AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

The Nomads

The Nomads - Garage-nostalgie

Geschreven door

We herinneren het ons nog levendig, de wervelende passage van The Nomads op het Futurama festival in 1985. De Zweedse band was toen één van de voortrekkers van de toenmalige garage rock revival, samen met bands als The Cramps, The Gun Club en The Scientists. De sound van The Nomads was lekker vet, smerig en straight tot the edge. In de jaren tachtig resulteerde dit in de legendarische mini albums ‘Where The Wolf Bane Blooms’ en ‘Tempation Pays Double’ (later samengebundeld in ‘Outburst’) en ‘Hardware’. Nadien brouwden The Nomads met een nieuwe bassist en drummer een handvol platen waarop de straight forward rock’n’roll nog wel floreerde maar de magie van de eerste jaren niet meer werd geëvenaard.

Puur uit nostalgie trokken wij naar de 4AD en we mochten er vaststellen dat The Nomads aan hun oorspronkelijke betrachting trouw gebleven waren, namelijk rechttoe rechtaan rock’n’roll spelen op hoog volume.
De setlist mocht van ons gerust nog wat meer gegraaid hebben in de periode tot ’87 en wij misten eerlijk gezegd ook een beetje dat typische sixties orgeltje, maar u gaat ons verder niet horen klagen. We nemen hen niets kwalijk, de overgebleven stichtende leden Nick Vahlberg (zang/gitaar) en Hans Ostlund (leadgitaar) worden nu immers al bijna 30 jaren geruggesteund door dezelfde ritmesectie, het is dus normaal dat het viertal aan de slag ging met de dingen die men in al die jaren samen verwekt heeft.
Spontane rockers uit die latere periode als “I’ve Seen Better”, “House Of Cards” en “Top Alcohol” hakten er lekker in en ook de nieuwe single “Working For The Man” rockte en rolde dat het een lust was.
Het laatste full album dat The Nomads maakten in 2012 heette trouwens ‘Solna’ en het is ons, en waarschijnlijk u ook, volledig ontgaan. De band puurde er nochtans maar liefst 4 songs uit, en ook al konden die misschien niet tippen aan die potige songs van weleer, The Nomads wisten er toch mee het boeltje in vuur en vlam te zetten. Vooral het Ramones-achtige “American Slang” had heel wat buskruit in de tank zitten.
Natuurlijk bruiste het zaakje het meest wanneer de ouwe krakers van de originele Nomads in de jaren tachtig ten tonele kwamen. “Knowledge Comes With Death’s Release” (met Hans Ostlund even als leadzanger), “Where The Wolf Bane Blooms” en een heftig “Lowdown Shakin’ Chills” brachten de power en het venijn van de prille jaren tachtig weer helemaal terug. En op het eind werden “Move It On Over” en een zeer onstuimig “Call Of Your Dogs” uit die ouwe kast gehaald. Het klonk nog even furieus en hondsdol als zo een dikke 30 jaar geleden.


Er stonden nog heel wat songs op ons verlanglijstje die helaas onaangeroerd bleven, maar wij waren geenszins ontgoocheld met de onversneden rock’n’roll die deze legendarische garagerockers hier door de 4AD joegen.

En er is goed nieuws  voor wie nog een keertje extra in dat garagesfeertje wil vertoeven, ook The Scientists komen voor een eenmalig concert naar België. Place To Be : N9 te Eeklo op 05/06, de band treedt er aan in de originele bezetting.


Support acts Tom Holliston – Selina Martin

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-nomads-16-03-2018/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/tom-holliston-16-03-2018/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/selina-matin-16-03-2018/

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Harry Styles

Harry Styles - Tieneridool ontplooit zich tot volwaardige popster

Geschreven door


Harry Styles is, laat ons zeggen , het populairste afkooksel van One Direction. Maar tegenwoordig is er ook meer dan dat. Met een van de meest verrassende albums van 2017 en een, toch al vrij indrukwekkende geschiedenis, palmde dit Brits tieneridool zonder moeite het Sportpaleis in.

Met een overvolle zaal die grotendeels uit gillende meisjes bestond, want wat had u anders verwacht, was Antwerpen klaar om ex-One Direction lid en idool Harry Styles te onthalen. Bij de minste bewegingen op het podium, of zelfs het minste geluid, werd het publiek al gek en vielen de eerste 10 rijen fans al meteen in zwijm. Een wezzel van geduw en getrek, om toch maar zo dicht mogelijk bij hun grote held te geraken en alles te kunnen volgen vanop de eerste rij.
En plots stond hij daar, Harry Styles, charismatisch in een rood Alexander McQueen pak. Wandelend van de ene kant van het podium naar de andere, begroette hij zijn fans met gezwaai en lucht kusjes. Iedereen stond meteen recht, nog voordat Styles ook maar één noot gezongen had.
Openen met “Only Angel” was de bal eigenlijk meteen een beetje binnen koppen. Een nummer dat begon met Engelengeluiden, maar zich al snel ontpopte tot een song dat perfect ontstaan kon zijn in de jaren 70. Ook “Woman” was een nummer dat ons deed denken aan de pop-nummers uit een tijd die zich 40 jaar geleden afspeelde. Mick Jagger en tijdens “Carolina” vooral John Lennon, kwamen tevoorschijn in onze gedachten. Bijna zouden we geloven dat het concert eerder bedoeld was voor de ouders van dit voornamelijk jonge publiek.
“This is a new song, but if you know the words, please sing along”, waarna Styles de eerste noten van “Medicine”, een nummer dat gaat over zijn flirtgedrag met iemand van hetzelfde geslacht, inzette. Ja, u leest het goed, een jongen dus. Nieuw of niet, het Antwerps publiek kon “Medicine” al van voor tot achter meezingen en zo werd het Brits idool zijn vraag opnieuw ingevuld. Impressionant!
One Direction’s doorbraak single “What Makes You Beautiful” stond ook op de setlist, maar dan in een volledig ander jasje. Net zoals “Stockholm Syndrome” en “If I Could Fly”. Laat ons zeggen dat dit het deel van de set was dat eigenlijk het minst boeide en ook een beetje overbodig was. Al konden we de toevoeging van de nummers tegenover het publiek ergens wel snappen
“Mooie liedjes duren nooit lang” zeggen ze. Gelukkig had Harry Styles deze ‘mooie liedjes’ gehouden tot het einde van de show . “Sign Of The Times”, Styles’ solo debuut single, was vorig jaar niet weg te slaan uit de hitlijsten. En terecht, want deze song zou wel eens hét ballad anthem van 2017 genoemd kunnen worden. Zichzelf volledig overtreffen deed deze jongeman door “The Chain”, van Fleetwood Mac te coveren om nadien af te sluiten met meest recente single “Kiwi”.

Styles slaagde er in om zonder al te veel toeters en bellen een deftige show neer te zetten, waarmee hij duidelijk kon overtuigen. Geen vuurwerk, geen al te speciale effecten. Gewoon de Brit, omringd door een straffe live band. Vergeet het, Harry, de mooiboy van One Direction is niet meer. Het tieneridool heeft zich volledig ontplooid tot volwaardige popster dat u mag aanspreken met vanaf nu gewoonweg ‘Harry Styles’. Aangename kennismaking! 

Organisatie: Live Nation

BBC Planet Earth II live in concert

BBC Planet Earth II live in concert – Ode aan Moeder Aarde en diens wonderlijke schepsels



Dat’Planet Earth II’, de documentairereeks van BBC over buitengewone natuurfenomenen, ook in ons land een enorm succes werd, mag niet verbazen. Gedurende meer dan drie jaar verzamelden de makers beelden in een 40-tal verschillende landen. Fans van het eerste uur die houden van een streepje meerwaardemuziek moesten woensdag 14 maart in de Lotto Arena zijn: de beste beelden van de bekroonde documentaire werden er immers getoond op groot scherm, begeleid door live muziek van het Praags Filharmonisch Orkest.

Planet Earth II Live in Concert  was een niet te missen totaalervaring want de hoge verwachtingen werden absoluut ingelost. De muziek, bedacht door  Oscarwinnend filmcomponist Hans Zimmer (‘The Lion King’, ‘Gladiator’, ‘inception’, ‘12 years a slave’) met mede-componisten Jacob Shea en Jasha Klebe, zorgde voor een extra dimensie, die van de eerste seconde voor kippenvel zorgde. Een 80-tal uitmuntende muzikanten voerden deze verrassend frisse compositie uit onder leiding van dirigent Matthew Freeman.
Naast de muziek was ook het beeld van een bijzonder hoge kwaliteit en door de gigantische omvang ervan, gaf het oog in oog staan met een hongerige Kalahari-leeuw of een roepende Indri toch net een andere dimensie aan de al eerder vertoonde beelden. De toeschouwers lieten zich meevoeren naar exotische eilanden, dorre woestijnvlaktes en mangrovewouden, maar ook naar metropolen en Europese (Vlaamse?) velden, waar het leven van de dwergmuis nooit eerder zo dichtbij in beeld werd gebracht. De meeslepende muziek, die voortdurend in interactie trad met de beelden, leverde vaak ontroerende, maar nu en dan ook hilarische momenten op.
Onze eigenste natuurgoeroe Dirk Draulans voorzag de beelden van tekst en uitleg maar het moet gezegd, hij kon bijlange niet aan de goddelijke Sir David Attenborough tippen. Gelukkig spraken de beelden voor zich. Zo gleed er een zucht van verlichting door de zaal wanneer (de inmiddels legendarisch geworden) beelden getoond werden van een babyzeeleguaan die ternauwernood aan een slangenwurggreep ontsnapte en werd er medelevend gereageerd toen een ijverige luiaard de verleidingskreten van een vrouwtje volgde om dan vast te stellen dat een rivaal hem net voor was. Een collectief lachsalvo brak dan weer uit toen een bruine beer zich al dansend tegen een boomstam ontdeed van jeukende parasieten.

‘Planet Earth II Live in Concert’ was een ware ode aan Moeder Aarde en haar wonderlijke schepsels in een wereld van verandering. Hopelijk kunnen we in de toekomst nog van dergelijke spektakels genieten. Uiteraard hangt dit in eerste plaats af van de richting waarin we onze planeet sturen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/bbc-planet-earth-ii-14-03-2018/
Organisatie: Greenhouse Talent

 

Jessie Ware

Jessie Ware – Een geboren performer aan het werk

Geschreven door

Jessie Ware – Een geboren performer aan het werk
Jessie Ware + Ivy Falls
Ancienne Belgique
Brussel
2018-03-14
Mark Van Mullem

De zaal was dan wel officieel niet uitverkocht, woensdag 14 maart 2018, we durven er bijna gif op  innemen dat dat wel het geval was tegen dat het Britse fenomeen Jessie Ware aan haar set begon voor een behoorlijk tjokvolle AB, waarbij mensen ook op de trappen van de tribunes zaten. Neem ons nu niet op onze woorden wat dat gif betreft, maar het was alleszins gezellig druk woensdagavond.

Wanneer het Gentse Ivy Falls aan hun set begon, was er toch al redelijk wat volk opgedaagd in de AB. Nog voor we kans kregen ons te ergeren aan die paar praters in de zaal, werden die automatisch de mond gesnoerd wanneer de fragiele en wonderlijke stem van Fien Deman door de zaal klonk. Jawel, het gepraat stokte. Faut le faire! Met hun heerlijke atmosferische elektronische droom- en fluisterpop, of ook triphop, wist Ivy Falls dan ook te overtuigen en bekoren, woensdagavond in de AB. De knappe muzikale blend van ondermeer Elisa Waut, Björk, Paatos of ook Lamb en natuurlijk het zalvend mooie stemgeluid van Fien Deman zorgden er zeker voor dat de fan base na woensdag vergroot werd. Nadat de geniale single Twelve op ons werd losgelaten, als laatste snoepje in de set, dankte Deman het publiek uitdrukkelijk voor het aandachtig luisteren, al had ze dat natuurlijk volledig zelf afgedwongen.
 
Stipt negen uur. De laatste noten van Running Up That Hill, die fenomenale eighties hit van Kate Bush die we integraal cadeau kregen, verstomden. Terwijl klaar en duidelijk naam en titel Jessie Ware en ‘Glasshousing’ geprojecteerd werd, had Wares band al discreet plaatsgenomen achter een lang wit scherm, later bleek dat de muzikanten ook volledig in het wit gehuld waren, net als Jessie Ware zelf trouwens. De Londense zangers wandelde onder luid applaus het podium op om meteen te imponeren met een heel erg knappe, ei zo na a capella-versie van “Sam”. Of hoe de Britse haar sterke vocale kunnen meteen etaleerde. En die vocale kwaliteiten en capaciteiten bleven op hoog niveau tijdens de rest van de set.

Ware had haar show verdeeld in verschillende stukken zoals “Exposition”, “Climax”, “Dénouement”  respectievelijk ‘Acts I’, ‘II’ en ‘III’, de toegiften zaten vervat in ‘Act IV: Encores’. Tijdens de volledige eerste act stond Wares begeleidingsband keurig 'verstopt' achter de (doorzichtige) schermen, met alle spots op Ware. Zo leek het wel of de zangeres er moederziel alleen stond. We vroegen ons af of ze haar band tijdens de hele show zou 'wegstoppen' maar bij aanvang van ‘Act II: Climax’ gingen  de bewuste schermen dan toch weg, al bleef de band op de achtergrond op hun eigen mini-podiumpje, terwijl de zangeres voortschreedt en zuinig danste over het voor haar dan ogenschijnlijk veel te grote podium.
Het jongste album ‘Glasshouse’ was goed vertegenwoordigd in de set, met behalve het eerder vermelde “Sam” ook “Last of the True Believers”, “Thinking About You”, dat de zangeres voor en over haar dochtertje schreef, het up tempo “Your Domino” en “Selfish Love” alsook “No To Love”, twee van onze favorieten die ons zonder veel overdrijven stilistisch en muzikaal alsook qua sfeer een beetje deden denken aan zowel Grace Jones als Sade. Maar bij Ware is het dan net ietsje te veel geregisseerd en afgelikt. Niet dat wij ons nog illusies maken dat er bij diva Jones nog veel échte spontaniteit aan te pas komt.
“Vermaken jullie je een beetje, Brussel? Ik weet het nooit zeker want jullie luisteren altijd zo aandachtig en dat vind ik fantastisch” wou Ware kwijt aan het AB-publiek. Toen ze wat later vroeg om mee te zingen, was dat geen enkel probleem. De jonge meisjes achter ons besloten vervolgens om net dat ietsje meer te doen en vanaf dan van elk liedje alle woorden mee te schreeuwen. Bij hits als “Say You Love Me”, “Tough Love” of ook “Running” dat al vrij vroeg in de set zat, ging dat als vanzelf.

We stelden vast dat de Britse zangeres een geboren performer is en dat ze die prachtige stem een hele show mooi kan aanhouden. De tongue-in-cheek-popdeuntjes konden ons evenwel niet allemaal bekoren, ook omdat niet alle liedjes even sterk zijn. Soms klonk de muziek ook wat te gladjes en gefabriceerd, te braaf ook, waarop je je afvroeg wat die live-band, die dan ook (letterlijk) nog es flink naar de achtergrond geplaatst werd, daar eigenlijk stond te doen. We dachten dat er op elk moment een vette soulfunk groove kon aankomen, of iets in die orde... maar dan hadden we ons vergist.
Maar dat hier een groot vocaal talent op de planken stond, is wel duidelijk. Nu nog wat meer van die liedjes die er echt uitspringen en een iets meer levendige begeleidingsband, Jessie! Of minder bling bling en show en nog meer muzikaliteit.

Ism Luminousdash.com http://www.luminousdash.com

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/jessie-ware-14-03-2018/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/ivy-falls-14-03-2018/

Organisatie: Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

Date at Midnight

Songs To Fall And Forget

Geschreven door

Deze Romeinen bestaan sedert 2007 en zijn met hun nieuwste telg toe aan release nummer 2. Erg productief zijn ze dus niet maar als het gaat om kwaliteitsvolle gothic albums zoals ze hier presenteren dan wordt hen dat zeker en vast vergeven. Immers liever kwaliteit dan kwantiteit.
De heren van Date at Midnight maken een soort gothic rock dat goed in het gehoor ligt. Weg van de metal of EBM invloeden. Echte klassieke gothic rock met galmende en warme gitaarklanken, een wat donkere stem, dromerige passages en teksten die typerend voor het genre zijn. Melancholie en melodie vind je zeker terug in deze release.
Verdeeld over 12 songs weten ze je mee te nemen in songs die soms naar poprock neigen en dan op een andere keer wat nijdiger uit de hoek weten te komen zonder mensen echt af te schrikken. Ben je liefhebber van bands zoals The Mission, 69 Eyes, London After Midnight, The Danse Society? Dan moet je beslist deze eens uitproberen. Wil je nog de vinylversie dan ga je snel moeten zijn om nog een exemplaar te kunnen aanschaffen want ze is gelimiteerd. Ook verkrijgbaar als digipack en download.

Dead Astropilots

New control

Geschreven door

Simon Dak en Rachel Biggs vormen Dead Astropilots en hebben hun thuisbasis in het Franse Lille. Net over de grens dus. Heel veel meer weet ik over hen niet. Ik vermoed dat dit hun debuut is want ik vond niets anders terug over hen.
Simon zorgt voor de gitaren, programming en de vocals. Rachel Biggs zorgt voor de programming en de vocals. Ze wisselen elkaar dus af voor de vocals. Rachel heeft een aangename stem dat sensueel alsook gedecideerd kan klinken. In opener “Giallo” klinkt ze bijvoorbeeld vrij gedecideerd. Het nummer is voorzien van een strakke beat en een gothic gitaarlijntje. Het refrein klinkt vrij catchy. “Libertine Patrol” heeft een wat spacy karakter. Op “Cities” krijgen we wat scherpere gitaarklanken en een samenzang van Simon en Rachel. Bij “Soul Beats” staat er tussen haakjes live. Als dit idd een live track is dan klinkt die wel goed. Tien songs presenteren ze ons met telkens een stevige beat, synthbas, gothic gitaar, synthwerk en vocals. Geen enkele song is een opvuller. Rachel is wel iets sterker in de vocals dan Simon. Dat merk je vooral op “Inside A Dream” waar hij de vocals zo goed als alleen doet. Gelukkig zijn de meeste vocals in samenzang of door Rachel gedaan en is het songmateriaal goed en voorzien van een goede productie.
Een heel degelijk electro album met invloeden uit cold wave, post punk en aanverwante genres mooi verwerkt in een eigen geluid. Een duo dat ik graag eens live aan het werk zou zien. In het begin van het jaar stonden ze enkele malen in Lille en op 2 maart in Parijs samen met NU:N en Trouble Fait.

Desert Storm

Sentinels

Geschreven door

Al tien jaar werkt deze Oxfordse band aan hun muzikale carrière. Met ‘Sentinels’ zijn ze intussen aan hun vierde album toe. Ze omschrijven henzelf als sludge maar ik zie ze eerder als een metal/stoner band. Hun vette en zware riffs vinden hun oorsprong wat in de muziek van Black Sabbath. Muzikaal zitten ze ergens tussen Black Revolver en Mastodon. Matt Ryan heeft een imposante en brute stem die heel goed past bij de muziek. Songsgewijs weten ze het spannend te houden door de nodige tempowisselingen (“Convulsion”), gitaarsolo’s of mooie intro’s (“Too Far Gone”). Dat is nodig aangezien ze meerdere tracks hebben die de zeven minuten overschrijden. Een hoogtepunt is ongetwijfeld “Kingdom of Horns” dat vertrekt vanuit een mooie sfeervolle intro en die doorheen de song trekt. Af en toe komt er een uitbarsting om dan terug te keren naar de haast feeërieke beginsfeer. En trouwens wondermooi gezongen door Matt Ryan die hier bewijst van meerdere markten thuis te zijn op het vlak van vocals. Een echt prijsbeest dit nummer. Ook “Capsized” is een eerder rustige maar mooi uitgewerkte track.
Op “Sentinels” bewijst Desert Storm hun bestaansrecht meer dan voldoende. Acht machtige songs en een intro en outro die het album compleet maken. Geef hen een podium op enkele grote festivals. Ongetwijfeld gaat het dak eraf met deze songs.

Gura

Caligura

Geschreven door

Sludge kan al behoorlijk heftig klinken. Wat dan met experimentele sludge? Wel, het Belgische trio Gura maakt al sinds 2004 experimental sludge. Maar wat betekent dat dan concreet? Wel één van de grootste verschillen met veel bands uit dit genre is dat ze niet zozeer leunen op gitaren maar dat ze een teamlid (Ludo) hebben die free jazz saxofonist is en dit verwerkt in de muziek van Gura. Daarnaast doet hij ook de vocals. Leentje speelt bass en David op de drums.
Met ‘Caligura’ zijn deze Gentenaars aan hun derde release toe. Verwacht je aan intense muziek. De sax vult een belangrijke rol in en klinkt best neurotisch bij momenten. Het is dus geen al te gemakkelijke muziek om naar te luisteren maar wel origineel en eigenzinnig. Vooral in het genre waarin ze zich begeven. Maar de schijnbaar structuurloze songs en de vervormde klanken, alsook de bij momenten overheersende percussie maakt dat je bij een eerste luisterbeurt murw geslagen wordt. Het lijkt alsof ze alle wetmatigheden over muziek maken overboord smijten en vanaf nul alles opbouwen. Grooven doen ze wel zoals op “Come On, Francois!”. Een dikke vette bas en de percussie leggen hiervoor de basis. De sax en vocals lijken eerder aankleding te zijn. De vocals klinken alsof ze door een waanzinnig duivel gezongen worden. De twee laatste tracks duren telkens meer dan tien minuten en zijn nogal donker en episch. Vooral “Eternal Black Gurgle” dat neigt naar doom en black metal kan mij bekoren.
Gura heeft een album gemaakt waarvoor de doorsnee luisteraar zal voor wegzappen. Wie houdt van sludge en doom zal wanneer hij enige moeite doet zich hier kunnen in vinden. In elk geval is dit een vrij eigenzinnig en originele release.

Slow Pilot

Gentle Intruder

Geschreven door

Slow Pilot brengt op zijn debuutalbum ‘Gentle Intruder’ dromerige (f)luisterpop met een dikke gouden rand. Denk aan het beste van Tim Finn of Crowded House, aan Dadawaves of aan Hooverphonic  en Fleetwood Mac, maar dan met een fijne, zachte mannenstem. Gesneden koek voor het publiek van Radio 1, Radio 2 en Duyster, mocht Stubru dat programma ooit opnieuw willen invoeren.
Slow Pilot is nog geen klinkende naam bij het grote publiek, maar daar kan binnenkort verandering in komen. De band is opgebouwd rond Pieter Peirsman. Die schuimde een paar jaar de lokale rockrally’s af om dan te ontdekken dat hij toch geen ambitie heeft als rockster. Hij heeft er wel een paar knappe rocksongs aan overgehouden. “Little Boy” stamt uit die periode. Het nummer refereert openlijk naar dEUS ten tijde van ‘Vantage Point’. Dat probeerde zowat elk beginnend bandje dat in die periode, maar in de versie van Slow Pilot lijkt het ook allemaal te kloppen.
Slow Pilot heeft veel tijd en moeite gestoken in de arrangementen en in de integratie van strijkers in zijn dromerige popmuziek. Hoe ze die laagjes aan violen opbouwen doet soms vaag wat denken aan de manier waarop Led Zeppelin daarmee aan de slag ging op pakweg Kashmir. De strijkers geven heel wat songs een extra dimensie. “Parade” zou zonder strijkers een Britpopnummer zonder eigen gezicht zijn. Single “Gentle Intruder” zou nooit zoveel warme weemoed uitstralen zonder die bijna oosterse, melancholische violen.
Dat de nummers van Slow Pilot ook zonder al die toeters en bellen overeind blijven, hoor je in de tweede helft van het album. Dan rijdt deze trage piloot eerder op het baanvak van Pauwel De Meyer en Crowded House, met iets meer aandacht voor de teksten en misschien net iets minder uitgewerkte arrangementen, hoewel. Het blijft wel altijd heel poppy, overgeproduced en radiovriendelijk. Alles is mooi gladgevijld en elke opgenomen seconde werd ingevuld. Elk nummer zou een single kunnen zijn. Alleen het afsluitende “Dance The Night Away” klinkt misschien net iets te donker om bij een breed publiek aan te slaan, maar dan nog is het één van de beste nummers op dit album.
‘Gentle Intruder’ maakt zijn naam helemaal waar. Deze tijdloze popmuziek slaat je niet in één keer knock out, maar sluipt heel gewiekst, op kousenvoeten, binnen in je wereld. Slow Pilot verstaat als geen ander de kunst om luisteraars te laten genieten zonder dat die het zelf beseffen.

Editors

Violence

Geschreven door

We weten dat de Editors meteen al een grote fanbase wisten te verzamelen met hun debuut ‘The Back Room’. Een album dat postpunk, donkere indierock en geweldige songs bevatte. Hun opvolger ‘An End Has A Start’  maakte hun succes nog wat groter met singles als “Smokers Outside the Hospital Door”. Hun derde album ‘In The Light and On This Evening’ brak met de postpunk en bevatte, naast een kleurrijke hoes, veel electro. Het werd op gemengde gevoelens onthaald door de fans van het eerste uur maar het bevatte wel de geweldige single “Papillon”. Het succes bleef dus nog groeien, ze speelden op grote festivals en verkochten de grote zalen uit. Mede door hun uitstekende live reputatie. De liveversie “No Sound But the Wind” werd een gigantisch succes en zo werden de Editors een grote mainstream band die albums maakte waarmee ze meer en meer op de grote podia mikten en verder weg van hun beginjaren lagen. Zo is de band commercieel en muzikaal wat op het niveau van Coldplay gekomen. Je mag het leuk vinden of niet , maar klinken zoals in hun beginjaren gaan ze niet meer doen. Als je daar op wacht mag je afhaken. Nu, wat valt er van hun zesde album te zeggen?
Ook op ‘Violence’ wordt er nogal bombast gebruikt. De single “Magazine” is daar een voorbeeld van. Maar het is wel een degelijke single. Verder wordt er verder gegaan waar ‘In Dreams’ stopte. Het geluid is wat breder geworden en er is subtiel wat moderner geluid ingeslopen. Hier en daar wat verwijzingen naar hedendaagse bands zoals een The War On Drugs. Tom Smith moet gedacht hebben we steken ook wat van hun elementen in de muziek om de jonge massa aan te trekken en up to date te klinken. Wel dat is vanuit dat perspectief zeker en vast gelukt. Hun volgende single “Hallelujah (so low)” is een beetje een gelijkaardige song als “Magazine”. Het presenteren van “No Sound But The Wind” op ‘Violence’ lijkt toch wat op gebrek aan inspiratie te duiden. Het album bevat slechts negen songs waarvan één dus die tien jaar oud is. Geef mij dan maar de openingstrack “Cold”. Een song dat meteen aanspreekt en blijft hangen. En met voldoende elementen om te blijven boeien. Een geschikte single kandidaat. De teksten zijn nog steeds wat donker en zwaar op de hand. Muzikaal proberen ze dit toch wat te ontlopen. Nog een sterke track is de afsluiter “Belong”. Met de nodige strijkers en sentiment maar wel perfect gebracht. Met een mooie synthlijn die doorheen de song loopt. Op “Nothingness” komt de electro naar de voorgrond en kon het een song uit ‘In The Light and on This Evening’ zijn.
Met ‘Violence’ continueren de Editors hun status. Voor wie niet blijven hangen is bij “The Back Room” en voor de gemiddelde muziekluisteraar die zijn gading vooral bij de radio haalt is ‘Violence’ terug een pareltje met vlotte en deskundig gemaakte tracks. Editors bieden net dat beetje meer kwaliteit dan de meeste bands in de ultratop. Wie ‘In Dreams’ en ‘The Weight of Your Love’ goede albums vonden kunnen deze zich blindelings aanschaffen. Ikzelf zal nog eens ‘The Back Room’ boven halen.

Buffalo Tom

Quiet And Peace

Geschreven door

‘Quiet And Peace” is niet meteen een geruststellende titel voor de fans van het oudere werk van Buffalo Tom. In de jaren ’90 werd de Amerikaanse alternatieve rockband bij de grunge gerekend dankzij luide gitaren en hoog oplopende passie. Denk aan “I’m Allowed” of  “Taillights Fade” en je denkt niet meteen aan rust en vrede.
Buffalo Tom vierde vorig jaar de 25ste verjaardag van hun doorbraakalbum ‘Let Me Come Over’ en speelde dat album tijdens een uitverkochte show in de AB in Brussel.
Voor ze dat doorbraakalbum integraal brachten, was er een opwarmronde met hun andere hits en met één nieuw nummer. “Freckles” (sproeten) kon zich toen maar met moeite staande houden tussen oudjes als “Sodajerk”, “Tree House” en “Summer”. Het nummer ademde uit elke porie onschuld en heeft geen scherp randje, geen ‘sense of urgency’ en geen volledig opengedraaide versterker die de emotie nog wat dieper in je onderbuik duwt. Het kabbelde rustig voorbij. Je kon tijdens “Freckles” makkelijk naar de toog achter de volgende pintjes zonder het gevoel te hebben dat je iets van de show had gemist. Niet echt een nummer dus om de fans met veel vertrouwen te laten uitkijken naar het nieuwe album.
Toch is dat nieuwe album een sterk Buffalo Tom-album. Niet alleen omdat “Freckles” nog flink opgeruwd werd, maar vooral omdat er voldoende betere songs staan op “Quiet And Peace”.

De eerste tracks, “All Be Gone” en “Overtime”, zijn gewoon degelijk en herkenbaar, maar blinken nog niet uit. De passie en het drama zijn grotendeels weg, maar er is vakmanschap voor in de plaats gekomen. Op een aantal tracks mag bassist Chris Colbourn de leadvocals voor zijn rekening nemen. Dat doen ze al langer. Zo kan Janovitz tijdens optredens zijn stem wat laten rusten. Op een album klinkt het toch wat smooth en doorsnee en mis je de grove korrel van Bill Janovitz. Het maakt dat “Roman Cars” en “See High The Hemlock Grows” niet helemaal hun potentieel benutten. Nog dieper zinkt de band weg op het melige “Only Living Boy In New York”, een op Simon & Garfunkel-leest geschoeide samenzang van Janovitz en Colbourn. Maar dat is maar een schoonheidsfoutje. Als ze dat nummer live brengen, weten we dat het moment is om de volgende pintjes te gaan halen.
Waar zijn dan al die goede songs op ‘Quiet And Peace’? Grofweg vanaf de tweede helft van het album slaat de slinger in de juiste richting. “In The Ice” en “Least We Can Do” zijn gewoon heel degelijke songs in de traditie van de vroege REM en Replacements. Stevig rocken als in de jaren ’90 doet Buffalo Tom op “Little Sister (Why So Tired)” en op het vurige “The Seeker”. “Slow Down” is ten slotte het beste nummer op het album. Het had 26 jaar geleden niet misstaan op ‘Let Me Come Over’.
Buffalo Tom komt deze zomer naar het Cactusfestival in Brugge.

Partisan

We Have Been So Terrible Betrayed (EP)

Geschreven door

Een trio Gentse muzikanten bestaande uit ex-leden van Oathbreaker, Maudlin en Rise And Fall hebben samen een debuut gemaakt vanuit een geheel andere invalshoek. Geen post-metal, Hardcore of punk op dit album. Wel melodieuze en energieke poprock muziek met elementen uit postpunk, rock and roll etc… Partisan is Cedric Goetgebuer (gitaar en zang), Ivo Debrabandere (drums) en Thijs Goethals (bas).

“You And I” opent de EP energiek met een catchy powerpop song. “No Last Surrender” brengt mij terug naar de Belgische rock ten tijde van eind de jaren 80 en begin de 90’s met bands zoals The Romans. Maar ze lijken ook beïnvloed te zijn door bands als Ride en Mudhoney. “Change” bezit wat shoegaze elementen. “Sometimes” heeft fragiel gitaarwerk en een heerlijk zingende lage bas. Het drumwerk op al de tracks zijn stuwend en sporen de songs aan. “Forget” is melancholische en eerder slome track die het gevoel lijkt weer te geven van een man diep weggedoken in zijn eigen gedachten. We eindigen met “We Have Always Loved You” en dat is een track bestaande uit een spoken words sample en gitaar/bassounds. Hier gaat het meer om impressie en sfeer ipv songschrijverij. Geschikt om o.m. een optreden mee te starten.

Partisan presenteert hier een heel fijne EP. We zagen hen een tijdje terug in de Grote Post aan het werk en ze kunnen de energie van dit album zeker overzetten op het podium. Een goed geluid hierbij is van vitaal belang want het zit hem soms in de subtiele klanken. Maar een band waar ik alvast meer wil van horen.

 

Tommy Stewart’s Dyerwulf

Shadow In The Well (EP)

Geschreven door

De oudere metalheads kennen Tommy Stewart misschien nog van Hallows Eve, de Amerikaanse thrashband die in de jaren ’80 o.m. Drie albums uitbracht op Metal Blade Records. Sindsdien gaat het Stewart minder voor de wind.
Met Tommy Stewart’s Dyerwulf zit de Amerikaan ook op een ander spoor dan dat van de thrash. Dit startte als eenmansproject, maar werd na de eerste release aangevuld met drummer Eric Vogt van Armed Chaos. De single “Shadow In The Well” is de voorbode van het tweede album van Tommy Stewart’s Dyerwulf, dat pas in november zal uitgebracht worden. Het duo brengt hierop slepende doom met cleane vocalen. Het ritme van drum en bas heeft het iets van postmetal, al had het ook stoner of sludge kunnen zijn, maar de vocalen en gitaren duwen het toch een andere richting uit, meer naar het atmosferische.
Ook best te genieten voor wie niet elke dag een plak doom tussen zijn boterhammen legt.
https://tommystewartsdyerwulf.bandcamp.com/

 

 

Hollywood Burns

Invaders

Geschreven door

Voor wie heimwee heeft naar de soundtracks bij films als Top Gun, Ghostbusters, Fame of Flashdance kunnen we ‘Invaders’ van Hollywood Burns aanbevelen. Dit project van Parijzenaar Emeric Levardon recycleert de meest verguisde elementen uit de cinematografische disco met synthwave en eurodance. Het is onvoorwaardelijk dansbaar, bijzonder aanstekelijk en het klinkt alsof je de hele tijd op een ‘foute’ party staat.
Zelf zegt hij de mosterd te halen bij films als ‘Psycho’ en ‘Alien’, maar creepy wordt het nergens. Voor wie op zijn Facebookpagina zegt dat hij Dimmu Borgir goed vindt, had het allemaal wat extremer mogen klinken. Dan klinkt dit toch eerder als Harold Faltermeyer, Jean-Michel Jarre, John Williams of Giorgio Moroder.
Een beetje jammer dat hij voor zijn retro-elektro bijna nergens afwijkt van zijn standaard-formule. Zo zijn bijna alle tracks instrumentaal, behalve “Came To Annihilate” (met een stemvervormer die weinig heel laat van de vocalen) en een sample van een stem op “Revenge Of The Black Saucers”.  De enige echt als dusdanig herkenbare vocale bijdrage staat op “Survivor”, meteen ook de beste track van dit album. Het niet-echt overtuigende Engels nemen we er dan graag bij.
Een paar gastzangers of zangeressen had dit project naar een veel hoger niveau kunnen tillen. Of een of andere metalgitarist die een stevige solo komt geven. Levardon kent zijn klassiekers en zijn formule om die te recycleren tot iets nieuws is buitengewoon efficiënt. Maar zonder goede vocalen blijft het wat hangen in vrijblijvend slaapkamergeknutsel.
Voor fans van Perturbator en Dan Terminus en voor fans van soundtracks uit de jaren ’70 en ’80.
https://www.youtube.com/watch?v=fR4sOLWlJ_Y&feature=youtu.be

Joan Baez

Whistle Down The Wind

Geschreven door

‘Whistle Down The Wind’ is het eerste studio-album sinds ‘Day After Tomorrow’ uit 2008 van de legendarische Amerikaanse folkzangeres, songwriter en activiste Joan Baez. Ze heeft aangekondigd dat dit tevens haar laatste album is. Bij het album hoort ook een afscheidstournee die haar twee maal naar België brengt.
Op 77-jarige leeftijd en na meer dan 50 jaar in de business is het tijd voor rust en warmte in het hart van Baez. Ze heeft lang genoeg op de barricaden gestaan en dit album mag ook nog eens gewoon in het teken van de muziek staan. Het afscheidsalbum werd geproduceerd door Joe Henry en bevat covers van Tom Waits (twee), Josh Ritter, Anohni, Joe Henry, Mary Chapin Carpenter, Zoe Mulford, Eliza Gilkyson, Tim Eriksen en Richard Thompson.
Producer Henry schildert spaarzaam met akoestische instrumenten rond die kenmerkende stem. Het zijn allemaal warme, helende klanken met o.a. borsteldrums en piano.
De tijd heeft duidelijk sporen nagelaten op de stem van Baez, maar dat voegt eigenlijk nog iets toe aan het geheel. Het maakt dat je als luisteraar uitkijkt naar elk woord. De teksten zijn voor Baez duidelijk belangrijker dan haar eigen vocale prestatie, ook al roept niet elke song op tot revolutie. Die revolutie is Baez wel nooit ontgroeid.
Het moet Baez zwaar vallen om onder Donald Trump afscheid te moeten nemen van haar publiek. Liever dan hem rechtstreeks aan te vallen, geeft ze op ‘Whistle Down The Wind’ nieuwe zuurstof aan de oude idealen waar ze al die tijd voor gevochten heeft.
“I am the last leaf on the tree” (uit “Last Leaf”) vat het mooi samen.

Wet Dreams (Norway)

Cartridge Belt (EP)

Geschreven door

De Noor Sebastian Ulstad Olsen is een druk baasje. Behalve zijn hoofdjob, zingen en gitaar spelen bij de poppunkers van Death By Unga Buna, heeft hij sinds kort nog een zijproject. Geholpen door leden van FOAAAM en Warp Riders startte hij Wet Dreams. Met die band verkent hij de grenzen van de typisch Amerikaanse hardrock en punk.
De eerste single - met drie nummers die in niet meer dan een paar uur geschreven en opgenomen werden - is een mooie staalkaart van het idee dat Ulstad Olsen najaagt. “I Can Fly” begint zo furieus als The Hives van vroeger, om dan halverwege de experimentele en spacey-psychedelische toer op te gaan. “Cartridge Belt” had een nummer van The Ramones kunnen zijn, zo dicht komen ze bij hun geluid. Veel energie en veel snelheid. “Wizzard Staffing” gaat ten slotte meer in de richting van de sixties-gitaarpop en klokt af op minder dan 2 minuten.
Deze eerste worp van Wet Dreams laat horen dat ook jonge mensen nog wel oog en oor hebben voor de roots van punk en hardrock. Je kan ze zo naast onze eigen Sons (van de Nieuwe Lichting van Stubru) zetten.

Beech

Teabag

Geschreven door

Beech, het Aalsterse trio rond Kristof Souvagie, heeft een eerste album uit. ‘Teabag’ komt uit op het Belgische cassettelabel Gazer Tapes, maar is ook gewoon als download  te krijgen. Het universum van Beech bestaat uit zomerse, rammelende slackerpop. Denk aan Pavement, Dinosaur Jr, Weezer, de Lemonheads en Eels.

Het absolute prijsbeest op ‘Teabag’ is “Fifteen Years”. Die loopt over van bedrieglijke eenvoud en die schijnbaar-verveelde zanglijnen. Dat kunstje herhalen die van Beech nog een paar keer, op “Overlooked” en “Vultures”. “Heaven” is van een andere orde. Op die track zitten ook de lo-fi-gitaarsolo’s heel raak in de songopbouw en dat zorgt voor een extra dimensie. Dat hadden ze ook in de andere songs wat meer aan bod mogen laten komen.

“In My Hands” is een beetje de vreemde eend in de bijt. Hier geen slackerpop, maar dankzij die akoestische gitaar eerder iets tussen de Wolf Banes en The Jam in. Het is ook veruit het vrolijkste en meest zomerse nummer van dit album.

Mooi dat een band uitzonderlijk eens voor slacker kiest, en er dan toch nog zijn eigen ding mee doet.

 

Parkway Drive

Parkway Drive – ‘Heerlijk intiem, heerlijk hard’

Geschreven door

Parkway Drive – ‘Heerlijk intiem, heerlijk hard’
Parkway Drive
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2018-03-13
Louis Follebout

Het waren een goeie paar weken voor fans van Parkway Drive. In twee weken tijd releasede de band 2 nieuwe singles én maakten ze bekend dat er een nieuw studioalbum aan zit te komen dat op 4 mei het daglicht zal zien. Als kers op de taart streek de band neer in Brussel voor een clubshow met 250 gelukkigen.

Beginnen doen we die avond met Polar, een Britse metalcore band. Meteen een stevige binnenkomer met “Blood for blood”. Het duurt letterlijk 10 seconden eer de eerste pits geopend worden. Het is duidelijk dat er een paar grote fans in de zaal zitten. Met gebalde vuisten worden de agressieve lyrics meegebruld. Als een herder bespeelt frontman Adam Woodfort het publiek en zet de zaal naar zijn hand. Circle – en moshpits worden prachtig georkestreerd en zijn stevig. Het is duidelijk dat we hier niet ongeschonden gaan uitkomen. Polar zet een zeer stevige set neer met als extra aandachtpuntje de ruwe vocals. Het is zelden dat livevocals even sterk en juist klinken als op een album, maar Polar krijgt dit zonder enige moeite voor elkaar. Publiek opgewarmd, kelen gesmeerd en kleren uitgespeeld, de volgende gang mag komen!

‘I spoke a vow today and asked if God would come and play’. Dit zijn de eerste woorden van het nieuw nummer “Wishing Wells” en tegelijk ook de opener van het optreden. Het was duidelijk dat de fans gestudeerd hadden op de lyrics, want vanaf seconde 1 zong het publiek even luid mee als de band zelf. Bij  de eerste breakdown brult het publiek harder dan ooit te voren en de glimlach op het gezicht van frontman Winston bewees dat hij dit niet verwachtte. De volledige zaal, en ja ik bedoel echt de volledige zaal, veranderde in een kolkende massa van ellebogen en rondzwierend haar. Na de benjamin uit hun arsenaal gespeeld te hebben, krijgen we de publieklieveling “Carrion” naar ons hoofd gesmeten. Zoals verwacht gaat Parkway Drive hard. Harder dan ooit te tevoren. Het voelde als een throwback naar de jonge jaren van de band. Kleine venue, stagedivers op het podium en ondertussen bandleden een schouderklopje geven, zowel publiek als band genoot ten volle teuge.
Zelf “The void”, een nummer dat 6 uur eerder uitkwam was geen onbekende. Het is de tweede single van het komende album ‘Reverence’. Het nummer werd online geprezen, maar ook afgebroken. Het zou niet meer hetzelfde zijn als de oude Parkway Drive en te soft zijn. Wel, ik kan u verzekeren, het nummer staat als een rots tussen de klassiekers “Idols & anchors” en “Wild Eyes”.
Om deze avond extra speciaal te maken, haalde de band wat oude nummers uit hun bestofte trukendoos. Nummers als “Breaking point” en “Dead mans chest”,  naar Winston’s eigen zeggen niet zo populair, konden rekenen op een stevige onderbouw van het publiek en zo werden zelf de minder bekende songs een heel groot feest.

Het is overduidelijk dat de band geniet van een clubshow als deze. Festivals en arena’s spelen is de grote droom, maar dit is waarvoor ze het doen. Contact met hun fans, highfives geven aan de eerste rij, stagedivers recht helpen en zelf happy birthday zingen voor een jarige job. Op een avond als deze kan je het jezelf permitteren van niet af te sluiten met een publiekslieveling, maar met de titeltrack van je eerste album. ‘Horizon’ is het laatste nummer voor de encore en dit werd zeer sterk geapreccieerd. Lang geleden dat we dit nog eens live zagen.
Natuurlijk kunnen ze de avond niet afsluiten zonder de ondertussen klassiekers “Crushed” en “Bottomfeeder”. Afkomstig van het laatste album ‘IRE’, maar , mijn god,  zijn dit al classic PWD-nummers geworden. Onder luid applaus, gefluit, geroep en ik vermoed een klein beetje gehuil ook, verlaten de Aussies het podium. Het einde van een zeer intense avond. Een avond om niet snel te vergeten.

Nog een laatste noot die echt vermeld moet worden. Na het optreden stroomde de meute, mezelf incluis, als uitgedroogde straathonden naar de bar om onze dorst te laven. Zotter dan dit wordt het niet dacht ik, terwijl ik even naar het podium kijk. Het podium staat ondertussen bomvol met fans die rond 1 persoon zwermen. Frontman Winston komt het podium terug op om alle fans te bedanken en met iedereen die wil op de foto te staan.
Dit is Parkway Drive ten top. Geen VIP-paketten, geen golden circle, geen gedoe. De dankbaarheid stroomt van zijn gezicht wanneer hij voor de 48ste keer hoort ‘Great show man’ en dit is wat van Parkway Drive een van de grootste metalcore bands van het moment maakt.

Setlist Polar:
Blood For BloodDestroy - Glass CutterDownfallBreathe - Black days - Tidal Waves
Setlist Parkway drive: Wishing WellsCarrionBoneyardsVice - Idols And Anchors - Romance is dead - The Void - Wild eyes - Breaking Point - Dead mans ChestDedicatedHorizonsCrushed - Bottom Feeder

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Tom Misch

Tom Misch – Gitaarvirtuoos aan het werk

Geschreven door

Tom Misch – Gitaarvirtuoos aan het werk
Tom Misch
Ancienne Belgique (AB Box)
Brussel
2018-03-13
Annabel Kemel

Je hebt zo van die jonge mensen die overlopen van het talent en hun eigen verwezenlijkingen in vraag doen stellen. Tom Misch is er één van. Geen Soundcloud bedroom producer no more, wél een charismatische zanger-gitarist die dinsdag de AB Box tot euforie toe aan het dansen bracht. 

Openen deed hij met “The Journey”, en liet het publiek meteen weten dat het een concert vol instrumentale uitspattingen zou worden van niet zomaar een gewone singer/songwriter. Opgeleid als jazzmuzikant schakelde Misch moeiteloos over van véél funk naar soul naar disco en zelfs naar Ben Howard-achtige gitaarlijnen. De South London-er beschikt echter over danig luchtige stem, dat alles klinkt als een aangename zomerbries (sneeuw dit weekend?).
In de zaal twee soorten publiek: het soort dat onophoudelijk stond te feesten – klappen – zwieren, en het ander soort dat Mischs romantische ondertonen gebruikte om er op los te flirten – koppeltje rechts van ons we hebben het over jullie. Zo uitzinnig als het publiek was, zo calm en cool bleef Misch op het podium. Niet altijd zo collected, dacht even dat Brussel in Holland lag. Maar ook dat is deel van zijn charme, tweeëntwintig jaar en living the dream al toerend door Europa.
Een eerste hoogtepunt kwam in de vorm van het nummer “Follow”, wanneer hij zijn zus Laura op het podium riep. Zij haalde tijdens de brug haar inner Lisa Simpson naar boven op de saxofoon, hij nipte gerust aan een flesje Jupiler om daarna het nummer te hernemen met ongelofelijke smoothness. 
Even later haalde hij er een andere saxofonist bij,
Kaidi Akinnibi, die ongelofelijk hard bleek te lijken op Zeke uit Netflix-serie ‘The Get Down’. We konden onze gedachte nog niet afmaken of Misch kondigde het nummer “Everybody Get Down” aan. En iedereen ging zonder veel moeite effectief op de grond.
Eén van Mischs kwaliteiten is het feit dat hij enorm graag gezien is in de muziekwereld. Getuige daarvan is bijvoorbeeld zijn laatste single featuring De La Soul. Tot zijn beste nummers horen dan ook de samenwerkingen met maatje Loyle Carner. De live opeenvolging van “Water Baby” en “Crazy Dream” was om vingers bij af te lekken.

Toegegeven, na “South of The River” ging de set heel even de mist in - die cover van Stevie Wonders “Isn’t She Lovely” had niet gemoeten. Misch maakte het vervolgens meer dan goed door met een fantastische versie van “Watch Me Dance” te eindigen. Of hoe hij de combinatie van violen en fragiele stem met funk en gitaar tot de perfectie wist te verfijnen.

Ism Dansende Beren www.dansendeberen.be

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

 

Midge Ure

Midge Ure – Méér dan een nostalgie trip

Geschreven door


Op zaterdagavond - 10 maart - zakten we af naar Concertzaal De Casino voor een portie nostalgie uit de jaren '80. Met op het programma Midge Ure , vooral bekend door zijn werk met o.a. Visage en Ultravox. En in het voorprogramma Pete Lincoln. Eveneens geen onbekende, dankzij zijn inbreng bij Sailor, The Sweet en als muzikant bij grote namen als Cliff Richard, Tina Turner en Shakin' Stevens. mocht de organisatie het bordje '’sold out'’ voor de deur plaatsen. De zaal was dan ook volgelopen met dertigers, veertigers tot vijftigers die de jaren '80 aan de lijve hadden meegemaakt. Later zou blijken dat het op deze avond veel meer zou worden dan louter en alleen een nostalgie trip.

Pete Lincoln: ‘Een warme gloed die rust brengt in je hart’
Een voorprogramma is doorgaans de reden om even te gaan verpozen aan de bar. Maar met Pete Lincoln stond een artiest op het podium die ondertussen zijn sporen heeft verdiend binnen de muziekwereld. Pete weet dan ook verdomd goed hoe hij zijn publiek moet entertainen. Naast een charismatische uitstraling beschikt hij over een stem en uitstraling die een warme gloed doet neerdalen over ons hart. Gewapend met enkel een akoestische gitaar brengt hij werk uit zijn solo platen, maar grasduint ook door het rijkelijke verleden met o.a. song van Sailor of The Sweet. Of hij brengt enkele gesmaakte covers, die niet altijd het origineel kunnen benaderen, zoals “Sledgehammer” van Peter Gabriel, die toch een mooie inbreng blijken te zijn binnen het geheel.
Pete Lincoln bracht bovendien recent een plaat uit ‘Heartbeat’. Een plaat boordevol liefdesliedjes, zoals hij zelf aangeeft. Echter niet de melige zijde daarvan. Eerder die kant waardoor je met een brede glimlach, rond het kampvuur gezeten, genietend van elkaar en de ondergaande zon. Dat gevoel van geborgenheid, dat we terugvinden in zijn songs, brengt hij ook live naar voor.
Echter is het vooral zijn spraakzaamheid gekoppeld aan een dosis humor en een saus charisma. Afgewerkt met aanstekelijke songs, die aan de ribben blijven kleven, dat ons het meest over de streep trekt. We hebben al slechtere voorprogramma's meegemaakt.
Kortom. Pete Lincoln kwam, zag en beroerde het hart van vele aanwezigen. Het enige minpunt? Een half uur was echt te kort, dit smaakte naar meer.

Midge Ure: ‘Veel meer dan enkel een nostalgie trip naar het verleden’
Ook Midge Ure kan terugkijken op een rijkelijk verleden. Niet alleen als frontman van Ultravox of door zijn samenwerking met Visage. Ook als solo artiest bracht hij enkele heel knappe platen uit. Die jarenlange ervaring moet niet per se resulteren in het afleveren van een flauwe routine klus. De spontaniteit en hoge dosis spelplezier stond letterlijk op het gezicht en de breed glimlachende Midge Ure te lezen.
De man kan natuurlijk een oeuvre voorleggen, waarmee hij een set van meer dan twee uur zou kunnen vol krijgen. Hij hield het bij één uur en dertig minuten en grasduint door zijn solo werk. Waarbij songs als “Fade to grey” (Visage), het onbreekbare “Vienna” (Ultravox) en “Dancing with tears in My eyes” en het prachtige “Hymn” - beide eveneens van Ultravox) op de meeste bijval konden rekenen.
Opvallend daarbij is dat Midge ure nog steeds heel goed bij stem is. Hij laat zich eveneens omringen door klasse muzikanten, die betoverende klanken uit hun instrumenten toveren. Ook al trekt hij de aandacht duidelijk naar zich toe, dat mag toch ook in de verf worden gezet. Midge Ure brengt bovendien een heel gevarieerde set met songs boordevol power en energie, waarop stil staan onmogelijk is. Maar er zijn ook knappe, hartverwarmende songs binnen een eerder verstilde sfeer, waarbij zijn stem broos en breekbaar de gevoelige snaar raakt. Dankzij die  variatie is die 1u30 in één ruk voorbij. Aan bindteksten doet de man niet echt,  wel aan gezapige kwinkslagen of korte maar leuke anekdotes. Ook dat kan gezien worden als een meerwaarde binnen het geheel.
Na een wervelwind van bekende, minder bekende en gesmaakte hits binnen een regulaire set die aanvoelde als veel meer dan enkel en alleen een nostalgie trip, was de kers op de taart, in de vorm van twee songs als bisnummer. Gewoon een leuk meegenomen sluitstuk.
Ondertussen had Midge Ure ons al een uur lang weten te beklijven, entertainen , diep raken en met een enorm warm gevoel vanbinnen , achtergelaten.
De man heeft geen overdreven lichtshow of andere visuele effecten nodig om te bekoren. Enkel zijn heel herkenbare en wonderbaarlijke stem komt hij tot songs die zijn uitgegroeid tot klassiekers die een gehele generatie muziekliefhebbers omarmt!


Ism Snoozecontrol www.snoozecontrol.be
Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/midge-ure-10-03-2018/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/pete-lincoln-10-03-2018/

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas
 

Flying Horseman

Flying Horseman - Als een excellente wijn

Geschreven door

Flying Horseman - Als een excellente wijn
Flying Horseman
Handelsbeurs
Gent
2018-03-09
Sam De Rijcke

Met alweer een uitstekende nieuwe plaat ‘Rooms/Ruins’ op zak, de vijfde al, begint de back catalogue van Flying Horseman er redelijk indrukwekkend uit te zien. Zeker als men weet dat drijvende kracht Bert Dockx tussendoor met zijn andere band Dans Dans ook nog eens 4 geweldige albums heeft afgeleverd. En dat alles in een tijdspanne van een jaar of acht, daar doen wij onze hoed al eens voor af.

Al die platen zijn rijkelijk gevuld met frisse ideeën, muzikaal vakmanschap, prachtige songs en het  sublieme gitaarwerk van Bert Dockx. Met Dans Dans neigt ie wat meer richting improvisatie en jazz, Flying Horseman is dan weer fraaie grootstadsblues met soms felle rock uitspattingen. Veel te moeilijk allemaal en niet hitgevoelig genoeg voor de gebruikelijke Stu Bru playlists. Vandaar dat Dockx zijn beide bands altijd wat onder de radar zijn blijven steken en vooralsnog niet de nodige erkenning hebben gekregen die ze verdienen. Jammer, maar zo werkt de muziekbusiness nu eenmaal.
Maar goed, de Gentse Handelsbeurs lijkt toch aardig te zijn volgelopen voor wat uitgroeit tot een geweldig concert  van een miskend Belgisch talent. De songs van Flying Horseman bloeien gestaag open om dan volledig te ontbolsteren. Soms geeft Dockx zijn vocals en songs een episch tintje à la Jim Kerr (Simple Minds) zonder daarbij echter naar het bombastische over te hellen. Elders horen we een ingetogen Jeff Buckley, een overtuigende Nick Cave of zelfs een declamerende Jim Morrison.
Waarmee duidelijk kan gesteld worden dat Dockx vocaal heel wat présence, karakter en kleur geeft aan zijn songs. Maar zijn stem is nog niet eens zijn belangrijkste troef, het is dat prachtige gitaarspel die heel wat aandacht opeist. Dockx kan zijn instrument heerlijk laten rollen, sluimeren, rocken en ontploffen. Indien nodig in één song, het fantastische “Bright Light” is daar een wonderlijk staaltje van. De gitaarsolo’s van Dockx zij om van te smullen. Geen macho- of rockstertoestanden, wel hemels en stijlvol instrumentaal vakmanschap met soms scheurende Crazy Horse uitspattingen.
De songs van Flying Horseman krijgen steeds voldoende ademruimte en bouwen altijd op tot iets moois, check onder meer een hemels “Private Isle”. Een absoluut hoogtepunt is een bijzonder krachtig en stuwend “Money” uit die al even sterke vorige plaat ‘Night Is Long’. Ook met “Faithtfully Yours”, die andere klepper uit dat album, speelt Flying Horseman op het scherp van de snee.
Het gezelschap slaagt er ook met de vingers in de neus in om een zaal muisstil te krijgen. Wanneer een oudje als “America Is Dead” zo magistraal wordt gebracht krijgen wij kippenvel tot in onze kleinste teen. De geest van Jeff Buckley hangt hier ergens rond.
Het zou ons trouwens niet verwonderen mocht ook ‘The Texas-Jerusalem Crossroads’ van Lift To Experience in Dockx’ platencollectie zitten. En een referentie waar we zeker al niet omheen kunnen is Richard Hawley, ook een artiest die een zalvende croonerstem weet te combineren met subliem gitaarwerk.

Vergeef het ons dat we bij zo een sterk concert als dit steeds naar vergelijkingspunten zoeken, maar de bak waar wij vanavond in graaien is wel deze van de artiesten die wij het meest bewonderen. Moge dit dus allemaal pluimen zijn op de hoed van Flying Horseman. Trouwens, Bert Dockx heeft natuurlijk zijn invloeden, maar hij is hoegenaamd geen copycat. De songs en sound van Flying Horseman hebben duidelijk een rijk en eigen karakter, als ware het een excellente wijn die nog niet door iedereen geproefd mocht worden.

Organisatie: Handelsbeurs , Gent

Pagina 237 van 498