logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

Green Day

Revolution radio

Geschreven door

De poppunkers van Green Day van Billy Joe Armstrong hebben de flop van ‘Uno/Dos/Tré’ van vier jaar terug kunnen doorspoelen . Ze staan er nu opnieuw met een ouderwets goede rockende plaat , die power  en pop met elkaar kruist.  De nummers klinken fris, vitaal , jeugdig en ontspannend. Een maatschappijkritische ondertoon durft te schuilen in het materiaal en de catchy hooks , refreinen doen het nog steeds. “Somewhere now”, “Bang bang” , “Still breathing”, “Youngblood”, “Too dumb to die” zijn de uptempo makers op de plaat .
Gewoon rocken met z’n drie , niet meer , niet minder. Af en toe wordt gas teruggenomen en krijgen we enkele dromerige , sfeervolle songs . Het innemende , akoestische “Ordinary world” sluit de cd af .
Angry young men zijn het door de jaren niet meer , het zijn hitschrijvers die erin slagen jong en oud bij elkaar te brengen.

Angström

The echoes of my mournful song

Geschreven door

Angström - The echoes of my mournful song - Geniaal knoppenwerk
Een knoppenman en een misthoorn van een stem. Het ideale en tegelijk geniale recept van Tom Moons en Gudrun Roos om de luisteraar in hun utopisch wereldje te brengen en niet meer los te laten. Men schrijft terecht dat dit duo nog potten zal breken. Deze triphop jazz pop ruikt naar Bjork, Goldfrap, Roisin Murphin, Hooverphonic enzovoorts. En toch klinken ze heel origineel.
“Inhale” opent met een heel strakke beat en de synths brengen je meteen naar hogere sferen. Tom en Gudrun gaan als het ware in duel met hun verschillende muzikale achtergronden (elektronica en jazz). Met “Obsessed” raak je al snel geobsedeerd door de zeemzoete melodieën en zanglijnen , versierd met de nodige effecten en klanktapijten. Titelsong “The echoes of my mournful song” heeft het dan eerder van een rock en popachtig gitaarrifje en barst van het hitpotentieel.
Heel de schijf borduurt verder op dit elan met als absoluut hoogtepunt het beklijvende “Pills”. Heerlijke effecten en dubbele stemmen blazen je serieus van je sokkel.
Angstrôm zien we graag spelen op Gentjazz, Pukkelpop en Cactus. Je leest het goed: veelzijdigheid troef.
Info  - www.blueearmusic.be

Pixies

Head carrier

Geschreven door

De uit Boston afkomstige Pixies lieten een kleine tien jaar terug van zich horen en stelden  hun eerste platen opnieuw voor . Het spelplezier , de belangstelling , de reünie werd zo positief ervaren dat er in 2014 een nieuwe plaat kwam ‘Indie Cindy’ .
In de originele bezetting trok men terug op tour , maar zangeres/bassiste Kim Deal zag een nieuw album niet meer zitten en ze werd vervangen door Paz Lenchantin (die we kennen van A Perfect Circle van James Maynard Keenan van Tool  en Zwan van Billy Corgan) . Een waardige opvolgster , die nog wat zoekende was tijdens de tour toen, maar nu volledig haar gang kan gaan ; op ‘Head carrier’ is de door haar gezongen ballade “All I think about now is” een veelbelovend bedankje aan Deal . Mooi .
De plaat is al bij al een charmante plaat , we hebben hier oerdegelijke broeierige , aanstekelijke , sfeervolle poprock , met een melancho trekje . Niet meer , niet minder . Het vuur van hun succesperiode 87 – 93 zit er niet meer in , ook niet in de livegigs .
“Classic masher”, “Baals’s back” , “Um chagga lagga” en de titelsong zijn ouderwetse Pixies songs , waar we van houden. Het zijn net die songs  die de gezegende heren op leeftijd nog af en toe een venijnig speldenprikje en explosie toedienen . Op die manier brengen ze nog alle leeftijden samen .
Toegegeven , tijdsgenoten Dinosaur Jr , Thurston Moore , Swans leggen ons nog steeds  het vuur aan de schenen , Pixies doen het nu op een gezapiger tempo .
Goede plaat , dat wel , Pixies staan garant om zich nog eens uit te leven ,  te genieten en oude herinneringen te koesteren.

Beach Slang

A loud bash of teenage feelings

Geschreven door

Beach slang draait rond een veertiger die z’n jeugdigheid nog niet heeft verloren en klinkt als een  jonge wolf. De uit Philadelphia afkomstige formatie rond James Alex Snyder mag dan al een hobbelig parcours achter de rug hebben in personeelsbezetting , de muziek zit goed elkaar en is situeren binnen de indiegrungepunk. Tien songs in een dertigtal minuten. Ergens waait hier de wind van ‘good oldies’ Husker Du (Bob Mould) , Wipers (Greg Sage), Replacements (Paul Westerberg ) en Built to Spil (Doug Martsch).
Hij weet die invloeden te integreren in een reeks meeslepende , uptempo nummers, met die kenmerkende gruizige ondertoon . Ze komen ook terecht in de buurt van Blood Red Shoes in die aanpak. “Art damage” , “Punks in a disco bar”, “Wasted daze of youth” en “Young hearts” zijn pareltjes die een broeierige opbouw en emo-intensiteit hebben . Af en toe zet hij er met z’n band vaart achter ; het korte , snedige “Atom bomb” geeft letterlijk een krater gevoel.
Beach Slang heeft een fascinerende, spetterende plaat uit!

True Widow

Avvolgere

Geschreven door

Al een kleine zeven jaar zijn ze bezig , het Texaanse trio True Widow, twee heren en een dame, die hun sound omschrijven als ‘stone gaze’ , waar indie , shoegaze , doom , psychedelica , stoner , metal in een wonderschone duisternis worden gedropt . Een boeiende trip creëren ze door  een lome , slepende , repetitieve , opbouwende, aanstekelijke  ritmiek en geluidslandschappen . De lagen worden op elkaar gestapeld. De vocals van Dan Philips en Nikki Estill wisselen elkaar af of vullen aan en graven zich een weg in die intens broeierige sound, die dreigend , dromerig , emotievol klinkt.
Hun slowcore pop is afgelijnder, toegankelijker dan het ouder materiaal , en in de uur durende trip , krijgen we maar liefst tien songs . “Back shedder” is een prachtige opener , die het spel van gitaar , bas , drums triggert en op elkaar afstemt . Het trio durft hier wel eens een versnelling hoger gaan  , “Sante” en “Grey erasure” zijn feller, gedrevener.
True Widow staat nog steeds garant voor een intrigerende, adembenemende trip !

Depeche Mode

Depeche Mode – Net niet goed genoeg …

Geschreven door

Ze staan geboekstaafd als één van de populairste groepen uit de elektronische muziekgeschiedenis, en dinsdagavond hadden ze een afspraak met hun fans in een al maanden uitverkocht Sportpaleis. We hebben het uiteraard over Depeche Mode, ooit nog bijna weggehoond toen ze als one hit wonder in de jaren tachtig van vorige eeuw voor de eerste maal de affiche van Torhout-Werchter sierden. De tijden zijn (gelukkig) veranderd…

Antwerpen was de Belgische halte van de ‘Global Spirit’-wereldtournee die de band momenteel onderneemt, naar aanleiding van hun veertiende studioalbum ‘Spirit’ dat in maart van dit jaar het levenslicht zag. We betwijfelen echter of iedereen in de zaal de nieuwe nummers die gespeeld werden, zoals opener “Going backwards”, het poppy dansriedeltje “So much love” of “Poison heart”, al gehoord had op voorhand. Met uitzondering wellicht van de single “Where’s the revolution”, die zeker de potentie in zich draagt om uit te groeien tot een toekomstige klassieker in het oeuvre van DM. Misschien besefte de band zelf ook wel dat de meeste bezoekers niet echt zaten te wachten op materiaal uit hun meest recente platen, en dat weerspiegelde zich dan ook in de setlist van dit optreden.

Een optreden dat ons om meerdere redenen zal bijblijven trouwens. Dat het dinsdag de 55ste verjaardag van zanger Dave Gahan was, werd door zijn mede-bandleden (special voor de weinige toeschouwers die er nog niet van op de hoogte waren) geëerd door een obligaat ‘Happy birthday’ in te zetten. Gahan zelf genoot vanzelfsprekend van de extra aandacht, en als volleerd volksmenner had hij er weinig moeite mee om de fans te doen meezingen en -dansen. Zijn gekende pirouettes waren ook weer van de partij, maar voor het overige moet ons toch van het hart dat de zanger (net als de andere bandleden trouwens) weinig communicatief was vanavond en bijvoorbeeld ook opvallend weinig gebruik maakte van de uitloopbrug voor het podium. Bij momenten bekroop ons zowaar een ‘automatische piloot’-gevoel en leek het alsof Depeche Mode hier een verplicht nummertje stond af te werken…
Van de eerste, wisselvallige helft van de show - waarin niet toevallig ook het merendeel van het recente songmateriaal geconcentreerd zat - onthouden we vooral goeie versies van “Barrel of a gun”, “A pain that I’m used to” en vooral “In your room”.
Daarna nam gitarist Martin Gore gedurende twee knappe, ingetogen songs de hoofdrol over van Dave: “Home” en vooral de akoestische versie van “A question of lust” konden ons meer dan bekoren. Iets later schakelde de groep dan weer een versnelling hoger en kregen ze (eindelijk) gans de zaal mee, met bekende nummers als “Wrong”, “Everything counts” en “Stripped”. En met publieksfavorieten “Enjoy the silence” en “Never let me down again” werkten ze naar een voorspelbare maar gesmaakte climax toe.
In het eerste bisnummer, het mooie “Somebody”, mocht Martin weerom schitteren. En na “Walking in my shoes” bewees Dave dan weer dat hij in staat is om op een respectvolle manier “Heroes” van David Bowie live te zingen zonder uit de bocht te gaan. Niet evident.

Met “I feel you” en “Personal Jesus” kwamen we vervolgens aan het eind van een goed optreden, maar… het had iets meer mogen zijn in ruil voor de ticketprijzen die tegenwoordig voor dit soort massaconcerten gangbaar zijn.
We zijn misschien verwend na al enkele keren Depeche Mode gezien te hebben in het verleden, maar van een groep die al zo lang meedraait op dit niveau mag je toch verwachten dat ze wat minder routineus, wat verrassender en wat vernieuwender uit de hoek komen. Of niet soms?

Met dank aan Darkentries www.darkentries.be
http://bit.ly/2pVNnXB  

Organisatie: Live Nation

HO99O9

United States Of Horror

Geschreven door


We hebben het al meermaals geprobeerd, maar neen, wij zijn niet into hip hop. Verwijt ons gerust dat we oogkleppen op hebben, het kan ons geen moer schelen, maar hip hop is niets voor ons. Als er één genre is waarop de uitdrukking ‘dertien in een dozijn’ van toepassing is, dan is het dit wel. Hip hop artiesten sloven zich met zijn allen uit om er zo stoer mogelijk uit te zien, zetten om de haverklap hun goorste bek op en brullen er vaak idiote teksten uit waarbij the bitches en the nigga’s met een dozijn per minuut de deur uitvliegen. Maar een keertje origineel uit de hoek komen, dat is iets te veel gevraagd.  De formule is immers al jaren dezelfde. Men zoekt (of jat) gewoon een vette beat (maar nu ook weer niet te vet want de hitparade lonkt), men verzint een hitgevoelig refreintje en een paar vunzige raps, men haalt er een aantrekkelijk kontschuddend mulatvrouwtje bij die voor de geile achtergrondvocals zorgt, en klaar is kees. Wat het hem ook altijd doet zijn special guests met klinkende namen, het maakt niet uit wat die sukkels op de plaat komen uitvreten, als hun naam maar in de credits staat. Kassa!
Wij laten ons echter niet vangen. Als de uitvoerders nu Drake, Kendrick Lamar of Kanye West heten, voor ons is het allemaal eenheidsworst met een boze blik.
Pas als de hip hop echt gevaarlijk wordt en verstrengeld geraakt met de meest urgente hardcore, dan schieten wij terug wakker. Enter Ho99099, een bende pitbulls die zowel de platen van Public Enemy en NWA als deze van Black Flag, Ministry, Bad Brains en Minor Threat in hun kast hebben staan. Hip hop is hier niet het doel, maar wel het middel om de agressie er uit te spuwen. Bij Ho9909 voel je dat dit geen pose is, maar dat die gasten echt kwaad zijn. Het is er hen niet om te doen om de spierballen, bitches en tattoo’s te showen, maar wel om het kot in de fik te steken.
Ho99o9 begeeft zich in dezelfde onfraaie achterbuurten als Show Me The Body en Death Grips, maar daar waar Death Grips meer een chaos creëert van loodzware beats en gortige raps, gaat Ho99o9 het nog wat dieper in een hardcore underground zoeken. Dingen als “Street Power”, “Sub-Zero”, “City Rejects” en “New Jersey Devil”  zijn regelrechte straight-in-your-face-hardcore splinterbommen die snakken naar uitzinnige moshpits. “Face Tatt” en “Bleed War” zijn ontspoorde industrial tracks waar hoge vlammen uit komen, Nine Inch Nails op 1000 Volt. En wanneer de heren zich echt eens vastbijten in de de hip hop, dan hangt er klaar bloed aan hun tanden. “War Is Hell”, “Moneymachine”, “Splash”, “Hydrolics” en “United States Of Horror” zijn bijzonder heavy en moordzuchtige hip hop tracks, gebouwd op loodzware beats, dreunende bassen en raps die rechtstreeks naar de ballen mikken. De meeste rappers houden het bij blaffen, Ho99o9 bijt.

‘United States of Horror’ is een gedynamiteerde kruisbestuiving van hip hop en hardcore, een staatsgevaarlijke beenharde kopstoot ! Very punk, als je ‘t ons vraagt.

Labadoux 5-6-7 mei 2017 – is Blijft een Heerlijk Festival!

Geschreven door

Labadoux 5-6-7 mei 2017 – Is en Blijft een Heerlijk Festival!
Labadoux 2017
Festivalterrein
Ingelmunster
2017-05-10
Filip Gheysen

Elk jaar opnieuw is de affiche van Lx spaarzaam voorzien van bekende namen (1 à 2 per dag). Voor het gros van de optredende groepen zijn we aangewezen op de puike website voor meer info. Naast de gebruikelijke uitleg en duiding vindt er telkens een filmpje en de links naar de Facebookpagina’s. Wie geen zin of tijd heeft om zijn huiswerk voor te bereiden kan met gerust hart in de drie tenten op ontdekkingsreis gaan. Het is intussen een traditie dat ons heel wat aangename verrassingen te wachten staan. Het ruime aanbod varieert van blues over folk naar luisterliedjes of drinkliederen om mee te brullen!
Kortom iedereen vindt er zijn gading… als je tenminste openstaat voor iets nieuws, voor iets anders.

dag 1 - vrijdag 5 mei 2017
Met plezier zakten we het eerste weekend van mei weer af naar dit kleine maar gezellige festival langs het kanaal Roeselare-Leie. Vrijdagavond werd al dikwijls bezongen als het zalige begin van een weekend. Dit werd een warme vrijdagavond vol muziek, op een gezellige Vlaamse weide, ver van alle kommer en kwel die onze wereld de jongste jaren teistert. Dezelfde drie ouwe trouwe tenten stonden klaar als drie dikke gezellige tantes die ons met open armen verwelkomen en dan met ons meeluisteren naar de muziek die uit de vier windstreken kwam aangewaaid naar de Wantebrug. Daaraan bengelde een kingsize varken dat ons herinnerde aan een elpee uit de late 70ies...

Lance Canales & The Flood
Als we op vrijdagavond opnieuw de ons zo bekende concerttent betreden is het er nog zeer kalm. Een ruige bluesstem die ons meteen aan Tom Waits doet denken, klinkt boven de hoofden van een rustig publiek. Zanger-gitarist Lance Canales doet zijn ding gesteund door een bassist en een drummer: ‘The Flood’. Uit de reader op de website van Lx vernemen we dat hij een kind is van ‘The American Dream’: opgegroeid in een arbeidersgezin waar het moeilijk is om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen tot hij de gitaar van zijn zus aanslaat, en een beter leven wenkt.  Intussen kunnen we met volle teugen genieten van de authentieke drie-akkoorden rootsmuziek. Nu eens een stomende ritmische blues uit de swamps, dan weer een trage donkere song over een verlopen leven. Dankbaar verklaart hij ons dat hij het publiek niet zomaar als vanzelfsprekend vindt. Het is zijn eerste keer in België en de blues fanaten (of zijn het jongelui die vastbesloten zijn geen minuut kostbare tijd te verliezen?) worden bedankt en meteen gepromoveerd tot zijn eerste fans. In 2013 zette hij het gedicht van Woody Guthrie ‘Plane Crash at Los Gatos: Deportee’ op muziek. Die song brengt hij ook hier op een doorleefde manier. Het verhaal over de Mexicaanse fruitplukkers die in de 40ies van de vorige eeuw omkomen in een vliegtuigcrash doet danken aan de vele ontheemden die ook in onze eeuw ongelukkig aan hun einde komen. Deze song werd dikwijls gecoverd, wat voor Canales meteen een doorbraak betekende. Door zijn moeilijk verleden werd Canales tot een muzikant met een boodschap gekneed. Een mooi begin van het weekend, al had hij later op de avond mogen starten. Maar iemand moet de kop eraf bijten, nietwaar...

Finvarra
Intussen wordt het de hoogste tijd om de opener in de pubtent te zien. Finvarra bestaat uit vijf Nederlanders, elk met een eigen muzikale achtergrond. Na de blues uit de grote tent worden we ondergedompeld in Europese folk, zowel uit het noorden als het zuiden. We horen een eigen nummer van de zangers, geschreven in het Deens. Het klinkt heel authentiek en even komt Värtinäa ons te binnen schieten, maar dat waren Finse meisjes. Ook het instrument dat de zangeres hanteert lijkt wel een museumstuk: met de linkerhand trekt ze de blaasbalg van een orgeltje dicht terwijl ze met de rechterhand het klavier bespeelt. Even later dartelen de eerste dansers al door de tent op de tonen van een gypsytune uit de Balkan. We citeren opnieuw de website van Lx: Finvarra brengt Keltische verhalen en dompelt ze onder in een heerlijk oriëntaals sausje. In ieder geval een lekker hapje om het festival in de pubtent te openen!

Daithi Rua
Het is een LuXeprobleem dat je op dit festival kan/moet kiezen uit drie verschillende tenten. Terwijl Finvarra nog het beste van zichzelf geeft, trekken we al onder de Wantebrug door naar de clubtent. Daar zet een Gentse Ier de avond in vuur en vlam. Het is altijd weer hartverwarmend te zien hoe één man (of vrouw) slechts gewapend met een akoestische gitaar een hele tent in vervoering kan brengen. Akkoord, de clubtent is niet veel meer dan 50 m² groot maar ons fototoestel kan er maar nét bij als Daithi Rua zijn Ierse tongval door de boxen laat schallen. Een grote schare trouwe fans is de eerste stoelen komen bezetten om te luisteren naar deze adopted son of Flanders (zoals hij zichzelf noemt). In een bevallig mengsel van Nederlands en Engels zingt hij “a song about a meisje…” dat hij in Geraardsbergen in de regen ontmoette. “Iedereen die ik ken in België is hier aanwezig” grapt hij, maar Eva De Roovere en de leden van Kadril (om maar enkele artiesten te noemen waarmee hij al samen speelde en componeerde) zijn toch nergens te bekennen...
Hij rijgt de ene parel na de ander op zijn zes snaren. Of het nu gaat over een soldaat uit de eerste wereldoorlog die opstaat uit zijn graf of een meezinger begeleid door ritmisch handgeklap, hij bespeelt alle emoties uit een mensenleven. Verrassend is bv. “een liedje voor Doel” waarin hij van leer trekt tegen de grenzeloze landhonger van onze grootste haven: “The Schelde will flow backwards before we leave”. Later die avond ontmoeten we hem backstage. Hij is de sympathie zelve. Als we hem vragen of de vergelijking met Luka Bloom ergens op slaat, blijkt dit helemaal niet zo gek te zijn. Ze komen uit dezelfde streek en ze speelden ook al diverse keren samen. Dathi Rua is Luka Bloom maar dan zonder haar! We kijken al uit naar een volgend optreden van deze bard!

Daan
Dan wordt het tijd voor de eerste headliner van de avond. In de concerttent zijn de stoelen verwijderd: Er wordt veel volk verwacht en de tent krijgt dan ook zijn volle capaciteit te slikken voor het muzikale project van singer- songwriter Daniël Stuyven. De vraag is nog of we elektronische dansmuziek krijgen of een sobere gitaar met piano? Het wordt een mengsel van beide. Op Canvas zagen we al de docu waarin Daan en fotograaf Peter De Bruyne negen dagen door Spanje trokken. Weg van de bewoonde wereld gingen ze op zoek naar het niets. In november volgde het album met de toepasselijke titel ‘Nada’ (ook een anagram van …?). De reis heeft een diepe indruk nagelaten op de artiest. Nadat hij als een echt podiumbeest het publiek eerst in zijn leren jekker doorheen enkele stevige gitaarriffs sleurde, zet hij even later de zonnebril af en vertelt over een Spaans dorpje dat in de tijd van het regime van Franco met de grond gelijk gemaakt werd. Het Spaanse landschap was een inspiratiebron van formaat en werd als opnamestudio gebruikt wat -gelukkig voor ons- resulteerde in enkele machtige songs. De vrouwelijke backingvocals komen van achter het drumstel. daar zit niemand minder dan de bevallige Isolde Lasoen. Met “Icon” en “Exes” neemt deze Vlaamse singer-songwriter afscheid. Maar de avond is nog jong voor de festivalgangers!

Nele needs a holiday
Opnieuw wordt het tijd om de clubtent op te zoeken. Op het podium staan zeven -op het eerste zicht brave- meisjes. Ondeugend is echter het minste wat we kunnen zeggen! Met “Mijne soutien zakt af...” oogst de zangeres Nele Van den Broeck succes in de zaal van de niet-meer-zo-nuchtere-festivalganger en unisono afkeuring van haar groepsleden: “Meer Nele toch!”. Ze heeft echter een stem als een klok en charisma om de Wantebrug te overspannen. In een soort Engels dat ons herinnert aan Gruppo Sportivo en met veel Shalala in het koortje, dat dan weer aan de Ronettes doet denken, bezingt ze de tragedies van het dagelijks leven zoals verliefd zijn op iemand die al een lief heeft:  “Er is liefde genoeg in de wereld voor iedereen, alleen de distributie is een probleem.” Op het eerste zicht lijkt het een zotte boel en een bont allegaartje maar er wordt gemusiceerd op hoog niveau, de timing in de bindteksten van Nele is perfect en de clubtent geniet met volle teugen van deze fijne mix van humor mat knappe songs. Het imago van een bimbo is echter maar schijn want studies drama in Gent, Duits en Spaans in Brussel en muziekproductie in Londen maken van haar een wereldburger en ze treden dan ook op in heel Europa! Nele vertrouwt ons toe: “Er zijn hier heel wat jongens die mij willen binnen doen… en dat snap ik”. Tegelijk krijgen dezelfde jongens de goede raad op hun tellen te passen want de moderne technologie heeft voor haar geen problemen: “I Love You But I Google Other People!” We hebben ons rot geamuseerd en het mocht gerust een avondvullende show geweest zijn!

Les Barbeaux
Voor we afsluiten in de grote tent met de Levellers gaan we nog even de sfeer opsnuiven van zomerse, Franse markten. In de pubtent zorgt deze vrolijke bende voor de muzikale ambiance.
Na 10 jaar rondzwerven brengt Les Barbeaux in maart zijn zesde cd uit en Lx krijgt de Belgische première! Net op het moment dat we voor het podium staan, mogen we getuige zijn van een paringsdans tussen de viool en de accordeon. Het publiek is al goed gelanceerd en deint mee op de zuiderse cocktail van folk en ska, gemengd met een rocky rum en overgoten met een zonnig mediterraan likeur, afgewerkt met een vrolijke noten à la Negresses Vertes. Was het maar al echt zomer én vakantie…

Levellers
Lx is er zelf trots op: The Levellers en Ingelmunster, dat matcht! Net zoals enkele jaren geleden zorgen ze opnieuw voor een laaiend muzikaal vuurwerk. De enthousiaste band uit Brighton vierde vorig jaar nog het 25-jarig jubileum van hun tweede album ‘Levelling the Land’ en brachten dit album opnieuw uit. Meteen de start van hun nieuwe Europese tournee. Is het folk of is het punk? Een vraag die de die-hard fans zich in geen geval stellen. Met “Liberty Song” steken ze meteen het vuur aan de lont die recht naar de voornoemde fans vooraan in de zaal loopt. Daar ontploft meteen de bom en het duurde niet lang voor één van de heethoofden over de reling gekieperd wordt en door de security langszij wordt afgevoerd. Bassist Jeremy Cunningham met zijn lange dreadlocks en violist Jon Sevink spelen een spelletje “overlopen” aan beide uiteinden van het podium. Een gegeven dat de fotografen alleen maar kunnen toejuichen! Intussen bladeren zangers Mark Chadwick en Simon Friend door het uitgebreide repertoire. Voor de echte fans de ene hit na de andere, maar zelfs voor het gelegenheidspubliek zaten er gekende nummers tussen zoals “One Way”. Charlie Heather op drums en Matt Savage op keyboards begeleidden op hun beurt met verve het beklijvende “Another Man’s Cause”. Nog een een anti-oorlogssong die op deze vrijdagavond voor kippenvel zorgde. Na de WO1 van Daithi Rua zijn het nu de Falklands, nog altijd een trauma voor de Britten. Zelfs de koppigste haedbangers werden hier toch evens stil van.

dag 2 - zaterdag 6 mei 2017
“What a beautiful day” is deze zaterdag! In een aangenaam lentezonnetje wordt de weide tussen de tenten omgetoverd in een ‘peloeze/terras’ zoals ook op de programmablaadjes staat. Het is genieten voor zowel gezinnen met jonge kinderen of verliefde paartjes (met kinderen in gedachten) als voor oma’s en opa’s. Schotse doedelzakken gevuld met Vlaamse adem schetteren over het terrein. FIELD MARSHAL HAIG’S OWN PIPES & DRUMS, een doedelzakband die ontstond november 2013 als gevolg van het vijfde Passchendaele Remembrance Concert treedt op als herdenkingsband.
Wat later zien we een vreemd duo zitten dat zich ‘Trio Trottoir’ noemt. Twee accordeons met een schoolbordje erbij dat meldt: “3. da zie je gie! Speel met ons mee!” Regelmatig kiest een festivalganger één van de instrumenten die op het gras rond gezaaid liggen en even kan je zelf de ster van de dag zijn!
Het wordt een jaarlijkse traditie dat we wegens familiale verplichtingen een stuk van het programma moeten missen. Bij voorbaat onze verontschuldigingen voor het gaatje dat we weer moeten laten vallen!

Emian
Vandaag staan de zijflappen van de grote tent al wijd open om frisse lucht binnen te laten. Dansers op blote voeten werken zich al in het zweet. Op het podium staat Emian, een groep die ontstond in de winter van 2011 in Italië om een uitweg te zoeken uit ons hedendaagse, haastige leven. Met Keltische verhalen en Noord- Europese of Mediterrane volksmelodieën willen ze de luisteraar terug doen "thuis komen". Een harp op het podium schept altijd een speciale sfeer. Elk jaar zien we dit machtige instrument wel bij één of ander groep op de podia van Lx! Daarnaast is een fluitist op één been een bekend fenomeen voor liefhebbers van het genre. We hoeven geen illuster voorbeeld te geven! Het sympathieke viertal speelt leuke Pagan Folk (zoals ze dit zelf noemen). De dag is goed ingezet en het drukke programma roept ons alweer naar de clubtent!

Me In The Clouds
Daar zit een meisje met een piano. Een bekend concept dat de jongste decennia enkele heel grote namen opleverde. Hanne Nuyttens uit buurgemeente Hulste zingt over de kleine en de grote dingen uit het leven: " I write silly songs and then sing them as if they are serious." zegt ze zelf. De krachtige stem van deze “sweet girl” doet ons direct denken aan Alanis Morisette. Ze brengt haar Engelstalige teksten, die niet altijd even “sweet” zijn, met veel overtuigingskracht: “If you break my heart, I might break all your bones…”. Na een tweetal nummers springen enkele jonge gasten op het podium dat ze meteen weer moeten verlaten. “Sorry jongens, nog ééntje...” verzoekt de jonge singer-songwriter hen. Nog even laten de gitarist, bassist en drummer haar solo aan het werk, maar dan leveren ze stevig werk af. Nu eens rockend , dan weer op een reggae ritme begeleiden ze de zangeres die eigen nummers over de liefde zingt “maar allemaal negatief” zo zegt ze zelf. En het kan ons echt bekoren als ze in de voetsporen treedt van Hannelore Bedert met een nummer in haar eigen West-Vlaamse taal: “Trek junne plan”. Wat ons betreft hoeft dat Engels niet zo nodig, maar we zijn wij om te oordelen! We zijn zeker dat Hanne in de wolken haar plan zal trekken!

Aidreann
Deze jonge groep ontstond in 2011 met Debbie Lambregts op op Vlaamse doedelzak, viool en gitaar en Lode Buscan op draailier. Meteen kennen we de klankkleur van deze groep die garant staat voor stomende balfolk. Alleen waren de dansers zo vroeg op de middag blijkbaar nog niet wakker. Een jig van Hilke Bauweraerts op diatonische accordeon wordt op handgeklap onthaald. In een nummer over “Dolly de muis” hoorde je deze pizzicato trippelen over de snaren van Anneleen Brabants op altviool. Het was genieten van de opgewekte sfeer in de pubtent. De vijf doorgewinterde muzikanten brachten een afgewerkt geheel op de basgrooves van Koen Poppe op basgitaar. Misschien hadden ze wat meer danspubliek gewenst. Een volgende keer beter, misschien wat later op de dag?

Reymer
Rond 16u wordt het tijd voor dit artistieke project van creatieve duizendpoot Tine Reymer. We kennen haar reeds uit het Vlaamse film- en tv-landschap en als zangeres bij verschillende groepen. Nu wordt ze omringd door topmuzikanten zoals Tom Pintens. Zijn gitaarspel wordt overal gewaardeerd, ook bij het Zesde Metaal. Achter haar klavier brengt Reymer songs over kwetsbaarheid, over de liefde, over verlies,...Voor de tweede keer dit weekend (na Nele Holiday) krijgen we de vraag voorgeschoteld waarom we getrouwd zijn met uitgerekend dié mens naast ons. Haar zangstijl hoort echt thuis in de sfeer van armericana: met glijdende toonladders op één klank en een stem die soms “breekt” zingt ze nummers met een breed scala aan gevoelens. Ze gunde ons ook een kijkje in haar garderobe met meer dan twintig paar schoenen: “Wat moet je daarmee doen als je in je graf ligt?” vraagt ze zich af. Een persoonlijke bekentenis om het nummer “These Boots” aan te kondigen. Ze kon ons zeker bekoren met haar persoonlijke versie van “Nebraska” van Bruce Springsteen die ze zelf begeleidde op een citer. Misschien nog geen “klinkende” naam in het Vlaamse muzieklandschap, maar op dit festival zeker een voltreffer van eigen bodem!

Andrew Mill & four-fingered fre
Het duo Andrew Mill & Four Fingered Fre is ‘geboren’ op de Gentse Feesten . Andrew speelt op zijn gitaar een heel gamma dansmelodieën uit zijn thuisland Schotland.. Met de heerlijke riedels van Fre Vandaele op tin whistle of doedelzak, maakt dit duo het mooie weer in Schotland en omstreken! Ze kletsen tussen de nummers door in het Engels tot Fre zich in het Vlaams tot het publiek richt. Deze taalmix vind je ook terug in hun muzikale eigen werk en knappe songs met titels als “Lieve’s Jig” of “Nele’s reel”. Andrew Mill kondigt het nummer “Albatross” aan als “atheistic gospelsong”. Dan bezingt hij het Schotse landschap met zijn warme bariton: “I have no home, just grey sky…”. Wanneer Fre de tin whistle inruilt voor de doedelzak, waarschuwt de Schot ons om voor onze trommelvliezen te zorgen. Aan de ingang kan iedereen een soort gummi oordopjes krijgen. “ If you have those yellow things to put in your ears, now’s the time.” Alweer was de clubtent een micro-universum geworden waarin een kleine groep melomanen meegevoerd werd op de golven van humor en muziek. Beluister eens het verhaal van de duif en de grasmaaier: een liaison die al net zo vreemd in de oren klinkt als een Edinburgher en een Gentenaar die samen musiceren. Gelukkig loopt het voor de muzikanten beter af!

Wim Claeys en zijn schuune bende
Aan de naam alleen al hoor je het: Wim Claeys is een Gentenaar. Hij begon zijn rijk gevulde muzikale carrière als trekzakspeler van Ambrozijn, Olla Vogala en als dé entertainer bij uitstek. In de pubtent heeft hij het publiek meteen op zijn hand. Als je Gent een beetje uitspeelt tegenover de West-Vlamingen, krijg je de lachers wel op je hand. Met een blazerssectie die klinkt als een halve fanfare en een gitarist die de kans krijgt zijn solo te plaatsen swingt de hele tent als een t*t. De geest van Walter De Buck is nooit ver weg. Claeys eert de vader van de Gentse Feesten en brengt nu en dan een nummer van hem. Blijkbaar was hij het ook die Claeys aanraadde: "Gij zou wa meer moeten zingen, gij". Dat liet Wim zich geen twee keer zeggen. Hij gaat grasduinen in oude volksliedjes. De ‘Schuune Bende’ is bv. een verwijzing naar de soldaten die de eerste wereldoorlog mee maakten. Maar ook een hedendaags probleem zoals een snelweg die door een woonwijk wordt getrokken levert een moderne protestsong op met de strijkstok te paard op de snaren . Wim Claeys is niet voor één gat te vangen. Dit volkse optreden smaakt naar meer. Misschien nog eens een herneming van zijn theatervoorstelling “IJzer”?

Tommy & the Wildflowers
Na een verplichte pauze komen we terug aan de Wantebrug als Tommy and the Wildflowers de pubtent op zijn kop aan het zetten is. Terwijl we nog langs het kabbelende water van het kanaal stappen herkennen we al van ver “Make It Wit Chu”. Toch nog even snel kijken of Queens Of The Stone Age hier niet geprogrammeerd waren? Maar het is gewoon Bruggeling Tommy Vlaeminck. die met zijn Wildflowers een fantastische West-Vlaamse versie van dit nummer door het tentzeil heen blaast! Een naam om te onthouden voor een ‘volgende keer beter’, als we over meer tijd beschikken!

Axelle Red

Op zaterdag krijgen we Axelle Red als tweede binnenlandse klasbak in de concerttent. Ze begint haar tournee met haar nieuwste plaat ‘Acoustic’ in Labadoux. Heel wat fans hebben deze kans niet gemist. Er is bijna geen doorkomen aan om een glimp op te vangen van het podium! Meteen heeft de rasartieste het publiek in haar ban. Ze geeft zich voor de volle 100% en speelt alsof het haar laatste optreden is. In ruil krijgt ze er een dankbaar publiek voor terug dat luistert, meezingt of -klapt. Na de opener “Si tu savais” vertelt ze over haar West-Vlaamse roots (met een Ieperse grootmoeder). Alsof dat een must is, belooft ze beter West-Vlaams te leren… Dan slaagt ze erin om een mannen- en vrouwenkoor uit de zaal te destilleren om met een “Oooh yeah” te antwoorden op de vraag “Qu’est-ce qu’on peut faire” in het funky “Le monde tourne mal”. Ze wordt geruggesteund door een band topmuzikanten met o.a. niemand minder dan Wigbert van Lierde op gitaar! Samen spelen zij een jazzy versie van “Je t’attends”. De gitarist en de zangeres zijn samen meer twee muzikanten! Als ambassadeur van Unicef en voorvechter in Afrika heeft ze al één en ander gezien in het zwarte continent. Het nummer “Présidente” gaat over de armsten die toch nog altijd een lichtpuntje in het duister zien. Zelfs de kletskousen achter in de tent doen er even het zwijgen toe. Ze blikt ook terug naar 1995 toen ze voor het eerst in Nashville was voor “A tâtons”. “We zijn nog niets veranderd” stelt ze de fans van het eerste uur gerust… Op het einde van het optreden geeft ze ons ook een idee van haar eigen grote voorbeelden: Carole King inspireerde haar met “You’ve got a friend” om zelf “Sister” te schrijven. Eerlijk gezegd: we kwamen tot het inzicht dat we een memorabel optreden hadden gezien waarvoor we zelf -domweg- de verplaatsing niet hadden gemaakt. Gelukkig was ons deze vergissing bespaard!

The Black Tartan Clan
Voor we aan het sluitstuk van de zaterdagavond beginnen, gaan we nog even bekijken hoe The Black Tartan Clan in de pubtent de pan uitswingt. We zien een Belgische band, vermomd als Schotten met blote torso’s (en tartan rokken!) die heavy metal gitaren combineren met doedelzakken die niet moeten onderdoen voor het elektronische volume! Dit is nu Keltische Indiefolk! Voor de headbangers voor het podium is het allemaal eender: als het maar ritme er maar is en als je maar stevig kan headbangen! Voor de clan op het podium is het ook genieten want als de zanger merkt dat de tent er niet genoeg van krijgt, zegt hij in een soort Aalsts: “Zoelang as zaai dànsen, doen waai oek voojs!”

Big One 'The European Pink Floyd Show'
We hadden tijdens de week al het varken gemerkt dat opgehangen was aan de bogen van de Wantebrug. En vrijdag, bij het eerste optreden in de concerttent, viel ons al het cirkelvormige projectiedoek op. Zoiets hadden we al gezien op de grote markt van Tienen toen David Gilmour op 27 juli 2016 toen die een soort ‘voorprogramma’ van Suikerrock speelde. Al was dat scherm wel ietsje groter dan dat op Lx. Maar zoals Big One werd aangekondigd: we mochten niet op zoek gaan “naar de vijf verschillen”, maar gewoon genieten van de prachtige songs van een legendarische groep. Dat dit een buitenbeentje is voor de affiche van 2017 is het minste wat kan gezegd worden. De verwachtingen zijn hooggespannen en een geladen stilte hangt in de grote tent als op het donkere podium al de eerste tonen weerklinken van “Shine On You Crazy Diamond”. Een nummer dat een eerbetoon was aan Syd Barett, groepslid van het eerste uur. Hij kwam niet in club 27 terecht maar deemsterde stilletjes weg door drugsmisbruik... Meteen brengt de bezwerende muziek van Claudio Pigarelli en Stefano Righetti op keyboards de zaal in vervoering. Dit klinkt toch wel heel erg als het origineel!
Op het cirkelscherm verschijnen zelfs de psychedelische beelden die we al zagen bij Gilmour. Het is ons een raadsel hoe ze dit als tributegroep ook voor elkaar kregen. Maar dat speelt dan ook geen enkele rol: het geheel staat er en het wérkt! Zonder pauze of inleiding volgt het tweede nummer. Het klinkt ons direct vertrouwd in de oren als iets uit de oertijd van Pink Floyd maar de titel ontgaat ons even. Achteraf merken we thuis vinylsgewijs: het was “Astronomy Dominé”, één van de vele Syd Barett composities op hun eerste plaat. Niet alleen de gitaren klinken als het origineel maar ook de stemmen van Leonardo de Muzio (Lead Guitar) en Luigi Tabarini (bas) zijn levensecht. Dan wordt toch even in een Zuid-Europees Engels “Division Bell” aangekondigd. Daarna volgt “Sheep” uit Animals. Zo kunnen we naar hartelust switchen tussen de ‘antieke’ en de ‘modernere’ Floyd.
En dan gebeurt wat misschien onvermijdelijk was: we krijgen vlak na elkaar een reeks nummers die als trage, brede en vooral lànge rivieren voortkabbelen. Later hoorden we dat de mensen met het minste geduld de tent toen al verlieten. Zelf houden we vol maar toch kriebelt het verlangen naar ander en bekender werk. Maar wij hebben het niet voor het zeggen en de band is geen jukebox! Dan volgt toch “Another Brick in The Wall” en zien we de klauwhamers voorbij marcheren op het scherm. Als de basgitarist “One of these days” inzet, gaat het haar op onze armen weer even rechtstaan. Met “Breathe” en “On The Run” maakt de groep een mooie keuze uit ‘Dark Side Of The Moon’.
Intussen zijn ze anderhalf uur bezig en menig festivalganger heeft al anderhalve dag op de teller. Voor ons is het mooi geweest. Stilletjes verlaten we de tent en helemaal alleen in het donker langs het kanaal is het toch nog genieten van “Time” terwijl we onder de sterrenhemel huiswaarts te keren.

dag 3 - zondag 8 mei 2017
Gisteren begon de zomer, vandaag is die alweer voorbij. ‘t Scheelt een veste, is nu wel letterlijk op te vatten! Vandaag kijken we uit naar de Vlamingen van de dag: Ertebrekers natuurlijk maar ook Berlaen die we al goed kennen van Radio 1. Traditioneel kan iedereen op zondag voor een prikje naar Lx komen. Elk jaar komen er dan ook veel last minutes binnen. Waarschijnlijk zal het koude weer dit maal wel roet in het eten gooien. In ieder geval is de zomerse terrasjessfeer van gisteren ver te zoeken! De tentflappen zijn weer dicht geritst en de verwarmingstoestellen draaien op volle toeren!

Folgazan
We beginnen onze zondag in de concerttent al om 13u met een thuismatch want Folgazan heeft Ingelmunsterse roots. Twee zangeressen wisselen elkaar in heerlijke songs en vullen elkaar perfect aan, voortgestuwd door een rist prima muzikanten. Met Yves Bondue oogstten ze succes met hun programma rond Wereldoorlog I. Nu mogen we genieten van hun nieuwe cd met Nederlandstalige liedjes. Thema’s zijn bv. verslaving en depressie; in de titelsong “Zee zonder zout” wordt de hoop bezongen ”zijn kus smaakt zout”. Ook relaties worden uitgeplozen, blijkbaar herkennen een aantal mensen in het publiek zich in de vraag “Is het nu aan of niet?” Dan vernemen we dat de groep niet compleet is; de violiste heeft zich ziek gemeld. Dat hadden we nog niet gemerkt want de muzikanten zijn perfect op elkaar ingespeeld! Opnieuw blijkt Lx over het perfecte publiek te beschikken om mee te zingen. Achteraf staan dankbare fans klaar met gelukwensen en met de nodige euro’s om de cd aan te schaffen.

Slow Lee
Het kleine podium van de clubtent staat weer eivol met de 7-koppige Brugse band rond singer songwriter Korneel Muylle. Zijn unieke stem doet ons soms denken aan Bon Iver. Hij schrijft knappe songs zoals “Make it” over werkloosheid, ondersteund door het klanktapijt van organist en gitarist. De uitstekende band speelt een afwisselende set met evenwichtig uitgebouwde nummers. Zo blijven de backing vocals niet achteraan staan maar gaan ook in duet met de zanger. Op West-Vlaamse bodem blijft het talent als paddenstoelen uit de grond schieten!

Anxo Lorenzo
Een virtuoos op alles waarmee je kan fluiten, dat is Anxo Lorenzo. De opener van hun set in de concerttent is meteen een snelheidswedstrijd tussen doedelzak en de snaren! Buiten adem kondigt hij vervolgens een nummer uit Galicië aan: ze nemen wat gas terug en spelen een typische jig+reel combinatie die we kennen uit de Keltische traditie van het noorden. Hieruit blijkt nogmaals de culturele verbondenheid tussen het noorden van Europa en Noord-Spanje. Dan verwelkomt Anxo een Brusselse doedelzakspeler uit die aldaar in het Centre Galicien de Bruxelles het instrument leerde bespelen. Ook de elektronica heeft voor de groep geen geheimen. De violist neemt pizzicato motiefjes op die in een loop worden afgespeeld tot hij een heel klanktapijt heeft geweven. Daarop borduurt hij zijn eigen compositie.

En terwijl de Spanjaarden als afsluiter voor de dansers in de tent nog enkele polka’s spelen, maakt de CONFRÉRIE DES MUCHARDS DE ST-DRUON zich buiten op de pelouze klaar om hun Vlaamse en Henegouwse ‘muzelzakken’ ook leven in te blazen. Het oude muziekinstrument is nog altijd springlevend!

Little Kim & The Alley Apple 3
In de pubtent mogen we alweer een pareltje gaan ontdekken. Met een stem als een helder klaterend bergbeekje dompelt Little Kim ons onder in een mix van Americana, Country blues en Western Swing.  Anne De Meulemeester heeft een groot stembereik maar worstelt net zoals wel meer zangeressen met een stem die ‘s ochtends niet mee wil. (Ze dankt het medicijn Medrol voor de bewezen diensten.) Opnieuw zien en horen we hoe ‘oude muziek’ eeuwig jong kan blijven: de jazzklank van Gibson gitaar herinnert aan Les Paul. We vernemen dat ze inderdaad vintage instrumenten bespelen:  de contrabas 1800 roept ook een 40ies - 50ies sfeer op. Bezoek hun website en je wordt ondergedompeld in een nostalgische sfeer. Dat ze niet aan proefstuk toe zijn is duidelijk te horen! Ze hebben dan ook al heel wat optredens achter de rug, waaronder een tournee met niemand minder dan Guido Belcanto. Nog een groep op onze wenslijst van avondvullende optredens!

Pocahontas
Over deze editie van Lx hangt de schaduw van heel wat grootheden die er nooit zullen optreden. Na Pink Floyd in de concerttent is het de beurt aan niemand minder dan Neil Young die in de clubtent  een muzikale ode krijgt van Pocahontas. Deze Antwerpenaars klinken als echte Canadezen en hadden hun eerste optreden in 2013. De naam van de groep verwijst niet naar het nummer over de bekende Indiaanse maar naar de tourbus waarmee Young slechts korte tijd kon touren. In geen tijd weten ze een gezellige sfeer te scheppen. De nummers van Neil Young worden ingeleid en geduid als in een docu op Canvas terwijl nu en dan één van de groepsleden wordt voorgesteld met de nodige inside jokes. “We zeggen Bill tegen Fred omdat hij op Buffalo Bill gelijkt”. Blijkt dan dat gitarist Bill het jongste bandlid is en dat hij eventjes mandoline en banjo leerde spelen in enkele weken tijd. Als we in de buurt van de tent komen, herkennen meteen “Ohio”. Veel coverbands hebben meer kans op falen dan op slagen, vooral als je een reus als Neil Young wil eren! Deze uitzondering bevestigt de regel. De unieke zang van Dok (Mark Arts) en Ellen Aerts brengt het beste oeuvre van de Canadees die vanop een foto aan de zijkant van het podium goedkeurend toekijkt: integer en teder. Ook hier zochten we niet naar “de 5 verschillen”, maar lieten we ons meeslepen met de muziek van de  “Old Man” die we in ons “Heart of Gold” dragen.

April Verch Band
In de concerttent zagen we de Canadese April Verch. Ik vermoed dat ouwe Neil, die aan de andere kant van de brug door Pocahontas geëerd werd, hier ook wel pap van zou lusten. We leken terug in een 19de eeuws houthakkerskamp terecht gekomen en werden vergast op Noord- Amerikaanse rootsmuziek. Verch combineert moeiteloos vioolwerk met stepdance en zang. Wie dit eens wil proeven kan op hun website terecht!  Ze kreeg het tapdansen en het viool spelen met de paplepel binnen. Heel vroeg besliste ze al om haar hele leven met muziek door te gaan. Geflankeerd door een “upright bass” en een gitaar huppelt ze door haar homeland, de vallei van Ottawa, en door het American Songbook van de Rocky Mountains tot aan de Appalachen. Deze grote naam in het noorden van Noord-Amerika met heel wat titels op haar palmares tourt ook door heel Europa. Ze houdt de band met haar verleden levendig en weet die ook over te brengen naar Vlaanderen al is dat verleden voor de meesten hier ver van hun bed.

Berlaen
Berlaen, de net-niet-West-Vlaming uit Zulte is voor de radio 1 luisteraars zeker geen onbekende. Hij brengt nummers in het sappige dialect dat tegen het Waregems aanleunt. Met zelfrelativerende oneliners confronteert hij de pubtent: “Wie peist er dat ie speciaal is?” waarop hij “Speciaal” zingt: “Oje peist daje speciaal zijt, teure ton bie de reste in de reke stoan!”. De drank is dan al enkele uren rijkelijk aan het vloeien en de volgende vraag wordt door velen volmondig bevestigd: “Zijn der hier echte venten die telkens beloven aan ulder vrouwe: ‘t ga niet te late zijn...”. waarop ze lik op stuk kregen: “Dit is dus een liedje voor hun vrouw…” Hij kent de streek ook goed “Ier in de midden” situeert hij halfweg tussen Roeselare en Wielsbeke. “Langs het kanaal in Ingelmunster of de Leie in Zulte vind je de man die zijn gevoelens niet kan uiten, zoals de neger aan de Mississippi: “Z'hé mij zoeu g'had...” Ook deze keer mag het publiek meedoen: “Meezingen the next level: klappen en fluiten!” De sfeer zit er ongelooflijk goed in en dan komt Hanneke Oosterlynck (Folgazan) een nummer meezingen. Na een lesje Zults “Ik ben nie schui van ui” komt ze nog een tweede keer. Waar het naartoe gaat met de carrière van deze nieuwe ster aan het Vlaamse firmament kunnen we zelf niet voorspellen: Oe ver est nog? Zoe’me nie beter were noar uis goan? Nee, Berlaen! Zeker nie were noar uis… blijven gaan!

Ertebrekers
Traditioneel sluit Lx af met een kaskraker van eigen bodem. Na illustere voorgangers als De Mens, Urbanus of Flip Kowlier (!) in de voorbije edities is de eer nu aan Ertebrekers! Flip Kowlier, Peter Lesage en rapper Jeffrey Bearelle uit Ingelmunster (alias Jeffrey Jefferson) spelen een heuse thuismatch en dat zorgt ongetwijfeld voor vonken!
Terwijl de spots nog uit zijn en het podium leeg, weerklinkt de zwoele stem van Maaike Cafmeyer in de zaal. Nee, ze is er niet in hoogsteigen persoon (dat was vorig jaar met Bevergem Live) maar we horen het stuk parlando uit “De zji”, hun eerste hit van vorige zomer. Het nummer zelf horen we later op de avond maar dan zonder Maaike. Goed gevonden, want zo’n studioplaat live nabootsen lukt toch niet echt en nu is het een mooie gimmick om mee te starten.
Flip Kowlier en Peter Lesage (Gabriel Rios) hebben reeds hun sporen verdiend in de Vlaamse muziekscène. Jeffrey Bearelle ‘rapte' in het Engels maar samen schrijven ze enkele nummers in het West- Vlaams en meteen veroveren ze de ether en de Vlaamse podia! Met volle goeste swingt en zingt de hele concerttent mee. Kowlier en Jeffrey bespelen de massa in hun eigen streektaal en het is duidelijk dat er op deze zondag geen misboekjes moeten uitgedeeld worden in de tent: het volk kent zijn teksten en het trio moet geen moeite doen om een koor samen te stellen. Ze schetsen de zomersfeer met “Frisco!’ en “Schatje ga je mijne rugge nog ne keer smouten?” en iedereen zit aan “De zji”. Nog een laatste meezingmoment van dit weekend met “Eva Mendes” en het zit er weer op voor dit jaar.

Labadoux is er weer in geslaagd om een programma samen te stellen waar elkéén zijn gading in vindt. We hebben weer enkele onbekende pareltjes ontdekt en kijken al uit naar volgend jaar!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/labadoux-2017/

Organisatie: Labadoux, Ingelmunster

The Cranberries

The Cranberries – evenwichtige set in strijkerspak!

Geschreven door

Jeugdliefdes zijn er om te koesteren . The Cranberries is er zo eentje van die midden de jaren 90 hun succesvolste periode hadden met een rits grootse hits die in het geheugen gegrift staan  als “Linger”, “Zombie” , “Ode to my family” en “Salvation”. Ze zij niet godvergeten na al die jaren , integendeel een uitverkocht KC liet zich anderhalf uur lang onderdompelen in die onschuldige, gevoelige droompop. Vanavond stond het vrouwelijk leeuwendeel van het publiek in de spotlights ; zij konden hun (muzikale) herinneringen van twintig jaar delen in een evenwichtige set van het Ierse ensemble . Jawel , The Cranberries hebben de smaak opnieuw te pakken …

De band rond de broers Hogan (Michael en songschrijver Noel) , drummer Fergal Lawler en de frêle zangeres Dolores O’Riodan vonden elkaar terug , na bijna tien jaar ; in 2010 . Het drieluik ‘Everybody else is doing it’ , ‘No need to argue’ en ‘To the faithful departed’ drukten hun stempel op de lichting emotievolle droompop , gaven female bands een boost en deden de meisjesharten sneller slaan.
Na de positieve response op de reünie volgde een matige nieuwe plaat, ‘Roses’ (2012). En kijk een goede vijf jaar later wordt de muzikale microbe opnieuw gevoed, met een akoestisch album , ‘Something else’,  het gekende singlemateriaal is in een sobere omlijsting, met strijkers; als toemaatje horen we een drietal nieuwe songs, waaronder het beloftevolle ingetogen “Why” , die in de bis werd gespeeld.
Niet wereldvreemd wat ze nu doen met hun materiaal, de goed in het gehoor liggende droompopsongs hebben altijd een orkestrale inslag gehad.
Vanavond kregen we ze in deze versie te horen , wat meer aangedikt door (semi) akoestische, elektrische gitaren, keys en een strijkerskwartet, deels uit ons eigen landje, en bepaald door die kenmerkende fragiele, hoge en gevoelige vocals van O’Riordan . Na al die jaren is haar stem nu toonvaster en geeft ze de songs een hogere emo waarde . De gelatenheid die ze vroeger uitstraalde , heeft plaats gemaakt voor openheid ,  amicaliteit en hartelijkheid .
Een sterke set speelden ze en iedereen genoot ten volle. De warme respons was een hart onder de riem en deed de band  uitermate deugd .
De eerste songs “Analyse” en “Animal instinct” van het latere werk, ‘Wake up en smell the coffee” (01) en ‘Bury the hatchet’ (99) , waren geen evidente keuze , maar band en publiek vonden elkaar meteen. De eerste herkenning kwam met de daaropvolgende reeks , het sfeervolle , dromerige “Linger” , het poprockende “Just my imagination” en het innemende , breekbare “Ode to my family”. We merkten dat dat haar vocals de nummers ondersteunen en dragen . De meezingbare refreinen en het handjeszwaaien zorgden voor een samenhorigheidsgevoel .
Ze wisselden mooi af in introverte – extraverte pop . Op die manier laveerde je van “Conduct”, “Can’t be with you” , “Ridiculous thoughts” naar “Free to decide” en “Salvation”.  Het zijn warm aandoenlijk songs  , punch en gevoeligheid waren in elkaar verweven .
Het publiek kreeg z’n favorieten te horen , aangevuld met sfeervolle pareltjes , die soms net iets minder beklijfden. Nostalgie spookte ons door het hoofd en dan kon de obligate hitsingle als het broeierige “Zombie” niet ontbreken, na al die jaren nog altijd een meesterlijk nummer in popwave middens .
Het KC werd in de bijhorende tracks als huiskamer ingericht; naast het nieuwe “Why”, kregen we overtuigende versies van “The glory” ,  “Rupture” en “You & me”. De volumeknop ging tot slot open  op het afsluitende “Dreams” , The Cranberries gingen gretig te werk en rockten nog eens stevig.

The Cranberries zijn van onder het stof gehaald  en speelden een overtuigende set. De jeugdige onschuld en -zonde hebben plaats gemaakt voor volwassenheid en evenwicht. Mooi toch?! …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/the-cranberries-08-05-2017/
Organisatie : Live Nation

Anderson .Paak

Anderson .Paak & The Free Nationals - Een onmogelijk te overtreffen show

Geschreven door

Wie zin had om te dansen, te shaken en te grooven, moest aanwezig zijn in de Ancienne Belgique , Brussel, waar de hipste kerel van het moment een show van jewelste speelde. We hebben het uiteraard over Anderson .Paak, die zonder enige moeite, de zaal negentig minuten lang wist te entertainen. We werden letterlijk van begin tot einde omver geblazen. Zonder twijfel één van de beste shows van het jaar.

De zaal is zo goed als vol wanneer de lichten uitgaan en de band het podium opkomt. Zowat de ganse zaal gaat volledig uit de bol wanneer de toetsenist het publiek aanspreekt en vraagt om Anderson .Paak met een overweldigend applaus te verwelkomen. En ja hoor, vanuit de rook verschijnt Anderson .Paak met een big smile op z’n gezicht. Hij groet het publiek en het feestje kan officieel van start gaan.
We zagen al vaak optredens die van start gingen met een klepper, maar toen hadden we deze man duidelijk nog niet live gezien. Met “Come Down” gaat de festiviteit van start en de meeste mensen hun benen beginnen automatisch mee te bewegen op de beats van de muziek. De mensen die op het balkon staan, kunnen zichzelf amper inhouden en hangen nu al half naar beneden, de sfeer zit duidelijk meteen op en top.
Het eerste nummer komt tot z’n einde en op dat moment beslist de band om de intro van “The Next Episode” van Dr. Dre in te zetten. Net wanneer de drop eraan komt, gaat de band over naar “The Waters” en even is er een blijk van ontgoocheling, maar die maakt al snel plaats voor euforie en bewondering. We zijn nog maar enkele minuten ver, maar Anderson .Paak heeft nu al de harten van iedereen in de zaal gestolen.
Na enkele nummers is het zover, de charmante zanger ruilt zijn microstatief in voor zijn drumstel. Laat ons dan ook maar meteen eerlijk zijn, als er één iets is waar onze mond van openvalt, is het het feit dat Anderson .Paak het drummen en het zingen feilloos met elkaar kan combineren, doe het hem maar na. De Ancienne Belgique is ondertussen omgetoverd tot een danstempel, waarin er een onbeschrijfelijke sfeer heerst.
Anderson .Paak verwent  z’n fans vanavond met nummers van zowel z’n eerste plaat ‘Venice’, alsook van z’n tweede album ‘Malibu’, iets wat de fans duidelijk kunnen appreciëren, aangezien ze ieder nummer van begin tot einde meebrullen. Het hoogtepunt van de avond is wanneer “The Bird” en “Am I Wrong” vlotjes na elkaar worden gespeeld. Alles klinkt gewoon heel erg smooth, al is ‘sexy’ misschien wel nog een geschikter woord om het concert van vanavond mee te vergelijken.
De reguliere set wordt afgesloten met “Luh You”, een nummer dat terug te vinden is op z’n eerste album ‘Venice’. De band verlaat onder een magistraal applaus de zaal, maar komt al snel terug, aangezien het applaus gewoon maar blijft doorgaan. Het optreden was tot zover enorm intens en heftig, maar de bisnummers “Milk & Honey” en “Drugs” overtreffen dit nog maar eens en zorgen ervoor dat de zaal voor de laatste keer ontploft.

We waren vanavond getuige van een artiest die al heel groot lijkt te zijn, maar eigenlijk nog maar aan het begin van z’n carrière staat. Anderson .Paak speelde een sublieme show, waar we eigenlijk niets op aan te merken hebben. Een volledige avond werden we overmeesterd door een man die duidelijk weet waar hij mee bezig is, de wereld veroveren, dat is duidelijk.

Setlist: Come Down - Next Episode Intro - The Waters - Glowed Up - Season/Carry Me - Put Me Thru - Heart Don’t Stand A Chance - Bigger/Dang - Room In Here - Without You - Might Be - Miss Right - The Bird - Am I Wrong - Lite Weight - Silicon Valley - Miss That Whip – Suede - Luh You
Bis: Milk & Honey – Drugs- Dreamer

Organisatie: Live Nation

The Devils

The Devils - Brutale kaakslag

Geschreven door

The Devils - Brutale kaakslag
The Devils
Pit’s
Kortrijk
2017-05-07
Ollie Nollet

Openers van dienst waren Josy & The Pony uit Charleroi en omstreken. Dit project dat nogal eens van naam durft te veranderen en de zegen geniet van het geprezen Rockerill Records bestaat uit het gemaskerde zangeresje, Josette Ponette en The Poneymen, zijnde vier vreemde wezens half mens half pony, waarbij twee valsspelers die gewoon een masker over hun hoofd hadden getrokken. Het vreemde gezelschap begon met een paar knappe en stevige instrumentals, powersurf die soms deed denken aan Man Or Astroman en voorzien was van een mespuntje Morricone. Daarna voegde de niet altijd even gelukkige zang van Josy daar nog een element yé-yé aan toe. Josy, die ons toesprak in een hilarisch schoolnederlands bleek een en al ontwapenende charme maar haar gekweel begon me na een tijdje toch op de zenuwen te werken (daar kon zelfs haar cover van “Surfin’ USA” niets aan verhelpen) terwijl ze me ook nog eens in verlegenheid bracht door ongegeneerd en kortgerokt vlak naast me op de toog te gaan staan. Maar de momenten dat ze zich terugtrok achter haar orgel kwam telkens de onmiskenbare klasse van deze band, met twee excellente gitaristen in de rangen, bovendrijven zoals tijdens de verrassende uitsmijter, die zowaar aan Sonic Youth refereerde.

The Devils, niet te verwarren met het pre Duran Duran groepje van Nick Rhodes en Stephen Duffy, zijn een blasfemisch rock-‘n-roll duo uit Napels dat zijn naam vond bij de gelijknamige B-film van Kurt Russel. Duidelijk worstelend met het katholicisme loopt Gianni Vessella erbij als een priester terwijl Erica Toraldo zich kleedt als een non. Maar de nonnen die ik heb gekend frequenteerden toch duidelijk een andere kleermaker.
Dergelijke knap gevonden gimmicks overschaduwen meestal het muzikale of, erger nog, verdoezelen het gebrek daaraan maar dat was hier allerminst het geval.
Hun doortocht in de Pit’s kwam aan als een brutale kaakslag en zal niet licht vergeten worden. Niet voor niets vonden The Devils dan ook onderdak bij Voodoo Rhythm Records en was Jim Diamond (ex Dirtbombs) bereid hun plaatje, ‘Sin, you sinners’ te producen.
Razende punk en furieuze trash rock-‘n-roll wisten de gemoederen danig te verhitten. Ultrakorte nummers die ons geen adempauze gunden met een als een bezetene drummende Toraldo, een gitaar die het equivalent had van een bende losgeslagen buffels en verheven lyrics die tierend het café in werden gekatapulteerd. Die dolgedraaide razernij verhinderde niet dat die explosieve songs wel degelijk knap in elkaar zaten terwijl die moordende riffs me af en toe deden denken aan The White Stripes, getroffen door een vlaag van complete zinsverbijstering.
Kortom, een welgekomen shot adrenaline van een duo dat feilloos op elkaar is ingespeeld, zodanig zelfs dat het hoofd van Vessella een paar keer volledig onder Erica’s habijt verdween.

Organisatie: Pit’s Kortrijk

Stan Van Samang

Stan Van Samang - Stan’s trein dendert verder

Geschreven door

Zij die er niet bij waren in het Sportpaleis hebben geluk. Stan is aan het touren geslagen, en Vlaanderen zal het geweten hebben. In zaal Brielpoort, Deinze, met een perfecte organisatie van Basketvrienden Hansbeke, fonkelde Stan als ‘een ster’. 1800 man beaamden wat we al wisten : onze Stan is ne groten. Daar heb je geen Sportpaleis voor nodig.

Brielpoort Deinze. Ooit wieg van groten in wording, nu , terug na al die jaren, ontvangstzaal van gevestigde waarden. En laat Stan Van Samang nu net in deze categorie behoren.
Klein begonnen, schuchtere stappen, een hit en de trein was vertrokken…  Een trein vol ervaring. Experiëntie, bedrevenheid, timing, samen met z’n eigen buikgevoel en passionele gedrevenheid. Opgedaan in de grote zalen, met als eindexamen het Sportpaleis.
Met Stan speel je op veilig. Je weet wat hij gaat zingen, je weet hij gaat zeggen, je kent z’n moves. En je weet ook : telkens genieten. Niemand die z’n fans zo aanvoelt als Stan. “ Stanneke is van ons”, is er niet zomaar gekomen.
En dat voelde je direct bij de openers “Simple life” en “Junebug”. “Deinze, doen jullie mee?” En Deinze zou een volledige avond meedoen…  “Candy” en “Watcha gonna do” deden de turbo pas echt aanslaan. Als trouwe fan zit je op het verhaal van het laatste pintje te wachten, en dat kwam er dan ook met “One for the road”, gevolgd door “Poison”.
“Stan is 1 van ons”, en Stakke neemt dat altijd letterlijk tijdens “Second hand life”. Stan ging, en … Stan verdween…  Zweet brak uit bij de security-crew. No worries guys! Even ‘selfie-time’ met de fans…
Nu iedereen opgepompt was, ging het in en rotvaart door met “The load”, “Explode”, “Hang on”, “Sirens”, “Rush” en “Ghosts”.  Gelukkig werd er met “Summerbreeze” en “Goeiemorgen” even een adempauze ingelast. Het hemd van Stan was dan al doorweekt. Om te eindigen met “Scars”. Traditiegetrouw wordt er afgesloten met “I didn’t know” en … “Een ster”.

De Brielpoort had van z’n ‘mini-Sportpaleis experience geproefd, en werd vriendelijk uitgenodigd om op vrijdag 8/12/2017 de schare fans te vervoegen @ het Sportpaleis. Betere reclame kan je na zo’n avond niet maken. Het is en blijft een belevenis om Stan live aan het werk te zien. Alleen jammer dat niet iedereen te overtuigen is. Maar de inhaalbeweging is ingezet met deze tour.

Nog vermelden dat, naar gewoonte, UDO het voorprogramma verzorgde. UDO is de ideale sidekick en is een beetje de ‘benchmark’ qua teamspeler. De ideale opwarmer , maar eigenlijk te goed voor alleen maar een voorprogramma. Er zit potentieel genoeg in om een Lotto- of Ethias Arena te vullen. 

Leen Dendievel, die in Deinze aanwezig was ivm een signeersessie voor haar boek HARD, legde alles vast met de smartphone, en zag dat het goed was.

Vlaanderen, here we come!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/stan-van-samang-06-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/udo-06-05-2017/

Organisatie: Basketvrienden Hansbeke ism Live Entertainment

Gonjasufi

Gonjasufi - Emotionele tirades van je liefste teddybeer

Geschreven door

Gonjasufi smeet ons op de grond, raapte ons op, vertroetelde ons en schudde ons daarna weer door elkaar. Rauwe ongezouten punk in een leren hiphop jas, of andersom, dat maak je zelf uit. Voor hem gereserveerd was de Orangerie in de Botanique te Brussel. Geen slechte keuze voor muziek die alle ruimte kan gebruiken die het nodig heeft. Een concert waarop België zes jaar moest wachten.

Gonjasufi (Somach Ecks) opende oren en ogen met zijn debuut ‘A Sufi And A Killer’ in 2008. Ook het label Warp kreeg hem in het vizier. Na collaboraties met Flying Lotus en The Gaslamp Killer was het tijd om zelf in het alternatieve hip-hop bootje te stappen. Nochtans bracht dit met zijn stem en stijl een volledig nieuw geheel teweeg. Flying Lotus zelf noemde Gonjasufi’s stem al een keer ‘timeless, incredible filth’ en ja, dat mag als een compliment gezien worden. Zijn laatste ‘Callus’ (2016) en daarvan de mixtape ‘Mandela Effect‘ (2017) gaan zelfs nog verder op deze stijl.

Lowdjo stond als voorprogramma zelfzeker en ontspannen achter zijn draaitafels. Met een etnisch ensemble langspeelplaten onder de arm was hij goed voorzien ons voor te bereiden op de hoofdact. Zo sleepte hij er een Franse chanson door op een Afrikaanse conga-beat, mixte hij zijn eigen visie doorheen die van Gonjasufi’s en bracht hij een wel hele ruige versie van Ol’ Dirty Bastards’ “Baby I Like it Raw”. Sublieme overgangen tegenover onvoorspelbare electronica waren voor wie vroeg gekomen was een flinke extra in het programma.

Klokslag tien uur staan er twee mannen hybride machines te bedienen voor een, ondertussen, goed gevulde Orangerie. Het duo SKRAPEZ —Jon Calzo (aka Tenshun) en David Lampley (aka Psychopop) staan al sinds jaar en dag achter Gonjasufi en zijn ook mede verantwoordelijk voor hoe zijn beats ‘punk’ krijgen. Choatische, maar juist georkestreerde beats krijgen een dekentje van soundscapes en maken van de zaal eventjes een kraakpand vol breakcore adorerende mensen. Ze krijgen tien minuten vrij spel en weten onze blikken direct in de juiste richting te krijgen en dat terwijl er visueel nog niet echt iets gebeurd. Dat verandert snel wanneer Gonjasufi in een ongeziene nonchalance het podium op komt draven onder luid geroep van het publiek. Hij opent een eerder geplaatst koffertje en begint van daaruit consequent één toon te spelen die lijkt op een voorbij razende auto. Die nonchalante houding komt overeen met zijn bijdrage aan het geheel en geeft SKRAPEZ de tijd af te bouwen naar het concert waarvoor we gekomen zijn.
Ecks microfoon staat permanent ingesteld op een lichte ruis en een aanwezige echo. Zijn eerste woorden ‘1, 2, 1, 2, 1 to the motherfucking 2’ lijken aan te geven dat hij vergeten soundchecken is. Afwisselend met wat strofes uit “Maniac Depressant” zweept hij het publiek op met Yeah’s, walvisgeluiden en boze uitroepen. En het werkt. De eerste echte inzet is het nummer “Klowds” dat ons op Indische wijze nostalgisch terug brengt naar het debuut in 2008. De goed bebaarde Ecks staat aangekleed in zeven lagen merchandise, inclusief cowboyhoed en zonnebril, alles van zichzelf te geven. Op nummers met meer hip hop is hij de stoere gangster en de grungie punk nummers maken van hem een oncontroleerbare zweetmachine. Dit laatste is in combinatie met zijn zeven lagen kledij natuurlijk een ramp, waardoor hij na elke overgang een kledingstuk uitdoet, uitwringt en zijn kostbare vocht deelt met het publiek.
We zijn een uur ver in het concert als pareltje “Ancestors” voorbij komt. Ecks laat nog even blijken dat hij wel degelijk al die gitaarsamples zelf heeft ingespeeld en visualiseert dit op zijn luchtgitaar. Smartphones de lucht in en alles begint de vorm te krijgen van een popconcert van Justin Bieber. Dit gaat niet door voor de artiest en hij gooit er direct het nieuwe “Devils” in. Harde pulserende beats met luide grunge gitaren vullen onze oren terwijl we mogen kijken hoe Ecks letterlijk feedback uit zijn monitoren knuffelt.
Ondanks de ‘Callus Tour’ zit er geen echte lijn in zijn concert. Muziek vergaat niet en dus ook zijn liefde niet voor zijn creaties. Heel Gonjasufi’s rugzak wordt op ons geleegd en zorgt voor een dynamisch en divers concert.
Gonjasufi speelt constant in op het publiek zonder zijn functie als zanger te verliezen. Hij heeft doorheen het concert bijna permanent iemands handje vast en deelt zijn water met de fans ondanks dat hij het duidelijk zelf het meest nodig heeft. Hij verliest zichzelf zo in zijn eigen muziek dat dit aanstekelijk werkt. Dit zorgt ervoor dat er in het publiek halverwege het concert ook bezwete truien en T-shirts worden uitgetrokken. De grens tussen je hoofd knikken en elkaar verslaan in een moshpit wordt steeds kleiner waardoor er een onbegrijpelijk unieke ervaring lijkt te ontstaan. Dit is dan ook exact wat een Gonjasufi concert moet zijn. Smerige chaos delen in een emotie-afhankelijke sfeer. ‘Defeat your mind with your heart’ roept hij profetisch onze richting uit, maar dat gaat natuurlijk ook gepaard met een goedgeplaatste ‘Fuck the police!!’
Als we dan toch één puntje van kritiek moeten noemen, vinden we dat de introductie via SKRAPEZ iets korter had gemogen, maar dat is geen streng verwijt.

Gonjasufi speelt ons eigenlijk gewoon helemaal plat in de grote zaal van de Botanique, Brussel en daar mogen we hem met de lange speeltijd (1,5 uur!) zeer dankbaar voor zijn. Gonjasufi heeft ons laten weten dat hij alweer bezig is aan nieuwe muziek. We hopen dus snel weer van hem te horen en dan twee uur aan een stuk uit ons dak te gaan.

Setlist (ongeveer): Maniac Depressant – Klowds - Nikels Dimes - When I Die - Kowboyz & Indians – Sheep - Afrikan Spaceship - Rubber band – Ancestors – Devils - Demon Child - Krishna Punk - She’s Gone - Grease Monkey

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Botanique, Brussel

Thor Harris

Thor & Friends - Thor en zijn vriendinnen

Geschreven door

Thor & Friends - Thor en zijn vriendinnen
Thor Harris
4AD
Diksmuide
2017-05-05
Nick Nyffels

Soms blikken we eens in het ruime Musiczine archief terug, en dit schreven we in 2012 over het optreden van Swans op Sonic City:  Thor Harris  stond in zijn blote, harige, gespierde bast te drummen, als een woeste Wiki de Viking. Dat de man in het gewone leven timmerman is, was er aan te zien, hoe hij in de ultralange nummers van Swans, op zijn percussie bleef meppen en doorgaan, bewees dat de man over een serieuze fysieke conditie beschikt. Het moet geleden zijn van de passage van Joey Castillo bij Queens of the Stone Age, dat ik nog zo een beest van een drummer gezien heb.”

Die Thor Harris, speelt ondertussen niet meer bij Swans, en stond vanavond in de 4AD als Thor & Friends. We wisten dat we geen noise of drones moesten verwachten, maar wat het dan wel zou worden, daar hadden we het raden naar. Soms is het beter om op voorhand niet te veel te youtuben, en het nieuwe werk van een artiest gewoon op je af te laten komen.

Thor zijn Friends bleken vriendinnen te zijn, drie dames, waarvan twee percussionistes, en een accordeoniste. Met de eerste twee had hij ook zijn debuutplaat opgenomen. We kennen niet zo veel van percussie, dus we moeten het antwoord schuldig blijven of er nu marimba’s, vibrafoons of xylofoons op het podium stonden, maar in ieder geval waren het deze percussie-instrumenten die de sound van Thor & Friends bepalen. Dit werd aangevuld met minimale, impressionistische accordeon en bandoneon-toetsen. Het optreden begon met natuurgeluiden, en toen waren we vertrokken voor een meeslepende, instrumentale set waarin drie muzikanten op percussie door hun samenspel boventonen en subtiele variaties in melodie en tempo creërden.
Thor & Friends zijn duidelijk beïnvloed door het repetitieve minimalisme van Steve Reich, maar evengoed hoorden we er Indonesische gamelanmuziek en een beetje van Tortoise en zelfs Gotan Project in. De basisinstrumentatie werd door Thor en zijn meiden verder aangevuld met crotales (The Low Anthem gebruikte die ook), triangel, melodica en klarinet, en voorprogramma Pol Isaac vulde de klankkleur nog aan op toetsen. Het effect van al die ritmiek was dat je als toeschouwer in een meditatieve, dromende toestand kwam, en dus was dit een heel geslaagd optreden omdat het je helemaal mee in het moment en de muziek nam.

Het muzikale equivalent van een yoga-sessie, zo kon je nog het best deze set van Thor & Friends samenvatten: iets helemaal anders dus dan de duivelsuitdrijving bij Swans.

Pol Isaac mocht het voorprogramma doen. Pol was vroeger muzikant bij Ozark Henry, en bracht hier geslaagde, maar weinig vernieuwende ambient, waarin klank en beeld mooi samengingen. We waren heel tevreden dat hij er geen noise doordraaide, wat de meeste elektronica-artiesten tegenwoordig nodig vinden.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Gnod

GNOD zet zijn publiek in ’t zak

Geschreven door

De reden waarom wij naar Gent trokken was die pas verschenen fantastische nieuwe plaat ‘Just Say No To The Psycho Right-Wing Capitalist Fascist Industrial Death Machine’, een bonte mengeling van zinderende noise, vinnige post-punk en geestrijke psychedelica. Dit zou live wel eens vonken kunnen geven.

Helaas, de heren van GNOD, hier voor de gelegenheid tot een trio herleid, hadden er voor gekozen om zich vanavond te beperken tot een elektro-set gevuld met drones, ruis en ultrasonische geluidsgolven. Hier stond geen band maar wel een drone-ensemble op het podium. Hadden wij even pech.
We konden het misschien geweten hebben, GNOD staat er immers voor bekend dat ze onvoorspelbaar zijn, en daar is dus jammer genoeg geen woord van gelogen. Dit was inderdaad onvoorspelbaar, doch ook onuitstaanbaar.
De intentie van GNOD was waarschijnlijk om het publiek geleidelijk aan in een trance te brengen met bedwelmende elektronica. Kan best zijn, maar met de chaotische en ongenietbare prestatie van vanavond lukte dit aan geen kanten. Wat bij het publiek tot een bezwerend effect moest resulteren draaide uit op verbijstering en irritatie.
De drie individuen, die elkaar overigens geen blik gunden, stonden in werkelijkheid dan ook maar wat inspiratieloos aan diverse knoppen te prutsen en haalden hoegenaamd geen verslavende ritmes of intrigerende beats uit hun elektrobakken.
Gevolg, een ongemakkelijke en ongeregelde geluidsbrij die al vrij snel danig op de zenuwen werkte. En dit was niet alleen bij ons het geval, na een half uur van die tergende heibel had al meer dan de helft van het publiek de zaal verlaten. Wij ook trouwens. Geen idee dus hoeveel toeschouwers deze geseling tot het bittere einde hebben uitgezeten, maar we hebben zo een vermoeden dat het er maar een tiental kunnen geweest zijn. De rokersruimte buiten was immers na verloop van tijd dubbel zo druk bevolkt als de concertzaal. De heren hebben tijdens de ganse set ook niet één keer van achter hun rookgordijn opgekeken, het zal dus aardig schrikken geweest zijn toen ze bij het terug aanfloepen van de lichten merkten dat er nog één man en een paardenkop in de zaal aanwezig waren.

We zullen GNOD’s quasi ondraaglijke vertoning dan maar catalogeren als kunst, zeker. Wanneer een zogenaamd artistiek collectief ontoegankelijke bullshit aan een onthutst publiek presenteert, is het begrip ‘kunst’ altijd wel een uitleg waar een organisatie mee wegkomt, zeker wanneer het een genootschap betreft die zichzelf recentelijk tot ‘kunstinstelling’ heeft uitgeroepen. Weet u, het is niet de schuld van de artiest, maar wel van het publiek dat er weer niets van begrepen heeft.
Mensen betalen voor deze rotzooi, daar zou men toch even mogen bij stilstaan. Dat de leden van GNOD de ontembare drift hebben om wat te experimenteren en wat te zitten klooien met allerhande elektronica, dat is hun volste recht. Maar dat doen ze dan beter in hun huiskamerstudio, en niet voor een betalend publiek dat met hoge verwachtingen naar hier gekomen is nadat de band nog maar pas een uitstekend album heeft uitgebracht.

Had de organisatie op voorhand aangekondigd dat GNOD zich hier zou beperken tot een elektro-set in plaats een live optreden, dan hadden wij ons de moeite bespaard om ons te verplaatsen naar een stad waar men tegenwoordig alles in het werk stelt om de automobilisten het leven zuur te maken.
Wij voelden ons serieus bekocht, en wij waren heus niet de enigen.

Organisatie: Vooruit, Gent

Spinvis

Spinvis - Muziek op z’n puurst

Geschreven door

Spinvis - Muziek op z’n puurst
Spinvis
Ancienne Belgique (AB Box)
Brussel
2017-05-04
Thibault Vander Donkt

Gisteren trokken we naar de AB om er onze favoriete Nederlander Erik De Jong, beter bekend als Spinvis, aan het werk te zien. Het concert was hopeloos uitverkocht en iedereen die aanwezig was, leek er enorm veel zin in te hebben. Spinvis wist ons vanaf de eerste minuut te betoveren met zijn ontroerende woordkunst, iets wat voor vele artiesten niet zo evident is. We waren getuige van een uniek optreden, dat alle verwachtingen inloste.

Wanneer de band het podium opkomt, staat de AB Box al helemaal vol enthousiaste fans. Meer dan terecht ook wel, als je weet dat het ondertussen toch een tijdje geleden was dat de band nog eens in België kwam spelen. Het openingsnummer van de avond is “Oostende” en wordt op  magistrale wijze gebracht. We horen enkel Erik die zichzelf begeleidt met zijn gitaar. Het publiek durft zich amper te verroeren en kijkt met heel wat bewondering toe hoe Erik de zaal in enkele seconden voor zich weet te winnen.
De opvolger van het sterke openingsnummer is het nieuwe “Artis”, een nummer dat terug te vinden is op de nieuwe plaat ‘Trein Vuur Dageraad’. Wat ons opvalt, is dat niet alleen oude nummers, maar ook nieuwe nummers, super goed worden onthaald bij het publiek. Zowel “Bagadrager” als “De Kleine Symfonie” worden meegezongen en achteraf voorzien van een waanzinnig applaus, iets wat de band duidelijk kan appreciëren.
De mensen in de zaal zijn doorgaans heel erg stil en fluisteren woord per woord mee met hun favoriete zanger. De nummers die vanavond worden gebracht, komen ook gewoon heel oprecht over, waardoor het op vele momenten weet te ontroeren. Net op de momenten waarop het een tikkeltje teveel ontroert, speelt Spinvis een opgewekt nummer, zodat je automatisch een lach op je gezicht krijgt, denk hierbij aan “Ik Wil Alleen Maar Zwemmen” of “Ronnie Knipt Z’n Haar”.
Erik De Jong is niet alleen een songschrijver, hij is ook een poëet. Dit kun je duidelijk horen aan zijn lyrics. Vanavond bewijst hij het nog eens extra aan de hand van zijn bindteksten, die een verhaallijn vormen tussen de opeenvolgende nummers. Vaak balanceert Erik De Jong op het randje tussen poëzie en theatertekst. Spinvis draait uiteraard niet enkel en alleen rond frontman Erik De Jong. De band bestaat uit een aantal muzikanten die verdomd goed weten waar ze mee bezig zijn en zich geen enkele technische fout permitteren. Het gaat hier duidelijk om een enorm straffe liveband.
Het hoogtepunt van de avond is wanneer Erik het intieme en enorm ontroerende “De Grote Zon” inzet, een song die heel simpel wordt gebracht met Erik en zijn gitaar in de hoofdrol. De woorden die hij uitspreekt raken ons tot in het diepste van ons hart, waardoor onze mond letterlijk openvalt en we de woordenbetovering gewoon moeten ondergaan. Wat een magisch moment. “Trein Vuur Dageraad”, het beste nummer van het nieuwe album, is hier de perfecte opvolger voor. Dit is muziek op zijn puurst.
De band verdwijnt van het podium, maar aangezien het publiek niet van plan is om te stoppen met applaudisseren, keren ze al snel terug. Als eerste bisnummer speelt Erik samen met Saartje het wondermooie “Wat Blijft”, een nieuw nummer. Als allerlaatste lied, kiest Spinvis voor het aanstekelijke “Kom Terug”, een nummer dat misschien wel in de top tien beste Nederlandstalige nummers geclassificeerd mag worden. Wat een afsluiter.

Spinvis speelde een adembenemende show voor jong en oud die op geen enkel moment wist te vervelen. Erik De Jong imponeerde van begin tot einde en zorgt ervoor dat iedere toeschouwer die hier vanavond aanwezig was, met een lach op z’n gezicht richting huiswaarts gaat. Erik De Jong, bedankt voor dit moment.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Daan

Daan – Daan blijft Daan!

Geschreven door

Daniël ‘Daan’ Stuyven, tegen wil en dank is en blijft hij het enfant terrible van de Belgische muziekscène. Soms begrepen, maar nog vaker onbegrepen. Een artiest die nog steeds scoort en één van de weinige Vlaamse rockiconen die mag en kan zeggen dat hij in de grote concertzaal van de Vooruit mag staan. Daan is Daan, en maakt het zichzelf en zijn publiek niet gemakkelijk. Menig artiest zou voor een greatest hits-set gaan. Niet hij, wel bracht hij (weliswaar in een compleet andere volgorde) integraal zijn laatste album ‘Nada’, aangevuld met zes bisnummers (en zelfs niet eens de gekendste). “Het is keer iets anders”, mompelde Daan toen hij het podium verliet. Anders is het minste wat je kan zeggen, het gaat nu eenmaal over Daan Stuyven!

Er is al veel geschreven over ‘Nada’, maar voor wie het nog niet zou weten, de laatste plaat is er één waarop Daan teruggrijpt naar de essentie: muziek maken. Eventjes had Daan genoeg van het rock ’n rollcircus en snapte als geen ander dat de hobby van toen bijna een pure industrie was geworden. Gedegouteerd trok hij zich terug van dit alles en het was tijdens een trip naar Catalonië met fotograaf Peter De Bruyne dat de muzikant zichzelf herontdekte, en een nieuwe Daan was geboren, zowel op plaat als op muzikaal vlak.
Reeds van in het begin van zijn carrière speelde Daan graag met uitdagende rock ’n roll-poses. Dat was in Gent niet anders, zo zou hij pas in de helft van zijn set zou hij zijn zwarte zonnebril afzetten of liet hij zich in pure Iggy Pop-stijl neervallen. Weinig contact met het publiek, af en toe eens een “Bonsoir” mompelend, maar meer moest niet. Muziek hoeft geen bindteksten, zeker niet wanneer het ingestudeerde promopraat is. Daan was Daan, zelfzeker en dat was zoals steeds bij hem te nemen of te laten. Wij namen het graag, want wat de zanger-gitarist bracht was betoverend.
De set werd geopend met het instrumentale “Fermavida”. Daan op zijn donkerst, het leken wel bijna drones te zijn. Intieme luisterliedjes over opgekropte gevoelens, dingen des levens (zoals “Friend” die hij op zijn eigen tedere wijze aan zijn bandleden opdroeg). Wel gebracht met een rock ’n roll-sfeer, maar mijlenver weg van de new wave-invloeden die van hem bijna twee decennia terug een ster maakten. Wie dit had gehoopt om te horen, kon zich maar beter naar de bar reppen en wachten tot het slotlied “Bala Perdida” uit de boxen knalde. Plotseling werd Daan, geholpen door drumster Isolde Lasoen, een Italo Disco-ster. Aan decadentie geen gebrek, evenmin aan talent.
En dat was het dan. Daan verliet het podium, maar hij kwam terug. Die zes bisnummers weet je wel. Geen “Victory”, “Housewife “ of “The Player”. De keuze zegde genoeg, deze artiest houdt misschien wel van zijn vroegere werk, maar Nada is een ommekeer, en dus moet je niet meer naar de golden oldies teruggrijpen.
De bisronde werd op gang getrokken door “Brand New Truth” uit ‘Manhay’, de start voor de oude dingen zoals Daan ze zelf omschreef, werd hiermee gegeven. “Decisions” volgde, en daarna “La Vraie Decadence”, een song die Stuyven ten voete uit beschrijft.
Het merendeel van het publiek had het intussen door dat er slechts drie songs nog zouden volgen, de meester had het immers alvorens te beginnen het aantal zelf aangegeven.

Eigenzinnig, maar met klasse bracht hij “Everglades”, “Icon” en “Exes”. Het publiek werd naar huis gestuurd met een vreugdesprong van de meester zelf. Vol eerbied wierp hij een kus toe naar zijn publiek. Daan stond er, maar ook een kerel die alleen maar naar zijn eigen stem in zijn hoofd wil luisteren. Zo hebben we ze graag, gewoon omdat zoiets vaak tot genialiteit leidt.

Met dank aan Luminousdash.com http://www.luminousdash.com

Organisatie: Democrazy, Gent

 

Derek & The Dirt

Derek & The Dirt speelt weer voor uitverkochte zalen

Geschreven door

“Het is al bijna 25 jaar geleden dat we gestopt zijn met Derek & The Dirt en toch word ik daar nog steeds op aangesproken. Het moet zijn dat we met die band toch iets betekend hebben. Regelmatig kwam de vraag of we een reünie wilden doen, o.a. van muziekcafé Manuscript in Oostende. Toen ik gitarist Pim de Wolf daarover aansprak, hadden we alle twee hetzelfde idee. Als we het nog willen doen, dan moeten we niet lang meer wachten”, vertelt Dirk Dhaenens.

Het eerste reünieconcert van Derek & The Dirt zit er inmiddels op, in het Manuscript in Oostende uiteraard. Er komen er nog twee: eentje eind deze maand in cultureel centrum Ghybe in Poperinge en een in juni in de Charlatan in Gent. Voor beide optredens zijn nog slechts een paar tickets beschikbaar. “Dat geeft ons de moed om hiermee door te gaan. Het waren natuurlijk vooral onze fans van vroeger die in Oostende opdaagden, maar als je dan hoort dat sommige mensen vanuit Antwerpen en Limburg voor dat concert naar Oostende gereisd zijn, dan geeft dat toch een warm gevoel. Er bestaat nog een publiek voor onze gitaarrock”, weet Dirk.

Voor wie jonger is dan 40 doen we nog even kort de geschiedenis van Derek & The Dirt uit de doeken. De Gentse band veroverde in 1989 Vlaanderen met zijn debuutalbum en de hit “Oh By The Way”. Daarna werden ze getekend bij EMI en brachten ze nog drie albums uit: ‘Love’s Exaltation’, het akoestische ‘Fourplay’ en ‘Insanity’. Ze speelden op de belangrijkste Vlaamse festivals en in de grotere zalen.  ‘Insanity’ betekende in 1993 de zwanezang van de band. Een deel van de band ging door als Weez!, maar daarna scheidden de wegen van de tandem Dhaenens-de Wolf. Maar ze bleven elkaar tegenkomen. Dirk ging o.m. door als duo met Yves Meersschaert, die er op het einde van Derek & The Dirt bij was gekomen met zijn Hammond. Pim ging bij Thou aan de slag, waarmee hij op de podia van Pukkelpop en Rock Werchter en af en toe in Nederland speelde, en werkte nadien vooral achter de schermen. Recent doet hij de geluidsmix voor de optredens van Arno, wat hij voordien al deed voor o.m. Das Pop.”

Nieuw materiaal
“Waar we het meteen over eens waren toen ik en Pim besloten om Derek & The Dirt nieuw leven in te blazen, was dat het meer moest zijn dan het opwarmen van de oude nummers. Uiteraard spelen we nog steeds een aantal oude nummers die we koesteren. “Run”, “Rosie”, “Simenon Girl”, “Oh By The Way” en “Love’s Exaltation” staan opnieuw op de setlist. Ook onze cover van “The Letter” van The Box Tops is er weer bij. En we sluiten net als vroeger af met “Stealin’ From Rock ’n Roll”. Maar we willen er geen nostalgietrip van maken. De uitdaging bestond er voor ons in dat we het publiek tonen dat we in die 25 jaar muzikaal gegroeid zijn. Ik schrijf nu betere teksten en Pim bedenkt nog vettere riffs en arrangementen. Daarom hebben we nieuwe nummers als “Old Fear” en “Butterfly” geschreven en ingeoefend. De ‘honger’ om weer samen te spelen is groot en we stellen vast dat we nu muzikaal verder  staan dan vroeger. Het is voor mij, na een lange periode van akoestische optredens en duetten, verfrissend om weer met een hele band te werken. Ik speel wel vaker met een eigen band, supertoffe muzikanten, maar dat zijn eerder jazzcats. Nu met Pim is het toch een tandje rock & roll bij, of zeg maar een gebit.”

Oude en nieuwe Dirt
Nieuw materiaal maken betekent dus ook dat er een complete band moet staan. Het trio Dirk, Pim en Yves werd daarom aangevuld met drummer Frederik Van den Berghe (bekend van o.m. Arno, Admiral Freebee en The Whodads) en bassist Philippe De Vuyst (Les Truttes, Waldorf).  “Bij de eerste repetitie, toen Pim zijn gitaar aansloeg, voelde het meteen weer vertrouwd aan. Ook bij dat eerste reünieoptreden in Oostende voelde ik weer die energie en het volume van een echte rockband. Zo was het vroeger en zo moet het ook nu zijn”, weet Dirk.

2018
Of dat nieuwe materiaal ook zal uitgebracht worden, is een ander verhaal. “Die drie reünieoptredens zijn een succes, maar ik wil toch niet voorbarig gaan uitdragen dat we opnieuw vertrokken zijn zoals vroeger. We zien wel hoeveel aanvragen voor optredens er binnenkomen en hoeveel we er ook effectief kunnen doen. Want nog vóór er sprake was van deze reünie stond iedereens agenda al goed vol tot het einde van dit jaar, bij mij ook met tal van soloprojecten en samenwerkingen (Dylanjazz, Stevo & Derek, Derek & Maria, Place Musette, Derek & Renaud, …). En Pim is eveneens een drukbezet man, om nog niet te spreken van de rest van The Dirt. Als alles meezit, zal de Derek & The Dirt-trein waarschijnlijk pas in 2018 opnieuw op snelheid komen.”

Thé Lau
Is het niet vervelend dat je op een carrière van pakweg 30 jaar vooral op één hit aangesproken wordt? “ De “Oh By The Way” van 1989 vind ik nog altijd niet ons sterkste opname van vroeger, maar wel een goed nummer, en we spelen er nu een licht aangepaste versie van, maar het was tot onze verrassing blijkbaar het juiste nummer op het juiste moment. Die single heeft voor ons heel wat deuren geopend en het is de aanzet geweest om al die jaren een muzikantenleven te kunnen leiden.”
“Bijna betekende die single ook onze doorbraak in Engeland. Een presentatrice van Radio One van de BBC had op vakantie in België dat nummer gehoord op de radio en wou het uitbrengen in de UK. Het enige probleem was dat die single met meer dan vijf minuten wat te lang was. Dus hebben we Thé Lau, de producer van ons eerste album, terug naar Gent gehaald om een versie van drie minuten van “Oh By The Way” te maken. Die korte versie is ook effectief gemaakt, maar door een financiële kwestie met de uitgeverij is die nooit uitgebracht”, stelt Dirk.
Het contact met Thé Lau is wel gebleven tot kort voor zijn overlijden. “Toen hij de producer was van ons album, was hij nog niet doorgebroken met The Scene. Hij werkte met ons aan de opnames en omdat wij als beginnende band geen budget hadden voor een hotel, sliep hij ’s nachts bij mij thuis in Asper. Dat schept een band. De daaropvolgende jaren speelde Derek & The Dirt vaak op dezelfde festivals als The Scene en ook bij zijn latere solo-optredens heb ik hem nog regelmatig ontmoet. Een fijne man”, herinnert Dirk zich.

Buitenland
Het buitenland veroveren was indertijd niet evident voor een band als Derek & The Dirt. “Er was die gemiste kans via Radio One en “Love’s Exaltation” is op de soundtrack van een Italiaanse film geraakt, wat een toevalstreffer was. Nederland had mogelijk geweest. We speelden met Derek & The Dirt o.m. in Goes, Tilburg, Uden en Den Bosch, maar omdat de platenmaatschappij toen niet mee aan de kar trok, geraakten we niet in de grotere zalen en op de juiste festivals”, blikt hij terug.

Wie Derek & The Dirt 2.0 live aan het werk wil zien, bestelt best snel tickets voor Poperinge of Gent.
De data van de daaropvolgende concerten vind je op www.derek.be

King Creosote

Astronaut meets Appleman

Geschreven door

King Creosote is het alter ego van Kenny Anderson, uit Schotland . Muzikaal te situeren binnen de sound van Noah & The Whale en And Monsters & Men . In z’n totaliteit past de  sound binnen het plaatje van intens broeierige, spannende melodieuze folkrock , in finesse en subtiliteit uitgewerkt.
Er zijn een rits sfeervolle nummers als “Faux call”, “Betelgeuse” en “Love life”, die lieflijk ontroeren. Een handvol songs onderscheiden zich , opener “You just want” en bijkomende track “The long fade” zijn boven de zeven minuten en intrigeren door de repetitieve , opbouwende ritmiek , de lichte galm en de (dromerige) geluidjes . “Peter rabbit tea” is een kinderliedje en “Surface” is er dan eentje, die overstijgt door de doedelzakgeluidjes . De vrouwelijke vocals vullen mooi aan.
We krijgen een sterk album door diepgang in de melodie en een sterke spanningsopbouw.  Eerlijk gezegd, overtuigend wat deze artiest brengt, die hier bij ons nog  geen enkele respons heeft verkregen …

Nao

For all we know

Geschreven door

Uit Nottingham debuteert de 28 jarige Neo Jessica Joshua aka Nao . Een uur lang hotsen we op de grooves van een reeks verslavende popsongs . Invloeden uit de P-Funk, soul , r&b met elektronica, drum’n’bass , dubstep en diepe basstunes worden geïntegreerd en maken de sound uitermate boeiend . Prince, George Clinton, Chic, Chaka Khan , Erykah Badu, FKA Twigs en Burial borrelen op .
Mura Masa klopte zelfs bij haar aan en “Firefly” werd een bescheiden hitje . Haar stem kan alle richtingen uitgaan, zacht zalvend , laag , diep , piepend, hoog . Op het album wisselt ze in uptempo en rustige nummers , zijn er een paar interessante samenwerkingen met Abhi Dijon, A.K. Paul en vinden we een handvol pareltjes in het genre als “Get to know ya”, “Inhale exhale” , “Adore you” , “Bad blood” en “Fool to love”.
Dit is dampende muziek die zonnige oorden opzoekt , tot de verbeelding spreekt en de dansspieren durft te prikkelen .

God Damn

Everything ever

Geschreven door

God Damn is een duo uit Wolverhampton en komt aandraven in de voetsporen van Royal Blood, Death from above 1979 en Japandraoids . Tja, we zitten hier dus met een energiek duo die een rits songs op bedreven , felle wijze brengt. De tempowissels maken er een boeiend geheel van , een strak , snedige sound is het, geïnjecteerd van een dosis noise . Het lijkt erop dat ze de hulp inriepen van Ty Segall. “Violence” is een pareltje. Af en toe wordt gas terug genomen , en met een song als “Oh no” klinkt het duo poppier en sfeervoller . Het kan, mag, het geeft het duo meer body en volwassenheid . Fijn plaatje.

Pagina 259 van 498