphael Buyo met de veel te grote sousafoon.
De vijf staan er zonder podium vulling en veroveren één voor één de harten van het publiek. Het is een show die start in de vijfde versnelling en je laat ontdekken dat de snelheid oneindig is. Wanneer je denkt: nu zijn ze op hun best, kwam er een nieuw hoogtepunt en weer, en weer, en weer, …  Dit optreden is één van de beste die ik ooit zag.
Ik wil vertellen over de opbouw van de nummers, de setlist, het entertainment, … Ik wil vertellen dat alles klopt! Het concert zweeft van het ene nummer in het andere, kent geen enkel ‘dood’ moment en barst continu uit in geroep, gespring en gedans. Het hele publiek gaat zelfs op zijn knieën, zingt in canon en feest met een menselijke treintje door de zaal. Het is dankzij de Lucky Chops dat het publiek zich helemaal geeft, net zoals zij. Ze staan dan ook geen vijf seconden stil. Wat een energie!

Het is allemaal heel aanstekelijk. Zowel de eigen nummers “Coco”, “Buyo”, … als de eigenzinnige versies van “I feel good” en “Stand by me”. Iedere muzikant toont uitgebreid zijn kwaliteiten met solo’s, solo’s en nog een solo’s die steeds verrassend en vers klinken.
Een andere troef is het geheime wapen van Daro. Plots haalt hij een langwerpige saxofoon tevoorschijn waarmee hij didgeridoo-achtige geluiden weet te creëren.

Beste lezer, je kan het al raden: ik ben vanavond omver geblazen. De Lucky Chops zijn top en ik kan niet anders zeggen dan ‘ga ze kijken!’

Setlist: Intro/Without You, Coco, I’ll fly away intro, Boom, Miami, D20, Helter Skelter, Walter Jam, Skaba/Jam/Charles Solo, Stand, Buyo, Connie, Behroozi, Stand by me, Danza
Bis: Problem, Funky

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Rembert De Smet (2 Belgen) overleden

Geschreven door

Rembert De Smet (2 Belgen) overleden
De Gentse zanger en muzikant Rembert De Smet is overleden aan de gevolgen van kanker. De Smet is vooral bekend van zijn tijd bij 2 Belgen en van hits als "Lena" en "Operation coup de poing". Hij is 62 jaar oud geworden.
Rembert De Smet breekt in de jaren 80 samen met Herman Celis door met de groep 2 Belgen. Hij scoort de new wavehit "Lena" wat veruit zijn grootste hit zal worden. Het nummer wordt tot op vandaag nog steeds gesmaakt, het stond eind december nog op nummer 184 in de "1.000 klassiekers" van Radio 2.
De band 2 Belgen scoort ook met cover "Operation coup de poing". Begin jaren 90 gaat de band uit elkaar. Later maakt De Smet eigenzinnige wereldmuziek met Esta Loco.
Samen met Wim Claeys wordt hij een van de bezielers van de Walter De Buck-band, een herdenkingsband voor de overleden Gentse volkszanger. De Smet speelde ook muziek op de begrafenis van De Buck.
Het overlijden van Rembert De Smet komt onverwacht. De 62-jarige muzikant kreeg nog maar enkele weken geleden te horen dat hij aan kanker leed. Hij is overleden aan de gevolgen van de ziekte.
(Info Bron: De Redactie)

Vitalic

Vitalic - Tout droit, tout dance

Geschreven door

Show your discomoves, baby ! Dat denkt de Franse dj Vitalic voortaan hardop. Vroeger scherp en strak, nu met het hemd een paar extra knopen open en een arsenaal aan  vintage trucs, en dat smaakt naar meer. Ontmoet de Vitalic nouveau style op het Brusselse podium, het plezier van het dansfeest blijft intact.

Eerst is het huiswerkverbetertijd voor de jonkies van Contrefaçon. Frans, piepjong en klungelig scheuren ze door hun optreden met een constant hoog tempo, de ene harde drop na de andere. Hier en daar een vlaag van originele scherpzinnigheid, meer nog een oefening uit de handboeken van de vroege Daft Punk en Justice. Heel veel maakt het niet los bij het wachtende publiek. Het duo in sportkledij verdwijnt snel na hun set met een beleefd applaus achter het gordijn, de spieren zijn nog niet warm gedanst.

Bij de eerste noot die de producer/dj neerpoot spitsen de oren zich. Vitalic, een ijkpunt als het gaat over optredens barstensvol inventiviteit, vertrekt uit de startblokken zoals we gewend zijn van hem en zijn vorige albums. Pompen en dreunen met een lichte punksignatuur, het publiek is klaar voor de spurt. Het werk van de eerste drie worpen “Ok Cowboy”, “Flashmob” en “Rave age” wordt gretig opgepikt en de nieuwelingen van het net verschenen ‘Voyager’ gaan vlotjes mee in het verhaal van de avond.
De aimabele performer toont na een paar minuten al zijn dankbaarheid, bijna verlegen. Verlicht in rood neon kijkt hij vertederd de zaal in.
Dat dat rode neon zich ontpopt en uitgroeit tot een hoofdpersonage naast Vitalic, is een blije verrassing. Concerten van dance-artiesten bewijzen in vlug stijgende lijn het talent van hele ladingen lichtingenieurs. De installaties eisen met branie hun bestaansrecht op het podium op. Het fijnzinnig visueel vernuft van deze show overstijgt echter de bijna groteske concerten vol knallend vuurwerk van de wereldtop van de DJ MAG-artiesten.
Hoe een concert van dik 90 minuten met 5 in mekaar passende simpele lichtvierkanten ontelbaar veel varianten aan kleur, vorm en beweging uit de hoed tovert, daar kijk je met de mond open naar toe.

Gewoon omhoog springen en zweten bij Vitalic ? Volmondig neen ! Voeg in je dance moves bij een Vitalicoptreden anno 2017 ook heupwiegen en een eerste bescheiden choreografie er aan toe. Moroder en italodisco krijgen een nieuwe vertaling bij Vitalic. Het werkuniform van de dj is nog altijd zwart en streng en zijn mars ter plaatse achter zijn batterij van synthesizers en laptops blijft bestaan, hij grijpt nu echter ook gretig naar een ferme brok flamboyantie. De oude getrouwen “La Rock 01” en “My friend Dario” krijgen een zwierig pakje aan en de afsluiter “Stamina” toont een breed lachende en genietende dj.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/vitalic-26-01-2017/


Organisatie: Live Nation

Jacle Bow

Jacle Bow entertaint een uitverkochte Club

Geschreven door

Jacle Bow entertaint een uitverkochte Club
Jacle Bow
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-01-26
Wim Guillemyn

De naam Jacle Bow zal menig lezer misschien niet veel zeggen maar deze band maakte een aantal jaar terug deel uit van ‘De Nieuwe Lichting’. Sedertdien gaat het snel voor hen. Afgelopen jaar waren ze ‘artist in residence’ in de AB. Daardoor speelden ze o.a. in het voorprogramma van The Golden Earring. Vanavond kwamen ze als afsluiter in een uitverkochte club (250 man) hun debuut album ‘What’s All The Mumble About?’ voorstellen. Dit viertal is afkomstig uit Limburg waarvan de zanger en de drummer een B&B uitbaten in de omgeving van de Dansaert in Brussel.

Radio Bruzz (StuBru) was aanwezig om muziek te draaien, hen te interviewen en het optreden live op de radio te brengen. Er werd vlot van start gegaan met “High For Your Lover” en “Street Fight”. Je merkte meteen dat ze ondanks hun jeugdige leeftijd toch al voldoende routine en vakmanschap hebben. Ze leken weinig last van zenuwen te hebben. Hun muziek klinkt heel volwassen en is gedrenkt in Amerikaanse blues en soul rock. Ergens tussen de jonge Rolling Stones en Jamie Lidell in. De zanger heeft een ferme stem met een karakteristieke grain in. De bassist was doeltreffend en zeker van zijn stuk. Hun muziek is echte live muziek. Pure rock’n’roll.
Halverwege werd er nog een nummer van de Beatles gespeeld: “Coming Up”. Een geslaagde cover dat ook door het publiek werd gesmaakt. Op het podium stonden oude televisiekasten gevuld met screens, die ons mooie graphics voorschotelden. Niets werd aan het toeval overgelaten. Er kwam ook een dankwoordje voor o.a. Mario Goossens (Triggerfinger) die hun album had geproduceerd en aanwezig was. Na het laatste nummer mochten ze nog terugkomen voor een bisnummer of twee. Die speelden ze in een semi-akoestische bezetting. Het allerlaatste nummer was “C’est Ma Vie” van Salvatore Adamo. Een mooie afsluiter en een geslaagde cover alweer.

Jacle Bow is een naam om te onthouden en die je zeker live moet ervaren. We gaan er ongetwijfeld nog meer van horen.

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set met Kaleo de dag voordien
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/jacle-bow-25-01-2017/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

 

Big Thief

Big Thief - Een introverte verzameling levenservaringen

Geschreven door

Over het debuutalbum Masterpiece van de New Yorkse band Big Thief zijn vorig jaar veel lovende woorden geschreven. Hun lo-fi rock veroverde vooral veel harten in Amerika, terwijl ze in Europa iets meer onder de radar bleven. Dat maakte het een gedroomde band om in de Witloof Bar in de Botanique te spelen. Een locatie waar we al vaker van te ontdekken topacts kunnen genieten.

De zaal zat goed vol en er heerste een ontspannen sfeer. Een gevoel dat zich voorttrok vanaf dat de band subtiel en met weinig allures het podium op kwam. Het optreden ging niet van start met een knaller, maar trok je langzaam de wereld van Big Thief binnen. Met een klein, intiem nummer dat de zangeres solo bracht voelde je meteen dat dit een band is die een verhaal vertelt. Tekst won het vaak van instrumentatie. Het waren stuk tot stuk levenservaringen die ze ons trachten te vertellen doorheen hun songs.
Vervolgens kwam het concert meer op gang met enkele hoogtepunten uit hun album. Nummers zoals “Vegas” brachten een goede flow: melodieën die lekker vlot doorlopen terwijl de band goed volgt en nog eens die extra push geeft. De instrumentatie was soms wat slordig, wat alleen maar charme ten goede kwam. Toch bleef de kern nog steeds de zang. De weemoed in de vocalen en teksten van Adrianne Lenker maakten het publiek zacht en stemden tot wegdromen. Je zag aan de muzikanten dat ze volledig opgingen in de muziek, wat het contact met de zaal wat minder vlot maakte. Dit werd echter gecompenseerd door de grote vertelkracht in de liedjes.
Daarentegen vroegen we ons af of het niet allemaal iets te introvert was. Niet elk nummer was even goed of werd overtuigend gebracht. Op bepaalde momenten durfden de minder boeiende stukken redelijk lang aan te slepen. Big Thief probeerde om er af en toe een andere vorm van energie in te steken. Eerst was er de magistrale single “Real Love”, het ruwste en luidste nummer op hun album. Het steekt er met kop en schouders bovenuit met gitaarsolo’s die vol expressie van het pad gingen. Dit geanticipeerd moment kwam echter redelijk vroeg en de climax zat er toch flink naast. Hij werd uitgesteld en ingehouden. Deze slechte timing zorgde ervoor dat ze te vroeg met het beste kruit geschoten hebben. Op een later moment verraste de gitarist ons met wel een heel merkwaardig a capella nummer. Een lied dat zo uit de lijn lag met de set, maar toch ironisch genoeg wel het hoogtepunt was van het concert. Toch waren het niet deze keuzes die de set bijeen hielden, maar de grote hoeveelheid ijzersterke singles die hun debuut Masterpiece te bieden heeft.
De bisronde zorgde nog voor extra verrassingen. Het eerste nummer werd abrupt afgebroken door de zangeres. Ze had het idee om een nummertje te spelen dat ze al heel lang niet meer gebracht hadden. Daarna vertelde ze hoe het haar deed denken aan de tijden dat ze nog niet op de andere kant van de wereldbol speelden. Ten slotte was het tijd voor het allerlaatste liedje, waar Adrianne eerst de volledige songtekst citeerde voordat de band het nummer begon te spelen. Beide songs in de bisronde illustreerden hoe de muzikanten van Big Thief een beetje dromerig zijn, maar vooral heel warme en inhoudsvolle karakters zijn.

Big Thief pootte een gevoelig optreden neer, maar soms nog met wat gaten en slepende momenten. De vele hoogtepunten toonden echter dat dit een groep is die je in de gaten wil houden. We zijn er alvast van overtuigd dat het de volgende keer net dat ietsje meer zal zijn.

Met dank aan Dansende Beren www.dansendeberen.be

Organisatie: Botanique, Brussel

PIAS Nites 2017 – Temples- J.Bernardt - Royaume

Geschreven door

PIAS Nites 2017 – Temples - J.Bernardt - Royaume
PIAS Nites
Beursschouwburg
Brussel
2017-01-25
Didier Becu

Over België is er al ontzettend veel over geschreven, maar één ding staat vast: het land blikt muzikaal op alle fronten uit. Een van de hoekstenen daarvan is het in 1982 door Kenny Gates en Michel Lambot opgerichte [PIAS]. Wat destijds begon als (zeg maar) een klein wave-label met namen als Trisomie 21 of The Legendary Pink Dots, is 34 jaar later internationaal één van de grootste indielabels geworden, en tevens een ontzettend belangrijk distributienetwerk. De
[PIAS] Nites is een jaarlijks feestje waar zowel aan perslui als muziekfans een selectie (met de hele catalogus zit je aan een festival van dagen!) wordt getoond van wat het label als één van de tips van het komende muziekjaar ziet.

Met Oscar & The Wolf en Bazart zit het label zonder twijfel aan zijn (Belgisch) kunnen, wat evenwel niet betekent dat er geen plaats meer zou zijn voor ander binnenlands talent. Het is niet zo eenvoudig om op het net iets informatiefs te vinden over
Royaume, maar na het bestijgen van de eindeloze reeks trappen (de concertzaal bevindt zich op het dak van de Beursschouwburg!) zagen we dat het trio zonder meer in de smaak zal vallen bij fans van The XX en zeker Alice On The Roof. Speelse pop, nog wat onzeker, met een energieke Frans-Japanse frontvrouw Yumi die duidelijk de touwtjes in handen heeft. Het mag van ons part allemaal best wel een tikkeltje gedurfder, maar wie van zachte elektronische indiepop houdt, zal de komende maanden Royaume zeker op één of andere manier treffen!

De tweede artiest aan zet kun je bezwaarlijk een nieuweling noemen, zijn project is dat wel. Na Maarten Devoldere (Warhaus) en Simon Casier (Zimmerman), kiest ook Jinte Deprez van Balthazar voor een nagelnieuw zijproject.
J.Bernardt is de naam en de veel gedraaide single “Calm Down” kun je wellicht al zonder enige hapering meefluiten. Ook de andere songs liggen in deze lijn, hoewel het bij momenten een jazzy set werd waarin de Gentenaar zijn roots niet kan wegsteken. Hoeft ook niet, ook al vraag je je af waarom de heren van Balthazar niet hun krachten zijn blijven bundelen. Maar goed, iedereen wil wel zijn eigen ei kwijt en het is duidelijk dat er met zorg aan de songs is gewerkt waardoor ze voor het publiek nog wat onwennig aanvoelen, maar net zoals bij zijn collega’s zit het vernuft hem in het detail. Onze tip? Binnenkort het debuut kopen, grijs draaien en ervan genieten op één van de vele clubconcerten die gepaard gaan met de release.

En dan was er
Temples, vier Britten die ons terug naar de tijd brachten toen de NME en de Melody Maker wekelijks ‘the next big thing’ voor ons in petto hadden. Deze eer viel ook de beurt aan deze band uit Kettering, maar gelukkig voor hun lijkt het sprookje iets langer te duren.
Twee jaar geleden konden de vier met hun debuut ‘Sun Structures’ de indiefans charmeren en werd de best verkochte release in de Rough Trade Shops. Uiteraard zijn nu de ogen gericht op hun tweede plaat, ‘Volcano’, die in maart via Heavenly Recordings op de markt wordt gegooid.
Een vrij exclusief concertje dus, en wie geen ticket kon bemachtigen voor het uitverkochte PIAS-feestje hoeft niet te wanhopen, want op 31 maart staan ze een paar straten verder in de Botanique. En misschien best niet te lang wachten, want de nieuwe singles die we gisteren te horen kregen lijken zo hitgevoelig dat Temples mits de radiosteun wel eens de Tame Impala van het jaar zou kunnen worden!
Wat er ook gebeurt, de looks hebben ze in ieder geval. Mijn partner-in-crime merkte het verschillende malen op, maar met zijn torenhoge krullenbol lijkt zanger/gitarist James Bagshaw wel de verrezen Marc Bolan. Een blik op de modieus geklede Adam Smith doet je zelfs vrezen dat de tijden van Bay City Rollers opnieuw zijn aangebroken. Geen nood, hoewel braaf (zelfs net iets te braaf) en geregeld gebruik makend van Pink Floyd-achtige soundscapes heeft Temples genoeg in zijn mars om de indiemeute van vandaag te kunnen overtuigen. En nu terug die trappen!

Met dank aan Luminousdash.com www.luminousdash.com

Kaleo

Kaleo - Een happy meal, maar zonder speeltje

Geschreven door

Intro - IJsland heeft een mooie waslijst aan topartiesten. Zo kennen we Björk, Sigur Rós, Of Monsters and Men, Ólafur Arnalds, … En sinds kort is er een nieuwe speler op de markt die een plaats op deze lijst probeert te veroveren. Ik heb het over Kaleo, een vierkoppige rock groep wiens muziek reikt van garage rock met een vleugje country tot indie rock met een streepje folk. Met hun 2de album ‘A/B’, gereleased 10 juni 2016, scoorde Kaleo een hit met de track “Way Down We Go”. Een meeslepend nummer met een donker kantje. Ik ben benieuwd of Kaleo dit donker kantje gaat tonen, tijdens hun debuut optreden in België.

Voorprogramma - Belgische klasse! Dat kan je zeggen over Jacle Bow. De kerels die we zagen in de ‘Nieuwe Lichting’ zijn ondertussen geëvolueerd in echte podiumbeesten. Jacle Bow staat vanavond in stijl op het podium en weet de AB warm te krijgen voor de IJslanders.

Er is maar één God - Kaleo verschijnt als een team op het podium, maar al snel is het een ‘one man show’. Zoals een actueel thema ons zegt ‘er is maar één God’ en dat is vanavond JJ Julius Son (gitaar/zang). De rol van frontman vervult hij op een timide manier.  Zo bedankt hij regelmatig het publiek en vraagt hij om mee te klappen en te zingen. Een heel optreden lang is hij het middelpunt van de belangstelling en staat enkel hij in de spotlight. Af en toe krijgt zijn collega, Rubin Pollock (gitaar), ook een beetje licht wanneer hij soleert. Maar de echte ‘God’, in mijn ogen, staat vanavond niet in die spotlight. Het is de bassist, Daniel Kristjansson, die in het donker het beste van zichzelf geeft. Continu moedigt hij het publiek aan en zelf staat hij geen seconde stil. Vanavond zag ik geen band op het podium, maar eerder vier individuen.

Tot in de puntjes - Kaleo live is hetzelfde als Kaleo op CD. De sound is opperbest en JJ Julius Son zijn stem klinkt grauw, ruw en donker zoals het hoort. Werkelijk een prachtige stem die hij juist weet te gebruiken. De show is tot in de puntjes verzorgd! Ook mijn complimenten aan de man van het licht!
Hoogtepunten - Een cover van “Bang Bang” die melodramatisch wordt ingezet, maar beetje bij beetje uitdraait in geschreeuw van gitaren, was voor mij het hoogtepunt. Dit nummer liet je haren eerst rechtop staan en daarna meebewegen met het geschud van je hoofd. Voor het publiek was ook “Way Down We Go” en feitelijk alle nummers van de nieuwe plaat een schot in de roos.

Een happy meal, maar zonder speeltje - Kaleo stelt zijn publiek niet teleur. De groep geeft waarvoor de fans betaalt hebben. Een mooie show, goede klank en hun beste nummers. Ben je een grote fan? Dan moedig ik je zeker aan om ze te gaan kijken. Maar ik mis toch iets. Het element van verrassing of eerder spontaniteit? Beiden heb ik niet ervaren tijdens de show. Het leek wel een happy meal, maar zonder speeltje.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/kaleo-25-01-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/jacle-bow-25-01-2017/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Holy Fuck

Congrats

Geschreven door

Het was een tijdje geleden dat we nog van deze Canadese indie/krautrockers hebben gehoord . Holy Fuck liet zes jaar op zich wachten en ze doen waar ze goed in zijn , aanstekelijke, frisse songs bieden met een opwindende , zalvende groove en drive.
De nummers worden bepaald door elektronica, percussie, gitaar en bas, hebben een repetitieve basis , bouwen op of  slepen ons mee in een sprookjesachtig ambient decor  . Een link naar Battles , Fuck Buttoms en Sunns is onontbeerlijk . Met zijn tien nummers is dit een spannende, lekkere plaat met een mooi klankenspectrum . Blij dus dat deze heren terug zijn.

Steve Gunn

Eyes on the lines

Geschreven door

Steve Gunn is een begenadigd gitarist die deel uitmaakte van Kurt Vile’s Violators en intussen al een goed eigen oeuvre heeft opgebouwd. We hebben een voorliefde voor zijn stijl en muziek. We horen bezwerende indie en 70s retro die een V.U., Jimi Hendrickx, Led Zep, Neil Youngs Crazy Horse plaatst bij een Feelies, Dream Syndicate, Built to Spill, Galaxie 500  en het linkt aan de tandem War On Drugs – Kurt Vile . Een logaritmische uitkomst krijgen we van sing/songwriting in een groepscontext .
In het materiaal horen we een ingehouden spanning , een intrigerende opbouw, een gruizige inhoud , die een beheerste dosis effects toegemeten krijgt. De instrumenten ademen in de songs ; de gitaren spreken, de repetitieve bas ondersteunt en de percussieve lagen zorgen voor de ritmiek. Fijn!
Live krijgen deze nog een touch  en durven ze te ontploffen om dan opnieuw in de plooi te vallen . Het zijn heerlijke trips , jams alsof het niks is ze te produceren.
We horen niks nieuws onder de zon op de nieuwe , deze ligt in het verlengde van de vorige , maar het is muziek van een tijdloze kwaliteit . “Ancient Jules” valt dan ook meteen met de deur in huis.
Ook de daaropvolgende songs “Full moon tide” en “The drop” , elk van rond de vijf minuten, hebben dezelfde broeierige intensiteit en spanning . Ongelofelijk soms wat er allemaal door ons hoofd flitst bij dit combo rond Steve Gunn. In de sfeervolle, poppy nummers heb je de poprock van The Go-Betweens , G.W. McLennan en ook Soul Asylum komt even piepen in “Night wander”. Dit is uiterst genietbare, speelse , frisse muziek.

Kingfisher Sky

To Turn The Tables EP

Geschreven door

De Nederlandse prog-rockband Kingfisher Sky viert zijn tiende verjaardag met het uitbrengen van nieuw materiaal. ‘To Turn The Tables’ omvat slechts één nummer, maar die klokt dan wel af op net geen 10 minuten. Blijft een beetje de vraag of je dat een EP dan wel een single moet noemen. Voor deze track kreeg Kingfisher Sky opnieuw de hulp van violist Ludo De Goeje en Kristoffer Gildenlöw van Pain of Salvation. Beiden waren reeds van de partij op ‘Arms of Morpheus’, het album van Kingfisher Sky uit 2014.
De band is niet meteen de meest productieve band. Ze willen enkel die muziek uitbrengen waar ze volledig achter kunnen staan en daar willen ze hun tijd voor nemen. Toch lijkt een EP met slechts één nummer op het eerste zicht een beetje mager. Tot je “To Turn The Tables” hoort. Het is een bijzonder fraaie track met een hoofdrol voor zangeres Judith Rijnveld. De song begint met terug te grijpen naar de sfeer van ‘oude’ tracks als “My Better Part” en “Hallway Of Dreams”, die wat weg hebben van een bombastische Within Temptation, om daarna te eindigen in de sfeer van pakweg Big Fish en Strength Of The Endless. Het toont dus mooi in tien minuten hoe de muziek van deze band geëvolueerd is en toch ligt de nadruk op het recente werk.
‘To Turn The Tables’ is daarom zeker een aanrader voor de fans en ook voor wie Kingfisher Sky nog moet leren kennen, is dit de beste introductie.

Band of Horses

Why are you OK

Geschreven door

Band Of Horses is zo een van die amicale bandjes die we graag omarmen . Met de jaren hebben ze een evenwicht van rootsamericana , indiepop en classic rock .
De laatste plaat ‘Mirage rock’ dateert al van 2012 , gevolgd door het aangename tussendoortje ‘Acoustic at the ryman’ . Een plaat als in de begindagen ‘Everything All The Time’ (2006) en ‘Cease To Begin’ (2007) zit er evenwel niet meer in als je de nieuwe, vijfde  in zijn geheel beluistert . Jason Lytle van Grandaddy  stond in voor de productie, wat betekent dat de keys/elektronica zich een plaatsje opeisen in die doorleefde , broeierige , sfeervolle , dromerige indie/alt.americana van de Band Of Horses .
Het eerste deel klinkt als een goede opfrisbeurt . De opener “Dull times, the moon” klokt met  zeven minuten af ; het nummer begint rustig , kabbelt voort en wordt dan plots geïnjecteerd in hun gekende stijl . “Hag” is ook z’n Grandaddy getinte song . “Solemn oath” en vooral “Casual party” en “Throw my mess” hebben die kenmerkende broeierige BOH spanning en intensiteit . De andere zijn goed, aangenaam  zondermeer, gedrenkt in een melancholische , dromerige sfeer .
‘Why are you OK’ heeft zijn twee kantjes , een aanstekelijke , gedreven , frisse side en een verzorgde , fraaie , rustig voortkabbelende . Kortom , dit is er een smaakvol eentje!

 

Mary s Little Lamb

Elixir For The Drifter

Geschreven door

Mary’s Little Lamb bracht zopas met Elixir For The Drifter zijn tweede album uit. Daarop wordt gestart met brede arrangementen en veel toeters en bellen om daarna ook plaats te maken voor soms heel sobere, alternatieve country.  Net als op hun debuut ‘Fortune & Chance’ brengt Mary’s Little Lamb een heel filmisch geluid en het zal ons niet verbazen als ook dit album opgepikt wordt voor series op tv.
Country is overigens de basis van de muziek van Mary’s Little Lamb, maar dan afgekruid met mariachi, blues, roots en tex-mex en opgewerkt met een retro-sausje. Het instrumentale openingsnummer “Bound For New Horizons” had zo uit de mouw van Ennio Morricone  kunnen komen en ook single “Hold Your Horses” is een mooi volgestouwde countryrock-deun die je zo terugvoert naar het tijdperk van Bonanza en cowboyfilms in zwart en wit.
Na “Hay” zoekt deze Vlaamse band steeds vaker de soberheid op, met minder elektrische gitaar, meer banjo, meer borstel-drums, meer trompet en vooral meer aandacht voor de donkere bariton van zanger Bart Hendrickx. In die uitgeklede tracks zoals “Blending In” en “Alone and Forsaken” van Hank Williams komt Mary’s Little Lamb soms dicht in de buurt van de American Recordings die Johnny Cash op het einde van zijn carrière maakte. Al zit er op de stembanden van Hendrix minder korrel dan op die van Cash toen, ze snijdt bij momenten net zo diep. De zang staat telkens centraal, maar krijgt altijd mooi tegenspel van minstens één instrument. Het valt ook op dat het eigen materiaal van Mary’s Little Lamb niet verbleekt naast die Hank Williams-cover.
De rijke arrangementen komen daarna nog opnieuw terug in o.m. “Stray Arrow” en “Tell Me How”. Andere hoogtepunten zijn “El Fuego” en “Saguaro” een duet met Kathleen Vandenhoudt. “Are you ready to ride”, vraagt Mary’s Little Lamb in “Hold Your Horses”. Reken maar. Ik kruip meteen in het zadel.

The XX

I See You

Geschreven door

Wie had het voor mogelijk gehouden dat The XX zo’n carrière ging uitbouwen na hun debuut ‘XX’ in 2009. Dit debuut werd onder de prijzen bedolven en de vrees bestond dat ze toen reeds hun beste kruit verschoten hadden. Doch hun opvolger ‘Coexist’ deed het in de charts nog beter en ook het solo album ‘In Colour’ van Jamie deed het heel goed en toonde een meer dansbare kant van hem.
Zo te horen heeft dit wel de leden van The XX geïnspireerd bij het maken van ‘I See You’. Het album gaat verder waar ‘Coexist’ stopte en voegt er iets warme elementen, samples (bv “On Hold”) en beats aan toe. Elementen zoals warme baslijntjes ( zie bv “Dangerous”) en rijkere synthesizers (“A Violent Noise”).
Het resultaat is The XX maar iets dansbaarder (“I Dare You”) en het klinkt ook iets voller. Alles straalt nog een zekere onzekerheid en smart uit (vooral de teksten) maar The XX is hier toch een nieuwe weg ingeslagen. Het siert hen dat ze geen kopie van hun vorige hebben gemaakt. Het toont ook dat ze geen ééndagsvliegen zijn en voldoende in huis hebben om over een langere periode te weten boeien.
Het resultaat is een prachtige plaat dat zeker en vast naast hun twee vorige mag staan. Een warme en hartbrekende plaat die gegarandeerd in veel lijstjes van 2017 zal voorkomen.

Mitski

Puberty 2

Geschreven door

Mitski is de uitlaatklep van de Japans-Amerikaanse sing/songschrijfster Mitski Miyawaki . Zij is reeds aan haar tweede album toe en kan met ‘Puberty 2’ een doorbraak forceren in Europa . In haar sobere, integere, rauwe sound heerst een elegante schoonheid, die raakt , lieflijk is, weet open te barsten en tot slot doelt op berusting.
We worden in dit muzikaal web geweven . Haar emotievolle sound doet Throwing Muses, Belly en het oude PJ Harvey opborrelen, maar ook ‘men’ bands als Weezer , Fountains of Wayne en Pavement komen aan bod.
Een donkere ondertoon is aanwezig , ze klinkt innemend als extravert, er heerst een intense , broeierige spanning en de keys zorgen voor een bredere sound . Haar diepe, indringende, zwoele vocals, soms hoog uithalend, geven letterlijk diepte en zeggingskracht aan het materiaal.
De indie-rockster verhaalt een gevoel van vervreemding , worstelt met de eigen identiteit en toetst de verhoudingen met geluk. Dit muzikaal gelaat krijgt vorm in het afwisselende materiaal die je brengt naar het rauwe “Happy”, “My body ’s made of crushed little stars”, “A loving feeling”, de intens rockende “Your best american girl” , “I bet on losing dogs” tot het sfeervolle “Once more to see you”, “Burning hill” en het smachtend, breekbare “Thursday girl”.
Mitski - Getalenteerde dame  met een enorm groeipotentieel …

Minor Victories

Minor Victories

Geschreven door


Het gelegenheidscombo Minor Victories laat dromerige shoegazepop in een mooie liedjesstructuur horen . Het initiatief kwam van Editors gitarist Justin Lockey , die z’n broer optrommelde , en verder
ging Stuart Braithwaite (Mogwai)  en Rachel Goswell (Slowdive) in zee.
Voor wie houdt van een potje Slowdive – Swervedriver – Loop - My Bloody Valentine - Ride – Jesus & Mary Chain en Mogwai herkent hier een Muzikale Schoonheid, samen geperst in een reeks stekelige,  stevige en dromerige songs met een gepaste , beheerste dosis effects , fuzz, galm en noise .
We krijgen een intens beleven door de spanning en zeker in het tweede deel van de cd komt de nadruk op het zweverig extraverte shoegaze  , die stroomstoten ondergaat met ingehouden (feedback) explosies.
Op die manier geraak je door het klankenspectrum van “Give up the ghost” , “Scatters ashes” verder aangevuld met “For you always” (met Mark Kozelek , die de zang mee opneemt). Apotheose in het genre krijgen we met “The thief” en “Higher hopes”.
Minor Victories - Een gelegenheidscollectief die naar meer vraagt!

Beyoncé

Lemonade

Geschreven door

Beyoncé heeft stijl, klasse en talent . Een gerespecteerde dame in het r&/b popcircuit , die op de nieuwe plaat sterk van zich afbijt . Een inspirerende powervrouw , die een erg ambitieus album uitbracht alsook een ‘visual album’ tjokvol privébeelden en religieuze symboliek. Met naast de muziek veel ‘spoken word’ met o.m. de relatieproblemen met Jay-Z, die ze openlijk naar buiten bracht , maar er heerst nog hoop , een relatieverval die van zuur naar zoet evolueert .
Beyoncé is een ook een voorbeeld van vrouwelijkheid en komt op voor alle zwarte vrouwen! We krijgen sfeervolle als pittige r&b tracks , smaakvolle samples en  zalvende , forsere grooves en beats . Een handvol tracks zijn met gasten . Jack White is er op “Don’t hurt yourself” , je hoort aparte sounds, pianoloops en een fluisterzang op het korte “Forward” met James Blake en onze Hoover sample duikt op met eentje van The Weeknd “6 inch” . Verder knalt Beyoné op “Freedom” met Kendrick Lamar. Ook alleen doet ze het goed , “Hold up” klinkt aanstekelijk en “Sandcastles is een zoetgevooisde ballad . “Formation” sluit overtuigend de plaat af .
‘Lemonade’ is een mooie plaat!

Pagina 267 van 498