logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

Hanna Paulsberg

Daughter of the Sun

Geschreven door

Toen ik de naam Hanna Paulsberg zag passeren begon er een lichtje te branden maar ik kon niet meteen thuiswijzen dat het de Hanna van het trio Gurls betrof, eerder al besproken. Een album dat mij erg wist te boeien.
Dus solowerk van deze saxofoniste sprak mij wel aan. Daarnaast inviteerde ze ook trompettist Magnus Broo om mee te werken aan dit album. Broo is al 20 jaar lid van Atomic heeft ook roots in de ‘African American Tradition’.
Wat krijgen we te horen? Zeven composities die telkens tussen de zes a acht minuten lang zijn. Op “Scent of Soil” wordt middels piano een terugkerend patroon opgestart en zijn de andere instrumenten vooral sfeerbrengers. Het kan zo onder een Afrikaanse docu of film geplaatst worden. “Little Big Saxophone” leunt meer aan bij experimentele jazz. Op “Hemulen Tar Ferie” zijn terug Afrikaanse invloeden aanwezig.”Serianna” is een compositie van de dubbele basspeler Trygve Fiske. Een nummer dat opgewektheid uitstraalt.
‘Daughter of The Sun’ is een jazz plaat die wel wat Afrikaanse jazz invloeden verwerkt maar bovenal het resultaat is van het geknetter tussen rasmuzikanten. Ben je jazz fan? Zeker eens luisteren.

African oriented jazz
Daughter of the Sun
Hanna Paulsberg Concept + Magnus Broo

Audun Skjolberg

Last Days On Earth

Geschreven door

Schrik niet want Skjolberg heeft geen terminale ziekte; ‘Last Days On Earth’ is gewoon de titel van zijn derde soloplaat. Hij was in het verleden lid van de bekende Noorse bluegrassband EarlyBird Stringband waarmee hij rond de wereld toerde.
De titel dekt niet helemaal de lading want de acht liedjes bevatten een zekere luchtigheid en friste. Opener “Baby Come On” bijvoorbeeld is een zomers klinkend indiepop liedje. “Take Me Back” klinkt iets zwaarder maar bevat terug mooie refreinen en melodieën. Dat lijkt wat zijn handelsmerk te zijn. De songs klinken vrij authentiek en naturel. Hij speelt ook op oude instrumenten (een 1960 Silvertone en Wunder CM 112 microfoons bijvoorbeeld). En het werkt voor de man. De tracks hebben een zekere warmte (“Ray”) maar vooral klinken ze goed en zijn goed gemaakt. Denk aan singer/songwriters zoals Paul Simon, James Taylor of Tim Hardin.
Moderne invloeden moet je dus niet meteen zoeken maar je krijgt gewoon acht energieke en aanstekelijke songs voorgeschoven die wat refereren aan de jaren 70. De fingerpicking die hij hanteert dragen daar ook aan bij natuurlijk. Het ontdekken waard deze artiest die in onze contreien nog te weinig bekend is.

The Pull Of Autumn

The Pull Of Autumn

Geschreven door

Luke 'Skyscraper' James (Fashion) gaat voor het bijzonder beklijvend project , The Pull Of Autumn  , een samenwerking aan met Johanna's House Of Glamour-lid, Daniel Darrow. Het zorgt voor een Hemelse kruisbestuiving, waarvoor eigenlijk geen woorden te vinden zijn. Het stond in de sterren geschreven. Die samenwerking resulteert in de gelijknamige plaat 'The Pull of Autumn', uitgebracht via het label RBM Records. De vrouw van Darrow, Laura Darrow, eveneens lid van Johanna's Hous of Glamour overleed in 2015. Ze neemt een voorname plaats in op deze plaat, haar geest waait dan ook rond in veel van de songs, waardoor kippenvelmomenten, kroppen in de keel en opwellende tranen van innerlijk verdriet of vreugde elkaar telkens opnieuw opvolgen.
Omgeven door walmen van intensieve emoties, doen deze beide getalenteerde tovenaars met klanken en vocalen je wegdromen. Vanaf de eerste song “Downpour” voel je een gemoedsrust over jou neerdalen, vergelijkbaar met een rouwproces waarbij u het overlijden van uw geliefde een plaats probeert te geven in uw hart. Doorgaans een heel lang proces, dat een leven lang kan blijven duren. Het is niet alleen de rode draad in de daarop volgende songs als “Breath” , “They Came Down”, “A small affair of the heart”. Het is de tendens die we te horen en vooral voelen krijgen.
De platenhoes laat trouwens niets aan het toeval over, een schilderij van een golf. Het leven is vergelijkbaar met het golven van de zee. Hoog in de lucht, gestuwd door de wind, of tijdens een bries in alle rust verder kabbelend over het water. Om daarna te breken op het strand. Waarna uiteindelijk niets anders overblijft, dan het stil geruis van diezelfde zee. Een gevoel dat de heren ook willen voort brengen binnen muziek.
Luister maar naar hemels mooie songs als “Vanishing Spell” ; of die enorm mooie ode aan Laure in “Laurasong” - een song die letterlijk door merg en been gaat, en je in diepe gedachten doet vertoeven en tot tranen toe bedwong.
Besluit: Soms kunnen we het overlijden van een geliefde geen plaats geven. Dan is daarover schrijven, of er een song rond breien en muziek componeren die de geest van deze geliefde tot leven brengt, nog de beste manier om - bij wijze van spreken - afscheid te nemen.
Een bladzijde omdraaien met een krop in de keel, wetende dat je haar (of hem) nooit meer zult vergeten, vereeuwigd in mooie liederen over pijn, vertwijfeling en immens verdriet dat je niet onder woorden kunt brengen. Maar wel kunt uitdrukken in... liedjes. Geschreven over het leven dus. Dat is wat The Pull Of Autumnn  dan ook doen met deze wondermooie plaat. Een mooiere ode kon deze prachtvrouw dan ook niet krijgen.

Tracklist:


Downpour 04:59
Heaven Now 04:48
Breathe 04:58
They Came Down 07:18
A Small Affair of the Heart 04:44
Shimmer Lizard 04:53
Vanishing Spell 01:32
Laurasong 03:49
Trance Fear 04:05
Elusive Love 02:48 

Amsterdam Dance Event rounds up record-breaking 23rd edition

Geschreven door

Amsterdam Dance Event rounds up record-breaking 23rd edition

www.amsterdam-dance-event.nl
The 23rd edition of the Amsterdam Dance Event (ADE) has come to an end in the early hours of Monday morning. For the first time ADE welcomed over 400,000 visitors from more than 100 countries for an extensive day and night program featuring over 1000 events and leading artists and speakers from around the world. From 17 to 21 October there were more than 450 night and 600 daytime events spread over 200 locations, with over 2500 performing artists and around 600 speakers participating in keynotes, workshops and master classes on a variety of topics. The conference and festival program by day saw an increase in numbers attending with daytime activities exceeding more than 600.

ADE General Manager Richard Zijlma looks back on a ‘fantastic edition’. This was the last edition under his supervision, with new director Mariana Sanchotene taking over.

A major focus was the anniversary of 30 years of Dutch Dance. Celebrations included the premiere of a three-part VPRO documentary and the launch/presentation of a reference book featuring the scene’s leading lights. South Korea was the focus country this year, consequently much attention was paid to the rapidly growing South Korean music scene. Several conference and festival events illustrated that musically and culturally South Korea has a lot to offer the rest of the world. Other countries highlighted as one to watch were Australia, Belgium, Brazil, China, Columbia and Mexico, with special industry network sessions and a growing number of artists performing in the day- and night-time program.

A Growing Cultural Destination
The Amsterdam Dance Event (ADE) has grown into a five-day poly-cultural event hosting more than 2500 music artists across all participating clubs and concert halls. Undoubtedly the biggest electronic music conference in the world, ADE hosted a myriad of events from countless panels discussions at the main conference through to pop-up performances, audiovisual installations, film screenings, tech schools and charity events. Some of the diverse and exciting speakers involved in this year’s conference program included; Albert van Abbe, Bonobo, Bruce Carbone, David Guetta, Headhunterz, Imogen Heap, Jayda G, Jean Michel Jarre, Jillionaire, Kerry Trainor, Lena Willikens, Nile Rodgers, Orbital, Paula Temple, Ralph Echemendia a.k.a. The Ethical Hacker, Yann Pissenem, Xosar, Zoe Margolis, and more.

Dutch journalist, musician and event organiser Gert van Veen received the Amsterdam Dance Event Lifetime Achievement Award for his enormous and crucial contribution to the dance scene, the city and ADE, only the second person in the history of the event to have received the honour.

For a visual overview of the best things that took place at ADE 2018 look at the website here: https://www.amsterdam-dance-event.nl/live/

If you missed it watch the Electronic Music Gathers Here video: https://www.youtube.com/watch?v=j91M7DZDkfo

Evil Or Die Fest 2018 - Daken die eraf gaan, geluidsmuren die worden afgebroken, en het ontstaan van een aardbeving

Geschreven door

Midden in een pittoreske wijk ergens in Roeselare heeft voor de twaalfde keer een festival plaats dat vooral intimiteit en gezelligheid uitstraalt. De zeer sympathieke organisatie, die trouwens wel meer te zien is op 'underground' festivals binnen het metal en aanverwante gebeuren, heeft ook in 2018 een affiche op poten gezet waarvan elk beetje hardcore, metalcore, tot globaal metalfan zou moeten beginnen watertanden. De eerste festivaldag staat in het teken van Hardcore - dit in een brede omkadering van deze muziekstijl. Tegen het einde van de avond was de zaal zo goed als compleet vol gelopen - we hebben naderhand vernomen dat ook deze festivaldag compleet was uitverkocht - en dat verwonderd ons totaal niet. Met klinkende namen als Slope, Headshot, Lenght of Time, Sworn Enemy en E-Town Concrete staat namelijk de crème de la crème van wat leeft binnen dat genre - vooral in de underground - op de affiche.

dag 1 – vrijdag 19 oktober 2018
Als honderden bulldozers die de zaal platwalsen
Op een vrijdagavond een festival laten beginnen omstreeks half zes in de avond is een beetje een risico. De files zijn op vrijdag altijd iets groter. Zo hoorden we op de radio omstreeks 16u dat er een file stond van circa 264 km. Maar niet getreurd, we waren net op tijd om Mark My Way (****) het vuur aan de lont te zien en horen steken, om de boel te laten ontploffen. Deze uit Ieper afkomstige, pure hardcore band, speelt eigenlijk een beetje een thuismatch. De heren stonden voor een beperkt publiek te spelen, maar brachten een set naar voor alsof daar een compleet vol gelopen zaal compleet uit zijn dak ging. Dat siert hen. De melodieuze aanpak, het uiteenlopende stembereik van een frontman die zijn publiek bovendien voortdurend aanspreekt. Het trekt ons dan ook compleet over de streep. Vooral zagen we een band die het hardcore genre de eer aandoet, die deze muziekstijl dubbel en dik verdient. Het spreekwoord zegt 'goed begonnen is half gewonnen'. Dat zou naderhand ook blijken. Mark My Way heeft alvast de poorten open gezet, om het dak de hele avond er compleet te laten afgaan. Pure klasse!

Slope (****) heeft zijn naam niet gestolen. Deze uit Duisburg afkomstige band ontstond in 2012 en heeft ondertussen al veel zalen plat gewalst. Het meest opvallende aan Slope is dat de bandleden, binnen de chaos die ze aanbieden, elkaar blindelings vinden. Ook Slope brengt Hardcore in zijn meest puur vorm. De band laat er geen gras over groeien en raast als losgeslagen bulldozer over de hoofden van de aanhoorders, tot de zaal compleet is plat gewalst. Het meest opmerkelijke echter. Vooral zien we een band - we hebben ze ondertussen al enkele keren aan het werk gezien - die groeit en blijft groeien in zijn kunnen. Waar dit gaat eindigen weten we niet. Slope bonkt al een paar jaar op de deur van erkenning binnen hun genre, en verdienen dit op basis van dit verschroeiend optreden dubbel en dik.

De ene Bulldozer werd gevolgd door een andere. Headshot (**** 1/2) afkomstig uit Kortrijk, kon op wat meer publieke belangstelling rekenen. De files waren wellicht voorbij? Wie zal het zeggen. In elk geval de heren spelen eveneens een thuismatch. Maar een wedstrijd moet steeds worden gespeeld, en de band beschikt wellicht niet over een gewiekste makelaar om aan matchfixing te doen. Dus moet Headshot maar zelf alles op alles zetten op het publiek murw te slaan. De heren staan met zes op het podium, en wonder bij wonder zorgt dit niet voor een chaos. Integendeel. Net zoals bij hun voorganger, kijken elk van de bandleden allemaal dezelfde kant uit. Het zorgt voor een wervelend HC feest, zoals je toch niet elke dag tegenkomt. En dat zo vroeg op de avond.
Ook op Brakfest voelt een trip van Headshot aan alsof je een spiegel wordt voorgehouden, die er niet zo mooi uitziet. Een harde brok realiteit wordt recht in je gezicht geduwd, zodat elke riff, bulderende vocale aankleding, en drumsalvo aanvoelt als gedonder bij klaarlichte hemel. Nee, ook Headshot laat er geen gras over groeien, en deelt voortdurend stevige mokerslagen uit die je verweesd doen achterblijven." schreven we over het optreden van Headshot op Brakfest in Lokeren vorig jaar.
Nu, we kunnen diezelfde woorden terug gebruiken, om te omschrijven hoe we het optreden van Headshot aanvoelden op Evil Or Die Fest. Een mokerslag in het gezicht, die je met beide voeten op de grond zet!

Een langgerekte moshpit dat de zaal op zijn grondvesten doet daveren
De uit Londen afkomstige Dead Man's Chest (****) sleept circa twaalf jaar ervaring met zich mee. En dat is ook te merken. De band mixt streepjes pure hardcore met sausjes die doen denken aan thrash metal in de stijl van Slayer, en voegt daar brokjes in de stijl van bijvoorbeeld Agonstic Front aan toe. Waardoor een rauwe brok vlees ontstaat, die wat op onze maag blijft liggen. Nu, dat is het soort diner waarvoor we graag uit onze luie zetel komen. Dead Man's Chest combineert die jarenlange ervaring gelukkig nog steeds met enorm veel spelplezier en spontaniteit. De band deelt niet alleen stevige oplawaaien uit, de frontman hitst het publiek voortdurend op. Waardoor enkele stevige moshpits ontstaan die de zaal op zijn grondvesten doet daveren. Kortom: Hadden de vorige bands al de lont aan het vuur gestoken, dan doet Dead Man's Chest de boel pas echt ontploffen.

Men had gewaarschuwd om bij het optreden van Reduction (****) ons wat achteraan op te stellen. Al gauw beseffen we waarom. Ook Reduction sleept al heel wat ervaring met zich mee en brengt een mix van metalcore met hardcore. Op een zodanig verschroeiende harde en meedogenloze wijze, dat hierop stilstaan inderdaad onmogelijk is. Hoe meer de avond vordert hoe hoger die lat wordt gelegd moet Reduction hebben gedacht.
Ontstond er heel wat stevige moshpits bij de voorganger, dan was het hek volledig van de dam bij Reduction. Opvallend? Al die stevige pits gebeurden in een heel kameraadschappelijke sfeer, als iemand viel werd die prompt opgepikt. Zo hoort dat gewoon. daardoor ontstaat vooral voor een feestelijke stemming, waarbij iedereen - inclusief de band zelf - compleet uit zijn dak kan en mag gaan.

Het openen van de poorten van de Hel
De Belgisch band Lenght of Time (*****) ontstond in 1997. Wat deze band zo bijzonder maakt is dat ze bovenop die pure hardcore elementen een duister sfeertje weten te creëren waardoor het lijkt alsof de poorten van de Hel prompt zullen open gaan. Dat was in het verleden zo, dat blijkt nog steeds het geval te zijn. Binnen een donkere omkadering - ook wat de belichting betreft - grijpt de band je letterlijk bij de strot en sleurt je mee naar die diepste kelders van voornoemde Hel. Lenght of Time laat er geen gras over groeien, en gaat op die verschroeiende wijze als zijn voorgangers verder. Al vrij snel zorgt dit weer voor wervelende mosh en andere pits, die feestelijke sfeer blijft ondanks de donkere omkadering echter wel degelijk stevig overeind staan. Lenght of Time bewijst nog maar eens hoe ijzersterk ze zijn in hardcore combineren met pure duisternis, met een vette knipoog naar bijvoorbeeld Black Metal. Iets wat hen dan weer uniek maakt binnen de scene.

Tijd voor de co-headliner van de eerste festivaldag, Sworn Enemy (****). Ook al blijft van de originele bezetten nog enkel zanger Sal Lococo over. De oerdegelijke mix tussen metalcore/crossover en hardcore blijft ook anno 2018 nog steeds stevig overeind staan. Stevig gaat het er zeker en vast aan toe bij Sworn Enemy, die als een wilde wervelstorm alles om zich heen nog maar eens plat walst. Geen spaander blijft geheel van de zaal eens de orkaan Sworn Enemy de ene na de ander tsunami en wervelstorm doet ontstaan. Dat was in 1997 al zo, dat blijkt dus anno 2018 nog steeds het geval. Sal Lococo dirigeert zijn troepen zodanig, dat er geen speld tussen te krijgen valt. De muzikanten binnen de band zijn namelijk virtuozen, die technisch hoogstaande riffs en drumsalvo's naar voor brengen, die ons met verstomming doen slaan. Maar vooral ontstaat een duivels crossover/hardcore feestje dat het dak er nog maar eens compleet doet afgaan.

De ultieme kers op de taart: Een geslaagd huwelijk tussen de betere hip hop en pure hardcore
E-Town Concrete (*****)
sluit de avond af met een toch wel bijzonder verrassende act. De heren brengen natuurlijk pure hardcore, maar voegen daar vette streepjes hip hop aan toe. Dit zorgt voor een gevarieerde set, waarbij die Hip Hop inbreng het geheel niet verzwakt. Integendeel zelfs. E-Town Concrete brengt beide muziekstijlen samen tot een verrassend sterk geheel. Enerzijds zorgt dit voor een hip hop feestje, anderzijds deelt de band een hardcore gerichte mokerslag uit waarop stil staan onmogelijk is. Net door zodanig veel te variëren, blijf je geboeid luisteren en genieten. Het uitzinnige publiek zingt de songs uit volle borst mee, maar gaat ook geregeld over tot een stevig potje moshpitten. De frontman van dienst port de aanwezige bovendien nog meer aan, tot iedereen compleet uit zijn dak gaat.
Besluit: E-Town Concrete voegt de ultieme kers op de taart toe aan de eerste avond. Door een meer dan geslaagd huwelijk tussen de betere hip hop en Hardcore in zijn meest pure en onversneden vorm naar voor te brengen.

dag 2 – zaterdag 20 oktober 2018
Op het einde van de tweede festivaldag vernamen we dat de metaldag compleet was uitverkocht. Eveneens de Hardcore avond op vrijdag bleek - zoals we eerder aangaven - een schot in de roos. Verwonderen doet ons dit totaal niet. Op zaterdag stonden thrash metal kleppers op de affiche die in binnen en buitenland zomaar eventjes in grote zalen of doorsnee festivals hun ding doen. Zoals Onslaught en Destruction - deze laatste behoort trouwens tot de 'big 3 of German Thrash metal samen met Sodom en Kreator. Spoil Egine is eveneens een gewaardeerde band van internationale top allure.
Bovendien programmeert Evil Or Die Fest Belgische kleppers als Cowboys and Aliens, Speed Queen en Fireforce. Tenslotte stond er één veelbelovende jonge thrash band op dat podium Violent sin en Melodische death metal band Oceans Burning op het podium. Twee bands die beide een gouden toekomst worden voorspeld.
En dit allemaal aan een toch wel heel democratische prijs? Hoeft het ons dan nog te verwonderen dat zo een top evenement is uitverkocht? Nee toch?
Ons verslag van een tweede festivaldag boordevol power, thrash en bommen energie die voortdurend in je gezicht tot ontploffing komen.

Speed, Power and Beer!
Het is altijd spijtig te zien hoe een talentvolle band een inspanning doet om zijn publiek te bekoren, maar daar weinig of geen respons op krijgt. Dat is wat Oceans Burning (****) overkwam als openingsact op de tweede festivaldag van Evil Or Die Fest. En dat is op zich heel jammer. Want deze jongens doen hun uiterste best om een beperkt aanwezig publiek tot bewegen aan te zetten. Tekenend, het grootste applaus kwam er toen de frontman een lied opdroeg aan de drummer die door een zwart gat is gegaan.
De vrij jonge band legt de lat hoog, en de imposante frontman spreekt zijn publiek voortdurend aan. Bovendien blijkt diezelfde frontman over een stem als een klok te beschikken, waardoor eventuele poorten van de hel met het grootste gemak zouden moeten open gaan. Bovendien zijn de gitaristen van dienst ware tovenaars met riffs, en bezorgen ons de ene na de andere adrenalinestoot.
Kortom, over het potentieel om in de nabije toekomst die poorten van de Hel ook daadwerkelijk te laten open gaan, bestaat op basis van dit optreden op Evil Or Die Fest geen twijfel! Wij zien in elk geval al uit naar meer in de nabije toekomst.

Plots stond er wat meer volk voor het podium. Violent Sin (****) is een jonge, talentvolle speed metal band uit Oostende. Deze jonge band wordt eveneens een gouden toekomst voorspeld. Sommigen zien in hen de mogelijke opvolgers van bijvoorbeeld Evil Invaders. Of de band aan die hooggespannen verwachtingen kon voldoen was de vraag. Nu, Violent sin bestaat inderdaad uit heel getalenteerde muzikanten die goed weten waar ze mee bezig zijn, en katapulteert ons terug naar de jaren '80. We waren vooral onder de indruk van menig riffs die in ons lijf klieven als botte bijlen.
Met als kers op de taart het hoge stembereik van frontman Gillian van den Eynde. Deze laatste bezorgt ons kippenvelmomenten en een krop in de keel bij de vleet. Violent Sin voldoet wat ons betreft dus zeker aan die hooggespannen verwachtingen. Maar vooral zien en horen we een band die eveneens nog over groeimogelijkheden beschikt. We spreken elkaar terug binnen een jaartje of zo. Want zo snel kan het gaan als je noest blijft verder timmeren aan de weg.

Dat laatste heeft Speed Queen (****1/2) ons namelijk al voldoende bewezen. Elke keer zijn we onder de indruk van die duiveltjes uit een doos die tevoorschijn worden getoverd, als de charismatische frontman van Speed Queen de aanhoorders letterlijk omarmt. De man beschikt over een natuurlijk charisma dat je zelden tegen komt. Dat was in het verleden zo, dat blijkt ook op Evil Or Die Fest het geval te zijn. Met het grootste gemak doet hij iedereen uit zijn hand eten. Uiteraard gerugsteund door topmuzikanten binnen zijn band. Menig gitaar solo klieft heel diep doorheen ons hart, telkens opnieuw en opnieuw tot we totaal van de kaart in een hoek van de kamer achterblijven.
Speed Queen is ondertussen geëvolueerd van een doorsnee speed metal bandje, tot een geoliede machine waar iedereen diezelfde kant uitkijkt. Wat ervoor zorgt dat het niveau en de lat steeds hoger en hoger wordt gelegd. Wetende dat de top nog niet is bereikt, zien we reikhalzend uit naar de toekomst. Ons hoeft de band echter niet meer te overtuigen van hun kunnen, op Evil Or Die Fest zetten ze dat door het brengen van een verschroeiende set, nog maar eens in de verf. Pure klasse!

Ook Fireforce (****) hoeft ons eigenlijk niets meer te bewijzen. Met die typische Combat Metal moet de band bovendien totaal niet onderdoen voor de zogenaamde grotere namen binnen het power metal genre. Dat bewees FireForce ons al verschillende keren zowel live als op plaat. Ook binnen een gloednieuwe line-up blijkt die stelling nog steeds te kloppen. Hoewel we ons niet van de indruk kunnen ontdoen dat de nieuwe bandleden nog wat aan het zoeken zijn om hun plaats te vinden binnen de band, wordt de lat naar goede gewoonte weer heel hoog gelegd. De nieuwe zanger past echter zowel qua stembereik als attitude perfect binnen het concept, en ook instrumentaal valt er geen speld tussen te krijgen.
En daar horen ook visuele effecten tot het publiek bombarderen met confetti bij. Want inderdaad, naast de verschroeiende riffs, donderende vocalen en verdovende drum salvo's , is de visuele aankleding in dit genre een al even belangrijke factor. En dat zet FireForce nog maar eens in de verf.
Kortom, ook al lijken de nieuwe bandleden nog wat te zoeken naar hun plaats binnen de band, FireForce zet op Evil Or Die Fest toch maar weer de puntjes op de 'i', door het brengen van een verschroeiende set boordevol typische combat metal elementen die aan onze ribben blijven kleven. We zien dan ook reikhalzend uit naar meer nieuwe releases in 2019 van één van onze persoonlijke favorieten binnen het power metal gebeuren.

Met de waanzin in de ogen, uw demonen bestrijden! Een eeuwige strijd
Cowboys and Aliens (*****) blijkt, ondanks de positieve ervaringen van hun voorgangers, echter het eerste echte hoogtepunt van de dag te worden. De heren slepen uiteraard enorm veel ervaring met zich mee, maar elk van de muzikanten blijken vooral ware tovenaars te zijn met riffs en drum salvo's.
Het meest in het oog springende element binnen Cowboys and Aliens is echter de heel bewegelijke frontman, die als een konijntje met Duracell batterij over het podium vliegt. Zijn microfoon statief vervaarlijk over zijn hoofd slingerend, gaat hij als waanzinnige tekeer op dat podium. Het lijkt wel of Henk al zijn demonen de vrije loop laat, en al zijn opgekropte frustratie letterlijk uitspuwt. Meteen valt hij ook onze demonen daarbij aan, wat hem siert. Niet dat het de depressieve kant uitgaat bij Cowboys And Aliens. Eerder straalt deze klasse band humor en zelfrelativering uit, maar meteen deelt de band ware mokerslagen uit die met volle geweld in je gezicht terecht komen.
Kortom, door het voorhouden van een spiegel, waarmee je zelf maar ziet wat je ermee doet, doet Cowboys and Aliens een bom boordevol energie en vuurkracht ontploffen, die ons totaal verweesd doet achterblijven in het hoekje van de zaal. Missie geslaagd Henk & co.

Geen katje om zonder handschoenen aan te pakken ons Iris!
In tijden van #metoo en dergelijke hebben we nood aan meer girlpower. In die twee dagen hebben we heel weinig vrouwelijke energie gezien op dat podium van Evil Or Die Fest. Daar zou Spoil Engine (*****) vlug verandering in brengen. En hoe! Wij hebben de band in 2009 nog gezien met voormalige vocalist Niek Tournois. Over de komst van zangeres Iris Goessens bij de band nadat Niek in 2014 Spoil Engine verliet, is ondertussen veel inkt gevloeid. Ondertussen heeft Iris echter voldoende bewezen haar mannetje te kunnen staan, zowel vocaal als qua podiumprésence. Ook op Evil Or Die Fest legt Spoil Engine die lat enorm, enorm hoog om het publiek compleet in te pakken.
De dame en heren moeten niet veel moeite doen om de boel tot ontploffen te brengen, en de eerste echte mospits te doen ontstaan. Alsof dat nog niet voldoende is, legt de band de lat gewoon nog een beetje hoger. Het spelplezier dat uit de boxen loeit , gecombineerd met razendsnelle riffs tot drumpartijen en een frontvrouw die je letterlijk bij het nekvel grijpt van begin tot pril einde, zorgt ervoor dat het dak er niet één keer, maar meerdere keren compleet afgaat.
Nu ons hoeft Iris al enkele jaren niets meer te bewijzen, de eventuele twijfelaars en criticaster geeft deze jongedame nog maar eens lik op stuk. Door het brengen van een verschroeiende harde, meedogenloze, razendsnelle en energieke set waardoor iedereen murw wordt geslagen. Pure klasse. Spoil Engine treedt op 8 december nog aan op Gèsfakrock in Kuurne, en dat is bij deze nog maar eens een stevige aanrader. (Info: https://www.facebook.com/gesfakrock/ )

Thrashin till dead!
Op naar de laatste drie bands van deze editie van Evil Or Die Fest. Bij Spoil Engine was ons al opgevallen dat de zaal voor het eerst echt vol stond tot helemaal achteraan. Bij Bloodbound (***) bleek dit aanvankelijk ook het geval te zijn. De Zweden brengen een potje Powermetal, maar doen ons ook een beetje denken aan de epic metal in de richting van bijvoorbeeld Manowar . De band gooide hoge ogen met het ijzersterke debuut 'Nosferatu' uit 2005, door gitaargedreven melodische power metal die aan de ribben kleeft. En ze drukken sindsdien hun stempel op het powermetal gebeuren in binnen- en buitenland. De bombastische houding van zowel de muzikanten als de heel beweeglijk tot de verbeelding sprekende frontman, trekken ons in eerste instantie wel over de streep. Maar de band blijft helaas iets teveel uit datzelfde vaatje tappen waardoor de verveling vrij vlug toeslaat. De doorsnee Powermetal liefhebber zal hier wellicht niet om malen, en zet het aan een headbangen van begin tot einde.
Wijzelf zochten andere oorden op, en genoten toch stiekem van op afstand van de perfecte kruisbestuiving tussen lange solo's en hoge vocale uithalen gecombineerd met best leuke visuele effecten. Maar we bleven dus eveneens een beetje op onze honger zitten. Iets meer variatie had voor ons zeker gemogen.

Andere koek kregen we voorgeschoteld met Onslaught (**** 1/2) , die met zijn razendsnelle, alles om zich heen verpletterende thrash metal de zaal nog maar eens op zijn grondvesten deed daveren. De band timmert sinds 1983 aan de weg, en is uitgegroeid tot één van de meest toonaangevende speed/thrash metal bands in UK. In 1991 hield Onslaught ermee op, om in 2004 terug van zich te laten horen. Ondertussen is de band terug uitgegroeid tot een heel sterk geoliede machine waarin iedereen dezelfde kant uitkijkt. En dat is ook live te merken. Het is dus niet zo dat deze band een routineklus afwerkt op Evil Or Die Fest. Nee, hier staat een thrash/speed metal band te spelen die jarenlange ervaring combineert met speelse spontaniteit als jonge wolven in het vak. De frontman spreekt zijn publiek voortdurend aan, en de muzikanten toveren oorverdovende riffs uit hun instrumenten. Waardoor het dak er nog maar eens afvliegt.
Besluit: Onslaught trekt vanaf begin tot einde alle registers open, tot niemand in de zaal meer stil staat. Dit getuigt van pure klasse, grotere act binnen dit genre kunnen hier een punt aan zuigen.

De hoofdreden waarom ondertekende naar Evil Or Die Fest naar Roeselare is afgezakt is Destruction (*****). Binnen het thrash metal gebeuren is deze Duitse band door de jaren heen uitgegroeid tot mijn absolute favoriet. Ik keek dan ook reikhalzend uit naar dit concert dat werd voorgesteld als een 'speciale best of' show.
De band heeft een ijzersterke live reputatie, en zet ook op Evil Or Die Fest nog maar eens de puntjes op de 'i'. Destruction doet gewoon waar ze heel goed in zijn: je de meest aanstekelijke, oorverdovende, vlijmscherpe portie old school thrash metal aanbieden waar geen speld tussen te krijgen valt. Bovendien, de heren trappen niet in het marketing valletje, en blijven eigenzinnig hun eigen weg uitstippelen, wat ervoor zorgt dat ze niet naast hun schoenen zijn beginnen lopen, waardoor de band nog steeds heel sterk verbonden is met zijn fans. Zo hoort dat nu eenmaal binnen dat Thrash/speed metal genre. Vanaf die eerste tot de laatste noot, krijgen we mokerslagen te verwerken waarbij hersenpannen worden ingeslagen door middel van de eeuwig bulderende vocalen en verschroeiende drum salvo's. Maar het zijn toch vooral die technisch hoogstaande gitaar/bas riffs en solo's, waardoor ik ooit ben gevallen voor deze band, van het soort dat als scherpe scheermesjes door ons lijf snijdt. En die ook anno 2018 ons nog het meest over de streep trekken. Of hoe onze favoriete thrashers ons ook na al die jaren nog steeds compleet murw kunnen slaan, en huiswaarts doen keren, de koude nacht, in met een warm gevoel vanbinnen.

Algemeen besluit
Voor ondertekende was het de allereerste keer Evil Or Die Fest. Dit festival wordt op een heel professionele wijze georganiseerd, is tot de puntjes uitgewerkt en ademt iets intiem en gemoedelijk uit dat ons enerzijds doet terugdenken aan menig underground HC en metal festivals dat we bezochten als jonge twintiger.
Echter is dit festival ook tot de puntjes uitgewerkt, van foodtrucks, tent met merchandiser, in en uitgang van elkaar gescheiden. Alles, tot de toiletten, in de nabije omtrek. Voldoende bewegingsruimte, ook al stond de zaal compleet vol. En zo kunnen we nog even doorgaan. Waardoor er geen speld tussen te krijgen is, de perfectie wordt organisatorisch compleet overschreden.
Bovendien zat de sfeer bij elk optreden heel goed. En blijft die feestelijke stemming stevige overeind staan.
Kortom, als u op zoek bent naar alternatieve, gezellige indoor festivals na de zomer zijn er wellicht nog mogelijkheden genoeg. Maar is Evil Or Die Fest net door zijn gevarieerde aanbod van Hardcore en metal - in de brede zin van beide - met als klap op de vuurpijl perfecte organisatie, aan bovendien enorm democratische prijzen, een aanrader van formaat. Tot volgend jaar!

Organisatie: Evil Or Die Fest

Alejandro Escovedo

Alejandro Escovedo - En nu uitkijken naar het boek...

Geschreven door

Don Antonio is het alter ego van Antonio Gramienteri die ik in 2012 al eens aan het werk zag met Sacri Cuori in Den Trap. Toen begeleidde de Italiaan Dan Stuart, dit keer was hij met zijn andere groep, simpelweg Don Antonio geheten, mee met Alejandro Escovedo. Het lijkt een beetje zijn specialiteit om overzeese artiesten doorheen Europa te accompagneren. Eerder waren Richard Buckner, Hugo Race, Terry Lee Hale en JD Foster ook al zijn reisgezellen. Maar eerst mocht hij zijn eigen plaat, ‘Don Antonio’, voorstellen.
Samen met een saxofonist/toetsenist, een bassist en een drummer bracht hij verfijnde, meestal instrumentale rootsmuziek met nogal wat latin en jazz invloeden. Balancerend tussen stijlvol en muzak, wild werd ik er niet van. Toch was Antonio best een aangename peer die sappig kon vertellen en met “Sunset, Adriatico”, een americana getint nummer, dan toch bewees best iets te kunnen. Maar de rock-‘n-roll spaarde hij voor de set met Escovedo, zei hij en gelukkig hield hij woord.

Alejandro Escovedo leerde ik pas echt kennen zo’n twee jaar geleden toen ik zijn uitstekende plaat, ‘Burn something beautiful’ kocht. Bij nader inzien bleek ik reeds in 1982 al eens een LP van hem gekocht te hebben. ‘Sundown’, gemaakt met zijn toenmalige band Rank And File, bevatte country georiënteerde gitaarrock, een beetje in de stijl van Green On Red, dat in datzelfde jaar debuteerde. Nog vroeger maakte hij Los Angeles onveilig met de punkband The Nuns maar nu is hij ondertussen reeds toe aan zijn dertiende plaat onder eigen naam.
De nu 67-jarige Alejandro Escovedo is dus al een tijdje bezig en alom gerespecteerd. Er verscheen zelfs een tributeplaat ter ere van hem. Des te opmerkelijker dus dat hij in een cafeetje als De Zwerver met zoveel gretigheid zijn ding kwam doen.
Hij opende de set met enkele songs uit het nieuwe, ‘The crossing’, een conceptalbum over twee immigranten. Verrassend stevige rootsrock waarin Don Antonio zich inderdaad ontpopte tot een totaal ander gitarist. Na die heftige start volgden dan wat meer ingetogen nummers die stuk voor stuk bleven boeien. Slechts eenmaal liet het fout. Het aan Bill Withers herinnerende “Always a friend”, dat hij ooit nog samen met Bruce Springsteen opnam en hier gekruid werd met flarden “The tracks of my tears” (Smokey Robinson) en “Lively up yourself” (Bob Marley), werd veel te lang uitgemolken. Maar dit slippertje zette hij meteen recht tijdens de bissen met een wat overbodige maar toch leuke cover van Neil Young’s “Like a hurricane” en een ronduit magistrale versie van The Velvet Underground’s “ Rock & Roll”.
Tussen de songs bleek hij tevens een begeesterend causeur die honderduit over zijn leven vertelde. Hoe hij als kind met het gezin, een nest van twaalf, zonder uitleg plots van San Antonio, Texas naar Los Angeles verhuisde. Of over zijn vele muzikale familieleden zoals zijn jongere broer Javier die in de punkband, The Zeros, speelt of zijn nichtje Sheila E. (bekend van Prince en zichzelf).
De man zou naar verluidt van plan zijn een boek te schrijven. Dat wordt echt iets om naar uit te zien, te meer omdat hij zowat iedereen kent. Op zijn laatste plaat alleen al kreeg hij hulp van Wayne Kramer (MC5), James Williamson (Stooges), Peter Perrett en John Perry (The Only Ones) en Joe Ely. Daar hangen ongetwijfeld smeuïge verhalen aan vast.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

The Melvins

The Melvins + Jon Spencer + ShitKid - Jon Spencer! haalt het van Melvins

Geschreven door

Op basis van haar debuut, 'Fish' uit 2017, waren mijn verwachtingen voor ShitKid, een one woman band uit Stockholm, niet al te hooggespannen. Maar het is toch niet iedereen gegeven te mogen touren met de Melvins dus moest dit wel iets meer voorstellen dan het broze slaapkamerproject dat ik in gedachten had.
ShitKid bleek intussen uitgegroeid tot een duo en klonk op de planken gelukkig een stuk potiger. Daar zal de inbreng van de sensuele bassiste, die de spektakelwaarde een stuk de hoogte in dreef, niet vreemd aan geweest zijn. Asa Söderqvist laveerde behendig tussen meezingbare punk, slaapliedjes en lofi pop met weerhaakjes terwijl de Melvins de ganse set vanop de zijlijn goedkeurend mee knikten.
Een simpele gitaar, elektronische drumbeats, een geil swingende bas en een wendbare stem die soms iets had van een embryonale Courtney Barnett waren de bouwstenen. Beiden hadden ook een tweede micro die op halve hoogte geïnstalleerd was waar ze dan af en toe gehurkt of geknield door zongen. En dan was er nog eentje bijna tegen de grond opgesteld waar de bassiste tijdens de slotsong niet zonder enige moeite onder ging liggen. Rock-‘n-roll?

De eeuwig tourende Jon Spencer vindt altijd wel een reden om de baan op te gaan: is het niet met de Blues Explosion dan maar met Heavy Trash of Boss Hog. Totaal onverwacht werd hij nu plots solo aangekondigd en bleek hij een nieuwe plaat, ‘Spencer sings the hits!’, onder eigen naam te hebben opgenomen. Op die plaat kreeg hij assistentie van drummer M. Sord en bassist, toetsenist Sam Coomes (Quasi) die beiden ook in Kortrijk het podium deelden. The Hitmakers, zo heette Spencer zijn nieuwe groep, bestond verder nog uit een derde man en dat was absoluut geen van de minsten: Bob Bert, de legendarische drummer die naam maakte bij Sonic Youth, Chrome Cranks en in iets mindere mate Bewitched, Action Swingers, Knoxville Girls, Chicken Snake, Lydia Lunch’s Retrovirus en Pussy Galore, het allereerste vehikel van Jon Spencer.
Het mag een klein wonder heten dat hij de 63-jarige Bert bereid vond mee te gaan touren en dan nog met die vuilnisbakkendrums. Dat laatste mag je letterlijk nemen want het enige conventionele onderdeel van zijn stel was de basdrum. De rest bestond uit onder meer een authentieke metalen vuilnisbak, een benzinetank en een enorme ijzeren veer waarop hij dan met hamers of metalen buizen tekeer ging. Dit alleen al -of het nu veel bijbracht of niet- maakte mijn avond al goed.
Maar er was meer. Jon Spencer zelf bleek in goede doen, zeer goede doen zelfs. Verlost van het keurslijf, dat de Jon Spencer Blues Explosion heet, greep hij terug naar de dagen van Pussy Galore en kregen we verfrissende sixties punkstijl garagerock te horen. Veel feedback en een fuzzy gitaar, dat nog steeds, maar geen eindeloze collages of oeverloos gekrijs als ‘The Blues Explosion is number one’ meer. In plaats daarvan degelijke songs waarvan het merendeel geplukt was uit het nieuwe album aangevuld met enkele nummers van Pussy Galore, de Blues Explosion (waaronder een heerlijk “Dang”), Heavy Trash (“The loveless”) en zelfs een flard “Roadrunner” (Jonathan Richman).
Veel wezenlijk verschil met de sound van de Blues Explosion, buiten de bass synthesiser en toetsen van Sam Coomes, was er niet. Die Coomes mocht zelfs een nummer voor eigen rekening brengen waarbij zijn orgelpartij me zowaar aan Iron Butterfly deed denken en het was nog knap gedaan ook. Jon Spencer is bijlange nog niet afgeschreven, iets wat bij de Melvins wat minder duidelijk was.

De Melvins, opgericht in 1983 in Montesano, Washington, mag je stilaan als een monument beschouwen in de alternatieve rockwereld. Hoewel Buzz Osborne, ook gekend als King Buzzo, het ene resterende originele lid is blijft de groep immens populair.
Melvins, dat staat voor beuken, beuken en nog eens beuken tot het bloed je oren uitsijpelt. En omdat voor elkaar te krijgen werd voor alle zekerheid nog een extra bassist (Butthole Surfer Jeff Pinkus) gerekruteerd. Vroeger probeerde de warrigste krullenbol uit de rock het al eens met twee drummers, dit keer met twee bassen dus. Ik herinner me een vorig optreden van hen waarbij ik helemaal in extase raakte maar ik kan je meteen vertellen dat het dit keer bijlange niet zo ver kwam. Daarvoor zat er teveel sleet op de formule.
Het schouwspel mocht er nog steeds zijn: een neurotisch rondstruinende King Buzzo, in een stemmige jurk, de immer rondspringende bassist Steven Shane McDonald (Red Kross, Off!), in een blits kostuum, en de spectaculaire drummer, Dale Crover, die ooit een blauwe maandag bij Nirvana speelde. Enkel Jeff Pinkus bleef er wat onopvallend bij.
Aanvankelijk ging hun laaggestemde sludge metal er nog vlotjes in maar na een tijdje trad er een vorm van metaalmoeheid op. Of het nu eigen nummers of covers (“Saviour machine”van David Bowie, “Sway” van de Stones) waren, alles werd steeds door dezelfde mangel gehaald.
Nummers als “The kicking machine” die er wat uit sprongen kwamen veel te weinig voor in het stuk. Ik vond ze eigenlijk nog het best te genieten tijdens de lange intro’s en de instrumentale passages.
Tijdens de afsluiter, “Rebel Girl” (van Bikini Kill) mochten de twee meiden van ShitKid mee opdraven en werd het plots toch nog spannend. En dat NIET omdat Asa Söderqvist het nodig achtte haar borsten te tonen. Daarna bleef drummer Dale Crover alleen over om al “So long, farewell” zingend uiteindelijk ook in de coulissen te verdwijnen en daar was ik dit keer niet echt rouwig om.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

The Vaccines

The Vaccines - Meebrullen op verschillende snelheden

Geschreven door

“Oh Brussels, we meet again”. Het was de twaalfde keer dat The Vaccines op Belgische bodem speelde, en dat de groep er zin in had, was al van voor de show duidelijk. Op hun Instagram was te lezen dat de AB één van hun favoriete zalen is, en we zagen op hun gezichten dat ze genoten van een wild publiek. Na een passage op Werchter deze zomer stelden Justin Young en co in een uitverkochte zaal hun laatste langspeler ‘Combat Sports’ voor. Na het vertrek van drummer Pete Robertson in 2016 werden touring-leden Timothy Lanham en Yoann Intoni gepromoveerd tot officiële bandleden en wij zagen in Brussel een goed op elkaar ingespeelde band die zo het publiek perfect weet te bespelen.

Openen deed het vijftal met “Nightclub”, één van de singles op hun nieuwste plaat. De drie volgende nummers, respectievelijk “Wreckin’ Bar”, ‘”Teenage Icon” en “Dream Lover” kwamen elk van een verschillend album. De eerste drie werden heel snel gespeeld, op de vierde ging het tempo merkbaar omlaag zonder daarbij aan stevigheid te verliezen. De gitaarnoten werden lang uitgesponnen en zanger Justin Young bespeelde het publiek heel doeltreffend. “Wetsuit” werd ingezet na een kleine pauze en het publiek werd helemaal gek.
Als een band een nieuw album voorstelt, is dat meestal duidelijk te merken. The Vaccines speelden echter meer nummers van op hun debuutalbum dan van op hun nieuwste, wat toch opmerkelijk is. Als er dan toch nummers uit ‘Combat Sports’ werden gespeeld, was er van verveling geen sprake. ‘English Graffiti’, hun minst goed onthaalde album werd echter bijna volledig genegeerd.
Normaal gezien is er in de AB op het geluid niks aan te merken, maar bij The Vaccines ging het soms wel eens mis. Op “Your Love Is My Favourite Band” viel het geluid net niet uit en op “Handsome” hoorden wij te weinig gitaar, waardoor het nummer de stevigheid van op de plaat miste. Op andere momenten was het geluid dan weer wel vol, op “If You Wanna” speelde de band héél erg snel en kwam dit ook heel goed over.
Na een heel goede performance van “Family Friend”, waar Young in uitblonk, verliet de band het podium. Deze keer was het echter puur functioneel, want de frontman kwam terug in gloednieuwe merchandise. Daarna volgde, uiteraard, met een erg vette knipoog “Put It On A T-Shirt”.
Afsluiten deed de band met het nieuwe “Let’s Jump Off The Top”, een nummer zonder weinig woorden dat het live goed doet, en “All In White”, waar de kelen nog een laatste keer werden opengezet. Na een luid applaus verdween het gezelschap in de coulissen en liet het publiek meer dan voldaan achter.

Op ‘Combat Sports’ greep de band terug naar de succesformule van de eerste albums en dit vertaalde zich ook naar het optreden. Elk nummer was meezingbaar en sloeg aan bij het publiek. Wij twijfelen er niet aan dat fans die het nieuwste album nog niet hoorden, daar zeker eens naar zullen luisteren. The Vaccines is een band die nooit zal vervelen, en ook in de AB was de band op missie om er een gigantisch zangfeest van te maken. Ze speelden dan niet altijd even snel, soms werden nummers traag gespeeld, maar bleef de band meer dan overeind. Hoe ze ook speelden, het materiaal dat de band ter beschikking heeft, leende zich perfect om het Brusselse publiek om te toveren tot een gigantisch zangkoor. De AB stond stampvol, en wij zijn benieuwd in welke zaal we het vijftal de volgende keer te zien zullen krijgen. Dat er ook dan weer sfeer zal zijn, staat echter al vast

Setlist: Nightclub - Wreckin’ Bar (Ra Ra Ra) - Teenage Icon - Dream Lover – Wetsuit - Out on the Street - Your Love Is My Favourite Band - Post Break-Up Sex – Norgaard - All My Friends - Take It Easy – Handsome - No Hope - I Always Knew - If You Wanna - I Can’t Quit - Family Friend - Put It On A T-Shirt - Let’s Jump Off The Top - All in White

Neem gerust een kijkje naar de pics
The Vaccines - http://www.musiczine.net/nl/foto-s/view-album/142
Whenyoung - http://www.musiczine.net/nl/foto-s/view-album/143

Organisatie: Live Nation

Bloc Party

Bloc Party - Een geslaagde throwback naar 2005

Geschreven door

Bloc Party zette gisteren nog eens een stapje op Belgische bodem in Vorst Nationaal. Ze speelden er hun debuutplaat 'Silent Alarm' in haar volledigheid, en gelukkig maar ook. Waarom? De groep bestond in 2005 nog uit frontman Kele Okereke, gitarist Russell Lissack, bassist Gordon Moakes en drummer Matt Tong. Het viertal bracht met 'Silent Alarm' volgens velen één van de beste indie albums van de 21ste eeuw. Hits als “Banquet”, “Helicopter” en “This Modern Love” behoorden tot de soundtrack van zowat elke Britse tiener. Opvolger ‘A Weekend in the City’ was eens iets anders, maar de nieuwe sound werd nog op veel gejuich onthaald bij fans en critici. De albums die later kwamen, bereikten echter nooit het niveau van het eerste album. Daarnaast verlieten Gordon en Matt de groep, en hun afwezigheid was duidelijk voelbaar op ‘Hymns’, dat in 2016 uitkwam met vervangers Justin Harris op de bas en Louise Bartle op de drum. De elektronische sound werd niet door iedereen gesmaakt en steeds meer werd er met weemoed teruggedacht aan de gloriedagen van hun debuutalbum.

Tijdens deze tour staat ‘Silent Alarm’ echter centraal en kunnen fans rekenen op indierock met stevige gitaren. Het viertal was zo beleefd om stipt op tijd te komen en begon met “Compliments”. Niet erg vanzelfsprekend om je show daarmee te openen. Voor de echte fans wordt het snel duidelijk dat de setlist eigenlijk de omgekeerde volgorde van ‘Silent Alarm’ is. De minder catchy nummers die op het einde van het album verschijnen, kwamen dus eerst aan bod. Bloc Party kwam zo wel traag op gang, maar het was net daarom uitkijken naar al het explosievere materiaal. Met “So Here We Are” kregen we al meer stemwerk te horen vanuit het publiek. Bij “The Price of Gasoline” ontwaakten al heel wat headbangers, al waren er onder hen wel veel toegewijde (en dronken) Britten die naar Brussel kwamen, en “The Pioneers” hield Vorst in zijn greep met de profetische woorden ‘We will not be the last’.
Het concert ging in stijgende lijn naar boven, want daar kwam “This Modern Love”, dat na al die jaren nog steeds een pracht van een liefdesnummer blijkt te zijn. Dat het publiek nog altijd zo in zwijm valt wanneer Kele ‘This modern love breaks me’ zingt, is daar het ultieme bewijs van. Kele en co namen het publiek mee op een nostalgische trip naar 2005. ‘Do you want to come over and kill some time? Throw your arms around me.’ En zo geschiedde, Vorst omarmde ons viertal.
Kele straalde zelfzekerheid uit en kwam ook eens af met geestige quotes als ‘Shit’s about to get cray cray’. De nogal verlegen Russell Lissack bewoog ook af en toe, na twaalf jaar podiumervaring mag dat eigenlijk ook wel. Nieuwkomer Justin Harris doet het aardig goed op de bas en andere nieuwkomer Louise Bartle bleek een fenomenale drumster te zijn. Het gemis van Gordon Moakes en Matt Tong blijft groot en zal nog altijd voelbaar zijn. Op grote hits als “Helicopter” en “Banquet” bewees Louise echter dat ze een steengoede drumster is en wel haar mannetje kan staan tussen al dat mannelijk geweld. Ook Russell steelt hier de show met zijn solo’s. Zelf beweert hij dat ‘Silent Alarm’ volledig spelen voor hem eigenlijk één grote gitaarsolo is van een uur, een terechte opmerking zo blijkt. Dat is wel altijd de sterkte geweest van deze groep: Kele is overduidelijk de frontman, maar iedereen krijgt de kans om de aandacht op te eisen.
Wanneer Kele en kompanen na “Like Eating Glass” het podium verlieten, vroegen we ons af wat er nog in de bisronde gespeeld zou worden. Geen ‘Silent Alarm’-materiaal alvast. Dit blijkt toch een jammere zaak te zijn, want nummers als “Two More Years” en “The Prayer” konden het publiek niet volledig bekoren. Spijtig, want eindigen met ‘Silent Alarm’ zou zoveel effectiever geweest zijn. Ergens is het ook wel begrijpelijk dat ze een langere show met ander materiaal willen spelen. Met “Flux” kregen we wel nog een hit voorgeschoteld en een dijk van een afsluiter. Een confettibom maakte het helemaal af en deed het publiek voor een laatste keer losgaan. Bij het verlaten van het podium probeerde Kele nog wat confetti te vangen met zijn petje en Vorst ging al dansend de nacht in.

De groep heeft het nog altijd in zich. Indie rock à la Bloc Party trekt misschien niet meer hetzelfde publiek aan als tien jaar geleden, dat was te zien aan de lege plaatsen op het balkon. Een andere zaal had ongetwijfeld ook wel beter geweest. De geluidskwaliteit in Vorst was op sommige momenten ondermaats en de zaal mist echt de gezellige sfeer van een AB, een zaal die ze misschien wel hadden kunnen uitverkopen. Hoe dan ook werd het een memorabele nacht, en werd Bloc Party bedankt voor een nostalgische reis terug naar 2005.

Setlist: Compliments – Plans – Luno - So Here We Are - The Price of Gasoline - The Pioneers - This Modern Love - She’s Hearing Voices - Blue Light – Banquet - Positive Tension – Helicopter - Like Eating Glass - Two More Years - The Marshalls Are Dead - Little Thoughts - The Prayer - The Love Within – Octopus – Flux

met dank aan Dansende Beren www.dansendeberen.be

Organisatie: Live Nation

Various Artists

Tales From The Pit – A Funtime Records Labelsamples

Geschreven door

Tales From The Pit – A Funtime Records Labelsamples
Een label waar wij het absoluut voor hebben, is het Belgische Funtime Records. FR werd eind jaren negentig opgestart door een aantal mensen van het Funtime magazine.  Bedoeling was om (ondermeer financiële) ondersteuning te bieden aan  talentvolle punkrock- en hardcorebands van eigen bodem die het moeilijk hadden om een label te vinden. Enkele van de eerste bands die zo steun kregen, waren onder meer Billy Liar, Homer, Circcle en Not That Straight. 
Met de jaren groeide Funtime Records uit tot een echte platenmaatschappij en steeg het aantal nieuwe releases navenant.  Heel wat nieuwe platen  van Funtime Records-bands kwamen op Musiczine  al aan bod (waaronder Octopussy’s, Campus en Second Base).  Wie wil weten welke fijne bands er nog bij dit onafhankellijke punk- en hardcorelabel zitten, bekijkt best eens deze fijne verzamelaar. 
Meer dan 23 groepen passeren de revue en daar zitten  heel wat punkpop en punkrock-bands tussen zoals Exit On The Left, Homer, This Is A Standoff, Lost Department, Octopussy’s  en Cornflames. Uiteraard komen op deze sampler  ook een hele resem prima hardcorebands aan bod  waaronder The Maple Room, Campus, Sparkle Of Hope en Musth. 
Niet iedere band is zomaar een vakje te stoppen en zo vinden we op dit schijfje ook bands als PN, The Sedan Vault en Killbots. 
‘Tales From the Pit’ is zo een knappe verzamelaar en een prachtige kans om de belangrijkste Belgische bands binnen genoemde genres te ontdekken (in zoverre u die nog niet kende natuurlijk). 
Belangrijk te vermelden is dat dit een gratis(!) cd is.  Veel kans dat u die op een van de festivals al wist te bemachtigen maar voor wie dat nog niet het geval is, lijkt het ons best contact op te nemen met de samensteller van deze verzamelaar (=Johan Quinten, Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. ) of te surfen naar www.funtimerecords.com .

2001 and Beyond: A Symphonic Odyssey – Muziek en beeld in een andere Dimensie

Geschreven door

Stel je voor : je steekt al je energie, inspiratie en passie in een soundtrack voor één van de grootste epische films eind de jaren 60, nl. ‘2001 A space Odyssey’ van Stanley Kubrick. De verwachtingen zijn hoog, om dan vervangen te worden door o.a. “Also sprach Zarathustra” van Richard Strauss, “De blauwe Donau” van Johan Strauss II, en werk van Aram Katchaturian & György Ligeti. Deze klap kreeg Alex North te verwerken , en dan nog op de première van de film notabene. Dit leidde tot de ‘rejected score’ van Alex North. Gelukkig werd deze , na ongeveer 25 jaar, opnieuw opgerakeld door Jerry Goldsmith en uitgebracht door recordlabel Varèse Sarabande. Robert Towson van dit recordlabel kwam voor dit unieke concert, een korte uiteenzetting geven over het hoe en waarom van Kubricks ingrijpende beslissing. Heel attent van het Film Festival Gent zodat we een beter zicht kregen op het compleet plaatje.

Dit was uiteraard niet dé topic van deze avond, maar ongeveer 50 jaar na datum, kregen we de originele, ongebruikte track te horen en dat maakte dit concert toch een beetje saillant. Dirigent Dirk Brossé nam ons mee op een ruimtewandeling doorheen de jaren ’60, ’70, ’80 en ’90, alsook hedendaags werk.
Elke periode werd mooi ingeleid door de heer Thomas Vanderveken. Geheel in z’n eigen stijl, zorgde z’n kwinkslagen voor de nodige zuurstof in deze “ruimtelijke atmosfeer”.
De Heer Brossé is een benchmark voor kwaliteit en succes. Hij heeft duidelijk z’n stempel gezet in de wereld van filmmuziek, een man die noten transformeert in emoties. “The space is vast and infinite”. Wel, zo ook de mogelijkheden van Dirk Brossé. Hij heeft al veel orkesten voor zich gehad, maar dat de symbiose er is met het Brussels Philharmonic , voel je aan alles. Samen spelen ze geen muziek, ze ‘beleven’ de muziek.
En als gast word je er bijna in meegezogen, en dit ruimtethema benadrukt nog dit gevoel. Mede door de schermopstelling, en de kracht van de muziek maak je als het ware deel uit van het geheel. De werken van John Williams, Jerry Goldsmith, John Barry, Elliot Goldenthal, Harry Gregson-Williams, Ennio Morricone, Cliff Martinez en scores uit 'Star Wars', 'Star Trek', 'Alien', 'The Black Hole', 'Solaris', 'The Martian' en 'Black Mirror: USS Callister' nemen ons mee in een rollercoaster doorheen de ruimte. De rollercoaster krijgt als slotakkoord de wereldpremière van “Mine mission suite”, uit de recente film ‘Solo : A Star Wars Story’. Er uit gaan met een Big Bang , noemen ze dat.

En dat is ook de kracht van het Film Fest Gent. Het team van Patrick Duynslaeghers heeft met het Film Fest Gent ons land op de kaart gezet. Waar anderen alleen oog hebben voor de film en het visuele, wordt ook elk jaar de muziek in de spotlights gezet. Met Kinepolis Gent als uitvalsbasis, maar ook Studio Skoop, Sphinx & Kaskcinema voor het audiovisuele, heeft men met het Capitole, en de Vooruit, een stevige troefkaart in handen om hier het ‘live’-aspect er aan vast te koppelen. We gaan te vaak te snel voorbij aan wat de impact is van een soundtrack.
Muziek en beelden vormen de perfecte symbiose wat de filmliefhebber zo koestert. Het één brengt het ander naar een hoger niveau. Dit samen brengt alles naar een andere dimensie.

Misschien wel naar een dimensie “where no man has gone before…”

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/view-album/196
Organisatie: Film Fest Gent

Hot Snakes

Hot Snakes - Live nog steeds een bom

Geschreven door

Een gebrek aan ambitie kan men opener Onmens moeilijk verwijten. Dit Gentse duo omschrijft zichzelf immers als ‘Belgium’s most explicit electronic music group’. Of dat ook klopt , laat ik in het midden maar op het podium was er alvast voldoende te beleven. De gitaar van de energieke Kasper Van Esbroeck klonk nijdig, dwars en steeds onvoorspelbaar. Naast hem zagen we een erg begeesterende zanger, Bert Minnaerts ofte Siegfried Burroughs, die tevens drummer is bij Kapitan Korsakov en verder nog in talloze andere projecten actief is. Hier liet hij zijn met echo overladen stem alle richtingen uitzwermen. De ene keer klonk hij als een volbloed rapper, een andere keer leek hij te solliciteren bij een death metal band om het volgende nummer als een dronken crooner over het podium te struinen. Vuurwerk genoeg op het podium maar dit was slechts de helft van het plaatje. De twee werden begeleid door een vooraf geprogrammeerde muur van elektronica die je in het beste geval ergens in de industrial hoek kon situeren maar te dikwijls goedkoop en schetterig klonk. Jammer maar misschien ben ik gewoon te oud voor dit soort onzin.

Alles komt terug! Nog maar pas Radio Birdman gezien en daar waren nu de Hot Snakes alweer. Deze band uit San Diego, Californië maakte het mooie weer tussen 1999 en 2005. Hun erfenis bestaat uit drie mooie platen en herinneringen aan een spetterend optreden in de Charlatan net voor de split. Mijn manke geheugen meende ze ook ooit al eens in De Kreun gezien te hebben maar bij navraag bleek ik ze te verwarren met Obits, een ander project van zanger-gitarist Rick Froberg. Diezelfde Froberg heeft verder samen met de andere gitarist, John Reis (ook bekend van Rocket From the Crypt) een verleden bij Drive Like Jehu. Mooi volk genoeg op het podium dus.
Eigenlijk zijn de Hot Snakes al sinds 2011 terug actief maar dit jaar verscheen er een nieuwe plaat, ‘Jericho Sirens’, wat de comeback compleet maakte.
Op de heenreis sloeg de twijfel plots toe. Die laatste plaat, zeker in vergelijking met hun vroeger werk, vind ik eigenlijk verre van geweldig maar toen de vier met een twintigtal minuten vertraging op het podium verschenen, bleek al zeer snel dat Hot Snakes live nog steeds een bom zijn. Misschien nog meer dan vroeger zelfs. Ze hadden er ook opvallend veel zin in. Vooral gitarist John Reis die meteen contact zocht met het publiek: praatjes makend met de mensen vooraan of zijn voet op iemands schouder posterend. Op een gegeven moment liet hij zelfs een fan zijn gitaar met de tanden toucheren.
Hot Snakes stonden nog steeds garant voor bijzonder strakke garagehardcore waarbij de hoge, ietwat benepen stem van Froberg en de kristalhelder hamerende gitaar van Reis de voornaamste kenmerken zijn. Aan een hels tempo werden de nummers, netjes evenredig geplukt uit hun vier platen, erdoor gejaagd.
Slechts een paar keer was er tijd voor een adempauze. Tijdens zo’n moment riep Reis plotseling “Kom dichterbij, we zijn niet gevaarlijk” waarbij hij vergat dat het volk reeds tegen het podium plakte en hij zonet zijn voet op het kale hoofd van een nietsvermoedende fotograaf had geplant.
Wat een genot om oude krakers als “Automatic midnight”, “Suicide invoice” of “I hate the kids” terug te horen. Niets hadden die aan frisheid ingeboet terwijl de nieuwe nummers dan toch niet zo bleek uitvielen als eerst gevreesd. Hoogtepunten zat natuurlijk maar als ik dan toch enkele uitschieters moet kiezen ga ik voor de eerste twee bisnummers die iets minder hard maar toch zo fonkelend klonken: “This mystic decade” en “Plenty for all”.

Zelden een groep gezien waar het spelplezier zo vanaf droop. Hopelijk duurt het dit keer geen dertien jaar eer we hen terugzien.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

The Posies

The Posies - Power(pop) to all our friends

Geschreven door

Alle artistieke vernieuwingsoperaties ten spijt, The Posies deden de jongste jaren vooral hun best om net niét als The Posies te klinken. Sterkhouders van het eerste uur Jon Auer en Ken Stringfellow, hét kwajongensduo bij uitstek als het over meerstemmige powerpop gaat, zagen de bui al hangen en lieten dit najaar de kans niet liggen om tijdens hun ‘30th anniversary tour’ enig eerherstel af te dwingen. Wat deze tour redelijk uniek maakt is dat de plooien met de originele ritmesectie Dave Fox (bas) en Mike Musburger (drums) na akkefietjes over fame and fortune eindelijk zijn glad gestreken; in De Kreun stonden dus dezelfde vier heren die 24 jaar geleden hun allereerste optreden op Kortrijkse bodem gaven in café Den Chips ... those were the days!

Dertig jaar on the road, het is uiteraard niet niks, maar zoals de setlist al snel duidelijk maakte hebben The Posies veruit de meeste potten gebroken in de 90ies. Niet meer dan logisch dus dat Auer en Stringfellow hun verjaardagsfeestje vooral hadden gebouwd rond ‘Frosting On The Beater’ (’93) en ‘Amazing Disgrace’ (’96), twee ‘classic’ albums die recent een tweede leven kregen in lijvige reissue versies. De uit die periode daterende symbiose tussen Big Star en Cheap Trick slaat live nog steeds de meeste gensters, zeker nu de The Posies na jarenlange verkenning van het less is more principe eindelijk terug een full electric band geworden zijn. Opvallend ook hoe popgrunge parels als “Dream All Day”, “Daily Mutilation”, “Please Return It” en “Definite Door” in geen tijden zo potig klonken dankzij de hernieuwde samenwerking met de geoliede ritmetandem Fox - Musburger.
Zelfs tijdens een nostalgisch best-of feestje als dit willen Auer en Stringfellow zichzelf blijven uitdagen. Zo doken ze midden in de set plots het publiek in om onversterkt het oudje “You Avoid Parties” op te rakelen. Even knetterde er een weemoedig kampvuurtje in De Kreun, en bleken The Hollies de coolste band ter wereld. Een ander (on)berekend risico die de twee boys from Seattle zowat elke avond nemen is het promoten van lokaal talent. Artist in residence Galine mocht een paar nummertjes komen meekreunen uit de laatste echt goeie Posies schijf, ‘Blood/Candy’ (‘10), maar verkwanselde door haar stuitende desinteresse een uitgelezen kans om haar aantal likes significant de hoogte in te jagen. Het contrast kon niet groter zijn met Auer’s veelbetekend vingertje richting hiernamaals tijdens de slotakkoorden van “So, Caroline”, opgedragen aan ‘s mans beste vriend en voormalig Posies drummer Darius Minwalla die na amper 39 lentes in 2015 onverwacht een ticket richting indie heaven in de bus kreeg.

Eindigen deden The Posies met twee dubbele uppercuts uit hun vetste jaren. Met de okselfrisse gitaarpop singles “Flavor Of The Month” en “Solar Sister” hebben Auer en Stringfellow menig zomerfestival ingepakt, en dat was in De Kreun niet anders.
Harder en donkerder klonken de finale adrenaline shots “Throwaway” en “Ontario”, waarna het verjaardagsfeestje zich verplaatste naar de merchandise stand waar de twee frontmannen als vanouds een potje gaan zwanzen met fans en selfie jagers. Nostalgie was vanavond even geen vies woord of een hol marketing product, maar een zelfrelativerende ode aan oude vriendschappen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
The Posies
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/view-album/99

Grand blue herion
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/view-album/100
Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Tom Robinson

Power In The Darkness – Live At The 100 Club

Geschreven door

Als een indertijd succesvol album 30, 40 of 50 jaar oud wordt, brengt doorgaans het originele label vaak een herwerkte versie uit. Of dat gebeurt door een ander label dat intussen de rechten in handen heeft. Niet zo voor ‘Power In The Darkness’ van de Tom Robinson Band. Label EMI geeft niet thuis voor een heruitgave van dat album 40 jaar nadat het één van de bestverkochte albums van de UK werd. Dus brengt Tom Robinson zelf een nieuwe live-versie van het album uit. Met dezelfde tracklist als het origineel en met nagenoeg dezelfde extra nummers als indertijd. Die live-versie heeft hij opgenomen in de 100 Club in Londen, in 2017. Het live-album is digitaal beschikbaar en in een heel beperkte vinyl-oplage.
Het belang van het album kan nauwelijks overschat worden. Het is de brug tussen de eerder literaire, zelfs elitaire maatschappijkritiek van de generatie van Bob Dylan en Neil Young en de ongeleide maatschappij-afkeer van de eerste punkgeneratie. Robinson smokkelt soms haast onmerkbaar kritische noten in zijn lyrics door bv. kleine gevolgen van discriminatie of ander onrecht uit te vergroten om zo het hele probleem aan te kaarten. Maar in het begin van zijn carrière en op ‘Power In The Darkness’ gebeurde het toch eerder dat hij de problemen nog gewoon bij hun naam noemde. Hij nam het als eerste jonge rockster openlijk op voor de toen nog openlijk gediscrimineerde gemeenschap van homo’s en lesbiennes en bij uitbreiding voor iedereen die onrecht werd aangedaan.
Het leverde hem indertijd lof op van Amnesty International, terwijl de BBC tegelijk een aantal van zijn nummers in de ban sloeg wegens te aanstootgevend. Tom Robinson is o.m. dankzij ‘Power In The Darkness’ nog steeds een icoon in de Britse lgbt-gemeenschap, al waren er wel een paar zure opmerkingen toen hij, nadat hij eerst zelf uit de kast kwam als homo, later met een vrouw samenleefde.
De live-versies van het Power-album verschillen niet echt veel van die op het reguliere album. Je hoort natuurlijk dat Robinson’s stem flink wat kilometers op de teller heeft, maar dat compenseert hij met een karrevracht overgave en temperament. Van de originele band is enkel Tom Robinson nog actief, maar toenmalig gitarist Danny Kustow komt wel nog één nummer meespelen in de 100 club. De overige huidige bandleden spelen wel vaker mee met Tom Robinson sinds die solo op de planken staat en ook op zijn comebackalbum ‘Only The Now’ uit 2016: Faithless-drummer Andy Treacey, gitarist Adam Phillips (Richard Ashcroft) en Lee Forsyth Griffiths die zopas zelf het prachtige album ‘Silence=Death’ uitbracht.
Ook zonder de context is deze muziek om van te smullen, met klassiekers als “Grey Cortina”, “Up Against The Wall”, “Too Good To Be True” en “The Winter of ‘79”. En zelfs de minder bekende nummers maken duidelijk wat een talent Tom Robinson heeft als songschrijver. Als bonus krijg je er nog “Glad To Be Gay”, “Martin” en “2-4-6-8 Motorway” bovenop.
Het is jammer dat Tom Robinson niet langer jaarlijks naar België komt voor een intiem concert met zijn fans.

Sun Gods

Subtle Science (single)

Geschreven door

Sun Gods tekende deze zomer bij het Kortrijkse label MayWay Records. De eerste (digitale) single is "Subtle Science". Pas in het najaar van 2019 komt er een volledig album.
Sun Gods komt niet uit het niets. Aan de basis van deze band ligt Barefoot And The Shoes. Eén van de bandleden is Vincent Lembregts die ook in Chackie Jam en Glints speelt.
Sun Gods zit een beetje in hetzelfde straatje als de landgenoten van Portland, Milo Meskens, The Bony King Of Nowhere, Douglas Firs en Mooneye: prachtige, licht-melancholische dreampop met een mooie stem die helemaal in de spotlight gezet wordt. Die van Brent Buckler heeft op “Subtle Science” zelfs nauwelijks begeleiding nodig. De band kleurt prachtige herfst-pasteltinten, maar blijft netjes op de achtergrond.
Het label geeft nog Peter Gabriël en The War On Drugs mee als referenties, maar op deze single komt dat er nog niet helemaal uit. Bon Iver en Daniel Lanois horen we dan weer wel. Of Strand Of Oaks, of Beach House. Of Smith & Burrows (met Tom Smith van de Editors).
Eén single is nog wat weinig om een oordeel te vellen over het talent of het potentieel van deze Sun Gods, maar dat deze “Subtle Science” al opgepikt werd door radiozenders in Vlaanderen, Nederland en Mexico, geeft al aan dat er iets mooi te verwachten valt. Het najaar van 2019 is nog lang wachten. Hopelijk wachten deze Vlaamse zonnekinderen niet zo lang om nog zo’n bloedmooie single op ons los te laten.

Riven

Hail To The King

Geschreven door

Riven is de funeral-doomband van de Antwerpenaar Tom Mesens. Het is een beetje een experimentelere vorm van doommetal, met veel minder aandacht voor het metalaspect dan bij pakweg Iron Man. In de plaats komen violen, kerkorgels en piano heel prominent op het voorplan. En heel diepe grunts. Die lijken van nog dieper te komen dan de onderbuik. Het is een soort guturale grind-ruis die als een deken over de muziek gelegd werd.
Het debuutalbum ‘Hail To The King’ bevat drie tracks van elk zowat een kwartier lang. Ondanks dat er niet wordt opgebouwd naar één of meer punten, blijf je als luisteraar wel gefascineerd door deze slepende, zeurende doom, die soms naar de drone-metal van Sunn O))) lijkt te willen opschuiven.
Inzake compositie zijn de drie tracks elkaar waard, al is er een lichte voorkeur voor “The Bells Sound Once More”. Mesens heeft elk instrument een moment om te schitteren, alleen de drums hadden nog wat meer aandacht en liefde verdiend bij de opnames en in de productie (mix).
Dit is niet weggelegd voor de gemiddelde rock- of metalliefhebber, maar wie een beetje moeite wil doen en zich hier kan aan overleveren, krijgt er een fascinerende trip voor in de plaats. Wie er voor openstaat, kan altijd eerst eens de Bandcamp- of Spotifypagina van Riven checken. Als richtingaanwijzers zou ik Gateway, Svarthart, Eye Of Solitude en Mournful Congregation naar voren schuiven.

Mauger

I’m Always Fine (single)

Geschreven door

De nieuwe single van Mauger is uit. Frontman Matthias (ex- Sioen), gitarist Mauger Mortier, Jan en Jacob (beiden leden van Absynthe Minded) brengen ons originele en uitgepuurde indiepop. Daarboven gieten ze nog wat mooie melodieën en arrangementen zoals op “I’m Always Fine”. Ontdek hem hieronder op youtube. Volgend jaar wordt er een nieuw album verwacht.
https://youtu.be/HJ4Gqk6U3h0

Jet Black Sea

The Overview Effect

Geschreven door

Adrian Jones en Michel Simons vormden in 2013 het bijzondere project Jet Black Sea. Dit resulteerde in een bijzonder debuut 'The Path of least existence'. Medio 2017 verlegt de band gewoon nog meer grenzen binnen experimentele progressieve rock - met een knipoog naar andere muziekstijlen - op de schijf 'Absorption Lines'. Ook met de nieuwste 'The Overview Effect' blijft Jet Black Sea zichzelf heruitvinden. De plaat verwijst naar het boek van de Amerikaanse ruimtefilosoof Frank White, die in 1987 beschreef hoe een astronaut zijn blik vanuit de ruimte op de aarde verandert, en bij terugkomst meer waardering voor de schoonheid daarvan heeft opgedaan.
Met het instrumentale “Escape Velocity”, een song boordevol vreemd aanvoelende soundscapes, is het startsein gegeven van een waarlijk emotionele en beetje vreemd aanvoelende trip, waar Jet Black Sea naar goede gewoonte duchtig blijft experimenteren tot het oneindige. Op het ruim vijfendertig minuten lange titelnummer bouwt de band zijn sound verder uit, door nog meer te experimenteren en te improviseren met klanken en vocalen. De oneindige reeks invloeden die we hier ontdekken gaan van progressieve rock van Pink Floyd en Porcupine Tree over naar muziekstijlen als ambient. Hoewel ik me die eerste nog het meest voor de geest haal. Want net als Pink Floyd voegt de band enorm veel psychedelica toe aan zijn geluid, waardoor je onder hypnose wordt weggevoerd naar een andere planeet. Perfect passende bij het concept op deze schijf dus. Het slotnummer “Home [E.D.L.] (Entry, Descent, Landing)“ drijft je nog verder weg in het heelal, naar onbekende oorden.
Jet Black Sea weet zoveel gevoel te steken in de cd, dat u zich voorwaar een astronaut voelt die ver boven de planeet de aarde aanschouwt, met een lach en een traan. Door de filmische aanpak halen we ons dan ook heel bewust die beelden voor de geest. Met de ogen gesloten wanen ook wij ons heel hoog boven de wolken, waardoor de band in zijn opzet is geslaagd om dat boek van Frank White te verwoorden in songs die perfect die atmosfeer van het heelal weergeven.
Besluit: Net als bij de twee vorige prachtplaten, stimuleert Jet Black Sea de fantasie van de aanhoorder. Bewust kiest de band ervoor dat u zelf jouw fantasie laat werken tijdens het beluisteren daarvan. Net zoals bij Pink Floyd is de psychedelische impact zo groot, dat je je gewillig zult laten meevoeren, hoog boven die wolken. Jet Black Sea blijft eveneens de grenzen van het oneindige aftasten, en zichzelf telkens opnieuw heruitvinden. Waar het ooit begon met een indrukwekkend debuut, is dit een nieuwe bladzijde die voortborduurt op voorgaande ingeslagen wegen. Maar met toch weer een andere kijk op de zaak. Wat ons dan weer doet uitzien naar meer zulke bevreemdende, onaardse parels in de nabije of verre toekomst.

Tracklist:
1.         The Overview Effect album trailer - Escape Velocity 04:12
2.         The Overview Effect 35:49
3.         Home (E.D.L.) 05:38

Progressieve rock/Ambient/Experimenteel
The Overview Effect
Jet Black Sea

Desertfest 2018 – Voor fans van Stoner-Doom-Sludge

Geschreven door

Ah Desertfest, zoals ieder jaar in mijn verjaardagsweekend en het beste cadeau die ik ieder jaar krijg. Na mijn traditionele ‘ik verdwaal in Antwerpen richting mijn hostel’ en ‘ik verdwaal in Antwerpen richting de Trix’ was het tijd om terug drie dagen te genieten van het beste wat je in de stoner/doom/sludge/…-scene kunt vinden. Dit uiteraard in combinatie met enkele legale verdovende middelen om het net dat beetje extra te geven.

dag 1 - vrijdag 12 oktober 2018

Admiral Sir Cloudesley Shovell was de eerste band die ik deftig kon bekijken na eerst te verdwalen in Antwerpen en vervolgens wat doelloos rond te dwalen tussen de stages. Tevens was dit ook de eerste band van het festival waar ik sterk naar uitkeek. Ik had ze aangeraden en wil me nu al alvast excuseren aan de mensen die m’n advies hebben opgevolgd. Niet omdat ze zo slecht waren of zoiets, maar omdat ik ondervonden heb dat je die naam onmogelijk kan uitspreken terwijl uw vrienden vragen wat je wil zien en bijgevolg tot extra ongemak leidt. Normaal zou de muziek deze gruwelijke worsteling waard maken, maar dit viel eigenlijk vrij hard tegen. Een slechte show kon je het niet noemen, die zou immers interessanter geweest zijn om te reviewen. Het was gewoon bijster middelmatig wat zeer spijtig is aangezien ze zeker potentieel hebben om veel beter te zijn. Voornamelijk op vocaal vlak lieten ze steken vallen waarbij het op sommige momenten vrij vals klonk. De zaal bleef echter tijdens de gehele show mooi gevuld en qua sfeer was het zeker wel ok. Ah, volgende keer beter.

Mijn eerste ontdekking dit weekend vond plaats op de kleine Vulture Stage. Deze was vrij goed gevuld voor Lethvm, een sludgy post-metal band van Belgische makelij die zowat het tegenovergestelde speelt van wat je blij kan noemen. Het duurde niet lang voor mijn teleurstelling kwijt te spelen die ik eerder had meegemaakt aan de Canyon Stage. Wat ik hier aan het werk zag was voornamelijk een band met veel potentieel. De laatste tijd zijn er immers veel bands die deze stijl aan muziek spelen en de meeste er van doen dit goed, dit maakt het echter moeilijk om nog op te vallen in deze massa en dit doet Lethvm zeker. Ze hebben een eigen gezicht en weten heel goed hoe ze pakkende songs moeten schrijven. Ook opvallend is dat ze zich heel goed wisten aan te passen aan het klein podium, donkere atmosferische bands verliezen hier meestal wat sfeer doordat er teveel licht is en de bar die het grootste deel van de zaal inneemt trekt meestal veel volk aan die er eigenlijk gewoon een pintje komt drinken. Bij Lethvm was dit echter helemaal niet storend want hun muziek was meeslepend genoeg dat de zaal voor mij volledig verdween. Ik ben er vrij zeker van dat ik niet gewoon bewusteloos was dus het was wel degelijk de muziek. Een echte aanrader als je ze nog niet kent.

Orange Goblin. Zo nu kan ik de review eigenlijk al afsluiten of wil je nu werkelijk voor de 400’ste keer lezen dat ze nooit vervelen, iedere show verrassend zijn en gewoon ronduit fantastisch zijn zoals ik iedere keer zeg? Want dat was het nu ook trouwens. Het enige wat ik zou kunnen toevoegen is dat deze show nu niet onmiddellijk beter was dan alle andere shows die ik al gezien heb van deze band, maar dit is voornamelijk omdat de kwaliteit altijd zodanig hoog is dat het eigenlijk nauwelijks beter kan.

dag 2 - zaterdag 24 oktober 2018
Na de kortere dag op vrijdag waren we lekker opgewarmd voor de langere dagen. Die dag besloot ik te beginnen met een snuifje Earth Ship. Deze Duitse band is één van mijn recente ontdekkingen en toen ik zag dat ze wel degelijk op dit festival speelden kon ik niet anders dan ze gaan bekijken. Volgens Desertfest zelf spelen ze sludge rock en dit dekt de lading best wel goed. De zaal raakte al snel goed gevuld en ze speelden een stevige show, jammer genoeg vertrok er wel al een groot deel van het volk voor het einde van de set omdat Black Moth ging beginnen. Ahja, meer plaats voor mij! Een stevige set met een sterk uniek geluid en solide nummers, dit smaakt naar meer.

Krakow was de volgende op het lijstje en is jammer genoeg één van die bands waarvan ik altijd vergeet dat ze bestaan wat echt zonde is, hun muziek die zich ergens tussen post-rock en post-metal weet te plaatsen en er niet mee inzit om buiten de lijntjes te kleuren is immers van topkwaliteit. Op album ben ik altijd grote fan geweest (de keren dat ik er aan denk om er naar te luisteren). Nu was het de eerste keer dat ik ze ook wel degelijk live kon aanschouwen. De kleine barstage raakte al snel goed gevuld, maar behield gelukkig wel wat ademruimte. Ze speelden een meeslepende en dromerige set die voor het grootste deel me wel wist te boeien, maar op het einde van de set begon het voor mij jammer genoeg wat langdradig te worden. De kleine zaal wist immers niet de juiste atmosfeer te scheppen om me in een trance te houden wat bij dergelijke bands best wel noodzakelijk is. Dit is ook het enige minpunt want voor de rest was het fantastisch.

Wyatt E. mag zich onmiddellijk plaatsen in het lijstje van bands die ik nu iedere keer moet zien als ze in de buurt spelen. Persoonlijk had ik nog nooit van ze gehoord, maar een vriend van me wist me te vertellen dat ik ze moest zien en indien ik ze niet goed vond hij persoonlijk mijn toestemming om een mening te hebben over muziek zou intrekken. Die toestemming is eigenlijk al lang ingetrokken sinds ik harsh noise ben beginnen leuk vinden dus ik was nooit in gevaar. Nu bleek dat mijn vriend blijkbaar soms een zeer goeie keus kan maken want ik stond letterlijk van bij binnenkomst tot eind met open mond deze helden te aanschouwen. Muzikaal passen ze ergens tussen post-rock en drone, lekker veel drone. Tijdens hun gehele set hebben ze waarschijnlijk evenveel akkoorden als nummers gespeeld, maar toch slaagden ze er in met deze minimalistische aanpak om monsters van nummers neer te poten. Ik was dus op slag verliefd <3

Volgende op het lijstje is het altijd vrolijk Belgisch bandje Wiegedood (ik blijf jaloers op die bandnaam). Zoals je wel kan verwachten met zo’n bandnaam was de sfeer ongeveer het exact omgekeerde van wat ik bij Orange Goblin mocht ervaren. Kil, doods en deprimerend dus. Wiegedood was een beetje de vreemde eend in de bijt aangezien hun muziek als enorm harde en scherpe post-black metal kan omschreven worden. Als je hoopt op één of andere catharsis waarbij je gewoon lekker wat negatieve emoties er uit kan janken en je nadien beter voelt zit je niet echt goed bij deze band. Ze sleuren je mee de diepte in en laten je daar dan ook achter, verward en alleen. Een vriendin van me wist achter de show te vertellen dat het één van de beste was die ze ooit gezien heeft, maar letterlijk enkel negatieve gevoelens erbij kon ervaren die ze overigens de rest van het festival heeft behouden.

Aangezien suïcidaal depressief worden in het midden van een festival nu niet onmiddellijk voor goeie reviews zorgt was het nodig om eventjes in een andere atmosfeer te vertoeven. De space rock van Yuri Gagarin was hier perfect voor. De band speelt exact wat je je voorstelt bij het lezen van de naam en ze doen het goed, zeer goed. Het is moeilijk om de show te omschrijven aangezien het een totaal belevenis is. Opvallend was hoe hard deze muziek eigenlijk was, space rock heeft nogal vaak de neiging zichzelf te verliezen in zweverige, psychedelische soundscapes waarbij je voornamelijk zin krijgt om een dutje te doen. Verder was het muzikaal ook zeer divers voor het genre, ze weten een uniek geluid te produceren en een frisse wind te blazen in een genre waarvan ik dacht dat letterlijk alles al gespeeld was. Een leuke ontdekking!

Het is een beetje gemeen tegenover de andere bands die vandaag speelden, maar als eerlijke reviewer moet ik wel toegeven dat ik tijdens al jullie sets zat uit te kijken naar Dopethrone. Het is nu de derde keer dit jaar dat ik ze live kan zien en veruit de beste keer dat ik ze gezien heb. De zaal was perfect gemaakt voor hen en het duurde niet lang vooraleer het publiek verdronk in smerige sludge die geen gelijke kent. Woorden schieten me tekort om te beschrijven hoe fantastisch dit was.
Het enige wat wel voor problemen zorgde was de gigantische hitte. Het was gedurende het festival al behoorlijk warm, maar bij Dopethrone was het werkelijk ondragelijk wat toch wel een beetje een domper was voor mij. Waarschijnlijk deed het universum dit expres want indien die kleine domper er niet was zou de show zodanig hard gegaan zijn dat alles ineen zou geklapt zijn in een allesverslindende singulariteit.

dag 3 - zondag 14 oktober 2018
Na op een gruwelijk vroeg uur te moeten opstaan omdat ik mijn burgerplicht moest gaan vervullen en dus eventjes heen en weer mocht naar Antwerpen was ik een beetje in een slechte mood, maar toch helemaal klaar voor wat al weer de laatste dag was.

Het eerste wat ik besloot om te bekijken was de bluesrock van Child. Helaas was ik echt niet in de juiste stemming om dit te appreciëren en in plaats van vrolijk werd ik geïrriteerd. Veel nut had het dus niet om nog verder te luisteren en ben ik het ook afgetrapt. Sorry jongens, hopelijk zie ik jullie de volgende keer wanneer ik niet om 6u mocht opstaan om vervolgens 4u op de trein te zitten.

Aangezien mijn gemoedstoestand er niet echt op aan het verbeteren was leek het alsof deze dag serieus ging tegenvallen. Maar toen plots als een mirakel was er daar My Sleeping Karma. Als iemand beweert niet in een goeie vibe te geraken van deze band dan zit je met een slecht vermomde alien die het concept menselijke emoties overduidelijk nog niet onder de knie heeft want volgens mij is het onmogelijk om niet blij te worden van deze band. Wie toevallig mijn review van twee jaar geleden gelezen heeft zal wel nu ongeveer hetzelfde te zien krijgen. Het was terug fenomenaal, een uur durende droom met prachtige achtergrondprojecties waarop de riffs je richting Nirvana sleurden. Een verbetering tegenover vorige keer was er niet, maar ik ben vrij zeker dat het gewoon onmogelijk is om het beter te doen dan dit. Boek ze nog duizend keer Desertfest, ik smeek het jullie!

Vervolgens was het tijd om EINDELIJK Acid King te zien. Dit keer speelde er gelukkig geen middelmatige black metal band om me af te leiden, dus ik zorgde ervoor dat ik al ruimschoots aanwezig was zodat ik de volledige set mocht aanschouwen. Nu bleek dat ik eigenlijk gerust m’n tijd mocht genomen hebben want al vrij snel traden er technische problemen op waarbij het een tijdje stil was op het podium. Na wat vervangingen konden ze echter snel verder spelen en de hiatus was onmiddellijk vergeten. Er is maar één manier waarop ik deze show kan beschrijven en dat is ‘niiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiice’. Indien dit niet voldoende is voor je dan heb je duidelijk een belangrijk deel van de menselijke ervaring gemist en het spijt me verschrikkelijk. Het enige negatieve aan deze show was dat ik mezelf in het verleden nu nog meer haat omdat ik ze bewust geskipt heb om een andere band te zien.

Vervolgens nemen een kleine tijdssprong richting de minst objectieve review van dit festival, Amenra! Zodra Elder afgelopen was ben ik mij direct vanvoor in het midden gaan plaatsen want ik weiger een Amenra show vanop een andere positie mee te maken. Vanaf de eerste klank begon ik al kippenvel te krijgen en zodra de eerste door merg en been gaande schreeuw weerklonk door de zaal mocht ik al een traantje wegpinken, dit gebeurde zowat in de hele set. Dit was tevens ook de eerste keer dat ik Amenra met dergelijk fenomenaal geluid mocht aanschouwen. De Trix staat ervoor gekend, maar dit kwam in de buurt van perfectie.
Één grote domper was echter terug de vloek van op een festival spelen, zatte eikels die hun plezier halen uit sfeer verpesten. Ik snap perfect dat Amenra je ding niet is, het slaat inderdaad wel wat tegen dat het dan de headliner is en al zeker de afsluiter. Als dit gebeurt ga dan toch gewoon naar een andere band en als je dan toch persé wil kijken ga je dan niet helemaal vooraan gaan zetten om vervolgens een paringsroep naar je medemens te roepen gedurende ieder stil moment in de set. Dat het publiek hier niet zo mee gediend was , werd al snel duidelijk, maar sociale cues werken niet zo goed bij bepaalde mensen.
Bedankt Amenra voor de fantastische set, maar de volgende keer neem ik toch een stroomstok mee om storende elementen te verwijderen.

Een band als Amenra als afsluiter nemen om vervolgens op een redelijk uur te gaan slapen zodat je lichaam wat kan rusten na een zwaar weekend. Dit is de verantwoordelijke keuze die verstandige mensen nemen. Aangezien deze review nog verder loopt na Amenra ben ik overduidelijk niet één van die mensen. Voor de niet zo verantwoordelijke mens was er nog een niet zo verantwoordelijke band, namelijk Whores. Na een korte verwarring waarbij ik dacht dat het om één of andere obscure grindcoreband ging uit 2008 (Vraag me niet waarom, m’n brein doet dat soms eens) bleek het dus om een heerlijke noise rock/sludge metal band te gaan. Volgens Desertfest spelen ze iets genaamd amphetamine reptile noise rock, als doorwinterde muzikale elitist/arrogante eikel kan ik je verzekeren dat dit genre niet bestaat maar het zou wel moeten. Het zou best wel eens kunnen dat ze een soort van geluidsvormige variant van amfetamines hebben weten te produceren want normaal bestaat het publiek bij een afsluiter na de headliner op zondag voor de helft uit mensen die te moe zijn om te bewegen en de andere helft te scheef zijn om te bewegen.
Whores leek er echter in te slagen om op een verdachte manier een serieuze scheut dopamine bij iedereen te laten lossen en het duurde niet lang voor het feestje om op gang te komen. Dat ik achteraf om 6u sochtends aan een willekeurig hotel zat in Antwerpen is duidelijk ook een gevolg hiervan.

Hoe was Desertfest dit jaar? Hetzelfde zoals altijd, fantastisch dus. Ik ga zelfs de moeite niet meer doen om me nog af te vragen of ze dit gaan overtreffen volgend jaar want dat doen ze waarschijnlijk toch gewoon weer. Organisatorisch was er eigenlijk niet echt iets anders, je kon overal vlot door en er is weinig om over te klagen. Verbazend was wel dat de belachelijk hoge prijs voor pintjes en frisdrank waarbij een Duvel dan plots verkocht werd voor een prijs die je op café nauwelijks kan vinden. Schade aan mijn lever is dus duidelijk de schuld van de organisatie en niet omdat ik onverantwoordelijk was!

Neem gerust een kijkje naar de pics via
http://www.creepingmackroki.be/index.php/concerten-2012/concerts-2018
Organisatie: Desertfest, Belgium

Radio Birdman

Radio Birdman - Terug gekatapulteerd naar de seventies

Geschreven door

Lokale helden (ik schreef bijna veteranen maar in vergelijking met de mannen die nog moesten komen zijn dit nog dartele veulens) The F’kk’n’ G’dd’mn Luckies mochten de avond openen en gaven ons precies wat we verwacht hadden, niet veel dus. Dat laatste mag je zelfs als een compliment zien. Met minimale middelen brachten ze geblutste, lofi trashblues waarop het steeds heerlijk meedeinen was. Veel was daar dus niet voor nodig: de knallende drums van Stevie en de rammende, kaduuk klinkende gitaar en de in bier gemarineerde rasp van Saftn’ volstonden ruimschoots. Naar ik meende te horen , gingen de meeste songs over bier, de rest waarschijnlijk ook en daar is niets mis mee. Want wat rest er ons meer dan bier, na een alweer deprimerende verkiezingsuitslag.

Mijn verwachtingen voor Radio Birdman waren niet bijster hooggespannen. Ik heb nog vage herinneringen van een optreden waarin een verwaande Rob Younger de boel vakkundig om zeep hielp. Bovendien las ik een recensie van een optreden, enkele dagen eerder in Haarlem, waaruit bleek dat Radio Birdman vandaag enkel nog een stel net niet dementerende bejaarden zou zijn. En teert de band nu wel niet erg lang op het oude succes? Ze maakten amper drie studioalbums, de laatste (het verwaarloosbare ‘Zeno Beach’) dateert van 2006, maar eigenlijk draait alles nog altijd om hun debuutplaat, ‘Radios Appear’, waaruit het leeuwendeel van de nummers werden geplukt.
De legende wil dat Deniz Tek (oorspronkelijk van Ann Arbor, Michigan) in 1973 in Detroit toevallig de gitaar van Fred Sonic Smith kocht, MC5 was toen net gesplit. Een jaar later houdt hij in Sydney met Rob Younger Radio Birdman (genoemd naar het verkeerd verstane ‘radio burnin’’, een regel uit de Stooges song “1970”) boven de doopvont. In ‘77 volgt dan dat debuut, het klassiek geworden ‘Radios Appear’, waarop een mix van messcherpe Detroitrock en een snuifje surf resulteert in unieke Australische protopunk. Na de tweede plaat in 1981, ‘Living Eyes’ split de band om vanaf 1996 een sluimerend bestaan te leiden.
In Kortrijk waren er toch drie van de vier mannen van het eerste uur bij: Deniz Tek (gitaar), Pip Hoyle (toetsen) en zanger Rob Younger. Dat alleen al was een prestatie op zich. De groep opende nogal mak met “Do the pop” terwijl de klankbalans verre van optimaal was, de keys waren bijna niet te horen.
Rob Younger, die er eerder uitzag alsof hij zopas bevrijd was uit Auschwitz, leek zijn spastisch snokkende lichaam niet onder controle te hebben. Het was geen gezicht maar de man bleek nog redelijk bij stem en stelde zich dit keer bescheiden op. Maar het heilige vuur miste ik toch in dat begin en waarom ze The Doors’ “Not to touch the earth” (een wat vergeten nummer uit ‘Waiting for the sun’) coverden vraag ik me nog altijd af. Naarmate de set vorderde en de klank wat beter werd , kreeg de band meer grip op de zaak en werd het nog heel mooi. Deniz Tek zorgde geregeld voor vuurwerk op gitaar terwijl songs als “Alone in the endzone”en “Man with golden helmet” (voorzien van een sublieme piano) niet stuk te krijgen zijn. Tijdens “Hand of Law” liet surfliefhebber Deniz Tek zich nog eens gaan door er een flard “Pipeline” (The Chantays) tussen te gooien.
Er werd afgesloten met het razende “New race”, misschien wel hun beste nummer. Het oplapwerk in de kleedkamer had blijkbaar heel wat voeten in de aarde maar uiteindelijk kwamen de zes terug voor een indrukwekkende bisronde. Daarin gingen ze verder op het elan waarmee ze de set gestopt waren en diepten ze drie knallers uit hun prille beginperiode op: “Anglo girl desire”, “Aloha Steve & Danno” en “T.V. Eye” (The Stooges) waarmee ze bewezen dat ze ooit even een punkband waren geweest die er echt wel toe deed.

Overtuigend over de ganse lijn was het zeker niet, toch blij dat ik de heren nog eens aan het werk zag want de afschrijvingstermijn moet nu toch stilaan verlopen zijn.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Beach House

Beach House – Hypnotiserende dreampop met een extravert tintje

Geschreven door

Al sinds de oprichting van Beach House in 2005 betoveren Alex Scally en Vitoria Legrand ons met hun hypnotiserende dreampop . Opnieuw kwamen we terecht in een bedwelmend, meeslepende sfeertje van atmosferische en dromerige klanktapijten , gedrenkt in melancholie. Anderhalf uur hoorden we in een uitverkocht AB een carrière overzicht van traag slepend en (licht) pulserend materiaal, vertederend en extravert .

De doomy indiepoppers staan al voor de vierde maal . “We’re getting old” stamelde Victoria van achter haar keys . Haar verschijning, haar zang en de lang wapperende haren doen ergens Nico van de V.U. opborrelen . In al die jaren horen we die fragiele , breekbare , timide , donkere , grimmige en hartige, openbloeiende sound . De zweverige klanken worden door solide drums sterker ondersteund .
In het voorjaar verscheen ‘7’ , een kleine drie jaar na ‘Depression cherry’ en ‘Thank your lucky stars’ . De productie was in handen van Sonic Boom-er Pete Kember , die de stijl van z’n Spacemen 3 en andere space/psychedelica pop bands toevoegt.
We worden opnieuw meegevoerd in hun geluidskunst ; het kleurenpalet op het grote scherm doet z’n werk en spreekt tot de verbeelding en mooi zijn de schaduwen van de drie , die schakeren op het podium.
“Levitation” zet meteen de toon . De zacht fluwelen en (diep)grauwe vocals zijn verstrengeld in het kenmerkende, voortkabbelende Beach House geluid. “PPP” is forser, krachtiger van aard en op het gekende “lLzuli” twinkelt , fonkelt; de keys en drums nemen het voortouw.
Daarna zitten we in de zweverige , etherische spiraal van stemmige , sfeervolle , dromerige nummers als “Space song” , “Black car” en de nieuwe “Drunk in LA”, “Girl of the year” en “l’Inconnue” . Een soundtrackgevoel ervaren we van weidse landschappen en Air heeft hier een patent .
Het tempo wordt opgedreven , de trage, slepende , repeterende ritmiek is geïnjecteerd van tempoversnellingen en wordt feller, verbetener door de grooves . In de aanzwellende opbouw gaan we in de invloedssferen van hun producer , en postrock krijgt een duw voorwaarts door die verontrustende , donkere onderlaag . De sound davert en stroboscoops doen hun werk op “Dive” , de perfecter afsluiter in dit genre .

Door de jaren wordt het drietal nog steeds sterk onthaald . Beheerst weet Beach House om te gaan met hun dromerige , genietbare , onderkoelde, frisse geluidskunst . We worden meegevoerd in hun bezwerende , grillige dreampop . Die verschillende kenmerken zorgen nog steeds voor een uniek sfeertje . Mooi dus wat het trio verwezenlijkt . Beach House is helemaal terug!

Organisatie: Toutpartout ism Ancienne Belgique, Brussel

Pagina 222 van 498