AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

Local Natives

Sunlit youth

Geschreven door
Het Californische Local Natives kwam in 2010 in de belangstelling met de cd ‘Gorillaz manor’ en de single “Airplanes” , die al meteen een plaatsje innam in ons muzikaal geheugen; warme, dromerige, opbouwende indiepop/folk/americana, die een ‘joie de vivre’ ademt . Op de opvolger ‘Hummingbird’ liet de band een gerijpte, volwassen indruk na; de songs waren mooi uitgewerkt , klonken voller en gelaagd en hadden een aangenaam , donker randje . Bitterzoet werd de muzikale noemer. “Heavy feet” was hier één van de smaakmakers. De nummers intrigeerden minder en de response viel algemeen tegen .

Met de derde plaat , drie jaar na de tweede , zit het vijftal terug op het (goede) spoor van hun debuut met sfeervolle , broeierige , dromerige en meeslepende songs . “Dark days” , “Fountains of youth” , “Mother Emanuel” en “Ellie Alice” zijn de mooiste songs , toegankelijk en spannend . De subtiliteit , finesse is er in het materiaal,  samen met de stemmige zangpartijen en de kleurrijke keys en pianoloops.
Local Natives blijft een apart plaatsje innemen met die wisselende stemmingen , de gevoelige, bedreven instrumentatie  en de stekelige, dwarrelende, ophitsende,  gevoelige , melodieuze ritmes en hun ontroerende vocale pracht! Kortom, Local Natives is back!

Millionaire

Sciencing

Geschreven door

Tim Vanhaemel heeft zijn nieuwe plaat terug onder de naam Millionaire uitgebracht. Goede zet, zo blijkt, de plaat krijgt sowieso meer aandacht en de ticketverkoop voor de aangekondigde concerten loopt als een trein. Stel dat het album gewoon de naam ‘Tim Vanhaemel’ had gedragen, het zou natuurlijk allemaal zo geen vaart gelopen hebben. Maar goed, Vanhaemel is Millionaire en Millionaire is Vanhaemel, waarom ook niet.
Eerlijk gezegd hadden wij het in het begin nogal moeilijk met dit album. De plaat is zo divers dat de samenhang nogal ver te zoeken lijkt, maar na een paar beluisteringen beginnen we het beetje bij beetje te snappen. Nu, eerlijk gezegd was ons verwachtingspatroon ook heel anders ingesteld na de aardedonkere en opgejaagde stonerrock van ‘Paradisiac’ uit 2005.Hoewel ‘Sciencing’ dezelfde groepsnaam draagt, met ‘Paradisiac’ heeft dit album niets meer mee te maken, dat is ons nu wel duidelijk. Op ‘Sciencing’ worden de deuren niet langer bruusk ingetrapt, maar worden die voorzichtig opengedaan om te kijken wat er achter schuilt. En dat is heel wat.
Vanhamel schiet al meteen met zijn scherpste pijlen, met de fenomenale en furieuze opener “I’m Not Who You Think You Are” legt hij de lat torenhoog, een zwevende gitaarsolo in de staart van de song zet de toon voor een avontuurlijk album. Vanhamel’s hoge stemmetje in het opborrelende “Under A Bamboo Moon” flirt met Curtis Mayfield terwijl de gitaar lekker door de modder blijft scheuren. Ook “Love Has Eyes” heeft twee gezichten, eentje van de tintelende popsong en eentje van de LSD trippende oerwoudvogel. Weeral is de gitaar hier een hoofdrolspeler, vooral wanneer de song twee minuten lang mag uitfaden in pure Funkadelic modus. Wij durven er onze felgekleurde zonnebril op verwedden dat Vanhamel urenlang heeft zitten freewheelen op “Maggot Brain”.
We zijn nog maar drie songs ver en Vanhamel heeft zich al in rock, pop, soul, funk en psychedelica gewenteld, en dat gaat zo maar door. De zijwegen zijn minsten even belangrijk als de hoofdweg, vandaar dat wij eerst een beetje dreigden te verdwalen, maar nu bevalt het ons hier best in Tim Vanhamel’s pretpark. We passeren terloops ook nog even langs triphop (“Back In You”) en krautrock (“Little Boy Blue”) om dan met “Bloodshot” tot een nieuwe hoogtepunt te komen, de song dreigt, stoomt en stuwt zonder echt te ontploffen, een ware teaser.
Er zijn ook wat minder goden te vinden, “Silent River” dwarrelt langer dan 5 minuten door zonder ergens naar toe te gaan en “L’homme Sans Corps” is een pijnlijk mislukte Gainsbourg pastiche. 
Vanhamel herpakt zich echter met brio en gaat er uit zoals ie is binnengekomen, met enkele van zijn meest viriele bommetjes. “Busy Man” swingt als Prince in betere tijden en rockt als QOTSA, en het instrumentale “Visa Running” maakt het dansende aapje in ons volledig los.
‘Sciencing’ is straffe kost, avontuurlijk, levendig en eigenzinnig. Vanhamel ten voeten uit.

Buffalo Tom

Buffalo Tom – 25 th Anniversary Show – ‘Let me come over’ - De betere 90-ies revisited

Geschreven door

Buffalo Tom – 25 th Anniversary Show – ‘Let me come over’ - De betere 90-ies revisited
Buffalo Tom
Ancienne Belgique
Brussel
2017-06-06
Lode Vanassche en Johan Meurisse

Alle goeie dingen bestaan uit 3 : een drummer, een bassist en een gitarist. Bill Janovitz, Chris Colbourn en Tom Maginnis uit Boston zijn de drie-eenheid van Buffalo Tom; dit overgoten met een vettige saus enthousiasme en je hebt het ideale recept voor een no-nonsense-gitaarrockavond. Het trio klinkt nog altijd alsof ze in hun garage staan te repeteren, en vocaal hebben ze nog niks ingeboet …

Ook het concert bestond uit 3 delen : het eerste uur hielden ze vrij voor een soort ‘greatest hits’ of beter ‘most valuable songs’, want megahits scoorden ze niet. “Tree House” , “Summer’s here”, “I'm allowed”, “Sodajerk”, “Wiser”, “Rachael”, “Kitchen door” en “Tangerine”  passeerden de revue en werden bijzonder gesmaakt door de overjaarse pubers, die zich weer 17-jarige rockertjes voelden, wijzelf inbegrepen …
Deel 1 werd gespeeld in een sober decor,  met minimale belichting . Hier was een geoliede machine bezig. Buffalo Tom klonk gesmeerd , grungy zelfs . De songs waren  rauw, intens, broeierig, verbeten , licht explosief, kortom extravert, zonder de elegante schoonheid van de melodie te verliezen. Er zijn toch nog overlevenden van de grungescene buiten Eddie Vedder gerekend, samen met J. Mascis. De drie waren verdomd vitaal bezig . De backcatalogue van hun succesvolste periode was dus al meer dan overtuigend.
De groep werkt aan een nieuwe cd en liet ons kennismaken met “Freckles”, een nieuwe song in open D gespeeld, die een beetje aan 'War On Drugs' deed denken.
Na een korte pauze was het tijd voor een integrale weergave van het 25-jarig pareltje ‘Let me come over’ uit 92. In de achtergrond beeld- en videomateriaal, keurig uitgekozen en gemonteerd door de dochter van een van de bandleden. “Stapels”, “Taillights Fade”, “Mineral” “Larry” en “Velvet Roof” waren de hoogtepunten. Alle songs kregen bovendien een steviger arrangement. De intimiteit , gevoeligheid drong sterk door in “Porchlight” en “Frozen lake” . Pit en dynamiek dus in dit tweede uurtje met bovenop een “Saving grace” die je een schop onder kont gaf!  We kregen een, leuk, gezellig en goed concert. Nostalgie ten top.
Zijn we niet kritisch? Jawel, Bill Janovitz is een goede zanger, maar van zodra bassist Chris Colbourn achter de micro staat, krijg ik een ambetant gevoel. Verkracht hij met zijn melig stemmetje de sterke songs ? Nee, maar hij verneukt ze wel een beetje ...

De sympathieke knullen kwamen nog terug voor 2 bissen en wuifden ons uit met een stevige “Birdbrain” , dat imposant klonk! “Sunflower suit” uit het debuut bleef opgeborgen , al werd ie af en toe gescandeerd .

Buffalo Tom is - 25 jaar later -  een rockband pur sang , strak, rechttoe – rechtaan, aangenaam slordig en meeslepend, hartbrekend. Wat kan het leven toch mooi zijn …

Setlist : TAILLIGHTS FADE/MOUNTAINS OF YOUR HEAD/MINERAL/DARL/LARRY/VELVET ROOF/I’M NOT THERE/STYMIED/PORCHLIGHT/FROZEN LAKE/SAVING GRACE/CRUTCH/BIRDBRAIN

TREEHOUSE/SUMMER/I’M ALLOWED/LATE AT NIGHT/SODA JERK/RACHAEL/WISER/FRECKLES/YOU ‘LL NEVER CATCH HIM/KITCHEN DOOR/TANGERINE

Neem gerust een kijkje naar de pics  - Met dank aan Pieter Verhaeghe - MLM – http://www.motherlovemusic.be
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/buffalo-tom-06-06-2017/
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Gov’t Mule

Gov’t Mule - Een Mule show blijft een belevenis

Geschreven door

Ze vallen bij bosjes tegenwoordig: Onze helden van weleer, de mannen die de tumultueuze jaren '60 & '70 mee gestalte en vooral kleur -en wilde verhalen- gaven. 'Classic Rock' noemt men het tegenwoordig. Verleden week viel deze twijfelachtige eer te beurt aan Gregg Allman, voormalig patron van Gov't Mule's Warren Haynes.
Weinig aandacht aan besteed in de (Europese) media, maar met het overlijden van Gregg Allman verloor de rockwereld één van zijn krachtigste, meest doorleefde en meest soulvolle blues-stemmen ooit. Eind jaren 60 samen met wijlen jongere broer Duane oprichter van de legendarische Allman Brothers Band. Slide gitaaarwonder Duane belandde veel te vroeg in de eeuwige jachtvelden (1971, motorongeluk), maar Gregg Allman hield de ABB met wisselend succes draaiende tot enkele jaren terug. In oktober 2014 speelde de legendarische band hun afscheidsconcert in het New Yorkse Beacon Theatre, met Warren Haynes, dan al 25 jaar vaste ABB gitarist en ondertussen naast Gregg Allman spilfiguur van de band geworden. Het was Haynes die begin jaren 90 de slabakkende Allman Brothers vervoegde en Gregg & co meteen een strakke schop onder de kont verkocht, die hun terug katapulteerde naar waar ze thuishoorden: in de topregionen van het Southern Rock en Jam Band walhalla.

Parallel met zijn Allman Bros carrière startte 'Duiveltje doet het al' Haynes halverwege jaren 90 samen met ABB kompaan Allen Woody GOV'T MULE.  Het hobbyclubje is ondertussen uitgegroeid tot waar een instituut op zich, en was dinsdag 6 juni ll. aan zijn achtste passage in Belgenland toe (Eerste Belgische show ooit was in Rivierenhof hier iets verderop in 2004).
Wat me min of meer verwachtten, en ook wel een beetje hoopten, werd niet waargemaakt: Geen tribute aan wijlen patron Gregg Allman en de ABB. Ook geen vermelding, maar erg spraakzaam was Haynes sowieso niet. Doet er ook niet toe: let the music do the talking. Naar goede gewoonte zo een twee en half uur lang. Nooit geen voorprogramma bij Gov’t Mule, daar is gewoonweg geen tijd voor met de alhier tegenwoordig geldende tijdslimieten voor concertzalen in 'bebouwde kom'. Waar de gemiddelde band na een dik uur aan de bissen begint, is het bij de Mule steevast 'We’ll take a short break, be right back', waarna ze nog anderhalf uur doordenderen.
Ons kwartet ging ietwat traagjes van start met de Staple Singer's “Hammer and nail” en het door een reggaebeat  gedragen “Time to confess”, maar daar tussenin zat wel een stampend “Rocking Horse” van de debuut plaat uit 1995, en in 2003 hernomen op ‘Hittin' the Note', de laatste studioplaat van de Allman Brothers Band (dus toch een link...). De Ray Charles cover “I Believe to my Soul” was héél sterk: een heavy bluesy take van deze soul classic, eigenlijk veeleer een cover van de Humble Pie versie uit de jaren 70 dan van het origineel. Humble Pie, wijlen Steve Marriot's tegenwoordig bijna godvergeten fabuleuze 70's band, maar sinds lang een all-time favourite van Haynes, zo blijkt ook verder in de set. “Sco-Mule” verkende jazzier paden, het origineel was immers ook een samenwerking met John Scofield. Knaller van set één was “Jacksaw Jezebel”. Naar Mule maatstaven een snelle rocker, knap en lekker lang uitgesponnen, met een scherp solerende Haynes. De hele show draait uiteindelijk wel rond de gitaristische hoogstandjes van de opper-mule, maar “Jezebel” stak er toch bovenuit. Ander sleutelmoment in de show was een ronduit weegaloos “Mother Earth”: midden in de song werd het even muisstil in de amper halfvolle Roma, ten volle genieten geblazen van de door merg en been snijdende, immens mooie en subtiele solo’s van Haynes. Onze Southern boys bewezen ook absolute meesters te zijn in het leveren van een sterk potje authentieke slowblues.
De nieuwe plaat 'Revolution come .. Revolution Go' (uit op 9 juni) moest uiteraard ook worden gepromoot. In set één werden we al op de schitterende titelsong getrakteerd, een klasbak van formaat, het slappe “Sarah, Surrender” daarentegen kon allerminst boeien. Minpuntje echter direct gecounterd met het zwaar rockende “Stone Cold Rage”, samen met de titelsong geheid een nieuwe live-klassieker binnen het toch al zo immens uitgebreide Mule repertoire. 'Dark was the night, cold was the ground', ook van de nieuwe langspeler, was goed voorzien van oren en poten en een lekker groovende beat. Ergens daartussen zat ook de obligate drumsolo van Matt Abts, drummer van het eerste uur. Met Humble Pie's (daar zijn ze weer!) “30 days in the hole” en een paar flarden “I don't need no doctor” werd majestueus afgesloten.
In het kwartuurtje bissen trok de mighty Mule nog eens alle bluesregisters open in de typische Gov’t Mule bluesrocker “New World Blues” en de Ann Peebles cover “Feel Like Breaking Up Somebody’s Home”. Geen overdonderende apotheose, maar degelijke afsluiters van een alweer uitmuntend concert van de onbetwiste nummer één onder de jam bands.

Een Mule show blijft een belevenis: niet echt iets voor de occasionele concertganger (te veel jammen, te veel solo’s, te lang, te langdradig, ...), maar voor de doorwinterde die-hard fans en liefhebbers van pure old-style bluesrock altijd een festijn, nooit wetende met wat Haynes en de zijnen nu weer zullen uitpakken! Grote klasse! We kunnen er weer efkens tegen, afspraak op passage #9!

Set 1: Hammer and Nails, Rocking Horse, Time To Confess, Million Miles From Yesterday, I Believe To My Soul, Sco-Mule, Revolution Come … Revolution Go, Slackjaw Jezebel
Set 2: World Boss, Mother Earth, About To Rage, Sarah Surrender, Stone Cold Rage, Drums, Dark Was The Night Cold Was The Ground, 30 Days In The Hole / I Don't Need No Doctor
Encore: New World Blues, Feel Like Breaking Up Somebody’s Home

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/govt-mule-06-06-2017/
Organisatie: De Roma, Antwerpen

Paul Weller

Paul Weller - Weller in an excellent good mo(o)d

Geschreven door


Paul Weller - Je zal maar een van je grootste helden in een van de beste zalen  kunnen zien. Na zijn overigens schitterende passage in hetzelfde AB vorig jaar waren de verwachtingen zeer hoog. Met verve is deze levende legende erin geslaagd. Een slordige dertig nummers werd op een zo goed als uitverkochte AB losgelaten.

Onze Modfather had, zoals hij gewoon is, een resem topmuzikanten bij zich en begon aan een retestrakke versie van “I’m Where I should be” uit ‘Saturns Pattern’. In de beste zaal van het oude continent dus. Puur professioneel speelplezier met een dubbele percussie, toetsenist, bassist en twee gitaren; Hij weet niet alleen zijn muzikanten uit te kiezen, maar ook zijn instrumenten; Likkebaardend horen we Vox versterkers, Sheraton II’s, Telecasters, SG’s enzoverder. Zijne Grijsheid Met Eeuwige Jeugd dirigeert en leidt alles in de goede banen. Bewijze hiervan “Nova”. Iedere noot klopt en de overgangen en wissels zijn gewoonweg weergaloos. Even ‘tuning my guitar right’ en met de typische Britse humor, zonder in het arrogante Oasis-gedoe te vervallen, de klassieker “Every Changing Moods” aankondigen.  Op “Long Time” proeven we van een overtuigend  gitaarduel. It’s going cool, weet Britpopman ons te vertellen.
We weten nu al dat zijn vorige passage, zo het nog kan, ruimschoots zal worden overtroffen. Hij heeft maar te kiezen uit een ongelofelijk arsenaal van oud en nieuw werk en kan niet betrapt worden op een minder en zwakker nummer. Tjonge, wat heeft die man bij elkaar geschreven. Weer een mokerslag met een fun ©ky “Saturns Pattern” met een heuse jam als outro. Je leest het goed: Het publiek geniet met volle teugen van wat we zonder overdrijven wereldklasse kunnen noemen.
De hoogtepunten worden met de vingers in de neus aan elkaar geregen en het Modfeest kan niet meer stuk. “Woo Se Mama” en “Peacock Suit”  slaat knock out. Hij en zijn gevolg eindigen met de modpunk “Star”, vooraleer aan drie bisrondes te beginnen.
Eentje in de akoestische sfeer ( oa “Wildwood”),  eentje opbouwend naar wat meer rock ( oa “Changing Man”) en een afkoelingsronde met onder andere “You do something to me”. Variatie troef door in heel zijn rijk verleden graven uit zijn verschillende bands (The Jam en Style Council). Dit alles subtiel gekruid met verschillende genres : punk, rock, funk, jazz, soul en R’n B . Pure klasse.

You do something to me and Paul did  something to us.

I’M WHERE I SHOULD BE /NOVA/EVER CHANGING MOODS/LONG TIME/SATURNS PATTERN/GOING MY WAY/ONTO TOMORROW/SHE MOVES/EVER HAD IT BLUE/SUZIES/IMPOSSIBLE IDEA/WILD BLUE YONDER/CLOUDS/WOO SE MAMMA/CRANES/WHITE SKY/FRIDAY STREET/PORCELAIN GODS/PEACOCK SUIT/START!
Encore 1 ( akoestisch): WILD WOOD/MONDAY/WHAT WOULD HE/SINKING
Encore 2 THESE CITY STREETS/HUNG UP/COME ON LETS GO/CHANGINGMAN
Encore 3:  YOU DO SOMETHING TO ME/FLOORBOARDS/BROKEN STONES

Organisatie Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

The Besnard Lakes

The Besnard Lakes - Back tot he sixties (psychedelica)!

Geschreven door

The Besnard Lakes - Back to the sixties (psychedelica)!
The Besnard Lakes + Endz
Kreun
Kortrijk
2017-05-31
Didier Becu

Exact 24 uur nadat Albini met zijn Shellac De Kreun deed daveren, had Wilde Westen twee nieuwe gasten in Kortrijk: een Belgische band waarvan we weldra veel zullen horen en vijf Canadezen die nog altijd denken dat we in 1966 zijn, maar tussen de vele psychedelische snoepjes ook flink wat shoegaze hebben opgesnoven.

Eigen volk eerst, en niet omdat we dat willen, maar gewoon omdat Endz de eerste band aan zet was. Een Brussels trio die we een tweetal weken geleden nog zagen schitteren in de Rotonde tijdens Les Nuits Botanique als het voorprogramma van Cherry Glazerr. In de wandelgangen (soms hoor je daar wel wat), bleek dat dit optreden een belangrijk staartje had voor de drie Brusselaars, al was het maar om te zeggen dat je Endz binnenkort meer en meer op Vlaamse podia zal aantreffen. First we take Brussels, then we take Kortrijk om de hoogpriester van het pathos te citeren. Alleen jammer dat de hoofdact blijkbaar over zijn hoogtepunt heen is, ten minste op vlak van populariteit toch.
Mensen komen niet buiten voor een voorprogramma, de meeste toch niet, en dus moesten Fabrice ‘Fabiola’ Detry, Loïc Bodson en Kevin P. Guillaume zich tevreden stellen met een handjevol geïnteresseerden. Wat we veertien dagen geleden neerpenden, geldt vandaag nog (natuurlijk!). Wie tuk is op jaren 90 indiepop zal ongetwijfeld een boontje hebben voor dit trio. En tja, wat we zagen in Brussel werd honderd kilometer verder en veertien dagen later nog eens bevestigd, al was het maar om nog eens te onderstrepen dat er toekomst zit in Endz. En het maakt hun geen zier uit of dit nu voor vijftien of honderdvijftig man is, that’s the spirit!

Soms kun je niet naast de feiten heen kijken. Was The Besnard Lakes zeven jaar geleden nog een hype toen ‘The Besnard Lakes Are the Roaring Night’ op Jagjaguwar uitkwam, dan schiet daar vandaag nog amper iets van over. Zanger Jace Lasek, qua looks een merkwaardige combinatie van Ian Hunter en Michel Polnareff, kan het geenszins deren dat zijn fanbasis als even snel krimpt als de ozonlaag. Met een intro die lijkt alsof we in een aflevering van Star Trek zijn terechtgekomen wordt de gewillige luisteraar twee uur lang in een psychedelisch sfeertje gedumpt.
Wie hun vijfde plaat ‘A Coliseum Complex Museum’ heeft gehoord (te oordelen naar de opkomst niet al te veel mensen dus), zal ondertussen al lang hebben gemerkt dat The Besnard Lakes tot hun laatste snik hun ‘bekende’ toverformule zullen blijven toepassen: poppy psychedelica die refereert naar de jaren 60, omhuld met shoegazegitaren. Zelf zullen ze het in alle talen ontkennen, maar wie de ogen sloot, kon zelfs voor eventjes denken dat hij Slowdive hoorde…zo shoegaze dus!
Een coole band. Zo staat Olga Goreas (echtgenote van zanger Jace) de hele tijd op het podium met een zonnebril op, of lijkt het alsof keyboardspeelster Sheenah Kov de nieuwste aanwinst is van The Human League. Net zoals onze vrienden van Endz maakt het aantal bezoekers hun geen fluit uit. Volk of geen volk, The Besnard Lakes speelden ruim twee uur lang het mooiste (en soms ook het saaiste) uit hun vijf platen.
Meteen ook een knelpunt. The Besnard Lakes klinkt best grandioos, maar twee uur is net iets te veel van het goede. Gewoon de volgende keer een schaar meenemen en het kan één van de beste optredens worden (die je nooit hebt gezien). En uiteraard wat meer media-aandacht, hoewel dat niet aan ons zal liggen.

Met dank aan Luminousdash.com http://www.luminousdash.com

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Preoccupations

Preoccupations

Geschreven door

Preoccupations is het vroegere Viet Cong die z’n politieke geladenheid in de groepsnaam liet vallen en muzikaal manifesteert in donker dreigende postpunk/indiewave rock . Het kwartet van de Canadese bassist/zanger Matt Flegel rammelt , garagerockt , postpunt, kortom een zwarte postpunkmis! Ssongstructuur , donkerte en sfeer zijn er in een aanhoudend intens broeierige spanning,  door rauwe, hoekige, strakke, metaal klinkende en galmende echoënde gitaardwarrels , de overheersende, dreunende , repetitieve , grauwe basstunes , de stuwende , opzwepende drums en de zalvende elektronicariedels, die 60s psychedelica over enkele nummers doet waaien. De diepe stem van Flegel beklemtoont dat gitzwart opgetrokken universum .
De nummers voeren , slepen ons stap per stap mee , durven te ontsporen en baden in een waas van noise en galm . “Memory” met z’n elf minuten is hier het sterkst! Precoccupations zorgt voor een unieke sfeer ,  bouwt op , bijt van zich af en nestelt zich tussen onze oren . Hier komen een pak bands tesamen als Wire, Girls Against Boys, Interpol , Shellac en Savages.
Het materiaal klinkt tegendraads, complex als toegankelijk , poppy , zonder dat de donkere dreiging vervaagt . “Anxiety”, “Degraded”  en “Stimulation” brengen allerlei stemmingen, die een duistere ondertoon hebben. “Sense” en “Forbidden” brengen ons even op adem.
We worden in een houtgreep gehouden in hun verzwelgende sound.

Dandelion

Everest

Geschreven door

Dandelion is een Nederlandse band die al meteen in de spotlights komt met dit debuut ‘Everest’ . We krijgen een rits fraaie sfeervolle , emotievolle songs in een harmonieuze samenzang . De groep nestelt zich ergens tussen semi-akoestische folkpop en ingetogen sing/songwriting in . De songs zijn mooi uitgewerkt en klinken wonderschoon door de gelaagde melodieën en de brede instrumentatie van o.m. keys en piano . ‘Everst’ is aangenaam luistervoer en wordt terecht sterk ontvangen . Nu over naar ons landje? …

Wilco

Schmilco

Geschreven door

Wilco heeft zich door de jaren geprofileerd als één van de bepalende bands binnen de rootsrock/alt.country. Het sing/songschrijverschap van Jeff Tweedy en het muzikaal vakmanschap van z’n band is verantwoordelijk voor die verstilde , introverte en broeierige, extraverte rootsamericana. De songs zijn knap gearrangeerd , opgebouwd , uitgewerkt en konden mooi uitgesponnen zijn . De instrumentatie kreeg dus heel wat ademruimte!
Met de vorige ‘Star wars’ kwamen zij verrassend uit de hoek, elf songs in een goed half uur en gekenmerkt van een rauwe , directe aanpak, die naar een demo aanpak neigde.
En de nieuwe is er terug eentje van een goed half uur, met twaalf songs , maar tav de uitgelaten voorganger is het materiaal beduidende serieuzer en introverter . De klemtoon komt op de ingetogenheid met een sobere , ingehouden instrumentatie van (semi) akoestische gitaren,  marimba , percussie en ga zo maar door. Het beklemtoont  het introspektieve karakter van de melodieuze melancho liedjes , minimaal in elkaar gekunsteld . Ze roepen allerhande gevoelens van frontman Jeff Tweedy op van angst, pijn, ergernis , walging , verwarring , onmacht en radeloosheid .
Het gaat van innemende (roots) pop ( o.m. “Normal american kids” , “If I ever was a child”, “Quarters” en “Shrug & destroy “) naar de typisch dromerige , broeierige americana van de band als “Common sense”, “Nope”, “Someone to lose” , “Happiness” en “Locator” .
Na meer dan 20 jaar in de muziekbusiness blijft Wilco één van de iconen in de rootspop , die sobere en gekunstelde prachtplaten aflevert .

Jambinai

A Hermitage

Geschreven door

Jambinai is afkomstig uit Zuid-Korea , asjeblieft! … en brengt postrock mee met een Oosterse invloed . Het combo bestaat voor de helft uit vrouwen en gaat te werk op traditioneel Koreaanse instrumenten , doomende , schurende , krassende gitaren en -getokkel en abstractie uit elektronische kastjes . Eénmaal ze goed op dreef zijn op nummers als “For everything that you lost”, “The mountain” en “Naburak” , worden we meegevoerd , - gesleept in hun minimalisme en de repeterende, opbouwende en explosieve ritmes . De praktisch onverstaanbare (zeg) zang drukt mee op de donkerte van de sound . Het is allemaal een beetje vreemd , maar binnen het genre lekker klinkend.

Keaton Henson

Kindly now

Geschreven door

De uit Londen afkomstige sing/songwriter Keaton Henson is een verlegen type die een rits droefgeestige , dwarrelend herfstige songs schrijft in de geest van Damien Rice, Perfume Genius en James Blake . De nummers hebben een sobere omlijsting door het innemend pianospel , aangevuld met spooky reverb gitaarklanken en elektronisch knip –en plakwerk . Zijn diepgevoelig , breekbare stem drukt zijn stempel op het materiaal .
De verschillende muzikale invalshoeken zijn goed gedoseerd , waardoor de songs een doordachte opbouw hebben en goed in elkaar zitten . Mooi hoe alles zijn plaatsje heeft gevonden in zijn wereld . Mooi plaatje.

Dawes

We’re all gonna die

Geschreven door

Dawes van de broers Taylor en Griffin Goldsmith,  uit LA , situeert zich muzikaal binnen de alt/americana en indie sfeer en zijn al toe aan hun vijfde plaat . Vorig jaar maakten we kennis met hen  als support van My Morning Jacket en ontdekten we een rits pareltjes van songs , gekenmerkt van sfeervolle , subtiele poppy melodieën . De kunst van het songschrijven werd geapprecieerd door T-Bone Burnett die voorman Taylor uitverkoos voor The New Basement Tapes , het gelegenheidscollectief dat met ongebruikte teksten van Bob Dylan  in de weer mocht gaan . Ze waren ook al begeleidingsband van Conor Oberst en  Jackson Browne . Een nostalgisch bed wenkt in hun creatief gearrangeerde muziek , die verder ook refereert aan Wilco en Black Crowes . 
Hun doorleefde sound klinkt fascinerend door een standaardinstrumentarium , aangevuld met keys/piano, en gedragen door indringende ,  meerstemmige vocals. Sterk!

Alex Izenberg

Harlequin

Geschreven door

De uit LA afkomstige Alex Izenberg mag hier nog een nobele onbekende zijn , hij krijgt alvast met z’n tweede plaat ‘Harlequin’ heel wat lofbtuigingen . In de muziek is er een directe link met het bijzondere , eigenzinnig werk van Scott Walker . Net als bij dit fenomeen hebben we een filmische, donkere dreigende trip  door een bevreemdende , sfeervolle , intrigerende sound . Een cinematografische aanpak die sfeervolle, innemende indiepop met avantgarde kruist . Een barokke orkestratie van hoekige strijkers ( o.m. viool , cello) en dissonante pianoklanken worden toegevoegd, die het sterkst klinken op nummers “Grace” en “Libra” . Het mooie “Move on” is de meest toegankelijke song. We hebben hier een kunstzinnige plaat, een bizarre rondreis in de wereld van Izenberg . Een niet –alledaagse aparte plaat dus!   

Roger Waters

Is This The Life We Really Want?

Wim Guillemyn

Pink Floyd. Een naam als een klok. Je mag van de band vinden wat je wilt maar qua muzikale invloed is het zonder twijfel één van de belangrijkste bands van de 20ste eeuw. En de sterkte van de band lag eveneens in de som der delen. Allen wel heel getalenteerde delen, dat wel. Hoewel David Gilmour de laatste decennia het boegbeeld van de band was kun je niet om Roger Waters heen. Waters zorgde o.a. voor het geweten van de band, denk maar aan ‘The Wall’ om één voorbeeld te noemen. Daarnaast zorgde hij ook voor de breuk en de doorstart van Pink Floyd zonder hem. Het is nooit meer helemaal goed gekomen tussen Gilmour en Waters. Een samenwerking met de oude bezetting zat er niet meer in. En na het overlijden van Wright werd dit al helemaal onmogelijk.
In 2014 kwam er enigszins verrassend nieuw materiaal van Pink Floyd uit. Het nogal schetsmatige ‘The Endless River’. De laatste tijd kwam Roger Waters al meer in de media met o.a. zijn tirade tegen de huidige streamingdiensten etc… Een bewijs dat hij nog altijd scherp en gevat is ondanks zijn 73 lentes. Zo komen we bij zijn nieuwe album. Zijn vierde solo album sinds 1984.

Ik had mij voorgenomen om alle historie achterwege te laten bij een eerste beluistering om zo een genuanceerder oordeel te kunnen vellen over zijn werk. Dat was niet eenvoudig. Je merkt meteen tijdens het beluisteren de invloeden en raakvlakken met albums van Pink Floyd zoals ‘Wish You Were Here’, ‘The Wall’, ‘The Final Cut’. Zo weet je ook meteen dat hij een grote invloed had in het making-process van die albums. Hier op ‘Is This The Life We Really Want?’ krijgen we ook van die typische intro en outro stukjes vol met geluiden en veldopnames die heel doeltreffend in elkaar werden gezet. Waarschijnlijk wel digitaal geknutsel tegenwoordig. Bij momenten klinkt het ook als nieuwsflitsen op de radio wanneer je de gesproken zinnen tussen twee tracks hoort.
Het songmateriaal dan. De opener is “When We Were Young”. Het is een gesproken tekst dat soms in repeat lijkt te gaan met wat spaarzame bas en synthsounds. Sfeerrijk. En het loopt naadloos over in “DeJa Vu”. De eerste echte song. We horen echo’s van oudere Pink Floyd albums. Maar Waters zingt het met een zekere warmte. “Picture That” heeft een sterke tekst en baslijn. Daarnaast leuke keylijnen die Gilmours typisch gitaargeluid vervangen. Een tekst dat binnenkomt als een mokerslag. En dit zonder grunts of geschreeuw. De thematiek op het album is vrij zwaar en donker: gedwongen scheiding tussen ouders en kind, terrorisme, aanklacht tegen de gevolgen van het nastreven van de Amerikaanse droom en tussen de lijnen door een aanklacht tegen de Amerikaanse president Trump. De meeste songs drijven op een ingehouden tempo, aanzwellende en wegdeemsterende keys en andere sfeermakers. Enkel “Picture That” en “Smell The Roses” zijn steviger en snediger. Is het album daardoor wat éénvormig of saai? Eigenlijk niet, maar je moet het op zijn minst enkele luisterbeurten geven. De teksten zijn niet meteen subtiel maar de muziek zit wel vernuftig en ingenieus in elkaar. En dat staat dan ook garant voor talrijke keren aan luisterplezier.
‘Is This The Life We Really Want?’ biedt ons twaalf tracks aan die muzikaal soms dicht tegen bepaalde Pink Floyd albums aanleunen. De donkere en soms scherpe teksten doen de luisteraar nadenken. Een meesterwerk is het niet maar wel een heel goed album van een intussen 73 jarige Waters. Hopelijk wacht hij iets minder lang om ons te verrassen met nog wat werk van dit niveau. Intussen hebben we onze handen vol aan dit album.

Sam De Rijcke

De nieuwe van Roger Waters in één ruk proberen beluisteren. Aartsmoeilijke opdracht. Niet gelukt. Halverwege in slaap gevallen. Meer van hetzelfde. Clean en glad. Produced by Mr Proper. Tot in de puntjes uitgedacht. Niets aan het toeval overgelaten. Muzikale hoogstandjes. Solootje op tijd en stond. Bombastische trekjes. Strijkers zwellen aan. Niets nieuws aan de horizon. Keurig binnen de lijntjes. Een mens geeuwt zich te pletter. ‘The Wall’ nog altijd als ijkpunt. ‘The Wall’ is 38 jaar oud. Stilstand is geen vooruitgang. Roger Waters ten voeten uit. Kwijlen voor de fans. Not what we really want. Slaapwel.

Mark Lanegan

Gargoyle

Geschreven door

Mark Lanegan lijkt actiever te komen naarmate de jaren vorderen. Het lijkt erop dat hij al een hele tijd gezond leeft en dat heeft er misschien ook wel mee te maken. Het ziet er naar uit dat Lanegan de laatste jaren een vrij stabiel en zorgeloos bestaan leidt. Nogal anders dan toen hij nog rondtoerde met The Screaming Trees. Naast zijn albums leent hij ook veel zijn stem uit aan andere projecten zoals met Isobel Campbell, The Twilight Singers etc… Sedert het album ‘Bubblegum’, dat toch wel een mijlpaal in de mans oeuvre is, heeft hij eigenlijk nog geen slecht album gemaakt. Maar ook geen enkel album dat zo intens en gitzwart klonk als ‘Bubblegum’. Ook ‘Gargoyle’ niet. Maar het is zeker geen zonnige plaat geworden maar wel een goed en degelijk album. Daarin doet hij waar hij goed in is: namelijk met zijn kenmerkende stem verhaaltjes vertellen en zingen. Bovendien weet hij zich ditmaal terug te omringen met klasse muzikanten. Die zorgen met o.a. keys, orgel, synths en gitaarpartijen voor de nodige dreigende, vervreemde en soms eighties post punk geluiden in de tracks. “Nocturne” drijft op een post punk bassound. Net als “Drunk On Destruction” dat een post punk klinkend gitaartje bevat. De machtige orgel- en synthklanken op “Blue Blue Sea” bepalen de sfeer van het nummer. “Beehive” is vrij catchy en rockend te noemen voor Lanegans doen. Het lang uitdeinende “Old Swan” sluit het album na tien songs af.
‘Gargoyle’  zal wellicht niet dezelfde impact of stempel krijgen zoals ‘Bubblegum’ indertijd, maar het is een sterk album in het oeuvre van de man. Eentje waar we veel luisterplezier aan (zullen) beleven.

Cotton Belly’s

Live Session Vol. 1 (EP)

Geschreven door

Het Franse kwartet Cotton Belly’s leerde ik kennen eind 2015 met de release van ‘Rainy Road’. Een album dat bestond uit een mengeling van blues/folk en rock elementen. Het klonk traditioneel Amerikaans, warm en eerlijk. Zonder snufjes en studiotrucjes. Nu komen ze met het concept ‘Live session’ af. Het is geen live album zoals we dat kennen maar een album dat zo opgenomen is dat het klinkt als een live versie. Zoals John Hiatt deed met zijn album ‘Bring The Family’. En dat hoor je effectief aan de muziek. Alles klinkt vrij levensecht en nergens krijg je de indruk dat men aan de knoppen heeft gedraaid om zaken beter of anders te laten klinken.
In vergelijking met ‘Rainy Road’ komt de bluesrock hier op ‘Live Session Vol 1’ nog ietsje meer op de voorgrond. Getuige hiervan zijn de ballad “Reason” en de bluesrocker “Greatness”. Twee songs die ook op ‘This Day…’ uit 2013 voorkwamen. “Greatness” vind ik hierop in een veel betere versie staan: puurder, echter. Verrassend is de cover van Stevie Wonder’ s “Superstition” die hier in een Bayou sausje werd gedrenkt.
Van de zes songs staat er één compleet nieuw nummer tussen:”Broken Line”. Een track dat tussen enkele bluespop/rock groten kan staan. Ik denk dan bijvoorbeeld aan Robert Cray of Jeff Beck om maar iets te noemen.

Er staat ‘Volume 1’ in de titel. Betekent dit dat er een vervolg komt? Inderdaad, in het najaar verschijnt volume 2. En dat is een goede zaak want de songs, samen in een kamer live opnemen, ligt hen wel. Het komt hun geluid en sfeer ten goede. Een aanrader voor wie van bluesrock gerichte muziek houdt. We kijken al uit naar deel twee.

The Silent Wedding

Enigma Eternal

Geschreven door

Griekse heavy/progressive metal? Inderdaad, in Griekenland maken ze heel wat meer dan alleen maar de Sirtaki. The Silent Wedding is daar één voorbeeld van. Deze band heeft al sedert 2013 onderdak bij het Belgische FYB Records. Wat de band ons te bieden? Potig en melodisch gitaarwerk, een feilloze ritmesectie, verzorg keywork en krachtige vocals. We krijgen dus kwaliteit. Zoals aangegeven klinkt het gitaarwerk potig maar is er ruimte gelaten voor melodische invulling. Dat geeft, naast de zang, ook meteen emotie en diepte aan de songs.

Op “A Dream Of Choices” krijgen we niemand minder dan Tom Englund van Evergrey. Een emotioneel gezongen song met enkele fijne gitaarfillers. Andere knallers zijn o.a. “Under The Veil of Grey”, “Insanity”, “What Lies Beyond” en “Silence”. “Loneliness” is een degelijke maar ietwat voorspelbare ballad. Maar laat ons wel wezen: er staat geen zwak nummer op ‘Enigma Eternal’.
Voor het artwork ging ze te rade bij Travis Smith. Ook wel bekend voor zijn werk bij o.a. Nevermore, Iced Earth en Opeth. Het is heel mooi artwork geworden met aandacht voor details.
The Silent Wedding heeft een sterk heavy metal album gemaakt met wat prog elementen. Een band die groeit en niets aan het toeval overlaat. Geef ze nu nog ergens een plaatsje op één van de Europese metalfestivals en ze zijn vertrokken.

A-Sun Amissa

The Gatherer

Geschreven door

A-Sun Amissa is terug en Richard Knox leidde deze release dat bijdragen van talrijke muzikanten bevat zoals Aidan Baker (Nadja), Claire Brentnall (Shield Patterns), Angela Chan (Tomorrow We Sail. Lanterns on the Lake), Aaron Martin (From the Mouth of the Sun), David McLean (Gnod, Tombed Vision Records), Frédéric D. Oberland (The Rustle of the Stars, Oiseaux Tempête, FareWell Poetry, FOUDRE!), Owen Pegg (Hundred Year Old Man), Colin H. Van Eeckhout (Amenra, CHVE).  Een heleboel mooie namen dus. Het gevolg is dat het album wel iets anders klinkt dan hun voorgaande uit 2013. Het geluid is dichter en voller en de free jazz elementen die op de vorige release voorkwamen zijn nu nog iets meer aanwezig. Verder krijgen we hier vier lange tracks bestaande uit drones, saxofoonsounds en klarinetmotieven gemengd met veldopnames en primaire elektronische beats. Geen eenvoudige muziek dus. De inbreng van de verschillende muzikanten zijn merkbaar: de trance meditatieve gezangen van Colin H. Van Eeckhout, de sax van David Mclean, de gezwollen zang van Aidan Baker… Toch is alles gepureerd in één samenhangend geheel. Het is geen collage geworden.

‘The Gatherer’  is geen groot toegankelijk album maar wie een beetje het werk van mensen zoals  Aidan Baker en Colin H. Van Eeckhout kent, weet ongeveer wat hij kan verwachten. Ze creëren hier een eigen wereld aan de hand van vier lappen muziek. Een vreemde wereld maar wel boeiend.

 

 

 

Akroma

Apocalypse

Geschreven door

Akroma onderscheidt zich van ander gelijkaardige bands door het gebruik van in Latijn gezongen passages. Die passages worden door Laura Kimpe ingezongen en zorgen voor een vrij groot kontrast met de vocals van Alain Germonville. Die van Laura zijn eerder engelachtig en neigen naar opera. Terwijl Alain zijn zang voornamelijk uit grunts en geschreeuw bestaan. De teksten zijn dan ook vrij donker, bruut en gewelddadig. Achter de drums vinden we niemand minder dan Dirk Verbeuren van Megadeth terug.
Zes songs staan er op ‘Apocalyps’. Samen goed voor 45 minuten muziek. Muzikaal is het vrij snedig en straalt alles power en energie uit. De orkestraties zorgen voor de nodige melodische kanten. Een goed voorbeeld hiervan is “Offertorium”. Meteen één van de betere en meest progressieve songs uit het album.
Op de achtergrond van elk lyric in het tekstboekje staat er een gekend schilderij afgebeeld (o.a. Breughel, Bosch en Turner).
De vocals van Alain kunnen mij niet volledig overtuigen. Teveel geschreeuw dat nergens naartoe leidt. De zang van Laura is op zich goed en past in sommige tracks beter dan in sommige andere. Muzikaal is alles wel beter en is alles wel vrij goed opgebouwd. ‘Apocalyps’ is, wanneer je de vocals kunt pruimen, een aardige symfonische black metal plaat.

Shellac

Shellac - God bestaat dan toch, het is een tenger ventje, draagt meestal een overall en heeft een zuinig brilletje op

Geschreven door

Shellac - God bestaat dan toch, het is een tenger ventje, draagt meestal een overall en heeft een zuinig brilletje op
Shellac
Kreun
Kortrijk
2017-05-30
Sam De Rijcke

Wij kennen een pak fantastische platen waarop de Albini stempel overduidelijk doorweegt (Pixies, Nirvana, The Jesus Lizard, Godspeed You Black Emperor, Gruppo Di Pawloski,…), maar het lijkt er op dat diegene die de Albini sound het best op een podium kan brengen…  Steve Albini zelf is. Daarom is het telkenmale bijzonder goed nieuws wanneer de legendarische producer de deur van zijn studio achter zich dicht trekt en met zijn eigen band Shellac de hort op gaat.

Een compleet volgelopen Kreun denkt er net zo over en hangt de hele tijd aan Albini zijn lippen. Dit is weer zo één van die concerten waar ieder zichzelf respecterend muziekliefhebber gewoon moet bij zijn, en eentje die verdomme nog lang zal nazinderen.
Shellac weet immers als geen ander die rudimentaire, compromisloze en droge straight-in-your-face-sound op het podium doortastend neer te poten. Kurkdroge urgente drums, brandende door merg en been snijdende baslijnen en daarbovenop de striemende gitaaruitbarstingen, rauwe riffs en uitgespuwde vocals van de briljante Steve Albini. Een unieke krachttoer die wordt ontwikkeld door drie muzikanten die in al hun eenvoud een geniale, onvermurwbare en pure sound neerzetten die ongeëvenaard is en meer punk is dan al de platen van Green Day en Blink 182 samen.
Shellac heeft weinig nieuw werk in de aanbieding -daarvoor heeft een volgeboekte Albini gewoon de tijd niet- maar de band brengt de oude en ietwat minder oude songs met een stootkracht en verbetenheid waar menig alternatief bandje een punt kan aan zuigen. De songs klinken fris van de lever en rauw van de vleeshaak, check de oerkracht van “Squirrel Song”, de uitgebeende power van “Riding Bikes”, de bloeddorstige vechtlust van “Watch Song”, de opgejaagde punk van “Copper”, de ongebluste woede van “All The Surveyors” en de vernielzucht van het fenomenale “Dude Incredible”.
Een strak en uiterst energiek Shellac is vanavond nergens minder dan fantastisch en de heren hebben naast een gezonde portie zelfrelativering ook flink wat humor in hun creatieve brein zitten, getuige de bindteksten waarin ze onder meer hun afkeer voor opperimbeciel Donald Trump niet onder stoelen of banken steken.
Steve Albini, een invloedrijk en respectvol figuur waar zowat de hele wereld van de alternatieve muziek met grote bewondering naar opkijkt, komt hier trouwens leukweg samen met zijn bandleden het boeltje zelf opzetten en afbreken. Bijzonder sympathiek en down to earth vinden wij dat, we zien het Bono zo nog niet te gauw doen. Of Beyoncé, dat zou pas lachen zijn (“oei oei oei, oh ramp, mijn nagel is gescheurd, snel, waar is mijn styliste ?”).

Voor een prestatie als deze van vanavond halen we met plezier het woord ‘legendarisch’ uit onze fichebak met superlatieven. En al de rest ook, fichebak leeg.

We hebben ook nog een pluim voor het Franse meidentrio Decibelles dat de zaal mag opwarmen. De wilde meiden zitten er vocaal behoorlijk naast maar de frisse en vlammende punkrock die ze voortbrengen maakt veel goed. Hun korte, snelle en vaak uitzinnige songs doen wel eens aan Cocaine Piss denken. Waarmee we willen zeggen : hard, luid, snel en vooral rechtdoor.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Dunk!festival 2017 – Postrock in al z’n aspecten – Op z’n ‘Postrock’ best!

Geschreven door

Dunk!festival 2017 – Postrock in al z’n aspecten – Op z’n ‘Postrock’ best!
Dunk!festival 2017
Jeugdheem De Populier
Zottegem (velzeke)
2017-05-25 t/m 2017-05-27
Simon Van Extergem

Dunk!festival is de Europese topper als het aankomt op Post-Rock en zijn genres . Het festival gaat door in Heem De Populier in Velzeke (vlakbij Zottegem). Een prachtige locatie, vlak in de natuur, die met het prachtige mooie zomer weer van dit weekend nog meer tot zijn recht kwam …
Dunk!festival blijft voor mij het aangenaamste festival. Qua sfeer kan er niets aan tippen. De gemoedelijkheid bij zowel de bezoekers als de organisatie is typerend. Waar anders krijg je nog gratis parking, gratis camping, gratis koffie en gratis ontbijt. De locatie en de integratie van het bos is een meersterzet die het festival opnieuw doen groeien. De zorg voor het podium en de geweldige lichtshow zijn bijna ongeëvenaard.
We mogen trots zijn dat dergelijk festival hier in België mogelijk blijft. Ik zie jullie allen graag volgend jaar op Dunk!festival.

dag 2 – vrijdag 26 mei 2017
Door omstandigheden op het werk moest ik, tot mijn scha en schande forfait geven door de eerste dag van hét Dunk!festival. Ook op dag 2 kan ik pas laat vertrekken. Hierdoor mis ik onder andere het optreden van All We Expected, waar ik zo hard naar heb uitgekeken. Jonge (West-)Vlaamse wolven die mijn hart altijd verblijden. En van wat ik van het publiek achteraf gehoord heb, heb ik inderdaad een fenomenale show gemist. Maar ik krijg ongetwijfeld nog wel eens een herkansing.

Gelukkig ben ik wel net op tijd voor Aidan Baker en Karen Willems. Een tijd geleden heb je ze al eens samen gezien en nu wat het opnieuw prijs. 2 grootheden uit de alternatieve scene. Hij bij onder andere Nadja, zij van onder meer Inwolves. Maar eigenlijk van zoveel meer. Een prachtige impro-set die het beste van hun twee werelden combineert. Drone en gitaarnoise, freaky jazzy drum met ongelofelijk veel gevoel,... Bevreemdend en verbijsterend. Enig nadeel van de show: deze set past veel beter in een donker zaaltje, niet in een half-open zonnige tent. Maar dat kan de pret niet drukken.

We werpen een blik op de mainstage, die ondertussen al aardig in de zon aan het bakken is. Daar speelt het Australische Meniscus. Ze zijn meegekomen in het zog van We Lost The Sea, die later deze avond nog eens langs komen. Klassieke post-rock nu, die prachtig balanceert tussen hard en zacht, tussen droom en daad, tussen gebalde vuisten of een zalvende hand. Een mooie toevoeging aan het festival en dus niet zomaar een bandje uit het package deal om de grotere band ( en hun management) tevreden te stellen.

De tijd was rijp en de temperatuur hoog genoeg, om ons te verplaatsen naar het bos. Vanaf dit jaar is het bos een integraal deel van het festival geworden. Niet alleen moet je erdoor om je te verplaatsen van de stargazer naar de main, er is ook plaats gemaakt voor een mooi podiumpje. Dit ligt diep in het bos verscholen, aan de voet van een glooiende helling. Op die manier wordt er een natuurlijk amfitheater gecreëerd. Een prachtig kader voor prachtige optredens. Daar horen we True Champions Ride On Speed. Ze brengen experimentele math-rock. Ikzelf vind math-rock op zich al vrij experimenteel, maar deze jongens gaan nog enkele stappen verder. Ze brengen nummer die alle conventionele ideeën en opvattingen over nummers overboord gooien. Nummers die wringen en botsen en die veel inspanning vragen van het publiek. Ze geven je nooit een gemakkelijk gevoel. En van waar die verwijzing naar speed komt, werd ook snel duidelijk.

Verbaasd, maar voldaan haasten we ons naar de onverwachte topper van vandaag: We Lost The Sea. Deze Australische band verlaat voor de eerste maal hun heimat. Het is dus ook vandaag hun eerste keer in Europa. Waarom het zo lang geduurd heeft is mij nog steeds een raadsel. Ze bestaan inmiddels al 10 jaar. Vandaar dat er ook van zenuwen geen sprake was. We lost the sea is een prachtige geoliede machine. Ze brengen moderne post-rock, in de lijn van landgenoten Sleepmakeswaves. Eén gigantische bal energie die de tent plat walst. Ze zien er ook niet meer van de jongste uit, maar aan kracht en motivatie geen gebrek. Dit is voor mij DE ontdekking van dit festival. Ik hoop dat ze niet nog eens 10 jaar wachten om in onze contreien te vertoeven. Ik zal er opnieuw staan.

Tijd voor iets totaal anders nu: Alma. Door de organistoren van Dunk!festival werden ze ontdekt tussen al het geweld op Arctangent. Ze hebben een a-typische sound voor een post-rockfestival en toch passen ze wonderwel in deze line-up. 3 jonge Britten, waarvan er één begunstigd is met een fenomenale stem. Hoog en ijl, maar prachtig in alle soberheid. Het doet mij ongewild denken aan Sigur Ros, bij momenten. Ook de nummers worden prachtig opgebouwd rond de stem en zorgen dat deze schittert. Ze blinken uit in eenvoud. De band brengt zeker niets nieuws, maar doet het wel op fenomenale wijze.

And So I Watch You From Afar mag als voorlaatste de mainstage entertainen. En dat is hetgeen ze het beste van al kunnen: entertainen. Het is niet de eerste keer dat ik ze zie. Ik kan het waarschijnlijk niet meer op twee handen tellen. Maar nog nooit hebben ze mij ontgoocheld. Telken male bevestigen ze hun status van topper binnen het genre. Hun mix van post- en mathrock laat je niet onbewogen. Tegenwoordig klinken ze nog strakker dan vroeger. De eerste nummers beuken er hevig op in en daarmee is ook de toon gezet voor de rest van het optreden. Met een rotvaart denderen ze doorheen hun set. De nummers met samenzang zijn nog steeds niet mijn favorieten, maar op deze avond kunnen ze zeker geen kwaad.

Malämmar mag dan al Zweeds of Deens klinken, maar ze komen gewoon uit het zonnige Spanje (Barcelona). Maar zonnige muziek is het zeker niet. We krijgen Doom- en Post-Metal te horen. In het zonnige bos op een zomerse dag, kan een gezonde dosis donkere en loodzware muziek zeker deugd doen. Ze brengen hun platen uit op het Dunk-label (want dat doen de heren van het festival ook nog) en rechtvaardigen hun plaatsje op het label en het festival zonder problemen.

Afsluiter van de avond is Earth. Reeds 30 jaar maken ze hun mooie liedjes. Ze hebben een heel typische sound. Met hun traag uitgesponnen drone-metal mocht ik ze al eens aanschouwen op Eindhoven Psychlab. Ik vond ze toen weinig overtuigend en ik moet toegeven dat het mij vanavond ook niet echt kon boeien. Ik denk dat hun traag opbouwende en zeer repetitieve sound niet echt voor mij is weggelegd. De band kwam mij ook vrij arrogant en routineus over, wat zeker ook al niet de pret bevordert. Maar geen nood, want morgen is het opnieuw vroeg dag en staan we weer klaar voor de volgende lading bands.

dag 3 – zaterdag 27 mei 2017
We openen deze bloedhete dag met een band uit eigen land. De heren/dames van Briqueville zijn de Belgische trots en de hype van het moment. Die hype werpen ze vakkundig zelf over zich door getooid te gaan in maskers en capes en hun ware identiteit nooit te onthullen. Dat idee van die maskers en capes zal hen vandaag niet zo goed bevallen zijn, want de tent is verandert in een zeer goed werkende sauna. Dus chapeau voor hen om in dergelijke omstandigheden te blijven gaan. En gaan doen ze zeker. Op hun 2e elpee bewandelen ze iets andere paden dan op de eerste. Ze gaan iets meer de prog-rock kant op. Ook horen we wat meer Oosterse invloeden en veel meer tempowisselingen. Ik ben blij met de koerswijziging, maar toch is het laatste nummer (één van hun eerste) die het meest naar de keel greep.

Daarna zoeken we onze heil op het Stargazer-podium. Daar speelt Xenon field ten dans. En dat mag vrij letterlijk genomen worden. De Ierse band brengt een mix van noise en beats, die op de betere dancefestivals zeker niet zou misstaan. Met hun manier van muziek maken creëren ze een geheel eigen sound. En hoewel het in eerste instantie vrij bizar aanvoelt om dergelijke muziek op dit festival te horen, ben ik na de eerste verbazing toch wel redelijk geïntrigeerd in deze band. Een mooie en unieke combinatie. Chapeau.

Loeiharde bassen en drum blazen ons tegemoet vanop de mainstage. Tijd dus voor Set and Setting. En dat betekent ook tijd voor post-metal. In het kielzog van bands als Russian Circles en Pelican proberen deze heren toch een apart kantje aan deze muziek toe te voegen. De rustigere stukken voelen veel meer post-rock aan. Het daverende sludge-gedeelte blijft in de oren kleven. En keihard gaat het wanneer het (post-) metalgedeelde voorbij dendert. Een mooie mix die je meeneemt doorheen de verschillende genres en een moedige poging op hun eigen sound te creëren. Niet echt muziek die je verwacht wanneer je aan Florida denkt, maar dat is wel de plek waar ze ontstaan zijn.

Barst mag het startschot geven van het heerlijke drieluik in het bos. En dat startschot wordt met verve gegeven. Een werkelijk briljante show! Woorden schieten vaak tekort wanneer ik Barst moet omschrijven, omdat de muziek eigenlijk niet echt in woorden te bevatten is. Denk aan een combinatie van noise, sludge, drone, new-wave, electro,… Een eclatante mix, die door de heren en dame tot een perfect geheel worden gekneed. Als ze dan nog eens op een subtiele manier een irritante fan afwimpelen die de show stoort, kan er zelfs een voorzichtig applaus van af bij het publiek. Voorzichtig, om de band en de muziek zeker niet te storen. Het feit dat het bos het perfecte decor vormt voor deze band, schept de sfeer enkel nog meer. “Het leek even op Live in Pompeii van Pink Floyd voor ons” hoorde ik één van de leden ontvangen. En dat was zeer terecht.

Pray for Sound mag ons even entertainen in de hoofdtent. We krijgen loepzuivere post-rock te horen. Jammer genoeg klikt alles een beetje stereotiep en voorspelbaar. De goede prestaties van de muzikanten gaat een beetje teloor door de klassieke sound van de band.

Dan toch liever Syndrome in het bos. Hij stelt nooit teleur. Naar goede gewoonte krijgen we een ingetogen set met traag opbouwende nummers die laag voor laag worden geplamuurd door de geweldige muziekstukadoor Mathieu Vandekerckhove. Zijn zwarte mist wordt tot diep in het bos gespuwd over een voorbeeldig publiek dat volledig lijkt verzwolgen door de prachtige klanken. Tijd om even te verstillen en te bewonderen en verwonderen. Mooi vakmanschap, een echte stielman.

Mooncake slaagt erin om 52 minuten te laat te beginnen. Een communicatiestoornis met de organisatie , zo bleek achterna … Omdat er op dat moment niets anders speelde, stond er heel wat volk te wachten voor de deuren, want er mocht ook niemand de soundcheck bekijken. Daardoor was de goesting bij mij al over en wou ik niet te lang blijven staan om niet te veel te missen van de volgende band. De Russen van Mooncake lieten bij mij een arrogante en ongeïnteresseerd indruk na. Het was het wachten niet waard.

Ergste van al was dat ik daardoor een groot deel van de show van CHVE heb gemist. Want zijn muziek leent zich perfect tot de setting. Gewapend met enkel een draailier trekt Colin ten strijde om heel de wereld het zwijgen op te leggen en te laten stilstaan bij zijn prachtige stem. Jammer dat hij zijn vuur niet had meegebracht want het ging nog meer sfeer geschapen hebben. De set van het in de buurt spelende Arms and Sleepers verstoorde jammer genoeg wel de verstilde pracht van CHVE. Maar hij laat het niet aan zijn hart komen. En wij ook niet. Even één worden met de natuur, de muziek en de nacht.

Het festival wordt op glorieuze wijze afgesloten door de post-rocktoppers van deze editie God is an Astronaut. Indien je deze nog niet live hebt gezien, dan moet je al heel hard je best hebben gedaan. Grootheden in het genre die terecht de toppositie mogen claimen. En ze maken hun rol meer dan waar.

Daverend de nacht in en de rest van het jaar nog teren op deze 2 dagen. Ik kijk alweer uit naar de nieuwe editie.

Neem gerust een kijkje naar enkele pics die werden genomen
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dunk-festival-2017/

Organisatie: Dunk!festival, Zottegem

 

Pagina 257 van 498