logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 15 nov: Hang youth - 15 nov: Lil Tracy, Cold Hart - 16 nov: Life of agony 30Y ‘Ugly’, Ugly Kid Joe - 16 nov: Nourished by time, Joviale - 19 nov: Nemo ‘break the code’ tour (Org: Live Nation) new date - 19 nov: Panic shack - 20 nov:…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15022 Items)

Roland Van Campenhout

Roland + Peter Green & Friends: ouderwets bluesavondje

Muziekcafé en concertzaal De Zwerver koos meteen voor twee levende legenden die het podium van hun gerenoveerde muziekmekka mochten betreden. Vaderlandse bluesgod Roland mocht hierbij als voorprogramma de spits afbijten, gevolgd door één van diens grote voorbeelden, de ietwat zonderlinge Engelse bluesrock pionier Peter Green. Voor deze dubbelaffiche liep de heropgefriste Zwerver aardig vol met hoofdzakelijk Westvlaamse liefhebbers van het genre die beleefd en zachtjes heupwiegend een mooie bluesavond beleefden.

ROLAND is een zelfverklaard Peter Green adept van het eerste uur en kon zijn bewondering voor de man tijdens zijn (te) korte solo set dan ook niet onder stoelen of banken steken. Nochtans moet hij niet onderdoen voor Green: zelf een begrip in Vlaanderen en ver daarbuiten sinds de oprichting van diens Bluesworkshop begin jaren ’70, en de laatste jaren opnieuw bijzonder goed bezig met als recent opus magnum de muzikale samenwerking met Admiral Freebee die begin 2008 resulteerde in het broeierige ‘Never Enough’ album. In het verleden blonk Roland live wel eens uit door langdradigheid en verloor hij zichzelf te veel in eindeloze jamsessies, maar gezien de korte tijd die hem was toegemeten koos de snarentovenaar wijselijk voor een fraaie afwisseling van bluesstijlen die ook voor niet ingewijden geen seconde verveelde. We onthouden hierbij o.a. de virtuoze akoestische blues van “Frankie & Johnny” en de heavy slideblues van “Going Back to Black Mountain” waaraan Roland moeiteloos een stukje “You Are My Sunshine’ breidde. Als afsluiter koos de grijnzende bluesbard voor een nummer uit ‘Never Enough’: tijdens “Midnight Star” werd Roland vergezeld door een live geprogrammeerde sitar box waardoor een dreigend voodoo sfeertje à la Woven Hand werd gecreëerd. We hadden Roland graag nog een uurtje zien doorgaan op dit elan, maar ook hij keek halsreikend uit naar het hoofdprogramma van de avond.

Samen met o.a. Alexis Korner en John Mayall stond PETER GREEN midden jaren ’60 mee aan de wieg van de Britse ‘white blues’ boom. Bij het grote publiek raakte Green vooral bekend als oprichter van Fleetwood Mac, toen nog een toonaangevende bluesrock formatie die hij in 1969 om religieuze redenen verliet. Daarna verdween hij zowat twee decennia van het toneel en kwijnde bijna weg in de psychiatrie en ontwenningsklinieken. Green pikte medio jaren ’90 de muzikale draad terug op met diens Splinter Group, en staat thans opnieuw in de belangstelling dankzij een recent verschenen retrospectieve 4CD box.
Wie echter dacht dat Peter Green & Friends in De Zwerver het publiek zouden verwennen met een carrière overzicht was er toch wat aan voor de moeite. Green en zijn vierkoppige begeleidingsband hadden in plaats daarvan een eigenzinnige reeks covers in petto waarmee de oude bluesmeester eerbetoon wou brengen aan een paar van zijn persoonlijke favorieten. Ietwat symbolisch werd er geopend met het innemende “The Blues Don’t Change”, waarmee Green leek te willen aangeven dat ondanks zijn turbulente levenswandel er eigenlijk weinig is veranderd sinds zijn eerste stappen in de blueswereld. De keuze van de covers getuigde alleszins van een brede smaak: na “Many Rivers to Cross” (Jimmy Cliff) volgden ondermeer het luchtige instrumentaaltje “Dance On” van The Shadows en een jazzy uitvoering van “Guess I’m a Fool” (Memphis Slim).
De nummers werden afwisselend gezongen door Green en diens gitarist; de performance van deze laatste, die niet echt bleek te beschikken over een begenadigd bluesstrot en eerder uitblonk in meligheid, stond in schril contrast met de dunne doch doorleefde stem van Green. De voornaamste taak van de gitarist bestond er dan ook in om de grootmeester alert te houden en hem af en toe eens te laten rusten. Bescheiden als hij is had Green zich aan de zijkant van het podium verschanst in een comfortabele stoel van waaruit hij met onvaste hand zijn tekstvellen beroerde. Het viel bovendien op dat Green niet het minste oog- of ander contact zocht met het publiek, wat zijn reputatie als muzikale zonderling opnieuw alle eer aandeed.
Green & Friends citeerden dan wel hoofdzakelijk uit andermans werk, maar oogstten met de Fleetwood Mac evergreen “Albatross” uiteindelijk toch het meeste applaus. Het tempo werd hierna wat opgedreven met de swingblues van Willie Dixon’s “When the Lights Go Out”. Als laatste nummer noteerden we een lang uitgesponnen versie van “The Thrill is Gone”, een Ron Hawkins original die in tientallen versies het licht heeft gezien en BB King zijn grootste hit bezorgde.
Verrassing troef toen vervolgens een pauze werd aangekondigd... maar de groep echter niet meer terugkeerde! Het maakte een wat abrupt einde aan een ouderwets gezellig bluesavondje waar we het voorrecht hadden om oog in oog te staan met een guitige Roland en een broze, doch innemende Peter Green.

Organisatie: VZW De Zwerver, Leffinge - Leffingeleuren

Funeral Dress

Funeral Dress en Belgian Asociality: Belgische punkbands vieren feest

Geschreven door
Er was heel wat volk opgedaagd om de twee oudgediende Belgische punkbands Belgian Asociality en Funeral Dress aan het werk te zien. De ene fan haalde z’n oude punkjasje en streepjesbroek uit de stofferige kleerkast op zolder (waarbij hij hoopte er nog in te kunnen!), de andere was letterlijk met vrienden blijven hangen in de roemrijke beruchte ‘70’s punkjaren. De jongere aanwezige wou wel eens weten waar de huidige hardcore/punkrock/nu-metal bandjes (uit eigen streek) de mosterd vandaan haalden. De basis van een goede keuze met deze twee bands.

Funeral Dress, op z’n beurt, vierde in het Depot z’n 1000ste concert en stelde meteen ook de nieuwe cd ‘Global warning’ voor. De groep uit Herentals/Heist-op-den-Berg ontstond ook al midden de jaren ’90 en is ondertussen uitgegroeid tot één van de bekendste Belgische rockbands in de USA. Hun springerige en dynamische punkrock met folkinvloeden, brak definitief door in 2002 toen ze hun lijflied “Party On” in de hitparade zagen staan. Zij bundelen de kritische blik op anarchie en de muzikale rijkdom van Dropkick Murphys, Flogging Molly, Green day, Blink 182, en oudjes Exploited, Dead Kennedy’s samen.
Ook zij overtuigden een uur lang met twintig korte snedige en felle punksongs. We hoorden songs met spraakmakende titels als “Death and glory”, “Rebel radio”, “Speed psycho”, “Cops are  no …”, “Belguims burnin” en “Angel suicide”, in combinatie met de party klassiekers “Pogo”, “Oi”,“Beer and woman” en “Party on.
Hun ’All for one, and one for all’ klonk als één brok samenhorigheid, want de fans waren één en al respect voor hun favoriete band …

Het Antwerpse kwartet Belgian Asocialty bestaat twintig jaar en vierde het met de langverwachte voorstelling van de nieuwe cd, waarvan we naar BA traditie U de titel moeten onthouden. De uitdrukking ‘Eenvoud siert’ werkt doeltreffend als je deze band, onder de ‘enfants terribles’ van de Vlaamstalige punkpop Mark Vosté (zang) en Tom Lumbeek (bas), aan het werk ziet. Ze halen invloeden uit de hardcore, ska, metal en country. Hun prettig gestoord, meezing-/brulbaar rammelende pretpunk (kort, rechttoe-rechtaan, opzwepend) met humoristische en cynische no-nonsens teksten, blijft populair en werkt aanstekelijk op de dansspieren! Onterecht wordt hun ‘gezonde boereleute’ amateurisme en gemakzucht verweten, door het feit dat ze door de jaren misschien altijd (meer) van hetzelfde doen. Het publiek ging in de moshpit bij momenten fel tekeer: sky- en stagediven, duw en getrek en pintjes gooien in de lucht; het was leuk om te zien hoe jong en oud zich verenigde op het oude als ook het nieuwe materiaal.
Meteen zat de vonk erin, met prijsbeesten als “BA”, “Feasty boys”, “Keerbergen” en “Stagediv”. De nieuwe songs als “Twee”, “Die van ons”, “Preekwoorden”, “Treimeloe city” en “Tuinkabouter”, zaten mooi verweven binnen de oude klassiekers. Ondanks dat ze wat ‘meer song’ om zich hadden, was het tempo hoog en strak. Ook de bindteksten van het ‘Sergio entertainbeest’ Vosté waren na al die jaren ferm leuk om te horen. Het feestje was compleet met “Jupiler”, “Boerderie”, “Van mijn erf”, “Belg-Ie” (persiflage van het ons volkslied), “De gefrustreerde automobilist”, “Bompa punk” en “Non non rien ne va changer, tout va continuer”. De punkattitude kreeg nog een staartje in de bis met “De moshpit”, de klassieker “Morregen”, “Anarchie” en “Het is gedaan, ’t is weer goed geweest”. En dat het goe was geweest, merkten we alvast toen thuis onze kleren nog naar sigaretten en het gekegelde bier roken, een beetje als op de vroegere plaatselijke chiro- en scoutsfuif. Soms moet da echt niet meer zijn…

Organisatie: Depot, Leuven


Belgian Asociality

Belgian Asociality en Funeral Dress: Belgische punkbands vieren feest

Geschreven door

Er was heel wat volk opgedaagd om de twee oudgediende Belgische punkbands Belgian Asociality en Funeral Dress aan het werk te zien. De ene fan haalde z’n oude punkjasje en streepjesbroek uit de stofferige kleerkast op zolder (waarbij hij hoopte er nog in te kunnen!), de andere was letterlijk met vrienden blijven hangen in de roemrijke beruchte ‘70’s punkjaren. De jongere aanwezige wou wel eens weten waar de huidige hardcore/punkrock/nu-metal bandjes (uit eigen streek) de mosterd vandaan haalden. De basis van een goede keuze met deze twee bands.

Het Antwerpse kwartet Belgian Asocialty bestaat twintig jaar en vierde het met de langverwachte voorstelling van de nieuwe cd, waarvan we naar BA traditie U de titel moeten onthouden. De uitdrukking ‘Eenvoud siert’ werkt doeltreffend als je deze band, onder de ‘enfants terribles’ van de Vlaamstalige punkpop Mark Vosté (zang) en Tom Lumbeek (bas), aan het werk ziet. Ze halen invloeden uit de hardcore, ska, metal en country. Hun prettig gestoord, meezing-/brulbaar rammelende pretpunk (kort, rechttoe-rechtaan, opzwepend) met humoristische en cynische no-nonsens teksten, blijft populair en werkt aanstekelijk op de dansspieren! Onterecht wordt hun ‘gezonde boereleute’ amateurisme en gemakzucht verweten, door het feit dat ze door de jaren misschien altijd (meer) van hetzelfde doen. Het publiek ging in de moshpit bij momenten fel tekeer: sky- en stagediven, duw en getrek en pintjes gooien in de lucht; het was leuk om te zien hoe jong en oud zich verenigde op het oude als ook het nieuwe materiaal.
Meteen zat de vonk erin, met prijsbeesten als “BA”, “Feasty boys”, “Keerbergen” en “Stagediv”. De nieuwe songs als “Twee”, “Die van ons”, “Preekwoorden”, “Treimeloe city” en “Tuinkabouter”, zaten mooi verweven binnen de oude klassiekers. Ondanks dat ze wat ‘meer song’ om zich hadden, was het tempo hoog en strak. Ook de bindteksten van het ‘Sergio entertainbeest’ Vosté waren na al die jaren ferm leuk om te horen. Het feestje was compleet met “Jupiler”, “Boerderie”, “Van mijn erf”, “Belg-Ie” (persiflage van het ons volkslied), “De gefrustreerde automobilist”, “Bompa punk” en “Non non rien ne va changer, tout va continuer”. De punkattitude kreeg nog een staartje in de bis met “De moshpit”, de klassieker “Morregen”, “Anarchie” en “Het is gedaan, ’t is weer goed geweest”. En dat het goe was geweest, merkten we alvast toen thuis onze kleren nog naar sigaretten en het gekegelde bier roken, een beetje als op de vroegere plaatselijke chiro- en scoutsfuif. Soms moet da echt niet meer zijn…

Funeral Dress, op z’n beurt, vierde in het Depot z’n 1000ste concert en stelde meteen ook de nieuwe cd ‘Global warning’ voor. De groep uit Herentals/Heist-op-den-Berg ontstond ook al midden de jaren ’90 en is ondertussen uitgegroeid tot één van de bekendste Belgische rockbands in de USA. Hun springerige en dynamische punkrock met folkinvloeden, brak definitief door in 2002 toen ze hun lijflied “Party On” in de hitparade zagen staan. Zij bundelen de kritische blik op anarchie en de muzikale rijkdom van Dropkick Murphys, Flogging Molly, Green day, Blink 182, en oudjes Exploited, Dead Kennedy’s samen.
Ook zij overtuigden een uur lang met twintig korte snedige en felle punksongs. We hoorden songs met spraakmakende titels als “Death and glory”, “Rebel radio”, “Speed psycho”, “Cops are  no …”, “Belguims burnin” en “Angel suicide”, in combinatie met de party klassiekers “Pogo”, “Oi”,“Beer and woman” en “Party on.
Hun ’All for one, and one for all’ klonk als één brok samenhorigheid, want de fans waren één en al respect voor hun favoriete band …

Organisatie: Depot, Leuven

The Bony King Of Nowhere

CD presentatie van het beloftevolle The Bony King Of Nowhere

Geschreven door

Het Gentse The Bony King Of Nowhere won een paar jaar terug het lokale Beloften concours om zich dan in de schijnwerpers te plaatsen als supports, Folkdranouter 2007 en 25 jaar Vooruit. Een verstilde, ingetogen en sobere aanpak van emotievol semi-akoestisch gitaargetokkel, kleurrijke keyboards en een ingehouden percussie. De groep, bepaald door zanger/componist Bram Vanparys, heeft nu z’n debuut uit, ‘Alas my love’, werd en wordt lovend onthaald en staat voor de immense uitdaging hun muziek van innemende, broeierige en melancholisch romantische pop en de opgedane podiumervaring verder ‘en verve’ uit te werken. Sinds de band werkte aan het debuut kwam er nog een contrabassist en een tweede gitarist bij, die de songs wat meer diepgang geven en wat meer doorleefd laten klinken. Ook de dromerige, indringende, licht overwaaiende vocals van de zanger passen in dit muzikaal plaatje. De groep doet denken aan Bonnie ‘Prince’ Billy, Iron & Wine, Bon Iver, Low en Cowboy Junkies en in de zang aan Girls In Hawaii en Absynthe Minded.

Ondanks de onwennigheid en licht onzekere houding op het podium hoorden we een dosis sfeervolle songs binnen een ‘Duyster’ concept, “The sunset”, “Everything I like” en “There I am”, die door de huidige instrumentatie wonnen aan zeggingskracht. Ontdaan van enige franjes en bepaald door lieflijk gitaargepingel en een verloren gewaande diepe contrabassnaar waren “Taxidream”, “My favorite” en de titelsong, die door handclapping een extra toets kreeg. Perfect gedoseerd binnen de ‘Bony’ context speelden ze een tweetal krachtige songs, “The darkness” en in de bis “Eleonore” (beiden niet op het debuut), die het meeste vaart gaven en zeker iets zijn om in de toekomst mee rekening te houden van een gevarieerde setlist. Een aan Radiohead/Sigur Ros refererend klanktapijt hoorden we door toetsen en soundscapes op “Maria”, “Losing gravity” en “Visitor”. Het intiem pakkende “My invasions” op piano besloot de cd voorstelling. Op het eind kregen de songs zelfs meer impact door Bram’s fluisterzang.

Een klein uur zagen we een talentrijk muzikant en een goed ingespeelde band. Broeierig spannende groeisongs, die door hun intimiteit een pracht zonder praal waren; kortom, klassewerk en een doorbraak die niet mag ontbreken. Vanparys en de zijnen profileerden zich als een de Bony ‘Prince’ Of Nowhere en droegen de naam van een ‘King’ waardig!

Ook de mensen van Keremos hadden iets in petto. Hun tweede ‘The Next Big Thing’ stelden volgende beloftevolle bands voor in de Minnemeers, The Galacticos, Roadburg, Team William, Arquettes en Steak Number Eight.
Na het optreden van The Bony King Of Nowhere konden we nog de springerige, aanstekelijke poprock van The Galacticos meepikken en zagen we Team William (derde plaats op Humo’s Rock Rally vorig jaar!) aan het werk, die overtuigden met hun gevarieerde, snedige en speelse indierock. Het was me duidelijk dat hier bands stonden, die dit jaar een airplay moeten verdienen van hun EP/cd …

Organisatie: Democrazy, Gent (ism Vooruit Gent)

Port O’Brien

All we could do was sing

Geschreven door

Een tof en interessant debuutplaatje komt van Port O’Brien, letterlijk via een overzetboot ons landje binnengevaren, want achter deze uit Bay Area, Californië afkomstige band, schuilt het folkduo Van Pierszalowski en Cambria Goodwin.
Puike indie/folkpop horen we op het ijzersterke debuut ‘All we could do was sing’, die de sober gehouden EP ‘The wind and the swell’ op volgt. Ze brengen een gevarieerde aanpak en een vrolijke ondertoon in elke song, van de kaal gehouden intimiteit van Bon Iver en Bonnie Prince Billy ( “Fisherman’s son”, “Don’t take my advice” en “Will you be there”) naar de bredere opzet: door een steviger rocktune van Pavement (“Pigeonhold”, “The rooftop song”, “In vino veritas” en “Close the lid”) of de sfeervolle groove van Shearwater en Arcade Fire: “I woke up today” en “Stuck on a boat”.
Port O’Brien staat garant voor een instrumentarium van akoestische gitaren, banjo en violen, luidkeels in koorvorm meegezongen stemmenpracht, uitbundige refreinen en meestampers. Het is de muzikale opzet van het duo.
Handig om weten: HIJ vangt in de zomer zalm op de vissersboot van z’n pa in Alaska en ZIJ bakt thuis brood als tijdverdrijf. Aan land leggen ze hun afzonderlijke ideeën en teksten te samen, wat resulteert in deze overtuigende debuutplaat. Aanstekelijk materiaal dus … en het mag dus meer zijn van deze leuke, nieuwe muziek.

Obscura

Cosmogenesis

Geschreven door

Het promoblaadje bij het gloednieuwe album van het Duitse Obscura klonk erg veelbelovend. Bij het lezen had ik onmiddellijk de indruk dat deze erg hoge beloften misschien wel moeilijk haalbaar leken. ‘Cosmogenesis’ werd hier namelijk aangekondigd als album dat zal meestrijden voor de titel Beste metalalbum van het jaar en als ‘grondlegger voor een mooie toekomst van de extreme metal’.
Om hierin te slagen omringde zanger/gitarist en oprichter van de band Steffen Kummer zich alvast met ervaren meesters in het vak. In 2007 vulden ex-Necrophagist drummer Hannes Grossmann en ex-Pestilence bassist Thesseling de line-up aan. In 2008 volgde ook Christian Muenzner, voormalig gitarist bij Necrophagist.
In hun poging om de toekomst van de extreme metal mee te kleuren, zorgden ze voor een geslaagde symbiose tussen death, thrash en black metal, gekleurd met een progressieve tint. De virtuositeit waarvan men in de promo brief sprak, zorgt ervoor dat het album een aantal luisterbeurten nodig heeft om volledig tot zijn recht te komen. Zo kwam het openingsnummer “Anticosmic Overload” bij mij aanvankelijk erg chaotisch over. De rest van het album schoof iets vlotter naar binnen. De verklaring hiervoor kan volgens mij gezocht worden in de melodieuzere aanpak. De beukende riffs worden naarmate het album vordert meer afgewisseld met technische passages.
Hoewel deze technische passages het niveau van bands als Dream Theater niet halen, komen ze volgens mij sterker over vanwege het gevoel en de kracht die erin weerklinkt. Vocaal sluit Obscura sterk aan bij bands als Cannibal Corpse. Op bepaalde momenten worden deze vocalen afgewisseld met elektronisch klinkende vocalen die sterk doen denken aan de band Cynic. Op muzikaal vlak zijn duidelijk de logische invloeden te horen van Necrophagist en Pestilence, maar doet het werk ook regelmatig denken aan bands als Atheist en Origin.
Mijn verwachtingen rond dit album waren hoog gespannen en na heel wat luisterbeurten moet ik toegeven dat men erin slaagde deze ook in te vullen. Nummers als “Universe Momentum” en het instrumentale “Orbital Elements” kenmerken het album. De afwisseling in deze nummers vormen het perfecte voorbeeld voor de variëteit die geboden wordt op ‘Cosmogenesis’. De poging om het metalalbum van het jaar af te leveren is alvast geslaagd! De lat voor andere bands is hierbij meteen hoog gelegd.

Tilly & The Wall

0

Geschreven door

Tilly & The Wall is een spring- in-t-veld bandje uit Omaha, Nebraska. Ze zijn al aan hun derde cd  toe en zorgen voor vrolijke, broeierige pop. Het kwintet geeft kleur door pianoriedeltjes, trompetten en xylofoons. Voor de productie stond Mike Mogis in (The Faint, Bright Eyes). In de spotlights staat Jamie Presnall, tapdanseres en zangeres van deze leuke bende. Met haar schreeuwerige vocals sluit ze aan bij de dames van de B 52’s Pierson/Wilson. De band beschikt over de dynamiek en de speelsheid van een Los Campesinos.“Pot Kettle Black”, “Chandelier lake”, “Falling without knowing”, “Tall tell grass” en de xtra track single “Beat control” zijn de AntiDepressiva bij uitstek. Opwindende pop! Soms moet dat écht niet meer zijn …

Emiliana Torrini

Me and Armini

Geschreven door

De sympathieke IJslandse zangeres Emiliana Torrini (uit Kopavogur) breekt definitief door met haar derde plaat ‘Me and Armini’. Een gevarieerd geheel van sfeervol dromerige melodieuze pop met hippe, lichte elektronicabeats, aanstekelijke ritmes en rauwe rock, waarin haar singer/songwriterschap wordt onderstreept. Haar naïeve, onschuldige, maar warme vocalen geven zeggingskracht aan de nummers die refereren aan Joan As Police Woman (“Fireheads, “Beggar’s prayer”), Beth Orton (“Birds”) en Bjork (“Heard it all before”). “Jungle drums”, wat een uptempo groove, en “Gun”, lijkt wel de afwezige Kills song op hun eigen plaat!, zijn de meest snedige songs van de plaat. Toffe dame, tof plaatje en een verdiende erkenning!

O’Death

O’Death: overtuigende kroegentocht in de Rotonde!

Geschreven door

Het NY se sympathieke kwintet O’Death overrompelde vorig jaar al op hun éénmalig optreden in de MaZ te Brugge, toen ze de doorbraakcd ‘Head Home’ voorstelden. Een crossover van rauw rammelende rock, country, folk, bluegrass en punk. Ze hadden in hun liveset iets mee van de dynamiek van The Pogues, Kaizers Orchestra, Arcade Fire, The Pixies,The Levellers en Cold War Kids.

Hun songs ondergaan verrassende wendingen, hebben een krachtig gitaargetokkel door banjo/fiddle, zwierige vioolpartijen, een diepe bas en een opzwepende, strakke drums in combinatie met de zalvende werking van een akoestische gitaar. Het lijken wel zeemansliederen in de prairie, die beheerst en heerlijk klinken binnen de vooropgestelde songstructuur, en geleid worden door ‘kapitein van dienst’/zanger/gitarist Greg Jamie (vocaal refererend aan Fleet Foxes/My Mornig Jacket of Band Of Horses), die eerst de zang inzet, de anderen vocaal laat inhaken om dan luidkeels te zingen en te schreeuwen.
Het weirdo vijftal mag misschien over een overdosis energie beschikken door als een bende gekken in ontbloot bovenlijf te headbangen en heen en weer springen. Je slaat de bal mis als je denkt dat we het hier hebben over een stelletje ongeregeld …want da’s nu net hun formule die op het podium aanstekelijk werkt en het geheel opwindend en feestelijk maakt.
We hoorden 17 songs in een goed uur. Een opbouwende start met “Home” , “On an aching sea” en “Adelita” om beetje in de juiste  stemming te komen. Eénmaal ze op dreef waren, gingen ze als een stoomtrein tekeer op het podium, geselden hun instrumenten en zongen en  schreeuwden de longen uit hun lijf met het weirde walsende “Mountain shift”, “Legs to begin” en “That light does not dim”. De drummer liet zich niet onbetuigd: hij porde het publiek aan en zorgde voor een rauwer en meer opzwepend geluid door de mokerslagen op z’n drums en het ranselen van een ketting op de drums, een ton en cimbalen.
O’Death hield het tempo hoog en strak en liet maar eventjes de teugels los op broeierige songs als “Down to rest”, “Lowtide” en “Angeline”. “Allie Mae Reynolds” en “Nathaniel” in de bis breidden er nog een zwierig eind aan hun rondedans en overtuigende kroegentocht in de Rotonde. Doe het hen maar na in dit razendsnelle tempo.

Ze amuseerden zich alvast te pletter en werden succesvol onthaald in de goed halfgevulde Rotonde. Dit smaakte naar meer … een welverdiende wildcard mag weggelegd worden in een nokvolle biertent op Folkdranouter …

Organisatie: Botanique Brussel

Seasick Steve

It’s all good met Seasick Steve

Geschreven door

Seasick Steve, een laatbloeier en bluesman in hart en nieren, geniet nu met volle teugen van het succes dat hem te beurt valt na zijn legendarische passage bij Jools Holland, zo’n kleine twee jaar geleden. De man maakt handig gebruik van de aloude idee dat de blues moet verkondigd worden door lui die met niks op zak het hele land hebben doorgereisd en daarbij een hoop ellende hebben meegemaakt. In Steve zijn geval is dat ook geen beetje overdreven, hij verliet het ouderlijke huis toen hij veertien was, trok de wilde wereld in en verdiende de kost met allerhande vuile jobs en met gitaar spelen. De titel van zijn laatste plaat luidt niet voor niks ‘Started out with nothing and still got most of it left’. Maar het geluk is aan zijn kant komen staan op zijn ouwe dag. Vroeger speelde hij voor twee man en een paardenkop, nu voor uitverkochte concertzalen. Het kan verkeren. Nochtans is zijn sound geen moer veranderd en speelt hij nog steeds op tot op de draad versleten gitaren. Gewoon geluk gehad. We gunnen het hem.

Naar de AB was ook nog een drummer mee afgezakt die de doorleefde blues en boogie van Steve voorzag van een stevige onderbouw. Seasick Steve begon al direct met vuurwerk in “Thunderbird”, prijsbeest van de laatste plaat, en zette zo de toon voor anderhalf uur potige blues, tot hij eindigde in een climax met de absolute kraker “Dog house boogie”, de motherfucker van een song waarmee de hele hype rond zijn persoon in gang werd gestoken. Wat daar tussenin zat was een aaneenschakeling van venijnige en primitieve roots- en bluessongs met een ziel en met de nodige brokken emotie. Seasick Steve ontpopte zich op het podium tot een ware entertainer die zijn publiek wist te vermaken met tragi-komische verhalen over zijn hond en zijn asshole van een vader.
De man is tevens voorzien van een doorleefde bluesstem en zijn sound leunt nog het dichtst aan bij John Lee Hooker, maar dan iets feller en meer verbeten. Steve’s gitaren (de ene was het inmiddels gekende vehikel met amper drie snaren, de ander een omgebouwde sigarenkist) mochten net iets meer huilen en janken. Met een prachtige lovesong “Walking man” wist Seasick Steve tevens de gevoelige snaar te beroeren, een bevallige jonge dame mocht zelfs even het podium op om vlak naast Steve te komen genieten van deze mooie song.

Anderhalf uur was het publiek, dat lang niet alleen uit bluesliefhebbers bestond, in de ban van deze rasperformer. Of hoe simpele, eerlijke en primitieve rootsmuziek zo een kracht kan uitstralen. Thank you, Steve.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Laïs - Lenski CD-voorstelling

Geschreven door

Op 16 april stelt 'LAÏS LENSKI' zijn eerste cd voor in het Zuiderpershuis in Antwerpen.
De dames van Laïs maken muziek samen met Simon Lenski. Dat niemand eerder op het idee gekomen is. De wonderlijke papieren, fluwelen, fluwijnen, satijnen stemmen van Laïs gecombineerd met de bijna religieuze (maar dan toch ook weer bijwijlen demonische) cello van Lenski (zie ook DAAU en Prima Donkey) leveren een plaat op die eigenlijk maar één titel kon hebben: LAÏS LENSKI.
De samenwerking zat er al langer aan te komen. Zowel Simon Lenski als Jorunn Bauweraerts, Annelies Brosens en Nathalie Delcroix bewogen zich al jaren in omgevingen die folk, traditionals, polyfonie en meerstemmige schoonheid aanbaden, - maar die ook open stonden voor het experiment - en van het één moest het ander komen. Kon vrijwel niet anders.
Maar dat het resultaat zo vreselijk mooi zou zijn, dat viel niet te voorspellen.
Op ‘LAÏS LENSKI’ gaan zowel Laïs als Lenski een heel eind verder dan hun muzikale loopbaan tot dusver liet vermoeden. Tien tracks zijn het geworden. Tien nummers die recht naar de keel grijpen. Noem het neo-folk, noem het filmmuziek, zie het als avant-garde klassiek of gregoriaans. Noem het nachtmuziek voor op grauwe wintermiddagen.
Denk aan vanalles en nog wat, maar laat de klassieke referenties varen. Hier zijn de referenties zowel middeleeuws als postmodern als eigenaardig. 2001 A Space Odyssey, Ijsland, de Vlaamse killing fields, Nick Cave als je wil, swamp blues, het Nederlands, oud-Frans, Albion. Magnolia. David Lynch. Sci-fi folk.
Op ‘LAÏS LENSKI’ staat louter uitgepuurde, intelligente sferische muziek. Muziek die het huis vult. En uw hart. En uw gedachten.Internet: www.lais.be
Wanneer? Waar?
Donderdag 16 april 2009            Zuiderpershuis, Antwerpen            20u30
Tickets via web site Zuiderpershuis
Info ook via http://www.greenhousetalent.be
Lees ook de livereview op site Musiczine.net

Team William naar Canada Music Week

Geschreven door

Team William, bronzen medaillewinnaar van Humo’s Rockrally 2008, is uitgenodigd om op 13 maart 2009 te spelen op de Canadian Music Week inToronto, één van de grootste Noord-Amerikaanse showcasefestivals! Een hele eer, dat blijkt ondermeer uit het feit dat Milow de enige andere Belgische band is die naast Team William werd uitgenodigd. Ook internationale acts alsBloc Party en The Ting Tings zullen van de partij zijn. Daarenboven begint Team William binnenkort samen met producerMario Goossens (bekend van productiewerk voor The Blackbox Revelation en als drummer van onder meer Triggerfinger en Hooverphonic) aan de opnames van zijnlangverwachte debuutalbum. De release is gepland voor half mei 2009.

Info op – www.keremos.be

Woodpigeon

Woodpigeon: Zachtjes kirren aan introductieprijs

Geschreven door

Eind vorig jaar lanceerden de organisatoren van de Botanique een nieuw initiatief onder de noemer ‘New Talents, Cool Prices’. Het doel daarbij was van meet af aan artiesten die aan het begin van hun carrière staan, de kans te geven om in een  professionele omkadering het beste van zichzelf te geven en zich in de kijker te spelen van een nieuwsgierig publiek, mede geruggensteund door het feit dat de toegangsprijs tot een minimum wordt herleid opdat dit geen obstakel mag zijn om de eventuele sterren van morgen aan het werk te zien.

En dat het concept werkt, getuigt de toch wel aardige opkomst voor het concert van het Canadese Woodpigeon afgelopen zondag in de Rotonde van de Botanique. Het  uit Calgary opererende achtkoppige collectief onder leiding van zanger-liedjesschrijver Mark Hamilton, past dan ook perfect in dit plaatje. Hun melodieuze, vaak integere mix van folk en pop nestelt zich namelijk erg goed in een zaal als de Rotonde en behalve enkele EP’s hebben ze tot nu toe twee volwaardige platen, ‘Songbook’ (2006) en ‘Treasury Library Canada’ (2008), op hun actief staan die pas nu hun verspreiding in Europa kennen zodat de groep op het Europese vasteland nog aan een veroveringstocht moet beginnen.

Dit laatste voor ogen houdende, zou je verwachten dat de groep dan ook bij hun concert in Brussel de setlist in de eerste plaats zou samenstellen op basis van deze twee te promoten platen maar dat is dan buiten de eigengereidheid van Woodpigeon gerekend. Ja, via songs als “Songbook / The Sound Of Us Playing Together” en het afsluitende, akoestisch en solo door Mark Hamilton gespeelde “Feedbags” werd geplukt uit ‘Songbook’ en met “Emma Et Hampus”, “I Live A Lot Of Places” en de  tijdens de eerste bisronde gebrachte “Bad News Brown” en “Knock Knock” werd inderdaad een inzage geboden in het zopas gelegde ei ‘Treasury Library Canada’.
Maar voor het overige was het een en al verrassing. Niet alleen ving het concert meteen heel sober aan toen louter de violiste en celliste op het podium verschenen en een versie van “Salut D’Amour”, een klassieke instrumentale compositie van Edward Elgar, brachten, maar onderweg kregen we ook uitstekende versies van nog twee andere – niet voor de hand liggende - covers te horen, namelijk “Joga” (Björk) en “Lay All Your Love On Me” (Abba).
Dit alles werd afgewisseld met het
bijzonder sterke “Oberkampf” uit de EP ‘Houndstooth Europa’ en met nieuw, nog niet op plaat uitgebracht werk als “The Saddest Music In The World”, “As Read In The Pine Bluff Commercial”, “Edinburgh / L’Appelle D’Vide” en “The Pesky Druthers (Parts 1 & 2)”. En dat het daadwerkelijk om nieuw werk ging, liet de groep duidelijk verstaan via de bindteksten of door erg regelmatig naar de partituren te staren.
Door deze stap in het onbekende kreeg het publiek zijn duifje dus niet op een schoteltje aangeboden en genoot het op een rustige manier. Dit kwam vooral tot uiting toen zanger Mark Hamilton polste naar het volkslied van België. Weinig of geen respons kwam uit de zaal en meteen werd ook Canada met de neus op de hier heersende communautaire, politieke verwarring gedrukt. Gelukkig bleef de humor zowel op als voor het podium onaangetast.


Op plaat maakt Woodpigeon vaak gebruik van een uitgebreid arsenaal aan  instrumenten en wordt daarmee in de pers meermaals vergeleken met gelijkgestemden als Sufjan Stevens, Belle And Sebastian of Camera Obscura om er een paar te noemen. Hun passage in Brussel verliep heel wat soberder. Zo was de bezetting herleid tot zes muzikanten en ondanks gebruik van akoestische (slide)gitaar, glockenspiel, piano/synth, viool en cello bleven een aantal instrumenten in hun thuisland staan, met niet in het minst de blaasinstrumenten (op basis waarvan ze vorig jaar nog een tournee met onder meer Calexico konden versieren) en de drums. Dit werd gecompenseerd met veelvuldig ritmisch handgeklap en de prachtige, bij momenten pakkende harmonische samenzang, maar toch had wat meer omkadering de songs en de zachte stem van Mark Hamilton extra kracht en impact kunnen geven. Nu bleef bij sommige nummers de voor Woodpigeon typerende opbouw tot een muzikale climax enigszins uit.
Het concert dat bol stond van de melodie, was lief en hartverwarmend en vormde dan ook een aangenaam avondje uit om een koude, regenachtige zondag te doen vergeten. Dit smaakt naar veel meer en kan tellen als ‘een introductie tot …’ (ondanks twee bisrondes duurde de set net iets meer dan een uurtje).

Omdat de meeste groepsleden ook nog deel uitmaken van andere formaties luidt de vraag hoe de toekomst van Woodpigeon er verder zal uitzien maar gelet op het aantal nieuwe nummers die in de Botanique gebracht werden, lijkt het einde verre van in zicht. Gelukkig maar, want Woodpigeon vraagt zeker uw aandacht om gespot te worden. U hoeft daarvoor geen gepassioneerd ornitholoog te zijn. De groepsnaam heeft namelijk niet zozeer iets te maken met de gelijknamige vogelsoort.  ‘Woodpigeon’ is gewoon een favoriet woord van Mark Hamilton omdat het schuin geschreven, lijkt op een achtbaan.
Dit verduidelijkt zijnde, houdt ondergetekende voor hun album ‘Treasury Library Canada’ nu alvast een plaatsje vrij in het eindejaarslijstje.

Organisatie: Botanique, Brussel.

Wolfgang Voigt

Kulturama 2009: Mind boggling met GAS

Geschreven door

Kulturama was er in geslaagd een primeur voor België te verkrijgen met het eerste concert van GAS, het soloproject van Wolfgang Voigt. De man die samen met Jörg Bürger het Kompakt runt, houdt zich op zijn solo-project bezig met ambient-landschappen, die hij op ondertussen vrij legendarische platen als Königsforst of Zauberberg ten volle laat ontplooien. Nu weet ik niet of je er een verwijzing naar Thomas Mann in hoort te zien, maar het is in ieder geval muziek die bij de roman past.

De release van een box-set vorig jaar heeft dit project weer onder de aandacht gebracht en was wel handig om de overigens best wel zeldzame platen in een keer aan te schaffen. Voigt koppelt de ‘krautrock’traditie aan recentere experimentele elektronica zoals die van Chain Reaction. Het is heel sfeervolle muziek die ergens tussen Manuel Göttsching en Basic Channel ligt. Headphone-muziek dus, waarbij de omstandigheden waarin je er naar luistert een extra dimensie kunnen geven. Dat is exact wat met deze concertreeks geprobeerd wordt. De muziek wordt visueel begeleid door zich langzaam ontplooiende droomlandschappen. De zaal in het Stuk is daar op zich geen slechte zaal voor, maar als je dan leest dat het concert in Barcelona in het Park Güell plaats vond, moet dat toch nog even een andere dimensie geven.

Voigt gaf de muziek de kans tot volle ontplooiing te komen en hield zich niet met mixen of het moduleren van het geluid bezig. We hoorden stukken uit Pop en Königsforst maar het is uiteindelijke de totaalervaring die telt.
Gas is muziek om in onder te duiken, als een bijziende vis, zo ongeveer. Naarmate het concert vorderde speelde hij de iets dynamische stukken tot hij uiteindelijk een wel erg spectaculaire auditieve climax wist te bereiken. Mind boggling is het adjectief dat mij te binnen schoot en betere kandidaten hebben zich nog niet gemeld. Wat mij betreft hebben we hiermee al een kandidaat voor concert van het jaar, en je zal van goeden huize moeten zijn om Voigt naar de kroon te steken.

Organisatie: STUK, Leuven ikv Kulturama 2009

Jasper Erkens

Veelbelovend artiest

Geschreven door

De 16 jarige Jasper Erkens is telkens mee op de clubtournee van de Jong. Een leeftijdsverschil van dertig jaar, waarbij hij wel de zoon kon wezen van deze Nederlandse samplekunstenaar. Vorig jaar nog behaalde hij terecht een tweede plaats op de Humo’s Rock Rally. Een talentrijk singer/songwriter die attent, gevat en sympathiek uit de hoek kwam en boordevol verhaal was over z’n tot stand gekomen sfeervolle , dromerige ‘on the road’ akoestische gitaarsongs over verliefdheden, doordrongen van z’n heldere, doorleefde vocals (op die leeftijd!).
Binnenkort verschijnt z’n debuut. Gretig enthousiast stelde hij een handvol songs voor, waaronder de huidige single “Waiting like a dog”. De obligate Gnarls Barkley cover “Crazy” liet hij terzijde, maar geen nood, hij beschikte over voldoende puik materiaal, wat ons halsreikend doet uitkijken naar het debuut.

Spinvis is het muzikale project van de liedjes- en woordenkunstenaar Erik de Jong, die op 41 jarige leeftijd debuteerde in 2002 met ‘Spinvis’: herfstige, melancholische, sfeervolle, dromerige en intieme Neder(pop)landstalige songs. Moderne kleinkunst van een spitsvondig schrijverstalent, die goochelt met klanken en met woordjes en zinnetjes in z’n teksten. Al drie cd’s heeft hij ondertussen uit, want naast ‘Spinvis’ verschenen ‘Dagen van gras en dagen van stro’ en in 2007 ‘Goochelaars en Geesten’.

De Jong wil met deze -solo-clubtournee aan z’n fans tonen hoe hij z’n songs helemaal thuis alleen in elkaar steekt, knutselt en componeert. We waren alvast onder de indruk van de man als multi-instrumentalist en samplekunstenaar. Een arsenaal aan instrumenten op het podium, alsof hij met een heuse begeleidingsband voor de dag zou komen, vooraf opgenomen lofi geluidjes en ingespeelde stukjes, en op het moment zelf laag per laag gearrangeerde sounds, liet hij door z’n laptop afspelen.
Achter hem stonden drie kleine videoschermen, waarop getekende figuren, alledaagse gebeurtenissen en de ingespeelde stukken van z’n begeleidingsband of van hemzelf te zien en te horen waren. Deze aanpak kwam ideaal tot z’n recht in de Kleine Zaal van de Arenberg. Een broeierig , intiem sfeertje waar componist, kleinkunstenaar en z’n publiek met elkaar verbonden zijn.
De in maatpak en met das geklede veertiger toonde z’n geluidskunst in telkens een set van een vijftigtal minuten. Z’n akoestisch en elektrisch gitaarspel stond voorop, maar probleemloos stapte hij over naar minimale drums, een pocket vibrafoon, toetsen en harmonica of liet die versmelten met z’n voorgeprogrammeerde sounds op PC.
Hij ontpopte zich als een gesofistikeerde Boudewijn De Groot. Het ingetogen, innemende “Kindje van God” opende, “Ik wil alleen maar zwemmen” en het nieuwe “De grote zon” waren sober, net als de bekendste single “Voor ik vergeet”, dat gedragen werd door een snaarinstrument. “Wespen op de appeltaart”, die ergens middenin de set zat, was de meeste directe popsong. “Op het voordeel van Video” toonde hij z’n eerste ware gelaat in die samplekunst, wat in het eerste deel verder aan bod kwam met de radiohitjes “Aan de oevers van de tijd” en “Bagagedrager”, die een forsere beat meekregen.
De klemtoon kwam op een beeldrijk, dromerig en filmisch sfeertje in het tweede deel, wat tevens ook donkerder, gevoeliger en persoonlijker van aard was: de fijne gitaarloop op “De ogen van de bruid”, een minimaal geluid op het eerbetoon aan een overleden vriend die zelfmoord pleegde, het poppareltje “Ronnie gaat naar huis” en tenslotte de bevreemdende muziekkunst (diverse geluidjes en soundscapes) met grote K op o.a “Kus me dan, en bijt m’n tong af”: een repeterende sound, lekker groovende, soms neurotische, knisperende elektronica en beats of een rockende Spinvis.
Hij was onder de indruk van het warme onthaal en na lang aandringen speelde hij heel intiem, sober en kwetsbaar de titelsong van z’n laatste plaat.

Spinvis solo: een heerlijk overtuigende, weemoedige trip van mans spectrum en breikunst van geluid en woord.

Organisatie: Arenbergschouwburg, Antwerpen

Spinvis

Respect voor de vindingrijkheid van Spinvis (solo)

Geschreven door

Spinvis is het muzikale project van de liedjes- en woordenkunstenaar Erik de Jong, die op 41 jarige leeftijd debuteerde in 2002 met ‘Spinvis’: herfstige, melancholische, sfeervolle, dromerige en intieme Neder(pop)landstalige songs. Moderne kleinkunst van een spitsvondig schrijverstalent, die goochelt met klanken en met woordjes en zinnetjes in z’n teksten. Al drie cd’s heeft hij ondertussen uit, want naast ‘Spinvis’ verschenen ‘Dagen van gras en dagen van stro’ en in 2007 ‘Goochelaars en Geesten’.

De Jong wil met deze -solo-clubtournee aan z’n fans tonen hoe hij z’n songs helemaal thuis alleen in elkaar steekt, knutselt en componeert. We waren alvast onder de indruk van de man als multi-instrumentalist en samplekunstenaar. Een arsenaal aan instrumenten op het podium, alsof hij met een heuse begeleidingsband voor de dag zou komen, vooraf opgenomen lofi geluidjes en ingespeelde stukjes, en op het moment zelf laag per laag gearrangeerde sounds, liet hij door z’n laptop afspelen.
Achter hem stonden drie kleine videoschermen, waarop getekende figuren, alledaagse gebeurtenissen en de ingespeelde stukken van z’n begeleidingsband of van hemzelf te zien en te horen waren. Deze aanpak kwam ideaal tot z’n recht in de Kleine Zaal van de Arenberg. Een broeierig , intiem sfeertje waar componist, kleinkunstenaar en z’n publiek met elkaar verbonden zijn.
De in maatpak en met das geklede veertiger toonde z’n geluidskunst in telkens een set van een vijftigtal minuten. Z’n akoestisch en elektrisch gitaarspel stond voorop, maar probleemloos stapte hij over naar minimale drums, een pocket vibrafoon, toetsen en harmonica of liet die versmelten met z’n voorgeprogrammeerde sounds op PC.
Hij ontpopte zich als een gesofistikeerde Boudewijn De Groot. Het ingetogen, innemende “Kindje van God” opende, “Ik wil alleen maar zwemmen” en het nieuwe “De grote zon” waren sober, net als de bekendste single “Voor ik vergeet”, dat gedragen werd door een snaarinstrument. “Wespen op de appeltaart”, die ergens middenin de set zat, was de meeste directe popsong. “Op het voordeel van Video” toonde hij z’n eerste ware gelaat in die samplekunst, wat in het eerste deel verder aan bod kwam met de radiohitjes “Aan de oevers van de tijd” en “Bagagedrager”, die een forsere beat meekregen.
De klemtoon kwam op een beeldrijk, dromerig en filmisch sfeertje in het tweede deel, wat tevens ook donkerder, gevoeliger en persoonlijker van aard was: de fijne gitaarloop op “De ogen van de bruid”, een minimaal geluid op het eerbetoon aan een overleden vriend die zelfmoord pleegde, het poppareltje “Ronnie gaat naar huis” en tenslotte de bevreemdende muziekkunst (diverse geluidjes en soundscapes) met grote K op o.a “Kus me dan, en bijt m’n tong af”: een repeterende sound, lekker groovende, soms neurotische, knisperende elektronica en beats of een rockende Spinvis.
Hij was onder de indruk van het warme onthaal en na lang aandringen speelde hij heel intiem, sober en kwetsbaar de titelsong van z’n laatste plaat.

Spinvis solo: een heerlijk overtuigende, weemoedige trip van mans spectrum en breikunst van geluid en woord.

De 16 jarige Jasper Erkens is telkens mee op de clubtournee van de Jong. Een leeftijdsverschil van dertig jaar, waarbij hij wel de zoon kon wezen van deze Nederlandse samplekunstenaar. Vorig jaar nog behaalde hij terecht een tweede plaats op de Humo’s Rock Rally. Een talentrijk singer/songwriter die attent, gevat en sympathiek uit de hoek kwam en boordevol verhaal was over z’n tot stand gekomen sfeervolle , dromerige ‘on the road’ akoestische gitaarsongs over verliefdheden, doordrongen van z’n heldere, doorleefde vocals (op die leeftijd!).
Binnenkort verschijnt z’n debuut. Gretig enthousiast stelde hij een handvol songs voor, waaronder de huidige single “Waiting like a dog”. De obligate Gnarls Barkley cover “Crazy” liet hij terzijde, maar geen nood, hij beschikte over voldoende puik materiaal, wat ons halsreikend doet uitkijken naar het debuut.

Organisatie: Arenbergschouwburg, Antwerpen

Helmet

Strakke en afgemeten set van Helmet

Geschreven door

Het gezellige decor van de Gentse Minnemeers fungeerde afgelopen zaterdag als voorlaatste halte van de Europese tournee van Helmet. Deze invloedrijke band werd 20 jaar geleden opgericht in New York door zanger/gitarist Page Hamilton (inmiddels 48), nadat hij uit de noise-rock formatie Band of Susans was gestapt om jazz te studeren. Hij vond zijn inspiratie in bands en artiesten als Sonic Youth, Glenn Branca, Big Black en Killing Joke. Deze sound wilde hij combineren met jazz-achtige invloeden, resultaat hiervan was Helmet. Page werd in de uitverkochte club bijgestaan door dezelfde muzikanten die vorig jaar op Graspop voor één van de hoogtepunten zorgden: Dan Beeman op ritmegitaar, bassist Jon Fuller en drummer Kyle Stevenson.

Het concert werd afgetrapt met het sterke openingstrio “Role model”, “FBLA II” en ”Smart”. Meteen werd duidelijk dat de stop 'n go riffs en hypnotiserende staccatoritmes nog altijd hun effect niet misten. Het felle “Ironhead” en pompende “Unwound” volgden in sneltempo. De gitaarsolo's van deze meester bleken nog altijd uit duizenden herkenbaar, zeer straf! Met knappe vertolkingen van “Exactly what you wanted”, “It's easy to get bored with”, “Birth defect” en “Driving nowhere” werd hun vergeten meesterwerk 'Aftertaste' in de schijnwerpers geplaatst.
Page gaf een ontspannen indruk en sloeg sporadisch een praatje met het publiek. Hij was zichtbaar onder de indruk van de respons. Het rauwe “Swallowing everything” en het energieke ”Street crab” passeerden daarna de revue. Publieksfavorieten “Unsung”, “Wilma’s rainbow”, “Milquetoaste” en ”In the meantime” blijven moordsongs en deden de temperatuur nog wat stijgen. Standaardalbums als 'Meantime' en 'Betty' mogen dan ook niet ontbreken bij elke zichzelf respecterende rockliefhebber. Ook de classic “Just another vicitim” van de Judgement Night-soundtrack ontbrak niet. Dit is een song waar iedere dertiger wel eens uit de bol is op gegaan, onverslijtbaar spul!
Hekkensluiters van deze overtuigende set waren het monolitische “Tic” en het gortdroge “On your way down”. Enig minpunt was dat de vocals van Page Hamilton niet meer zo boos en krachtig klonken als tijdens hun hoogdagen in de '90's, maar dat was vonden de aanwezigen een kleine domper op de feestvreugde!
Sterke performance van deze alternatieve metalhelden. Much respect!!! Voor de diehard fans: dit jaar zou er nog nieuw werk verschijnen, ik kijk er alvast naar uit.

Supportact Totimoshi (gekke naam trouwens) uit Oakland, USA is een totaal onbekende voor de meesten van ons. Het trio, opgericht in '97, heeft reeds 4 albums op hun naam staan. Ze brachten een mix van alternatieve rock, grunge, punk en metal. Invloeden van Nirvana, Dinosaur Jr, Melvins, Mudhoney en Black Sabbath drongen door in hun sound. Spijtig genoeg was hun songmateriaal kwalitatief niet bijzonder hoogstaand en vrij inwisselbaar en sloeg de verveling nogal snel toe.  Ook het monotone en trage tempo en irritante, schreeuwerige zanggeluid kon ons maar matig overtuigen. De muzikale kwaliteiten werden ons niet duidelijk. Hier was nog werk aan de winkel!

Opener van de avond was het Leuvense kwartet The Sedan Vault die hun tweede album 'Vanguard' kwamen promoten. Ook zij werden maar lauw ontvangen. Toch was dit een prima mengeling van indierock, emo, punk, progrock en electronica. Referenties naar The Mars Volta en At the Drive-in waren hoorbaar, maar ook echo's van The Blood Brothers, Sparta en Thrice klonken door. Dit was duidelijk geen hapklare brok muziek. De hoge vocalen, complexe songstructuren, onverwachte wendingen en elektronische effecten vergden een grote inspanning van de concertganger. Dit was geen spek voor ieders bek! Toch zijn we overtuigd van hun muzikale kwaliteiten en vonden we dit beslist de moeite waard!

Organisatie: Democrazy, Gent

Gilles Peterson

Kulturama 2009: WorldWide-radioshow van Gilles Peterson feat. Nicola Conte en Jazzanova

Geschreven door

Het Depot in Leuven was gastheer voor de WorldWide-radioshow van Gilles Peterson, die met zijn hoogst persoonlijke eclectische mix van wereldmuziek, soul en funk en verder van zo’n beetje alles wat dansbaar is op de BBC Radio 1 tot een monument is uitgegroeid. Hij DJ-de zelf zijn gasten muzikaal-gewijs aan elkaar en deed dat met veel Braziliaanse ritmes die naarmate de avond vorderde steeds steviger en aanstekelijker werden.
Het Depot was uitverkocht, maar die indruk gaf het niet echt. Vooraan stonden de dansers, maar veel mensen hielden het bij een lounge-sessie in de stoeltjes of bleven aan de bar plakken, wat soms zelfs wat stoorde. Als eerst gast had Peterson de Pugliezen Nicola Conte en band naar Leuven gehaald. Zij speelden erg aanstekelijk een soort new-jazz. Enthousiasme was er genoeg, maar veel songs waren er niet te bespeuren. Het was meer een soort uitgerekte jazz-jam-sessie, en nou ja, dat wordt soms een beetje eenvormig. Leuk was wel de Hongaarse zangeres met haar verhaal over de bloedende maan, zodat een ‘encore’ er nog wel bij mocht. Maar ondertussen had iedereen wel zin om wat te dansen, wat de heer Conti dan weer niet zo leek te appreciëren.
Voor zijn tweede DJ-set haalde Peterson batucada-ritmes boven en de handjes mochten de lucht in toen hij het verder overliet aan Jazzanova met Nuyorican Souls Black Gold of the Sun. Leuke set maar te kort om de zaal naar een hoogtepunt te sturen en bij Peterson gaat het altijd om de eclectische platenkeuze. Hij had deze keer eigenlijk niet voldoende tijd om een verhaal te vertellen, hoewel de platenkeuze op zich onberispelijk was
Daarna was het de beurt aan de carioca-Duitsers van Jazzanova om een DJ-set te draaien. Bij Jazzanova verwacht je Braziliaans getinte lounge, maar deze keer was de vrees dat een DJ-set wat al te kabbelend zijn gangetje zou gaan ongegrond. Hij draaide voornamelijk stevige vocale house met een erg gevarieerde platen- en stijlkeuze, tot en met een Eurodisco-klassieker als de “Glow of Love”. Kort gooide hij het over een soort neo-disco-not-disco die James Murphy jaloers zou maken. Het was genoeg om het publiek aan het dansen te krijgen. Verder hoorden we een hele mooie “Nervous Track” en dus nog eens de “Masters at Work”. Voor ons was de afsluiter “Chics I Want Your Love” die al heel mooi was geïntroduceerd door Moodymanns “I Can’t Kick This Feeling When It Hits”. Kwestie van even te tonen dat je je klassiekers kent. Erg mooi. Tegen dan was het uitverkochte Depot al flink leeggelopen…

Organisatie: Depot Leuven ikv Kulturama 2009

Lady Gaga

De erotische danswereld van Lady Gaga

Geschreven door

Friday the 13zal voor velen nog lang herinneringen oproepen. Niets heeft te maken met wat er allemaal wel eens zou kunnen mislopen op zo’n memorabele dag maar wel het feit dat er opnieuw een topavond geprogrammeerd stond voor al degenen die de R&B- en dance sound een warm hart toedragen. De rode loper werd uitgerold voor 6 glamour-babes die de hedendaagse ultratop kleur geven. De Pussycat Dolls met in hun (voorprogramma) Lady Gaga.

Voorprogramma zetten we tussen haakjes omdat Miss Lady Gaga op dit moment hoge ogen opwerpt met haar singles in diverse hitparades. Natuurlijk heeft ze nog een lange weg voor de boeg om te bevestigen en/of ze over het talent beschikt zoals haar grote voorbeeld ‘Madonna’. Graag vergelijken we deze wilde, jonge dame met Britney Spears. Aanstekelijke catchy dancenummertjes die het goed doen in de hitlijsten. Nemen we daarbij dat deze 20jarige zangeres er ook niet mis uitziet en dat uitstekend weet duidelijk te maken tijdens haar optreden. Ze heeft er dan ook geen probleem mee om haar show op te voeren in strakke lingerie. Een aanstekelijke opwarmer die werd afgesloten met haar debuutsingle “Just Dance” en haar huidige top3 single “Pokerface”.

De wereldtour van 5 zangeressen die samen de Pussycat Dolls worden genoemd, startte op 18 januari in Aberdeen en zal eindigen op 30 mei in Perth, en dat zou ergens in Australië moeten zijn. Zij hielden deze avond vrij voor een uniek concert in Vorst Nationaal. Wat in 1995 begon als een bescheiden dansgroepje is de jongste jaren uitgegroeid tot een niet te missen vrouwelijk gezelschap in de hedendaagse R&B-scene.
Ondertussen zijn er al een aantal aanpassingen doorgevoerd wat de bezetting betreft en zijn de mensen waarmee ze samen werkten al lang niet meer op twee handen te tellen. Je hoeft maar aan showbizz, glamour & glitter en de ultratop te denken of je komt terecht bij dames die ooit wel eens optraden met PCD, van Avril Lavigne, Britney Spears, Christina Aguilera, Gwen Stefani en Fergie, en zo kunnen we wel nog een tijdje doorgaan.
Na het succes van heel wat singles waren we benieuwd naar de bevestiging op het podium. En daar knelde het schoentje! Danspasjes die de mist ingingen, saaie livepercussies, de té opvallende aanwezigheid van een aantal breakdansers ,… allemaal zaken die je wel kan vergeten als de songs super worden gebracht. Maar dan ging het ook niet zoals verwacht, zoals op een “Taking over the world” en “Beep”. Te vaak werd het ritme uit de show gehaald door langdradige solonummers. Als je weet dat elke Pussycat er één voor haar rekening nam, was dat er toch nét iets over. Natuurlijk is het een goedkoop excuus om de tijd te nemen om van outfit te veranderen maar het visuele kon de balans met het muzikale nooit in evenwicht brengen.
Gelukkig waren ook hoogtepunten met de songs “ I hate this part”, “I don’t need a man”, “Wait a minute”, “Buttons”, “Don’t cha” en hun laatste nieuwe single “ When I grow up” in combinatie met geregeld een pijltje vuurwerk die voor wat afleiding zorgde.
Wie dus hoopte op een denderende liveshow, special effects en originele choreografieën was eraan voor de moeite!

Een supergroep op cd maar live is er nog werk voor de boeg. De termen die we in ons achterhoofd hadden voor de Pussycats van bloedgeil, superhot en lekkere vibes, werden dus gauw bekoeld …Een plaatsje van kitsch, fake, playback en te gewoon werd al gauw ingenomen …

Neem gerust een kijkje naar de pics van beide artiesten

Organisatie: Live Nation

Pussycat Dolls

Pussycat Dolls: sterk op plaat, live flauwtjes

Geschreven door

Friday the 13zal voor velen nog lang herinneringen oproepen. Niets heeft te maken met wat er allemaal wel eens zou kunnen mislopen op zo’n memorabele dag maar wel het feit dat er opnieuw een topavond geprogrammeerd stond voor al degenen die de R&B- en dance sound een warm hart toedragen. De rode loper werd uitgerold voor 6 glamour-babes die de hedendaagse ultratop kleur geven. De Pussycat Dolls met in hun (voorprogramma) Lady Gaga.

Voorprogramma zetten we tussen haakjes omdat Miss Lady Gaga op dit moment hoge ogen opwerpt met haar singles in diverse hitparades. Natuurlijk heeft ze nog een lange weg voor de boeg om te bevestigen en/of ze over het talent beschikt zoals haar grote voorbeeld ‘Madonna’. Graag vergelijken we deze wilde, jonge dame met Britney Spears. Aanstekelijke catchy dancenummertjes die het goed doen in de hitlijsten. Nemen we daarbij dat deze 20jarige zangeres er ook niet mis uitziet en dat uitstekend weet duidelijk te maken tijdens haar optreden. Ze heeft er dan ook geen probleem mee om haar show op te voeren in strakke lingerie. Een aanstekelijke opwarmer die werd afgesloten met haar debuutsingle “Just Dance” en haar huidige top3 single “Pokerface”.

De wereldtour van 5 zangeressen die samen de Pussycat Dolls worden genoemd, startte op 18 januari in Aberdeen en zal eindigen op 30 mei in Perth, en dat zou ergens in Australië moeten zijn. Zij hielden deze avond vrij voor een uniek concert in Vorst Nationaal. Wat in 1995 begon als een bescheiden dansgroepje is de jongste jaren uitgegroeid tot een niet te missen vrouwelijk gezelschap in de hedendaagse R&B-scene.
Ondertussen zijn er al een aantal aanpassingen doorgevoerd wat de bezetting betreft en zijn de mensen waarmee ze samen werkten al lang niet meer op twee handen te tellen. Je hoeft maar aan showbizz, glamour & glitter en de ultratop te denken of je komt terecht bij dames die ooit wel eens optraden met PCD, van Avril Lavigne, Britney Spears, Christina Aguilera, Gwen Stefani en Fergie, en zo kunnen we wel nog een tijdje doorgaan.
Na het succes van heel wat singles waren we benieuwd naar de bevestiging op het podium. En daar knelde het schoentje! Danspasjes die de mist ingingen, saaie livepercussies, de té opvallende aanwezigheid van een aantal breakdansers ,… allemaal zaken die je wel kan vergeten als de songs super worden gebracht. Maar dan ging het ook niet zoals verwacht, zoals op een “Taking over the world” en “Beep”. Te vaak werd het ritme uit de show gehaald door langdradige solonummers. Als je weet dat elke Pussycat er één voor haar rekening nam, was dat er toch nét iets over. Natuurlijk is het een goedkoop excuus om de tijd te nemen om van outfit te veranderen maar het visuele kon de balans met het muzikale nooit in evenwicht brengen.
Gelukkig waren ook hoogtepunten met de songs “ I hate this part”, “I don’t need a man”, “Wait a minute”, “Buttons”, “Don’t cha” en hun laatste nieuwe single “ When I grow up” in combinatie met geregeld een pijltje vuurwerk die voor wat afleiding zorgde.
Wie dus hoopte op een denderende liveshow, special effects en originele choreografieën was eraan voor de moeite!

Een supergroep op cd maar live is er nog werk voor de boeg. De termen die we in ons achterhoofd hadden voor de Pussycats van bloedgeil, superhot en lekkere vibes, werden dus gauw bekoeld …Een plaatsje van kitsch, fake, playback en te gewoon werd al gauw ingenomen …

Neem gerust een kijkje naar de pics van beide artiesten

Organisatie: Live Nation

Bloc Party

Bloc Party blijft hip en onweerstaanbaar

Geschreven door

Het Britse Bloc Party beheerst samen met samen met The Killers, Kaiser Chiefs, Editors en Franz Ferdinand het huidig rockpatrimonium. Bloc Party bracht in een kleine vier jaar tijd drie cd’s uit: de energieke, frisse, sfeervolle postpunk op het debuut ‘Silent alarm’, een bedachtzame aanpak op ‘A weekend in the city’, wat verfijning en subtiliteit bood en het vorig jaar verschenen ‘Intimacy’, waarop de band al met de single “Flux” een muzikaal bredere richting insloeg, want naast de hoekige ritmes hoorden we een harder industrieel en meer gebald elektronisch geluid.
Net als Kaiser Chiefs hadden ze besloten er een tweedaagse stop van te maken in telkens een uitverkochte AB! De groep lijkt wel onophoudelijk te toeren. In 2007 kwamen ze drie keer langs: een optreden in de AB, Werchter en in de Lotto Arena; en vorig jaar op Pukkelpop klonk het kwartet gesmeerd, messcherp en genadeloos.
De ‘motor’ draait nog steeds, want de band blijkt nog even fris, aanstekelijk en opwindend te klinken. Ze zijn hun fans uiterst dankbaar en speelden een broeierige, snedige en krachtige set. De paar mindere momenten, het meeslepende “Biko” en “Letter for my son”, ving Bloc Party op door hun ongekende spontaniteit, speelsheid en enthousiasme.
De vernieuwende aanpak op de laatste plaat van gelaagde elektronica binnen hun postpunk stond live duidelijk overeind: “One Month Off”, “Mercury”, in de uitgebreide bis “Talons” en “Flux” (wat een bonkende beats), en tenslotte “Ares” (bepaald door scherp gitaarspel, stevige drumloops en beats).
Bloc Party palmde moeiteloos z’n publiek in. Uitzinnige reacties op praktisch elke song deed Kele Okereke en de zijnen besluiten dat dit wel hun avondje was tav het optreden de dag voordien in de AB. Iedereen zat dus in de juiste stemming wat zorgde voor het tandje bij om het beste van zichzelf te geven en zich te amuseren, ondanks dat in het begin van de set de zang nog wat moest worden bijgesteld.
Maar OK, naast het nieuwe materiaal speelden ze snedige versies van “Hunting for witches”, “Positive tension”, “Waiting for the 7.18” en “Song for Clay”, die een broeierige opbouw hadden, diverse tempowisselingen ondergingen en waarvan de pedaaleffects regelmatig eens fors werden ingedrukt. “Banquet” werd luidkeels meegebruld en velen konden niet meer inhouden om eens te skydiven.
Die intense spanning en frisheid behielden ze tot op het eind; “This modern love” en “The prayer” (waarbij drummer Matt Tong van achter z’n drums Okereke een duw gaf en als eerste de zang inzette) besloten dan ook overtuigend het eerste deel van de set, want de band breidde er nog een uitgebreide, feestelijke bis aan. Bonkend met de eerder vernoemde nummers uit de laatste plaat, werd “Sunday” bepaald door dubbele drums, en konden de gekende krachtige oudjes “Helicopter” en “Like eating glass” onze belaagde oren eindelijk rust gunnen. Graag hadden we nog een “I still remember” of “So here we are” erbij gehad, maar wat we totnutoe kregen, klonk al afwisselend en sterk genoeg! Zonder er vooraf bij stil te staan, heeft Bloc Party al aardig wat potentiële hits uit, die mooi in de set verweven zaten.

Bloc Party zorgde - opnieuw  - voor een groots concert en zal dit proberen te herhalen op Rock Werchter om zich dan een tijdje terug te trekken en te genieten van een welverdiende rustpauze. Franz Ferdinand deed het hen voor en zie wat voor resultaat ze achterna er mee geboekt hebben voor hun nieuwe werk …

Van de support act Delphic zagen we nog een glimp en op het eerste zicht hadden ze alvast die springerige sound mee van het debuut van Bloc Party.

Neem gerust een kijkje naar de pics.

Organisatie: Live Nation

Pagina 451 van 485