logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
Hooverphonic
Concertreviews

Jon Spencer

Jon Spencer – Driftig als altijd

Geschreven door

Jon Spencer – Driftig als altijd

Met Kim Salmon en Jon Spencer stonden hier 2 garagerock-iconen op een avond ingepland. Hadden we voor geen geld van de wereld willen missen …

Kim Salmon maakte als frontman van The Scientists en als gitarist van The Beast Of Bourbon deel uit van die geweldige Australische garage-rockscene uit de jaren tachtig. Twee bands die nooit echt van het grote succes hebben mogen proeven maar gestaag in al die jaren een heuse cultstatus hebben opgebouwd.
The Scientist hebben ondertussen al twee bescheiden comebacks gemaakt met ‘Sedition’ in 2007 en ‘Negativity’ in 2021 en tourden tot in 2023 nog wel eens de wereld rond, maar vanavond was Kim Salmon hier vooral om zijn kersverse solo-album ‘Smoked Salmon’ voor te stellen. Op voorhand hadden wij ons huiswerk gemaakt, maar het album kon ons geenszins overtuigen, zeker niet als wij het afwogen tegen al dat fameuze Scientists materiaal.
In hun live versie kregen de songs uit ‘Smoked Salmon’ echter wel een stevige (lees smerige) garage-rock injectie en bespeurden we toch geregeld flarden van die vuile en nonchalante stijl van weleer, hoewel Kim Salmon het materiaal van zijn voormalige band vanavond totaal onaangeroerd liet en zich volledig focuste op de nieuwe plaat.
Als performer was Salmon best wel overtuigend. Qua spontaniteit, stemkracht en vooral goesting heeft nog niks moeten inboeten en zijn sterke band zorgde ervoor dat er trouw werd gebleven aan een bijwijlen gruizige garage-rock sound. 

Op naar die geweldige rasperformer Jon Spencer. Deze kwam hier in zijn gekende sneltreinvaart grasduinen doorheen zijn volledige backcatalogue, van Pussy Galore, langs Heavy Trash, Jon Spencer Blues Explosion, The Hitmakers tot aan die rauwe rechttoe-rechtaan bom ‘Sick of Being Sick’ die hij in 2024 op de wereld losliet.
Spencer’s huidige live band is ook deze van dat bruisende album, met Kendall Wind op basgitaar en Macky Spider Bowman op drums, twee ongetemde jonge veulens die ook deel uitmaken van het onbesuisde punkbandje The Bobby Lees.
Met die 2 driftige punkleveranciers rond hem leek het alsof de inmiddels 60-jarige Jon Spencer ook weer de eeuwige jeugd had teruggevonden, voor zover hij die al was kwijt geweest. Energiek, vitaal en ontembaar als ooit raasde Spencer met zijn gevolg doorheen dat wervelende nieuwe album afgewisseld een flink stel klassiekers (“Afro”, “Bellbottoms”, “2 Kindsa Love”, “Do the Trascan”, “Sweat”, “Wail”, …) die naar goede gewoonte allemaal aan elkaar werden geregen.
Geen tijd voor tussenstops, hier moest aan één stuk door geramd worden, rock’n’roll behoeft geen pauzes. Spencer morste kwistig met de meest wilde en smerige riffs, ondertussen het publiek verblijdend met zijn gekende James Brown meets Lux Interior meets Elvis act. Spencer als de ongenaakbare ultieme predikant van de rock’n’roll, zo kennen we hem en zullen we hem altijd blijven aanbidden.
Op een klein anderhalf uur joeg dit voortvarende trio er zo een slordige 25 songs door. Het kunnen er ook meer geweest zijn, want bij Jon Spencer hebben we nog nooit de tel kunnen bijhouden. Dit was wederom briesend, onstuimig, kolkend en uitermate fantastisch.
Het zoveelste bewijs dat Jon Spencer één van de meest energieke live performers is die er op deze aardkloot rondlopen. En dat op zijn zestigste.

Organisatie: Aéronef, Lille

Beoordeling

The Flaming Lips

The Flaming Lips - Yoshimi, confetti en Ware Liefde

Geschreven door

The Flaming Lips - Yoshimi, confetti en Ware Liefde

Wie The Flaming Lips zegt, denkt meteen aan overvloedige confetti, felle kleuren, opblaasbare reuzenfiguren, verkleedpakjes en een flinke portie glitter en spacy vrolijkheid. Muzikaal zit het doorgaans degelijk tot sterk, met een selectie nummers uit hun eigenzinnige, breed uitgesmeerde discografie.
Frontman Wayne Coyne – inmiddels het enige overgebleven originele bandlid sinds de oprichting in 1983 – houdt daarbij steevast de touwtjes stevig in handen. Ook deze keer werd het publiek in de – bijna uitverkochte – Roma ondergedompeld in een vertrouwd universum vol visuele prikkels.
Toch had de avond iets bijzonders: het eerste deel van het concert was een verjaardagsfeestje voor ‘Yoshimi Battles the Pink Robots’ (2002), het album dat de band destijds eindelijk brede bekendheid opleverde.

De gigantische ledwand, opblaasbare pink robots, confettikanonnen en laserlichten speelden vanaf opener “Fight Test” een even grote rol als de muziek zelf. Technische problemen zorgden voor een verlate start, maar zodra de eerste confetti neerdaalde, was dat snel vergeten. Opvallend was dat Coynes zang in de eerste nummers soms wegviel in het spektakel, maar dat werd ruimschoots goedgemaakt door de warme ontvangst van het publiek, dat zich gretig liet meevoeren in de dromerige mix van glitchy elektronica, spacy intermezzo’s en melancholische bombast. De sfeer zat meteen goed tijdens meezinger en eerste hoogtepunt “Yoshimi Battles the Pink Robots Pt. 1”, waarin Coyne zijn confettipistool boven haalde terwijl grote ballonnen door de Roma stuiterden.
Wayne en zijn band dompelden de bloedhete zaal in een trance tijdens “Are You a Hypnotist??”, waarbij een reusachtige discobal ontelbaar veel lichtstralen de zaal in stuurde. Tijdens “It’s Summertime” riepen vogelgeluiden en trompetpartijen een exotisch universum op, terwijl het publiek zichtbaar genoot van het met liefde overgoten megahit “Do You Realize??” – hét emotionele ankerpunt van de avond. Toch viel op dat niet elk nummer even sterk overeind bleef: “Ego Tripping at the Gates of Hell” miste wat overtuiging, en de lange monologen tussendoor haalden af en toe het tempo uit de set. Gelukkig herpakte de band zich richting het einde van deel één met het atmosferische “Approaching Pavonis Mons by Balloon (Utopia Planitia)”, waarna Coyne met hernieuwde energie het podium op kwam voor een waardige afsluiter van die geweldige plaat.
Na de pauze en onder de beats van Technotronic’s “Pump up the Jam” kwam de band terug het podium op om in een meer ontspannen stijl nog een reeks publieksfavorieten te brengen. Het voelde frivoler aan, zonder de magie te verliezen of confetti te sparen. Opener was de oude classic “She don’t use Jelly”. Coyne trok voor “Flowers of Neptune 6” een ludiek bloemenpak aan en leidde het nummer lang in met een anekdote over Kacey Musgraves en vuurvliegjes.
Even tussendoor kwamen ook dansende aliens het podium op. Muzikaal bleef het boeiend: “The Spark That Bled” was gelaagd en kende verschillende tempowisselingen. Diepgang zat ook in het eerder duistere “Pompeii Am Götterdämmerung”, waarin de frontman met een slingerende koplamp en vallende donkere confetti als as de toon zette.
In een Wonder Woman-pak zorgde Coyne voor luchtigheid in het tragische “Waitin’ for a Superman”, waarna hij – voor de zoveelste keer die avond – het publiek aanspoorde om te blijven juichen en roepen. En als het nog niet gek genoeg was, verschenen er dansende ogen en opgeblazen lippen op het podium om het heerlijke “The Yeah Yeah Yeah Song” extra schwung te geven.
Coyne en de zijnen hadden nog genoeg jus over voor een korte maar krachtige bisronde. Als eerbetoon aan Daniel Johnston brachten ze “True Love Will Find You in the End” met hun eigen psychedelische toets.
Tijdens de afsluiter “Race for the Prize” ontbrak het allesbehalve aan confetti, slingers en ballonnen.
Daarmee bevestigde de band dat het – ondanks alle chaos – toch een wondervolle wereld kan zijn.

Setlist
Set 1
Fight Test - One More Robot/Sympathy 3000-21 - Yoshimi Battles the Pink Robots, Pt. 1 - Yoshimi Battles the Pink Robots, Pt. 2 - In the Morning of the Magicians - Ego Tripping at the Gates of Hell - Are You a Hypnotist?? - It's Summertime - Do You Realize?? - All We Have Is Now - Approaching Pavonis Mons by Balloon (Utopia Planitia)
Set 2
She Don't Use Jelly - Flowers of Neptune 6 - The Spark That Bled - Pompeii Am Götterdammerung - Waitin’ for a Superman - The Golden Path (The Chemical Brothers) -  Riding to Work in the Year 2025 (Your Invisible Now) - The Yeah Yeah Yeah Song
Bisronde
True Love Will Find You in the End (Daniel Johnston cover) - Race for the Prize

Organisatie: De Roma, Antwerpen

Beoordeling

Blowers

Blowers - Wonderbaarlijke garagepunk

Geschreven door

Blowers - Wonderbaarlijke garagepunk

Mijn eerste kennismaking met cultuurhuis Boegie Woegie, dat zo'n twee jaar bestaat, was er eentje om niet licht te vergeten …

Eerst kregen we LS Gatekeeper op ons bord, een gezelschap dat zijn basis heeft in zowel Amsterdam, Rotterdam als Berlijn. De zanger, Lui Surreal, bleek dan ook nog eens een Brit te zijn. Een man met zwarte lippen, gekleed in een stijlvol zwart jasje met daaronder een groezelig hemdje dat net boven de buik was afgeknipt, die meteen alle aandacht naar zich toe zoog. Met een robotachtige motoriek stuiterde hij zowel vóór als op het podium als een losgeslagen Duracell-konijn in het rond.
Het eerste nummer bleef hij nog aan de kant want dat was een instrumental waarin een zwaar vervormde gitaar met een homp loodzware psychedelica ons op het verkeerde been probeerde te zetten. Daarna stuurde LS Gatekeeper resoluut haar koers richting punk die tegen de hardcore aanschurkte hoewel die gitaar zijn psychedelische trekjes bleef behouden. Het bleef een vreemde combinatie: die wat wereldvreemde gitaar met de krachtige punk vocals, die soms net geen rap waren, van Lui Surreal en de uitermate strakke drums van Bobby Boycott maar het werkte. Ondanks de afwezigheid van de bassist wist LA Gatekeeper een gesmaakte set neer te poten.


Blowers zag ik voor het eerst twee jaar geleden en ze konden me ondanks de hooggespannen verwachtingen na hun schitterende tweede plaat, ‘Blown again’, maar half overtuigen. Er waren wel verzachtende omstandigheden: de grote zaal van Trix, waar ze het voorprogramma van The Chats waren, was nog zo goed als leeg.
Ik kwam toen tot de conclusie dat ze waarschijnlijk veel beter zouden gedijen in een propvol café. Nu bleek cultuurhuis Boegie Woegie geen café maar een knus zaaltje te zijn en propvol zat het ook al niet, toch werd ik dit keer compleet van de sokken geblazen door dit viertal uit Melbourne.
Naast frontman Kit Convict (zang, gitaar), weeral in een Wipers t-shirt, en tweede zanger-gitarist Andrew Porter zagen we twee nieuwe gezichten: bassiste Shannon Cannon en de drummer, die zich blijkbaar net voor de tour  bij de groep kwam vervoegen. Zijn naam moet ik jullie schuldig blijven, maar wat ik wel weet is dat hij jarig was, er ongelooflijk veel zin in had en veel nummers luid schreeuwend op gang trok.
Blowers heeft een van alle subtiliteit ontdane en zelfs boertige benadering van rock-'n-roll die wonderbaarlijk goed uitpakt. De enige momenten waarop ze blijk gaven van enige verfijning, was tijdens de gracieuze samenzang tussen de twee gitaristen en de bassiste.
Hun laatste plaat, ‘Blowmania’, uit op het Portugese Chaputa Records en het Australische Trash Cult Records, viel me na een enkele beluistering wat tegen wegens te poppy en hoewel zowat de helft van de gespeelde nummers uit die plaat kwam kon ik geen enkele misser noteren. De op infantiele melodieën gestoelde nummers werden met zo veel gruis overgoten en met zoveel lust gebracht dat ze stuk voor stuk klonken als verloren gewaande garagepunkparels. 
Vergelijken lijkt me zo goed als onmogelijk maar als het dan toch moet, hou ik het bij een onoordeelkundige mix van Reatards, Oblivians en Ramones.
Dit keer hield Kit Convict het, buiten die ene mislukte poging tot braken, vrij beschaafd en deed hij er alles aan om het vuur erin te houden. Zo dreigde hij zelfs een drietal nummers minder te spelen indien het publiek niet dichter kwam. En tijdens het laatste nummer, het bijzonder wilde "Everybody in the room hates me", zette hij zijn gitaar aan de kant om tussen het volk te gaan dansen.
We hadden dan al een set vol hoogtepunten, inclusief mijn favoriet "Shut the fuck up", achter de rug. Voor de bis mochten twee extra muzikanten (van het Berlijnse S.U.G.A.R., met wie ze samen op Europese tournee zijn maar die hier in Menen om één of andere reden niet speelde) het podium op om er nog een indrukwekkende cover van "New race" van het legendarische Radio Birdman uit te knijpen.

Organisatie: Boegie Woegie, Menen


Beoordeling

Whores.

Whores. - Need some noise?

Geschreven door

Whores. - Need some noise?
Whores. + Help

Als binnenkomer kan de bijtende noise-rock van het trio Help wel tellen. Dit klinkt een beetje als Metz met dynamiet in de kuiten of Pissed Jeans op een bedje van steroïden. Luid, hard, intens, furieus en soms iets te schreeuwerig, maar wel bijzonder energiek en vinnig. Ietwat meer variatie zou welkom zijn, maar dit is toch een bandje om in ’t oog te houden. 

Whores. is een band die duidelijk de mosterd heeft gehaald bij iconische groepen als Helmet, Melvins en The Jesus Lizard. Hun naam doet misschien niet zo veel belletjes rinkelen als voornoemde legendarische bands, maar hun sound klinkt even verbeten, fel, vermorzelend en krachtig.
Met het geweldige ‘War.’ releasten ze in 2024 pas hun tweede volwaardige album, en dit 8 jaar na voorganger ‘Gold.’, daartussenin waren er de EP’s ‘Ruiner.’ En ‘Clean.’ En daarmee hebben we het zowat gehad wat betreft discografie. Niet echt de meest productieve band dus, maar elk van deze plaatjes hebben Whores wel heel wat positieve respons en een stevige reputatie opgeleverd.
Met een fijne selectie uit deze 4 splinterbommen komt Whores. hier een knoert van een visitekaartje afgeven. Mokerslagen als “Fake Life”, “Quitter’s Fight Song”, “Baby Bird” en “Charly Chaplin Routine” komen binnen als welgemikte stampen in de onderbuik. Het genadeloze riffmonster “Hostage Therapy” doet l’Aéronef daveren op zijn grondvesten en met de onverbiddelijke bulldozer “Imposter Syndrome” worden ook nog eens de muren gesloopt, Melvins zijn hier wel heel dicht in de buurt.
“I Am an Amateur at Everything” en afsluiter “I Have a Prepared Statement” wringen zich als twee meedogenloze sluipmoordenaars doorheen een giftig doom-metal bad. Whores. laat zo een spoor van vernieling achter met deze korte doch verpletterende set.

Organisatie: Aéronef, Lille

Beoordeling

Customs

Customs – Een snedige terugkeer

Geschreven door

Customs – Een snedige terugkeer

Na jaren van stilte maakte Customs hun langverwachte comeback in de intieme setting van de Cactus Club in Brugge. Het concert, georganiseerd door Yeke Yeke Concerts, was niet minder dan een blij weerzien met de Belgische indierockband die begin jaren 2010 furore maakte met hits als “Rex” en “Justine”.

Customs ontstond in 2008 en wist zich met hun debuutalbum ‘Enter the Characters’ al snel een stevige plek in de Belgische rockscene te veroveren. Hun sound — een mix van donkere new wave en strakke gitaarlijnen — sloeg meteen aan bij een breed publiek. Na enkele succesvolle jaren verdween de band van de radar, wat de lange afwezigheid des te opvallender maakte.
Na enkele festivalletjes en een concert in De Casino in Sint-Niklaas, was het concert in Brugge hun eerste echte clubshow op Belgische bodem sinds hun terugkeer. En wat voor één.
De band bewees dat ze niets van hun snedigheid verloren zijn. Vanaf de eerste noten klonk alles vertrouwd en messcherp. Frontman Kristof Uittebroek stal opnieuw de show met zijn kenmerkende présence: energiek, charismatisch en volledig in zijn element. Hij zweepte het publiek op met rake bindteksten en een bezielde stem, wat het optreden een boeiende intensiteit gaf.
Het publiek — een mix van oude fans en nieuwsgierige nieuwe luisteraars — liet zich moeiteloos meeslepen door de krachtige set. Nieuwe nummers stonden naadloos naast de klassiekers, en de band speelde met een overtuiging die enkel uit echte honger naar het podium kan komen.

Customs is terug, en hoe. Hopelijk blijft het deze keer niet bij een eenmalig clubconcert, want dit smaakte duidelijk naar meer. Gelukkig hoeven fans niet echt lang te wachten: de band is binnenkort nog te zien op een reeks festivals in België en Nederland.
Een zomer vol energie, snedige songs en een herboren Customs lijkt verzekerd.

Neem gerust een kijkje naar de pics
 
Customs https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/7526-customs-22-05-2025?Itemid=0

Organisatie: Yeke Yeke Concerts (ism Cactus Club, Brugge)

Beoordeling

Weather Systems

Weather Systems - Welcome back, Anathema

Geschreven door

Weather Systems - Welcome back, Anathema

Let’s face it, Weather Systems is eigenlijk Anathama 2.0. De nieuwe groepsnaam is een voormalig Anathema album, frontman Daniel Cavanagh is de songwriter en ook drummer Daniel Cardoso is terug mee aan boord gehesen.
Bovendien waren de songs van de nieuwe plaat ‘Oceans Without A Shore’ oorspronkelijk bedoeld voor een nieuw Anathema album, maar een groepsruzie kwam roet in het eten gooien en de band werd voor onbepaalde duur op non-actief gezet. Daniel Cavanaugh besloot dan maar het album onder een nieuwe groepsnaam te releasen en om na 5 jaar stilte eindelijk nog eens op tournee te trekken. Het kan dan ook weinig anders dan dat het hier een setlist betreft waarbij de nieuwe songs netjes verdeeld zitten tussen een hoop Anathema klassiekers.

De tijd heeft alleszins al wat vat gekregen op Daniel Cavanagh, hij lijkt in die sabbathperiode behoorlijk wat kilo’s te zijn aangekomen en heeft zichzelf nu een stel dreadlocks laten aanmeten waar zelfs de meest doorwinterde rastafari van achterover valt. Het belangrijkste is echter dat Cavanagh er terug de volle goesting in heeft en dat hij blij als een kind terug op een podium staat. Een immens contrast met de laatste keer dat we Anathema aan het werk zagen, toen zat de mot er volledig in en stonden de heren overduidelijk met een zak vol tegenzin op het podium van de Antwerpse Trix.
Cavanagh heeft dezer dagen wel heel wat meer werk on stage, de keyboards zijn volledig voor zijn rekening en nu broertje Vincent er niet meer bij is moet hij zelf al zijn vocale kunsten uit de kast halen. Daarvoor heeft hij naar eigen zeggen gouden tips gekregen van zijn broer die trouwens ook al naar de show is komen kijken en bijzonder onder de indruk was, deze plooien zijn dus alvast gladgestreken.
Het mag gezegd, op Daniel Cavanagh’s zangcapaciteiten valt weinig aan te merken, hij haalt misschien niet zo goed de hoogste noten als broertje lief maar hij loodst zichzelf zonder veel problemen doorheen de songs en slaagt erin om heel wat gevoel in zijn stem te leggen. Daarin wordt hij naar goede Anathema gewoonte bijgestaan door een puike zangeres, hier is dit Soraia Silva die zonder veel moeite en met evenveel passie de partijen van haar voorgangster Lee Helen Douglas overneemt en het publiek daarbij maar al te vaak in haar enthousiasme meeneemt (wij zijn doorgaans geen voorstander van handjesgeklap, maar wat hebben wij te morren als de band er zelf meermaals om vraagt?).

Opwarmer “Deep”, al meteen eentje van het Anathema-vat, laat zien dat deze nieuwe band er staat met die welgekende, glasheldere en bij momenten best wel stevige progrock-sound. Daarna past een serie nieuwe songs perfect in het plaatje. “Still Lake” en al zeker het lange “Synaesthesia” en “Do Angels Sing Like Rain”, waarin Cavanagh stevig uitpakt op de gitaar, staan hun mannetje en zetten Weather Systems op weg naar een bijzondere avond.
Anathema klassiekers als “Springfield”, “A Simple Mistake”, “Closer” en “Flying” klinken frisser en gedrevener dan ooit en brengen het publiek naar hogere sferen. Daartussenin klinkt het nieuwe “Oceans Without a Shore” al even hemels en dat is op zich een verdomd knappe prestatie tussen al die pareltjes.
Het epische drieluik “Untouchable Parts 1,2 &3” is meer dan een kwartier kippenvel, een uitbundig “Fragile Dreams” duwt in de finale nog eens stevig door en zorgt zo voor een spetterend einde van deze welgekomen comeback (want zo willen we het toch noemen) die ons toch twee uurtjes in de ban houdt.

Welkom terug, zouden wij zeggen, maakt niet wat nu de effectieve groepsnaam is …

Organisatie: 013, Tilburg

Beoordeling

Bonnie Prince Billy

Bonnie ‘Prince’ Billy - Het concert was veel beter dan de plaat

Geschreven door

Bonnie ‘Prince’ Billy - Het concert was veel beter dan de plaat

Met Will Oldham gaat tegenwoordig alles prima, zeker nu hij naast zijn ruim dertigjarige muzikale carrière intussen ook de rol van echtgenoot en vader heeft opgenomen. Die nieuwe status als familieman laat wel wat sporen na op de grillige Americana van zijn nom de plume Bonnie ‘Prince’ Billy. De weinig toonvaste DIY zonderling van weleer lijkt op de jongste paar platen baan te hebben geruimd voor een keurig articulerende vijftiger die hoop boven wanhoop verkiest. En alsof dat nog niet genoeg is sloeg de songwriter uit Louisville vorig jaar zijn tenten op in Nashville om er met ‘The Purple Bird’ een gepolijste country plaat in te blikken.

Welke richting Oldham ook uitgaat, zijn publiek blijft hondstrouw en wordt bovendien steeds talrijker. Omdat De Kreun te klein leek voor zijn doortocht in de Vlaamse ‘Wild West’ werd uitgeweken naar de nabijgelegen Depart zaal, maar ook die locatie hing al snel het ‘sold out’ bordje uit. Wie net als ondergetekende een beetje had gevreesd voor de stereotiepe clichés van het genre werd meteen gerust gesteld: in Kortrijk vielen geen cowboyhoeden, geruite hemden of line dancers te bespeuren. Integendeel, het openingsnummer “Boise, Idaho” stond mijlenver van de netjes afgeborstelde classic country van de nieuwe plaat. We kregen nauwelijks toonvaste vocals, jankende gitaren en rommelige percussie - kortom, alle ingrediënten die van lo-fi dé meest ontwapenende muziekstroming van de jaren ’90 maakten. Alle vooroordelen overboord dus: dit was de onversneden versie van Oldham zoals we hem kennen sinds zijn begindagen als Palace (Brothers/Songs/Music), en waarmee hij nog altijd stevig verankerd zit in onze topcategorie ‘eigenzinnige treurwilgen’.

Die treurnis zit overigens vooral in de teksten, niet in de performance. In Kortrijk treffen we een bijzonder goedgemutste versie van Bonnie ‘Prince’ Billy, die dolt met het publiek en maar wat graag de artistieke kwaliteiten van zijn drie begeleiders bewierookt. Met multi-instrumentalisten Jacob Duncan en Thomas Deacon heeft Oldham zowat een halve brassband mee op tour. Door hun injecties van klarinet, saxofoon, trompet en dwarsfluit krijgen de sobere Americana liedjes niet alleen een andere vorm, maar ook flink wat meer glans.
Het resultaat neigde de ene keer naar etherische Anglo-folk (“Downstream”), een andere keer naar een dronkenmanwals (“Guns Are For Cowards”). Het typeert Oldham ten volle dat hij in dat laatste nummer een heikel onderwerp als het recht op wapendracht in zijn thuisland aankaart met - jawel - een kermisdeuntje.
Het werd zo mogelijk nog gezelliger in Depart toen ook het Australische voorprogramma Mess-Esque zich bij Oldham & co op het podium voegde. Het Dylanesque “Strange Trouble” - in Kortrijk fraai aangekleed met backing vocals van zangeres Helen Franzmann, die onvermijdelijk deden denken aan Emmylou Harris - rekenen we zeker tot de hoogtepunten van de set.
Uiteraard was er herkenningsapplaus toen de back catalogue van Palace Music in een zoete countrysaus werd gedoopt met “New Partner” en “Brute Choir” - beiden uit Oldham’s samenwerking met wijlen Steve Albini, ‘Viva Last Blues’ (’95) - en met de monumentale single “Gulf Shores”. En ook zijn wellicht enige pensioennummer - met dank aan Johnny Cash - spaarde Oldham niet op tot de encores. Tijdens een verstilde, bijna onherkenbare versie van “I See A Darkness” hoorde je elke bierbeker vallen.
Net voor het doek definitief viel, werd het publiek nog verwend met een versie van Sally Timms’ en Jon Langford’s alt.country classic “Horses”. Toen iemand als ultieme uitsmijter om ‘A song for Gaza!’ riep, repliceerde Oldham gevat ‘They all were! Weren’t you listening?’.

En zo viel na anderhalf uur alles ineens op zijn plaats: de krakkemikkige treurwilgmuziek van Bonnie ‘Prince’ Billy is als een pleister op de wonde voor alle miserie in de wereld.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Beoordeling

Elder

Elder - Psychedelisch uitstapje

Geschreven door

Elder - Psychedelisch uitstapje
Elder + Temple Fang

De Nederlanders van Temple Fang zitten er niet om verlegen om hun songs minutenlang te laten rondzweven of uitweiden, getuige de nieuwe plaat ‘Lifted From the Wind’ die zo een dikke 75 minuten duurt en amper 5 songs bevat.
Live resulteert dit in een psychedelische trip waarin lange smeulende passages na ettelijke minuten omslaan in hevige gitaaruitbarstingen, een beetje zoals bij de Duitse collega’s van Samsara Blues Experiment.
Een lang zweverig epos als “The River” klinkt even afwisselend als overtuigend en een fel rockend “The Radiant” is dan weer snediger, feller en naar hun maatstaven bondiger en korter (maar toch nog altijd een dikke 7 minuten).
Heerlijke kennismaking met deze psychrockers die naarmate hun set vordert meer en meer grip krijgen op het publiek. Een band die we met alle plezier nog wel eens willen tegenkomen.

Elder komt ter gelegenheid van de 10e verjaardag van ‘Lore’, samen met ‘Dead Roots Stirring’ en ‘Reflections Of a Floating World’ één van hun beste albums, de plaat integraal opvoeren. Zo blijkt nog maar eens hoe sterk, gevarieerd en gelaagd dit album wel is.
Elder walst met speed, klasse en gedrevenheid doorheen de 5 lange en avontuurlijke songs die dit geweldige album rijk is. Een fijne aaneenschakeling van striemende riffs, zweverige psychedelica, gutsende stonerrock, welgekomen tempowisselingen, snedige solo’s en adembenemende symfonische uitweidingen.
Een song als “Lore” bijvoorbeeld draagt al dat moois in zich en passeert halverwege dan nog eens met brio in krautrockland, het typeert een band die het voortdurend spannend houdt en in elke song steeds verassende accenten legt.
Na het ‘Lore’-luik knoopt Elder er als toemaatje nog een stomende versie aan van “Halcyon”, een stevig pareltje uit ‘Omens’.
Dit is alweer een bruisend concert van deze onderlegde stonerrockers en een prachtig eerbetoon aan een almachtig album. Maar nu wordt het stilaan tijd om eens met nieuw werk op de proppen te komen.

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Beoordeling

Pagina 17 van 386