logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

STUFF.

STUFF. plays Howard Shore - STUFF. waardige mandataris voor Film Fest Gent & Howard Shore

Geschreven door

STUFF. plays Howard Shore - STUFF. waardige mandataris voor Film Fest Gent & Howard Shore
STUFF.
Vooruit
Gent
2017-10-11
Gerrit Van De Vijver

Dat het Film Fest Gent soms gedurfde , controversiële en niet alledaagse keuzes durft maken, is lovend. Net als dit jaar met de openingsfilm Insyriated, begint het audiovisuele deel van het FFG ook met een niet voor de hand liggende keuze. STUFF. plays Howard Shore. De zaal Vooruit Gent was hiervoor de ideale locatie, met z’n nodige grandeur.

STUFF. scoorde al veel lof op het Gent Jazz Festival, en begint naam te maken. Zodoende werden ze aangesproken door het FFG om samen iets uit te werken. Het leidde tot deze kruisbestuiving van clips uit films van David Cronenberg en de eigen interpretatie van STUFF. , gegeven aan de muziek van Howard Shore. De clips werden geprojecteerd op 4 schermen, een creatie van Bart Moens en Frederik Jassogne , en ook op de podiumvloer, wat de coherentie nog groter maakte. Ook het 5-tal zit lekker compact, op amper 12 m2.
En ook hier , alweer, geen voor de hand liggende keuze. Men kon gaan voor het populaire genre à la ‘Lord of the rings’, ‘The Hobbit’ of  ‘Silence of the lambs’.
Neen, men ging graven in het vroegere, donkere werk van D. Cronenberg. Men kwam uit bij o.a. ‘Eastern promises’, ‘Scanners’, ‘Videodrome’, ‘The fly’, ‘eXistenZ’, ‘Crash’, ‘A dangerous method’.

De vijf muzikanten: drummer Lander Gyselinck, toetsenist Joris Caluwaerts, turntablist Menno, bassist Dries Laheye en EWI-saxofonist Andrew Claes gingen op voorhand elk aan de slag in hun rayon, en legden elk hun eigen accenten. De symbiose van de 5 bandleden is waarlijk niet te onderschatten.
Daar de muziek van H. Shore barst van ritmeveranderingen, pauzes, nuances en subtiliteit , was het toch een huzarenstuk om dit ten berde te brengen.
Maar STUFF. vond het ideale synergisme tussen de werking van de beelden en de nadruk op hun eigen spel. De timing zat zelfs zo perfect dat men zou kunnen aannemen dat de beelden voor hen zijn gemaakt. Een schoolvoorbeeld hiervan was de vechtscène (Eastern promises) van Viggo Mortensen , in zijne pure , jawel, waar men vol meegaat in het gevecht, en dan heel mooi de sound laat uitsterven en het gevecht wordt afgemaakt en er zelfs even een lachsalvo opstijgt. Met enige vertwijfeling bij sommige : kan dit wel?
Het werk van STUFF. wordt regelmatig gelinkt aan improviseren, maar nu waren er restricties. Het oeuvre van H. Shore werd met veel gevoel gebracht. STUFF. speelt geen muziek, ze ‘belichamen’ muziek. Met het gehele lijf worden de instrumenten bespeeld, snaren en cymbalen ‘geaaid’. Als publiek kan je de muziek makkelijk percipiëren, want je wordt constant getriggerd.
Ondanks de relatieve onbekendheid bij het grote publiek, wat het een unieke gelegenheid maakte voor de echte STUFF.-fans, was het een moedige EN juiste beslissing van het Film Fest Gent om deze partnership aan te gaan. Het out-of-the-box denken verklaard waarom het Film Fest Gent steeds in omvang toeneemt en het succes exponentieel groeit. H

opelijk krijgt dit een vervolg. STUFF. is zeker sterk genoeg om zelfs alleen een soundtrack te dragen, hun verscheidenheid is alvast een grote troef. Ondanks muziek van ‘The fly’, dit zijn géén ééndagsvliegen
Al jaren spreekt men van de toenemende groei van de Belgische cinematografie, maar met deze groep kunnen we een breder aspect aanspreken en kunnen ze meehelpen aan het expanderen van het succes van de Belgische filmindustrie.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/stuff-11-10-2017/

Organisatie: Film Fest Gent (ism Vooruit, Gent)

Tamino

Tamino – Het Tamino-gen

Geschreven door

Tamino – Het Tamino-gen
Tamino
Ancienne Belgique
Brussel
2017-10-11
Hilde Snauwaert

Gehypnotiseerd toekijken, volledig stil. Bij iedere zucht, kreun of oprecht dankwoord van de artiest beginnen gillen. Bij dat ene liedje “Habibi” alles van begin tot eind filmen, ook al is er geen ruimte om je arm op een deftige manier omhoog te steken, zo veel volk is er in de uitverkochte concertzaal. De blauwdruk van de gemiddelde concertganger bij het optreden van Tamino in de Ancienne Belgique. En ik ben er niet één van …

Toegegeven, Tamino kent een weergaloze en pijlsnelle evolutie. 2017 werd goed op gang getrokken met een podiumplaats in De Nieuwe Lichting, en deze zomer een met vijf sterren bejubeld concert op Pukkelpop en ronkende recensies bij de pers. Er was sprake van ontroering, verleiding, een optreden van onschatbare waarde, een begeesterd publiek.
Toegegeven, Tamino kent zijn métier. Hij heeft een dijk van een stem, waar hij enorm mee kan uithalen. De toetsenist en drummer maken het plaatje van muziekambachtschap af. De muziek is kwalitatief, zit simpel en goed in mekaar. De reactie op het publiek bij de begintonen van “Cigar”, de derde in de set, is overweldigend. Vooral in dit liedje tast hij heel diep naar de innerlijke demonen van de concertgangers.
Toegegeven, Tamino heeft charisma. Bij iedere gestamelde dank je, stuntelige anekdote of het ‘what the fuck’-zinnetje waarbij de artiest nog altijd verbouwereerd bij zijn populariteit staat te kijken, het publiek vindt het geweldig. En lokt ook reacties als “Mocht hij mijn leeftijd hebben…” uit.
En ik was vooral content dat ik het laatste zitplaatsje kon bemachtigen. Want een uur Tamino is lang, zeer lang. Er komen vijftien liedjes aan bod, telkens geënt op hetzelfde principe : piano of gitaar of drum begint, en Tamino vlug aan met lange kreten en simpele teksten, en (veel te) veel serieux. Het herhalingseffect speelt na een kwartier parten en begin je rond te kijken naar de andere concertgangers. En zie je iedereen zeer gebiologeerd staren naar Tamino en genieten van zijn muziek.

Ik denk dat het een gen moet zijn : ofwel heb je het voor hem, ofwel ben je gewoon blij dat je het concert tenminste zittend kan uitzitten.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

The Cribs

24-7 Rock Star Shit

Geschreven door

Voor The Cribs lijkt het maar niet te willen lukken in België. Ze kwamen net als de Kaiser Chiefs in de slipstream van Franz Ferdinand en Bloc Party met veel branie en lef naar Europa om eigenhandig de poort naar het grote succes open te breken. In 2005 speelden ze samen met de Kaiser Chiefs een double bill in de Brusselse Botanique. De Chiefs hadden net hun eerste radiohitje met “Oh My God”, maar het hebbedingetje van de avond voor het handvol geïnteresseerden was een gratis vinylsingle waarop de Cribs en de Chiefs een nummer van elkaar coveren. Daar vang je vandaag op een gespecialiseerde website al snel 50 euro voor. Hun nieuwe album (‘24-7 Rock Star Shit’) kan je downloaden voor een fractie daarvan.

De Kaiser Chiefs is het sindsdien voor de wind gegaan. Hun albums verkopen nog steeds goed, al blijven de hits nu even uit, maar ze spelen bij ons nog in de grote zalen en op de grote weides. The Cribs hebben daarentegen – althans in ons land – niet dat pad kunnen volgen. Pukkelpop heeft deze drie Britse broers nog drie keer naar Kiewit gehaald, maar echt memorabel waren die passages niet. Belgische zaalshows voor The Cribs zijn nog schaarser. Het Depot heeft hen één keer naar Leuven gehaald en ze deden het voorprogramma van Franz Ferdinand in de Lotto Arena in Antwerpen. Verder dan een halve radiohit (“Men’s Needs”) zijn ze hier niet geraakt.

Dat is best jammer. The Cribs is een prima rockband met een stevige livereputatie. Ze brengen een smerige Britpoprock die moeilijk te vergelijken valt. Een beetje als de Libertines of (de oude) Bush, maar dan harder en vuiler, meestal zonder dat het echt punkrock wordt. Ze zaten bij hippe labels als Wichita en bij majors als Warner en Sony voor de distributie.

In andere landen lukt wel (bijna) alles voor The Cribs. Ze spelen wereldwijd de grootste festivals (Lowlands, Rock Am Ring, Sziget, Lollapalooza, Reading, Fuji Rock, Glastonbury,  …) en hebben zich steeds weten te omringen met goed volk. Zo was Johnny Marr van The Smiths een paar jaar het vierde lid van de band. Lee Ranaldo van Sonic Youth kreeg een gastrolletje op hun derde album. Legendes als Edwyn Collins, Nick Launay, Rick Ocasek, Alex Kapranos, Andy Wallace en Steve Albini hebben hun albums geproduced en gemixt. De meesten polijsten de ruwe kantjes van The Cribs weg, wat hen commercieel succes opleverde. Alleen Albini zette die ruwe kantjes extra in de kijker op album nummer 5, ‘In The Belly Of The Brazen Bull’. Hij mocht opnieuw aan de slag voor hun jongste, zevende, album.

’24-7 Rock Star Shit’ opent met een veeg gitaardistortion, als was het maar om duidelijk te maken dat Steve –back-to-basics- Albini aan de knoppen zat bij de opnames. Naar Albini’s gewoonte werd de hele zwik in amper vijf dagen ingeblikt. Oorspronkelijk zou het een EP worden met vijf punksongs die niet op Brazen Bull geraakt waren, maar waar de fans wel pap van lusten tijdens de liveshows. Uiteindelijk hebben ze er toch maar een album van gemaakt.

De broertjes Jarman doen op dit album hard hun best om nog steeds relevante indierock te maken, maar een aantal tracks klinken tam en lusteloos op een manier waar Oasis vroeger wel mee weg kwam. De magie van de begindagen van The Cribs komt de kop opsteken in een paar nijdige, rauwe noiserockers als “Partisan”, “In Your Palace” en “Year Of Hate” en in een klagerig en wel heel traag nummer als “Dead At The Wheel” en de akoestische ballad “Sticks Not Twigs”. Maar echt betoveren lukt niet het hele album en punk is het ook niet helemaal. Een slordig huwelijk tussen Bob Mould’s Sugar en The Melvins, met The Vaccines en Teenage Fanclub als getuigen, daarmee kom je misschien nog het beste in de buurt.

Voorlopig promoten ze dit nieuwe album enkel live in de VS, Mexico en de UK. Jammer, want deze noisevariant van The Cribs zou hier wel eens heel populair kunnen zijn bij de fans van Brutus en Cocaine Piss.

 

Van Morrison

Roll With The Punches

Geschreven door

Opa brompot maakt op tijd en stond een nieuw plaatje en steeds druipt het vakmanschap er van af, ongeacht welk genre hij beroert. Al naargelang de windrichting kiest Van Morrison voor celtic folk, soul, big band, jazz, country of blues. Meestal maakt hij er samen met een schare uitmuntende muzikanten een leerrijke masterclass van.
Amper een jaartje na het fijne soulvolle ‘Keep Me Singing’ is Van The Man hier al terug met ‘Roll With The Punches’ en daarop is hij nog eens resoluut voor de blues gegaan, af en toe aangelengd met een nachtelijke jazzy inslag of een streepje pure soul.
Van Morrison, die zich wederom laat begeleiden door een stel indrukwekkende muzikanten en gastzangers (Jeff Beck, Georgie Fame, Chris Farlowe,…), speelt en zingt de blues met klasse, flow, stijl, ziel en warmte.
De titelsong is een potige opener waarmee de 72 jarige nukkige bompa aantoont dat hij de blues nog flink in zijn lijf en leden heeft zitten en ook “Ordinary People” is authentieke Chicago-blues die ver in de tijd terug gaat. Nog zo eentje om lekker achterover in de schommelstoel te zakken is de trage “Automobile Blues” waarin piano en harmonica een harmonieus samenwerkingsverbond aangaan.
Je zou natuurlijk kunnen zeggen dat Van Morrison in herhaling valt, dingen als “Stormy Monday” en “Lonely Avenue” heeft hij vroeger ook al ter hand genomen, maar de manier waarmee hij die twee songs hier nog eens samenbundelt getuigt van een uitzonderlijke klasse.
Echt verrassend klinkt het natuurlijk allemaal niet meer, dit is Van Morrison zoals we hem gewend zijn. Hij wijkt geenszins af van de paden die hij al tientallen jaren bewandelt en elk van deze songs had wel ergens op één van de andere platen uit zijn rijkelijk repertoire kunnen staan. ‘Roll With The Punches’ is gewoon een nieuwe staaltje vakwerk van deze inmiddels legendarische songwriter en muzikant.

Republica

Brutal & Beautiful

Geschreven door

De Braziliaanse rockband Republica staat na de verovering van het eigen land klaar om de rest van de wereld aan te vallen. Hun nieuwe album wordt daarom wereldwijd uitgebracht en ze komen naar Europa om het album live te promoten. Begin december spelen ze o.m. het voorprogramma van Alice Cooper in Deinze en Parijs.

‘Brutal & Beautiful’ is het vierde album van Republica. Ze brengen een mix van heavy rock, stoner en metal en ze brengen die met veel power en veel aandacht voor de melodie. Matt Wallace mocht aantreden voor de productie en mix. Hij deed dat eerder al voor o.m. The Replacements, Train en Faith No More en dat zijn ook goede referentiepunten voor dit album: zeker geen zuivere metal, maar eerder daartegen aanleunende rock. Met Deftones, Soundgarden en Audioslave kom je ook al aardig in de buurt.

Zanger Leo Beling heeft een stevige stem en trekt in de songs alle aandacht naar zich toe, met doorgaans meer power dan emotie. De band brengt een volle en bij momenten inderdaad brutale sound met rollende baslijnen zoals bij de betere stonerbands. Ook de gitaristen leveren uitstekend werk. De meeste nummers hebben veel vaart of aangename tempowisselingen. De beste nummers van ‘Brutal & Beautiful’ zijn opener “Black Wings” en dan ook nog zeker “One Left In The Chamber”, “Stand Your Ground”, “Beautiful Lie” en “Endless Pain”. De powerballad “Intimacy Of Your Soul” heeft een heel lange aanloop nodig om dan nog niet helemaal uit te barsten en zal niet iedereen kunnen overtuigen. “Tears Will Shine” is dan een betere poging om hier emotie te leggen in een traag nummer.

‘Brutal & Beautiful’ is een knap album van een band die zeker ook in België fans zal vinden. Liefhebbers van pakweg King Hiss, Soundgarden en Pearl Jam moeten dit misschien eens een luisterbeurt geven. En wie naar Alice Cooper gaat in Deinze en op tijd de Brielpoort binnenloopt, krijgt er zomaar een fijn voorprogramma bovenop.

https://www.facebook.com/RepublicaRock/

Secret Sight

Shared Loneliness

Geschreven door

Johnny Marr is een geweldige gitarist. Ik moest eraan denken toen ik het Italiaanse Secret Sight voor de eerste maal aan het beluisteren was. Het gitaarspel heeft wel wat mee van Marr. Ik denk dan aan de fingerpicking en de klankkleur bij momenten. Maar we gaan deze kerel (Cristiano Polli) hier niet te veel eer aan doen. In tegenstelling tot Marr moet hij nog leren een beetje beter doseren en leren ruimte laten. Want dat is toch wel één van mijn opmerkingen. De gitarist heeft alles tjokvol gestoken zodat je na een heel album murw van het gitaarspel bent. Ook de muziek verdient een wat opvallender mix zodat bepaalde melodieën en lijnen beter tot hun recht komen (Alhoewel het in de hoofdtelefoon dan weer minder plat klinkt). En dat is zonde want er zitten zeker mooie gitaar- en baslijnen tussen. Dat geldt eveneens voor de kwaliteit van het songmateriaal. De zang klinkt, net als Morrisey of Harry McVeigh, als een treurwilg en monotoon. Wat natuurlijk een beetje verwacht wordt in dit genre. Tussen hun debuut en dit album hebben ze trouwens een andere zanger aangetrokken. Die heeft de fakkel prima overgenomen. 
‘Shared Loneliness’ is een degelijk album geworden met nog wat ruimte voor groei. Wie houdt van The House of Love, The Smiths, Interpol of White Lies zal waarschijnlijk ook dit wel weten te smaken.

The Sad Flowers

The Sad Flowers

Geschreven door

Je band The Sad Flowers noemen, dan weet je als luisteraar al voor je de eerste noot hebt gehoord dat je hier geen feestmuziek voorgeschoteld zal krijgen. En ze hebben gelijk. Het album heeft, net als de prachtige hoes, een duistere en melancholische sfeer meegekregen.
The Sad Flowers zijn een duo uit Antwerpen. Jan Ooms en Jany Claeskens schreven alle teksten en muziek zelf. Daarnaast deden ze ook de productie en de mixing in de Compound Studio eigendom van Jan Ooms. Echte doe-het-zelvers dus. We kunnen meteen al een pluim geven voor de productie en mixing.
Hun muziek klinkt als een blend van een aantal stijlen zoals o.a. gothic, metal, alternatieve rock en wave. Daaruit puurden ze hun eigen stijl met daarbovenop de karakteristieke stem van Jan Ooms. Die stem klinkt, een beetje qua klankkleur, als een mix van David Mc Comb (The Triffids) en Mark Lanegan. Zo krijg je een idee van wat je kan verwachten wanneer je deze schijf op je platenspeler legt. Een donker stemgeluid waarmee Ooms toch wel een aantal richtingen uit kan. Hetzij metal en stoner; maar daarnaast ook richting gothic en zelfs crooners zoals Tom Waits om maar iets te noemen.
Ze bestaan sedert 2013 en ze brachten reeds enkele singles ( “Schmetterling”, “Never Mind” en “The Legend”) uit die trouwens ook op dit dertien tracks tellende album terug te vinden zijn. Ik vind het album over het geheel erg geslaagd. Enkel bij “The Calling” verlies ik de aandacht halverwege maar songs zoals “Never Mind” en “Feeling Strange” (heel sterke vocals in het refrein) zijn nummers om van te smullen. Er is aandacht voor de sfeer maar ook voor de melodieuze aspecten in de songs. Met als resultaat een mooie afwisseling en bij momenten samengaan van key- en gitaarlijnen. Een mooi voorbeeld hiervan is “The Cry”; een instrumentale opener die verder overgaat in de tweede song “Hate”. Daarnaast zijn er nog enkele sterke momenten zoals “The Autumn Of Life” (mooie lyric) of “The Legend”.
The Sad Flowers zijn een duo maar klinken als een volledige band. Ze hebben hier een fijn debuut afgeleverd dat al talloze speelbeurten in de auto achter de rug heeft. Ik ben dan ook benieuwd hoe ze live overkomen.

Oscar & The Wolf

Infinity

Geschreven door

De omhooggevallen ijdeltuit Max Colombie heeft een nieuwe plaat gemaakt, ‘Infinity’ heet het vehikel en ‘t is een lauwe mossel met een strik er rond. Net als de vorige plaat ‘Entity’ staat het ding vol met pathetisch geneuzel, hoogdravend theatraal gezwam en kitscherige nichtenpop met beperkte houdbaarheidsdatum. Het gezanik wordt af en toe ondersteund door enkele hippe beats die de fans naar de dansvloer moeten drijven. Goede songs daarentegen zijn ver te zoeken, net als de bandleden blijkbaar. Oscar And The Wolf zou eigenlijk een groep moeten zijn, maar in alle voorbeschouwingen, artikels, interviews en recensies gaat alle aandacht naar de poseur Colombie en wordt er met geen woord gerept over eventuele andere groepsleden. Kun je nagaan wie er achteraf met de centen zal gaan lopen. Ook de hoes laat duidelijk blijken dat het hier maar om één figuur draait, doch het album zelf laat eens te meer uitschijnen dat er achter die egotripper weinig of geen talent schuilgaat.
Colombie zweeft nu nog weelderig op zijn wolkje van succes waar hij blijft smullen van de grenzeloze aandacht van een kritiekloos Vlaams publiek. Dat hij er nog maar een beetje van geniet, want echt lang zal het niet meer duren eer zijn luchtbal doorprikt wordt, en dan is het voorgoed voorbij. Oscar & The Wolf is de Lernaut & Hauspie van de popmuziek.
Dat Het Sportpaleis op 27 en 28 oktober alweer volledig overstag zal gaan, daar twijfelen we niet aan. Maar dat is ook zo bij K3.

W.I.L.D.

Purgatorius

Geschreven door

De Franse Trash-Death metal band W.I.L.D. bestaat sedert 2004 en brengt met ‘Purgatorius’ hun vijfde langspeler uit. Na de instrumentale intro “A Start That Isn’t One” krijgen we met de eerste drie/vier songs snedige trash metal voorgeschoteld. Snedig en uptempo. Een solide ritmesectie als basis voor het gitaarwerk en de zang. De vocals van zanger Jérôme Thilly bestaat uit donker gegrom dat wel past bij de sfeer van de muziek. Op “Trapped” beginnen iets rustiger om daarna het tempo iets op te trekken. Deze track is ook iets melodieuzer dan de voorgaande tracks. Dat uit zich in iets cleanere zang en een melodieuzer gitaarspel. De song is even sterk als de rest maar wijkt hierdoor wel een beetje af van de andere nummers. “An End That Isn’t One” sluit het album, net zoals het begon, instrumentaal af.
“Purgatorius” is gewoon een heel degelijk Trash metal album. Ze zijn goed in wat ze doen zonder veel franjes en tierlantijntjes erom heen. Het toont tevens aan waarom ze reeds talloze supports voor bands als o.a. Carcass, Textures, Hate, Kronos en Entombed hebben mogen doen.

Steven Wilson

To The Bone

Geschreven door

Steven Wilson, de voormalige frontman van de progband Porcupine Tree, is een purist en een perfectionist, iemand die muziek maakt met behulp van microscoop en waterpas. Hij sleutelt eindeloos aan zijn platen tot alles perfect zit. Naar zijn normen toch, want wanneer iets perfect zit voor een virtuoos of precisiemens als Wilson is het voor ons dikwijls al lang naar de kloten, wij zijn bijvoorbeeld ook geen fan van de nieuwe van Roger Waters.
Wilson is met dit nieuwe album opgeschoven van progrock naar progpop en heeft zich gericht op compacte harmonieuze songs die deze keer niet persé 10 meer dan minuten moeten duren. Op ‘To The Bone’ zijn uiteraard een hoop muzikale hoogstandjes te vinden, maar in zijn zoektocht naar uitgebalanceerde melodieën en gestroomlijnde pop is Wilson toch wel een paar keer zwaar over de slijmbalgrens gegaan. Met de platte commerciepop van “Permanating” bijvoorbeeld lonkt hij zeer nadrukkelijk naar de hitparade en zelfs naar de dansvloer, dit klinkt als The Scissor Sisters, maar dan zonder de humor.
De dingen waar progrock-fans doorgaans op kicken, namelijk epische rocksongs met vaak lange virtuoze uitweidingen, zijn hier ver te zoeken. De virtuositeit is evenwel nog steeds aanwezig, maar die zit in een keurslijf van beknopte en te cleane songs gewrongen. Wij vrezen dan ook dat de Porcupine Tree fans die nog aan boord waren nu wel definitief zullen afhaken, tenzij ze zich nog hardnekkig vastklampen aan die ene lange track “Detonation”, eentje waarin Wilson nog eens met verve het brede spectrum van de progrock bewandelt.
Wilson zal zelf niet wakker liggen van de verloren fans, hij heeft zijn pijlen duidelijk op andere doelen gericht. We wensen hem veel succes, maar wij zoeken liever andere oorden op.

Steven Wilson concerteert op 09/03/2018 in de AB, breng een comfortabel kussen en een dekentje mee.

Lamb

Lamb – Tussen hyperkinesie en ingetogenheid!

Geschreven door

Lamb – Tussen hyperkinesie en ingetogenheid!
Lamb
Ancienne Belgique
Brussel
2017-10-09
Johan Meurisse

Lamb viert vanavond de 20ste verjaardag van hun titelloos debuut. Integraal wordt de plaat gespeeld , aangevuld met enkele handvol oude , recentere nummers en een paar nieuwe als toemaatje . Juist, als je het goed nakijkt is het debuut net ‘20+ 1’ jaar oud en de laatste plaat is nu ook al van 2014. Lamb tekende hier voor een fijn, leuk , gevoelig, krachtig concertje tussen hyperkinesie en ingetogenheid

Lamb is het Britse duo rond zangeres Louise Rhodes en computerfreak Andy Barlow. Midden de jaren 90 gaven ze de triphopscene van Massive Attack, Tricky, Portishead een voorname touch; de donkere dreiging die over de songs heen dwarrelde , werd geïnjecteerd door rollende drum’n’bass en etherische pop , die innemend , kwetsbaar kan zijn . Een evenwicht realiseren tussen melodie en elektronica, vol melancholie en (krankzinnige) geluidjes , een chemie die kan exploderen .
We kregen van Barlow te horen hoe de twee elkaar op het toeval vonden . Hij die net ontslagen was al producer in een muziekstudio en zijn ei als electrotechneut niet meer kwijt kon en zij als zangeres die vocaal haar plaatsje zocht in zijn geluid . Sjiek! 
In de jaren Lamb was het dikwijls vuurwerk tussen de twee .Ze lasten zelfs een break, adempauze in en kruisten elkaar opnieuw in 2012, wat meteen de return was om er volle gas  tegen aan te gaan  met het album ‘5’  en ‘Backspace unwind’ , die bizar genoeg op de radio als door een breder publiek genoeg geweerd werd .
Maar Lamb heeft z’n publiek en men houdt van elkaar . Een volgelopen AB wist hen dan ook warm te onthalen . Het duo was aangevuld met een drummer, contrabassist en violiste , die zorgden voor een prachtige aankleding van de song en een breder, aardser geluid.
Een broeierige spanning en emotionaliteit ervaarden we in die unieke combinatie van pop en  elektronisch vernuft , dat innemend, pakkend, melancholiek en extravert klonk; elementen uit de folk, jazz, klassiek , techno en drum’n’bass weten ze bijzonder goed te versmelten . De sound kon aanzwellen , exploderen en klonk sfeervol, lieflijk, aanstekelijk, grillig en dansbaar.
Barlow is iemand die geen barrières wil tussen z’n band en z’n publiek. Hij hitste hen ten gepaste tijde op met z’n knopgefreak. Lou geeft de nummers elan door haar warme, indringende , bezwerende hemelse stem . Haar feeërieke, betoverende verschijning  toont broosheid , gevoeligheid, ontroering .
De nummers van het debuut volgden elkaar op. Bij het afstoffen  hoor je de muzikale veelzijdigheid, ingeniositeit en intensiteit. De eerste vier waren toen en zijn nu nog steeds een mooie barometer, “Lusty”, “God bless” , “Cotton wool”  en “Trans fatty acid” toont de muzikale sterkte door de gevoelige, slepende, bezwerende en hitsende ritmes . Ze  raken je persoonlijk en prikkelen de dansspieren .
Rhodes moet toegeven wat ze twintig jaar geleden schreef , nu door de levenservaring een andere dimensie en invalshoek krijgt .
Op het instrumentale “Merge” wordt een trompettist erbij gehaald. De jazzy, loungy grooves vinden  hun weg . Ook “Gold” en “Closer” worden in een kleurig  jasje gestopt. Single en doorbraak “Gorecki” huiverde door de intieme en krachtige triphop . Tot slot “Feela” was er eentje die ze nog niet live hadden gespeeld in al die jaren ; de extra percussie gaf het een push.
Het tweede deel  was een eigen keuze van hun materiaal, “What sound“, “Little things”, “We fall in love” en “Backspace unwind” ondersteunen mooi  het pop/trip/drum’n’bass geluid door de crescendo opbouw , de fellere tunes en lichte explosies . Ze zorgen voor een heupwieg en een dansmove . Krautrock was zelfs niet veraf. Ze stonden naast de sobere, tedere aanpak van “Angelica” en “As satellites go by”  die Lou in de picture plaatsten . Het nieuwtje “Illumina” lag in dezelfde Lamb-lijn en wuifde ons uit . Tja toegankelijkheid en experiment gaan hand in hand. Klassieker “Gabriel” bracht hen terug . Gevoelig en Ongrijpbaar . Een traantje werd weggepinkt .

Lamb balanceert tussen hyperkinesie en ingetogenheid . Afwachten wordt het op een nieuw album .Of we kunnen om de zoveel jaar nog eens bij hen terecht voor een feesteditie …

Organisatie: Live Nation

J. Bernardt

J. Bernardt - Storm in de onderbuik oproepen

Geschreven door
Een reeks hypnotiserende zwart-gele strepen die overlopen in een ononderbroken lijn, ondersteund door een loodzware bas en handgeklap. Op een halve minuut de verrijking van een falsetstem die kreunt en zucht dat hij liefde voelt, en in de verte de eerste vaag donkere beelden van drie rollerskatende en zwoele vrouwen. Dit is de start van één van de mooiste videoclips van dit decennium, horend bij “Gold” van Chet Faker.

Niet alleen heeft onze Vlaamse J. Bernardt een aantal fysieke gelijkenissen met de Australische artiest Chet Faker, de bouwstenen van hun muziek zijn hetzelfde. Een ijzersterke stem die zeer breed gaat, het constante gespeel met hip hopbeats, bas en eindeloze loops van kreunende, neuriënde of oooh oooh zingende stemmen. De muziek krijgt hierdoor iets zeer verlokkelijks en bezwerends, klaar om de storm in de onderbuik op te roepen
Ook live beweegt J. Bernardt als een mannelijke sirene over het podium. Het soloproject van Balthazarman Jinte Deprez kende deze zomer een vliegende start. Met een stevig concertnajaar en zijn eerste album ‘Running days’ maak je kennis met een begeesterende set en een muzikant die beroering en kwaliteit uitademt. Een man vol aanstekelijk plezier, een tevreden grijns op het gezicht en een enthousiast rondje in het publiek.
Met trefzekere simpele pianotonen start de artiest in de lange regenjas met “On fire”. Alle ingrediënten zijn er om je schepen te doen vergaan : een loom en simpel repetitief begin, het dubbele geneurie dat in herhaling gaat, en daarop de stem van J. Bernardt die zingt over vuur en vrouwen.
Het uur daarop is een aanéénrijging van prachtig gebrachte en met uitgepuurde beats gelardeerde liedjes: Van de hits “Calm down” en “Wicked Streets” , tot “The direction”, “The question” en “Running days“: alles doet constant je heupen zakken en wiegen. Met één dissonant intermezzo, maar zo mooi: het instrumentale “Motel” midden in de set is zo rustig, simpel en vol van muziek.
Het is een seconde verlangen naar een echt stel trompetten in plaats van de opgenomen blazers, maar wat een machtig trio aan muzikanten staat op het podium.

Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

 

Hippo Campus

Hippo Campus - Tieners met muzikale potentie

Geschreven door

Hippo Campus - Tieners met muzikale potentie
Hippo Campus
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-10-06
Wim Guillemyn

Een opvallend jong en grotendeels vrouwelijk publiek was gekomen om deze indierock bands (denk aan Vampire Weekend en aanverwanten) aan het werk te zien. Marsicans (uit Leeds) waren fris, jong en kleurig. De zanger had qua looks de nodige credibility terwijl de gitarist eerder uit een boysband leek ontsnapt te zijn. Hij was zich ook een beetje te goed bewust van zijn mooie looks. Voor de rest een degelijk en aangenaam optreden.

Hippo Campus uit Minnesota zijn sinds 2013 actief en hebben 3 EP’s en een album op hun conto staan. Het waren nog tieners die even jong als hun publiek waren. Een vat vol hormonen maar muzikaal zat het wel snor. Opener “ Way It Goes” uit hun recente ‘Landmark’ album was meteen raak en veroorzaakte her en der wat gegil bij bepaalde moves van de zanger. “Sophie So” was een goede song en goed gebracht. “Simple Season” was welbekend bij het publiek. “South” kende ook veel bijval. Van dan af zat de sfeer bij het publiek goed in.
Opvallend toch de muzikaliteit van elk van de muzikanten. Deze band draait niet alleen op de looks en de hormonen maar heeft muzikaal zeker zijn waarde: aanstekelijke en catchy songs met hier en daar een muzikale meerwaarde in de vorm van een solo, lick of bridge.

Het was dan ook een geslaagd, entertainend optreden waar ze hun set eindigden met “Buttercup” en terecht terug mochten komen voor een bisronde.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Lorde

Lorde - Volwassen geworden - de te korte topjes blijven in de reiskoffer!

Geschreven door


Net geen 21jaar en voor de 2e keer dit jaar op een Belgisch podium. Er zijn er die met minder tevreden moeten zijn. Lorde, half Nieuw-Zeelands en half Kroatisch , heeft met haar recente album ‘Melodrama’ volledig weten te overtuigen. Het niet evidente en altijd makkelijke tweede album is een schot in de roos geworden. Het grote publiek leerde haar dit jaar kennen met haar super hit “Green Light”, een toppertje. Ere wie ere toekomt, de dame heeft er geen moeite mee om anderhalf uur een boeiende set te brengen.

Op het podium komend in een zwart gewaad dito hoed, verraste Lorde ons al in de kledingstijl. De puberlook met te korte topjes maakte nu plaats voor… drama! De toon wordt gezet met “Homemade Dynamite” , de interlude voor een spetterende set. De openingssong van haar debuut ‘Pure Heroine’, “Tennis Court” zorgde al snel voor een eerste hoogtepunt. Lang geleden dat we iemand zagen die haar stem wist te beheersen terwijl ze heen en weer floreerde op het podium.
Een set die geen seconde verveelt met behulp van flashy neon verlichting, video-intro’s, twee opvallende danseressen en Lorde zelf die met behulp van een saxofoon “Buzzcut Season” op gang bracht. Terwijl het dak eraf ging en de sterrenhemel neerdaalde in de Lotto Arena, zong een engel, intussen haar zwarte outfit geruild voor een volledig wit exemplaar. Een ingetogen “Liability” werd gespeeld.
Een cover mochten we ook nog verwachten. Deze zomer op Rock Werchter hoorden we “Running up that Hill” van Kate Bush , en de vergelijking werd meteen raak. Nu werd dat iets moeilijker … toch hoorden we een goed geslaagd “In the Air Tonight” van Phil Collins. Het was meteen ook het einde van de witte outfit ; het werd dan kiezen tussen rood en blauw. Blauw kleurde het derde hoofdstuk van de show met “Supercut”. De eindmeet was in zicht, tijd om de sprint voor te bereiden.  “Royals” haar eerste succes, “Perfect places” en “Team” volgden elkaar nu op in sneltempo. “Green Light” kwam en voelde aan als een grote kers op de taart. Lorde heeft ondertussen meer te bieden dan een ‘groen lichtje’; wat is dit toch een onwaarschijnlijk sterk nummer. Dat ene bisnummer was kort en misschien een beetje overbodig om de eenvoudige reden dat de show steengoed was en alle singles de deur uit waren.

Een gemengd publiek van overwegend gillende tienerdames gingen niet met gemengde gevoelens naar huis. We kregen waar we voor gekomen waren. ‘Drama’ op het podium en sterke melodieën van een (volwassen) jonge dame die integriteit perfect weet te combineren met uitbundigheid. Hou de zomer vrij , Lorde kan er terug bij voor één Belgisch festival!

Neem gerust een kijkje naar de pics (knipoog naar Luminousdash.com)
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lorde-06-10-2017/
Organisatie: Live Nation

Hanni El Khatib

Wilde tijden met Hanni El Khatib

Geschreven door

De Palestijns-Filipijnse Californees Hanni El Khatib kreeg de Orangerie goed gevuld voor zijn Belgische passage van zijn ‘Savage Times’ tour. Die laatste plaat is eigenlijk een compilatie van vijf afzonderlijke EP’s, omdat Khatib eens iets anders wou doen dan een traditionele plaat opnemen. Khatib debuteerde in 2011 met ‘Will the guns come out’, een rauwe garagerockplaat waarin hij onder meer “Heartbreak hotel” van Elvis coverde, maar is sindsdien stilistisch verschillende richtingen gaan verkennen, wat bij de garagerockpuristen niet in goede aarde is gevallen, voor die scène is het wellicht te pop. Hen bevelen we de fuzzrock van Ty Segall en consoorten aan.

Ook vanavond schoot het alle kanten op: het nieuwe “Baby’s ok” knalde ouderwets en vuil uit de startboxen, maar wie dacht een uurtje smerige garagerock te krijgen, was er aan voor de moeite: het schoot alle kanten uit: de keyboards kregen in de volgende nummers een voorname rol, en Khatib maakte uitstapjes richting glamrock en “Paralysed” was zowaar een funkske dat uit de mouw van Nile Rogers had kunnen komen. Verder ook veel fifties en sixties invloeden met handclaps en refreintjes, veel pop voor deze vol getatoeëerde garagerocker dus. Er zaten rustpunten in de set: het soulvolle “This I know” ,”Come down” en het eerste nummer in de bis, “Miracle”, een slow voor al uw scoutsfuiven.  Maar Khatib vergat ook niet te rocken en dook tot twee keer toe met gitaar het publiek in. Onze favorieten zaten in de bis vanavond: de Ramones en The Vaccines waren niet ver weg in “Pay no mind” en ook “Family” knalde lekker weg.

Khatib deed vanavond gewoon zijn zin en dat moet je bewonderen: er zijn al genoeg artiesten die binnen de lijnen van hun genre kleuren, Khatib is daar duidelijk niet bij.

Setlist:
Baby's OK -Mangos & rice -Moonlight- Melt me - Till your rose comes home - The teeth - Paralysed - Dead wrong - This I know - Come down -You rascal you - Loved one
Bis: Miracle - Pay no mind –Family

Organisatie: Botanique, Brussel

Ugly Papas

Atomium Pluto

Review Filip - De West-Vlaamse cultband Ugly Papas brengt op 6 oktober hun derde full-album uit. Eigenlijk bestaat de band van Luc Dufourmont en Dr. Dekerpel al 20 jaar niet meer. ‘Atomium Pluto’ is het meest experimentele werk van de band, maar de opnames werden nooit eerder uitgebracht. Het nieuwe Kortrijkse label MayWay Records kreeg de opnames te pakken en zorgt voor een uitgave op vinyl (slechts 300 exemplaren) en op CD. Uiteraard zal ‘Atomium Pluto’ ook digitaal te koop aangeboden worden. De Ugly Papas spelen een voorlopig eenmalig reünieconcert op 30 september in Menen op de ‘Night Of The Ugly Papas’.

De Ugly Papas maakten furore in het eerste deel van de jaren ‘90 van vorige eeuw. Ze haalden de finale van Humo’s Rock Rally in 1990. Noordkaap won toen, Gorky (nog eindigend op een y) werd derde. Met hun tegendraadse rock en singles als “Facin’ The Crap”, “Saviour” en “Météorite” maakten ze deel uit van het kruim  van de toenmalige Belgische rockscene. Het eerste album heeft nog bluesrock als basis. Vooral het tweede, al meer experimentele album (‘Ugly Papas’ uit 1994) maakte indruk bij pers en muziekliefhebbers. Gastrollen op dat album waren voor Mauro Pawlowski en Piet Goddaer van Ozark Henry.

Een derde album is er toen nooit gekomen. De bandleden gingen elk hun weg in o.m. Two Russian Cowboys, Monstera Deliciosa en ID!OTS. Luc Dufourmont werd bekend in Vlaanderen als aanvoerder van de ‘bende van Roste Luc’ in de tv-serie Bevergem. In 2006 was er een korte reünie die leidde tot een bescheiden reeks optredens in Vlaanderen.

Met hun eigenzinnige rock van hun eerste albums plaveiden de Ugly Papas de weg voor andere tegendraadse bands die wel (internationale) erkenning kregen zoals Evil Superstars, Thou, The Germans, Mad Dog Loose, Metal Molly, Hamster Axis Of The One Click Panther en zelfs dEUS. Die laatsten waren misschien niet rechtstreeks geïnspireerd door de Papas, maar dat je met dit soort muziek de finale van Humo’s Rock Rally kon halen zal hen waarschijnlijk wel aan het denken gezet hebben.

Op Atomium Pluto krijg je tien volwaardige, onuitgegeven Papas-songs uit de periode 1996-1997, deels opgenomen in de oude Bucksom-cinema in Menen. De stem van frontman Luc Dufourmont begeestert op de schaarse momenten dat ze aanwezig is, de gitaarpartijen van meesterbrein Dr. Dekerpel laten over zijn onmiskenbaar talent geen twijfel bestaan. De ritmesectie (Dick Descamps (later bij oa. The Whodads) op bas, Rik Debruyne (later bij Ozark Henry) drumt, dirigeert het tempo en laat het geheel schaamteloos energiek en retestrak klinken. De altsax-partijen van Peppie Pepermans (later bij Think Of One, Eriksson Delcroix en (de band Schwarzwaldklinik) geven de nummers een touch van internationale klasse.

Single “Drunken Indians” is de meest catchy en gedreven song van dit album. Het is één van de weinige songs met een ongeveer klassieke opbouw. Op de andere tracks verkennen de Ugly Papas het hele muzikale universum met veel fuzz, psychedelica, geluidseffecten, botsende of dreunende ritmes en stuiterende baslijnen.

Captain Beefheart, Frank Zappa, Serge Gainsbourg en het vroege werk van TC Matic zijn nooit ver weg. Elke track wordt uit verschillende muziekgenres opgetrokken, van retro-cinema tot spacerock. Songtitels als “Chicka Ferdy Parasol”, “Satellites Are Spinning”, “Beatnik” en “Olleke Bolleke” geven al ongeveer aan wat je mag verwachten.

Sommige tracks lijken meer op jamsessies van een stel jazzcats, maar als geheel is dit best genietbaar. Knap ook wat ze doen met “Magic and Ecstasy” van Ennio Morricone. “Sattelites Are Spinning” begint een beetje als “The End” van The Doors om dan in het zwarte gat van het heelal te duiken.

Een mooie weerslag van een scharnierpunt in de Belgische rockgeschiedenis. Een must-have voor iedereen die denkt dat hij met zijn rockbandje ‘iets nieuws’ gaat proberen.

 

Review Wim - Het nieuwe album lag jaren stof te vergaren totdat de band besloot om samen te komen en alles te remasteren. Dat leidde tot tien songs die samen ‘Atomium Pluto’ vullen. Daarnaast was er ook een tentoonstelling rond de band met als afsluiter het éénmalig concert op 30 september in Menen laatstleden.

Maar laten we ons nu even concentreren op ‘Atomium Pluto’. Opener “Drunken Indian” kennen we single gewijs inmiddels al en is de ideale opener van een album dat feest, roes, gedruis en andere gelijkaardige exploten uitstraalt. “Chicky Ferdy Parasol” lijkt op een Mexicaanse rocksong of wat daar voor moet doorgaan. Speedy Gonzalez lijkt nooit ver weg. Met “Afrique” zoekt men muzikaal een ander continent op. “Yellowtown” drijft op een baslijn. Het is een mengeling van blues, jazz en gekte. “Etna Vesuvius” trekt zich op Zappiaanse wijze op gang. “Olleke Bolleke” is spelerlei en toont ons, net als “Okapi” trouwens, aan dat we alles niet te serieus moeten nemen. Hier viel wat meer mee te doen is mijn indruk. “Magic and Ecstasy” is beter. Een vuile rock’n’roll sound neemt ons mee en doet onze benen dansen. Ook “Beatnik” laat ons verder feesten. Afsluiter “Satellites Are Spinning” begint met de bezwerende gitaar van Dr Dekerpel, net zoals The Doors ook pleegden te doen. Denk aan “Riders On The Storm” of “The End”. Een schitterende song die een aangenaam album vol gekte, rauwheid en feestgedruis afsluit.

Het album mag er wezen en is in zijn geheel vrij genietbaar. Een waardige afsluiter van de hommage aan een band dat belangrijk was voor een groot aantal bands na hen in de jaren negentig. De vraag blijft wat als ze hadden verder gedaan? Welke richting waren ze dan uitgegaan? The Ugly Papas waren en zijn nu heel eventjes terug een fenomeen.   

 

Far

Salute

Geschreven door

Pop/Rock
Salute
Fär
Circuits/Consouling Sounds
2017-10-12
Wim Guillemyn

Dit is het debuut van het Belgische duo Fär bestaande uit Ann-Sofie De Meyer (vocals en samples) en Tim De Gieter (synth, beats en productie). De muziek is een mix van alternatieve pop en indie/electro op een bedje van zware en donkere bassen. Hun zelf getitelde demo van begin dit jaar zorgde voor de nodige beroering en resulteerde uiteindelijk in de opname van dit debuut album.
Voor de rest is er weinig geweten over de jonge band. Maar één ding staat vast dat de muziek wel aanspreekt. Tien tracks bevat ‘Salute’ die ons meenemen naar een donkere en vervreemde wereld. Om toch wat name-dropping te doen: je kan het bij momenten wat vergelijken met een pop versie van The Knife. Electronics en beats onder een ferme vrouwenstem. Ze lieten eerder al “Shot”, “Hands” en “Last Straw” op ons los. Nu is het de beurt aan “Epicaricacy” dat eveneens onrust en een spooky sfeer uitstraalt. Allen zijn terug te vinden op ‘Salute’. De teksten zijn donker en samen met het timbre van De Meyer haar stem wordt die sfeer van een apocalyptische onderwereld helemaal versterkt.
Dit is een sterk debuut. Live schijnen ze ook de moeite te zijn. Als je ze wil leren kennen: ze komen op 1 november de AB opwarmen. Verkrijgbaar op cd en lp via Circuits.

Wolf Alice

Visions Of A Life

Geschreven door

In 2015 was Wolf Alice in de UK heel even de zoveelste nieuwe hype. Zoals steeds bleek dat weer eens sterk overdreven. Wij stelden toen een beloftevol bandje vast dat een eerder onsamenhangend album (‘My Love Is Cool’) had afgeleverd, maar waar live aardig wat stoom achter zat.
De nieuwe plaat ‘Visions Of A Life’ is in hetzelfde bedje ziek als het debuutalbum. Wolf Alice lijkt nog steeds op zoek te zijn naar zichzelf en gaat daarbij te veel verschillende richtingen uit. Positivo’s zullen de woorden eclectisch en veelzijdig uit de kast halen, maar wij zien het eerder als inconsistent en een beetje spoorloos. We krijgen de indruk dat we hier niet met een nieuw groepsalbum maar wel met een playlist zitten van diverse Britse bandjes.
Op hun wildst zetten ze bij Wolf Alice straffe girl punk à la Bikini Kill neer (“Yuk Foo”) of pakken ze uit met overtuigende bubblegum punk (“Space & Time”). Op het vrij knappe “Heavenward” en het aanzwellende “St. Purple & Green” treden ze voorzichtig de shoegaze wereld van Slowdive binnen, en dat is een biotoop die hen wel ligt.
Elders loopt het compleet verkeerd, “Beautifully Unconventionel” neigt naar de zoetgevooisde Britpop  van Lily Allen, “Planet Hunter” kopieert het pathetische gezwam van London Grammar , “Sky Missings” wil iets aanvangen met elektropop maar weet niet goed wat en “Don’t Delete The Kisses” gaat gewoon helemaal nergens naar toe.
Een meer dan behoorlijk “Formidable Cool” redt enkele meubelen en de epische titelsong is een verdomd sterke afsluiter die een stel welgekomen uitbarstingen in petto heeft.
Het glas is dus weer halfvol en net als de vorige keer krijgt Wolf Alice van ons het voordeel van de twijfel. Maar de volgende keer zullen we zo mild niet meer zijn.
In de Botanique zal Wolf Alice trouwens op 28/10 bewijzen dat er wel degelijk voor een heet en strak concertje kan worden gezorgd.

Various Artists

Various Artists – The Whispering Trees, A Compilation of Belgian Cold Wave and Post Punk (’79-’86)

Geschreven door

In navolging van hun, terecht uitverkochte- Underground Wave-reeks komt Walhalla Records nu met een andere bijzondere compilatie voor de dag. ‘The Whispering Trees’ is een compilatie van heel zeldzame en/of nooit eerder verschenen Belgische post punk en cold wave tracks. Er komen zowel bekendere cultbands zoals Struggler, Siglo xx en De Brassers aan bod alsook obscure en onbekende bands.
Diegene die tussen ’79 en ’86 tiener of puber waren zullen bij het beluisteren van deze LP zich gemakkelijk terug in die tijd kunnen wanen. Het ademt namelijk de sfeer van de underground van die dagen uit. De low budget en DIY opnames zijn hiervoor een stuk verantwoordelijk. Nostalgie is hier dus voor een stuk troef. Daarnaast hoor je hier ook bands, zoals Struggler of De Brassers, die terug in de belangstelling staan of nog springlevend zijn. Het fijne is dat er gekozen werd voor minder gekende tracks en niet voor nummers die reeds elk compilatie in dit genre vullen. Dit is een tijdsdocument maar daarnaast ook een handleiding/inspiratie voor de aankomende jonge generatie underground artiesten.
Terug een sterke compilatie met nummers die variëren van muziek in de stijl van P.I.L. (zie Vibo met “Clinical Death”), Dead Kennedys (Nausea met “No Conversation Between People”) of uit de kweekvijver waar Red Zebra in lag (zie Struggler met “The Other Side”). 13 pareltjes met enkele minder goed uitgewerkte tracks maar met, toch grotendeels, goede en vooral onbekende pareltjes uit eigen land.
Nu op vinyl via Walhalla Records gezeten in een sfeervolle hoes en voorzien van een inlay met wat info over elke band.

Solitude Within

Disappear

Geschreven door

Deze Belgische female fronted band maakt symfonische rock. De band kende een moeilijke start. Namelijk na het uitbrengen van hun eerste song kregen ze meteen een record deal met Mausoleum Records maar het overlijden van Alfie Falckenbach, oprichter van het label, kort erna gooide roet in het eten. Zo zag de band zich genoodzaakt om de release van het album in eigen handen nemen en uit te brengen via hun eigen label.
Opvallen in dit genre is niet eenvoudig. Het aanbod is groot en velen hervallen in de clichés van het genre. Hier valt meteen de stem van Emmelie Arents, die ook de toetsen bespeelt, op. Ze heeft een mooie heldere stem die de muziek draagt. De songs zitten goed in elkaar en bevatten goede melodieën. Daarnaast is er degelijk gitaarwerk en een goede ritmesectie. Opvallende songs zijn “Morrigan” (met zijn klokken), het uptempo nummer “Blame” ( met de nodige ritmewisselingen), de pianotoetsen en de hemelse gezangen in “Disappear” en de mooi opgebouwde afsluiter “In The Dark”. Zo is er van elke track wel iets opvallends te vermelden. Natuurlijk denk je bij momenten wel eens aan bands als Within Temptation, Delain etc… maar ze weten toch wel een eigen stempel op hun muziek te drukken.
Een heel aardig debuut met goede songs en een heel fijne stem. Hier en daar zouden ze misschien nog ietsje meer buiten de lijnen mogen kleuren maar misschien verrassen ze ons wel op dat vlak op het podium.

Slowdive

Slowdive

Geschreven door

Het zag er aan te komen … Een reünie en met het Minor Victories project is het Britse indie/shoewave combo Slowdive opnieuw een feit en zijn ze back met een nieuwe plaat …
Slowdive was één van die gerespecteerde bands in het genre , na twintig jaar, samen met leeftijdsgenoten Ride, Lush, My Bllody Valentine, Swervedriver  en Loop  . Het album sluit naadloos aan bij het oude werk ; van vroeger sprong het album ‘Souvlaki’ (’93) het meest in het oog . Neil Halstead en Rachel Goswell zijn de spil , de zangpartijen wisselen af of vullen aan en hangen ergens tussen Cure en Cocteaut Twins in.
In het genre van de shoegaze was Slowdive  bepalend en wordt er naar de instrumenten en de pedaaleffects gekeken . We krijgen deels langgerekte , in- en uitfadende, zwevende gitaren, voortkabbelende ritmes en feeërieke, dromerige sferen die opbouwen en aanzwellen. “Star roving”, “Everyone knows” en “Go get it” zijn de meest extraverte nummers .
Een perfecte geluidsmuur wordt gecreëerd, ze exploderen net niet , ook al gieren de gitaren en worden de effectpedalen ingedrukt. Een mistig rookgordijn wordt opgetrokken.
Acht songs in totaal zijn er , lekker catchy alternatief, die ons in een muzikale schermerzone plaatsen. De shoegazers weten genoeg ; dit album is zeker terug de moeite!

Pagina 249 van 498