Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

Wardaemonic

Acts Of Repentance

Geschreven door

In tijden waar het onmogelijk is nog iets uniek of wereldschokkend uit te brengen binnen het metalgenre - laat staan het blackmetalgebeuren - zijn er toch bands die hun uiterste best doen dat ten minste te proberen en daar zelfs in slagen. Wardaemonic is een Australische blackmetalband die, door het brengen van een soort conceptalbum als 'Acts Of Repentance' alvast een verdienstelijke poging onderneemt om met kop en schouder boven de stroom van blackmetalacts uit te steken; een verschroeiend hete brok blackmetal die je wegvoert naar donkere gedachten, dit allemaal door middel van lang uitgesponnen songs als “Act I: Introspection” waarbij je wordt meegesleurd in een verhaal van verderf, pijn en zwartgalligheid. Ook bij “Act II : Admission” keert dat verschroeiende gevoel terug dat de vuurtongen van de hel je voetzolen likken. Maar de meest verbluffende song is het twaalf minuten lange “Act III: Castigation”, waarbij de band op een trage, maar even dreigende wijze, langzaam je donkere hart binnentreedt om daarna op een oorverdovende wijze je hersenpan uiteen te laten spatten van pure angst. Geen song voor gevoelige zieltjes, maar voor blackmetalliefhebbers die houden van die duistere krachten die aanvoelen als klauwen die je de strot dichtknijpen. Zij zullen hiervan smullen.
Prompt stellen we ons waanzinnige taferelen voor die terug te vinden zijn in meerdere folkloristische verhalen over de duisternis. Door dat op een zo intensieve wijze aan te pakken, zorgt Wardaemonic ervoor dat je met het angstzweet op de lippen achter blijft. Ook bij de daarop volgende, wederom langgerekte, “Act IV: Sufferance” en “Act V: Repentance” is dit nog steeds het geval. Het meest interessante  daarbij is hoe Wardaemonic schijnbaar moeiteloos combineert tussen oldschool blackmetalstijlen en eerder symfonische aankleding waarbij duchtig wordt geëxperimenteerd en buiten de lijntjes van het genre wordt gekleurd.
Wardaemonic verdient het om binnen blackmetalmiddens te worden ontdekt, net omdat ze op avontuur durven trekken in het landschap van blackmetal op een bijzonder verschroeiende en zwartgeblakerde wijze. En door bovendien ook iets bijzonder filmisch en visueel toe te voegen aan het genre, dat je niet elke dag tegenkomt. Maar vooral zien en horen we hier een band die grenzen durft  verleggen binnen datzelfde blackmetalgenre, waar andere acts soms angstvallig vasthouden aan oeroude begrippen. Daarvoor krijgt de band een sterretje meer op zijn rapport. En dat is ook prompt de reden waarom we vallen voor deze 'Acts Of Repentance', die een zodanig verslavende inwerking op ons gemoed heeft, dat we die donkere en mysterieuze trip graag meerdere keren aangaan tot we volledig tot waanzin zijn gedreven.

If Anything Happens To The Cat

Kingdom Of Roots

Geschreven door

If Anything Happens To The Cat brengt na twee jaar stilte een nieuwe plaat uit getiteld 'Kingdom Of Roots'. "Het is een gitaarplaat geworden met echo's uit post, progressief en indierock, afgewerkt met vette knipoog naar nineties-emo" , lezen we in bijgevoegd nieuwsbericht.  We volgen deze sterk onderschatte band al sinds hun eerste release in 2014 ('Sun Drunk Moon') en zien hen telkens opnieuw evolueren en zichzelf heruitvinden. Dat was ook het geval bij de opvolger  'Mångata' in 2017. Ook nu weer verlegt IAHTTC opnieuw zijn eigen grenzen en levert een pareltje van een schijf af boordevol postrock, shoegaze, progressieve rockparels en aanstekelijke songs die je hart intens verwarmen.
Variatie, voortdurend aan stijlbreuken doen, op avontuur trekken door een muzieklandschap in vele lagen, zonder gezichtsverlies te lijden, dat is de rode draad op deze knappe plaat. Al vanaf de eerste song “Intrinsic Gravity” wordt dat al in de verf gezet. We stopten zelfs even met typen om deze plaat in zijn geheel op ons te laten inwerken, zo wondermooi en zo gepolijst klinken elk van de songs. Er valt nergens een speld tussen te krijgen.
 De perfectie wordt zowel instrumentaal als vocaal overschreden. En dat is wellicht nog het meest bijzondere aan IAHTTC anno 2020: je voelt gewoon dat iedereen binnen deze band dezelfde kant uitkijkt. Waardoor die perfectie in het bespelen van instrumenten, en de warme stem die dat allemaal zo mooi aanvult, er niet voor zorgen dat een routineklus wordt afgewerkt. Je voelt dus wel degelijk die warmte als een gloed je ziel diep raakt. Zoals bij een aanstekelijke song “Aloha From Heaven” waarop al die elementen samenvloeien tot een magisch mooi geheel.  Zo gaat het er eigenlijk over de gehele schijf aan toe. De magie bij deze band ligt dus in het collectieve, niet in dat er één bepaald instrument uitspringt. Dat hebben we altijd zo bewonderenswaardig gevonden aan deze band. Dat komt op 'Kingdom Of Roots' meermaals tot uiting. Luister maar naar weer zo een overweldigend mooie parel als “Crown Shyness”, “Alexandru” en de adembenemend mooie afsluiter “Snowglobe Citizen”. Allemaal songs die intiem genoeg zijn om een gemoedsrust over jou te doen neerdalen en die lekker knetteren als een haardvuur op een gezellige winteravond om je niet in slaap te wiegen.

In China hebben ze dat begrepen, ook al is die concertreeks afgelast door de coronacrisis, het wordt echt hoog tijd dat de rest van de wereld volgt. Want wat deze band doet is niet werelds, het is buitenaards. Intense schoonheid tegen het bloedende hart is dan ook wat If Anything Happens To The Cat ons brengt met deze 'Kingdom Of Roots'. De heren slagen er daardoor in veel emoties los te weken bij een mens. Dat gaat van je tot tranen toe dwingen, terwijl de haren op je armen recht komen van innerlijk genot. Gecombineerd met lekker aanstekelijke gitaar, zang  en drum lijnen die ervoor zorgen dat je begint te headbangen en zweven over de dansvloer. Dit is gewoon een oorgasme voor de ziel, wat If Anything Happens To The Cat ons voorschotelt met 'Kingdom Of Roots'. Ook toch een pluim op de hoed van Tim De Gieter die door zijn magische inbreng de sound niet alleen perfect doet klinken, maar ook het warm gevoel dat je vanbinnen krijgt versterkt.

An Evening With Knives

Sense Of Gravity

Geschreven door

De uit Eindhoven afkomstige doom/sludge/postmetalformatie An Evening With Knives wist ons in 2018 aangenaam te verrassen met een emotioneel beladen schijf 'Serrated', met ook een zeer persoonlijke boodschap. De Nederlandse band zag het levenslicht in 2015 en heeft ondertussen zijn stempel gedrukt op de doom/sludge. Het ging hen goed, want ze mochten o.a. op Alcatraz Metal Fest staan en kregen overal goede recensies. De heren zijn natuurlijk niet aan hun proefstuk toe. Ze speelden voorheen bij al even gerenommeerde bands en ook die ervaring in het vak keert terug op die schijf.
Ondertussen hadden we al een fijn interview met de band, dat je hier nog eens kunt nalezen: http://www.musiczine.net/nl/interviews/item/77625-an-evening-with-knives-het-is-fijn-om-te-merken-dat-er-een-steeds-grotere-groep-mensen-is-die-niet-bang-is-om-buiten-de-hokjes-te-gaan-dan-zit-je-bij-an-evening-with-knives-aan-het-goede-adres.html  
Een tweede full album 'Sense of Gravity' kwam op de markt. Dat klinkt, ondanks de vlagen van weemoed, opvallend positiever.
“Sacrifice” is al zo een binnenkopper van formaat die, naar goede gewoonte bij deze topband, letterlijk door je ziel boort , maar je deze keer daardoor niet per se in een tranendal achterlaat. Meesterlijke riffs en verdovende doomachtige drumpartijen worden aangesterkt door een vocale aankleding die de haartjes op je armen doet rechtkomen. Het is niet alleen opvallend aan deze song, het zal de rode draad vormen op de volledige schijf. De sterkte van An Evening With Knives is dat ze de perfectie overschrijden , wat de kruisbestuiving betreft tussen doom en sludge.
Deze keer komen de typische postmetalelementen zelfs meer om de hoek kijken. Luister maar naar de opvallende climaxen bij songs als "Escape”, ”Turn The Page” - een boodschap die sterk aanleunt bij het concept van deze plaat, naar onze mening - en “Endless Night”, wederom zo een donker deken dat je hart verwarmt in koude winterdagen.  Om even terug te komen op “Turn The Page”; daar hoor je duidelijk dat de band na een persoonlijke zeer zware periode in privé-sfeer, een pagina omslaat, niet door plots vrolijk en huppelend door het leven te stappen, maar eerder op een al even melancholische en weemoedige wijze een gemoedsrust over ons, en ook over henzelf, laat neerdalen. Want ondanks dat, de pijn die je voelt zal nooit echt overgaan. Je kunt het alleen een plaats proberen te geven tijdens een 'very ordinary day' in je leven. Die boodschap komt dus over de hele lijn duidelijk naar boven drijven bij An Evening With Knives die weer eens grenzen verleggen in de sludge/doom .
An Evening Wit Knives brengt wederom een bijzonder emotioneel beladen schijf uit, die de perfectie meerdere keren overschrijdt. Geen enkele speld valt er tussen te krijgen als de zware riffs en drumpartijen in je vege lijf klieven en je hart doen bloeden. Waarna de bijzonder weemoedige stem van Marco je letterlijk tot tranen dwingt. Echt enorm veel is er dus op het eerste gehoor en gevoel niet veranderd sinds het debuut, of het moet de positieve energie zijn die ons geen tranen van verdriet maar van geladenheid doet plengen. Terwijl zij en wij een bladzijde omdraaien, met een krop in de keel en kippenvelmomenten.
'Sense Of Gravity' is echter wel een pak stappen voorwaarts naar eeuwige roem binnen de typische doom/sludge- en postmetal. Deze band, waarvan we dachten dat ze na dat sprankelende debuut ons niet meer konden verrassen, doet ons dan ook versteld staan en met verstomming achterblijven in de donkere hoek van de kamer waar we zo graag vertoeven.

Caroline Rose

Superstar

Geschreven door

We citeren ter introductie van Caroline Rose het volgende bericht: "Caroline Rose stond in het begin van haar muzikale loopbaan vooral bekend als een folky countryzangeres uit New York. Bij het befaamde label New West Records was ze dus precies aan het juiste adres. Op haar derde album ‘Loner’ (2018), haar eerste voor New West, sloeg ze echter een behoorlijk andere weg in met aanstekelijke popliedjes, die haar in deze contreien onder andere op het podium van Paradiso, Metropolis, Botanique en Best Kept Secret brachten. Met ‘Superstar’ gaat ze nog een gedurfd stapje verder; ‘It’s a bigger, badder, glitter-filled cinematic pop and soul record’. Met nog steeds een indie geest vol avontuur en creativiteit klinkt ze als een vrolijke en catchy kruising van Lana Del Rey en Prince; deze alternatieve pop prinses."
We legden ons oor te luisteren en waren onder de indruk van de kruisbestuiving tussen aanstekelijke popsongs met een soulvolle en warme vocale inbreng die de gevoelige snaar raakt.
Al vanaf “Nothing’s Impossible” valt al op dat deze artieste de dunne lijn tussen popmuziek en alternatieve muziek bewandelt zoals weinigen dat kunnen. De catchy songs geven je een goed gevoel vanbinnen. In harde en donkere tijden zorgt Caroline voor een zon in je hart zonder al te klef of oppervlakkig te gaan klinken. Je voelt gewoon dat ze het meent. En dat laatste trekt ons ook bij “Got To Go My Own Way”. Bovendien varieert Caroline Rose tussen dansbare en aanstekelijke songs en bijzonder intieme pareltjes waarmee ze je hart zeer diep raakt als op “Feelings Are A Thing Of The Past”. Daarbij gooit ze telkens haar bijzondere soulvolle stem in de strijd, een stem die doet denken aan popprinsessen en soulzangeressen uit het verleden. Die worden door deze aanpak allemaal verenigd tot een wonderbaarlijk geheel dankzij deze bijzonder veelzijdig artieste die Caroline Rose is. Luister maar naar bijzondere kleurrijke songs als “Pipe Dreams”, “Back At The Beginning” en “I Took A Ride” en je begrijpt prompt wat we bedoelen.
Als geen ander weet Caroline Rose op deze bijzonder aanstekelijke 'Superstar' popinvloeden perfect te verbinden met soul. Dit door vooral haar al even veelzijdige stem in de strijd te gooien. Een stem die een warme gloed doet neerdalen over je hart, maar je ook doet zweven over de dansvloer.
'Superstar' is een dansplaat die dan ook een gevoelige snaar raakt.

Jochen Tiberius Koch

Astoria

Geschreven door

Jochen Tiberius Koch is een Duitse componist aan wiens werk we in het verleden reeds de nodige aandacht hebben besteed. Zijn vorige album 'Walden' (2018) was geïnspireerd op het boek '’Walden of life in the woods’ en sprak zeer tot de verbeelding. De man verbindt zoveel muziekstijlen, en brengt zoveel uiteenlopende emoties naar boven bij een mens dat we prompt bereid waren ook zijn nieuwste kunstwerk 'Astoria' de nodige luisterbeurten te bezorgen.
We citeren even: '' This album tells a story about the history of "Astoria", a hotel built in 1915 located at Leipzig, Germany. The building was damaged during the war and air raid, but it has been refurbished brilliantly then became as the most beautiful building in the country. The music tells a story, how it was affected from the political issues and survived during the period of division and reunification of the country, until the closure of the hotel. Also, this story also can be read from the CD booklet.''  Bij aankoop van de plaat dus zeker dat eens lezen. Het loont de moeite, en gaat over een stukje Duitse geschiedenis van vlak na de oorlog. Waar eigenlijk niet zoveel staat over geschreven …
De songs ademen dat stukje Duitse geschiedenis dan ook letterlijk uit. Vaak wordt dit bewust aangesterkt door enkele mooie spoken words, of een vocale inbreng die ons doet terugkeren in de tijd van weemoed of melancholie als op 'The Ballare' , gezongen door Mina die deze song een emotionele uitstraling geeft waardoor je zachtjes een traan wegpinkt. Ze doet dit kunstje nog eens over op “33/45”.
Jochen is zelf een veelzijdig virtuoos die perfect het ontwerp van deze plaat uitbeeldt door een kleurrijk en intens mooi klankenpalet aan te bieden, binnen een zeer intieme omkadering. De wonderbaarlijke klanken brengen je vooral tot rust en kalmte, nergens worden de geluidsmuren afgebroken. Ook “After the war”, “Another world” en “Epiloog” stralen een absolute rust uit, zo eigen aan een land dat door oorlog geteisterd , terug probeert recht te geraken.
Besluit: Hoewel het strikt genomen gaat over dit hotel, gaat het dus eigenlijk ook over een volledig land. De beelden die worden opgeroepen is een verscheurd land, dat dus wordt heropgebouwd. Een periode van kalmte komt eraan. En daarover gaat deze plaat dus vooral over. Elke song opnieuw straalt perfectie uit, Koch is een meester in beelden opwekken die aansluiten bij de muziek en de stemmen -- zowel spoken word als gezongen - vormen daarbij een zeer grote meerwaarde. Het hotel vertelt namelijk vele verhalen rond die periode, zeer mooi samen gevat in dit boek dat Koch visueel probeert uit te beelden op zijn songs. Een opgave waar hij weer in brio in slaagt, want naar goede gewoonte klinkt dit meesterwerk wederom zeer filmisch. En spreekt tot de historische verbeelding van de luisteraar.

genre: Indie Pop / Electronica / Modern Classical
Tracklist: PROLOG 02:10  UPLIFTING MONUMENT 04:39  SUNRISING 02:50
 BEHIND THE BACKDROP 05:10  THE BALLARE 03:16  THE LOBBY BOYS 05:44  33/45 06:18  AFTER THE WAR 05:07  ANOTHER WORLD 06:37  DECLINE 02:40  LOST PLACE 08:29  EPILOG 03:37

Rex Rebel

Rex Rebel - Statement muziek kleurt het grijze Brussel in

Geschreven door

Sam Bettens kwam vorig jaar meer in het nieuws dan pakweg Donald Trump. Dit had met van alles te maken; hij werd een transgenderman, hij beëindigde met K’s Choice hun tour rond hun 25-jarig bestaan en begon met een nieuw project dat de naam Rex Rebel kreeg. Met die laatste band stond hij gisteren samen met Reinout Swinnen en Wim Van der Westen op het podium van de AB Club, waar ze hun debuutalbum ‘Run’ kwamen voorstellen, dat ons (spijtig genoeg) niet super hard kon overtuigen. We waren dan ook benieuwd naar hun passage in Brussel, waar ze hun beste beentje moesten laten tonen.

En of het gisteren een bewogen avond was. De avond startte in de AB met maar één gespreksonderwerp en dat had alles te maken met die ene ziekte die de hele wereld plat legt. Maar rond een uur of acht viel er over iets helemaal anders te praten en dat was het voorprogramma van Rex Rebel. LARSSEN. kreeg van het publiek in de AB meteen iedereens aandacht met zijn donkere, maar dansbare beats. Dat Sasja Maekelberg een echte frontman is, bewees hij dan ook door de zaal te entertainen en door kleine percussie instrumenten te gebruiken die het geheel nog wat specialer maakte. De catchy sound van het optreden maakte het een geslaagd voorprogramma, een voorprogramma dat over een aantal jaar makkelijk een grote zaal inpalmt.

De lichten dimde zachtjes in de kleine zaal in Brussel en op het podium begonnen de lampen te flikkeren op de begintonen van “Big Shot”, wat dan ook het eerste nummer van de set was. Het was een verrassende keuze om met hun grootste hit de avond te starten, maar het publiek zong natuurlijk wel (zachtjes) mee. Met het aansluitende “I Can’t Hurt You”, kunnen we zeker spreken van een sterk begin dat ook muzikaal heel goed zat. Al miste we soms wel dat tikkeltje meer en mochten ze van ons ook gewoon eens goed hard doorspelen.

Het is altijd geweldig om pure vreugde te zien op het podium. Dat was vanavond dan ook zeker en vast het geval. Van de eerste tot de laatste seconde zagen we 3 gelukkige mensen die met een geconcentreerde mentaliteit zich toch zo hard amuseerde. Dit kwam zeker ook door het luide applaus dat ze steeds mochten aanhoren na het bespelen van een nummer van op hun debuutalbum. Ook de eerlijke Sam, die een waar statement rond zichzelf heeft gebouwd, kreeg keer op keer luid gejoel over zich heen wanneer ze een mooie boodschap overbracht aan het publiek.
https://www.youtube.com/watch?v=sGy9JG0BgCU

Met “Too Much To Take” ging het optreden dan toch weer even richting een dieptepunt. Het zwakkere nummer kreeg weinig tot geen enthousiasme uit de zaal, die tijdens het nummer dan ook niet aandachtig waren. Gelukkig begon “Movin’ Out” met een paar rake slagen op de floordrum, waardoor heel de zaal wakker schoot en meteen wild werd. Het dansbare nummer zorgde dan ook voor een heel feestelijk hoogtepunt. De heren van Rex Rebel wisten hoe ze de Ancienne Belgique moesten inpalmen en deden dit dan ook gewoon door dezelfde lijn door heel hun set te trekken.
Het enthousiasme van zowel de zaal als van Sam Bettens zaten er sowieso voor iets tussen, maar in Brussel wisten ze niet meer hoe ze konden stilstaan. Ook met “Big Boy” en “Lifeline” kreeg hij iedereen mee, maar de echt hoogtepunten lagen bij andere nummers. Bij “One More” kwam dat door het leuke meezingstukje op het einde en bij het ‘spoken word’ “Low” kreeg hij de zaal stil door zijn eerlijke en oprechte getuigenis. Er was ook nog een verrassing van Rex Rebel dat een gloednieuw nummer (met een sterke boodschap en waarin Greta Thunberg te horen is op enkele samples) voor de allereerste keer speelde in de Ancienne Belgique.
 “Freedom! ‘90”, een cover van George Michael, was het perfecte bisnummer dat de avond eigenlijk geweldig samenvat. Het nummer begon heel erg leuk en verrassend, waardoor er meteen al duidelijk werd gedanst doorheen heel de zaal. Hier en daar mocht het wel iets strakker en miste we soms het gevoel dat ze niet wouden doorspelen. De boodschap van “Freedom! ‘90” kwam sterk over in de zaal en bewees dat er een soort ‘statement’ rond dit hele concert hing. De cover eindigde weerzinwekkend en zette de zaal op stelten.

Een geslaagd optreden van Rex Rebel, die de weg naar de top zullen bereiken als ze verder doen met wat ze bezig zijn, maar wel iets meer muziek uitbrengen.

Big Shot - I Can’t Hurt You - Run - Tonight - Too much To Take - Movin’ Out - Body - Onuitgebracht nummer - One More - Lifeline - Big Boy - Low - Freedom (George Michael)

Concertagenda Rex Rebel https://www.greenhousetalent.com/benl/agenda/rex-rebel

Organisatie: Greenhouse Talent ism Ancienne Belgique, Brussel

Testament

Testament - Titanen met een baard

Geschreven door

Lief van Testament dat ze de old school thrash avond verkochten als een driedelig ticket. Voor ons was de superieure act snel duidelijk, maar toch bedankt voor de moeite. Zoals in hun nieuwste singles speelde Testament zo strak als maar kan, met als verschil met het voorprogramma dat ze ook echt goeie nummers hadden.
In de Ancienne Belgique was het vanaf 18 uur op de koppen lopen. Wie last had van agorafobie of corona bleef beter thuis. Wat wij meemaakten, was een old school knokpartij. De drie bands speelden hetzelfde genre en rijpten zogezegd in dezelfde wijk in San Fransisco. Het werd echter snel duidelijk dat enkel Testament echt volwassen geworden is en dus geld kan vragen voor enkele meedogenloze shows. Het grootste verlies van de avond was dat geen enkele bassist een meerwaarde kon leveren en het dus bleef bij een eindeloze reeks riffs, maar daarover straks meer.

Death Angel deed goed hun best om hun naam waar te maken. Je kan niet ontkennen dat ze hun nummers goed spelen, echter zijn die songs meestal verwaarloosbaar. Death Angel begon als wonderkind van Metallica gitarist Kirk Hammett (speelde eerst bij Exodus!) toen hun drummer pas veertien was. Sindsdien ging het enkel bergaf. “The Ultra-Violence” en “Voraciour Souls” uit hun debuut van 1987 zijn wellicht hun enige memorabele nummers. Een busongeval maakte in 1990 een einde aan hun ambities, maar het grote plaatje leert ons nu dat daar toch niet veel meer in te verdienen viel. 6/10 voor de moeite. Rob Cavestany is de enige die echt indruk maakte, als originele leadgitarist wist hij perfect wat hem te doen stond, echter heeft hij weinig podiumpersoonlijkheid en zijn vrienden konden dat helaas niet aanvullen. De pogingen van zanger Mark Osegueda (het enige andere originele bandlid) waren noemenswaardig, maar helaas zal deze band nooit zichzelf headlinen.

Over Exodus valt een veel langer verhaal te vertellen. De band is wellicht de uitvinder van het thrash metal genre (nee, niet Metallica en voor hun debuut van 1983). In obscure clubs zoals Old Waldorf, The Stone en Ruthie’s Inn speelden deze legendes voor het eerst headbangers zoals “The Toxic Waltz“, waar ze de ‘Big Four’ voor waren en zowat de essentie legden van wat ‘thrash metal’ betekent. Tijdens deze old school shows vloeide al eens bloed en aangezien het gisteren bijna even heftig was, blijft de bijnaam ‘Most Dangerous Band on Earth’ niet misplaatst. Tijdens Exodus’ set nam de moshpit ongeziene groottes en breedtes aan, terecht voor een band die de facto de uitvinder van dit chaotisch concept is.
Gary Holt is eindelijk terug van Slayer en kon zijn eigen ding weer doen. Wat is dat eigen ding, vraagt u? Oerdegelijke riffs en solo’s spelen, wat hij ook even bij Slayer deed, dus niets nieuws onder de zon. Ook de drummer was beter dan die van Death Angel, maar wanneer gaan we eens de gitaren horen boven die basdrum? Het is een vraag gericht aan de AB en bij uitbreiding alle festivals.
Exodus bracht leven in de brouwerij door eindelijk eens van tempo en drumfill te wisselen. Legende Steve ‘Zetro’ Souza zien schreeuwen was op zich al een genoegen, ondanks dat ook hij helaas écht geen zangstem heeft. Maar bij thrash metal boeit dat niet zo. Wel zeer jammer dat je bij Exodus nooit het verschil in setlist hoort; deze band klinkt al dertig jaar hetzelfde.

The Bay Area thrash is een verhaal van hard stijgen en dalen. Eind jaren negentig hadden alle bands in het genre het moeilijk door concurrentie uit postgrunge en nu metal. Death Angel en Exodus werden letterlijk uitgeschakeld. Testament daarentegen beleefde mogelijk hun meest creatieve jaren, met albums als ‘Practice What You Preach’, ‘Low’ en ‘The Gathering’, terwijl de voorprogramma’s van deze avond op hun bloot gat zaten. Wij durven zeggen dat ‘The Gathering’ uit 1999 hun openbaring als band was: hun bestaansreden en succesformule als death/thrash crossover. “Fall Of Sipledome” speelden ze bijvoorbeeld, geheel onverwacht. Trouwens Dave Lombardo drumt op dat nummer, waar hangt die tegenwoordig rond, alsjeblieft zeg??

Het moet gezegd worden: nu Slayer op pensioen gaat, is Testament de enige die qua niveau kan tippen aan de Big Four los van wat Dave Mustaine weeral schreeuwt. De band is simpelweg beter op alle vlakken. Eventueel Overkill komt in de buurt, maar simpelweg niemand van de thrash generatie heeft evenwaardige songwriting. Laten we het eens hebben over de bas. Geen enkele bassist wist noemenswaardig te zijn deze avond. Thrash is riffs en solo’s, akkoord, maar een goed nummer definieert zich door alle instrumenten. We verwachten dus een bassist die soms eens durft afwijken van de hoofdriff. Case in point: Cliff Burton. Niet voor niets sprong “Practice What You Preach” net in het oor.
Testament combineert ook netjes solopartijen met meezingmomentjes, dat laatste doet Exodus te vaak (bij gebrek aan inspiratie?). De nieuwe nummers werden ook geaccepteerd, als waren het vaste waarden. Niet verwonderlijk voor een band (en een genre) dat het blijft doen met dezelfde formule, aangezien experimentatie (meestal terecht) werd afgekeurd. Van die leuke gimmicks op plaat (het ultieme voorbeeld is de ride cimbaal in “Down for Life” bij 1:16) werden helaas meestal in het spel achterwege gelaten. ‘Old school’ thrash was daarom niet alleen van toepassing op de fans, ook de muziek had haar staan. Niets mis mee - en er was zeker een aandeel dappere jongeren - maar wij vragen ons af wat dat binnen tien jaar gaat geven. Deep Purple en Paul McCartney kunnen misschien eindeloos blijven spelen tot in hun zeventiger jaren, maar die muziek is klotesimpel in vergelijking. Hier spreken we over complexe solo’s en continue tempowissels (ook al blijft dat tempo torenhoog). Chuck Billy was de enige zanger van de avond die een echt talent bezit. Maar ook hij had het soms moeilijk, dat is zelfs op zijn meest recente werk te horen, hoe goed hij het probeert te verbergen. Zullen deze bands misschien instrumentaal gaan? Een paar cellen in ons lichaam hopen het, en Megadeth hint er misschien naar.
Is dit de laatste adem van het thrash genre? Bands als Slipknot en System Of A Down laten de riffs voortleven, maar zolang ‘The Bay Area’ als ‘innovator’ blijft teruggrijpen naar een verloren verleden, blijven wij met een honger zitten, hoe strak de bands ook spelen. Gelukkig blijven Eric Peterson en Alex Skolnick (een leerling van Joe Satriani) verdomd goeie gitaristen. De avond klonk straf, maar bijna als een laatste adem.

Eindigen deze bands binnenkort allemaal zoals Slayer? Testament had alvast de visuals mee en bracht zelfs podiumtrapjes mee. Wie fan is van old school thrash metal kwam zeker aan zijn trekken. Wij durven verder denken en vragen ons af of het genre misschien terminaal is. ‘Old school’ werd misschien twintig keer vermeld doorheen de avond. Testament heette vroeger ‘Legacy’, maar hopelijk worden ze geen legacy act.

Setlist Testament: Eerie Inhabitants - The New Order - The Haunting - The Preacher - Dark Roots of Earth - Last Stand for Independence - Throne of Thorns - Brotherhood of the Snake - The Pale King - Fall of Sipledome - Chrildren Of The Next Leven - Night of the Witch - Into the Pit - Practice What You Preach - Over the Wall - Disciples of the Watch

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/exodus-10-03-2020.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/testament-10-03-2020.html

Organisatie: Biebob

Jack Poels

Blauwe Vear -single-

Geschreven door

Jack Poels is al 35 jaar de zanger van de Nederlandse band Rowwen Heze. Pas nu probeert hij het solo. De blauwe veer staat symbool voor de trigger die hem deed besluiten eens alleen de studio in te duiken. Op de dag dat zijn zoon naar Seoel vertrok, vond hij ook die blauwe veer en dat zette het hele proces in gang.
Poels kan op ‘Blauwe Vear’ makkelijk overtuigen. Tuurlijk is het anders.  Niet de punky-prettige americana-oorlogsmachine die Rowwen Heze soms kan zijn, maar dat verwachten we ook niet. De bezetting is minimaal, met enkel piano en gitaar, maar die volle stem van Poels en dat sappige Limburgs maken met de introspectieve lyrics, een beetje kwetsbaar zelfs, dat je in deze drie minuten een volledige maaltijd voorgeschoteld krijgt. Poels zingt ook anders, met meer variatie in de toon en met meer emotie dan we van hem gewoon zijn.  Als de rest van het album hetzelfde niveau haalt, wordt dit een album om echt naar uit te kijken.

Goudi

‘t Is Wat Het Is -single-

Geschreven door

De single ‘’’t Is Wat Het Is’ is een blij terugzien met iemand die eigenlijk nooit is weggeweest. Pierre Goudesone doet als artiestennaam niet echt een belletje rinkelen, maar dit is de man achter de illustere newwaveband Flesh & Fell. Goudesone wist zich altijd te omringen met ervaren muzikanten en producers en dat is ook het geval voor zijn nieuwe single onder de nom de plume Goudi, met Michel Dierickx achter de knoppen voor de mix en Laurent Stelleman (Flesh & Fell) op gitaar en Ron Reuman (Rick De Leeuw, Eva De Roovere, Lieven Tavernier, …) op drums. Ook werkten nog Axl Peleman (De Kreuners) en Joachim Saerens (Selah Sue) mee. Goudesone’s zang is tussen praten en rappen in, denk aan de Fun Lovin’ Criminals, maar dan in het Oostends dialect, waardoor het meteen wat aan Arno doet denken. Leuk, sfeervol en het swingt op een urban-light manier, maar het had misschien ook nog straffer gekund. Met een punch in het refrein zodat het echt in je geheugen gebeiteld staat. Maar zo is deze Arno-meets-Fun Lovin Criminals ook al prima te genieten.

Baxter Dury

The Night Chancers

Geschreven door

Baxter Dury speelt op zijn nieuwe album in elke song een andere rol. Op “I’m Not Your Dog”, veruit de beste song op ‘The Night Chancers’, spiegelt hij zich aan Serge Gainsbourg. Niet alleen door die Franstalige backing vocals (met geinig Brits accent), ook met dat schijnbaar ongeïnteresseerde parlando en die basic elektropop. Dury neemt de Fransman een tweede keer in het vizier op “Samurai” , door het op een heel basic drumbeat leunende nummer op te leuken met een aanhoudend gekreun en gehijg. Op de retro-eurofunk van “Slumlord” zet hij zich in het spoor van Shane McGowan en andere dronkemannen. “Saliva Hog” komt uit hetzelfde nest als “Atmospherics” van Tom Robinson. Op “Sleep People” en “Carla’s Got A Boyfriend” klinkt hij als een harteloze en onbeleefde versie van Leonard Cohen, die ook nog eens lak heeft aan rijmschema’s. Muzikaal blijft de slome funk op “Hello, I’m Sorry” mooi overeind, maar in de lyrics raakt Dury hier toch de bodem, of hij nu een typetje speelt of niet. Ook “Daylight” had beter nooit het daglicht gezien.  Met zijn parlando en omdat hij grofweg hetzelfde stemtimbre heeft, doet hij op dit album soms denken aan zijn vader, wijlen Ian Dury. Het verschil is dat Ian ook nog lyrics schreef die er echt toe deden.
Als album blijft ‘The Night Chancers’ enkel overeind door de band, de backings en de knappe arrangementen. Baxter Dury zelf doet als zijn typetje (the slumlord) keihard zijn best om elke track naar de verdoemenis te helpen. Op het afsluitende “Say Nothing” proberen de backings nog iets goed te maken met een lange herhaling van het zinnetje ‘Baxter loves you’, maar dan is het kalf al lang verdronken. Als Baxter ons inderdaad zo graag ziet, kan hij niet tevreden zijn met ‘The Night Chancers’.

Mintzkov

Oh Paradise

Geschreven door

Mintzkov won in 2000 Humo's Rock Rally en is sindsdien niet meer uit de schijnwerpers verdwenen. De band behaalde enkele hits, onder andere met “Copper”, “United Something” en “Mimosa”. Doorheen de jaren bleef de band zijn stempel verder drukken op het Belgische rockgebeuren, zowel op als naast het podium met als laatste wapenfeit 'Sky Hits Ground' in 2013. Toen werd het stil. Tot nu, 2020. Mintzkov brengt namelijk een gloednieuwe schijf uit 'Oh Paradise' als trio.
Een song als “August Eyes” kleeft lekker aan de ribben. De hoge toegankelijkheidswaarde van songs als “When Ghosts R Out” en “Distance To Mars” - je zingt ze prompt mee - is een ander pluspunt. Al vinden we dat er al te vaak angstvallig binnen de lijntjes wordt gekleurd, het mocht gerust wat avontuurlijker. Toch blijf je geboeid zitten luisteren en genieten tot in de toppen van je tenen. Net door die bijzonder aanstekelijke wijze waarop Mintzkov je hart diep raakt. Een ding is zeker. Mintzkov is terug van nooit echt geweest en zorgt voor een positieve noot in het leven. Die lekker catchy baslijnen, gezapige gitaar- en drumlijnen en dat bijzonder zomerse tintje waarrond songs als “Unlike The Sun” en “Odyssey” als een oorwurm je doen zweven over de dansvloer, zorgen ervoor dat de kritische benadering prompt in de prullenmand terecht komt. Vernieuwend is het allemaal niet wat Mintzkov anno 2020  doet, maar ons daardoor een warm gevoel vanbinnen geven , doet de band wel. Dat wordt op de daarop volgende songs “Horizon” en afsluiter Oh Paradise” nog maar eens in de verf gezet.
Mintzkov brengt vooral wat meer kleur in het leven van zijn medemens en daar kan nooit iets verkeerd mee zijn, dit op een gezapige, eenvoudige , catchy wijze. Wie had gedacht dat Mintzkov na al die jaren een avontuurlijke plaat zou uitbrengen, komt van een kale reis thuis. Wie echter houdt van een rockband die op een aanstekelijke wijze binnen de lijntjes kleurt en daardoor je koude hart verwarmt, die zal zeker zijn gading vinden in deze knappe schijf. Mintzkov kan door deze aanpak een ruim publiek over de streep trekken en zijn plaats in dat typische rockgebeuren in ons land terug innemen. Maar vooral bevat 'Oh Paradise' één voor één enorm aanstekelijke songs die naar onze mening pas op het podium echt tot hun recht komen. Net door dat zomerse tintje, waardoor je lekker zit mee te deinen tot in de vroege uurtjes. En dat trekt ons uiteindelijk nog het meest over de streep.

The Pilgrims (Netherlands)

6IX

Geschreven door

Een brok rock/pop geschiedenis … In de jaren '90 was The Pilgrims een succesvolle Nederlandse formatie die door opzwepende rock muziek de harten sneller deed slaan. Na vier albums en talloze singles, waaronder een top-20 hit als “White Man”; optredens op o.a. Paaspop en Parkpop werd gitarist Persijn getroffen door een herseninfarct. Het werd toen ook stil rond de band.
Na circa twintig jaar vonden The Pilgrims terug nieuwe energie om de gitaren uit de kelder te halen en stevig te gaan jammen. Voor de fun deden ze in 2017 een succesvolle tournee alsof ze nooit waren weggeweest. Uiteindelijk resulteerde dit in het album '6IX' dat in maart op de markt kwam.
We citeren: ‘6IX’ is opgenomen in de RAW Studio in Zaandijk en bevat 14 nieuwe songs, met twee Otis Redding-covers als bonus-tracks. Het nieuwe album, gemixed door Emile den Tex en gemastered door Peter Brussee, laat een sfeervolle en energieke mix horen van bluegrass, folk, soul en rock, overgoten met de kenmerkende strot van Reniet. De nummers zijn authentiek, puur en gaan over thema’s als internet-seks, dementie, haantjesgedrag en dankbaarheid. De titel verwijst uiteraard naar het zesde album en geeft een knipoog naar de sexy kant van het werk van The Pilgrims'. The Pilgrims zijn terug van nooit weggeweest. Zo blijkt uit die aanstekelijke tracks.
Die aanstekelijkheid en groovy lijnen waarop je onmogelijk kan stilzitten komen al boven drijven bij “Happy”. In die zelfde lijn blijft de band verder werken. Rock en soul verbinden zodat je uit de bol kan gaan op de dansvloer, alsof het weer de jaren '90 is, maar met beide voeten stevig in het heden. En toch varieert The Pilgrims opvallend op deze plaat. Er zitten enkele pakkende songs in, waar de soulvolle vocale aankleding je niets meer of minder dan een kippenvelmoment bezorgt. Want ondanks de energieke riffs en drumpartijen, is het net die bijzonder veelzijdige stem van Renit, die na al die jaren nog steeds zeer goed bij stem blijkt te zijn, dat ons het meest over de streep trekt. Luister maar naar het intieme en wondermooie pareltje “Coffin For My Daughter” dat ons tot tranen brengt. Soul met een grote S. Zoals alleen de groten op aarde dat plegen te doen, waartoe The Pelgrims zeker behoren. Een andere emotionele rollercoaster, waar de vocale inbreng de haren op je armen doen recht komen , is 'Wild'. The Pilgrims slagen er bovendien in niet te verzanden in een kleffe aankleding, tijdens die emotioneel beladen songs, maar eerder je een ferme krop in de keel te bezorgen.
De twee Otis Redding-songs voegen wellicht niets meer of minder toe aan het origineel, maar klinken even energiek als Otis Redding , en meer hebben we niet nodig om over de streep te worden getrokken. Dat wilden we ook nog even meegeven, om af te sluiten. Plots krijgen we weer die aanstekelijke en groovy kant  te horen bij “Sugar” en “Motorway”. De aanhoorder wordt dus over de hele lijn van het ene naar het andere hoogtepunt gedreven, tot en met de parel van een afsluiter “(Sittin' On) The Dock Of The Bay”.
The Pilgrims hebben na al die jaren geen routineklus afgewerkt, maar brengen een knappe soul/rockschijf uit alsof ze nu pas zijn begonnen. De ervaring in het vak is natuurlijk een voordeel dat ze knap uitspelen. Maar het is net die spontaniteit, dat spelplezier - zowel in de pakkende songs als deze boordevol aanstekelijke refreinen - dat ons het meest over de streep trekt. The Pilgrims zijn terug onder ons, alsof ze nooit zijn weggeweest.

Gert (Kleinpunk)

Het Lijkt Wel Vrede EP

Geschreven door

Gert, ook bekend onder meerdere pseudoniemen (oa Gert Kleinpunk), bracht in 2016 zijn debuut 'Ongepast Vrolijk ' uit. Toen al was de man eigenlijk niet aan zijn proefstuk toe, hij bracht onder zoveel namen andere werkjes uit. Gert is een bezige bij die zowel op als naast het podium vrolijk heilige huisjes blijft omverstampen. In 2018 resulteerde dit in een EP 'Niets Meer, Niets Minder'. Nu is er 'Het Lijkt Wel Vrede' waarop de man weer zijn ongezouten mening door de strot ramt, met een vette knipoog links en rechts.
Na een intro waar we vogeltjes horen fluiten, zijn we dan ook vertrokken voor verhalen over een song die de lading dekt. We leven namelijk in verraderlijke tijden waardoor het net vrede lijkt, maar het niet echt is. Zo blijkt uit “Het Lijkt Wel Vrede”, maar het is ook de rode draad op de volledige schijf. In korte en bondige songs  blijft Gert de punker in zichzelf bovenhalen  als op “Naar De Maan”, “Faceboekland” - een herwerking van de song die al op 'Ongepast Vrolijk” stond - en “n “Bruin Circus (van de slechte smaak)”.
De linkse rakker in Gert neemt over de gehele lijn de bovenhand, zoveel is zeker. We leven in tijden van vrijheid van mening en dat zet Gert eveneens in de verf. Naast die bijzondere vertelkracht van Gert is er natuurlijk de instrumentale omlijsting. Ook deze keer doet Gert een beroep op de virtuositeit van Erik ‘Etherik’ Heyns (bas, backing vocals, gitaarsolo op “Faceboekland”) en Yorick Musschoots (cajon, backing vocals), wiens toevoeging ook nu weer een meerwaarde vormen binnen dat geheel. Maar deze keer is er ook een banjo en accordeon van Ezra, wiens inbreng de folkloristische sfeer dan weer ten goede komt. Elk van de muzikanten doen de songs naar een ongekende hoogte stijgen. En dat verdient zeker een extra pluim op de hoed van dit project. Met “Mooie Dromen” horen we weer diezelfde vogeltjes fluiten. Binnen een song van drie minuten horen we plots zelfs enige hoop op een betere toekomst naar boven komen. Of toch ongeveer. Samen staan we sterk, we komen eraan, voor een groene samenleving sterk en sociaal dus een deftig pensioen voor ons allemaal’. We hoeven daar geen tekening bij te maken, welke kant Gert verkiest in zijn verhaal.
Gert paradeert op deze schijf als een klasseverteller, een troubadour en een kleinkunstartiest die een eigen mening verkondigt zonder om en op te kijken. Daardoor is hij wellicht niet uniek in zijn soort, maar je komt het ook niet elke dag tegen in de Nederlandstalige muziek. Gert verdedigt ook nu weer duidelijk het linkse gedachtegoed en daar kun je voor of tegen zijn. Wij focussen ons op de manier waarop het wordt gebracht. En dat is op een doordachte en bijzonder beklijvende wijze, zoals - wellicht in de Engelse taal maar daarom niet per se links - Bob Dylan dat ooit deed. Protestsongs brengen die je doen nadenken. Bij Gert hoort daar een lach en een traan bij. Ook al blijft hij eigenlijk steeds diezelfde truc boven halen als voordien, zijn inspiratie geraakt gelukkig nog niet opgedroogd en hij blijft de punker uithangen die rondom zich stampt tot er ooit iemand luistert.
Ode aan de punk en protestzanger binnen de kleinkunst! Dat schotelt Gert op deze lekkere EP ons voor. En daar krijg je nooit genoeg van op je boterham vinden wij.

Kelis

Kelis - Muzikaal carrière overzicht!

Geschreven door

Rond de eeuwwisseling kwam ‘Kaleidoscope’ uit. De eerste plaat van de toen nog naïeve tiener Kelis. Het werd een productie onder het toeziend oog van Pharrell Williams en Chad Hugo, samen ook The Neptunes. Niet beseffend dat die samenwerking later zou mislopen en haar deels zou maken tot wie ze nu is.
Terwijl het in de VS niet vlotte , kreeg ze in Europa wel voet aan de grond. “Got Your Money” en “Good Stuff” horen bij de grootste successen van haar debuutplaat en die zorgden voor de eerste partygevoelens in de dichtbevolkte AB.
“Get Along With You” werd nooit een succes maar is toch een mooie ballade met een pluim voor de backing vocals. Kelis is natuurlijk niet blijven stilzitten na haar debuutalbum. Eigenlijk wil ze er zelf niet te vaak aan herinnerd worden. Het is verleden tijd, het is goed geweest en gelukkig was haar eerste album een succes. Anders was er na twintig jaar misschien al lang geen sprake meer van die Amerikaanse dame met Afrikaanse en Chineese roots. Wat een prachtige combinatie trouwens. Het is dat wat haar waarschijnlijk zo apart maakt ook.

Twintig jaar carrière, zo zou je het kunnen omschrijven als reden van haar passage in Brussel. Want natuurlijk kwamen veel songs van haar eerste plaat aan bod maar als het enkel dat zou zijn zouden we op onze honger blijven zitten. “Millionaire” maakte iedereen in de zaal plots steenrijk, “Lil Star” is haar op het lijf geschreven, want een (kleine) ster is ze toch wel.  “Caught Out There” met de legendarische woorden “I hate you so much right now” deden de decibelmeters diep in het rood gaan. Meteen het startschot van het beste uit haar loopbaan met “Milkshake”, “Trick me” en “Bounce”.
“Bounce”, dat een groot succes werd in samenwerking met Calvin Harris. Haar carrière staat bol van de samenwerkingen. Van Wu Tang Clan tot Andre 3000 van Outkast, David Guetta en zo kunnen we nog even doorgaan. Ze maakt er maar al te graag gebruik van tijdens haar live shows om de dansvloer op te zwepen. “Acapella” waren de laatste ademstoten door de schorre stem van Kelis. Een stem en vooral de looks die gelijkenissen vertonen met … Tina Turner. Overal waar Kelis aantreedt, is er een soort van partygevoel. De bezoekers, die meestal uit nostalgische overweging naar haar concert gaan , krijgen een ‘goedgevoel’ show waarbij je altijd denkt van: oooh, is dat nummer ook van haar?!

Het is en blijft een kleurrijk figuur maar door wat ze in twintig jaar meemaakte (in de muziekindustrie) blijft ze ook heel nuchter bij alles. En dat is nu eenmaal die andere kant die Kelis ook heeft. We zien haar graag terug, dan misschien met iets nieuws. Want dat is tenslotte ook al bijna tien jaar geleden …


Neem gerust een kijkje naar de pics van de set op Pukkelpop 2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/pukkelpop-2019/kelis-18-8-2019.html

Organisatie: Live Nation

King Dude

King Dude - Zwarte rozen en (iets teveel) whisky

Geschreven door

King Dude - Zwarte rozen en (iets teveel) whisky

Met Ignatz en King Dude hadden ze in een uitverkochte De Zwerver een mooie double bill bij elkaar gesprokkeld hoewel het volk overduidelijk voor die laatste gekomen was.

In 2007 maakte ik kennis met Ignatz in de 4AD, waar hij op een geniale wijze de blues mismeesterde en een diepe indruk op me achterliet. Toch verloor ik Bram Devens, die zijn nom de plume vond in een oude Amerikaanse stripreeks ‘Krazy Kat’ waarin de muis Ignatz heet, uit het oog. Blijkt dat de man al die jaren platen en tapes is blijven maken en met De Stervende Honden zelfs een groep in het leven riep. Die was er in Leffinge evenwel niet bij maar ook in zijn eentje wist hij me opnieuw te begeesteren.
De blues heeft plaats moeten ruimen voor fragiele folk die herinneringen opriep aan John Fahey en de ons veel te vroeg ontvallen Jack Rose. Zweverige folk waarin de stem een wat zwakke schakel bleek maar dat werd ruimschoots gecompenseerd door een immer fascinerende gitaar. Technisch haalde hij wellicht niet het niveau van die twee eerder vermelde gitaristen maar daarom was het absoluut niet minder boeiend.
Ignatz bleef er heel bescheiden bij, wat communicatie had beslist geen kwaad gekund, toch moest hij wat mij betreft niet onderdoen voor wat nog komen moest.

King Dude had zijn microfoonstandaards opgefleurd met zwarte rozen en andere rode bloemetjes net als het krukje waarop een fles whisky (die later een steeds prominentere rol ging spelen) stond. Net als Ignatz had ook Thomas Jefferson Cowgill zijn groep thuis gelaten en was hij enkel vergezeld door een percussionist die hij minzaam met Stereo aansprak. Even dreigde het nog verkeerd te lopen toen onze man uit Seattle tijdens het beklimmen van het podium zijn hoofd stootte aan een laaghangende box. Gelukkig bleef de schade beperkt.
King Dude begon zijn set met een reeks nieuwe songs. Niet dat het veel verschil voor me maakte want ik ben niet vertrouwd met zijn werk. Ook vooraf niet beluisterd want waar kan je een artiest immers beter leren kennen dan op een podium?
Mede door de elektronische percussie had ik toch wat moeite met de eerste twee nummers. Dit leek wel een lo fi versie van de Swans. Maar dan volgde er “45 at 666”, een nummer dat geënt leek op het werk van Lee Hazlewood, inclusief de lage stem. Een experiment dat gedoemd leek te mislukken maar King Dude boetseerde er op miraculeuze wijze een waar kunststukje uit, wat uiteindelijk misschien wel de mooiste song van de avond werd. Vanaf hier kon ik me ook steeds beter vinden in deze duistere neofolk met een gothic randje. Bovendien ontpopte King Dude zich als een rasechte entertainer en begon hij alsmaar meer met het publiek te babbelen. Zo werd hij geconfronteerd met een Scorpions fan of liet hij ons allen samen hoesten om ons zo met zijn vriend Stereo op een smartphone filmpje vast te leggen met de bedoeling het naar Stereo’s moeder, die doodsbang is dat haar zoon het coronavirus zou oplopen, te sturen. Het was zeker niet de enige keer dat zijn humor macabere trekjes vertoonde. Een erfenis uit zijn blackmetal verleden?
Tussendoor werd er ook nog muziek gespeeld met zowaar enkele meezingers, “Jesus in the courtyard” en “Lucifer’s the light in the world” plus een cover, “The devil’s plaything”, van de mij onbekende New Yorkse band Backworld. Intussen begon de whisky, waarmee hij zijn keelgat regelmatig spoelde, zijn tol te eisen.
Toen hij ons liet kiezen wat hij zou spelen riep iemand “I wanna die at 69” en hoewel hij dat nummer nauwelijks nog leek te kennen bleef hij verwoede pogingen doen om er toch nog wat van te maken.
Toen hij de gitaar ruilde voor de piano was het hek helemaal van de dam. Zijn excuses voor zijn bescheiden pianospel hoefden niet eens maar het hopeloze gestuntel en het oeverloos gezwans tussen de nummers begon nu echt wel storend te werken. Jammer van dat ontluisterende slot, anders had hier wellicht een euforische slotzin gestaan.

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

Een nieuw leven voor Balkan Trafik! Van 23 t-m 26 april 2020

Geschreven door
Een nieuw leven voor Balkan Trafik! Van 23 t-m 26 april 2020

Van 23 tot 26 april 2020, keert het multi-artistieke festival Balkan Trafik! terug met een nieuwe focus, de cultuur van de nieuwe generatie uit de Balkan. De cultuur van een generatie die noch het communisme, noch de oorlog in ex-Joegoslavië heeft meegemaakt. Deze editie omarmt jonge kunstenaars die vertrouwd zijn met de traditie, maar hun ogen resoluut richten op de toekomst. Balkan Trafik! Gaat dit jaar door op vier verschillende plaatsen in Brussel: VK Concerts, La Madeleine, Le Palace en de Grote Markt.

Voor de editie 2020 volgt Balkan Trafik! het ritme van de creativiteit in de Balkan, een polymorfe creativiteit die geografisch gespreid is. Het festival is daarom verdeeld over vier ruimtes, met vier uiteenlopende programma’s die een hedendaags artistiek inzicht geven in de regio.

De derde editie "Urban Chapter" van het festival staat op het programma in VK-concerts. Deze concertreeks - onder leiding van headliner Zdob și Zdub, de Moldavische punkband - is het resultaat van drie residenties in verschillende landen en brengt kunstenaars samen uit de Balkan en Brussel als multiculturele hoofdstad.

De versmelting tussen opkomende kunstenaars en gevestigde waarden uit de regio vindt plaats in La Madeleine. Gedurende meer dan 2u30 zal de meester Goran Bregovic een "Best of" van zijn hele carrière presenteren. Hij wordt voor de gelegenheid begeleid door een twintigtal kunstenaars, van alle leeftijden, uit de hele regio

In Cinema Palace toont Balkan Trafik! films in aanwezigheid van de regisseurs. De cinema verwelkomt ook ‘Brussels Calling’, een reeks ontmoetingen en debatten met sprekers uit de hele Balkanregio - ook via live streaming.

De Grote Markt van Brussel en Giant Horo kon deze editie ook niet ontbreken en fungeert als decor van een gratis namiddag in teken van de traditionele cultuur, een eerbetoon aan de diaspora.

Naast de ontmoetingen op deze vier plaatsen, nodigt Balkan Trafik! het publiek uit om in de buurt rond het Sint-Katelijneplein de creatie bij te wonen van twee monumentale fresco's op de stadsmuren, door kunstenaars Jana Danilovic (RS) en IRLO (RO).

PRAKTISCHE INFORMATIE
WAAR & WANNEER
Van 23 tem 26 april 2020
CINEMA PALACE  - 23 > 25.04
Anspachlaan 85, 1000 Brussel
VK concerts - 24.04
Manchesterstraat 13, 1080 Sint-Jans-Molenbeek
La Madeleine - 25.04
Duquesnoystraat 14, 1000 Brussel
Grote Markt Brussel - 26.04
Balkan Trafik! is een creatie van1001 valises ASBL.
www.balkantrafik.com

Boy Pablo

Boy Pablo - Speelse frivoliteit maakt ons warm voor de zomer

Geschreven door

Het indie-/internetfenomeen Boy Pablo zakte af naar Brussel waar er een aanzienlijk schare fans hem opwachtten. Hij en zijn band, bestaande uit vrienden en familie, deden ons verlangen naar de zonovergoten festivalzomer.

De band die de spits mocht afbijten was Jakomo, het Brussels viertal dat lo-fi suave rock brengt. Helaas kon de recensent ter uwer dienst slechts de laatste noten van de set meepikken. Echter, afgaande op die afsluiter en de overweldigende reactie van het thuispubliek, heeft Jakomo een uitstekende thuismatch gespeeld. Als halve finalist van Humo’s Rock Rally zullen we er nog zeker van horen!

Ook al heeft Nicolás Pablo Rivera Muñoz of wel Boy Pablo nog geen LP op zijn conto staan, was de Orangerie net niet uitverkocht. Zijn populariteit was tijdens de soundcheck al duidelijk toen enkele fans kreten slaakten terwijl hij en enkele bandleden de stage klaarmaakten. Iets later kwamen Pablo, zijn broer, neef en drie vrienden opnieuw tevoorschijn terwijl een geluidsfragment hen aankondigde alsof er een sportwedstrijd ging beginnen.
Met “Yeah (Fantasizing)” trapte de knaap en zijn kompanen af met wat eerder een zachte opwarmer is. Het melodieuze en dansbare “Feeling Lonely” zette het feestje pas echt in gang. Hij had dus niet veel nodig om de sfeer zeer frivool en opgewekt te maken. Alles behalve misselijkmakend was ook “Sick Feeling” dat ons een lach op ons gezicht toverde en tegelijk aanstekelijk op onze heupen werkte.
Boy Pablo mag dan nog over hartzeer, eenzaamheid, een wrang gevoel of besluiteloosheid zingen, toch zorgt de melodieuze muziek (denk aan Mac DeMarco, Two Door Cinema Club, Kakkmaddafakka) voor een opgewekte setting. De zomer mag dan nog niet voor morgen zijn, toch voelen en ruiken we de festivals nu al!
Natuurlijk was “Everytime” het summum van de avond dat gretig werd meegezonden door de hele zaal. Deze single is vooral populair door de ogenschijnlijke simpele virale videoclip die zijn eigen digitale leven begon te leiden. Vervolgens mocht goede vriend en backing vocalist Eric Tryland het duet “Never Cared” meezingen. Helaas legde dit pareltje ook de lichte vermoeidheid van Pablo’ stem bloot die wat moest onderdoen voor die van Eric.
We moeten ze vooral niet al te serieus nemen want het verjaardagsliedje, de ingestudeerde mopjes (inclusief corona-joke), de semi-acrobatische toeren, de bandchoreografie, de meezingmomenten en handgeklap... maakten de avond uitermate ontspannend en enorm plezant!
Bissen was niet aan de olijke bende besteed waardoor ze meteen naar het einde sprinten met een uptempo versie van “Dance, Baby”. Zowel Pablo als Eric met keytar in de hand zetten shirtloos het nummer in. Alsof dat nog niet ludiek genoeg was, werden we verzocht om door de knieën te gaan en een laatste keer alles te geven. Iets wat - bij ons weten - maar zelden met volle overgave werd gedaan in de Botanique!

Organisatie: Botanique, Brussel

Tones and I

Tones and I - Meer dan een one hit wonder

Geschreven door

Twee jaar geleden speelde ze nog als straatmuzikant in Byron Bay, maar nu is Tones and I een van de populairste nieuwkomers van het afgelopen jaar. De twintigjarige Australische zangeres scoorde het afgelopen jaar een monsterhit met “Dance Monkey”. Het nummer stond een ongelooflijke zeventien weken bovenaan de Ultratop, een record! Het onverwachte wereldwijde succes zorgt voor een overvolle agenda voor de jonge zangeres, maar haar Europese tour stond al langer gepland. Het was dan ook geen toeval dat haar eerste concert op Belgische bodem in het Leuvense Depot maanden voordien uitverkocht was. De hype rond het optreden was groot en Tones and I leek wat vermoeid, maar ze wist alsnog een nette popshow neer te zetten.

De zaal stond al mooi gevuld voor voorprogramma Billy Davis. De Australiër is voor het eerst in Europa en het lijkt hem aan deze kant van de wereld duidelijk te bevallen. Op zijn sociale media kondigde de sympathieke muzikant aan alles te geven op het podium en hij hield woord. De nummers waren verrassend groovy en van een aanzienlijke kwaliteit. In het verleden werkte de Australiër al samen met grootheden GoldLink en Brockhampton. Billy David concentreerde zich vooral op zijn toetsen en liet het zingen over aan Flyboy Jack en Rahel Philips, die elkaar met hun stemmen perfect konden aanvullen. Het was alvast een aangename kennismaking met Billy Davis en zijn band!

Het leven van Toni Watson bestond de afgelopen maanden vooral uit reizen en promo voeren, waardoor er weinig rust overblijft. Net die rust heeft de Australische nodig om aan nieuwe nummers te kunnen werken, want dat ze bakken talent heeft ondermijnde ze gisteren in Het Depot. Met het nog onuitgebrachte “Can’t Be Happy All the Time” opende ze haar optreden op een eerder atypische manier. Ze bracht het nummer sober en hield het bij de essentie. Haar herkenbare stem raakte de juiste snaar van het publiek, want het beloonde het fraaie begin met luid applaus. Dat publiek bestond gisteren uit heel wat kleinere kinderen, die samen met de mama of papa vooral zaten te wachten op de grote hit. Zij die echter al wat meer vertrouwd waren met de muziek van Tones and I, herkenden in “Never Seen the Rain” al gauw een eerste meezinger van de avond. Spijtig dat het nummer iets te voorspelbaar is en live aan catchiness ontbreekt. Die catchiness vonden we daarentegen wel terug in het herwerkte “Colourblind”. Haar loopkunsten kon ze hier alvast bovenhalen en dat kreeg Het Depot iets losser.
Het repertorium van Tones and I beperkt zich voorlopig tot een redelijk korte EP. Dat betekende gisteren naast een paar nieuwe nummers ook dat Tones and I moest teruggrijpen naar covers. “Drop the Game” van Flume en Nick Murphy (toen nog Chet Faker) was het nummer waarmee ze leerde ‘loopen’, maar kende live enkele kleine timingproblemen. De andere cover, “Forever Young” van Alphaville, was dan weer wel een schot in de roos. Iedereen zong mee en verloor zichzelf in het moment, terwijl Tones and I het nummer van een fijne dynamiek verzorgde. De verhalen die ze tussen de nummers door als bindteksten gebruikte waren vaak grappig en gaven haar nummers mee context. “Johnny Run Away” droeg ze op aan haar gelijknamige beste vriend, die ze na het nummer zelfs op het podium riep. Daarmee scoorde Toni Watson heel wat sympathiepunten!
Tones and I beschikt over een stem die je uit de duizend herkent, maar die leek naar het einde toe wel een beetje uitgeput te geraken. Het vele reizen en spelen lijkt ervoor gezorgd te hebben dat haar stem niet voldoende rust heeft gekregen. Daardoor kwam ze iets minder krachtig voor de dag, en bereikte ze haar normale volume niet. De tonen kon Tones and I desondanks met gemak treffen.
We kregen gisteren trouwens ook een voorsmaakje van haar volgende release en misschien wel toekomstige hit. Ondanks een ingekorte versie kon “You’re So Fucking Cool” overtuigen en sloeg de vonk over naar het publiek. Het beste nieuwe nummer van de avond schreef ze echter een paar weken geleden en heeft zelfs nog geen officiële naam. De stripped versie was weergaloos en kreeg de haren op onze armen recht. Een one hit wonder is ze klaarblijkelijk niet.
De zaal was ruimschoots op voorhand uitverkocht en dat had volstrekt te maken met het megasucces genaamd “Dance Monkey”. In dertig landen stond het nummer helemaal bovenaan de hitlijsten, maar nergens langer dan in België. De dankbaarheid hiervoor van Toni Watson hoorde je overduidelijk in haar bindtekst. Je voelde ook dat iedereen op dat ene moment aan het wachten was en net dat creëerde een prettig momentum. Er werd meegezongen, gedanst door jong en oud en natuurlijk gefilmd voor iedereen die er niet bij kon zijn. Voor velen een onbetwist hoogtepunt van de avond, en wie zijn wij om dat tegen te spreken? Ten slotte werd “The Kids Are Coming” ten beste gegeven en ook hier deed iedereen goed mee. Vocaal zat Tones and I er bijna helemaal doorheen, maar een laatste inspanning zorgde toch nog voor een mooie afsluiter!

Na minder dan een uur zat het gebeuren er alweer op. Dat Tones and I een drukke agenda heeft was duidelijk in haar show, waarin ze op veilig speelde, en haar stem, die vermoeid klonk. De plotse roem en eer gaf haar weinig de tijd om aan haar liveshow te werken, maar het zat grotendeels al redelijk goed in elkaar. Laten we hopen dat Tones and I binnenkort in alle rust even kan bekomen van al het succes en daarna werk kan maken van een debuutalbum. Het potentieel en het vermogen om het tot de grotere zalen te schoppen heeft ze in ieder geval!

Op zaterdag 4 juli speelt Tones and I in de Klub C van Rock Werchter.

Setlist: Can’t Be Happy All the Time - Never Seen the Rain - Colourblind - Jimmy - Drop the Game (Flume & Chet Faker cover) - You’re So Fucking Cool - Johnny Run Away - (Onbekend nieuw nummer) - Forever Young (Alphaville cover) - Dance Monkey - The Kids Are Coming

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Depot, Leuven

The Mission

The Mission - Een magisch trip doorheen de tijd, alsof het terug 1985 was

Geschreven door

The Mission - Een magisch trip doorheen de tijd, alsof het terug 1985 was

Naast o.a. Jesus and Mary Chain, Siouxie and the Banshees, Nick Cave and the bad seeds, Echo and the Bunnymen en vele andere is The Mission een band die zijn stempel heeft gedrukt op de jaren '80 tot prille jaren '90. De band werd in 1985 opgericht door zanger Wayne Husse en bassist Graig Adams. Beide hadden hun strepen ruimschoots verdiend bij die andere jaren '80 icoon The Sisters of Mercy. Met “Tower of Strenght”, “Wasteland” en “Butterfly On a Wheel” scoorde The Mission verschillende cult-hits. Ze drukten dan ook hun stempel op de new wave , de gothic rock en aanverwante stijlen, die in die periode enorm populair was.
De band heeft woelige jaren doorgemaakt, met enorm veel personeelwissels. Maar bewees met het laatste album 'Another Fall from Grace' , uitgebracht in 2016, nog steeds relevant te zijn. The Mission is nu op tournee voor een 'The United European Party tour'. En houdt halt in maar liefst twintig landen. In De Casino traden ze twee keer aan. Bij de ene show spelen ze enkel songs uit de oneven albums, de andere avond waren de even albums aan de buurt. Een bijzonder concept dat ook wij niet wilden missen.

Wij waren erbij op de tweede avond, op zaterdag 7 maart …
Salvation (***1/2) uit Leeds bevaart sinds 1983 diezelfde wateren als The Mission. Meer nog de band is altijd nauw verbonden geweest met The Mission. Zo speelden ze in het verleden al in diens voorprogramma en was Wayne Husse producer van het album 'Jessica's Crime'. In 2018 werd het album 'Diamonds are Forever' oorspronkelijk op de markt gebracht in 1987, heruitgebracht in een geremasterde versie. Salvation drukte doorheen de jaren dus eveneens voldoende zijn stempel op de underground beweging van de gothic-rock scene, en dat merkte je ook aan de opkomst voor het voorprogramma. De band ontgoochelde dan ook niet, al hoor en zie je links en rechts dat de middelmaat zelden wordt overschreden. Ook overviel ons meermaals dat 'dertien-in-een-dozijn' gevoel. Salvation brengt namelijk niets nieuws of wereldschokkends naar voor, maar het lont aan het vuur steken om de boel te doen ontploffen, dit door de energieke set, knetterde als een haardvuur op een koude winterdag. Daarin slaagt Salvation met brio.

Wayne Husse en de zijnen vallen met de deur in huis door direct een klepper van formaat voor te schotelen. “Wasteland”. Zij die nog niet wakker waren , schoten prompt uit hun winterslaap, niet dat de voorganger ons in slaap wiegde. Vanaf de eerste song trok The Mission (*****) alle registers open en zou daar gewoon tot het einde van de avond mee doorgaan. Song na song zorgde dat niet alleen voor een herkenningsapplaus, maar vooral voor een daverend new wave /gothic rock feestje dat ons doet terugkeren in de tijd. Echter met beide voeten stevig in het heden. De teugels werden verder gevierd, mensen gingen op de rug van hun kompaan gaan staan om een dansje uit te voeren. Of er ontstond een potje pogoën tot ver naar achter. Echter zorgt The Mission ook vaak voor een intense, donkere en zweverige sfeer die je eerder een ware krop in de keel bezorgt. Net dat enorm variëren tussen meerdere uitersten , zorgt ervoor dat we ons geen seconde hebben verveeld. Songs als “Like A child again”, “Butterly on a wheel” en “The tears shall drown the wind” mogen dan nog bekend klinken in de oren, vaak werden teksten eveneens door het uitzinnige publiek meegebruld, tot jolijt van Wayne die een tandje bij stak om zijn publiek te entertainen . Het feit dat The Mission niet doet aan routineklusjes, trekt ons echter nog het meest over de streep. Song na song blijft Wayne en zijn band ons met verstomming slaan, of eerder dansen tot het holst van de nacht.
Ook al trekt de frontman, die trouwens nog steeds bijzonder goed bij stem is, daarbij de meeste aandacht naar zich toe, we kunnen niet voorbij aan de virtuositeit en spontaniteit van de muzikanten binnen The Mission. Zo waren we danig onder de indruk van de drum solo’s van Mike Kelly, die niet alleen met de nodige vuurkracht maar eveneens met een hoge dosis spelplezier naar voor werd gebracht. Meermaals jut de Kelly het publiek nog meer op. Gerugsteund door een iets meer statisch, maar daarom niet minder energiek tot virtuoos, solerende bassist Graig Adams en gitarist Simon Hinkler , kunnen we dus stellen dat anno 2020 ook  puur instrumentaal alles snor zit bij The Mission. Ook bij songs als “Sea of Love”, tot afsluiter van de regulaire set “Deliverance” sluiten we ons bij deze stelling aan.
Bij de bisnummers trekt The Mission nog eenmaal alle registers open met een magisch mooie “Blood Brother”, “Believe' en “Marian” (Sisters of Mercy). Om af te sluiten met de ultieme kers op de taart “Tower of Strenght”.

Conclusie:  The Mission bood ons een avond boordevol knetterende hoogtepunten aan, met wellicht enkele momenten dat alles wat de gezapige kant dreigde op te gaan. Maar dat euvel werd telkens vrij snel opgelost, door weer een klepper boven te halen die op een speelse, zeer spontane en energieke wijze naar voor werd gebracht. Telkens opnieuw viel een overweldigend gevoel over ons heen, dat dan ook niet aanvoelde als een zoveelste nostalgie trip. Eerder leek het alsof het terug 1985 was.
Pas toen de lichten terug aangingen stelden we vast dat het echter 2020 is. Ook al galmden nog steeds new wave songs als “Love Like Blood” door de boxen tijdens de afterparty. Zo overweldigend voelde deze  magische trip doorheen de tijd aan, die The Mission ons aanbood.

Setlist: Wasteland - Bridges Burning  - Like a Child Again  - Met-Amor-Phosis
Butterfly on a Wheel - Can't See the Ocean for the Rain  - That Tears Shall Drown the Wind - Within the Deepest Darkness (Fearful) - Grotesque - Severina - Sea of Love - Deliverance
Encore: Blood Brother  - Belief  - Marian  (The Sisters of Mercy cover)
Encore 2: Tower of Strength

Indrukken Wim Guillemyn - Om de zoveel tijd komt Wayne Hussey en zijn gevolg in ons land om er hun bekende en minder bekende hits te spelen aan zijn trouw publiek. Altijd weet hij dit op te hangen rond een bepaald thema: ‘A Farewell tour’, ‘30 jarig bestaan’ etc… Nu was het twee avonden na elkaar waarin hij telkens uit verschillende albums putte. Het positieve aan die twee avonden waren ongetwijfeld de setlists waarin hij niet alleen aan de bekende hits maar ook aan minder voor de hand liggende songs aandacht besteedde.

Eerst kregen we als opwarmer Salvation dat gedurende vier gigs mee mocht als support. Niet de Amerikaanse psychedelische rockband uit de jaren 60 maar de gelijknamige band uit Leeds. Die bestaat nog niet sedert de jaren 60 maar wel sinds 1983. Hun eerste songs werden opgenomen samen met Andrew Eldritch en uitgebracht door Merciful Release. Ze speelden o.a. in het voorprogramma van The Alarm (toen die groot waren midden jaren 80) en Blur speelde ooit nog in hun voorprogramma. Ze werkten ook samen met Wayne Hussey op de EP ‘Jessica’s Crime’. In elk geval heden ten dage leeft de band nog en maken ze nog nieuw werk. Ze konden mij in elk geval overtuigen. Old school rock and roll met een punk attitude.

Natuurlijk was zo goed als iedereen gekomen voor de godfather van de goth rock: The Mission. In stijl kwamen ze het podium op en openden met “Wasteland” (één van hun prijsbeesten). Het was een verschroeiende start met daarna “Burning Bridges”, “Like A Child Again” en het nu al klassieke “Meta-Morphosis”. Het werd enkel, na “Wasteland”, kort ontsierd door een dispuut tussen Adam Craig en een fan waarna die laatste uiteindelijk vakkundig buiten werd gezet.
Simon Hinkler speelde de pannen van het dak en Hussey was goed bij stem. Maar mijn god, sedert zijn vorige passage ziet hij er nu echt oud uit. De man is intussen 61 jaar maar je zou denken dat hij reeds zeventig jaar oud is met zijn ingevallen wangen en lang grijs haar. Gelukkig was dat niet aan zijn prestaties op het podium te merken.
Na die verschroeiende start kwam een rustiger deel van het optreden maar daarom was het niet minder saai. De songs werden vakkundig en uitgebreid gebracht. Vooral met aandacht voor enkele minder bekende en meer introverte songs zoals “Can’t See The Ocean For The Rain”, “That Tears Shall Drown The Wind” (uit het onderschatte ‘Blue’ 1996) en “Grotesque” (uit ‘God is a Bullet’ 2007). Een mooi trio waarna we “Severina”, “Sea of Love” en “Deliverance” kregen als afsluiter. Er waren ook nazaten van de Eskimo’s (roemruchtige fanclub uit het verleden) aanwezig die de band de ganse tournee aan het volgen zijn. Vooral bestaande uit Britten maar bijvoorbeeld ook een Fin en een Nederlander. Zij zorgden voor de gebruikelijke tekens van aanbidding. Elk zijn manier van genieten. De bisnummers waren “Blood Brothers”, “Belief” en “Marian” van The Sisters of Mercy. Een song waarvan Hussey indertijd de muziek schreef. Ook een song die hij de laatste jaren terug regelmatig eens in de setlist steekt. Het moet gezegd worden dat de versie deze avond veel beter klonk dan wat Eldritch de laatste 20 jaar er live van gemaakt heeft. Als tweede bis kregen we dé hit van The Mission: “Tower of Strength”.
Toen de lichten terug aangingen en iedereen bekomen was van het optreden werd er nog duchtig gedanst op de muziek van de jaren 80.

FR review http://www.musiczine.net/fr/concerts/item/77748-mission-accompli-e.html
(dag 1 - 6 maart 2020)


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/the-mission-06-03-2020.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/salvation-06-03-2020.html

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Glints

Glints - Losgaan met de koorknaap!

Geschreven door

Voor velen was 6 maart een doodnormale vrijdag, maar voor Glints was het wellicht een van de mooiste dagen van zijn nog jonge carrière! Hij mocht namelijk zijn debuutplaat ‘Choirboy’ in de Ancienne Belgique voorstellen, en dat voor een uitzinnig publiek. De afgelopen jaren wervelde Glints al over heel wat festivalweides en stilaan begint zijn naam ook over de grenzen heen bekend in de oren te klinken. In de Boxopstelling van de grote zaal bracht Glints een arenawaardige show die weinig aan de verbeelding overliet.

Rare Akuma werd door Glints naar voren geschoven als voorprogramma en kreeg de niet zo gemakkelijke opgave het publiek op te warmen. Veel plaats hadden hij en zijn renegades niet op het podium om voluit te kunnen gaan en ook de energie van het publiek was niet zo hoog als verwacht. Vooral dat laatste speelde niet in het voordeel van Akuma. Hoezeer hij zich ook smeet en probeerde het publiek met zijn duistere producties op te jutten, was de reactie eerder lauwtjes. Ook jammer vonden we het dat zijn microfoon iets te stil stond en soms moeilijk boven de bassen uitkwam. In een andere setting was zijn set veel beter tot zijn recht gekomen.

Na een klein halfuur wachten doofden de lichten en gingen de grote gordijnen open. Een man achter een pianovleugel luidde met de eerste noten “Greatness” in. In een oranje en paars trainingspak dook Glints luttele seconden later uit de coulissen op om met veel gevoel het nummer in te zetten. Van zenuwen leek Jan Maarschalk Lemmens geen last te hebben, getuigen zijn zelfvertrouwen en zijn toonvastheid. De rust was eerder van korte duur, want met quasi-titeltrack “Choirboys” werd meteen erna een echt energiebommetje voor de leeuwen gegooid. Stilstaan was geen optie en wonder boven wonder werd het publiek gevraagd om in koor mee te zingen.

Een eerste puntje van herkenning voor diegene die het kakelverse album nog niet geluisterd hadden was de single “Gold Veins”. Het nummer werd laaiend enthousiast onthaald door de luid meezingende fans. Er werd vooraan zelfs al een eerste pit geopend. Aan sfeer ontbrak het hem zeker niet!
Het publiek at met veel plezier uit de hand van Glints, die steeds losser en energieker overkwam. Tijdens het aanstekelijke “Moving Day” werden we zo al vroeg geanimeerd om mee te wuiven op de toekomstige hit. Naast voornamelijk nummers van de nieuwe plaat werden ook oudere nummers in de goed opgebouwde setlist verwerkt. De VRWRK-samenwerking “New Flow” werd speels gerapt door Lemmens en debuutsingle “Dread” klonk in zijn geüpdatete versie nog intrigerender. Intrigerend was ook de manier hoe Glints een van zijn persoonlijkste nummers, “HTTP 404”, bracht. De songteksten brachten je tussen het gefeest toch even aan het nadenken en op het einde volgde natuurlijk weer een fameuze energie-uitbarsting. Voor een zwoel sfeertje zorgde nadien het zomerse “Family Tree”. Martha Da’Ro deed haar rol als special guest alle eer aan en kreeg met haar unieke stem iedereen mee.
Laten we het ook even over het visuele hebben, want ook dat was gisteren de moeite. Net als op Pukkelpop brachten Glints en zijn team een flitsende en strakke lichtshow. Het publiek liet zich hierin onderdompelen en het leek wel alsof we ons in een hippe nachtclub bevonden. De intensiteit en vooral ook kracht van de nummers werden met het visuele nog verhoogd en hadden ook een effect op de uiterst goede sfeer. De onuitgebrachte freestyle “Sunday Service” was helemaal in your face en werd hiermee een van de verrassingen van de avond. Ook het catchy “Young Wolverine” viel in de smaak en heeft voldoende potentieel om het nog tot radiosingle te schoppen. Het was verfrissend en het had die flow waarmee Glints de hele Box met gemak kon inpakken.
Het feestje was al vol op gang, maar de echte kanjers bewaarde Glints pas voor het einde. Het zoete “Lemonade Money” werd als een hymne onthaald en warmde de zaal nog meer op. Het mocht echter ook wat ruiger zijn en daar diende The Subs-samenwerking “Blank” voor. De zaal werd omgetoverd tot een rave-cave en de flitsende lichten zorgden bij ons bijna voor een epileptische aanval. Het was overdonderend, en dan vroeg Glints ook nog eens om een wall of death. Het kookpunt leek bereikt, maar dat was nog zonder “Fear” en DVTCH NORRIS gerekend. De explosiviteit en de chemie tussen de twee collega’s zorgden voor een nog meer opgefokt publiek, dat de zaal bijna uit zijn voegen liet barsten. De absolute apotheose kwam helemaal als laatst met “Bugatti”, dat het kot finaal afbrak. Schrik voor het alom gevreesde nieuwe coronavirus leek Glints niet te hebben, want kort voor het slot dook hij nog even mee in de pit.

We hadden hoge verwachtingen, maar die kon Glints gisteren met veel klasse en evenveel energie moeiteloos inlossen. In iets meer dan een uur stelde hij zijn geweldige nieuwe plaat voor en toonde hij zich klaar voor de festivalzomer. Een goed opgebouwde setlist, strakke lichtshow en vooral een Glints in topvorm waren de sleutel naar een van zijn beste shows tot nog toe. Het buitenland en de populariteitsboost wenkt voor de Antwerpenaar met Britse roots en dat gunnen we hem na gisteren nog net dat tikkeltje meer.
Op zondag 5 juli breekt Glints de KluB C van Rock Werchter af. Meer festivalaankondigingen volgen binnenkort.

Setlist: Greatness - Choirboys - Gold Veins - New Flow (nummer van VRWRK) - Moving Day-Dread - HTTP 404 - Family Tree (met Martha Da’Ro) - Young Wolverine - Sunday Service - Lemonade Money - Blank (nummer van The Subs) - Fear (met DVTCH NORRIS) - Minimum Wage - Bugatti

Ism Dansende Beren

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Matt Watts

Matt Watts Group - Als een lopend vuur

Geschreven door

Matt Watts kwam in de Handelsbeurs in Gent zijn album ‘Queens’ voorstellen waarmee hij een nieuwe stap zet naar de eeuwige roem in België. De avonden ervoor werd het album reeds voorgesteld in de Arenberg in Antwerpen en in de AB Club in Brussel, telkens voor een uitverkochte zaal en ook de Handelsbeurs was goed gevuld.
De in Brussel residerende Amerikaan Matt Watts verspreidt zich als een lopend vuur en is opvallend genoeg ook in het zuiden van ons land populair. Watts heeft zich zowel voor het album als voor de liveshows kunnen omringen met een fijne selectie van de Vlaamse indierock: Stef Kamil Carlens, Nicolas Rombouts, Wim De Busser van King Dick, Bjorn Eriksson, Maarten Moesen. En die hebben er geen problemen mee om zichzelf weg te cijferen voor de Amerikaan.

Usi Es mocht voor de releaseshows aantreden als support. Op haar EP ‘Mutiny’ had ze niet veel meer nodig dan synths en een laptop en zo staat ze ook live haar mannetje. Ze treedt in de traditie van Kate Bush, PJ Harvey en Tori Amos of als u liever recentere referenties wenst: Agnes Obel, SX en Cat Power. Ze bouwt haar set in Gent geduldig op, beginnend met enkel een breekbare pianomelodie. Van daaruit voegt ze steeds meer synths, loops en samples toe tot ze bij “Christian” bijna bij Björk uitkomt. De mooiste momenten zijn “Billy Weaver” en “Something To Cross”, het meest intrigerend is hoe ze “Is This Desire” van PJ Harvey naar haar hand zet. Benieuwd naar wat Usi Es nog meer in haar mars heeft.

Matt Watts begint wat intimistisch en zelfs bijna akoestisch, met “Every Tear Just For You”, een song die hij schreef voor de Zita Swoon Group. Op het eerste zicht een wat vreemde keuze als je een album te promoten hebt. Pas achteraf merk je in de setlist het evenwicht tussen pauzeren en voluit gaan. Na die rustige opener pakt de band een eerste keer flink uit met single “Sha La La La Jim”, die in de liveversie nog aan power gewonnen heeft. Het nummer wordt al meteen onthaald met een herkenningsapplaus en dat raakt de band zichtbaar. “Lula” is op het album een beetje dreigend en zeker bezwerend, terwijl het live een flinke scheut grootstadsfunk geïnjecteerd krijgt.
Wim De Busser (King Dick) legt met een piano-intro de weg vrij voor Watts op het hartverscheurende “With Every Healing Mile” en ook Eva-Tshiela en Kapinga Gysel van o.m. de Zita Swoon Group mogen dan een eerste keer schitteren. Voor De Busser en de Gysel’s mag er zelfs een dansje bij.
Dan volgt uptempo southern/americana-rock met het stampvoetende “Smoke All Around My Brain” en een lang aangehouden cover (“Little Wheel” van Buffy Sainte Marie). Uit zijn vorige album ‘How Different It Was When You Were Here’ brengt Watts vervolgens het veel rustiger “Time Turns As An Engine” en “Joanne”. Treuren en rocken, hij kan het allemaal als de beste. Daarna gaat het tempo weer de hoogte in met het schijnbaar lichtvoetige “Rachel”, de Michael Jackson-cover “Billie Jean”, “There I Have Come For You” en “Lay Your Years”. Watts stuurt zijn Group inmiddels aan als een blanke James Brown (minus de danspasjes), waarbij hij als een echte master of ceremonies zijn troepen van op het podium overschouwt en elk van zijn discipelen zijn solo-moment gunt. Hoe harder het publiek danst, zingt en applaudisseert, hoe weidser de gebaren van Matt Watts worden. Zelfs een potje drama is hem niet vreemd: hoe hij theatraal op de podiumvloer gaat liggen terwijl de band zijn song afwerkt.
De reguliere set wordt afgesloten met “Caroline” of is het dan toch “Karolien”? In de toegift krijgt “Your Love Is Not Your Own” nog een stevig gitaarduel tussen Stef Kamil Carlens en Bjorn Eriksson. Pas helemaal op het einde treedt Carlens uit de schaduw voor het duet “Many A Friend To Kind”.

Een all-star-band lost doorgaans de verwachtingen maar half in. Deze Matt Watts Group bewijst op ‘Queens’ en live hoe artiesten elkaar naar een hoger niveau kunnen tillen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
Usi Es
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/handelsbeurs/usi-es-06-03-2020.html
Matt Watts
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/handelsbeurs/matt-watts-group-06-03-2020.html

Organisatie: Handelsbeurs, Gent ism Democrazy, Gent

Pagina 181 van 498