logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15408 Items)

Lesbian Bed Death

Designed by the Devil – Powered by the Dead

Geschreven door

Vooraleer we dit plaatje in onze handen kregen, wisten we eerlijk gezegd niks af over het bestaan van deze band. Bovendien konden we met een groepsnaam als Lesbian Bed Death niet meteen inschatten wat te verwachten, maar na een eerste luisterbeurt zijn we toch aangenaam verrast.
LBD combineert invloeden uit verschillende hoeken en maakt een mix van gothic, metal, horrorpunk, glam en ouderwetse hardrock. Pluspunt is de zeer krachtige stem van zangeres Luci4 die ondersteund wordt door vier (mannelijke) muzikanten.  De verschillende nummers zijn een voor een zeer afwisselend maar alles klinkt  toch vrij coherent. Nummers als “Mr Nastyime” en “Catholic Sex Kitten” starten met wat pianomuziek om vervolgens te ontaarden in heerlijke punksongs. “Moonlight” en “No Tears Please” tonen dan weer een donker kantje en verraden het potentieel van Lesbian Bed Death. Het beste nummer voor ons was “Bela Lugosi’s back”, een heavy knaller van zeven minuten doorspekt met een flinke dosis gothic. Wie een boontje heeft voor bands als Misfits, Murderdolls, Type O Negative en Alice Cooper zorgt ervoor dat hij deze band zo snel mogelijk ontdekt! 

Male Bonding

Nothing Hurts

Geschreven door

Britse Indie rock met een scherp punkrandje en met een gebeurlijke brok stevige shoegaze in verwerkt. Denk Thermals en A Place To Bury Strangers samen op een Formule 1 circuit. Het gaat razend snel en soms loeihard, zonder de melodie uit het oog te verliezen. Zo kweekt men goede song, beste mensen ‘T is poepsimpel als het lukt. En hier lukt het.
Wij hebben een zwak voor dit soort kwaaie rock die er met een onbegrensde gedrevenheid wordt doorgeramd terwijl men toch nog steeds het bos door de bomen blijft zien. Die van Male Bonding kunnen er behoorlijk weg mee, zij razen opgehitst doorheen buffelstoten als “Pumpkin”, “Year’s not long” en “All things this way”, allemaal oplawaaien van amper twee minuutjes rechtstreeks gemunt op onze schaamstreek.
Als het tempo een tandje naar beneden gaat (niet zo vaak op dit album, maar toch) komen er ook al interessante songs aan de oppervlakte (“Pirate key”, “Franklin”, “Worse to come”), iets meer diepgang, beetje complexer en steeds met dezelfde verbetenheid.
Verbluffend plaatje.

Los Lobos

Tin Can Trust

Geschreven door

Verwacht geen flagrante stijlbreuk, want dit nieuwe album klinkt vertrouwd in de oren. Vintage Los Lobos dus, maar wel hoogstaand. Hoewel de klasbakken hier nergens naast de door henzelf geijkte paden treden, ontwijken ze met glans de automatische piloot en staan ze op scherp, alsof het een bende jonge gedreven snuiters waren die nog volop de wereld moeten veroveren.
De gitaren van David Hidalgo en Cesar Rosas zijn overal fris en snedig en de solo’s zijn uit een grand cru vaatje getapt. Het duo zingt dan ook nog eens de songs naar eenzame hoogtes.
Het alom gekende geluid vertaalt zich naast de onvermijdelijke latino fuifjes (“Yo Canto”, “Mujer Ingrata”) in een paar puike bluessongs (“Do the murray” , “27 Spanishes” en het geweldige ”West L.A. fadeaway”) en enkele ingetogen pareltjes (“Jupiter on the moon”, “All my bridges burning”).
‘Tin Can Trust’ is Los Lobos in topvorm.

Pig Iron

Blues + Power = Destiny

Geschreven door

Hoes en titel doen vermoeden dat we hier met zware en zompige biker-bluesrock zouden te doen hebben, maar volgens ons neigt dit eerder naar classic hard rock met hier en daar een knipoogje richting grunge en met weliswaar een bluesrandje -vooral wanneer zanger Johny Ogle een harmonica uit zijn mouw tovert- maar toch te proper opgekuist om van een vettige bluesrock plaat te spreken. Ogle zijn stem doet overigens aardig aan Ian Astbury (The Cult) denken en, hoewel dit een Britse band is, het album klinkt in zijn geheel nogal Amerikaans. Niet slecht, maar we hebben het allemaal wel al eens eerder gehoord. Te onthouden songs zijn een stuwend “Golden”, die ergens tussen Alice In Chains en Wolfmother hangt, en de naarstig rockende afsluiter “Death Rattle”.
Een behoorlijke plaat dus die bij momenten stevig uit de hoek komt, met flink en potig gitaarwerk, maar met al bij al te weinig eigen smoelwerk om het peloton te kunnen los rijden.

Saint Jude

Diary of a soul fiend

Geschreven door

Saint Jude uit London zijn een beetje de poulains van Ron Wood die overal van de daken gaat roepen dat dit ‘the new revelation of rock’  is. Voor één keertje heeft de Rolling Stone meer aandacht voor de zangeres haar stem dan voor haar tieten en de ontdekking van een nieuw talent is dan ook een feit. De stem is duidelijk de grootste troef van Saint Jude (de tieten hebben we nog niet van dicht mogen aanschouwen). Lynne Jackaman is inderdaad gezegend met een volbloed stem die barst van de soul en doet denken aan BJ Scott, Janis Joplin of aan een jonge Tina Turner toen zij nog regelmatig troef kreeg van Ike en zo wakker genoeg gehouden werd om uit frustratie een portie kwaaie soulsongs uit haar strot te rammen (dus niet die plastieken Tina die op vandaag met slappe tupperware soul overal ter wereld sportpaleizen doet vollopen).
Qua sound mogen we het gaan zoeken bij The Faces (en hun volgelingen Black Crowes), Janis Joplin en The Rolling Stones. Qua kwaliteit van de songs zitten we toch een trapje lager, op deze ‘Diary of a soul fiend’ staan nogal veel middelmatige songs die echter wel naar een hoger niveau getild worden door de krachtige vocals van Jackaman. In combinatie met wat steviger gitaarwerk geeft dit soms vonken (“Soul on fire”, “Southern belle”, “Parallel live”, “Sweet melody”), maar er mag van ons over heel de lijn toch nog wat meer vet en hete lava aan toegevoegd worden om tot een echt stomende plaat te komen. Vooral de ballads zitten een beetje in een cliché keurslijf gewrongen en geven ons de indruk dat hier niet alles is uitgepuurd wat er wel degelijk in zit. Een portie Kick Out The Jams van MC5 zou hen goed doen.
Niettemin, verdienstelijke plaat van een band en vooral een zangeres met potentieel (en misschien ook tetten, we houden u op de hoogte).

Drums Are For Parades

Master

Geschreven door

Vuist in de lucht – Trillingen over het lichaam – Ogen dicht - Hoofdschudden … Huiver alvast maar op de full cd ‘Master’, die de EP ‘Articificial sacrificial darkness in the temple of the damned’ opvolgt van het Gentse trio Drums are for parades. Een energiek apocalyptisch geluid, donker, dreigend, rauw en snoeihard, waarin ruimte is voor intrigerende melodieuze stukken, flarden klassieke muziek en saxofoonstukken.
Het noisecollectief klinkt inderdaad wel gelaagder en verfijnder en gaat iets breder te werk tussen de zware gitaren en psychedelica. Zwaar en hard blijft het weliswaar om hun kwaadheid, frustratie en agitatie te uiten; een opgefokte, gejaagde frisse sound die diverse tempowisselingen ondergaat. Centraal staan de gortdroge drums, de diep dreunende basses en spannende (soms elektronische aandoende) gitaarriffs, soms ondersteund door een vervaarlijke zang en screamo’s.
Het trio grijpt terug naar Black Sabbath, refereert aan de metal van Channel Zero en Mastodon en verankert met de ‘90s van Helmet en Therapy?.
Ze vermorzelen stoner, noise, crossover en diverse hard- en grindcore sounds door de molen. Ze worden op handen gedragen door Chris Goss, en een samenwerking zit in het verschiet. Intussen deed Howie Weinberg z’n best om het DAFP geluid zo goed mogelijk te ‘masteren’. Een dik OK resultaat, luister maar eens naar songs als “The law”, “I’m not who you think we are”, “Boy was in the death room” en “Opium den idiot check”! Dan weet U waarom we de plaat in die eerste zin schreven …

Wolf Parade

Expo 86

Geschreven door

Een erg goed op elkaar ingespeelde band en een sing/songschrijverduo ‘pur sang’ zijn Spencer Kruger en Dan Boeckner. Na de platen ‘Apologies to the Queen Mary (‘05) en ‘At Mount Zoomer (‘08) staat Wolf Parade opnieuw garant voor compacte, potige, directe, maar ook emotievol gevoelige, sfeervolle, dromerige ‘alternative’ indierock; de puike afwisseling van krachtig snedig en intens broeierig materiaal, de intrigerende opbouw, de heerlijke tempowisselingen, en de afwisselende vocals en vloeiende samenzang, zorgen voor een boeiende, overtuigende plaat. Aangelegd met een psychedelische synthtoets is het allemaal wel toegankelijk en past alles wel perfect in elkaar. Ze worden in één adem genoemd met bands als Broken Social Scene, Postal Service, Fiery Furnaces, Built To Spill, Arcade Fire en halen ‘70s Television invloeden aan.
De eerste songs “Cloud shadow on the mountain”, “Palm road” en “What did my lover say” zijn ongelofelijk sterk door het gejaagde ritme. Dan zakt het tempo wat en zoekt de band in de nummers wat hun eigen weg; Er best mee weg is het uitgesponnen, avontuurlijke, meeslepende “In the direction of the moon”. Songs als “Little golden age”, “Ghost pressure” en “Yulia”, door Boeckner geschreven, zijn grootser en breder van opzet. Ze zijn minder emotievol en hangen minder aan de ribben dan het fors krachtige, energieke materiaal. Maar al de ingrediënten samen horen we nog eens op het schitterend uitgewerkte “Pobody’s perfect”.
Wolf Parade laat ruimte voor de instrumentatie en houdt de subtiliteit onder controle. Sterke plaat!

Fanfarlo

Reservoirs

Geschreven door

Het charismatische Fanfarlo, thuisbasis Londen, roots in Zweden, brengt smaakvolle, dromerige en fris speelse indiefolkpop. De plaat was al een tijdje uit en met de single “Harold T Wilkins, or how to wait for a very long time” wist Simon Balthazar en zijn bende meer airplay te verkrijgen. En terecht, de groep balanceert ergens tussen Arcade Fire, de Zuiderse americana van Calexico en de Balkanpop van Beirut. Zonder ook maar over te hellen in bombast in een druk instrumentarium speelt het collectief hun beheerste en pakkende songs. Het geheel van violen, trompetten, accordeons, mandoline, zingende zaag en melodica’s zorgen voor een fijne sfeervolle opbouw. Een subtiel elegant geluid in het uitgekiende materiaal, dat elan en kleur geeft en een gevoel creëert tussen uitbundigheid en dramatiek. Balthazar is een fervente literatuur verslinder, houdt van markante historische figuren en heeft een voorliefde voor meren. Zijn zang hangt ergens tussen Finn Andrews van The Veils en Alec Ounsworth van CYHSY. Een heerlijk geluid dus, luister maar eens naar “I’m a pilot”, “Ghosts”, “Luna” en het lang uitgesponnen “Comets”; de tempowisselingen live brengt hen zelfs richting Mumford & Sons. Sterk debuut!

The Capstan Shafts

Revelation skirts

Geschreven door

Zo’n elf jaar geleden besloot de Amerikaan Dean Wells om in navolging van zijn idolen Guided By Voices om zelf de gitaar ter hand te nemen en muziek te componeren. Op zich is dat niet zo’n wereldschokkend feit want het aantal uitgebrachte cd’s in eigen beheer zijn ondertussen ontelbaar geworden. De ene blijft muziek voor zijn buur of kat maken, terwijl er ook bij zijn die uit het net gevist worden zoals deze Dean bijvoorbeeld.
Hij werd meteen opgepikt door één van de betere indielabels, Rainbow Quartz, en hij zorgde er al gauw voor dat het eenmansproject een volwaardige band werd.  ‘Revelation skirts’ is het resultaat van dit alles en ook al is zijn Amerikaanse collegerock niet slecht, valt het ook niet echt op en verdwijnt het zo met de grijze massa. Aangenaam plaatje dat wel, maar we kunnen er zo honderden bedenken!

The Bees

Every step’s a yes

Geschreven door

Vreemd hoe sommige mensen toch in het verleden kunnen leven. Ieder zijn meug natuurlijk maar het is onmogelijk om de muziek van The Bees ook maar met iets te vergelijken dat van recente makelij is. Akkoord, Fleet Foxes zijn zeker een optie maar ook zij hebben meerdere roots in het verleden.
Hier op het Europese vasteland zijn The Bees weliswaar wat minder bekend maar deze psychedelische folkbende uit Isle Of Wight kon met hun derde album een heleboel Engelse perslui en muziekliefhebbers overtuigen met hun voorganger ‘Octopus’.
De nieuwe ‘Every step’s a yes’ is niet meer dan een logisch vervolg en het moet je geenszins verwonderen dat referenties Tim Buckley, Nick Drake, Simon & Garfunkel of Pink Floyd geworden zijn. Misschien had Dylan The Bees niet in gedachten toen hij ooit zong dat de tijden veranderen…

Perfume Genius

Perfume Genius - Hulpeloos en toch verdienstelijk

Geschreven door

Achter de naam Perfume Genius verschuilt zich Mike Hadreas, een getormenteerde twintiger die de voorbije maanden wereldwijd indruk maakte met zijn debuutplaat. Persoonlijk bleven we na een eerste beluistering van ‘Learning’ wat op onze honger zitten. De hooggespannen verwachtingen die we op basis van verschillende loftuitingen durfden te koesteren werden maar matig ingelost. Zowel kwalitatief als kwantitatief (slechts 29 minuten!) vonden we het eigenlijk een nogal mager beestje. Gelukkig gaven we het album nog enkele extra kansen want we hebben hier uiteindelijk wel degelijk te maken met wat men een ‘groeiplaat’ placht te noemen.

Wie naar Pefume Genius luistert, krijgt meer dan een snuifje Mark Linkous te verwerken en dan meer bepaald de ‘lo fi’-versie van de betreurde voorganger van Sparklehorse. De wat krakkemikkig klinkende piano die op het debuut overheerst, zorgt vaak voor een duister-melancholisch sfeertje. Het merendeel van ‘Learning’ zou ook thematisch niet misstaan hebben op ‘Dark Night of the Soul’, het postuum uitgebrachte album dat Linkous samen met Danger Mouse (en een resem gasten) in elkaar bokste.
De vaak fragiele zang en het ongepolijste pianospel roepen eveneens herinneringen op aan Daniel Johnston, ook tekstueel is er een zekere verwantschap met dit verschil dat het vele leed waarmee hij geconfronteerd werd bij Perfume Genius (nog) niet tot totale waanzin heeft geleid.
Een erg stabiele indruk gaf Hadreas – die zich in de meeste nummers liet begeleiden door een tweede keyboardspeler – evenwel niet want vooral in het eerste kwartier zagen we een verlegen en overgevoelige kerel die met zenuwachtig gebekketrek tegen de tranen bleek te vechten. Tijdens opener “Lookout, lookout” viel dit alles nog een beetje mee, als we onze ogen sloten leek het net alsof een door piano begeleide Neil Young een ballad ten berde bracht. Toen we bij het daaropvolgende “You won’t be here” de ogen weer openden, volgde onze mond automatisch want de geëmotioneerde zanger worstelde zich gegêneerd door dit voor hem blijkbaar uitermate aangrijpende lied. Rondom ons zagen we verbijsterde blikken terwijl niemand het aandurfde om zelfs maar te kuchen vanuit de vrees dat zulks de definitieve doodsteek zou betekenen voor de meelijwekkende man op het podium. Ook in het derde lied zagen we een superschuchtere Hadreas die met een gepijnigde grimas zichzelf begeleidde op akoestische gitaar, iets waar hij nu en dan met moeite in slaagde.
Wat beterschap kwam er toen zijn begeleider zich aan zijn rechterzijde nestelde om samen een “quatre mains” te brengen die gelardeerd werd met enkele voor artiest en publiek welgekomen riedeltjes. Na een sobere versie van de titeltrack van zijn eersteling en een solo gebracht nieuw nummer ontdooide hij plots even door trots te verkondigen dat het publiek getuige was van ’s mans eerste officiële ‘sold out’-concert. Iets wat gevierd mocht worden met nog een nieuw lied alvorens het beklijvende “Mr Peterson” ons subtiel aan de als kind seksueel misbruikte Mike deed denken. Het hoeft dus allesbehalve te verbazen dat een ander nieuw nummer de woorden “Do your weeping now” als refrein kreeg, het klonk meteen als zijn persoonlijke leuze. Na “Perry” en alweer een nieuw lied verdween zijn begeleider voorgoed van het podium en kondigde Perfume Genius reeds het laatste nummer aan. Gelukkig keerde hij na “Never did” en een verdiend applaus terug voor een bisronde. Beschaamd omdat de eerste bis volledig de mist inging, herpakte hij zich met een knap “Write to your brother”.
Terwijl sommigen reeds de bar opgezocht hadden om zo vlug mogelijk te kunnen bekomen van zoveel miserie, kwam hij nog een laatste keer terug voor een gepaste – want van zeer grote zelfkennis getuigende - cover: “Helpless” van Neil Young.

Een hulpeloze indruk gaf deze jongeman inderdaad. Soms bekroop de aandrang om hem een kalmerende knuffel te geven ons immers eerder dan de neiging om zijn nauwelijks te maskeren lijden toe te juichen. Niemand betreurde het feit dat het concert hooguit vijftig minuten duurde want na verloop van tijd boet zulke intense muziek onvermijdelijk aan spankracht in. Terug in de frisse buitenlucht gekomen, dienden we te concluderen dat een larmoyante Perfume Genius ons in de Botanique slechts bij vlagen kon bedwelmen. Het optreden was in zijn geheel echter te sterk om ‘een stinker’ genoemd te worden. Als de wind meezit, zwelt het vleugje genialiteit (dat we hem voor alle duidelijkheid allerminst willen ontzeggen!) misschien ooit nog aan tot een onmiskenbaar muzikaal genie…

Organisatie: Botanique, Brussel

Sham 69

Sham 69 - Punkfossielen blijken springlevend

Geschreven door

Gewoonlijk laat ik me niet rap verleiden om fossielen uit een ver verleden te gaan bekijken maar een vriend was zo enthousiast over het optreden van Sham 69 vorig jaar in de Steeple in Waregem dat ik het er toch maar op waagde.

Blijkbaar vond inrichter Heartbreaktunes dit een ideale gelegenheid om een ander punkrelikwie terug op te delven. Zo stonden de West-Vlaamse Dirty Scums nog eens voor een publiek die naam waardig. Maar veel deining kon dit drietal, dat reeds sinds 1981 onverdroten aan de weg timmert, niet veroorzaken. Ze probeerden het zowaar wat gezellig te houden door enkele nummers in hun sappige, onverstaanbare dialect te zingen of door een helm met daaraan enkele bierblikjes gekleefd op te zetten. Maar voor de rest viel er bitter weinig te beleven hoewel ik er niet aan twijfel dat ze in cafés waar de alcohol rijkelijk vloeit veel beter aan hun trekken zouden komen.

Tweede opwarmer (sic) van de avond waren The Agitators uit Antwerpen. Ook dit viel serieus tegen. Een aangenaam klinkende brulboei als zanger, dat wel maar voor de rest o zo voorspelbare streetpunk zonder ook maar één uitschieter. Buiten enkele dansende meegereisde fans weekten ze dan ook geen enkele reactie los in de zaal en ik begon me echt af te vragen wat ik hier deed terwijl ik enkele lelijke verwensingen aan het adres van mijn vriend, die me dit had aangeraden, ternauwernood binnensmonds kon houden. Punk bleek morsdood!

Maar zie, Sham 69 nam het podium in en het kon plots toch! Punk: je hoeft er niets voor te kunnen en toch bleek dit nog maar eens een aartsmoeilijke discipline.
Sham 69 werd opgericht door zanger Jimmy Pursey en gitarist Dave Parsons, twee jongens uit het arbeidersmilieu van Hersham in Zuid-Engeland. Eind jaren '70 waren ze vrij populair en maakten ze deel uit van de Oi!-beweging. Maar al snel kwam de klad erin toen er steeds meer gevochten werd tijdens hun optredens en ze ten onrechte gelieerd werden met extreem rechts. Toch bleef de groep, enkele onderbrekingen niet te na gesproken, al die jaren bestaan, zelfs toen stichter Jimmy Pursey er in 2006 de brui aan gaf.
Bovendien kwamen ze in Het Entrepot bijzonder scherp voor de dag. In Tim V. werd een waardige vervanger voor Pursey gevonden en met Alan Campbell op bas hadden ze zelfs een oudgediende van de UK Subs bij. Maar het was toch vooral gitarist Dave Parsons die het vinnigst uit de hoek kwam. Het mocht al eens iets meer zijn dan punk, getuige zijn twee songs op akoestische gitaar. Alle krakers van toen passeerden de revue: "Everybody's right, everybody's wrong", "Angels with dirty faces", "Questions and answers",...
Bijzonder opvallend hoe de aanwezige jonge gasten die teksten moeiteloos mee scandeerden. Uiteraard hoorden we geen muzikale verrassingen of hoogstandjes - zelfs hun nieuwe nummers klonken alsof ze in '78 waren geschreven - maar alles werd zo strak en met een aanstekelijke gretigheid gespeeld waardoor we dat absoluut niet misten.
Toen de groep een eerste keer de kleedkamer opzocht sprong het volk massaal op het podium om zelf "If the kids are united" in te zetten, waarna Sham 69 uiteraard kwam helpen. Punk bleek dan toch niet dood!

Organisatie: Entrepot, Brugge (ism Heartbreaktunes)

Kraakpand 2010 - Kraakpand 5.1. – Vijf bands – Vijf uiteenlopende genres

Geschreven door

Kraakpand 5.1. – Vijf bands – Vijf uiteenlopende genres
In Gent was de tijd weer aangebroken om het startschot te geven voor een nieuw seizoen van het Kraakpand dat naar jaarlijkse gewoonte doorgaat in de Handelsbeurs. Voor deze editie had de organisatie vijf bands geprogrammeerd van uiteenlopende genres waarbij gekozen werd voor een erg uniek concept.
Het concept bestond er in om de vijf bands elk op een podium te zetten om hun songs afwisselend en willekeurig ten berde te brengen.
Heel dit gegeven werd aan elkaar gepraat door gastheer Dirk Blanchart die af en toe de tijd nam om een mini interview van de artiesten af te nemen.

De jonge wolven van Willow die eerder dit jaar nog met de 3de plaats op Humo’s Rockrally gingen lopen en tevens de publieksprijs in de wacht sleepten openden met “Sweater” een nummer waarbij we spontaan aan “Banquet” van Bloc Party moesten denken, ook waren de invloeden van The Cure echter nooit ver weg. Dat deze jonge gasten overliepen van de energie bewezen ze met hun nummer “
High Frequency”, een nummer dat fors versterkt en overstelpt werd van pedaaleffects. Tot slot trakteerden ze ons met hun nieuwste worp, “House Of Love”.

Als er een prijs zou uitgereikt worden voor de band van de avond die de meeste sfeer en ambiance bracht,dan zou deze zonder twijfel naar de Mo & Grazz en Band gaan. Mo & Grazz en Band is een samenwerkingsproject van Monique Harcum (van Zap Mama) en DJ Grazzhoppa. Hun muziek is een unieke mix van hip-hop, funk, jazz, gospel en klassieke R & B en kon de meeste aanwezigen bekoren, het vergde dan ook bijna geen moeite voor de 7 enthousiastelingen om de aanwezigen in beweging te krijgen. De vingervlugge scratches  van Dj Grazzhoppa zorgden voor dat tikkeltje extra die de set af maakten, verder was hun openingsnummer “Home” er eentje om te onthouden.

Muisstil werd het in de Handelsbeurs toen pianovirtuoos Guy Van Nueten de eerste noten speelde. Hij is een klassiek geschoolde pianist/componist en maakte roem door samen met Tom Barman (dEUS) in 2003 een dubbel cd uit te brengen die de naam ‘Live’ droeg en waarvan hij de piano stukken voor zijn rekening nam; trouwens klassieker “April & June” van The Sands is van zijn hand. Ondanks hij van alle markten thuis is, beperkte hij zich tot het spelen van klassieke nummers waarbij het af en toe heerlijk wegdromen was.

De vierkoppige Gentse experimentele Rock Band Marvelas Something, waarvan verteld wordt dat ze knettergek en zo stoned als een ei zouden zijn, openden zeer stevig met ”Doing It She Flies Up”; daarmee was de toon gezet voor een vlijmscherp optreden, een mix van het eerder dit jaar uitgebrachte driedubbele album. Erg uniek is het feit dat dit album in drie grote stukken qua stijl onderverdeeld is. Zo waren wij verbaasd om na een iets wat stevig rocknummer als “Move On” een Nederlandstalig pop nummertje “De Wet Van De Causaliteit” genaamd, te horen. Hun originaliteit en hun ‘je m’en fou’ - mentaliteit hadden we goed ontvangen en de set smaakte naar meer …

Ex-Girls Against Boys frontman Scott McCloud mocht met zijn nieuwe band, Paramount Styles, zijn akoestische plaat voorstellen. Geruggensteund door Simon Lenski (DAAU) op cello en Chris Smet op elektrische gitaar openden ze hun set met “Amsterdam Again”, een nummer over een vlucht uit Rusland na allerlei mislukkingen om in Amsterdam tot rust te komen. Het trio afkomstig uit de VS, bracht een rustige ingetogen set met soms erg emotioneel geladen nummers die naar de keel grepen …

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Arno

Arno - Allez Allez Circulez Brusseld – scherp, emotievol & gevat …

Geschreven door

Arno mag dan al de zestig voorbij zijn, al dertig jaar intrigeert de nachtburgemeester en ongekroonde peetvader van de Belpop. Een nog niet versleten Arno verbaast de laatste tien jaar met enkele opmerkelijke platen als ‘Charles Ernest’, ‘French Bazaar’ en ‘Jus de Box’. Hij gooit de handdoek nog niet in de ring en verbaast opnieuw met de huidige cd ‘Brusseld’, die de samenhorigheid van ons landje bevordert en de Brusseleirs, Vlamingen en Walen een hart onder de riem geeft. Kunnen de heren en dames politici ‘Non’ en ‘Oui’ even aankloppen bij Arno aub, want geen enkele préformateur, ontmijner of bemiddelmaar slaagt erin mensen op zo’n spontane wijze bij elkaar te brengen  … en btw de Oostendse Brusselaar woont in de buurt.
De eerste clubtour houdt hem netjes in Brussel, verdeeld over het KVS, de Botanique, het Koninklijk Circus, de AB en de Vk* … de verschillende talen en culturen dicht bijeen. Na deze tour trekt hij de verschillende clubzalen over het ganse land rond en maakt een wip naar Frankrijk. Inderdaad, op het nieuwe ‘Brusseld’ solliciteert hij als de ambassadeur van Brussel (eigenlijk niet meer nodig zelfs!) en pleit hij gemoedelijk en humoristisch ‘in alle talen’ voor verdraagzaamheid, éénheid en een multi-culturele samenleving in een afwisselend aanstekelijk, fris, dynamisch, rauw en intiem, ingetogen geluid …!

In de twee uur durende set hoorden we TC Matic, Arno & The Subrovniks, Charles & The White Trash European Blues Connection …en Arno himself: de recente cd plaatst hij natuurlijk in de spotlights en hij grossiert in z’n rijkelijk gevulde oeuvre en haalt traditiegetrouw enkele onontbeerlijke classics aan, waarvan de ‘90s uitstapjes het meest opvielen.
Tja, muzikaal noteerden we hier een monsterscore, net als PSV tegen Feyenoord (10 – 0 ) … Allez, de toegevoegde titel ‘Allez Allez Circulez’ was hier meer dan ooit op z’n plaats: een pak mooie melodieuze songs, venijnige stampende rockers, enkele nachtkrakers, aanstekelijke kroegliederen en weemoedige, gevoelige ingetogen ballads, broeierig, intens, funky, doorleefd en bij het nekvel grijpend.
Arno en z’n rechterhand Serge Feys beschikken opnieuw over enkele klassemuzikanten, ondersteund door een kleurrijke, Zuiderse backing vocal van de bevallige Sabrina, met Marokkaanse roots, die de songs naar een hoger niveau kon tillen.
In welke landstaal ook, in ’t Ostends dialect, op z’n Bru-ssels, in ’t Frans of in ’t Duits, kon hij elke song, hoe emotievol, rauw en doorleefd, op luchtige wijze inleiden als een volleerd stand-up comedian en de nodige show aan verkopen, onmiskenbaar verbonden aan het huidig leefklimaat, verhalen aan de ‘Marolliense’ toog en gemoedelijke, rakende familiale kwesties over z’n moeder, grootmoeder en z’n tantes. Hij gooide er aardig wat anekdotes aan toe, deelde speldenprikjes uit en zong in het Engels, Frans en voegde er een Vlaams dialectsausje aan toe. Kortom, een Arno op z’n best, met een totaal geluid in z’n oud vertrouwde pose aan de micro of het zich neerploffen op z’n stoel zoals we al zagen op enkele plaathoezen.
De ‘GeBrusselde’ Belg kon niet beter openen als met het snedige “Brussels”, een ‘l’union fait la force’ in de drie landstalen. De kermiscarrousel van “Mademoiselle” volgde, bepaald door synths, toetsen en cymbalen. “God save the kiss” kreeg een warm Zuid-Europese pastel door de backing vocaliste. Ook het ingehouden “Elle pense quand elle danse”, gericht aan z’n verliefde zoon, klonk breder … van een sobere pianotune ging het naar een opbouwende rockversie. De spotlights vervaagden nu van het recente album en Arno grasduinde met een rauw ‘freakende’ “Meet the freaks”, een broeierige “See line woman” en een intiem sfeervolle “Lola”, die teruggreep naar een jaren ’20 - ’30 geluid en een specialleke was voor z’n grootmoeder.
En die muzikale afwisseling behield Arno met z’n band tot aan de classics: van de forse armslagen van “Ca monte/Monday” en “Black dog day”, de innemende zwier van “Danse danse Françoise” naar het spannende, opzwepende “Ratata” tot de smerige zaligheid van “Rock’em out” en “With you”. Een groots gespeelde, bezwerende “Watch at boy” vormde een hoogtepunt en integreerde verschillende stijlen; hij verwezenlijkte hier een trance-effect. Verder kreeg je de krop in de keel met de tristesse van “Quelqu’un a touché ma femme”, de Bob Marley cover “Get up, stand up” en het door merg en beende gaande, in de bis, “Les yeux de ma mère”. Allerheiligen glipte door …
En dan was er ruimte voor de Arno ‘classic trein’ met “Je veux nager” en een hoempapa accordeon meezingbare versie van “Oh lala”. Het lang uitgesponnen “Putain putain” werd nog krachtiger mee gezongen en besloot met het Belgische volkslied. Op een kermistune werden de groepsleden voorgesteld en bedankte hij Serge Feys nogmaals voor de 35 jaar dienst. Als zij elkaar niet goed zouden kennen … Leuk was hoe Adamo’s “Les files du bord de la mer” werd aangepakt door de lichte swing, de clowneske uitdrukkingen en de gevatte, pittige woordspelingen.

Arno is duidelijk op dreef, speelt tijdloze rock en is eigenlijk een soort ‘Fun Lovin’ Criminal’, die we hoorden toen we verdwaasd achtergelaten werden door Arno …

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Botanique, Brussel

Night Of The Proms 2010 – nog te evenaren?!

Geschreven door

Als het oktober wordt dan kan er afgeteld worden naar een nieuwe reeks concerten van NOTP. Dit jaar de 26ste keer en de affiche beloofde een uitstekende editie te worden. En dat is het meer dan ooit ook geworden. Na de “Ouverture” en “An der schonen blauen Donau” gebracht door Il Novecento kwam de 24-jarige Charlie Siem op het podium. Deze vioolvirtuoos, die reeds begon op 3-jarige leeftijd, deed heel wat jonge meisjesharten sneller slaan. Er was vooraan ook heel wat gegil te horen telkens hij opkwam.
Daarna was het de beurt aan Boy George, uiteraard met felgekleurde outfit. De stem was nog niet optimaal maar “Victims” en “Do you really want to hurt me” werden toch door de bijzondere versies heel erg gesmaakt. En dan kwam de diva, na nog een stukje klassiek, voor de eerste maal op het podium in een nauwsluitend zebrapakje, met name Grace Jones … Ze is op 62-jarige leeftijd nog altijd een vrouw in topvorm en heeft een stem om U tegen te zeggen. “Williams blood” was het eerste nummer dat ze bracht.
Robert Groslot is deze zomer getrouwd en om die reden bracht hij met il Novecento de “Wedding march” terwijl er achter het podium door toeschouwers opgestuurde trouwfoto’s werden geprojecteerd op het scherm. Daarna speelde John Miles samen met Charlie Siem “Mack the Knife”. Het onvermijdelijke “Music” volgde en leverde het meeste applaus op! Grace Jones deed met “La vie en rose” iedereen met een goed gevoel de pauze ingaan.

Na de pauze werd er direct ingevlogen met ”The show must go on” in een uitstekende versie van John Miles. En het werd alleen maar beter mede dankzij de surprise act.
Barry Hay van de Golden Earring kwam opdraven met “Radar love” en “When the lady smiles”. Voor het eerst kon de zaal in vuur en vlam gezet worden. Hier zag je duidelijk dat Rock in combinatie met een Orkest uitstekend werkt. Na enkele klassieke tussendoortjes en perfomances van Boy George en vooral Grace Jones met haar fantastische jurken ( ze ging zelfs met de billen bloot!), was het de beurt aan John Fogerty. Die mocht er een klein miniconcertje van maken want we hoorden maar liefst zes nummers na elkaar, met o.m. “Down on the corner” en “Have you ever seen the rain”. De singer-songwriter van Creedence Clearwater Revival gaf het beste van zichzelf en het mag gezegd zijn … het gitaarspel en de zang zijn nog steeds van uitstekend niveau. Na het traditionele “Land of hope and glory” mocht hij de kers op de taart zetten met “Proud Mary”.

Dit was één van de beste edities ooit en we kijken er nu al naar uit of dit volgend jaar te evenaren valt. In 2011gaat NOTP in première op vrijdag 28 oktober. Je kan al checken naar nieuwe data en voorverkoop … Verder kunnen we NOTP ondergaan op zaterdag 23, donderdag 28, vrijdag 29 en zaterdag 30 oktober en op donderdag 4, vrijdag 5 en zaterdag 6 november. Aanvang telkens om 20.30 uur.

Setlist:
1 Ouverture                                                                 Il Novecento & Fine Fleur
2 An der schonen blauen Donau                          Il Novecento 
3 Caprice 1 or 5 from paganini (Solo)              Charlie Siem
4 Presto from ‘summer’ – vivaldi                          Charlie Siem
5 Victims                                                                     Boy George
6 Do you really want to hurt me                                    Boy George
7 Ouverture abu hassan                                           Il Novecento
8 William’s blood                                                   Grace Jones
9 Wedding march                                                  Il Novecento & Fine Fleur
10 Saltarella                                                                 Charlie Siem
11 Estrelita                                                                   Charlie Siem
12 Mack the Knife                                                   Charlie Siem & John Miles
13 Libertango                                                              Grace Jones
14 Capricio Italien                                                   Il Novecento
15 Music                                                                     John Miles
16 La vie en rose                                                     Grace Jones & John

Intermission

17 Italiana in Algerie                                                 Il Novecento
18 The show must go on                                           John Miles
19 Radar Love                                                 Barry Hay (Golden Earring)
20 When the lady smiles                                           Barry Hay (Golden Earring)
21 Czardas                                                                  Charlie Siem en Patrick De Smet
22 Karma Chameleon                                                       Boy George & Charlie Siem
23 Always on my mind                                               Boy George
24 Slave to the rhythm                                     Grace Jones
25 Suite from Harry Potter                                         Il Nocecento
26 Down on the corner                                            John Fogerty
27 Long as i can see the light                                                John Fogerty
28 Don’t you wish it was true                                    John Fogerty
29 Have you ever seen the rain                              John Fogerty
30 Bad moon rising                                                    John Fogerty
31 Rockin’ all over the world                          John fogerty
32 Land of hope and glory                                     Il Novecento
33 Proud Mary                                                            John Fogerty

Organisatie: Sportpaleis, Antwerpen

The Neon Judgement

The Neon Judgement – Docuvision Tour – een avond vol nostalgie door zwarte pareltjes

Geschreven door

Nadat eerder al Hasselt, Antwerpen en Essen (D) mochten proeven van de nieuwe ‘Docuvision 2010 à 1984’- Tour, dan was het vrijdagavond, de beurt aan Dendermonde en omstreken om The Neon Judgement uit Leuven aan het werk te zien in JH Zénith. Het unieke aan deze korte tour langs kleinere clubs is dat men 2 zaken voorgeschoteld krijgt voor de prijs van 1, nl. een docuvisual film, gevolgd door een aangepaste ‘live-set’.

Wie nog nooit van dit duo gehoord heeft, moet de laatste 30 jaar in een lange muzikale winterslaap gesukkeld zijn. Voor deze cultuurbarbaren evalueerden deze pioniers van de alternatieve scene van de vroege jaren tachtig, zichzelf in een korte documentaire waar de avond om 21h45 mee startte. Een verduisterde zaal, gevuld met overwegend in het zwart geklede 30-plussers, kreeg in deze documentaire een overzicht te zien en horen van de elektronische pareltjes die Dirk Da Davo (3D voor de vrienden) en TB Frank doorheen de jaren vanaf hun debuut ‘1981-1984’ tot de laatste CD ‘Smack’ uit 2009 hadden uitgebracht. Tussendoor waren er commentaren van zowel het beide hoofdrolspelers van de avond, als van befaamde collega’s zoals daar zijn: Dave Clark, The Hacker, Terence Fixmer, Luc Van Acker en last but nog least Patrick Codenys (Front 242).
Dat ondergetekende naast deze laatste - in het publiek aanwezige – Front 242’er (keyboards, programming, samplers) deze docu stond mee te volgen, gaf deze avond nog een extra dimensie. Nostalgie troef bij het aanschouwen van beelden uit de vroege jaren tachtig, maar ook voor de toekomst lijkt het liedje zeker nog lang niet uitgezongen, want het nieuwere werk “The Great Consumer” en “Leash”, songs uit het in 2009 uitgebrachte ‘Smack’, werden evenzeer gesmaakt door het alternatieve publiek! De videoclip van deze laatste song luidde het einde in van dit prachtig in elkaar gestoken naslagwerk.

We onthielden dat The Neon Judgement al van bij de start veel meer waren dan alleen maar een duo met vernieuwende elektronische muziek, dat ze meerdere malen – tegen de stroom in – ‘visionairs met een punkattitude’ waren die ons telkens een spiegel wilden voorhouden met wat ons in de toekomst te wachten zou staan (vaak refererend aan het bitter satirisch boek ‘1984’ van George Orwell, daterend van 1948). Genoeg verklapt! Wie deze documentaire zelf wil zien, kan op 26 november terecht in hun thuisbasis Leuven (’t Stuk), hun doortocht in Waregem (De Hoop) gaat helaas niet door op 6 november maar geen nood, uitstel is geen afstel! Het concert werd verplaatst naar 8 januari 2011. Allen daarheen is de boodschap.

Na een korte pauze was het tijd om Tripple D en TB Frank in levenden lijve aan het werk te zien. Na de intro volgde: “Voodoo Nipplefield”, uit het in 1986 verschenen ‘Mafu Cage’. Hoewel het geluid niet altijd tot zijn recht kwam (de geluidstechnicus van dienst was niet in zijn allerbeste doen), werden we daarna toch getrakteerd op een reeks zwarte pareltjes uit hun debuut tape ‘Suffering’ (“Schyzophrenic Freddy” en “Factory Walk”), hun 12 inch ‘Cockerill Sombre’ uit 1982 (“Please Release Me, Let Me Go-Go” en “The Fashion Party”) en het eerste deel van hun live-set werd afgesloten met een fantastisch “I wish I Could” uit hun minialbum ‘Mbih!’ van 1983.
Het was tijd voor een korte break, waarna het legendarische duo nog eens terugkwam voor een kort tweede deel: “Factory Walk” uit de ‘Suffering’-debuuttape werd ingezet en het kon nu niet meer stuk voor het enthousiaste publiek dat nu volledig in een nostalgische trance geraakte, die bleef aanhouden bij het zinderende “Tomorrow in the Papers”.
The Neon Judgement eindigde hun live-set zoals hun docuvision eindigde, nl. met “Leash”… maar lang kon het duo niet achter de schermen verdwijnen, daar het enthousiaste publiek maar bleef schreeuwen om meer.
Volgens de officiële setlist was het de bedoeling om nog één toetje (“TV-Treated”) toe te voegen aan deze fantastische set, maar dat was buiten het extatische publiek gerekend! Gevolg: 2 kwalitatieve degustieven (cf. de whisky waarvan TB Frank nu en dan nipte) werden nog extra voorgeschoteld aan het 30+ publiek, nl. “Nion” en afsluiter “Chinese Black”.

Kortom een van het begin tot het einde erg luide en gesmaakte live-set! Of zoals ze het op hun affiches zelf verwoorden: “Thirty years ago they were loud, young and angry. Today they’re loud and furious”. We want more!

Organisatie:  JH Zénith, Dendermonde

Hot Panda

How come I’m dead

Geschreven door

Groepen die veel hooi op hun vork nemen durven wel eens op hun bek te gaan waardoor een cd waaraan maanden (om niet te zeggen jaren bij sommige) gesleuteld werd, wel eens de mist kan in gaan gewoonweg omdat het onverkoopbaar blijkt te zijn.
Hot Panda uit Edmonton (dat ligt ergens in Canada) is ook zo’n groepje maar toch zijn ze er wonderwel in geslaagd om ingrediënten die op het eerste zicht niet te combineren vallen, om te buigen tot een mooi geheel. Diversiteit heeft steeds in hun bloed gezeten want de pers kon eigenlijk ook al geen weg met voorganger ‘Volcano…bloody volcano’.
De opvolger resideert zowel in de jaren ’60 (surfmuziek, psychedelica, garagerock, gewone 50’s rock ’n roll) als in meer stevige  gitaarwerk van groepen als Flaming Lips en Sonic Youth tot een polka!
De eigenzinnige, psychedelische aanpak maakt misschien van deze cd iets moeilijk verteerbaars maar wie zich de moeite troost om dit werkje te onderwerpen aan meerdere luisterbeurten zal al gauw merken dat hier kwaliteit achter schuilt.

Megafaun

Heretofore EP

Geschreven door

Met de overdaad aan folk-rock groepjes kan je tegenwoordig een weg plaveien van hier tot in Vladivostok, dus wordt het voor vele bandjes al wat moeilijker om zich in dat genre van de middelmaat te onderscheiden. Megafaun probeert het op dit mini cd’tje (zes tracks maar) door een wat experimentele toets te geven aan hun liedjes, wat aardig lukt in “Eagle”, een eerder luie song met relaxe jazz tintjes.
Met “Comprovisation for Connor Pass”, een extreem lang mokkel van 12 minuten, slaat de experimenteerdrift pas echt op hol, jazz gaat met kamermuziek op stap, Zappa komt even goeiedag zeggen bij Lift To Experience, The Dirty Three duikt het bed in met A Silver Mt. Zion.
Op de overige songs horen we een overwegend rustige en folky sound, beetje Neil Young, beetje Byrds. Allemaal vrij aardig doch niet wereldschokkend.
Middelmaat is dus niet echt overstegen, maar toch een onderhoudend plaatje.

p_a_u_l

Gunshot Lullaby

Geschreven door

Voor bluesrock van dertien in een dozijn, moet je bij P-A-U-L zijn. Flauwe woordspeling voor flauw plaatje.
‘Gunshot Lullaby’ van deze bluesrocker (volledige naam Paul Lamb) loopt over van de clichés en macho gitaren. Naar boeiende songs is het echter vergeefs zoeken.
Hier is een publiek voor, een artiest als Joe Bonamassa bijvoorbeeld verkoopt ook massa’s platen en trekt volle zalen. Dus als u houdt van dit soort voorspelbare rock en zich echt geroepen voelt mag u hier van ons best naar luisteren, u zal zelfs niet ontgoocheld zijn want dit werkt niet eens op de zenuwen. Probleem is dat het gewoon aan ons passeert zonder dat we enige zweem van opwinding voelen (of toch misschien een klein beetje, want net op het moment dat we het plaatje willen klasseren op een plaatsje waar we het nooit meer zullen bovenhalen, stoten we op een vrij funky en aangename slotsong “Behind the Brothel”, zowaar een lichtpuntje maar veel te laat om een buis te vermijden.

John Carrie and Moor Green

Clearing Air

Geschreven door

De sterkte van de in Nederland gevestigde Ier John Carrie zit duidelijk in zijn knappe stem die wel eens in de buurt van The Veils en Starsailor rond hangt. Op “Heal the scrapes” zou je zo zweren Eddie Vedder te horen, deze heerlijke song lijkt te zijn weggelopen uit de ‘Into The Wild’ soundtrack. De muziek van Carrie en zijn begeleidingsband Moor Green leunt verder aan tegen I Am Kloot, Tom Mc Rae en Damien Rice. Zalvende folk dus, met een indie randje, die bij momenten wonderlijk mooi klinkt.
Heel knappe dingen staan er op dit album, zoals opener “Clearing air” en “Leaving now” of het lekkere up tempo nummer “Past the point’.
Het is overwegend akoestische en dromerige muziek die rustig en op een aangenaam drafje voorbij peddelt. Het moet niet altijd zwaar op de maag liggen.

The Jim Jones Revue

Burning Your House Down (2)

Geschreven door

Een ouderwetse pot rock-n-roll in het verlengde van grootheden als Jerry Lee Lewis, Chuck Berry  en Little Richard, een scheutje punkrock a la The Stooges en een kleine scheutje Motorhead: dit zijn de ingrediënten van ‘Burning Your House Down’, de nieuwe plaat van The Jim Jones Revue. Misschien denk je wel dat deze muziek ergens midden jaren zestig geschreven werd maar vergis je niet: deze rock-n’roll komt rechtstreeks uit het jaar 2010. Alle songs klinken rauw, explosief en lekker gedreven en klokken bijna allemaal af aan drie minuten.
Nummers als “Foghorn”, “Burning Your House Down”, “Dishonest John”, “Elemented” en Stop The People” rock-n-rollen als de beesten en maken het onmogelijk om bewegingsloos te blijven. Jack White en Noel Gallagher zijn al fan, we schatten dat ook jij gauw overstag gaat!

Pagina 424 van 498