Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

School Is Cool

School Is Cool - Van fragiele emotie naar euforie

Geschreven door

School Is Cool - Van fragiele emotie naar euforie
School Is Cool & Leonore
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-04-28
Stien Verdick

De avond van 28 april 2017 in de AB werd duidelijk opgedeeld in twee delen. Heel fragiel begon het met voorprogramma Leonore, die ons meenam met klassieke zang in haar gevoelige songs. Hierna liet School Is Cool de avond knallen en toverde de Ancienne Belgique Club om in een danszaal. Een avond in balans, waar ieders emoties eens aan bod kwamen.

Leonore kwam op en ging in stilte de gitaren stemmen. De zenuwen dropen er vanaf, maar waren snel weggeëbd. Enkel zangeres Chloë Nols en gitarist Kobe konden zich wagen aan het optreden, de andere drie bandleden geraakten er niet doordat het een last minute concert was. Klassieke zang en gitaargetokkel zetten meteen de toon van het optreden. Het werd een emotioneel half uur met fragiele songs die ons raakten. Het tweede lied stond in contrast met de rest van de setlist. “I just wanna make you dance, put you into trance”, het zouden de lyrics kunnen zijn van een popnummer met een sterke beat. De gitaar bracht hier meer swung. Het was een mooi intiem optreden, maar de volgende keer zien we ze toch ook wel eens graag met de hele groep!

School Is Cool begon met het nieuwe “Run Run Run Run Run” en zo volgden er nog vele nieuwe nummers van de plaat ‘Good News’, die in het najaar uitkomt. Meteen smijten ze de energiebommen in de strijd en we vergeven dat zanger Johannes een joggingbroek draagt, want School Is Cool is topsport! Bij instrumentele stukken beweegt hij vrij over het podium zonder dat de micro hem nog tegenhoudt en wat zo mooi is bij School Is Cool is dat je gewoon ziet dat het een hechte groep is. Ze weten allemaal precies waar de nummers voor staan, de emoties van de hele groep passen altijd perfect bij het nummer en door zo goed te weten waarvoor ze staan, brengen ze dat ook over op het publiek. Het is een groep met één gemeenschappelijke vibe.
Het publiek is heel blij dat meezingers “In Want Of Something” en “If So” al snel gespeeld worden. “AK-47” wordt overspoeld door emotie. Dan vraagt Johannes of we een beetje geduld hebben voor de hits komen, op zo’n toon dat het publiek moet lachen. Meer nieuwe nummers komen eraan. “Eigenlijk ook hits”, stelt Hanne van achter de keyboards ons gerust. En toen kwam het heel intens en gevoelig “I’m Not Fine”, waarbij de hele zaal het verdriet voelde. “I’m not alright. I haven’t been for a long time”, enkel die stem laat de emotie al voelen. Met de drum en de sambabal, School Is Cool heeft geen trage hoge nootjes nodig om het gevoel over te brengen. Johannes bracht hier ook zijn eerste live gitaarsolo ooit en dat mag hij zeker vaker doen!
De nieuwe “Whirled Music” en “Underrated” laten het publiek terug wat bewegen. Met hit “Wide-Eyed & Wild-Eyed” wordt veel meegezongen en “Warpaint” wordt met een groot applaus en gejuich ontvangen. Er wordt meegebokst op de “ha! ha!” zonder dat School Is Cool het moet vragen, duidelijk veel fans van de eerste cd in de zaal. Met het nieuwe “Bad Behaviour”, waarin gezongen wordt dat dat de natuur van de mens is, wordt de sfeer weer ingetogen. “Fight Of The Century” heeft het leukste instrumentele stuk van korte deuntjes en daarna moet School Is Cool toch even uitpuffen. Het is de hardste work-out die je jezelf kan geven en het is al lang geleden dat ze zo lang live hebben gespeeld.

De AB Club verandert in een gelukzalige sterrenhemel bij “Trophy Wall” waarbij de zaal luidkeels ingaat op de vraag om mee te zingen. En dan komen de hits “The World Is Gonna End Tonight” en “New Kids In Town” nog waarbij letterlijk niemand nog stilstaat. De zaal veert als een springkasteel en de kinderen springen gelukzalig rond. Afgesloten wordt met “Honeybee”, waarmee Johannes scoorde bij het VTM-programma ‘Liefde Voor Muziek’. Belle Perez vond zijn cover mooi en dat vonden wij ook. Kom snel terug, School Is Cool, we springen graag opnieuw mee.

Setlist: Run Run Run Run Run - In Want Of Something - If So - AK-47 - I’m Not Fine - Whirled Music – Underrated - Wide-Eyed & Wild-Eyed – Warpaint – Entertainment - Bad Behaviour - Fight Of The Century - Trophy Wall - The World Is Gonna End Tonight - New Kids In Town - Black Dog Panting – HoneyBee

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Japandroids

Japandroids - Een blij weerzien in de arena

Geschreven door
We vreesden dat het er nooit meer van zou komen en dat Brian King (zang/gitaar) en David Prowse (drum en ook wat zang) hun band voorgoed begraven hadden. Gelukkig hadden we het mis en stak Japandroids na vijf jaar afwezigheid opnieuw de neus aan het venster. Voor het eerst in evenveel jaar gingen de Canadezen door Europa touren, wat hen gisteren in de Rotonde van de Botanique bracht. In het voorprogramma stond Dasher, een Amerikaanse noise-rock band die nu nog een tamelijke onbekendheid geniet. We vragen ons af hoe lang dat nog gaat duren.


Afgezien van een enkele single was Dasher voor ons een nobele onbekende en wisten we niet precies wat te verwachten toen de leden met een hele boel reverb aan hun set begonnen. De frontvrouw die drumt en zingt, mepte zich direct prominent naar de voorgrond. Op zo’n manier zelfs dat een deel van haar drumstel het op een bepaald moment begaf. Ze schreeuwde vanuit de diepste krochten van haar longen en maakte daarmee behoorlijk veel indruk. Toen ze middenin de set het publiek toesprak, leek ze al behoorlijk buiten adem, maar dat belette haar niet om in de tweede helft olijk door te schreeuwen. De rest van de band stond op het ritme mee te schudden terwijl ze met haar ogen over de grond te staren. Dasher bracht een intense set vol noisy post-punk dat het midden hield tussen Savages, Preoccupations en de soundtrack voor een satanisch ritueel. We kunnen enkel concluderen dat het als voorprogramma zeker geslaagd was.

Als er een band is die indie-rock in een voetbalstadion zou kunnen brengen is het wel Japandroids. Het duo brengt meezingbare garage rock vol weidse akkoorden waarbij ze het ene anthem na het andere op het publiek afvuren. Het halfrond van de Rotonde kan ook goed dienst doen als arena, wat King en Prowse gisteren bij momenten konden bewijzen. Het was bijna vijf jaar geleden dat Japandroids nog eens in België speelde en gisteren excuseerden ze zich daar zelfs een paar maal voor. Het publiek leek het hen al vrij vlug te vergeven.

Als intro hadden ze een sjofele lichtshow voorzien met een onverstaanbaar bandje erover. De toegevoegde waarde hiervan bleef een mysterie, maar toen ze direct daarna rechttoe- rechtaan rocksongs begonnen te spelen, maalden we daar verder niet meer over. Hun eerste nummer was “Near The Wild Heart of Life”, de leadsingle en titeltrack van hun laatste album. Brian King nam direct de pose aan die hij voor het grootste deel van het concert zou aanhouden, met zijn ogen even stijf dichtgeknepen als zijn mond wijd opengesperd was. Aanvankelijk leek het alsof hij soms naast de micro zong, waardoor zijn stem soms erg zwak uitviel. Achteraf bleek het tevens aan technische problemen te liggen, de micro moest halverwege dan ook vervangen worden.
De zang bleef gisteravond toch het grootste pijnpunt. Het kwam misschien doordat we nog onder de indruk waren van het stemgeluid van Kylee Kimbrough van Dasher. De zangprestaties van zowel King als Prowse (die voornamelijk backing vocals en meezingkoortjes verzorgde) konden ons allesbehalve wegblazen. Dat terwijl hun straffe en rauwe vocalen een belangrijk element zijn in het succes van de band.
Ondanks dat er op hun recentste plaat enkele uitstekende nummers staan, die bovendien voor de hoogtepunten van het optreden zorgden (“In a Body Like a Grave”!) bleek het publiek vooral gekomen om nog eens van hun oudere nummers te genieten. We kunnen ze niet volledig ongelijk geven, want met die nummers is ook niets mis. Het publiek werd pas voor de eerste keer echt wakker toen “Wet Hair” vanop hun debuut passeerde. Het was dan ook enkel op oudere nummers zoals “Young Heart Speak Fire”, dat een select groepje vooraan het enthousiaste hoofdschudden verruilde voor een robbertje tegen elkaar opbotsen. Dat terwijl Japandroids’ nieuwste ook nog wel hoop nummers heeft die geschikt zijn voor dat soort ongein.
Variatie staat helaas niet in hun woordenboek en na meer dan een uur begint zich dat wel een beetje te wreken. Zo herhaalden ze het trucje om een nummer af te ronden, enkele seconden te stoppen en het dan doodleuk te hervatten iets te veel. Gelukkig kunnen de heren een aantal uitstekende songs uit hun mouw schudden en zijn ze ook perfect op elkaar ingespeeld. De chemie tussen de twee laat niet te wensen over. Bij het laatste en meest meezingbare nummer, “The House That Heaven Built”, belandde King bovenop de basdrum van Prowse.

Japandroids is een erg sterke band die ons bij momenten volledig mee had, maar omvergeblazen waren we niet. Dasher daarentegen gaan we wel zeker nog eens verder opzoeken.

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Botanique, Brussel

Hydrogen Sea

Hydrogen Sea - Afwisseling tussen dansbaar en intimistisch

Geschreven door

Als opener van de avond kregen we Schaduwland voorgeschoteld. Schaduwland bestaat uit synths, gitaar, zang en drum. Daarmee schilderen ze een geheel eigen muzieklandschap op het podium. Intimistisch en breekbaar. Bij momenten vrij hoog gezongen en ik onthou vooral de mooie afsluitende song.

Hydrogen Sea is het geesteskind van het koppel Birsen Uçar en Pieterjan Seaux. De één maakt de muziek, de ander schrijft de teksten. Live worden ze bijgestaan door een drummer. Vorig jaar was er hun uitstekend debuut album ‘In Dreams’. Benieuwd hoe ze dit live gingen brengen trokken we naar De Kreun toe.

Op het podium merkten we een leuke opstelling van drum en synths met koorden als afsluiting er omheen. Het had een theatraal en stijlvolle uitstraling. Er werd gestart met “Gentle Doubler”. Met enkel zang en achtergrondzang op band. Een backlight versterkte het theatrale effect nog wat. Bij de tweede song hadden ze wat problemen met de micro waardoor ze met twee valse starts te kampen hadden. Daarna waren ze goed vertrokken.
Na een rijtje songs merk je dat Hydrogen Sea twee soorten songs heeft. De dansbaardere liedjes (zoals “Worry” en “Beating Heart” ) en de wat ingetogener songs (zoals “If The Stars…”of “Voyager”). Live komt dit verschil nog meer tot uiting door de manier waarop de songs worden ingekleed. Op de zang valt niets af te dingen. Birsen heeft een geweldige stem op het podium. De synths porden bij momenten het publiek tot bewegen en dansen toe. Echt ontploffen deed de zaal niet maar met afsluiter “Wear Out” kwam het er bijna van. Er kwam nog één bisnummer met hun tweetjes gebracht op gitaar en zang. Een ingetogen afsluit van de avond.

Organisatie: Wilde Westen , Kortrijk

The Mary Hart Attack

Falling Sun

Geschreven door

Terwijl een nieuwe lichting Belgische noise bands tegenwoordig het mooie weer maken (Brutus, It It It Anita, Hypochhristmutreefuzz, The Guru Guru,…) is er ook nog wel plaats voor een regelrechte shoegaze band. Hoewel het genre de laatste tijd een beetje platgetreden is, snijdt het Gentse The Mary Hart Attack op hun albumdebuut ‘The Falling Sun’ zonder scrupules en met enige stijl doorheen een stel onvervalste en potente shoegaze-songs met alles erop en eraan : stofzuigergitaren, distortion, feedback, een psychedelische touch en vocals die daar vanuit een wazige achtergrond trachten overheen te komen.
Natuurlijk komen My Bloody Valentine en The Jesus And Mary Chain serieus om de hoek loeren, maar wij horen vooral A Place To Bury Strangers in sterke songs als “Death Comes With Your Eyes”, “Starlight”, “Who Used To Be Me” en “This Room” (een rariteitje waarin de ijskar langzaam komt aangereden om dan plots zwaar uit de bocht te scheuren).
Andere favorieten zijn “Spiders”, dat inzet als een My Bloody Valentine pastiche maar dan open bloeit met een indrukwekkende gitaarsolo, en “All Wrong No Bliss”, een groovy psychedelische track die een spacy trip onderneemt.
Ze hebben er het warm water niet mee uitgevonden, maar met ‘Falling Sun’ weet The Mary Hart Attack zich stevig te huisvesten in een genre dat nog lang niet dood is.

Altitude

Dram-o-Rama

Geschreven door

Een fijne verzameling van poppy punkrocksongs, dat is het hoofdrecept van  ‘Dram-o-Rama’, de nieuwe plaat van  Altitude uit A’pen.  Met heerlijke tracks  zoals opener “Clincher”,  het snedige “25”, “Bullseye Launch The Trash” en “Reality Check” is deze schijf verplicht voer voor fans van  melodieuze  punkbands zoals Greenday, NoFX, Bad Religion, Blink 182 en Sum 41.  Het Antwerpse viertal stapt daarnaast met graagte muzikale zijpaden in , getuige het bijzondere “Can – Interlude” dat refereert naar Bridge Nine-band Crime In Stereo of de wereldsong “We Once Played a Show Next To Hayley Williams (Showering)” dat de vergelijking weerstaat met posthardcorebands als Polar Bear Club en Make Do And Mend.  Altitude  heeft met andere woorden klasse te koop, zelf ontdekken kan via  https://www.facebook.com/Altitude1234/ .

High Hi

Hindranc

Geschreven door

Het is lang geleden dat een Vlaamse band zo schaamteloos durfde te rocken als High Hi op hun debuutalbum ‘Hindrance’. Zelf wil dit trio het geen rock noemen, maar ‘dark pop’ of ook wel ‘eclectische pop met een randje shoegaze’, om de hokjesdenkers te ontlopen. Toch mag u gerust aannemen dat High Hi de beste Belgische rockplaat van het jaar gemaakt heeft. Voorlopig toch.
Zangeres Anne-Sophie Ooghe haalt op bijna elk nummer een donkere en weemoedige riff uit haar gitaar die haar heldere en herkenbare stem krachtig ondersteunt. Haar gitaarspel en vooral de bas van Koen Weverbergh schuren bovendien sterk aan tegen een jaren ’80-sound. Zo pikt High Hi voor u de lekkerste kersen uit de recente muziekgeschiedenis: baslijnen en drumwerk die behalve naar de new waveperiode ook teruggrijpen naar de sludge-metal en noise van het begin van de eeuw, een gitaarsound uit de jaren ’90 met echo’s naar de jaren ‘80 en een stemgeluid dat we vooral de voorbije jaren zagen opduiken, oa. bij Savages en Florence & The Machine. Die laatste referentie weegt het zwaarst door op “Islands Full Of Gold”, een track die eerder al op de in eigen beheer uitgebrachte EP van High Hi stond. Ook toen was dat een uitblinker en op dit eerste volledige album is dat niet anders. Deze track kan zeker hoge ogen gooien op Studio Brussel en de band zo op de kaart zetten. Letterlijk Full Of Gold.
Maar High Hi is veel meer dan dat. Andere nummers hinten naar Throwing Muses (“Magnify”), Sugar (“Vultures” en “Break/Brake”), the Cure (“Obvious”), Savages of late Talk Talk (“Fear of Snow”), the Cranberries (“Raise”), King Hiss (“Baseball Fights”), Triggerfinger (“Hindrance”) en zelfs de punkpop van Blondie “(No Idea”).
Voor u met al die veelal ‘oude’, maar vooral heterogene referenties begint te denken dat deze band alle richtingen tegelijk uitgaat: het resultaat van het kruisen van al die bloedlijnen heeft een schitterende, homogene baby opgeleverd. Een baby die eindelijk de gitaarversterker weer op 10 durft zetten voor een popliedje. Bedankt daarvoor, High Hi.

The Guru Guru

Pchew

Geschreven door

In het zog van enkele beloftevolle Belgische releases van bands zoals Brutus, Whyes, Delta Crash en Hypochristmutreefuzz komt ook The Guru Guru met een rake release op de proppen. Ze maken een soort van noise rock of borderline rock zoals ze het zelf omschrijven. Dat houdt in dat hun muziek nogal hypnotisch, bezwerend en intens kan zijn.  Zanger Tom Adriaenssens onderstreept dit nog eens op het podium. Gelukkig bevat hun muziek ook genoeg melodie en cacthy refreinen om in ons hoofd te blijven hangen. Na een split-ep met de vrienden van Brutus is er nu dus hun debuut full album.
Ze openen het album met “Making Waves” middels een soulvolle gezongen intro om dan echt uit de startblokken te schieten. Het is een goed verteerbare song geworden dat natuurlijk de nodige psychotische trekjes bevat. Een aantal songs bevatten een hoog gehalte aan gekte en twist and turns. Ik denk dan aan “We Had Been Drinkin’ Bad Stuff”, “BB I Can” of “Sleepy”. Andere songs zijn dan eerder noise of alternative rock zoals het claustrofobische “Back Door”, het ingetogen “Singultus” en het acht minuten durende “The Sun Is Number One”.
Met ‘Pchew’ hebben ze een evenwichtig en meer dan degelijk album gemaakt. Deze hyperactieve bende moet je zeker eens live aan het werk zien. Hun nummers komen dan nog meer tot hun recht. Lees ook de review van hun optreden in de Vooruit: http://musiczine.lavenir.net/nl/nl/review-concerts/brutus/brutus-hard-fenomenaal/

The Merciful Nuns

AUM IX

Geschreven door

Artaud Seth is een bezig baasje. Heel snel naar elkaar kregen we het drieluik van N.E.O. Zijn nevenproject dat hij samen met Ashley Davour (Whispers In The Shadow) runt. Dit houdt hem niet tegen om zijn voormalige band Garden of Delight van onder het stof te halen en nieuwe releases met The Merciful Nuns uit te brengen. Gelukkig boet dit niets in aan de kwaliteit ervan.
Hun nieuwste release ‘A-U-M IX’ heeft wel wat invloeden gemeen uit zijn recentste samenwerkingen met Davour. Zo klinkt ‘A-U-M IX’ iets meer spacy en bevat hij iets meer synths dan “Thelema” en “Meteora”.
Verder is het zo dat elk album gewoon een klein beetje verder evolueert. De sound en de stijl wordt met elke release meer gestyleerder en puurder. Luister maar eens naar hun eerste album ‘Lib.1’ dat toch meer klonk als een voortzetting van Garden of Delight. Iets wat je van ‘A-U-M IX’ niet meer kan zeggen. Zoals steeds is alles rond het album mooi afgewerkt: hoesjes, symboliek, foto’s, merchandise…  Het titelnummer dat het album opent is een langgerekte en haast tantrische intro. Songs zoals “Eternal Decay” en “Cremation” zijn uitstekende rockers. Het piece-de-resistance is toch wel het 11 minuten durende epos “Lost Chord Of The Sun”. Bezwerend, mooie opbouw, brommende baslijnen en prachtige synthsounds.

Op muzikaal vlak lijkt ‘A-U-M IX’ mij één van hun beste albums tot nu toe. Voorwaarde is dat je van de grafkelderstem van Artaud houdt. Maar voor de rest is dit een gothrock album van hoog niveau.

Lift To Experience

The Texas-Jerusalem Crossroads

Geschreven door

Sommige platen zijn een eeuwig leven als cultklassieker beschoren, nooit hebben zij van enig commercieel succes mogen proeven maar tot in het oneindige worden ze aanbeden door een select kransje liefhebbers. ‘The Texas-Jerusalem Crossroads’ van Lift To Experience is zo een plaat. Het is ook het enige album dat ooit door dit Texaanse trio werd gemaakt, ondertussen al 16 jaar geleden, en het is een parel van het zuiverste water.
Op vandaag komt ‘The Texas-Jerusalem Crossroads’  in een geremasterde versie terug op ons af. De plaat is door Mute Records/Pias terug opgevist en werd voor deze heruitgave in een fraai nieuw hoesje verpakt. De nieuwe release is gelukkig gespaard gebleven van overbodige bonus tracks, alternatieve versies of wat dan ook. Een chef d’oeuvre als dit behoeft geen extraatjes.
Op zich vonden wij trouwens niet dat er iets mis was met het origineel, maar dankzij deze remixing of remastering (wat dat dan ook moge inhouden) komt dit miskende meesterwerk terug in de schijnwerpers te staan, en dat is een bijzonder goede zaak.
‘The Texas-Jerusalem Crossroads’ is een prachtige symbiose van het desolate gitaargeluid en de bezielde vocals van frontman Josh T Pearson, een domineeszoon uit het diepe Zuiden van de States. Pearson predikt de songs op een begeesterende toon ergens tussen Jim Morrison, Jeff Buckley en Dave Eugene Edwards. De gitaar dwaalt sporadisch rond in shoegaze-land en manifesteert zich elders als een voorbode van een soort woestijn-post-rock die het pad geëffend heeft voor bands als Explosions In The Sky en Mono. “These Are Days”, dat minuten uitloopt via een leegbloedende gitaar, is dan weer pure Sonic Youth. Maar hoezeer wij het elders ook mogen gaan zoeken, dit album onderscheidt zich vooral door een eigen geluid, een mysterieuze en intrigerende sound die nergens zijn gelijke kent.
Gitaarnoise wordt vaak afgewisseld met verstilde pracht, maar altijd gaat het ergens naar toe, al is het een eind buiten de horizon. Bovenal schitteren hier overwegend lange songs die als ratelslangen doorheen het barre woestijnland sluipen en op gepaste momenten fataal naar hun prooi uitpakken, check het fenomenale “With Crippled Wings” dat 10 minuten lang zalft en stenigt tegelijkertijd.
‘The Texas-Jerusalem Crossroads’ is vooral een plaat die zijn luisteraars meesleept op een innemende road trip doorheen het diepe Zuiden van de States en daarbij nogal wat bizarre verhalen en ervaringen op zijn pad tegenkomt. Een unieke trip, dat was het 16 jaar geleden ook al, maar weinigen hadden dat toen door. Laat ons hopen dat de plaat met deze heruitgave nu wel de erkenning krijgt die ze verdient.

“Komt er hier een tournee van ?” horen wij u al luidop denken. In zijn korte bestaan heeft Lift To Experience immers niet zo gek veel op het podium gestaan. Wij hebben de band toch één keer mogen meemaken op een onmogelijk vroeg uur in een halflege Marquee-tent op Pukkelpop. Daar mochten wij de magie van dit trio even aan den lijve ondervinden, en dat is iets wat een mens niet vergeet. Het duurde maar een halfuurtje, in hun geval goed voor amper een viertal tracks, en dat was natuurlijk veel te kort om ‘The Texas-Jerusalem Crossroads’ in vol ornaat te bewonderen.
Wij snakken dus nu meer dan ooit naar een integrale live uitvoering van dit meesterstuk. Er is een waterkansje, in de States heeft de heruitgave van ‘The Texas-Jerusalem Crossrads’ al tot enkele reünieconcerten geleid. Lift To Experience mocht zelfs aantreden op het befaamde SXSW, een festival waar doorgaans jonge en nieuwe bands worden opgevoerd, maar hier ging het dus duidelijk om het herontdekken van een band die veel te lang onder de radar is gebleven.
In Europa blijft het voorlopig beperkt tot één geplande showcase ergens in juni in Engeland. Doch wij blijven vooral hopen.

Phoenix

Phoenix - Terug van nooit weggeweest

Geschreven door

De programmator van Muziekcentrum Trix in Antwerpen mag zich in de handen wrijven. Met twee warm-up shows van de Franse toppers Phoenix kunnen we de wisselbeker van meest exclusieve concert van het jaar in de vitrine kast van de Antwerpse zaal stallen (Alt-J in De Kreun is een dichte tweede). Want een band die vier jaar geleden nog de weide van Rock Werchter en Dour plat speelde, nu aan het werk zien in de gezellige maar veel te kleine zaal, is op zijn zachts gezegd speciaal. De band bleek alvast meer dan klaar om binnenkort de grote zalen te veroveren!

No nonsense, geen zever: zo begon Phoenix aan hun tweede opwarmertje in Antwerpen. Een kort streepje klassieke muziek begeleidde de band op het podium waar de Fransozen meteen een nieuw nummer in de zaal knalden. Wie zich afvroeg of de band nieuwe nummers zou spelen, had al meteen zijn antwoord. “Ti Amo” klonk als een liefdeszang aan het publiek, al was het wellicht geschreven voor de vrouw van frontman Thomas Mars, Sofia Coppola. En er hing nog meer romantiek in de lucht. Ook andere nieuwe nummers “Lovelife” en “Role Model” baadden in de Parijse liefdessfeer.
Niet enkel het publiek, maar vooral ook de band had er zin in en huppelde als jonge veulens het podium op. De bandleden wisselden schalkse blikken en genoten zichtbaar van het enthousiaste publiek. Even leek het zelfs of Phoenix niet meer dezelfde band was die vier jaar geleden op Rock Werchter stond en dat we naar een klein onbekend bandje stonden te kijken. Ontdaan van alle sterallures (de band begon wel tien minuutjes te laat) kregen we Phoenix in zijn puurste vorm te zien. Als we dan ook nog worden weggeblazen, doet dat het beste vermoeden voor hun headlineshow op Dour deze zomer.
Met “Lasso” ving Phoenix de aandacht en “Entertainment” bracht exact wat de titel beloofde. Andere woordmopjes laten we voorlopig achterwege. Dus we schrijven niet dat de band als een niet nader genoemde vogel uit zijn as herrees, maar wel dat Phoenix nooit helemaal weg was. Zowat alle nummers uit het Grammy winnende Wolfgang Amadeus Phoenix stonden nog steeds in ons geheugen gegrift. De teksten waren misschien wat roestig, toch zat elke beat en gitaarmotiefje in ons motorisch geheugen. Dat de hoogtepunten dan ook uit die plaat kwamen, was niet meer dan logisch. Met de hattrick “Lisztomania”, “Armistice” en “Rome” net voor het einde bewees de band wat iedereen al zeker wist. De springerige gitaartjes in “Lisztomania” kregen iedereen in beweging en de kippevelsynths op “Rome” brachten een kleurrijke apotheose nog voor de set ten einde was.
Daarvoor toonde de Fransen zich ook al meesters in de mash-up. “Trying To Be Cool” en “Drakkar Noir” werden zorgvuldig aan elkaar geplakt. Het meest indrukwekkende knip- en plakwerk hoorden we op “Sunskrupt!”, een geweldig meeslepende mix van “Love Like A Sunset Pt. I & II” en “Bankrupt”. Het atmosferisch begin liep over in een electrobeat die deed denken aan Soulwax. Door de liefdevolle outro en de warme oranje belichting waanden we ons eventjes echt bij een zonsondergang. Bij afsluiter “If I Ever Feel Better / Funky Squaredance” hoorden we dan weer een vette knipoog naar die andere wereldberoemde Franse artiesten, Daft Punk.
“We’ve been waiting for this moment for four years,” biechtte frontman Thomas Mars op aan het begin van de bisronde. Samen met gitarist Christian Mazzalai bracht hij een verstilde versie van “Comedown” dat verassend emotioneel en aangrijpend was. Mars was duidelijk onder de indruk en na een zinderend “1901” ging hij iedereen persoonlijk gaan bedanken in het publiek. Dat zijn microfoon bleef steken tussen de steunpilaren van Trix kon hem even worst wezen. Op de tonen van het nieuwe “Ti Amo” (dat al bij een tweede luisterbeurt heel bekend in de oren klonk) baande hij zich een weg door het publiek en overlaadde hij ze met “Thank you’s”.

De vraag was dus niet “Was Phoenix goed?”, maar wel “Hoe goed was Phoenix?”. Na twee opwarmertjes  in Trix kunnen we er het label ‘Zeer goed’ op kleven. De pauze heeft de band duidelijk deugd gedaan en het leek alsof ze met hernieuwde moed en energie op het podium stonden. Het geluid zat goed, de nieuwe nummers klonken lekker en de fans zijn hen duidelijk nog niet vergeten. Phoenix is meer dan klaar voor een nieuwe tour, een nieuwe plaat en 2017.
Op 15 juli speelt Phoenix op Dour Festival.

Setlist: Ti Amo – Lasso – Entertainment - S.O.S. In Bel Air – Lovelife – Girlfriend - Long Distance Call - Role Model - Sunskrupt! (Love Like A Sunset Pt. I & II + Bankrupt) - J-Boy - Trying To Be Cool/Drakkar Noir – Lisztomania – Armistice – Rome - If I Ever Feel Better/Funky Squaredance
Bis: Comedown – 1901 - Ti Amo Di Piu (Reprise)

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Trix, Antwerpen

 

Iron Maiden

Iron Maiden - na al die jaren dynamiet!

Geschreven door

Goh, het zal zo’n 13-14 jaar geleden zijn dat Iron Maiden nog eens een zaalshow speelde in België, en als je er niet rap bij was om een ticket te bemachtigen (al dan niet staand of zittend) dan mocht je het vergeten, want dit concert was in een mum van tijd uitverkocht. Enkelen zullen alsnog een gat in de lucht gesprongen hebben want enkele dagen voor het uitverkochte Sportpaleis bleken enkele tickets opnieuw op de markt gebracht. Musiczine was present en na diverse malen deze Britse heavy metal band tijdens het festivalseizoen aan het werk te zien, waaronder dus ettelijke malen op Graspop, was ook ik benieuwd hoe ze het ervan brachten zonder gras en/of modder onder de voeten en met een dak boven mijn hoofd.

En jawel, zoals al herhaaldelijk ondervonden (en geloof me, ik was zeker niet alleen), bleek dat er nog altijd niemand iets blijkt gevonden te hebben om het geluid van het Sportpaleis van Antwerpen naar een hoger niveau te krikken. Bruce Dickinson mocht nog zo goed zijn best doen, zijn stem kwam niet goed uit de verf, de gitaren klonken bij momenten minder spectaculair door en dat helaas allemaal door het zaalgeluid. Maar deze metalgiganten lieten het niet aan hun hart komen en na de gekende intro (“Doctor Doctor”) sprong Bruce het podium op onder de tonen van “If Eternity Should Fail”, openingsnummer van hun laatste studioplaat getiteld ‘The Book of Souls’. Ja, qua showelement was het podium omgetoverd in een maya landschap en tijdens specifieke songs werd nog wat extra gedaan, maar later meer hierover.
Voor de mensen die Iron Maiden tijdens hun ‘The Book of Souls’ tour gevolgd hebben bleek dat er in feite niet zoveel veranderd was op de setlist, en dat er helaas ook veel nummers grondig gemist werden. Ikzelf had persoonlijk toch nog enkele hitjes willen horen, maar spijtig genoeg bleef ik op mijn honger zitten. Oké, aandacht voor het nieuwe album is het doel en dus werden nummers “Speed of Light”, “Death or Glory” (een meezinger van formaat ), “The Red and the Black” (topnummer) en verrassing “The Great Unknown”  door de band met verve uitgevoerd ondanks de klankproblemen. Terugkeren in de tijd werd gedaan door onder meer “Wrathchild” vanonder het stof te halen, het prachtige “Powerslave” en het naar een ballade neigende “Children of the Damned” aan de hongerige wolven in de zaal te voederen. Het kippenvelmoment was zonder twijfel het meekwijlen van “Fear of the Dark” die de zaal in 1 grote karaokebar omtoverde en het moment dat Bruce als springend over de monitors, de Britse vlag in de lucht zwierde op de tonen van “The Trooper”. Eddie mag nooit ontbreken tijdens een show van Iron Maiden en bij zijn eerste intrede tijdens titelnummer ‘the Book of Souls’ was hij gewaad in een maya-outfit en ging hij een ‘gevecht’ aan met de bandleden totdat de frontman zonder verpinken zijn hart uit zijn borstkast rukte. Zijn tweede intrede was trouwens tijdens hitje “Iron Maiden” waarbij hij over het podium goedkeurend knikte.
Qua bisronde wist ik al wat te verwachten en dus ging ik gewillig mee headbangen tijdens “The Number of the Beast”, onderging ik de speech omtrent samenhorigheid waarna “Blood Brothers” (met de zaligmakende gitaarpartijen) werd ingezet om vervolgens opnieuw kippenvel te krijgen tijdens afsluiter “Wasted Years”.

Als die hard fan van Maiden was ik toch ietwat teleurgesteld dat er weinig vernieuwing in de setlist te ontdekken viel, was ik wederom teleurgesteld door het zaalgeluid van het Sportpaleis, maar was ik ook dankbaar dat Iron Maiden ons Belgenland had gekozen om hun kunstjes te tonen en dat ik er zoals gewoonlijk bij was om ze te verwelkomen. De zaal begon leeg te lopen op de tonen van “Always Look on the Bright Side of Life” en hiermee werd de openingsshow van deze tour in Antwerpen afgesloten.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/iron-maiden-22-04-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/shinedown-22-04-2017/
Organisatie: Live Nation  

Stef Kamil Carlens

Stef Kamil Carlens - Reïncarnatie van een intimistische troubadour

Geschreven door


 
‘Terug van lang weg geweest?’ ... ‘Waarom nu deze come-back plaat?’ Het zijn openingsvragen die Stef Kamil Carlens ter gelegenheid van zijn net verschenen solo debuut ‘Stuck In The Status Quo’ dezer dagen met tegen zin op zijn bord krijgt. Feit is dat de introverte Antwerpenaar (?!) in al die jaren sinds A Beatband, dEUS, Kiss My Jazz, Moondog Jr., Zita Swoon en Zita Swoon Group wel gewoon muziek is blijven maken, alleen leende de format van zijn soundtracks bij recente dans/theatervoorstellingen er zich niet echt toe om veel airplay te halen.

Maar nu is er dus opnieuw een reguliere liedjesplaat, en ter opwarming voor de bijhorende tour proberen Carlens en zijn nieuwe begeleidingsgroep de resterende kinderziektes te overwinnen in een reeks try-out concerten. Dat er nog wat gesleuteld zou moet worden aan de chemie tussen de frontman en zijn vier kompanen hebben we afgelopen vrijdag in de Brugse Magdalenazaal trouwens amper gemerkt. In tegendeel, het was uitgerekend de geroutineerde Antwerpenaar zelf die aanvankelijk nog wat moest wennen aan de nieuwe realiteit feit dat de spotlights in deze tour volledig op hem zijn gericht. Maar het moet gezegd, Carlens deed zijn best om aan het publiek duidelijk te maken wie of wat hem inspireerde tijdens het maken van die eerste solo schijf. Een paar jaar sleutelen in zijn dooie eentje leverde uiteindelijk een schamele acht songs en 35 minuten luisterplezier op, maar in vluchtige tijden als deze lijkt dat alleen maar een voordeel.
Het gros van de nieuwste schijf stond in Brugge op de setlist, te beginnen met de melancholische album afsluiter “Going Home” die jammer genoeg wat spankracht mistte door de afwezigheid van de hier bijna onlosmakelijk verbonden strijkers. De groep kwam prompt een pak beter uit de verf tijdens de catchy nieuwe single “Empty World”, een erg persoonlijk eerbetoon aan wijlen boezemvriendin Yasmine waar Carlens grossierde op slide gitaar en de rest van de band werd voortgestuwd door de jazzy contrabas van ex-Dez Mona sterkhouder Nicolas Rombouts. Het juk van de ongemakkelijkheid viel definitief af toen tijdens het van Zita Swoon Group geleende “Rumble Factories” Carlens op z’n dooie gemakje een eenmansorkest installeerde. Eerst blikte hij een gitaarrifje in op tapeloop om vervolgens op een cajón (een Peruaanse drum box in de vorm van een rechtopstaande houten kist) te kruipen, een voetbas te bedienen en een mini marimba binnen handbereik te houden. Eén en ander resulteerde in een eclectische, ja zelfs psychedelische trip die bevrijdend leek te werken voor groep en publiek: Carlens voelde zich vanaf nu duidelijk een pak beter in zijn sas, waarop een aantal extraverte fans geregeld van zich lieten horen.
Over fans gesproken, een groot deel ervan leek oud genoeg om Carlens nog als jonge snaak te hebben gekend bij Moondog Jr. ten tijde van het klassieke debuut
‘Everyday I Wear A Greasy Black Feather On My Hat’ (’95). Twee nummers uit die wat vergeten schijf haalden de set in Brugge. Tijdens het ingetogen “Ice Guitars” stak Carlens zijn bewondering voor de hypnotiserende woestijnblues van Tinariwen niet onder stoelen of banken, wat zorgde voor een vreemd transcendent sfeertje. Ook “Jo’s Wine Song” is een bluessong, maar dan van het kaliber dat enkel komt bovendrijven als blijkt dat het tellen van lege wijnflessen geen probaat middel is tegen mannelijke eenzaamheid.
Ook in try-out modus hadden Carlens & co een aantal crowdpleasers achter de hand gehouden in Brugge. “Hot Hotter Hottest”, een behoorlijk lichtvoetige Zita Swoon single die we nooit echt hebben kunnen pruimen, kreeg een funky blues makeover die dringend eens op plaat moet worden gezet. Ook dat andere radiohitje “Thinking About You All The Time” klonk ineens urgenter en zou niet eens misstaan op de jongste plaat waarvan de resterende prijsbeesten netjes werden opgespaard tot aan de finale en de encores. De eerste single “The Journey Will Be Long” is nu al de titel Belpop classic waardig, ook al hangt een weemoedig fluisterende Carlens in dat nummer een weinig fraai doch pijnlijk accuraat beeld op van de mensheid. Ook live was er geen ontkomen aan de tristesse, maar de engelenstem van harpiste Alma Auer werkte als zalf op een wonde.
Na de
crescendo gaande slideblues uppercut “I’m Going Away” trok Carlens tot slot wederom de intimistische kaart. Met de keuze van het autobiografische begrafenislied “After I’m Gone” en een innemende interpretatie van Morphine’s “The Night” als afsluiters profileerde Stef Kamil Carlens zich ineens als een gevoelige troubadour met een open blik op zijn eigen sterfelijkheid.

Tijd om te rouwen is er nog niet, we gunnen de Antwerpenaar graag nog een paar decennia om zichzelf telkens opnieuw te blijven heruitvinden.

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Frances

Frances - Eternal sunshine of the spotted mind

Geschreven door

Sproetjes en rood vonkend krulhaar. Jonge twintiger en überbritish. Glasheldere stem en zeer ontwapenend. Maak kennis met zangeres-pianiste Frances, maak plaats voor haar warme klanken over de toonladders van mixed emotions bij een liefdesrelatie. Bijster origineel is ze niet, des te warmer als dekentje om je in op te rollen wel.

Je al eens afgevraagd hoe extra aantrekkelijk een optreden als publiek zou zijn vanuit een heerlijk warm bed vol kussens? Bij het concert van Frances in de sfeervolle AB Club komt die gedachte naar boven drijven. Eind september vorig jaar nog als voorprogramma van Bastille for Life in de Ancienne Belgique, nu in een no time uitverkochte Club. In 2016 had ze een kleine zegeronde met haar uiterst meezingbare “Don’t worry about me”. Nu kan ze met haar debuutalbum ‘Things I’ve never said’ aan de slag. Geen band rond haar, enkel haar eigen begeleiding op de piano. Het geheel doet je niet direct swingen : de mainstream ballades fungeren perfect als vehikel voor de audities van ‘The Voice’ om te tonen hoe groot het bereik van een stem is. Haar liedjes zijn bijna één voor één inwisselbaar. Maar waar uniciteit ontbreekt, heeft Frances warmte, charme en vakmanschap ten overvloede, en wil je er graag op je gemak bij liggen om naar te luisteren.
Na een kort welkomstwoordje trapt ze af met “Grow”. Direct valt haar mooie en zeer heldere stem op, zeker in het refrein waar het titelwoord in vier opéénvolgende noten naar omhoog wordt gezongen. Perfecte oefening voor de stembanden, en aangenaam om horen. Bij “Let is out” is er even een karaokemoment voor het publiek waar een toonladder mee kan gezongen worden als begeleiding. Ieder liedje – “Cloud nine”, “Borrowed times”, “Under our feet”, “Say it again”, “The last word” – wordt afgewisseld door een grappige anekdote over het leven als ‘zangeres on the road’. Willekeurig doet het denken aan Rowlf the dog van The Muppet Show, en dit is zeker een positieve vergelijking. Grappig en ironisch, inspelend op wat het publiek roept , krijg je voor hetzelfde geld een kleine portie stand up comedy erbovenop.

Als een bal voor een open doel eindigt ze met “Don’t worry about me”. Eventjes verwonderd dat ze door haar korte set heen geraasd is – ze klokt haar optreden op exact drie kwartier af – start ze haar hitsingle zonder begeleiding. Enkel stem, maar wat voor één. Door het zeer intieme karakter en haar transparante stem valt de schoonheid van haar teksten op. En die draaien quasi allemaal om hetzelfde : het moment dat een liefdesrelatie zijn magie verliest en twijfel en realiteitsbesef hun intrede doen.
Respect voor haar taalgebruik, het getuigt van talent om dit in elk liedje telkens met een nieuwe beeldspraak duidelijk en éénvoudig te verwoorden.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Waar Is Ken?

Waar Is Ken? – Trukendoos in Klank en Woord

Geschreven door

De zoetgevooisde , melancholiche electropop van het uit Izegem afkomstige Waar Is Ken? wordt sterk ontvangen .In een goedgevulde AB Club kwam het kwintet z’n tweede cd ‘Rafelrand’ voorstellen, die het twee jaar eerder verschenen ‘Dwaaltuin’ opvolgt  . Een pak elektronische apparatuur , keys , een diepe bas , een verdwaalde blazer bepalen een pastelachtig klankenspectrum , dat warm , teder klinkt .Toon Bosschaert is de man achter de knoppen die het raamwerk aflevert  . De dromerige , breekbare zang van Marlies Dorme en de grommende fluister/zegzang van Geerwin Vandekerckhove geven zeggingskracht .

Een impressionistisch kader trekken ze op, een speciale, mysterieuze droomwereld creëren ze door subtiele , spaarzame geluidjes , grooves en vibes . Fris en zacht klinkt het. Het zijn schone liedjes die een relaxte , aangename , chillende aanpak induceren en verdwalen in een roes. 
Waar Is Ken? heeft ergens een link met andere Nederlandstalige woordenkunstenaars en -wonders als Madou , Wim De Creane, Boerenzonen Op Speed, De Mens , Bart Peeters, Luc De Vos als Neerlands Hoop, MAM, Spinvis en de muzikale elektronica moves van Air en de semi-akoestische inslag van Lemon .
De band krijgt een sterke airplay op Radio 1 , maar verdient dat ietsje meer . Ook al straalt de groepsnaam een ‘je cherche donc je suis’-attitude uit, ook de visuals doen dit door  hun Pacman doolhof . De single “Woordenstroom” toont dit aan, ondersteunt de sobere als brede aanpak en wordt gedragen door de afwisselende zangpartijen. Het nummer krijgt nog wat meer elan door de  vocoderzang van Geerwin , die op z’n beurt Peter Frampton oproept. Net ervoor opende “Stadstuin” , reikte ons de hand met hun sfeervolle , aangename electropop.
In de vijfenveertig minuten durende set , ervaarden we een  verbondenheid en bleven de songs  tussen de oren hangen. . Het nieuwe album heeft een paar wonderbare singles als het dansbare “Chique” dat ‘fantastique’ klinkt door de aanstekelijke, dansbare ritmes en het intiem ingetogen “Hemelwater” dat door Marlies op piano/keys zo goed als alleen werd gezongen en gespeeld.
Waar Is Ken? flirt met stijlen , “Banksky” is eentje met de poëtische raps van Brihang; en op het opbouwende , variërende “Atlas” hoor je world/afro reggae met Eduard Buadee , die dit jaar met (het terug opgehoeste) Skyblasters hun 30 jaar jubileum viert. Schitterend ! Letterlijk had je een ontluikend lente gevoel , verwondering waar de donkere dagen uitgewuifd worden;  je geniet van de kleine dingen , de natuur die stilaan wakker wordt. Een soort onthaasting met sobere , elegante songs die zich een weg banen en dwarrelen als blaadjes rond, over ons heen , “Wonderling” , “Wimperzoen” , “Mirakelmaker” en “Sluimerdans”  klonken als een trukendoos in klank en woord! Oudjes “Komaf met Kafka” en  ‘Badpak zijn die andere twinkelende , extraverte songs, die de dansspieren aanspreken .
Tot slot kregen we met “Grasgewijs” een erg mooie afsluiter die de ingehouden als groovy kant van de band verbond .

Een handvol concerten zijn voorzien . De zoektocht naar Ken omarmt gelijkgestemden in de AB Club en is ‘Fantastisch’ op z’n Eva De Roovere . Een must-see!

Organisatie: Ancienne Belgique , Brussel

Cocaine Piss

Cocaine Piss - Alice in Punk-Wonderland

Geschreven door

Cocaine Piss - Alice in Punk-Wonderland
Cocaine Piss – Mind rays
Cactus Club
Brugge
2017-04-20
Louis Follebout

Deze veelbelovende punkavond mag geopend worden door de heren van Mind Rays. De Gentse nachtuilen vonden het nog te licht buiten, dus werd de show een kwartier later aangevangen, maar dit werd direct goedgemaakt door de eerste noten van het voorprogramma. Hard en luid. Dit vat het eerste nummer, en in alle eerlijkheid de hele set, perfect samen. De harde gitaren en perfecte drumritmes worden hard gesmaakt door het publiek. De Brugse punkers kunnen onmogelijk stilstaan op de sublieme gitaarriffs  en oorverdovende drums.
Het Gentse viertal breekt sinds 2013 menig Europese podia af en dat is in Brugge niet minder. Als de grote boze wolf blaast frontman Sis het podium omver alsof het een stenen huis was. De onversneden vocals zijn in perfecte harmonie, zelf wanneer Sis de micro vol in de mond neemt, met monsterlijke geluiden als gevolg. Tijdens het laatste nummer hebben ze zelf geen podium meer nodig en de frontman trekt het publiek in en op commando van de enorm getalenteerde drummer gaat Brugge nog één maal volledig los. Genoeg opgewarmd, laat Cocaine Piss maar komen!

Wanneer frontvrouw Aurélie Poppins het podium opkomt denk je niet meteen aan een losgeslagen punkfenomeen, maar eerder een lieve Alice die op pad gaat in haar Wonderland. Deze droom wordt meteen aan diggelen geslagen met het eerste nummer “Piñacolalove”. Wanneer je dacht het voorprogramma hard was, think again want Cocaine piss doet daar een serieuze schep bovenop. Een nummer van de Luikenaars duurt gemiddeld anderhalve minuut en misschien maar goed ook, want op sommige momenten zou je kunnen denken dat de schattige zangeres gewoon dood neervalt van de inspanning. Als een dartele, licht gedrogeerde gazelle dwarrelt ze op het podium terwijl ze geluiden produceert die je in de verste verte niet zou associëren als je haar ziet. Eerlijkheidshalve moet er wel een kanttekening gemaakt worden. De vocals zijn niet voor iedereen weggelegd. ‘You love it or your hate it’, maar gelukkig dacht het voltallige Brugse publiek 'WE LOVE IT', want na 10 minuten in de show werden de eerste moshkes geplaceerd. Er werd zelfs gekoprold. U hoort het goed, gekoprold. Voor de enkelingen die toch geen fan waren van de zanglijnen, waren er nog steeds de heerlijke ritmesecties waar Cocaine Piss altijd op kan terugvallen. De riffs zijn onverbiddelijk en sleuren je hoe dan ook mee in de sfeer van psychedelische punktrip in Wonderland.
Na 10 minuten kwam er een onverwachte gast bij in het publiek namelijk de frontvrouw zelf. Als een nymfomane ging ze het publiek rond op zoek naar haar volgend slachtoffer. Met verrassend sensuele bewegingen trok ze iedereen mee en het feest kon beginnen. Er werd gedanst, gesprongen, gemosht. Frontvrouw Aurélie had het zodanig naar haar zin dat ze besloot om voor de rest van de set tussen het publiek te blijven. Het is eens iets anders, maar het zorgde aangename gespannen sfeer in het publiek. Niemand kon haar volgende stap voorspellen en dat maakte dit optreden zo speciaal, maar zij was niet de enige onvoorspelbare. Tijdens het nummer “Ugly face on”  zag een fan zijn kans en nam de microfoon over. Het publiek werd verrast door een goedklinkend gebrul en vond dit blijkbaar niet erg. Het was misschien een mooie afwisseling op het hoge getier.

Kortom, een punkavond zoals het hoort: harde muziek, getalenteerde muzikanten en haast onverstaande vocals.

Setlist Mindrays
1. RETREAT  2. STILL & ALL  3. TRESPASS  4. MORE OR LESS  5. LIKE FLIES  6. THE ROPES  7. DEMUIE  8. WE SEE  9. SUNBREAK  10. NO PROTOCOL  11. RADIATE  12. FOLLOW SUIT  13. TAKE FOREVER  14. CREEK
Setlist Cocaine Piss
1. PIÑACOLALOVE  2. SEX WEIRDOS  3. FTS  4. HAPPINESS  5. TREEHOUSE  6. PLASTIC PLANTS  7. PIGEON  8. COSMIC BULLSHIT  9. BLACK SPEEDO  10. SHIY PANTS  11.ELEGANCE  12. UGLY FACE ON  13. THIS IS NO FASHION SHOW  14. INCEST  15. THE PLAYER WITHOUT A TEAM  16. THE DANCER

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/cocaine-piss-20-04-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/mind-rays-20-04-2017/
Organisatie: Cactus Club, Brugge

Meuris

Meuris – Tussen ervaren entertainment en herboren anarchie!

Geschreven door

Voor een vijftiger die ooit dacht (of althans hoopte) dat de wereld ooit wel de goede richting zou uitgaan zijn het vandaag meer dan harde tijden. Voorbeelden bij de vleet, een frontpagina van de krant meer dan genoeg om te beseffen dat het idealisme van toen (als dat al bestond) niet meer dan restanten vol angst en ellende voorstelt.

Tot spijt van wie het benijdt, hield Stijn Meuris de afgelopen maanden niet zijn mond, niet dat hij dat vroeger deed. Gewoon omdat iemand het moest doen. Daarom schuimde Meuris de Belgische zalen af met zijn uitverkochte ‘Tirades’. Niet omdat hij zich plots als een Geert Hoste zag (neen, gelukkig niet!), wel omdat er in hem nog dat klein stukje hoop zit dat hem toefluistert dat de mens zichzelf nog wil redden van de kapitalistische apocalypse die van zijn medemens niet meer dan een cijfer uit statistieken maakt.
‘Vigilant’, het lievelingswoord van de Antwerpse burgemeester (dixit Meuris) is het muzikale vervolg op zijn tirade. Meuris klonk nooit zo verbitterd, nijdig en melancholisch als voorheen.
‘Vigilant’ is tegelijkertijd ook een muzikale bevrijding voor Stijn Meuris. Eerlijk is het geenszins, maar het Limburgse rockicoon snapt zelf maar al te goed dat hij zijn songs niet meer hoeft te schrijven voor de radiojongens. Mensen vallen toch dood of vervallen in razernij, en dus kun je lekker je eigen gang gaan. Of zoals Stijn het in de AB Club zelf stelde: “het zijn songs waarvan wij vinden dat ze de ideale singlekeuzes zijn”.
José James moest zijn concert in de grote zaal annuleren, en daarom (alweer dixit Meuris) hadden we het kot van de AB voor ons alleen. Een concertzaal waar zeer veel over te vertellen valt (zelfs over de wc’s), al was het maar een plaats waar Meuris bijna jaarlijks heel zijn carrière lang stond/staat. We hebben het over het podium natuurlijk…
Steeds zichzelf bewijzend, hoewel het gisteren meer dan ooit op het betere luister(rock)lied met een sympathieke middelvinger leek. Beter dat dan je sherry drinken en ondanks de wereldbrand pretenderen dat er niets aan de hand is, niet waar mijnheer Meuris?
De vraag was hoe Stijn de zwaarmoedigheid van zijn laatste plaat op een podium zou brengen. Simpel, en effectief! Geruggesteund door bassist Bart Van Lierde (de enige die het oeuvre van Slayer akoestisch kan spelen, alweer dixit Meuris), gitarist (soms pianist) Dave Hubrechts, drummer Antoni Foscez en Kris Delacourt gewoon zichzelf wezen.
Stijn begon op veilig, “Als ik ’s nachts door Veerle rijd”, één van die vele Noordkaap-songs waar een normale mens het koud (of zo je het wil) warm van krijgt. Na Noordkaap, kwam Monza, gewoon omdat deze periode te goed is om te vergeten. “Naar Men Zegt” werd de tweede song uit een set van (!) 22 (LUISTER)liedjes.
Zo wat alles uit ‘Vigilant’ werd gespeeld, behalve het imposante “Maraboet” of de gezellige rocker “Als Lemmingen”. Wel “Truckstop”, al was het maar omdat Limburg niets anders dan lange steenwegen heeft (ondertussen weet je wie het gezegd heeft), “Fonkeling” (omdat het één van de weinig mooie woorden is), “Oud-Links” (al was het maar omdat het, slik, waar is) en “Vigilant”, een song die minstens even nijdig klinkt als “Gigant”…en dat zeggen we niet eens omdat de schrijfwijze van de woorden bijna identiek is.
Stijn zorgde tevens voor de crowdpleasers, de disco expresso van het onweerstaanbare “Bimbo Van Het Jaar” (nooit gedacht dat Stijn van Italo Disco hield), het altijd even mooie “Panamarenko” en “Van God Los” dat uitmondde in een eerbetoon aan zijne purperen hoogheid door er op een ongebruikelijke, grappige en uiteraard op Meuris-achtige wijze de ‘woo-hoo’s’ van “Purple Rain” aan te breien.
Het hoogtepunt was wat ons betreft op “Vigilant” na (we houden nu eenmaal van mannen die hun ziel uitkotsen, gewoon omdat kots je ziel wit wast) samen met een (op de tekst na) onherkenbare, meer aangrijpende versie van “In De Rij Voor Soep”. Zo waar beter dan het origineel.

Meuris balanceerde in Brussel uitstekend tussen ervaren entertainer en (her)boren anarchist, iemand die koos tussen durf (‘Programma 96’ en ‘Omerta’) en toegeving zoals met een megafoon door de zaal rennen met de afsluiter “Ik Hou Van U”. Al was het maar om de mensen er op te wijzen dat je ‘Vigilant’ kan kopen, doen!

Met dank aan Luminousdah.com  http://www.luminousdash.com

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

How To Dress Well

Care

Geschreven door

Op de vorige platen van Tom Krell , het alter ego van How to dress well, kregen we een gelaagd indie geluid , omgeven van r&b, postdubstep , trippop en orkestratie , in een evenwichtig geheel van akoestische en elektronische arrangementen.  Zijn karakteristieke , licht galmende falsetto stem geeft zeggingskracht. Zijn emotionele leefwereld wordt verhaald, ook op de nieuwe plaat , die muzikaal wordt verwoordt in compacte , dromerige , mooi uitgediepte songs , vanuit verschillende invalshoeken . Er is nagedacht en het materiaal zit subtiel in elkaar en heeft een (glossy) randje. Minder weird en beduidend toegankelijker .  Het onderstreept zijn productionele eigenzinnigheid en persoonlijkheid . ‘Care’ , het werkt helend goed!

Allah-Las

Calico review

Geschreven door
Allah –Las moet het zo niet hebben van moderne snufjes . De uit LA afkomstige formatie is een retrobandje pur sang en draait graag de klok terug naar die westcoastpop  van de jaren 60 en voegen er aangename surfgitaartjes , psychedelica riedels en 70 s retro aan toe .

Twaalf songs in nog geen vijfendertig minuten , leuk dus, dit betekent dat het aangenaam , relaxt wordt gehouden door die twinkelende gitaarakkoorden, dromerige, groovy tunes , huppelende drumritmes en de kenmerkende rock’n’roll sound.
We ervaren wel dat de elektronica wat meer ingang vindt in de nummers . Allah-Las zet iets verder van wat vroeger populair was en best niet vergeten wordt.

Bastille

Wild World

Geschreven door

Het is al snel gegaan voor het jonge Britse Bastille . De band heeft nog maar twee platen uit en is in die paar jaar uitgegroeid tot een supergroep. Ze hebben hét met hun toegankelijke, melodieuze synthpop  en sterke live reputatie . Die live reputatie is eerlijk gezegd sterker dan het plaatwerk . Ze hebben hét door hun betrokkenheid , enthousiasme en uitstraling die tekenen voor samenhorigheid en positivisme .
“Pompei” , “Things we lost in the fire” , “Laura Palmer” en de titelsong “Bad blood” werden vier classics , op de tweede is dit met “Good grief”  en “Warmth” . “Power”, “Send them off!”  en “Snakes” bengelen er nog wat aan . Het ander materiaal is meer van hetzelfde en moet het meer hebben van een stevige boost .
De songs zijn onschuldig en bereiken een breed publiek door  de kleurrijke, bombastische sound , toegegeven,  nergens te zeemzoeterig of kitscherig. Kauwgomballenpop, met Coldplay allures, die uiterst gezellig, warm aandoenlijk klinkt .
Bastille brengt muziek en ontspanning met een zeker entertainment en happy feelings gehalte.

Theme Park

Is This How It Starts?

Geschreven door

Dit Londens trio heeft met ‘Is This How It Starts?’ een uiterst goed in het gehoor liggend en dansbaar album in elkaar geknutseld. Na de korte instrumentale opener van het album krijgen we met “You Are Real” een song met een oorwormpje in het refrein en waarvan je zin krijgen om te bewegen. Zo ook voor tracks zoals “Dancing With The Other Girls” of “I’ll Do Anything”. “10AM” is een ingetogen en melancholische track die klinkt als een jaren-80 popsong. Theme Park verrast ons met een helder en levendig geluidstapijt, dansbare ritmes en een arsenaal aan synthsounds.
Het is een album geworden over opgroeien, de wereld in perspectief zien en over het verschil tussen het leven in realiteit en online. Voor wie geen behoefte heeft aan hun boodschap blijven er 12 leuke en pakkende popsongs over; waar het plezierig naar luisteren is.
Wie hen ook eens live wil zien kan hen gaan bekijken in september in België en Nederland (Paradiso). Verkrijgbaar in de meest gangbare muziekdragers en met als bonus een live-cd.

Smashing Birds

No More Revolutions (EP)

Geschreven door

De Bruggelingen van Smashing Birds wonnen zowel de publieks- als de juryprijs van Red Rock Rally in Brugge en in 2016 hadden ze de fijne single “We’ re Just Animals” uit. De single “Time” moet hun nieuwe EP’No More Revolutions’ op gang trekken. Beide nummers zijn dus terug te vinden op deze EP. “Time” is een dromerige en zweverige track met fijne synths, mooi drumwerk en gevoelig gitaarwerk. De zang zit geheel in de lijn van de song. Een mooie single. “Breaking Waves” bevat nogal wat vintage klinkend synthwerk en is wederom een catchy track dat alle elementen voor een goede radiosong bevat. Op “When We Freeze” krijgen we leuk baswerk en rinkelende gitaarriffjes. Ook hier een perfecte indiepop song.
De EP werd geproduceerd door Reinhard Vanbergen (Bekend van o.a. Das Pop, School is Cool, Deus…). En dat is er een beetje aan te horen. Het is te zeggen dat ze muziek maken die past, qua stijl, in het rijtje van eerder genoemde bands.
Smashing Birds presenteren vier geslaagde songs op hun debuut-EP. Ze klinken allen catchy en zijn geschikt radiomateriaal. Het zou mij niet verwonderen als we nog van hen gaan horen in de toekomst.

Pagina 260 van 498