logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15418 Items)

The Vaccines

Wat had je anders verwacht van The Vaccines?

Geschreven door

The Undertones, The Ramones, The Beatles,… met deze ‘opwarmertjes’ die voor het optreden uit de boxen knalden, kregen diegenen die nog op zoek waren naar de juiste muzikale referenties al op voorhand de pap in de mond gelepeld. Typerend voor The Vaccines, een rechttoe rechtaan viertal uit West-Londen dat met het opwindende debuutalbum ‘What Did You Expect from the Vaccines?’ afgelopen jaar verplichte kost serveerde voor iedere café uitbater die ondanks het rookverbod toch wat sfeer en gezelligheid in de pub wil brengen.

In tegenstelling tot de financiële markten beleefden The Vaccines als best verkopende nieuwe band in de UK een berenjaar in 2011. Maar ondanks het  intensieve toeren en de aanhoudende media aandacht in de UK en ver daarbuiten (zelfs met meervoudige operaties aan de stembanden voor zanger Justin Young tot gevolg) viel van enige vermoeidheid of routine die avond niets te bespeuren in de hopeloos vlug uitverkochte AB.  
Al vanaf het tweede nummer, de geweldige debuutsingle “Wreckin’ Bar (Ra Ra Ra)” kwam de zaal op kookpunt en het messcherpe “Tiger Blood” klonk alsof The Strokes en The Clash samen heftig copuleerden op het podium.  Ook het luidkeels meegezongen “Wetsuit” zal al vroeg in de set, een festivalhymne die ons deed weg mijmeren naar hun geslaagde doortocht afgelopen zomer in Werchter.
“All In White”, misschien wel het beste nummer uit hun prille repertoire tot dusver, was ook die avond wat ons betreft hét hoogtepunt. Verbazend trouwens hoe sterk deze band nauwelijks 2 jaar na haar oprichting live op elkaar ingespeeld is: gitarist en spichtige Sid Vicious lookalike Freddie Cowan wiens melodieuze riffs de rest op sleeptouw neemt,  een pompende ritmesectie die de leemte na Franz Ferdinand moeiteloos schijnt te vullen en een zanger frontman die alleen al tijdens “If Ya Wanna” en “Post Break-Up Sex” meer dan genoeg charisma etaleerde om het jong vrouwvolk naar zijn pijpen te doen dansen. 

Amper drie kwartier hadden The Vaccines op voorhand ingecalculeerd om de zaal te overtuigen. En dat bleek meer dan genoeg.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-vaccines-19-12-2011/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel (ism Live Nation)

Lamb

Een Happy Return van Lamb

Geschreven door

Na bijna acht jaar is het duo Lamb , zangeres Louise Rhodes en computerfreak Andy Barlow, terug bij elkaar . Ze lasten eerst een ‘Best of’ tour in, draaiden de motor terug op volle toeren en leverden deze zomer een nieuwe plaat af, simpelweg ‘5’ genaamd, vijfde in de reeks na ‘Lamb’ (’97), ‘Fear of fours’ (’99), ‘What sound’ (2001) en ‘Between darkness & wonder’ (2003) .
Lamb onderscheidde zich binnen het triph(p)opwereldje van Massive attack, Everything but the girl, Tricky, Sneaker pimps en Portishead; er heerste een elektrische spanning tussen beiden door een dwars uitgekiende, gesofisticeerde sound van neohippe popfolk,  triphop, drum’n’bass , breakbeats en allerhande trancy beats (link naar de huidige dubstep), gerealiseerd door Barlow’s elektronica en Rhodes bezwerende, zwoele, breekbare (soms neurotische) vocals . Een broeierige spanning creëerden ze, innemend, pakkend, sfeervol, aanstekelijk, lieflijk, grillig en dansbaar.

De nieuwe plaat ‘5’ is een logisch vervolg op de twee vorige cd’s, die best spannend klinkt, maar niet écht meer kan tippen aan het oude materiaal , daarvoor is de  ‘muzikale botsing’ en de ‘jus’ wat weg en is het duo de weg ingeslagen van prettig wegdromen en –luisteren.
De Lamb formule van een ingetogen , sfeervolle start, langzaam opbouwen, aanzwellende arrangementen en enkele elektronica explosies omgeven door Rhodes hemelse stem , is live extraverter door de vaardige, hakkende ritmes en de slepende, forsere beats  … De sound ontroert, kietelt en prikkelt de dansspieren … De rode draad van een anderhalf uur durende set … Ze blikten terug naar enkele oudjes, stelden de laatste cd voorop, en lieten de ‘matige’ vierde cd volledig terzijde. De projecties op het achterplan sierden, met een knipoog naar Discovery Channel of National Geographic.
De derde man, Jon Thorne,  speelde op de staande elektrische bas en soms stond de roadie klaar om de synths over te nemen als Barlow zich even wou uitleven op de drums.
Na een flitsende intro hadden we “Another language”, opener trouwens van ‘5’, een indringende, sfeervolle, maar live ook dreunende song. Elektronische uitspattingen , welig knoppengefreak en spetterende beats kruiden het. Andere nieuwe songs als “Butterfly effect”, “Strong the root” en “Wise enough” reden een hobbelig parcours door de contrasten en de tempowisselingen. Het innemende “Gabriel”, al vroeg in de set,  was een eerste hoogtepunt en kreeg middenin een harde, krachtige beat . Een ander oudje, het broeierige  “Little things”  klonk snedig. “Alien” hield het op onheilspellende triphopsounds en de classics “God bless” en “Gorecki” kregen een ferme kopstoot. Dezelfde klievende beats konden we ook horen op het nieuwe “Build a fire”.  Overtuigend!
Er was ruimte om te ademen tussenin, met het toegankelijke, korte “Existential itch” en het venijnige, maar sfeervol zalvende “Rounds”. Dit nummer wist ons in te palmen en ze hadden het nog maar een paar keer gespeeld. Waauw!
Barlow is en blijft de dirigent; hij bepaalt de rust, onrust, emotie, uitspatting, chaos en vastheid. In de bis verrasten ze met prachtige versies van oudjes “What sound” en “B-line”. Het spelplezier spatte er van af op het apocalyptische, bezwerende “Trans fatty acid” uit hun debuut , waarbij de drie zwaar uithaalden  op hun instrumenten … Repetitieve ritmes, krachtige dreigende en  nevelige triphopbeats, effects, en een ruis door , jawel zangeres Rhodes die met een zwierige noise gitaar optornde tegen de andere twee . Zulke overweldigende songs missen we toch wel een beetje …

Ook al zijn niet alle songs van Lamb even sterk, live weet het trio moeiteloos te overtuigen en zijn ze niet vies er een krachtige beat tegenaan te gooien, die hen richting toegankelijke dance en dubstep brengt . Lamb tekende dus voor een fijn concertje.
Btw - Drie maal zijn ze te gast in de Bota … Een lamskotelet  meer dan de moeite waard …

Support was de charismatische sing/songwriter Jay Leighton , die een vijftal intimistische songs speelde op akoestische gitaar en z’n pas eenjarig dochtertje van een enthousiast publiek verblijdde op z’n gsm …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lamb-19-12-2011/

Organisatie: Botanique, Brussel


Reverend Horton Heat

Reverend Horton Heat - Kolkend psychobilly feestje

Geschreven door

James C. Heat alias Reverend Horton Heat had het idee opgevat om in chronologische volgorde van elk van zijn platen een song te spelen, zo doorliep hij zijn carrière tot op heden in elf song.

Niet zo een slecht idee trouwens, zo zat de vlam er van bij het begin in met een hitsig “Psychobilly freakout” waarbij de poppen in de frontzone al meteen aan het dansen gingen om voor de rest van de set niet meer te stoppen. Er volgden vlijmscherpe versies van “400 bucks”, “Jimbo song” en “Galaxie 500”. The Reverend hemzelve speelde alweer een magnifiek en stomend potje gitaar en de rock’n’ roll stroomde met beken door de Trix.
Nadat album nr 11 ‘Laughin’ and cryin’ with RHH’ (laatste wapenfeit tot op heden) aan de beurt was geweest kreeg het publiek inspraak en werd het zowaar een verzoekprogramma met ondermeer geweldige versies van “Wiggle stick” en de fijne instrumentale surfsong “Big sky”.
Heat zorgde dan weer zelf voor een wervelend einde met een vlammend “Big red rocket of love”, een hitsig “Death metal guys” en een paar rake covers zoals een stomend “Folsom Prison” van Johnny Cash, zowat de favoriet van het voltallige publiek, en Motorheads anthem “Ace of Spades”, voor de gelegenheid gezongen door een opgehitste roadie.

The Reverend Horton Heat blijkt toch met voorsprong één van de betere acts te zijn in het genre. Waar anderen (zoals bvb het voorprogramma Phantom Rockers) blijven steken in de beperkingen van het psychobilly genre (beetje punk, een scheutje rockabilly en veel lawaai) is The Reverend iemand die meerdere horizonten opzoekt en de songs laat ademen en uitwijken naar country, blues en fifties. En wat James Heat vooral onderscheidt van het peloton is zijn sublieme gitaarspel, Brian Setzer achterna zeg maar.

Organisatie: Trix, Antwerpen (ism Drunkbelly)

The Boxer Rebellion

The Boxer Rebellion – Groots potentieel!

Geschreven door

The Boxer Rebellion – De band sprong al eerder in het oog als support van Editors een paar jaar terug. Het kwartet (1 Usa, 1 Aus en twee Britten)  opereert vanuit Londen en heeft een paar cd’s uit , waarvan ‘Union’ en de recente ‘The cold still’ voor meer airplay zorgden . Verdiend , want ze hebben hiermee de juiste balans van schitterende sfeervolle, broeierige rocksongs gebaad in wave/postpunk . Een toegankelijk, radiovriendelijk geluid door een spannend broeierige intensiteit, indringende en aanzwellende gitaararrangementen, het subtiele slagwerk en de warme, zalvende zang van Nathan Nicholson, die een brug slaat met James Dean Bradfield van Manic Street Preachers.

Ze schuwen bombast niet, wat soms epische werkstukken opleveren en hen een beetje richting ‘allstyle’ British Sea Power brengt, doordrongen van een donkere, dreigende onheilzwangere wavekant van The Verve, Interpol, BRMC, het te vroeg heen gegane The Bravery en natuurlijk Editors. We zijn verbaasd, ondanks de verschillende stops in ons landje, dat ze nog niet definitief doorgebroken zijn; een handvol nummers van de laatste cd verdienen gedraaid te worden; ze hangen nu nog onder voorgenoemde bands.
Opener “Step out the car” en “The runner”, iets verderop in de set, zouden daar verandering in moeten brengen . Ook het dromerige “Semi-automatic”, “Flashing red light means go” en “Evacuate” van de vorige cd moeten niet onderdoen qua melodie, opbouw en intensiteit.
In de klein anderhalf uur durende set hielden ze ons bij de leest en  hoorden we evenwichtig materiaal, elektrisch of semi- akoestisch of de synths, toetsen, piano kwamen wat meer door . Telkens was er die onderhuidse spanning en variatie die boeiden . Intrigerend dus .

Ook de bis was de moeite , het oude “Flight” zwol aan , “No harm” werd verweven in een web van synths en toetsen en afsluiter “The gospel of Goro Adachi” overklaste, werd lekker uitgesponnen en plaatste melodie tegenover gedoseerd gebruik van pedaaleffects.
Het was hun laatste song van het jaar en hun tour. De groep gaat een welverdiende rust tegemoet na een helse tour ter ondersteuning van de laatste cd …
Nu maar hopen dat deze band kan doorbreken … Onze steun hebben ze alvast.

Organisatie: Botanique, Brussel

Glimps showcasefestival 2011 – dag 2 - zaterdag 17 december 2011

Geschreven door

Glimps showcasefestival 2011 – dag 2 - zaterdag 17 december 2011
Met Glimps organiseerden Democrazy, Rockoco en Keremos een eerste showcasefestival in de Gentse binnenstad. Door de jarenlange ervaring van deze drie partijen, kwam een tweedaags festival voor internationaal talent tot stand. Op vrijdag 16 en zaterdag 17 december mochten maar liefst 51 bands uit heel Europa aantreden in een van de negen locaties, waaronder muziekcafé Charlatan, Bar des Amis, Trefpunt, etc…
Hoewel de focus op muziekgroepen uit continentaal en nieuw Europa lag, strekte de herkomst van de bands zich uit van Spanje tot Denemarken. Bookers, managers en andere professionelen kregen de volledige toegang tot de concerten op vrijdag en zaterdag, maar daarnaast werd overdag ook informatie verschaft over de Belgische muziekmarkt met ruime kans om te netwerken. In eerste plaats vormde dit dus een uitgelezen kans voor de muzieksector om nieuwe ontdekkingen te doen, maar het festival werd ook voor muziekliefhebbend Gent en omstreken opengesteld. Wij gingen een kijkje nemen op zaterdag.

De avond startte voor elke bezoeker in het Gentse stadhuis. Hier werd een heus Glimps ‘meeting point’ ingericht, waar voorverkooptickets omgeruild konden worden tegen festivalbandjes. Zonder een polsbandje immers geen toegang tot de concerten. Het stadhuis als uitvalsbasis was een voor de hand liggende keuze: de optredens gingen door in cafés en zalen die in de buurt liggen. Jammer dat De Centrale uit de boot viel: in vergelijking met de andere locaties lag deze zaal buiten het ‘festivalgebied’.

M185 – Café Video – 20.40u
Beginnen doen we met M185. Dit Oostenrijkse vijftal gaf de aftrap van de concerten in een overvol Café Video op zaterdagavond. Volgens hun biografie ontmoetten deze rockers elkaar tijdens een Pixies-optreden, maar hier stopt elke vergelijking met bovengenoemde band. M185 brengt erg geordende, ritmische nummers die ontdaan zijn van alle overbodige bezetting. De nummers hebben flarden mee van een afgeslankte Joy Division, maar bleven helaas te braaf. Af en toe zou een opengetrapte distortion een extra dimensie kunnen geven aan het nummer (en bijgevolg aan de hele groep). M185 heeft duidelijk het concept ‘showcase’ begrepen: via flyers verspreid over het café en een “we’d love to play in this area again… soon!” probeerden ze potentiële geïnteresseerden te overtuigen van hun ambitie. Dit was waarschijnlijk nog beter gelukt, mocht de muziek ook zo verfijnd geweest zijn als hun PR.

Ginga – Bar des Amis – 21.20u
Deels op aanraden van hun landgenoten M185, en deels omdat we Ginga op voorhand ook al beluisterd hadden en we wouden weten hoe dat nu eigenlijk live klinkt, trokken we naar Bar des Amis. Weeral waren we gelukkig net op tijd binnen: net als in Café Video werd de toegang onverbiddelijk afgesloten eenmaal de maximumcapaciteit van de zaal bereikt was.
Ginga maakt toegankelijke indiepop waarbij leadzanger Alex Konrad de erg uiteenlopende bezetting van voortreffelijk stemgeluid voorziet. Tussen afwisselende synth-geluiden (het nummer “Fashion” werd destijds opgepikt door Où est le Swimming Pool), een viool en floortoms die ons erg instabiel leken speelt een basgitaar de enige constante. Laat ons duidelijk zijn: dit is geen dertien-in-een-dozijn popband: een lange outtro die verdacht veel leek op het vroegere werk van Modest Mouse verraste aangenaam.

Rape Blossoms – Charlatan (zaal) – 21.40u
Het Vlaamse muzieklandschap lijkt noiserock tegenwoordig wel te smaken. Getuige daarvan is het steeds hoger klimmende Kapitan Korsakov in de Afrekening en de recente overwinning van Maze op Westtalent. Het Gentse Rape Blossoms speelt van hetzelfde laken een broek: onversneden riffs waarbij de overdrive geen andere stand dan ‘maximum’ kent. Voeg daar onheilspellend agressieve drums en een stem die eerder uit de darmen lijkt te komen dan uit de keel et voila: Rape Blossoms is een feit. Na Ginga aan het werk te zien, bestaat geen groter contrast: een meer dan halfvolle zaal in de Charlatan hoorde het kolkende viertal aan het werk. De zang deed ons denken aan het vroegere Vogue van Holy Shit! Records, terwijl de gitaren het moeten hebben van repetitieve drones en veel feedback. Dit is natuurlijk geen radiomateriaal in de huidige vorm, maar daar gaf geen enkele toeschouwer iets om.

Gwerkova – Charlatan (café) – 22.30u
Jammer genoeg moest het Duitse Camera noodgedwongen afzeggen. In de plaats programmeerde de organisatie van Glimps Gwerkova, uit Slowakije. Dit electrotrio, bestaande uit twee huisgenotes en producer Jani Ürögi, speelde reeds op vrijdag in Trefpunt.
Het drietal maakt erg minimalistische elektronica: een engelenstem wordt ondersteund door frivole beats en dromerig gitaarspel. Invloeden als Modeselektor en Apparat waren erg dichtbij in de live-performance. Zonder te overdrijven, bracht een aaneenschakeling van echo’s en delay de toeschouwer naar andere oorden. Helaas gingen de deuren van de achterliggende zaal een heel stuk vroeger dan nodig open voor de fans van Steak N° 8, waardoor de dromerige sfeer van Gwerkova halverwege de set onderbroken werd door een constante passage.

I Am Oak – Trefpunt (zaal) – 23.20u
Deze groep straalt eerlijkheid uit, zowel in hun stuntelige bindteksten als in de wondermooie composities. De noorderburen van I Am Oak brengen erg intieme muziek, waarbij gebruik wordt gemaakt van akoestische gitaar en een lichte mannenstem als leidraad. Thijs Kuijken laat zich op het podium bijstaan door een volledige band, waardoor het singer/songwriter-idee een volledig eigen leven gaat leiden. Door de begeleiding van synthesizers, doet het geheel soms denken aan The Postal Service met de stem van Kuijkens die neigt naar Zach Condon van Beirut. Een volledig volle zaal was getuige van heel wat sterke nummers, waaronder het prachtige “Horizon” of “Curt”. Eerder dit jaar speelde I Am Oak al in Café Video, en ongetwijfeld zullen ze binnenkort op nog meer affiches verschijnen in Vlaanderen.

BRNS – Café Video – 24.00u
Het Brusselse BRNS speelde enkele weken geleden voor Cactus het voorprogramma van Suuns. Nadat I Am Oak gedaan had, wou ondergetekende toch nog eens kijken wat ze er van maakten in Café Video. BRNS had de eer (of het ongenoegen?) om dag 2 van Glimps af te sluiten, doordat ze als laatste geprogrammeerd waren op de Oude Beestenmarkt. Aangenaam verrast door het geluid was het mogelijk om nog de laatste twee nummers mee te maken. ‘Experimentele indiepop’ is in onze ogen de meest voor de hand liggende term om BRNS (uitgesproken als ‘Brains’) te omschrijven, maar wijs ons niet met de vinger als er iets anders in herkend wordt. Het laatste nummer, “Mexico”, klinkt erg catchy en bracht het hele café aan het heupwiegen.

Achteraf beschouwd kunnen de organisatoren van Glimps met een gerust hart terugkijken op de eerste editie van dit showcasefestival. Door ruime tijd tussen de groepen te laten, nodig voor de op- en afbraak en het soundchecken, kon elke groep stipt op tijd starten. Helaas was dit voor sommige toeschouwers niet voldoende: wegens de variërende grootte van de locaties gingen de deuren meermaals dicht door de soms onverwachte toeloop. Zeker voor wie van de gelegenheid gebruik maakte om nieuw talent van buiten onze landsgrenzen te ontdekken (en zich niet in de positie van platenbaas, booker of manager bevond), was het aangeraden om ruim op voorhand aanwezig te zijn en de avond niet té druk te plannen.
De organisatie verliep afgezien daarvan echter vlekkeloos: het is beslist geen sinecure om 51 bands van verschillende nationaliteiten in 2 dagen een plaats op het podium te geven, wanneer men samenwerkt met 9 verschillende locaties. Wij zijn alvast benieuwd wat volgend jaar in petto heeft.

Organisatie: GlimpsGent (ism met diverse organisaties)

dEUS

dEUS bewijst dat ze tot de wereldtop behoren in Vorst

Geschreven door

Geachte B.S.,  Je bent ongetwijfeld mijn favoriete recensent en heb steeds genoten van uw vlotte pen en uw kritische maar ook objectieve oren. Altijd een referentie voor mij geweest. Helaas kan ik maar niet begrijpen waarom je dEUS in de Lotto zo teleurstellend vond. In Vorst waren Tom en Co (wat mij betreft Mauro en Co) duidelijk in de vorm van hun leven, zodat ik mij  nauwelijks kan voorstellen dat deze goden de dag voorheen een slappe vertoning gehad hebben in hun thuishaven.

Zowat alles uit het overigens heel goed onthaalde ‘Keep you close’ (platina) werd gespeeld en kon zonder veel moeite naast hun klassiekers staan. Vanuit de ruwe donkere dEUS-kelders borrelde een retestrakke, gedreven en vooral goed gespeelde set op die door het publiek zéér enthousiast werd onthaald. Het geluid is inderdaad beter dan wat van de Lotto Arena gewoon zijn. Mauro stond daar als een volleerde professional gezellig zijn duivels te ontbinden met zijn typische ‘coolness’, als was het dat hij net een onderonsje had met Nick Cave. Zijn subliem gitaarspel werd dan nog eens geruggesteund door een dijk van een percussie. Zijne Nimmer Last Van Bescheidenheid Hebbende Tom Barman liet met plezier even de aandacht aan Zijne Niet direct Spraakwatervallige Mauro.
De magie bereikte al dra een eerste hoogtepunt met een beklijvende versie van “The architect”. In een sober maar efficiënt gordijn- en lichtdecor stormde de groep ‘rustig’ verder met een gevarieerde set en maakte ondergetekende en zowat heel het publiek redelijk knetter met een joekel van een “Instant street” (Mauro again!) De outtro mocht wel langer geduurd hebben. Nog een paar rake mokerslagen en/of uppercuts met “If you don’t get wat you want”, “Darks sets in’ en “Ghost” en het feest kon niet meer stuk.

Ok, “Sister dew” ontgoochelde even, maar de goddelijke duivels wisten zich ogenblikkelijk te herpakken. Twee heuse bisrondes met onder andere een fantastische “Suds and Soda” en “Sun ra” werd iedereen tevreden naar huis gestuurd, ook al had dEUS “Roses” niet gespeeld. 

Organisatie: Live Nation

Urbanus

Urbanus Zelf – Urbanus voor Jong en Oud

Geschreven door

Urbanus Zelf – Urbanus voor Jong en Oud
Bijna 40 jaar geleden startte het succesverhaal van Urbanus. Zoals dat wel eens kan gebeuren in de commerciële sector, werd Urbanus ontdekt via een humorfestival. In de beginjaren resulteerde dat in opdrachten op tv en op diverse podia waar hij zijn eerste liedjes en komische sketches bracht. Hij had een gat in de markt op gebied van deze ‘comedy’. Al snel genoot Urbanus bekendheid, zelf tot bij onze Noorderburen. Later volgde nog de films en de strips rond de figuur van Urbanus. Hij werd een grote Meneer op dit vlak. En als je dan die reputatie hebt opgebouwd, dan willen de mensen je – wel weer eens - aan het werk zien.

Die kans kregen we dus  in het Antwerpse Sportpaleis. ‘Urbanus Zelf’, hij verwees er maar al te graag naar, dat hij – opnieuw - alles Zelf moest doen … Een allegaartje zoals je het wel van Urbanus kon verwachten, een greep uit het rijke repertoire van Urbanus. De meest grappige sketches werden afgewisseld met de welgekende muzikale hits. Er werd grondig gebruik gemaakt van verschillende attributen zoals zijn zelf gemaakt draaimolentje en zijn gezellig hoerenkotje.
Het werd een show waar over nagedacht was met af een toe een link naar de actualiteit. Een
show die ook ruimte liet voor improvisatie.
De manier waarop Urbanus iets brengt is uniek. Laat je iemand anders dezelfde show opvoeren, dan kijkt men eerder verbaasd, maar bij Urbanus  gaat iedereen plat. Hij is een komiek , rad van tong , en goochelt met onze taal, een talent van een peetvader in ons cultureel landschap. Betreffende de comedy bracht hij leven in de brouwerij en ondanks het feit dat hij zich de voorbije jaren op het achterplan hield, wou hij nog eens een  push plaatsen in z’n rijkelijk gevulde carrière .
Een familieshow waarbij de oudere garde met nostalgie kon terugkijken  naar hun (jeugd) idool en de jongere generatie, die hem kent door de strips en door een heruitzending van één van zijn succesfilms op tv,  eens kon proeven en kon graaien naar inspiratie. Ook in het muzikale luik van o.m. “Poesje stoei”, “Madammen met nen bontjas”, “Bakske vol met stro”, … bracht hij de beide generaties samen  . Gezamenlijk kon men lachen en genieten

Urbanus zorgde voor een twee en een half uur durende show met glans. De toekomst van de Vlaamse komiek is al lang verzekerd maar de ‘oude rot’ in het vak deed de jongere en nieuwe wel eens blozen.

Organisatie: Sportpaleis, Antwerpen

Glimps showcasefestival 2011 – dag 1 - vrijdag 16 december 2011

Geschreven door

Glimps showcasefestival 2011 – dag 1 - vrijdag 16 december 2011
Het showcasefestival Glimps is een gloednieuw internationaal muziek festival dat uit de grond werd gestampt om professionelen uit de muzieksector in Vlaanderen en heel Europa samen te brengen om kennis te maken met pop- en rocktalent uit het Europese vasteland. Zo doende dat er heel wat boekers, managers, platenbazen en programmatoren aanwezig waren op de 9 verschillende locaties verspreid in de Gentse binnenstad. Niet tegenstaande dat men zich toespitst op de muziekindustrie waren alle muziekliefhebbers en of mensen die eens iets nieuws willen ontdekken van harte welkom op dit 2 daags muziekevenement waar 51 bands te bewonderen vielen.

De Gentse singer-songwriter Bram Vanparys mocht met zijn The Bony King Of Nowhere zaal Miry openen. De jonge singer-songwriter die al op Pukkelpop, Dranouter en Feest in het Park mocht staan, bekende dat hij niet graag showcases geeft, al vonden wij dat zijn intieme luistermuziek best paste in de rustieke concertzaal Miry. Een half uurtje is dan wel kort maar het was een half uur intensiteit en intimiteit. Bram liet zich voor het grootste deel van de nummers bijstaan door een erg sterke band. Ook bracht hij solo een paar nummers, die kippenvel bezorgde. Het solomateriaal in combinatie met ijzersterke songs met band boden variatie. Ideale band om de avond rustig op gang te trappen dus …

Op hetzelfde elan kregen we een klein uurtje later de prachtige Sarah Ferri . De jonge Gentse deerne liet ons een voorsmaakje horen uit het debuut album ‘Ferritales’ dat ze op 10 februari voorstelt in de Balzaal, Vooruit. De voormalige winnares van de Jonge Wolven pakte de zaal meteen in met haar zwoele stem. De 6-koppige band vulde het podium en betoverde de zaal met swingende jazz songs. De nummers die deze jonge dame ten berde brengt , sleurt je mee in haar rijke fantasie. Kortom een klasse dame waar we zeker en vast nog gaan van horen…

We lieten de Miry achter ons en trokken naar (het oord des verderf) de Charlatan voor het iets ruigere werk. In een stampvol café was Diego al aan zijn set begonnen. Diego is in Slovakije één van de populairste underground indie-rockbands momenteel. Ooit hadden ze de eer om te mogen openen voor Editors. Vanavond speelden ze voor het eerst in België en waren ze van plan niet onopgemerkt ons land te verlaten. De kerels trokken stevig van leer en vuurden het ene nummer na het andere af en hapten af en toe even adem. Stevige melodieuze gitaarlijnen, een kurk droge drum en een goede stem, meer heeft men niet nodig,  zou men denken, maar de elektrische viool die ze in hun nummers lieten samenvloeien, betekende een hele verademing en was een meerwaarde. Diego kon ons niet volledig bekoren maar ergens geloven we dat deze band heel wat potentieel heeft .

Na een half uur in het volgepropte café trokken we naar het zaaltje achteraan de Charlatan, daar was Wallace Vanborn bezig. De drie stonerrockers uit het Gentse hadden er enorm veel zin in en produceerden vanaf hun eerste gitaaraanslagen een indrukwekkende ‘wall of sound’. Een half uur lang brachten ze heerlijke rauwe rock en deden ze de zaal op zijn grondvesten daveren! Wallace Vanborn imponeerde met een verschroeiende set, én net als je dacht dat ze op hun top zaten, staken ze nog een tandje bij. Hun set hadden ze prima in elkaar gezet en qua opbouw was er weinig op aan te merken, ze bespeelden het publiek die het duidelijk naar hun zin had. Wallace Vanborn liet een verpletterende indruk achter!

Voor de laatste band van de eerste avond trokken we naar de Video; daar stonden de vijf knotsgekke leden van Concrete Knives. We werden door onze Franse vrienden ondergedompeld in een bad vol heerlijke zomerse indie-rock-pop. De erg toegankelijke popsongs werden opgefleurd door aanstekelijke zanglijnen. De Video liep in een mum van tijd vol en de eigenaar voelde zich genoodzaakt om een bordje volzet aan de deur te hangen. Iedereen die nog net binnengeraakte prees zich gelukkig en feestte mee met deze Concrete Knives, die  op deze manier de eerste dag van GLIMPS in schoonheid afsloot.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/glimps-showcasefestival/

Organisatie: GlimpsGent (ism met diverse organisaties)

Cascadeur

Cascadeur - Subtiel stuntwerk

Geschreven door

Cascadeur betreft het mysterieuze personage vertolkt door Alexandre Longo. Waar wij Dr. Lektroluv hebben, vragen onze zuiderburen zich al een drietal jaren af welk gezicht er schuilgaat onder het masker of de helm waarmee deze muzikale duizendpoot permanent zijn gelaat bedekt.

In de Botanique betrad hij het podium in witte overal en dito helm om als een spacy versie van Wim Mertens dromerig pianospel en ijle oerklanken te produceren. Eens zijn vingers en stem aldus opgewarmd waren, kreeg Cascadeur voor het eerst enkele handen op elkaar dankzij de basloop uit “Highway 01”. Direct daarna werd het optreden echter enkele minuten stilgelegd wegens technische storingen. Blijkbaar was er een probleem met de oortjes onder zijn helm en uiteraard diende hij daarbij het podium te verlaten want de kans dat hij ooit zijn helm af zal zetten op het podium is gewoonweg onbestaande.
De show werd terug op gang getrokken met “Into the wild”, een nummer dat begint met Neil Young-achtige vocalen om na verloop van tijd een Scala-achtig intermezzo te krijgen alvorens af te sluiten met een jazzy brok xylofoon. Het daaropvolgende “Walker” werd dan weer gelardeerd met allerlei elektronica-effecten. Het was dus na een twintigtal minuten al duidelijk dat Cascadeur zich niet tot één kunstje beperkt.
De helm werd vervolgens vervangen door het masker dat hij voor de rest van de avond op zou houden. Gelukkig was het winter in Brussel dus al te hoog zal de temperatuur niet opgelopen zijn, althans dat hopen we voor hem (niet dat we medelijden hebben want wie speciaal wil doen moet daar dan ook maar de consequenties van dragen, nietwaar?).
Het subtiele “Meaning” demonstreerde dat deze showman ook kan uitblinken in sobere songs. Het meer poppy “Waiting” bleek catchy genoeg om een deel van het publiek tot laid-back achtergrondkoor om te vormen. Tijdens “Glam” had Cascadeur zijn publiek voor het eerst echt mee. Sommigen waagden zich zowaar aan een danspasje. Zelf bleven we stokstijf staan maar dit vooral omdat we toch wel wat onder de indruk waren van de zang die klonk alsof Jeff Buckley uit de doden herrezen was.
Terwijl alle reeds gebrachte liedjes afkomstig zijn van de onterecht onder de radar gebleven debuutplaat (‘The Human Octopus’) gooide de sympathieke Fransman er in de helft van de set twee oudere nummers tussen. Het duidelijk onder de invloed van de meer elektronische versie van Radiohead ontstane “Stuntman” zou Cascadeur in 2008 geperst hebben op een zelf geproduceerde edoch eigenlijk niet gedistribueerde plaat, met wat geluk zal het echter terug te vinden zijn op zijn volgende CD.
Een ander oud nummer, “The Odyssey”, prijkt op een compilatie die Les Inrockuptibles in 2008 verspreidde. Vanaf dat moment werd Cascadeur naar eigen zeggen van de ene dag op de andere de grote ster die hij nu - vol ironie - beweert te zijn.
In de Botanique werd duidelijk dat die plotse roem begrijpelijk is want “The Odyssey” is een nummer dat qua stijl en kwaliteit niet zou misstaan op ‘All is dream’ van Mercury Rev. Na een intimistisch “The End” kregen we een volgende hoogtepunt met “Road Movie”, een door een stuwend ritme voortgedreven knaller die hopelijk ook een stekje vindt op zijn volgende plaat. Het vrij eenvoudige maar o zo mooie “Memories” deed ons nog verder wegdromen alvorens weer met beide voeten op aarde gebracht te worden tijdens de wat teleurstellende techno-achtige afsluiter.

In de bisronde nam Cascadeur de akoestische gitaar ter hand om samen met David Bartholomé, frontman van de Waalse groep Sharko, het mooie weer te maken. Tijdens die bisronde liet de humorist in Cascadeur alle remmen los, wat er voor zorgde dat Bartholomé last kreeg van de slappe lach. Het afscheidswalsje getiteld “ByeBye” bleek uiteindelijk toch niet het absolute orgelpunt want Cascadeur kwam nog één keer terug om er met “Your shadow” voor te zorgen dat alle nummers uit ‘The Human Octopus’ aan bod gekomen waren. Dankbaar hoorde het publiek (dat in grote mate bestond uit dertigers en veertigers) hem verdwijnen met de woorden “I disappear, I’ll be your shadow”. Zelf zijn we eveneens van plan om de man van nabij te volgen. We zijn immers vrij optimistisch dat deze kerel nog veel muzikale stunten zal uithalen.

Organisatie: Botanique, Brussel

F.O.D.

Dance To This

Geschreven door

Hoera!  Vlaanderen is opnieuw een fijne punkrockband rijker!  F.O.D bestaat uit vier heren uit de provincie Antwerpen die duidelijk  een voorliefde hebben voor rockbands als Green Day, Lagwagon, Descendents, Blink 182  en andere Bad Religions. 

Drie jaar geleden begon F.O.D. als een hobbyproject met als doel het volledig naspelen van ‘Dookie’, het doorbraakalbum van de multimiljonairs van Green Day.  Al snel begon men ook met het schrijven van eigen nummers en met de steun van het fijne Thanks But No Thanks Records is er nu ‘Dance To This’. 
Op dit mini-album passeren zeven snedige tracks de revue die samen afklokken op ongeveer een kwartier. De nummers zijn fris, catchy, uiterst melodieus en lekker uptempo en smeken om live gespeeld te worden. 
Originaliteit lijkt misschien niet de grootste betrachting van F.O.D  maar dit stoort  ons geen seconde. De band  is niet zomaar een  flauw afkooksel   maar komt  daarentegen  heel dicht in de buurt  van grote voorbeelden als NoFX en vooral Lagwagon.
Het lijkt ons dat ‘Dance To This’ een zeer mooi visitekaartje is en vooral een opstap naar een hele rits optredens! Voor meer info surf je best naar de facebookpagina van F.O.D (http://www.facebook.com/#!/fodbook).

Dan Freeman and the Serious

I Lie a lot

Geschreven door

Eén van de meest veelbelovende nieuwe namen (die weliswaar pas op het eind van het jaar kwam piepen) was ongetwijfeld die van Dan Freeman and the serious. Dan Freeman is afkomstig van het eiland Tasmanië en besloot enkele jaren geleden over te steken naar Berlijn om er muziek te sturen. Hij ontmoette en sloot zich aan bij de band  The Serious en ruilde gelijk  zijn saxofoon  voor een piano.
Resultaat is ‘I Lie A Lot’, een veelbelovende en vooral briljante debuutplaat. Freeman is duidelijk een begenadigde singer/songwriter die de vergelijking met wijlen Jeff Buckley kan weerstaan.  De muziek van de band ademt op zijn beurt de adem van bands als Radiohead, Muse (in z’n beginjaren!) en Kashmir.  Er is ruimte voor heel wat pathos en grote gevoelens maar tegelijkertijd blijkt er ook plaats voor het nodige geëxperimenteer. ‘I Lie A Lot’ is verder een zeer herkenbare en toegankelijke plaat geworden met elf gevarieerde tracks.  Verschillende songs leggen de nadruk op de piano en zijn vrij rustig (zoals “You don’t Wanne Be” en “123”) terwijl een paar nummers lekker rocken (waaronder het titelnummer en “Fall Slow”). 
Wie fan is van bovengenoemde groepen , moet absoluut naar Dan Freeman beluisteren.  Het is bijgevolg zonneklaar dat deze groep de potentie heeft om heel groot te worden…
 

O’Death

Outside

Geschreven door

Al een paar jaar volgen we de muziek van O’Death uit Brooklyn NY. Ze kwamen in de belangstelling met een opvallende crossover van rauw rammelende rock’n’roll, country, punk en folk.
Vuilnisbakkenfolk! Een instrumentarium van ukelele, banjo, piano, viool, harmonica, drums en andere rammelende percussie zorgen hiervoor.  De zeemansliederen van vroeger zijn wat gematigder, want de helft van de songs klinken rustiger, maar onderhuids dringt het ruige, rauwe, losgeslagen potten en pannen gekletter door .
O’Death brengt nog steeds een boeiende afwisselende trip van The Pogues, Kaizers Orchestra, Mumford & Sons , Woody Guthrie en Fleet Foxes . Een goede vierde cd dus …

Wilco

The whole love

Geschreven door

Als we spreken over Wilco , dan maken we onmiddellijk de link met de sing/songschrijver Jeff Tweedy en het Muzikaal Vakmanschap van z’n band door de knap opgebouwde rootsrock/alt.country.  Aanstekelijke, broeierige  rockers, sfeervol dromerig materiaal en ingehouden, intieme (semi-akoestische) songs met een folky inslag . Veelzijdig binnen het genre . Rootsliedjes die van gitaarerupties kunnen worden vergeven .
Ze vallen met “Art of almost” met de deur in huis , een overrompelende, lange song die de instrumenten laat spreken; dan volgen een tiental songs met een gewone, gemiddelde tijdsduur , die de Wilco variatie onderstreept om dan met het eenvoudige, uitgesponnen repetitieve folky “One sunday morning” te besluiten .
Subtiel uitgewerkt materiaal is en blijft het handelsmerk van de Amerikaanse rootspopband , een band die boeit, vernieuwt en zich nestelt in z’n oud vertrouwde stijl … Maw op ‘The whole love’ vind je ‘Fantas-matische’ Wilco muziek .

My Morning Jacket

Circuital

Geschreven door

My Morning Jacket is live een fantastische beleving en die ervaring proberen ze steevast op de laatste platen te zetten. Ze is dan ook opgenomen in hun hometown Kentucky . Jim James en de zijnen My Morning Jacket tekenen voor schoonheid, pracht en intensiteit binnen een indie/alt.americana concept , wat betekent dat we een tiental pittige , broeierige, bezwerende en ingetogen, sfeervolle songs met een retro/psychedelisch randje en met een melancholische inslag horen, gedragen door de warme, zalvende, hemelse, indringende vocals van de zanger/componist James.
De retrorock ligt hen hierin als gegoten en maakt de songs op de plaat sterk . Puur vakmanschap dus! Ze hebben een geduldige opbouw; “Victory dance” en de titelsong zijn al meteen twee boeiende tracks.
Op het eind met “Slow slow tunje” en “Movin’ away” neemt het gezelschap wat vaart en ritme terug , maar is het genieten van de sfeervolle aanpak.
Op ‘Circuital’ is een ouderwets klinkende MMJ aan het woord  en zonder meer overtuigt!

INXS

INXS - Resem hits met een nieuw gezicht

Geschreven door

Opgericht in 1977 zou de Australische formatie 'The Farriss Brothers' onder de naam 'INXS' niet enkel uitgroeien tot een van de best verkopende groepen van hun land (de teller staat  wereldwijd op 35 miljoen verkochte albums) maar tevens hun stempel drukken op de muzikale jaren '80 en '90. Vooral met albums als 'Kick' (1987) en 'X' (1990) en de daaruit voortvloeiende succesrijke singles als “New Sensation”, “Never Tear Us Apart”, “Devil Inside”, “Need You Tonight”, “Suicide Blonde”, “Disappear”, “By My Side” en “Bitter Tears”  was INXS steevast in de hogere regionen van de hitlijsten terug te vinden.

Dat INXS anno 2011 niet in een uitverkocht Vorst Nationaal of Antwerpse Sportpaleis maar wel in een - overigens niet volgelopen - Gentse Vooruit geprogrammeerd stond, is in de eerste plaats te wijten aan de wanhoopdaad van zanger en liedjesschrijver Michael Hutchence. Hij besloot namelijk in 1997 letterlijk zijn broeksriem wat aan te spannen maar deed dit zo kordaat dat hij het leven erbij liet in een hotelkamer in Sydney. Betrof het zelfmoord dan wel een uit de hand gelopen seksueel experimentje (zijn appetijt op dat vlak was niet gering en bij twijfel mag u zich steeds wenden tot Helena Christensen, Kylie Minogue of Paula Yates om er slechts een paar te noemen)? De meningen over de ware toedracht zijn nog steeds verdeeld.
Feit is dat de groep dit plotse verlies nooit meer te boven zou komen. Men heeft nadien geprobeerd om gastzangers in te schakelen als daar zijn Terence Trent D'Arby, Jon Stevens of de winnaar van de speciaal op maat van INXS gemaakte CBS TV show 'Rock Star' JD Fortune (zie ook 'Switch', het in 2005 uitgebrachte elfde studioalbum van INXS), maar deze samenwerkingsverbanden bleken allemaal van korte duur te zijn en bovendien niet zo succesvol als ten tijde van Hutchence. Verwonderlijk is dit niet want Hutchence had looks, présence en zangkwaliteiten op overschot en zijn charisma en aantrekkingskracht zorgden voor een ongelofelijke marketing en verkoopwaarde.

Maar deze sterkte betekent doorgaans ook meteen de zwakte. Neem een dergelijk bepalend boegbeeld weg en de etalage van een groep ziet er voor velen al meteen heel wat minder aantrekkelijk uit. Het verleden heeft ook aangetoond dat het inschakelen van nieuwe zangers in die situaties enkel tot ontgoochelende resultaten leidt. Zie maar naar Queen die na het overlijden van Freddie Mercury beroep deed op de nochtans erg goede zanger Paul Rodgers (ex-Bad Company) of The Doors die Brett Scallions, Miljenko Matijevic of Ian Astbury (wiens poging evenwel bij uitzondering erg verdienstelijk genoemd mag worden) probeerden te slijten als de nieuwe Jim Morrison. De fans van het eerste uur haalden hun schouders op of erger, draaiden hun rug om. 
… Maar INXS blijft proberen. Sinds september werd op hun officiële website aangekondigd dat met de Noord-Ierse Ciaran Gribbin (a.k.a. Joe Echo) een nieuwe zanger werd gevonden. Gribbin die ook al zijn sporen heeft verdiend bij onder meer Snow Patrol, Paul Oakenfold en Madonna ('Celebration'), Groove Armada of Paul McCartney, zou de groep vergezellen op het Zuid-Amerikaanse en Europese deel van de tour. Gent kreeg daarbij de eer om als afsluiter te zorgen vooraleer INXS zich down under terugtrekt om te werken aan nieuw materiaal. Want inderdaad, Andrew Farriss, één van de drie broers binnen de groep en zowat het creatieve hart van INXS, heeft er een dermate goed gevoel bij dat er grootse plannen gesmeed worden. Men waagt zich zelfs aan lange termijnplanning.
Of dit laatste ook bewaarheid wordt, moet nog afgewacht worden maar Gribbin gaf in de Vooruit het beste van zichzelf. Hij benutte alle kansen om het publiek voor zich te winnen. Handjes schudden, lieve bindteksten, foto's nemen, setlists aan enkele fans uitdelen, zich omheen de  microfoonstandaard kronkelen of tijdens “Original Sin” totaal onverwacht op de balkons van de concertzaal verschijnen en daar het nummer in te zetten, het was allemaal aanwezig.
Maar hoe intens de inspanningen ook waren en hoe begenadigd hij als zanger ook is, de magie die er bij momenten op concerten ten tijde van Hutchence in de lucht hing, kon hij er niet mee terugbrengen. 
Was dit concertavondje INXS dan overbodig te noemen en te herleiden tot een niemendalletje? Dat zeker ook niet. Daarvoor is het songmateriaal te sterk, de muzikanten te ervaren en de gedrevenheid duidelijk nog voldoende aanwezig om INXS anno 2011 te beschouwen als een liveband die zichzelf op een anachronistische wijze staat te plagiëren.   
Bovendien had Gribbin het - en het leek ons inziens zelfs nog oprecht ook - handig aan boord gelegd om af en toe aan de toeschouwers duidelijk te maken niet de betrachting te hebben de reïncarnatie te willen zijn van Hutchence maar integendeel, zich als een overgelukkig, dartel doch nederig jong veulen te voelen die het als een eer beschouwde om met zijn muzikale helden te mogen samenspelen. Kwestie van de laagdrempelige aanleiding tot kritiek alvast handig weg te werken.
Een kritische noot kon er zeker geplaatst worden bij de uitvoering van “Beautiful Girl” waarbij de zang van Gribbin niet goed paste bij het nummer. Hoewel mooi gestart via een door Andrew Farriss bespeelde akoestische gitaar, gingen Tim Farris (elektrische gitaar) en Gary Gary Beers (basgitaar) er een krachtmeting van maken waarbij het lieflijke van het nummer compleet in de vernieling werd gespeeld.
Maar als we de vergelijkingspunten qua vocalen buiten beschouwing laten, waren er toch nog diverse hoogtepunten te beleven. 
Zo blijft “Listen Like Thieves” nog steeds een fantastisch nummer en behoeft “Suicide Blonde” als herkenningsfactor niet meer dan de intro via mondharmonica. Ook mooi om nog eens “Kiss The Dirt (Falling Down The Mountain)” terug te horen waarbij de keyboard van Andrew Farriss mooi correspondeerde met het stevige, simpele maar zo accurate gitaarrifje van Kirk Pengilly. Ook bij “Bitter Tears” bleek elke - hoe sober ook - gitaaraanslag het dragende element te zijn waarbij de piano bespeeld door Andrew Farriss, een mooie aanvulling vormde
“Original Sin” diende ook op het podium nog niks van zijn kracht in te boeten mede door de sterke gitaarpartij van Tim Farriss en de kordate drumslagen van zijn broer Jon. En een uitgesponnen, ritmisch “Devil Inside” deed de titel absoluut alle eer aan door het fraaie, spanning oproepend gitaarwerk van Pengilly, Tim Farriss en Beers. Ook “New Sensation” bleek nog steeds even energiek te zijn via onder meer het aan Nile Rodgers verwante gitaarrifje van Pengilly en bij “Never Tear Us Apart” mocht laatstgenoemde nog maar eens tonen hoe effectief zijn saxofoongeluid is geweest voor de klankkeur binnen INXS.
Meer ingetogen was het nieuwe “Tiny Summer” en eveneens veel rustiger en niet gespeend van enige nostalgie, was de versie van “Don’t Change” waarbij Gribbin het podium verliet om dit vrij te maken voor de originele leden van The Farriss Brothers/INXS. Daarbij konden we ons niet van de indruk ontdoen dat het gemis van Hutchence na al die jaren nog steeds op de gezichten te lezen stond.
Bij de toegiften hoorden een instrumentaal “Drum Opera” (het openingsnummers van de vorig jaar verschenen tribute-plaat 'Original Sin') bespeeld door de drie broers Farriss, een funky “What You Need” waarbij de groepsleden wat met elkaar liepen te dollen (Tim Farriss liep zelfs met een motorhelm op) en uiteindelijk - intussen uitgegroeid tot hét afsluitende nummer bij concerten van INXS - een meer uptempo versie van “Don’t Change”, uitgevoerd door de voltallige bezetting.
Wat INXS afgelopen maandag in de Vooruit liet horen, riep dubbele gevoelens op. Enerzijds viel er niks af te dingen aan het spelplezier dat uitging van de groepsleden die intussen bijna 34 jaar samen zijn (vooral Pengilly liet zich niet onbetuigd) en dit werkte aanstekelijk op het erg enthousiaste publiek. Ook aan hits was geen gebrek en de individuele klasse van het songmateriaal bleef overeind. Zeker als men dan nog bedenkt dat al even boeiende singles als “This Time”, “Baby Don’t Cry”, “The Gift”, “Taste It” of hun debuut 7" Just Keep Walking” uit 1980 in het zomerse Australië waren achtergebleven.

Maar aan de andere kant is het met een nieuwe zanger in de rangen - de titel van de tournee 'Now Playing' (Like You Have Never Seen Them Before) is dus allesbehalve misplaatst -   altijd wennen. Voor degenen die nog te jong waren om halfweg de jaren '80 tot '90 een concert mee te pikken, was het aldus een uitgelezen kans om INXS eens live aan het werk te zien (in een gezellige zaal). Fans van het eerste uur daarentegen zullen blijven hunkeren naar de periode Hutchence. Of om het met een tekstfragment van Bram Vermeulen uit te drukken: "Het is een wedstrijd die niemand winnen kan". Ook een zanger als Gribbin niet. 

Setlist :
Communication, Mystify, Heaven Sent, Suicide Blonde, Disappear, Not Enough Time, By My Side, Listen Like Thieves, Beautiful Girl, Tiny Summer, Kiss The Dirt (Falling Down The Mountain), Bitter Tears, Don't Lose Your Head, Elegantly Wasted, Don't Change (excl. Ciaran Gribbin), Original Sin, Devil Inside, Need You Tonight, New Sensation, Never Tear Us Apart
Drum Opera, What You Need, Don’t Change

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/inxs-12-12-2011/

Organisatie: Live Nation


Glenn Branca Ensemble

Glenn Branca Ensemble - Zeldzaam concert van een legende

Geschreven door

Glenn Branca is nog steeds een naam die klinkt als een klok (voor een beetje muziekliefhebber dan toch) en dat komt vooral door Thurston Moore en Lee Ranaldo van Sonic Youth die ooit onder zijn vleugels hun carrière begonnen en ook later hun bewondering voor de man niet onder stoelen of banken staken. Branca is tevens de avant-garde componist die niet om een stunt verlegen is. Zo componeerde hij een symfonie voor honderd gitaren, een werk dat in 2006 nog opgevoerd werd in de Vooruit. Ondanks die ferme reputatie was de belangstelling eerder matig en mogen we verdomd blij zijn dat een eerder bescheiden club als de 4AD hiervoor haar nek durfde uitsteken.

[Sic] Electric had de eer het publiek te mogen opwarmen en ze deden dat voortreffelijk. Bassist Lieven Eeckhout en drummer Mattijs Vanderleen zorgden voor een bijzonder stuwende drive waarbij de 4 saxofonisten, die hun sporen reeds verdienden bij BL!NDMAN, vernietigend mochten uithalen. Het riep vergelijkingen op met X-Legged Sally of een euforische Morphine in het kwadraat. Alleen de (niet zo talrijke) solomomenten van de saxen vielen soms wat magertjes uit of lag het optreden van The Ex & Brass Unbound, waar de blazers zo superieur waren, nog te vers in het geheugen?

Dan staan alle muzikanten van het Glenn Branca Ensemble (gitaristen Reg Bloor, Evelyne Buhler, Eric Hubel en Greg McMullen, bassist Ryan Walsh en drumster Libby Fab) klaar om dan eensklaps het podium opnieuw te verlaten. En dan wordt het lang wachten (zouden enige sterallures meneer Branca niet vreemd zijn?) wat het publiek zonder morren aanvaardt. Wanneer ze zich een tweede keer hebben opgesteld, strompelt ook Glenn Branca zelf het podium op. Zelf speelt hij geen gitaar meer maar ‘dirigeert’, wild zwaaiend in het ijle met één hand terwijl hij met een bevend vingertje de noten volgt op zijn partituur. Rock-'n-roll is het absoluut niet en spelplezier is er al evenmin. De muzikanten proberen al zwetend tegelijkertijd hun ongetwijfeld ingewikkelde partituren en hun zwalpende maestro te volgen. Toch kon er tussen de stukken door al eens een glimlachje vanaf en speelde het kleine opdondertje Evelyne Buhler al eens gitaar in haar nek of klom ze op haar versterker. En de muziek? Avant-garde kon je dit bezwaarlijk noemen : het ging hier immers om ‘the sequel’ van een gitaarsymfonie van 30 jaar oud : ‘The Ascension’.
Repetitieve, dreigende en aanzwellende gitaarmuren die vaak nogal wiskundig aanvoelden. De wat stillere momenten vond ik een stuk subtieler dan die eeuwig staccato hamerende gitaren. Vooral "Lesson No 3 (a tribute to Steven Reich)" en het zeer lange, onvoorspelbare "The blood" bleven nazinderen. Een best intense belevenis maar het concert van het jaar, zoals iemand had voorspeld, werd het toch niet.

De 63-jarige Branca zorgde nog voor een chaotische exit waarbij hij zij statief omver wierp, zijn trappistenglas aan gruzelementen schopte en zijn drumster bijna molesteerde. Een grap of een poging om toch maar als een excentrieke kunstenaar over te komen? Je muziek volstond nochtans ruimschoots, Glenn!

Organisatie: 4AD, Diksmuide

The Horrors

The Horrors - Vijf ego's en hun eclectische synthese van new wave- electro-garagerock!

Geschreven door

Als opwarmer brachten The Horrors de jonge straffe kerels mee van Cerebral Ballzy. Een voorprogramma met een stevig Hardcore gehalte. Nummers over 'the cops' die ze liever zien gaan dan komen, 'chicks', bier, skateboarden,…  beschreven zowat het leven dat zij in Brooklyn kennen. De groep liet ons, typerend voor dit genre,  krachtig korte nummers horen, weliswaar onverstaanbaar maar toch gesmaakt door menig publiek.

De groep  The Horrors liet zich in 2007 vaag opmerken met hun debuutalbum ‘Strange House’.      In 2009 werden ze gespot door hun nieuwe cd ‘Primary colours’ en singles als "Sea within a sea" en "Who can say" klonken. Het uitbrengen van hun 3e cd ‘Skying’ werd door velen goed bevonden en zal vermoedelijk in de toekomstige charts goed scoren.  Dit deed uitkijken naar hun geplande shows in België. De plannen voor Pukkelpop keerden met de wind, dus konden we deze avond net over de grens- in Le Grand Mix- niet zomaar laten voorbijgaan.

Gelijk hadden we… Een show met op stevig staande voet gebrachte nummers . Het donkere in hun muziek werd gekleurd  met de aangename stem van frontman Faris Badwan  en verlicht door een goedbevonden sterk staaltje  lichtshow. De elektro/new wave klanken die Rhys 'Spider' Webb door zijn vingers liet glijden, zorgden voor een aangenaam afwisselend beatgehalte. Hoorden we daar in ons verre achterhoofd niet Goose of eerder INXS en invloeden van The Cure? Een show waarvan we de  invloeden van buitenaf en de stijlen van binnenin The Horrors niet kunnen bundelen in  1 genre. Het eighties gehalte stond strak ,was aangenaam voelbaar en tevens te merken aan de gemiddelde leeftijd van het niet overdreven enthousiaste publiek!
Hun opener "Changing the rain" werd aangenaam onthaald en de eerste vuisten balden zich boven de hoofden. Algauw werd iedereen meegezogen in het mysterieuze zelfs psychedelische, waarbij we konden genieten met de ogen dicht. Doch werd ons netvlies getrakteerd op fijn belichte schimmen tegen een donkere 'wall of sound' waarbij de gitaar van Joshua Third vrij spel kreeg in onder andere "Who can say" en de drums  van 'Coffin' Joe Spurgeon zich lieten gelden.
Hun eerste single "Still Life" van het album "Skying" nam het publiek mee. Andere songs zoals  "Sea within a sea" werden iets te lang uitgerokken  waardoor de aandacht wegebde. Van het inspelen op het publiek konden ze het ook niet hebben. Faris , verschuild achter zijn weelderige haardos liet het bij een voorname "dank je wel"! Alhoewel hij dan toch de fans meekreeg met 'de handen in de lucht' uitdraaiend in crowdsurfen en hevig hoofdgeschud!
De set duurde iets te kort om goed te zijn, na 50 minuten was deel 1 afgerond! Die mannen hebben toch meer in hun mars? Hun terugkomst bracht meer…én beter! De beats deden je hartslag dubbel slaan, de gitaarriffs gingen door merg en been en de combinatie bas van Tomethy Furse  en de basdrum hier bovenop zorgden dat "Mirror's image" een hoogtepunt in de avond werd.  De laatste nummers bleven scoren, alhoewel de stem van Badwan wat kracht verloor. Wat show met de micro en de afsluitende serious beats zorgden voor een mooie afsluit.

Kortom een  hoogstaand muzikale avond waarin The Horrors lieten horen en zien hoe 'groots' ze reeds zijn. Groeien doen ze zeker, binnenkort veroveren ze de grote podia. Ik kijk uit naar de zomer van 2012 waar we ze vast en zeker zullen te zien krijgen op verschillende festivals.

Setlist: Changing the rain, Who Can say, I can see through you, Scarlet fields, Dive inn, Endless Blue , Sea within a sea, Still life
Mirror’s image, Three decades, Moving further away

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-horros-10-12-2011/

Organisatie: Agauchedelalune, Lille ism Grand Mix, Tourcoing

Broken Glass Heroes

Fijne herinnering aan de intieme afscheidstour van Broken Glass Heroes

Geschreven door

De Broken Glass Heroes, die naar aanleiding van het tv programma de Benidorm Bastards in het leven werd geroepen door Pascal Deweze en Tim Van Hamel, zijn bezig aan hun afscheidstournee … Voor één van hun laatste optredens hielden ze halt in de Kortrijkse Schouwburg. Dat optreden werd een intiem concert voor maximum 200 mensen… Mooi …Ze startten met “Happy” gevolgd door “Oh My Love”  dat onmiskenbaar verbonden is aan de Beatles en de Beach Boys.
De 14 nummers van de cd  ‘Grandchildren of the Revolution’ zijn niet allemaal pareltjes maar roepen een zomers gevoel op en geven de indruk dat je met gemak in een grote Amerikaanse wagen over een eindeloze vlakte bolt. Ze vuurden dan ook de ene melodieuze op de sixties en seventies geïnspireerde popsong na de andere af. We koesterden hierin songs als “Baby Don’t Worry” en “Let’s Not Fall Appart.
De problemen met de gitaar en de versterker van Sjoerd Bruil (gitaar/backings) verstoorde even de anders vlekkeloze set. Maar door de muzikale ervaring sprongen ze er erg professioneel mee om.
Na een goed uur heerlijk nostalgische popsongs , trakteerden ze nog met een bis, die in schoonheid eindigde met “As I Walk”.

We houden een fijne herinnering over aan deze band die barstte van het talent . Het was dan ook erg jammer afscheid te moeten nemen. Positief is dan wel dat de mannen terug keren naar hun vorige projecten als Eat Lions en Metal Molly.

Playlist: 1: Happy 2: Oh My Love 3: Baby Don’t Worry 4: poor little rich girl 5: winter of love 6: gft high 7: billboards 8: stop & think it over 9: luv 10: delphonic 11: it won’t be much longer 12: these grounds 13: I just don’t wane feel better 14: let’s not fall apart 15: I don’t need a woman  16: whole wide world 17: you becomes you 18: time to travel
Bis: 1: Don’t deserve this feeling 2: wild wild life 3: as I walk

Organisatie Cultuurcentrum, Kortrijk

The Golden Years 2011 – de ‘survival’ oldiesmarathon

Geschreven door

The Golden Years 2011 –  de ‘survival’ oldiesmarathon
The Golden Years waren weer een schot in de roos: een goed gevuld Antwerps Sportpaleis ontving zo’n 13000 toeschouwers voor de 23e editie, gewijd aan de glam rock van de seventies.
Ieder jaar worden de overlevende muzikanten uit de sixties ouder, zodat het steeds moeilijker wordt een goed programma uit te werken. Logisch dus dat men stilaan opschuift naar recenter werk. Ook het publiek wordt jonger en wil andere muziek horen.
Het concept is nog steeds hetzelfde, maar in vergelijking met vorig jaar konden we vaststellen dat alles nu veel vlotter verliep. De totale duur werd sterk ingekort tot drie uur en het voorziene tijdschema werd behoorlijk gevolgd.
Wat ook opviel is dat de kwaliteit van de muziek ook stukken beter was. Er waren geen echt tegenvallende groepen dit jaar, waardoor de sfeer er ook snel in zat. Het publiek was gewoontegetrouw weer zeer volgzaam, zodat de handjes vlot de hoogte in gingen. Het meezingende publiek was soms zelfs indrukwekkend.

De avond startte met een kort optreden van ’The Escorts’, een covergroep die het publiek moet opwarmen.

Daarna kondigde vaste presentator Carl Huybrechts ‘Mungo Jerry’ aan. De groep van zanger-gitarist Ray Dorset zette een stevige act neer, waarbij vooral “In The Summertime” en “Lady Rose” indruk maakten.

Vaste waarde ‘Middle Of The Road’ moest het dan hebben van een reeks superhits, die aansloegen, ondanks de zwakke en beverige stem van zangeres Sally Carr.

Dan kwam oude bekende ‘Alvin Stardust’ ons trakteren op een flinke portie rock ’n roll. Zijn eigen hits “Jealous Mind”, “Pretend” en “My Coo-Ca-Choo” zijn een beetje soft, maar als vertolker van echte rock ’n rollnummers, zoals “C’mon Everybody” kent hij zijn gelijke niet.

Daarna konden wij de echte topact van de avond aan het werk zien. ‘Albert Hammond’ straalde klasse uit, zong geweldig en zorgde voor een rustiger moment. Zijn act werd fel gesmaakt. Dit is logisch, want wie kent er niet hits als “Down By The River”, “Everything I Want To Do”, “I’m A Train”, “The Free Electric Band” en “It Never Rains In Southern California”? Ze kwamen er allemaal na elkaar uitgerold.

The Rubettes’ waren traditiegetrouw uitgedost in hun witte pakjes met behorende witte muts en brachten een reeks top tien hits. Leadzanger Alan Williams kon aardig overweg met de falsetpartijen, die oorspronkelijk door Paul da Vinci gezonden werden. Alleen had hij het daarna soms moeilijk over te schakelen op zijn gewone zangstem.

De meesten keken weer uit naar het optreden van ‘Slade’. En ze ontgoochelden niet, met de klassieke ingrediënten, zoals de scherpe, krachtige stem van de zanger en de fratsen van lead gitarist Dave Hill. En, al even traditiegetrouw, werden de Kerstmanmutsen opgezet voor hun jaarlijks terugkerende hit “Merry Xmas Everybody”.

Tenslotte kwamen ‘The Sweet’ hun bekende act doen. De zanger was heel goed op dreef en, zoals het een topact betaamt, zetten zij met een overzicht van hun grootste hits de zaal nog een laatste keer in vuur en vlam.

Om deze geslaagde avond te besluiten kwamen alle artiesten nog eens op het podium om samen “Join Together/Rockin’ All Over The World’ te zingen.


Organisatie: Sportpaleis – The Golden Years – Antwerpen

Channel Zero

Leuk vertoeven bij Channel Zero

Geschreven door

Franky De Smet-Van Damme en de zijnen van Channel Zero waren in Luik begonnen aan hun 16-delig ‘In the City 2011’-tour programma, en lasten een tussenstop in op 09 december in de Factor (vroeger gekend als  Entrepot) te Brugge.

Als voorprogramma was het voor mijn onbekende, en later onbeminde Maudlin vastgelegd om de zaal op te warmen. Een klein halfuurtje mochten deze mannen hun best doen, maar het hoogtepunt van deze avond was uiteraard CZ, dus volgens de meeste aanwezigen mocht Maudlin het beste uit hun sloffen halen, veel verschil zou het toch niet maken.

Okay, metal was nu aan de beurt, en de openingstonen van “She Watch Channel Zero” van Public Enemy opende de helse rit van de avond…
“Fool’s Parade” werd direct daarna aan de man gebracht, en vooraan spatte het eerste gezellig samenzijn los! Franky DSVD, opnieuw met een zwarte handschoen en zijn haar rommelig op het eerste gezicht speelde een thuismatch, en dit was er aan te zien. Gepassioneerd, vol overgave en genietend van iedere crowdsurfer die op zijn podium belandde haspelde hij de songs op een uitstekende manier af.
Uiteraard stonden de shows in het teken van hun recentste album ‘Feed ‘em With a Brick’ en alle nummers, uitgezonderd “War is Hell” kwamen aan bod. Tracks als “Ammunition”, het 1e liedje van de nieuwe plaat die op de setlist stond, het krachtige “Angel’s Blood”, het niet zo uitstekende “Hammerhead”, “Capital Pigs”, het ultra hitnummer “Hot Summer” die luidkeels werd meegezongen, “Ocean”, het melodische “In the City”, de met stop-start riffs volgepropte track “Guns of Navarone” en de logische afsluiter “Electric Showdown”. Alle nummers werden op een goeie manier gebracht door de bandleden, en het publiek had klaarblijkelijk deze songs al ettelijk keren meegebruld in hun zetel of slaapkamer! Dat het nieuwe album aanslaat als een bom moge hierbij duidelijk zijn.
Er werd uiteraard ook gegrabbeld uit de oude doos, een must voor de die-hard fans, en het oude materiaal zorgde voor het meeste animo mijn inziens bij het publiek.
Uit hun debuutalbum ‘Channel Zero’ werd gekozen voor het nummer “ No light (at the end of their tunnel)”, uit hun plaat van 1993 “Unsafe” werden krakers als “Suck My Energy”, het harde “Dashboard Devils”, “Bad to the Bone” die beenhard werd gebracht en een ware crowdpit uitlokte, het titelnummer “Unsafe” zelf, en de meest gekende hit “Help” (tevens een bis-nummer) door de boxen geblazen.
Het album ‘Black Fuel’ mocht zeker niet ontbreken waardoor “Fool’s Parade”, “Call on Me” en “Black Fuel” de setlist vervolledigden! Van het album “Stigmatized for Life”, tevens hun 2e plaat die het levenslicht zag werd helaas niets gespeeld, en hiervan had ik toch ook wel degelijk een track willen horen. Tja, sommige keuzes zijn hard, en moeten aanvaard worden.

Het was een heftig feestje in de Factor, en tijdens het laatste bisnummer “Black Fuel” werden alle aanwezigen aangepord om de muzikanten te vergezellen on stage, een aanvraag die door de meesten met plezier werd ingewilligd, waardoor het leuk vertoeven was voor én achter het drumstel van Phil Baheux!!!

Nagenieten met de bandleden was nog mogelijk, want in het Brugs metalcafé ‘The Crash’ trakteerden de mannen nog enkele liters bier om hun show in schoonheid te eindigen. Uiteraard was ik aanwezig, een recensent moet nu eenmaal ook de euhm… minder leuke dingen ondergaan haha …

Pics van hun gig in Depot, Leuven http://www.musiczine.net/nl/fotos/channel-zero-08-12-2011/

Organisatie: Heartbreaktunes



Austra

Austra – bedwelmende, opzwepende trip

Geschreven door

Eerder waren we al bijzonder onder de indruk van Austra toen ze optrad op Leffingeleuren . Samen met EMA was zij één van de revelerende acts op die bewuste zaterdag . Inderdaad , dit was een optreden in ons geheugen gegrift … We hoorden een spannende, broeierige, hypnotiserende, dansbare set door synths, drumbeats en repeterende opzwepende basses … Maw een opwindende, bruisende gig dus! De songschrijfster/zangeres Katie Stelmanis plaatst zich muzikaal als vocaal naast een Fever Ray (The Knife), Loreena McKennitt, en met haar danspasjes, heupwieg en draaiende handjes komt ook Natacha Atlas ( ex Transglobal underground) aandraven, en ze voegt er opera vocalen aan toe . Ze wordt geflankeerd door twee dansende, bijna even ijl zingende engelen .
Een magisch, broeierig sfeertje  wordt gecreëerd in de nokvolle Charlatan . De debuutcd ‘Feel it break’ werd in de spotlights geplaatst . Langzaam hotsten we mee in die bezwerende, bedwelmende trance , waarbij het tempo subtiel opgeschroefd werd met songs als “Lose it” en “The choke”; en met de singles “Beat and the pulse” , “Sparkle” en “The future” had de beloftevolle Austra het publiek volledig in haar greep. De etherische zang en de dansvibes van electrowaves, wereldse tribal sounds en beats prikkelden en kleurden!
Een paar weken terug werden we ook al in zo’n web gebracht door het NYse Gang Gang Dance en vanavond moest het Canadese Austra niet onderdoen om een prikkelende, hitsende spacejam te ontwikkelen … Een restant en kenmerk van de ‘90s Transglobal Underground en Zion Train.

De aanstekelijke live gaf hun debuut ‘Feel it break’ nog meer elegantie en durfde te exploderen en te knallen . ‘Positev energy’ kwam vrij en zorgde voor een bezwerende, meeslepende, overtuigende set!
Wat een aangenaam, leuk , ontspannend , dansbaar feestje hier! Austra dragen we vanaf nu nauw aan het hart. Benieuwd hoe zij zich verder zullen ontplooien . Al tweemaal schoten ze alvast raak met hun gigs !

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/austra-09-12-2011/

Organisatie: Democrazy, Gent (ism Toutpartout)  

Pagina 395 van 498