logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

The Specials

Encore

Geschreven door

Sinds de reünie van 2008 (ongeveer) was het wachten op nieuw werk van The Specials, de band die van 1979 tot 1981 de 2-Tone ska op de kaart had gezet en die tot 2008 in onderlinge ruzies was verzand. Opgetreden werd er al wel opnieuw gedaan.

Van de oorspronkelijk zeven Specials zijn er op ‘Encore’ nog drie over: zanger Terry Hall, gitarist Lynval Golding en bassist Horace Panter. Een beetje jammer dat ze toaster Neville Staples, recent weer in goeden doen, over het hoofd hebben gezien, maar wie de bandgeschiedenis een beetje heeft gevolgd, snapt ook wel waarom.

The Specials hebben zichzelf een nieuwe band cadeau gedaan, met Nikolaj Torp Larsen, Steve Cradock, Kenrick Rowe, Tim Smart en Pablo Mendelsohn. Voor de opnames van Encore kwamen daar nog een strijkertrio, een cello-speler en gastzangeres Saffiyah Khan bovenop. Deze laatste mag op dit album de stem van MeToo vertolken op “10 Commandments“. Het klinkt een beetje als een knieval voor de (licht) vrouwonvriendelijke lyrics uit de begindagen van The Specials. Chapeau dat ze zo openlijk schuld bekennen en daarvoor zelfs het heilige huisje van Prince Buster durven slopen.

En het valt op dat deze versie van The Specials heel goed bij de les is, met zowat actuele issues op een rij: racisme (“Black Skin Blue Eyed Boys” (van The Equals) en “Black Lives Matter”), de U-bochten van politici (“Vote For Me”), de risico’s die de wereld neemt door presidenten als Trump de code van kernwapens toe te vertrouwen (“The Lunatics” (Have Taken Over The Asylum, een cover van Fun Boy Three), de druk van het internet en social media (“Breaking Point”), wapendracht (“Blam Blam Fever”), het moeilijk vinden van mentaal evenwicht (“The Life And Times (Of A Man Called Depression)”. Zelfs de jeugd met hun hoodies en gangs krijgt een ferme veeg uit de pan op “Embarrased By You”.

Het valt overigens op dat ‘Encore’ geen volbloed ska-album is geworden. “Black Skin Blue Eyed Boys” is disco-pop en ook “Black Lives Matter” drijft op een oldschool discodeun en met die parlando/halve rap eroverheen doet deze track wat denken aan “Rapture” van Blondie. “Vote For Me” doet inzake toon en sfeer dan weer heel hard denken aan het morbide van “Ghost Town”, de oude wereldhit van deze Specials. Volbloed-Specials is “Vote For Me” dus zeker wel, maar een volbloed ska-track zeker niet. “The Lunatics” is ska op een wals-ritme, wat als geheel een beetje klinkt als The Nits.  Pas op “Breaking Point” valt er voor ska-liefhebbers muzikaal al wat te rapen, maar nog veel meer kunnen zij hun hart ophalen op “Blam Blam Fever” en “Embarrased By You”. “10 Commandments” en “The Life And Times (Of A Man Called Depression)” zijn opnieuw parlando/half rap en zeker die tweede mellow track is er eigenlijk al te veel aan. Het goud zit zoals wel vaker helemaal op het einde van de mijngang: “We Sell Hope” is een met doom en gloom overladen reggaeballad met harmonische zang en zelfs een leuk strijk-arrangementje. Pas op deze track bewijst het overblijvende trio dat ze ook zonder Jerry Dammers recht in de roos kunnen mikken.

Wie een beetje uitkijkt kan dit album als CD aanschaffen met een bonus-CD. Daarop krijg je liveversies van een reeks Specials-klassiekers als “Gangsters”, “A Message To You Rudy”, “Stereotype”, “Too Much Too Young” en “Ghost Town”, aangevuld met het betere coverwerk (o.a. “Redemption Song” van Bob Marley).

Ben Sluijs Quartet

Particles

Geschreven door

We schrijven oktober 2016. Toen zakten we af naar W.E.R.F. labelnight in Concertgebouw in Brugge. We waren diep onder de indruk van de manier waarop een zekere Ben Sluijs zijn saxofoon bespeelde, alsof hij een onderdeel van dat instrument is geworden. Vanaf die avond waren we hevig fan van deze jazzvirtuoos. In februari zakte Ben Sluijs af naar de Lokerse JazzKlub en kwam daar zijn album 'Particles' onder de naam Ben Sluijs Quartet voorstellen. Dit leek ons een goede gelegenheid om die schijf, ook al is die al in 2018 op de markt gekomen, nog eens onder de loep te nemen. Met Bram De Looze (piano), Dré Pallemaerts (drum) en Lennart Heyndels (contrabas) weet Sluijs weer muzikanten rond zich te verzamelen die zijn intens mooie muziek tot een hemels hoog niveau doet opstijgen.
In alle bescheidenheid is Ben aan de weg blijven timmeren. In Ben Sluijs huist een uitzonderlijk getalenteerde muzikant die letterlijk zijn instrument tot leven brengt. Waardoor hij eerder thuishoort in de hoge regionen binnen het jazzgebeuren i.p.v. veilig verborgen voor de buitenwereld. Maar we vermoeden dat de man heel bewust voor deze weg heeft gekozen, en ook dat siert hem. Op de schijf is het dan ook die (alt)fluit en saxofoon die de toon aangeven van de plaat. Echter blijkt dus de inbreng van zijn medemuzikanten een enorme meerwaarde te zijn in het geheel. Getuige daarvan een sprankelend mooie “Air Castles” waar Bram zijn pianoklanken je een ware krop in de keel bezorgen, laat klinken als een warme gloed tegen koude winteravonden. Die lijn wordt eigenlijk doorheen de volledige schijf doorgetrokken.
In de Lokerse Jazzklub waren we danig onder de indruk van Dré zijn uitzonderlijke drumwerk. Dat hoor je ook op deze schijf terug. Luister maar naar songs als “Cell Mates” en “Mali” twee songs die worden gedragen door een uitzonderlijk gevarieerd drumwerk, van uiteenlopende kwaliteit, met zelfs een zekere zin tot experimenteren en vooral heel intensiviteit gebracht. Breekbaar als porselein, maar ook net energiek genoeg om je niet in slaap te wiegen is de rode draad doorheen voornoemde songs maar ook doorheen de gehele schijf. De zin tot improviseren tot in het oneindige, iets wat ik zo bijzonder vind aan jazz, keert eveneens terug op deze plaat.
Meermaals tuimel je van de ene adembenemende verrassing in de andere. Ben Sluijs laat niet direct in zijn kaarten kijken, waardoor je deze schijf toch enkele luisterbeurten moet geven, om dan weer andere ontdekkingen te doen. Zwevend, adembenemende songs als “Mali”, waarbij dus dat perfecte drumwerk wordt aangevuld met een fluit/saxfoon-inbreng die je onder hypnose brengt, is daar een mooi voorbeeld van. Het doet wat denken aan rituelen waar een fluitspeler de aanhoorder in een soort diepe trance doet belanden door middel van spelen met emoties van de aanhoorder.
U hebt nog niets gelezen over de inbreng van de contrabas? Nu, als je een kers op de taart zoekt in deze schijf dan is het net dit. De baslijnen van Lennart zorgen er namelijk voor dat een warme gloed neerdaalt over je hart. Telkens opnieuw. Tot je, eens in die trance beland, niet wil ontsnappen. Waardoor zijn inbreng van al even grote meerwaarde kan genoemd worden in het geheel.
Ook al ligt de focus enorm op de saxofoon en (alt)fluit van Ben zelf, je hoort hier een band waarvan elk van de leden hun instrument niet bespelen. Nee, ze brengen dat instrument letterlijk tot leven waardoor een perfecte jazzplaat ontstaat. Fragiel als de glimlach van een kind, en net ruw genoeg om je zodanig te hypnotiseren op een zelfs lichtjes dreigende wijze, dat je murw wordt geslagen. Niet door het optrekken van een geluidsmuur, maar door net op die plaats je hart diep te raken waardoor je wegzakt in een andere, mooiere wereld die dit kwartet je aanbiedt.

Tracklist: Particles, Song For Yusef, Miles Behind, Air Castles, Cell Mates, Mali, Jemima, Ice Chrystal

Blues/Jazz
Particles
Ben Sluijs Quartet
Ben Sluijs
On Purpose Records

Quentin Sauvé

Whatever It Takes

Geschreven door

Quentin Sauvé kent iedereen wel als een bandlid van de post-hardcoreband Birds In Row, met wie hij deze zomer nog op tour ging met Neurosis en Converge. De Franse artiest bracht zijn eerste solo-album op de markt: 'Whatever It Takes'. Een heel persoonlijke, pakkende folkschijf die een heel andere zijde laat zien en horen van deze klasbak. 
Vanaf de eerste song, “Dead End”, krijgen we dan ook een vrij emotionele trip aangeboden waar een lach en een traan perfect met elkaar zijn verbonden. Want dat is toch uit het leven van iedereen gegrepen? Ook uit dit van Sauvé zo blijkt uit de teksten. Bitter klinkt het echter nooit, eerder doet de man een warme gloed van melancholie en weemoedigheid over jou neerdalen die je hart tot innerlijke rust brengt. Begane wegen worden verder bewandeld op “Half Empty Glass” en “People To Take Care Of”, waarover Sauvé het volgende zegt: ''People To Take Care Of" is a song about my grandparents and our family vacation home in the country side where we used to spend a lot of time, holidays and all."
Sauvé maakt ook duidelijk dat hij de positieve kant van dat eventuele verdriet uit de doeken wil doen op deze schijf. Daar slaagt hij dus volledig in, want tussen het wegpinken van een traan door bezorgt hij je een glimlach op de lippen terugkijkende op een rijkelijk verleden. Daar kan “Bad News Bearers” niets aan veranderen. De songs ademen diezelfde sfeer uit als wanneer je bladert door het familiefoto-album en je dan die vergeelde foto vindt van je lang overleden grootvader of grootmoeder. Een foto die je gegarandeerd toch even verdrietig zal maken, maar waarbij je vooral terugkijkt op die mooie en onvergetelijke momenten die je met deze mensen hebt doorgebracht. De boodschap is duidelijk: het is nooit verkeerd eens terug te keren naar je verleden, daar even bij stil te staan en door te gaan met het leven.
Gelukkig trapt Quentin Sauvé niet in de val om zijn songs saai of al te zeemzoetig te laten klinken. Het gaat altijd de boeiende en doorleefde weg op, alsof hij je meeneemt naar zijn verleden en je confronteert met het jouwe. Zonder al te klef te gaan klinken, maar eerder door je te overstelpen met weemoedige gedachten die je een krop in de keel bezorgen. De missie om even terug te keren naar zijn verleden en de aanhoorder daarvan een onderdeel te laten zijn? Daarin is Quentin Sauvé met dit knappe conceptalbum met brio geslaagd.

Tracklist: Dead End (3:00); Half Empty Glass (4:25); People To Take Care Of (4:17); Love Is Home (3:59); Ghosts (4:05); Selfless (2:53); Bad News Bearers (4:03); Riddled (5:21); Disappear (5:30)

SAOR

Forgotten Paths

Geschreven door

SOAR is een Schotse blackmetalband, met invloeden uit de Keltische folk en uit Schotse mythes,  opgericht in 2013 door Andy Marshall. We citeren: ''Een unieke expressieve benadering die diep induikt in lyrische thema's gebaseerd op literatuur, landschappen, geschiedenis, verdriet, de natuur en de majestueuze bergen van zijn vaderland''.
SOAR brengt een nieuw meesterwerk uit waar Keltische folk weer perfect wordt verbonden met intensieve symfonische black metal. We namen 'Forgotten Paths' onder de loep en doken onder in de meest donkere gedachten, waaruit we niet meer wilden of konden ontsnappen eens in trance gebracht.
De best lange duurtijd van songs als “Forgotten Paths”, “Monadh” en “Bròn” - afklokkend rond tien tot twaalf minuten - zijn zelfs een meerwaarde in het geheel. Langzaam maar zeker grijpt SOAR je bij de keel, knijpt die al even traag dicht en laat niet meer los tot je tot bloedens toe geslagen uw eigen demonen strak in de ogen kijkt. SAOR bezorgt je een intensieve, donkere trip in deze landschappen en bossen. Daarbij valt de gestroomlijnde instrumentale aankleding op. Maar het is die bijzonder griezelige grafstem van een vocalist die klinkt als een demonische wezens uit eveneens voornoemde mythische verhalen, die ons naar adem doet happen, terwijl we baden in het angstzweet op een koude winteravond. Of althans, zo voelen elk van die songs aan.
De absolute echte reden waarom we zo onder de indruk zijn van deze schijf is dat SOAR geen typische blackmetalplaat uitbrengt, maar wel die donkere kant van die muziekstijl zodanig brengt dat het aanvoelt alsof je in een donkere mist bent terecht gekomen. Griezelige geluiden vanuit alle uithoeken van het bos komen je tegemoet en laten je verweesd achter. Met de waanzin in de ogen hoor je niet alleen het ritselen van de bladeren, maar eveneens een stem uit het duister. Een geschreeuw van demonische wezens die het duidelijk niet goed met u menen. 
Daardoor is 'Forgotten Paths' een topplaat geworden die pure black metal perfect verbindt met mythes, folklore en absolute duisternis. Op een zodanig intensieve wijze dat je eens dat bos binnen gestapt, er niet meer uitgeraakt tenzij compleet waanzinnig geworden van pure angst. En dat is hoe we onze boterham met symfonische blackmetal nog het liefste verorberen.

Rosalyn

Single Mother (EP)

Geschreven door

Rosalyn is het zijproject van Frédéric Aellen die daarnaast voornamelijk bezig is met The View Electrical. Je moet eens hun debuut ‘Roseland’ checken, een pareltje. Rosalyn ontstond vlak na het maken van ‘Heiligenstadt’. Dat was ergens eind 2017-begin 2018. Hij voelde de drang om iets totaal anders te maken. Iets introverts, intiemer en akoestisch. Zo begon hij eraan met enkel zijn gitaar en een laptop. Hij ontdekte de software garageband en dat was zijn redding aangezien hij er niet meteen in slaagde om een band op poten te zetten voor zijn zijproject.  
In de zomer van 2018 sloot hij zich op in de No Sun studio’s met zijn View Electrical-kompaan Raul Bortolotti om aan songs te werken. Het is niet helemaal akoestisch geworden; er zijn namelijk ook wat elektrische gitaren en piano te horen. Uiteindelijk had hij maar liefst zestien gevoelige songs klaar. Het thema in de meeste songs ging over tragische of getraumatiseerde vrouwenfiguren.
Op ‘Single Mother’ krijgen we al een voorsmaakje van het album ( ‘All Your Silences’) . Vier songs waarvan “Single Mother” en “Laura” het meest naar indiepop en folk neigen. Een beetje de Zwiterse variant van Milow, maar dan met iets meer diepgang. Op “Broken Again” krijgen we weidse gitaargeluiden. “Rusty” wordt voornamelijk door piano ondersteund. Het is een eerder donkere song en iets minder toegankelijk dan de andere.
Deze voorbode doet het beste verhopen voor het komende album in het voorjaar. Wie fan is van The View Electric zal dit ook weten te waarderen. We mogen het niet zeggen, maar de songs hier hebben toch veel weg van die bij The View Electric. Alleen is het soberder verpakt.

Paul Kalkbrenner

Paul Kalkbrenner - Deutsche Technogründlichtkeit

Geschreven door

Audi, Mercedes, BMW, Volkswagen of Porsche. Subtiel, stevig, sportief, kwalitatief of keihard. Elk zijn merk, elk zijn eigen karakteristiek. Eén voor één ook een toonbeeld van de overbekende Deutsche Gründlichtkeit; merken die getuigen van gedegenheid, ambacht en een zeer lange staat van dienst. En op zo’n lange staat van dienst kan al eens een heel klein beetje roest zitten. En laat het voorafgaande net ook allemaal van toepassing zijn op de zaalconcertpassage van Paul Kalkbrenner in Vorst Nationaal.

Met deze keer een sportshirt met opschrift München 1974 (een verwijzing naar de gewonnen Eurocupfinale van Bayern München tegen Atletico Madrid in, jawel,  Brussel in dat jaar), zijn sneakers-met-print die de helft van de tijd het grote zwart-wit scherm achter de dj vullen en een enorme glimlach op zijn gezicht start de Berlijnse dj onder blauw-paarse minimalistische horizontale en verticale belichting rustig zijn show op met “Part 8” van zijn laatste album ‘Parts of life’.
Ook al begint dit concert bijna absurd vroeg, net na half negen en na een intro van een half uur durende film, heb je instant het gevoel dat je ettelijke uren later met een Duitse auto zonder trajectcontrole de Autobahn op raast. Want zo voelt de muziek van Paul Kalkbrenner :  een nachtelijke soundtrack waar je in de repetitieve kadans van de tarmac en een blik op oneindig op meedeint. De artiest geeft ieder liedje voldoende tijd om het te laten groeien. Hier geen razendsnelle drops, bombastisch vuurwerk of schreeuwerige confettikanonnen zoals bij het door de Duitse dj verfoeide EDM, wel een zee van ruimte die Paul Kalkbrenner gretig gebruikt om zijn assemblages ingenieus aan mekaar te koppelen. Met zeer simpele en kundige overgangsmomenten krijgt het publiek in een half uur “Battery Park”, “Part 3”, “Wir werden sehen” en “Part 2” op een mooi aan mekaar gesmeed presenteerblad vers opgediend.
Dat publiek draagt Paul Kalkbrenner dankbaar op handen :  iedere mijlpaal uit de carrière van de dj wordt bij de eerste herkenning enthousiast onthaald. En datzelfde publiek laat eigenlijk ook liefdevol toe dat de muziek op sommige momenten op een implosie afstevent. Vooral op de meedaverende tribunes krijg je minutenlang enkel de keiharde beats te horen en zakt de signature melodie waar Paul Kalbrenner zijn faam mee maakt volledig weg.
Vooral na de mix van “Mad world” op drie kwartier in de set is er een half uur waar het zelfs even op de horloge kijken is met de vraag hoe lang dit nog duurt in het achterhoofd. Past de muziek van Paul Kalkbrenner in een zaal als Vorst Nationaal ? Maakt de dj niet te veel een spreidstand tussen dj-set en een klassiek zaaloptreden waardoor de dj aan frisheid inboet en een beetje metaalmoeheid toont?
Gelukkig is er licht op het einde van de tunnel met het ingenieuze en milder gebrachte “La Mezcla” en is er zelfs een kwartier later sprake van een hitsige mini dj-set. Vanaf dat moment is het ook duidelijk dat het einde van het concert eraan komt, met regelmatige stiltes tussen de tracks waarbij de dj grijnzend het publiek dankt.

Na de platinumhattrick “Sky and sand”, “Feed your head” en “Aaron” sluit Paul Kalkbrenner mooi om 23 uur stipt het concert af. Ja, die Duitsers, die zijn naast gründlich dus ook zeer pünktlich.

Organisatie: Live Nation

Lemuria

Lemuria - De donkere sage en legendes tot leven gebracht binnen een verschroeiende set: maal vier

Geschreven door

Lemuria  - The Hysterical Hunt - cd release
Terwijl de eerste lente zon nogal vroeg in het jaar de terrasjes vol doet lopen en de temperaturen naar zestien graden stijgen, zakten wij op vrijdagavond af naar de donkere kerkers van de Hel. Lemuria kwam in JC Vizit in Wilrijk zijn cd ‘The Hysterical Hunt' voorstellen en deed de zaal heel goed vol lopen, al zou het toch duren tot Furia het podium betrad eer JC Vizit echt goed gevuld zou zijn. De affiche oogde trouwens heel gevarieerd met voornoemde twee kleppers gecombineerd met Symfonische Death metal act Innervate en Pagan/Folk metal band Vanaheim.

Dat het een boeiende avond zou worden vertoevende in de donkere, mysterieuze bossen waar al even mystieke wezens uit vele sage en legendes huizen? Het stond in de sterren geschreven. Innervate (****) is een Symfonische Death Metal band uit Heist-op-den-berg die is ontstaan in 2014. De band haalt volgens zijn facebook pagina zijn invloed bij acts als Dark Tranquillity, At the Gates of Insomnium en dat is ook te merken aan de letterlijk verschroeiende gitaar riffs die klieven als een botte bijl door je vege lijf. De band bracht ondertussen een EP op de markt 'Unconquered' en timmert ondertussen noest verder aan de weg om zijn stempel te drukken op het typische Symfonische Death Metal gebeuren. Als je, door middel van eerder vernoemde riffs, gecombineerd met een ijzingwekkende growls uit die eerder vernoemde donkere bossen het gevoel krijgt alsof die poorten van de Hel voor het eerst, maar niet voor het laatst, deze avond openzwaaien dan lijkt het een kwestie van tijd eer Innervate in zijn opzet slaagt. Op ons heeft de band alvast een al even verschroeiende en intensieve indruk gemaakt, dankzij die verdovende gitaar solo's die de haren op onze armen doen recht komen. Van angst of innerlijk genot? Dat laatste laten we in het midden.

Voor de tweede band op deze avond stond al iets meer volk in de zaal. Op een vrijdagavond dien je niet alleen rekening te houden met de legendarische files rond de Antwerpse ring, het mooie weer zorgde er wellicht voor dat veel aanwezigen toch eerst genoten van een fijn terras voor naar de putten van de Hel af te zakken. Vanaheim (****) tapt met geverfde gezichten en een typische Pagan/Folk metal inbreng uit een heel ander vaatje, maar sluit toch perfect aan op zijn voorgangers tot de daarop volgende bands.
Dat is trouwens het leuke aan deze avond stellen we vast, ondanks de verschillen zijn elk van de vier bands door die donkere, occulte omkadering eigenlijk enorm met elkaar verbonden.
Vanaheim moet het hebben van tot de verbeelding sprekende verhalen over trollen, vreemde wezens uit donkere bossen en weerzinwekkend ogende schepsels uit sage en legendes die je angst aanjagen. Niet het soort sprookjes over prinsessen en de prins op zijn witte paard, maar het soort dat je tot waanzin drijft. De grimassen op het gezicht van de frontman zegt al meer dan genoeg. Werd de poort van de ene Hel open gezet door Innervate, dan zet Vanaheim een andere deur open om ervoor te zorgen dat die wezens de zaal bestormen klaar om iedere aanhoorder te verscheuren door middel van al even ijzingwekkende riffs en growls die duidelijk komen uit de kerkers van die Hel.

FURIA (*****) is in het Antwerpse - tot ver daarbuiten - uitgegroeid tot een begrip. De band speelt in Wilrijk een soort thuismatch en kon blijkbaar het meeste volk lokken naar dit evenement. Zelfs iets meer dan de afsluiter van de avond zo zou later blijken. Al meerder keren stellen we vast dat FURIA zijn naam niet heeft gestolen. Dat blijkt in Wilrijk ook weer het geval te zijn. De band gaat zowel instrumentaal als vocaal zodanig furieus tewerk dat de grond begint te daveren onder onze voeten. Die aardverschuiving in de buurt van Wilrijk die u voelde tot in Antwerpen centrum? Daar is dus nu een verklaring voor gevonden. FURIA doet naar goede gewoonte er alles aan om op een razendsnel , verschroeiend tempo dat dak er meerdere keren te laten afgaan. Dompelden de andere bands de zaal onder in eerder sombere atmosferen, dan mag er bij FURIA echter ook eens gelachen worden, want de band straalt wel donkere intensiviteit uit , maar overgiet dit met de nodige dosis humor en zelf relativering. Besluit: Zowel naast als op het podium gaat het bij FURIA vooral om een daverend feest bouwen. Uiteraard binnen een eerder duistere omkadering, maar je wordt daar dus ook vrolijk van en dat mag ook al wel eens op deze uiterst donkere avond.

Lemuria - 'The Hysterical Hunt' release - Terug naar de sombere en duistere realiteit met Lemuria (*****) een band die al Sinds 1999 aan de weg timmert. Ook al hield de band er even mee op in 2006, ze hebben steeds hun stempel weten te drukken op dat typische Symfonische Black Metal gebeuren in ons land. Hun meest succesvolle jaar tot nu toe was 2012 toen de band als winnaar werd uitgeroepen van de 'Graspop Talent Quest'. Sinds o.a. de komst van Daan Swinnen als zanger/frontman lijkt er een heel andere wind te waaien binnen Lemuria.
Op de cd voorstelling "Chapel of Abhorrence'' van Carnation vorige zomer zagen we Lemuria al aan het werk en schreven daarover: ''Gerugsteund door die stem van Daan, die zich bovendien ontpopt tot een klasse entertainer, voelt het aan alsof duizenden demonen uit die voornoemde Hel prompt iedereen in de zaal zal verscheuren. Besluit: Lemuria slaat na zoveel jaren een nieuwe bladzijde om, en heeft met Daan een frontman in huis gehaald die je dankzij zijn bijzondere stem en demonische uitstraling rillingen tot de bot bezorgt. Wat heel belangrijk is binnen dit donker allegaartje dat de band aanbiedt. Meteen geeft Daan de band dan ook een welgekomen injectie die Lemuria heel goed kan gebruiken om door te stoten tot de hogere regionen in het donkere metal gebeuren."
Laat dit laatste nu ook de rode draad zijn in hun eigen CD voorstelling. ‘The Hysterical Hunt’ laat een band horen die duidelijk een bladzijde uit zijn rijkelijk verleden omslaat, maar op het oog naar de toekomst gericht zijn ervaring binnen dat vak uitvoerig in de strijd gooit. Dat hoor je aan de perfect gestroomlijnde, ijzingwekkend donkere riffs waarbij weer eens de haren op onze armen recht komen. Binnen donkere sferen die gaan van intensief, log op je gemoed inwerken naar zodanig verschroeiend strak en harde uithalen dat het lijkt alsof vele bosmaaiers zonder ophouden op jou inbeuken tot je hersenpan compleet is ingeslagen.
Ondanks het bewieroken van Daan zijn inbreng binnen dat geheel staat de man uiteraard te roepen in de woestijn zonder die al even verschroeiende en perfect in elkaar geknutselde instrumentale aankleding. Dat blijkt als de heren in een korte instrumentale intermezzo tussen de songs door alle registers compleet open trekken en dankzij een al even ijzingwekkende solo van gitaar en drum het doet aanvoelen dat elk moment de duivel himself je hart uit je vege lijf zal komen scheuren. Dat laatste gebeurt uiteindelijk ook als Daan bij de daarop volgende song het podium terug betreedt. Die demonische uitstraling van Daan is daarbij niet enkel een streling voor het oog, hij staart je zodanig strak in de ogen dat je eens onder hypnose gebracht je eigen demonen nog maar eens strak in de ogen kijkt. Zijn uitzonderlijke vocale inbreng doet me naar adem happen en met het angstzweet in de lippen eveneens hetzelfde doen, mijn eigen demonen in de ogen kijken dus. Best indrukwekkend trouwens hoe die sympathieke jongeman naast het podium, eens hij dat podium betreedt zich ontpopt tot een demonische duivel die je hart uit je vege lijf rukt en je ziel doet branden in de putten van de Hel.
Besluit: Daan zijn indrukwekkende inbreng binnen het geheel, kan ondanks de verschroeiende instrumentale aankleding, niet voldoende in de verf worden gezet. Maar het is dus vooral duidelijk dat je anno 2019 een band hoort waarbinnen iedereen dezelfde richting uitkijkt, namelijk recht naar de Hel. En daar kunnen we enkel en alleen heel blij om zijn.

Tracklist: Intro// A Plague upon the land // The Hysterical Hunt // The Cross & the crusade // Deceptive Hibernation // As Darkness Falls// of winter & hell// Requiem // Between Man & Wolf//Endgame (The Impending Hurt) - BIS - A Coming Storm.

Besluit: Het meest opvallende op deze avond? We zagen vier bands die op hun eigen wijze sage en legendes uit occulte verhalen tot leven brengen binnen een donkere omkadering die je angst aanjaagt, tot waanzin drijft en murw slaat. Al dan niet door middel van een eerder humoristische inbreng, maar telkens met dat ene doel voor ogen. De winter in je hart nog even laten voort duren, zelfs tijdens het opkomen van de eerste echte lentezon op een zachte februari avond. Net na Valentijn was het dan ook gezellig die donkere zijde van onszelf weer op te zoeken, maal vier. Is onze eindconclusie na weer een geslaagde avond vertoeven in de donkere krochten van de 'underground' van de zware en duistere metalen.

Organisatie: Lemuria + JC Vizit, Wilrijk

Steel Panther

Steel Panther - De standaardformule met covers

Geschreven door

Steel Panther, het is een band die de controverse niet schuwt. De laatste jaren kregen ze zowel fans (vooral mannen) als tegenstanders (vooral vrouwen) bij.  Dit is uiteraard te wijten aan de vrouwonvriendelijke en schunnige teksten van het Amerikaanse viertal. The Pussy Melter Pedal van gitarist Satchel zorgde vorig jaar nog voor een feministische golf van verontwaardiging en bijgevolg extra naamsbekendheid voor de karikaturale glamrockers.

Afgelopen zaterdag stonden Michael Starr (zang), Lexxi Foxx (bass), Stix Zadinia (drums) en Satchel (gitaar) met hun nieuwe tour ‘Sunset Strip Live’ in een uitverkochte Mast in Torhout. De titel van de tour verwijst naar de plaats waar het voor de band allemaal begon: de Sunset Strip te Las Vegas. Hier traden ze vroeger op als een covergroep van de betere glam- en hairmetal. In Torhout kregen we dus niet enkel eigen hits voorgeschoteld, maar ook enkele evergreens uit de rockwereld. Dat het grootste deel van het publiek naar De Mast afgezakt was om een stevig feestje te bouwen bewezen de talrijke foute outfits en een gemolesteerde sekspop.

Nadat Gus G. en Dj Matt Stocks het publiek aardig opwarmden, stak Steel Panther het vuur aan de lont met de klassieke opener “Eyes of a Panther”. Het was duidelijk dat de leden er veel zin in hadden, hoewel het einde van de Europese tour in zicht was. Na twee liedjes en een lange inleiding kregen we de eerste covers voorgeschoteld, namelijk “You Really Got Me” van The Kinks en “Jump” van Van Halen. Het moment dat op het meeste bijval kon rekenen was toen Starr verkleed als Ozzy Osbourne een akelig accurate versie van “Crazy Train” zong.
Tijdens deze show geen “17 Girls in a Row”, maar dat betekende niet dat er naar het einde van de set toe geen uitbundige schare vrouwen op het podium te zien was. Deze keer was die eer weggelegd voor de Def Leppard cover “Pour Some Sugar on Me”. Afsluiter van de avond was “Gloryhole”, dat luidkeels meegekweeld werd door jong en oud.

In het recente verleden kreeg de band vaak als kritiek dat er teveel uit hetzelfde grappenvaatje getapt werd en te weinig muziek gespeeld werd. In Torhout werd duidelijk dat dergelijke kritiek grotendeels voor dovemansoren geuit werd. Steel Panther leek opnieuw de standaard vuilgebekte stand-up comedy show te geven  maar deze keer met een iets gevarieerdere muzikale omlijsting. Ondanks de hoge amusementswaarde dreigt er dus toch wat sleet op de formule te komen.

Op de setlist: Eyes of a Panther – Goin’ In The Backdoor – You Really Got Me – Jump – Fat Girl – Asian Hooker – Poontang Boomerang – Kickstart My Heart – Crazy Train – Guitar Solo – Party All Day (Fuck All Night) – Pour Some Sugar On Me – Livin’ On A Prayer – Community Property – Death To All But Metal – Gloryhole

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/73-de-mast-torhout/steel-panther-16-02-2019
Organisatie: Vzw Strike Torhout + Biebob

Yo La Tengo

Yo La Tengo - Onverwoestbare indie-Goden

Geschreven door

Yo La Tengo, een band die al 3 decennia lang weet mee te gaan en zich telkens toch weer durft vernieuwen. Niet enkel plaat-gewijs, ook live doet de band telkens net dat tikkeltje anders. Wie al vaker naar een Yo La Tengo-concert geweest is, weet dat ze nooit dezelfde setlist te horen zullen krijgen. En dat siert, want uiteindelijk weet je nooit wat je te wachten staat.
Zo was dat niet anders afgelopen zaterdag in de l’Aéronef in Lille. De Amerikanen hadden 2 sets voor ons voorbereid. Eentje om de avond rustig mee te beginnen en vervolgens een om de avond scheurend mee af te sluiten.

Hun eerste deel van de avond noemden ze zelf de ‘quiet’ set. Niet dat deze persé heel stil was, maar laat ons zeggen dat in vergelijking met deel 2 onze oren iets meer gespaard werden. Beginnen deden ze met het nummer “You Are Here”, het intro nummer uit hun laatste plaat ‘There’s a riot going on’. Het publiek in de zaal dad het, toen de lichten uitgingen, nog wat moeilijk had om te zwijgen, werd vanaf het begin van dit nummer zodanig meegezogen dat praten geen optie meer was. Ook “What Chance Have I Got”, “Ashes”, “She May She Might” en “Here You Are” komen uit hun laatste plaat en kregen ook een plekje in de quiet set.
Behalve nieuwe nummers werden er in het eerste deel van de avond ook oude nummers gestoken, o.a. “Black Flowers” en “Can’t Forget”.

Voor het tweede deel van hun set koos Yo La Tengo voor iets meer uptempo nummers. Openen deden ze met een ode aan Michael Hurley door een cover te brengen van zijn nummer ‘Polynesia #1’. Nadien volgden onder andere “Here To Fall” en “Shaker”. Op “Stockholm Syndrome” kreeg zelfs gitarist James de kans om zijn zangtalent aan de l’Aéronef te tonen. Met onderscheiding geslaagd, als je het ons vraagt.
In deel twee werden ook nog eens 2 nummers van hun laatste langspeler gespeeld, “For You Too” en “Shades Of Blue”. Iets rustiger dan wat we verwacht hadden in een ‘Loud Set’, maar ze konden ons toch nog steeds bekoren. Deel 2 eindigen deed Yo La Tengo met “I Heard You Looking” een nummer dat live zo een 10 minuten duurde en scheurde als geen ander.

Het publiek, wat trouwens gedurende heel de show al razend enthousiast was, kreeg maar niet genoeg van deze 3 indie-goden en smeekten met een lang applaus om meer. Zelfs nadat de lichten in de zaal aan gingen applaudisseerden de meesten nog waardoor Yo La Tengo besloot toch nog eens terug te komen.
De bisronde bestond uit 3 covers. “Swallow My Pride”, een cover van The Ramones, “Griselda”, een cover van The Holy Modal Rounders en het wondermooie “By The Time It Gets Dark” van Sandy Denny.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/aeronef-lille/yo-la-tengo-16-02-2019


Organisie: Aéronef, Lille

Paul Collins

Paul Collins Beat - Oudste songs triomferen

Geschreven door

Even leek het erop alsof Paul Collins een grote ging worden toen hij eind jaren ‘70, begin jaren ‘80 twee knappe platen vol sprankelende power pop (‘The Beat’ en ‘The kids are the same’) uitbracht bij CBS, één van de allergrootste platenmaatschappijen. Helaas bleef een echte doorbraak uit en deemsterde Paul Collins in de loop der jaren steeds verder weg. Af en toe probeerde hij het nog eens maar het duurde tot 2014 vooraleer hij gerehabiliteerd werd dankzij ‘Alive Naturalsound Records’. Intussen heeft hij al drie albums gemaakt voor dat label en rijgt hij de ene tour aan de andere. Zo belandde hij zaterdag voor de derde keer in nauwelijks evenveel jaar tijd in Den Trap.

Een goedgeluimde Paul Collins trapte zijn set af met “Dreaming” een nummer uit ‘The kids are the same’. En net als de vorige keren kwam ook nu het leeuwendeel van de songs uit die twee eerste platen, gelukkig maar. Zijn stem is zeker niet immuun gebleven voor corrosie maar zijn ongebreideld enthousiasme en de stevige begeleiding (bassist Paul Stingo en drummer van het eerste uur (!) Michael Ruiz) compenseerden dat ruimschoots. Bovendien bleek hij ook nog een aangenaam causeur die ons enkele pittige anekdotes uit zijn beginperiode vertelde. Uiteraard moest ook de nieuwe plaat, ‘Out of my head’, gepromoot worden en niet alle nummers daaruit waren even sterk. “Killer inside” kon me nog bekoren maar “Tick tock” had de impact van een vallend blad en zo zaten er nog een paar mindere broeders tussen. Beste song vond ik “On the highway”, dat een stuk bluesier klonk dan destijds.
Hét hoogtepunt kwam evenwel uit totaal onverwachte hoek toen de baas van het etablissement de vocals van “Rock ‘n roll girl” voor zijn rekening mocht nemen en zo zijn niets vermoedende vrouw, Nina, op een wel heel origineel verjaardagscadeau trakteerde. En de man deed dat werkelijk voortreffelijk, inclusief een wijdbeense metalpose. Zelfs de nogal talrijk aanwezige lallende drankorgels hielden het toen enkele minuten stil.
Het bekendste nummer spaarde hij tot helemaal op het eind: “Hanging on the telephone”, vooral bekend van Blondie maar origineel van The Nerves, Collins’ eerste groepje waarin ook Jack Lee, die het nummer schreef, en Peter Case zaten.

Urgent is hij allang niet meer maar de ongekroonde ‘king of power pop’ bezorgde ons toch weer een heerlijk nostalgische trip.

Organisatie: Den Trap, Kortrijk

Ennio Morricone

Ennio Morricone – Ennio weet van geen ophouden!

Geschreven door

Al bijna drie jaar tourt Italiaans meest gerenommeerde orkestleider Europa rond met zijn ‘60 years of Music tour’. Ennio Morricone weet van geen ophouden. Alleen de grootste helden in de muziekwereld komen maar liefst vier keer naar België met bijna exact dezelfde tournee. Twee maal het Sportpaleis, één maal Paleis 12 en ook nog het openlucht concert op het Sint- Pietersplein in Gent niet te vergeten. Het Sint-Pietersplein, dat mocht toch niet ontbreken voor deze grote ster uit Rome. Straks nog een aantal concerten in zijn geliefde Italië en dan zou het voorbij moeten zijn voor de inmiddels 90-jarig Ennio Morricone. Al weet je natuurlijk nooit.

Hier en daar al wat klachten horen erbij voor een man van zijn leeftijd maar het moet gezegd zijn, weinigen hebben het hem voor gedaan. Bijna twee uur vol passie samen op het podium met het Tsjechies Symfonisch orkest samen met het 72 koppig koor Fine Fleur Choir. Van “The Battle of Algiers” tot “The Hateful Eight” een verschil van  55 jaar. In die periode zijn de meesterwerken van Ennio niet meer bij te houden en bijgevolg barst de prijzenkast inmiddels uit zijn voegen.
Om dan een setlsit samen te stellen voor bijna twee uur is al een kunstwerk op zich. Begin met “The Dream Go On” was voor de hand liggend. Natuurlijk mogen de samenwerkingen met zijn boezemvriend Sergio Leone niet ontbreken. “The Good, the Bad and the Ugly” en “Once upon a time in the West” zijn klassiekers, net zozeer als “The Ecstacy of Gold” met de Zweeds Italiaanse sopraan Sussana Rigacci. Maar het is meer dan die ‘spaghetti westerns’ alleen, daarom kan hij zich daar wel eens druk om maken. En gelijk heeft hij misschien wel. Het is de kunst als toeschouwer om te achterhalen welk geluid van welk instrument afkomstig is. Bij “The Working Class Go To Heaven” is het onwaarschijnlijk welke diversiteit van geluiden je kan creëren. “La luz Prodigiosa” werd vocaal kracht bijgezet door Dulce Pontes. Net zoals later bij “Abolisson” zorgde ze voor meer drama en kracht bij de nummers. Terwijl we bij “Gabriels Oboe” moesten denken aan een kabbelend beekje.

Om maar te zeggen dat we diversiteit gehad hebben van rust naar opbouwende hoogtepunten, hedendaagse invloeden met gitaar en drum, drama en vooral veel passie. Heel veel passie. Net zoals bij zijn goede vriend Quentin Tarantino, die zou stoppen na “The Hateful Eight” maar ondertussen bezig is aan de afwerking van “Once upon a time in Hollywood”. Met filmmuziek van… de Maestro!!

Organisatie: Greenhouse Talent

Triggerfinger

Triggerfinger - Niet elke veldslag gewonnen, maar de oorlog wel

Geschreven door

Twintig jaar. Dat is een hele tijd. Dit jaar bestaat Triggerfinger twintig jaar en dat is een prestatie op zich voor een band, maar het trio is meer dan gewoon een band. Triggerfinger is een begrip in de Belgische muziekwereld. Het trio – strak in pak – hebben verschillende hits op hun naam staan. “All This Dancin’ Around” en “Is It” zijn er slechts twee. De band staat er ook om bekend niet vies te zijn van covers. Toch heeft de groep rond Ruben Block, Lange Polle en Mario Goossens niet altijd succes gekend. Lange tijd speelden ze in de kleinste en vuilste café’s. Ooit stond het trio op te treden voor één militair, maar dat is verleden tijd. Deze week staat Triggerfinger maar liefst vier keer in De Roma. Vier keer hangt het bordje ‘Uitverkocht’ boven de deur.

Triggerfinger betreedt het podium wat later dan verwacht en nemen hun wapens te hand. Ruben Block draagt een pak met vijftig tinten groen en ook Goossens en Den Polle verschijnen in pak. Uiteraard. Ook de vierde musketier verschijnt met gitaar ten tonele en de veldslag kan beginnen. “I’m Coming For You” geeft het startschot van de avond. Niet meteen het schot in de roos, maar er volgen al snel meer nummers. Er wordt stevig doorgespeeld en na een half uur klinkt de eerste ‘Hallo’. ‘We spelen tot het zweet op ons hoofd staat, dan zeggen we ‘hallo’ en we spelen verder’. Het energiepijl ligt op dit moment op het podium nog hoger dan in de zaal. Maar de drie musketiers zijn nog maar begonnen.
Triggerfinger heeft na een carrière van twintig jaar veel kruid om te verschieten. Dat doen ze ook. We krijgen van alle albums een reeks nummers te horen. Dit betekent ook een hele hoop nummers uit de periode waarin Triggerfinger nog niet bekend was bij het grote publiek. Het publiek is dus niet altijd even geboeid, maar drummer Mario Goossens weet ze op de juiste momenten op te zwepen. Hetzelfde gebeurt als frontman Ruben Block tijdens korte gitaarsolo’s naar de rand van podium komt. In het begin zat er nog niet veel beweging in de zaal, maar Triggerfinger brengt daar verandering in. Stil staan is onmogelijk tijdens nummers als “All This Dancin’ Around”. Ook tijdens “Funtime” van Iggy Pop worden de benen nog een allerlaatste keer los gesmeten.
“Funtime” is trouwens niet de enige cover van de avond. Onder andere Rihanna en The Scabs vinden ook hun weg naar De Roma. Eén van de hoogtepunten is ongetwijfeld “I Follow Rivers”. De Lykki Li cover zit boordevol intensiteit tijdens de opbouw naar de climax van “My Baby’s Got A Gun”. De spanning was te snijden tijdens het gefluit van Ruben Block. De veldslag van de Drie Musketiers kent spanning, momenten waarop alles werd gegeven en ook momenten waar een lossere ludieke sfeer in de zaal hing.
Tijdens de bisronde gaan de mannen zelf naar popmuziek toe. Om maar te zeggen dat we veel verschillende Triggerfingers te horen kregen.

Triggerfinger speelde meer dan twee uur de beste nummers uit hun carrière. Het duurde even tegen dat de set goed op gang kwam, maar er werd op het einde toch goed bewogen in de prachtige Roma. Er zijn momenten waarop er luid en hard wordt gesleept, op andere momenten was de spanning te snijden en wat later bevinden we ons in een dancing. Een avond vol variatie met de mannen in het pak. Niet alle nummers weten ons evenveel te boeien, maar tijdens andere songs hingen we aan de lippen van Ruben Block. De Drie Musketiers hebben niet elke veldslag gewonnen, maar de oorlog wel.

Setlist: I’m Coming For You - First Taste - Lit It Ride - Short Term Memory Love - By Absence Of The Sun – Soon - Big Hole - Flesh Tight - My Baby’s Got A Gun/I Follow Rivers (Lykke Li cover) - Off The Rack - Robbin’ The Liquor Store (The Scabs cover) - Man Down (Rihanna cover) - On My Knees – Colossus
Drum Solo
All This Dancin’ Around - Is It- It Hasn’t Gone Away - Perfect Match - Bring Me Back A Live Wild One - Need You Tonight (INXS cover) - Funtime (Iggy Pop cover)

Dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: De Roma, Antwerpen

The Gloaming

3

Geschreven door

Real World Records werd in 1989 opgericht door Peter Gabriel en leden van WOMAD (een kunstenfestival). Vooral in de beginjaren stonden ze bekend om de releases van wereldmuziek. Met artiesten zoals Papa Wemba (rumba rock), Estrella Morente (flamenco) en Abderrahmane Abdelli (berber) kwamen ze volop in de aandacht. Wereldmuziek is nog steeds hun uithangbord.
The Gloaming maakt ook een soort van wereldmuziek. De band is van Ierse afkomst en gebruikt traditionele Ierse elementen in hun muziek. Die combineren ze met post-rock, moderne jazz en nog veel meer. Voor hun derde album trokken ze naar New York en werden ze bijgestaan door Thomas Bartlett (o.a. Sufjan Stevens, St. Vincent) en Patrick Dillet (o.a. David Byrne, Laurie Anderson). Hun instrumentaria bestaat uit piano, keys, twee violen, gitaar en zang. Zanger Iarla O’Lionard was vroeger lid van The Afro Celt Sound System. Het moet gezegd de man heeft een karakteristieke stem die eerder ruw maar ook teder kan klinken. Er zit veel variatie in het album. Sommige tracks zijn echte Ierse tunes zoals “Sheegan’s Jigs” of “The Old Road To Gary”. Die boeien mij persoonlijk minder. Gelukkig trekken ze dikwijls hun songs open door er andere invloeden aan toe te voegen. “Athas” is zo’n voorbeeld. Het is heel sfeervol en neigt naar post-rock.
Nogal wat tracks zijn gebaseerd op gedichten. “Reo” is een bewerking van een gedicht van Sean O’Riordan. “Méachan Rudai” bevat stukken tekst uit het gelijknamig gedicht van Liam O’Muirtile en “My Lady Who Has Found The Tomb Unattended” is gebaseerd op een tekst uit circa 1609. Daarnaast bewerken ze ook een aantal traditionals. Je ziet dat de roots van hun land er diep inzit. Soms klinkt het vrij etherisch zoals “The Song of Glens”. De mooiste songs vind ik “Méachan Rudai”, “Athas”, “The Lobster”, “Reo” en “My Lady Who Has Found…”. Heel sfeervol en soms intens. De echte Ierse traditioneel ingevulde songs vind ik soms wat te langdradig en te klassiek.
The Gloaming heeft een heel sterk Iers klinkend album gemaakt. De elementen uit andere genres die ze eraan toevoegen vind ik hun sterkte. In de helft van de tracks overstijgen ze daardoor het gemiddelde. Geef mij tien van deze tracks en ik ben helemaal verkocht. Wie helemaal voor de traditionele Ierse muziek is zal dit album geweldig vinden.

Ellende

Lebensnehmer

Geschreven door

Soms pik je uit het aanbod een band of album omdat je al meteen een woordgrapje in gedachten hebt. Zo dook bij het nieuwe album van Ellende spontaan het idee op dat dit album ‘een schoon ellende’ of ‘een doffe ellende’ zou kunnen zijn. Ellende is ook gewoon een Duits woord en dus de geknipte naam voor een Oostenrijkse atmosferische blackmetalband.
De band Ellende werd in 2011 opgericht als studioproject  door de Oostenrijkse multi-instrumentalist LG en heeft reeds twee albums uitgebracht. Vooral het tweede, ‘Todbringer’, wist heel wat Europese blackmetalfans te bekoren.
Met ‘Lebensnehmer’  legt Ellende, sinds enige tijd een duo, de lat een stuk hoger dan op ‘Todbringer’. Vooral het drumwerk  is beter. Bij heel wat studioprojecten in de (atmosferische) blackmetal wordt met drumcomputers of andere elektronica gewerkt en dan maak je met een echte drummer toch wel het verschil. Met’ Lebensnehmer’ zet Ellende nog twee stappen vooruit ten opzichte van ‘Todbringer’. Niet alleen inzake opname, productie en mix, maar ook inzake compositie.
De instrumentale intermezzo’s tussen de echte songs gaan al na een paar luisterbeurten vervelen, maar daarvoor bestaat de doorspoelknop (toch als je niet op vinyl luistert). Wel meteen raak is “Augenblick”, een flinke portie dood en verderf die zonder genade je oren wordt binnengeduwd. Hier klinkt het atmosferische het zwaarst door. Ook “Die Wege” is een heel sterk nummer. De lijkenliefhebberij gaat door met “Der Blick wird leer” en “Du wärst eine schöne Leiche”. Die laatste track is echt veruit het beste nummer van dit album en wordt terecht als ambassadeur naar voren geschoven. Hij begint als een kopstoot van agressieve riffs, vertraagt even, gaat dan naar een lange break en daarna komt nog een lang eindoffensief met agressieve en toch bijzonder melodieuze riffs. Het is vooral die combinatie van agressieve blackmetalzang en die mooie, heldere gitaarmelodieën die van Ellende een unieke band maken. “Atemzug” is een fraai staaltje speed-blackmetal om een fijn album mee af te sluiten.
Ellende heeft met ‘Lebensnehmer’ een ellendig mooi (te mooi om te laten liggen) album gemaakt. Fans van Drudkh en Wiegedood moeten dit zeker eens checken.

Earupt

Elements

Geschreven door

Ik zou graag deze recensie willen beginnen met een rechtzetting. Toen we Earupt aan het werk zagen op Pluto Metal Fest eind vorig jaar schreven we daarover: "De band brengt zijn debuut 'Elements' op de markt en liet op Pluto Metal Fest al eens in zijn kaarten kijken:" Die informatie blijkt dus niet te kloppen. Earupt, opgericht in 2007, bracht reeds in 2014 zijn eigenlijke debuut op de markt: 'Belief/Relief'. Bij deze mijn excuses voor het misverstand. Ondertussen bleef de band noest aan de weg timmeren. Opvolger 'Elements' wordt opnieuw in eigen beheer uitgebracht.
De eerste song, “Shedding Skin”, geeft al de toon aan. Verschroeiende, lekker aan de ribben klevende riffs klieven als een botte bijl door je vege lijf. Gerugsteund door een gestroomlijnd drumsalvo blijkt echter vooral de energieke en hoogstaande vocale aankleding de ultieme kers op de taart te zijn. Een lijn die Earupt doortrekt over het volledige album. Zowel “Bloodstain”, “Hooked On Life” als “Bareknuckle Fight” zing je prompt uit volle borst mee, en zorgen ervoor dat je hevig headbangende, bij voorkeur met de vuist in de lucht, overgaat tot een potje luchtgitaar spelen. De band combineert trouwens zowel groovy metal als grunge met vette knipogen naar bijvoorbeeld blues. En schotelt dus een heel gevarieerde schijf voor die elk beetje liefhebber van grunge tot aanstekelijk potje metal en hardrock over de streep zou moeten trekken.
Het meest opvallende: na al die jaren hoor je een band waarbij alle bandleden duidelijk dezelfde kant uitkijken. 'Elements' is een schijf waar puur technisch dan ook geen speld valt tussen te krijgen, alles zit perfect in elkaar. Maar gelukkig blijft de spontaniteit en het spelplezier ook overeind. Wij zijn vooral onder de indruk van die bijzonder veelzijdige stem van zanger Rik, die over een stembereik beschikt waardoor de geluidsmuren gaan trillen. Echter is het vooral de samensmelting tussen al die verschillende elementen en het aanbieden van een plaat waar snelheid en rustmomenten elkaar in een razend snel tempo opvolgen dat ons het meest over de streep trekt. Ook bij de daaropvolgende songs, “Elements”, “Rebellion” en afsluiter “Heatwave” worden vooral de nekspieren aangesproken en bezorgt Earupt ons de ene na de andere oorgasme.
Wij waren op Pluto Metal Fest al overtuigd van de heren hun kunnen, op 'Elements' zet Earupt enorm veel stappen voorwaarts om door te breken naar een heel ruim publiek binnen het typische groovemetal- en grungegebeuren. We krijgen een aanstekelijke, groovy en catchy schijf voorgeschoteld die goed in het gehoor ligt en heel toegankelijk en gevarieerd klinkt waardoor je de songs prompt begint mee te brullen, zelfs na één luisterbeurt. Maar vooral blijkt deze schijf een pareltje van een plaat te zijn die van begin tot einde aan je ribben blijft kleven.
Tracklist: 1. Shedding Skin 5:30, 2. Bloodstain 4:19, 3. Hooked On Life 5:14, 4. Bareknuckle Fight 3:52, 5. Elements 6:19, 6. Rebellion 5:11, 7. Writings On The Wall 3:56, 8. Broken Wings 6:49, 9. Heatwave 4:23.

Dust Bolt

Trapped In Chaos

Geschreven door

Toen we vorige zomer de Duitse Thrash Metal band Dust Bolt zagen optreden op Antwerp Metal Fest waren we danig onder de indruk van de stevige en gevarieerde performance. We schreven daarover: ''Dust Bolt zorgt, door middel van een wervelende show, dan ook voor één van de hoogtepunten op de eerste festivaldag. En dan hebben we het dus zowel over de instrumentale als vocale aankleding die ons met verstomming slaat, als de enorm spontane manier waarop alles gebeurt." De band timmert sinds 2006 aan de weg en bracht zijn nieuwste schijf uit: ‘Trappend In Chaos'. Waaruit blijkt dat Dust Bolt over de grenzen van het doorsnee thrashmetalgebeuren heen kijkt, met het oog naar de toekomst gericht, maar ook met respect voor hun verleden.
Want vanaf die eerste songs, “The Fourth Strike”, “Dead Inside” tot “The Bad Ad” hoor je dat Dust Bolt heel bewust kiest om niet meer puur en alleen thrashmetal te brengen. Er worden bladzijdes omgeslagen naar andere muziekstijlen in het metalgebeuren. Hoewel de roots niet wordt vergeten, luister maar naar het typische thrashmetalpareltje “Rythm to My Madness”, waar verschroeiende riffs de haren op onze armen doen rechtkomen van innerlijk genot. Het is net dat schipperen tussen verleden en toekomst dat niet enkel de rode draad vormt doorheen deze plaat, maar dat ook de reden is waarom wij over de streep worden getrokken. We houden nu eenmaal van bands die zichzelf blijven uitvinden. En dat is wat Dust Bolt anno 2019 dus doet.
Meerdere adrenalinestoten en kroppen in de keel verder blijven we dan ook totaal van de kaart achter in een hoekje van de kamer. Dust Bolt moet al lang niet onderdoen voor de grote namen in de thrashmetal. Anno 2019 doet Dust Bolt er gewoon meerdere scheppen bovenop. En zet de Duitse and nog maar eens meer stappen voorwaarts naar compleet volwassen worden. De toekomst van Dust Bolt zag er al rooskleurig uit. Op basis van deze gloednieuwe schijf zien we vooral een band die zijn eindpunt totaal niet heeft bereikt, integendeel. En dat is dus de verdienste van een band die toekomst, heden en verleden perfect met elkaar verbindt.

Tracklist: The Fourth Strike, Dead Inside, The Bad Ad, Bloody Rain, Rythm To My Madness, Shed My Skin, Killing Time, Trapped In Chaos, Another Day In Hell, Chaos Possession, Who I Am.

Dun Ringill

Welcome!

Geschreven door

Wat begon als een jam in 2017 met doomy en donkere muziek met Scandinavische folkinvloeden ontaardde uiteindelijk in iets groter. Dun Ringill (ook een songtitel van Jethro Tull) bestaat uit een zeskoppige bende Gothenburgse muzikanten die hun sporen verdien(d)en in bands zoals The Order of Israfel, Doomdogs, Intoxicate, Grotesque en nog zoveel meer. Daarnaast zijn ook gastverschijningen van o.a Per Wiberg (Candlemass), Kamatcha en Opeth.
Het album begint in elk geval indrukwekkend. “Welcome To The Fair Fun Horror Time Machine” is even uitgebreid als zijn titel lang is. Dat wil niet zeggen dat het langdradig is. Deze track is goed uitgebouwd. Er is eerst een vrij lange intro waarin je je op de kermis waant. Dan valt er een lange en logge riff in die de song op gang trekt. De vocals zijn hier schitterend. Ze leunen dicht aan waanzin en klinken groots. Beetlejuice komt hier zomaar mijn hersenpan binnenschieten. Er zit ook een folky passage in. Een beetje zoals Ayreon ook wel eens doet.
Op “Welcome Black Eyed Kids” gaat het tempo de hoogte in en deze track bevat een mooie bridge waar o.a. de bas en een fijne gitaarsolo samen met een fluit de hoofdrol mogen spelen. “Open Your Eyes (And See The Hapinness)” is ook een sterke track. In de intro horen we iemand een wijsje fluiten wat dan terugkomt in het gitaarwerk. Mooi gedaan en catchy. “The Door” is misschien het meest toegankelijke nummer van het album maar is dan daardoor weer net iets te gewoontjes. Wel terug een fijne bridge halfweg. Deep Purple en Iommi zijn waarschijnlijk hun grote voorbeelden. Luister maar eens naar “Snow of Ashes” en je zal begrijpen wat ik bedoel. De afsluiter “Demon Within” is terug een grootse song. We krijgen engelengezang (hier door Mathilda Winberg) om de track te openen, daarna hebben de vocals (Thomas Eriksson) iets sacraals. Met hier ook een riff die meteen onder je huid kruipt. Het orgel (Per Wiberg) naar het einde toe is de kers op de taart.
Slechts zes songs (ze duren wel allen tussen de zes en de negen minuten) maar een volwaardig album. Wat een sound zetten ze hier neer. Je hoort dat dit rasmuzikanten zijn. Hun debuut heeft een kloppend hart en smaakt naar meer.

Donder

Keukenpraat

Geschreven door

Donder is een trio talentvolle jazzmuzikanten die met hun debuut 'Still' - helemaal in eigen beheer - in 2016 heel hoge ogen gooiden. De band hoort zonder schroom thuis in het rijtje van bijvoorbeeld De Beren Gieren, SCHNTZL of Steiger, eveneens opkomende jazztalenten die het genre nieuw leven inblazen en heruitvinden. De lovende recensies in binnen- en buitenland over dit debuut zijn daar het levende bewijs van. De band nam in 2017 deel aan de STORM!contest en werd daar eveneens met lovende woorden overladen. Ondertussen zijn we 2019 en bracht Donder een nieuwe schijf uit: 'Keukenpraat'. Eentje die eigenlijk al vorig jaar op de markt verscheen, maar gezien de status van deze topband in het jazzgebeuren -en tot ver daarbuiten- ook zoveel maanden later de nodige aandacht verdient.
Harrison Steingueldoir op piano, Stan Callewaert op double bass en Casper Van De Velde op drums leggen de lat dan ook vanaf die eerste song enorm hoog. “Dinosaurus 1” komt op een intieme, verstilde wijze binnen en dan zijn we vertrokken voor wat een trip is die je gemoed tot innerlijke rust zal brengen. Geluidsmuren afbreken daar doet de band niet aan, maar een gevoelige snaar raken op een zeer intensieve en enorm intimistische wijze, dat weer wel. Op hetzelfde elan gaat Donder door op daarop volgende - vaak korte - songs als “Don't Stop, It Feels Like Paradise”, “Tuimelen”, “Nostalghia” of “Alpeis”. De duurtijd ligt telkens tussen één minuut en dertig seconde tot één lang nummer van meer dan vijf minuten: “Alphabet Town”.
De verdovende pianoklank knoopt perfect aan bij drumpartijen die aanvoelen alsof een zachte hand je hart raakt waardoor de pijn prompt verdwijnt. Waarna een contrabasgeluid dan weer eerder aanvoelt als een deken tegen de koude nachten. De muzikanten vullen elkaar bovendien blindelings aan en doen er alles aan om de aanhoorder te hypnotiseren. In tegenstelling tot wat de bandnaam doet vermoeden komt er geen gedonder of bliksem aan te pas. Of het moet de beeldschone samensmelting zijn tussen drum, adembenemende mooie piano en contrabas die een kortsluiting doet ontstaan in je hersenen, waardoor je daadwerkelijk begint te zweven naar heel andere oorden, ver verwijderd van de harde realiteit van het leven.
In deze circa dertig minuten lange weemoedige trip die je ziel doet bloeden, raakt Donder niet één maar veel verschillende gevoelige snaren. Zoals een bladzijde omslaan in het leven belangrijk is om de volgende stap te kunnen zetten, is het aan te raden deze parel van een schijf in zijn geheel te beluisteren. Want elke song sluit zo perfect op de volgende aan, dat het eerde het totaalpakket is dat ons ontroert en ons hart diep beroert. Eens gegrepen door zoveel weemoed en intensiviteit tot intimiteit is geen weg terug meer mogelijk. Het enige minpunt? Donder maakt zodanig intensieve mooie muziek dat je uit die wereld niet meer wil ontsnappen. Meer nog, de koude wind en regen bij het buiten gaan voelen we dankzij deze hartverwarmende trip in eerste instantie zelfs niet meer. Want Donder is erin geslaagd binnen die dertig minuten een deken over onze ziel te leggen, waardoor we die barre koude totaal niet meer voelen. Indrukwekkend!

Tracklist: Dinosaurus 1 (03:45), Don't Stop, It Feels Like Paradise (01:28), Alphabet Town (05:36), Tuimelen (01:27), Keukenpraat (03:10), Nostalghia (01:28), Paul, Dancing (04:04), I Remember Oranges (03:09), Izgnanie (03:54), Alpeis (02:00), Ekster (03:34).

Blues/Jazz
Keukenpraat
Donder

 

Wannes Cappelle, Broeder Dieleman & Frans Grapperhaus

Dit Is De Bedoeling

Geschreven door

Als artiesten die binnen de Nederlandstalige muziek grenzen hebben verlegd, een samenwerking aangaan, dan spitsen we iets meer de oren. We citeren uit de biografie: ''Wannes Cappelle (BE) en broeder Dieleman (NL) slaan de handen in elkaar voor een uniek project. Samen met Frans Grapperhaus op cello betreden zij in zowel België als Nederland clubpodia en theaters met hun show en EP ‘Dit is de bedoeling’." We namen het kleinood onder de loep en dompelen ons onder in een aantal verhalen lijnen waarbij je een spiegel wordt voorgehouden, en die uit het leven gegrepen is.
Zo gaat “De Ballade van Lanza” over een jong meisje dat haar droom volgt, met vallen en opstaan. Een heel mooie verhaal dat wordt gebracht doorspekt van enorm veel humor, maar ook enkele ernstige passages. Beide artiesten zijn dan ook meesters in vertellen van verhalen op een zodanig gezapige wijze dat je een traan wegpinkt maar een glimlach eveneens niet kunt onderdrukken. Het extra interessante is de vermenging van dialect met de Nederlandse taal, waardoor de verbinding tussen Vlaanderen en Nederland compleet is. Het bewijst ook dat, ondanks de op het eerste zicht toch wel verschillende achtergronden van beide artiesten, zowel broeder Dielemans als Wannes Cappelle akelig dicht met elkaar verboden zijn. De heren vinden elkaar dan ook blindelings op deze knappe schijf, gegrepen uit het leven, verteld op een wijze zoals de grote troubadours dat deden in de middeleeuwen maar met beide voeten stevig in het heden.
Pakkende songs als “Vaders” vertellen een verhaal van onzekerheid over het vaderschap. Of “Dit Mens Is Er Geweest” over omgaan met verlies. Gaat het nu over de vergankelijkheid van het leven of die tocht om je droom te volgen, telkens slaagt dit trio erin die snaar te raken waardoor je met de krop in de keel en geboeid luistert, geniet maar een glimlach ook niet kunt onderdrukken. Want naast bittere ernst straalt de schijf enorm veel humor en zelfrelativering uit. De magische cello-inbreng van Frans Grapperhaus is daarbij een meerwaarde voor het geheel. De ultieme kers op de taart die deze schijf kon gebruiken, om dat plaatje compleet te maken. Zijn cello streelt, slaat en verdooft je compleet in samensmelting van twee verhalen vertellers die je meevoeren naar een bonte wereld, uit het leven van elke dag gegrepen.
Deze drie klasbakken gaan een samenwerking aan waaruit een album ontstaat dat niet alleen Nederland met Vlaanderen verbindt, maar waarop de heren zich ook ontpoppen tot volleerde verhalenvertellers.
Tracklist: 1. Vergeving, 2. Je Verdriet Is Echt, 3. De Ballade Van Lanza, 4. Dit Mens Is Er Geweest, 5. Vaders, 6. Met Eten.

Brutus

Nest

Geschreven door

‘Burst’, het debuut van Brutus, oogde veel opzien. Net als de single “Alone” trouwens. Het was net als het album een klein bommetje met de nodige dosis venijn in Stefanie haar stem en haar drumpartijen. Daarboven op kwam nog een progressieve en doomy klinkende gitaar en een ronkende bas. Het bracht hen ook op een heleboel internationale podia in Europa.
Op ‘Nest’ gaan ze gewoon door waar ze met ‘Burst’ waren gestopt. Dit levert terug enkele knallers op. Ik denk aan “Cemetery” waar de gensters vanaf vliegen. Een heerlijke rit en geheel terecht komt die nog als single uit. Op “Techno” is er geen techno te horen, maar wel een ferme bas die het ritme ondersteunt. De zang lijkt zich midden een orkaan te bevinden. Over het algemeen lijkt het gitaarwerk nog iets uitgepuurder te zijn ivg met hun debuut. Het drumwerk is terug top. Ook “Carry” is terug een knaller en zou, net als “Blind”, zo de opvolger van “Alone” kunnen zijn. “War” is ook een voorloper van het album en neemt een intense , maar ingetogen start totdat halfweg de song bijna letterlijk ontploft.
Er staat terug veel lekkers op de nieuwste van Brutus. Ze bevestigen hiermee de kwaliteit van hun debuut. Ze gaan verder op de hun eigen unieke weg en de songs klinken goed, zijn intens en afwisselend. Met ‘Nest’ hebben ze een voorraad munitie erbij om Europa mee plat te spelen. En wie hen al ooit aan het werk heeft gezien weet dat ze dat ongetwijfeld zullen doen ook. Voor mij wordt dit één van de platen van het jaar. Dat weet ik nu al.

The Streets

The Streets - Back on the street

Geschreven door

The Streets are back on the street - jawel, terug van weggeweest na zeven jaar radiostilte . De onnavolgbare zangrap, zijn onvergelijkbare présence, humor , maatschappijkritiek en rebelse houding  maakten van de vuilgebekte Brit Mike Skinner een grote klepper in de internationale hiphopscene. In 2017 kwam Skinner opnieuw naar buiten en liet al eens van zich horen met enkele vlijmscherpe tracks , en kijk in 2019 breien Skinner en zijn band een vervolg met een rits uitverkochte concerten , o.m. in de AB en in de l’Aéronef. De festivalzomer lonkt!  

Onze Franstalige vrienden zijn minder te vinden voor de streetrap van Skinner en zijn gevolg .  De Belgen waren in de pittoreske l’Aéronef in de meerderheid wat dankbaar werd onthaald door Skinner.
Na tien jaar afwezigheid staat Skinner op scherp. Hij heeft er zin in. Met z’n trainingspak aan, kopje hooligan kort en een pint in de hand hitst hij het publiek op. Een punky attitude kan je wel zeggen, met in zijn voetsporen artiesten als Sleaford mods en Run the jewels .
Als een hyperkineet heen en weer, lopend op het podium, waarheden spuwend ,  rechtvaardigheid, cynisme en toch … een vat vol humor en liefde . Die balans was hier ook vanavond te vinden, wat betekent dat hier een Streets staan die er tegenaan gaan .In het verleden was het soms anders , we herinneren ons nog een belabberde Skinner op Pukkelpop , vijftien jaar terug.
Vanavond kregen we een bloemlezing van het oeuvre geflankeerd door een full band en enkele gastzanger/rappers. De soul in het timbre is te horen, de Belgische hippopgolf kan er van meespreken  
Kenmerkend is de muzikale diversiteit in het genre , stijlen worden door elkaar gehaald: pop, hiphop, r&b, (dub)reggae, 2 step sound, orkestraties, beats en een portie neurotische sounds.  Heerlijk vernieuwend.
De Brexit zit ‘em enorm hoog en hij omarmt zijn publiek maar al te graag .Hij schiet meteen van wal met “Turn the page” , “Let’s push things forward” en “Don’t mug yourself” . Hij sprong al van het verhoogje van het podium en baant zich al rappend een weg door het publiek . Vurige woede en liefde , het is in elkaar verstrengeld in Skinners sound en rap .
De band speelt strak en is goed ingespeeld op Skinners capriolen; ze biedt hem ruimte voor improvisatie, gewoonweg wordt soms een ander nummer ingezet , om dan terug te komen op het origineel.
De twee andere MC’s vullen aan en nemen over waar ’t belieft; ze zingen trouwens veel beter dan hem. Trouwens , het past allemaal in ‘t vaatje.
Een afwisselende set hoorden we met fris , aanstekelijke grooves , punky uptemo tunes en sfeervolle , zalvende sounds. Van “Could well be in” , “Has it come to this” en “Everything borrowed” . Soulvol , liefdevol gaat het naar het gospel getinte “Never went to church”. Geen drankje te weinig op “Too much brandy” . Hij weet z’n publiek te bespelen en doet de eerste rijen uit zijn hand eten .
Tijd om de vrouwen uit te nodigen om te crowdsurfen; ze worden op handen gedragen tijdens “Heaven for the weather” , die meer dynamiek en levendigheid krijgt . Opwinding dus . “Dry your eyes” is die samenhorigheidssong , die een eerste keer The Streets uitwuift . Een genot die hij verder zet in de bis , met enkele (nieuwe) ‘grime’ nummers; de herkenbaarheidsfactor wordt gekozen met “Weak become heroes” en “Blinded by the lights” . Een ingehouden spanning van subtiliteit , finesse, energie, friste .
Een hoogtepunt die finaal wordt besloten met het snedig rockende “Fit but you know it” . Een massa die sprong , pogoëde  en elkaar vastnam . Een euforische finale!

The Streets are back en brachten een mooie afwisseling in hun oeuvre . Skinner rapt zoals hij spreekt en andersom  . Geen dips , maar anderhalf uur lang aangenaam , aanstekelijk en scherp!

Neem gerust een kijkje naar de pics van de set in de AB, Brussel op 14 februari 2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/the-streets-14-02-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/murkage-dave-14-02-2019

Organisatie: Aéronef, Lille

 

Pagina 211 van 498