logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15342 Items)

Yew

White swan on black water

Geschreven door

Het beloftevolle Yew, een Luiks kwintet debuteert met ‘White swan on black water’. Een prachttitel voor een cd trouwens. Het jonge gezelschap put uit de energie van de alternative folkrock van The men they couldn’t hang, The Waterboys en The Levellers, grijpt terug naar de ‘70’s retrofolk van Fairport Convention en Steeleye Span en schiet met stevige Dropkick Murphys punk. Integere en zwierige vioolpartijen kruiden de sound die nog wat meer gevarieerd en breder wordt door uitstapjes naar de americana/blue grass en tropische geluiden. Het draait ‘em rond de klankkleur en leuke, frisse tegenstrijdigheden in de sound en songtitels.
Ze bijten meteen sterk van zich af en scherpen de aandacht met “May I have” en “Jacobites by name” door een bedreven geluid en verrassende wendingen. Stijlvarianten horen we dan o.a. in “Kingston Dublin”, die reggae, punk en folk experiments samenbrengt, een freakfolkende “Mobile beer” en een klassiek neigende titelsong. Ook de instrumentale nummers zijn de moeite waard, zorgen voor een aangename afwisseling en staan mooi verdeeld tussen de andere nummers.
Kortom, Yew lijkt ons een fijne ontdekking.

Info op http://www.myspace.com/yewbelgium 

Living Colour

The chair in the doorway

Geschreven door

Wat ooit een belangrijke band was in de alternatieve scène is nu een quasi vergeten groepje dat moeizaam probeert om terug aan het front te komen met een nieuw album. Helaas zitten daar, ondanks al het moois wat Living Colour in het verleden al gebracht heeft, weinigen op te wachten. Als we er dan bij vertellen dat het vuur, de power en de klasse van ‘Vivid’ (’88) en ‘Time’s up’ (’90) hier maar bij vlagen terug te vinden zijn, dan weet u al hoe laat het is. De levende kleuren zijn wat verbleekt op ‘The chair in the doorway’ en de inspiratie van weleer is voor een groot stuk weggeëbd. Hier en daar komt Living Colour nog wel eens venijnig uit de hoek, maar die momenten zijn te schaars. “Bless those” is zo een kloeke song die volledig onze goedkeuring wegdraagt, ook “Decadence” is een verbeten rocker, maar naar betere songs is het verder toch wel zoeken. Verdienstelijke pogingen als opener “Burned bridges” en het felle “Out of my mind” komen ook nog ergens in de buurt van een geslaagde song, maar dan is het vet van de soep. Alhoewel, met de hidden track “Asshole” mogen ze op het eind toch nog even schitteren : fijne riff, Glover en Reid goed op dreef, lekker rollend nummertje.
De mooie soulvolle stem van Corey Glover is wel immer present en ook het virtuoze gitaarwerk van Vernon Reid komt geregeld de kop opsteken, doch te weinig naar onze goesting. Die dingen zijn ze dus niet verleerd, maar er staan niet echt onvergetelijke dingen op ‘The chair in the doorway’. Wat we horen klinkt allemaal wel onderhoudend en soms wel stevig, maar niets blijft echt hangen, en dat is de zwakte van deze nieuwe plaat. Beetje jammer toch, want ze kunnen het nog, dit hebben we in den lijve ondervonden in de Vk* (eind 2009) en vooral bij hun onvergetelijke vlammend concertje in de Botanique in 2008.

Beak>

Beak

Geschreven door

Portishead producer en multi instrumentalist Geoff Barrow heeft onder de naam BEAK> een raar, donker, minimalistisch en tamelijk onheilspellend plaatje gemaakt die niks te maken heeft met hetgeen hij doorgaans met zijn reguliere band doet. We merken raakpunten met duistere eighties wave, Suicide, krautrock, een beetje dub en een lap Mogwai. Zelfs de donderwolken van Sunn O))) komen ons voor de verdoemde geest.
De plaat is quasi volledig instrumentaal en zit vol met stoorzenders, laaggestemde gitaren en depressieve synthesizers. Heel zelden hoor je op de achtergrond wat verdwaalde vocals die ook al helemaal niet de bedoeling hebben om het boeltje op te vrolijken. Een grimmig en onderkoeld sfeertje wordt hier verwekt maar de plaat werkt wel verslavend en is nogal bedwelmend voor de geest.
Interessant werkstukje, doch iets voor geoefende oren. Om de donkere winterdagen nog net iets meer te verduisteren.

Das Pop

Das Pop

Geschreven door

Deze plaat van het Gentse Das Pop leek eventjes op de Vlaamse versie van de klucht ‘Chinese Democracy’ te gaan lijken wegens zijn talloze verschuivingen in de releasedata. Maar eindelijk is ze er dan, de langverwachte opvolger van ‘The Human Thing’.
Slimmerik Bent Van Looy en de zijnen brengen een plaatje dat bulkt van de zwierige poprock, wat ook niet anders kan met die bandnaam. Opener “Underground” herbergt een heerlijke viool en koebel die samen met Van Looy’s stem een geniaal catchy nummer neerzetten. Die kleine en subtiele keuzes van korte klanken zijn de sterkste punten van het album en Das Pop kan die formule meermaals herhalen. Op en top pop dus. Heel goede pop zelfs.
Het geheel klinkt in tegenstelling dan wat je zou vermoeden niet extreem gelaagd. Voorbeelden te grabbel. Zo hebben we de mandoline in “Wings”, de stevige baslijn met handengeklap op “Try Again”, alweer die viool tijdens hit “Never Get Enough” en tweeluik “Saturday Night” part 1 & 2 moet het dan weer hebben van korte gitaarslagen. De schwung wordt nooit uit de nummers gehaald, maar het geheel is niet dansbaar van a tot z. Zo zitten de ballads “Girl Be A Man” en “September” meer naar het einde toe verstopt, waarna ze er weer wat steviger tegenaan gaan in “Feelgood Factors”.
Producers van dienst zijn de Dewaele broers, maar nergens is hun invloed stevig doorgedrukt. Ze stonden er op dat er géén synths gebruikt werden. Bent Van Looy (wie weet, binnenkort officieel De Slimste Mens) stuurt u de groeten vanuit Fuckland!

Rammstein

Liebe ist für alle da

Geschreven door

Het Duitse Rammstein heeft zich gaandeweg opgewerkt tot een grootse band met hun metal – rock - industrial concept binnen een melodieus toegankelijke lijn. De band rond Till Lindeman geeft elan aan het geluid door totaalspektakel op hun optredens en vunzige, seksuele fantasieën en nihilistische teksten.
Na ‘Reise Reise’ en ‘Rozenrot’ laste de band een noodgedwongen rustpauze in. De gigs eisten hun tol en leverden heel wat interne twisten op. ‘Liebe ist für alle da” is krachtig, rockt, beukt, en klinkt meer aanstekelijk door sfeervolle toetsen. De strakke, straffe riffs en de zwaardere electro (“Rammlied”/ “Ich tu dir weh”, “Waidmanns Heil”) wisselen ze met “Pussy”, “Früling in Paris”/”Mehr”/”Roter sand”, die opbouwend, sfeervol en dansbaar kunnen zijn.
Al bij al is de nieuwe cd toegankelijk door het afgewerkte karakter. Rammstein zorgt voor een avondje fun en ‘all what you think bout …, but afraid to do’ …

Tokio Hotel

Humanoid

Geschreven door

De vier jonge gasten uit Maagdenburg slaagden er twee jaar geleden in het jonge publiek te veroveren. Ze haalden zelfs vier TMF Awards binnen als beste nieuwe artiest, beste album (‘Scream’), beste clip en beste pop. Tokio Hotel, rond de tweeling Bill & Tom Kaulitz, waren het ideale exportproduct voor elke ‘rockmindende’ tiener.
Ook op de nieuwe plaat klinkt de band niet anders dan voorheen. Ze brengen melodieus stevige en pittige poprockers, gaan wat breder door de synths en hebben oog voor enkele ballads. Op die manier hebben we lekker in het gehoor liggende songs. Het zijn vooral “World behind my wall” en “Phantomaider” die sterk bekoren . “Dog unleashed” en “Human connect to human” refereren aan de ‘80’s electro en er klinkt een “Personal Jesus” –riff van DM door. “Zoom into” tot slot doet de meisjesharten sneller slaan. En daarmee heb je het recept gehoord van de toegankelijke poprock van de Tokio Hotel twintigers.

Rolo Tomassi

Hysterics

Geschreven door

We waren de voorbije zomer sterk onder de indruk van de uit Sheffield afkomstige noise band Rolo Tomassi. De band, onder broer James en zus Eva Spence, brengt een combinatie van noiserock, punkjazz en allerlei –core invloeden. De songs kunnen een opbouwende melodie hebben, gaan van hard naar zacht en zijn uiterst avontuurlijk en opzienbarend door de verrassende wendingen, bizarre kronkels en ontspoorde ritmes. We horen waanzinnige gitaar- en toetsenpartijen en opzwepende en strakke drums. En op de koop toe overstelpt de frontvrouwe ons met haar krijsende, schreeuwende en gillende zang. Maar ook deze frêle dame kan zacht klinken in haar vocals. En net precies al die tegengestelden maken de songs erg boeiend en spannend. “Oh Hello ghost” en “I love turbulence” geven de toon aan voor de rest van de plaat. Een song als “Fofteen abraxas” klinkt grauwer en donkerder en de psychedelica klinkt door op “An apology to the universe” en het afsluitende “Fantasia”. We krijgen momenten van rust aangeboden met enkele soundscape instrumentals. De herriemakers zorgen voor een letterlijke pletwalssound op ‘Hysterics’.

Wave Machines

Wave Machines: Surfen op aanstekelijke golven

Geschreven door

Wave Machines is een jong viertal uit Liverpool, maar naar muzikale referenties van spraakmakende stadsgenoten (The Beatles, Echo & The Bunnymen, The La’s,…) hoefde u tijdens de voorstelling van debuutalbum ‘Wave If You’re Really There’ niet op zoek te gaan die avond in de Botanique.

Klonk de opener nog wat aarzelend, dan schakelde Wave Machines met “The Greatest Escape We Have Ever Made” fors enkele versnellingen hoger en nestelden ze  zich moeiteloos tussen het meest aanstekelijke wat Talking Heads en Hot Chip in de aanbieding hebben. “I Go I Go I Go” had het refrein om iedere parochiezaal om te toveren in een stomende Brooklyn nightclub en “Keep The Lights On” klonk live als Bee Gees discopop mét ballen. Ook verderop in de set zocht de besnorde zanger Timothy Bruzon met zijn falsetto stemmetje soms gevaarlijk dicht de kitsch grens op. Toch kreeg je in tegenstelling tot bij Scissor Sisters nooit de vervelende drang om een tailoor in je broek te moeten stoppen.
De toetsenist, die verdacht veel op Walter Van Beirendonck leek (nu we toch in die sfeer zitten), zette met ritmisch handengeklap “Dead Homes” in. Meteen het enige, minder vrolijke rustmoment in een voor de rest bijzonder aanstekelijke en melodieuze set met voldoende synthesizer weerhaakjes en ingenieuze ritmes en hooks om te blijven boeien tot het eind.
De atypische radiosingle “Punk Spirit”, waarvan het refrein “Where Is My Punk Spirit?” ongetwijfeld nu al luidruchtig meegebruld wordt in Ierse pubs aan de Merseyside, sloot de korte set af, waarna nog één bisnummer volgde.

Wave Machines leken oprecht gecharmeerd door de enthousiaste reactie van het publiek en beloofden vlug opnieuw te zullen spelen in België. Graag heren, maar liever volgende keer ergens op een zwoele weide met een cocktail in de hand in plaats van een Witloofkelder op een ijskoude winternacht. Deze zomer op Werchter misschien?

Organisatie: Botanique, Brussel

Local Natives

Local Natives: subtiele charme en verbetenheid

Geschreven door

De vijf Californiërs van Local Natives putten uit de traditie van warme, dromerige, opbouwende indiepop/folk/americana, die al in 2009 sterk werd onthaald met bands als Fleet Foxes, Grizzly Bear, Patrick Watson en Band Of Horses. Ook zij weten met stemmingen te werken. Aan de basis hiervan ligt de combinatie van vier zangers. Op die manier komt de huidige rits bands Megafaun en Fredo Viola na Local Natives bovendrijven.

Local Natives wist in geen mum van tijd een afgeladen Rotonde in te palmen. Ze durfden wat krachtiger en harder te gaan dan hun soortgenoten, gaven aan sommige nummers een groove door kleurrijke en zalvende toetsen, huppelende ritmes en een dubbele, opzwepende percussie, wat hen richting ‘andere geestesgenoten’ Vampire Weekend en Yeasayer bracht. We vergeten hierbij de invloed van het Canadese Arcade Fire niet, maar zeerzeker klinkt de ‘60’s traditie door van Beach Boys, Simon & Garfunkel, Crosby, Stills & Nash, en de ‘80’s funky loops van Talking Heads; niet voor niks staat “Warning sign” op hun grootse debuut ‘Gorilla Manor ‘ als cover. Het is een heel evenwichtige plaat geworden, die net als deze van Band Of Skulls (een tiental dagen eerder in de Bota te zien!) getipt wordt als één van de ontdekkingen van 2010!

Het was mooi om te zien en vooral om te horen hoe de vijf goed op elkaar waren ingespeeld, beschikten over een emotievolle stemmenpracht (vooral Ryan Hahn – Taylor Rice) en speels, gevat konden stoeien met hun instrumenten. Het kwintet kwam live heel sterk voor de dag. De sfeervolle en forser klinkende songs hadden een subtiele melodie en kregen soms een aardig leuk ritme mee.
We hoorden een afwisselende set, die stevig werd ingezet met “Camera talk”. Op het nummer hoorde je al hoe ze hun indiepop konden verfijnen en uitbalanceren. De popgroove klonk door op het opbouwende “World news” en het bezwerende en stuwende “Warning sign”, die het origineel oversteeg! En in deze outfit pasten enkele heerlijk sfeervolle parels als “Cards & quarters”, “Cubism dream” en “Stranger things”, letterlijk in de voetsporen van Simon & Garfunkel. Trouwens, in de bis speelden ze zonder versterking, ondersteund van handclaps “Cecilia” van de heren! “Wide eyes” en “Shape shifter” zaten middenin de set en vormden het hoogtepunt: gevarieerde, aanstekelijke, zwierige songs door de verrassende wendingen en de bezwerende, opzwepende percussie, sambaballen en synths; en de meerstemmige zang bood de dromerige ondertoon.
De groep breidde er een snedig slot aan met “Airplanes”, “Who knows who cares” en een mooi uitgesponnen “Sunhands”, die gekenmerkt werd door enkele instrument- en vocale explosies.

Local Natives speelde vol overgave, kon rekenen op een sterke respons en tekende alvast als één van de doorbraken voor 2010! De band moest het hebben van de wisselende stemmingen, gevoelige en bedreven instrumentatie en ontroerende vocale pracht!

Organisatie: Botanique, Brussel

Henry Rollins

‘Knockout’ door de (spoken) woorden van Henry Rollins

Geschreven door

Henry Rollins verwierf faam als frontman van het legendarische Black Flag alvorens o.a. met zijn eigen Rollins Band te bewijzen dat ‘not all the good die young’. Sedert vele jaren schuimt deze bijna-vijftiger ’s werelds podia af met alom gewaardeerde ‘spoken word’-performances. Na zijn passage op Rock Werchter vorige zomer deed hij deze keer twee opeenvolgende avonden ons landje aan. Zondagavond lag de Gentse NTG aan zijn voeten en maandag hing een uitverkochte Ancienne Belgique aan zijn lippen.

Net als bij de aftrap van zijn concerten vliegt Rollins er tijdens zijn ‘spoken words’ meteen in. Nauwelijks het podium betreden, neemt hij onmiddellijk de houding aan van een op de aanval gerichte bokser. Het lichtelijk gebogen rechterbeen schuin voor het eveneens licht gebogen linkerbeen spuwt hij aan een onnavolgbaar tempo woorden in de als een bokshandschoen gehanteerde microfoon.
Er wordt geen tijd verspild aan een voorzichtige kennismakingsronde want hevige Henry heeft heel wat te vertellen. Zo’n 160 minuten lang laat hij het tempo nimmer zakken, de met indrukwekkende tatoeages beschilderde man beschikt dus niet enkel over veel zichtbare spierkracht maar ook over een meer dan aardig uithoudingsvermogen.
Enkele jaren terug hoorden we hem in dezelfde AB uitvoerig zijn beklag doen over de deplorabele toestand waarin de toenmalige president zijn vaderland gebracht had, maandagavond kwam hij daar slechts sporadisch op terug. Gelukkig maar want niemand zit na al die jaren nog te wachten op een extra portie Bush-bashing. Rollins beschrijft zijn immense vreugde bij het vernemen van de overwinning van Obama maar vindt het blijkbaar nog te vroeg om na één jaar een oordeel te vellen over de beloofde verandering. We zijn alvast benieuwd hoe het beleid van Obama alsook Rollins’ visie hierop de komende jaren zal evolueren, ongetwijfeld komen we dit binnen enkele jaren te weten want het punkrock-icoon sprak de intentie uit om nog zo’n tiental jaar volop te touren. Hopelijk doet hij dit binnenkort ook nog eens in het gezelschap van muzikanten want de energie die deze man nog steeds uitstraalt doet ons vermoeden dat hij ook als zanger iedereen knock out kan slaan.
De rode draad doorheen zijn betoog betrof de oproep om allemaal de wijde wereld in te trekken en te leren van elkaars cultuur i.p.v. zich te laten (mis)vormen door hetgeen de media of de overheid ons voorschotelen. Zelf geeft hij het goede voorbeeld door zo vaak als hij kan zo veel mogelijk landen te bezoeken om met eigen ogen en oren te leren wat er gaande is op onze planeet, dit voornamelijk door in direct contact te treden met de lokale bevolking.
Ook beklemtoont hij de impact die muziek kan hebben. Goede muziek (zoals, om maar één voorbeeld te noemen, The Stooges) heeft de potentie om een wapen te worden tegen de verdrukking die vandaag nog al te veel landen teistert. Indien men er wereldwijd in zou slagen om uitstekende muziek uit te wisselen, is volgens hem de kans reëel dat miljoenen mensen bevrijd worden uit de (al dan niet letterlijke) gevangenschap waarin ze door hun leiders gedwongen worden.
Niet dat Rollins voortdurend de meer gewichtige en politieke toer opging, even vaak weidde hij uit over zijn avonturen in de entertainment-wereld (zoals zijn hilarische belevenissen als jurylid in een door RuPaul geleide travestie-talentenjacht, zijn kennismaking met decadente prinsen, zijn rol als neo-nazi in een Amerikaanse televisiereeks en zijn vriendschap met William ‘Captain Kirk’ Shatner).
Ook de verhalen over hoe hij als jonge snaak vol bewondering optredens van The Damned en Bad Brains meemaakte, deden ons veel plezier. Het relaas van een recent Bad Brains-optreden (en vooral het bedenkelijke gedrag van zanger H.R.) illustreerde dat niet elke punkrock-pionier nog bij zijn volle verstand is.

Een reden temeer om met volle teugen te genieten van de snedigheid die Henry Rollins nog steeds tentoon spreidt….al mocht het een uurtje minder geduurd hebben want murw geslagen als we waren, was het moeilijk om na afloop onze comfortabele zitplaats te verlaten.


Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Maurice Engelen

Maurice Engelen + Friends: postmodern entertainment met de productie Moreese.com

Geschreven door

De grensverleggende theatertournees ‘Code Red’, ‘The next dimension’ en ‘Frame by Frame, where art meets technology’ verweefde de Praga Khna sound van Maurice Engelen en Olivier Adams met spitsvondige technologieën van art, design, dans, choreografie en communicatie.
Moreese.com is de nieuwste productie van Maurice Engelen; hij geeft in z’n show, onder z’n toezicht, aanstormend talent de kans zich te ontplooien. Hij benadrukt het principe van ‘everybody is an artist’. De productie is trouwens gebaseerd op ‘virtuele communities’, die een brug slaan tussen de virtuele en de echte wereld, en die virtuele vrienden worden actief betrokken in de show. Hij zet zijn pionierswerk als creatieve katalysator verder. Moreese.com is een volgende stap in mans al indrukwekkende oeuvre … ‘life is art –take part of the experience’ …

’The creative adult is the child who has survived’… Moreese.com vertelt het verhaal van Vince, een jonge man op zoek naar zijn artistiek talent. De weg ligt bezaaid met doornen, maar gesteund door zijn vrienden en geïnspireerd door zijn grote voorbeelden kan Vince zijn reis tot een goed einde brengen. Mensen en beelden imponeren Vince, met vallen en opstaan, om zijn droom te verwezenlijken en iets van zijn leven te maken. Doorzettingsvermogen en vastberadenheid schenken hem de kracht en het zelfvertrouwen. Het is een gewoon verhaal, dat in een multimediale show is gegoten ….‘You can do it, Vince’ zoals Maurice telkens aanhaalt …

Op een groot scherm werd de communicatie van vrienden geprojecteerd; achteraan het podium speelden bevriende muzikanten van Maurice zachte en krachtige dromerige, sfeervolle en filmische electropop, die soms aardig kon rocken of hemels klassiek kon zijn, met een operazangeres. Wanneer Vince zich niet vooraan op het podium bevond, werd die plaats ingenomen door dansers of zagen we een (leuke) act met flashy lights, wat het geheel op een hoger niveau bracht. Een mix van beelden en gebeurtenissen en Maurice zelf, die overal eens kwam tussenfladderen en het geheel aan elkaar zong of praatte …
Ze probeerden beeld, muziek en show tot één ritmisch concept te versmelten, ondanks het feit dat het verhaal niet altijd te vatten en te volgen was …maar ja, voor niks noemt men dit postmodern entertainment.

Belangrijk was dat de creatieve uitspattingen van Maurices Facebook-vrienden en de talenten aan de captatiewagen, die de afgelopen zomer het ganse land doorkruiste, een mooie, voorname kans kregen met deze tour; een onvoorwaardelijk respect voor Maurice, die steeds opnieuw zichzelf probeert uit te vinden …

Organisatie: Kursaal, Oostende

Wolfmother

Heerlijke pot onvervalste seventies rock met Wolfmother

Geschreven door

Voor een heerlijke pot onvervalste seventies hard-rock moest je vanavond in Het Koninklijk Circus zijn, een leuke zaal trouwens waarmee Wolfmother frontman en showbeest eerste klas Andrew Stockdale volledig in zijn nopjes was.
We vonden het al doodjammer toen wij zo ongeveer anderhalf jaar geleden vernamen dat Wolfmother er mee zou ophouden. Wij waren des te meer opgewekt toen er nieuwe berichten de ronde deden dat Stockdale gewoon een volledig nieuwe band had samengeraapt en onder de naam Wolfmother verder zou rocken.

Hier vanavond bleek dat de nieuwe jongens zowaar nog meer energie konden opwekken dan Stockdale’s voormalige kompanen. Vooral de bassist/keyboardspeler bleek een halve gek te zijn die zijn orgel zonder enig mededogen fel molesteerde. Bovendien was het afro kapsel van de man zowaar nog imposanter dan dat van Stockdale zelf wat diens rock’n’roll gehalte nog wat meer de hoogte injoeg. Een tweede gitarist hield zich iets meer gedeisd maar zorgde wel voor een sterke onderbouw van Stockdale’s wilde riffs en songs.
Wolfmother vloog er in met “Dimension”, de toon was gezet, het komend anderhalf uur zou het gaspedaal onophoudelijk ingedrukt blijven. Al vroeg in de set blies Stockdale er op fenomenale wijze twee van zijn prijsbeesten door, de geweldige kopstoten “New moon rising” en “Woman” (zie het als Wolfmother’s eigenste “Whole lotta love”) strak na elkaar. Even naar adem happen, was dat, maar neen, geen tijd daarvoor, Wolfmother stoomde onvermoeibaar verder.
Led Zeppelin en Black Sabbath hingen natuurlijk weer gans de avond in de lucht, maar ook de brute power van The White Stripes heeft Wolfmother niet ongemoeid gelaten, het explosieve en mega fantastiche “Apple tree” hiervan als levend bewijs. En dan die stem ! enkel Matthew Bellamy van Muse (nog zo een multitalent) kan met dergelijke hoge vocalen overeind blijven, een ander voorbeeld kennen we niet.
De gloeiend hete songs van ‘Cosmic Egg’ als “California Queen” (Sabbath meets Queens of the stone age), “Phoenix” en “In the castle” barstten van de power en stonden mooi te blinken naast de vroegere mokerslagen als “Colossal” en “White unicorn”.
In de zinderende finale ging het dak er helemaal af met “Vagabond” en het helse “Joker & the thief”, de absolute explosie, hoogtepunt der hoogtepunten.
Amai, mijn oren, wat een geweldige avond.

Setlist : Dimension – Cosmic Egg – California Queen – New moon rising – Woman – White unicorn – Colossal – Apple tree – White feather – Phoenix – 10.000 feet – Pilgrim – Back round – In the castle – Vagabond (bis) – Joker & the thief (bis)

Organisatie: Live Nation

Archive

Bezwerende muzikale Archivetrip

Geschreven door

Het uit Londen afkomstige Archive dompelde ons ruim twee uur lang onder in een ‘neverending’ bloedstollende, bezwerende filmische trip. Live klonk hun episch, etherisch, avontuurlijk geluid indrukwekkend. Losgerukt van de tijd overstelpten ritmisch, slepende melodieën, huiveringwekkende, sferische soundscapes, trippop, industriële beats, ‘70’s psychedelica en indierock. Archive, gecentraliseerd rond het duo Darius Keeler en Danny Griffith, is een unieke band die boeiende, broeierige werkstukken aflevert door de repeterende, opbouwende lagen gitaar, dreigende toetsen, pompende synths en strakke percussie onder een rapzang (Rosko John), een aparte zang die soms hemels is en hoog kan uithalen (door Dave Pen en Danny Griffiths zelf) en nog kan ondersteund worden door de soulfulle stem van Maria Q. Muzikaal komen ze hier het dichtst in de buurt van Massive Attack, Portishead, Tricky, Spacemen 3, Sigur Ros en Pink Floyd.

We waanden ons in een nieuw gecreëerde fatalistische wereld, een soort apocalyps met een day after gevoel. De set stond bijna volledig in het teken van de huidige twee ‘Controlling Crowds cd’s. Al van in de opener “Pills” stootten we op een ‘Lost Highway’ sfeertje: in de projecties zagen we door de koplampen van een auto enkel de onderbroken witte strepen van een niet verlichte weg. We hoorden een repetitieve basis van synths/piano die door de opbouwende drumpartijen en de krachtiger wordende gitaarlagen aanzwol. Ze zetten die lijn verder in het oudje “Sane” en het ijzig dromerige “Finding it so hard”. Na ruim een kwartier konden we even op adem komen met het sfeervolle hiptrippende “Rased to the ground”, zonder dat ze écht moesten inboeten aan hun muzikale identiteit.
Ze brachten voldoende variaties aan en behielden die spannende dreiging. “Collapse collide” kon op een Massive album staan door de heerlijke vrouwelijke vocals en de hemelse zang, er was het donkere hiptrippende “Bastarised ink” door de raps, en de bezwerende opbouw van “Kings of speed”.
Ze zweepten dan de sfeer op en grepen bij het nekvel: de verrassende wendingen op “Fuck you”, die door de krachtige instrumentatie een tandje bij kreeg en een groovy klinkende “Lines”, die kleur kreeg door de meerstemmige zang en raps. Ze waren de aanzet van een verbluffende finalereeks; de leden trokken “Blood in numbers”, “You make me feel”/ “Danger visit” en “Lights” open, verhoogden het tempo en freakten uit, wat zorgde voor breed uitwaaierende, soms (git) zwarte composities. En ze breidden er nog een ongelofelijke bis aan van ruim een half uur met o.a. broeierige versies van “Bullets”, “Pulse” en de titelsong van de huidige cd’s. Wat een apotheose!

Ondanks het feit dat “Veins” en “Sit back down” opgeborgen bleven, waren we sterk onder de indruk van de bezwerende muzikale Archivetrip. De band brengt een minimum aan singles uit, wordt weinig gedraaid, maar beschikt over een brede horde trouwe fans, die de band op handen draagt. En dat voelden ze zelf ook aan, want ook zij onthaalden érg warm hun fans …

Org: Agauchedelelune, Lille ism Le Manège, Maubeuge

Drugstore

Drugstore live at Dingwalls, Camden Town London

Geschreven door

Het Britse Drugstore onder de bevallige zangeres/bassiste Isabel Monteiro, van Braziliaanse origine, maar dag en dauw gehuisvest in Londen, gaf de vrouwenpop midden de jaren ’90 elan, in de voetsporen van bands als 4 Non Blondes, The Breeders, Kristin Hersh’s Throwing Muses, Belly, Echobelly en Hope Sandoval’s The Mazzy Star.
Ze boden melodieus broeierige, ingetogen en kwetsbare gitaarpop, die kleur kreeg door cello, toetsen en haar licht melancholische, overtuigende stem. De tweede cd ‘White magic for lovers’ had een handvol instant hits als “Sober, “Say hello”, “Song for Pessoa”, “The funeral” en het duet met thom yorke “El President”. In 2002 hield de band het voor bekeken, maar kijk, zeven jaar later was er de live reunion gig, waarbij bleek dat Monteiro de smaak zal te pakken hebben om in 2010 met nieuw materiaal op de proppen te komen.
We horen live songs van de drie cd’s en enkele opmerkelijke rarities en covers (waaronder Zeppelins “Communication breakdown”; besluiten doet de cd met enkele sober gespeelde nummers van de dame zelf, waaronder een paar nieuwe intieme songs. Turin Brakes kwam er ook nog bij om het feestje compleet te maken. Het wordt dus halsreikend uitkijken wat Drugstore 2010 zal betekenen …

Basement Jaxx

Scars

Geschreven door

Al van op de vorige cd ‘Crazy Itch Radio’ (2006) grijpt het excentrieke leuke Britse duo Ratcliffe/Buxton terug naar hun eerste platen ‘Remedy’ en ‘Roots’. Intussen brachten ze ook nog een compilatie uit. Het duo biedt op die manier meer ruimte aan de muzikale stijlen in hun trancegerichte latindancepop. Er is minder (tot geen) sprake (meer) van overvloedige cocktailstijlen in één song zoals op de ‘Kish Kash’ cd, wat betekent dat het avontuurlijke en de spitsvondigheid op het achterplan is geraakt. Maar we kunnen dit zien als een normale evolutie van elke band.
Centraal blijft natuurlijk de integratie van pop, dance, Brazil/latin, funk en soul, die warm, feestelijk, dansbaar en bovenal toegankelijk klinkt. We zijn fan van Basement Jaxx, want geen enkele dancegroep kan als hen die heerlijk hoekige en leuke ritmes, melodieën en stijlen diverse tempowisselingen en verrassende wendingen geven.
Niet te vergeten zijn de talrijke guestbijdrages. Op de opener en de titelsong “Scars” is er Kelis, op “Saga F” komt Santigold aandraven, “She’s no good” – Eli ‘Paperboy’ Reed, “Stay close” – Lisa Kekaula en Yoko Ono horen we zelfs, “Day of the sunflowers”. Talrijke artiesten hielpen mee, waaronder Sam Sparro (“Feelings go”) , Yo Majesty! (“Twerk”), Amp Fiddler (“A possibility”) en Lightspeed Champion (“My turn”). En we horen een opperbeste fuifstemming op “Raindrops”.
’Scars’: al veel gehoord, geen directe vernieuwing, en ondanks de lichte muzikale vermoeidheid van de heren, nog steeds fijn, gezellig, ontspannend en dansbaar. Ze blijven zich op hun manier onderscheiden.

Yeah Yeah Yeahs

It’s Blitz

Geschreven door

Het NY-se Yeah Yeah Yeahs, onder zangeres Karen O, debuteerde in 2003 met ‘Fever to tell’ Het waren snedige songs met een ‘80’s Siouxie Sioux tint, onder diverse tempowisselingen en Karen O’s krijsende en gillende zang. De band put uit de garage rock’n’ roll van The Cramps, Sleater-Kinney en Boss Hog, de arty ‘80’s Siouxie en Nina Hagen, de shoegaze van My Bloody Valentine/The Raveonettes en de ‘70’s hardrock van Joan Jett. Inderdaad, bepalend waren die schreeuwerige soms zuchtende zang van Karen O, de messcherpe gitaarlicks en de strakke drums.
De opvolger in 2006 ‘Show your bones’, klonk melodieuzer en verfijnder, doch behoudt een spannende, broeierige opbouw. Karen O zingt overtuigender en haar gilzang klinkt nergens overdreven, wat meer finesse gaf. Yeah Yeah Yeahs verwerkten op de tweede cd meer ‘90’s invloeden tav ‘80’s wave invloeden.
En dan is er die derde ‘It’s Blitz’. Synths verdringen de gitaren, maar ze worden niet overboord gehoord. Het is een nieuw element, waarvan het trio gretig gebruik maakte. Het biedt – vooral in het tweede deel van de cd - openheid naar een breder, sfeervoller en meer gepolijst geluid, dat wat meer dromerig en meer bombast kan omvatten, waaronder “Runaway”, “Dragon queen” (met hulp van co-producer Dave Sitek van TV On The Radio), “Hysteric” en “Little shadow”.
Maar de fans van het eerste uur moeten niet treuren: “Zero”, “Skeletons”, “Dull life”, “Shame and fortune” (wat een basstune!) en vooral “Heads will roll” ( in de A-trix remix écht dansbaar geworden!) hebben de typische intens donkere en broeierige spanning, dreiging en groove en zijn opwindende, stuiterende waverockers.
In z’n geheel bekeken is er minder sprake van gekte en scherpe randjes en overtuigt de cd net voldoende. De Yeah Yeah Yeahs konden niet anders dan richting electropop gaan …

Alice In Chains

Black gives way to blue

Geschreven door

Alice In Chains was één van de smaakmakers van de Seattle grunge, in één adem genoemd met Nirvana, Stone Temple Pilots, Screaming Trees, Soundgarden en Mudhoney … alleen Alice In Chains klonk donkerder en dreigender binnen deze vernieuwende stijl van eind de jaren ’80. ‘Dirt’ uit ’92 was de ultieme plaat van de heren en met “Would” scoorden ze een tijdloze song. Spil waren gitarist Jerry Cantrell en zanger Layne Staley, maar de roesmiddelen werden Staley teveel en betekenden zeven jaar geleden z’n dood!
De band heeft met de nieuwe zanger William DuVall een prima opvolger. Alice In Chains rockt als vanouds op ‘Black gives way to blue’: intens bedreven, broeierig, stuwend en snedig, met een donker dreigende ondertoon, een catchy melodie, slepende ritmes en zware, vette grooves. De eerste drie songs van de cd, “All secrets known”, “Check my brain” en “Lost of my kind” slaan meteen de brug met vroeger. Ze laten ruimte voor sfeervoller en semi- akoestisch werk op “Your decision”, “When the sun rose again” en de afsluitende titelsong, een ware pianoballad … om dan bikkelhard terug te slaan met hun typisch eigen unieke sound op “Lesson learned”, “Take her out” en “Private hell”. “Acid bubble” komt trager op gang maar heeft een krachtiger tussenstuk.
Op de plaat hoor je ongetwijfeld de retro van Black Sabbath, Led Zeppelin en AC DC en de cd vormt een logisch vervolg op hun verleden dat abrupt stopte midden de nineties …Welcome back!

Panda Bear

Panda Bear vergeet te klauwen

Geschreven door

Het zal wellicht aan het succes van Animal Collective’s vorig jaar verschenen, sublieme “Merriweather Post Pavilion” gelegen hebben dat De Kreun die avond aardig volgelopen was met een jong, ‘arty’ publiek dat qua hipheid de gemiddelde Kortrijkzaan ver overtrof.
Want wie Animal Collective zegt, denkt ook aan oprichter en bezieler Noah Lennox, die met zijn solo project ‘Panda Bear’ in 2007 op ‘Person Pitch’ al de kiem legde voor de muzikale richting die het beestengezelschap twee jaar later zou inslaan: een heerlijke mengeling van Beach Boys vocalen en verslavende melodieën waarvan het moeilijk afkicken is.

Half verborgen achter een berg elektronische apparatuur liet Panda Bear als een soort muzikale opperpriester een uur lang zijn langgerekte en veelgelaagde zangpartijen in de Kreun weergalmen.
Het eerste nummer in de set maakte meteen duidelijk: deze stoïcijnse jongeman koestert geen enkele ambitie om aan te zetten tot uitbundig dansen, wél om het publiek onder te dompelen in één langgerekte psychedelische trip die het gebruik van roesmiddelen overbodig maakt.
Voor zover dat nog nodig was leverden ook de afwezigheid van pauzes tussen de nummers door en de knappe beeldprojecties van afwisselend kleurenexplosies en nostalgische familiefilmpjes een sfeervolle bijdrage.
Maar niet iedereen in de zaal liet zich onvoorwaardelijk tot volgeling bekeren.
Sowieso maakt Panda Bear niet de meest ‘gemakkelijke’ muziek die zich luchtig op de radio laat consumeren. Bovendien vertikte hij het om ook maar één nummer uit zijn meesterwerk ‘Person Pitch’ live te brengen.
Nu, Noah Lennox lijkt ons niet het soort artiest die erop kickt om zijn ‘hits’ los te laten op het grote publiek. Artistieke vrijheid en eigenzinnigheid zijn altijd al de handelsmerken geweest van Panda Bear én Animal Collective en ook tijdens het concert spatte de vernieuwingsdrang van de nummers uit het nog te verschijnen nieuwe album. Wat ons betreft zat er alleszins meer dan genoeg straf spul tussen om onze beurs binnenkort opnieuw wat lichter te maken. Wel jammer dat de geluidsmix te ondermaats was om de subtiele, experimentele geluidsarrangementen ten volle te laten ontbloeien.
Erger nog was dat de steriele eenmansbezetting ervoor zorgde dat er naar het einde toe onvermijdelijk wat verveling sloop in de set. Een fenomeen waar trouwens alle ‘laptop artiesten’ hardnekkig mee te kampen hebben.

We zaten ons daarom meermaals af te vragen hoe deze nieuwe nummers zouden klinken indien ze vroeger live gespeeld werden met de voltallige bezetting van pakweg The Beatles, ook zo een groepje dat experiment en psychedelica hoog in het vaandel voerde. Meer dan waarschijnlijk zat er dan nu nóg een meesterwerk in hun recent verschenen geremasterde jubileumbox.

Organisatie: Kreun, Kortrijk

Depeche Mode

Depeche Mode – Zowel vlakke als steile passages in de Tour Of The Universe

Geschreven door

De Britse groep Depeche Mode kan inmiddels terugblikken op een dertigjarige carrière en is en blijft een buitenbeentje. Ooit begonnen als een in ogen van velen gewone synthpopformatie, staat de teller van het aantal verkochte albums op meer dan 75 miljoen en vullen ze heden ten dage nog steeds met groot gemak de grootste zalen en stadions. Zonder twijfel mag gesteld worden dat het hierbij een van de meest succesrijke elektronische bands ooit betreft die tevens een bijzonder grote invloed uitgeoefend heeft op het muzieklandschap.

En toch verliep de tocht naar de top niet zonder slag of stoot. Nauwelijks een jaar na de oprichting hield liedjesschrijver Vince Clarke het voor bekeken. Depeche Mode had in eigen land net een eerste top 10 notering gescoord met het nummer “Just Can’t Get Enough”, maar compleet in tegenstelling tot de titel van het nummer doet vermoeden, besloot Clarke andere oorden op te zoeken om eerst met Alison Moyet Yazoo op te richten en nadien  samen met Andy Bell als Erasure door het leven te gaan.
Er werd gevreesd voor het einde van de groep maar Martin L. Gore werd de nieuwe componist en met succes: onder meer “See You”, “Everything Counts”, “People Are People” en “Master And Servant” werden de daaropvolgende jaren stuk voor stuk hits. In navolging hiervan stonden ze in 1985 te prijken op de affiche van Torhout-Werchter en bleven daar niet onopgemerkt. Niet zozeer in de eerste plaats omwille van de muzikale prestaties maar wel omdat ze hét gespreksonderwerp waren. Op vele fronten werden ze door rockliefhebbers uitgejouwd vanuit het idee dat een plastische, op synthesizers en drumcomputers berustende groep op ‘hun’ festival niks te zoeken had. De vermenging van rock- en dansmuziek was in de 80’s namelijk niet aan de orde.
Het geluid van Depeche Mode werd daarna volwassener. Met ‘Black Celebration’ (1986) werd een uitstekend, donker getint album gemaakt maar de singles vertaalden zich niet in enig commerciële succes.
Ook dit liet de groep niet aan hun hart komen en met ‘Music For The Masses’ (1987), ‘Violator’ (1990) en ‘Songs Of Faith And Devotion’ (1993) pakten ze  uit met drie bijzonder goed onthaalde albums op een rij. De muzikale horizonten werden verruimd en elektrische gitaren, echte drumpartijen en overige instrumenten traden meer en meer op het voorplan.
Maar de roem begon zijn tol en bijhorende slachtoffers te eisen. Alan Wilder – die indertijd Clarke verving – verliet de groep. Gahan kreeg een echtscheiding te verwerken en verloor zichzelf in een hevige heroïneverslaving die uitmondde in een bijna fatale overdosis op een hotelkamer en een zelfmoordpoging. Studio-opnamen werden tot een hel herleid. Maar Gahan en de groep krabbelden overeind en schreven de problemen van zich af met het sterke album ‘Ultra’ (1997).
Het daaropvolgende ‘Exciter’ (2001) was wisselvallig (en ook de groep worstelt met dat idee want live wordt de plaat tegenwoordig integraal links gelaten) maar met ‘Playing The Angel’ (2005) bestendigde Depeche Mode hun bestaansrecht en waarde. Ze schopten het zelfs tot hoofdact op Rock Werchter waarmee ze hun ‘revanche’ beet hadden.
Vorig jaar verscheen dan hun 12de studioalbum ‘Sounds Of The Universe’ en er werd vol vertrouwen aangekondigd dat er uitgebreid getoerd zou worden. Maar nauwelijks was de ‘Tour of The Universe’ op gang getrokken of er dienden enkele shows geannuleerd te worden nadat bij Gahan een tumor in de blaas moest verwijderd worden. Hij werd met succes geopereerd en de concertenreeks kon terug aangevat worden (met onder meer een passage op Werchter Classic).

Tijdens de huidige tournee worden Gahan, Gore en Andrew Fletcher op het podium bijgestaan door de Oostenrijkse drummer Christian Eigner (die sinds ‘Ultra’ de rangen versterkt) en toetsenist Peter Gordeno (de opvolger van Alan Wilder).
Dat Depeche Mode er nog steeds staat, is niet enkel te wijten aan hun grote weerbaarheid maar ook aan hun vermogen om muzikaal emotie en menselijkheid aan machines te koppelen en hierdoor wereldwijd een groot netwerk van aanspreekpunten uit te bouwen.
Afgelopen zondag was de groep present in een reeds maanden uitverkocht Stade Couvert Régional in het Franse Liévin waar ze mochten aantreden voor ruim 11.000 dolenthousiaste toeschouwers.
Nadat Gahan met een diepe buiging het publiek begroette, kwamen er meteen drie nummers van het nieuwe album aan bod, zijnde “In Chains”, de single “Wrong”en “Hole To Feed”. Allen klonken ze bijzonder donker en vooral “In Chains” werd voorzien van een stevige drumpartij waarbij de groep als het ware nog maar eens wou onderstrepen dat ze intussen veel meer zijn dat het elektronische wave bandje van weleer. Het moet gezegd zijn, de nummers klonken live gedegen maar waren niet van aard om te beklijven. Met uitzondering van ‘Miles Away / The Truth Is’ waren het overige de enige stukken die uit ‘Sounds Of The Universe’ geplukt werden.
Voor het overige werd er gegrossierd in het verleden. “Walking In My Shoes” (uit ‘Songs Of Faith And Devotion’) kreeg een stevige intro mee, “It’s No Good” (‘Ultra’) werd voorzien van mooie combinatie tussen gitaar en synthesizer en dit gold ook voor “Precious” (‘Playing The Angel’). Visueel knap daarbij was dat de grote, centraal opgehangen bol dienst deed als een typemachine en de getikte woorden geprojecteerd werden op de beeldschermen achteraan het podium.
Gahan ontpopte zich als vanouds tot een rasechte performer, de toeschouwers opjuttend, zwaaiend met de handen en jonglerend met de microfoonstandaard op een wijze waarop Freddy Mercury zaliger een patent had. Tijdens het vertimmerde “A Question Of Time” (‘Black Celebration’) draaide hij daarbij ook nog eens herhaaldelijk om zijn as, terwijl hij zich bij “World In My Eyes” (‘Violator’) begaf op de voorziene loopbrug. Tijdens dit nummer bespeelde Gore, getooid in een blinkend zilveren jasje, overigens een zeldzame keer synthesizer. Voor het overige was hij bovenal aan de slag met de gitaar.
De hoogtepunten situeerden zich op het einde van het eerste deel van de set. De intussen tot klassiekers uigegroeide “Policy Of Truth” en “Enjoy The Silence” (allebei uit ‘Violator’) waren bijzonder straf. Laatstgenoemde blonk uit door de symbiose tussen enerzijds de bariton stem van Gahan en de veel zachtere klanken van Gore en anderzijds een treffende gitaarrif en zachtjes tokkelende synthesizergeluiden die zich gaandeweg transformeerden in een pompende technobeat. Op de projecties zweefden Gahan, Gore en Fletcher rond in ruimtepakken.
Ook bij “Never Let Me Down Again” (‘Music For The Masses’) werd het tempo opgedreven aan de hand van een beat die ons deed denken aan die andere 80’s hit “Los Niños Del Parque” van Liaisons Dangereuses.
Hét piekmoment was ongetwijfeld het bijzonder bezielde “I Feel You” (Songs Of Faith And Devotion’) waarbij opnieuw Gore de vocalen van Gahan aanvulde en een strakke gitaarpartij zich op dezelfde geluidsgolven voortbewoog als de overheersende drumpartijen van Eigner, vervolledigd door beats.
Ook “Insight” en “Home” (beiden uit ‘Ultra’) mogen tot de categorie der hoogtepunten gerekend worden. Beide nummers werden gezongen door Gore die louter begeleid werd door het zachte pianospel van Gordeno. Vooral “Home” dat tot volle naaktheid werd gereduceerd, was prachtig in alle eenvoud en bracht de zaal tot algemene stilte. Het publiek trakteerde Gore na afloop met een bijzonder uitbundig applaus en bleef het refrein meezingen, zelfs als de overige groepsleden het podium betraden. Daarop werd spontaan geanticipeerd door zacht tromgeroffel en een streepje synthesizer. “Very Nice, Very Nice” riep Gahan en dat was het inderdaad ook.

Als toegiften kwamen aan bod: “One Caress” (‘Songs Of Faith And Devotion’), “Stripped” (‘Black Celebration’) en “Behind The Wheel” (‘Music For The Masses’). Met het onvermijdelijke “Personal Jesus” - dat we Depeche Mode al beter hebben zien doen – kwam na iets minder dan twee uur een einde aan een show met enkele vlakkere, duidelijk zeer (lees: te) goed ingestudeerde momenten maar die evenzeer diverse hoogtepunten bevatte.

In ieder geval blijkt Depeche Mode ook na drie decennia live nog steeds inventieve muziek voor de massa te kunnen brengen.

Komende zaterdag staat de groep in een uitverkocht Antwerps Sportpaleis.
Setlist: In Chain, Wrong, Hole To Feed, Walking In My Shoes, It's No Good, A Question Of Time, Precious, World In My Eyes, Insight, Home, Miles Away/The Truth Is, Policy Of Truth, In Your Room, I Feel You, Enjoy The Silence, Never Let Me Down Again
Bis:
One Caress, Stripped, Behind The Wheel, Personal Jesus

Neem een kijkje naar de pics

Organisatie:
France Leduc Productions, Lille

Buena Vista Social Club

Live from Buena Vista - The Havana Lounge

Geschreven door

Toen Wim Wenders en Ry Cooder eind jaren negentig de Buena Vista Social Club aan de wereld presenteerden, had niemand kunnen vermoeden dat dit stel bejaarde muzikanten erin zou slagen om de Cubaanse Son, de Bolero, de Guajira of zelfs de Cha-cha-cha opnieuw hip te maken.
De helden van het Cubaanse levenslied brachten op 16 januari 2010 nog eenmaal de ‘son’ naar de AB, zonovergoten net als drie jaar …

Neem gerust een kijkje naar de pics Buena Vista - The Havana Lounge
Review op site fr

Organisatie: Greenhousetalent, Gent

Eva De Roovere

Eva De Roovere & Band geeft de Nederlandstalige luistersong elan

Geschreven door

Eva De Roovere gaf haar solocarrière onverwachts een push toen ze “Fantastig toch (slaap lekker)” herwerkte met de Nederlandse rapper Diggy Dex. Het zorgde ervoor dat haar Nederlandstalige pop ‘hot’ was en ze bereikte een breder publiek.
Ze onderstreepte haar vocaal talent al bij de folkpop van Kadril en verleende haar medewerking in talrijke projecten. Het songschrijven beviel haar wel en ze slaagde in het schrijven en spelen van aantrekkelijke en serieuze emotievolle pop. Ze groeide uit tot een zelfverzekerde zangeres, die enthousiast werd onthaald met haar debuut ‘De jager’ in 2006. In haar sound zaten sensualiteit en nostalgie verborgen, gedragen door haar licht melancholische stem. Ook haar tweede plaat ‘Over & Weer’ gaf het juiste gevoel weer hoe een Nederlandstalige luistersong moest klinken. Een terechte en verdiende erkenning!

In een uitverkochte Handelsbeurs speelde ze met haar standvastige band een afwisselende set van verschillende stemmingen in een warme gloed van ingetogen, sfeervol werk en broeierige poprock. Toetsen en piano gaven kleur. De eerste songs “De koning” en de titelsong van de huidige cd klonken uiterst sober door de minimale begeleiding van piano en toetsen, een gevoelige contrabassnaar en een vervlogen blazertune. “Mis je meer & meer” en “Dertien” waren uiterst genietbaar en riepen sprookjesbeelden op. Een volle instrumentatie hoorden we op “Ingebeelde vriend”, “Anoniem” en “Mijn ogen toe”. “In bruikleen”, die vroeg in de set was geplaatst en “Orpheus”, die op het eind werd gespeeld, klonken krachtiger en kregen een tof neuriënd meezingrefreintje mee. Handclaps en vingerknips ondersteunden de songs. Best leuk waren haar inleidende verhaaltjes. Op die manier betrok ze handig het publiek. De factor emotionaliteit werd hoog gehouden met de sfeervolle “Lisa”, “Zomer in Brussel” en “Als het meezit”. Een ijselijke stilte heerste op het intieme “De Jordaan” en “Dankuwel meneer”. Sinead O’Connors aangrijpende “Black boys on mopeds” doopte ze om tot “Jongens op brommers”; binnen deze gevoelssfeer vormde dit nummer een hoogtepunt. In dezelfde lijn was er het broos gebrachte “Net zoals in dat ene liedje”, die de set besloot. Tussenin hoorden we nog een zwierige versie – vooral door de Hammond - van een zowel in het Nederlands als Frans gezongen “Fantastig toch”.
Twee maal keerde ze terug met haar band; eerst hadden we een sobere versie van “De jager” (met twee!), vervolgens een acapella gehouden “Om mee te slapen ” bepaald door vingerknips en tot slot kon een reprise van “Fantastig toch” niet ontbreken. Iedereen veerde recht en klapte mee om het nummer elan te geven.

Een goed op elkaar afgestemde band en het muzikale talent van Eva droegen de lichtvoetige, fijn gearrangeerde Nederlandstalige pop een warm hart toe. Haar clubtournee zit dus duidelijk in de goede richting…

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Pagina 442 van 495