logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

The Drums

The Drums - We are a working class band for working class people

Geschreven door

The Drums - We are a working class band for working class people
The Drums, Broadcast Island
Botanique (Orangerie)
Brussel
2017-09-29
Didier Becu

De Botanique heeft met september zeker zijn entree niet gemist, zeker niet als we het over surfpop hebben. Likken we nog altijd onze vingers af voor de geslaagde passage van Beach Fossils, dan hadden we nu The Drums om de maand mee af te sluiten. De band uit Brooklyn die dankzij hun debuut uit 2010 op Moshi Moshi meteen als de nieuwe Strokes werd bekroond, heeft het tegenwoordig niet al te gemakkelijk. ‘Build’em up, knock ‘em down’, en dus liet de pers sinds een paar jaren zich uitgebreid van zijn negatieve kant zien. Hun nieuwste ‘Abysmal Thoughts’ is op menig website terecht lauw onthaald, en dus werd het nieuwsgierig afwachten wat ze er in Brussel van gingen bakken.

Maar eerst even genieten van een band die geen kat kent: Broadcast Island. Een groep waarvan je op het anders o zo vertrouwde net deze keer niets kan van terugvinden. Ze zijn Franstalig en maken naar eigen zeggen bitterzoete pop. Zo zoet was dat achteraf bekeken nu ook weer niet, want als je hen met één act moet vergelijken dan is het toch met The Smiths. Je kan slechter treffen, en het zal nog wel een tijdje duren vooraleer deze heren een ‘There’s A Light That Never Goes Out’ maken, maar we zagen vrijdagavond een enthousiaste band met potentie die weinig problemen had om een bijna uitverkochte Orangerie te kunnen boeien. Een verdienste. Ja, juist is juist, je hebt dit soort indiepop al eerder gehoord, maar je hebt ook al diverse malen een voetballer een bal in het net zien schoppen. ‘What difference does it make’, kwestie van de Moz-termen in ere te houden!

The Drums dan. Op het elektronische Botabord stond aangekondigd dat de Amerikanen er maar 65 minuten zin in hadden. Hoewel de set op zich inderdaad amper een uur duurde vond het Amerikaanse viertal de Brusselse zaal blijkbaar sympathiek genoeg om er nadien nog een twintigtal minuten aan te breien.

Het werd een concert met een nogal tweezijdig gezicht en dat komt vooral omdat The Drums beseffen dat er een moeilijke tijd voor hun aanbreekt. Dezer dagen wat vergeten door hippe blogs, en dus bedankte zanger Jonathan Pierce uitdrukkelijk zijn fans dat ze die avond voor hen kozen en niet voor Lady Gaga of Katy Perry, niet nodig om te zeggen trouwens. En dan is er die derde handicap: het feit dat gitarist Jacob Graham (en trouwe buddy van Pierce) weg is.
De heren van The Drums wisten maar al te goed dat ze hun publiek goed dienden te soigneren willen ze volgende keer nog eens afkomen. Met zijn ondertussen bekende energieke danspasjes (Michael Jackson, eat your heart out) zorgde Pierce meteen voor de nodige vlam in de pijp. Precies wat wij wilden: onbeschaamde indierock die ergens zweeft tussen het charisma van de Stone Roses en (hier zijn we weer) The Smiths, en doorspekt met surfgitaartjes.
De fans gehoorzaamden gewillig en menig fan stond te swingen op de hits van weleer, alsook op de recentere songs waar niet iedereen even sterk van onder de indruk is, maar dat was nauwelijks te merken in Brussel. Pierce is een frontman die tot het uiterste gaat, dat zien we graag, en pardoes letterlijk zijn schoenen kapot danste en die nu ergens in België op verzoek te bewonderen zijn bij Luminousdash.

“We are a working class band for working class people” vertelde Pierce. Een staaltje rock ’n roll-taal in onvervalste John Lennon-stijl gaat er altijd wel in, en om de fans niet na een uur de regen in te sturen , werd nog voor twintig minuten extra gezorgd.
En Pierce had blijkbaar ook wat te vertellen. Naar verluidt is hij naar eigen zeggen tevreden met zijn huidig vriendje en wil hij voortaan positievere teksten schrijven. Of iedereen gelukkig was met deze nogal lang uitgerekte levensles laten we in het midden, de zanger was er blijkbaar gelukkig mee om dit aan zijn fans te kunnen vertellen.

Met dank aan Luminousdash.com http://www.luminousdash.com

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/the-drums-29-09-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/broadcast-island-29-09-2017/

Organisatie: Botanique, Brussel

Simo

Simo - Soulvolle en virtuoze powerblues

Geschreven door

SIMO - Soulvolle en virtuoze powerblues
SIMO, RHEA
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-09-29
Sam De Rijcke

Even dachten we dat Andrew Stockdale een nieuwe band had opgestart. Tot we door hadden dat we eigenlijk stonden te kijken op de gitarist van RHEA die met een al even indrukwekkende haardos was gezegend. Met zo een coiffure moet je gewoon in de rock’n’roll stappen, kan niet anders. RHEA bleek overigens een oerdegelijke rockband te zijn met potige en stevige songs en een potente zanger die scherp en venijnig uit de hoek kwam. Een band met flink wat potentieel, maar ze hebben één probleem, en dat erkennen ze ook zelf. RHEA lijdt namelijk aan het Stu Bru syndroom. Voor de slechte verstaanders geven we hier nog even de definitie van deze kwaal : ‘Het Stu Bru syndroom is een aandoening die vrij frequent voorkomt bij beginnende Belgische bands die te zeer hun best doen om binnen de lijntjes te kleuren die de populaire radiozender Studio Brussel vooraf heeft uitgetekend. In de popmuziek resulteert dit vaak in bandjes die hardnekkig de nieuwe Oscar & The Wolf trachten te zijn. Bij rockmuziek liggen de referenties enigszins anders : Rock betekent voor Studio Brussel Foo Fighters, Royal Blood of Queens Of The Stone Age, alles wat een stap verder durft te gaan is uit den boze’.
RHEA behoort uiteraard tot de tweede categorie, ze hunkeren naar airplay en vergeten daardoor om een eigen ziel en identiteit in hun songs te leggen. Daarom hebben wij een boodschap voor deze beloftevolle band. Fuck Stu Bru en laat jullie eens volledig gaan, want hier zit duidelijk iets in. Airplay op een voor 95% voorgekauwde radiozender is nu ook weer niet alles. En wat heb je er trouwens aan om in een playlist gewrongen te zitten tussen pakweg de vermomde schlagermuziek van Bazart en de plastiekpop van Bastille ?

Bluesrock uit Nashville, niet bepaald een genre om volle zalen mee te trekken, getuige de eerder magere opkomst in de AB Club. Maar wat een schitterende band was SIMO, een pure sensatie op het podium.
Bluesrock bleek trouwens een te enge omschrijving voor dit powertrio, dit was soulvolle rock, bloedhete funk en seventies hard rock in een bruisend bubbelbad.
Enkele zonderlingen hadden SIMO al even gechekt via de albums ‘Let Love Show The Way’ en het gloednieuwe ‘Rise & Shine’. Twee puike platen, zeer zeker, maar SIMO leek toch weer één van die bands te zijn die je live moet gezien hebben omdat ze een kracht en energie hebben die op plaat gewoon niet te vatten is. De sound was duizend keer snediger en scherper, de songs stegen in hun live versie boven zichzelf uit en vooral de gitaar was uitzinniger. Neem nu “Return”, de opener van het nieuwe album, op plaat een degelijke song maar live een 18 karaats diamant, en dat vooral omwille van dat fenomenaal en uiterst funky soleerwerk van J.D. Simo, de frontman en bezieler van deze band. J.D. Simo presenteerde de blues in een hevig rockend jasje, maar hij had duidelijk ook een paar spuitbussen funk in zijn gitaar leeggespoten (check de gloeiende funkriffs in “The Climb” en “Meditation”). Hij zette flink wat echo’s en wah-wah effecten en op zijn gitaar en deed dat ding zodanig schitteren, swingen en freewheelen dat we er met open mond stonden naar te kijken. En toch was dit geen navelstaarderij a la Joe Bonnamassa. J.D. Simo stak zijn ziel en zijn volledige hebben en houden in die gitaar zonder die kijk-eens-mama-zonder-handen arrogantie aan te wenden. Bovendien was hij ook nog eens gezegend met een gloedvolle soulstem, some guys have it all. De ballad “I Want Love” zorgde voor koude rillingen, een song die in zijn fantastische live versie uitgroeide tot Simo’s eigenste “Purple Rain”. De geest van zowel Curtis Mayfield als die van Prince hingen rond in die prachtsong en de leadgitaar was de crème de la crème.
In de felle gloedvolle bluesrockers als “Long May You Sail” en “ Light The Candle” deed Simo ons dan weer denken aan de funky bluesrock van Chris Duarte. En natuurlijk aan dat andere gitaarwonder Gary Clark Jr, ook zo een artiest die op zijn platen te veel de ruwe kantjes er heeft afgevijld en pas live volledig tot ontbolstering komt met een portie bloedhete en rauwe bluesrock.
Een absolute parel was “I Pray” waarin zowel The Doors, Santana als All Them Witches rond zweefden. Psychedelica, subliem soleerwerk en ronduit magistrale drums van Elad Shapiro (Mitch Mitchell was in da house) dreven deze song naar een opeenstapeling van hoogtepunten.

Meer dan anderhalf uur bestookte dit powertrio ons met hun weergaloze bluesrock, vaak via lang uitgesponnen songs en uitvergrote instrumentale huzarenstukjes, maar dat deerde ons niet. Het was van begin af aan vuurwerk, soulvolle powerblues met meesterlijke gitaarsalvo’s.

Organisatie: Next-Step – AA Productions

Neil Diamond

Neil Diamond - Flashback in slow motion

Geschreven door


Neil Diamond - Kasten vol met prijzen. Alles gewonnen wat er te winnen valt. Je staat 50 jaar op de planken. Dan wil je dat vieren, wereldwijd. Op 76-jarige leeftijd niet evident natuurlijk. Maar de passie is nog te groot, en het vuur laait nog steeds op. Het lichaam moet maar mee! Eerst Amerika, en nu Europa in.

Ga er maar aan staan. Je hebt 10-tallen songs, waarvan vele nr. 1 hits. Dan moet je harde keuzes maken in je setlist. Dat de show sowieso gevuld ging zijn met goede songs, daar kon je vergif op innemen. Neil Diamond is een stielman. Songwriter in het begin, geëvolueerd tot topartiest. Massa’s ervaring, en die ervaring helpt hem nu zover, dat hij nog steeds op de bühne staat. Dat de bewegingen en tempo wat lager liggen, stoort niemand. Hij speelt nog steeds met het timbre, en weet de juiste songs met passie te vullen, en in te houden als het moet. De meest herkenbare stem ter wereld doet het nog steeds. Die zoetgevooisde stem, is nog steeds z’n handelsmerk en z’n sterkte. Altijd geweest. Geen andere artiest doet het hem na om , alleen maar gedragen door de songs, van een langspeelfilm en hit te maken. (Jonathan Livingston Seagull, 1973 )
Het podium, trapsgewijs en mooi opgebouwd, vulde mooi het podium, en liet de 13-koppige muzikanten goed tot uiting komen. 3 videoschermen waren perfect opgesteld, waarvan het middelste de herkenbare diamant vormde. Een handelsmerk van z’n podia in de jaren 80. Ook de verlichting was warm, en was perfect in symbiose met de innigheid van songs.
Het liet ook toe om Mr. Diamond gemakkelijk over het podium te ‘schrijden’. De leeftijd is er, en dan pas je je aan. Dat ook is een deel van het vakmanschap. Je creëert een comfortabele habitat, waar je optimaal in kan presteren. Er lag geen kabel op het podium …
De bandleden presenteerden zich tijdens “In my lifetime”, en plots stond ‘de jarige’ midden de bühne. Met “Cherry cherry”, “ You got to me”, “Solitary man” en “Love on the rocks” had hij het publiek direct mee. Letterlijk dan. Op het middenplein waren zitplaatsen voorzien, maar daar was na de 5de noot al geen sprake van. De vurige dames klommen nog net niet op het podium. Ieder danste op zijn vierkante ‘halve meter’. De rust kwam er met het zeer ingetogen “ September Morn”, om dan direct daarna terug een versnelling hoger te schakelen met “ Play me”, ( het bespelen van het publiek zit hem als gegoten ) “ Song sung blue”, “Beautiful noise” en “Jungletime”.bij dat laatste nummer kregen we beelden van het oudere New York te zien.
Een 2de adempauze kwam er met een song geschreven voor alle slachtoffers van terreur “ Dry your eyes” , en “ If you know what i mean”.
Richard Bennet , bijgestaan door z’n zoon, werd even voorgesteld. Hij mocht “ Forever in bluejeans” op gang trekken. Gevolgd door “Both sides now”. Neil refereerde naar Barbara Streisand , maar liet zich toch begeleiden door de saxofoon bij “ You don’t bring me flowers”. “Red red wine” en “I’m a believer” brachten ons tot een familie-moment. Tijdens “Brooklyn roads” zagen we nostalgische beelden van Neils jeugd en wierpen een enige blik op z’n jeugd.
“Pretty amazing grace” was de ideale voorbereiding op het stuk, waarnaar iedereen uitkeek, denk ik. De lange , zachte ‘oooh’ was de voorbode van het drieluik, een aperçu uit Jonathan Livinton Seagull. Ingezet door “Be”, “Lonely looking sky” en afgerond met “Skybird”.
Het ideale moment om dan het orkest voor te stellen. Iedereen werd in de schijnwerpers geplaatst en mocht iets ten berde brengen. Wat ons pareltjes opleverde en ons bracht van “Dominique” van Soeur Sourire tot de Flinstones. Heel origineel en het toont de warme appreciatie aan van Neil voor z’n muzikanten. Ze mochten zich dan ook nog eens uitleven met ‘jazz time’ en “ Crunchy Granola suite”.
Done too soon” en “Holy holy” brachten ons tot de afsluiter. Het enig mooie “I am , I said”. Zeer rustig en ingetogen gebracht.
De encore : “Sweet Caroline, “Cracklin’ Rosie” en “ Brother love’s traveling salvation show”.

Een icoon. Een artiest die z’n familienaam alle eer aandoet. Een warm man, warme songs creërende. Een vol Sportpaleis kwam hoopvol toe, en ging blij lachend naar huis. Z’n songs blijven in je hoofd malen, en geven je tonnen energie. En doen je de dingen vergeten. Ze laten je rechtstaan en swingen, ok al heb je een zaal vol zitplaatsen. Geen energiereep kan tippen aan een LP of CD van Neil Diamond! De jeugd zit constant aan de Red Bull, tegenwoordig. Een mp3 met Neils playlist heeft dezelfde werking. Gelukkig zijn er verschillende generaties grootgebracht met/door deze zanger. Deze ‘legacy’ mogen we nooit verloren laten gaan.
… Maar er is hoop. Zelfs m’n zoon van 24 komt dezer dagen thuis met een plaat van Neil Diamond thuis. Een verloren schat , gevonden op een 2dehands-markt.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/neil-diamond-28-09-2017/
Organisatie: Live Nation

Coldcut

Coldcut - 30 Y Anniversary Show - Een staaltje sounds , beats & visuals

Geschreven door

Coldcut - 30 Y Anniversary Show - Een staaltje sounds , beats & visuals
Coldcut
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-09-27
Johan Meurisse

Coldcut
viert z’n dertigste verjaardag en hield het uiterst intiem met een beats ‘n’pieces/dancehall feestje in de kleine AB Club . Met Ninja Tune lanceerden ze één van de meest innoverende dance labels . Ze stonden in voor een staaltje song and sampling,  knip-en plakwerk , die door prachtige visuals werden omgeven. Anderhalf uur lang werden we in een een oud-modern ‘soundandvision’ van een muzikaal melkwegstelstel gedropt. Vanavond geen keur aan gasten op de stage , die soms mee op tour trekken met deze elektronicapioniers. Ze waren enkel te zien enkel op de videowalls .
Een heerlijk genietbare trip dus van het duo , dat speelplezier beleefde aan hun booths . Een MC, beeldkunstenaar en de echtgenote van een van de twee vulden het Coldcut concept aan.

Coldcut is het Britse duo Jonathan Moore en Matt Black, die baanbrekend werk leverden in de hiphop, dance en elektronica, o.m. ’80 remix werk voor Blondie, Eric B & Rakim, Yazz en soulzangeres Lisa Stansfield. Ze ontwikkelden een eigen stijl -‘laptopmusic’ genaamd, een mengelmoes van hiphop, ‘80’s dance, funk, triphop, breakbeats, dub, drum’n’bass, poprock, beats en een pak geluidscollages , voorzien van samples en scratches. Een intrigerende variërende sound, die groovy, aanstekelijk, dansbaar en boeiend, avontuurlijk klinkt met een dosis experiment. Technisch hoogstaand wat Coldcut door de jaren zo uniek maakte. Hun ‘more beats and pieces’ biedt een ongelofelijk arsenaal aan geluiden en samples, als van een The Art Of Noise, Herbie Hancock, filmsoundtracks  of stukjes Jungle Book.
‘What’s that noise?’ (’89) , ‘Let us play’ (’97) en ‘Sound mirrors’ (’06) , tien jaar terug, zijn hoogstandjes.
Coldcut liet zich nu opnieuw horen met
de vorig jaar verschenen EP ‘Only heaven’ en het onlangs uitgebrachte ‘Outside the echo chamber’ , de perfecte samenwerking tussen Coldcut en Adrian Sherwood van het ‘On U sound’ label ; een grote oude liefde tussen de twee dat grime , dancehall , reggae en world samenbrengt en het zeer aanstekelijk, verslavend maakt. “Robbery” en “Kajra mohobbat wala” zijn twee zoethouders die hier vanavond het hotte clubsfeertje ondersteunden.
… En daar is Coldcut sterk in
. De dansspieren werden geprikkeld , het publiek genoot , heupwiegde en zette enkele pasjes . De respons was warm . Hun materiaal klonk steviger door de slepende, pompende , groovy beats, zonder dat er afbreuk  was aan hun ‘mixmax’ van stijlen. Op het scherm zagen we collages , projecties, tekenfilmfragmenten, cartoons, figuren, slogans en ‘all time artists’ o.m. een knipoog naar James Brown. Deze collages en projecties waren afgestemd op die kakofonie van Coldcut. Een duidelijk meerwaarde . Indrukwekkend.
Muzikaal injecteerden ze ook heel wat world , ragga en Indiase elementen , die het lounge aspect en ‘loslaten van deze werkelijkheid’ benadrukten .
Een handvol classics als “Walk a mile in my shoes” ,  “True skool” , “Come back to earth” , “Atomic moog”, “Timber” of “een Paid in full” (Eric B & Rakim) werden door de mallemolen gehaald .

Coldcut stond voor een specifieke cultuur , een muzikale visie en jarenlange ervaring, zonder diepgang te verliezen . Nieuwe liefhebbers zagen we niet meteen , maar de oude generatie was op de afspraak en genoot van deze bonte verrijkende muzikale mix !

Organisatie: Ancienne Belgique , Brussel

Danny Blue And The Old Socks

Backyard Days -2-

Geschreven door

Pop/Rock
Backyard Days
Danny Blue And The Old Socks
Starman Records
2017-09-28
Filip Van Der Linden
Danny Blue and the Old Socks is een nieuwe band uit Antwerpen. Het zijn vier jonge snaken met een goed gevoel voor humor en een nog betere muzikale smaak.
De inspiratie voor hun debuut-EP ‘Backyard Days’ vonden ze naar eigen zeggen o.m. bij Mac Demarco, Hockey Dad, Surf Curse,  Skeggs en The Growlers. Zelf zouden we daar graag Band of Horses, DadaWaves, Tame Impala en The Allah-Las aan toevoegen als referentiepunten. Of Eels of The Glücks op een wel heel zonnig moment van de dag, na een paar aperitiefjes.
Danny Blue and the Old Socks houdt muzikaal ergens het midden tussen lo-fi, garage en psych. Zo komen ze uit bij dromerige, onbeschaamd zomerse en bij momenten dansbare retro-pop met veel positieve energie. “King Of The Trashcan” is de catchy single van deze EP, maar ook “Be With Me” of “Belgian Venice” hebben genoeg troeven om single-waardig te zijn.
Deze EP roept spontaan herinneringen op aan vrolijke zomermomenten en wordt zo de ideale soundtrack bij de schaarse zonnige dagen van de herfst en de winter.
http://vi.be/dannyblueandtheoldsocks

Mount Kimbie

Love What Survives

Geschreven door

Doorgaans hebben we het niet zo voor laptopknoeiers die hun elektronisch gefriemel als kunst trachten te slijten. Dergelijk hautain gepruts klinkt ons vaak drammerig en irritant in de oren en meestal zetten we het dan al na vijf minuten op een lopen. Er zijn echter uitzonderingen. Voor ‘Migration’ van Bonobo bijvoorbeeld gaan wij met plezier achterover leunen en ook Mount Kimbie weet op het aangename en gevarieerde ‘Love What Survives’ onze aandacht vast te houden.
Net als Bonobo jaagt Mount Kimbie zijn elektronica niet als een terreuraanval onze trommelvliezen in, hij heeft echt wel oog voor melodie. Dit is immers het soort elektronica die je thuis al eens wat luider mag zetten zonder dat uw hamster een epileptische aanval krijgt of dat uw buurvrouw naar de flikken belt. Hier zit muziek en sfeer in. De meeste klanken mogen dan al uit een batterij computers komen, het geheel klinkt nergens koel of steriel. Mount Kimbie creëert een warme atmosfeer en draait Oosterse klanken, subtiele piano’s, eighties ritmes en Joy Division baslijntjes in de mix. Zelfs een streepje nachtelijke jazz is hem niet vreemd. Ook de gastzangers King Krule en James Blake dringen zich niet te zeer op en stellen zich volledig ten dienste van de songs en van de vaak heerlijk glooiende lijnen die Mount Kimbie heeft uitgezet.
Wij zweren nochtans bij gitaren, maar op tijd en stond kan een borrelend elektroplaatje als dit ons ook wel bekoren.

Diablo Blvd

Zero Hour

Geschreven door


Frontman Alex Agnew geeft het aan in een aantal interviews. Op de vorige albums van zijn band Diablo Blvd was er telkens de opmerking dat er toch telkens een paar hints en vage referenties naar de donkere jaren ’80 opdoken. Omdat dat blijkbaar hetgeen is dat hen onderscheidt van de zowat alle andere metalbands, zijn ze dat aspect nog gaan uitvergroten op het nieuwe album ‘Zero Hour’.
Dus hoor je nog meer echo’s van pakweg Joy Division, Killing Joke en Type O Negative en zit er nog steeds veel galm op de stem van Agnew. Als geheel is het misschien minder metal of heavy metal dan voorganger ‘Follow The Deadlights’, maar het is wel een mooie, consistente rockplaat geworden waar behalve liefhebbers van stevige rock ook metalheads zich nog zullen kunnen in vinden.  Vooral het drumwerk is nog meer in de richting van de rock en minder metal, maar de Antwerpse band is (gelukkig) nog steeds geen doorslagje van The Editors. Daar zorgen de stevige gitaarpartijen wel voor.
Alleen een sterke single leek te gaan ontbreken. De vooruitgeschoven nummers “Animal” en “Sing From The Gallows” zijn mooie ambassadeurs van de nieuwe richting die Diablo Blvd is ingeslagen, maar echt begeesteren konden ze niet. Dat geldt voor wel meer nummers op ‘Zero Hour’. Prachtig groepsgeluid, knap ingespeeld, mooi opgebouwd en zelfs een tekst die ertoe doet, maar toch ontbreekt er nog iets. Pas halverwege het album begint de boter echt te pakken, met o.a. “The Song Is Over”, “Like Rats” en “Demonize”.  Ook “The Future Will Do What It’s Told” kan bekoren.
De afsluiter en huidige single “Summer Has Gone” is één van de hardste en tegelijk meest meezingbare nummers op ‘Zero Hour’: catchy, met veel vaart en met een knappe solo.  Dit nummer zou het goed moeten doen op Studio Brussel, voor zover daar nog plaats is voor heavy metal.

Damnations Day

A World Awakens

Geschreven door

Zonder overdrijven beluister ik jaarlijks enkele honderden releases om te reviewen. Ik ben dan ook een muzikale veelvraat. Van tijd tot tijd weet een release mij te verrassen, bij de keel te grijpen of te ontroeren. Voor deze momenten doe ik het. Namelijk iets ontdekken dat je raakt.
Zo ook met dit Australisch trio dat hier wat mij betreft één van de metal albums van het jaar heeft gemaakt. Hun album klinkt potig, volwassen en melodieus. Een pluim voor de ritmesectie is hier zeker op zijn plaats. Mark Kennedy heeft een fantastische stem en de gitaarpartijen zijn modern en origineel. Luister maar eens naar opener “The Witness” of “I Pray” die heerlijke vocals bevatten en meteen blijven hangen of zich in je hersenpan nestelen. Hier geen grunts of geschreeuw maar cleane metal vocals van een hoog niveau. Toch klinkt alles modern. De meeste songs bevatten clevere ritmewisselingen en fijn riffwerk. De solo’s van John King zijn aangenaam en een meerwaarde voor de songs. Door de productie klinkt alles haarfijn en massive.
Ik kan hier allerhande superlatieven bedenken waarom je dit album een kans moet geven maar luister gewoon naar de openingstrack en je zal snappen waarom ik hier zo enthousiast over ben. Een superplaat die ontdekt mag/moet worden!

Undskyld

A Little Closer (EP)

Geschreven door

Pop/Rock
A Little Closer (EP)
Undskyld
Fons Records
2017-09-28
Wim Guillemyn

Op 28 oktober wordt het debuut ‘Wishing Well’ uit 2016 heruitgebracht. Dit samen met een 7’’ met twee nieuwe tracks op. Undskyld is een trio uit Antwerpen. De band baant zich een weg tussen invloeden van grunge, indie, folk en postpunk. Op ‘A Little Closer’ hebben ze zich meer gericht op songs terwijl ze op hun debuut de nadruk iets meer op het ontwikkelen van soundscapes lag. Het debuutalbum bevat leuke grooves, ritmewisselingen en andere twist en turns. Alles werd live in een studio opgenomen en klinkt dan ook organisch en direct. De moeite waard om te ontdekken.
De single “A Little Closer” bevat dus twee tracks. De eerste is “Many Times Before”. Een semi-akoestische song dat een beetje aan de stijl van bv Absynthe Minded doet denken. “A Little Closer” begint met aardig gitaar- en baswerk. De zang neigt een beetje naar een Tom Barman toe. De opbouw van de song is subtiel en slim. Er zit bv een mooie tempoversnelling in het refrein. Een klein pareltje is dit liedje. De twee tracks op deze single zijn iets toegankelijker en radiovriendelijker dan de tracks op hun debuut.
Undskyld is voor mij een leuke kennismaking. ‘A Little Closer’ is een goeie single die verkrijgbaar is via Fons Records op witte en blauwe vinyl. Live schijnen ze ook een fenomeen te zijn en niet bang van improvisatie, loopings en dergelijke meer om zo hun live optredens tot een sonische en unieke trip te maken…

Danny Blue And The Old Socks

Backyard Days

Geschreven door

Pop/Rock
Backyard Days
Danny Blue And The Old Socks
Starman Records
2017-09-28
Sam De Rijcke
Deze jonge band uit Antwerpen heeft een EP afgeleverd met vijf aangename en frisse garage-pop tracks. Niet alleen het hoesje oogt heel kleurrijk, ook de songs zijn fleurig en herbergen een soort van onbevangen en welgekomen naïviteit.
De opener “Six Ft Tall Baby” lijkt aanvankelijk uit een cassetterecordertje van Ariel Pink te komen om dan over te gaan in iets wat als een montere Richard Hell song door het leven kan gaan. Er hangt een vleugje van de nonchalance van Peter Doherty rond in “Be With Me” en “Belgian Venice”, dingetjes die uit de losse pols lijken te zijn geschud maar die echt wel als frisse songs door het leven kunnen gaan. Het lekker borrelende “King Of The Trashcan” peddelt ergens tussen Jamie T en Howler, een catchy song met een aardig tempo en een beetje luchtige punk in de rangen.
Om toch een beetje te kunnen muggenziften, willen we nog kwijt dat zanger Sam De Neef het soms een beetje te veel op zijn Balthazars wil doen. Maar fuck it, verder staat die kerel aardig en welgemutst te zingen en geeft hij alle songs een levendige schwung.
‘Backyard Days’ is een luchtig en pienter EP tje van een veelbelovend bandje. Op 8/11 komen Danny Blue and The Old Socks dit prikkelende plaatje voorstellen in de Antwerpse Kavka.

Alice Cooper

Paranormal

Geschreven door

Alice Cooper wordt vaak bij de metal ingedeeld, maar eigenlijk past deze shock-rocker eerder in het vakje van de rock. De vaak bombastische glam- en hardrock die hij brengt, is muzikaal eerder braaf. In de onderwerpen die hij aansnijdt, was hij jarenlang grensverleggend, maar na tientallen jaren op het podium en albums uitbrengen, wordt het moeilijk om nog te shockeren. Die intentie heeft hij dan ook niet gehad op zijn jongste album ‘Paranormal’. Die taak heeft hij inmiddels doorgegeven aan pakweg Marilyn Manson.

In de gelijknamige single is alles nog lekker donker en duister, met een meisje dat ’s nachts telefoon krijgt van een prins van de nacht. Daarna wordt er gewoon gerockt. Op “Dead Flies” schetst Alice Cooper een weinig rooskleurig beeld van de huidige generatie: ‘Your phone knows more about you than your daddy and mommy’.  Ook “Fireball” rockt lekker een eind weg met een jachtig cliché-verhaal over een man die wakker wordt na een nachtmerrie, om vast te stellen dat alles uit die nachtmerrie echt aan het gebeuren is.

In het drammerige “Paranoiac Personality” zit een sample van het geluid van de bekende douchescene uit ‘Psycho’. “Fallen In Love” is een opvallend bluesy woordpuzzle voor de fans: de tekst zit vol verwijzingen naar eerdere songs van Alice Cooper. Ga maar aan de slag.

Satan mag aan het stuur zitten van een zwarte Cadillac in “Dynamite Road” en een paar tellen later wil Alice zich verdrinken in wijwater (in “Holy Water”). Niets nieuws onder de zon in Alice Cooper-land, maar had hij die thema’s niet aangekaart, zouden we gevreesd hebben voor zijn mentale gezondheid. Dat het daarmee nog meevalt, al is bij Alice Cooper altijd relatief,  getuigt hij zelf op “Private Public Breakdown”.

Het punky “Rats” kan je moeilijk anders interpreteren dan als een fluim naar de Republikeinse kiezers die Donald Trump als president verkozen hebben: ‘Just open the cage, give the rats what they want’.

Op het album wordt Alice Cooper bijgestaan door gastmuzikanten als gitarist Billy Gibbons van ZZ Top, drummer Larry Mullen van U2 en bassist Roger Glover van Deep Purple. Niet dat die echt één of meer nummers in een beslissende plooi gelegd hebben, het is meer een leuk wist-je-datje.

Het reguliere gedeelte van het album sluit af met “The Sound Of A”, dat net zo creepy en duister is als de openingstrack. Maar Alice Cooper is in een gulle bui en daarom krijg je er nog een reeks bonustracks bij: twee met de originele line-up van de band (waarvan vooral transgender-relaas “Genuine American Girl” de moeite is) en zes live-tracks (“No More Mr. Nice Guy”, “Under My Wheels”, “Billion Dollar Babies”, “Feed My Frankenstein”, “nly Women Bleed” en “School’s Out”).

Zo weten de fans alvast wat hen te wachten staat op het optreden van Alice Cooper in de Brielpoort in Deinze eind dit jaar.

 

Guido Belcanto

Liefde en Devotie

Geschreven door

Het heeft wat van de American Recordings van Johnny Cash. Misschien niet op hetzelfde niveau, maar ‘Liefde en Devotie’ is voor Guido Belcanto misschien toch een beetje zijn American Recordings. In de herfst van zijn carrière, mogen we toch wel stellen, vindt Belcanto een nieuw platenlabel, krijgt hij uitstekend songmaterieel aangereikt dat zijn eigen werk extra in de schijnwerpers zet en krijgt hij muzikale hulp van artiesten die doorgaans streng over hun credibiliteit waken. Is ‘Liefde en Devotie’ dan voor Belcanto de rehabilitatie die ook Johnny Cash kreeg? Misschien wel.
In het begin van zijn muzikale leven werd Guido Belcanto al eens in de hoek van de kleinkunst of de schlagers geduwd, maar daar hoorde hij nooit thuis. Hij noemt zichzelf graag chansonnier, maar pas op ‘Liefde en Devotie’ wordt duidelijk welk jasje hem het beste past en dat is dat van de rootsrock. Americana maar dan op z’n Vlaams.
Op zijn vorige album Cavalier Seul kreeg hij al opmerkelijke steun van o.a. Bart Peeters, Jan De Smet (De Nieuwe Snaar), Stijn Meuris (Noordkaap) en Frank Vander linden (De Mens).
Op ‘Liefde en Devotie’ is de lijst nog langer: Nicolas Rombouts van Dez Mona, Naomi Sijmons van Reena Riot, Tom Van Laere van Admiral Freebee, Yvez Fernandez-Solino (Hooverphonic), Maarten Moesen (Buurman, BRZZVLL), Marc De Maeseneer (Whodads), Nathalie Delcroix, … een ploeg waar heel wat artiesten jaloers op kunnen zijn.  Het zijn niet alleen klasbakken, ze leveren ook nog eens sterke songs af, met telkens Belcanto’s stem netjes centraal.
De rootsrock op ‘Liefde en Devotie’ wordt ingezet met “Johnny Vergeet Me Niet”, een vertaling uit 1984 van Tom Peters voor John Spencer van een nummer dat The Meteors in 1961 uitbrachten. Echt hoog uithalen met zijn stem is niets voor Belcanto, daarom krijgt hij hier vocale bijstand van Naomi Sijmoens. De lijn van rootsrock, hier zelfs met viool, wordt aangehouden op “Jodie Foster”, een ode waarin Foster rijmt op Paternoster en dan weet je dat Belcanto zelf de tekst bij elkaar heeft gepend. “Ik Weet Niet Waar Mijn Meisje Is” krijgt een lapsteel en een accordeon. Op het einde van dit nummer krijgt Belcanto vocaal weerwerk van Kimberley Claeys. Als het gaat over eenzaamheid en gebroken harten komen de verhalen bij Belcanto doorgaans uit de eerste hand. Onze Vlaamse man in black.
Belcanto trekt op dit album een heel blik covers (vertalingen) open. En hij verdient een pluim voor de keuzes die hij daarbij maakt: een subliem “Haar Vader Hield Niet Van Mij” (Gerry Rafferty) met mariachi-trompet, “Laarzen Van Spaans Leder” (Bob Dylan) met een hemelse Kimberley Claeys en een streepje mondharmonica en murderballad “Henry Lee” (Nick Cave) met een duistere Nathalie Delcroix vallen niet uit de toon bij zijn eigen werk. Alleen in break-upsong “Ik Geloof” van London Wainwright III ontbreekt er iets. De mayonaise pakt niet.  Maar er is nog genoeg lekkers te vinden op ‘Liefde en Devotie’, zoals de countryballad “Al Die Verspilde Schoonheid”, het bluesy ”Uniek Specimen Van De Menselijke Soort” en “Mannen Met Een Gebroken Hart”. Dat laatste thema is haast onvermijdelijk voor een Belcanto-album, maar deze keer snijdt het mes wel heel diep. De banjo en tamboerijn maken het rootsrockverhaal compleet.
“Meneer De Politieman” is de weergave van een halfslachtige en bij momenten grappige poging om onder een veroordeling voor dronken rijden uit te komen. Zo pijnlijk eerlijk verteld dat je je het tafereel zo voor de geest kan halen. Tom Van Laere geeft het nummer met zijn gitaar een weemoedige draai. Mocht dit in het Engels gezongen worden, zou je zweren dat het een murderballad was. Met een overdosis aan pijnlijke eerlijkheid slaat Belcanto de bal mis op het afsluitende “Beste Anna”. Maar met een rapport van 10 op 12 mag Belcanto best tevreden zijn.

Bush

Black And White Rainbows

Geschreven door

Bush is een Britse band die in de jaren ’90 (vorige eeuw is dat ondertussen al) aansluiting vond bij de grunge van Nirvana en Soundgarden. Ze hadden radiohits met “Glycerine”, “Swallowed”, “Everything Zen” en “Machinehead”. Daarna ging het een pak moeizamer en de band splitte in 2002. In 2010 was er een reünie met enkel nog zanger Gavin Rossdale en drummer Robin Goodridge van de originele bezetting. De albums van het nieuwe Bush, met een ‘volwassener’ geluid, werden op gemengde gevoelens onthaald. Dat is niet anders met het zopas verschenen ‘Black And White Rainbows’.
Een doorslagje van hun debuut ‘Sixteen Stone’ moet je niet verwachten. Wel gladde stadionrock en –pop in de lijn van Imagine Dragons, Coldplay en zelfs Milo Meskens. Zanger Gavin Rossdale heeft talent om een knappe song te schrijven, maar op ‘Black And White Rainbows’ zitten de pareltjes verstopt onder een onnodige laag strijkers en koortjes of stroperige synths. Een aantal songs zijn onderling inwisselbaar en missen oprechte emotie. De singles “Mad Love” en “Lost In You” tonen nog het best hoe een band de weg kwijt kan geraken door de jongste trends na te lopen. Deze band kon vroeger een vuist maken, maar op de helft van de nummers is Bush eerder op een hond zonder tanden. Hij kan nog wel wat grommen en blaffen, maar voor bijten moet je geen schrik hebben.
Toch zijn er evengoed lichtpunten. Rossdale heeft nog steeds zijn uit duizenden herkenbare strot en bij momenten wordt er flink gerockt. “Dystopia” en “Nurse” zullen de oude fans weten te plezieren. “Toma Mi Corazon” is een dijk van een nummer. Ook op “All The Worlds Within You” pakt de mayonaise. Maar de goede momenten zijn schaars.  

Death From Above 1979

Outrage Is Now!

Geschreven door

Death from Above is een duo die formule basgitaar/drums al toepaste van toen Royal Blood nog de luiers vol kakte. Die laatste zijn er wel dankbaar mee naar de wereld van de mainstream-rock getrokken en hebben daar vlotjes hun bankrekening mee gespijsd.
Na het succes van Royal Blood lijkt het dus alsof Death from Above de copycats zijn, terwijl het net andersom is. Wie die gemene motherfucker van een debuutplaat uit 2004 ‘You’re A Woman, I’m A Machine’ in huis heeft en toen ook hun wervelende set op Pukkelpop meemaakte, weet echter wel waar de klepel hangt.
Death From Above klinkt trouwens op vandaag nog altijd gevaarlijk, volumineus en stevig, hoewel de ranzigheid van het debuut toch een beetje in de kiem gesmoord is.
‘Outrage Is Now!’ bevat een stel punchers van songs die heavy en bij wijlen zeer catchy uit de hoek komen. Power en energie zijn alom aanwezig, de afwisseling is dan weer iets verder te zoeken op dit album. Het gonst en het briest als vanouds, maar we kennen het truukje ondertussen al.
Let wel, dit is nog steeds scherper, vinniger en gewoon stukken beter dan Royal Blood.
Death From Above staat op 01/03 in de Botanique.

Miles Hunt & Erica Nockalls

We came here to work

Geschreven door

Een kleine tien jaar was het Britse Wonder Stuff van Miles Hunt actief en hadden met ‘The eight legged groove machine’ en ‘Hup’ twee sterke Brithouders klaar . Ze gaven hun materiaal een aangename , opzwepende push en groove, die The Beatles hoog in het vaandel hield en knipoogde naar bands als Housemartins en Pop will eat itself. “Don’t let me down gently” werd één van de grootse successen .
Hunt is een talentrijk songwriter op z’n Luka Blooms . Hij is nu al enkele jaren on the road met Erica Nockalls . Ze brengen semi-akoestische Britpop met een folky tune . De nummers zijn minzaam, sober en klinken dromerig, broeierig. “Witnesses” en “If I were you” zijn puur, oprecht.
Potten worden niet gebroken maar de sing/songwriting , de sound , de melodie en de zangpartijen tekenen voor puik overtuigend materiaal .

The Afghan Whigs

In spades

Geschreven door

The Afghan Whigs are back en we hebben het geweten . De ‘men in black’ van Greg Dulli zijn sinds een vijftal jaar aan een volgend hoofdstuk toe . ‘Do the beast’ was de eerste return en nu is er ‘In spades’ , een spooky werkstuk en jawel te rekenen als een hommage aan hun overleden gitarist Dave Rosser . We zien Mefisto op het sinistere artwork hoog boven piramides verrijzen .
Beladen songs zijn het , die sfeervol, innemend , spannend en intens doorleefd klinken. Ze durven aan te zwellen en te exploderen . Cello’s, violen, trombones en trompetten en de vocals van Dulli zorgen voor een broeierige, onbestemde atmosfeer  . Kracht , schoonheid en emotionaliteit voelen en vinden we .”Birdland” , “Toy automatic” , “Oriole”, “The spell” en “Light as a feather” zijn meesterlijk sterk. “Into the floor” tekent voor dramatiek .
Dulli is een fenomeen en Afghan Whigs een geweldige band . Ze zijn aan een prachtreturn bezig, even scherp als vroeger.

The Pop Group

Honeymoon on mars

Geschreven door

Het Britse uit Bristol afkomstige The Pop Group rond multi-instrumentalist en dubfreak Mark Stewart was een kort en krachtig leven van nog geen drie jaar beschoren van 77 tem 80. Sinds 2015 hadden ze er terug zin in. Vorig jaar verscheen de reünie met ‘Citizen zombie’ , een avontuurlijke , groovende kruising van postpunk , punkfunk , elektronica en triphop. De funk , jazz , dub, hiphop , rock, krautrock en  industrial zorgden voor een levendige , intens broeierige sound. Tja toen zijn tijd vooruit , avantgarde , en nu nog steeds eigenwijs , grillig en dwars .
Anarchie en toegankelijkheid vonden elkaar op de een of andere manier , waarin je hard moet doorzetten in dit album . Midden de cd met “Days like these” en “Zipperface” ervaren we meer melodie en komen we muzikaal wat op adem .
Producer was Dennis Bovell , een Britse dublegende , die ook hun debuut producete. Spannende en verrassende wendingen ondergaan de nummers met een ferme laag experiment. Een (paranoïde) dreiging van chaos en totale vrijheid tekent nog steeds de identiteit van de band.

Justice

Woman

Geschreven door

Tien jaar terug gaf Justice van Gaspard Angé en Xavier de Rosnay, de dance/elektronica  een bepalende push en een ferme knauw . Jawel knockout sloegen ze het genre met knallende, harde , pompende , rauw ronkende melodieuze electrorave. Een nieuwe wind raasde binnen de scene.
De tweede plaat die in 2011 verscheen , toonde een Justice rockend gelaat met behoorlijk wat Daft Punk house en Air psychedelica . Ze klonk matter dan het opzienbarend debuut .
Ze zijn nu toe aan hun derde , die lekker eigenbereid klinkt . Natuurlijk kan je  niet omheen het Justine kenmerk, die soul, funk , pop , disco invloeden toelaat . Een veelzijdige plaat  van rijke melodieën, vindingrijke arrangementen en meerstemmige zangpartijen . “Safe & sound”, “Alakazam!” en “Randy” zijn sterk en geven kleur aan de elektro dance.
Justice heeft een eigen handelsmerk … een verlicht kruis, twee ongeschoren heren, zonnebrillen en zwarte leren jekkers. En hun muziek is en blijft mooi eigenwijs getalenteerd!

Sampha

Process

Geschreven door

Eén van de opkomende talenten binnen de soul/r&b en hiphop is ongetwijfeld Sampha Sissay. Hij werkte de afgelopen jaren al samen met Drake , Kanye West , Frank Ocean, Solange  en Jessie Ware . Die ervaring stopt hij in zijn debuut .
Een sfeervolle plaat is het , die harp en piano  (zijn geliefkoosde instrumenten) onderdeel zijn van aanzwellende hiphopbeats, elektronica en sampling, gedragen door z’n melancholieke , indringende stem . Trippop , postdubstep , soul/r&b vinden elkaar op emotievolle wijze.
Zijn inspiratie haalt hij van James Blake en SBTRKT. Songs als “Plastic 100°C”, “Blood on me” en “Kora sings” dompelen ons meteen onder in die solide sound . “No one knows me like the piano” grijpt aan , klinkt vrij direct en is uiterst persoonlijk .
Sampha zorgt ervoor dat dit meer dan doorsnee soul/r&b is . Hij heeft een evenwichtig sterk debuut uit.

Sarah Jane Scouten

Sarah Jane Scouten - Frisse country uit Toronto

Geschreven door

Sarah Jane Scouten - Frisse country uit Toronto
Sarah Jane Scouten
Cowboy Up
Waardamme
2017-09-24
Oliie Nollet

‘Country’ leeft weer en het hoeft niet eens uit Nashville te komen, Canada mag ook. Eerder hadden we al de fenomenale Daniel Romano (die ondertussen andere muzikale oorden opzocht), Corb Lund en Colter Wall (die dit jaar nog een indrukwekkende debuutplaat afleverde). Op basis van haar derde en laatste plaat (‘When the bloom falls from the rose’) en haar optreden in de Cowboy Up mogen we Sarah Jane Scouten gerust aan dat lijstje toevoegen. Het artwork van die plaat, dat trouwens smaakvol geborduurd was op de hemden van haar begeleiders, toont opvallend veel gelijkenissen met de hoes van ‘Sweetheart of the rodeo’ van The Byrds en dat zal wel geen toeval zijn. Dat was namelijk de plaat waarop The Byrds het dichtst de authentieke country benaderden en de enige waarop Gram Parsons van de partij was.

Sarah Jane Scouten had The Honky Tonk Wingmen meegebracht, een stel doorwinterde muzikanten waarvan enkele ook actief in jazzmilieus, zijnde James McEleney op staande bas (Big Bertha), Sly Juhas op drums en Chris Stringer op gitaar. Het optreden kwam wat aarzelend op gang met “Man in love” en “Paul” (ook op plaat niet meteen hoogvliegers) maar vanaf het derde nummer, “Acre of shells”, bewees Scouten dat ze best wel een sterke song in elkaar kan timmeren. Daarnaast duikelde ze ook nog een obscure cover op : “Where the ghost river flows”, een oude folksong van de mij totaal onbekende Jasper ‘Joe’ Adams. Tussen de songs door bleek ze een onstuitbare praatvaar, babbelend over van alles en nog wat of grappend met bassist en gumbo liefhebber McEleney. Het eerste deel van de set werd afgesloten met het aanstekelijk stuiterende “Bang bang”, haar song met het meeste hitpotentieel. In de hoop iedereen na de pauze terug te zien?
Een ijdele hoop want velen bleven op deze stralende zomerse namiddag op het terras plakken. Jammer want SJS wist met enkele songs, waarbij ze in de buurt van Emmylou Harris ten tijde van “Wrecking ball” of Iris Dement kwam, ons hart nog meer te verwarmen. Om het helemaal mooi te maken kruidde ze dit tweede deel met enkele erg gesmaakte covers : Kitty Wells (“You’re not easy to forget”), Hank Williams (“Half as much”), The Louvin Brothers en Gram Parsons (“Song for you”). De afsluiter werd het rockende “When the bloom falls from the rose”, een song die me erg hard deed denken aan Hollis Brown. Ondanks het fel uitgedunde publiek kon er nog een bis af die ze vond bij Waylon Jennings. Knap concertje!

Hoewel haar muziek nog steeds gebaseerd is op klassieke honky tonk, authentieke country en traditionele folksongs slaagt Sarah Jane Scouten er steeds beter in om onbelemmerd eigentijds te klinken. Dat belooft voor de toekomst.

Organisatie: Muddy Roots - Cowboy Up, Waardamme

Charles Bradley overleden

Geschreven door

Charles Bradley overleden
Soulzanger Charles Bradley is op 68-jarige leeftijd overleden. De Amerikaan leed al enige tijd aan kanker. “Met een zwaar hart kondigen we het overlijden van Charles Bradley aan”, staat in een statement van het management van de zanger.

“Hij was altijd een vechter, en heeft tegen kanker gevochten met alles wat hij had.” In de mededeling wordt eveneens vermeld dat Bradley eerder dit jaar genezen werd verklaard, maar dat de kanker onlangs was teruggekeerd en zich had uitgespreid naar zijn lever.

Charles Bradley, ook wel eens liefkozend ‘The Screaming Eagle of Soul’ genoemd, zag zijn zangcarrière pas een kleine tien jaar geleden een hoge vlucht nemen. Hij was toen al jaren in New York actief als James Brown-imitator, onder de naam Black Velvet. Maar Gabriel Roth, de bassist van Sharon Jones & The Dap-Kings, zag wel iets in hem. Hij bood Bradley een contract aan bij zijn label, tenminste als hij met een eigen identiteit verder aan de weg wilde timmeren.

Bradley accepteerde het aanbod en bracht uiteindelijk in januari 2011 zijn allereerste eigen album uit, No Time for Dreaming. Een jaar later werd zijn leven verfilmd in de documentaire Soul of America. In 2012 bracht Bradley het album Victim of Love uit, vorig jaar was daar dan zijn derde en laatste plaat, Changes. Maar in 2016 kwam er ook slecht nieuws: er was kanker bij hem vastgesteld. Hij heeft die strijd niet kunnen winnen. Bradley werd 68.

Bradley zou in december nog twee concerten geven in De Roma in Antwerpen …
(Bron : HLN)

Pagina 250 van 498