Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15418 Items)

A-Ha

I’m In -single-

Geschreven door

De Noorse popband A-ha kende zijn grootste hits in 1985 en 1986, met “Take On Me”, “The Sun Always Shines On TV” en “Hunting High And Low”. Van daar ging het – inzake singleverkoop – bergaf en in 2010 splitte het trio. In 2015 was er al de comeback met het album ‘Cast In Steel’ en daar komt met het nieuwe album ‘True North’. De nieuwe release valt waarschijnlijk niet toevallig samen met een documentaire over de band.

Van dat nieuwe album ‘True north’ is “I’m In” de vooruitgeschoven single. Het hoge stemgeluid van Morten Harket herken je meteen, maar de catchyness van vroeger is ver te zoeken. Bands evolueren en we lopen niet hoog op met bands die tot in den treure doorslagjes maken van eerdere hits, maar deze trage en zeurende ballade stemt ons niet vrolijk. Ergens halfweg kantelt de song en hoor je een glimp van het muzikale talent van de Noren. De lyrics maken dat een beetje goed, maar de bezieling is niet tastbaar genoeg.
https://www.youtube.com/watch?v=qR0NN8DBcVc

Steven De Bruyn & Jasper Hautekiet

Aanhou Geraas Maak

Geschreven door

''Die naturelle speelsheid werkt aanstekelijk die lekker wiegt op de bedwelmende, groovy en brede klankentapijtjes van hun instrumenten, contrabas en mondharmonica'', schreven we over het optreden van Steven De Bruyn & Jasper Hautekiet op Gent Jazz, waar ze hun schijf 'Aanhou Geraas Maak' live kwamen voorstellen.
We vroegen ons af of die speelsheid ook op de plaat tot uiting kwam; het oorstrelende “Hajime'” bood meteen een warmhartig antwoord.
Wat een mooie instrumentatie. Hier spreekt ze voor zich trouwens in de versmelting van een groovy contrabas en een aanstekelijke mondharmonica. Wat een muzikale prikkeling en beleven.
“Fever Dream” klinkt dromerig, mooi door die warme omkadering en het speelse, improviserende karakter. Met o.m. “Speechless”, “Almost summer, “Tourette” en het afsluitende “Terra Incognita” zetten ze de lijn verder.
Het zijn twee klanktovenaars, die een magische sound realiseren op hun instrument. Met een ‘waauw”’ gevoel .

Tracklist: Hajime - Fever Dream - Aanhou geraas maak - Yügen - Speechless - Korogocho Flashback - Almost Summer - Tourette - Wake-Up Call - Terra Incognita

Old Crow Medicine Show

Paint this town

Geschreven door

Old Crow Medicine Showdoet al vele jaren de typische country muziek heropleven. De band weet bij elke release iets fris en monter aan toe te voegen. 'Paint this Town', onderstreept het nogmaals.
De aanstekelijke “Paint this town'” en “Bombs Away” geven meteen een adrenalinestoot. Ze klinken groovy en werken in op de dansspieren . Doe je boots maar aan!
Old Crow Medicine Show weet een breed publiek aan te spreken van country/rock/folk. Hun broeierige rootssound intrigeert steeds opnieuw. De onderwerpen stralen nochtans andere zaken dan friste en swing uit … Ze gaan deels over echtscheiding, verslaving en de rassenkwestie; er is ook ruimte voor wat meer ongecompliceerde zaken.
De sound mag dan eerder 'opgewekt' klinken , ze wijzen je op de ernst van de problemen, luister maar “John Bronw's Dream”, een man wie in 1859 werd opgehangen nav een mislukte poging om een slavenopstand te starten.
Het magisch mooie “Hillbilly Boy” sluit mooi, overtuigend de aanstekelijke plaat af.

Tracklist: Paint This Town (3:57) Bombs Away (2:41) Gloryland (4:12) Lord Willing and the Creek Don't Rise (2:41) Honey Chile (3:49) Reasons to Run (4:35) Painkiller (3:23) Used to Be a Mountain (3:17) Deford Rides Again (3:20) New Mississippi Flag (3:01) John Brown's Dream (3:26) Hillbilly Boy (4:33)

Dick De Graaf Quartet

Festive

Geschreven door

Dick De Graaf is veertig jaar musicus. In die vier decennia heeft hij ontelbare momenten opgestapeld … Een monument werd opgericht in klank en beeld, wat gebeurd is met een zogeheten gatefold, waarin een veertig pagina's dik boek en een elpee zijn opgeborgen: 'Dick De Graaf - 40 jaar thuis op het jazzpodium - FESTIVE' . Naar aanleiding daarvan had we in mei dit jaar een interview met het Nederlandse Jazz icoon hier

Niet alleen is deze 'Festive' een reis door de tijd, het is ook een plaat waarbij verwezen wordt naar anekdotes uit zijn persoonlijk leven. Zo is « Luca » opgedragen aan zijn kleinzoon,
Het is een reis doorheen vele culturen, o.m. de reis door Afrika, die een zachte botsing is van pure jazz en wereldmuziek, luister maar naar het aanstekelijke « Festive ». Grenzen tussen die twee worden afgetast. Zijn liefde aan Monk, een virtuoos die eveneens hield van comfortzones verlaten, sijpelt geregeld door. « Alla Prima » verwijst naar het nat-in-nat schilderen en is vrij gebaseerd op Monks 'Bemsha Swing'.
De muzikant als de plaat zijn  een unieke parel binnen die globale jazz. Zachtmoedig doet hij je verder zweven over een jazz wolk met het zeemzoeterige « The night before the morning after », die je hart verwarmt ; die lijn horen we verder op « Alla prima » en « Fly on the wall », die de plaat afsluit.
De plaat is meer dan een doorslag van veertig jaar jazz, hij kijkt vooruit en boort nieuwe bronnen aan. Het is een warme jazz klank, die een melancholische ondertoon heeft.
De virtuoos laat zich door sterke muzikanten, die zijn muziek perfect aanvoelen.

Line up: Dick de Graaf - tenor saxophone; Barry Green - piano; Jos Machtel - bass; Pascal Vermeer - drums

Tracklist: Luca 06:02 Festive 07:15 The Night Before the Morning After 06:31 Wetland 05:57 Eleanor Rigby 06:40 Alla Prima 03:57 Passeggiata anno Corona 05:35 Fly on the Wall 06:53

Drive-By Truckers

Welcome 2 Club Xiii

Geschreven door

Terugblik - In 2020 verschenen nog 2 studio-albums (‘The Unraveling’ en ‘The New OK’) - lees onze recensies er maar op na
https://www.musiczine.net/nl/chroniques/item/77525-the-unraveling.html
en https://www.musiczine.net/nl/chroniques/item/80513-the-new-ok.html - van de Amerikaanse roots rock formatie Drive-By Truckers; daarna leefden ze echter anderhalf jaar achter de schermen.
Een driedaagse repetitie voor wat shows mondde echter begin dit jaar al snel uit in een nieuw album, ‘Welcome 2 Club XIII’, een persoonlijk en minder politiek gericht album; 'recorded live in Athens/Georgia, with almost every song cut in one or two takes, fully harnessing the band's freewheeling energy, mostly looking back on the formative years, paying homage to the Muscle Shoals honky tonk'. Geproduceerd door David Barbe en met gast-vocals van Margo Price, R.E.M.'s Mike Mills en Schaefer Llana.

“The Driver” klinkt catchy, aanstekelijk door de gruizige gitarriedels en met een warme zang; we voelen ons zo wegrijden  in de prairie. Een zalig gevoel. De vocals van Patterson Hood en Mike Cooley zijn prominent. Songs als “Shake and pin”, “We will never wake you in the morning” zijn mooie pareltjes.
Misschien voor de doorsnee fan van de band wordt er een te gezapige lijn opgezocht, minder uitspattingen of experimentjes maar pure, lekkere rock’n’roll, van “Forged in Hell and Heaven sent” tot afsluiter “Wider Days”.
Op 'Welcome 2 Club Xiii' grijpt Drive-By Truckers terug naar het oude geluid, eenvoudige, gemoedelijke rock’n’roll dus.

The Driver (7:00) Maria's Awful Disclosures (3:50) Shake and Pine (3:45) We Will Never Wake You in the Morning (5:37) Welcome 2 Club XIII (3:22) Forged in Hell and Heaven Sent (4:45) Every Single Storied Flameout (3:55) Billy Ringo in the Dark (3:45) Wilder Days (6:37)

Whorses

Whorses

Geschreven door

Whorses komt rechtstreeks van de Kortrijkse prairies … Deze vier cowboys vonden elkaar in een wederzijdse zoektocht naar iets nieuws, anders … eigenzinnig in de scene vonden ze elkaar, ruw, hard en compromisloos.
Tijd om hen in de spotlight te plaatsen - live
https://www.musiczine.net/nl/concerts/item/86048-whorses-een-schizofreen-is-nooit-alleen.html  (live verslag cd voorstelling) https://www.musiczine.net/nl/festivals/item/87132-rock-herk-2022-het-ultieme-feestje-van-de-alternatieve-muziekliefhebber.html  (rock Herk)

“Have You seen Bob” is meteen een klepper en klinkt energiek. “Black museum” is meeslepender van aard. Veel rustpunten zijn er eigenlijk niet, ook al durft Whorses eens intiemer te zijn.
Whorses beukt lekker door; knap, overtuigend klinken “Metaball Sub” (kort, krachtig) en “Bye bye memory” door hun vitaliteit, kracht, intensiteit en intimiteit. Een muzikaal schizofreen uitstapje dus door de talrijke variaties, onverwachtse wendingen en chaotische stekeligheid, wat je verder hoort op een “Humble”, “Broken plates” en het mooie “Up To Town”.
Gevoelige noise rock in z’n totaliteit!

Have You Seen Bob 03:54 Splinters 00:59 Motherfucker 04:38 Five Minute Bike Ride 01:15 Bounce 01:39 Rattlerat 03:49 Soy Cuck 02:00 Black Museum 03:23 Meatball Sub 01:27 Bye bye Memory 03:04 Shaking 03:33 Random Luck 02:50 Stranger 04:28 Ol' Company 04:04 Attitude 03:00 Humble 02:59 Broken Plates 03:09 Up To Town 02:42

Rock Zerkegem 2022 - Einde in schoonheid

Geschreven door

Rock Zerkegem 2022 - Einde in schoonheid
Rock Zerkegem 2022
Festivalweide (aan de Schooiweg)
2022-07-23
Zerkegem
Ollie Nollet

Na vijftien jaar gooien organisatoren Jonas en Pieter-Jan de handdoek in de ring maar niet zonder nog één keer alles te geven. Het werd een einde in schoonheid want dit was misschien (ik was er niet altijd bij) wel de beste editie ooit. Zeer veel volk, een zalig weertje en vooral goeie muziek met als uitschieters Tuff Guac en Tramhaus.
Vooraf was er even sprake van een lichte prijsverhoging maar uiteindelijk bleef alles bij het oude en werden de pintjes er aan één euro geserveerd wat altijd hét uithangbord is geweest van Rock Zerkegem.
Missen zullen we het zeker maar het is vooral jammer voor die groepen die anders enkel in groezelige cafeetjes of in het beste geval in het voorprogramma van een wat grotere band mogen spelen en hier eens mochten aantreden voor een ruimer en altijd even enthousiast publiek.

Eerste band, I Am Batman, hoorde ik enkel van ver terwijl ik stond aan te schuiven aan de ingang, waar een doodsprentje op ons lag te wachten. Nooit eerder meegemaakt hier maar blijkbaar wou iedereen er deze laatste keer vroeg bij zijn. 

Eerste groep die ik zag was het Gentse viertal Nimbus Cart en wat ik hoorde deed toch even mijn wenkbrauwen fronsen. Seventies rock! Bijna schreef ik 'belegen' maar dat was het niet en daar zorgde vooral Janis voor, een fenomenale frontvrouw die haar naam niet gestolen had. Wat een strot en wat een attitude! Zo presteerde ze het om al vroeg in de set voor één nummer een dwarsfluit op te duikelen, niet meteen het instrument waarmee je veel vrienden maakt in de rock-'n-roll maar dat kon haar geen reet schelen. De laatste die ik het zag gebruiken in een rockgroep moet John Dwyer van Thee Oh Sees geweest zijn. Mocht dit een referentie zijn dan was het er alvast één die kon tellen.

Met Purrses uit Brussel zagen we opnieuw een kwartet met een zangeres in de frontlinie, zij het van een geheel andere orde. Zelf noemen ze het daddy's rock, ik hoorde vooral soulvolle indiepop met veel stijl gezongen door de charmante zangeres Laura, afkomstig uit Marseille. Naast een dartele cover van "My girl" (The Temptations) mocht er al eens een nummer in het Frans gezongen worden terwijl Laura tussendoor ook nog eens bewees een aardig deuntje te kunnen fluiten. Knap allemaal maar toch net iets te vrijblijvend.

Meteen daarna ontpopte de drummer van Purrses zich op het hoofdpodium tot de hyperkinetische frontman van Warm Exit (Brussel). Gehuld in een korte broek en een opvallend "FBI" topje stuiterde Max Poelmann, zo heet hij, met zijn basgitaar over het podium. Samen met zanger-gitarist Valentino Sacchi en drummer Martin Tafani ploegde hij zich door een set razende postpunk waar de energie vanaf droop. Toch kwam het mooiste moment er toen Poelmann zijn bas ruilde voor de gitaar van Sacchi en Tafani zijn drumstel verliet om aan de synths een donker en dreigend nummer te zingen. Schitterende groep!

Met de tongbreker Kalaallit Nunaat (wat staat voor Groenland in de taal van de Inuit) kregen we een trio uit Rotterdam te zien. Met een grote gretigheid beten ze zich vast in nietsontziende, met veel noise doorweven postpunk. Een door merg en been snijdende gitaar, een doldraaiende bas en voortjakkerende drums stoffeerden de explosieve nummers die soms deden denken aan Metz en een enkele keer aan Wire. Maar helemaal overtuigen deden ze niet. Spelbrekers waren de te monotone zang en het geluid dat nooit echt goed zat.

De podiumtruck raakte goed gevuld met het negenkoppige Antwerpse gezelschap Condor Gruppe. Met in de indrukwekkende line up drie gitaren, bas ,drums, conga's, orgel/ synths, trompet, sax en bariton sax dompelden ze de weide onder relaxerende vibes.
De groep heeft een volstrekt unieke sound gecreëerd die bestaat uit een amalgaam aan stijlen en invloeden zoals psychedelica, seventies exotica, krautrock, surf, Calexico of Ennio Morricone. Heel mooi allemaal maar soms iets te kabbelend zodat ik stiekem hoopte op wat vuurwerk. Daar hadden de drie uitstekende blazers, die naar mijn gevoel te weinig aan bod kwamen, beslist voor kunnen zorgen.
Ach, het was slechts een kleine oprisping die trouwens volledig werd weggespoeld door het hypnotiserende slotnummer met Nicolas Mortelmans op sitar.

Het was reeds de derde keer in ruim een half jaar tijd dat ik het Antwerpse Tuff Guac aan het werk zag en ik kan alleen maar constateren dat ik ze steeds beter vind. Op plaat is Tuff Guac het soloproject van ‘Belly Button Records’ baas Rafael Valles Hilario maar op het podium zagen we toch een solide, steeds beter geoliede groep met naast Hilario bassist Jasper Suys, drummer Gert-Jan Van Damme (beiden Mogo) en de telkens opnieuw begeesterende Wim De Busser (King Dick, Zita Swoon, Helmut Lotti,...) op gitaar en toetsen. Hun aanstekelijk rammelende mix van bubblegum pop en garagerock liet de tent ontploffen terwijl ze nu, dankzij de verplichte oefening op Humo's Rock Rally, met "Sitting on the dock of the bay" ook een song bij hadden die iedereen kon meezingen of meefluiten. Opgejut door het kluwen van beukende lijven voor hen overtrof Tuff Guac alle verwachtingen. Ze werden slechts in laatste instantie na het wegvallen van het Spaanse Pódium aan de affiche toegevoegd, toch zorgden ze voor een eerste hoogtepunt.

Door een luchtvaartstaking waren The Gluts helemaal uit Milaan met de auto naar de West-Vlaamse polders gereden. Zo groot was hun enthousiasme om hier te mogen spelen en dat vertaalde zich ook op het podium. De groep begon met een heerlijke homp modern klinkende spacerock. Ik was er meteen helemaal klaar voor, helaas zorgde zanger Nicolo Campana voor een domper op de feestvreugde. Gebrek aan inzet kon je hem moeilijk verwijten - hij smeet zich letterlijk in het publiek - maar zijn totaal ontspoorde gebrul raakte kant noch wal. Gelukkig was er nog de smerige en af en toe aan The Stooges refererende gitaar van broer Marco tot die ongeveer halverwege de set besloot zijn instrument enkel nog als stoorzender te gebruiken. Wat wel overeind bleef was de strak spelende ritmesectie, bestaande uit bassiste Claudia Cesena (een Italiaanse Kim Gordon) en drummer Dario Bassi, die verhinderde dat het schip helemaal de dieperik in ging.

Tramhaus, genoemd naar een legendarisch tramhuis in hun thuisstad dat nu dienst doet als eettent, is een vijftal uit Rotterdam waarvan de leden reeds eerder aan het werk waren bij groepen met ronkende namen als Vulva, Pig Frenzy of Nagasaki Swim.
Ik had al veel lovende woorden over deze groep gehoord en die bleken stuk voor stuk te kloppen. Tramhaus wordt meestal gecatalogeerd onder de noemer postpunk maar daar ben ik het niet helemaal mee eens. Buiten die donkere, giftige zang vond ik hun bijzonder heldere sound eerder glibberen tussen noiserock en punk. In ieder geval wisten ze met een adembenemende set de tent te transformeren in een kolkende heksenketel. Zanger Lukas Jansen, die de uitstraling had van een jonge Mick Jagger gekruist met Jim Morrison, stuiterde met een ongeziene naturel over het podium. Iemand waarvan je meteen weet dat hij geboren is om op de planken te staan. Achter hem zorgden twee jongens en twee meisjes voor een strakke, sprankelende sound waardoor de gitaren verrassend melodieus mochten kronkelen. Dit klonk bedrieglijk eenvoudig en tegelijkertijd verbijsterend uniek. Het tragere, dreigende "I don't sweat", het explosieve "Karen is a punk" en het van een wonderlijke gitaar voorziene "Amour amour" waren maar enkele van de parels die ons naar adem deden happen.

Het aantal nieuwe jonge en uitstekende punkbands uit Australië is stilaan niet meer bij te houden. Denk maar aan Amyl and The Sniffers, Civic, Stiff Richards en het al wat oudere Eddy Current Suppression Ring van wie Mickey Young de platen van Vintage Crop telkens mag mixen en masteren. We hoopten Vintage Crop, niet te verwarren met het legendarische racepaard, aan dat rijtje te kunnen toevoegen maar dat zou toch wat te veel eer zijn voor dit zootje uit Melbourne. Nochtans deden ze er alles aan om een waardige afsluiter te zijn als laatste groep ooit op Zerkegem.
Het begon ook heel mooi met de nu al legendarische aankondiging van de gitarist: "We are an Australian band from Australia". Daarna beten de vier zich vast in stampende  postpunk opgejaagd door de nijdige zang van frontman Jack Cherry. Intussen kon ik het geeuwen nog amper onderdrukken en dat kwam niet alleen door het late uur.
Met de nummers van Vintage Crop was op zich niet veel mis mee maar ze waren onderling veel te inwisselbaar om te blijven boeien.

Rock Zerkegem, bedankt!

Organisatie: Rock Zerkegem

Röt Stewart

Röt Stewart - Crazy hardcore overweldigt

Geschreven door

Röt Stewart - Crazy hardcore overweldigt
Röt Stewart + Gummo + Saddam

Ik zat na een lange strandwandeling nog rustig fruits de mer te smullen aan de Franse opaalkust toen ik hoorde dat enkele kilometers verder Röt Stewart zou optreden, een relatief nieuwe hardcoreband uit Kortrijk die steeds vaker over de tongen gaat, meestal  in combinatie met de zin ‘die moet je eens gezien hebben’.
Benieuwd naar wat deze Kortrijkzanen zouden teweegbrengen in een kleine club in Boulogne-sur-Mer, ruilde ik de zonnecrème in voor een setje oordoppen en trok ik naar Barock L’Horloge, een club ter grootte van de Kinky Star. Die zat al voor de aanvang van de concerten afgeladen vol. De avond is een organisatie van Crazy Kids en die naam zouden ze absoluut waar maken.

Otage moest afzeggen, maar er werd snel een vervanger gevonden. Gummo is een grindcoreband uit Lille die we ook in België al eens tegenkomen. Zopas speelden ze nog in Doornik en eerder deze zomer deden ze een Europese tournee die hen onder meer naar Antwerpen bracht. Dat ze die tournee met hun landgenoten van Insane Order afgemaakt hebben, was niet zo evident. Op de tweede show, in Praag, werd hun camionette opengebroken en al hun instrumenten en versterkers gestolen. Ze maakten de tour af met geleend materiaal. 
Gummo bracht vorig jaar het album ‘A Fresh Breath On The Neck’ uit bij wel tien verschillende labels, waarbij ook het Belgische Loner Cult Records, en dat was dan ook de basis van de set in L’Horloge. Gummo brengt zijn agressieve grindcore graag met een twist: heel wat tracks beginnen met een soundbite die uit een radio- of TV-journaal lijkt te komen, hebben een relatief rustige opbouw en ontploffen dan met veel agressie in je gezicht.
Het publiek in Boulogne lust er wel pap van en in no time ontstaat er een moshpit.  Een leuke opwarmer.

Daarna was het aan Röt Stewart. Omdat er nauwelijks een PA aan te pas kwam, kon de soundcheck kort gehouden worden en dat was een goed voorteken. Telkens deze band een uitgebreide soundcheck deed, was het concert net ietsje minder. Röt Stewart heeft absoluut geen gebrek aan speelkansen. Het was niet hun eerste keer in Frankrijk en ook in eigen land is hun militante hardcore enorm populair.
Inzake logistiek is er nog wat werk aan de winkel. Die avond speelde de band eerst nog in Antwerpen om dan af te reizen naar Boulogne-sur-Mer aan de Noord-Franse kust, wat op z’n minst al een uitdaging is, om dan ‘snachts naar thuishaven Kortrijk te rijden waarbij ze langs Lille passeren, de stad waar ze amper een dag later al opnieuw op een podium staan. Gelukkig hebben ze hun volgende trip, naar Berlijn, alvast beter voorbereid.
De Kortrijkse band combineert een oeverloze Sturm und Drang met heel wat muzikale bagage en vooral een dikke, opgestoken middelvinger naar alles en iedereen. Vooral zanger Wölf Stewart is een fenomeen op het podium. Ondanks zijn imposante verschijning springt hij in L’Horloge op tafels, in de moshpit en op de toog om het Franse publiek nog wat extra op te hitsen. Zoveel enthousiasme wordt beloond met gebalde vuisten in de lucht, wild gemosh in ontblote bovenlijven en de eerste crowdsurfer van de avond.  
Les Boulonnais gaan helemaal uit hun dak op “Verk”, “Fucking Shoe”, “Digital Masturbation” en “Rather See You Dead”, hun cover van Legonaires Disease.
Ondanks de verre verplaatsing en de lokale hitte  is de set superstrak, dankzij Jah Nick Rötbeck, Rötsomer en Clint M.K. Rötwood.
In nauwelijks iets meer dan 20 minuten jaagt Röt Stewart er zijn hele set door zodat ze in de bisronde nog eens “Fucking Shoe” hernemen. Niks dan lof? Voor een Kortrijkse band die vaak in Frankrijk speelt, zou zanger Wölf toch beter een paar zinnetjes in het Frans instuderen.  Voor de rest staat er voor deze hardcoreband niets in de weg dat ze niet met een paar akkoorden kunnen wegblazen.

Afsluiter van de avond was Saddam, een band uit de Franse stad Cambrai die zichzelf omschrijft als powerviolence en daar soms nog doom aan toevoegt., maar ik onthou vooral power. In de lyrics en songtitels draait het bij Saddam nogal rond de oorlog in Irak: “Colin Powell”, “Saddam Dancing Club”, “In Christ We Crust”, Bagdad’s Butcher”, … Het was misschien de eerste band van de avond die nog wat voordeel zou gehaald hebben uit een betere PA en installatie, maar dat stond de beleving absoluut niet in de weg.
Ook Saddam speelde een strakke set en kreeg ruime respons van een uitermate enthousiast publiek in Boulogne-sur-Mer.

We waren in de eerste plaats gekomen om Röt Stewart te ontdekken, maar we leerden vooral dat ze in Boulogne veel enthousiaster concerten beleven dan in menige Vlaamse club.

Pics homepag @Cédric Trupin

Organisatie: Crazy Kids

Psychisme

Le Seuil Des Sensations EP

Geschreven door

De Franse formatie Psychisme heeft in de lokale Franse ondergrond al wat activiteit achter de rug. Maar een echter doorbraak naar een ruim publiek zit er nog niet in. Met de EP 'Le Seuil Des Sensations' doet Psychisme een mooie poging. De hoes, een blik boordevol waanzin, met ook met een beetje onschuld, bezorgt je angst en een krop in de keel. Puur muzikaal durft de band je zelfs tot gekte te drijven.
Songs als « Dé(s)phasé(s) I » prikkelen de fantasie ; in een donkere hoek verschijnen demonische wezens die tot gekte bewegen. Muzikaal hebben we ijzingwekkende, snijdende riffs, drumpartijen en grauwe, ijskoude vocals, check « Dé(s)phasé(s) II »,
Psychisme klinkt geslaagd in het genre. 'Le Seuil Des Sensations' is doorsnee pure black metal van horror en pijn, niet meer, niet minder . Het is goed, maar ze zullen nog wat moeten groeien en variëren om te onderscheiden

Dé(s)phasé(s) I - Soubresauts - Dé(s)phasé(s) II - Le Seuil Des Sensations - Neurasthénie

Anne Paceo

S.H.A.M.A.N.E.S

Geschreven door

Componiste Anne Paceo heeft een unieke en herkenbare stijl. Haar drie Victoires de la Musique awards, en haar productieve discografie hebben haar in 45 landen op vijf continenten gebracht. Reeds op zeer jonge leeftijd drukte ze al haar stempel op de muziekwereld, met haar nieuwste worp ‘S.H.A.M.A.N.E.S’. Ze verkent wegen in die jazz sound met het Franse chanson, omgeven van percussie. De aanstekelijke klankentapijtjes en de vocals doen je wegzweven. Een overtuigende muzikale veelzijdigheid, niet vies van improvisatie. Toegankelijkheid en Experiment , Groove en Gevoeligheid vinden elkaar. « Wide Awake », « Here and Everywhere », « Reste un oiseau » en het afsluitende « Marcher jusqu'a la nuit », zijn mooie voorbeelden, een kruising van de Engelse en Franse taal. Prachtig.
Melodieus, avontuurlijk mooi plaatje dus binnen het genre.

Wide Awake - Here And Everywhere - Reste un oiseau - Piel - From the Stars - Mirages - Wishes - Healing - L'Aube - Travellers - Marcher jusqu'à la nuit

Crooniek

Trail Of Time

Geschreven door

Er kan hier teruggeblikt worden op meer dan 80 optredens, meestal met vaste bezetting van zeven muzikanten, maar vaak ook met zangeres(sen), koor of ander muzikaal ensemble (zoals Mandolinman & Illuminine). En er volgden ook enkele cd-opnames! In 2018 verscheen het album 'Demonen & Dromen' (Olivier & Crooniek). Twee jaar later verscheen dan Winterstille met het gesmaakte album 'Puin van Dromen'. Beide albums zijn trouwens ook nog verkrijgbaar.
Al die inspiratie en samenwerking hebben geleid tot het album 'Trail of Time' door Crooniek. Hierop staan gloednieuwe songs, aangevuld met nieuwe versies van oudere nummers. Dit album combineert neo-classical en neo-fanfare met een vleugje gothic/ambient.
'Trail of Time' is een tijdreis voor Crooniek, alsook het persoonlijk testament van bezieler Gerry Croon. Via deze muziek verwerkt hij eigen ervaringen en plaatselijke historiek. Bij de productie van deze cd waren zestien muzikanten betrokken, waaronder ook Kevin Imbrechts (Illuminine), Olivier Soil (Olivier & Crooniek) en Xavier Kruth (Winterstille). '
Tot daar de achtergrond informatie omtrent dit project Crooniek.

Op 'Trail of Time' bewandelt de band een grijze zone tussen gothic en neo classic en voegt daar tot de verbeelding sprekende elementen aan toe van typische fanfare. Met een zang die zo kan komen uit een of ander sprookjesachtig paradijs. De spoken words zijn eerder poëtisch en hebben zelfs een licht dreigende ondertoon, soms in de Nederlandse taal, gezongen vanuit een weemoedige ondertoon.
'Trail of Time' is een fantasieprikkelende samensmelting van vele verhalen, vertellingen en de  veelzijdige muzikale omlijsting. Diverse songs zijn doordrongen van  een warme melancholie, andere hebben die bijzonder folklore background die een reis door de tijd maken.
De plaat is dus een langgerekte reis in tijd, het leven, alsook het einde van alles. Maar de tijd blijft ook na ons heengaan gewoon verder lopen, als de onderliggende boodschap.
Een mooie versmelting , een kunstwerk van muzikale perfectie, aangrijpend, vreugdevol, plechtig als dansbaar is het allemaal, net zoals het leven ons te bieden heeft van vreugde en verdriet, een onderdeel van een groter geheel.
In de samenwerking met muzikanten en artiesten probeert Crooniek een beeld te geven van het oneindige van de tijd… prachtig, toch!

On The Origin Of Sorrows 04:25 Would You Wake Me In Time 04:54 At The Lemmeken Monument 04:08 Condemned To The Fire: Josyne Van Vlasselaer 04:14 Olivier & Crooniek - Nieuwe Dromen (Remastered 2021) 05:11 Melancholy At Torfbroek 02:56 Parade Of The Funeral Fanfare 04:12 Olivier & Crooniek - G&B 03:48 When I Look Upon My Life 04:50 The 6th Extinction 03:40 Und Sie Tanzten (Instrumental Version) 04:57 Would You Wake Me In Time (Instrumental Version) 04:40

Neo-classic/fanfare/gothic
Trail Of Time
Crooniek

 

Pink Mountaintops

Peacock Pools

Geschreven door

Pink Mountaintops is het zijproject van Black Mountain frontman Stephen McBean.
Zijn laatste schijf met dit project 'Get Back' dateert al van 2014 ...
de recensie kun je hier nog eens nalezen.

Met 'Peacock Pools' gaat hij de meer psychedelische kant uit, maar er is zoveel te beleven op deze schijf dat de muziek in een hokje duwen Pink Mountaintops tekort doen is.
“Nervouw Breadkdown” ( een Black Flag cover) geeft al meteen een uppercut, waardoor je prompt uit je lood wordt geslagen.
Pink Mountaintops houdt van variatie. Soms neemt die psychedelische kant de bovenhand, “Muscles”, of de gevoelige zijde, “You Still Around” of het wondermooie “The Walk - song for Amy”. Pink Mountaintops trekt zelfs alle registers open op “All this death is killing me”.
Veel verandering en verrassende wendingen dus. 'Peacock Pools' toont nog eens de veelzijdigheid en het avontuurlijke karakter van Stephen McBean, binnen een psychedelische noemer .

Nervous Breakdown 02:53 Nikki Go Sudden 03:56 Blazing Eye 04:26 You Still Around 02:24 Shake The Dust 06:08 Swollen Maps 01:08 Lights of The City 04:33 Miss Sundown 02:02 Lady Inverted Cross 03:06 Muscles 03:20 All This Death Is Killing Me 02:17 The Walk - Song For Amy 05:51

David Newbould

Power Up!

Geschreven door

David Newbould is een levensgenieter. Sinds hij zijn carrière begon met Big Red Sun uit 2007, heeft hij zijn sporen verdiend als rootsrocker, americana-artiest en volkszanger. Hij schrijft liedjes die de ups en downs weergeven van een volwassen leven. Hij slaat een nieuwe bladzijde om met zijn vierde full-length studio album, 'Power Up!, een plaat waarvan de boodschap van doorzettingsvermogen en onwankelbaar overleven, wordt voortgedreven door het vet, de gruis, en gitaar-gedreven branie van rock & roll.
Naar aanleiding van deze release hadden we een fijn gesprek met David, dit interview kun je hier nog eens nalezen: 

Met deze schijf bewijst hij van vele markten thuis te zijn. De openingstrack “Power up!” is sterk. Newbould heeft een bijzonder warme stem en bracht een erg aanstekelijke, emotievolle plaat uit, die je doet verlangen naar lange zomeravonden rond het kampvuur. De variatie siert. De sound is groovy, catchy en ingetogen. Ergens borrelt Bob Dylan op als verhalenverteller, luister maar naar “Peeler park”, “The lawn” en ander moois, Prachtig hoe Newbould je weet mee te voeren, een beeldvorming van hoe cowboys naar de horizon rijden.
Op zijn vorige albums kwam de klemtoon op folk, americana en country. Op deze Power Up! gaat hij nog iets dieper in op die rootssound, wat een mooi, creatief, overtuigend album oplevert.

David Newbould speelt op 30 september op Busker Festival in Herent. https://gcdewildeman.be/programma/busker-festival-bluegrass-americana-folk 

Power Up! 02:32 Peeler Park 04:57 Blood On My Hands 04:44 The Lawn 04:21 Home Depot Glasses 04:48 Ready For The Times To Get Better 02:51 Last Letter 04:32 One Last Dance 04:03 That Was Another Time 05:28 Sunrise Surprise 04:28 Diggin' In 04:44

Rock Herk 2022 - Het ultieme feestje van de alternatieve muziekliefhebber

Geschreven door

Rock Herk 2022 - Het ultieme feestje van de alternatieve muziekliefhebber
Rock Herk 2022
Festivalterrein
Herk-De-Stad
2022-07-15 + 16
Erik Vandamme

In het pittoreske Limburgse stadje Herk-De-Stad gaat al jaren het intieme en gezellige festival Rock Herk door. Dit jaar, na twee jaar corona, mag het weer. We zakten dan ook af naar Limburg, met het openbaar vervoer en de gratis bussen die de organisatie had ingelegd om de festivalganger veilig van en naar de festivalweide te vervoeren. Met dank aan De Lijn.
Een gezellig samenzijn met vrienden die je al een tijdje niet meer hebt gezien en het consumeren van gerstenat, zonder dat het de sfeer bederft.
Even hadden we de vrees dat de muziek ondergeschikt zou zijn aan de randbeleving van het festival, gezien de tent soms maar half vol stond bij sommige bands. De vrees was ongegrond, want elke band kreeg een daverend applaus en werd met even veel liefde ontvangen, als perfect onderdeel van diezelfde vriendschappelijke sfeerbeleving, wat Rock Herk zo uniek maakt binnen het weidse festival landschap.
Rock Herk is nog steeds het ultieme feestje van de alternatieve muziekliefhebber. Een overzicht van twee dagen genieten met een grote 'G'

dag 1 - vrijdag 15 juli 2022
We zetten het festival in met wat één van de absolute hoogtepunten zou worden van het volledige festival. Whorses (*****) doet de tent op zijn grondvesten daveren, ook al is deze halfvol. De kwaliteitsvolle band speelt energiek. Harry Descamps heeft een heldere stem en kan een stevig potje gitaar spelen. Hij beweegt als een dolgedraaid Duracell konijn, en gaat zijn publiek opzoeken. Al vlug ontstaan de eerste moshpits; dit bij de eerste act van een festival.
Wij wisten al dat Whorses live een wervelstorm kan zijn. Wat een aanstekelijke band met een charismatische zanger. Klasse concert, top band!

Het contrast op de mainstage kon niet groter zijn met Westhinder (****).  Dit is het project rond Stien Carlier. In 2016 verloor Sien haar mama; als een soort rouwproces schreef ze daar liedjes over, die werden gebundeld in het album 'Westhinder I'. Gevoeligheid staat centraal, het raakt iedereen, zonder al te zeemzoetig te klinken. Die intensiteit is sterk in haar set , de weinige interactie is de enige kritische noot … Mooie, emotievolle set alvast.  

Peuk (****), een jonge band uit de buurt van Hasselt, brengt razendsnelle sludge/ punk alsof het terug de punk is van 1977. Peuk heeft sterke muzikanten en een heel beweeglijke zangeres die overtuigt door haar extraverte, indringende vocals. Registers kunnen worden opengetrokken, maar ze kan even goed intiem zingen.
Een moddervette sound krijgen we. Peuk beukt van begin tot einde. Puik werk!

Er gingen ook Street concerten door, we hebben er maar eentje meegepikt, gezien de overlappingen met optredens op de andere podia. Een zeer mooi concept uiteraard … dichter bij een band kan je niet staan omdat zowel band als publiek zich één voelen , en op dezelfde hoogte staan te soleren. Het is een mooi aanvoelen.
Ronker (*****) was ook een overtuigende band tijdens de tweedaagse. Betreft het aanvoelen van het publiek, spannen ze de kroon, de frontman ging zelfs, vervaarlijk zwiepend, op de boxen staan, om iedereen te overschouwen en de fans letterlijk aan te porren. Meer nog, hij sprong als een volleerde stagediver het publiek in vanuit die hoogte; een hachelijke onderneming, maar met brio geslaagd.
Wat een spelplezier straalden ze uit… Qua instrumentatie en in de vocals klonk dit top! Een dansende meute, enkele fijne moshpits, een aanstekelijke sound , wat een energie, … allemaal op straat! Entertainment van het hoogste niveau.

Nothing (***1/2), band die shoegaze gerelateerd klinkt, heeft al heel wat personeelswissels gehad. Hier speelde de band een strakke, meeslepende set, door de hemelse riffs en de sprankelende zangpartijen. Het gebrek aan interactie, zorgde er echter voor dat alles wat op een gezapige lijn bleef hangen, waardoor de aandacht wat verslapte. Ook het publiek droop gaandeweg af ... Nothing is een sterke band in het genre, maar meer spelplezier uitstralen, mocht zeker.

Ook Ramkot (****) heeft zijn naam niet gestolen door hun voortdurende uppercuts. Een band die op scherp speelt. Het siert de sound. Ze hebben een spraakzame frontman, een klasse entertainer, die zijn publiek aanport. Ramkot raast als een sneltrein. Het resulteert in enkele fijne moshpits. This is rock-'n-roll!

Wiegedood (****) heeft een nieuwe plaat uit, waarbij een nieuw hoofdstuk wordt aangevat. Op 'There's Always Blood At The End Of The Road' horen we verrassende, chaotische wendingen. Ze weten nog steeds Een Hel op aarde te creëren.
Wat een muzikale vuurpoel. Je laat je meeslepen in een waanzinnige, donkere, demonische  wereld. Huiveringwekkend!

Gemoedelijk en comfortabel klonk het bij Portland (*****), een mooie versmelting van hypnotiserende, zwevende sounds en kristalheldere vocals. De ruwe kantjes zijn er bij Portland wat af, maar zeemzoetig klinkt het niet. Op sprookjesachtige wijze weet Portland te raken, de songs zijn verfijnd, soms een ruwe bolster , en duisternis wordt omgebogen naar licht. Een sterke performance van deze vroegere Nieuwe Lichting winnaars van StuBru.

Godflesh (****) is dan weer andere koek en brengt ons terug naar een duistere, demonische wereld … Wat een totaalbeleving brengt het duo nog steeds na al die jaren  met hun drummachine als extra kracht. Ook al is er geen interactie met het publiek, in hun sound gaan ze diep en dat voelen we . Ook hier gaan de poorten van de Hel open en word je (mee) gezogen in hun unieke muzikale wereld …Onze ziel brandde overweldigende in die Godflesh wereld …

Tijd voor muzikale feestjes, na het donker en verderf …
We starten met Noordkaap (****1/2) Zowel in hun reünie concerten in AB als op TW classic bewees Noordkaap dat ze niet aan een flauwe routineklus bezig zijn, integendeel. Het is een band met klasse muzikanten , de lekkere riffs sieren. Muzikaal genot. En dan is er natuurlijk Stijn Meuris , klasse entertainer ten top, die met gevatte bindteksten om zich heen stampt, en zelfs zorgt voor een dosis humor. Bovendien is hij nog steeds goed bij stem. Alle songs worden ruimschoots geapprecieerd.
Noordkaap speelt hun set als jonge wolven, met de nodige ervaring en knowhow. Sterk steeds. Klasse.
Een nieuwe plaat hoeft niet perse. Ze bieden een pittige, aantrekkelijke nostalgietrip, en daar was iedereen duidelijk tevreden mee.

Danko Jones zagen we laatst  'live' via streaming door de corona pandemie. Danko Jones was een van de weinigen die erin slaagde de sfeer van een podium, ook in de huiskamer te brengen. Hij houdt van een live publiek , da’s zeker. De feestelijke rockstemming van Noordkaap ging probleemloos verder met Danko Jones (****1/2) . Een gespeelde arrogantie, in een hoge dosis zelf relativering en bindteksten geven een glimlach op je gezicht. Het is de niet-aflatende overdosis rock riffs, met een knipoog naar AC/DC en de bulderende vocals, die sieren. Eenvoudig, rechttoe-rechtaan, dat is net Danko Jones. Mooi.

We zijn fan van The Vaccines (*****) en volgen hen , plaat-gewijs. We waren benieuwd naar het live karakter van hun aanstekelijke melodieuze gitaarsound. We houden van hun muzikale trip. Groovy, energiek , gedreven , aangenaam klinkt het. Ze zijn betrokken en nauw verwant aan hun publiek.
Een gevarieerde set speelden ze, ingenieus sterk en fijnzinnig, als een geoliede machine.

Brutus (**** 1/2) heeft door hun nummer één spot in de Zwaarste Lijst op StuBru, ook zijn weg gevonden naar een meer 'mainstream' publiek. Ze verdienen het , door hun niet aflatende inspanning en dynamiek. Hier stond veel volk. De band valt op door de energieke drumster en zangeres.
Brutus klonk ‘Brutus’, emotievolle rock!, verschroeiend, hard, strak en intens. Een terechte afsluiter in de Club, de  'hardere' stage

Op de andere stage sloten op Hollandse wijze De Jeugd Van Tegenwoordig (****) af, een band die er ontegensprekelijk in slaagt bittere ernst om te zetten in zelfrelativering en humor in hun bind- en songteksten. Net als Goldband was dit ‘gaan met die banaan’ , de perfecte afsluiter voor een muzikaal feestje. Nederpop op z’n best.

dag 2 - zaterdag 16 juli 2022
De tweede festival dag starten we iets later dan gepland met de postrock/sludge van Pothamus (****) . De Mechelse formatie heeft zijn stempel gedrukt op het genre. Hun klankentapijtjes zijn bedreven. De instrumenten staan onder spanning, donderslagen bij heldere hemel. Een ondoordringbare muur van geluid. Rustpunten zijn er wel, maar die worden vlug in de kiem gesmoord door die klievende riffs. Sterk.

Pieterjan Vervondel, de drummende helft van Madensuyu, en Mirko Banovic, de bassende linkerhand van Arno, vormen met de Rwandese zangeres risca - Agnes Nishimwege de formatie Stilll (****) . Dit trio brengt verschillende stijlen bijeen, een interessante kruisbestuiving van lekker aanstekelijke rock, soul (in grote mate door de stem van Agnes) en experimentele soundscapes. Agnes Nishimwege is een energieke dame in stem, act en uitstraling, eentje die doet denken aan Skunk Anansie.
Het is een uiterst boeiend project door het avontuurlijke karakter en de variaties, die de comfortzone durft te verlaten.

ILA (****1/2) zorgt voor een meeslepende, aanstekelijke rocksound. De band rond de 25-jarige singer-songwriter Ilayda Cicek, brengt emotie in een grillige, rauwe, melodieuze sound. Die rauwheid wordt omgeven van zalvende soundscapes en indringende vocals. Terechte ontdekking via de Nieuwe Lichting.

Sam De Nef (****) een zeer talentvolle singer-songwriter bewees zijn kunnen bij Danny Blue and The Old Socks. Met zijn EP 'Lonely Day, Crowded Year' kreeg hij een enorme positieve respons. In het najaar komt de debuut plaat uit. Op Gent Jazz wist hij ons enorm te ontroeren, vooral door de persoonlijke manier waarop hij zijn emoties brengt naar zijn publiek. Hij heeft een sterke band achter zich. We waren onder de indruk van het moois dat de saxofonist uit zijn mouw schudt zonder afbreuk aan de rest van de band te doen. Zijn innemende stem en uitstraling zijn een meerwaarde. Sam De Nef is een emotievolle singer-songwriter die we best in het oog houden.

Een zeer interessant ensemble is Crack Cloud (****) . Dit is een mixed-media collectief uit Vancouver, Canada. Crack Cloud houdt duidelijk van klank experiment, o.m. percussie, gitaar en blaas instrumenten; ze komen op uiteenlopende wijze vanuit alle hoeken van de zaal, tot je helemaal zen bent. Energiek, zwevend klinkt het geheel. Het collectief aan multi-instrumentalisten zorgen voor een mediatieve totaalbeleving, sprookjesachtig en dansbaar tegelijkertijd. Prachtig!

Tijd voor pittige rock muziek nu, zonder franjes. RHEA (****) Een lekker snedige sound door de riffs die worden afgevuurd. Opwindend! Net als een Danko Jones eenvoudig, rechttoe-rechtaan, eenvoudig. Gitaarmuziek pur sang.

Het absolute hoogtepunt van de dag kwam met het gekke collectief Shht (*****).We zien hen in kleurrijke pakjes, ook hun muziek en de manier waarop ze hun set brengen is even kleurrijk en spreekt tot de verbeelding. Niet alleen gaat de band het publiek opzoeken, ze halen allerlei acrobatische capriolen uit op het podium. Shht voegt humor toe aan hun muziek pop en rock, grenzen vervagen en absurditeit wordt tot kunst verheven in een punky attitude. Bijzonder bandje!

School is Cool (****1/2) heeft door de jaren een indrukwekkend parcours afgelegd, en zijn uitgegroeid tot een sterk geoliede machine. Een volwassen band in instrumentatie als in de vocals, de schoolbanken ontgroeid, zonder z’n speelsheid te verliezen. School is Cool krijgt het publiek moeiteloos mee. Fijne band.

Bij Beak > (****)  namen veel mensen een break en gingen ze even neerzitten in het gras; tijd ook om een lekkere hamburger te eten, of te genieten van een pintje. De muziek is wat minder gekend, de ingetogenheid voelt aan als een rustpunt. Hun muziek komt beter tot z’n recht in een club , dan hier , maar ok, hun sound is fantasierijk en visueel prikkelend. Deugddoende set .

The Sore Losers (****) die Millionaire onverwachts verving, wegens ziekte, hadden het aanvankelijk moeilijk om het publiek echt mee te krijgen. Maar hun energie, dynamiek en intensiteit haalden het . Net als Sons een hard working band, rock, die de gitaren laat spreken.

Voor een uppercut zorgde DIRK.  (****1/2) in de Club. Ze zijn al een tijdje aan een opmars bezig, en zetten live een perfecte set neer. Een verslavende trip , als een losgeslagen rollercoaster. Ook hier een dosis energie en dynamiek. Een collectief dat sterk op elkaar is ingespeeld en een zeer beweeglijke frontman die dat extraatje swung geeft .

Het Schotse Mogwai (****) intrigeerde in het postrockgenre door de opbouwende klanktapijtjes en repeterende , broeierige riffs. Het klinkt minder scherp explosief dan vroeger, de sound is eerder slepend, zalvend, intens. En toch streven ze steeds opnieuw naar die verschroeiende climax van weleer, een ondoordringbare geluidsmuur, wat de sound uniek maakt. In het genre plaats je hen samen met een 65daysofstatic en Explosions in the Sky.

In december trekt Maurice Engelen de stekker uit zijn project Praga Khan (****) met afsluitende shows in de AB, Brussel; uiteraard blijft hij nog in andere projecten actief. De stekker wordt net op tijd uitgetrokken, stellen we vast na hun passage op Rock Herk. De energie en de beats zijn er nog steeds, net als de dansers en het visueel totaalspektakel. Iedereen danst op deze bruisende sound , die zo sterk was in de nineties. … En toch … is het ‘vet wat van de soep'. 
Praga Khan sluit dit mooie hoofdstuk in schoonheid af, vooraleer ze een parodie van zichzelf dreigen te worden.

Ook dEUS (*****) van Tom Barman en C° zitten meer en meer in de muzikale noemer van nostalgie. Maar ze spelen nog even gedreven en verbeten  . Hits en nummers met een zekere grilligheid en subtiliteit. Avontuur en hitgevoeligheid gaan hand in hand samen dus.
Barman is misschien een kleurrijk figuur, maar ook de muzikanten zijn meer dan de moeite. Mauro o.m. op zijn manier, is al een even grote entertainer en straffe muzikant. De band blijft door de jaren sterk op elkaar ingespeeld.
Het knallende slot sierde door o.a. “Instant Street" en ''Suds & Soda' , twee dynamische kleppers, waarmee ze ons nog steeds iedereen murw slaan.

"We sluiten af met een feestje'' en wagen ons aan een heuse Rave Party, met een topper en pionier  in het genre, CJ Bolland (****). We lieten ons gewillig meevoeren op z’n aanstekelijke, groovy, dansbare beats.

Rock Herk is het ultieme feestje van de alternatieve muziekliefhebber door het gevarieerde aanbod, zonder z’n gezelligheid te verliezen. Een mooie verwezenlijking trouwens.

Organisatie: Rock Herk

Queen

Queen + Adam Lambert - Queen is in the house!

Geschreven door

Queen + Adam Lambert - Queen is in the house!
Véronique Govaert

De alles veroverende ‘Bohemian Rhapsody Tour’ raast door Europa en dat zullen we geweten hebben, komende uit Mediterrane oorden en onderweg naar Scandinavië staat er driewerf Hoera een pit stop in Antwerpen op het programma. Deze week kon al niet meer stuk voor muziekliefhebbers pur sang, maandagavond de Rolling Stones in bloedvorm, woensdag Sting op zijn best bij Gent Jazz en dan vanavond dit feestje ... En ook hier zullen we niet op onze honger blijven zitten, dat voel en merk je aan alles, dat zindert door de zaal, op het podium pronkt een gigantische kroon, de vlag wappert bovenaan het (Sport)paleis ... het kan niet anders of 'Queen is in the house' ..

The Show Must Go On ... zonder his royal highness Freddie (RIP 1991)... met als waardig opvolger een andere diva ... Adam Lambert, het zijn grote schoenen om te vullen, maar Queen Adam doet het met verve. Het is een flamboyante, kleurrijke persoonlijkheid die in het voorbije decennium zijn sporen heeft verdiend, hij vervangt niet, dat is onmogelijk, maar geeft zijn eigen interpretatie en invulling. Misschien wat over de top soms, maar who cares ... Zijn openheid wordt even vaak geapprecieerd als bekritiseerd, maar maak één concert mee en je bent betoverd door zijn bevlogenheid, charisma, performance en het zanggenot dat hij uitstraalt en dan hadden we het nog niet over zijn stemgeluid & dan vooral het zangbereik. De oneindige jukebox aan Queen hits rijgt hij aan mekaar als waren het kinderliedjes en daar is het hem om te doen toch, al de rest is bijzaak.
Daarnet nog in de rij op weg naar de ingang en eens binnen op zoek naar ons plekje kon je al merken dat ook hier een mengelmoes van fans is komen opdagen. Alle pluimage, leeftijd, man, vrouw, X, families, hipsters, niet meer zo hip, ... iedereen in het getouw voor alweer een brok geschiedenis. Brian May & Roger Taylor, inmiddels flinke zeventigers, kozen er dus niet voor om op hun lauweren te gaan rusten, wel integendeel, zij voeren het spektakel naar alle uithoeken van de wereldbol. Weliswaar geflankeerd door oude getrouwen van de band zijnde Spike Edney op keyboard, Neil Fairclough op bas en Tyler Warren op percussie ... Immers: The Show Must Go On

Op de tonen van “Innuendo” verdwijnt de gigantische kroon in de hoogte om plaats te maken voor een fenomenaal gedecoreerd podium, je waant je plots zowaar in de opera met rode fluwelen gordijnen, goud barokke omlijsting, overweldigend, je weet niet waar eerst gekeken. Een nokvol sportpaleis gaat helemaal uit zijn dak en dan zien we die o zo bekende inmiddels 'zilveren' krullenbol door de spotlights omcirkeld. Brian May knalt met zijn gitaar door de boxen en met “Now I'm here” wordt de rollercoaster op gang getrokken ... voor een wat twee en een half uur later zal blijken een wervelende show die zijn weerga niet kent. 
Roger Taylor heeft de drums onder controle en dan is het woord aan Adam Lambert, die betreedt het podium in stijl, met veel glitter & glamour, in een met goud en glittersteentjes geborduurde jas en met hoge zwarte tovenaarshoed, daar tovert hij gelukkig geen konijn uit ... Antwerp, Now I'm here ... I think I stay. En dat is maar goed ook, daar zijn we voor gekomen. We worden verwend met een resem hits, sommige worden helemaal uitgesponnen, andere dienen dan weer als intro of medley, op een haar na 30 songs komen deze avond voorbij.
Wie doet hun dit na ? De greatest hits-machine draait op volle toeren en wanneer Adam een applaus vraagt voor de twee aanwezige rocklegendes is het antwoord oorverdovend en zijn Brian & Roger zichtbaar geëmotioneerd. Of wij net als hem ook zo fan zijn van de irreplaceable Freddie Mercury, wel dat treft, ik ook, komen we van Adam te weten, laten we dan samen zijn liedjes zingen en dat doen we gewillig. 
Lambert flirt met muziekstijlen, soms lijkt het wel opera, Bryan & Roger tillen het geheel dan weer naar wat Queen is, een rockband, inderdaad. Het totaalplaatje is overweldigend en wordt door de fans euforisch onthaald en daar zit naast de muziek uiteraard ook de show en het spektakel voor een groot stuk tussen. Ric Lipson & Rob Sinclair respectievelijk verantwoordelijk voor het decor & de lichtshow verdienen hierbij echt wel een eervolle vermelding, wat die twee verwezenlijkt hebben, woorden komen tekort om het te beschrijven, je durft nauwelijks met je ogen te knipperen uit schrik iets te missen. Naast het decor op zich worden we overstelpt met bewegende videoschermen, hologram-achtige projecties, lasershows, animaties allerhande, beelden uit de oude doos op de tonen van “These are the days of our lives” en bij “A Kind of Magi”c komt er vuurwerk uit May’s gitaar ... en ook ééntje uit de micro van Adam ;-)
Naast al het feeërieke is er ook ruimte voor een ingetogener moment wanneer Brian May op het midden podium een akoestisch “Love Of My Life” brengt. De beeltenis van Freddie Mercury verschijnt voor het eerst op het scherm, hij zingt het laatste couplet vanuit de eeuwigheid met Brian mee. Kippenvelmoment wat kan tellen ... Waarna het aan Roger Taylor is om “These Are The Days Of Our Lives” in te zetten, begeleid door oude beelden van de hele band (inclusief de vroegere bassist John Deacon, waar zou die inmiddels uithangen trouwens ...)
De show is inmiddels al een flink stuk over de helft heen, met “Radio Gaga” en  vervolgens het meesterwerk “Bohemian Rhapsody” wordt er een eerste keer afscheid genomen, maar we willen meer en dat wordt ook luidkeels gescandeerd. En we worden beloond, daar heb je Freddie weer in beeld, hij zweept de zaal nog wat meer op met zijn ‘Ay-Oh ...  Ay-Oh’ om dan te verdwijnen met een een lachende 'fuck you' ..
Dit wordt vervolgd met hoe kan het ook anders  “We Will Rock You” en “We Are The Champions”... zowaar kampioenen zijn het zeker. Wat een streling voor oor, oog en andere zintuigen was me dat. Op de tonen van “Heroes”, van alweer een andere held, verlaten we de zaal ... anyway the wind blows.

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/photos/category/2805-queen-15-07-2022.html
Organisatie: Next-Step

Paul Anka

Paul Anka - His way

Geschreven door

Paul Anka - His way
Christine Stroobandt

Een ticket kost evenveel als een dagje Rock Werchter. Alleen is het publiek wat ouder op de show van singer songwriter Paul Anka, ‘Greatest Hits: His Way’. Organisatie Gracia Live zorgde ervoor dat de tournee in de VS ook even halt hield in het Kursaal in Oostende. Ikzelf zit als veertiger (eind, moet ik toegeven) wat tussen de twee in, maar ik wil deze krasse tachtiger toch eens horen zingen. Ik herinner me nog levendig dat mijn moeder vroeger altijd liedjes van Paul Anka mee zong tijdens het strijken. Put your head on my shoulder! Daarom neem ik haar graag mee naar het optreden, als ervaringsdeskundige. Verrassing: ik ben na afloop nog lyrischer dan mijn moeder over het optreden. Het wordt geen avond met alleen afgedraaide, oude hits, maar een les in muziekgeschiedenis met heel veel schwung, variatie en verrassende moderniteit.

Wat een entree maakt de man! Niet op het podium, maar al zingend in de zaal, tussen een zee van witte golvende haarbossen. Met “Diana” heeft hij onmiddellijk het publiek mee en wie dacht dat de dames en heren mooi op hun plaats zouden blijven zitten, heeft het mis. Heel wat grijze groupies hollen naar voren om toch een selfie, handje of kus van de man te krijgen. Met “You are my destiny” bewijst Anka trouwens dat hij nog moeiteloos de hoge noten aankan. Zijn hese stem heeft nog weinig aan charme ingeboet. Net als de man zelf trouwens, strak in driedeling pak met rode pochet.
Naast Anka is ook zijn achtkoppige band impressionant. De saxofonist blijkt ook een begenadigd dwarsfluitspeler tijdens “Strangers in the night” en zelfs trompettist bij een nummer dat ik nu nog niet wil verklappen. De gitarist tovert enkele spectaculaire gitaarriffs tevoorschijn tijdens “Tonight My Love, Tonight” en de violiste, drummer en percussionist zijn gewoon buitenaards. Ik had op voorhand bedacht dat er af en toe wat instrumentale gedeeltes in de show zouden zitten om de hoogbejaarde zanger wat rust te gunnen, maar wie had gedacht dat die stukken zo goed zouden zijn. Bovendien kan Anka er zelf ook wat van, op piano en akoestische gitaar.
Anka is een geboren verhalenverteller. Soms in zijn liedjes, zoals “Adam and Eve”, maar ook in de tussenstukken. Hij vertelt vrolijk over zijn meer dan zestigjarige carrière en over zijn vriendschappen met Elvis Presley, Buddy Holly, Frank Sinatra en nog zoveel anderen. Een van zijn eerste optredens na zijn start in geboorteland Canada was trouwens in de Ancienne Belgique in Brussel! Ook modernere artiesten zoals Michael Bublé en Céline Dion passeren de revue. Soms lijkt het wat humble bragging, maar so what: als ik Anka was, zou het zelfs zo humble niet zijn.

Here we are now, entertain us - Die vriendschappen met andere artiesten resulteren erin dat er ook veel liedjes aan bod komen die hij geschreven heeft voor andere artiesten. Het bekendste is ongetwijfeld “My way”. Paul Anka zingt het nummer met veel bravoure en een technisch hoogstandje is toch dat het precies een duet wordt met de overleden zanger Frank Sinatra. Anka zingt en zijn band speelt en dan hoor je ook Sinatra’s stem door de boxen en zie je hem zingen op een scherm.
Datzelfde gebeurt met Buddy Holly en het lied ‘It doesn’t matter anymore’. Een mooi countrysong, trouwens, waarbij Anka ook nog eens zijn atletisme en lenigheid bewijst met een soort van lang aangehouden squat-pose. En dat niet geforceerd, zoals de pasjes van de nochtans een jaar jongere Joe Biden.
Enfin, die door Anka geschreven songs had ik zeker verwacht, samen met zijn eigen klassiekers zoals “Just a lonely boy”, “A steel guitar and a glass of wine” en natuurlijk “Put your head on my shoulder”. Wat ik niet verwachtte, waren enkele mooie mixen met andere bekende liedjes en ook twee zeer geslaagde covers, een jazzy versie van “Smells like teen spirit” van Nirvana en “Purple Rain” van Prince. Voor covers ben ik altijd extra streng, maar hier kan ik echt van genieten, zeker mede dankzij alweer de schitterende muzikanten, waarbij de saxofonist en zelfs de synthesizerspeler plots ook een trompet tevoorschijn toveren.
Het ritme blijft in de gevarieerde show zitten, met een vlugge opeenvolging van nummers, soms zelfs wat medley-achtig. Uiteraard komt de jazz bovendrijven, maar ook country, Spaanse en etnische invloeden (misschien door de Syrisch-Libanese achtergrond van zijn ouders) schemeren door.
Dat rustigere ballads de swingers aflossen, geeft aan iedereen de kans op even op adem te komen en aan de naar voren gelopen dames de mogelijkheid om al struikelend in het donker hun plaatsen weer in te nemen. Op het einde vliegt iedereen weer van zijn stoel met kleppers als “New York” en nogmaals “Diana”.

Jagger - Het is toch wel opmerkelijk wat een succes een aantal knarren nog steeds hebben. Sting is 70, Bruce Springsteen 72 en Mick Jagger 78 jaar. Deze jagger mag er gerust ook bij geplaatst worden. Hij teert niet alleen op eerder succes, maar is nog volop bezig met nieuwe projecten. Zestig jaar geleden kostte een ticketje voor Paul Anka 1.5 dollar, vertelt hij. Van Rock Werchter was toen nog geen sprake. We begrijpen dat het nu bijna het honderdvoudige is. Gelukkig verdient Anka ook meer dan de drie dollar per week van vroeger. Met een kwinkslag geeft Anka aan dat hij geen job heeft, maar een passie. Die kwinkslagen en spitsvondigheden en interacties met het publiek komen overigens het hele optreden voor, zodat het zeker geen afgelikt en gekauwd geheel wordt.

Mijn moeder had – net zoals waarschijnlijk de meeste oudere fans – misschien nog iets meer eigen liederen gehoord dan de covers. Zo werden bijvoorbeeld “Cinderella”, “It’s time to cry” en “Oh Carol (van Neil Sedaka)” niet gespeeld. Dat laatste lied hoorden we gelukkig wel op voorhand schallen door de geluidsinstallatie in het toilet, waar trouwens ook al duchtig werd meegezongen. Ook de tierelantijntjes van het orkest hoefden voor haar misschien niet zo lang te duren en deden de puurdere dramatiek van de liedjes soms wat minder eer aan. Een verdienstelijke 8/10 was het verdict van mijn moeder, maar ik durf dus zelf voor een 10/10 te gaan! Als jij de volgende keer aan het strijken bent, zet dan ook zeker Paul Anka eens op.

Pics - Kursaal Oostende | Facebook

Organisatie: Gracia Live ism Kursaal, Oostende

Gent Jazz 2022 - Camille Camille, Sohnarr, Meskerem Mees en Agnes Obel - Alle dames aan de macht

Geschreven door

Gent Jazz 2022 - Camille Camille, Sohnarr, Meskerem Mees en Agnes Obel - Alle dames aan de macht
Gent Jazz 2022
Bijlokesite
Gent
2022-07-14
Filip Van der Linden

Alle dames aan de macht

Camille Camille
stak haar neus aan het venster in 2019 toen haar single "Strawberry Moon" opgepikt werd voor De Nieuwe Lichting van StuBru. In de coronaperiode kwam haar album 'Lend Me Your Eyes' uit op het Brusselse label On The Level en sinds de podia weer open zijn, trok ze onder meer door onze buurlanden als support van het Britse duo King Hannah en van Sylvie Kreusch.
Ze mocht bovendien al een Wonderland-sessie doen op Radio 1 en ze mocht in de AB openen voor haar idool José Gonzàlez. Je zou van minder gaan zweven, maar Camille Camille houdt de beide voetjes op de grond. Ze was superblij dat ze op dat - volgens haar - veel te grote festivalpodium van Gent Jazz mocht staan, in de stad waar ze eerder nog studeerde. Het moet op de schoolbanken geweest zijn dat ze een mondje Nederlands geleerd heeft. Niet perfect, maar beter dan dat van ons koningshuis.
Camille stapte blootsvoets het Gentse podium op en haar hele set had iets ontwapenends. Haar stem gaat van engelachtig gefluister tot emotioneel, hoog, krachtig en helder. Dat laatste speelt ze vaak uit en het is onmiskenbaar een troef, maar hoe mooi het ook klinkt, de boodschap (de lyrics) geraakt dan steevast op de achtergrond. Als songschrijfster kan ze nog wat groeien, maar vocaal durven we haar nu al in hetzelfde rijtje zetten als Tori Amos, Dolores O'Riordan (van the Cranberries) of Clannad. Het was naar verluidt haar eerste keer op een festivalpodium, de eerste keer dat ze live met een band speelde en de eerste keer dat ze live zelf de synths speelde.
Als ze alleen op het podium staat, gaat de muziek eerder naar de folk en americana. Zodra de gitarist en drummer aansloten, werd het een stuk experimenteler en bij momenten zelfs noisy op een jazz-cat-kind-of-way. Het Gentse publiek werd uitvoerig bedankt om zo stil en aandachtig te willen luisteren.
Ze putte in Gent uiteraard uit haar debuutalbum, met mooie versies van o.m. "Atlas", "Strawberry Moon", "Short Rain Song", "You Are Not Alone" en "Be Kind". Het Franstalige "J'ai rêvé" en "Write It All Down" werden als nieuwe nummers aangekondigd. Camille Camille, a voice so nice they had to name her twice. Maar ze wil meer zijn dan haar mooie en krachtige stem en ze zal dat ook bewijzen.

Sohnarr is het project dat Patricia Vanneste startte nadat ze in 2018 uit het mee door haar opgerichte Balthazar stapte. In 2020 bracht ze 'Coral Dusk' uit na een reis door Noorwegen en Zweden. Misschien onbedoeld was dat album over afzondering een ideale soundtrack voor de aanslepende coronaperiode. Van dat album werd inmiddels al een Reworked-versie gemaakt. Sohnarr stond vorig jaar reeds op Gent Jazz en was heel blij dat ze nog eens mochten terugkomen.
Patricia Vanneste is songschrijfster, zangeres en violiste bij Sohnarr maar ze neemt op het podium misschien te weinig echt vol de teugels in handen om haar ook een charismatische frontvrouw te noemen. Live wordt ze aangevuld door Tom Soetaert op toetsen en nog twee violistes en een celliste, voor wie het haar eerste optreden met Sohnarr was. Live klinkt de muziek van 'Coral Dusk' voller en emotioneler dan op het album. Iets meer neoklassiek soms en dan weer met een grotere impact van de synths,  dronende beats en soundscapes. Het helpt wel dat het album integraal en in de albumvolgorde gespeeld werd, met aan het einde de Reworked-versie van "Mermaids Of Bergsjøn".
Zowel voor de band als voor het publiek vraagt de muziek van Sohnarr een grote en lang aangehouden inspanning. Patricia Vanneste moest er zelf even bekomen vooraleer ze - net voor het laatste nummer van de set - dan eindelijk toch het publiek aansprak. In Gent houden ze wel van een uitdaging en Sohnarr werd naar huis gestuurd met een minutenlang applaus.

Meskerem Mees werd op Gent Jazz verwelkomd met een spandoek waarop de medewerkers van het stadsfestival hun liefde voor de zangeres uitten. "Het is mijn vierde keer Gent Jazz, maar de eerste op het podium. De drie vorige keren werkte ik mee als vrijwilliger. Dat was een leuke tijd. Ik hoor dat de toekomst van het festival niet zeker is, dus ga ik er vandaag nog eens hard van genieten", zei Meskerem bij de start van haar set. Het was ook nog eens haar verjaardag waardoor ze halfweg de set van het publiek een "Happy Birthday" vroeg en kreeg en zelfs een papieren kroon (zoals in de lagere school) die ze tot het einde van de set ophield.
Veel liefde van het Gentse publiek voor Meskerem Mees en daar kregen we een lange set voor terug, met heel wat nummers uit haar debuutalbum 'Julius': onder meer "Seasons Shift", "The Writer", "Joe", "Queen Bee", "Man Of Manners", "Where I'm From" en "Astronaut".
Bij de covers hoorden we een compleet herwerkte versie van "Let It Be" van the Beatles (met een ander ritme en een luid-kalm-luid-aanpak zoals in de grunge) en "Tree Hugger" dat wij kennen van Antsy Pantsy.
Haar jongste single, een cover van "Cod Liver Oil And The Orange Juice" van Hamish Imlach, hoorden we niet in Gent. Die staat wel op de dit najaar te verschijnen EP 'Caesar', naast oude, nieuwe en onuitgebrachte nummers die Meskerems eerste jaren als professionele muzikant perfect samenvatten, met o.m. het ruwe « The City », dat dateert uit 2017 en door Meskerem zelf werd opgenomen in haar slaapkamer. En hoewel het nauwelijks twee dagen na de verjaardag van Luc De Vos was, speelde Meskerem niet haar Engelse vertaling van Gorki's "Mia".
Zo professioneel en foutloos als ze zingt en gitaar speelt, zo naïef onbeholpen zijn haar bindteksten. Nog steeds, moeten we er misschien bijzeggen, want ze heeft ondertussen podiumervaring opgedaan in zowat gans West-Europa. Meskerem Mees is een totaalpakket waar geen ontkomen aan is. Het was bijzonder om zien hoe ze eerst de hele tent van Gent Jazz zo makkelijk meekreeg en dat er daarna nog bijna honderd mensen aan de stand van Music Mania stonden voor een gesigneerd exemplaar van 'Julius' - die dus waarschijnlijk nog niets van haar in huis hadden.

Van onbeholpen bindteksten was er geen sprake bij Agnes Obel. De Deense doet een Europese zomertournee en Gent heeft daarbij een speciaal plekje in haar hart. Het was haar derde concert reeds in Gent. Ze stond reeds in 2011 op Gent Jazz en dat was één van haar eerste grote festivaloptredens ooit, vertelde ze aan het begin van haar set. Haar doorbraakalbums 'Philharmonics' en 'Aventine' kwamen uit op een Belgisch label, waarmee we wel kunnen stellen dat de liefde tussen Agnes Obel en ons land wederzijds is. Haar Nederlands gaat niet veel verder dan 'dankuwel', maar we zijn al blij dat zij er niet - zoals vele Amerikaanse artiesten - vanuit gaat dat in ons land iedereen Frans spreekt.
De set van Agnes Obel was mooi verdeeld over haar albums, met van haar jongste album 'Myopia' onder meer "Camera's Rolling", een magistrale versie van "Island Of Doom" en titeltrack "Myopia".
Uit haar tweede album hoorden we op deze Gent Jazz o.m. "Dorian", "Run Cried The Crawling" en "The Curse". Opvallend was de grote greep uit 'Citizen Of Glass', haar derde album dat in ons land net iets minder weerklank vond dan de eerste albums. Daaruit speelde ze "Trojan Horses", "Red Virgin Soil", "Stretch Your Eyes" en "Familiar".
Van haar debuutalbum kregen we in Gent onder meer "Philharmonics" te horen en uiteraard ook haar hit "Riverside". Die werd op herkenningsapplaus onthaald, maar de Deense deed hard haar best om die song de nek om te draaien, met pauzes waar er geen hoeven en met ritmewisselingen die niet in het origineel zitten. Er zijn wel meer artiesten die worstelen met de hit waar hun carrière mee begon, maar voor het publiek maakte het weinig uit en het gaf haar - voor het eerst die avond in de strakke planning van Gent Jazz- een toegift.
Agnes Obel zette in Gent een mooi orgelpunt op een avond met straffe dames.

Neem gerust een kijkje naar de pics www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz

Gent Jazz 2022 - een straffe Mauro, een straffere Novastar en een nog veel straffere Sting. Een avond om in te lijsten

Geschreven door

Gent Jazz 2022 - een straffe Mauro, een straffere Novastar en een nog veel straffere Sting. Een avond om in te lijsten
Gent Jazz 2022
Bijlokesite
Gent
2022-07-14
Lode Vanassche

Onze muzikale duizendpoot en genie Mauro Pawlowski bracht vorige nazomer ‘Eternal Sunday Drve’ uit. Volgens de meester zelve grenzeloze melodieuze popmuziek zoals we al konden genieten bij “Always Someone”, “Spotlight” en “The Silent Sky”, nu ook in de set verwerkt. Tuurlijk krijgen we geen pure pop gepresenteerd en kunnen we proeven van zijn typische gitaar picks en dissonanten. Het interesseert Mauro geen zier of hij nu in het tuinhuis van zijn moeder staat te spelen en of hij voor een volle tent staat te spelen. Zijne Eigenzinnigheid doet gewoon zijn ding. En hoe! Zelfs wanneer hij normaal doet, is hij speciaal. Zelfs wanneer hij onnozel doet, is hij serieus. Zelfs wanneer hij serieus is, doet hij onnozel. En dit alles met een aura van jewelste.
Neem er nog wat topmuzikanten als Jasper Maekelberg (wat een gitaarwonder), Marc Bonne (drums), Adriaan Van De Velde (keys), Ewen Vermal (bas) bij en je krijgt een gevarieerde eigenzinnige poppy set voor de ware fans.
Noteer dat niet alles aansloeg bij het publiek vanwege de ogenschijnlijke toegankelijkheid, maar zoals vermeld kon het Mauro en co worst wezen. Het ritme en de grooves gaan stukken dieper dan op de plaat. Het oudere “Fearless” (2004) geeft de voorzet voor een magistrale “What it Takes” met een pompende en zowaar verbeterde “Waiting For The Man”-beat waar hij een soort elektrisch fluitachtig ding uithaalt om de toegankelijkheid plaats te laten ruimen voor zijn typische gekheid. Nee, we worden net niet gedropt in zijn bovenkamer, maar met de fusion jazz van “Spotlight” staan we weer met de voeten op de grond. Nog even een middenvinger met het super kort bisje “Playing”. Straffe tabak.

We zijn van Joost Zweegers gewoon dat hij hyper, doorleefd en vol passie met Novastar het publiek naar hogere niveaus tilt. Ook hier niet anders. Laten we eerst niet vergeten dat Joost in zijn eentje de boel rechttrok toen in een vorige editie Sting te elfder ure afzegde. En dit door simpelweg met zijn typische elan enkele covers van Sting te brengen. Deze een van de grootste singer songwriters moest dus terugkomen. In een wit pak én met nektapijt komt hij het podium opgestoven, pakt zijn zessnaar vast en je voelt dat hij moeite heeft om zich in te houden tijdens “Mars need woman”. Twee nummers later zal het zweet van zich afdruipen. De piano wordt zo wat gegeseld . “When The Lights Go Down On The Broken Hearted” krijgt hier een fantastische versie. Zweegers zwalpt tussen ernst en humor en huppelt op het podium als een kalfje die voor het eerst wordt losgelaten op een weide. Zoals Bart Steenhaut zo treffend wist te omschrijven: ‘Ken je dat gevoel: tijdens een optreden eigenlijk dringend naar het toilet moeten, maar toch op je tanden bijten, en blijven wachten tot er uiteindelijk een minder nummer komt dat je niet koste wat het kost hoeft te horen?  Alleen: er kwàm helemaal geen zwakkere passage.’
Nog een portie kippenvel met “The Three Day Man” (samen met Mike Scott van The Waterboys geschreven). De finale is gewoonweg zinderend: “Where did I go wrong” en “Never Back Down”, uiteraard beter zonder Prozak Henry. En Zweegers zou Zweegers niet zijn mocht hij Sting niet aankondigen met “The best is yet to come”  Straffe tabak bis.
Line up: Dre Pallemaerts (drum) Erik Raedemakers (bas), Robby Govaerts (gitaar)

Na het Belgisch onderonsje van Novastar en Mauro stapte headliner Sting, gisteren, in de intieme setting van De Bijloke in Gent (na 3 jaar geduldig wachten), op het podium. Sting vertelde zelf dat hij er voor zou zorgen dat het de moeite geweest is om drie jaar te moeten wachten. En hij heeft duidelijk woord gehouden. Wat een patente kerel is me dat.
Sting : bijna 71 jaar, beetje traag geworden, kan nog maar moeilijk de hoge noten aan, wat afstandelijk ook ... zo las ik hier en daar de voorbije tijd. Wel ... niks van dat alles op Gent Jazz. De passage van Sting was er één om U tegen te zeggen.
Hoogtepunten ? De ene hit na de andere klassieker. De openers “Message in a Bottle”, “Englishman in NY” en “Magic” werden volop meegezongen (lees : meegebruld) door de uitverkochte tent.
Verder ook : rustpunten (“Fields of Gol” en “Shape of my Heart”) naast een trits Police-klassiekers. “Walking on the Moon” naadloos gevolgd door “So Lonely” (een uppercut !) met een knipoog naar Bob Marley (“everything 's gonna be alright”). Tussenin ook een paar nummers uit de heel behoorlijke laatste CD 'The Bridge'.
Met uiteindelijk de genadeslag : “Every Breath you take” en “Roxanne” (met een sneer naar de criticasters die elk jaar wel een paar keer een 'wereld'groep ontdekken die uiteindelijk niet aan de hielen komt van de backcatalogue van Sting ... zo, dat moest ik even kwijt).
Tot slot : het ingetogen “Fragile” met de nadruk op 'how fragile we are', meermaals herhaald.
En doek.
Neem gerust een kijkje naar de pics www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz

Gent Jazz 2022 - Gabriel Rios en Melody Gardot - Klassebakken

Geschreven door

Gent Jazz 2022 - Gabriel Rios en Melody Gardot - Klassebakken
Gent Jazz 2022
Bijlokesite
Gent
2022-07-12
Lode Vanassche

De Latijns Amerikaanse Gentse Gabriel Rios kiest voor een sobere setting met een met speelplezier overladen contrabassist/toetsenist Samama en verkent de muzikale roots van zijn vader en grootvader met herwerkte versies van klassieke Puerto Ricaanse classics. Hij speelt zijn laatste worp ‘Flore’ integraal, gespeend van klasse en humor. Hij praat alles netjes aan elkaar met spitante anekdotes en grappige quotes, zoals het hebben van een Puerto Ricaans dialect die niemand begrijpt zoals wij onze West Vlamingen niet begrijpen.
Het begin is heel ingetogen en wordt verder netjes opgebouwd. De songs gaan over een ‘happy song about the end of the world’, ‘not belonging to the world’, ‘burning the love for his wife’, ‘Devined ladys’, en andere op het eerste zicht bizarre thema’s. Dit alles in een latino, gipsy en salsa versie uit de jaren 60 en 70. Wat kan die gast gitaar spelen zeg!
Rios en Samama zijn danig ingespeeld op elkaar en de warmte en speelplezier druipen er gewoon af. Het publiek geniet met volle teugen en draagt hem op handen, behalve een klein groepje onverlaten die dachten dat ze naar de Rode Duivels aan het zien waren en de intimiteit danig verstoorden. Gelukkig werden ze stil gelegd. Je hebt ook niet elke dag de kans om cuban styles gemengd met jazz en blues te aanhoren. Als toemaatje krijgen we een krachtige doch cleane versie van “Broad daylight” en “Gold”. Daarbovenop een aankondiging van een aankomende theatertournee en een uitgebreide bedanking van het publiek.
Rios  en Samama krijgen oververdiend een uitgebreide staande ovatie.

Melody Gardot
passeerde al even met een dijk van en concert in 2008 en is sindsdien de publiekslieveling van Gent Jazz. Haar laatste worp ‘Sunset In The Blue’ werd lovend onthaald. Het concert kondigt zich aan met het verzoek om alle smartphones weg te stoppen en te genieten van de intimiteit van deze frêle deerne om zo ‘meer contact en wisselwerking met het publiek te genereren’. Het begint veel belovend met drie muzikanten  die met een zwepende percussie het publiek warm maken. De fantastische en pompende ritmes worden door de geniale drummer strak verder gezet, terwijl Melody en Powell in duet gaan en hun vocale egards etaleren. De sfeer zit er meteen in. Na een nummer of drie valt alles wel wat stil met ballads als “Our Love Is Easy” , uitgesponnen en uitgerekte versies met al even lange bindteksten inclusief. Dit zorgt inderdaad voor een heel intiem sfeertje waar vooral de fans keihard van genieten, maar helaas een deeltje van het publiek doet afdruipen. Hun muzikaal talent komt nog eens duidelijk bovendrijven met nummers als “Les Etoiles” en Cole Porters “What is This Thing Called Love”. Er was eigenlijk voor elk wat wils, de muzikanten kwamen zeer goed aan bod. De stillere en intieme momenten konden minder bekoren in deze gevarieerde set. Toch een waardige en mooie afsluiter.

Neem gerust een kijkje naar de pics www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz

Sjock 2022 - 8 t-m 10 juli 2022 - Het rock'n'roll highlight of the year!

Geschreven door

Sjock 2022 - 8 t-m 10 juli 2022 - Het rock'n'roll highlight of the year!
Sjock 2022
Festivalterrein
Gierle
2022-07-08 t-m 2022-07-10
Ollie Nollet

Het moet een hels karwei geweest zijn om dit jaar het programma van Sjock samen te stellen. Het bleef maar annulaties regenen. The Blasters, The Sadies, Chubby and The Gang en Reigning Sound zijn maar enkele van de vele groepen die voortijdig afhaakten. Maar ondanks een gehavende affiche liep de hertekende en uitgebreide site helemaal vol. De honger naar rock-'n-roll was duidelijk groot en dat gaf een bijzonder goed gevoel en wat was het fijn om na drie jaar al die vrienden terug te zien.
We waren twee van de drie dagen aanwezig …

dag 2 - zaterdag 9 juli 2022
Mijn festival begon dus op zaterdag met een zanger die foeterend het podium af stormde omdat zijn versterker het niet deed. Ach, na drie jaar mochten de zenuwen al eens gespannen staan en na enkele minuten was die weerbarstige versterker toch vervangen. De man in kwestie was niet van de minsten: Peter Sandorff, voorheen actief bij groepen als Nekromantix en Mad Sin. Zijn laatste creatie heet Hola Ghost en dat is een stel gringos uit Kopenhagen, getooid met sombrero's en macabere gelaatsschilderingen. Goed voor een beschonken versie van Calexico waarbij twee mannen op trompet, waarvan één in een beeldig kleed, er een heerlijke mariachi draai aan gaven. Naast die uitbundige Mexicaanse folklore was er ook plaats voor een geslaagde cover van "20 eyes" (Misfits) maar dat kon niet beletten dat er na een tijdje wat eenvormigheid in de set in sloop.

Daarna zag ik meteen al hét hoogtepunt van de dag op de "Bang Bang Stage", het kleinste podium dat dit jaar zijn plaats naast de twee andere podia definitief rechtvaardigde. Stiff Richards, een vijftal uit Melbourne, opende zijn set met een lekkere instrumental, "Intro" (waar halen ze het?), waarna zanger Wolfgang Buckley het podium op wandelde en met een enorme grijns op zijn gezicht ‘I love Belgium’ riep. Start van een verschroeiende set waarin meteen "Point Of You" en niet veel later "State Of Mind", de twee prijsbeesten van hun laatste plaat, op ons werden losgelaten. Maar ook op de rest van de songs viel niets af te dingen. Dit was strak gespeelde punk van de oude soort met immer melodieuze gitaar -en baslijnen, dynamische drums en pisnijdige zang. Onweerstaanbare energie gegoten in dwingende melodieën waarin Buckley met zijn enige rock-'n-roll stem als een razende tekeer mocht gaan. Het was nog vroeg op de middag maar dit hakte er al bijzonder stevig in.

Het was even bekomen maar daar was meteen al het Nederlandse Dry Riverbed Trio, de band van gitarist Dusty Ciggaar die ik ooit zag schitteren naast Ian Siegal. De overgang was wellicht te bruusk want toen het knappe "Pretty baby" halverwege onderbroken werd voor een lange gitaarescapade hield ik het voor bekeken. Kwestie ook van de krachten wat te doseren natuurlijk voor de dingen die ik niet wou missen zoals Cosmic Psychos.

Cosmic Psychos - Het was wel even schrikken toen de drie uit Melbourne het podium kwamen opgesloft. Enig origineel groepslid, Ross Knight (61) leek wel kreupel of ging hij gebukt onder de reuma? Te lang op de tractor gezeten, veronderstel ik. Gelukkig had zijn basspel daar niet onder te lijden en klonk zijn gegrom nog even onheilspellend als vroeger. Samen met drummer Dean Muller en zanger-gitarist John McKeering, (in een, door zijn enorme bierpens, aan flarden gereten marcelleke) zorgde deze Australische Lemmy zoals vanouds voor rechtdoorzee bulldozerpunk waarin alle nuances vakkundig overboord gekieperd werden. Veel leek er niet veranderd, zelfs de fonteinen van witte bloem tussen het volk vooraan, zoals ik dat hier ettelijke jaren geleden eens zag, waren er opnieuw bij. Toch miste de set het dwingende karakter van vroeger. Naar goede gewoonte staken de drie, voor ze vertrokken, hun broek af en mochten we hun harige reten aanschouwen.

Het ging er iets verfijnder aan toe op de Bang Bang Stage waar The Hawkmen uit Bristol voor een nieuw hoogtepunt zorgden. Dit viertal rond de geweldige zangeres Scarlett Fagan en de al even imponerende contrabassist Scott Milsom (met een verleden bij de rockabillyband Coffin Nails) scoorde met een rootsy mix van rock-'n-roll, rhythm & blues en soul. Pretentieloos maar erg verslavend. Mijn favoriete nummer was hun cover van het vooral van Wanda Jackson gekende "Fujiyama Mama"

Naar de Titty Twister dan voor Arsen Roulette (geboren Arsen Sheklian) uit Fresno, Californië. Samen met drie begeleiders beet deze enthousiaste en goedlachse kerel zich vast in vrij authentieke rockabilly terwijl het nodige showgehalte niet ontbrak. Zo goot hij regelmatig bier in de kelen van zijn muzikanten terwijl die doodgemoedereerd verder speelden of gooide hij een elpee het publiek in. Toen de presentator hem na afloop vertelde dat er geen tijd was voor een bis speelde hij er toch één. Een man naar mijn hart. 

Het leek wel Australië boven op zaterdag. Dit keer was het Pat Capocci uit Sydney die me van de sokken blies. Ik had nog nooit van hem gehoord maar dat bleek meteen zonde. Zes platen heeft hij al gemaakt en die moet ik dringend checken. In de rug gesteund door een uitstekende contrabassist en dito drummer vergastte hij ons op een uitermate frisse mix van rhythm & blues, roots en rockabilly met af en toe sporen van western swing, country, blues en jazz. Capocci was in staat die stokoude genres te laten klinken alsof hij ze vorige week had uitgevonden. Bovendien bleek hij ook nog eens een gitaarwizard te zijn die zich evenwel nooit vergreep aan nodeloze solo's.  Met nummers als "Teenage baby" kwam hij zelfs aardig in de buurt van The Blasters. Een ontdekking!!

Afsluiter op zaterdag was George Thorogood and The Destroyers en wat had ik hier naar uitgekeken. Maar nu ik hem na meer dan dertig jaar terug zag, ben ik er nog altijd niet uit of hier blij om moet zijn of niet. 72 is hij intussen al en het leven heeft duidelijk zijn sporen nagelaten. Een aantal kilo's bijgekomen, tot daaraan toe. Erger is dat hij die rauwe rasp van weleer volledig kwijt is. Een vlakke, krachteloze stem is wat hem rest terwijl hij bij elke inspanning naar adem moest happen. Bovendien was hij voortdurend pathetisch op zoek naar aandacht. Even verdacht ik hem ervan te lijden aan een beginnende vorm van dementie.
Was het dan zo slecht? Toch niet! Zijn gitaarspel was wel ok, zij het soms wat krampachtig en met The Destroyers (gitaar, bas, drums, sax) had hij een fantastische band bij, aangevoerd door gitarist Jim Suhler die je kan kennen van zijn eigen platen. 
En dan die setlist! Die bestond uit niets anders dan klassiekers, wat een feest van herkenning. Het begon toepasselijk met "Rock party", oorspronkelijk van Holland K. Smith, een lillende brock rock-'n-roll helemaal in de stijl van Chuck Berry. Gevolgd door "Night time" (The Strangeloves), "Who do you love?" (Bo Diddley), "I drink alone", "One Scotch, One Bourbon, One Beer", "Gear jammer" (misschien wel zijn beste song), "Get a haircut", "Bad to the bone", "Move it on over" (Hank Williams),"Born to be bad" (het bisnummer),... Af en toe verdween hij in de coulissen terwijl zijn gitaar gestemd werd en hij even op adem kon komen. Op die momenten kregen The Destroyers het rijk voor hen alleen wat onder meer resulteerde in een gesmaakte cover van "Tequila" (the Champs) met saxofonist Buddy Leach in de hoofdrol. Het was zeker veel meer dan een genietbaar optreden, alleen gaf de protagonist een ontluisterende aanblik.

dag 3 - zondag 10 juli 2022
Het was pas één uur na de middag maar Harvesters, een nieuwe band met oudgedienden uit Gent vloog er met de nodige begeestering in. Veel klassieker dan ik verwacht had maar dat bleek geen hinderpaal. Vooral de soms behoorlijk vet klinkende gitaren (van Miguel Moors en Paul Lamont) bliezen de prut uit mijn ogen.

Ik had het Gentse Pink Room al een paar keer aan het werk gezien en dat kwam telkens aan als een vuistslag in het gezicht. Maar dat was dan iedere keer in een bedompt café. Vraag was dan ook of die tomeloze energie niet zou verloren gaan op het hoofdpodium van Sjock. Dat bleek allerminst het geval, hun ziedende garagenoise klonk hier met een extra gitarist zelfs beter dan ooit.

Daarna zag ik opnieuw een Belgische groep: Belle Star and The Boot Jacks. Dit combo uit Antwerpen rond de ravissante zangeres Ariane Van Hasselt bracht een verfijnde mix van country, western swing en rock-'n-roll die bleef boeien tot de laatste noot. In een bezetting met gitaar, staande bas, drums en pedal steel speelde Belle Star zelf akoestische gitaar en autoharp, een wat vergeten, op een citer gelijkend, snaarinstrument dat ook door June Carter Cash gebezigd werd.

The Bobby Lees uit Woodstock, New York waren voor velen dé verrassing van het festival. Ik had ze reeds eerder aan het werk gezien in de 4AD en kon alleen maar vaststellen dat dit nog steeds piepjonge viertal veel aan podiummaturiteit gewonnen had. Vol zelfvertrouwen raasden ze door hun set die bulkte van de energie en waarin enkele merkwaardige covers verscholen zaten: "Blank generation" (Richard Hell), "Be my enemy" (The Waterboys) en "I'm a man" (Bo  Diddley), dat ze in Diksmuide over het hoofd zagen.
Met de 27-jarige zangeres-gitariste Sam Quartin hebben The Bobby Lees een charismatische frontvrouw in huis die met haar aan rap refererende zangstijl de Titty Twister moeiteloos wist in te palmen. Dat gecombineerd met een overijverige bassiste die soms wat jazzy klonk, een energieke drummer en een metalig klinkende gitarist leek misschien vreemd maar het klopte wel. Unieke band!

Pat Todd and The Rankoutsiders (Los Angeles) was de groep waar ik het meest naar uitkeek op zondag. Een optreden van The Lazy Cowgirls destijds (jaren '90) in de Gentse Democrazy liet een onuitwisbare indruk op me na maar Pat Todd, die na de split in 2004 met The Rankoutsiders verder boerde, zag ik nooit meer terug. Daar bracht Sjock nu gelukkig verandering in. Met zijn kleine gedrongen gestalte zag hij er wat uit als een rock-'n-rollversie van Michel Pollentier terwijl mijn copain dan weer aan Danny DeVito moest denken. Niet meteen een hippe verschijning dus maar Pat Todd geldt nog steeds als één van de meest oprechte rock-'n-roll zangers ter wereld wat hij ook hier op de Bang Bang Stage bewees met een set no nonsense rock-'n-roll recht uit het hart. Er zat absoluut geen sleet op zijn stem terwijl hij met Nick Alexander en Kevin Keller twee uitstekende gitaristen bij zich had. Tussen de eigen songs maakte hij ook plaats voor twee obscure covers: "Ride on red, ride on" van Louisiana Red en "I'm a cool teenager" van El Pauling and The Royalton om uiteindelijk feestelijk af te sluiten met "Route 66".

De laatste platen van Osees uit San Francisco (voorheen The(e) Oh Sees, OCS, Oh Sees) kunnen me maar matig boeien maar toen John Dwyer zijn set op het hoofdpodium begon met een fragment van "Interstellar overdrive" (Pink Floyd) was ik meteen bij de les. Het niveau van de oerversie met Brigid Dawson, Petey Dammit! en Mike Shoun zal Dwyer wellicht nooit meer halen maar wat hij hier wist neer te poten was toch nog steeds buiten categorie in de huidige psychrock scene. Getooid met een imposante pornosnor vuurde hij samen met twee drummers, een bassist en een toetsenist de ene na de andere splinterbom de wei in. Zijn onnavolgbare gitaarspel bleef begeesteren terwijl het verleden gelukkig niet volledig geschuwd werd wat onder meer zorgde voor een genadeloos "Toe cutter - thumb buster". 
Enig punt van kritiek die ik achteraf hoorde was de korte duur van de set maar dat stelde me in staat om me op mijn gemak vooraan te gaan nestelen voor The Jason Ringenberg Band.

The Jason Ringenberg Band - En of dat de moeite was... De nu 63-jarige Jason Ringenberg, gehuld in een opvallend rhinestonehemd, dartelde als een jong veulen over het podium. Begeleid door een Belgisch trio onder leiding van Seatsniffer Walter Broes (gitaar) putte de man uit Nashville vooral uit zijn laatste twee uitstekende soloplaten, "Stand tall" en "Rhinestoned", en uit de glorieperiode van Jason & The Scorchers.
Jason was bijzonder gelukkig dit te mogen doen en gaf dan ook letterlijk alles waardoor hij enkele keren behoorlijk buiten adem raakte. Wat was het een feest om die oude nummers terug te horen. Zelfs "Absolutely sweet Marie" (eigenlijk van Bob Dylan), de song waarmee ik in 1983 kennismaakte met Jason & The Scorchers, was erbij.
Jason Ringenberg, ooit door Mojo the godfather of americana genoemd, bleek anno 2022 niets aan urgentie te hebben ingeboet terwijl zijn begeleiders gewoon The Belgian Scorchers waren. Grandioze set!

Ik had wel enige verwachtingen van het in Dallas en Fort Worth gebaseerde zestal Vandoliers. Dit was hun laatste dag van een lange Europese tour maar aan enthousiasme was er alvast geen gebrek. Zanger Joshua Fleming, gezegend met een in whiskey gemarineerde stem, vuurde zijn troepen, waaronder een fiddler, voortdurend aan maar hun mix van country, punk en tex-mex klonk net iets te cartoonesk. Het deed me denken aan Flogging Molly en The Levellers en dat zijn nu net twee groepen waar ik liever niet aan herinnerd wordt.

Afsluiter op het hoofdpodium was Social Distortion en ook daar werd ik niet onverdeeld gelukkig van. Het uit het Californische Orange County opererende viertal is maar liefst 44 jaar actief en begon als een hardcore punk band. Intussen is hun stijl veranderd in door country, blues en rock-'n-roll beïnvloedde punk. Dat klinkt heel mooi maar van die omschrijving viel weinig te bespeuren in Gierle. Het was moeilijk te geloven dat dit ooit een punkgroep was. Ik hoorde aan Bruce Springsteen schatplichtige stadionrock die bovendien soms bijzonder vlak klonk.
Nochtans begon het veelbelovend met de schitterende instrumental, "Road zombie", wat mij betreft het mooiste nummer van de set. Verder kon ik die wat slepende stem van Mike Ness wel smaken en mocht ik nog enkele memorabele songs zoals "Bad luck", "She's a knockout" en uitsmijter "Ring of fire" noteren maar dat kon het kapseizen niet verhinderen. Misschien nog even dit weetje: aan de drums zagen we David Hidalgo Jr., zoon van de zanger-gitarist van Los Lobos.

Na twee jaar stilte was Sjock 45 meer dan ooit "your rock'n'roll highlight of the year"!

Neem gerust een kijkje naar de pics @Wim Heirbaut
https://www.musiczine.net/nl/photos/category/2745-sjock-2022.html

Organisatie: Sjock, Gierle

Cactusfestival 2022 - van 08 t-m 10 juli 2022 - Sfeer, gezelligheid en … goede muziek!

Geschreven door

Cactusfestival 2022 - van 08 t-m 10 juli 2022 - Sfeer, gezelligheid en … goede muziek!
Cactusfestival 2022
Minnewaterpark
Brugge
2022-07-08 t-m 2022-07-10
Stan Vanhecke en Astrid De Maertelaere

dag 1 - vrijdag 8 juli 2022 - Start in mineur
We moeten het niet onder stoelen of banken steken. Wat een fantastisch openingsfeestje moest worden voor het Brugse Cactusfestival werd een regelrechte ontgoocheling. Plant was er, maar speelde niet, en de elegante Schotse band Belle & Sebastian bleek niet vettig genoeg om die kater door te spoelen.

Nochtans was er nog geen vuiltje aan de lucht toen Tamikrest het festival op gang trapte. Een band met een dikke knipoog naar desertblues en wereldmuziek. De muzikanten worden dikwijls ingewisseld en wie op het moment van het concert kan, speelt. Met nummers als “Wainan Adobat” en “Djanegh etoumast” toonden ze zich muzikaal heel sterk en ontdekten we ook duidelijk enkele rockinvloeden. Aan de zangstijl is het zeker en vast wennen, waardoor Tamikrest voor een nichepubliek zal blijven bestaan. En daar is niks mis mee.

Toch zagen we al wat meer volk naar het podium schuifelen toen Meskerem Mees haar opwachting maakte. Vorig jaar bezorgde ze haar prachtige album ‘Julius’, waar vooral heel mooie liedjes zijn op te horen. Toch lukt het in openlucht niet steeds om dat gevoel helemaal over te brengen. Met “Astronaut” doet ze altijd wel wat monden openvallen, maar er werd vooral veel gebabbeld op het gezellige Cactus. En een band die gevoeligheid als een soort gebod ziet, komt daarom toch minder over. “Bloody writer” snijdt wel diep, en met “Where I’m From” kregen we gelukkig nog wat meer geluid, al is het duidelijk dat Meskerem Mees beter tot zijn recht zal komen in een concertcircuit of een tent op een festival. Bovendien konden we ons niet helemaal van de indruk ontdoen dat ze haar niet ten volle amuseerde. Vooral toen op het einde van het concert in de coulissen gegesticuleerd werd dat er nog tien minuten resteerde en ze het alsnog voor bekeken hield, dacht je al snel: “hopelijk gaat alles nog goed met Meskerem Mees?”.

Tien minuutjes extra voor een plasje en een drankje. Daar kon een recensent wel mee leven. Want de optredens op Cactus volgen elkaar in razendsnel tempo op. Intergalactic Lovers is al lang één van de gevestigde waarden in België. Op TW Classic zagen we bijvoorbeeld nog een dijk van een show van Lara Chedraoui en de haren. Jammer genoeg was vergelijken verliezen. Op Cactus leek de band een beetje de draad kwijt. Tot twee keer toe moest even gespiekt worden naar de setlist om op één lijn te zitten. Een andere keer stopte Lara de band midden in de intro van “Between the Lines”. “We kunnen niet beginnen als het niet goed zit”, had ze gelijk. Maar het geeft wel een slordige indruk. We kunnen ons inbeelden dat er achteraf wat heen en weer zal gevloekt zijn. Ook op vlak van stem zat het niet helemaal snor. Was het vermoeidheid, of zat de mix niet ideaal, maar Chedraoui klonk met moeite boven de muziek uit. Gelukkig zijn de Intergalactic Lovers tegelijkertijd ongelooflijke pros. Ze ploeterden en vochten en pakten alsnog het publiek mee tijdens songs als “Islands” en “Delay”. De stembanden van de toeschouwers werden gesmeerd en uitgedaagd en tijdens “Shewolf” bonste menigeen mee op het hart met de zangeres. Ook bij de missers loste ze het op met de glimlach. Tijdens “Northern Rd.” sloten ze de set af met een chille solo gitaaroutro en kon het publiek opgewarmd uitkijken naar het volgende optreden.

Maar het zou er niet van komen. Robert Plant en Alison Krauss bleven weg. Alison had de griep, Robert was niet te overtuigen om alleen op te treden. Een ongelooflijke bummer voor organisatoren, publiek en ongetwijfeld voor de muzikanten zelf. Frustraties laaiden op en mensen verlieten het festival.

Wie bleef, verwachtte te veel van Belle and Sebastian. Maar ons respect voor de band nam ongelooflijk toe omdat ze oneindig veel positiviteit brachten. Zelfs wanneer enkelingen hun frustraties luidkeels naar het podium slingerden, gingen ze door. Ze hadden immers al snel de twijfelaars op hun hand door “The Boy With The Arab Strap” als tweede song te spelen. Frivool en folky met een stipte gevoeligheid. Een heerlijk nummer van de Glaswegians.
De muzikanten zijn stuk voor stuk fantastisch en Stuart Murdoch had zelfs wat Nederlands geleerd voor zijn bindteksten. De Bruggelingen konden het wel smaken. The Smiths waren nooit ver weg en tijdens enkele ‘oldies’ zoals “She’s Losing It” hoorden we heel veel strijkers, melodica, sambaballen en tamboerijn. Ze passeerden allemaal in het repertoire van Belle and Sebastian. Telkens op tempo, maar met speelsheid in muziek en stem pakten ze het publiek in.
En met een stichtende ‘kerstsong’ met belletjes in “I Did’nt See It Coming” kwam iedereen ondertussen weer overeen. Er was ook een mooie rol voor de zangeres/toetsenist die voor een extra zachtheid zorgde. Belle and Sebastian nam in het groots afscheid met “Sleep the Clock Around”, waardoor we na een baaldag toch hoopvol naar zaterdag uitkijken. Thanks laddies!

dag 2 - zaterdag 9 juli - Hitsige hits op zaterdag
K.ZIA moest de tweede dag van het Cactusfestival op gang trappen. Jammer genoeg waren er maar weinig mensen om het te zien. Het schaarse publiek dat aanwezig was, bestond vooral uit vijftigers die er voor de gezelligheid waren. De rest van de bezoekers was nog ergens aan het lunchen. Het zorgde voor een redelijk sfeerloos optreden dat maar weinig tickethouders zagen. De pop R&B van K.ZIA zal waarschijnlijk niet gemist worden, maar wie het eens wil checken: “I Got Your Back” was de leukste song van de set.

Dan zinderde Sylvie Kreusch toch wat langer na. Als je tijdens en na het festival met anderen sprak over de artiesten, dan ging het vooral over Sylvie. Heet, sexy, een meeslepende stem en een set die iedereen wegblies. De helft van het publiek wil haar zien, de andere helft wil haar. Vanaf “Let It All Burn” pakte ze iedereen in met haar lange handschoenen (het was nochtans warm genoeg) en een gigantische exhibitionisten jas. Afsluiten deed ze met “Please to Devon”, een nummer dat klinkt als een rookgordijn. Sylvie Kreusch werd de talk of the festival en we genieten nog steeds na van steengoede songs als “Seedy Tricks” en “Walk Walk”.

De Jeugd Van Tegenwoordig is al meer dan een decennium de grootste Nederlandstalige hip-hop groep die je kan boeken als festival. De enige band die het op Cactus in het Nederlands deed, al is het van het vol neologismen gebrabbelde soort. Aanstekelijk en humoristisch, zo kenden we de jongens al. Willie Wartaal had energie te over en Bas Bron hield zich zoals steeds krachtig op de achtergrond. “Sterrenstof”  werd woord voor woord meegezongen en na “Let’s Get Spanish”, wat dan weer niet zo fantastisch was, kregen we zelfs even “Dust In The Wind” te horen. Bij “Manon” deelden ze bananen uit en de fotografen vooraan moesten geregeld eens duiken voor een of ander projectiel dat van het podium af kwam. Kortom, De Jeugd Van Tegenwoordig maakte er weer een feestje van, maar we hadden natuurlijk niets anders verwacht van onze olijke Noorderburen.

En we konden verder feesten – of celebraten – zoals Coely het zou noemen. De Antwerpse hiphopster is een graag geziene gast in Brugge en is deze zomer zo goed als overal in België te zien. Het loont zeker de moeite, want de hits van debuutalbum ‘Different Waters’ blijven aanslaan. “Don’t Care” is een coole song, waarin Coely haar stembanden op de proef stelde. Ze slaagden met glans. Dvtch Norris is de perfecte ondersteuning voor de rapster en zorgde voor een extra couche. Het publiek kon het wel smaken en danste lustig mee. Het laatste nummer van de set was “Celebrate”, en dat werd dan ook gedaan. Tot ziens, Coely! We kijken uit naar je volgende album.

Oh wonder is een band waarvan je constant denkt: “Hé, heb ik dat liedje niet ergens al gehoord?” Of dat goed of slecht is laten we in het midden. Langs de ene kant hebben de nummers altijd wel wat poppy hitpotentieel, aan de andere blinkt het niet bijster uit in originaliteit. Luister bijvoorbeeld eens naar de intro van megahit “Without You” en je hoort Wiz Khalifa met “Young Wild and Free”. Of tel je liever stemvervormingen? Dat kon tijdens “Better Now”. Angus en Julia Stone zijn muzikaal nooit ver weg, al straalt Oh Wonder meer energie uit en houdt het meer van tempo. Tekstueel is het wel een tikje naïef, of wat dacht je van nieuwe songs als “Fuck It, I Love You” en “22 Break” (a heart). Gelukkig gaat het ondertussen weer goed met het popkoppel en trouwden ze vorig jaar.
Alles bij elkaar was het wel een fijn optreden, met veel frivole luchtige klanken en een zangeres met een knuffelstem die zich smeet. Een leuke zomerse opwarmer, dat ons wel deed verlangen naar iets zwaarder.

Gelukkig was er White Lies om onze honger te stillen. “Farewell to the Fareground” schalde als eerste door de boxen, gevolgd door “There Goes Our Love Again”. Alsof de band ons gerust wilde stellen. En ook “To Lose My Life” heeft nog altijd diezelfde power. De gitaren knalden nog eens ouderwets, en dat was misschien wel voor eerst tijdens deze editie van het Cactusfestival.
Toch moeten we ook eerlijk zijn: Harry McVeigh zorgt vooral voor een trip down memory lane. Een nostalgisch uurtje brullen met de maten van vroeger. Het zijn de hardnekkige fans die ook weten welke songs op de laatste platen staat. En dat merk je uiteraard ook aan het optreden. De nummers zijn nog altijd goed gespeeld en af, maar het is meer van hetzelfde. Daardoor kreeg je een massaal gat in de set waarin je stiekem enkel verlangt naar “Bigger Than Us” en “Death”. Gelukkig kwamen die songs er ook, met een kleine ontploffing als gevolg.

Ben Harper is de pa van de surferscene en straalt samen met zijn Innocent Criminals een ongelooflijke warmte uit waarvoor je niets anders dan genegenheid kan voelen. De Amerikaan, dit keer met een rastamutsje en een Muhamad Ali shirt aan, startte zijn set met “Below Sea Level”. Een nummer dat raak schiet dankzij het a capella inzingen van de volledige band. Een moment van stilte daarna, het publiek moest het even laten bezinken. De djembé van Leon Mobley doorbrak die stilte en gaf ons de dansbare ritmes. . “Please Bleed” was dan weer één van de meer rockachtige nummers. Best goed, en het toont dat de band echt van alle markten thuis is.
Heel cool om de band bezig te zien, want je ziet telkens tientallen instrumenten de revue passeren. Bij “Steal My Kisses” haalde Ben Harper zijn lapsteelgitaar boven en zag je de ‘drummer’ met een Cajon box drum. Er zaten ook nog heel wat solomomentjes in met gitaar, tamboerijn, sambaballen, waarin je telkens ontdekt hoe goed ze allemaal wel kunnen spelen. Het voorstellen van de band duurde daardoor wel even. “Amen Omen” was een ander hoogtepunt. Ben Harper zong fantastisch, de band schitterde, de backing vocals deden meer dan ondersteunen.
“With My Own Two Hands” was het meest reggae nummer en tegelijkertijd één van de mooiste van de avond.  Het was de afsluiter van een heel sterke set, waarmee Ben Harper vast en zeker zieltjes zal hebben gewonnen.

De laatste band van de avond was Franz Ferdinand. De Schotten touren met hun ‘Hits To The Head’ en stopten gelukkig even in Brugge. We hoorden slechts twee nieuwe nummers, en eigenlijk kon het publiek dat wel smaken. “Want ik stond vanmorgen op en ik dacht: die Bruggelingen zullen al onze nieuwe muziek willen horen.”, grapte Alex Kapranos, waarna hij prompt “Do You Want To” van zijn gitaar liet rollen. Maar de hitmachine was daarvoor al begonnen. Een tweetrapsraket met “No You Girls” en “The Dark of the Matinee” werd op ons afgeschoten. Bij “The Dark of the Matinee” klonk de stem weliswaar een beetje afwezig, maar dat kon echt niet deren.
Het feestje denderde voort.  De strakste intro van de avond was wel voor “Love Illumination”. Het publiek begon spontaan te springen en de solo van de toetsenist was ook best wel lekker. De band had blijkbaar gekeken naar hun landgenoten van Belle and Sebastian, want af en toe strooide Franz Ferdinand eens met een rustige intro, zoals bij “Jacqueline”.
En tussen al die topsongs was het leuk om “Curious” te leren kennen, al denken we niet dat het zo’n meezinger zal worden als alle andere. Al bleek het wel weer een echt Franz Ferdinand-nummer. “Michael” had de beste riff, en het onmiddellijk daarna teasen van “Take Me Out” leek eeuwenlang te duren. Het was zo’n moment waarop je de spanning zalig in de lucht voelde hangen. Het is van het zaligste dat je tijdens een optreden kan voelen. Met “This Fire” eindigde een fantastische festivaldag. Robert Plant was al een klein beetje vergeten.

dag 3 - zondag 10 juli 2022 - Stomen op zondag
Op zondag haalden we best onze kortste short en coolste pet uit de kast, want het werd warm in het Minnewaterpark. Toch waren de bands die kwamen iets minder van het dansbare type, dus konden we af en toe eens schuilen onder de schaduw van de schaars te vinden bomen.

PVA beet de spits af voor een klein publiek. De Londenaars vervingen last minute Traams op de affiche. Dat bleek geen cadeau, al was het wel fijn dat het trio hun talent eens kon tonen op een groot podium. Denk er een beetje post-punk, new wave, een gevoeligheid voor pop en een vrouwelijke leadzangeres die vooral spreekt in plaats van zingt bij, en je weet hoe de groep klinkt. “Untethered” was het leukste nummer van de set.

Het bleef rustig op het festivalterrein toen Nordmann het podium betrad. Een heel andere vibe dan de dag daarvoor, toen Sylvie Kreusch al om 13.30 uur voor een vol park stond. De instrumentale Gentse band mixt vlotte jazz met rock in klank en instrumenten. Saxofoon, drum en gitaar lopen in elkaar over, al waren er vooral met de gitaar wat problemen qua klank. Het geheel had ook een mysterieus en rokerig geheel over zich en soms werd het ongetwijfeld wat te experimenteel voor de luisteraars. Al zullen echte fans zeker en vast tevreden zijn geweest met de set, voor de doorsnee festivalganger was Nordmann niet toegankelijk genoeg. Dat de band connectie met het publiek probeerde te maken, al was het maar met een fijne bindtekst, hielp niet. Mensen gingen toch een hapje gaan eten, zeker wanneer songs als “In Velvet” wel heel erg traag werden opgebouwd én simpelweg te lang duurden om de aandacht te houden.

Daarom was het waarschijnlijk niet de allerbeste keuze om de zwaarmoedige Schotten van Arab Strap na Nordmann te programmeren. Al hadden ze wel wat van elkaar, de band van frontman Aiden Moffat, klonk wel voller en luider. De indierockband is een gevestigde waarde en maakte met ‘As Days Get Dark’ eindelijk zijn zevende album na 16 jaar zonder nieuwe plaat. Tegelijkertijd is het waarschijnlijk hun best ontvangen plaat van allemaal.
Toch begon het optreden van de ervaren rotten een beetje awkward met het opnieuw stemmen van de instrumenten. De sfeer was sowieso wat bedrukt, omdat de groep er niet helemaal voor leek te gaan. Ook de stem van Moffat kwam niet helemaal over. Toch zagen we iets unieks bij Arab Strap. Spoken word gemixt met rockmuziek hoorden we bij “Here Comes Comus” en “Love Detective”.
Maar eerlijk gezegd waren het vooral de fans die dolenthousiast bleven. De rest van ons keek ernaar als een koe naar een trein. Gelukkig werden we op het laatst nog eens wakker geschud door “First Big Weekend” met enkele fijnzinnige riedeltjes. Dat de zanger een spiekbriefje nodig had voor zijn tekst, dat hadden we nog niet eerder gezien. Het deed ons denken dat dat de reden was dat hij wat kwaad overkwam. Het is pure concentratie om de lyrics van zijn eigen nummers te onthouden. Bindteksten waren er dan ook te veel aan.

Daarna slaakte het publiek in het park een grote gezamenlijke zucht, want oef, het was eindelijk aan blackwave. De energie was ‘Back On Track’ en de zomerse vibe was te voelen, ook door de jazzy vibe die de blazers aan het geheel gaven. Het publiek ging wiegen alsof het net die ene tequila sunrise te veel had gedronken.
Willem Ardui en Jay Walker spitten meestal om beurten hun lyrics, respectievelijk wat kalmer en wat harder. Het werkte. In het rustig ingezette “Recluse” toonden de jongens dat ze ook gewoon goed kunnen zingen wanneer de hoge tonen moesten gehaald worden. Tijdens “Swish” haperden de micro’s en zetten de jongens de set even stil. Het duurde net iets te lang, al kon de band er zelf niet aan doen. Het publiek was ze gelukkig goed gezind en bij “Whasgood” was het akkefietje al volledig vergeten. “A-Okay” is een song met een quirky intro, maar daarna klinkt het voor ons een beetje als Will Smith met “Miami”, alleen complexer. “Up There” klonk dan weer veel zwaarder dan op de plaat. De raps kwamen harder op je af dan bij de andere songs en de twee frontzangers gingen in het midden tussen het publiek staan, als deel van een regelrechte moshpit. Mooi moment. Daarna hoorden we nog hit “BigDreams”, volledig meegezongen door de jeugd en “Elusive”, waarin ze iets raar deden met het refrein door het a capella te brengen. Voor de rest was het één van de betere optredens van het festival.

Nadat we zoveel zagen, was het contrast groot toen we The Tallest Man On Earth – reken maar van yes dat die bandnaam ironisch is – op het podium verscheen. In zijn Queen-marcelleke leek de 1,70 meter lange Kristian Matsson wel iets te moeten compenseren met een heel beweeglijke en energetische set. Het moet gezegd, het is zeker eens de moeite om hem aan het werk te zien, ondanks de Bart Peeters-uitstraling die er ook soms was. De nummers zijn best goed, en enkel gewapend met een akoestische gitaar kon Matsson best wat geluid voortbrengen. Toch bleef het ook steeds gevoelig, zoals in openingssong “The Gardener”. Zowel de bindteksten als songs blijven heel speels, want vooraleer hij “1904” inzette, vertelde hij een vrij warrig verhaal over hoe hij op een ander moment geboren was dan hij was, zijn parlée duurde wel een minuutje of twee. Zo zorgde Matsson wel wat voor variatie, wat ook nodig was. Soms was het wat veel van hetzelfde, waardoor het fijn was dat hij voor sommige songs eens achter zijn piano kroop. “I’ll Be a Sky” was dan weer een ongelooflijk mooi en romantisch nummer, waar menig vrouwenhart voor zou smelten. Matsson slaagde erin om gevoel in zijn stem te leggen bij alle nummers, want ook bij het op tempo en folky “King Of Spain” wordt je echt in een verhaal meegezogen. De toeschouwers konden zonder twijfel met een glimlach richting Supergrass uitkijken.

Supergrass - En we bleven lachen tijdens het stemmen van de micro van Gaz Coombes, waarbij één van de Britse roadies ironisch afdroop wanneer een Schotse stemmer toch eens alles over zou moeten doen voor de Schotse vocals. Na 10 jaar radiostilte rond de band, voelde dit optreden eerder als een reünie dan iets anders. Daarom leek het jonge publiek ook eerder af te druipen bij dit optreden, terwijl de vijftigers uit hun dak gingen. Het contrast kon niet groter zijn dan bij blackwave. eerder die dag waar vooral het jeugdige volk uit de bol ging.
De set werd geopend met “Lucy in the Sky With Diamonds” van de Beatles, wat een leuke referentie was. De set begon best ok, al klonk het af en toe wat rommelig bij deze alternatieve rockband. Het enthousiasme zat wel goed en er werden enkele golden oldies gespeeld. Naarmate de set vorderde begon de band er echt wel in te komen en voelde je de energie zinderen bij het publiek. Allemaal dankzij een akoestisch gitaartje met een trein die rustig aan lijkt te sporen richting… “St-Petersburg”. Een mooi nummer met hoge toontjes op de juiste plek en een zanger die je meepakte in zijn reisverhaal. We waren dus vertrokken, want onmiddellijk daarna kregen we “Allright”, waarbij de jongelingen toch eens hun hoofd draaiden en “Sun Hits The Sky” dat (punk) rockte als vanouds. Daarna volgde nog “Caught By the Fuzz”, een song dat het publiek bij verrassing pakte met enkele pauzes in de song. Het werd het einde van een degelijk optreden, dat toch vooral op het einde echt meeslepend was.

Soms moet je bij reviews wat oppassen. Want af en toe ben je geen fan van de artiest die voor je neus op het podium staat, terwijl het voor anderen een fantastisch optreden kan zijn. En dan begin je je verplicht te voelen om iets waanzinnig goed te vinden. Richard Hawley is zo’n artiest. Voor sommigen één grote geeuw, maar voor velen het beste van het festival. Zeker voor diegenen die Robert Plant eerder misten, zal Hawley een enorm gat toch een beetje gevuld hebben.
De singer-songwriter combineert rockabilly met country-invloeden en speelt mooie songs met veel diepgang zoals “I’m Looking for Someone to Find Me”. Veel melancholische nummers passeerden de revue, waarbij “Tonight the Streets Are Ours” één van de toppers was. De basgitaar zorgde steeds voor het nodige dragende ritme, Hawley ging erover met één van de zuiverste zangstemmen die we tijdens Cactus hoorden. Het croonergehalte was behoorlijk hoog, en harmonieuzere rock zal je niet snel horen. “Down in the Woods” bleek het meest rocky nummer van de set. Achteraf moeten we toegeven dat het zeker en vast een topoptreden was, voor wie deze muziek graag hoort natuurlijk. Al geldt dat uiteraard voor elke band.

Balthazar sloot het Cactusfestival in stijl af. Zelf noemden ze het een thuismatch, het publiek stond klaar om ze met open armen te ontvangen. De set was de beste van het festival, het lichtspel complementeerde de opzwepende en zweterige tonen perfect.
Starten deed de groep van Maarten Devoldere-Jinte Deprez met een lange intro van “Hourglass”, en ook het publiek wilde niet meer wachten. De West-Vlamingen maakten van optreden een soort exacte wetenschap. Alles kwam op het juiste moment, de nummers zijn live nog beter dan op de plaat. Ondertussen is “Boatman” een klassieker en met “Blood Like Wine” mochten we weer ons glas samen heffen. Ook die song is niet meer weg te denken uit een Balthazar-set. Wanneer ze het toch zouden laten, zullen we het hen ook vergeven, want ze hebben genoeg steengoede songs waarmee ze het publiek kunnen opzwepen. Of wat denk je anders van de lekkere referentie naar “Fifteenth Floor”, die ze wel teasen, maar uiteindelijk niet spelen. Geen band laat je zo hunkeren naar meer achteraf. Want ja, tijdens de rit huiswaarts, legden we uiteraard net die song op. Dansen, springen, meezingen, zweten en blijven doorgaan. Dat was het devies voor de toeschouwers. Niemand die stil bleef staan tijdens de melodieuze stoten van de band.
En als we dan één puntje van kritiek mogen hebben: de outro van het verder geniale “Fever” wordt veel te lang uitgesponnen. Het haalde de mensen duidelijk uit het ritme en rook een beetje egotripperij. Maar met de bisnummers was ook dat onmiddellijk weer vergeten. Vooral het indrukwekkende “Losers” gespekt met tromboneklanken, was een schot in de roos en een sterke afsluiter van een geslaagd festival.

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/photos/category/2768-cactusfestival-2022.html
Organisatie: Cactus Club, Brugge (Cactusfestival)

Pagina 129 van 498