AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

A Violet Pine

Again

Geschreven door

Bijna vier jaar na hun tweede album ‘Turtles’ heeft het Italiaanse trio A Violet Pine zeven nieuwe songs uit, gebundeld onder de naam ‘Again’. En ze blijven ook ditmaal zichzelf heruitvinden. De eerder naar post-rock neigende songs uit hun vorig album hebben plaats gemaakt voor stevig klinkende rock. Het is eerder stonerrock met een scheut shoegaze of noise-rock. De gitaren treden nu veel meer op de voorgrond en de synths zijn zo goed als verdwenen. Er is ook een andere bassist (Francesco Bizzoca) aangetrokken. Voor wie hen al kende is het toch even aanpassen wanneer je het album voor het eerst hoort.
Gedaan met sfeerrijke soundscapes gegoten in songs. Vanaf opener “Instellar Love” wordt er stevig van jetje gegeven. Een zwaar overstuurde gitaar zet het nummer in. Je hoort meteen ook dat de klankkleur en vibe van de bas en de drum anders liggen ten opzichte van hun vorige werk. De bas klinkt zwaarder en voller. De drums knallen doorheen de song. Er wordt nog altijd min of meer op dezelfde manier gezongen, maar ook hier is de benadering anders. “Run Dog Run” is één van de sterkste songs uit de plaat. Fijn drum- en baswerk, urgent klinkend gitaarwerk en aangename vocals. Het titelnummer is eerder een vrij korte track (drie minuten en een half) naar hun normen. Maar het is een fijne songs dat de alternatieve rock uit jaren negentig terug oproept. “Black Lips” begint eerder voorzichtig en vrij clean. Het bouwt zich mooi op naar een climax waarbij de grungy klinkende gitaar en de volle bas terug hun intrede maken.
Om in de jaren negentig te blijven: dit doet wat aan Buffalo Tom denken. Ook “Monster” klinkt eerder rustig in het begin. De ritmische intro vind ik leuk gedaan. Afsluiter is de instrumentale song “Z00” en die begint zowaar met een akoestische gitaarriedel die nogal snel omslaat naar de reeds gekende sound van het album.
Op ‘Again’ doet A Violet Pine de alternatieve rock uit de jaren negentig heropleven. Het album is een stijlbreuk met ‘Turtles’ uit 2015 en het doet mij trouwens denken aan bands als Sonic Youth, Dinosaur Jr, Pavement of Hüsker Dü. Wie van die laatste bands houdt, zal hier heel waarschijnlijk ook wel een boontje voor hebben.

The Skadillacs

Pick It Up -single-

Geschreven door

Voor hun eerste single zijn die van The Skadillacs het niet te heel ver gaan zoeken. Het werd een ode aan de hele 2Tone-geschiedenis, die dit jaar 40 kaarsjes mag uitblazen, en als je dan een Belgische track zoekt, kom je al snel uit bij “Pick It Up”, de grootste hit van onze Employees. In hun catchy versie blijven de Skadillacs inzake ritme en lyrics heel dicht bij het origineel, maar ze voegen er wel rijkelijk blazers aan toe. Ze hadden best nog wat meer mogen freewheelen met deze oer-track van de Vlaamse ska, maar ik kan me ook voorstellen dat als je met een band van negen muzikanten de eerste keer een studio intrekt, dat je het dan vooral ook gewoon degelijk wil doen. De volgende single mag dan wel graag eigen werk zijn, zodat we het repertorium van Vlaamse ska wat kunnen aandikken. “Pick It Up” is een fijne cover geworden die heerlijk samenvat waar ska voor staat.
Op 27 september spelen The Skadillacs als support van The Selecter en Rhoda Dakkar in De Roma in Antwerpen. Dat belooft een feestje te worden. Voorzie schoenen waarmee je kan skanken!

Reptilians From Andromeda

Bloodlust Of The Doll Witch

Geschreven door

De Turkse band Reptilians From Andromeda zijn niet helemaal onbekend in ons land. Hun vrienden van Unwanted Tattoo en Faroutski namen hen al eens op sleeptouw doorheen het Belgische clubcircuit. Afgaand op de jongste EP van deze Reptilians zijn er toch al zeker ook muzikaal overeenkomsten met Faroutski. De Reptilians mengen net als hun Belgische vrienden garage en punk tot een eigen blend. Ze klinken smerig en gemeen, denk aan The Stooges of MC5 of aan recentere bands als Bruce, The Cavemen of Heck (het vroegere Baby Godzilla).
‘Bloodlust Of The Doll Witch’ bevat vijf tracks. De beste tracks staan aan het begin: het venijnige “Beware Of The Pussy” en “Doll Witch”: gemeen, smerig en met een grove korrel opgenomen. Op het fletse “Fake Blondes” kunnen de Reptilians mij niet overtuigen en ook “Hypnodance” mist nog wat harissa in de kont. “Rougarou” maakt als afsluiter gelukkig nog veel goed met een knappe punkmelodie en een paar compacte riffs en solo’s. De energie en de vibe zitten hier juist.
In garage en punk is het niet altijd makkelijk om de energie van de liveshows te vertalen naar studiomateriaal. Deze EP geeft ons toch al een goed idee van wat de Reptilians From Anromeda in een club kunnen in gang zetten. Haal ze nog maar eens naar België!

https://kafadankontak.bandcamp.com/album/reptilians-from-andromeda-bloodlust-of-the-doll-witch

Reflector

Turn

Geschreven door

De uit Oostenrijk afkomstige doom/sludgeband Reflector werd opgericht in 1997. Het duo Andreas Heller en David Ruemüller stonden de laatste jaren, volgens het bijgevoegde nieuwsbericht, een beetje met de rug tegen de muur tot ze vrij onverwacht Martin Plass, de getalenteerde zanger en bassist van de Striggles, tegenkwamen. In april kwam de nieuwe schijf op de markt en wij gaven het kleinood enkele straffe luisterbeurten. Opvallend: Martin Plass zijn inbreng zorgt voor een nieuwe wind bij Reflector, dat zijn nieuwe adem heeft gevonden. Wat 7 jaar na hun laatste schijf '15' resulteert in een gloednieuw album: 'Turn'.
De puur instrumentale magie die dit duo zo uniek maakt binnen het typische doom/sludge blijft overeind. Maar de stem van Martin - met momenten doet hij denken aan Ozzy Osbourne - blijkt dus een  enorme meerwaarde in het geheel te zijn. Die donkere doomatmosfeer, die je bedwelmt en ademloos achterlaat in de donkerste hoek van de kamer, komen we al tegen op instrumentale parels als “Turning” en “Grim Reaper”. En dan al voel je nog meer rillingen over je rug lopen als Martin zijn stem in de strijd gooit en alle registers daardoor nog meer worden opengetrokken. Dat blijkt uit songs als “Bar”, een quasi instrumentaal pareltje boordevol kippenvelmomenten die de doomliefhebber een oorgasme bezorgt. Waarna Martin zijn heel gevarieerde stembereik in de strijd gooit en ons telkens met verstomming doet achterblijven. Meermaals krijgen we een krop in de keel, sluiten de ogen en laten ons gewillig meedrijven. Als Martin zijn strot openzet, voelt dat aan als klauwen die je de adem ontnemen, waardoor je niet in slaap wordt gewiegd, maar eerder langzaam wordt platgeknepen. Tot alle de lucht uit je longen is verdwenen.
Enerzijds slaat de band je zowel instrumentaal als vocaal compleet murw. Anderzijds bedwelmt die kruisbestuiving, binnen een intensieve en zelfs rustgevende omkadering, je eerder. Razernij en woede zijn dan ook perfect verbonden met intimiteit die een gemoedsrust over jou doet neerdalen. Waardoor je je bij 'Turn' geen moment zult vervelen als sludge/doomliefhebber. Het was lang wachten voor de fans op een nieuw werk van Reflector, maar het is dat wachten meer dan waard geweest. De inbreng van Martin doet bovendien niet alleen een nieuwe wind waaien doorheen Reflector. Anno 2019 hoor je daardoor een frisse tot nieuwe sound tevoorschijn komen, met respect voor het verleden. De toekomst van Reflector ziet er dankzij deze gevarieerde, emotioneel heel intensieve, klasse plaat dan ook zeer rooskleurig uit. Of eerder zwart en donker en weemoedig, zoals het hoort bij doom en sludge.

Tracklist: Turning; Grim Reaper; Islands II; Bar; Leave The Rave; Down The Drain; If You Go Away

Primevil

Primevil

Geschreven door

Primevil  is - zoals staat omschreven op hun facebookpagina - een narrative blackened deathmetalband uit Meerhout. De band bracht recent zijn titelloze debuut uit. Het is dus een vrij jonge nieuwkomer in dat genre. Echter blijken we niet te maken te hebben met groentjes in het vak, maar met topmuzikanten die verdomd goed weten waar ze mee bezig zijn. Dit merkten we onlangs toen de band optrad, Stormram Underground in Zulte. Technisch hoogstaande riffs en drumpartijen waardoor occulte walmen ontstaan die je letterlijk de keel dicht knijpen bewijzen deze stelling meermaals. De vocale aankleding van zanger/frontman Davy Roelstraete - die zowel cleane vocalen als verschroeiende growls naar voor brengt - blijkt dan weer de kers op de taart te zijn om ons prompt naar helse atmosferen te doen wederkeren. Het volledig verslag daarvan kan je nog eens nalezen op http://www.musiczine.net/nl/festivalreviews/item/74034-stormram-2019-underground-shows-stevige-blackened-death-metal-shows  .
De vraag die we ons stelden is of datzelfde gevoel ook weerkeert op schijf.
Wat het debuut betreft krijgen we te maken met een band die elke poort naar het licht sluit en de deuren naar de ultieme duisternis compleet openzet. De dreigende, verdovende instrumentale aankleding bezorgt je bij elke song een dodelijke adrenalinestoot. Maar het is toch die typisch naar blackmetal refererende vocale aankleding die je daarbovenop de ultieme doodsteek zal geven. Ingrediënten zo eigen aan het blackend deathmetalgenre worden telkens op een hoopje gegooid bij “Primevil”, “The Law Of Exchange” en “Excolvuntur”. En dit tot al even verschroeiende songs als “The Circle Of Fate”, “Blood Pact” en afsluiter “Reapers Of Eternal Sorrow”.
Het meest opvallende daarbij is dus inderdaad dat Primevil, net zoals op het podium, ook op plaat een occult verhaal vertelt over sages en legendes en de fantasie van de aanhoorder prikkelt. Welke fantasie naar boven komt? Dat mag je zelf invullen. Primevil houdt enkel de deur naar menige donkere poorten open en houdt de aanhoorder daarbij een spiegel voor die er griezelig uitziet. Telkens blijft de band diezelfde lijn aanhouden, waardoor je die koude rillingen, van de eerste noot tot de laatste donderslag, over je rug voelt lopen. En slaagt dan ook met brio in zijn opzet om je als aanhoorder onder te dompelen in donkere gedachten die je angst inboezemen. We raden alleen aan om de meest gruwelijke fantasie die in die gedachten voorkomt gewoon zijn werk te laten doen tijdens het beluisteren van dit heel intensief aanvoelende meesterwerk. Pas dan begrijp je echt waar het bij Primevil om draait.

Tracklist: Primevil; The Law Of Equal Exchange; Excolvuntur; The Circle Of Fate; Blood Pact; Reapers Of Eternal Sorrow.

Luke Appleton

Snake Eyes

Geschreven door

Toen we tijdens het evenement '8 jaar Elpee' Luke Appleton (bekend van o.a. zijn samenwerking met Blaze Bayley en bassist bij Iced Earth) aan het werk zagen, waren we danig onder de indruk van de emotionele manier waarop hij en zijn kompaan Rishi Mehta (Babylon Fire) ons diep wiste  te ontroeren. Eind april bracht Luke Appleton zijn nieuwe schijf 'Snake Eyes' op de markt. Een knappe schijf die bewijst dat Luke niet alleen een getalenteerde muzikant en zanger is, hij draagt zijn rock-'n-roll hart op de juiste plaats.
“Snake Eyes is an emotional rollercoaster of which I’m extremely proud. Lyrically and performance-wise I believe this is some of my best work to-date. I wanted to create something that is much more than ‘just an acoustic album’ and I feel I’ve succeeded in that goal." Zegt hij zelf over deze schijf, en inderdaad een emotionele rollercoaster boordevol lekker aanstekelijke rock riffs is deze plaat zeker geworden.
De kruisbestuiving tussen Luke en Rishi zorgt daarbij voor een uitzonderlijke magie, die aan je ribben kleeft. Dat blijkt al door die eerste song “Inside Out”. Die ingeslagen weg van rockmuziek die snaren raakt, wordt verder ingeslagen op “Medusa”, “Snake Eyes”, “First Star” en “Crocodile Tears”. Allemaal songs boordevol emoties, zonder klef te gaan klinken. Want deze man straalt rock-'n-roll van de puurste soort uit. Dat bewees hij in zijn vele projecten waar hij aan mee werkt. Dat zet Luke Appleton op deze soloschijf gewoon nog wat meer in de verf.

Metaprism-zangeres Theresa Smith levert eveneens een bijdrage aan dit meesterwerk. Haar inbreng mag gezien worden als een meerwaarde voor het geheel. Het is net door zich te omringen door topmuzikanten dat de muziek van Luke Appleton nog het best tot zijn recht komt. De man straalt iets vriendelijk uit op het podium en dat komt ook naar voor op plaat. Het spelplezier, gekruid met een stem en sound die je een krop in de keel bezorgt, is voortdurend aanwezig. 'Snake Eyes' raakt je langs alle kanten en dat is dus in grote mate doordat Luke zich laat omringen door topmuzikanten. Maar ook Luke zelf beschikt over een Hemelse en veelzijdige stem, die de haren op je armen doet recht komen van puur genot. Luister maar naar “Walkers”, wederom gerugsteund door de virtuositeit van Rishi Mehta, een song waarbij Luke zijn stem zo hoog klinkt, dat niet de trommelvliezen barsten maar eerder dat je tranen in de ogen krijgt van innerlijk genot.
Zo intensief, speelt Luke Appleton over heel de lijn met je emoties op deze 'Snake Eyes' dat je - eens in zijn veelkleurige wereld terecht gekomen - wegzakt naar een weemoedig aanvoelende totaalbeleving, binnen een lekker aanstekelijke rock omkadering.
Bovendien weet Luke zich te omringen door al even gedreven muzikanten, die goed weten waar Luke zelf naartoe wil met deze bijzonder emotionele en persoonlijke schijf, waarbij de man in zijn leven doet kijken maar ook jou een melancholische spiegel voorhoudt die je enerzijds tot tranen bedwingt maar waardoor hij anderzijds eveneens een glimlach op je gezicht tovert. Waardoor je dan weer diep onder de indruk van zoveel rock en melancholie pracht, verweest in de hoek van de kamer achterblijft na deze bijzonder veelzijdige trip boordevol uiteenlopende rock emoties.

Tracklist: 1. Inside Out; 2. Medusa; 3. Snake Eyes; 4. First Star; 5. Heart Returns; 6. Crocodile Tears; 7. Stone Broke From My Heart; 8. Walkers; 9. The Other Side; 10. Slay The Hydra; 11. A Man Of A Thousand Words; 12. How Does It Feel to Be Alive? (Live – Bonus Track).

Japan Suicide

Ki

Geschreven door

Japan Suicide ontstond in 2010 en steekt zijn voorliefde voor de typische jaren '80 postpunk niet onder stoelen of banken. In verlengde van bands als Joy Divison, The Cure, Jesus and Mary Chain en Depeche Mode bracht Japan Suicide vorig jaar nog een gloednieuwe schijf op de markt. 'Santa Sangre' trekt vooral de typische postpunkliefhebber over de streep. Maar de band houdt gelukkig ook van grenzen aftasten en buiten de lijntjes van postpunk kleuren en experimenteren. En dat laatste was de reden waarom wij vielen voor deze knappe plaat. Eind april kwam een opvolger op de markt 'Ki'. Waar de band blijft zichzelf heruitvinden, binnen een al even avontuurlijke omkadering.
"Door shoegaze- en postpunkelementen te vermengen met subtiel durven experimenteren, verlegt de band daardoor een grens binnen de typische jaren '80-opleving die van tijd tot tijd de kop opsteekt. En dat is wellicht de voornaamste reden waarom ook wij, als postpunkliefhebbers van de oudere generatie die zijn mee geëvolueerd met hun tijd, nog het meest over de streep worden getrokken", schreven we over voorgaande schijf.
Nu, dat gevoel overvalt ons ook bij die eerste song “Empire” op de nieuwe plaat. Die lijn wordt trouwens verder doorgetrokken op daarbij volgende pareltjes als “Fancy Mate”, “Mishima” en “Fury”. Het dansbare met het beklemmende vermengen, waardoor je binnen donkere walmen staat te zweven over de dansvloer, dat is de rode draad op die songs. En ook op  het volledige album.
Instrumentaal zijn het de catchy en aanstekelijke, typisch naar bands als The Cure refererende soundscapes die ons het meest opvallen. Maar ook de vocale aankleding doet ons terugkeren in die bonte postpunktijden. De band is echter slim genoeg om deze stijl dus weer niet zomaar te kopiëren, maar daadwerkelijk er iets mee te doen. Het postpunkgenre uitkleden en opnieuw uitvinden binnen een eigenzinnige omkadering, zodat zowel de oude postpunkers als de nieuwe generatie over de streep kunnen worden getrokken. Nee, vergeleken met de vorige schijf is er inzake totaalbeleving inderdaad niet zoveel veranderd. Maar de impact op ons is nog steeds even groot en de mysterieuze omkadering blijft daarbij ook overeind staan.
Met het bevreemdend aanvoelende “Kanagawa-ok Nami-Ura” waar Oosterse elementen plots ook komen opduiken, blijft de band ons weer op het verkeerde been zetten.
Om af te sluiten met weer een meesterlijke song die werelden en muziekstijlen verbindt tot een boeiend en avontuurlijk geheel. Het bewijst nog maar eens dat Japan Suicide een band is die niet in het verleden blijft hangen, ook al zijn die vergelijkingen daarmee aanwezig, maar vooral dus naar de toekomst kijkt.
Wel degelijk gebruik makende van typische ingrediënten uit postpunk en shoegaze vindt de band ook op 'Ki' deze muziekstijl opnieuw uit binnen een frisse en montere omkadering. En dat is, net zoals vorig jaar, de grote sterkte van zowel band als schijf. Waardoor we ook nu weer zwevend over de dansvloer, onder hypnose worden gebracht door Oosterse kunsten en Westerse postpunk/shoegaze-krachten. En dansen, dansen, dansen tot de vroege uurtjes.

Tracklist: Empire; Fancy Mate; Mishima; Dance For You; Fury; One Day The Black Will Swallow The Red; Kanagawa-Ok Nami-Ura; The Devil They Know; Erlebnis.

Hunter

Hunter

Geschreven door

Hunter is een collectief van vrienden/muzikanten die met het hart op de juiste heavy metal- en rock-plaats, samen muziek spelen alsof ze terug kind geworden zijn. Echter zonder zichzelf belachelijk te maken, maar eerder toont deze band aan dat ouder worden niet moet resulteren in bij de pakken gaan zitten of ergens in een hoekje voor de tv zitten mijmeren over de tijd van toen. Hunter brengt een strak, gezapig en energiek potje heavy metal van de meest pure soort.
Toen we de heren vorig jaar zagen aantreden op Pluto Metal Fest, schreven we daarover: ''Twintig jaar ervaring kan er namelijk voor zorgen dat een band trapt in de val van het afleveren van een flauwe routineklus. Dat is bij Hunter dus totaal niet het geval. Integendeel. Hier staat een band op het podium boordevol enthousiaste vrienden die in het vel van ouwe rotten in het vak tekeer gaan als jonge wolven die nog alles moeten bewijzen. Zonder meer is Hunter dan ook een band om in het oog te houden en de bovendien nodige speelkansen te geven. Want op basis hun status als ervaren muzikanten en de spontaniteit waarmee de band op het podium staat op Pluto Metal Fest, kan Hunter met het grootste gemak er menige daken laten afgaan. Bij deze een oproep aan menig concert organisatie. Boeken die handel! Het loont de moeite." De band brengt nu eindelijk zijn titelloze debuut op de markt en zet eerder ingenomen stellingen nog wat meer in de verf.
Dat Hunter niets nieuws onder de zon brengt, is een beetje het enig kritische punt dat we willen aangeven bij het beluisteren van dit aanstekelijke heavymetalschijfje. Pareltjes als “Dominion”, “Infiltrator” en “Then Comes The Night” laten echter een band horen die verdomd goed weet waar ze mee bezig is. De technische bagage uit het verleden werpt in dit project zijn vruchten voldoende af, om ervoor te zorgen dat kwaliteit wordt afgeleverd van de bovenste plank. Echter zorgt dit niet voor een flauw routineklusje, maar een heel energiek heavymetalschijfje dat aan je ribben kleeft en het beetje heavymetalfan in ons de ene energieboots na de andere adrenalinestoot bezorgt waardoor je prompt lekker zit te headbangen tijdens het beluisteren van deze plaat. Waardoor we dan ook kunnen stellen dat de band in zijn opzet is geslaagd. Dat blijkt ook uit daarop volgende songs als “No Mans Land”, “The Knight Of The Black Rose” en “Glorious”. Eén voor één knappe heavymetalsongs die ons hardrockhart op een strakke wijze doorklieven.
Ga het bij Hunter vooral niet te ver gaan zoeken. Hou je van eenvoudige, oldschool, heavymetal en hardrock zonder al teveel show en franjes? Dan is deze schijf een 'must have' die thuishoort in jouw platenkast. Hunter vindt geen nieuwe muziekstijlen uit, maar doet die typisch lekker oldschool heavymetal alle eer aan die dit genre verdient. En daarvoor kunnen we alleen maar waardering opbrengen. Dat is bij Hunter live het geval, dat wordt op plaat nog maar eens in de verf gezet.

Tracklist: Dominion 04:12; Infiltrator  02:50; Then Comes The Night  03:37; Underground  03:05; No Mans Land 03:44; The  Knight Of The Black Rose 05:29; Glorious 03:49

Hudič

Ne Ergo Dimittas EP

Geschreven door

Hudič is een Belgische doom/blackmetal band, getooid in een pij en andere eerder occulte attributen, die vorige zomer op Frietrock zorgde voor een totaalbeleving waarbij de duisternis letterlijk neerdaalt, zelfs op klaarlichte dag. "Met het angstzweet op de lippen, of eerder de confrontatie met open vizier aangaande? Dat laten we in het midden.  Het is vooral allemaal even aangrijpend wanneer ijzingwekkende klauwen je de adem ontnemen, een krop in de keel bezorgen en uiteindelijk totaal verweesd achterlaten. Want dat is wat Hudič daadwerkelijk met ons doet tijdens die half uur vertoeven in donkere gedachten." schreven we over dat aantreden. Ondertussen bracht de band een eerste EP op de markt ‘Ne Ergo Dimittas’. Een EP die ons eveneens meesleurt naar occulte duisternis waardoor je uw eigen demonen voortdurend strak in de ogen kijkt.
Deze EP straalt bovendien veel opgekropte woede uit, en is enorm gevarieerd samengesteld. Je kunt daardoor op de band geen label kleven, wat ons nog meer over de streep trekt. Elementen uit allerlei muziekstijlen, we menen zelfs streepjes thrash en power metal te ontdekken, worden omgeven door walmen van doom en overgoten met blackmetalsausjes. Maar zelfs deze omschrijving klopt niet helemaal doordat de band je heel bewust op het verkeerde been zet. Na openingssong “Loud Silence & Bright Darkness”, een enorm atmosferisch nummer, zijn we vertrokken voor een trip die je enerzijds murw slaat, anderzijds eerder je donker hart beroert binnen een zelfs intieme doomomkadering. Dat voortdurend schipperen tussen de hersenpan inslaan op een brutale en verschroeiende wijze, zowel vocaal als instrumentaal en anderzijds een zekere donkere gemoedsrust over jou te doen neerdalen is een rode draad die we vinden op elk van de songs als “Dante”, “Fall Of The Morning Star” en “Ne Ergo Dimittas” en afsluiter “Collapsing Whispers”.
En dat is dus eigenlijk de rode draad op de volledige schijf, ook al zit het ene nummer helemaal anders in elkaar dan het andere. Want Hudič presenteert een enorm intensief aanvoelende mengelmoes van muziekstijlen, binnen telkens een donkere en dreigende omkadering. Of dat nu is door je hart ruw uit je lichaam te rukken, of eerder - binnen trage doomatmosferen - je ziel binnen te dringen als een traag gif, het resultaat is telkens hetzelfde. Deze intensief donkere trip doet je naar adem happen en doet de poorten van uw eigen Hel open gaan. Waardoor je u letterlijk apocalyptisch aanvoelende taferelen voor de ogen houdt, die je uiteindelijk zullen confronteren met uw eigen nietigheid.
Duisternis heeft zelden tegelijkertijd zo intens mooi en zo angstaanjagend geklonken als op deze 'Ne Ergo Dimittas'. Een magistrale EP waarbij de instrumentale aankleding aanvoelt als vuurtongen die je voetzolen likken en de uiteenlopende vocale aankleding schippert tussen grunts en growls komende uit die voornoemde Hel. Maar vooral, levert Hudič een pure, intensieve en indrukwekkende EP af die ook bij de uiterst zonnige lentedagen de meest donkere gevoelens bij ons naar boven brengt. Indrukwekkend!

Tracklist: 1. Loud Silence & Bright Darkness 2:26; 2. Dante 5:07; 3. Fall Of The Morning Star 3:27; 4. Ne Ergo Dimittas 4:53; 5. Collapsing Whispers 5:49

Little Jimmy

Blues Rebel

Geschreven door

Ouwe Belgische bluesrat (Marc Claeys aka Little Jimmy en voorheen Don Croissant) laat zich producen door jonge Belgische bluesrat (Tim De Graeve aka Tiny Legs Tim). Waarbij de jonge rat laat weten dat de kunst van het producen van die ouwe rat er eigenlijk in bestaat om hem haast niet te producen. Een hard leven hebben die producers.
Maar goed, we snappen het. De blues van Little Jimmy neigt immers meer naar de ongewassen oerblues van RL Burnside of T Model Ford dan naar de design-blues van Eric Clapton of de anabole steroïden-blues van Joe Bonamassa.
Den ouwen zijn stem heeft jaren liggen rijpen in een mengsel van koffiegruis en whiskybezinksel, het resultaat is een taaie rasp die achtereenvolgens klinkt als Captain Beefheart, David Thomas en Kevin Coyne. Dat zit dus al goed.
Dan is er ook nog Little Jimmy’s gitaar die gesmeed is in de John Lee Hooker stal en die als een trouwe hond altijd blind het baasje volgt. Check het naakte “Wabash Avenue”, een puur brokje emotie die hunkert naar die stokoude John Lee Hooker platen. In “Blues Before Sunrise” mag het beestje wel een dutje doen om zich te laten vervangen door een beschonken accordeon en in “Fred Mambo” trekt Little Jimmy er zelfs zonder zijn trouwe handlanger op uit richting New Orleans.
“Everyhting Looks Spic ’n Span”, dat zich laat opfleuren door een okselfris trompetje, is qua titel de misleider van dienst.
Want als er één ding is wat Little Jimmy op dit album niet doet, dan is het zijn blues oppoetsen met javel. En dat maakt van ‘Blues Rebel’ een heerlijk plaatje. Simpel, eerlijk en op een sympathieke manier altijd een beetje bouwvallig.

The Hollies

The Hollies - Remember the old times!

Geschreven door


De zji maakte zich klaar voor een vurige zonsondergang en het Kursaal smachtte naar een flashback into the sixties met de witte hemdjes en de zwarte smalle stropdassen van de Hollies.

Na enkele opwarmertjes kwam een eerste oude bekende: in “Sorry Suzanne” hoorden we hetzelfde koortje als destijds en oudgediende Tony Hicks heeft nog altijd de perfecte gitaarlicks in de vingers.
Het ons onbekende “Jennifer Eccles” leek de perfecte soundtrack bij ‘Endeavour’, (sixties spin-off van Morse). Peter Howarth bekende dat het hun First time in Ostend was, maar vond het wel een prima vakantiebestemming voor het einde van de tournee. “Magic Woman Touch” bleek alleen gereleased te zijn in België en Nederland. Ondanks onze bijna 60 jaren op de teller deed het bij ons geen belletje rinkelen maar toch kwam er een teken van herkenning bij de kenners in de zaal. De meerderheid onder hen leek ons al wat meer jaren op de teller te hebben!.
“Priceless” was een nummer dat nog uitgetest moest worden. Daarvoor was het publiek in Oostende het beste ter wereld. Die stroop zullen ze gisteren ook wel in de baard van de Noord-Hollanders in Hoorn gesmeerd… wat niet wegneemt dat het een pakkende song werd met Peter Howarth solo op akoestische gitaar. Ook “I Can't Tell the Bottom From the Top” werd solo ingezet met een virtuoze intro waarbij de volledige groep halfweg het nummer inviel.
Daarna volgde een fifties revival met close harmony in “Just One Look” gevolgd door “Stay”, origineel van Maurice Williams & The Zodiacs uit 1960 maar vooral bekend uit liveplaat van Jackson Browne. Deel 1 werd afgesloten met “Look Through Any Window” dat eindigde met enkele stevige riffs van beide gitaren.
Voor deel 2 werden de witte jasjes uit de garderobe gehaald. Na enkele nummers in het spoor van de jonge  Beatles kregen we een eerste grote hit: “Bus Stop”. Een spetterende versie konden we het niet echt noemen. Was het een gitaar die niet goed gestemd was of werd er gewoon naast getokkeld? Gelukkig bleef zanger Peter nog het dichtst bij het origineel en nam het publiek vocaal op sleeptouw under zijn umbrella...
“The Baby” werd ingezet met een uitgebreide intro op ‘gitaarsitar’ Tony Hicks. Het instrument klonk als een echte sitar, het populairste snaarinstrument van de psychedelische sixties. Daarna mocht drummer Bobby Elliott (volgens zanger Peter Howarth een inspiratiebron voor o.a. Cozy Powell, Ian Paice en Phil Collins) even uit zijn ‘engine room’ om uit te leggen hoe ze “4th of July, Asbury Park” uit de eerste plaat van Bruce Springsteen hadden herdoopt tot "Sandy". Het werd smaakvol ingezet op akoestische gitaar maar wat later met synthesizer naar onze smaak toch wat overgearrangeerd. Dat zou the Boss niet geduld hebben. Een groot contrast vormde “Carrie Anne” met frisse stemmetjes uit de doowop periode. Hoe verder terug in de tijd, hoe jonger de nummers klinken.
Met een opzwepende intro op de banjo slaagt Tony Hicks erin om het publiek op te jutten tot ze door het lint gaan als “Stop Stop Stop” uiteindelijk wordt ingezet. Een hoogtepunt van de avond! De band ging verder op hun elan met een meezinger van formaat: “He Ain't Heavy, He's My Brother”. Op een zee van lichtjes op de smartphones deinde het publiek mee met deze ballad.

De grootste hits stonden nog in de coulissen te wachten. het publiek wilde more en werd op zijn wenken bediend! Met “The Air That I Breathe” en “Long Cool Woman in a Black Dress” swingden de oude rockers naar het einde van hun tournee en hun passage in de stad aan de zji.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/kursaal-oostende/the-hollies-30-04-2019

Organisatie: Concertevents ism Kursaal Oostende

Les Nuits Botanique 2019 - Warhola, Glints, Tessa Dixson - Heilige Drievuldigheid van Eigen Bodem!

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2019 - Warhola, Glints, Tessa Dixson - Heilige Drievuldigheid van Eigen Bodem!

Het is aardig druk in de Botanique tijdens Les Nuits. Op verschillende locaties in en buiten het grote gebouw zijn er optredens aan de gang. In de Orangerie krijgen we drie Belgische acts te zien. Tessa Dixson (die eerder dit jaar dé muziekwedstrijd van Studio Brussel won), Glints (de Antwerpse rapper van onder andere “Bugatti”) en Warhola (het kindje van Oliver Symons). Toeval dat deze drie act na elkaar spelen? Neen, uiteraard niet. Enkele weken geleden brachten ze samen een nummer uit dat binnenkort op het langverwachte debuutalbum van Warhola verschijnt.

Tessa Dixson mag met haar twee muzikanten de spits afbijten op deze dansbare avond. Voor de Brusselse is Les Nuits De Botanique een thuismatch en ze voelt zich duidelijk op haar gemak. Het afgelopen jaar is de live uitstraling van de zangeres goed geëvolueerd. De zangers neemt het podium in met haar grote bewegingen en bizarre dansmoves tijdens onder andere “Beautiful Pain” en “Falling”. Ook achter de piano weet Tessa Dixson ons te boeien met de live première van een nieuw nummer “Morning Light”. Met slechts een handje vol nummers weet Tessa Dixson een sterke set neer te zetten. Ze krijgt de Botanique al aardig in beweging. Die gedeelde eerste plaats in De Nieuwe Lichting was meer dan terecht. Tessa Dixson is een snelgroeiend fenomeen en de perfecte vrouw op deze avond mee af te trappen.

Vervolgens is Glints aan de beurt en hij doet het zonder band. De Antwerpse rapper maakt net als Tessa Dixson grootste bewegingen. Als een kikker springt Glints over en weer tijdens nummer als “Gold Frames”. Glints heeft energie voor vijf en wil dus ook energie zien in het publiek. Verschillende keren vraagt hij ons mee te bewegen en dat lukt hem. De Botanique beweegt op de beats terwijl Glints nog meer van links naar rechts en terug naar links loopt. Alleen tijdens de eerste helft van “Home” doet hij het wat rustiger aan, maar als snel zorgt hij weet voor vuurwerk op het podium. Hoogtepunt is uiteraard “Bugatti” en daarvoor begeeft Glints zich in het publiek waar een kleine mosh pit ontstaat.
Het doel van de Antwerpenaar was de zaal in beweging te krijgen en te houden tot het einde van zijn set. Daar is hij meer dan in geslaagd. Af en toe klonk Glints misschien als één van de Chipmunks, maar hij weet wel hoe hij een feestje moet bouwen.

Warhola is als laatste aan de beurt, maar is zeker niet de minste. Warhola is één van de twee grote projecten van Oliver Symons en over twee weken verschijnt (eindelijk) het debuutalbum van de band. Oliver begint solo aan zijn keyboard aan het optreden. Pas tijdens de tweede helft van “Limit” komt de band erbij en zijn we echt vertrokken. Wat later wordt er opnieuw aardig bewogen in de Botanique. Op het podium blijft het voorlopig redelijk rustig. De frontman brak onlangs zijn been en ondanks we geen roze gips meer zien , heeft de zanger duidelijk nog last van zijn been. Vanop een pianokruk worden ook nummers als “Girl” en Sportkar” leven in geblazen. Voor “Drive” gaat Oliver dan toch rechtstaan en samen met Tessa Dixson neemt hij heel het podium in. Vanaf nu wordt het alleen maar beter.
Warhola-hits als “Jewels” en “Girl” passeren de revue en brengen een hoop sfeer met zicht mee. Nu Oliver steeds minder zit weet Warhola nog meer te overtuigen. Het vijftal weet intussen hoe een sterke show neer te zetten en dat bewijzen ze nog maar eens op Les Nuits. Glints en Tessa Dixson verschijnen terug ten tonele voor de supersamenwerking die naar de naam “Look At Me” luistert. Ongetwijfeld één van de hoogtepunten van de avond. Het trio brengt het nummer alsof het al een mega hit is en zo wordt de song ook ontvangen. Nadat we opnieuw Tessa Dixson en Glints het podium zien verlaten , speelt Warhola het allerlaatste nummer van de meer dan geslaagde avond.

Tessa Dixson, Glints en Warhola zijn drie acts van eigen bodem die op dit moment nog niet in de grootste zalen spelen. Maar alle drie weten ze live te overtuigen met drie sets die sterk van elkaar verschillen, maar toch bij elkaar aansluiten. Zoals verwacht werd supersamenwerking “Look At Me” een hoogtepunt van de avond, maar alle drie de artiesten creëerden eigen hoogtepunten.
Les Nuits De Botanique schotelde ons deze avond een Heilige Drievuldigheid voor en met veel plezier aten wij van deze schotel.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2019)

Giant Rooks

Giant Rooks - Enthousiasme maakte het feest

Geschreven door

En of Giant Rooks de keet heeft doen laten ontploffen. Hun ijzersterke set deed heel het publiek met verstomming slaan. Door het enthousiasme van de frontzanger kregen we maar geen genoeg van deze magische Duitse band. Deze zelfde dankbare jongeman zorgde er dan weer voor dat we het kleine dipje tijdens hun optreden al snel vergaten en doorgingen met feesten.

Giant Rooks, de nieuwe indie-sensatie uit Duitsland, lijkt hun naam waar te maken. In hun thuisland zijn ze ondertussen populair en verkopen ze verschillende zalen makkelijk uit, maar ook in het buitenland kunnen ze hun muziek wel smaken. De 5 heren uit Hamm brachten onlangs hun 3 de EP ‘Wild Stare’ uit, die meteen werd gesmaakt bij hun vele fans. Vandaag stoppen ze met hun ‘Wild Stare’ tour in de Europese hoofdstad Brussel.

Het voorprogramma was weggelegd aan onze landgenoot IBE die momenteel aan het schitteren is in ‘The Voice Van Vlaanderen’ en volop aan het repeteren is voor de liveshow van vrijdag. Met onder andere covers van Billie Eilish en Ed Sheeran en enkele eigen nummers stoomde hij ons warm voor het optreden van Giant Rooks. Wij zijn er inmiddels van overtuigd dat de zestienjarige IBE de grote zangwedstrijd van VTM makkelijk kan winnen.

Na dit voorprogramma was het de buurt aan de 5 jongens uit Hamm die rustig opkwamen. Ze waren duidelijk nog niet klaar op wat hun nog te wachten stond. Eens de eerste tonen van “100 mg” door de boxen klonken, zat de sfeer meteen goed. Het publiek reageerde enthousiast en frontzanger Frederik Rabe wist duidelijk hoe hij hier moest mee omgaan. Zo zocht hij meteen interactie met het publiek die hij ook makkelijk vond. Ook het enthousiasme bij de rest van de band werd duidelijk gesmaakt.

Tijdens de volgende nummers werd het pas officieel bevestigt, zowel het publiek als de artiesten voelden zich goed in deze kleine zaal in het hartje van Brussel. Hier zorgde de ludieke sfeer voor, die ook de heel het publiek aan het dansen kreeg tijdens “Bright Lies”. Ook speelde Giant Rooks enkele onuitgebrachte nummers zoals “Head By Head” en “Sighing Like A Sleeper”, deze konden ons minder bekoren en zorgde voor een klein dipje. Tijdens dat laatste nummer vroeg de band om stilte en dat begrepen enkele toeschouwers niet zo goed. Maar de sfeer bleef wel goed zitten, mede door frontzanger Frederik die met respect omging met het publiek.
Met “Chapels” ging Giant Rooks terug naar hun ware aard, sterke indiepop. Dit was wat de zaal wou horen. Frederik sprong met zijn gitaar in het publiek en bouwde van hier het feestje met ons voort. Door het wederzijds enthousiasme bracht het dit tot één van de hoogtepunten van de avond. Het feest werd nog doorgezet met “Wild Stare”, hun bekendste hit, als volgend hoogtepunt. Niet alleen alle gsm’s gingen aan het einde van dit optreden in de lucht, maar ook het dak vloog er enkele keren af door de 5 zotte heren uit Hamm.
Na dat verschillende tienermeisjes stonden te roepen om een vervolg van het optreden van hun favoriete boysband, kwamen de heren eindelijk met een brede glimlach terug op het podium. Buiten dat ze beloofde dat ze nog eens terugkwamen naar Brussel, speelden ze ook nog hun hit “New Estate”, het nummer waar het voor hen allemaal is mee begonnen. Dit werd dan ook hartelijk ontvangen door het publiek en ging hier voor de laatste keer helemaal los op. De perfecte afsluiter was weggelegd voor “King Thinking”, dat afkomstig is van hun nieuwste EP.

Als we van één ding zeker mogen van zijn, is het dat de heren van Giant Rooks van elke seconde genieten als ze op het podium staan. Ze bedanken meermaals het publiek, gaan op het enthousiasme in en brengen zo hun niveau naar een ander level. Frontman Frederik & co voelden zich goed in Brussel en straalde zelfvertrouwen uit.
We kijken uit naar hun volgende passage in België en in de tussentijd hopen we dat ze nog enkele prachtnummers uitbrengen en zeker blijven voort doen hoe dat ze nu bezig zijn!

Setlist: Cara Declares War - 100 mg - Went Right Down - Bright Lies – Slow - Head By Head - Sighing Like A Sleeper – Chapels - Walled City - Wild Stare - Mia & Keira – Rainfalls - New Estate - King Thinking

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Legends of Rock Tribute Festival 2019 - Numero uno tribute bands uit binnen- en buitenland

Geschreven door

Legends of Rock Tribute Festival 2019 - Numero uno tribute bands uit binnen- en buitenland

Op zaterdag 27 april kwam de internationale Legends of Rock Tribute Tour naar De Kreun in Kortrijk voor een wervelende show van numero uno tribute bands uit binnen- en buitenland. Metallica by MetalmaniA, AC/DC by High Voltage, Guns N' Roses by Slash N' Roses en Iron Maiden by Harris kwamen er het beste van zichzelf geven.

Het eerste concert van de avond van Iron Maiden by Harris kon ik door omstandigheden niet bijwonen. Hetgeen, af te leiden uit de commentaren van enkele die hard Maiden fans, een spijtige zaak was...

De sfeer zat er dus goed in toen Guns N’ Roses by Slash N’ Roses XL van start ging. Voor mij was dit een voorzichtige opwarmer, voor het publiek een leuke warmhouder met hun vele klassiekers uit eind de jaren 80 tot de beginjaren 90. Dit bleek duidelijk uit het enthousiaste meezingen van zowat de hele zaal! 2 knappe backing vocals, uitgedost in de guitige stijl uit diezelfde tijdsgeest, maakten de show af. Het werd een sympathiek optreden met als leadzanger een leuke kruising van Jack Sparrow met een jonge Axl Rose, in een ietwat breekbaar stemgeluid, maar met een krachtige band achter zich, dus het publiek was tevreden.

De zaal stond pas echt in vuur en vlam toen AC/DC by High Voltage het podium betrad. De leadzanger zou zowaar voor de zoon van Brian Johnson door het leven kunnen gaan. Zowel qua schwung als qua zangtalent stond hij er helemaal, hoewel er van stilstaan weinig sprake was. Van 'Schwung' gesproken trouwens, de frontman kon wel een kleine opfrissing van zijn geheugen gebruiken alvorens te verwijzen naar het gelijknamige festival waar hij ooit speelde, dat niet in Kortrijk maar wel in Roeselare doorging, maar dat vergaven we hem met veel plezier toen hij de ene explosieve song na de andere bracht!
Ook van de andere bandleden spatte de energie eraf. Zo ook van Angus Young… eeuuhhh Senior, inclusief het bijbehorende petje, de korte broek, en het (nogal overbodige) exposeren van de ontblote torso en andere delen van het lichaam (jaja het broekje mocht ook even zakken)... Part of the show zeker? And a good show it was!

En dan het toetje, Metallica by Metalmania, kopstuk van de avond. Geen 'kopie van', maar dat maakt hen wel dat tikkeltje specialer. Een sympathieke entertainer als leadzanger, met een loepzuiver eigen stemgeluid. Ze lieten het feest voortduren met zalige klassiekers als “Enter Sandman”, “Whiskey In The Jar”, en ga zo maar door, en naar het einde toe mochten zelfs een aantal uit de bol gaande fans lustig hun ding doen op het podium. De band was een waardige apotheose van de avond!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/legends-of-rock-tribute-festival-27-04-2019
Organisatie: AB-Bookings ism Wilde Westen, Kortrijk

Les Nuits Botanique 2019 - Portland - Voor de poort van het Beloofde Land

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2019 - Portland - Voor de poort van het Beloofde Land
Les Nuits Botanique 2019
Botanique (Rotonde)
Brussel
2019-04-30
Robbe Rooms

In 2018 won Portland De Nieuwe Lichting en sindsdien gaat het goed met de band. Radiohitjes als “Lucky Clover” en “Pouring Rain” zorgen ervoor dat al vele zaaltjes volliepen. Hetzelfde geldt voor de Rotonde in de Botanique gisterenavond. Sarah Pepels en Jente Pironet staan erom bekend dat hun stemmen mooi samen gaan en de subtiliteit die zich verschuilt in hun rustige muziek. Ondanks dat de band nog redelijk nieuw is in het Vlaamse muzieklandschap weten ze al een tijdloze sound te creëren. Eentje die doet verlangen naar meer.

Het publiek wordt vandaag opgewarmd door Condore. Voor wie het het trio uit Luik niet kent: denk Agnes Obel met drie Agnessen en hier en daar een elektronische invloed. Vandaag brengt het trio hun debuut EP uit, waarvan we verschillende nummers en meer te horen krijgen. De pianomuziek doet soms denken aan een sprookje met drie prinsessen. Het respectvolle publiek geniet van de magische pianomuziek en de meerstemmige harmonieën. ‘J’espère que vous ne nous trouvez pas ‘boring’ ‘, klinkt het voor “Boring”, maar de netjes afgewerkte muziek weet het publiek te boeien.

Portland staat voor het eerst in de Botanique en dat vinden ze zelf een belangrijke mijlpaal in hun carrière. Meteen begint de band met één van hun bekendste nummers: “Lucky Clover”. Zo hebben ze de Botanique mee en al snel volgt “Expectations” waardoor er wat meer energie op het podium en in de zaal komt. Door de mooie lichtshow in de prachtige, ronde zaal beleven we een magische avond. De stemmen van Sarah Pepels, Jente Pironet en de twee overige bandleden blenden ook live mooi samen. Hoewel dit vele malen gedemonstreerd wordt, valt het pas voor het eerst echt op tijdens de a capella outro van “Ally Ally”. Zalig. Het voelt alsof engelen voor ons zingen. Als Jente ons eraan herinnert dat de band over enkele maanden hun debuutalbum uitbrengt, beginnen we al af te tellen.
Een nummer dat waarschijnlijk niet op dat album zal verschijnen, maar wel een hoogtepunt is tijdens het optreden is de cover van “Matilda”. Het Alt-J nummer klinkt nog magischer dan het origineel. Een paar keer speelt Portland een instrumentaal nummer waardoor we bijna vergeten hoe hemels de meerstemmige zang van de band wel niet is. Als zanger/gitarist Jente het woord neemt merken we hoe down to earth de band is. De band maakt er niet heel veel woorden aan vuil, maar ze bestempelen dit optreden wel als het leukste dat ze ooit hebben gedaan.
De keren dat we ‘oeeeee’ of ‘aaaaah’ te horen krijgen, is niet op één hand te tellen. Vooral tijdens “Lady Moon” komen er veel klanken zonder betekenis. Met een lange bluesachtige intro sluit de winnaar van De Nieuwe Lichting af met “Pouring Rain”. Na de hit komen Sarah en Jente nog terug voor een ingetogen nummer waarop ze alleen begeleid worden op de gitaar.
Door de muziek van Portland en de sfeer die de Rotonde met zich meebrengt, krijgen we het gevoel dat we ons in het Beloofde Land bevonden. De rustige, subtiele muziek, de meerstemmige harmonieën en de schoonheid van de bandleden en zaal voelen allemaal wat hemels aan. Met hier en daar een kleine blues invloed wordt de muziek van Portland tijdloos. Dit is ongetwijfeld slechts het eerste van vele optredens in de Botanique voor het duo. Afsluiten doen we met de woorden van Jente: ‘Merci en hopelijk tot snel’.

Portland speelt deze zomer onder andere op Rock Werchter en Pukkelpop en op 8 november schittert Portland in de AB te Brussel.

Met dank aan Dansende Beren  http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2019)

Ex:Re

Ex:Re - Even het hart komen luchten

Geschreven door

Na de release van het derde album van Daughter, tevens een game soundtrack, bleef het verdacht stil rond de Britse band. Drummer Igor ging het afgelopen jaar op tournee met Ben Howard, maar ook Elena Tonra stond niet stil op muzikaal vlak. Eind vorig jaar kwam ze met haar eerste single “Romance” op de proppen en niet veel later bracht ze onder de naam Ex:Re haar gelijknamige solo debuutalbum uit. Dat kwam ze gisteren voorstellen in een uitverkochte Orangerie van de Botanique.

Wie dacht dat de muziek van Daughter al een deprimerend kantje had, had duidelijk nog niet geluisterd naar de muziek van Ex:Re. De plaat bestaat uit tien tracks die recht uit het hart komen en overduidelijk het resultaat zijn van een donkere en vooral pijnlijke break-up. Ook live hangt er een donkere, bijna deprimerende sfeer. Tijdens “My Heart” legde Tonra letterlijk haar hart en ziel in onze handen. Het publiek werd er duidelijk stil van en wist niet hoe ze moesten omgaan met de situatie.
Ondanks het deprimerende gehalte van de muziek wist Tonra toch op haar eigen manier een luchtige sfeer te creëren. In het begin van de set oogde ze nogal nerveus en was ze nogal schuchter op vlak van het toespreken van het publiek. Naarmate de set vorderde, viel die last van haar schouders. Af en toe wat ongemakkelijk, maar ze wist duidelijk waar ze mee bezig was en ze moest geen moeite doen om het publiek rond haar vingers te draaien. Ook haar band had ze duidelijk helemaal in de hand. Al was het vaak de drummer die met de show ging lopen. Zijn overenthousiaste manier van spelen, zorgde er bijna voor dat zijn bril van zijn gezicht viel tijdens “5AM”.
Het klinkt nu allemaal redelijk luchtig, maar het thema van de avond was wel degelijk iets minder vrolijk. Wanneer tijdens “Too Sad” een mannelijke backing vocal in het verhaal kwam, werd die break-up wel heel tastbaar. Vooral door het feit dat Tonra zonder gitaar in haar handen het nummer bracht, gaf ze zichzelf als het ware helemaal bloot aan het publiek. Ook het rustigere “New York” maakte duidelijk wat voor een moeilijke periode de zangeres achter de rug heeft.
“Romance” is misschien wel het meest opvallende nummer van de plaat wegens het lichte dansgehalte. Maar ook live vinden we die vibe terug tijdens “Liar”. Hierbij was het vooral de drummer die de lead nam en als een ware machine het nummer voortduwde. Het was een fijn contrast met wat er vooraf was gekomen.
Na een vijftigtal minuten hadden ze de volledige plaat gespeeld en nieuwe nummers hebben ze (nog) niet. Toch verschenen ze op het podium voor een bisronde. Daarvoor namen ze “Everybody’s Got To Learn Sometime” onder handen en wisten ze het volledig naar hun hand te zetten. Je zou bijna durven zeggen dat het een origineel Ex:Re nummer was.

Dat Daughter momenteel een afgelopen hoofdstuk is, is duidelijk. Dat kan natuurlijk ook liggen aan het feit dat Igor, de gitarist van Daughter, wel eens de reden kan zijn van het hele Ex:Re gebeuren. Tonra bewees gisteren nogmaals wat voor een voortreffelijke zangeres ze is, en dat ze geen enkele reden heeft om zo schuchter en bescheiden uit de hoek te komen, al is het natuurlijk iets dat haar zo typeert.
Wij zijn alvast benieuwd naar wat Ex:Re (of Daughter) de komende tijd nog allemaal te bieden heeft voor ons. Al hopen we natuurlijk niet dat Tonra daarvoor nog eens een break-up moet meemaken.

Setlist: My Heart - Where The Time Went – Crushing - I Can’t Keep You - New York - The Dazzler - Too Sad – Liar - 5AM – Romance - Everybody’s Got To Learn Sometime (The Korgis cover)

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Botanique, Brussel

Groezrock 2019 - Tweedaags Punk Rock Hardcore Festival - In de stille kempen was weer luide muziek te horen!

Geschreven door

Groezrock 2019 - Tweedaags Punk Rock Hardcore Festival - In de stille kempen was weer luide muziek te horen!
Groezrock 2019
Festivalterrein
Meerhout
2019-04-26 + 2019-04-27
Jan Troch en Hans De Lee

Na een weloverwogen sabbatjaar en een indoorversie eind 2018 stond afgelopen weekend, tot groot jolijt van menig punkrockliefhebber, opnieuw een full size versie van het gekende Groezrock op het programma. Traditioneel wordt met dit 2-daags festival het binnenlandse outdoor concertseizoen met veel zalig lawaai ingezet.
De organisatoren trokken bewust de kaart van nieuw aanstormend talent uit het punkrock en hardcore genre, aangevuld met een aantal topbands uit eigen land, een aantal oude gloriën en ook bands die heel duidelijk buiten het traditionele genre kleurden.

dag 1 - vrijdag 26 april 2019
Deze gedurfde en aanstekelijke mix bracht vrijdag zowat 6000 enthousiastelingen naar de festivalweide die gevuld was met 5 podia, een koel briesje en een zeer schuchtere zon die pogingen ondernam om door de wolken te breken, met wisselend succes.   Het bleef echter gans de dag droog en dat was de vorige versie (2017) absoluut niet het geval.

Op de mainstage mocht Eskimo Callboy (DE) de spits afbijten.  We konden nog net zien hoe ze op het einde van hun set het vroege publiek trakteerden op een soort disco punkrock of electro hardcore.  De mengelmoes van stevige beats , vette gitaarsound en duo zang zorgde er  voor dat sommige fans toch al vroeg op de dag een jumpsessie inzetten en meebrulden op de tonen van het nummer “MC Thunder”, terwijl een confettikanon zijn werk deed en het optreden feestelijk werd afgesloten.

Op de redbull stage mocht Access Unlocked (BE) een thuismatch spelen.  Deze jonge kerels uit Tessenderlo en omgeving brachten een keiharde portie metalcore naar voor met veel lef en overtuiging.  Melodieuze stukken werden vakkundig afgewisseld met breaks en heavy uitbarstingen die typisch zijn in het genre.  Net als bij Eskimo Callboy stonden 2 zangers in voor de vocalen, zei het hier iets brutaler en agressiever gebracht. Veelbelovende band!

Intussen ontving de revenge stage het uit de VS afkomstige Backtrack.  Een band die al sinds 2008 staat voor een echte old school en moddervette hardcoresound.  De tent was behoorlijk goed gevuld en voor het podium speelde zich een wild feestje af, terwijl erop zanger James Vitalo onophoudelijk rondhoste en zijn teksten uitspuwde alsof zijn leven ervan afhing.  Intens optreden!

Fleddy Melculy is zijn stadium van ééndagsvlieg en grappige metalact al heel lang ontgroeid en mag intussen beschouwd worden als een volwaardige en vrij professionele metalband met 3 CD’s op hun palmares (2 albums + 1 live) en een hele winkel bijhorende merchandise.  Hun plaats op de mainstage was gedurfd maar ook wel terecht.  Hun muziek past misschien eerder op de affiche van Graspop of Alcatraz doch dankzij een knappe set vol overgave en humor gebracht werden ze onmiddellijk in de armen gesloten van het Groezrock publiek en mochten ze rekenen op een zeer positieve respons.  Helemaal op het einde mocht ‘Roger de festivalman’ mee op het podium om de pret compleet te maken.

Op de redbull stage kreeg alweer een band van eigen bodem de kans om hun talenten te tonen aan het grote publiek.  STAB uit Kortrijk viel ditmaal de eer te beurt en ze grepen die met beide handen!  Strakke en loeiharde hardcore knalde de weide in en blies het publiek moeiteloos omver.  De band die al sinds 2006 actief is en reeds 4 CD’s uitbracht, palmde complexloos het podium in.  De 2 brulboeien van dienst, Jeroen en Tom, wisselden elkaar perfect af en tilden het concert naar een hoog niveau.  Een originaliteitsprijs zit er misschien (nog) niet in voor deze gasten maar absoluut een band die te volgen is!  Check zeker hun laatste CD ‘Snakes’ (slechts enkele weken uit) en de single “Black Snow”.

The Word Alive was voor mij een nobele onbekende.  Toch wel verrassend dat dit gezelschap uit Phoenix Arizona mocht optreden op de mainstage.  De tent was jammer genoeg vrij leeg toen de band het podium betrad.   Enkel de eerste paar rijen vooraan waren bevolkt met zo’n 150 à 200 fans. De groep bestaat blijkbaar al sinds 2008, bracht tot op vandaag 5 CD’s uit en speelt een soort van moderne melodieuze gepolijste metalcore.  Wat meteen opviel was de prachtige stem van frontman Tyler Smith.  Wat een bereik heeft die kerel zeg!  En met welk gemak schakelt hij feilloos over van cleane zang naar grunts en screams.  Wat mij betreft de beste stem van het festival al zullen de meningen hierover ongetwijfeld verdeeld zijn.  Het nummer “Misery” vatte het optreden mooi samen…een supervette song die zowel melodie, kracht, lawaai en breekbaarheid in zich bleek te hebben.  Volgende keer in een kleinere tent en met iets meer volk en dit wordt top!

Tijd voor een oude bekende op Groezrock, Trade Wind, het zij-project van Stick To Your Guns frontman Jesse Barnett.  Al tapt de groep uit een heel ander vaatje dan STYG, ook hier gaat het om een portie kwaliteitvolle herrie, zei het meer ingetogen en gevoeliger.  Trade Wind brengt eerder ‘rustige’ atmosferische muziek die soms doet denken aan Deftones.  Al moet je ‘rustig’ hier in de juiste context plaatsen : ingetogen stukken worden knap afgewisseld met krachtige hardcore/rock uitbarstingen gedragen door de veelzijdige stem van Jesse.   De band speelde enkele nieuwe nummers van de langverwachte en pas verschenen CD ‘Certain Freedoms’ maar het waren toch vooral de oudere nummers zoals “Lowest Form” en “I hope i don’t wake up” die het meest beklijvend klonken en op de grootste respons van de fans konden rekenen.

Op de mainstage trok Emmure rond 20u een heel solide wall of sound op met mature, snoeiharde en retestrakke metalcore!  Het heerschap uit New York gaat al meer dan 15 jaar mee en heeft met frontman Frankie Palmeri een wel heel zelfzekere zanger in de rangen.  Hij ontbond foutloos zijn vocale duivels op de (amper) voor de helft gevulde tent, geflankeerd door zijn orkest dat flirtte met de (oor)pijngrens.  Snelle ritmische metalgeluiden haalden de bovenhand in het repertoire van Emmure.  Het deed bij momenten zelfs even aan Fear Factory denken, zeker wanneer op de achtergrond ook een subtiel vleugje electro werd verweven in de knappe sound.  Sterk optreden!

Obey The Brave uit Canada mocht aantreden op de revenge stage.  We konden nog net het einde van hun set meepikken en stelden vast dat hun loodzware en lekker logge hardcore enorm werd geapprecieerd door een heel beweeglijk publiek.  Stagedivers en circle pitters wisselden elkaar ononderbroken af op de tonen van straffe nummers als “Get Real” en slotsong “Full Circle”.  Met hun doortocht op Groezrock sloten de heren van Obey The Brave hun tour af.

Uit Nederland kwam Tusky met een smakelijke portie ouderwetse punkrock op de proppen.  Aanstekelijke nummers met een rotvaart gebracht op een amusante manier, inclusief zanger met een hippe pornosnor.  Deze zomer kan je de band ook nog op Retie Rockt gaan aanschouwen.

Stilaan viel de eerste festivaldag in zijn finale plooi en kwamen samen met de invallende duisternis ook de headliners naar boven.
Op het hoofdpodium maakte iets na 21u00 Stick To Your Guns zijn intrede.  De heren stonden al eerder op de affiche van Groezrock en hadden sindsdien alleen maar aan populariteit gewonnen.  De stem van zanger Jesse Barnett was al goed opgewarmd dankzij het eerdere optreden van Trade Wind, maar ook de andere leden van de band hadden er duidelijk zin in en trapten hun set af met de klassiekers “What choice did you give us” en “We still believe”.  Meteen het sein voor het publiek, de tent was voor zo’n 60% gevuld, om er eveneens van bij de aanvang stevig in te vliegen en mee te brullen en bewegen alsof het hun laatste concert was. “Married to the noise” een lovesong volgens Barnett,  en “Such Pain” volgden in ijltempo.  Net als “Against them all” en een paar andere sterke songs waarbij de frontman eens te meer zijn klasse en zijn veelzijdige stem kon etaleren.  Keer op keer slaagt hij erin de nodige energie over te brengen op het publiek en met hen een band te creëren door ze een geweten te schoppen en ze mee te trekken in zijn verhaal.  Naar het einde van de set konden “Amber” en “Nobody” natuurlijk niet ontbreken en zong iedereen aanwezig in de tent uit volle borst mee. Wat een heerlijke adrenalinestoot is een optreden van STYG toch altijd!  Opvallende vaststelling was dat van het laatste album ‘True View’ slechts 2 nummers de set haalden : “Married to the noise” en “Doomed by you”.

In de Back 2 Basics tent was het de beurt aan Deez Nuts (AU) om de boel op stelten te zetten.  Het kostte de bende uit de buurt van Melbourne weinig moeite om in dat opzet te slagen.  De tent was tot de nok gevuld en bij gebrek aan front was het een komen en gaan van stagedivers op het podium.  Zanger JJ Peters kon het wel appreciëren en begon het optreden met de gouwe ouwe van de band “Stay True” (2008).  Zijn rauwe, doorleefde stemgeluid herken je uit de duizend en geeft Deez Nuts die typische sound die hen onderscheidt van vele andere hardcore combo’s.  Ook de subtiele verwijzingen naar hip hop maakt hun geluid vrij uniek.  Het nummer “Love hate” illustreerde mooi waarvoor Deez Nuts naar Groezrock gekomen was: een keihard feestje met veel decibels en fun!

Coheed and Cambria was toch wel een buitenbeentje op de affiche van 2019.  Met hun vernuftige mix van (prog)rock en metal komen ze allicht weinig voor op de wishlist van de meeste punkrock en hardcore liefhebbers.  Dat bleek ook uit de zeer lage opkomst in de grote tent en de makke sfeer voor het podium.  Het viertal uit Nyack (New York) timmert al sinds 1995 aan de weg en heeft tot op heden 9 studio albums uit en massa’s live ervaring.
Dat het stuk voor stuk klassemuzikanten zijn bewijzen de nummers van de laatste plaat ‘Vaxis - Act 1, the unheavenly creatures’ moeiteloos.  Allemaal sterke composities die heel knap in elkaar zitten qua opbouw en met veel oog voor detail uitgewerkt zijn, maar ook telkens vrij lang duren en eerder complex in elkaar zitten. 
Heel wat anders dan het traditionele ‘one two three four’ en weg zijn wij voor maximum 2 minuten aan simpele punkrock… Hoewel zanger Claudio Sanchez (met de ‘breedste’ mannelijke  haardos ooit op een podium) en de zijnen hun stinkende best deden om het publiek te vermaken, slaagden ze daar amper in en kabbelde het optreden eerder sfeerloos door naar het einde.  Jammer, maar niet geheel onverwacht.

Als afsluiter van de dag stond het, in New York ontstane, Jawbreaker geprogrammeerd.  Alweer een niet zo voor de hand liggende en best gedurfde keuze, aangezien de band enkel tussen 1986 en 1996 actief was, maar daarna volledig van het toneel verdween tot 2017.  In die eerste 10 jaar bracht Jawbreaker 4 albums uit vol potige old school punk rock en was de band vrij populair.  Ze mochten zelfs in 1993 mee als support voor de ‘In Utero’ tour van Nirvana. 
Na tal van onenigheden in de band en zelfs een handgemeen op het podium tussen zanger/gitarist Schwarzenbach en bassist Bauermeister werd beslist om er in 1996 mee op te houden.  Tot in 2017 plots terug sprake was van de band.  Aanvankelijk ging men het houden bij een paar reünie concerten maar door het enorme succes werden al snel plannen gemaakt voor een tour en zelfs een nieuwe plaat voor het eerst in meer dan 23 jaar. 
Het Europese luik van de tour bracht Jawbreaker dus op het hoofdpodium van Groezrock waar ze de eer hadden de eerste festivaldag muzikaal af te ronden. 
Door hun relatief beperkte bekendheid bij het jonge publiek en door de stevige concurrentie van de Belgische trots in zwar(t)e metal,  Amenra (Back 2 basics podium) bleek ook voor Jawbreaker de grote tent, waarin de mainstage opgesteld stond, veel te ruim.  De tent was amper voor de helft gevuld, veelal door iets ‘oudere’ punkrockers die die leuke band van zoveel jaar geleden nog wel eens wilden zien en horen. 
En deze fans van het eerste uur werden op hun wenken bediend.  Jawbreaker zette een heel degelijke show neer!  Zonder veel poespas en overbodige effecten op het podium, maar met 3 ervaren rotten die met veel plezier een lekkere reeks ouderwetse punkrocksongs door de speakers joeg. 
De echte fans reageerden positief op deze brok nostalgie, nieuwsgierige muziekliefhebbers moesten ook toegeven dat deze heren ondanks hun leeftijd nog rockten als de be(e)sten .
Een waardige toch weinig spectaculaire afsluiter van dag 1.

dag 2 - zaterdag 27 april 2019
Op zaterdag was er merkbaar meer volk aanwezig op het terrein.  Helaas ook meer wolken en meer regen dan opde eerste festivaldag.  Het kon de, naar schatting, 7000 muziekliefhebbers echter weinig deren want er stonden ook meer fijne bands op de verschillende podia geprogrammeerd dan de dag ervoor…

Op de mainstage was het al meteen genieten van The Devil Makes Three (US), een plezante bende uit Santa Cruz Californië die een soort banjo punk roots folkrock speelde.  Mede door een venijnige regenbui was de grote tent goed vol gelopen.  De aanstekelijke muziek en de sympathieke frontman zorgden voor heel wat ambiance en dansende festivalzangers.  Echt een optreden om vrolijk van te worden zo vroeg op de (festival)dag.  Dat een deuntje van “War Pigs” (Black Sabbath) in hun set was opgenomen lokte alleen nog maar meer positieve reacties uit.

This Means War uit eigen land (en NL) loste de regenbui op een heel andere manier op.  Bij gebrek aan tent voor het Red Bull podium werd dan maar beslist om het optreden aan te vangen met de fans op het podium tussen de muzikanten.  Vrij chaotisch maar wel origineel en gedurfd.  Na enige tijd werd het gelukkig droog en kon de set op een normale manier verdergezet worden.  This Means War staat voor stevige, compromisloze hardcore/punk van eigen bodem.  De bandleden bezitten pakken ervaring gezien ze een verleden hebben bij oa. Backfire!, Discipline en Convict…Niet van de minste dus!  Met veel overgave en goesting werd een krachtige set neergezet met ondermeer nummers uit de recente full CD ‘Heartstrings’.

The Rumjacks (AU) stonden een paar maand geleden nog in Vlaanderen op het podium (in Aalst als ik me niet vergis) en mochten vandaag hun kunstjes uitgebreid overdoen op de mainstage.  De heren uit Sydney spelen het soort punkrock met ‘fluit’  en Keltische geluiden naar het grote voorbeeld van ondermeer Dropkick Murphys en Flogging Molly.  Best wel een fijn optreden met veel sfeer en overgave op het podium maar het origineel klinkt toch net iets beter en overtuigender en dat zou later op de dag zeker nog blijken.

De revenge stage werd klaar gezet tegen iets na 15u om het gezelschap uit Nederland No Turning Back te ontvangen.  Wie de band uit Brabant een beetje volgt weet dat ze garant staat voor loodzware en compromisloze New York style hardcore.  Sinds hun ontstaan in 1997 hebben ze een hele schare fans weten te overtuigen en die zorgden in Meerhout alvast voor een bomvolle tent en uitgelaten sfeer.  Nummers als “Destination Unknown” en “Do you care” zetten meteen de toon en werden in een verwoestend tempo opgevolgd door ondermeer “Cut the cord”, “Never give up” en enkele nieuwe nummers van de nog uit te komen nieuwe langspeler.  Keiharde, snedige en heavy set zoals we gewoon zijn van deze band.

Roam was tot vandaag een nobele onbekende voor mij.  Op het podium verscheen een soort punkrock boysband .  5 jonge gasten uit de UK probeerden de toeschouwers te overtuigen van hun kunnen met een commercieel en poppy klinkend rockgeluid.  Helaas klonk het niet bijster origineel en werd ik ook niet meteen warm van wat de zanger presteerde.  Openingsnummer “Flatline” bleef nog het langst hangen en had nog het meest potentieel.  Voor de rest een eerder mager beestje!

Dan is Dog Eat Dog andere koek!  Op de mainstage mochten deze sympathieke Amerikanen uit New Jersey voor de zoveelste maal hun ding doen.  Toegegeven, hun beste tijd hebben ze al lang gehad en hun nieuwe nummers halen niet meer het niveau van vroeger, maar die oude klassiekers blijven wel heel leuk en brengen ze nog altijd met veel bravoure!  Tot groot genoegen van het publiek dat al even enthousiast reageerde.  Wie kan niet meebrullen op nummers als “Who’s the King” en “No Fronts”?  De beide singles werden 25 jaar geleden grijs gedraaid op Studio Brussel toen het album ‘All Boro Kings’ uitkwam.  Je hoeft maar 1 toon van het typische saxofoongeluid te horen en alle herinneringen komen boven…Dog Eat Dog bestaat intussen 29 jaar en frontman John Connor is er van bij het begin altijd bij geweest!  Hij weet nog immer op meesterlijke manier het publiek te bespelen en rekt, met zijn constante gezever,  heel subtiel  de set zodanig uit, dat de band een volledig uur vol krijgt met amper een handvol echte nummers.  De Tsjechische saxofoniste van dienst krijgt haar ‘moment de gloire’, evenals de imposante drummer die zijn hip hop moment krijgt en zelfs de ‘tourmanager’ komt mee het podium op.  Gelukkig wordt af en toe ook nog eens een leuk nummer gespeeld en knalt ondermeer “Expect the unexpected” zalig de tent in. Leuk optreden zonder meer.

De redbull stage kreeg iets voor 17u het bezoek van Employed To Serve uit de UK.  Ze serveerden metalcore met female vocals en deden dat met veel lef en overtuiging.  De frontdame brulde dat het een lieve lust was en werd bij momenten knap afgelost door de gitarist die ook de nodige decibels uit zijn strot wist te persen.  Misschien jammer dat de groep zichzelf zo ernstig nam en daardoor een toch wel koele attitude etaleerde, want hun songs waren echt wel een interessante ontdekking.  De band kondigde aan dat over enkele maanden een nieuw album zou verschijnen.  Het nummer “Owed Zero” gaf daarvan alvast een felle voorsmaak.

Het Texaanse Fit For A King betrad de Revenge stage rond 17u30 om uit te halen met een overdonderende mokerslag. Frontman Ryan Kirby interpelleerde na het eerste nummer bij het aanwezige publiek even kort wie vertrouwd was met hun Christelijk geïnspireerde metalcore. Hij bleek aangenaam verrast toen bleek dat maar een beperkt deel van het publiek bevestigde. Het kwartet greep deze kans om nieuwe zieltjes te bekeren met beide handen en vatte aan met een verschroeiende intensiteit die de tent binnen de kortste keren in vuur en vlam zette. Op papier lijkt het allemaal enigszins cliché, maar de heren toonden zich meesters in het hanteren van spanningsbogen, uitstekende vocale harmonieën en waren bijzonder strak op elkaar ingespeeld zodat het nooit verveelde. Ze zullen ongetwijfeld nieuwe fans gevonden hebben bij de aanhoorders en terecht.

Teenage Bottlerocket stond vorige editie van Groezrock nog op het hoofdpodium terwijl ze nu de back 2 basics tent toegewezen kregen en moeiteloos vulden.  Zanger Ray kon er wel mee lachen en sprak van een mooie promotie.  De heren trokken onmiddellijk in een ware Ramonesstijl van leer en vuurden onophoudelijk hun korte en krachtige punkrockverzen af op de talrijke fans. “Skate or die” en “Bigger than Kiss” zijn 2 klassiekers die al vroeg in de set zaten en de boel vooraan vrijwel meteen deed ontploffen.  Andere typische bottlerocket nummers als “Everything to me” (van de laatste CD) en “They call me Steve” volgden elkaar in moordend tempo op.  Na een wedstrijdje drumstok werpen op het podium smijt de band er “Blitzkrieg Bop” van hun grote voorbeelden tegenaan tot grote vreugde van de stagedivers van dienst die nu allemaal tegelijk een jump van het podium willen wagen. “Freak Out”, een supersnelle versie van “Headbanger” en “Radio” allemaal heel genietbare en bondige punkrocksongs die echt thuishoren op de festivalweide! 
De set werd afgesloten met “In the Pit”, een raad die een deel van het publiek heel volgzaam opvolgde.  Altijd feest met deze gasten op het podium.  Heel blij dat ze over enkele maanden terug in België zijn en Brakrock in Duffel aandoen!  Be there!

Op de mainstage was het tijd voor de surprise act!  Dat waren niemand minder dan De Heideroosjes, ook al was de verrassing er bij velen al even af.  Sinds hun beslissing om deze zomer tijdelijk terug te keren en het 30-jarig bestaan van de band te vieren zijn deze Hollanders zeer fel bezig en bezoeken ze tal van festivals en podia in België, Nederland en Duitsland. 
Deze zomer staan ze ondermeer ook nog op de affiche van De Lokerse Feesten en tegen het einde van het jaar valt alweer definitief het doek met een reeks zaalconcerten (voor België in Leuven).  Echt veel verrassing is er niet meer aan aan zo’n set van Urbanus’ lievelingsbloemen maar het 4-tal uit Horst weet wel altijd de boel op stelten te zetten en geeft zich steeds voor de volle 200%.  Dat was vandaag niet anders.  Frontman Marco Roelofs stak van wal met “Scapegoat Revolution” en toonde daarna zijn “Fistfull of ideals” aan een nokvolle tent.
De band beschikt over een uitgebreid repertoire aan meezingers in het Nederlands en in het Engels en het publiek laat zich uit volle borst gelden.  Wat te denken van “Time is ticking away”, “Damclub Hooligan” en “Break the Public Peace”, het openingsnummer van de CD ‘FiFi’ uit 1996! “Iedereen is gek” lijkt vandaag echt wel te kloppen, zeker vooraan het podium en des te meer bij bassist Fred Houben met zijn opvallende glitterkostuum en gekende maffe opmerkingen.  Na een pittige versie van “Ik wil niks” is het tijd om af te ronden en dat wordt traditiegetrouw gedaan met “United Scum” het lijflied van de roosjes dat alweer door een omvangrijke menigte wordt meegebruld.

Defeater kwam na hun passage in 2015 terug naar Groezrock met weliswaar een nieuwe album rijker, maar een bandlid armer na het vertrek van Jay Maas. Derek Archambault en de zijnen lieten het duidelijk niet aan hun hart komen en trapten af met het kersverse nummer “Stale Smoke”. Archambault trappelde in zijn gekende stijl het podium rond als een briesende stier en had onmiddellijk alle aanwezigen op zijn hand in een goed gevulde revenge tent. De setlist vertoonde een mooie mix van oud en nieuw werk en publieksfavorieten zoals “Cowardice” en afsluiter ”The Red, White and Blues” werden uit volle borst meegebruld door een enthousiast publiek.
Defeater bewees dat ze vanuit een eerder literaire invalshoek en dus ver weg van de gebaande hardcorepaden een ruime schare fans konden aanspreken. Dit is muziek voor de meerwaardezoekers in de subcategorie van het hardere werk en het optreden toonde de sterke live reputatie van Defeater nogmaals aan.

Bowling For Soup is een Amerikaanse pop punk band die al sinds 1994 meedraait in het meest commerciële departement van het punkrockwereldje.  Hun sound is nog het best te vergelijken met Blink 182 al zijn hun nummers nog luchtiger en ‘kinderlijker’.  Ondanks hun lange carrière en hun niet onaardige status en bekendheid speelde de band nog maar voor de 2de keer in meer dan 24 in België!  Hoewel de muziek van Bowling For Soup helemaal niet zwaarwichtig is, kan men enkel vaststellen dat de heren van de band het wel zijn.  Van bassist Chris Burney was al lang geweten dat hij chronisch obees is maar nu bleek ook zanger Jaret zowat verdubbeld in gewicht en volume en was drummer Gary ook aardig op weg.  Enkel nieuwkomer Rob Felicetti op bas had nog ‘normale’ proporties. 
De heren lieten het evenwel niet aan hun hart komen en openden zeer catchy met “The Bitch Song”.  Frontman Jaret dolde constant vocaal met het publiek en was niet schuw van wat zelfspot.  Ondanks zijn imposante figuur heeft de man eigenlijk een vrij puberaal timbre.  Vanaf song 4 “The Last Rock Show” schakelde de band een versnelling hoger en diepten ze zowaar enkele van hun hits uit het verleden op.  Het moet gezegd dat die nummers nog steeds heel aanstekelijk en amusant klinken.  Iedereen herkende ondermeer “High School never ends” en de klassieker “Girl all the bad guys want”.  Pop punk van de bovenste plank!  Eerder in de set had de band heel toepasselijk het nummer “Belgium” gespeeld en een cover van Fountains of Wayne (“Stacey’s Mom”). 
Tevens werd subtiel de draak gestoken met glam metal en waren de vlammen en het vuurwerk op het podium ook een vette knipoog in die richting.  De wedstrijd moppen tappen werd gewonnen door de drummer en de Nederlandse vertaling van ‘blow job’ bleek te moeilijk.  Zeer vermakelijk allemaal en goed gebracht. 
Elk circus heeft een clown nodig en vandaag nam Bowling For Soup die rol met verve op zich. Afsluiter “1985”(cover van SR-71) zorgde voor een mooi orgelpunt van deze humor punkrock show.

Het Canadese Comeback Kid had de eer om op zaterdag de Revenge tent af te sluiten en maakte probleemloos de status als headliner waar. De heren zien Groezrock graag en die liefde werd ruimschoots beantwoord door de aanwezige mensenmassa die getuigde van een tomeloze positieve energie terwijl een barrage aan klassiekers de revue passeerde. Het dak ging een eerste keer van de tent tijdens “G. M. Vincent & I” dat van vooraan het podium tot helemaal achteraan werd meegebruld in een oceaan van molenwiekende ledematen. Frontman Andrew Neufeld vertrouwde het publiek toe dat zijn keel betere tijden gekend had. Gelukkig waren de heren van A Wilhelm Scream zo vriendelijk om hem een mok zalvende thee aan te reiken om dit leed enigszins te verzachten. Laat het duidelijk wezen dat we hen erkentelijk zijn! Het volstond om toch fenomenale vertolkingen van onder meer “Absolute”, “Wasted Arrows”, “Somewhere somehow”, “Talk Is Cheap” etc. ten berde te brengen. Ondergetekende keek en zag dat het goed was met een enorme grijns op het gelaat. Het blijven toch klasbakken.  Het einde van de set werd helaas geskipt aangezien er een afspraak was op het Red Bull podium met Joyce Manor.

Het Amerikaanse Joyce Manor uit Torrance, Californië timmert al enkele jaren aan de weg naar het grotere publiek en is geëvolueerd van een klassieke emo band naar een band die schildert met een gediversifieerder palet en eerder met indierock mag geassocieerd worden op de meest recente langspeler ‘Million Dollars to Kill Me’. Als headliner op de redbull stage leken de heren voor aanvang van de show eerder verveeld met de geringe opkomst. Hun stemming sloeg echter volledig om toen ze de eerste tonen van het titelnummer van hun nieuwste cd inzetten. Alle aanwezigen waren vastberaden om er een feestje van te maken en halfweg het nummer vertoonde de bandleden al een glimlach op het gelaat. Het was duidelijk dat deze groep op handen gedragen werd door hun fans die luidkeels meezongen op nummers zoals “Heart Tattoo”, “Last You Heard of Me”, “Victoria”, enz.
Tijdens het hoogtepunt van de set “Constant Headache” mocht het op handen gedragen worden zelfs letterlijk opgevat worden toen zanger/gitarist Barry Johnson onverwacht het publiek werd ingetrokken. Men zou het niet gemerkt hebben, ware het niet dat er zich plots een gapende leegte centraal op het podium situeerde. Het publiek zette immers uit volle borst en zonder aarzelen de tekst verder waarop de bard terug het podium werd opgetild en in één vlotte beweging de draad terug opnam. Schitterend gewoon. De wisselwerking tussen publiek en band was optimaal met een subliem optreden tot gevolg. Deze band is zwaar onderschat en verdient een veel grotere aanhang en erkenning.

De mannen van Millencolin uit Zweden mochten als co-headliner hun nieuwe CD ‘SOS’ komen voorstellen aan de talrijke Belgische fans.  Je mag gerust stellen dat de band door de jaren meegegroeid is met het festival en dat ze momenteel een plaats als co-headliner zeker verdienen.  ‘SOS’ is een heel verdienstelijke nieuwe schijf maar de nummers moeten nog wat roderen en kunnen momenteel nog niet tippen aan de succesnummers uit het recente verleden.  De respons bij “Sense & Sensibility”, “True Brew” en “Egocentric Man” was bijgevolg een pak heviger.  Het Zweedse heerschap speelt sober en aan een hoog tempo, zonder veel geleuter en overdreven show! 
Het contrast met de voorgangers van Bowling For Soup was op dat vlak immens groot…maar de positieve reactie van het publiek even enthousiast en gemeend.  “No Cigar” bracht het einde aan van een knap concert en, met nog 1 band te gaan op het hoofdpodium, ook van een nu al geslaagd festival.

Onnodig om het gezelschap uit Massachusetts, Dropkick Murphys hier nog voor te stellen.  Iedereen kent hun energieke folk/celtic punk die bij elk optreden steevast tot een onvergetelijk feestje leidt op en voor  het podium.  Dit was in Meerhout niet anders, integendeel!  Ze speelden de weide voor een laatste keer helemaal aan flarden en bevestigden daarmee met brio hun status van afsluiter van Groezrock editie 2019! 
De intro met de stem van Sinead O’Connor en de aansluitende doedelzaksolo luidden het concert of gepaste wijze in, daarna was het de beurt aan zangers Al Barr en Ken Casey om de honneurs waar te nemen en de boel verder in vuur en vlam te zetten.  Het lukte met sprekend gemak en met fantastische nummers als “The Boys are back”, “Blood” en “Johnny i hardly knew ya”.  Dit laatste epos is een bewerkte Ierse traditional die oorspronkelijk dienst deed als anti-oorlogs lied in minder leuke tijden. Naarmate de set vorderde bleek de band echt wel een heel waardige headliner te zijn voor deze punkrock 2-daagse. 
Alle festivalgangers schreeuwden zich een allerlaatste keer totaal schor en zorgden voor een uitbundige party op de tonen van oa. “You’ll never walk alone”, “Rose Tattoo” en het finale “I’m shipping up to Boston”.  
Wat een zalige ambiance en groot samenhorigheidsgevoel!  Het beste bewijs dat muziek mensen verbindt!

Groezrock 2019 was niet de editie met een record aantal festivalgangers, uren zonneschijn of legendarische regenbuien, maar wel de editie van de wederopstanding en van de geslaagde (lichte) koerswijziging. 
Respect voor organisatoren en vrijwilligers voor het vlotte verloop, de strakke timing en de gesmaakte affiche.
Uitkijken en aftellen naar editie 2020!  En laatste weekend van april sowieso vrijhouden!  Tot dan!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/groezrock-2019
Organisatie: Groezrock, Meerhout

Apparat

Apparat - Goed begonnen is maar half gewonnen

Geschreven door

Sascha Ring gaat terug alleen verder nu Moderat er op hun hoogtepunt mee opgehouden zijn. Een aantal maanden terug zagen we al Modeselektor in de Botanique, nu was het de beurt aan Apparat om zijn nieuwe plaat ‘LP5’ voor te stellen in een uitverkochte AB. Die plaat bouwt op de tere zang van Sascha Ring en minimale beats en schurkt dicht aan tegen Bon Iver en de experimentele kant van Radiohead.

Apparat - Ring begon lang geleden als DJ in de Berlijnse clubscene, maar werd langzamerhand producer en muzikant, en heeft zich nu blijkbaar ook na keyboards op gitaar toegelegd, al was zijn spel vrij minimalistisch, gitaarsolo’s moest je nu ook niet verwachten. Ook zijn band was vrij onconventioneel voor een elektronica-artiest: drums, cello en viool, en een blazer naast de verwachte keyboards. Het was alsof Ring de volgende quote uit “Loosing my edge” van LCD Soundsystem te harte genomen had: ”I hear that you and your band have sold your turntables and bought guitars”.
Deze neo-klassiek rockbezetting werkte uitstekend in het eerste halfuur van het concert: we vertrokken met repetitieve cello-klanken in “Intro” dat naadloos overliep in “Dawan” en “Ash/Black veil”, voer voor fans van Einaudi en Michael Nyman, mantras die aanzwollen met de breekbare stem van Sascha Ring als melancholiek orgelpunt. Toen die strijkers wegvielen, werd het concert echter een stuk minder interessant, ook door het ontbreken van visuals, maar vooral omdat het techno-minimalisme doorbroken werd door de rockbezetting met gitaren, die de nummers toch een pak minder interessant maakten. Een dansfeestje werd het daardoor nooit, en zo viel het tweede deel van het concert tussen twee stoelen, de magie ging wat verloren, enkel “Circles” kon nog op enthousiasme van het publiek rekenen.

Ons verdict? Modeselektor was een stuk spannender twee maand geleden, ook al zijn die hun dwarse beats niet altijd even toegankelijk.

Setlist: Intro/Dawan/Ash / Black Veil/Outlier/Laminar flow/Caronte/Circles/Brandenburg/Means of Entry/You don’t know me/Heroist/Eq_break /In gravitas /Voi_do /  Black water

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Les Nuits Botanique 2019 - Lambchop, The Colorist Orchestra & Howe Gelb

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2019 - Lambchop, The Colorist Orchestra & Howe Gelb

Howe Gelb, wiens onvermoeibare muzikale zwerftochten vanuit thuisbasis Tucson Arizona een paar jaar geleden zelfs tot in Oudenaarde of all places reikten, had naar Les Nuits Botanique voor de verandering The Colour Orchestra meegebracht. A match made in heaven, bleek al vlug.
Op zijn gezapigst klonk deze achtkoppige multi-instrumentale begeleidingsband met onconventionele slaginstrumenten als één of andere exotische cocktail band uit Puerto Rico of Uruguay, we willen ervan af zijn, maar als Howe naar het eind van de set toe zelf zijn gitaar omgorde doemden al vlug de contouren van een in de zon zinderend woestijn landschap op. En dat pal in de doorregende, groene tuin van de Botanique, waar de buxussen ondanks de klimaatverandering gespaard gebleven waren van ongewenste rupsen.
Merkwaardig genoeg en ondanks zijn baanbrekend werk met Giant Sand nog steeds een nobele onbekende voor velen, voor anderen nu al een levende legende dankzij knappe collaboraties met stadsgenoten Calexico of Queens of The Stone Age. Als geen ander sloeg deze übercoole cowboy in maatpak en met zijn in tequila gedrenkte stembanden er ook nu weer in om de desert vibes in zijn songs te laten nazinderen.
The Colorist Orchestra & Howe Gelb (8/10).

Plaatje opnemen, toerneetje doen, vervolgens nog een plaatje opnemen en opnieuw een toerneetje doen… Dat Lambchop te eigenzinnig en koppig is om nog mee te draaien in dit klassieke promotie circus zal niemand verbazen. Maar dat Kurt Wagner en zijn kompanen, één enkele uitzondering niet te na gesproken, hun recente, door elektronische experimenteerdrang gekenmerkte album ‘This (Is What I Wanted To Tell You)’ in een nieuw, vrijwel onherkenbaar jasje staken op Les Nuits Botanique hadden we nu ook weer niet meteen verwacht.
Niet dat ze daarom aan kwaliteitsvolle songs verlegen zaten trouwens. Al sedert medio de jaren ’90 timmert dit gezelschap uit Nashville, Tennessee gestaag aan een unieke muzikale weg, waarbij ze niet alleen qua samenstelling maar ook op het vlak van muzikale invloeden voortdurend evolueren en innoveren. Ooit heeft een slimme mens de term ‘Alt Country’ uit zijn hoed getoverd, om vervolgens Lambchop prompt tegen wil en dank tot vaandeldrager van dit genre te bombarderen.
Uit nummers als “Crosswords, Or What This Says About You”, “The December-isch You” of “In care of 8675309” werden wijzelf die avond alleszins niet veel wijzer over waar die term anno 2019 precies voor staat. Country? Niet echt, behalve die slide gitaar. Bluesfolk? Mwja. Maar misschien toch nog eerder jazz, vooral omwille van de vinnige, dubbele percussie, de geïmproviseerde piano intermezzo’s en de saxofoon die het optreden af en toe in een melancholisch sfeertje onderdompelde.
Al blijft hét handelsmerk van Lambchop natuurlijk het kurkdroge gecroon van frontman Kurt Wagner, die in de voetsporen van artiesten als Kanye West en Bon Iver ietwat verassend de stemvervormer autotune aan zijn speelgoedcollectie had toegevoegd. Het gaf alleszins blijk van lef en branie - kun je nog harder vloeken in de (alt) country kerk? - maar het begon naar het eind van de set ook wat te vervelen. Dat Kurt Wagner’s charismatische uitstraling rond zijn zestigste met baseball petje en grijs gilletje niet echt overrompelend was hielp ook niet echt.
Conclusie: een vernuftig en geïnspireerd concert waarbij het vakmanschap primeerde op de emotionele beroering. Een ingenieu(r)s optreden voor en door muzikale nerds zeg maar. En gelieve ons nu te willen excuseren want we moeten nog een beetje gaan studeren
Lambchop (7/10).

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2019)

Les Nuits Botanique 2019 - Ho99o9, Flohio, 404 - Een dikke muzikale middelvinger

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2019 - Ho99o9, Flohio, 404 - Een dikke muzikale middelvinger

Tijden veranderen, zeker in het muzieklandschap. Waar hiphop in de jaren tachtig nog een zware sociale boodschap droeg, de zwarte gemeenschap zich echt moest losvechten en knokken voor een plaats in een dominant blanke media, is het nu vaak enkel een marketingcampagne; de verwijzingen naar Hennessy cognac, dure Bolides en juwelen vliegen je om de oren. Laat Ho99o9 hiernaar een dikke muzikale middelvinger opsteken. Gedurende een dik uur werd er maatschappelijk bewustzijn in onze schedelpannen gepompt. Ja, ze zijn lawaaierig, opgefokt en chaotisch, maar dergelijke energie is helaas zeldzaam aan het worden. We hebben meer van zo’n  mokerslagen nodig.

Ho99o9 is een duo afkomstig uit New Jersey. In plaats van in hun jeugd op te gaan in de overheersende commerciële hiphop en r&b, trokken Eaddy en theOGM liever naar de bekende CBGB club in New York. Bands als Bad Brains, Minor Threat en Black Flag vormden de soundtrack van hun jeugd. Tegelijkertijd vonden ze nog steeds hun ding in de rapscene, met artiesten zoals DMX en Bone Thugs-n-Harmony. Beide uitersten hebben een overdaad aan energie met elkaar gemeen, hetgeen er bij Ho99o9 ook vanaf druipt. Als je recente referentiepunten zoekt, mag je richting Death Grips en Odd Future denken.

Voor de opener van de avond, 404, waren we helaas te laat, maar volgens enkele aanwezigen hebben we niets gemist. Met Flohio kregen we onze eerste act van de avond voorgeschoteld. Deze jongedame uit Zuid-Londen brengt grime, maar echt grimmig was het niet. Niet enkel de nummers klonken flets en bijwijlen hol, ook was Flohio zelf nét iets teveel bezig met haar podium persona. Hoewel Modeselektor haar vroeg voor een vocale bijdrage voor hun single “Wealth”, kon ze ons amper overtuigen.

Tijd voor de wervelwind waarvoor we allen gekomen waren. Eaddy betrad het podium in een Misfits T-shirt, en vanaf de eerste seconde was het er boenk op. De tour is genoemd naar het openingsnummer van hun laatste EP: ‘Is It Safe To Internet’. En wat een nummer om de set mee te openen: deze song was een directe punky uppercut. ‘JUMP IN THE PIT!’ brulden de rappers, en wees maar zeker dat er een pit was! De liedjes waren kort, maar bevatten punch, hetgeen in lijn ligt met de algemene aandachtspanne. De set stuiterde van links naar rechts, van voor naar achter. De mix van hardcore, punk en noise à la Aphex Twin deed de muren en plafond in geen tijd van het zweet druipen. “Street Power” nam even wat gas terug, wat niet betekent dat deze ‘dark as fudge track’ je ongedeerd liet. De dreunende minimalistische beats voelden aan als een seismografische test.
Het was ook duidelijk dat de heren eerbied hebben voor hun idolen; niet enkel kan je een sample van Slipknot terugvinden in “Mega City Nine”, Ho99o9 weet de Botanique helemaal in trance te krijgen met “Firestarter”, dé hit van The Prodigy. Deze cover mag niet gans verbazen, daar Eaddy er best uitziet als een zwarte versie van de heengegane Keith Flint. Toch konden ze met een abrupte, ingetogen break niet laten om het publiek toch even lekker op het verkeerde been te zetten. Het blijft verfrissend dat een groep zichzelf niet te serieus neemt, dat er al eens gelachen mag worden. Te veel ‘sérieux’ kan vaak een domper op een show zijn, maar niet die avond. De fans van de band (Death Kult genaamd) aten uit hun handen, en minstens even hongerig denderde Ho99o9 verder.
Als we toch een punt van kritiek mogen hebben, is het dat het geluid soms nog te wensen overliet. In vergelijking met hun set vorig jaar op Pukkelpop was de mix al iets evenwichtiger met de live drums, maar soms was er weinig richting te vinden. Daarbij zou de band live gerust uitgebreid mogen worden, want met meer instrumentale invulling zouden de wall of sound en agressie onverwoestbaar zijn. Dit blijft echter mierenneukerij, gezien er vandaag de dag weinig (hiphop) acts zijn die je zo bij je kloten pakken als Ho99o9. Ze hadden zeker niet misstaan op Groezrock, wat ook dit weekend plaatsvond. Misschien een idee voor volgend jaar?

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar dce pics
Ho99o9
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/les-nuits-botanique-2019/ho99o9-28-04-2019
Flohio:
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/les-nuits-botanique-2019/flohio-28-04-2019
404
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/les-nuits-botanique-2019/404-28-04-2019

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2019)

Les Nuits Botanique 2019 - Bakar, Sports Team, Blood Red Shoes - Een gezellig onderonsje!

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2019 - Bakar, Sports Team, Blood Red Shoes - Een gezellig onderonsje!
Les Nuits Botanique 2019
Botanique (Grand salon + Orangerie)
Brussel
2019-04-25
Johan Meurisse

Het Britse Blood Red Shoes heeft het de laatste jaren hard te verduren gehad . ‘Get tragic’, de nieuwe vijfde plaat is een titel  op z’n plaats, een katharsis, om uit het diepe dal te geraken . De twee vonden elkaar terug na rampspoed , rekenden af met hun demonen en nieuwe inzichten borrelden op o.m. in een breder geluid met twee extra leden . En vooral opnieuw goede muziek , snedig strak of volumineuzer door keys , bas en de evenwichtige zangpartijen. De sound boeit , klinkt spannend en sluit nauwer aan op hun ouder werk  . Wind in de zeilen dus voor de bevallige gitariste Laura-May Carter en drummer Steve Ansell , wat we in een aangename set zagen vanavond.

Het hing al een beetje in de lucht , na de eerste twee platen van het sympathieke duo viel de derde deftig tegen en bracht het titelloze album uit 2014 een ‘back to basics’ sound , onversneden, rauw , gruizig , alleen haakten fans van het eerste uur deels af … Het eindeloos werken en toeren in die tien jaar eiste z’n tol en zorgde ervoor dat ze op elkaar uitgekeken waren.
Een serieuze vloek rustte op de twee , want in die bezinning van bijna vijf jaar ,werden ze overmand van geruzie , ongelukken en liefdesverdriet … en toch konden de brokken worden gelijmd. ‘Get tragic’ deed z’n naam alle eer aan , alles van zich afschrijven  en spelen, de goesting groeide en de gretigheid  borrelde op; in de return klinken ze fris en wervelend. Ze proberen zowel de vroegere fans als nieuwe mee te krijgen . 
Op een goed half jaar tijd twee maal te zien in de Bota , nu ikv Les Nuits; het is de aanzet om een heuse tournee te plannen in de clubs als op de festivals . Na het optreden vanavond werd al meteen een nieuw zaalconcert geprikt , in Trix , Antwerpen .
Na de intense strijd  met zichzelf en elkaar zien we een gedreven tweetal , die de melancholie en gevoeligheid ook wat meer ruimte laat . ‘Rock’n’roll will never die’ is het motto , ook al is er meer diepgang in de sound te bespeuren.
Met een paar nieuwe nummers “Elijah”, “Mexican dress” en “Howl” wordt van start gegaan . Songs , meeslepend van aard, die zich live nog wat moeten nestelen en bewijzen. Intussen zijn de twee bijkomende leden van het podium . “The perfect mess” en “An animal” van het onvolprezen titelloze album krikken het tempo omhoog , ongedwongen , energiek en speels , een huppelende, dartelende ritmiek in een strak , fel, krachtig geluid. De klemtoon komt op de snedige gitaarriffs, niet vies van pedaal effects , de  drumpartijen en de wisselende , extraverte zangpartijen. Kortom, een Blood Red Shoes als vanouds, op z’n best. Een aanpak die aanslaat en kan rekenen op een sterke respons . De paar niemandalletjes niet nagesproken , blijft het gaspedaal stevig ingedrukt op “Red river” en op één van de classics “I wish I was somebody  better” . Ansell  is op stoom , hitst het publiek op , staat recht , de drumstick omhoog . Laura-May zet haar introverte persoon opzij en zoekt het muzikaal gevecht op met haar drummer . Heerlijk genietbaar .
Ook als de andere twee het duo vervoegen , wordt een intens , broeierige spanning behouden en verwezenlijkt; de live uitvoeringen van “Eye to eye”, “God complex” en een verschroeiend “Colours fade”  durven te exploderen .

Onstuimig en beheerst klinkt het allemaal , wat een gezellig rock’n’roll onderonsje  betekent . Als op ‘t eind nog een fotootje wordt getrokken  met één van de jongste fans , kan men zeggen dat Blood Red Shoes terug de juiste drive heeft gevonden en zich sterk amuseert …

Blood Red Shoes wist z’n support Sports Team en ons eigen Raketkanon te eren . Ze hadden hen zien soundchecken en hebben niet liever dat de fanbase kan worden uitgebreid .
Het Britse combo Sports Team had een goed half uur . “M5” was de vooruit geschoven single die ergens Kaiser Chiefs en Weezer omhelst . Melodieuze rock’n roll/postpunk  in een highschool outfit . Ze zijn toe aan hun tweede EP ‘Keep walking’ en zullen in de zomer te zien zijn op Rock Werchter .
Een energieke, hyperkinetische zanger, Alex Rice, stond in een schril contrast met de onverschillig gelaten keyboardspeler . “Camel crew” en “Margrate”  zijn aangename ,frisse  , dynamische songs . Heel wat beweging en dansmoves, live lekker in het gehoor .

Eerder zagen we in de pittoreske Grand salon de Londense artiest Bakar . Bakar gooide hier met band alle genres overboord door een verfrissende combinatie van indie-rock, dance-punk, urban, r&b, soul  en hiphop. Een diverse geluid die ons steeds opnieuw wist te boeien en vastgreep .
Bakar noemt Madlib, Foals en Red Hot Chili Peppers als zijn grootste inspiratiebronnen, maar ook Bloc Party, Gang of Four en King Krule zijn terug te horen in zijn muziek. En dan mag je nog een rits 90s hiphop erbij rekenen als een Speech (Arrested Development), The Roots, A tribe called quest, The Fugees of nu zelfs een Loyle Carner en een Gorillaz aanpak  .
In een aangename , frisse groove klinkt de sound zwoel , sensueel en opzwepend . Dit was gevarieerd en , verdomd verrassend goed, zeg . Een jong publiek hangt aan zijn lippen en hij werd sterk onthaald . Zijn debuut ‘Badkid’ lijkt dus meer dan moeite , zeker als de songs “Bad dreams” , “All-in”  of “Dracula”  naar boven gehaald worden door de warme , verbeten raps , de breaks, de diepe basstunes , het gitaargepengel en de hitsende drums.
Live heel wat uptempos en dus kregen we hier wervelende set en show. Een onuitwisbare indruk !

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/les-nuits-botanique-2019
Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2019)

Pagina 205 van 498