Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15418 Items)

Lemmy, frontman Motörhead, overleden

Geschreven door

Lemmy, frontman Motörhead, overleden
We are Motörhead, we play rock’n’roll! … Lemmy Kilmister, de frontman van metalband Motörhead, is vannacht overleden. Dat schrijft de band op zijn Facebookpagina. De zanger van "Ace of spades" is 70 jaar oud geworden.
Lemmy zou zijn gestorven na een kort gevecht tegen een agressieve kanker. De man sukkelde al geruime tijd met zijn gezondheid. Hij was een verstokt roker en drinker.
De voorbije maanden waren er nog berichten dat Lemmy onwel was geworden op het podium en aan een longinfectie leed. In september kondigde de metalband, die toen op tournee was in Noord-Amerika, aan alle concerten te annuleren tot hun frontman helemaal was hersteld. Maar pas heel kort, op tweede kerstdag, zou Lemmy hebben vernomen dat hij aan kanker leed. Twee dagen later is hij dus thuis overleden.
De band bevestigde het nieuws in een korte boodschap op hun Facebookpagina. "We zijn geschokt en erg verdrietig, er zijn geen woorden voor". Aan de fans wordt gevraagd om Motörhead, bekend voor zijn loeiharde concerten, "luid te laten weerklinken".
Verschillende muzikanten betuigden intussen ook al hun medeleven, onder wie de frontman van Black Sabbath, Ozzy Osbourne. "Ik ben vandaag één van mijn beste vrienden verloren. Lemmy zal erg gemist worden. Hij was een krijger en een legende. Ik zie je aan de andere kant", schreef hij op Twitter …
(Bron: de Standaard)

Unknown Mortal Orchestra

Multi-Love

Geschreven door

Het goed bewaarde geheim van de Nieuw-Zeelandse Unknown Mortal Orchestra rond Ruban Nielson brak definitief door in 2015 met de catchy single “Multi-love” van het gelijknamig nieuwe album die ‘II’ opvolgt. De lofi psychedelische pop , die op de vorige cd’s meer doorspekt was van soul , krijgt een groovy P-funk randje op z’n George Clinton’s en Prince.  Dit levert naast de single een paar broeierige , dampende parels op als “Like acid rain”, “Ur life one night” en “Stage or screen” .
We zweven nog steeds in een bed van dromerige west-coast psychedelica , een jazzy blazer tune wordt soms toegevoegd en de soul op z’n Stevie Wonder’s is z’n best op “Necessary evil” en “The world is crowded” . De songs hebben een verslavende melodie en weten zich op die manier te nestelen.
‘Multi –Love’ is een verdere exploratie van het UMO geluid !

Jamie xx

In colour

Geschreven door

Naast zijn productie- en percussiewerk bij The xx staat Jamie Smith aka Jamie xx al enkele jaren zijn mannetje binnen de elektronica. . Hij zorgt voor een apart sfeerbeeld en is dus die bepalende figuur voor die subbassen , soundscapes en synthsamples . Die donkere groovende sound horen we op “Seesaw” , “Stranger in a room” en “Loud places”, net drie songs met z’n xx- kompanen Romy Madley-Croft en Oliver Sim. Een melodieus weemoedige subtiliteit en finesse .
Hij wisselt die donkere dreiging af met enkele instrumentale sferische lounge en ambiente nummers , en verhoogt de dansbaarheid of schept een kleurrijk geheel met soulfunky hiphop en Caribische tunes als op “I know there’s gonna be good times” en een “Obvs”.
Een onderhuidse spanning wordt mooi afgewisseld met swing’n’grooves . Een mooi resultaat hebben we hier , die een kwalitatief sterk album inluidt van dit elektronicawonder!

Soak

Before we forgot how to dream

Geschreven door

Een uitstekend sing/songwriterdebuut is afkomstig van de jonge beloftevolle Soak aka Bridie Monds-Watson uit Noord-Ierland. Ze brengt een reeks ingehouden dromerige songs die spaarzaam, sober zijn of iets breder durven te gaan door de percussie en de keys. Ze tokkelt op haar akoestische gitaar of haalt een pianotune aan .Onder haar raspende gevoelige deels soulvolle stem klinken de nummers emotievol, slepend, sfeervol . Met “B a nobody”, “Sea creature” en “Garden” heeft ze drie popnummers uit die een breed publiek kunnen aanspreken. Af en toe is er een handig instrumentaaltje om de volgende reeks elegantie voor te stellen.
Soaks liedjes weten ons enorm te overtuigen.

Son Lux

Bones

Geschreven door

Twee jaar geleden brak hij door naar een breder publiek met zijn elektronisch vernuft op ‘Lanterns’. De Amerikaan Ryan Lott integreert op gekunstelde , subtiele wijze een ‘mishmash’ van indie, folk , soul, drum’n’bass en elektronische pop, organisch en toegankelijk . Een avontuurlijke sound die we zeerzeker op de nieuwe cd horen , zoekend tussen weerbarstigheid en toegankelijkheid .
Een trip van muzikale complexiteit en finesse waarbij ze het met z’n drie het geheel - ingehouden , meeslepend , exploderend - aan elkaar weven. 
Het band-geluid geeft z’n geheimen prijs en durft warmer te klinken ; met hulp ook van DM Stith en Hanna Bern op “I am the others” .
Net als de voorgaande plaat is dit een fascinerend stukje indietronica , die voor de ene een hobbelig, moeizaam parcours is , maar er voor de andere een boeiende leefwereld verschijnt …

And So I Watch You From Afar

Heirs

Geschreven door

Op vroegere platen waren we sterk onder de indruk van deze  post/math rock band . Ze vielen op door muzikale krachtpatserij en lieflijke zalving te combineren in hun instrumentale ‘soundtrack’ geluid; een geluid dat fors en krachtig, donker en dreigend, zwaar en loom kan zijn, maar door de variatie en de repetitieve ritmes evenzeer houdt van een intense sfeervolle, broeierige spanning.
Op de vorige cd ‘All hail bright futures’  gingen de Noord-Ieren uit Belfast luchtiger te werk,  de mantra’s, de Caribische ritmes en de blazers komen nog meer door in hun brede opzet, fris aanstekelijk, en niet vies zijn van wat vocoder, vervormde zangpartijen.
De nieuwe plaat zit alvast op dezelfde lijn door die tuimelpartij van exotische gitaarriedels en lyrische samenzang . De eerste twee “Run home” en “These secret kings I know” zijn fel, snedig en bedreven. Maar het zijn vooral de slepende , intens broeierige tracks op de cd die ons overvallen als “Redesigned a million times” en “People not sleeping”. De twee meer uitgesponnen “A beacon , a compass , an anchor” en de titelsong zijn meer episch, allesomvattend. Ergens een Battles sijpelt hier door.
Zondermeer een krachtige band die ons nog steeds overtuigt! Mooi .

Blur

The magic whip

Geschreven door

Na een ‘Best of’ - reünie tour is het er dan toch van gekomen … Blur is herenigd en heeft na twaalf jaar een nieuwe plaat , die ‘Think tank’ van 2003 opvolgt . ‘The magic whip’ is een even uiterst stemmig , sfeervol album die een melanchool, desolaat gevoel uitstraalt . De songs zijn broos , kwetsbaar , intiem , of meer rijkelijk gearrangeerd . Per beluistering wint deze plaat aan sterkte , intensiteit en zeggingskracht door zijn subtiele geluidjes en spannend broeierige aanpak , geruggensteund door die kenmerkende dromerige zang van Albarn . Invloeden van zijn projecten Gorillaz, The Good , The Bad & The Queen en zijn solowerk vinden hier hun weerslag . Oosterse elementen worden toegevoegd .
De eerste songs , met de singles “Lonesome street” en “Ice cream man” en verder “Ong ong” , zijn dan ook ongelofelijk pakkend door de sobere en bredere (orkestrale) omlijsting en de (elektronica) grooves .
Eén voor één nemen de nummers ons in . De Britpop sound van weleer is wat vervlogen, maar verliest nergens zijn melodieus karakter en overtuigt door de gevoeligheid die het geheel zo mooi omkadert . Schitterende comeback en plaat!

Den Trap, Kortrijk - Rock Trap - 25 jaar Rock’n’Roll Circus in Kortrijk

Geschreven door

Den Trap, Kortrijk - Rock Trap - 25 jaar Rock’n’Roll Circus in Kortrijk
Den Trap 25 Jaar
Kortrijk
2015-12-17 t/m 2015-12-20
2015-12-21
Lode Vanassche

25 jaar Rock’n’Roll Circus in Kortrijk: Echt gemeen van den Trap om muziekminnende mensen zo van hun stokken te blazen met Steak Number Eight – Goose – SX – Balthazar

Zowat elke Belgische band die wat te betekenen heeft (Black Box, Admiral, Goose, Van Jets,…)  heeft al in den Trap gespeeld. Maar ook andere kanjers zoals Chuck Prophet, Godfathers en Chris Spedding passeren  met graagte en passie. Het hoeft geen betoog dat Den Trap een begrip is in zuid West Vlaanderen en ook de rest van dit zakdoekje, België genaamd.

Vijfentwintig jaar nadat ik mijn eerste fles witte wijn soldaat maakte in den Trap is Peter en Co aan een heuse jubileum en triomftocht toe. De grootste concertorganisatoren hebben een arm veil of krijgen de natste dromen voor wat Peter geprogrammeerd kreeg. Zoek maar eens in heel ons land naar een kroeg die Steak Number Eight, Goose, Sx en Balthazar op het podium krijgt. Hoe doet dienen Peter dat nu? Het antwoord is even simpel als geniaal: Zijn legendarische liefde voor muziek en de mensheid. Peetn heeft godverdomme eigenhandig die gasten zowat grootgebracht. Zoals Maarten van Balthazar zelf vertelde, zetten iedere bovengenoemde hun eerste ietwat verlegen stappen op het podium die Peter en zijn Trap aanbood. En stuk voor stuk zijn ze later allemaal in de prijzen gevallen, van kunstbende tot en met rockrally’s.

En het waren feesten! Gehuld in een pietelair, buizenhoed en heuse pornosnor ontving onze gastheer Peter in een vierdaagse marathon zijn invités. Eerste band op dit Kortrijkse Rock’n Roll Circus waren dus postrockers en noisers Steak Number Eight. Brent en zijn manschappen wonnen ergens in 2007 de rockrally en worden nu acht jaar later met de meest positieve recensies overladen, ook in de buitenlandse pers, met hun nieuwste worp ‘Kosmokoma’. Een eivolle trap kon met volle teugen en oordoppen genieten van hoe ze door dit viertal werden omvergeblazen. Vergeet vooral niet dat Brent nog altijd maar 23 is en een heuse internationale doorbraak in het circuit nu al een feit is.

Electrorockers Goose kantoren nog steeds boven den Trap en zijn zowaar kind aan huis. Mannen die pukkelpop afsluiten en platwalsen, wie zijn ze wat doen ze? Juist , op de jubilee van den Trap spelen. Ontdaan van hun fantastische lichtshow en andere effecten zou je denken dat deze heren niet in overdrive zouden raken. Mis dus. Ze zijn er alweer niet in geslaagd om een slechte performance te geven. Het zijn alleen maar de besten die zich nog verbeteren. Met hun thuismatch, en dat zijn de moeilijkste, kwam  Goose, pakte bij de eerste noot het publiek in, liet het niet meer los, gaf het een overdosis adrenaline, zag dat het goed was en overwon. De overheerlijke apotheose en loei (gitaar) harde outro zal héél lang blijven nazinderen. Ik heb er geen ‘Words’ voor….Het maakt hen geen reet uit of ze nu voor een volle tent of weide of in een kleine kroeg spelen. Van professionaliteit gesproken.

Sx zorgde voor een warme beklijvende set waar oud met veel nieuw werd afgewisseld. Stefanie en co slaagde er met verve erin om met hun esoterische-indiepop en trance te brengen en te houden. Ze ontpopte zich met haar elegante ravissante slangebewegingen andermaal tot een opzwepende, creatieve en vooral lekkere frontvrouw.

Balthazar legde op een been en met de vingers in de neus de boel gewoon plat. Klankman Filip vertelde dat Maarten zijn enthousiasme naar het management niet kon verbergen toen hij wist dat hij in dat ‘kroegje’ Den Trap mocht spelen, als was het een klein kindje dat net een snoepje had gekregen. En dit na uitverkochte concerten in Parijs, Hamburg , Berlijn en in een recordtempo tweemaal verkochte AB ! Zegt dus ook veel over Peter en Den Trap, beste lezers!
De klank zat zo goed als perfect en we kregen een set om duimen en vingers van af te likken. Less is more als grootste troef en geen poeha of moeilijkdoenerij. Hopen muziek hebben die gasten mee!  Na opener “Deceny” passeerden onder andere “Leipzig Boatman Oldest”, “Looked” en “Blood” de revue. Definitief neergeknuppeld na de bisronde met “True”, “Sinking” ,”Claim”.
Balthazar weet als geen ander verschillende genres door elkaar te spelen en er heel gelaagd doch fantastisch twee en meer stemmen in harmonie erover te draperen. Intensiteit en speelplezier zoals het hoort. M
ag ik ook nog de fantastische doch bescheiden frontman bedanken voor een heuse sneer naar een of ander Kortrijks muzikantje door wiens gat de zon schijnt en die radio twee zowat heeft ingeslikt?  En ja, Patricia is de mooiste violiste die er rond loopt. Zou niet misstaan in een of ander Velvet Underground Tribute Band…..

Beste Peter, Pierre, Wouter, Pieter, Jeroen, Ruben, en nog zovele andere Trappers , jullie hebben Kortrijk op de muziekkaart gezet. Bedankt voor de laatste vijfentwintig jaar.  Doe er maar nog een jubileetje bij.

Organisatie: Den Trap , Kortrijk

Arbeid Adelt

Arbeid Adelt! – Marcel Vanthilt - Hyperactieve tweeduizendpoot

Geschreven door

Je hebt van die mythische spreuken. Zo hing er in het toilet van mijn grootmoeder - een respectabele vrouw - een bordje met Doe stille voort. Nog zo’n gezegde is Arbeid adelt: van hard werken word je een beter mens. De Arbeid Adelt! waarover we het hier hebben is een opmerkelijk muzikaal trio. Duizendpoot Marcel Vanthilt, vooral bekend van zijn tv-werk, neemt de teksten en de zang voor zijn rekening. Grafisch ontwerper Jan Vanroelen zorgt voor de elektrobeats. Luc Van Acker speelde gitaar bij Shriekback en het controversiële Revolting Cocks. Het nummer “Zanna” van zijn solo-lp ‘The Ship’ werd een klassieker.
Arbeid Adelt! start in 1981 heel opvallend. Hun eerste concert, in het voorprogramma van Fad Gadget, duurde welgeteld 7 minuten: de a- en b-kant van de single “Ik sta scherp”.
Ik interview Vanthilt omwille van drie redenen. Hij is de frontman van de groep. Ik heb hem al een paar maal eerder ontmoet. En hij is een Facebook vriendje. We zijn beiden mee met onze tijd.

Marcel, gezien jouw tempo aan activiteiten, slaap je eigenlijk wel?
Jawel, ik slaap goed en vooral ’s nachts. Gemiddeld zeven uren. Hoe ik al mijn bezigheden gerealiseerd krijg? Simpel, door die één na één te doen.

Hoe zou jij Marcel Vanthilt omschrijven? Je mag Fuck you antwoorden.
Shit, dat begint hier goed. Het is verdomd moeilijk om dat over jezelf te zeggen… (stilte). Dit is een mooie typering: Marcel Vanthilt is altijd met iets bezig.

Eind jaren ’70 presenteerde je op de vrije radio FM Bruxel het programma ‘Met een stijve naar het front’.
Dat was samen met Dominique Deruddere. FM Bruxel was een grote stadsradio. We draaiden new wave maar ook zaken als John Cale en The Residents. We kraamden veel onzin uit. Eigenlijk was het een soort Leugenpaleis, een kolderprogramma. We waren interactief met de luisteraars bezig en verzonnen spelletjes. Eén ervan was om ter snelst spreuken omgekeerd aframmelen. Hilarisch.

Wat was jouw aandeel in TC Matic, de legendarische groep rond Arno?
Tja. Ik heb het einde van Tjens Couter meegemaakt. Paul Couter wou meer bluesrock. Arno ging voor meer hoekige muziek. Jean-Marie Aerts werd aangetrokken en zo ontstond TC Matic in 1980. Arno vroeg me op een bepaalde nacht in een Brusselse dancing of ik bij hen lichtman wou zijn. Zo trok ik twee jaar op met TC Matic, tot en met hun tweede lp. We toerden in Denemarken en Zweden met een gamel busje. De beginperiode van de groep was hard. Ieder concert startte met lauwe reacties, maar halverwege de set stond de zaal in vuur en in vlam. Ik ben gestopt omdat Arbeid Adelt! succes begon te krijgen. Mijn functie werd overgenomen door Danny Willems, vriend en huisfotograaf van Arno.

Eén van je projecten waren The Yéh Yéhs. Jullie deden toen een try-out in De Kreun.
The Yéh Yéhs hebben inderdaad daar getry-out want daags nadien speelden we op het Seaside festival in De Panne. Wij, dat waren: Hugo Matthysen (gitaar), Bart Peeters (drums), Peter Celis (bas) en ik (zang). The Yéh Yéhs zijn ontstaan op een verjaardagsfeest. Het was in feite eenmalig. Toch hebben we zo’n 40 concerten verzorgd die zomer. We brachten een hele goede single uit: The “7 kings of rock ’n roll”.
Dat concert in De Kreun blijft me bij. Bart Peeters was te geweldig geweest en had de dag nadien een ontsteking aan zijn arm. Hij moest cortisone nemen. Het scheelde niet veel of we konden niet optreden. Dat was Seaside ‘86. Man man man… na ons stonden The Ramones, een mytische groep.
Ik vertel hem dat ik ooit The Ramones rond gevoerd heb in mijn Citroën CX, een voiture die lichtjes omhoog gaat bij het starten. De gitarist riep vol verwondering: “Wow, a French car.” (Marcel lacht uitbundig)

Van ’87 tot ’90 kon je aan de slag bij MTV. Hoe ben je daar binnen geraakt?
Heel toevallig. Op café in Brussel hoorde ik dat ze op zoek waren naar presentators. Ik heb hen een videoband met staaltjes van mijn tv-werk bezorgd. En ik kon naar Londen. Het was een heel leuke periode. Allemaal internationale sterren. Glamoureus.

Erna woonde je vier jaar in Amerika. Waarom denk je dat je het er niet gemaakt hebt?
Ik kon daar werken en verblijven omdat ik destijds getrouwd was met een Amerikaanse. Ik heb het er niet gemaakt omdat ik te Europees was. Ik heb het geprobeerd en veelvuldig gesolliciteerd. Maar, je moet er van boven in geraken. Mijn kennissen waren tekenaars en cartoonisten. Niet de juiste relaties. Ik had ook geen management. Enfin, het is niet gelukt.

Welk tv-programma dat je presenteerde is je favoriet?
Naast MTV, zonder twijfel de reeks Villa Vanthilt. Het was echt live, het programma kon niet stopgezet worden. Het vond plaats zowel binnen in ‘de villa’ als buiten. Er werden verschillende steden aangedaan. Mooie herinneringen.

Wat heb je met Oostende?
Het is een stad aan zee. Zelfs buiten het hoogseizoen is het er nog levendig genoeg. Oostende blijft ook in de winter een stad: winkels, cafés, galerijen, musea… Tijdens het laagseizoen heb je het voordeel gemakkelijker een parkeerplaats te vinden. Ik vertoef en leef graag in een stad.

Welke muziek staat er bovenaan je lijstje, zowel Belgisch, internationaal als specifiek Nederlandstalig?
Voor de vuist weg wat betreft Belgische muziek: TC Matic, Soulwax en Mauro. Ook Stromae heeft heel wat in zijn mars. Van TC Matic blijft “Willie Willie” één van mijn lievelingen. En uiteraard “Viva Boema” (patatten met saucissen) omdat ik voorkom in dat nummer: “Viva Marcel et les mademoiselles”. Het zit zo, ik speelde een soort van vriendinnencoach voor Arno. Hij had een lief zitten, maar was ondertussen backstage iemand anders tegen het lijf gelopen. Dus moest ik het eerste lief bezighouden, terwijl hij in het hotel met een andere bezig was. Haha… Voor alle duidelijkheid, iedereen die wat te maken had met TC Matic wordt vermeld in Viva Boema. De dubbele single met “White Rhythm” blaast me nog altijd van mijn sokken. Het begint met een eenvoudige ritmebox met dan die fantastische keyboards erboven op.
In de categorie internationale muzikanten zet ik Wire bovenaan, samen met Talking Heads. Niet te vergeten de samenwerking tussen opperhoofd David Byrne met Brian Eno, te horen op ‘My life in the bush of ghosts’. De groep Television staat ook bovenaan met hun klassieker ‘Marquee moon’.
Bij het Nederlandstalige werk vind ik Spinvis geweldig. De Jeugd van Tegenwoordig, een Nederlandse rapformatie, weet me enorm te bekoren dankzij hun heerlijke teksten. En de niet te evenaren Drs P. Ik zal er nog een Vlaming aan toevoegen: Flip Kowlier. Hoewel ik niet alles van zijn West-Vlaamse teksten versta, heb ik grote bewondering hoe hij speelt met taal. Alles zit juist. De muziek, de cadans… Luister maar eens naar “Mama nowo homme hon (we kun ier toch niet bluven stoan)”.
Spontaan beginnen Marcel en ik het refrein te zingen.
Heerlijk.

Welk werk van Arbeid Adelt! behoort tot je persoonlijke voorkeur?
Onze allereerste single “Ik sta scherp” en eerste lp ‘Jonge Helden’ (ze moeten sterven), in een sublieme productie van Jean-Marie Aerts (gitarist van TC Matic). De meeste van die nummers staan nog op onze set-list. Op eenvoudig verzoek spelen we zelfs “Roodborstje”. Eigenlijk is dat een kinderliedje, een cover. Het nummer staat op naam van ene Thomas Bayly en werd zelfs gecoverd door Glenn Miller. En gij nu: jouw favorieten?
Marcel, zonder nadenken: De man die alles noteert (met een Parker pen). Nogal wiedes voor een interviewer.

Tijd om over te schakelen naar Arbeid Adelt!
Momenteel doen we veel interviews en we zijn stevig aan het repeteren. De apparatuur is verbeterd. Oude synthesizers als een Korg zijn terug beschikbaar in een betere versie. Retromodellen werden geüpdatet. Je zult merken dat onze nieuwe plaat ‘Slik’ – de titel moest kort en krachtig zijn - meer uniform is qua geluid. Al zeg ik het zelf, er staan straffe nummers op de nieuwe cd. De recensies zijn zeer positief. De opnames van het nieuwe werk zijn heel vlot verlopen. We waren alle drie enthousiast. Live brengen we natuurlijk ook nog ons ouder werk want dat klinkt nog altijd fantastisch. We zijn tevreden dat we terug de baan op gaan en doen dit met heel veel plezier. Nu duik ik het repetitielokaal in. Jan Vanroelen en Luc Van Acker zitten anders met hun vingers te draaien.

Ik denk terug aan mijn grootmoeder. De spreuk Doe stille voort gaat niet op voor een Duracell konijn als Vanthilt. Gelukkig maar.

Arbeid Adelt! _ cd-voorstelling voor West-Vlaanderen
voorprogramma: Ex-RZ (ex Red Zebra)
zaterdag 16 januari – 20 uur
cc Zomerloos Gistel
http://www.ccgistel.be
reserveren: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of 059 27 98 71
toegangsprijs: € 15

Judas Priest

Judas Priest + UFO - Metal Gods

Geschreven door

Hoewel Judas Priest de metal hoegenaamd niet zelf heeft uitgevonden (die eer valt volledig te beurt aan Black Sabbath) moeten ze toch als een niet te onderschatten invloed worden beschouwd in de verdere evolutie van het genre. Op vandaag is de muziek van Judas Priest al lang niet meer extreem, maar destijds (we hebben het hier over einde van de seventies en begin eighties) ging de band zo geweldig tekeer dat ze gerust mogen gezien worden als mede grondleggers van speed- en trashmetal. Bands als Metallica, Megadeth en Slayer zijn meer schatplichtig aan Priest dan ze ooit zullen durven toegeven.

Dat Judas Priest vandaag niet meer zo hip is leek wel duidelijk in een Vorst Nationaal dat omwille van de sobere opkomst tot een heuse clubzaal was ingeperkt, en die was dan nog gevuld met overwegend ‘oudere’ metalheads. Nu goed, die transformatie van Vorst Nationaal kwam de klank en de sfeer alleen maar ten goede. Geen spoor vanavond van de gevreesde Vorst-bunkergalm, wel van een enthousiast publiek bestaande uit hondstrouwe fans die hun helden in vol ornaat konden bewonderen. Die fans werden op hun wenken bediend met een splijtende set grotendeels gevuld met klassiekers en oudjes. Priest had hier weliswaar een nieuw album ‘Redeemer Of Soul’ te promoten maar haalde daar amper drie tracks uit die, met alle respect, toch maar moeilijk de concurrentie konden aangaan met de oude krakers.
Vooral de kaskraker “British Steel” werd hier in de bloemetjes gezet met “Metal Gods”, “The Rage” en natuurlijke de luid meegekeelde hits “Breaking The Law” en “Living After Midnight”.
De Priest machine was nog even geolied als vroeger, de heren stonden op scherp, de sound was heavy as hell, de gitaren duelleerden dat het een lust was, de grondvesten van de metal bleken nog steeds onwrikbaar. Natuurlijk grensde het allemaal een beetje aan het karikaturale, die leather looks, die spreidstand gitaren, die gierende macho-solo’s, die Harley-Davidson waarmee Halford voor “Hell Bent For Leather” het podium kwam opgereden,… we namen het er met de glimlach bij. Priest heeft die cliché’s voor een deel mee uitgevonden, dus zij mogen dat. Frontman Robert Halford, die een standbeeld verdient om zich te outen in deze wereld van zware jongens, maakte er een heuse metal-modeshow van, quasi na elke song verdween hij achter de coulissen om een andere leather- of denim jacket aan te trekken. Doch zijn meer dan geslaagde performance was voor het grootste deel nog altijd te danken aan die superbe vaak angstaanjagende vocals die naar de hemel reikten (of de hel als u wil, dit is tenslotte een metal-groep). Hoedje af voor de manier waarop hij zich doorheen de splinterbom “Screaming For Vengeance” krijste (wat een agressie in die song, zelfs Slayer deinst hiervoor achteruit), of hoe hij op het einde van het nog steeds fantastisch klinkende metal epos “Victim Of Changes” (uit 1976!, en nog steeds stiekem onze Priest favoriet) naar de ijle bergtoppen reek. Nog zo een prachtige ouderling was het wonderlijke “Beyond The Realms Of Death” en als ultieme explosie kon een striemend “Painkiller” ook wel tellen.
Met deze briesende set bewees Judas Priest dat zij op hun oudere dag nog steeds hun mannetje kunnen staan in de metalwereld en dat vele jonge bandjes hier een poepje kunnen aan ruiken.

Na al dat moois zou een mens haast vergeten dat er vanavond met UFO nog zo een legendarische Britse hardrock band op het podium stond. Dat deze groep hier als zogenaamde support act een vol uur mocht aantreden betekende dat dit niet zomaar een opwarmertje was. Ook het publiek was meer dan opgetogen met de set van deze Priest-generatiegenoten. UFO heeft met ‘A Conspiracy Of Stars’ een nieuw album uit maar natuurlijk zat daar geen mens op te wachten, qua songs waren het hier ook de oudjes die voor vuurwerk zorgden. De sound van UFO heeft altijd al meer oog gehad voor melodie en is ook een stuk minder heavy dan Priest, maar ook de zwaarste metalfanaat heeft hun vloeiende sound altijd kunnen smaken. Hun meesterwerk is nog steeds die dubbele live plaat ‘Strangers In The Night’, en dat wisten de heren ook wel, maar liefst zes schitterende songs speelden ze daaruit. Die moesten in niets onderdoen voor de fenomenale ‘Strangers In The Night’ versies, temeer omdat zanger Phil Mogg er nog een aardig eindje mee overweg kon. Er mag dan al geen haar meer op zijn hoofd staan, zijn stem is intact gebleven. De toenmalige gitaarvirtuoos Michael Schenker misten we al evenmin, en dat omdat de al even begaafde Vinnie Moore hier perfect die rol inloste. Vooral het lang uitgesponnen “Rock Bottom” was om duimen en vingers bij af te likken, maar ook bij “Lights Out”, “Only You Can Rock Me” en natuurlijk “Doctor Doctor” ging onze nostalgiemeter aanzienlijk in het rood.

Wij zijn hier naar toe getrokken voor een stuk uit jeugdnostalgie, en we zijn teruggekomen met een ferm en schitterend dubbeloptreden op onze concertteller. We denken er aan om onszelf terug tot hardrocker te bekeren.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/judas-priest-16-12-2015/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/ufo-16-12-2015/

Organisatie: Live Nation

Blues Karloff

Light And Shade

Geschreven door

Blues Karloff is een stel ouwe bluesratten uit Vilvoorde die zichzelf oriënteren richting Britse bluesboom van eind jaren zestig. Daar is veel van aan, ze gaan voluit voor gespierde bluesrock met hete riffs en dito solo’s. Daar gaan ze natuurlijk de prijs voor originaliteit niet mee winnen en we gaan hen ook zeker niet vrijspreken van overmatig cliché gebruik, maar het moet gezegd dat hier guts, power en adrenaline uit stroomt.
Hun voornaamste betrachting is het neerzetten van vinnige en potige bluesmuziek, en daar zijn ze heel bedreven in. Alfie Falckenbach heeft die rauwe bluesstem die het genre vereist en geregeld legt hij een gekscherend tintje in zijn vocals waarmee hij in de buurt komt van de geniale Alex Harvey. De flitsende gitaartandem van Paul ‘Shorty’ Van Camp (in een vroeger leven nog actief bij Belgische metalpioniers Acid) en Thomas Vanhaute zet daar een stel felle gitaarpartijen tegenover. Niet verwonderlijk dus dat die gitaren al eens durven neigen naar Gary Moore (nu die gast al een tijdje onder de zoden ligt moet er toch iemand de draad opnemen) of Pat Travers.
Volgens de aloude gewoontes eigen aan het genre graait Blues Karloff gretig in de grote bluescoverbak, maar ’t is niet altijd prijs. “Take These Chains” is slappe kost en “It’s All Over Now” is al zo veel gecoverd dat niemand daar nog iets zinnigs kan mee aanvangen, Blues Karloff duidelijk ook niet. Ook het akoestische Stones afleggertje “Looking Tired” heeft weinig of niks te bieden. De poweruitvoeringen van de Willie Dixon songs “Superstitious” en “Evil” zijn dan wel zeer te pruimen, vooral die laatste is even sterk als de gloeiende versie die wij kennen van de Amerikaanse oer-hardrockers Cactus.
Een covertje minder had dus wel gemogen, zeker als we merken dat deze groep zelf een span stevige bluessong op poten kan zetten. De eigen composities komen er immers verdomd sterk uit (nu ja, eigen composities, dit is bluesrock, alles is wel ergens gejat). Het is stevig rollebolllen met “Blackout Blues” en “I’m A Bluesman”, en we mogen lekker languit chillen (whiskeytje binnen handbereik) op de bluessleper “Don’t Lie To Me”. De ouwe rotten kennen dus best wel de knepen van het vak.
Natuurlijk staat deze plaat bol van de macho bluesrock en bijna plat gespeelde bluespatronen, maar eigenlijk stoort dat niet want Blues Karloff doet het met grenzeloze schwung, kracht en gedrevenheid. Dit is sowieso een genre waarin je onmogelijk nog origineel voor de dag kan komen, je kan dan meer beter een gortige portie grinta in je bluesrock steken.
Hadden we nu een Harley Davidson staan in onze garage, we waren er al lang opgesprongen om met onverantwoorde snelheid het ganse land te doorkruisen.

Trailers

Sway With The Season EP

Geschreven door

‘Sway With The Seasons’ van Trailers is het soort plaatje van een groepje die te vroeg en zonder deftige bagage van het repetitiehok naar de studio is getrokken. Ze hebben wel enkele vaardigheden onder de knie maar er hangt weinig of geen vlees aan de songs, die passeren dan ook zonder dat er iets gebeurt. Het is muziek die nergens blijft hangen, tenzij tussen de spinnenwebben in de koele berging.
Als dooddoener klasseren ze hun eigen sound dan ook nog onder de noemer ‘powerpoprock’. En dan zijn ze verwonderd dat critici hen neersabelen, terwijl wij enkel maar hun perfecte voorzet moeten binnenkoppen. Voor zover wij weten kennen we immers geen enkele band die zelf uitpakt met zo een bekakt genre. Powerpoprock begot, het klinkt een beetje als sarma-blues of tupperware-metal.
Bij nader inzien is het eigenlijk nog zo stom niet en vatten ze er ongewild hun plaatje mee samen, dit is immers mossel noch vis, het wil rocken maar mag niet van de schoonmoeder, men wil de bloemetjes buitenzetten maar moet voor het donker thuis zijn.
Als u het echt niet kan laten kan je dit bandje checken op www.trailersband.com of www.facebook.com/trailersband

Protection Patrol Pinkerton

Good music beautiful people

Geschreven door

Die van PPP uit Tielt hebben al talrijke prijzen weggekaapt . Een ‘Westtalent’ dat zelfs in 2012 de Beloften won en nu al toe is aan hun tweede plaat . Op het titelloze debuut hadden we al drie heerlijke nummers  als “Future =our home” die gebruikt werd als tune voor enkele series , en verder “This time” en “Can’t decide” . Veelbelovend dus wat het combo presteert en twinkelende, frisse melodieën als armslag heeft .
Ook op de nieuwe wordt er eerst fors tegen aan gegaan met die sprankelende bubbels als “Right from the start”, “Forget” en de single “Don’t wreck this”. De speelsheid van Vampire Weekend en Los Campesinos is hier aardig meegenomen. Dan wordt er plaats gemaakt voor een meer intens broeierige, dromerige sfeervolle aanpak , waar ergens een Balthazar opduikt , waaronder “Backseat” en “One of these days” .
Het geheel is leuk , leutig als spannend , innemend.  Die plaat van PPP is dus knap ingenieus boeiend!

Joanna Gruesome

Peanut butter

Geschreven door

Na ‘Weird sister’ van vorig jaar is hier de opvolger ‘Peanut butter’ . Het kwintet  rond Alanna McArdle is afkomstig uit Cardiff, Wales en brengt tien songs in 21 minuten . We krijgen rauwe, furieuze als broeierige, aanstekelijke, dromerige indiegrunge met fraaie dromerige refreinen .
Een heerlijk pittig plaatje beklemtoond door de even dromerig lieflijke zang . De eerste songs (“Last year”, “Jamie luvver”) zijn snedig , daarna zakt het tempo wat met sfeervoller werk (“There is no function Stacy”, “Crayon”) , dan opnieuw gaat het tempo omhoog met “Jerome liar”, “Psykick espionage”, om dan tot slot met het integere “Hey I wanna be your best friend” te besluiten . Joanna Gruesome overtuigt met hun gevoelige rammelrock!

METZ

II

Geschreven door

Het Canadese rocktrio bijt sterk van zich op hun plaatwerk . Deze ‘II’ is een logisch vervolg op hun debuut ‘I’ , en we horen hier simpelweg ‘straight in your face’ grungy punkrock! , die het nauwst leunt aan Big Black van Steve Albini , het oude Nirvana en vindt geestesgenoten in bands als Cloud nothings.
Korte , felle songs onder een aanhoudende spanning, stormachtig, vol opgekropte woede,  die durven los te barsten ; meteen sterk met “Acetate” en “The swimmer” om dan volledig loos te gaan op het opbouwende “Spit your out” en het weergaloze “Kicking a can of worms”, die de cd besluit met heel wat noisy effects . Het gaspedaal mag dan af en toe wat losgelaten worden, de sound is hevig en de verwoestende (schreeuw) vocals van Alex Edkins gaan de vrije loop. 10 nummers in een halfuur , het kan niet anders dat het trio snoeihard, messcherp klinkt en er een strak tempo op nahoudt! , waar we verweesd achtergalaten worden . Live een must-to-see!

Django Django

Born under saturn

Geschreven door

De Britse Schotten Django Django namen de tijd te werken aan de opvolger van hun titelloos debuut . Drie jaar zelfs … Intussen hadden ze een uitgebreide tour achter de rug en namen sommigen ruimte voor allerhande projecten . Ook waren ze wel overdonderd van het debuut, die met de single “Default” een klassieker opleverde.
De opvolger ligt eenvoudigweg in het verlengde van het debuut met zijn hobbelige , stekelige en percussieve ritmiek , de gezellig meepruttelende sequencers en de meerstemmige zangpartijen, die een ‘Beach Boys surfin’ gevoel ademen. Catchy materiaal binnen de indie/synthpop .
De opborrelende aangename, sfeervolle en dansbare grooves en beats zorgen voor een speelse, broeierige, opwindende en ontspannende aanpak . 13 nummers is misschien wel een beetje teveel van het goede en eenvormigheid beschaduwt het geheel , zeker ook als we er de eerste plaat bijrekenen . Maar met “Shake & tremble”, “First light” en “Reflections” hebben we alvast een paar mooie overtuigende pareltjes …

Built To Spill

Untethered moon

Geschreven door

Als we Built To Spill checken, dan maken we onmiddellijk de link naar de indiepop . Jawel, deze band met Doug Martsch als spil , is samen met Galaxie 500 één van de pijlers van de ‘independant’ indierock eind’80’s. In die twintigjarige muzikale carrière horen we stekelige, dromerige songs met hemels zalvende , slepende en verbeten gitaarpartijen en mans bezwerende  melancholische zang.
De sympathieke band zweert aan Neil Young’s Crazy Horse en The Feelies  en biedt ruimte voor enkel soli , wat we horen in de tien lekkere , gruizige songs op de plaat. Al meteen worden we in deze wereld ondergedompeld met “All our songs” en “Living zoo” , die meteen het unieke, sterke van het genre beklemtonen . Verderop nog een magistrale “C.R.E.B.” en “When I’m blind” om te concluderen dan Martsch en C° opnieuw een schitterende plaat uithebben . Ontegensprekelijk respect voor zo’n band!

Mikal Cronin

MCIII

Geschreven door

Voor wie houdt van heerlijk aangename rockende indiepop , zal z’n gading vinden op de nieuwe cd van Mikal Cronin. Hij houdt het boeiend met dromerige, zwierige ritmes en kenmerkende (lichte) explosies die bij het genre gepaard gaan , geïnjecteerd van folk en psychedelica. Strijkers en blazers vullen aan , om de sound wat breder te maken .
De nieuwe cd vormt eigenlijk twee EPs , het tweede deel (van “Alone” tot “Circle”)  is eigenlijk een concept van twintig minuten , een autobiografisch verhaal van de zanger, omgezet in een reeks prachtige afwisselende composities die alle windrichtingen uitgaan. Samen met Ty Segall een bepalende figuur! Mooi.

Rocket From The Tombs

Rocket from the tombs - Legendarisch of mytisch?

Geschreven door

Tussen juni ’74 en augustus ’75 moest je voor de gevaarlijkste groep ter wereld afzakken naar de post-industriële achterbuurten van Cleveland, Ohio.  Veertien maanden: langer duurde de rise and fall van de lokale sensatie Rocket From The Tombs niet, maar het bleek lang genoeg om uit de agressie van MC5 en The Stooges en de gekte van Beefheart en Zappa een nieuw genre te puren. Avant-garde punk was geboren, maar het gezelschap bleek uiteindelijk te licht ontvlambaar om een langere houdbaarheidsdatum te garanderen, en baarde met het avantgardistische Pere Ubu en de straightforward punk van Dead Boys al snel twee andere legendarische bands.

Sinds de release van de spraakmakende verzameling opgekuiste demo’s en live opnames ‘The Day The Earth Met The Rocket From The Tombs’ in 2002 duiken de overblijvende leden op onregelmatige basis nog eens in een (echte) opnamestudio. En kijk, met het onlangs verschenen ‘Black Record’ doet RFTT ook anno 2015 nog menig oldskool punk hart wat sneller slaan.
Ze waren weliswaar goed vermomd, maar punkers op leeftijd waren er dinsdagavond bij de vleet in de 4AD te Diksmuide. Ook aan de bezetting van RFTT heeft de tand des tijds trouwens al flink geknaagd, en het mag eigenlijk een wonder heten dat er met Pere Ubu opperhoofd David ‘Crocus Behemoth’ Thomas en bassist Craig ‘Darwin Layne’ Bell nog twee oerleden van de band rondlopen. Geruggesteund door drie jongere kompanen waarvan al snel bleek dat ze allen uit het juiste punkhout gesneden waren , vloog de groep meteen uit de startblokken met een venijnige interpretatie van de 60ies nugget “Shape Of Things To Come”. Het bleek uiteindelijk één van de zeldzame momenten waarbij de 62-jarige Thomas, weliswaar met steun van een wandelstok, een song al rechtstaand zou declameren. De rest van de set zou de excentrieke frontman met het onafscheidelijke deukhoedje als een druk jesticulerende bompa lawijt met half dichtgeknepen ogen op een stoel doorbrengen. Niemand maalde er om, want met een flesje rood binnen handbereik verzekerde Thomas zich van het ideale smeermiddel voor zijn typische ‘high pitched’ strot.
De groep raasde met een rotvaart door hun jongste opus ‘Black Record’ en haalde er met “Hawk Full Of Soul”,“I Keep A File On You”, “Coopy (Schrödinger’s Refrigerator)” en “Welcome To The New Dark Ages” de lekkerste adrenaline uppercuts uit. Een paar keer ging RFTT toch lichtjes op de rem staan, en dat leverde met het naar Pere Ubu lonkende “Spooky” één van de absolute hoogtepunten op dankzij de psychedelische tierlantijntjes van Whiskey Daredevils gitarist Gary Siperko. Maar even goed kwamen Thomas & co tijdens de rustige momenten nauwelijks boven de middenmoot uit, zoals tijdens de niemendalletjes “Butcherhouse 4” en “Six And Two” uit de weinig opzienbarende comeback schijf ‘Barfly’ (’11).
Dé bestaansreden van RFTT anno 2015 heeft het gezelschap natuurlijk te danken aan die trits protopunk classics die tijdens die beruchte 14 maanden in ’74-75’ werden ingeblikt en sindsdien het etiket ‘onverslijtbaar’ dragen. Uit die holy grail van de punk nam de behoorlijk vitale oerbassist Bell al vroeg in de set “Muckraker” voor eigen rekening. Verdienstelijk, dat wel, maar de man kwam duidelijk niet in de buurt van Thomas als begenadigd performer. Die laatste slaagde er dan weer wel in om het arty nihilisme van “30 Seconds Over Tokyo”, “What Love Is”, “So Cold” en “Amphetamine” ruim 40 jaar na datum geen geweld aan te doen. Eén keer waagde Thomas zich zowaar aan een poging tot provocatie tijdens het controversiële “Waiting For The Snow”, waarin de extravagante Amerikaan weinig verhullend ‘white men’ en ‘muslims’ in twee vijandelijke kampen leek in te delen.

Nog meer legendarisch venijn zat weggestopt in de encores. Überclassics “Final Solution” en “Sonic Reducer” werden netjes opgespaard als apotheose van een prettig weerzien of (in ons geval) verbluffende kennismaking met een absolute cultgroep wiens erfenis zelfs nazindert  tot in het repetitiehok van de jongste generatie eigenzinnige bandjes als Ought en Viet Cong. De immer gevatte Thomas is zich terdege bewust van zijn status als cult legende, maar heeft allesbehalve last van valse bescheidenheid getuige dé quote van de avond ‘People say I’m legendary, well I’m not legendary, I’m mythical, that’s what I am. Mythical.’ En weg was de overjaarse punkpoëet, langzaam strompelend richting coulissen in zwarte velcroschoenen die zijn moeder hem kado deed.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

GlimpsGent 2015 – Luistervoer voor de toekomst

GlimpsGent 2015 – Luistervoer voor de toekomst
GlimpsGent 2015
All Areas
Gent
2015-12-10 t/m 2015-12-12
Stan Vanhecke en Astrid De Maertelaere

Afgelopen weekend konden we alweer genieten van het vijfde Glimpsfestival in Gent, het leukste en meest uitgebreide showcasefestival van de Lage Landen. Meer dan 60 internationale muzikale talenten kwamen het beste van zichzelf geven op tien verschillende locaties in het centrum van de stad. Benieuwd of we weer met enkele pareltjes van bands worden geconfronteerd.

dag 1 – donderdag 10 december 2015
Wij trapten donderdagavond af in de zaal van de Charlatan om naar de Nederlandse jongens van Pauw te luisteren. De langharige Kees, Brian, Rens en Eszl brengen een soort psychedelische muziek met bassen. Soms melodieus en goed klinkend in de oren zoals bij “Visions”, “Abyss” en “Memories”. Soms wat in hogere sferen zoals in “Shambhala”. Ook de riff van “High Tide” kon ons wel overtuigen. Jammer genoeg begaf Pauw zich te veel op onnodige paden in sommige nummers en leken ze zelf niet goed meer te weten waar ze gingen uitkomen. Mooi afgewerkte nummers hebben we dus niet echt gehoord maar beloftevol zijn deze jonge gasten zeker. Ze lieten zelfs een blokfluit ‘cool’ klinken. Graag zien we hen binnen een paar jaar nog eens terug.

Daarna bleven we nog wat hangen in de Charlatan voor Protection Patrol Pinkerton of PPP. Meteen het hoogtepunt van deze eerste avond. PPP is op zijn jonge leeftijd al terug van weggeweest. Ze kwamen in de Charlatan voor de eerste keer hun nieuwste plaat ‘Good Music Beautiful People’ voorstellen. En dat was een succes. De zeskoppige indiepop band doet soms denken aan het melodieus spelend Vampire Weekend of Ben Howard en heeft ook veel weg van het Belgische Team William. Niet toevallig, de frontman van Team William, Floris De Decker, producete ‘Good Music Beautiful People’ en bassist Nils Tijtgat is in beide groepen actief. PPP begon sterk met “This Time”, onmiddellijk een oorwurm van formaat. Daarna mochten we al meteen snoepen van het nieuwe en dansbare “Don’t wreck this up”. Beide perfect afgewerkte nummers waarvan we konden genieten. Even daarna liet Jelle Denturck zich van zijn breekbare kant zien tijdens “Oh Boy”, een zoetgevooisd liedje dat hij zong met Frauke, die even het podium op kwam. We kregen ook nog “Future = our home”, een steengoed nummer waar iedereen gelukkig van wordt. PPP is dus helemaal terug, en dat wij daar blij om zijn! 

Na het fantastische Protection Patrol Pinkerton repten we ons naar het Duitse Fenster in de Minnemeers. Niet slecht, dachten we onmiddellijk. Het deed ons misschien een beetje denken aan Tame Impala, psychedelische hipstermuziek die hoog in de lucht wordt gemaakt. Een hoge stem, een metalen windklokkenspel en onvoorspelbare keyboardgeluiden werden aan elkaar geregen. In “Cat Emperor” en “Memories” klonk dat zeker goed maar over het algemeen verveelde Fenster redelijk snel. Veel nummers lijken te veel op elkaar, het werd dus een beetje saai op den duur. Het publiek slinkte dan ook behoorlijk, vreemd genoeg ook op de eerste rij, dat kan natuurlijk gebeuren op een showcasefestival. Fenster, niet slecht dus. Willen we ze opnieuw zien? Goh, eigenlijk niet.

We sloten onze donderdag af met een stukje Dans Dans. Zij hebben wel een unieke sound. De drie kerels van Dans Dans brengen een mix van instrumentale jazz en rock zonder al te veel poespas. We konden wel genieten van die manskerels zonder capsones. Dans Dans bracht mooi in elkaar overgebrachte nummers. We leken “Au Hasard” te herkennen, al is dat altijd moeilijk te zeggen bij Dans Dans, ze improviseren er namelijk helemaal op los. En ze doen dat goed.

dag 2 – vrijdag 11 december 2015
Op vrijdagavond planden we ons eerste optreden in de Sint-Jacobskerk. Het fijnzinnige Blackie & the Oohoos hebben alvast een fantastische naam, en ook het optreden konden we smaken. De zusjes Maieu brachten mysterieuze en spirituele droompop, alles met een heel broze en intimistische kant. We hoorden leuke nummers uit album ‘Song for two sisters’, perfect passend in de grote Sint-Jacobskerk. Een slimme zet van de organisatoren. We hoorden belletjes, zagen mooie kleuren en lieflijke muziek. Blackie & the Oohoos maakt misschien geen unieke muziek maar heeft wel een geheel eigen stijl dat de nieuwsgierigheid opwekt. Vooral “Song for two sisters”, het nummer gelijknamig aan het album bewees dat de band een blijver is. Mooi ritme, perfect afgewerkt, een stevige start van onze tweede dag op Glimps.

Daarna was het nog even binnenwippen in het Charlatan Café vooraleer we naar de zaal trokken om Rozi Plain te zien. Daar was de Deense Nils Gröndahl op de grond aan het kermen in een microfoon. Blij dat er kansen worden gegeven voor experimentele muziek, maar niet echt spek voor onze bek. Wanneer het soms moeilijk te onderscheiden is of het nu muziek is, of gewoon de versterker die het begeeft, dan haken wij af. Beluister van hem eens “Das Fenster” en je begrijpt wat we bedoelen.
Neen, dan konden wij meer genieten van Rozi Plain. De supersympathieke Britten hadden een goede babbel, één van de weinige groepen die het lef had om de interactie met het publiek aan te gaan. Rozi Plain breng ook gewoon leuke en vrolijke muziek, goed uitgevoerd met een mooie stem en een poppy sound. Wij wilden Rozi Plain onmiddellijk adopteren en in onze living zetten. De set paste mooi in elkaar. “Actually” heeft een zeer catchy melodietje, “Jogalong” hoorden we op fluistertoon met hoge keyboardnoten eromheen dansend. “Best Team” swingde wat meer en was wat luider dan de rest van de set, net wat op dat moment nodig was. In “Cold Tap” hoorden we zowaar een Taishokoto, een tof Japans snaarinstrument die goed bij de stijl van de band hoorde. Rozi Plain was dus zeker één van de fijnste optredens van de avond.

En het ging enkel in stijgende lijn daarna. In het Lakenmetershuis was Yalta Club net aan zijn set begonnen. De Parijzenaars brengen gevarieerde indiepop, denk aan groepen als Fanfarlo en Crystal Fighters. Yalta Club heeft al een volwassen show en enkele uitstekende hits, een echte ‘ontdekking’ kun je ze dus niet noemen. Ze zijn al even bezig. We hoorden “Late”, een nummer dat op het einde echt ontploft op de goede manier, trompet erin verwerkt en al. In “What’s coming after” werden de instrumenten tot een minimum beperkt en gingen alle bandleden samen al vingerknippend hun tekst opzingen. Fantastisch gedaan, het zorgde voor een samenhorigheid tussen band en publiek. Met “Of Mice and Godesses” ging het de donderende toer op. Zware drums en het meisje van de band ging met castagnetten en korrelige radiostem tekeer. Op het eind dansten ze met de vrolijkste melodie van de avond het publiek in met het gloednieuwe “Love”. De mensen in het Lakenmetershuis kwamen recht van hun stoel om mee te shaken met de band. Een staande ovatie op het einde van het optreden, je moet het maar doen in een zaal waar vooraf hooguit een tiental mensen ooit van je muziek hebben gehoord. Chapeau voor de zeskoppige band, een echte aanrader voor de opgewekte hipsters in deze wereld.

Op dat moment was het ook tijd voor de zware rockers van The K in het Charlatan Café, een volledig ander genre dan het voorgaande. Tijdens hun Winter Tour stopten ze twee keer in het Gentse. Donderdag hebben ze al het beste van zichzelf gegeven in het Trefpunt, georganiseerd door JauneOrange. Deze drie kerels lieten er geen gras over groeien en vlogen er meteen in met “Intrusive Behavior”. Actie was er genoeg op het podium met nummers zoals “Essential Chippendale”, “Sleeper Hold” en “20” of Discipline” en de energie vloog er vanaf. Hoewel het testosterongehalte in het Café heel hoog was, troffen we toch een setlist op een vrouwenblaadje aan. The K. ‘smijt’ zich volledig, af en toe volgt er zelfs een WOW vanuit het publiek. Om de show helemaal te stelen sluiten ze hun set af met “Streaks in the Sky”. De frontman doneert zijn gitaar aan een meisje uit het publiek. Ook de drums worden één voor één tussen het volk geplaatst om zo het nummer verder te zetten. Eén ding is zeker, deze noise rock zullen we niet snel vergeten.

We repten ons daarna terug naar het Lakenmetershuis, want daar wilden we Cristobal & the Sea nog even meepikken. Vier mensen uit verschillende landen hadden hun pinguïn-mascotte en sjaaltjes meegenomen naar Gent. De muziek brachten ze op blote voeten. Al snel kregen we de indruk dat de show rond deze mensen beter was dan de muziek. Dat bleek ook, we kregen het warm noch koud van de zogenaamd speelse en vrolijke nummers met dwarsfluitdeuntjes erbovenop. “My Love” en “Disquiet” waren de beste liedjes van het multiculturele gezelschap. Ze brengen bij wijlen een beetje een moderne versie van wereldmuziek zonder echte uniciteit te hebben. Het zijn ongetwijfeld goede muzikanten maar ze vallen een beetje weg tussen al het andere Glimpsgeweld.

We sloten deze tweede dag af waar we begonnen waren. Raglans kwam nog wat rocken in de Sint-Jacobskerk, boysband-style. De Ieren bleven het tempo hoog houden en zo sloten we de dag toch nog positief af. “White Lighning” konden wij bijvoorbeeld wel pruimen.

Wisselend succes dus op dag twee op Glimps in Gent. Uitschieters waren Yalta Club en Rozi Plain, Blackie & the Oohoos willen we zeker nog eens terug zien. De harde rockers van The K. zijn ook een aanrader voor de fans van het zwaardere genre.

dag 3 – zaterdag 12 december 2015
Op de derde dag van Glimps verwachtten we ons weer aan een heleboel nieuwe onontdekte pareltjes. We begonnen onze zoektocht deze keer in het Lakenmetershuis op de vrijdagmarkt. Daar speelde Jacob Bellens zijn ietwat tragische en sacrale popmuziek. Alles heel eenvoudig gebracht zonder simpel te worden. De man zorgt voor kippenvel met zijn mooie stem, zittend achter zijn keyboards. Iedereen hield de volledige set de adem in. Vanaf het begin met “Heart of Africa” had hij het publiek te pakken. Daarna was het af en toe iets luchtiger, dan weer confronterend eerlijk zoals de Deen het bracht. We kregen “Untouchables” en “Eight Arms to Hold You”,  beiden in dezelfde prachtige stijl. Voor het eerst speelde de band ook “Behind the Barricades”, een nummer met iets meer power maar even mooi als de voorgaande. Het speelplezier spatte ook van Jacob Bellens en de drie ondersteunende muzikanten af. “Polyester Skin” maakte het optreden helemaal compleet. Wij hebben intens genoten en kunnen niet wachten om hem nog eens aan het werk te zien. Ga hem bewonderen!

We bleven nog even in het Lakenmetershuis voor het Nederlandse Bird on the Wire. Het is natuurlijk moeilijk om in de sporen van een topper op het podium te gaan staan. De drie meisjes en jongen van Bird on the Wire maken psychedelische synthmuziek met een zachte en hoge stem eroverheen. Daar kwamen ook nog wat bassen en drums bij. Het heeft iets weg van Bat for Lashes of Cocorosie. Bird on the Wire kon niet helemaal overtuigen, ze spelen leuke nummers maar missen duidelijk iets. Dat werd ook niet opgevangen door een charismatische frontman of frontvrouw, waardoor alles een beetje eentonig werd. “Horse” was hun beste nummer en zat vast aan “Sandy”, gloednieuw gebracht vanop hun nieuwste plaat. Voor de rest dus geen verpletterende indruk achtergelaten, het kan natuurlijk niet altijd prijs zijn op een showcasefestival.

Yung stond vrijdag reeds paraat in de Handelsbeurs ter vervanging van Taragana Pyjarama. Zaterdag was deze indiepunkband te bezichtigen in het Minnemeers. Een bende jonge Deense knapen uit Aarhus verscheen op het podium. De zanger deed ons het eerste ogenblik een beetje denken aan supermario, het kapsel en dat snorretje. Dat terzijde, hadden wij meteen het gevoel dat het goed zat. Vooraf hadden we gelezen dat Yung dezelfde energie zou hebben als Nirvana en wij snappen nu wel waarom. Luide gitaren en hevig gedrum, tijdens “God” en “Blue Uniforms” bracht Yung een stevige portie rock. Twee nummers van hun nieuwe album ‘These Thoughts Are Like Mandatory Chores’ dat in september dit jaar gereleased werd.  Bij “Nobody Cares” en “Burning Bodies” bracht het stemgeluid ons terug naar het grungewereldje. Een duidelijke boodschap uit het publiek volgde: “Amai, die zijn goed”. En meer hebben wij daar niet aan toe te voegen.


Ondertussen pikten we nog twee bands mee, I have tribe en Go March, respectievelijk in de Sint-Jacobskerk en het Minnemeers. De stijlen konden niet meer verschillend zijn. De Ier bracht ballads vanop zijn piano, Go March rockte er op los. I have tribe was voor ons te rustig, Elbow maar slechter gezongen, zonder power. Zeker mooi om even te luisteren zoals in “Lungs”, zo’n liedje dat de gedumpte mens opzet. Al bij al was I have tribe niet spannend genoeg in dagen waarin zo goed als alles kan op muzikaal vlak. Dan hebben de jongens van Go March dat beter begrepen. De gitaar teasde en pleasde, de kopjes gingen op en neer. De nummers werden stevig opgebouwd en gingen aan het eind helemaal los.  “Chase” en “Rise” waren daar enkele van de toppers van de avond.

Glimps afsluiten deden wij waar de zaterdagavond begon, in het Lakenmetershuis. Daar was het de beurt aan Sherman, die het solo probeert de dag van vandaag. Hij speelde wel nog hit “By your side”, wat wel een flauw afkooksel werd van het origineel, doordat de drums uit de laptop komen. Bovendien misten we de backing vocals die het nummer zoveel leuker maken. Voor de rest had Sherman de elektronica in de armen genomen en stond hij wat in de stijl van Jamie XX op het podium. We hoorden een erg catchy nummer zoals “White City” en hoorden een leuke riedel in “Crosses”, beide nummers van nieuwe plaat ‘Ocean City’. De stijl was niet helemaal wat we ervan hadden verwacht, maar daarom niet minder goed uitgevoerd.  We luisterden graag naar Sherman, al was het misschien wat commercieel en hebben we een onuitwisbaar gevoel dat we nog lang zullen moeten wachten op de echte doorbraak. Maar wel een mooie afsluiter voor een fantastische vijfde editie van Glimps.

Meer dan 70 internationale bands zakten af naar het Gentse showcasefestival en lokte meer bezoekers dan ooit. Ook artistiek hebben wij erg genoten en deden enkele ontdekkingen doorheen de drie dagen. We herinneren ons Protection Patrol Pinkerton, Pauw, Rozi Plain, Yalta Club, Jacob Bellens en Yung. Toch weer een hele collectie nieuwe of bevestigende bands die we in de toekomst graag volgen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/glimpsgent-2015/
Organisatie: GlimpsGent  

VHOL

Deeper Than Sky

Geschreven door

VHOL is een soort metal supergroep met leden van het zware doommetal gezelschap Yob en de punkmetallers Agalloch.
‘Deeper Than Sky’ is een waanzinnige metal-plaat met guts, branie en een onweerstaanbaar tempo. De bloedstollende trash-metal en hardcore punk van openers “The Desolate Damned” en “3AM” laten er geen twijfel over bestaan, dit gaat hard, zeer hard. De heren hebben volle fun en staan hier zeer snedig en scherp te spelen, dit is metal zoals de beste metal moet klinken, fel, meedogenloos en razendsnel, maar nergens hersenloos.
De vernuftige songs barsten van energie, de gitaren gieren en soleren dat het een lust is, de bassen zijn loodzwaar en de drums storten zich dwars door een zwaar gepantserde muur. Hoogtepunt is de twaalf minuten durende titelsong, een brok edelmetaal waarin alle sterktes en vaardigheden van deze onstuimige heren samengebald zijn, het gaat van loeihard naar zalvend en weer terug, en steeds staan de gitaren roodgloeiend. Een buitenbeentje is de instrumental “Paino” (geen tikfout), een geflipt brokje jazz-metal waarin een loden basgitaar en een ontspoorde piano het mooie weer maken. “Red Chaos “ is dan weer geniale herrie die speed-metal koningen Slayer ongenadig naar de kroon steekt. In “Lightless Sun” krijgt de trash-metal een theatraal randje, alsof Bigelf met Overkill in de rollercoaster stapt. Afsluiter “The Tomb” klinkt als Iron Maiden na een verjongingskuur op basis van doortastende electroshocks (wat ze trouwens best kunnen gebruiken na het vermoeiende en langdradige epos ‘Book Of Souls’).
‘Deeper Than Sky’ moet het niet hebben van de lange afstand, het is eerder een kloeke spurt dan een marathon, en het klokt middels zeven meedogenloze happen rumoer al af op 42 minuutjes. Maar wat een manische en dolle metal-trip is me dat !

Pagina 288 van 498