logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

Daddy Long Legs

Daddy Long Legs - Infectieuze blues

Geschreven door

Twee jaar geleden waren ze al eens in de 4AD, toen samen met de Idiots. Aan die laatsten hebben ze geen al te beste herinneringen want de groep rond Luc Dufourmont probeerde hen toen te intimideren (zowel fysiek als verbaal) en deed zo haar naam alle eer aan, vernamen we nu.

Dit keer mocht Daddy Long Legs het podium delen met een heel wat vredelievendere groep, Chicken Head, de zoveelste reïncarnatie van Marino Noppe. Met Maxwell Street zag ik Noppe tig keren (vooral in de jaren ‘80) aan het werk en dat waren telkens feestjes vol bezieling. Na al die jaren is hij die begeestering nog steeds niet kwijt, zo bleek. Dit keer liet hij zich bijstaan door drummer Rik Vannevel, bassist Danny Degheldere en leadgitarist Dries Pottevijn. Een goed geoliede band die ons vooral bevlogen Chicago blues bracht waarin de gitaren van Noppe en Pottevijn om beurten mochten soleren.
Enkele raak gekozen covers van vermoedelijk Luther Snake Boy Johnson, Johnny Copeland en Joe Louis Walker (die laatste mocht hij ooit begeleiden) lieten de temperatuur enkele graden stijgen maar het was toch vooral dat ene ingetogen nummer, waarin het gitaargeweld wat luwde en zijn verweerde, roestbruine stem het meest tot zijn recht kwam, dat me kippenvel bezorgde. Maar ook met de lang uitgesponnen afsluiter “On the road again” (Canned Heat), aangekondigd als een nieuw, nog onafgewerkt nummer, wisten Noppe en kompanen zichzelf te overtreffen.

Er lijkt toch wel wat veranderd bij Daddy Long Legs sinds de vorige keer. Zo brachten ze hun nieuwe plaat, ‘Lowdown ways’, uit op het wat prestigieuzere Yep Rock Records hoewel ze in hart en nieren een Norton Records-band blijven. Maar sinds de dood van baas Billy Miller leidt Norton Records een wat sluimerend bestaan zodat ze wel moesten uitwijken. Nu zal hun plaat ongetwijfeld meer aandacht en een betere verdeling krijgen. Dat terwijl zanger Brian Hurd zijn lief kwijtspeelde, zijn job en zijn woonst opzegde (niet noodzakelijk in die volgorde) zodat het erop lijkt alsof ze klaar zijn voor een doorbraak.
In Engeland waren de eerste afspraken van de tour alvast uitverkocht en ook de opkomst in Diksmuide was meer dan behoorlijk. De tijd van café-optredens lijkt definitief voorbij. En de band, die stond er! Maar dat was vroeger ook al altijd het geval. Nog steeds gekleed alsof ze moeten spelen in een aftands saloon van een goedkope westernfilm , stonden ze opnieuw garant voor een wervelende set gedeukte blues.
Drie heerlijke figuren om aan het werk te zien. Daddy Long Legs (een bijnaam die Hurd al sinds zijn schooltijd draagt) die elke vezel van zijn lijf benutte om zijn mondharmonica op orkaankracht te krijgen en met zijn bezwerende schuurpapieren stem leek deel te nemen aan een voodoo ritueel. Murat Akturk die de grote gebaren en solo’s niet nodig had om te beklijven, een sobere erg vintage klinkende gitaar volstond. En dan was er nog ene Josh Styles op primitieve drums die het ene zware bier na het andere binnenkapte om daarna het leeggoed achteloos over zijn rug te keilen.
Tot zover de ingrediënten maar het zijn toch vooral de sterke songs die het bij Daddy Long Legs doen. De oudjes waar ik geen genoeg van kan krijgen zoals “Blood from a stone” dat van The Rolling Stones had kunnen zijn of het onverwoestbare “Evil eye”, misschien wel hét hoogtepunt van de set.
Maar er is dus een nieuwe plaat, officieel uit op 10 mei, en de nummers daaruit moesten bij een eerste kennismaking absoluut niet onderdoen voor het oudere werk. Het door een scheurende mondharmonica voortgestuwde “Mornin’ noon nite”, het stompende en tevens bezwerende “Bad neighborhood” of het primaire en van een smerige mondharmonica voorziene “Be gone”, ze klonken allen even infectieus. De meest opvallende nieuwe was evenwel “Winners circle” waarvoor eenmalig de blues opzij geschoven werd ten voordele van een lap rock-‘n’roll waarin ik zowel Chuck Berry als Dave Edmunds meende te horen. Mogen ze wat mij betreft gerust wat meer doen.
Na een adembenemende set kwamen ze nog één keer terug om op eenvoudig verzoek van een motard “Motorcycle madness” te brengen waarin de mondharmonica van Brian Hurd het motorengeronk perfect wist te imiteren. Daarna gingen de drie uitgebreid kennismaken met het publiek. Schitterende band, schitterende set!

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Bazart

Bazart - Dancing Bazart in de AB!

Geschreven door

Bazart is één van de populairste Vlaamse bands van het moment. Vorig jaar brachten ze niet alleen hun tweede  album uit, maar vulden ze ook het Sportpaleis. Tijdens dit paasweekend is het allemaal net iets kleiner. Matthieu Terryn, Oliver Symons en Simon Nuytten keren terug naar de AB. De plaats waar het allemaal voor hen begon, aldus Terryn. Dankzij de Nederlandse teksten ligt het meezinggehalte net iets hoger. De soms wat zweverige pop past dan weer perfect bij dit weer. De verwachtingen liggen dus hoog. In het groteSsportpaleis wisten ze er een dikke lap op te geven, maar kunnen ze dat vandaag evenaren? Of misschien zelf overtreffen?

Dat Martha Da’ro roots heeft uit Angola hoor je in haar muziek. De zangeres mag dan a capella inzetten, eens er een beat wordt ondergezet , weet ze ons wel te vermaken. Integendeel tot het publiek, maar als de AB staat te wachten op iets tussen pop en kleinkunst, is het dan verstandig om iets tussen hip hop en Soul voor te schotelen? De vriendelijke verschijning kan de zaal maar niet overtuigen ondanks dat ze helemaal geen slechte set neerzet. Met enkele aangename nummers laat ze ons misschien met een hongertje zitten, maar het pratende publiek denkt daar anders over. Martha Da’ro als voorprogramma van Bazart, daar slaat de AB de bal mis.

Wie Bazart kent weet dat er naast het creatieve trio nog twee extra muzikanten mee op het podium staan, maar vandaag zagen maar plaats voor drie man. Jammere zaak, maar eens het optreden begonnen was hadden we er al vrede mee.

Bijna a capella begint het trio met “Nodig”, maar al snel komt er (net zoals bij Martha Da’ro) een goeie, stevige beat. Ook “Ademnood” krijgt een strakke beat waardoor er meer op gedanst kan worden. Dat wordt dan ook al hier en daar gedaan. Niet alleen de nieuwe nummers werden herwerkt, maar ook de oudere nummers. Op de climax van “Echo” valt een gouden doek naar beneden waardoor ook de overige twee bandleden verschijnen.
Ondanks dat Bazart nog maar twee albums uit heeft , passeert er al snel een hele reeks hits. Hoewel we deze hits allemaal kennen klinken ze zeer fris en vernieuwend door de herwerkte versies. Hier en daar zien we kinderen de Nederlandse teksten van onder andere “Tunnels” meezingen. Achter hen de dansende ouders die zich terug tien jaar jongen voelen. Het doet ons tocht iets, want er wordt heel wat gedanst in de uitverkochte AB. Dat de zaal niet één, maar twee keer uitverkocht is maakt de jongens zeer blij. Terryn is zeer dankbaar voor onze komst en lijkt charmanter dan in het grootse Sportpaleis vorig jaar. ‘We zijn terug waar we begonnen zijn’ klinkt het.
Dat Eefje De Visser ook van de partij was verraste ons niet. “Onder Ons” werd één van de vele hoogtepunten. Maar ook die andere samenwerking vanop de tweede plaat werd een hoogtepunt. Voor het eerst brachten Bazart en de Waalse Baloji samen “Niet Te Dichtbij / Côte à Côte”. Het ene hoogtepunt volgde het andere op en van sommige hadden we dat niet verwacht. “Het Doet Me Toch Iets” en “Voodoo” toveren de AB verrassend genoeg om in een dancing. Nog voordat “Chaos” wordt ingezet staan we al lang in het zweet, maar voor die hit en “Goud” geven wij en Bazart er uiteraard nog een lap op. 

Dat Bazart bijna alle nummers heeft herwerkt is een straffe zaak. Nooit eerder klonk de Nederlandstalige muziek zo dansbaar. Bazart komt onverwacht uit de hoek hun opgefriste nummers. Hits als “Nacht” en “Onder Ons” kunnen we allemaal meezingen, maar klinken toch nieuw. Tijdens mega hits “Goud” en “Grip (Omarm Me)” voelt het dan weer zeer vertrouwd om de benen los te gooien.
Geheel onverwacht werden we vanavond verwelkomt in Dancing Bazart en onder ons gezegd en gezwegen dit was één van de betere Bazart optredens.

Setlist: Nodig - Ademnood - Koortsdroom - Echo - Intro - Nacht - Lux - Tunnels - Onder ons (met Eefje de Visser) - Zonde - Voodoo - Niet te dichtbij / Côte à côte (met Baloji) - Chaos - Goud - Vijf dagen - Grip (Omarm me)

Neem gerust een kijkje naar dce pics
http://musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/bazart-21-04-2019
http://musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/martha-da-ro-21-04-2019

Organisatie: Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

The Magic Numbers

The Magic Numbers - Magie

The Magic Numbers - Magie
The Magic Numbers
Cactus Club
Brugge
19-04-2019
Stan Vanhecke en Astrid De Maertelaere

“They’re the ‘magic’ and we’re the ‘numbers’”, omschreef Romeo Stodart zijn eigen band.
The Magic: dat waren Michele Stodart en Angela Gannon.
The Numbers: dat waren een zichzelf onderschattende Romeo Stodart en Sean Gannon. En toch hadden wij na het optreden een gelijkaardig gevoel. Die twee zussen hebben voor het extraatje gezorgd in een fantastisch optreden van een geweldige liveband. The Magic Numbers.

Als starter van het optreden kregen we “Ride Against The Wind” van nieuwste plaat ‘Outsiders’ voorgeschoteld. Stevige gitaren, luide bassen en een paar klinkende stemmen erover; de toon was gezet voor een avondje poprock van de bovenste plank.
Maar voor het eerste magische momentje was het wachten tot “Love Is Just A Game” de set brak. De knappe samenzang en catchy melodie zorgde voor een paar ‘ooohs’. “You’re nailing it with the oohs”, complimenteerde Romeo ons met een smile tot achter zijn oren. “Keep it up in this next song”. En zonder pretentie zette hij absolute tophit “Take A Chance” in.
Verbazend weinig volk was afgekomen om deze Britse toppers na vijf jaar nog eens in België aan het werk te zien. Wij konden het maar moeilijk geloven. Het voelde zelfs een beetje gênant. Gelukkig zag de band dat duidelijk niet zo. Ze vonden het heel erg romantisch en het zorgde voor één van de meest interactieve optredens die wij ooit zagen. Romeo ging af en toe gewoon in gesprek met het publiek en beantwoordde vragen als ware het een interview.
Verder met het optreden dan maar, dat ongeveer 2(!) uur duurde. De geest van Roy Orbison werd verwelkomd tijdens het gelijknamige nummer. Met “Shotgun Wedding” gooiden ze wat nostalgie in de mix, want het was één van de eerste songs die ze in België speelden, ongeveer 13 jaar geleden. En dan hadden ze ons even liggen. Een kabbelend nummer ging over in het zaligste moment van de dag wanneer de melodie van “Forever Lost” eruit tevoorschijn kwam. Er zit nog steeds geen sleet op het gevoelige nummer met tempo en het aanwezige publiek herinnerde zich de tekst woord voor woord.
Wat daarna volgde was mogelijks nog mooier, want Angela haalde de zachtheid naar boven wanneer zij even frontvrouw werd en Romeo de toetsen bediende: met “Throwing My Heart Away” werd het muisstil in de zaal en zong ze Julia Stone-gewijs het nummer in, inclusief heerlijke kraak in de stem.
En alsof we dan nog niet genoeg gepaaid waren mochten we ook nog luisteren naar een stevige cover van “Hotel Lounge” van dEUS. Volgens Romeo één van de eerste bands die hij via MTV had leren kennen.

Het was de kers op de taart van een meer dan geslaagd optreden in de Magdalenazaal. Als toemaatje kregen we nog een stuk of vier extra nummers - ze kregen er maar niet genoeg van - waarvan we vooral “Love Me Like You” en een Paul McCartney-song met het voorprogramma Morrissey and Marshall onthouden.
Voor herhaling vatbaar dus, waardoor wij al uitkijken naar hun volgende bezoek in België, hopelijk op één van onze festivals.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/cactus-club-brugge/the-magic-numbers-19-04-2019

Organisatie : Cactus Club, Brugge

Fontaines D.C.

Fontaines D.C. - Fris en Furieus

Geschreven door

Een jonge ambitieuze band en één van de nieuwste hypes is het Ierse Fontaines D.C., die de woede van de Brexit laten aanvoelen na Idles en Shame  . We werden een klein uur lang meegevoerd, -gesleept in een intense trip van verbeten , rammelende,  rommelende, energieke garagerock/postpunk, met een zinderend slot . Fris, furieus en veelbelovend dus!

Hoe het groeide .. het borrelde al van vorig jaar met dit Ierse combo uit Dublin City (D.C.), die ons lieten kennismaken met de single “Too real”. Het zat meteen goed en de doorbraak volgde . Samen met King Khan werden ze geprogrammeerd en als support evolueerden ze plots tot main-act; iedereen wilde deze jonge snaken nu wel zien.
Een volwaardige set speelden ze. De debuutplaat ‘Dogrel’ was uit en met “Big” en “Boys in the better land” was het meteen raak . Niet te verwonderen dat alle drie de nummers hier tot het laatst werd gehouden en de uppercuts waren . Een zinderende finale dus. De vijfenveertig minuten vooraf waren eerder een smeltkroes van Britpop , indie, postpunk en eightieswave . Zanger Grian Chatten  is een rusteloze gast op het podium , straalt dat typisch kantje Britarrogantie uit en sleept z’n band mee in een gedreven trip en energieke opstoten . Zijn repetitieve zangstijl wordt gelinkt aan The Fall en PIL . “Hurricane laughter” en “Shashasha” openden. Melodieus gedreven rommelende, strakke  gitaren en hitsende drummotiefjes . Op “Liberty belle” werd het tempo opgedreven. Er werd gas teruggenomen voorbij halfweg en “Roy’s tune” was het sfeervolste nummer. In het slot hadden we die garagerockandrollers. “Television screens” was er eentje bovenop , en hier kon je niet omheen een Oasis concept .

Fontaines D.C. was vorig jaar nog te zien met een Metz en Idles tijdens Les Nuits Bota. Toen al hadden we ze in het oog … Inderdaad, gejaagde post-punk met flink wat opwinding. Missie geslaagd .

Na de revelatie , kwam nu King Khan louder than death . Als een Ty segall was de King Khan al in verschillende gedaantes en projecten te zien . Een showman blijft hij ongetwijfeld. Garage/rock’n’roll, glamrock met een punky vibe. Rechttoe-rechtaan ,vunzig , rauw, ruw en toch …lieflijk, aangenaam verpakt in een dosis humor en onnozelheden . Lekker doorleefd en smerig. Geen gekheden of bizarre verkleedpartijen deze keer , maar ‘de hardrockers met een biervatbuikje’ legden de klemtoon op hun muziek en gaven met wat stijlelementen een eigen draai aan hun rock. Niet te versmaden dus voor een  een goed rock’n’roll feestje.

Neem gerust een kijkje naar de pics - dank Ann Cnockaert - Luminousdash.be  
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/4ad-diksmuide/fontaines-dc-19-04-2019


Organisatie: 4ad, Diksmuide

Drenge

Drenge - Een dubbeltje op zijn kant

Geschreven door

Drenge is een band die we kunnen situeren binnen een golf Britse bands die rond het jaar 2013 furore begon te maken. Denk maar aan groepen zoals Alt-J, Royal Blood of Wolf Alice, die nu al lang geen onbekenden meer zijn. Bij Drenge is dat verhaal wat anders gelopen, en nu speelden ze slechts in een halfvolle Trix Bar. Het kan soms verkeren, maar Drenge is ondertussen wel al aan zijn derde album toe. Niet het beste werk van de groep, en dat kwam in Trix nog eens pijnlijk naar boven.

Openen mocht lokale band Filibuster met een mix tussen shoegaze en lo-fi. De frontman droeg ook een T-shirt van Sonic Youth, maar daar stopt de vergelijking dan ook. Muzikaal kwam het allemaal nogal traag binnen, waardoor het nooit echt volledig kon overtuigen. Vooral toen de frontman begon te zingen, krulden onze tenen zich op. Het was niet altijd even toonvast, en na een tijdje vroegen we ons af of hij er wel echt zin in had. Gelukkig wist de band op het eind ook een heel strak nummer te brengen met weinig zang, maar daar bleef het bij. Er is dus nog wat werk aan bij Filibuster - vreemde naam ook.

Drenge moest dan maar onze honger stillen, maar begon nogal twijfelachtig. En dat kan je heel serieus nemen. De eerste tien nummers waren eigenlijk niet om over naar huis te schrijven. Te sloom, te weinig power en vooral slechte songs. Het was dan ook geen verrassing dat de meeste nummers uit hun laatste plaat ‘Strange Creatures’ kwamen. “No Flesh Road” was te braaf en zelfs “Bonfire of the City Boys”, waarin wel heel leuke uitspattingen zaten, miste wat meer vlees.
Vanaf “Autonomy” liet frontman Eoin Loveless zijn gitaar voor wat het was en probeerde het publiek te entertainen met zijn charisma. Alleen jammer dat hij dat niet heeft en de set hierdoor helemaal tot in de dieperik zonk. Het was een beetje als de Titanic, alleen had Drenge de haven nooit verlaten en begon meteen te zinken. Loveless is niet de beste zanger en als hij bij nummers als “Never Awake” de focus op zijn stem legt, dan weet je waar het schoentje wringt. Zijn ego moest duidelijk gestreeld worden, maar voor ons was dit toch heel overbodig en weinig overtuigend.
Als een mirakel kwam er dan plots toch kracht in de set. “Backwaters” werd in een duistere, iets minder krachtige versie gespeeld, maar wat daarna kwam gaf ons opnieuw de energie die we verwachten van een band als Drenge. “Running Wild” was spannend, intens en vooral heel sterk in de opbouw. De riffs voelden we door merg en been en de gitaarsolo’s waren uitmuntend. Dat “Bloodsports” meteen daarna volgde deed ons hart nog veel sneller slaan. Helaas kwam de teneur van de set terug en zorgde een minder overtuigende versie van “Strange Creatures” alweer voor teleurstelling.
Het intense einde moest alles goed maken. Maar ook bij “Let’s Pretend” duurde het te lang voor we echt warm kregen en bij “Prom Night” haalde Loveless te veel zijn inner Alex Turner boven, totaal overbodig. Afsluiter “We Can Do What We Want” bleek het anthem dat we de hele set misten. De frontman ging het publiek in en smeet zich volledig. Waarom kon hij dat niet eerder gedaan hebben? Misschien was hij blij dat de lijdensweg van Drenge erop zat, want het leek er niet meteen op dat de band vol overtuiging speelde.

Dat Drenge nooit het succes kende van andere bands in hun golf, ligt vooral aan zichzelf. Ze zijn te braaf en weten live weinig te overtuigen. De songs zitten bij momenten erg goed, maar soms vraag je je ook af hoe zoiets gemaakt kon worden. De creativiteit is bijgevolg bij momenten erg ver zoek en Eoin Loveless wil zichzelf te veel tonen. Dit past niet bij de band, ze zouden gewoon hard moeten gaan zonder te veel na te denken of show te geven. Dat hun nieuwe plaat niet de beste is, droeg hier zeker toe bij. We zijn benieuwd wat de toekomst biedt voor Drenge, maar volgens ons geven ze er beter de brui aan. Tenzij er plots een gigantisch verse creatieve input volgt, dan komt het misschien wel goed!

Setlist: No Flesh Road - The Woods - Bonfire of the City Boys – Autonomy - Face Like a Skull - Never Awake - This Dance - Teenage Love – Backwaters - Running Wild – Bloodsports - People In Love Make Me Feel Yuck - When I Look Into Your Eyes - Strange Creatures - Let’s Pretend - Prom Night - We Can Do What We Want

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be
Organisatie: Trix, Antwerpen

Cave

Cave - Geniale liveband

Geschreven door

Geen al te hoge opkomst voor wat een memorabel avondje ging worden. Nochtans begon het eerder in mineur. Na de eerste twee nummers van Die Rakete (een duo uit Oostende), die ik als een aanslag op Kraftwerk ervoer, had ik zin om heel hard weg te rennen. Gelukkig bleef ik zoals altijd (lopen kan ik trouwens al jaren niet meer) staan en zag zo vanaf nummer drie het tij volledig keren. Hans Vandemaele liet de harde beats en kille synths voor wat ze waren en ging het meer in de exotica zoeken waardoor de gitaar van Peter Vanslambrouck nu ook meer tot zijn recht kwam. De twee kwamen aardig dicht in de buurt van Sonido Gallo Negro en laat dat nu net een groep zijn die me nauw aan het hart ligt. Vandemaele haalde alle mogelijke klankkleuren uit zijn toetsen en riep daarbij herinneringen op aan illustere figuren als Giorgio Moroder, André Brasseur of Pierre Henry (die klokjes uit “Psyché rock”). Jammer dat ze voor de zang bleven zweren bij het gebruik van een vocoder maar gezien de meeste nummers instrumentaal waren viel daar zeker mee te leven. Die Rakete waren een warme verrassing die ik gerust nog eens terug zou willen zien.

Geen valste start bij Cave, integendeel, dat eerste nummer (vraag me geen titels want dat is net iets te moeilijk bij zo goed als volledig instrumentale muziek) alleen al was mijn verplaatsing naar Leffinge waard.
Cave is een vijftal uit Chicago, Illinois dat tien jaar geleden debuteerde en vorig jaar na een stilte van vijf jaar opnieuw een plaat (‘Allways’) uitbracht. Dat gat kwam er omdat spilfiguren Cooper Crain (gitaar, orgel) en multi-instrumentalist Rob Frye zich bezig hielden met Bitchin’ Bajas, een project dat hen in 2014 ook naar de Water Moulin leidde. Maar wat mogen we blij zijn dat die twee het oude nest terug vonden. Cave maakt het soort muziek dat je eerder associeert met studioratten (zoals een Steely Dan) die vooral op plaat tot grootse dingen in staat zijn maar deze groep wist hun wel degelijk schitterende opnames live naar een nog hogere dimensie te tillen.
Wat moet je hier bij voorstellen? Vijf statige maar superbe muzikanten die schijnbaar moeiteloos de meest gracieuze muziek uit hun instrumenten wisten te toveren waarbij ik niet genoeg kan benadrukken dat ze alle vijf van cruciaal belang waren. Naast de twee eerder vermelde sleutelfiguren (dat wel) zorgden tweede gitarist Jeremy Freeze, bassist Dan Browning en drummer Rex McMurry voor een gespierd raamwerk.
Traag evoluerende motieven, hypnotiserende grooves, kosmische atmosferen, psychedelische drones, krautrock geïnspireerde melodieën waarbij een dwarsfluit of sax af en toe voor een jazzy toets zorgde.

Een misselijk makende omschrijving wellicht maar het bleef steeds uiterst behapbaar en zo goed als alle aanwezigen vonden dit, gezien de stormloop naar het platenstandje, geweldig.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Enter Shikari

Enter Shikari - Stop the clock tour - Meesters in de syntmetalcore!

Geschreven door

Met succes sloot Enter Shikari hun tournee  af in de AB. De jongetjes van 2007 die toen nog hun energie kwijt konden met behulp van een trampoline op het podium, hebben anno 2019 een meesterlijke visuele show meen, die garant stond voor entertainment. Ze weten nog steeds de perfecte balans te vinden tussen stevige gitaren en elektronische tunes. De Britse band had er duidelijk zin in om nog een laatste keer er stevig in te beuken, wat het publiek zeker ook deed die avond.

Het eerste nummer van hun Stop The Clock Tour kwam uit het recentste album The Spark, “The Sights” zette meteen de toon van de avond, het feest kon beginnen. Met “Step Up” kleurde de zaal rood en het publiek reageerde hierop als een stier op een rode lap, er kwam beweging in de zaal. “Labyrinth” werd met veel enthousiasme op de zaal losgelaten, de nummers van het eerste album vallen nog steeds zeer goed in de smaak!
Enter Shikari ging verder met hun succesformule, die perfecte balans tussen rock en elektronische muziek. “Arguing With Thermometers” uit hun derde studioalbum is hiervan het perfecte bewijs. “Rabble Rousser”, ook een nummer - wat mij betreft één van de betere - van het laatste album, toonde de complexiteit van nummers waar Enter Shikari in de loop der jaren sterk in is gegroeid. Zo konden ook “Hectic” en “Ghandi Mate, Ghandi” op veel bijval rekenen bij het aanwezig publiek.
De band was ondertussen volledig opgewarmd en met “Mothership” werden de fans van het eerste uur nogmaals beloond met een vleugje nostalgie. Crowdsurfen was bijna een must aan het worden! Toen besloot de groep om even de handrem op te trekken, het rustige “Airfield” werd ingezet. Zanger Rou Reynolds kroop achter zijn piano en probeerde de rust terug te brengen in de AB. Eerlijk, toonvast zong hij niet altijd en misschien hadden ze dit nummer links moeten laten liggen.
Gelukkig bracht “Undercover Agents” de schwung terug in de zaal, net op tijd voor quickfire round. Vier nummers aan een razend tempo gespeeld, dat stilstaan haast onmogelijk werd. “Sorry, You’re Not a Winner” werd zoals gewoonlijk met handengeklap onthaald. “The Last Garrison”, “Metldown” en “Anaesthetist” vervolledigden dit rondje rock op speed.
De bisronde werd ingezet met “Take My Country Back”. Terwijl Rou het publiek de nodige instructies gaf, zwaaide een crew lid vol overgave met de Europese vlag. Een opgestoken middelvinger naar de huidige politieke toestand in Groot-Brittannië? Theresa May heeft er het vragen naar.
Als afsluiter kon de volledige zaal zijn keelgat nog eens goed openzetten en vol overgave meezingen met de klassieker “Juggernauts” en het recente “Live Outside”.

Alweer een geslaagde passage van Enter Shikari in de AB. Tot de volgende keer heren en geniet van de verdiende rust na maanden touren!

Setlist: The Sights - Step up – Labyrinth - Arguing with Thermometers - Rabble Rouser – Hectic - Gap in the fence - Shinrin Yoku - The Revolt of the atoms - There’s a price on your head - Ghandi mate, Ghandi – Mothership – Insomnia - Havoc B – Airfield - Undercover Agents - No sleep tonight - Stop the clock - Sorry your not a winner - The Last Garrison - … Meltdown - Anaesthetist
Encore: Take my Country back – Juggernaut - Live Outside

Neem gerust een kijkje naar de pics
Enter Shikari :
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/enter-shikari-17-04-2019
As it is
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/as-it-is-17-04-2019

Organisatie: Live Nation

All Them Witches

All Them Witches - Omgevormd tot stevig powertrio

Geschreven door

Een beetje een gemiste kans voor het Britse Swedish Death Candy. Hoewel de band duidelijk iets in zijn mars heeft, jagen ze vanavond hun mix van stoner en retro-hardrock te luid, te hard en te haastig door de speakers. In het najaar 2018 zagen we hen nog een lekker concertje geven op Desertfest, maar nu was het allemaal iets te gejaagd en te chaotisch. Toch merken we hier nog genoeg fijne momenten om Swedish Death Candy niet te moeten afschrijven. Wij hebben trouwens ook altijd genoten van hun titelloze debuutplaat en we blijven benieuwd naar het vervolg dat er heel binnenkort zit aan te komen.  

Het is nog niet zo gek lang geleden dat wij in de Brusselse AB met open mond stonden te genieten van All Them Witches, dus als deze geweldige band een klein jaartje later weer het land doorkruist dan zijn wij er terug als de kippen bij.

Inmiddels is er ook één en ander veranderd. De keyboardspeler is uit de band gestapt en voortaan gaat All Them Witches als trio door het leven. Zeg maar gerust powertrio, want de nieuwe veldbezetting heeft duidelijk zijn impact op de sound. Met het verdwijnen van de keyboards is er wat aan subtiliteit verloren gegaan en is er extra power in de plaats gekomen. De gaten die de weggelopen orgelist heeft achtergelaten worden vakkundig opgevuld met kloeke gitaarakkoorden en dito solo’s. Laat het ons zo uitdrukken : The Doors zijn de deur uit, Jimi Hendrix zet nu ook zijn tweede voet binnen. Gitarist Ben McLeod staat meer dan ooit duidelijk centraal in het totaalplaatje, hij is het speerpunt waarrond alles zich afspeelt. Toch is McLeod niet het type guitar-hero à la Slash of Joe Bonamassa. Hij bezondigt zich niet aan wijdbeens gesoleer of bijhorende smoelentrekkerij, hij laat gewoon zijn instrument spreken en dat levert magie op per lopende meter.
De songs hebben wat ingeboet aan finesse, maar ze klinken rauwer, harder en potiger. Het gejaagde “Fishbelly 86 Onions” en het stonermonster “When God Comes Back” beuken er harder in dan ooit.
Als er wat gas wordt teruggenomen dan is de blues nooit veraf, en die heeft een extra adrenaline injectie gekregen. Er is alom kippenvel te bespeuren bij het dreigende “Diamond” en vooral bij die fenomenale lange blues “Harvest Feast” waarin McLeod alle kanten van het bluesspectrum verkent.
Er zijn zo wel meer van die momenten waarin All Them Witches hun songs doen openscheuren en een nieuwe weg laten inslaan, maar nergens verliezen ze het spoor. Dat is wat hen zo sterk maakt, het lijkt soms alsof ze staan te jammen en ter plekke de songs uitvinden, en steeds resulteert dit in een buitengewone sound waarin alle puzzelstukjes perfect in elkaar passen.  

Net als in de AB vorig jaar mag het immer schitterende “Blood and Sand/ Milk and Endless Waters” met een minutenlange sublieme uitvoering het feestje afsluiten. Beter dat dit kan het niet meer worden. Gans de setlist ligt trouwens dicht bij deze van het AB concert, maar toch krijgen we hier een heel ander All Them Witches te horen en te zien. Wederom fantastisch maar verdomd steviger.

All Them Witches speelt dit jaar ook op Rock Werchter. Zij behoren daar tot één van de zeldzame bands die nog aanspraak kunnen maken op de ‘Rock’ in de naam van dit mainstream popfestivalletje. Mocht u daar toevallig naartoe gaan.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Komraus

Untie the Ropes

Geschreven door

Een Duitse band zeg je? Nee hoor, ondanks de Duitse bandnaam is Komraus wel degelijk een Brits trio. De band is vernoemd naar de familienaam van de songschrijver Marcin Komraus. De zangeres Sara Roija (van Spanje afkomstig) levert de lyrics. Live wordt de band nog met enkele leden uitgebreid (o.a. voor de drums en synths). Met hun debuut ‘Untie the Ropes’ hopen ze ook het vasteland in te palmen met hun naar Portishead lonkende trip-hop.
Opener “Some Minutes” is niet meteen een sterke binnenkomer. De song ligt zangeres Roija niet honderd procent en dat hoor je. Op “Gas” komt ze veel beter tot haar recht. “Gas” bezit ook een leuke en vrij aanwezige bassound. Ook “Love Overdose” is erg geslaagd. De piano, drums en bas samen met de smachtende zang van Roija blenden goed. Soms zijn de tracks vrij filmisch zoals op “Untie the Ropes” (sterk nummer) of “If I Am Dreaming”. De zang van Roija valt wel op: ze maakt soms vreemde intervallen en nuanceringen. Zo drukt ze wel haar stempel op de nummers. “Just Say My Name” is ook een heerlijk liedje met een heel emotierijke vocals. Het tempo op de tracks ligt niet hoog waardoor het eerder luistermuziek is geworden. Het filmische aspect en de zang geven het allemaal wel een eigen cachet. “If I Am Dreaming” was al een single en “Untie the Ropes” is nu ook een single in een remix versie van Rachel K Collier. Die mix maakt het nummer toegankelijker voor de radio en tevens dansbaar.
In Groot Brittannië zijn ze al naam aan het maken. Gaat het met dit album ook lukken in Europa? Misschien wel want ze hebben zeker hun kwaliteiten en het album mag er zeker zijn. Jammer van opener “Some Minutes” want die nodigt niet uit tot verder luisteren en dat is spijtig want het is niet representatief voor de rest van het album. Als ze live ook indruk maken, dan zie ik het wel gebeuren dat ze hier ook doorbreken.

Elektro/Dance
Untie the Ropes
Komraus
M.A.R.S. Worldwide

ViVii

ViVii

Geschreven door

We maakten eind 2018 al kennis met hun single “Suckerpunch”. Een pareltje, vond ik. Het goede nieuws is dat er op hun debuut maar liefst elf van die pareltjes terug te vinden zijn. De afgelopen maanden kwamen ze optredens doen in Nederland. Onder andere op Eurosonic en London Calling. Maar ook bij 3FM, 2meter Sessies en IDK Sessions. De kern van de Zweedse band zijn het koppel Emil en Caroline Jonsson. Ze maken dreampop geïnspireerd door o.a. de muziek uit hun jeugd, oude vinylplaten en indiepophits. Voor dit album lieten ze zich bijstaan door producer Anders Eckeborn.
Er bestaat nogal wat dreampop en soms gaat het richting folk zoals Agnes Obel of Miranda Sex Garden. Op ‘Vivii’ is het merendeel gemaakt met moderne instrumenten en heeft het daardoor ook een sound gekregen zoals bv SX, Sigur Ros of Amatorski. Het is dromerig, maar dat betekent niet dat je moet in slaap vallen. Er zit best ritme en tempo in een aantal nummers. Opener “Pick Me Up” bevat gelaagde synthsounds en beats. Het nummer wordt geduldig opgebouwd. De afwisseling in de vocals tussen Emil en Caroline zijn geslaagd. Het refrein is best catchy en durft in mijn hoofd blijven hangen. Ook hetzelfde met “Siv (You And I)” dat bovendien een leuk ritme heeft. “End Of June” doet dan wat meer denken aan een artiest zoals Agnes Obel. Ze maakt ook gebruik van een akoestische gitaar en wat sfeersounds op de achtergrond om de zang te begeleiden. De refreinen zijn toch wel overal heel catchy zonder goedkoop te zijn. “Love Love Love” lijkt een sixtiesnummer te zijn dat in een modern jasje werd gestoken. “And Tragic” is warme indie-pop. Je hoort het al: overal sterke melodieën en fijne arrangementen zorgen voor een gevarieerde en aanstekelijke plaat.
Vivii gaan je live of op plaat vooral murw slaan met slimme arrangementen en sterke refreinen. Als dat je ding is moet je niet twijfelen want dit is in zijn genre een sterk debuut. Een debuut dat helemaal niet als een debuut klinkt maar als een volwassen plaat met dromerige en eigenzinnige liedjes. Topplaatje.

- Suckerpunch: http://www.musiczine.net/nl/cd-reviews/item/71936-suckerpunch

Neville Staple

Put Away Your Knives -single-

Geschreven door

De Britse ska-pionier Neville Staple werd vorig jaar persoonlijk geconfronteerd met de dood van een neef door het aanhoudende bendegeweld onder jongeren dat in de UK vooral met messen uitgevochten wordt.
Staple bracht vorig jaar nog een prima album uit, maar dit verlies dreef hem sneller dan gepland opnieuw naar de studio. Daar nam hij samen met zijn echtgenote Sugary Staple en Dandy Livingstone een herwerkte versie op van “A Message To You Rudy”. Dandy Livingstone is de eigenlijke songschrijver van die song en Neville Staple zat bij The Specials toen zij dat nummer uitbrachten. Zo is de cirkel rond.
Deze single heeft enkel herwerkte lyrics en die klinken maar een klein beetje geforceerd. Wie een beetje fan is van ska en 2Tone zal nog steeds meteen de wereldhit van The Specials herkennen en meezingen.
Neville Staple brengt hier een mooie boodschap, maar liever hadden we nog gezien dat de hele overlevende band (The Specials) hiervoor was komen opdraven.

World/Reggae
Put Away Your Knives -single-
The Neville Staple Band
Cleopatra Records

Neon Electronics

Apollo

Geschreven door

De EP ‘Mondriaan’ deed ons al uitkijken naar het volledige album. En zie ‘Apollo’ is geboren en klinkt uitstekend. Van alle projecten die Dirk Da Davo de laatste jaren op de wereld losliet, sluit Neon Electronics misschien wel nog altijd het beste aan bij de sound van The Neon Judgement. Dit hoofdstuk is echter afgesloten en zeggen dat het een kloon van The Neon Judgement is zou afbreuk doen aan de kwaliteiten van de band. Dirk Da Davo, partner in crime Glenn Keteleer aka Radical G en recent nu ook met basspeler Pieter-Jan Theunis varen op ‘Apollo’ hun eigen koers.
Neon Electronics grossiert in donkere, dystopische electro en industrial. Spooksteden en undergroundtaferelen doemen op bij het horen van de tracks. Opener “El Barranco” is donker en laidback. Ik zie maanlandschappen en dorre woestijnen voor mij opdagen. Een track die zo een film kan ondersteunen. “Follow Your Dreams” is een magistrale track. Met een snerpende gitaar, donkere bas, onheilspellende synths en fijne beats weet dit nummer mij volop te overtuigen. “Invisible Man” is een vrij catchy en toegankelijke song geworden. Een track die geschikt is als single. Heerlijk nummer. “Mondriaan” kenden we al van de gelijknamige EP. Een spacy song waarbij je je op ruimtereis waant. “More” keert qua sound een beetje terug naar de begindagen van The Neon Judgement. “Schizophrenic Freddy” en “Off Da Hook” zijn degelijke electrosongs. Afsluiter “Dusty Roads” heeft wat gelijkenissen met opener “El Barranco”. Het heeft ongeveer dezelfde vibe en sound. Ook de gebruikte instrumenten en songopbouw kan je naast elkaar leggen. “Dusty Roads” klinkt wel iets donkerder. Net alsof je in één of andere metaalfabriek zit.
‘Apollo’ is meer dan geslaagd. Er staan een aantal heel sterke tracks tussen. Het trio weet hier een knappe sound en sfeer neer te zetten. De komst van basspeler Theunis is ook merkbaar en vormt een meerwaarde voor het geheel.

Elektro/Dance
Apollo
Neon Electronics
Dancedelicd/Wool-E-Shop

Kolos

Grooveyard EP

Geschreven door

Kolos is een trio uit Zwevegem dat zichzelf situeert op de grens tussen punk en stoner. Op hun EP ‘Grooveyard’ staan vijf tracks die inderdaad die twee genres mengen, met toch het overwicht voor stoner. Denk dan niet enkel aan het desert-stonergeluid van Kyuss, Cowboys & Aliens en Desert Drones, maar ook aan de punky sludgemetal van Steak Nr. 8 of aan - wie kent ze nog - Hitch.
De EP start met “Not A Freak”, een kopstoot van jewelste. Dit is snelle stoner met de grinta van hardcore en punkrock.  Hetzelfde succesrecept (in grote lijnen) wordt gevolgd voor “The Great Escape”. “These Days” is dan weer slepende, sludgy desertstoner met enkel de koortjes die nog naar de punk en de hardcore verwijzen. Inzake opbouw en compositie leunt dit aan bij de prog-stoner van een Stone Golem en BØM. “Start To Boogie” is geen boogierock zoals die in de jaren ’70 populair was, wel potige rock waarbij het gaspedaal diep ingedrukt wordt.
“The Sun” is de echte parel van deze EP. Aan de gitaarsolo’s kan bij Kolos misschien nog wat gesleuteld worden, maar hier zetten ze een dijk van een groove neer. Meesterlijk hoe ze variëren zonder die groove los te laten. Dit is catchy in al zijn rauwheid. Het had van Soundgarden kunnen zijn.

Johan Troch

As we Were Only Here To Behold

Geschreven door

Sinds 2012 brengt Johan Troch zowat elk jaar een album uit. We zitten dan ook met zijn nieuwste plaat reeds aan nummer negen. Deze componist werkt in zijn studio aan zijn songs en elk album is telkens van een meer dan degelijk niveau. Het is instrumentaal, maar toegankelijk. Soms met elementen van ambient of dreampop, maar evengoed zitten er onderhuids jazzelementen in de muziek. Dat laatste vinden we terug op openingstrack “I Didn’t See It Coming”. De ritmesectie bevat lichtjes een jazzy groove. Net als de pianolijnen. De strijkers geven dan weer een meer etherische vibe aan het geheel. Een sterke en verrassende opener. Ook “Do Not Forget To Close The Door Before You Leave” is opgebouwd met gelijkaardige elementen. De trompet (Steve Dillard) blaast zich een weg in de song. Het titelnummer drijft op een moderne beat. Dat geeft wat schwung aan de vrij donkere track. Ook “No Resemblance Possible” is vrij donker, maar vind ik als song veel beter uitgebouwd dan het titelnummer. “Believe In Me” stoelt op melancholie. Ook nu weer bestaat de muziek uit meerdere lagen en wordt alles langzaam en geduldig opgebouwd.
Gedurende twaalf nummers toont Johan Troch zijn kunnen. Dit is veelzeggende instrumentale muziek. Goed opgebouwd en onderhoudend. ‘As We Were Only Here To Behold’ verschilt niet zoveel van zijn andere releases. Hij maakt hier minder gebruik van o.a. field recordings (zie bv. “When She Turned Her Head” op “Infinite Dreams” uit 2016). De percussie en baslijnen lijken mij dan weer iets meer uitgewerkt en prominenter aanwezig dan op de vorige releases. Voor die additionele instrumenten maakt hij gebruik van gastmuzikanten die voor hem het gewilde inspelen en doorsturen. Met drummer Jim Dooley werkt hij al sedert een aantal albums samen. Maar voor een aantal tracks maakte hij ook gebruik van de diensten van Henk-Jan Wormgoor. Zoals steeds is de mastering en productie weer piekfijn en haarscherp. Terug een heel fijne en klassevolle release!

Avant Garde/Instrumental
As we Were Only Here To Behold
Johan Troch
Adagio Productions

Dry Martina

Tu Quieres Mambo -single-

Geschreven door

Mambo met een hip sausje, het was al eerder het recept voor een zomerhit. Uit Spanje komt deze wel heel dansbare retropop/mambo-single “Tu Quieres Mambo”. Heel catchy en vrolijk en toch niet overgeproduced. Wel  hoor je een ervaren en nog steeds bevlogen band met een zachte engelenstem die nog wat onschuld en heel veel levensvreugde uitstraalt. Spanje heeft een heel breed aanbod van retropop en -rock, denk maar aan The Limboos en The Excitements, maar deze Dry Martina steekt er voor mij toch bovenuit. Als de lente zich niet altijd zonnig aandient, zoek je Dry Martina op YouTube en Spotify. Beluister zeker ook hun oudere singles als de upbeat skapop van “Tan Solo Quiero Yo Tu Amor” of de mellow reggaepop van “Ahora” en “Si Tu Te Vas”.

https://www.youtube.com/watch?v=DlRRfFjHHfc

Tu Quieres Mambo -single-
Dry Martina feat Mo’Horizons
Dry Records

De Dode Hond In Uw Kelder

Helemaal Uit Mijn Lood -single-

Geschreven door

Met een bandnaam als De Dode Hond In Uw Kelder schreeuw je een beetje om aandacht. Dan moet je wel ook de verwachtingen kunnen inlossen. Dat lukt perfect met de eerste single van dit Leuvense vijftal. De buzz rond deze band is terecht.
Tekstueel zitten die van De Dode Hond In Uw Kelder in het spoor van Kommil Foo, Augustijn (Vermandere), Elvis Peeters en De Brassers. Het vrolijke pianootje duwt deze single wat meer in de richting van Kommil Foo, terwijl een diepere bas en een dikke laag donkere synthrock deze track een hele eighties-vibe hadden kunnen geven, meer naar Whispering Sosn De melodielijnen, de zanglijnen en de tekst lijken daar om te smeken.
Productioneel valt er nog wat winst te halen bij de volgende singles of het debuutalbum (drumopnames, mix, …). De elektrische gitaren die in de bio bij deze single aangekondigd worden, zitten nog veel te ver weg.
Maar wat een tekst. Breekbaar, onbeschaamd en met een heel treffende woordkeuze. En wat een knappe grunge-compositie met die heerlijke stil/luid-afwisseling. Laat ons hopen dat deze Leuvenaars nog meer van dit in huis hebben.

Claude Fontaine

Claude Fontaine

Geschreven door

Claude Fontaine is een beetje een mysterie. Volgens het promopraatje van het label is het een jongedame uit Los Angeles met eerder toevallig een Franse naam. Op de hielen gezeten door liefdesverdriet zou ze in Londen een platenwinkel binnengestapt zijn, waar ze omvergeblazen werd door de reggae van Studio One en de oldschool bossa nova. Daarna ging ze op zoek naar nog overlevende muzikanten uit die periode en nam ze met hen en hun vrienden een album op.
Te mooi om waar te zijn? Daar lijkt het wel op. Het lijkt wel te kloppen dat Claude geen muzikale roots heeft en dat ze zich tot voor deze opnames vooral bezighield met haar looks op haar instagram-account. Moeten we ons daar zorgen over maken? Dat ook niet. Ondanks het flauwe verhaaltje is het debuutalbum van Claude Fontaine veelbelovend. Haar Jane Birkin/Lana Del Rey-achtige, zachte fluisterstem over die zwoele reggae en bossa nova doet wel meteen denken aan de Franse band Nouvelle Vague, maar Claude zingt dan weer Engels zonder vermakelijk Frans accent. En anders herinneren we ons wel Serge Gainsbourg die er een sport van maakte om jonge engelenstemmen te combineren met exotische ritmes. Met een artiestennaam als Claude Fontaine lijkt ze wel openlijk te hinten naar de tandem Birkin-Gainsbourg, maar dan blijft ze toch wat te braaf. Gainsbourg zou overigens minstens een paar expliciete verwijzingen naar seks in Claude’s lyrics gedropt hebben, en die zijn hier niet te vinden.
Fontaine’s lyrics over stukgelopen relaties en gebroken harten zijn niet bijzonder origineel en kunnen weinig beklijven, maar dat was waarschijnlijk ook niet het opzet. Nochtans heeft de jongedame uit Los Angeles best wel wat politiek-correcte interesses, als we mogen afgaan op haar accounts op facebook en instagram. Die komen misschien bovendrijven op een volgend album. Laten we haar dus vooralsnog het voordeel van de twijfel geven.
De muzikanten die Claude begeleiden, zijn meesters in hun vak. Namen en referenties oplijsten zou ons te ver leiden, maar Steel Pulse en Sergio Mendes zouden toch bij iedereen een belletje moeten doen rinkelen. Het is daarom dan ook een klein beetje jammer dat zeker het reggae/rocksteady/ska-luik van dit debuut tekstueel niet verder geraakt dan liefdesverdriet. Als je dan toch de geest van Studio One naar boven haalt, steek dan minstens ook het verzet en het vuur van die gloriedagen in je songs. In het bossa nova-luik past het zwoele gehijg van juffrouw Fontaine dan weer wel helemaal in het plaatje.
De beste momenten zijn “Cry For Another” en “Hot Tears” in het reggae-luik en “Pretending He Was You” en “I’ll Play The Fool” in het bossa nova-luik.
Dit debuutalbum kan nog niet over de hele lijn overtuigen, maar iets zegt me dat we nog meer zullen horen van deze Claude Fontaine.

PUP

PUP - Uitzinnig

Geschreven door

Net iets meer dan een week geleden verscheen de derde plaat van PUP.  ‘Morbid Stuff’ werd unaniem goed onthaald, en het was al voor de derde keer op rij dat een plaat van PUP zoveel positieve reacties uitlokte. Het was dan ook geen verrassing dat de eerste show van de band in Brussel lang op voorhand uitverkocht was. De AB Club veranderde een uur lang in een kolkende vulkaan, waarbij het publiek zich van begin tot eind rot amuseerde.

Openen mocht het drietal van Milk Teeth. De band bracht in 2016 een full album uit en sindsdien kregen we enkel nog maar EP’tjes van de groep. Dat de band daardoor nog steeds gedoemd is tot voorprogramma, spreekt voor zich. Het was wel een vrolijke bende en hun muziek heeft iets springerig en aanstekelijk in zich. Hoewel de frontvrouw niet altijd even goed bij stem was, maakte de expressieve drummer dat allemaal goed. Wanneer er daarbij ook nog eens wat screams aan te pas kwamen, waren we helemaal mee. Een dubbeltje op zijn kant dus, dat optreden van Milk Teeth.

Het publiek was bij dat voorprogramma nog heel rustig en ook toen PUP zijn set inzette met “Morbid Stuff” werd er nog wat geaarzeld. Gezongen werd er wel al, maar het was pas bij “Kids” dat de Club zich omtoverde tot moshpit en dat bleef zo tot het einde van de set. PUP moest eigenlijk niet veel doen om iedereen mee te krijgen, hun nummers spraken voor zich. De zaal was dan ook goed gevuld met echte fans, want het viel op dat echt ieder nummer uitbundig werd meegezongen - zelfs de nummers van anderhalve week oud, straf!
PUP beweerde ook enkele keren dat ze niet professioneel zijn als band en dat ze zelf niet de beste muzikanten ter wereld zijn. Dat maakte niemand uit, want vanaf er nog maar één noot werd gespeeld stond de volledige zaal te springen en brullen alsof hun leven er vanaf hing. Dit alles gaf de show natuurlijk de nodige peper, waardoor PUP enkel maar stevige songs moest blijven doorknallen. Dat deden ze dan ook, heel strak jaagden ze er veertien nummers door.
Maar er was ook plaats voor nuance. Hier en daar kon je een subtiele gitaarsolo bespeuren, maar het waren vooral de stevige, meezingbare refreinen die de zaal echt meekregen. Dat was ook de frontman niet ontgaan, die bij momenten de microfoon aan het publiek gaf om te zingen. “Scorpion Hill” bijvoorbeeld blonk uit in zijn opbouw door heel subtiel te beginnen en uiteindelijk hard te keer te gaan. Dat trucje herhaalde PUP nog wel eens, maar nooit werd het vervelend.
Dat de band en het publiek wederzijds respect genieten werd meermaals duidelijk. Toen er tijdens “If This Tour Doesn’t Kill You, I Will” en “DVP” de ene crowdsurfer na de andere op het podium belandde, maakte de band daar niets van. De toeschouwers van hun kant vielen de bandleden ook niet lastig en sprongen meteen het publiek terug in. Ook toen een fan bleef vragen om “Guilt Trip”, gaf de band daar aan toe en speelden ze het gewoon.
Wederzijdse sympathie, zo hebben we het allemaal graag.
Hoogtepunt was natuurlijk “Reservoir”, dat een heus volksfeest bleek. Het refrein werd gebruld, tijdens de stevige gitaarlijnen ging iedereen compleet uit zijn dak en de AB daverde even op zijn grondvesten. De band weet dan ook perfect hoe ze simpele, maar effectieve punknummers moeten maken met de nodige subtiliteit om toch niet helemaal cliché over te komen. Je zou het de perfecte caféband kunnen noemen, maar dat zou te min zijn voor de band. Dat bier een constante is bij zo’n muziek, is natuurlijk wel ontegensprekelijk.

Uitzinnig. Met dit kort woord kunnen we de set van PUP het best omschrijven. Nooit was er rust, en nooit bleek dat nodig. De enige pauzes waren degene waarbij er opbouw was in de nummers, en zelfs toen voelde het publiek de stevige uithalen al komen.
PUP kwam en overheerste met volle overtuiging. Dat het een feest is wanneer PUP optreedt, staat als een paal boven water. Zelfs met al hun nieuwe nummers kregen ze de zaal mee, heel plezant om zo’n hechte band tussen publiek en artiest te zien.

Setlist: Morbid Stuff – Kids - My Life Is Over and I Couldn’t Be Happier - Free At Last - Sleep In The Heat - Sibling Rivalry - Dark Days - Scorpion Hill – Closure - Familiar Patterns - Guilt Trip – Reservoir - If This Tour Doesn’t Kill You, I Will – DVP

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Joe Jackson

Joe Jackson in topvorm

Geschreven door

Hij is tegenwoordig de enige niet-problematische Jackson, (sorry Tito) en is op zijn vierenzestigste al even bleek als Wacko Jacko. Joe Jackson woont tegenwoordig in Berlijn, en bracht dit voorjaar zijn twintigste, uitstekende album ‘Fool’ uit, waarop hij in topvorm is. We horen klassieke Joe Jackson nummers, maar we horen ook parallellen met REM ‘Dave’, The Blue Nile ‘Strange Land’ en Prefab Sprout. De man is al veertig jaar bezig, we hadden hem nog nooit gezien, dus het was wel tijd om hem eens aan het werk te zien in de AB. De setting was klassiek, met gedrapeerde gordijnen en een smaakvolle belichting.

Joe Jackson legde vanavond de nadruk op een viertal platen uit zijn oeuvre, met de nadruk natuurlijk op de nieuwe plaat. Hij begon en eindigde dan ook met het afsluitende nummer uit ‘Fool’, namelijk Alchemy. Daartussen zat een royaal overzicht uit man’s carrière, met een grote afwisseling in stijlen, zo kregen we een aantal punky, new-wave-achtige nummers zoals de oudjes “One more time”, “Sunday papers” maar ook het nieuwe “Fabulously absolute”, met “Got the time” als headbangende uitschieter, popparels zoals “Is she really going out with him” dat door iedereen meegezongen werd, ballades in de geest van The Blue Nile zoals “Strange Land” en “Drowning” en meer latin geïnspireerde nummers zoals “Another world” en “Ode to joy”.
Bij momenten was de begeleidingsband, redelijk fout, het slechtste van de eighties, vooral als ze de latin-invloeden mengden met splijtende gitaarsolo’s, je haalde zo paardenstaarten, zweetbandjes en zonnebrillen voor de geest. Maar dit nemen we de man niet kwalijk, als je latin in je muziek steekt is dit bijna onvermijdelijk. We kregen ook twee covers, “Rain” van The Beatles werd van al zijn psychedelica ontdaan en werd zo een vrij ordinair nummer, en ook “Kind of the World” van Steely Dan werd op meer geslaagde wijze gecovered. De stem van Jackson moest vanavond even opwarmen, maar was snel op niveau.

De bis had nog een grote verrassing in petto: “Steppin’ out” werd met de originele drumcomputer ingezet, en benaderde zo de plaatversie, iets wat Joe Jackson in zijn veertigjarige podiumcarrière nog nooit gedaan had. Het bewees nog maar eens hoe ver deze proto-elektronica zijn tijd vooruit was. Daarna mochten we Ramones-gewijs headbangen op “Got the time” en voor ons was dit de perfecte afsluiter, “Alchemy” dat er op volgde had gerust op stal mogen blijven.
Wel spijtig dat de beste nummers van de nieuwe plaat “ Big Black cloud” en “Dave” vanavond niet aan bod kwamen.

Je kan Jackson deze zomer nog op het Cactusfestival zien, ik zou gaan kijken.

Setlist: Alchemy -One more time-Is she really going out with him-Another world-Fabulously absolute-Strange land-Real men-Stranger than fiction-Drowning-Rain(The Beatles cover)-Invisible man-Fool-Sunday papers-King of the world(Steely Dan cover)-You can't get what you want (Till you know what you want)-Ode to joy-I'm the man
Bis: Steppin' out-Got the time-Alchemy

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Hooveriii

Hooveriii - Avontuurlijke, meeslepende psychrock

Geschreven door

Bert Hoover (Los Angeles) is een bezig baasje: actief in bands als Cab 20, Jesus Sons en MIND MELD maar ook solo iets aan het proberen. Dat laatste project mondde uiteindelijk uit in Hooveriii (spreek uit hoover 3), een vijfkoppige band waarmee hij aantrad in ‘t Manuscript in het kader van Instant Karma (Org: De Zwerver). Het werd een erg aangename verrassing.

Hooveriii hinkte een beetje op twee gedachten. In de compacte nummers boorden ze hedendaagse psychrock aan waarbij ze af en toe wel heel dicht in de buurt van Ty Segall kwamen. Knap gedaan maar de lange uitgesponnen nummers spraken toch net iets meer tot de verbeelding. Meeslepende spacerock waarin de gitaren van Hoover en Gabe Flores het voortouw namen vakkundig op de rails gehouden door de bas van Kaz Mirblouk, de drums van Shaugnessy Starr en de minimale maar zeer efficiënte synths van James Novick.
Zelf beweert Hoover zijn inspiratie gevonden te hebben bij groepen als The Soft Machine, King Crimson en Amon Duul II maar gelukkig liet hij het onverteerbare gefriemel, waaraan die bands zich wel eens durfden te bezondigen, achterwege. Ik hoorde eerder sporen van Hawkwind en The Grateful Dead.
Op een gegeven moment riep Gabe Flores “L.A. Woman” waarop er inderdaad enkele gitaarriedels uit het bekende Doors nummer volgden. Het bleek slechts een aanzet voor alweer een fascinerende ruimtevlucht waarin de gitaren de zwaartekracht wisten te trotseren.
Ik had nooit eerder van ze gehoord maar ik denk dat we nog mooie dingen mogen verwachten van Hooveriii.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Stormram 2019 - Underground Shows - Stevige Blackened Death Metal shows!

Geschreven door

Stormram 2019 - Underground Shows - Stevige Blackened Death Metal shows!
Stormram 2019
2019-04-13
Knipperlicht
Zulte
Erik Vandamme

Het evenement Stormram in is een fijne, gezellige organisatie van 'underground shows' binnen een intieme omkadering in Jeugdhuis Knipperlicht, Zulte. In het voorjaar zijn er enkele evenementen rondom een wel bepaald thema. Zo waren we aanwezig op de Doom metal avond. Het verslag daarvan kunt u hier nog eens nalezen: http://www.musiczine.net/nl/festivalreviews/item/73456-stormram-2019-underground-shows-onaardse-doom-walmen-binnen-een-intieme-omkadering .

Op zaterdag 13 april was het verzamelen geblazen voor de Thrash/Blackened/Death metal fans onder ons. Wederom ging het evenement door in de kelderverdieping. Er was toch heel wat publiek komen opdagen voor twee top acts binnen dat Death Metal gebeuren, die al meerdere keren hebben bewezen totaal niet onder te moeten doen voor de grote internationale namen binnen deze muziekstijl. Carrion en Fractured Insanity deden het dak er dan ook letterlijk afvliegen, er sneuvelden ook enkele bierglazen. Maar dat was eerder door iets te enthousiaste reacties. De feestelijke stemming bleef gedurende de volledige avond namelijk stevig overeind staan.

Apocalyptische in woord en beeld
Het extra fijne aan zo een underground avond is dat je eveneens ontdekkingen kunt doen die aan je ribben blijven kleven. Openingsact Primevil (****) - zoals staat omschreven op hun facebook pagina - een Narrative Blackened Death Metal uit Meerhout. De band bracht recent zijn titelloze debuut uit. En is dus een vrij jonge nieuwkomer binnen dat genre, zo zou je kunnen stellen. Echter blijken we niet te maken te hebben met groentjes in het vak maar met top muzikanten die verdomd goed weten waar ze mee bezig zijn. Technisch hoogstaande riffs en drumpartijen waardoor occulte walmen ontstaan die je letterlijk de keel dicht knijpen bewijzen deze stelling meermaals. De vocale aankleding van zanger/frontman Davy Roelstraete - die zowel cleane vocalen als verschroeiende growls naar voor brengt - blijkt dan weer de kers op de taart te zijn om ons prompt naar helse atmosferen te doen wederkeren.
Je wordt als aanhoorder geconfronteerd met apocalyptische taferelen door Davy letterlijk verteld vanuit een boek. Om daarna datzelfde verhaal over sage en legende en dergelijke religie op een al even verschroeiende wijze door je strot te worden geramd. Dit door middel van een stem die je koude rillingen bezorgt. Gekleed in een habijt lijkt Davy bovendien een hogepriester uit de Hel die zijn gelovigen bezweert en hypnotiseert. Gerugsteund door riff tovenaars als gitaristen Yordi Van Malder, Ruben Walraevens en bassist Stijn Callebaut. Gekruid met drum partijen die aanvoelen als mokerslagen in het gezicht, met dank aan drummer van dienst Gabriel Deschamps, komen de haren op onze armen dan ook recht van puur innerlijke angst. En zo hoort dat bij een typische Blackened Death Metal optreden.  Kortom: De duisternis valt letterlijk over Zulte als Primevil na een set boordevol Occulte verhalen de poorten van de Hel letterlijk doet open zwaaien en de aanhoorder in een duister trance doet terecht komen. Missie geslaagd!

Thrash metal binnen een donkere omkadering.
Er zijn naar onze mening steeds subtiele raakvlakken geweest tussen thrash en death metal. Beide genres ademen iets donker en rauw uit waardoor demonische wezens telkens uit de hel elke zaal of club prompt tot moes slaan. Zo een Thrash metal act, die eveneens duistere gedachten over de hoofden doet waaien, is Mental Genöcide (***1/2). Deze groep rond zanger, gitarist en Zultenaar Glenn Vanpoucke heeft zijn roots in de heavy en thrash metal scene van de jaren '80 en'90.  En dat merk je ook aan de manier waarop zowel instrumentaal als vocaal gensters worden geslagen in ons thrash metal hart. Bijster origineel is dat allemaal niet, het is ooit wel eens voorgedaan. Meermaals zelfs. Maar wat  echter puur technisch, zowel instrumentaal als vocaal, naar voor gebracht wordt,  is kwalitatief van zeer hoogstaand niveau. Bovendien straalt de frontman tonnen charisma uit en doet er alles aan om iedereen tot bewegen aan te zetten.  De band slaagt er wellicht niet volledig in om een publiek dat eerder te vinden is voor pure Death Metal aan het moshen te krijgen, de handen gaan wel degelijk op elkaar als Mental Genöcide je de ene na de andere verschroeiende mokerslag uitdeelt, overgoten met de nodige donkere sausjes en gedrenkt in een portie thrash metal van de meest pure soort. Meer hebben we niet nodig om zelf ook over de streep te worden getrokken.

Belgische Death Metal van top niveau - in twee delen!
Het werd ons vrij snel duidelijk dat de absolute publiekstrekker op deze avond headliners Fractured Insanity en Carrion zouden worden. Beide bands wisten ons al meerdere keren te overtuigen van hun kunnen. Zowel op als naast het podium. Daarbij viel ons op dat beide niet moeten onderdoen voor enige Buitenlandse top act binnen het typische Death Metal genre.

Op Stormram kregen we nog maar eens de bevestiging van wat we al wisten. Fractured Insanity (*****) stond met een broek vol goesting op het podium. De spraakzame frontman spreekt vanaf die eerste song “M.A.D.” zijn publiek voortdurend aan en roept hen op tot bewegen en bewegen. Dit resulteert in een death metal feestje, zoals je dat niet elke dag meemaakt. Gerugsteund door één voor één top muzikanten die riffs uit hun instrumenten toveren die nog maar eens de haren op je armen doen recht komen, kijkt de imposante frontman iedere aanwezig strak in de ogen. Als hij zijn strot open zet , komen de eerder vernoemde wezens uit de Apocalyptische scene plots weer uit het donker opduiken, om diezelfde aanhoorder in één ruk te verscheuren.
Opvallend bij Fractured Insanity is dat oorverdovende death metal virtuositeit wordt gecombineerd met tonnen charisma en zin om een publiek te entertainen. Dat was in het verleden de reden waarom we de band zo bijzonder vonden, dat is nog steeds het geval.  Daarvoor haalt de band alles uit de kast tot niemand meer stil staat. We brullen de songs mee, staan stevig te headbangen en laten voornoemde demonen ons gewillig meesleuren naar voornoemde Hel. Echter met een kwinkslag en de nodige zelfrelativering daarbovenop.
Besluit: Ons hoeft Fractured Insanity niet meer te overtuigen. Maar de fans die de band voor nog niet hadden live gezien, waren er na dit optreden in Zulte van overtuigd dat ze een top act aan het werk hebben gezien binnen het Death metal gebeuren. Die naar goede gewoonte humor en donkere ernst perfect met elkaar weet te verbinden, waardoor niet enkel een feestelijke stemming ontstaat in je hoofd. Maar ook in de zaal. Al gauw sneuvelt het eerste bierglas door de wilde en overenthousiast reagerende fans. De band haalt ook enkele kleppers boven zoals “Hell of no mans land”, het machtige “Massive Human Faillure” en blijft op die verschroeiende elan doorgaan met afsluiters “Mass awekeles” - toch één van mijn favoriete songs van de band - tot afsluiter “Man made Hell” als ultieme kers op de donkere taart. Pure klasse!

Onaardse afsluiter, in gewijzigde line-up nog steeds toonaangevend.
Onlangs kregen we het nieuws dat bassist Sam Philipsen Carrion (****1/2) zou verlaten. Een spijtige zaak, maar de band blijft daarom niet bij de pakken zitten. In Collin Boone - die vorige zomer al inviel toen gitarist Jan door een ongeval verstek moest geven - blijkt de perfecte vervanger te zijn. De man heeft al de nodige ervaring opgedaan bij o.a. Powerstroke en Herfst. Ook moest drummer Gert Stals wegens verplichtingen met zijn andere band in Genk, verstek geven voor dit concert. Hij werd vervangen door Nico Veroeven, die het mooie weer maakt bij Serial Butcher. De man beschikt over een immens groot drumstel waarop hij zich uitleeft als een kind in een snoepwinkel.
Carrion legt de lat vanaf begin tot einde heel hoog. Ook al spreekt de beweeglijke frontman Sven Van Severen zijn publiek geregeld aan. Carrion laat daarbij vooral de muziek voor zich spreken. En dat is het soort onaards aanvoelende death metal, waardoor de band ons in het verleden  al een paar keer kippenvelmomenten bezorgden. Ook in Zulte schiet Carrion die ene vuurpijl na de andere op zijn publiek af, waardoor weer een wervelend dansfeest ontstaat van Hels niveau. Songs als “Plague”, “Children of the night”  en “Gingergrind” worden zodanig verschroeiend gebracht, dat de temperatuur in de kelder tot een kookpunt stijgt. Het lijkt zelfs alsof de vuurtongen van de Hel onze voetzolen likken, zo intens duister en heet wordt het in de zaal. De band maakt er, op enkele uiterst gesmaakte kwinkslagen na, niet echt veel woorden aan vuil en blijft doorgaan tot iedereen staat te headbangen en moshen.
Het is voor een band niet evident om in een gewijzigde opstelling op dezelfde wijze verschroeiend uit te halen, als met de leden waarmee je zoveel clubs en festivals hebt afgeschuimd.
Echter omringt Carrion zich op Stormram met top muzikanten die weten waar ze mee bezig zijn. Het drumwerk van Nico overtuigt ons compleet, en dat is een sterke prestatie omdat een man als Gert een onvervangbare pion blijft binnen Carrion. Moest het ooit nog eens nodig zijn, dan weet de band wie aan te spreken.
De vervanger van iemand als Sam, die met zijn bijzonder veelzijdige baslijnen de haren op onze armen reeds meerdere keren deed recht komen, blijkt over diezelfde virtuositeit te beschikken als zijn voorganger. Dit gecombineerd met dat natuurlijke charisma van Sven - wiens stem trouwens aanvoelt als meerder mokerslagen in het gezicht-  de toverkunsten van een uitermate getalenteerde gitarist als Mathieu Vander Vennet en Jan Van Den Berghe zorgt dan ook voor een intense kruisbestuiving die ons donker hart in vuur en vlam zet.
We waren blijkbaar niet alleen met onze mening, want ook het publiek reageerde van begin tot pril einde heel uitbundig op zoveel death metal vuurwerk dat de band op hen afschoot. Stil staan hierop bleek dan ook onmogelijk. Het bier vliegt in de lucht, en de handen gaan op elkaar. De hoofden op en neerwaarts tot de nekspieren pijn doen. En dit tot dat dak er weer eens compleet afvliegt in een razendsnelle finale met “Defiled Sanity”.
Kortom: Carrion sloot dus deze boeiende avond af met een knal van formaat, zoals we dat ondertussen gewoon zijn van hen.

Stormram organiseert binnenkort nog meer evenementen:
Zaterdag 25 mei: https://www.facebook.com/events/1906349746126659/
Zaterdag 6 juli: https://www.facebook.com/events/527754930967584/

Info Stormram - https://www.facebook.com/Kniprock/

Organisatie: Stormram

Pagina 206 van 498