logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15390 Items)

Sons Of Seasons

Gods Of Vermin

Geschreven door

We schrijven 2007. Oliver Palotai, Daniel Schild en Luca Princiotta waren leden van Blaze, de band rond voormalig Iron Maiden zanger Blaze Bayley. Omdat ze niet akkoord waren met de beslissingen van Blaze zijn nieuw management, verlieten ze de band. En dan besloot Oliver Palotai om Sons Of Seasons op te richten, samen met zijn twee collega's van bij Blaze. Niet veel later werden ze vervoegd door bassist Jürgen Steinmetz. Oorspronkelijk ging Tijs Vanneste van Oceans Of Sadness de zang voor zijn rekening nemen, maar dit ging niet door vanwege zijn tourschema. Dus hebben ze het klusje laten doen door Henning Basse.
Tot zover een korte biografie van deze nieuwe Symphonic Power Metalband die onlangs een debuut heeft uitgebracht in de vorm van ‘Gods Of Vermin’. Dit is een band met een goede zang en deftige solo's. Maar de muziek zelf, ik vind er eigenlijk niet zo veel aan. Het is wel goed uitgevoerde Symphonic Power Metal. Maar alles klinkt wat te middelmatig, te gewoontjes. Het zijn nummers die niet blijven hangen, die het ene oor in gaan en het andere oor weer uit gaan (bij wijze van spreken). Men probeerde het niveau nog wat op te krikken door Simone Simons, die tevens de verloofde is van voorgenoemde Oliver Palotai, wat gastbijdrages te laten leveren. Akkoord, “Wintersmith” klinkt wel een stuk aardiger zo. Maar ondanks dit ben ik nog steeds niet overtuigd van dit album en van de muziek van Sons Of Seasons. Nergens verrassingen, nergens iets wat opvalt tussen de andere nummers. Kortom, een album zoals er ongetwijfeld nog veel zijn.

Green Day

21st Century Breakdown

Geschreven door

Vijf jaar na ‘American Idiot’ is het Amerikaanse punkrocktrio Green Day, onder Billie Joe Armstrong, er terug als vanouds bij en bewijzen twintig jaar na ontstaan, dat ze nog steeds in de running zijn; ze behouden de punkpop een fris, levendig, eigentijds en jeugdig gezicht met hun ‘to the point’, melodieus opbouwende rock en meezingbare refreinen: catchy, vaardig en gedreven. 18 songs vinden we terug, die ‘oude’ bands als The Offspring, Rancid en reeds teloorgegane Blink 182 en Sum 41 het nakijken geven. En jonge bands mogen opkijken naar deze ‘dolle’ veertigers …
De meeste songs liggen in dezelfde lijn als hun snedige single”Know your enemy”, maar af en toe gaat men richting melige ballad, “Last night on earth” en “21 guns”, “Restless heart syndrome” begint op dezelfde wijze, maar al gauw wordt het overstelpt door de 1-2-3 gitaar, een opzwepende bas en drums; een country inslag horen we dan op “Peacemaker” en “Viva la gloria (little girl)”. Het zorgt voor een gepaste variatie op dit album. “American Eulogy”, dat in twee stukken is onderverdeeld, verwijst naar de punkrockopera van de vorige cd.
Dit is Muzikaal Speelplezier en Entertainment vol Emotie. Puik werk van deze gasten.

The Hickey Underworld

The Hickey Underworld

Geschreven door

Het Antwerpse The Hickey Underworld won in 2006 net vòòr The Black Box Revelation de Humo’s Rock Rally. The BBR gaan al een mooie toekomst tegemoet, maar het ziet ernaar uit dat dit kwartet hen langzaam achterna gaat. Na lang zwoegen hebben ze nu ook hun debuut uit. De titelloze cd klinkt hard rockend, rauw en verwoestend. De tien nummers klinken stevig, scherp en venijnig . Ze krijgen zelfs een stevige scheut grunge en noise. Luister maar eens naar “Sick of boys”, “Zorydan”, “Mystery bruise” en “Flamencorpse”. Ze klinken spannend en geweldig door de krachtige hooks en de diverse snedige tempowisselingen, ondersteund door een felle schreeuwzang.
”Blonde fire” en “Blue world order” zijn op hun beurt meer aanstekelijk en broeierig. Binnen dit concept is de alom bekende single “ Future words”(die de cd lang vòòr ging) de meest poppy.
De groep heeft met dit hevig, intens overdonderend debuut een plaat uit met internationale uitstraling!

James Yuill

Turning down water for air

Geschreven door

James Yuill is een jonge Britse singer/songwriter die invloeden haalt van de indie/popelektronica van Tunng, Postal Service, The Notwist en ons eigen Styrofoam, en het moeiteloos combineert met z’n singer/songwriterschap. We horen een ideaal evenwicht tussen deze twee sferen, van de pakkende opener “You always do” en “How could I love” tot de meer zalvende en krachtige elektronicabeats van “Head over heels”, “No surprise” en “Somehow”. Hij tracht zowel de romantische zielen als de danslustigen onder ons aan te spreken. Binnen deze afwisselende aanpak vormt “This sweet love” één van de hoogtepunten: dromerig, prikkelend en fris sprankelend.
James Yuill is een man van vele kunstjes, die een perfecte samensmelting zocht tussen singer/songwriting en een clubsfeer op deze tweede plaat.

Hans Teeuwen

Hans Teeuwen: muzikaal vakmanschap

Geschreven door

Een uitverkochte Ancienne Belgique was getuige van een meer dan degelijk concert van Hans Teeuwen, een Nederlander die als cabaretier hoge toppen scheerde en zo’n anderhalf jaar geleden besloot om het over een andere boeg te gooien. De nogal ingrijpende carrièreswitch bracht hem nu dus (in uitgesteld relais want het concert stond oorspronkelijk enkele maanden vroeger gepland) op het hoofdpodium van één van onze meest gerenommeerde concertzalen, een stunt die weinig debuterende zangers hem ooit voordeden. Uiteraard teert hij op de naam die hij als humorist gemaakt heeft, maar bij deze kunnen we al verklappen dat we mogen concluderen dat hij die plaats ook zuiver op zijn muzikale merites verdient.

Teeuwen werd bijgestaan door vijf uitstekende muzikanten die elk de gelegenheid kregen om te etaleren dat ze excelleerden in zowel het samenspelen als het soleren. Meestal gedroeg hyperkinetische Hans zich als een volleerde ‘jazz-crooner’, hij heeft immers het geluk om van nature begiftigd te zijn met stembanden die zich perfect lenen tot het repertoire dat o.a. Cole Porter, Duke Ellington en de Gershwin-broers componeerden. Naar het einde van de reguliere set toe mocht het enthousiaste publiek ook genieten van een portie ‘raw & funky soul’ (“I got a woman” en “Route 66”). In de bissen werd er dan weer geswingd van Brussel tot New Orleans. Ook de eigen nummers konden tijdens de bisronde op veel bijval rekenen, de fans van ’s mans comedy-oeuvre konden zich laven aan een stomende versie van het hilarische “Snelkookpan”. De Engelstalige varianten op poëtische ontboezemingen als “Snelkookpan, vrouwen met een dikke kop, daar hou ik niet zo van” toonden aan dat gekke Hans dezer dagen ook met gemak zijn weg vindt in de Britse comedy-scene.
Het was duidelijk dat Teeuwen er van het begin af zin in had en hoopte dat de Belgen zich lieten meedrijven. Voor de gezelligheid liet hij op het podium volop sigaretten en drank (bier en whiskey) aanrukken, iets wat de amusementswaarde zodanig verhoogde dat hij vaak met zichzelf geen blijf meer wist. Terwijl men van vele jazz-concerten optimaal kan genieten met de ogen dicht (wegens gebracht door statische droogstoppels), konden de toeschouwers hun ogen voortdurend de kost geven. Teeuwen lijkt akelig goed op Nick Cave (zowel qua fysiek als qua motoriek) maar is veel extremer in de manier waarop hij zich van lijf en leden bedient. Ome Nick behoudt steeds enige sérieux hetgeen van Hans niet gezegd kan worden want deze laatste huppelt rond alsof hij ons een inkijk wil bieden in het ganse door hem bestreken gamma van ‘silly walks’.

Hans Teeuwen beschikt ontegensprekelijk over de ‘cool’ van de crooners maar is dus veel uitbundiger dan archetypische voorvaderen als Frank Sinatra. Muzikaal zal vrolijke Hans nooit zo vernieuwend zijn als hij op het vlak van cabaret is (was?). Als er echter iets is wat die ene avond in de Ancienne Belgique duidelijk maakte, dan is het wel dat zijn muzikaal vakmanschap de evenknie vormt van het metier dat hij als humorist verworven heeft. Wie ons niet gelooft en wie te laat was voor een ticket, verwijzen we bij deze door naar de “Hans Teeuwen Zingt”-DVD (de setlist van het daarop geregistreerde optreden komt trouwens volledig overeen met hetgeen hij in Brussel bracht).

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

65daysofstatic

65daysofstatic: verzwolgen door intensiteit van een energieke ‘test’show

Geschreven door

65daysofstatic bracht onlangs ‘Escape From New York’ uit, een liveplaat annex tour-DVD. Het werkstuk kan beschouwd worden als een zoethoudertje voor een nieuw op te nemen plaat in de nabije toekomst. Na het succes van ‘The Fall of Math’ en ‘One Time For All Times’ en het ietwat teleurstellende ‘The Destruction Of Small Ideas’ was er bij de band twijfel ontstaan over welke richting ze met hun muziek uit moesten. In Le Grand Mix was er echter maar weinig van die (stilaan wegebbende?) twijfel te merken: de groep bracht een fabuleus concert met vooral heel veel nieuw materiaal en enkele onverwoestbare oude nummers van op hun eerste 2 albums.

65days heeft het op hun tourdagboek over een ‘test-tour’. De playlist bij de geluidsmixer gaf dan ook niet al te veel geheimen prijs: verder dan wat werktitels (lees: initialen als PF, PX3, WK4) kwamen we niet. Wat het geluid betreft kunnen we wel iets meer duidelijkheid scheppen: 65daysofstatic breekt allesbehalve met het door samples doorspekt hardere gitaar- en drumwerk! Ook de complexe ritmische structuren met zin voor perfectie blijven de band meer dan kenmerken. De groep is ontegensprekelijk wel iets meer richting elektronica en een dansbaar geluid met minder maatwisselingen gaan aanleunen. Frontman Paul Wolinski moedigde ongeveer halfweg de set het publiek zelfs aan om te dansen. Het was dan ook opvallend welke dansbare - bijna drum'n'bass - geluiden 65days uit de instrumenten wist te schudden. Je had als toeschouwer de keuze om mee te bewegen in de door de band voortgebrachte energie of om met verstomming als aan de grond genageld te genieten van tot wat deze band in staat is. Ondermeer het fantastische “Radio Protector” (die pianolijn!) en “Retreat! Retreat!” zetten de kers helemaal op de niet te versmaden taart.

65daysofstatic maakte met veel zweet en energie zijn reputatie van ijzersterke liveband meer dan waar. Het nieuw ingeslagen pad klinkt alvast bijzonder veelbelovend. De groep is en blijft een echte aanrader om live te aanschouwen, wat de komende maanden kan op Dour en het Cactusfestival.

Support van dienst was Casse-Brique uit Brussel. De band haalde de mosterd bij Shellac, maar deed evengoed aan Battles denken.

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Les Nuits Botanique 2009: We Are Wolves, Metronomy en Naive New Beaters

Geschreven door

Een avondje electro’clashende’ pop van drie voorname exponenten van strak om het lijf hangende electrodancerock: Naive New Beaters, We Are Wolves en Metronomy, waarvan het Canadese We Are Wolves het haalde op punten…Tja, niet voor niks had de organisatie al een Nuits Quebec geprogrammeerd in één van de zaaltjes om de Canadese pop te duiden …Er leeft daar duidelijk wat …

Het Frans-Amerikaanse Naive New Beaters trok alle registers open met aanstekelijke beats, vibes, nu rave, hiphop, indierockende gitaarloop en opzwepende raps. Hun debuut verschijnt eerstdaags. Plaats bands als Klaxons, The Rapture en Friendly Fires binnen hun stijl en je hebt als uitkomst deze jonge Fransen …

Het Canadese We Are Wolves is één van de hippe bands voor de toekomst. Ze zijn toe aan hun derde cd. ‘Nous Sommes Loupes’ houden de electropop erg boeiend. Eerst hoorden we invloeden van uit de Electronic Body hoek van ‘80’s Front 242 en Neon Judgement, dan hadden we een strakkere electro aanpak in een rockconcept, en tot slot kregen we bruisende postpunk met krachtige synthbeats. Gracieus besloten ze met “Magique”, gelaagd aan het dreunende Suicide onder een declamerende zang en vocoder vocals. Alternatief toegankelijk. Het trio zijn ook fervente kunstliefhebbers, hetgeen te zien was in hun performance, plus dat ze een soort ‘vliegenmepperend’ hoofddeksel droegen …

We maakten kennis met het Britse Metronomy als support van Bloc Party, anderhalf jaar terug. Ze traden aan in een bijna totaal nieuwe bezetting. Ze zijn uitgebreid tot een kwartet en na het vertrek van één van de elektrotechneuten zijn ze nu geëvolueerd tot een volwaardige live band. Een voller geluid hoorden we, waarbij de elektronica en laptopsounds wat op het achterplan zijn geraakt. Heerlijk frisse indie-elektronica, die aanstekelijk inwerkte op de dansspieren. We zagen dansende eerste rijen en heupwiegende fans op “Heart rate rapid” en “Holiday”. “Radio Ladio” en “A thing for me” benaderden de sfeervolle, hartverwarmende pop van het kwartet en ze verhoogden het tempo opnieuw met “Heart breaker” en “What do I do now, overstelpt met Kraftwerk synths.
Met ”The end of U2” en “On danceflooors” trok het kwartet de kaart van groovy, pompende dance, die samen met “You could easily have me” in de bis grootse dancefloorkillers waren. Ze werden heel sterk onthaald. En btw onze Franstalige vrienden zijn er hevig fan.

We Are Wolves haalde het op variëteit en originaliteit, Metronomy op toegankelijkheid en dance.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2009)

Les Nuits Botanique 2009: Metronomy, We Are Wolves, Naive New Beaters

Geschreven door

Een avondje electro’clashende’ pop van drie voorname exponenten van strak om het lijf hangende electrodancerock: Naive New Beaters, We Are Wolves en Metronomy, waarvan het Canadese We Are Wolves het haalde op punten…Tja, niet voor niks had de organisatie al een Nuits Quebec geprogrammeerd in één van de zaaltjes om de Canadese pop te duiden …Er leeft daar duidelijk wat …

Het Frans-Amerikaanse Naive New Beaters trok alle registers open met aanstekelijke beats, vibes, nu rave, hiphop, indierockende gitaarloop en opzwepende raps. Hun debuut verschijnt eerstdaags. Plaats bands als Klaxons, The Rapture en Friendly Fires binnen hun stijl en je hebt als uitkomst deze jonge Fransen …

Het Canadese We Are Wolves is één van de hippe bands voor de toekomst. Ze zijn toe aan hun derde cd. ‘Nous Sommes Loupes’ houden de electropop erg boeiend. Eerst hoorden we invloeden van uit de Electronic Body hoek van ‘80’s Front 242 en Neon Judgement, dan hadden we een strakkere electro aanpak in een rockconcept, en tot slot kregen we bruisende postpunk met krachtige synthbeats. Gracieus besloten ze met “Magique”, gelaagd aan het dreunende Suicide onder een declamerende zang en vocoder vocals. Alternatief toegankelijk. Het trio zijn ook fervente kunstliefhebbers, hetgeen te zien was in hun performance, plus dat ze een soort ‘vliegenmepperend’ hoofddeksel droegen …

We maakten kennis met het Britse Metronomy als support van Bloc Party, anderhalf jaar terug. Ze traden aan in een bijna totaal nieuwe bezetting. Ze zijn uitgebreid tot een kwartet en na het vertrek van één van de elektrotechneuten zijn ze nu geëvolueerd tot een volwaardige live band. Een voller geluid hoorden we, waarbij de elektronica en laptopsounds wat op het achterplan zijn geraakt. Heerlijk frisse indie-elektronica, die aanstekelijk inwerkte op de dansspieren. We zagen dansende eerste rijen en heupwiegende fans op “Heart rate rapid” en “Holiday”. “Radio Ladio” en “A thing for me” benaderden de sfeervolle, hartverwarmende pop van het kwartet en ze verhoogden het tempo opnieuw met “Heart breaker” en “What do I do now, overstelpt met Kraftwerk synths.
Met ”The end of U2” en “On danceflooors” trok het kwartet de kaart van groovy, pompende dance, die samen met “You could easily have me” in de bis grootse dancefloorkillers waren. Ze werden heel sterk onthaald. En btw onze Franstalige vrienden zijn er hevig fan.

We Are Wolves haalde het op variëteit en originaliteit, Metronomy op toegankelijkheid en dance.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2009)

The Veils

The Veils: indringend, meeslepend en rootsrockend

Geschreven door

De nieuwe plaat ‘ Sun gangs’ is nog maar pas uit of daar zijn The Veils van zanger/gitarist/pianist Finn Andrews op tournee na ruim twee jaar om de plaat kracht bij te zetten. Met de twee vorige cd’s ‘The runaway found’ (‘04) en ‘Nux Vomica’ (‘06) (wereldplaat trouwens!) waren we al goed vertrouwd, maar net als het publiek, moesten we het ‘pretty new material’ nog wat over ons heen laten komen.
The Veils zijn alvast meesters in het brengen van contrasten van lieflijke, breekbare pop tot weerbarstige americana, ergens tussen Cave, 16 Horsepower, The Triffids en V.U. Uit de tracks die we al konden horen van de nieuwe plaat, moeten we terug dat sublieme evenwicht van broeierige rootsrock en meeslepende emotionaliteit en intimiteit concluderen, onder Andrews pakkende, doorleefde stem.

Ook live werd die gevarieerde aanpak beklemtoond. De groep - intussen uitgebreid met een backing vocaliste (had een maagdelijk wit kleedje aan) - trok meteen de aandacht met de bezwerende rocker “Three sisters” uit de recentste cd. Even gepassioneerd en gedreven klonk “The letter” om dan de eerste herkenbare tunes te spelen van het opbouwende “Calliope”.
In het eerste contact met z’n publiek excuseerde frontnam Andrews zich. Een hese, krakende stem en keelproblemen …. Maar geen nood, vanuit het publiek kreeg hij onmiddellijk een pint om de keel te smeren, wat hij in dank aanvaardde. Het ijs was doorbroken om het publiek in de rest van de set te betrekken.
Door Andrews intense pianospel en z’n licht klaaglijke zang was de factor gevoeligheid hoog op de indringende, sfeervolle songs “It hits deep”, “Pan” en “The house she lived in”. De dreigende emotie zetten ze met bezieling verder in pittige en frisse versies van “Advice for the young mothers to be” en “Jesus for the jugular”, net de twee meesterlijke songs van de ‘Nux Vomica’ plaat.
Ondanks de doordachte aanpak van hun nummers gaf de nonchalance waarmee Andrews sukkelde met z’n microfoon en om z’n gitaar in te pluggen, het geheel wat spontane charme. Op de afsluitende song “Larkspur” kwamen ze zelfs aardig in de buurt van de bezwerende spanning en dreiging van Woven Hand. Ze leverden knap werk af om de acht minuten sfeerschepping (surplus Andrews declamerende zangstijl deze keer) van op de plaat live te brengen.
Na een klein uur was het muzikale avontuur bijna over, maar dit was de buiten de waard gerekend dat Andrews, naast een obligate bis, waar we het sobere “Scarecrow” en de spannende rootsrockende “Nux Vomica” hoorden, begon aan een soloperformance. Hij liet de keuze aan de fans. Hij was eerder verbaasd dat nummers gevraagd werden van het debuut, maar in de onderhandelingsronde kwam het tot één nummer van elke plaat, waaronder we een prachtversie van “Livinia” en “Sun gangs”, de titelsong van de recente plaat noteerden. Het onderstreepte de vriendelijke uitstraling van de man, die meteen ook aantoonde hoe z’n songs tot stand kwamen.

The Veils slaagden er moeiteloos hun publiek te laten meeslepen in hun indringende americana/roots/poprock en toonden nogmaals aan dat ze er live staan … U bent gewaarschuwd om hen zeker eens aan het werk te zien … Met een knipoog van één van hun dierbaarste fans van de site, die goedgemutst op hen neerkeek …

Support was multi-instrumentalist Richard Swift, die op tournee is met een full band; z’n spaarzame lofi pop/elektronica kreeg hiermee wat meer armslag. Hij stoeide maar al te graag met z’n stem, die op de afsluitende song door de reverbs het sterkst tot z’n recht kwam.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Luna Twist

Luna Twist – Her(be)leving van een hoofdstuk uit de Belpopgeschiedenis

Geschreven door

In het kader van deze verslaggeving is een terugkeer in de tijd op zijn plaats. We schrijven zaterdagavond 8 april 1978. In een overvolle Beursschouwburg wordt ‘Once More’ tot winnaar van de eerste editie van de Humo’s Rock Rally uitgeroepen en gaf daarbij onder meer De Kreuners het nakijken. Spilfiguren zijn de uit Ieper afkomstige Alain Tant (zang) en Filip Moortgat (gitaar, basgitaar en achtergrondzang). Vooral de aanwezigheid, de zangkwaliteit en de sterkte van de composities van Alain Tant wogen sterk door in het juryrapport.
Na drie punkgeoriënteerde singles te hebben uitgebracht, voerden Tant en Moortgat als duo een koerswijziging door en gingen op zoek naar versterking. Deze werd gevonden in Gent in de persoon van Dirk Blancha(e)rt (gitaar, synthesizer, keyboards en percussie) en Dirk Vangansbeke (drums en percussie). Eén enkel album ‘Stress Conference’ (1980) was het resultaat van deze samenwerking onder de noemer ‘Once More’. Hierna werd de groepsnaam immers omgevormd tot ‘Luna Twist’ en kwam muzikaal de nadruk meer te liggen op een melodieuze mix van pop en rock die verweven werd met dance en wave.

Ondanks boordevol potentie bleek ook deze formatie geen lang leven beschoren. Problemen met de platenfirma, een gebrek aan professionaliteit en weinig of geen oog voor een gedegen financiële opvolging leidden tot tal van meningsverschillen en zorgden ervoor dat reeds in 1983 Luna Twist ophield te bestaan en de groepsleden besloten elk hun eigen weg te gaan. Alain Tant bracht nadien nog twee singles uit maar was vooral actief als gastzanger bij diverse nationale en internationale artiesten, Filip Moortgat speelde vooral in de begeleidingsgroep van Jo Lemaire en  Dirk Vangansbeke leverde onder meer drumwerk bij K13 en Kevin Ayers. Enkel Dirk Blanchart bouwde een min of meer succesvolle solocarrière uit.
Tot de erfenis van Luna Twist behoren zowat 300 concerten (waaronder het voorprogramma van Roxy Music in Vorst Nationaal), enkele hoogstaande en hitgevoelige singles als “Look Out (You’re Falling In Love Again)” en vooral “African Time”, alsook één enkel album, het alom bejubelde ‘A Different Smell From The Same Perfume’ (1982). Het was weliswaar ruimschoots voldoende voor een belangrijk hoofdstuk in de Belgische muziekgeschiedenis maar tegelijk ook een vat vol gemiste kansen om internationaal volledig door te breken.
Enkele jaren geleden zagen we tijdens een concert van Dirk Blanchart nog Alain Tant een geslaagde gastrol opnemen en daarbij enkele nummers van Luna Twist te vertolken. Wat velen hoopten maar niet onmiddellijk voor realiteit aanzagen, bleek toen niet minder dan een repetitie te zijn voor wat in de loop van 2008 als bericht de wereld werd ingestuurd: 25 jaar na de split zouden de originele groepsleden opnieuw samen op enkele podia te zien en te horen zijn, daarbij aangevuld door twee jonge muzikanten Senne Guns (synthesizer) en Laurens Billiet (drums) (ter vervanging van Dirk Vangansbeke die in 1999 omkwam in een auto-ongeval).

Na onder meer geslaagde passages vorig jaar op de Muzikale Dinsdagen te Ieper en in de Gentse Handelsbeurs was in dat kader de groep afgelopen zaterdag te gast in het ontmoetingscentrum De Vonke te Heule. Het betrof daarbij een exclusief clubconcert voor West-Vlaanderen.
Iets voor 21u groette Alain Tant het publiek, bestaande uit overwegend veertigers, grappend met de woorden “Hallo Werchter” en met een openingszin als “What's going on here in this modern world?” kon met “Oh Oh Oh” een reünieconcert bijna niet toepasselijker aanvatten. Meteen was duidelijk dat tijd geen vat heeft gekregen op de muziek van Luna Twist. Het klinkt nog steeds actueel en modern en mede door de strakke en stevige instrumentatie was dit alleszins erg veelbelovend voor de avond.
Alain Tant zong goed, Filip Moortgat speelde uitstekend bas, Dirk Blanchart wisselend tussen gitaar en keyboard hield alles goed in de gaten en onder controle, maar ook de twee nieuwelingen leverden voor hun erg jeugdige leeftijd een bijzonder functionele bijdrage.
”Put Yourself In My Place” kreeg een nadrukkelijk oosters klinkende intro mee en werd voorzien van extra, op tape opgenomen achtergrond zang. Bij “Bop Again” en “Spoed Van Klank” (wat Zuid-Afrikaans is voor “Snelheid Van Geluid”, aldus Tant) lag het tempo hoog en was na al die jaren van inleveren op kwaliteit geen sprake. Tijdens deze twee nummers speelde Filip Moortgat zich extra in de kijker door te slappen op zijn basgitaar. Dirk Blanchart zorgde voor een funky gitaarrif.
Ondertussen kwamen “Red Volkswagen” (onuitgegeven tot dusver) en “Decent Life”, de single die in 1982 als opvolger van “Look Out (You’re Falling In Love Again)” werd uitgebracht, aan bod. Vreemd genoeg stelde nu net deze klassieker uit de Belpop teleur. Op plaat klinkt dit bijzonder dansbaar (wat trouwens achteraf door het aanwezige publiek gecheckt en uitgeprobeerd kon worden op de fuif die aansloot op het concert te Heule) maar live werd het te terughoudend gebracht. De beats die de outtro van een ultramoderne omkadering voorzagen, konden dit gemis niet geheel goedmaken.
Het rustige “Golden Inside” kroonde zich nadien wel tot één van de hoogtepunten van de avond. Dit nummer was in 1983 niet enkel zowat het laatste wapenfeit van Luna Twist maar droeg ook de kiemen in zich van het prachtige solodebuut van Dirk Blanchart dat twee later onder de naam “Europe Blue” zou verschijnen. Nog steeds wachten fans op de release ervan op cd en wat ons betreft, mag indien overwogen wordt om de zogenaamde Rewind concerten in de AB van een vervolg te voorzien, zeker een uitnodiging aan Blanchart gestuurd worden.

Wat daarna volgde in de set, was jammer genoeg niet allemaal van een even hoog niveau. “So Danceable” en “Questions” dat door het funky geluid dat Blanchart uit zijn gitaar schudde, aanleunde bij pakweg The Times, waren erg goed en de nieuwe single “Backbeat” swingde lekker. Maar “Gently The Day”, een van eigen tekst voorziene bewerking van het instrumentale thema uit ‘The Persuaders’, gecomponeerd door John Barry en die Tant een oude snoeper noemt omwille van het feit dat niet Serge Gainsbourg maar wel hij als eerste met Jane Birkin gehuwd was, klonk te mat. Hetzelfde gold voor “Life During Wartime”, een cover van Talking Heads.
Naarmate het concert vorderde, leek Alain Tant het almaar moeilijker te krijgen. Tussen de nummers door werd gepuft en gezucht en hij hield angstvallend de tekstbladen en de bindteksten in de gaten. Ook slaagde hij er naar het einde toe niet altijd in om de toonvastheid te bewaren. Als excuus kon ingeroepen worden dat alle instrumenten de gehele avond véél te luid afgesteld stonden maar we konden ons niet van de indruk ontdoen dat het gewoon niet helemaal zijn avond was. Ook Dirk Blanchart alludeerde hierop. Toen Alain Tant vroeg te bevestigen dat ze de cover van Talking Heads slechts eenmaal gerepeteerd hadden, knikte Blanchart bevestigend maar voegde daar humoristisch klinkend maar snedig bedoeld aan toe dat Alain Tant al de gehele avond klonk alsof hij alle nummers nog maar eenmaal gerepeteerd had.
Het onverwoestbare “African Time” krikte gelukkig de set weer op en kreeg een uitgesponnen, ritmische en van extra percussie voorziene uitvoering mee. Alain Tant etaleerde opnieuw waarom hij bekend staat als een podiumbeest en dit sloeg aan bij het publiek dat – eindelijk – de remmen wat losliet. “African Time” had dé afsluiter moeten zijn. Nu werd het publiek nog getrakteerd op twee matige bissen. “Madame Soleil”, een nieuw nummer, was behept met een te vluchtig refrein en slappe tekst en “Heroes” miste iedere punch van het origineel van Bowie omdat de groep daarbij niet het niveau van een modaal coverbandje oversteeg. Ook hier was vooral de stem van Alain Tant niet goed te noemen en de frontman was er zich van bewust, getuige de verschrikte blik richting Blanchart en Moortgat. Een afsluitende cover die niet zal herinnerd worden als een van de beste ooit.

Hetzelfde kan gezegd worden van het concert te Heule. Het was een erg aangenaam weerzien met een van de pioniers uit de jaren ’80 maar de prestatie die ze neerzetten zaterdag was deels schitterend deels matig. De mindere momenten waren vooral terug te vinden bij de covers en de nieuwe nummers zodat de kwaliteit van het oudere werk ook na een kwarteeuw onaangetast kan genoemd worden. En daar gaat het vooral om bij reünies, niet?

Setlist:
Oh Oh Oh, P
ut Yourself In My Place, Red Volkswagen , Decent Life, Bop Again, Spoed van Klank, Look Out (You’re Falling In Love Again), Golden Inside, Gently The Day Theme From The Persuaders (John Barry; tekst dB), So Danceable, Questions, Life During Wartime, Backbeat, African Time
Madame Soleil , Heroes

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: OC De Vonke Heule, Cultuurcentrum en Baker Street, Kortrijk


Les Nuits Botanique 2009: optreden van Hugh Coltman, Grace en Charlie Winston

Geschreven door

Deze avond in de Chapiteau was voorzien voor enkele beloftevolle singer/songwriters, die met een band op tour zijn en hun songs op die manier een breder en voller geluid geven. Een programmatie die van start ging met de variéty swingpop van Coltman, gevolgd werd door de zomerse cocktailpop van de Franse Grace en met de charismatische Charlie Winston de kers op taart vormde door een aanstekelijke, stomende, opwindende set.

De Brit Hugh Coltman verhuisde naar Parijs toen z’n band The Hoax werd opgedoekt. Hij kon al een aardig mondje Frans spreken tussen de nummers. Hij is op tour om z’n solodebuut ‘Stories from a safe house’ kracht bij te zetten: doorleefde singer/songwriterpop en broeierige rootsrock door Hammond toetsen. De stemming zat er alvast goed in bij deze sound, wat hem ertoe de bracht de songs te laten uitdeinen in enkele ‘OohOohs’ en handclics zoals op Roxy Music’s “Jealous Guy”. Het gaf z’n swingende variétypop zeggingskracht.

De Franse zangeres en wereldburger Grace brengt een boodschap van verdraagzaamheid en hoop. Zij brengt net als de Frans/Israëlische songschrijfster Yael Naim en de Duits/Nigeriaanse zangeres Nneka een afwisseling van heerlijk dromerige, ontroerende pop en een bruisende mix van soul, folk, afro en flamenco, gedragen door haar heldere, warme en indringende stem. Ook het publiek was duidelijk gewonnen voor deze gevarieerde aanpak. Op het eind wist zij vele hartjes te winnen met een prachtig innemend, gevoelig nummer. Aanstekelijke, groovy, heupwiegende pop, dat ideaal tot z’n recht komt op een ‘midnight summer dream’ (Btw het nummer van The Stranglers dat we tijdens de pauze door de boxen hoorden ) …

De Britse songschrijver Charlie Winston heeft met “Like a hobo” van z’n tweede plaat ‘Hobo’(op het Real World label van Peter Gabriel) al een aardige hit op zak. In de anderhalf uur durende set palmde hij als muzikant en als performer probleemloos de ganse Chapiteau in. We zagen een dampend, stomend concert van deze verbijsterende, lieve songschrijver. Een groots artiest in wording die ergens het midden houdt van Ben Folds, Ben Harper, G Love, Andrew Dorff en Soul Coughing. Z’n innemende pop gaf hij live een fikse injectie, gedragen door z’n fluwelen, gouden stem.
Hij dompelde ons onder in een eigentijdse ‘50’s revival met z’n danspasjes en met ‘z’n look’ (ondervestje, hemd, das en hoed); hij leek wel de reïncarnatie van Gene Kelly – ‘Singing in the rain’. ”I’m a man”, “Generation spent”, “Kick the bucket”, “My life as a duck” en de single “Like a hobo” waren live wereldsongs. Ook het innemende “Gone gone” en “Boxes” en de sfeervolle aanpak van “Tongue tied” en “My name”, solo als met groep, wisten te beklijven.
Charlie Winston is een ‘do-it-zelfer’, een man van alle kunstjes, die stoeide op z’n piano en z’n akoestische gitaar, z’n stem in alle bochten wrong en kon beatboxen. Telkens kon hij rekenen op een puik onthaal. Er was het laatste jaar veel veranderd in z’n leven, zei hij. Terecht, want de man is een groot performer en muzikant geworden!
In de bis hoorden we eerst het intieme, broze “Every step”, een song die het publiek op de knieën dwong, en hij spatte uit met een leuke versie van “I love your smile”, dat door de dubbele percussie en het bedreven pianospel van de man opbouwend en opzwepend klonk; het neuriën van de obligate ‘OohOohs’ en de gekke danspasjes gaven het geheel elan. En de eerste rijen kregen afkoeling met plastic flesjes water…
Charlie Winston was een personaliteit met een grote P. Hij gaat een grootse carrière tegemoet, wat hem na vanavond van harte gegund is… Wat een doorbraak!

Neem gerust een kijkje naar de live pics onder live foto’s

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2009)

Les Nuits Botanique 2009: Cali “nu”, Mathieu Boogaerts, Karin Clercq

Geschreven door

De Franse zanger Bruno Cali, uit Perpignan met Catalaanse roots, is in Vlaanderen een nobele onbekende, maar de man is een echte rockster in Frankrijk en Wallonië. Franse aanstekelijke rock met een sectie blazers afgewisseld met enkele intieme songs. Cali was een podiumbeest en groots entertainer …Terecht dat hij binnen Les Nuits Bota niet vergeten werd.

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv les Nuits Botanique 2009)

Les Nuits Botanique 2009: Phosphorescent, Andrew Bird en Laura Marling

Geschreven door

We dachten aan een avondje easy listening americana met deze programmatie in een goed volgelopen KC, maar dat was dan even buiten de NY se muzikale duizendpoot Matthew Houck van Phosphorescent gerekend. De man onderneemt een handvol concerten in ons landje en sloot de Belgische tour af in het KC. Op plaat horen we een etherische sound met z’n prachtzang en hemels prevelende klaagzangen, radeloze kreten en ijle schreeuwen, geënt op ontroering, weemoed en melancholie. Een beetje in de lijn van Midlake, Iron & Wine, Will Odham en de lofi van Mountain Goats.
Maar Houck gaf z’n songs een verfrissende injectie door de onlangs verschenen ode aan countryicoon Willie Nelson, ‘To Willie’. Net als Bonnie Prince Billy, liet Houck een bredere en krachtiger aanpak horen. Inderdaad van Phosphorescent mag je altijd wel ‘iets anders’ verwachten. Een ‘new style countryrock’ dunkt me … Hij trad op met een goed op elkaar ingespeelde band, mannen met houthakkershemden, die de rootsrock stevig doordrukten in het ingetogen “A pictuere of our torn up raise”, van de ‘Pride’ cd, met snedige gitaarpartijen, een opzwepende drums en kleurrijke toetsen. In een ware Young & Crazy Horse stijl gingen ze te werk, kijkend naar elkaar en genietend van de klanken van hun instrumenten. Op meesterlijke wijze sponnen ze de song uit … Ook “At death, a proclamation”, “Wolves” en de paar ‘unknown’ tracks, die ze tijdens deze tournee eigenlijk nog inoefenden, waren directer en werden op dezelfde intens bezielde wijze gespeeld. Ze staken er dus duidelijk vaart in op het sfeervolle materiaal van de cd. Op die manier beantwoordden ze aan de tribute ‘To Willie’, waarvan we het snedige “Reasons to quit” en het gevoelig opbouwende “It’s not supposed to be that way” te horen kregen.
De melancholie klonk meer door in het dromerige “I’m a full grown man (I will lie in the grass all day)” en het afsluitende “How far we all come away”.
In een paar nummers liet Houck z’n gitaar links liggen en wandelde als een echte predikant met veel gebaren over het podium, om het publiek in z’n catchy countryrock onder te dompelen. Een bewijs te meer hoe sterk en doordacht Houck en z’n de band zich konden in- en uitleven.
We waanden ons in een ‘Lucky Luke’ decor, aan de saloonbar, met De Daltons achter de hoek. Spijtig genoeg kreeg hij te weinig tijd om z’n songs verder uit te diepen, want dit smaakte overduidelijk naar meer, veel meer zelfs …achterna gezien …

De uit Chicago afkomstige singer/songwriter en violist Andrew Bird is al een tiental jaar bezig en balanceert ergens tussen pop, rock, folk, soul, retroswing en gypsy. Hij geeft z’n nummers vorm door begeesterende vioolpartijen, een innemend gitaarspel en loopinstruments. Een ‘self made artist’ in een ‘Duyster’ concept. De charismatische zanger kan probleemloos van het ene naar het andere instrument overstappen, beschikt over een licht neurotische, zweverige stem, ergens tussen Jim James (My Morning Jacket), Rufus Wainwright en Jeff Buckley, en houdt er een deftige fluittoon op na. Momenteel is hij op tournee met een full band om de nieuwe plaat ‘Noble beast’ te ondersteunen.
In een bijna twee uur durende set zagen en hoorden we de meesterlijke vingeroefeningen van Birds speelse experimentjes en soli met de (spaarzame) begeleiding van z’n band. Zoals op “Masterswarm”, “Opposite day”, “Natural disaster” en “Nervous ticket”. De keuze viel ook op enkele broeierige, snedige rockers als “Effigy”, ”Fitz & Dizzyspells” en “Anonanimal” (met sax!), wat een voller en gestroomlijnd geheel bood. Deze nummers waren een aangename en welgekomen afwisseling binnen de overwegend sfeervolle songs, die op den duur wat saai en doordrammend klonken, ondanks de veelheid aan geluidjes en kunstjes die Bird kon toveren door z’n fingerticks op viool en gitaar en in z’n vocals. Leuk was alvast toen hij de Franse en Engelse taal mengde.
Hij verscherpte de aandacht in de bis met het indringende “Why”, een staaltje multi-instrumentalisme. Met een knipoog naar de folk en gypsy. En op “Sovay” bracht hij support Marling on stage voor de backing vocals, maar spijtig genoeg kwam dit maar onbeduidend door.
Bird: opmerkelijk artiest, uitgebreide catalogus, maar verzoop nét iets teveel in sfeervolle composities …

Laura Marling was mee op tour met Andrew Bird en opende de avond. Ingetogen innemende folkcountry op akoestische gitaar, spaarzaam begeleid door een violiste, en gedragen door haar emotievolle stem. Ze kon alvast rekenen op een aandachtig publiek en een warm onthaal.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2009)

Les Nuits Botanique 2009: Andrew Bird, Phosphorescent en Laura Marling

Geschreven door

De uit Chicago afkomstige singer/songwriter en violist Andrew Bird is al een tiental jaar bezig en balanceert ergens tussen pop, rock, folk, soul, retroswing en gypsy. Hij geeft z’n nummers vorm door begeesterende vioolpartijen, een innemend gitaarspel en loopinstruments. Een ‘self made artist’ in een ‘Duyster’ concept. De charismatische zanger kan probleemloos van het ene naar het andere instrument overstappen, beschikt over een licht neurotische, zweverige stem, ergens tussen Jim James (My Morning Jacket), Rufus Wainwright en Jeff Buckley, en houdt er een deftige fluittoon op na. Momenteel is hij op tournee met een full band om de nieuwe plaat ‘Noble beast’ te ondersteunen.
In een bijna twee uur durende set zagen en hoorden we de meesterlijke vingeroefeningen van Birds speelse experimentjes en soli met de (spaarzame) begeleiding van z’n band. Zoals op “Masterswarm”, “Opposite day”, “Natural disaster” en “Nervous ticket”. De keuze viel ook op enkele broeierige, snedige rockers als “Effigy”, ”Fitz & Dizzyspells” en “Anonanimal” (met sax!), wat een voller en gestroomlijnd geheel bood. Deze nummers waren een aangename en welgekomen afwisseling binnen de overwegend sfeervolle songs, die op den duur wat saai en doordrammend klonken, ondanks de veelheid aan geluidjes en kunstjes die Bird kon toveren door z’n fingerticks op viool en gitaar en in z’n vocals. Leuk was alvast toen hij de Franse en Engelse taal mengde.
Hij verscherpte de aandacht in de bis met het indringende “Why”, een staaltje multi-instrumentalisme. Met een knipoog naar de folk en gypsy. En op “Sovay” bracht hij support Marling on stage voor de backing vocals, maar spijtig genoeg kwam dit maar onbeduidend door.
Bird: opmerkelijk artiest, uitgebreide catalogus, maar verzoop nét iets teveel in sfeervolle composities …

Laura Marling was mee op tour met Andrew Bird en opende de avond. Ingetogen innemende folkcountry op akoestische gitaar, spaarzaam begeleid door een violiste, en gedragen door haar emotievolle stem. Ze kon alvast rekenen op een aandachtig publiek en een warm onthaal.

Als je verder dacht aan een avondje easy listening americana met deze programmatie in een goed volgelopen KC, was dit eventjes buiten de NY se muzikale duizendpoot Matthew Houck van Phosphorescent gerekend. De man onderneemt een handvol concerten in ons landje en sloot de Belgische tour af in het KC. Op plaat horen we een etherische sound met z’n prachtzang en hemels prevelende klaagzangen, radeloze kreten en ijle schreeuwen, geënt op ontroering, weemoed en melancholie. Een beetje in de lijn van Midlake, Iron & Wine, Will Odham en de lofi van Mountain Goats.
Maar Houck gaf z’n songs een verfrissende injectie door de onlangs verschenen ode aan countryicoon Willie Nelson, ‘To Willie’. Net als Bonnie Prince Billy, liet Houck een bredere en krachtiger aanpak horen. Inderdaad van Phosphorescent mag je altijd wel ‘iets anders’ verwachten. Een ‘new style countryrock’ dunkt me … Hij trad op met een goed op elkaar ingespeelde band, mannen met houthakkershemden, die de rootsrock stevig doordrukten in het ingetogen “A pictuere of our torn up raise”, van de ‘Pride’ cd, met snedige gitaarpartijen, een opzwepende drums en kleurrijke toetsen. In een ware Young & Crazy Horse stijl gingen ze te werk, kijkend naar elkaar en genietend van de klanken van hun instrumenten. Op meesterlijke wijze sponnen ze de song uit … Ook “At death, a proclamation”, “Wolves” en de paar ‘unknown’ tracks, die ze tijdens deze tournee eigenlijk nog inoefenden, waren directer en werden op dezelfde intens bezielde wijze gespeeld. Ze staken er dus duidelijk vaart in op het sfeervolle materiaal van de cd. Op die manier beantwoordden ze aan de tribute ‘To Willie’, waarvan we het snedige “Reasons to quit” en het gevoelig opbouwende “It’s not supposed to be that way” te horen kregen.
De melancholie klonk meer door in het dromerige “I’m a full grown man (I will lie in the grass all day)” en het afsluitende “How far we all come away”.
In een paar nummers liet Houck z’n gitaar links liggen en wandelde als een echte predikant met veel gebaren over het podium, om het publiek in z’n catchy countryrock onder te dompelen. Een bewijs te meer hoe sterk en doordacht Houck en z’n de band zich konden in- en uitleven.
We waanden ons in een ‘Lucky Luke’ decor, aan de saloonbar, met De Daltons achter de hoek. Spijtig genoeg kreeg hij te weinig tijd om z’n songs verder uit te diepen, want dit smaakte overduidelijk naar meer, veel meer zelfs …achterna gezien …

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2009)

 

Beyoncé

Beyoncé: ‘I Am … Yours’!

Geschreven door

Voor de tweede maal in evenveel jaar mocht het Antwerpse Sportpaleis zich opmaken voor de komt van dé R&B-zangeres van de laatste tien jaar Beyoncé. Beyoncé Knowles was eerst nog lid van de band Destiny’s Child en nu, sinds ruim vier jaar, treedt ze op de voorgrond als solozangeres. In 2007 was ze te bewonderen in het kader van haar ‘Beyoné Experience’ tournee, ditmaal waren de verwachtingen hoog gespannen voor de ‘I Am… Tour’ … Een zangeres die op korte tijd al een grote indruk heeft nagelaten op de internationale muziekwereld. Getuige daarvan is haar derde solo-album ‘I Am… Sasha Fierce’, dat eind vorig jaar op de markt werd gedropt en waarvan al drie singles de hitlijsten haalden.

Al ruim vijf uur vóór de start van het concert kampeerden de echte fans voor de toen nog gesloten deuren van het Antwerps Sportpaleis. Eenmaal de zaal goed volgelopen was, kon je er niet omheen. Hier gaat het vanavond gebeuren. Een toen al uitzinnig publiek startte de ‘Wave’ en ettelijke keren rolde de naam ‘Beyoncé’ al van de tribune. Nadat we o.a. Robin S, The Black Eyed Peas en andere ophitsende dance- nummers hoorden passeren in het voorprogramma was het even na negenen zover.
Met “Crazy in love” uit haar debuutalbum als opener was de toon gezet. Miss Knowles was geflankeerd door een volledig vrouwelijke band, een handvol mannelijke dansers en drie opvallende backingvocalistes, die zorgden voor een verademing in het Sportpaleis. Het werd een gedoseerde set waarbij intieme momenten afgewisseld werden met uitbundige; ook werd met regelmaat eens teruggegrepen naar flarden vroegere successen met Destiny’s Child.
We kregen een show waarbij het visuele het op punten net niet haalde van het muzikale. Dat plaatste het zangtalent van de dame in het middelpunt!
Een reusachtig scherm dat voor de gelegenheid werd opgehangen, bracht een mengeling van live-fragmenten, video’s en andere bijhorende animatie. Zo was het raden naar de politieke voorkeur van Beyoncé ook snel over toen Barak Obama op het grote scherm verscheen. We mochten ons niet al te lang vergapen aan dat grote scherm want de heldin van de avond volgen was geen lachertje. Zeker niet toen ze tot in de nok van het gebouw werd gehesen. Als een echte engel vloog ze door de zaal om daarna op een middenpodium terug voet aan grond te krijgen. Om maar nog eens in de verf te zetten wie er eigenlijk in het middelpunt van de belangstelling stond.
Enig minpunt waar we op voorhand voor vreesden is de muzikale opvulling die we moesten ondergaan tijdens de meerdere kledijwissels. Een gitaar- of saxofoonsolo was niet mis, alleen jammer dat het tempo dan uit het optreden ermee daalde. De tel zijn we kwijtgeraakt maar naar schatting een tiental tenues kregen we zien. Stuk voor stuk prachtige creaties.

Na bijna twee uur eindigde de show zoals hij begon … op de tonen van “Single Ladies” ging de zaal terug uit z’n dak en dat gold ook bij het enige bisnummer “Helo”. Nog nooit werd zo’n grote diefstal gebeurd in het Antwerpse Sportpaleis. Duizenden harten werden gestolen door één vrouw. I’ Am … Yours!

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: Greenhouse Talent

Les Nuits Botanique 2009: Jane Birkin en Chat

Geschreven door

Jane Birkin is een bezig bijtje binnen de pop, cabaret en filmwereld; ze i s en bétekent veel meer dan die one hit classic “Je t’aime moi non plus” met Serge Gainsbourg. Ze heeft al een aardige carrière achter de rug en houdt de muzikale familie traditie hoog met haar dochter Charlotte, die een paar jaar terug een schitterende plaat afleverde.
Onlangs was haar concert in Théâtre Sébastopol te Lille geannuleerd, maar we kregen een herkansing tijdens Les Nuits Botanique.

Zie de pics van onze fotograaf onder live foto’s.
 
Organisatie: Botanique, Brussel (ikv les Nuits Botanique 2009)

Les Nuits Botanique 2009: alle zalen

Geschreven door

De pittoreske Botanique werd deze avond omgedoopt tot een mini Polsslag van te ontdekken bandjes in de Chapiteau (tent), de Orangerie en de Rotonde. Hier kon je doelbewuste keuzes maken of van elke groep een glimp opvangen. De balans ...

In de Orangerie opende het beloftevolle Dear Reader, vergewis u niet met Dear Leader van Aaron Perrino, gecentraliseerd rond de lieftallige, charismatische zangeres Cherilyn Mac Neil. Ze is afkomstig uit Johannesburg en maakt deel van de nieuwe lichting neofolk, waarvan we Priscilla Ahn, Angus & Julia Stone, Jessica Lea Mayfield, Jana Hunter, Mariee Sioux en Alela Diane voor ogen hebben. Haar dromerige pop van het debuut ‘Replace with funny’, werden sober en spaarzaam begeleid door akoestische gitaar en piano of waren kleurrijker en voller door de 4 groepsleden op viool, toetsen, trompet en akoestisch gitaren. Hartverwarmende pop van haar onschuldige neofolky songs …

Over naar The Phantom Band in de Rotonde …Het volk had zich rustig neergevleid op de vloer en de trappen om zich te laten meeslepen in hun goed opgebouwde en intens broeierige composities. Bezwerende Pop met een tikje postrock, rootsrock en groove. Hun doorbraak ‘Checkmate savage’ klinkt veelzijdig en gevarieerd; die muzikale invloeden hoorden we duidelijk door in de paar songs die we konden beluisteren van deze Schotse band.

Official Secrets Act (Chapiteau) speelde een bruisende cocktail van frisse, sprankelende arty ‘80’s electro, retrorock en psychedelica, wat aanstekelijk inwerkte op de dansspieren. Ze situeerden zich ergens tussen Arcade Fire, Los Campesinos, CYHSY (de neuzelende zweverig hoge stem van de zanger) en de ‘80’s van Dead or Alive en Adam Ant (kleefbandjes aan hun kaken en armen). Een stevig freakende gig van deze jonge snaken uit Londen, die enthousiast, speels en toch doordacht te werk gingen.

Nog even snel kijken naar de Britse dandys Art Brut in de Orangerie. Melodieus uptempo springerige indierock met een rauw punkrandje, die net onder de limit kwam van bands als Maxïmo Park, Good Shoes en The Cribs. Een 12 in een dozijn bandje, maar eentje die een aardig en levendig setje afleverde in een zegzangstijl van Gregg Graffin van Bad Religion…

Austin Lace zijn één van de Franstalige lievelingen in de Bota. Een volle Rotonde palmden ze moeiteloos in met hun fris rockende swingpop. Het jeugdig enthousiasme droop er van af van dit bandje, die hun eenvoudige, golvende melodieën kruidden met elektronica. Naast de handvol toffe songs als “Come on”, “Katz”, “Kill the bee” en “Better tell” kwam dit nog het best naar voor in Hot Chip’s “Over and over again”. De act middenin de set met een soort leuk Halloweenmasker namen we er graag bij …

Een volgelopen Chapiteau keek uit naar het Canadese Metric. Ze zijn al toe aan hun vierde cd ‘Fantaisies’ en forceerden een Europese doorbraak met de single “Help I’m alive” (de ultieme single die nog ontbreekt op het palmares van The Breeders). Het kwartet gaat duidelijk breder dan de zusjes Deal, want hun snedige, sprankelende poprock wordt aangenaam vermengd met electro, onder de zoete, scherpe, soms gillende vocals van Emily Haines, wat de groep aardig in de buurt bracht van Yeah Yeah Yeahs en het onvolprezen Veruca Salt. Op het podium zagen we een dynamisch band spelen en een diva-spring-in-‘t-veld in glitterpak.
Opener “Twilight galaxy” creëerde een broeierige spanning met ‘80’s wave explosies, ze rockten op “Help I’m alive”,  “Satellite mind” en "Gimme Sympathy" en pure dancerock hoorden we op “Dead disco” en “Monster Hospital”, waarin een Clash riff en - refrein “I fought the law” verstopt zat. Apotheose vormde de felle afsluiter “Stadium glove”, een all style combination! Kortom, Metric heeft alle troeven in handen om aan te slaan.

Het blijft nagelbijtend afwachten op die nieuwe release van de derde Das Pop plaat. Het moet zowat de meest lang verwachte plaat zijn die in ons landje zal worden uitgebracht. Het was eerst voorzien op 20 april, maar de Britse platendeal met een sublabel van Sony werd verbroken.
Kijk, ondanks het gebrekkige Frans waarmee frontman Bent Van Looy ons om de oren slingerde, liet het Gentse kwartet Das Pop het in de Chapiteau niet aan hun hart komen en speelde een gretig setje. Ze trokken de kaart van energieke, stevige, (rauwe) dansrock met songs als “Fool for love”, “Saturday night”, “Underground” (huidige single ) en oudje “You”. De meeste singles van de twee vorige platen (‘I Love Das Pop’ en ‘The human thing’) “Electronica for lovers”, “The one”, “The love program”, “Turn” en “Telephone love” bleven mooi verpakt in de koelkast. De subtiele, prettig in het gehoor liggende pop met een jaren ‘60’s Beatlesque inslag en kitsch hoorden we op de emotievolle luistersongs “I feel good” en “Girl be a man”. “I never get enough” en “Good year” besloten een aardige en goed aanslaande gig. We zijn uiterst benieuwd wanneer de nieuwe plaat nu zal verschijnen. Een tipje van de sluier kregen we alvast te horen …

Tussendoor hebben we getracht nog iets mee te pikken van de kleurrijke psychedelica pop van het Deense The Asteroids Galaxy Tour en het Amerikaanse duo Au, die avontuurlijk te werk gingen op hun pittige elektronica rock.

Deze Bota programmatie was er één van ‘proevertjes’, waar je enkele troeven kon uithalen in je route. The Phantom Band, Officail Secrets Act , Austin Lace, Metric en Das Pop vormden alvast een fijne muzikale ontmoeting op onze tocht …

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto’s

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2009)

Les Nuits Botanique 2009: de apocalyps van Wovenhand en Grails

Geschreven door

Woven Hand is het muzikale project van songwriter en religieus predikant Dave Eugene Edwards. Het rockende country/americana avontuur van 16 Horsepower liep na ‘Folklore’ in 2002 spaak; Edwards zocht een nieuwe horizont op en dompelde z’n muziek meer onder in mystiek en een onheilspellende sfeer. Melodramatisch beklijvende songs die door het doorsijpelen van folk, gothic en de Amerikaanse Zuiderse religie en gospel en z’n declamerende voordrachten een spannende dreiging kregen en hem uit de vicieuze cirkel brachten van de americana/countryrock. Een meeslepend, duister, soms duivels geluid, dat het gevoel prikkelde en hekelde en nauw verwant was aan een Cave’s Bad Seeds en Gira’s Swans van in de jaren ’90.

De groep begon z’n adembenemende trip met enkele stevige versies van “Heart & soul”, “White bird”, “Beautiful axe” en “Not one stone” door het snedige gitaarspel en – getokkel, de diepe, soms ronkende bastune en de bezwerende, opzwepende drumpartijen. In het eerste deel van de set overweldigden de ‘birds’ thema’s van schuld, boete, hemel, hel en verdoemenis door een loeiharde sound! Aan de PA werden alle schuivers - of  in Woven Hand’s termen de hemelsluizen - opengezet … Deze repetitief opbouwende songs klonken huiveringwekkend en weergaloos. Krachtige uitspattingen van emotie en onderhuidse spanning.
De vaart nam daaropvolgend wat af, “Tin fingers”, “Cohawkin road” en “Speaking hands” hadden een meer intense, sfeervolle opbouw, enkele venijnige explosies niet links gelaten. “My Russia” leek door het uitgesponnen karakter, de bezwerende psychedelica opbouw en Edwards’s zegzang, een herbewerking van The Doors “This is the end”. Een moment van dwingende rust ervaarden we van het innemende en solo gebrachte “Whistling girl” uit ‘Mosaic’. Om kippenvel van te krijgen!
Na deze homilie in het KC kon het trio er terug vol overgave forser tegen aan met pittiger materiaal als “Kingdom of ice” en “Winter shaker”. Bijna gospelachtige kerkmuziek van ‘hallelujah’s’ die een apocalyptisch geheel vormden onder die hypnotiserende vocals van Edwards . “Horse tail”, bepaald door de gitaar- , basslides en een doffe percussie, mocht na iets meer dan uur het concert overtuigend besluiten, ondanks het feit dat we grift moeten toegeven dat het geluid soms te luid stond. Maar de pleister op de wonde was net dat het Woven Hand terug wat meer aansluiting liet verkrijgen met de  aanpak van het oude rockende 16 Horsepower.

Grails was een perfecte support voor Woven Hand . Het Amerikaanse zestal beschikte over twee drums, en gaf hun postrock een doomy en psychedelica sfeertje, ergens tussen Earth, Motorpsycho, Trail of Dead, SunnO))) en Pink Floyd. Trouwens, de geluidstechneuten van Sunn O))) en Faust zaten zelfs achter de knoppen van de recentste cd’s.
Een geheel van rock, dubs, dreigende soundscapes, diepe drones, wah wah pedaaleffects, psychedelische elektronicagolven, noisestormen en varianten van krachtige en spaarzame stukken. Een geweldige filmische trip van Woven Hand’s apocalyps, een aantrekken en afstoten van onheil, zwaarmoedigheid, onrust, dreiging en rust, gevoel en lieflijke zachtheid …

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2009)

Les NUits Botanique 2009: Beirut en Mina Tindle

Geschreven door

In het kader van de 25ste verjaardag van Les Nuits Botanique stond Beirut op woensdag 6 mei op de planken van het Koninklijk Circus. De verwachtingen waren hooggespannen, en Zach Condon, de frontman en brein achter de groep, had nog iets goed te maken. Hij zegde vorig jaar zijn Europese tournee af door oververmoeidheid.

De set begon met een stevig openingsnummer. “The Shrew” is tevens ook het lievelingslied van Zach Condon. Hij blies bijna de longen uit zijn lijf op zijn trompet. “Elephant Gun” en “The Concubine” volgden elkaar in een snel tempo op. De band had er duidelijk ook plezier in. Na “The Concubine” gaf Condon zijn dankwoord, hij was duidelijk blij met de uitverkochte zaal in Brussel. Het opzwepende “Mount Wroclai” werd warm onthaald door het publiek, net zoals de verrassende cover van “Chanson” van Serge Gainsbourg. De frontman kent een aardig mondje Frans (hij woonde een tijd lang in Parijs) en kondigde dat nummer ook aan in die taal. Hij wou ook iets in het Nederlands zeggen, maar wist niet hoe.
Toen de eerste tonen van “Postcards From Italy” werden ingezet, kregen ze het hele publiek met handengeklap mee. Na een onbekend, instrumentaal nummer die ons erg deed denken aan de soundtrack van Borat merkte Condon op dat het een stil publiek was. Iets wat hij beter niet had gedaan. Telkens er een stil moment zou volgen, zou hij zinnen als “We love you” en rare schreeuwen naar het hoofd geworpen krijgen. “Scenic World” kreeg wederom het hele publiek mee. “Chebourg” en “The Akara” gingen vooraf aan zijn twee hits “A Sunday Smile” (het publiek wordt gek) en doorbraak voor de band “Nantes” (nóg gekker). Ze besloten het concert met “After The Curtain”.
De toeschouwers wouden meer, en dat kregen ze ook. “Vous avez de la chance, encore deux qui reste”, sprak Zach Condon toen hij alleen met een ukelele terug kwam op het podium en het mooie “The Penalty” inzette. Daarna werd het de voorste rijen op het podium uitgenodigd voor te dansen op “My Night with the Prostitute of Marseille”. Als laatste brachten ze opnieuw een opzwepend, instrumentaal nummer. De mensen op het podium waren op slag minder teruggetrokken dan ervoor en namen kiekjes van zichzelf met de bandleden in actie. Een overdonderend applaus van het publiek mocht niet baten voor een volgende bis.

De 6-koppige band speelde een leuke set die relatief kort was. Het duurde amper een uur en een kwartier. De band bracht ook een evenwichtige set met de meer toegankelijkere liedjes van alle platen. Accordeon, ukelele, trompet, schuiftrompet, bastuba, contrabas en een klein drumstel waren de gebruikte instrumenten. De meer Balkan, folkloristische instrumenten die op de platen vooral terugkomen neemt Beirut dus niet mee op hun tournee.
Toch was het een héél aangenaam, sfeervol concert. We kijken al uit naar Pukkelpop, waar ze opnieuw van de partij zullen zijn.

In het voorprogramma stond Mina Tindle, een Franse groep. Ze brachten enkele leuke en zomers klinkende nummers, veelal met piano en zelfs een banjo. De communicatie tussen de bandleden verliep echter niet altijd van een leien dakje…

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv les Nuits Bota) + ism Live Nation

Ensoph

Rex Mundi X-ile

Geschreven door

Ensoph is een Italiaanse band die naar eigen zeggen Goth Industrial Extreme Metal speelt. En dit willen ze bewijzen met hun album ‘Rex Mundi X-ile’. Wanneer ik naar de intro luister, merk ik al onmiddellijk dit het industrial gedeelte sterk aanwezig zal zijn. Maar dat er duidelijk meer dan dat aanwezig is, merk ik al snel bij ‘Dance High & Shine, Shiva!’. Talloze stijlen worden op een aangename manier samengesmolten tot één geheel. Ik zou het druk kunnen noemen, maar laat ik het toch houden bij het woord bombastisch. Oké, er is wel heel veel aanwezig in deze muziek, maar het is niet storend.
’Rex Mundi X-ile’ is een muzikaal avontuur doorheen industrial momenten, gothic sfeertjes en wat commercieel getinte zangstukken. Over de zang gesproken, die bestaat uit screams in combinatie met wat vrouwelijke en mannelijke cleane zang. Maar terug naar de muziek nu. Het leuke is dat je niet echt weet wat je nog te wachten staat, Ensoph is dus geen zo’n voorspelbare band. Ze hebben met ‘Rex Mundi X-ile’ een goed album afgeleverd dat toch zijn mannetje zal weten te staan in zijn genre. Maar goed, ik zal jullie luisterplezier niet verder vergallen. Ben je een liefhebber van industrial en gothic metal toestanden, dan is dit misschien wel iets voor jou.

Telepathe

Dance Mother

Geschreven door

Uit Brooklyn, NY, hebben we het jonge bandje Telepathe, waarvan de stemmenpracht en de samenzang opvalt van Melissa Livaudais en Busy Gagnes. De plaat was in productie van Dave Sitek van TV On The Radio, die de band graag liet stoeien op hun toetsen, zonder de melodie en toegankelijkheid uit het oog te verliezen. Ze bewegen zich tussen pop, dance en wave en brengen sfeervolle, dromerige elektronicapop, waarvan “In your line” en “Can’t stand it” de uitschieters zijn. We horen een krachtiger beat op “Lights go down”. Een vleugje Cocorosie is hier op z’n plaats qua speelsheid en frisheid van het materiaal en qua samenzang. ‘Dance Mother’ is een fijn, leuk tweede plaatje van dit gezelschap!

Pagina 458 van 497