logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

Marco Borsato

Marco Borsato - Draaiboek van Marco’s oeuvre

Geschreven door

Marco Borsato - Draaiboek van Marco’s oeuvre
Marco Borsato
Sportpaleis
Antwerpen
2018-05-16
Gerrit Van de Vijver

Gedurfd. Waar Marco in Nederland voor clubs en zalen kiest, gaat hij in zijn 2e ‘Thuis’-land ineens voor het Sportpaleis. En terecht, want hier is Marco nog steeds ongezien populair, of heeft ie toch tenminste een grote schare vaste fans. De liefde voor elkaar is onvoorwaardelijk, dat bewees ie met een gepersonaliseerde blazer met Antwerpen er op gestikt, en de fans kregen er veel voor terug.
Ja, een rugzak vol heeft Marco ondertussen wel. Stemproblemen, een faillissement, een beroerte…. Verwerk het maar allemaal. En dat kan hij als geen ander met de steun van familie en gezin. La Mama was aanwezig, zelfs met een gebroken schouder.

Mensen die zware dingen te verwerken krijgen, worden ineens, sensitiever, positiever en staan anders in het leven. Nu, dat was Marco al, maar het is alsof hij ‘gereboot’ is. Alsof hij zichzelf heeft ‘heruitgevonden’. Een soort Borsato 2.0 .Nieuwe energie gevonden en een doorstart heeft genomen. En hij wordt meer en meer Belg. Weg met de zuinige Nederlandse mentaliteit, investeren! En dat was er aan te zien in deze ‘Thuis’ show. Kosten nog moeite werden gespaard. Het team achter Marco Borsato moet alvast goede scouts hebben, want je zag elementen die ook de grote groepen hanteren. Overal in het dak van het Sportpaleis waren led-staven aangebracht, een enorme LED-wall, vuurkanonnen waar de Editors regelmatig gebruik van maken , CO2-blazers, een ophangbrug dienende als projectiescherm, en video’s afgespeeld op een kooi. Een beetje hetzelfde effect als Adèle haar show hier, maar zij deed het met fijn gaas, wat iets beter uitpakte.
Het concept was heel pienter, simpel en artistiek heel mooi uitgewerkt. Op de LED-wall werden nu en dan beelden van de voorbije 27 jaar getoond, samen met de reeds gespeelde liedjes. Telkens een soort resumé. Erg handig. Ook de intro was clever in elkaar gestoken. Je zag een overzicht van vele concertfoto’s alsook de voorstelling van de volledige band. Erg handig, zo moet je niet steeds de show onderbreken om iedereen voor te stellen. Het is nog veel te vroeg uiteraard, maar ik had de indruk dat Marco een soort terugblik op z’n hele oeuvre wilde tonen. Even stilstaan wat hij tot nu toe al gerealiseerd heeft en dat zag je ook aan z’n setlist. Heel divers, van het prille begin tot de megahits , tot zelfs onbekend.
Aangepast aan het verkeersinfarct, begon de show 25 minuten later. Heel attent, alhoewel blijkbaar niet door iedereen geaccepteerd. Marco nam een rustige start met “Thuis”, “Wat doe je met me” en “ Wakker”. Daarna verklaarde hij nog eens z’n liefde voor Vlaanderen, het Thuis-gevoel, en dat hij gaat supporteren voor onze nationale voetbalploeg, nu Nederland en Italië toch niet gekwalificeerd zijn
Met “Het water” warmde hij z’n stem nog wat op om dan vol door te gaan met “De waarheid”, “ De bestemming” en “ Vrij zijn”. Marco’s bindteksten zijn altijd goed, samenhangend en inhoudsvol, en dat bewees hij met de inleiding van het liedje “Dochters”. Ook hier alweer refererend naar de sterke familieband. Gevolgd door “Branden aan de zon”, begeleid met passende vuurkanonnen.
Marco stelt regelmatig onbekend talent voor, en deze keer niet anders. Elske DeWall bracht ons “ Heb het leven lief”, een versie van “Savoir aimer” van Florent Pagny. Beeldig mooi. “Wit licht” werd wel erg letterlijk genomen, want het werd soms oogverblindend wit. “Als rennen geen zin meer heeft “ was dan de opwarmer voor De retro-hit “ Dromen zijn bedrog”.
Omdat hij het contact met iedereen in het publiek wilde onderhouden, ‘schreed’ hij als het ware door de lucht, van het ene grote podium, naar een kleiner, geïmproviseerd podium aan de andere kant van de zaal. “Omdat dit deel altijd zo ver weg is van me, wilde ik ze toch even betrekken bij de show.” SCOREN, heet dat. Ondertussen de hit “Zij” ten berde brengend. Leuke anekdote over Kim Clijsters : zij bracht hem hier naartoe door haar tennismatchen, en hij apprecieerde het enorm dat zij hier nu ook voor hem was. Alsook Valerie De Booser. Beetje zelfde verhaal, maar dan met Koen Wauters. Op het kleine podium bracht hij “ Een beetje tijd”. “Lentesneeuw” werd omgetoverd in confetti-sneeuw, want tijdens de terugtocht naar het grote podium kwamen deze met bakken uit de lucht.
Na de dochter kwam nu de zoon even ter sprake, en met hem één van z’n favoriete zangers. Marco had namelijk Nico & Vinz uitgenodigd. Alweer een bewijs van de sterke familieband. Zij brachten het bekende “ Am i wrong” en “ Listen”.
Dat er heel goed nagedacht is over decor, belichting enz. bewijst de opstelling tijdens “Mooi”. Marco ging voor een soort ophangbrug zitten, en in symbiose met de belichting vormde dit een heel ‘mooi’ stukje theater. Maar het kon nog specialer. Net zoals Adéle hier deed, maar dan met gaas, ging Marco onder een kooi postvatten, met daarop beelden geprojecteerd. Heel artistiek.
“Nooit meer een morgen” en “Wat zou je doen” ( waar Sandra Marco soms wegblies met haar rap ) , vormden de inleiding tot het stevige slot met “ Ik leef niet meer voor jou” en “Rood”. Mooi ingeleid met een knipoog naar de staking van de Lijn. ( het signaal staat op …. )
De encore werd terug ingezet op het kleinere podium achteraan de zaal met “Afscheid nemen bestaat niet”, ondertussen ‘surfend op de stemmenzee , terug naar het hoofdpodium. Daar werd nog “Binnen” en het integere “Breng jij me naar huis” gebracht.

Het is duidelijk. Marco Borsato is helemaal terug van eigenlijk nooit weggeweest. Met een superteam en een heel close familie vindt ie toch weer z’n weg terug, ziet hij weer het licht. En je ziet het aan alles. Hij leeft, hij straalt en geniet op het podium. Ik ben er zeker van dat Marco denkt : Ik MOET niet optreden, maar ik MAG optreden. En zo hoort het. Een fijn ‘THUIS’ komen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/marco-borsato-16-05-2018/
Organisatie: Live Nation

A Perfect Circle

Eat The Elephant

Geschreven door

Het is nu al jaren dat wij vol ongeduld zitten te wachten op nieuw werk van het weergaloze Tool. Op heden is de band op tournee door de USA, ze leven dus nog, maar wij moeten het hier voorlopig stellen met vage of valse geruchten. Of, zoals recent nog, met enkele stuiptrekkingen van frontman Maynard James Keenan, meer bepaald diens hobbyclubje Puscifer, het elektro uitstapje waar wij onze pap echt niet kunnen mee koelen.
Nu tracht men ons te paaien met nieuw werk van A Perfect Circle, dat andere zijprojectje van Keenan dat ondertussen ook al 15 jaar in de diepvries heeft gezeten. Het is alweer een doekje tegen het bloeden.
Destijds werd A Perfect Circle in het leven geroepen als een soort spin-off van Tool, het was het nieuwe speeltje van Maynard James Keenan en Billy Howerdel. De platen ‘Mer de Noms’ en ‘Thirteenth Step’ hadden ongetwijfeld hun sterktes, maar toch hadden wij altijd de indruk dat A Perfect Circle een soort Tool-light was, het kleine en brave broertje dat altijd in veiligheid gebracht werd éénmaal de grote jongens echt het gevaar gingen opzoeken.
Ook met ‘Eat The Elephant’ stoten we op een netjes geproducete plaat met fraaie prog-rock en enkele knappe songs, maar we missen de kwaadheid, het hellevuur en de brute kracht van de grote broer.
Maynard James Keenan houdt zijn demonen te sterk onder controle en staat overal vrij clean te zingen. Hij wordt nergens echt kwaad, en dat is jammer. Ook de band (met o.a. voormalig Smashing Pumpkins gitartist James Iha in de rangen) speelt hier meer dan voortreffelijk maar doet dat overal wel heel keurig binnen de lijntjes. We onthouden desondanks toch een stel fijne songs die het bestaansrecht van A Perfect Circle in ere houden, zoals “Disillusioned”, “The Doomed” en “Hourglass”, maar we zijn niet overdonderd.

Als er één ding is die deze ‘Eat The Elephant’ bij ons teweegbrengt, dan is het dat onze honger naar een nieuwe Tool terug wat meer is aangewakkerd, en het was al niet meer te houden.
A Perfect Circle staat trouwens op Graspop en in december zelfs in de Lotto Arena. Van Tool geen spoor.

Arctic Monkeys

Tranquility Base Hotel & Casino

Geschreven door

Alex Turner heeft vanuit zijn nieuwe stekje in het zonnige LA een soloplaat gemaakt. Voor alle zekerheid heeft hij er toch maar de groepsnaam Arctic Monkeys onder gezet. Verkoopt beter.
Bent u liefhebber van de extatische en opwindende indierock van die eerste twee Monkeys platen ? Sorry, U bent er helemaal aan voor de moeite.
Houdt van Turners zijprojectje The Last Shadow Puppets ? Dan kan u hier misschien wel iets mee aanvangen, hoewel er in dat hobbyclubje van Turner en Miles Kane toch heel wat meer dynamiek zat.
Turner slaat nu aan het croonen, zit met zijn kop in dromenland en waant zich regelmatig in de cinema. Referenties zijn deze keer Barry Adamson, Richard Hawley, Curtis Mayfield, Burt Bacharach en David Bowie. Op zich allemaal indrukwekkende namen, daar niet van, het probleem is echter dat Turner in de meeste gevallen niet tot aan hun enkels reikt. Zijn band redt het ook niet, die zijn trouwens gedegradeerd tot sessiemuzikanten die alles braafjes mogen inspelen. Als schoothondjes volgen ze blindelings hun baasje richting nieuwe bestemmingen, en dat zijn heel dikwijls doodlopende straatjes. Heel de plaat kabbelt zo verder op Turners luilekkertempo zonder dat er ook maar iets spannends gebeurt, het lijkt wel hangmatmuziek. De titel is in ieder geval goed gekozen, dit is muziek bestemd voor de hotellounge, rock’n’roll gehalte 0%.
Wij waren ook al geen fan van het zwaar overschatte ‘AM’, maar daarop stonden tenminste nog een paar tracks waarin enige opwinding sluimerde. Deze keer is elke vorm van commotie volledig in de kiem gesmoord.
Laat ons hopen dat de plaat niet al te zeer in de spotlights komt te staan op de aanstormende zomerconcerten. De songs van ‘Tranquility Base Hotel & Casino’ zal u op Rock Werchter of op Best Kept Secret makkelijk van de rest kunnen onderscheiden, het zijn deze die telkenmale de vaart uit de set halen.

Wijsneuzen noemen dit album een verrassende en moedige stap, andere betweters vinden het een fantastische zet van een band die evolueert en vernieuwt. Voorlopig durft bijna niemand het aan om dit een ronduit zwak en futloos album te noemen. Want ja, dit zijn immers de ongenaakbare Arctic Monkeys, dit kan toch niet anders dan goed zijn ?
Wat in dergelijke dubieuze gevallen ook altijd een dooddoener is : ’t is een groeiplaat.
My ass, groeiplaat. In ons biotoop zal dit onding nooit groeien. Stof vergaren, dat wel.
Kutplaat.

Nova Flares

Nova Flares

Geschreven door

Nova Flares is het eenmansproject van de Amerikaan Jason Wagers. Hij speelt alle instrumenten: gitaar, bas en drum en heel af en toe neuriet hij een beetje. Onder de bandnaam Nova Flares is de gelijknamige EP de eerste worp en die is meteen goed voor een nieuw genre in de popmuziek: surfgaze of de combinatie van surfrock en shoegaze. Het onbeschaamd vrolijke en zonnige van de Beach Boys en het zweverige van de Jesus And Mary Chain? Niet echt. Met surf of Beach Boys heeft dit weinig te maken, zelfs de voor surf klassieke reverb en twang ontbreekt grotendeels. Wel is dit vrolijke, dromerige slackerpop die wel aan dromerige stranden doet denken. Eerder de spirit van de vroege surfrock, dus. Om het te vertalen naar Belgische referenties denk je best aan een driehoeksverhouding tussen Seagulls, Beech en Danny Blue & The Old Socks.

Behalve slacker zit er ook nog wat psychedelica in de saus van Nova Flares. Wat hij wel met surfrock gemeen heeft, is dat Wagers er makkelijk in slaagt om een instrumentale track toch spannend te maken. Er zijn van de songs die je bijna onbewust meenemen op hun trip. Eenvoudige (instrumentale) oorwurmen als “Summer Colors en “Careless Carres” kunnen dat, bij het complexere “Gut Splinter” lukt het wat minder. “Krokodil Tears” is heel mysterieus, een beetje David Lynch-achtig zelfs, en bijna instrumentaal, met enkel wat geneurie of ‘gehum’ op het einde.

“Ghost Only Whishes” is het enige echte surfrock-nummer op deze EP, maar hier ontbreekt wel de shoegaze. Een beetje jammer dat Wagers de lijn van zijn surfgaze op dit ene nummer niet aangehouden heeft.

Onthou surfgaze. Onthou Nova Flares. Download deze EP als soundtrack voor als je de komende maanden op een snikhete dag, onder een loden zon, ergens vaststaat in de file. Na twee nummers van Nova Flares zal de wereld er al een stuk beter uitzien.

https://novaflares.bandcamp.com/

 

Ash Code

Perspektive

Geschreven door

‘Perspektive’ is het derde album van deze Italiaanse darkwave band. Het bevat 11 tracks die gemixt werden door Doruk Ozturkcan (She Past Away). Ahs Code heeft trouwens al eens een remix van een She Past Away nummer gedaan in het verleden. Daarnaast staan er nog zes remixes op waaronder één van Hante, Agent Side Grinder en She Pleasures Herself.

Dit album is terug pure dark wave zoals we die kennen van een band als Clan of Xymox. Een nieuwigheid is dat de titeltrack in het Duits is gezongen. De rest is in het Engels. Het trio weet met de elektro en de zes stringbas terug melancholisch en wat koud klinkende songs neer te zetten. Single “Icy Cold” is catchy als hell en is vrij dansbaar. Opener “Glow” vind ik als song nog iets sterker en donkerder. De titeltrack is dus in het Duits. Ergens hoor je wel dat dit niet hun moedertaal is en dat is jammer.

De zet om ‘Perspektive’ in het Duits te brengen kan ik wel begrijpen. Het is, inzake dit genre, nu eenmaal de grootste markt van Europa. Dus als ze daar een voetje willen binnen krijgen… We horen doorheen de songs mooie synthsounds klinken. De nummers zijn goed uitgewerkt. We krijgen terug teksten met een blik op een dystopische toekomst en wereld. Niet echt vrolijk allemaal maar het past uitstekend bij de muziek.

‘Perspektive’ is een goed en evenwichtig darkwave album geworden. Catchy maar met de nodige weerhaakjes in de elektro om het boeiend te houden.

Ash Code kan terecht fier zijn op hun nieuwe boreling.   

 

77

Bright Gloom

Geschreven door

’77 heeft zijn naam ontleend aan het jaar waarin AC/DC zijn ‘Let There Be Rock’ uitbracht. De band werd in 2006 ook opgericht als hommage aan dat album en die sound. Niet zo verwonderlijk dus dat we mogen verwachten dat de muziek van ’77 zwaar door AC/DC beïnvloed is. Hun eerste album klonk dan ook als een doorslag hiervan. Ook de zanger klonk op “High Decibels” als Bonn Scott.

Op hun nieuwste album (hun vijfde reeds) zijn ze wel iets geëvolueerd in hun sound en hebben ze ook wat accenten van andere bands uit die periode in hun muziek gestopt. Het enige verschil tegenover de vorige release is dat het album in zijn geheel iets donkerder klinkt. Voor de rest krijgen we hier 11 harde rocksongs met invloeden van bands zoals AC/DC, Black Sabbath, Thin Lizzy, Ted Nugent en dergelijke meer. Voor de uitdieping van de grooves hebben ze de originele bassist Dani Martin terug gehaald.

Vernieuwend klinkt ‘Bright Gloom’ niet en dat is ook niet eens het opzet van de band. Ze willen de sfeer en de sound van de seventies rock weergeven. Iets waarin ze goed geslaagd zijn. Het enige dat ik mij wel afvraag is wie hier zit op te wachten als je ook naar de originelen kan teruggrijpen? Los daarvan staat het album wel als een huis met goed geproduceerde songs.

Wie niet genoeg krijgt van de hardrock uit de jaren 70 en nieuw materiaal wil horen zal aan dit album een lekkere kluif hebben.

 

Giotopia

A Fantasy Tale On Music - Part I

Geschreven door

Gio Smet heeft een metalopera klaar. Als Giotopia bracht hij zonet het album ‘A Fantasy Tale On Music - Part I’ uit. Het conceptalbum vertelt verhalen over krijgers, demonen, tovenaars, elfjes en heksen. Helemaal iets voor de liefhebbers van fantasy. Afgaand op de titel komt er dus bijna zeker nog een tweede deel. En als dat gebeurt, verschijnt vermoedelijk ook het boek met de verhalen waar de tracks op gebaseerd zijn. Maar intussen kan je al genieten van dit eerste deel.

De muziek is een combinatie van trage, verhalende stukken en snelle gitaarstukken met veel power. Soms wordt het wat bombastisch en gaat het in de richting van Therion en Nightwish. Er zijn ook uitstapjes naar de progmetal en dan denk ik bv. aan Kingfisher Sky. Maar de hoofdmoot is toch klassieke heavy metal.

Van zijn andere band Gitaron leende Smet voor dit project drummer-toetsenist Michael Bauwens. Zelf zingt Smet en speelt hij gitaar en bas. Voorts kreeg hij voor dit ambitieuze album de hulp van een bijna eindeloze lijst gastzangers en –muzikanten en daar zijn best een paar klinkende namen bij: Fabio Lione (Rhapsody, Angra), Ralf Scheepers (Primal Fear, ex-Gamma Ray), Srdjan Brankovic (Alogia, Expedition Delta), Mark Van Luijk (Civillian), Ginny Claes (The Guardian), Zoya Belous (Esperoza), Sara Vanderheyden (Cathubodua), YGC (The Losts), Carmen Grandi (EGO, Neophobia), ...

Het leuke is dat elke gast ook een eigen rol toebedeeld krijgt en dat elke track een hoofdstuk vormt. Dat is tegelijk een nadeel, want omdat er zoveel gasten zijn, komen het verhaal en de rol die ze daarin spelen soms op de achtergrond. Als luisteraar heb je misschien meer aan een compacter verhaal dat je makkelijker kan volgen. Maar daar heeft Giotopia iets op gevonden: elke track (hoofdstuk) heeft een eigen video op het YouTube-kanaal van Giotopia. Het is moeilijk om er tracks uit te halen die beter of minder zijn, maar mijn favoriet is “Chapter Nine – The King’s Fate”, met YGC op mandoline en gitaar.

Giotopia is geen Ayreon of Avantasia, maar niemand zit ook te wachten op een kopie. Productioneel en inzake de composities zijn er nog een paar punten te winnen op deel 2 van deze metalopera. Maar intussen mogen we trots zijn op onze eigen metalopera.

https://www.youtube.com/watch?v=lez1RJYc8_Q

  

 

Teen Creeps

Birthmarks

Geschreven door

Op ‘Birthmarks’ graaft Teen Creeps zichzelf een weg tussen de felle nineties gitaarrock van Dinosaur Jr, Superchunk, Sonic Youth en de hedendaagse gruizige klanken van Traams en vooral Cloud Nothings. Met zo een referenties mag je best wel buitenkomen, me dunkt.
Teen Creeps doet het bovendien met een stel gedreven en opgejaagde songs waarbij de gitaren al eens lekker mogen doorscheuren. De voornaamste kleppers zitten vooraan. Met “Sidenote”, “Hindsight” en “Mercury” heeft Teen Creeps een stel potige songs in huis die lekker doorrazen en uitnodigen tot meerdere bedieningen van de repeat toets. Het gaat meestal recht vooruit, enkel op “Good Intentions” wordt een beetje gas teruggenomen. Onze gedachten dwalen hier terug af richting nineties, meer bepaald tot bij die fijne gitaarrock-ballads van Buffalo Tom.
Voor de rest rammen de jongens naarstig door en met amper 9 songs hebben ze zich wijselijk ook niet bezondigd aan overdaad. Dit is met name een beloftevolle gitaarband die gedurende een dikke 35 minuten op scherp staat te spelen. Moet ook live vonken geven.

Dunk!festival 2018 - Kwalitatieve bands en kleinschalige charme – dag 3

Geschreven door

Dunk!festival 2018 - Kwalitatieve bands en kleinschalige charme – dag 3
Dunk!festival 2018
Jeugdheem De Populier
Zottegem (Velzeke)
2018-05-10 t/m 2018-05-12
Wim Guillemyn

dag 3 – zaterdag 12 mei 2018
Door allerhande verplichtingen kon ik enkel naar de laatste dag van dit festival gaan. Ik was wel  benieuwd want het Dunk!festival is een beetje het post-rock en metal gebeuren zoals Labadoux dat is voor de folkmuziek. Kleinschalig en puur. De organisatie heeft er bewust voor gekozen om niet uit te groeien tot een groots en commercieel gebeuren. Gelukkig en dat is aan veel kleine dingen te merken op het terrein. Toen ik er toekwam kon ik mijn wagen parkeren op 20 meter van de ingang en de parking was notabene gratis. Waar heb je dat nog? Verder word je er niet alle vijf minuten rond de oren geslagen met gadgets en wedstrijden door multinationals zoals Proximus, Ing of Inbev. Je had de grote tent waar de hoofd bands optraden met ernaast een bosje dat je toegang verschafte tot het complex met voedsel, sanitair en merchandising. In het bos kon je, tussen de acts van de tent door, ook genieten van kleinere optredens en interviews. Het bos was ook een ideale plaats om na de warme tent even te verpozen en af te koelen. Erg gezellig. De camping lag ook vlakbij de ingang en de parking.

Muzikaal was het op zaterdag ook meer dan de moeite. Het Belgische Huracán mocht de dag openen. We waren al onder de indruk van hun allernieuwste album ‘Realms of Reality’ maar op het podium maakten ze nog meer indruk met hun potige doch vrij toegankelijke sludge metal.
De Duitsers van Cranial lieten niets aan het toeval over en deden een uitgebreide soundcheck. Er hing vanaf het begin een dreigend sfeertje met de rook en rode lichten. Ze vlogen er meteen in en zetten een stevige wall of sound neer. De moeite, maar het verrassende was er naar het einde toe wat van af wegens wat teveel van hetzelfde.
Daarna heb ik mij naar het podium in het bos begeven voor Father Sky, Mother Earth die optraden als duo met drumcomputer.
Het was dan even haasten om niets te missen van het Canadese Appalaches. Die wou ik absoluut zien. Hun filmisch en sfeerrijke instrumentale muziek is van hoog niveau. Dat bewezen ze ook op het podium. Tegen het einde van de set stond de tent volgeladen.
Tides of Man (Usa) stond ook op mijn bucketlist en ze ontgoochelden zeker niet. Topoptreden! Zonder al te veel franjes maar puur muzikaal was hun instrumentale indierock dik in orde.
Worried of Satan (UK) mocht in het bos zijn ding doen en hield het spannend met hun uitgerekte spectral elektronica. Je moet er een beetje voor zijn natuurlijk maar als je je open stelde voor hun trip was het wel een unieke ervaring.
Afsluiter was het beter gekende Russian Circles (geen onbekenden op het festival, ze waren er ook al bij in 2016 en 2017) dat trouwens bezig is aan een Europese tour met niemand minder dan Brutus. Ze deden dit in stijl met nummers zoals “Vorel”, “Station” en “Mládek”.
Ze sloten hiermee een prima festival af waarvan geen enkele band echt ontgoochelde, ook geen klein beetje eigenlijk.
Een aanrader is dit festival vanwege zijn eigenheid en de vasthoudendheid aan hun principes. Het is ook vrij internationaal qua bands maar ook qua publiek. Met o.a. Fransen, Duitsers, Engelsen en zelfs volk van buiten de Eu. Wanneer je er enkele dagen vertoeft begin je veel festivalgangers te kennen en te herkennen. Een voordeel aan dit kleinere opzet. Zo reden we moe maar tevreden van Zottegem terug naar Kortrijk. We kijken nu al uit naar volgend jaar.

Organisatie: Dunk!festival, Zottegem
 

Fun Lovin’ Criminals

Fun Lovin’Criminals – 90s nostalgie met een hart

Geschreven door

Fun Lovin’Criminals – 90s nostalgie met een hart
Fun Lovin’ Criminals
Ancienne Belgique
Brussel
2018-05-12
Tim Martens

Afgelopen zaterdag stonden de drie gladde New Yorkers die al 25 jaar als Fun Lovin’ Criminals de wereld rond gaan, in de grote zaal van de Ancienne Belgique. Vol kregen ze die niet maar het volk dat zichzelf wel van de terrasjes af wist te sleuren, is er graag bij geweest.

Het voorprogramma, tussen aanhalingstekens, was DJ Mateo. Weinig memorabel maar het publiek dat rustig binnen gesijpelde, wist zijn repertoire van 90’s Hip Hop en 70’s classic meebrul-rock wel te smaken. Als uw trouwfeest in de aantocht is, zou ik hem eens bellen.

Mooi aansluitend en met de intro track “New York, New York” van Frank Sinatra kwam het trio fraai uitgedost het podium op gewandeld. Na het verplichte handjes schudden en high-fives uitdelen met het publiek , zetten ze meteen klepper “The Fun Lovin’ Criminals” in. Een song die gemaakt is als opener en zijn werk na al die jaren nog steeds heel goed doet.
Bij de eerste paar nummers hielden ze de energie hoog en het publiek aan het dansen om dan bij het iets zwoelere “Smoke ‘Em” even te zakken. Waarna frontman Huey Morgan’s gitaar even op de grond smakte, “Ze is een beetje moe, dat is alles” legde hij uit. Morgan communiceert graag met zijn publiek en kreeg die avond veel terug. Na elk nummer moest hij toch even herhalen hoe geweldig hij onze hoofdstad vond. Ook drummer Frank ‘Fransisco The Disco’ Benbini en Brain ‘Fast’ Leister deden lustig mee. Soms ontstond er zelfs wat gekibbel op het podium, toneel of niet het was vermakelijk.
Halfweg de set viel het een beetje stil en werd het misschien zelfs wat ééntonig. Want hoewel sinds 1993 de drie Yanks bewijzen dat Hip Hop en Rock & Roll hand in hand gaan, is de rage toch al even voorbij en zijn ze uitgeroepen tot menig guilty pleasure (of klassieker). Wij waren in elk geval zeer onder de indruk van het kunnen van het drietal. De multi-instrumentalist in Leister, de schwung in het spelen van Benbini (die aan Hip Hop-legende Questlove doet denken) en Morgan die als geen ander een publiek als een netjes opgevouwen pochet in het borstzakje van zijn kostuum weggestopt krijgt.
Gelukkig waren er ook nog de hits die ons even stevig wakker schudde zoals “King of New York” die nog maar eens liet weten waar de band nu ook alweer vandaan kwam. Alsof dat nog niet duidelijk genoeg was. En toen het geschreeuw van “Hunny Bunny” uit Pulp Fiction door de zaal weerklonk stond de zaal natuurlijk even op zijn kop en kon het mee kwelen beginnen, want natuurlijk kon dé hit “Scooby Snacks” niet ontbreken. Net zoals Robert De Niro in “Taxi Driver” de revue moest passeren (want het zijn nog steeds New Yorkers en dat zullen we dus geweten hebben).
Na een mager afscheid kreeg het publiek met veel moeite het nog steeds even enthousiaste drietal weer op het podium met een zoveelste introductie rondje tot gevolg. Gelukkig volgde er nog een tweetal afsluiters en een lange outro zodat we allemaal met een gerust en nostalgisch hart huiswaarts konden keren.

Ism Luminousdash.com www.luminousdash.com

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/fun-lovin-criminals-12-05-2018/

Organisatie: Live Nation

Machine Head

Machine Head – 3 uur lang op het scherpst van de snee!

Geschreven door

Machine Head – 3 uur lang op het scherpst van de snee!
Machine Head
Ancienne Belgique
Brussel
2018-05-11
Stijn  Raepsaet

Een zestal jaar moesten wij Belgen op onze honger zitten eer we Machine Head nog eens aan het werk konden zien.  Aangezien frontman Robb Flynn in het verleden meermaals zijn afkeer voor (onpersoonlijke) festivals uitsprak, moeten we de band dus ook niet gauw meer verwachten op de podia van pakweg Graspop of Alcatraz. Als Machine Head toert, dan moet je als fan dus wel present tekenen.
De band speelt deze tour enkel in clubs en zalen onder het motto: ‘An evening with Machine Head.’ Een motto dat meer dan klopt aangezien er geen voorprogramma is, maar wel een energetische set van pakweg drie uren op het programma staat. Op de setlist: de betere hits uit het rijke repertoire van de band met uiteraard speciale aandacht voor het kakelverse album ‘Catharsis’, dat in januari jongstleden boven de doopvont gehouden werd.

Machine Head verwelkomde iets voor 19.30 u. een uitverkochte AB. Een ontiegelijk vroeg tijdstip dat veel concertgangers  verraste maar wel noodzakelijk was aangezien de Amerikanen met een 25-tal krakers hun stempel wilden drukken. In de zaal een gemengd publiek waarbij de gemiddelde leeftijd die van 35 jaar ruim oversteeg. Niet moeilijk als je weet dat hun debuut, ‘Burn My Eyes’, al dateert van 1994.
‘Opwarmen is voor mietjes’, moet Flynn gedacht hebben want met opener “Imperium” werd het vuur niet aan de lont maar onmiddellijk in het kruitvat gestoken. De klassieker uit ‘Through The Ashes of Empires’ (2003) begon weliswaar rustig maar ontaardde al snel in een wervelwind van strakke en zware riffs. Het publiek smulde want nog voor het woord ‘circle pit’ over de lippen kon gaan, waren de eerste rondjes al gedraaid. “Volatile”, de eerste track uit ‘Catharsis’ (2018), volgde in sneltempo. Met de openingswoorden “Fuck The World” leek Machine Head een dikke middelvinger uit te steken naar racismeschandalen uit hun thuisland maar ook naar al degenen die kritiek hebben op het album Catharsis, dat nauwer aansluit bij het oudere werk. Dat er altijd plaats is voor een geintje bewees Flynn door “The Blood, The Sweat, The Tears” om te vormen naar “The Blood, The Sweat, The Beers” waarbij het publiek spontaan het Belgische gerstenat de lucht in hief.
Na een zevental nummers volgde een gitaarsolo door Phill Demmel en later nog een bescheiden drumsolo door Dave McClain. Twee intermezzo’s die wat ons betreft niet hoefden, maar misschien wel een noodzakelijke rustpauze waren voor de rest van de bandleden. Ach, we nemen het er graag bij, want het bracht geen dip in het lange optreden. Ook voor de rustigere nummers als “Behind A Mask” en “Bastards” leek het publiek niet gekomen, maar het toonde wel de veelzijdigheid van de band.
Alvorens een resum encore hits op de AB af te vuren, deelde het viertal nog een zware mokerslag uit met Davidian. “Let freedom ring with a shotgun blast” klonk nog altijd even overtuigend ondanks de twijfel van Flynn in eerdere interviews om het lied nog live te spelen: hij wil immers niet overkomen als een wapenfanaticus.
Het doek viel na het melodisch-knallende “Halo” uit het album ‘The Blackening’ (2007). De perfecte afsluiter in een wereld waar religieuze waanzin nog steeds bestaat.

Drie uren spelen zonder verveling in een set te brengen, leg het veel bands voor en ze zullen passen. Machine Head deed het zowaar eventjes met het nodige enthousiasme en zonder afhaspelend over te komen. Reken daarbij een quasi muzikaal-technische perfectie en een uiterst getalenteerde lichttechnicus en dan heb je een metaloptreden dat nu al tot de betere van 2018 gerekend mag worden. 
Fuck the world out there, we are here to forget that and have fun.” De woorden van Flynn horen we graag terug in de nabije toekomst tijdens ‘another evening with Machine Head.’

Organisatie: Live Nation

Durand Jones

Durand Jones & The Indications - Soul van de bovenste plank

Geschreven door

Durand Jones & The Indications - Soul van de bovenste plank
Durand Jones
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2018-05-11
Nick Nyffels

Als soulliefhebber moesten we de laatste jaren afscheid nemen van twee grote artiesten: Charles Bradley en Sharon Jones blijven we koesteren. Gelukkig staat er ook een nieuwe generatie klaar die de klassieke soul fris houdt, met bijvoorbeeld Leon Bridges en ook Durand Jones. Die groeide op in Hillaryville, Louisiana, waar hij in het kerkkoor gospel zong, en hij ook saxofoon leerde spelen. Hij trok als student naar Indiana, om saxofoon en klassieke muziek te gaan studeren, en daar ontmoette hij leden van de band Charlie Patton’s war, die hem overtuigden om te gaan zingen, en zo ontstond Durand Jones & The Indications.  Die stonden vrijdag in de AB-Club en je kan ze deze zomer ook nog zien op Rock Werchter.

Durand Jones & The Indications zijn met zeven, en spelen vintage soul van hoge kwaliteit: een blazersectie met sax, trompet en dwarsfluit creëert een authentieke jaren zestig-klank in het spoor van The Menahan Street Band. Jones is misschien minder spectaculair dan wijlen Charles Bradley, hier geen James Brown-uithalen, toch is dit echte doorleefde soul, soms ook heel Amerikaans met een hoog showgehalte. De dwarsfluit riep onvermijdelijk Donald Byrd op, en als de drummer de zang op zich nam, was het of de jonge Michael Jackson op het podium stond. We onthielden “Is it any wonder”, “Giving up” met een sterke trompetsolo en “She’s gone to another”, een cover van The Whatnauts, een vergeten soulband uit Baltimore die Kanye West nog gesampled heeft. Bissen deden The Indications met een cover van Smokey Robinson.

Ook het voorprogramma ging het zoeken in de jaren zestig, maar dan op de Caraïben. Chris & Charlie spelen rocksteady, de Jamaicaanse link tussen ska en reggae. Het is de band van Charlotte en Christiane Adigéry, aangevuld met leden van The Whodads en The Internationals. Charlotte Adigéry kan je kennen van het nummer “The Best thing”, van de soundtrack van de film Belgica, die door de Dewaele Brothers in mekaar gestoken werd. Ze was ook backing zangeres bij Arsenal en heeft haar eigen project WWWater, elektronische muziek met akoestische elementen, dat bij Ibeyi aanleunt. Bij Chris & Charlie zingt ze met haar moeder traditionele rocksteady, met een paar eigen nummers en ook veel covers, waaronder “Blackbird” van The Beatles, “The first cut is the deepest”, vooral gekend van Rod Stewart, maar hier veel dichter bij het origineel van P.P. Arnold en “Ring my bell” van Anita Ward.
Dit klonk authentiek Jamaicaans, met een straffe ritmesectie en het zo typische orgeltje, ook al is moeder Christiane van Martinique en is Charlotte een echte Gentse.
Hopelijk staan ze ook op de Gentse Feesten, we hebben zo al een paar podia in gedachten waar ze de pannen van het dak kunnen spelen.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Roger Waters

Roger Waters – Wish you were here …

Geschreven door


… Diegenen die niet aanwezig waren,  zullen spijt hebben als ze dit artikel lezen … Roger Waters is al 74 , maar is en blijft één van de meest indrukwekkende 'live' artiesten. Is het noodzakelijk om te zeggen dat hij tot de oprichters behoort en de zanger / bassist / componist was van Pink Floyd, één van de belangrijkste groepen in de rock-geschiedenis, met meer dan 250 miljoen verkochte albums? Vanavond speelt de Brit in een gepakt Sportpaleis de eerste van twee concerten gepland in Antwerpen , onderdeel van de wereldtournee ‘Us+Them’.

'Ambient'-muziek verwelkomt ons en op het gigantische scherm aan de achterkant van het podium, zien we een heel ontspannende video van een vrouw aan zee op een duin. Rond 20u20, wordt de hemel in de video rood en verandert de idyllische setting in een nachtmerrie terwijl enge geluiden worden gehoord. De muzikanten nemen plaats op het podium en plots horen we een oorverdovende explosie in quadrafonie, die in absoluut contrast voortvloeit in twee harmonieuze akkoorden van "Breathe", een klassieker van Pink Floyd. Een adembenemende start !
Op de planken herkennen we natuurlijk Roger Waters, gekleed zoals altijd met een zwarte jeans en een zwarte t-shirt. Rechts op het podium staat Jonathan Wilson, die de zware taak heeft de zangpartijen van David Gilmour over te nemen, een taak die hij tijdens de set meesterlijk op zich neemt. Noteer dat de Californische muzikant een zeer interessante solocarrière leidt, dicht bij Pink Floyd maar ook aan The War On Drugs.
Het eerste deel van de set geeft natuurlijk een prominente plaats aan de meesterwerken van Pink Floyd, met "Time", "One of These Days", "Welcome To The Machine" en een fantastisch « A Great Gig in The Sky", uitgevoerd door de twee zangeressen, Jess Wolfe en Holly Laessig (ook in Lucius).
De nieuwe composities van Waters, uit het uitstekende album ‘Is This What We Really Want’, vinden perfect hun weg in de show. "Déjà Vu" en "The Last Refugee" raken en "Picture That" verrast met zijn kracht en engagement. Hier wordt , net als op andere momenten tijdens de avond, sterk uitgehaald naar Donald Trump en worden zijn foto's door het publiek uitvoerig uitgelachen.
Het eerste deel van de set eindigt met een geweldig "Wish You Were Here", gevolgd door "The Happiest Days of Our Lives" en tot slot "Another Brick in The Wall part 2 & 3". In navolging van een inmiddels gevestigde traditie, nodigde Waters kinderen uit om deel te nemen aan een wilde eerste finale. "Merci, les enfants ! Magnifique !" voegt hij eraan toe, in het Frans, vóór hij het podium verlaat.

Tijdens de pauze worden inscripties en slogans als "Resist" op het scherm geprojecteerd.
Bij het begin van de 2de set, krijgen we zicht op de taak van de enorme rail aan de voorkant van het podium, boven de parterre. Tijdens de eerste noten van "Dogs" komt er een structuur uit de rail om naar het plafond te stijgen: het is een gigantisch scherm in acht delen , dat dus loodrecht op de scène wordt geïnstalleerd en dat het beeld van de iconische fabriek van het album ‘Animals’ toont. Aan het einde van het nummer zetten de muzikanten een varkensmasker op en organiseren een klein ‘champagne’ intermezzo op het podium: erg leuk! Waters pakt dan een bord met "Pigs Rule The World !" en we krijgen recht op de volledige versie (meer dan 11 minuten!) van "Pigs (Three Different Ones)", een nummer waarin Waters afrekent met alle dictators , en machtswellustigen van deze wereld stigmatiseert.
Aan de voorkant van het podium neemt hij een bijna Christusachtige houding aan, beide armen gestrekt naar voren , alsof hij het publiek aanspoort zich bewust te worden van de toestand om te reageren! Als je de beelden op de schermen ziet, moet je vaststellen dat de compositie, uit 1977, achterna gezien nog even actueel is. Mooie verrassing aan het eind met de inscriptie op het scherm: "Trump is een idioot"!
Logisch gaat Waters verder in dezelfde lijn met "Money", een ander Pink Floyd wonder , waarin Dave Kiliminster en Jonathan Wilson de solo van David Gilmour met precisie uitvoeren. Chapeau aan Kiliminster, die de solo's van Gilmour over het algemeen perfect reproduceert, zelfs als, in de legato en bepaalde klanken, het genie van Gilmour onnavolgbaar blijft. In "Us and Them" verwijzen de door Waters geselecteerde beelden duidelijk naar het Syrische conflict en vluchtelingen. We worden overdonderd , overweldigd door de schoonheid van de muziek en het verdriet door de projecties.
Maar de duivel in Waters heeft nog enkele leuke verrassingen! Na een sublieme "Brain Damage" komt het finale stuk, "Eclipse". Plotseling zien we witte lasers boven de parterre verschijnen, die een monumentale piramide tekenen. Het publiek is verwonderd en roept ; tijdens het laatste hypnotiserende , plechtige deel van het nummer, verschijnen andere gekleurde lasers. Die tonen het beeld van de beroemde cover van ‘The Dark Side of The Moon’. Het effect is zo indrukwekkend dat, op het moment van de laatste tunes, het publiek, vrij rustig tot dan toe, als één blok opstaat ; een groot gejoel weerklinkt …
Na enige tijd, komt de band terug op het podium. Roger Waters blijft enkele minuten staan ​​, genietend van het applaus en beide vuisten , in kruis, op het hart . "Bedankt ...", mompelt hij emotievol. "De liefde is hier vanavond voelbaar. Hij alleen kan ons helpen de wereld te veranderen..." Hij grijpt zijn akoestische gitaar en begint het prachtige "Mother", een ander hoogtepunt. Een laatste piek krijgen we door een ongelooflijk "Comfortably Numb".

Als we de zaal verlaten, is het duidelijk dat we een uitzonderlijk concert bijwoonden, meesterlijk op alle mogelijke manieren. Muzikaal, natuurlijk, maar vooral visueel door middel van een bijzonder innovatieve multimedia en multimodale voorstelling. Maar er is ook de inhoud, want wat Waters ons vanavond brachtte, is een bittere, compromisloze visie en diepmenselijke blik op onze (toestand in de) samenleving.

Setlist: Set 1: Speak to Me – Breathe - One of These Days – Time - Breathe (Reprise) - The Great Gig in the Sky - Welcome to the Machine - Déjà Vu* - The Last Refugee* - Picture That* - Wish You Were Here - The Happiest Days of Our Lives - Another Brick in the Wall Part 2 - Another Brick in the Wall Part 3
Set 2: Dogs - Pigs (Three Different Ones) – Money - Us and Them - Smell the Roses* - Brain Damage – Eclipse
Encore: Mother - Comfortably Numb
* From Roger Waters' latest album (all the other songs are from Pink Floyd)

Vertaling Philippe Blackmarquis – Johan Meurisse

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/roger-waters-11-05-2018/

Organisation : Live Nation

The Sheila Divine

The Sheila Divine - Een meer dan geslaagde passage

Geschreven door

The Sheila Divine - Een meer dan geslaagde passage
The Sheila Divine
Kreun
Kortrijk
2018-05-11
Wim Guillemyn

The Sheila Divine maakten voornamelijk rond de millenniumwissel furore in Boston, Buffalo en België (ook wel de drie b’s genoemd) . Met singels zoals “Hum” en “Criminal” stonden ze enkele keren in de Afrekening. Ze speelden ook op Rock Ternat en Marktrock Leuven. Typerend is de stem van zanger Aaron Perrino met passages waarin hij gebruik maakt van zijn falset stem en momenten waarbij hij de longen uit zijn lijf schreeuwt. Daartussen zijn warme rockstem. Eerst kregen we een pareltje uit eigen land: The Spectors.

The Spectors zijn het voorprogramma tijdens de Belgische gigs van The Sheila Divine. The Spectors hebben een heel fijn album uit ‘Ooh Aah Aah’ . http://www.musiczine.net/nl/nl/cdreviews/the-spectors/ooh-aah-aah/ We waren dan ook benieuwd hoe dit allemaal live ging klinken. Er werd geopend met “Labyrinth of Faces”. Het duurde een song of twee voordat iedereen op het podium en in de zaal los kwam maar vanaf ging het lekker. Fijne melodieuze songs zorgden voor sfeer. Op een gegeven moment ging bassiste en zangeres Marieke Hutsebaut tussen het publiek performen om met enige hulp terug het op het podium te belanden. Verder stak ze haar bewondering voor The Velvet Underground niet onder stoelen of banken door een cover van hen te spelen en een nummer naar Nico te noemen. Een fijne opwarmer voor de hoofdact.

The Sheila Divine begon eerder rustig aan hun set maar bouwden die mooi op. Na een aantal songs kwam een eerste momentje met “Automatic Buffalo”. Daarna ging het in stijgende lijn. Het tempo werd wat opgevoerd en de meer bekendere songs kwamen aan bod. De stem van Aaron Perrino was nog steeds meer dan genietbaar na al die jaren. De mannen waren heel down to earth en zonder kapsones. Het publiek reageerde laaiend en zong voluit mee op songs zoals “Hum” (waar een frase van Joy Division’s “Dance To The Radio” in werd verwerkt), “I’m A Believer” of “Awful Age”. Heerlijke rocksongs met gedoseerde uithalen in. Het meeste kwam dan ook uit ‘New Parade’ van 1999. Maar ook latere songs zoals “The Hand” of “Long Way Go” misstonden niet in de set. De luid aangevraagde bisronde werd afgesloten met het obligate “Criminal” dat de zaal helemaal deed ontploffen. Een heerlijke vibe hing in de zaal en er werd luidkeels gescandeerd voor nog meer. Dat was niet meteen de bedoeling denk ik maar uiteindelijk kwamen ze, duidelijk tevreden met het enthousiasme, en gaven ze een heel fijne versie van Echo & The Bunymen’s “Killing Moon” weg.

Een meer dan geslaagde passage in De Kreun.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Les Nuits Botanique 2018 – Superorganism – Vertoeven in een plezierige wereld …

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2018 – Superorganism – Vertoeven in een plezierige wereld …
Les Nuits Botanique 2018
Botanique (Orangerie)
Brussel
2018-05-09
Johan Meurisse

Een cultuurrijke avond in de Botanique in het kader van Europavox . Eén van de bands die er waren Superorganism … én het gaat snel met Superorganism . Na de insteek van de single “Something for your mind” en hun optreden op Eurosonic was de bal aan het rollen gegaan . In het voorjaar waren ze al te zien in een uitverkochte Bota Rotonde, vanavond waren ze te zien in een goed gevulde Orangerie …

We krijgen een aangename , kleurrijke mix van pop , psychedelica , 60/70s retro , wave, elektro, bubblegum, kitsch , op een los uit de pols , speelse, nonchalente, chaotische wijze. Het zijn frisse, luchtige , aanstekelijke, naïeve , zoete djingeldjangel songs en muzikale schetsen in een decor die doet denken aan ons vroegere befaamd Jeugdtheater Stekelbees, ruim 40 jaar terug.
Tot iets meer dan een jaar geleden bestond de band nog niet en rommelden de leden afzonderlijk van elkaar maar wat aan , voordat ze elkaar vonden op het internet, vanwege hun gemeenschappelijk passie voor muziek, die hen uiteindelijk bij elkaar bracht in Londen.
Het internationale gezelschap, met leden uit Engeland, Japan, Nieuw-Zeeland, Korea en Australië, woont sindsdien samen in een huis in de UK , waar ze kunnen experimenteren met hun instrumenten . Ze vonden dan nog een Japans meisje uit de VS , Orono , die even onvast klinkt als het materiaal .
Het ging er geestig aan toe op het podium . Een leuke boel dus , die heel wat referenties deed opborrelen als Devo , Los Campesinos , Polyphonic Spree , Poi Dog Pondering, Flaming Lips , Beck  en The Avalanches/Gorillaz door het knip- en plakwerk . Opvallende outfits, glitterpakjes, de danspasjes en de kinderlijke visuals,  de glamour en kitsch druipt er vanaf .
Energieke en hyperkinetische sounds wisselden af met geluiden van alledaagse dingen , Nintendo , Pacman,  relaxte deuntjes , experimentjes , bleeps en natuur- dierengeluiden. “Something for your mind” betekende de definitieve doorbraak , maar met “Nobody cares” en “Everybody wants to be famous” zit het even goed . De onvaste vocals worden opgevangen door opwindende backing vocals .

Goed voor een veertigtal minuten … vertoeven in de plezierige wereld van Superorganism, jeugdig , onvolwassen en een ‘nobody cares’ … Superorganism heeft lak aan wetten waaraan goede pop moet voldoen; Een DIY aanpak “Nobody cares , have a drink , have a smoke , do whatever you want ..”.
De regelgeving werd zo makkelijk overboord gegooid . Amateuristisch, prettig gestoord, gek en aangenaam, origineel, creatief … En toch blijft het materiaal en de set minder hangen, beklijven, boeien dan bij de referenties, die sterker uit de verf komen …

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2018)

Labadoux 2018 - 4-5-6 mei 2018 – 30ste editie - Is en Blijft een Heerlijk festival!

Geschreven door

Labadoux 2018 - 4-5-6 mei 2018 – 30ste editie - Is en Blijft een Heerlijk festival!
Labadoux 2018
Festivalterrein
Ingelmunster
2018-05-10
Filip Gheysen

Op 4, 5 en 6 mei 2018 blies het Labadoux Festival dertig kaarsjes uit in Ingelmunster. Om dit te vieren werden enkele grote namen geboekt en werd het weer van Dranouter nu al uit de kast gehaald. (Alleen de grote vakantie van de jeugd kon niet verplaatst worden.) Bart Peeters mocht voor de vierde keer aantreden in de schaduw van de Wantebrug en ook Admiral Freebee en Ozark Henry waren grote publiekstrekkers. Voor de echte folkliefhebbers zijn The Chieftains uiteraard het neusje van de zalm en traditiegetrouw werd de zondagavond afgesloten met een grote naam uit eigen land. Daarmee waren Klaas Delrue en zijn kompanen met Yevgeni ook niet aan hun proefstuk!
Er zakte heel wat volk af naar het eerste folkfestival van de zomer en het was genieten van een ontspannen sfeer, een regenboog aan muzikale kleurschakeringen en Afrikaanse acrobaten onder de zomerse lentezon.
De politie leek ons nadrukkelijker aanwezig dan anders, maar ook zij konden genieten van een ontspannen sfeer en bleven gelukkig werkloos toekijken op een komen en gaan van musici en hun crew, muziekliefhebbers en drinkebroers, lanterfanters en luilakken!

dag 1 - vrijdag 4 mei 2018
Michelle David & The Gospel Sessions
Vanaf de eerste noot gaan de 101 luisteraars in de concerttent de rug wat rechten. Dit wordt geen simpel voorafje voor wat nog moet volgen! Een zwarte stem in een energiek lijf heeft meteen iedereen in de ban! Michelle David heeft présence, charisma en één regel voor haar optreden: NIET BLIJVEN ZITTEN HET HELE OPTREDEN LANG! Want dat vindt ze vervelend. Dat kan zeker niet gezegd worden van haar optreden. Het is altijd ondankbaar om de spîts te moeten afbijten, maar op vrijdagavond om zeven uur krijgen we al meteen een topper voorgeschoteld. Met een klok van een stem verheft deze Michelle de gospel naar een nieuw niveau. En daar is ze zich uiteraard bewust van: “Jullie hadden zeker gedacht Oh Happy Day hier te horen?”, vraagt ze plagerig. “Wel, ik breng jullie gospel zoals jullie die niet gewoon zijn!” Drie blanke mannen zijn haar Gospel Session en die gieten een Americanasausje over de zwarte muziek van David waardoor we een soort Motown Gospel te horen krijgen. “Give it to Jesus” kon net zo goed door Martha & the Vandellas gebracht zijn. Uiteindelijk slaagt ze er ook in om dansers op de plankenvloer te krijgen! Everybody gospelized! Missie geslaagd!

Verlin
Eén man en twee gitaren. Een flesje water en een glas Guinness. No nonsense.. Dat is Verlin, het muzikale project van Pascal Verlinden. Deze singer songwriter, gitarist performer en kunstschilder vertolkt zijn eigen nummers met een doorleefde stem in het Engels. Luistermuziek met gevoelige teksten. Ondanks de obligate babbelaars was er toch publiek voor een meezinger 123 set me free, 456… Beluister zeker zijn nieuwe EP ‘Soul Indian’ op iTunes of Spotify, etc.. Zou Nick Drake zo geklonken hebben als hij nu nog onder ons was geweest?

The Chieftains
The Chieftains zijn één van de bekendste folkgroepen uit Ierland en in de folkwereld. Zij veranderden de Ierse muziek die tot de jaren ‘50 van de vorige eeuw in een vast ritme met één melodielijn gespeeld werd, in een levendige dansmuziek met ritmewisselingen (jig/reel) die nu standaard geworden zijn. Met Paddy Moloney aan het roer doorkruiste deze groep de laatste 56 jaar alle continenten. Dat werd vóór het optreden ten overvloede geïllustreerd met een presentatie uit het familiealbum van de band.
Voor de feesteditie van Labadoux hadden ze een recept bedacht met alles erop en eraan: Canadese dansende mannen met rubberen benen en een Newyorkse ravissante danseres die nu en dan uit de coulissen kwam als een ricochetschot. Daarnaast waren er de Roeselaarse Pipe Band:  FIELD MARSHAL HAIG’S OWN PIPES & DRUMS en het koor THE LITTLEST BIRDS. Alles bij elkaar toch wat veel voor het podiumpje van Labadoux.
Dit zorgde nu en dan voor chaos waarbij iedereen elkaar wat voor de voeten liep. Gelukkig was er nog voldoende muziek waarbij ambiance afgewisseld werd met ingetogen nummers (geïnspireerd door de Ierse natuur) zoals Moloney solo op fluit met Easter Snow. De Canadese violist (één van die 2 paar rubberen benen) bracht een solo uit eigen land waarbij hij ons even herinnerde aan het busongeval met een hockeyteam, juist een maand geleden.
Met een trots gevoel liet Moloney ons ook de beelden zien van Cady Coleman, een NASA Astronaut met een oude dwarsfluit van Matt Molloy in het ISS. (Typ eens “St. Patrick's Day in Space” in YouTube!).
De folkies in de tent kregen op tijd en stond een portie jig & reel toegediend, zodat iedereen tevreden was. Toch bleven wij achter met een gevoel van less is more...

Bart Peeters

Reeds voor vierde keer staat deze hyperkinetische troubadour op Labadoux, trots als een aap dat hij dit keer na de beste folkband ter wereld mocht komen (sic). Hij heeft zich omringd met een stel Ideale Mannen: Amel Serra Garcia (Cubaans percussionist), Westvlaming Emile Verstraeten op viool/gitaar/trompet, Ivan en Mike Smeulders op accordeon en last but not least Piet Van den Heuvel (ja, die van Scooter) op gitaar.
Speciaal voor ene Freek die een handje komt geven bracht Peeters Wifi, waarna hij met een viervoetig genie over de Hongaarse poesta gaat struinen. In 2005 zou het publiek Tot je weer van me houdt met een zee van aanstekervlammetjes opgeluisterd hebben. Nu zien we alleen nog lampjes van smartphones voor de zelfverklaarde digibeet op het podium die er met de smartphone een haat-liefdeverhouding op na houdt.
In de voetsporen van Wannes Vandevelde zaliger probeert ook Peeters Vlaamse flamenco uit: “Slaapwals” is minder slaapverwekkend dan de titel doet vermoeden, maar een nummer vol maatschappijkritiek met een hoek af. Peeters is een vakman en het instrument dat hij het beste bespeelt is het publiek!
Met een perfecte afwisseling van een lach en een traan (na Als je mij zou verlaten volgt Konijneneten) zijn er geen babbelaars meer die de stilte verstoren. Of zou het Nederlands ervoor zorgen dat meezingen voor iedereen een makkie is? “Heist Aan Zee” is het nummer waar volgens Peeters alles mee begon, 15 jaar geleden. “Labadoux, wij rekenen op jullie” is voldoende om de hele tent met “hohohohohohoho…” tot een duizendkoppig voorgrondkoor te verheffen.
Uiteindelijk wordt het tijd om af te sluiten en krijgen we de raadom uit te kijken naar “Brood voor morgenvroeg”.
Wij trekken zelf huiswaarts om onze broodtrommel te checken. Langs het kanaal vergezelt de stem van Bart –“Wil er iemand mijn Messias zijn”- Peeters ons met een achtergrondkoor van kikkers.
De sfeer zit er dus goed in …

dag 2 - zaterdag 5 mei 2018
Douglas Firs
Toch niet de minste aan ons Vlaamse filmfirmament, maar wel de opener op zaterdagmiddag. Als we de tent betreden vullen stevige gitaarriffs de concerttent. Maar ook zonder de fantastische band blijft de muziek van Douglas Firs overeind!
Frontman Gertjan Van Hellemont trok voor zes weken moederziel alleen naar Montreal -volgens eigen zeggen een stom idee- waar hij bijna wegkwijnde van eenzaamheid maar meteen ook de mooiste songs schreef.
De naam van de stad was in ieder geval de titel van een droevig klein liedje (sic). De instrumental ontstond op de verkeerd gestemde gitaar die zó van het vliegtuig kwam. Ademloos luisterde de hele tent naar de breekbare klanken die voor niemand “ongestemd” leken.
De band ademt Americana en nummers zoals “Caroline” zouden even goed klinken mochten Jackson Browne of wijlen Tom Petty er zich aan wagen. In tegenstelling tot heel wat andere artiesten heeft Gertjan alle begrip voor wie niet wil dansen (want dat zou hij zelf nooit doen).
Hij merkt nog fijntjes op dat ze achter in de tent niets anders te koop hebben dan muziek. Wie een T-shirt wil van Douglas Firs, zal die zelf moeten maken! Met “Judy” horen we nog een radiohit als afsluiter. Deze zomer is hij nog op heel wat festivals te zien, o.a. op Cactus en Dranouter, om er maar twee te noemen!

King Dalton
Na optredens in Dranouter en op Pukkelpop komt King Dalton zijn ijzersterke live reputatie waar maken op Labadoux. Het vijftal rond broederpaar Pieter en Jonas De Meester levert al tien jaar een mix af van folk, funk, blues en country. Naast een drumcomputer, steelt ook een échte drummer de show met zijn energieke slagen die zijn muts over zijn ogen doen zakken. 
Zoek hun derde CD, ‘The Third’ op via Spotify! “Blue Rain” sleept je mee met een stevig ritme, terwijl je in “Light on the Water” door frontman Pieter De Meester op sleeptouw wordt genomen met een stem die ons aan Stef Kamiel Karlens doet denken. Hij wordt geflankeerd door Jorunn Bauweraerts die zich in nummers als “Secrets” incognito voordoet als een tweede Kate Pierson. Opnieuw een ontdekking op Lx voor wie hun muziek nog niet kende!

Tiny Legs Tim
Enkele jaren geleden speelde Tim De Graeve een elektrische zet in de clubtent van Lx. Deze keer speelt hij volledig akoestisch de muziek uit zijn nieuwe cd 'Melodium Rag'. Samen met Steven Troch die de mondharmonica zoetgevooisd en loepzuiver bespeelt, brengt hij klassiekers van Robert Johnson (Crossroads) of Lightnin’ Hopkins met eigen teksten of eigen arrangementen. “Hard to admit” was voor sommigen heel herkenbaar: hoe moeilijk is het soms om toe te geven dat je fout bent? Net zoals in elke tent staan hier ook mensen te kletsen alsof ze ergens aan de toog staan met wat muziek uit de radio op de achtergrond. Een korte technische uitleg over akoestisch spelen zonder monitors, gekoppeld aan het vriendelijke verzoek buiten verder te babbelen, lokte enerzijds een welgemeend applaus uit van de luisteraars en legde de kletsers meteen het zwijgen op. Maar verder was Tim The Happiest Man In Town: “Voor wie is het te warm vandaag?” Nee, wij hadden geen klagen van dit optreden!

Faran Flad
Meer dan 12 jaar geleden nam Heather Grabham uit Engeland samen met Kadril ‘De andere kust’ op. Nu maakt ze hier nog steeds muziek met Erwin Libbrecht, één van de founding fathers van Kadril. Samen zijn ze Faran Flad, (Oud germaans & Keltisch voor ‘een reis met veel pracht’). Enkele jaren geleden stonden ze ook in de grote tent op Lx en in 2018  palmen ze opnieuw het publiek in met hun rustige romantisch muziek, enerzijds met de kristalheldere stem van Heather en anderzijds instrumentaal met bv. Zweedse en Canadese vioolklanken met een wisselend tempo. Nadat het dameskoortje op het overvolle podium van de Chieftains de mist inging, mogen ze bij Faran Flad herkansen onder de naam “The Fair Maidens”. Nummers zoals “The Shaking of The Sheets” maken een mens gelukkig: ‘Dance dance when you hear the piper’. Ook ceremoniemeester Libbrecht was, naar eigen zeggen, een gelukkig man!
Je kan ze deze zomer nog zien op Zilleghem Folk en Ham Folk en in de Centrale in Gent vieren ze op 9 november hun tiende verjaardag!

Bombadil
Van de grote tent is het een kleine wandeling naar de pubtent waar we ondergedompeld worden in de boombalsfeer van deze Vlaamse folkdansband. Direct worden de dansers zonder pardon en in onvervalst Westvlaams op de dansvloer gesommeerd: “Lange reke, pinkskes omhoge, potjes en pannekes breken… zukkentwadde…” Op het podium herkennen we een gitarist die we net nog in de concerttent zagen: Jan Debrabandere moest zich inderdaad haasten om van het ene op het andere podium te springen. Hij brengt een nummer uit Zweden om af te koelen (sic.). De sfeer zit er goed in en het is dorstig weer. dat merkt Fre Vandaele aan de micro goed op: Nu spelen we een polska. Niet moeilijk te dansen: beeld u hoe je naar huis gaat vanavond met een stik in je frak…

Admiral Freebee
Het eerste nummer van de set is meteen “The Last Song”. Gelukkig niet echt… de admiraal gooit er meteen een eerste hitsong tegenaan “Always on the Run”. Met de zon op de tentzeilen is het een stoombad geworden. De zijflappen hangen omhoog en een aantal luisteraars zit in het gras, net buiten de tent, te genieten. En dan wordt de zaterdagavondmis opgedragen door pastoor Freebee. Hij rammelt een reeks weesgegroetjes af met de klemtoon op ARME ZONDAARS.
Onze Vlaamse Neil Young kan inderdaad wel even gaan freewheelen, net zoals zijn Canadese voorbeeld: ‘Thousands and thousands of people came to see me rock. Trump doesn’t know me, mama doesn’t know me, Jesus doesn’t know…’
De blazerssectie bijt stevig van zich af in “Nothing Else To Do”, “Ever Present” en “Einstein Brain”. Natuurlijk krijgt hij het West-Vlaamse publiek op zijn hand als hij zich out als halfbloed Tieltenaar en niet in het minst met de mooie versies van zijn bekende hits. Met “Rags ’n Run” wordt in schoonheid afgesloten!

Bandadriatica
We citeren toch even de website van Lx: BandAdriatica ontstond in de traditie van een ‘La Banda’, die elk klein Italiaans dorp rijk was. Zo'n Banda zorgde voor muziek op feesten, begrafenissen en processies en reisde van dorp tot dorp in Puglia. 
Deze Banda is perfect gecast in de pubtent waar liefst zo weinig mogelijk sérieux wordt gehanteerd! Het zijn vooral de blazers en de accordeon die elkaar achterna zitten als een hond die zijn eigen staart wil bijten. Toch krijgt de elektrische gitaar een open doekje met een snoeiharde solo. We herkennen ook klanken van de overkant van deze (Adriatische) zee waar de Balkan begint. Oost en west vermengen zich in een smakelijke mix!

Sens Unique
Dit vijftal gaat voluit voor een feestelijke mix van rock, folk en chanson française met weerhaken. Meteen wordt duidelijk waar ze heen willen met hun optreden in de klein Clubtent aan de andere kant van de Wantebrug: de eerste rijen stoelen moeten enkele meters achteruit zodat de dansers voorrang krijgen.
Ze brengen een soort folkrock overgoten met een Franse saus van samenzang. Leuke teksten met een angel voor wie een mondje Frans spreekt. “Sortie de secours par exemple”: de viool zet een pizzicato in, gevolgd door de bas. Blijkt het niet over een vluchtweg uit de tent te gaan maar over een uitweg uit een relatie; le désir a presque tout brûlé et mon amour où est l’amour? Ga zeker eens kijken als ze in de buurt optreden, ze zijn de hele zomer en route!

Ozark Henry
Het podium is nog in het duister gehuld als de eerste bastonen weerklinken van “Rescue Me”. Als een pletwals rolt de sound van de band de tent in. Dan verschijnt de hogepriester van deze muziek volledig in het zwart in een satijnen hemd met wijde mouwen.
De ene song vloeit naadloos over in de andere: “Godspeed”, “A Dream That Never Stops”. Met bezwerende gebaren lijkt hij de golvende mensenzee te willen bezweren tijdens “Ocean”. De bindteksten zijn minimaal maar “Wie zingt er mee?” is voldoende om een duizendkoppig koor op de been te brengen voor “Sweet Instigator”. Het achtergrondkoortje van “Word Up” staat dan weer op band. We zijn er nochtans zeker van dat de zangeressen die Faran Flad bijstonden, hier zeker ook hun steentje hadden bijgedragen!
Het publiek smult gulzig van deze BEST OF waarmee we allen verwend worden en uiteindelijk brult het massakoor uit volle borst ‘o-O-o-ooo’ mee op “I’m Your Sacrifice”. Het was genieten van de eerste tot de laatste minuut!

Afro Celt Sound System
We citeren toch even de website van Lx: ‘Afro Celt Sound System is een band die een perfecte blend vormt waar Labadoux voor staat: een heerlijke mix van Keltische muziek, doorspekt met West- Afrikaanse invloeden. Die bonte mengeling wordt dan overgoten met een gedurfd, vernieuwend elektronisch jasje en je bekomt kommerloze, blije Labadoux muziek!’
En dat kunnen wij alleen maar beamen. Een eenzame doedelzak geflankeerd door bastonen uit een synthesizer opent de set. Net als het synthgeluid op de zenuwen dreigt te werken verschijnt de Senegalese griot (West-Afrikaanse zanger/dichter/verteller) met een kora op het podium. Dit eeuwnoude snaarinstrument ademt Afrikaanse cultuur. Zo raakt het podium stilaan vol muzikanten van alle slag. We krijgen Ierse deuntjes op viool en bodhran. Dat geroffel wordt dan weer overstemd door een grote trommel, bespeeld door een man met een Sikhtulband op het hoofd. Hij steelt de show met ritmische vrolijkheid en zwierigheid.
In het Engels (met dat typisch Indisch accent) wordt het publiek in de samenzang betrokken.
Hier geen bekende hits zoals bij Ozark, maar dat doet niets af aan het enthousiasme waarmee gezongen wordt!

dag 3 - zondag 6 mei 2018
The Jacquelines
Optreden om één uur op een hete zondagmiddag in mei... het is niet meteen het dankbaarste moment van de dag. Maar iemand moet het doen en we kunnen genieten van een heerlijk vrouwelijk ‘retro swingtrio’. Even vragen we ons toch af hoe laat een optreden mocht beginnen in de 40ies op een zondag… In zwarte rokjes, die alleen de onderbenen vrij spel geven vanaf de knieën, voeren Iris Berardocco, Eva Tulkens en Sara Raes ons als drie moderne Andrews Sisters terug naar vervlogen tijden.
Drie verschillende stemtimbres die in perfect harmonie samen komen. Ze worden begeleid door het mannelijke trio, ‘de Jacks’, Stijn Wauters (piano), Kris Mintens als invaller voor Frederik Madou (contrabas) en Jelle Van Giel (drums).
De dames trekken zich discreet terug in de coulissen en geven de Jacks vrijgeleide. Wij mogen mee op de “A Train” van Duke Ellington. In de volgende halte komen de dames er weer bij in een strak sluitend rood ensemble en brengen een ondeugend nummer over friend Sebastian die dingen doet die verboden zijn door de paus. Afsluiter is “Don’t Cry for Louie” in een eigen arrangement. Intussen is het volop zomer, deze eerste zondag van mei, en de dames bedanken hun publiek nog dat ze hun tent verkozen boven een zonnebad!

Sean Taylor
Opnieuw plaatst Lx een fantastisch gitarist op het podium van de pubtent. De enorme dansvloer blijft leeg en wie niet wil dansen, komt er niet toe om de vlakte te kruisen. “Come close, I don’t bite… yet”, moedigt de Britse dertiger ons aan. Hij brengt eigen(zinnige) songs zoals “Texas Boogie” waarin hij zijn helden aan het woord laat: Townes van Zandt said “to live is to fly”; Lightnin’ Hopkins sang the blues so well; I came all the way to labadoux to sing the blues…” Je moet op Lx zijn om ontdekkingen te doen! Kreeg je er zin in ? Bezoek https://www.seantaylorsongs.com/videos/ 

Ray Cooper

In de Clubtent krijgen we nog een lone wolf te zien, deze keer op mandoline. Ray Cooper is zanger, componist en multi-instrumentalist. Naast zijn mooie zangstem speelt hij viool, gitaar, mondharmonica, mandoline, harmonium, cello en bas. Met Oysterband concerteerde hij van 1988 tot 2013 in meer dan 27 landen en werkte hij mee aan de opnames van 19 albums. Ondanks dit succes besloot Ray in februari 2013 de groep te verlaten en zijn solo-carrière verder uit te bouwen. Opnieuw een grote naam in een kleine tent op Lx.
Hij wisselt persoonlijke nummers (“Little Flame” voor zijn dochters) af met historische thema's. Folkcentrum Dranouter vroeg hem een song te schrijven over één van de vele gesneuvelde soldaten uit WO1. “The unknown soldier has a name” gaat over een soldaat die zijn oversten zei waar het op stond en uiteindelijk geëxecuteerd werd in 1917.
Ook deze keer wordt het publiek weer tot koor gepromoveerd en met één repetitie belooft Ray ons zelfs dat “Drunk On Summer” een oorwurm wordt die we niet meer uit ons hoofd krijgen!! En ook de vergeetachtige loverboys krijgen van Cooper een tweede kans met “Valentines Day”.

Guido Belcanto
Traditioneel sluit LX af met een Vlaamse klasbak, maar voor deze editie staan er zo twee op het podium van de concerttent. Talloze fans staan al te trappelen van ongeduld en nog voor er één noot gespeeld is, krijgt de charmeur met de witte haardos een daverend applaus!
Vanop de Pechstrook van het leven schiet hij uit de startblokken in een rockabilly ritme. In de tent weet iemand ook hoe de favoriete actrice van Belcanto heet… haar naam rijmt op paternoster… Jody Foster heeft blijkbaar een diepe indruk gemaakt.
Guido Belcanto zingt over de kleine dingen van het leven.” Jouw handen toveren vlammetjes op mijn huid”. Niets spectaculairs, maar steeds herkenbaar.
Zijn special guest star is Little Kim (uit Kruishoutem). Samen brengen ze duetten zoals “Toverdrank”, “Spaanse laarzen” van Spaans leder en “Johnny vergeet me niet”. Het moet niet altijd An Pierlé zijn.
Met het zeildoek omhoog voor de tropische temperaturen komen de helden van weleer toch nog eens op het Zeildoek van de botsauto’s. Belcanto is een fenomeen, met uitverkochte zalen én met een hele rist liedjes die je zonder dat je het weet lustig meefluit. Labadoux ging in ieder geval uit de bol!

Boom’n van de weireld
In de pubtent staat een zevenkoppig energiek ensemble waar de koperblazers uit het goede hout gesneden zijn. Een accordeon en een rudimentair drumstel vervolledigen de sound die afgewerkt wordt met een elektrische gitaar. We horen Nederlands, West-Vlaams en Frans en van alles dat daartussen zit. Met een vleugje jazz en wat geschiedenis uit de Westhoek (“de vijand mag niet zien wat de vijand drinkt”) spelen deze boom’n volgens Radio 1 wereldmuziek uit de Westhoek!

Bears of a Legend
De meeste energieke band van Québec probeert nu Europa te veroveren met Labadoux als springplank! Ze zijn naar eigen zeggen wat blij dat ze de vriestemperaturen van Montreal mochten ruilen voor het tropische België! (Ze moesten eens weten…) Helemaal vooraan staan kenners die de teksten van David Laverne uit volle borst(en) meezingen.
Bears of Legend brengt een eigenzinnig mengsel van folk, klassiek en rock, met onverwachte ritmewissels. We zien weer een stel uitstekende muzikanten die het publiek inpakken met hun enthousiasme. De voorspelling van de inrichters kwam uit: ongetwijfeld één van de revelaties!

Beltaine
In de pubtent staat één van de vooraanstaande folkgroepen uit Polen. Ze staan regelmatig op belangrijke festivals in Europa en mochten dus niet ontbreken in Ingelmunster! Een energieke elektrische viool duelleert met de elektrische gitaar in de echokamer. “Dzień dobry!” roept iemand uit het publiek, maar verder gaat de kennis van Pools niet. Gelukkig verstaan ze ook Engels: “Celtic roots, Slavic spirit, party mood”, vat de zanger hun missie gevat samen!

Et Encore
In de Clubtent begint men achter te lopen op het schema maar zelfs met de soundcheck oogsten deze West-Vlamingen applaus met handen en voeten!. “Plastic Jesus” (in Vlaanderen bekend gemaakt door Roland) wordt ingezet met een intro die veel weg heeft van Burn The Witch van Radiohead. Folkrock is het handelsmerk van deze band uit Deerlijk die al meer dan 10 jaar bestaat.

Yevgeni
Van de Clubtent haasten we ons voor de laatste keer terug onder de Wantebrug naar de concerttent. Zoals een viertal jaar terug is Yevgeni afsluiter. Meteen krijgen we enkele nummers uit hun zesde album 'Tijd is alles': “Adem “(het verhaal van het lange wachten op het vaderschap voor Klaas Delrue) en “Hou het vast”. Het lichtvoetige van “Kannibaal” heeft plaats gemaakt voor ernstiger, meer doordachte teksten, maar daarom niet minder mooi: Het einde van de eeuw is niet voor ons, misschien voor haar… daar denk ik aan!
In een festivaltent horen natuurlijk ook meezingers thuis: Met een “Tururutututuru…” is makkelijk meezingen op “Je moet een man zijn”. En als je ergens per ongeluk terecht komt, zou het wel eens kunnen dat je er niet meer weg wil, dat is “Welkenraedt” (het eindstation van wie de trein vanuit West-Vlaanderen naar Brussel neemt en dat even ver van Brussel ligt als je startplaats). In “Propere ruiten” wordt armoede voor heel even iets moois. Je moet het maar onder woorden kunnen brengen! Maar als zanger op een podium voor een zaal volk kan je zeggen: “Morgen ziet er goed uit”, voor zover ik kan zien!
Delrue vertelt waar hij de mosterd haalt en daardoor begrijp je nog beter wat hij wil vertellen in zijn songteksten. Ik wou hier toch niet zijn, zal wel niet helemaal stroken met de waarheid, maar het doet ons eraan denken dat we ook nog naar elders moeten…

Bedankt Labadoux voor alweer een mooie editie. Geen wonder dat de weergoden dit festival zo goed gezind zijn!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/labadoux-2018/
Organisatie: Labadoux, Ingelmunster

Pieter Vermeyen

Hygge

Geschreven door

Pieter Vermeyen is een klassiek geschoolde pianist en componist die zich later begon toe te leggen op elektronische muziek. In 2016 bracht hij het conceptalbum ‘Inuit’ uit, opgehangen aan de vaststelling dat de inuit (oorspronkelijke bewoners van Groenland) meer dan 20 woorden hebben om sneeuw aan te duiden. Hij pikte er toen vier sneeuw-benamingen uit voor evenveel composities.
Na ‘Inuit’ begon hij aan zijn volgende project: het weergeven van de schoonheid van de stilte en een ode aan de kunst van het luisteren. Dat doet hij in de eerste plaats door slechts één instrument op de voorgrond te zetten: de piano. Die vult hij heel spaarzaam aan met field recordings en iets tussen spoken word en zingen, een beetje gitaar (Michiel De Vry) en saxofoon (Sebastian Fischer). Op “Turde” speelt Iman Mohammad de tweede piano.
Op deze manier komt Pieter Vermeyen uit bij de adjectieven minimalistisch en neo-klassiek. Zeker niet hoogdravend of experimenteel en ook niet het andere uiteinde: vrijblijvend jazzy jammen. De albumtitel Hygge geeft nog het beste weer hoe het klinkt: warm en gezellig, wegdromen bij gedempt licht. Muzikaal komt dit soms in de buurt van Agnes Obel. Ook Wim Mertens, Tangerine Dream, Clannad, Dead Can Dance, Olafur Arnalds, James Blake en Nils Frahm zijn allemaal ongeveer referenties voor de muziek, de stijl of de aanpak op ‘Hygge’, al helt Vermeyen hier meestal toch eerder over naar het neo-klassieke dan naar de popmuziek.
Het is jammer dat Vermeyen niet ook nog een uitstekende zanger is. Dan zouden we in Vlaanderen onze eigen versie hebben van Obel of Frahm. De meeste tracks op ‘Hygge’ zijn instrumentaal. Op “Orke” zit zijn stem wel heel diep verstopt. Op “Taenke” blijkt dat Vermeyen nochtans een prima Nederlandse tekst kan verzinnen die perfect de melodie vertaalt, maar die misschien, ondanks een goede poging, niet mooi meedrijft op die melodie. Ofwel zet hij door met zingen en met het schrijven van songs die zijn zang dragen en dan kan hij uitkomen bij zijn eigen ‘Limit To Your Love’ van James Blake. Of hij haalt er één of meer anderen bij voor de zang. Maar misschien wil Vermeyen daar net ver van wegblijven.
Ook zonder zang of tekst blijven de composities op ‘Hygge’ overeind. De ondertoon is zowat voor elk nummer hetzelfde: melancholie, wegdromen, een warme rust door je te verliezen in de herhaling en de melodie en het gevoel dat je naar de soundtrack van een film aan het luisteren bent.
‘Hygge’ is een bijzonder welkom rustpunt in een wereld waarin alles steeds sneller en jachtiger moet. Pieter Vermeyen neemt in elk nummer ruim de tijd om zijn melodieën op te bouwen en uit te werken, iets wat heel wat andere artiesten verleerd zijn.
Je kan Pieter Vermeyen op 7 juni aan het werk zien in een voor dit soort muziek ongewone setting: de Kinky Star in Gent.

Gurls

Run Boy Run

Geschreven door

Soms hoor je muziek met een geheel eigen stijl en vibe. ‘Run Boy Run’ van Gurls is zoiets. Fris, catchy en met een eigenaardige muzikale invulling. Drie meiden die muziek maken. Verwacht je niet aan een band zoals The Corrs of Haim. Geen lieftallige samenzang maar potige en eigenzinnig indie/punkpop tunes met een jazzy invloed. Ik weet het: er wordt hier met genres en namen gesmeten dat het een lieve lust is maar hedendaagse muziek neemt heel veel elementen uit verschillende genres om het tot een iets nieuws te vermengen. En hier is het wel degelijks iets nieuws en origineels. Vrij minimaal gedaan en toch bijzonder. Moeilijk te vergelijken met andere acts en toch klinkt het niet arty-farty of heel extreem raar.
Maar ze verrassen wel. Bijvoorbeeld op opener “Worried Bout Ya” is het instrumentaria al bijzonder: sax en jazzy bas en minieme percussie. De song op zich is vrij catchy en aantrekkelijk. Soms is de muziek wat moeilijker. Op “Oui” bijvoorbeeld is het echt meer voor jazz/pop liefhebbers. Hun probleem is waarschijnlijk dat ze op sommige songs teveel mainstream gaan voor de jazz liefhebbers en op andere songs teveel de jazz tour opgaan voor de gewone muziekliefhebber. Een groot publiek lijken ze mij niet meteen te bereiken maar het album bezit wel kwaliteit. Kwestie dat ze bij de juiste luisteraars geraken.

Jazz/Soul/Avant garde

The RG’s

The Cricket Sound

Geschreven door

Voor hun tweede album trokken de Wevelgemnaars stadsgenoot Brent Vanneste (steak nr8) aan als producer. Een logische en terechte keuze lijkt mij na beluistering. Het trio brengt muziek met elementen van noise, stoner, alternative rock en indierock in. Een beetje zoals Foo Fighters, Everclear, Kyuss, Biffy Clyro, Monster Magnet etc

Dat levert negen tracks op. Opener “Bored Ass Tony” is meteen een mooie binnenkomer. Een sfeervolle intro, een stonerrock/grunge middenstuk dat zich tot een climax ontwikkelt tot aan het eind van de track. Mooie opgebouwde song. “The Cricket Sound” begint onheilspellend om dan plat gewalst te worden door de logge en zware bassen en de riffs. Krekels? Inderdaad, de vervormde herhaalde gitaaraanslagen doorheen de song kunnen daarvoor door gaan. “Dirty Allen” gaat wat verder op het elan van de vorige song maar is minder opvallend. “All Day” is wat lichter dan de voorgaande songs. Er gloort hier en daar een zonnestraaltje doorheen de donkerte. Het is een vrij catchy nummer ook. Zo ook met “Keep Your Secrets” dat een aanstekelijk refrein heeft. “Dead Inside” drijft weer op de zware gitaren en doet wat van ver aan Audioslave denken. We komen o.a. fijne baslijnen tegen op “My Friend Ed”. Het gitaarwerk galmt bij momenten, vooral naar het einde toe, wat de song wat opentrekt en een gevoel van ruimte geeft. Met “Smack Your Neighbour” wordt er jaren negentig gewijs afgesloten.

‘The Cricket Sound’ is een heel onderhoudend en fijn geproduceerd album geworden. Zeg maar een kopstootje en een kleine wervelwind. Een fijne ontdekking. Wie van rock, grunge en stoner houdt moet dit zeker eens checken. Verder weten de mannen van aanpakken want ze brengen niet alleen het album in eigen beheer uit ze hebben ook een eigen boekingskantoortje opgericht (headachemusicagency.be). Leve de DIY-aanpak dus.

 

The Stanfields

Limboland

Geschreven door

Meteen in de eerste regels tekst van The Stanfields op hun nieuwe album ‘Limboland’ wordt duidelijk dat dit een politiek statement wordt. "A line was drawn in the sand by a fool with a big stick and tiny hands/He promised a wall, talked about greatness and dared to speak for me." Hoewel The Stanfields een Canadese band is, willen ze reageren op het beleid van de Amerikaanse president Donald Trump. Hun boodschap verpakken ze in een mix van folk en potige hardrock. De teksten zijn verhalend en toch heel erg to the point.

Je kan The Stanfields aanduiden als The Levellers zonder de punk-vibe. Het is maar waarmee je begint als referentie. Zonder de politieke boodschap hadden The Stanfields ook een Canadese versie van Mumford & Sons kunnen zijn: dezelfde degelijke, klassieke songs en melodieën, iets meer korrel op de stembanden en geen banjo maar een viool voor de extra folktoetsen. Het verschil maken ze vooral met een zachte ondertoon van country, zonder daarmee expliciet op de voorgrond te komen, behalve dan misschien op de meezinger “How Long Is The Road” en op “California Reaper”.

Zelf noemen ze ‘Limboland’ overigens geen politiek album, maar eerder het luid verkondigen van een algemeen ongenoegen en een vraag naar meer redelijkheid. Niet enkel van Trump, maar ook van mediamagnaat Rupert Murdoch, Justin Trudeau (eerste minister van Canada) en nog veel anderen die meeschrijven aan het verloop van de wereldgeschiedenis. “Iedereen slijpt maar zijn messen, zonder naar elkaar te willen luisteren. Op social media blijft de grootste groep politiek stil, omdat ze anders virtueel afgemaakt worden door een heel kleine groep van politieke extremisten”, verklaart zanger en songschrijver Jon Landry.

The Stanfields houden hun ogen en oren open en kijken ook geregeld naar het grotere geheel. "Your flag (won't save you anymore)” gaat over de klimaatopwarming en hoe de politiek er overal in de wereld maar niet in slaagt om daar een krachtdadig antwoord op te bieden. Het is in dit nummer duidelijk dat de politieke nood ook muzikaal vuurwerk oplevert.

Als geheel bevat ‘Limboland’ meer gebalde en minder uitdijende nummers dan op eerder werk.

Niet alleen politici en zakenmensen krijgen een veeg uit de pan. Op “Let It Run” wordt de luisteraars een spiegel voorgehouden. Hoe wij – als we thuiskomen na een werkdag – alle rede buitensluiten als we voor de tv plaatsnemen en totaal onverschillig blijven voor alle onrecht tot we in slaap vallen. Het is ook een song waarop de band tussen de lijnen zichzelf relativeert: ondanks de sense of urgency die uitgaat van hun teksten, beseffen ze bij The Stanfields dat zelfs hun eigen publiek veelal ‘in slaap’ gesukkeld is.

“Total Black” is een beetje een gemiste kans. Op dat nummer krijgen The Stanfields versterking van het Canadese folk-duo Cassie en Maggie MacDonald (viool en zang). De heldere stem van Maggie biedt een mooi contrast met brombeer Landry, maar ze zijn vergeten dat zoiets pas werkt als je ook nog een degelijke song schrijft. En dat kunnen ze nochtans goed op ‘Limboland’.

De sterkste nummers op ‘Limboland’ zijn behalve “Let It Run” nog “Light”, “Desperation” en “Lantern In The Window”.

 

James Williamson

Behind The Shade

Geschreven door

James Williamson is bijna zeventig en was ooit bandlid van The Stooges. De legendarische begeleidingsband van Iggy Pop. Hij was tevens een songschrijver die bijvoorbeeld alle nummers op ‘Raw Power’ hielp meeschrijven met Iggy Pop. Ook op ‘Kill City’ werkte hij mee en op ‘New Values’ was hij gitarist en producer. Na meningsverschillen tijdens het maken van ‘Soldiers’ (o.a. met David Bowie) stopte hij met muziek maken en ging hij terug technologie studeren.
Na de dood van Ron Asheton in 2009 voegde hij zich terug bij de band om op tournee te gaan. In 2013 maakte hij samen met Iggy ook het ‘Ready To Die’ album.

Voor de vocals op dit solo album trok hij Frank Meyer (zanger en gitarist bij The Streetwalkin’ Cheetahs) en Petra Haden (The Haden Triplets, That Dog) aan. De uptempo nummers waarop Frank Meyer zingt sluiten nog het meest aan bij het werk van The Stooges. Dat geldt dan bv voor de felle opener “Riot On The Strip”. Er staan wel meer warmere en iets ingehouden tracks op. “Judith Christ” is een heerlijke rock and roll track. “Pink Hearts Across the Sky” is een door Petra Haden gezongen track dat een beetje als een Amerikaanse singer-songwriter/rock track klinkt. Laten we zeggen genre Sheryl Crow.
Het grootste verschil met The Stooges is dat het gitaarwerk hier ook knettert maar dan meer als van een haardvuur terwijl hij met The Stooges zijn gitaar liet slijpen en zagen. Het gevolg is een diep in rock and roll gedrongen album dat warm en Amerikaans klinkt. Soms vinnig en in enkele gevallen wat te gezapig, o.m. een “You Send Me Down”. Hier is zijn gitaarspel te gewoontjes. Hij is sterker wanneer hij wat kan wringen en scheuren met zijn machine. Songs schrijven kan de man in elk geval. Dat bewijst hij hier terug. Zijn ook de moeite: “Destiny Now”, “Miss Misery” (ballad), “The Revolution Stomp” en het titelnummer dat een countrysound meekreeg. Er wordt afgesloten met een heel fijne cover van Escovedo’s “Died A Little Today”.

Wie denkt om een echt Stooges album te horen te krijgen zal bedrogen uitkomen. Ik denk eerder aan een Fogerty, Petty etc… Maar toch is dit album een bescheiden pareltje van een legendarische muzikant. Rocksongs zonder veel pretentie en aangevuld met de warmte van americana en country. Hier en daar zorgende  sax of keys voor wat kleur. De twee vocalisten die hij aantrok zijn erg goed gecast voor deze job. Gewoon een heel solied album.

Pagina 232 van 498