AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15420 Items)

Gauss

Biometrical Love

Geschreven door


G A U S S zijn Mati Le Dee en Emile Sertyn. In een vorig leven waren zij Mary & Me. Dit project staat echter momenteel on hold. Maar we hebben ‘Biometrical Love’ in de plaats gekregen om onze tanden in te zetten. Hun muziek hierop bevindt zich ergens op het braakland tussen acts zoals SX, Portishead en de eigenzinnigheid van Björk.
Zo weet je al voor een stuk waaraan je je kan verwachten. Je hebt om te beginnen de karakteristieke vocals van Mati Le Dee die, qua klankkleur, wat tussen die van SX en Björk in ligt. Mysterieus, eigenzinnig en filmisch. Muzikaal gaat het richting indiepop en triphop. Maar dan wel met de nodige weerhaakjes in. Die weerhaakjes zitten dan in bv het onverwachts toevoegen van een cello, een eigenzinnig zangpassage of een bepaald effect. Voor de rest veel synths en toetsen. Dat allemaal samen zorgt ervoor dat je best het album enkele malen beluisterd vooraleer je het ten volle kan ontdekken of begrijpen. Het existentiële kan je terugvinden in hun teksten. Uiteindelijk krijg je negen vrij sfeervolle en filmische tracks te horen die enerzijds vrij toegankelijk zijn maar anderzijds toch ook net dat beetje meer te bieden hebben. In vele gevallen vrij dansbaar en met een elektronische toets.
We kunnen ons hart ophalen met ‘Biometrical Love’ dat er tevens mooi gestyleerd uitziet en ook klinkt. Voor de meerwaarde zoeker is dit album zeker een aanrader.

 

23 Acez

Embracing The Madness

Geschreven door

23 Acez brengt zijn derde album ‘Embracing The Madness’ uit via het Nederlandse Freya Records. Deze Belgische band brengt melodieuze hardrock en heavy metal. Op het nieuwe album maakt de band definitief komaf met de ietwat lichtere rock-elementen die vaak aanwezig waren op hun voorgaande releases en wordt koers gezet naar een agressievere, complexere en scherpere stijl. Dit album barst van de furie en energie en valt op door de instrumentale bedrevenheid van zanger-gitarist Benny Willaert en gitarist Tom Tas. Die laatste ken je misschien nog van Ostrogoth, dat hij onlangs inruilde voor Thorium. Vocaal heeft Willaert opnieuw een stap vooruit gezet in vergelijking met het album ‘Redemption Waves’, dat in 2015 werd uitgebracht bij het Deense Mighty Music Records.
De tracks op ‘Embracing The Madness’ zijn opgebouwd met vooral klassieke heavymetal-elementen. Vernieuwend is het allemaal niet, maar de band brengt het met veel passie en techniek. Dat er wat prog- en powermetal in geslopen is, is de invloed van de Italiaanse producer Simone Mulanori (DGM en Max Pie), die wel goed thuis is in die genres. Dat hoor je op o.m. “Animation”, “Expectations”, “Cellbound” en titeltrack “Embracing The Madness”. De sound is duidelijk niet Brits of Amerikaans, maar eerder Europees. “Shadows” begint als een powerballad, bloeit open naar een stevige rocker en eindigt dan opnieuw als een ballad. Alleen het korte instrumentale nummer “Catch 23” is een beetje overbodig.
Alles is heel degelijk op ‘Embracing The Madness’: het gitaarwerk, de drums, de baslijnen, de cleane vocalen, de songopbouw, de productie, …
Dit is een prima album in een genre dat maar weinig gebracht wordt in de Belgische metalscene. Op 18 maart stelt 23 Acez dit album voor in JH Asgaard in Sint-Amandsberg (Gent).

VOLVA

Let Me Be The One

Geschreven door

Zangeressen Nikkie Van Lierop (Darling Nikkie) en Deborah Ostrega bundelen hun krachten en stembanden in hun nieuwe band:VØLVA. Ze hebben zopas hun eerste single uitgebracht bij Starman Records.
Van Lierop en Ostrega zijn twee van de originele zangeressen die in de jaren ’90 de wereld veroverden met Lords of Acid, de legendarische elektrorockband van Maurice Engelen met opwindende podiumacts en dubbelzinnige teksten. De videoclips werden doorgaans enkel in een gecensureerde versie uitgezonden op tv. Darling Nikkie was de frontvrouw van Lords of Acid sinds de oprichting van de band eind jaren ’80 en ze was mede-auteur en producer van hun album ‘Lust’, waarvan alleen al in de Verenigde Staten 750.000 exemplaren verkocht werden. Ze zong nadien ook bij Praga Khan, een andere band van Maurice Engelen, en scoorde later wereldwijd als Jade4U.
Deborah Ostrega volgde Van Lierop op als zangeres bij Lords of Acid en tourde met die band in de late jaren ’90. Daarna startte ze haar eigen band Wunderkind. Momenteel is Ostrega op tournee met haar partner, de Nederlander Ernst Löw.
Löw is tevens de auteur van VØLVA’s debuutsingle “Let Me Be The One”. Dat catchy elektrorocknummer is op z’n minst een knipoog naar Lords of Acid en kreeg ook een video mee die voorzichtig een beetje in die richting gaat. Helemaal overtuigen doet deze single nog niet. Of er nog meer singles en misschien een album volgen, is nog niet meteen duidelijk, maar laten we daar toch maar naar uitkijken.

https://www.youtube.com/watch?v=Br3PwQ-lNQ8

Gèsman

Olput Blues

Geschreven door

Het dialect in de Belgische songschrijverij wint terrein. De voordelen hiervan zijn dat het soms kleurrijker klinkt en gemakkelijker bekt dan in het Algemeen Nederlands. Nadeel is dan weer dat een West-Vlaams dialect voor een Antwerpenaar moeilijk verstaanbaar is. Maar niet iedereen begrijpt trouwens goed het Engels en er zijn ook nog tekstboekjes. Dus het is niet onoverkoombaar.
Gèsman heeft veel tijd genomen om ‘Salonrebel’ uit 2010 op te volgen met een nieuwe release. De bezetting kende een grondige verjongingskuur waardoor we eerder van Gèsman 2.0 kunnen spreken. Harry Descamps (zoon van Ugly Papa Dick) werd als gitaarwonder binnengehaald alsook Kristof Lazou (het brein achter Knights). De ritme sectie bestaat uit Kris Demets en Frank Derycke terwijl Ruben Vercaemer met zijn sax en vibrafoon een warme sound aan Gèsman geeft.
De songs zijn in het West-Vlaams, en soms in het Engels, gezongen. De klankkleur van Steven Vervaeke zijn stem doet soms wat aan Filip Kowlier denken zoals op bv “Veel Dust” en “Mankepwot” (komt regelmatig eens voorbij op radio 1).
Muzikaal zoeken ze het wat breder dan Kowlier. Er zitten wat bluesrock, country en americana- invloeden verwerkt in de songs. “Schmuck” is daar een goed voorbeeld van. Titeltrack “Olput Blues” is een schitterende song met wat slide-gitaren en blues elementen die het nummer een weemoedige vibe meegeven. Precies iemand die ‘s morgens met een kater wakker wordt en nadenkt over wat hij zou kunnen hebben uitgespookt. Wat flarden van herinneringen schieten door je van kater gepijnigde kop. De sax en vibrafoon geven het nummer een mooi warm accent. “Sletje en Slunse” is dan eerder indie rock of klein kunst met mooie backings naar het einde toe. Over “Acid Ooh Ooh” kan je ongeveer hetzelfde zeggen.
Op “Weeping Back @ the Willow” grossiert Gèsman in countryrock. Beelden van het Amerikaanse platteland komen spontaan voor mijn netvlies voorbij. “Hotdog” is een zuivere indierocker. “Aioliques Associés” is eerder een lichtvoetige en van ironie gespeende song dat Luc Dufourmont een platform geeft om zijn gang te gaan. Het dient als de outro van het album.
Gèsman heeft een volwassen en vrij warm klinkend album gemaakt. Het album bevat tien meer dan uitstekende tracks. Alles lijkt te kloppen: de sfeer, de vibes en de songs. Er is voldoende variatie en er zijn genoeg details te ontdekken die het herbeluisteren aangenaam maken. Wie te vinden is voor ’t Zesde Metaal, Flip Kowlier, Fixkes, Zita Swoon en aanverwante bands gaat hier zeker zijn gading vinden.

Psy’Aviah

Lightflare

Geschreven door

Sedert 2003 is Yves Schelpe bezig met Psy’ Aviah op de muzikale kaart te zetten. Dit via open minded electro music zoals hij het zelf omschrijft. De bezetting kende doorheen de jaren nogal wat wijzigingen maar voor de live optredens doen de laatste jaren vooral Marieke Lightband (vocals) en Bert Van de Cruys (gitaar) mee.
Voor ‘Lightflare’ heeft Yves met heel veel mensen samenwerkingen aangegaan om zijn songs vorm te geven. Zo zijn er gastvocals van o.a. Kyoko Baertsoen (ex-Hooverphonic, Lunascape), Mari Kattman, Addie Nicole, Fallon Nieves enz… Verder zegt Yves Schelpe dat hij met dit album de bittere momenten in zijn leven heeft achter zich gelaten. Het album is als het ware een lichtbaken in een woelige zee voor diegene die er de weg kwijt zijn.
Muzikaal zweven de songs ergens tussen triphop en synthpop. De ene keer klinken ze eerder als Portishead of Morcheeba (bijv. op “The Great Disconnect” ft Marieke Lightband) en andere keren gaan ze richting Robyn of Chrvches. Ik denk dan aan de track “Sound of New” ft. Addie Nicole (Halocene). De songs zijn heel aangenaam luistervoer. Radiovriendelijk.
Op vlak van electro toch wel één van de boeiendste albums die ik de laatste maanden heb gehoord. Elke song heeft zijn eigen vocalist wat maakt dat je telkens een andere invalshoek en klankkleur krijgt. Dat maakt ook dat het album telkens verschillende kanten uitgaat en niet echt éénvormig klinkt. Maar zelf vind ik het niet echt een probleem om het zo te beluisteren. Het lijkt een beetje een goed gestroomlijnde compilatie. En nog een goeie ook.
Op ‘Lightflare’ staan veel fijne tracks. Wie van synthpop en aanverwanten houdt , moet deze zeker in huis halen. Wie de dubbele kartonnen editie in huis haalt krijgt er nog een cd bij met remixen van het album. Remixen door o.a. Assemblage23, Alter Future en SD-KRTR.

Outshine

1313

Geschreven door

U hebt een voorliefde voor vleermuizen, zwarte make up, gitaren die melodieus en gothisch klinken? Dan bent u hier aan het goede adres. Deze Zweedse band maakt donkere, gothische melodieuze metal. Muzikaal bevinden ze zich ergens tussen bands zoals Type o Negative, Life of Agony, Paradise Lost… Het idee om hun album ‘1313’ te noemen kwam er nadat hun tourbus werd geplunderd (materiaal en nieuw opgenomen materiaal incluis) op vrijdag 13 september 2013 na een optreden met Paradise Lost. Het duurde drie jaar om dit te boven te komen. Uiteindelijk wonnen ze in 2016 een rechtszaak tegenover de Zweedse autoriteiten waardoor ze in deze zaak vrijgesproken werden en gelijk kregen. Vanaf dan konden ze zich terug focussen op hun muziek en werd het album logischerwijze ‘1313’ genoemd.
De stevige vocals van Tony Jelencovich vallen vooreerst op. Een indrukwekkend stel stembanden die het geheel zeker naar een hoger level brengt. Muzikaal klinken ze een beetje als Type O Negative of Him in een metal jasje. Distortion gitaren en melodieuze gitaarlijnen, hier en daar wat keys en pianostrepen. Het geheel vormt goed in het gehoor liggende muziek. Thema’s zijn eerder voorspelbaar en dat hoor je ook aan de titels zoals “She Will Love Me When I’m Dead” of “Already Dead”. Maar in opener “Liar” schreeuwen ze alle zorgen en frustraties van de voorgaande jaren van zich af. “My Suicide” is een emotionele en intense ballad geworden.
Op ‘1313’ waart soms de geest van Pete Steele (Type O Negative) rond. Dat levert acht degelijke tracks op die donker, stevig, emotioneel en catchy klinken. Als dit hun wederopstanding moet zijn na die bewuste 13de september , dan is dat zeker en vast geslaagd te noemen.

Peter Kernel

The Size of the Night

Geschreven door

Nog niet zo lang geleden stond het Zwitserse duo Peter Kernel (Barbara Lehnhoff en Aris Bassetti) op Eurosonic waar ze met hun DIY-aanpak en hun spitsvondige gevoel voor humor voor het eerst de wereld lieten kennismaken met hun nieuwste album. Geschreven en opgenomen in het donker schrijven ze er zelf bij. Eerste single uit dit album is “Men of the Women”. Een sfeervolle track met een catchy en begeesterend refrein. Doorheen de song krijgen we oosters aandoend gitaarriedeltje te horen. De strofes klinken ergens als dreampop maar de vocals van Barbara in het refrein doorbreken dit. Een fijne song en moeilijk in hokjes te steken. “There’s Nothing Like You” klinkt een beetje als een experimentele versie van The Ting Tings. De stem van Barbara Lehnhoff en haar manier van zingen is daar mede verantwoordelijk voor. Nu en dan zingt Aris even mee maar hij is meer de songschrijver. Die liedjes zijn soms ernstig en serieus terwijl andere dan weer eerder absurd of onwerkelijk aandoen.
Zoals veel acts dezer dagen hoor je hier elementen uit verschillende stijlen: folk, indie, electro, pop… Samen slaagt het duo er wel in om met die bouwstenen nieuwe en boeiende nummers in elkaar te steken. Nu begrijp ik ook waarom ze reeds op Eurosonic stonden. Ze hebben er de potentie voor en klinken vrij origineel. Sterk album.

Django Django

Django Django - Wall of sound psychedelische electro rock

Geschreven door

In januari bracht Django Django het heerlijk album ‘Marble Skies’ uit. Deze plaat werd overal vrij goed ontvangen, wat niet gezegd kan worden van ‘Born Under Saturn’ de tweede worp van de Schotten. Natuurlijk hadden ze met hun geweldig debuut de verwachting heel hoog gezet. Met een eigenzinnige mix van Beach Boys, psychedelica en elektro had Django Django direct een eigen origineel geluid gevonden.

Met zo'n knappe plaat onder de arm kwam de band deze dus live voorstellen in de Brusselse AB. De kaartverkoop viel wat tegen want de zaal was voor de helft afgespannen met doeken. Zodat we in een verkleinde grote zaal zaten, wat daarom niet minder gezellig was. Als voorprogramma had de band landgenoten Man Of Moon meegebracht. Die een redelijk stevige set brachten met hun post rock met een beetje psychedelische elementen erin, het viel onmiddellijk op dat alle nummers veel harder klonken dan op plaat. Maar overtuigen kon dit duo helaas niet, aangezien zanger/gitarist Chris Bainbridge redelijk statisch en ongeïnteresseerd de nummers bracht en drummer Mikey Reid kon eigenlijk ook geen vuur in de zaak brengen.

Op dus naar de hoofdact van vanavond Django Django die er volledig voor ging. Ze vlogen erin met veel aanstekelijk enthousiasme met de psychedelische elektro van ‘Marble Skies’. Gevolgd door de knappe single “Shake and Tremble” uit ‘Born Under Saturn’, waar opviel hoe knap de samenzang wel is van zanger/gitarist Vincent Neff en bassist Jimmy Dixon. Daarna kwam “Tic Tac Toe “ waar de zaal gewoon volledig uit de bol ging. Ook bij het zweverige “First Light” kreeg Vincent heel de zaal mee.
Surface To Air” wat op plaat gezongen word door Rebecca Taylor van Slow Club werd nu door de boys zelf  ingezongen, met op het einde van het nummer een overgang naar “Rapture” van Blondie. Waarna iedereen drummer David Maclean ging vervoegen om er een knappe trance drum einde aan te breien. Wat dan weer perfect aansloot op “Waveforms” uit hun debuut plaat. Het dak ging er af bij “In Your Beat” waar keyboard speler Tommy Grace een knap klankentapijt de zaal instuurde. Dan kregen we nog “Sundials” en “Further” uit de nieuwe plaat.
Omdat ze nog steeds heel trots zijn over hun debuut, diepte de band nog veel nummers uit deze cd. Zoals het knappe instrumentale “Skies Over Cairo”, het nog steeds sublieme “Default”, de Beach Boys surf van “Life's a Beach” en “Wor” als afsluiter. Als bis nummers kregen we nog meer werk uit de eerste plaat namelijk “Storm” en “Silver Rays”. Maar ook het tripperige “Champagne” uit de laatste schijf.

Django Django bewees nogmaals dat ze hun knappe avontuurlijke nummers ook live op sublieme wijze kunnen brengen. In een set van een uur en half zonder dipjes hield deze band ons in de ban met hun ongelooflijk enthousiasme en hun knappe eigenzinnige wall of sound van psychedelische electro rock.

Ism Luminousdash.com www.luminousdash.com

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/django-django-05-03-20108/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/man-of-moon-05-03-2018/

Organisatie: Live Nation

Derek & The Dirt

Derek And The Dirt – Derek’s trein is opnieuw vertrokken!

Geschreven door

Derek And The Dirt is terug. Vorig jaar voelde de band in een nieuwe bezetting reeds de temperatuur van het water en die was comfortabel genoeg om het bad in te duiken met een nieuw album. Want enkel het opwarmen van de oude hits, daar konden Dirk Dhaenens en zijn band zich niet voor motiveren.

Bij de eerste concerten vorig jaar werden de nieuwe nummers al goed onthaald door het publiek van vroeger. Ook bij de live-voorstelling van het album ‘All Today’s Words’ in theaterzaal NTGent wezen de kalende hoofden en een gemiddelde leeftijd van boven de veertig erop dat Derek And The Dirt nog heel wat trouwe fans heeft in Vlaanderen, ondanks een hiaat van 25 jaar.
Het optreden werd in gang getrokken met vier stevig rockende nummers uit het nieuwe album: “We Still Feel”, “Come On”, “Butterfly” en “Out Of Your Town”. Zanger Dirk Dhaenens maakte weinig tijd voor bindteksten, maar het enthousiasme waarmee deze band op het podium staat, spreekt boekdelen. Vooral de chemie tussen Dhaenens en gitarist De Wolf heeft nog niets van zijn kracht verloren. Ze dollen met elkaar dat het een lieve lust is en vinden elkaar met één oogopslag. Ook de nieuwkomers in de band zijn elk een kei in hun vak. Ze spelen retestrak als het moet, maar kunnen ook prima improviseren als een intro onverwacht wat moet gerokken worden of als De Wolf een solo aanlengt met een ingeving van het moment.
Na de rock volgen drie nummers van vroeger die allemaal gaan over meisjes die volgens Dhaenens ondertussen ‘gerespecteerde dames’ geworden zijn, ‘met misschien hier of daar een buitenechtelijk kind’. Van “Sally Mitchum” gaat het naar “Rosie” en “Simenon Girl”. De muze van Dhaenens op het nieuwe album heet dan weer “Sugar” en zij wordt bedacht met hitsige, stomende rock in de traditie van Aerosmith. Daarna volgt een eerste rustpunt. De titel van “Yes I Can” werd gepikt van Barack Obama en behandelt ‘alles wat een man kan en mag doen voor zijn vrouw’.
Over de nieuwe single “My Mistakes” zegt Dhaenens ironisch dat ‘de radio hem zot draait’. Nochtans heeft Derek And The Dirt zelden zo een radiovriendelijk nummer geschreven en opgenomen. Geen vuilbekkerij, maar een prachtig introspectief nummer op een deuntje dat zou passen in de set van Tom Petty & The Heartbreakers. Maar ja, die hoor je ook niet meer op de radio.
Van daar gaat het op een drafje van het stuiterende “Closing The Gap”, waar drummer Frederik Van den Berghe en bassist Philippe De Vuyst de debatten leiden, naar het rechtdoor-rockende “Stop The News” (met heerlijke accenten van toetsenist Yves Meerschaert) en naar de blues van “Mirror”.
De vuisten gaan in de lucht als “Mirror” overloopt in “Stealin’ From Rock ’n Roll” van het debuutalbum uit 1989. Ook “Run” wordt door het publiek onthaald als een verloren zoon en dan is het tijd voor een lang uitgesponnen versie van “Oh By The Way”, het nummer waar het voor deze band allemaal mee begon. ‘We hoorden ons nummer op Radio 1, op Radio 2, op Donna en op Stubru en we dachten dat dat normaal was’ weet Dhaenens zich te herinneren.  Het laatste salvo is “Love’s Exaltation”.
De korte bisronde bestaat uit “The Letter”, de cover die vroeger ook al steevast op de setlist stond, en uit “On You Live”, een ode aan de vorig jaar overleden Marc Hoflack, één van de bezielers van De Vieze Gasten.

Het ziet er naar uit dat de trein opnieuw vertrokken is voor Derek And The Dirt. We zien deze band ongetwijfeld terug op de zomerfestivals.

Organisatie: Democrazy, Gent

Death From Above 1979

Death From Above – Joviaal zonder Punch weliswaar!

Geschreven door

Death From Above – Joviaal zonder Punch weliswaar!
Death From Above
Botanique (Orangerie)
Brussel
2018-03-01
Tijl Van de Casteele

In de vrieskou van de vortex trokken we gisteren naar de Orangerie om een sonische vortex bezig te horen. Death From Above, alias Royal Blood before it was cool. We hoopten op een daverende sneeuwstorm van het duo, maar hielden er enkel wat blauwe vingers aan over.

Le Bucherettes schoot als een ijspegel door de zaal, met een frontvrouw in het knalrood gekleed als werper. Het leunde wat aan bij The Dead Weather, bezwerende baslijnen en overstuurde vocals inclusief. De blues stak eveneens de kop op in de naakte zangstukken, zorgde voor extra dynamiek, en droeg bij tot een echte live performance. Een heel straf voorprogramma met een frontvrouw die zich constant volledig gaf. Iedereen hing iets meer dan een halfuur aan haar lippen, en dat lag er niet enkel aan omdat ze felrood waren. Haar performance was strak uitgemeten en we vermoedden dat niemand het ook zal vergeten.

De verwachtingen lagen hoog na de overtuigende set van het voorprogramma, maar Death From Above kon die maar gedeeltelijk inlossen. De occasionele moshpit toonde daarentegen wel aan dat de band het merendeel van het publiek meekreeg. Hun nieuwste creatie, Outrage! Is Now, klinkt als een gecompresseerde maar verschroeiende lawine, die live hun hoogtepunt niet haalde. Dat lag grotendeels aan de klank: de zang was soms nauwelijks hoorbaar, en de drumsound miste veel punch. De venijnige bas scheurde daarentegen wel door de zaal zoals het zou moeten. Dit zorgde er voor dat we vooral veel gitaarspel hoorden en de stem van de frontman soms wat verzonk in het lawaai. Van een band die in de VS veel grotere zalen speelt, hadden we een oorverdovende set verwacht. Alle nummers werden wel perfect gespeeld, maar het miste veel extra pit. Het joviale karakter van de twee, dat bovenkwam in de bindteksten, en de verzoeknummers op het einde maakten dan weer veel goed. Ze deden de jongensdroom van een enthousiaste fan uitkomen en lieten hem meedrummen op “Romantic Rights”. Het creëerde een warme, spontane sfeer, maar koste hen wel punten qua strakheid.

De show duurde één uur en een half. Moeilijk om in zo’n lange tijdspanne te blijven boeien, zeker met nummers zoals die van Death From Above. Na een tijdje begon iedere song dan ook wat op elkaar te lijken. Dit lag vooral aan het nieuwer werk dat live helemaal niet zo sterk is als hun ouder werk. Allemaal iets te bombastisch gemaakt, maar om dit live met een minimal bezetting te brengen, klinkt dit dan weer te zacht. Gelukkig was er een furieuze bisronde waarin ze twee verzoekjes speelden met onder meer “Dead Womb”. Ze brachten de songs sneller en snediger dan al de rest van hun set en breiden zo een strak einde aan de show, was dit maar voortdurend zo geweest!

De vortex mocht dan wel velen een rothumeur bezorgen; na hun concert toverden de mannen van DFA toch een lach op je gezicht. Een fijn optreden, dat wat meer van zich af had mogen bijten, maar al bij al de moeite waard. Als ze even vunzig hadden geklonken als op Outrage! Is Now, zouden ze ons echter volledig overtuigd hebben.

Setlist: Nomad – Virgins - Caught Up - Turn It Out – Moonlight - Always On - Little Girl- White Is Red - Outrage! Is Now - Holy Books - Freeze Me -) Going Steady - Black History Month - Never Swim Alone - Trainwreck 1979 - Romantic Rights - Physical World

Organisatie: Bootanique, Brussel

Ibeyi

Ibeyi – Verbondenheid met hun publiek!

Geschreven door

De Frans-Cubaanse tweelingzusjes Lisa-Kaindé en Naomi Diaz , Ibeyi, deden ons ontdooien van de vrieskou met een adembenemend , innig , warm , levendig concert . Een beperkt instrumentarium van keys en gekke percussie instrumenten (batatroms, cajon (handtrommels)), in vlekkeloze samenzangen en zangpartijen, waren de handleiding van dit onvergetelijk avondje . De extraverte dames in rode overall sloegen de handen in elkaar met hun publiek, hun fans en zorgden voor ‘empowerment’ , een eenheidsgevoel tegen seksisme, racisme, met de muziek als verbindende rol.

Niet voor niks werd net vrijgegeven dat ze op Couleur Café zullen staan in de zomer; hun sing/songwriting en multicultureel geluid mag wel op elk festival staan en de zomer kleuren. Anderhalf uur kregen we een mengmoes van pop , afro , world , r&b , soul , hiphop en gospel in een freefolky kader en stemmenpracht , sober , elegant als met een bredere groove .
De hemelse melodieën en die prachtige zangpartijen hadden iets unieks en betoverend.
We balanceerden tussen opwinding , energie en emotionaliteit, intimiteit . Denken en dansen, de viering van het leven, het engagement staan pal tegenover het verwerken van tegenslagen, pijn en verdriet. De zusjes brachten het met een onnoembare strijdlust; de muizenissen in ons hoofd werden terug recht getrokken . Ze zongen in het Engels , Spaans en Yoruba , een plaatselijk W-Afrikaanse taal van hun voorouders .
Het omzetten van hun multi-culturele achtergrond in een reeks elegante nummers raken; ze verrassen en het voelt naturel aan , zonder al te veel poeha  en opsmuk .  De sound doet de rest, en toegegeven, het was vooral de wijze waarop de twee hun songs brachten. De volksmuziek van de twins uit hun totnutoe twee verschenen platen ‘Ibeyi en Ash’ , van vorig jaar, verbaasde en was ten top . De samenwerkingen op plaat zijn  meer dan geslaagd.
Opener waren de twee korte “I carried this for years” en “I wanna be like you” , gedragen door de fonkelende  stemmenpracht. De response was enorm . Al meteen in de juiste stemming dus , en dan volgde die schitterende single uit ‘Ash’, “ Away away” , op handen gedragen op Radio 1 .  Een enthousiasmerende ervaring vibreerde en drong door. Ze omarmden ons met “No man is big enough for my arms” . De elektronica , pianoriedels klonken door , de percussie , handclaps , billenklets deden de verdere omlijsting en tekenden voor bezwerende grooves.
Het publiek werd nauw betrokken op “Mama says” , “Exhibit diaz” en “Transmission”, we dreven mee en ze overstegen zichzelf door het meezinggehalte. “Deathless” , “When will I learn” en “Me voy” prikkelden . De stuiterende beats waren sterk . Meer uitbundigheid hadden we. Lisa , die de meeste zang op zich nam, wisselde de elektronica af met haar gevoelig pianospel; Naomi was de trommelaar van dienst .
De zusjes genoten van het enthousiasme , het samenhorigheidsgevoel werd versterkt door de afsluitende tracks “Ash” , “Waves” en “River”.
Een harmonieus gevoel en geheel die deed terugdenken aan acts als Buena Vista, Cocorosie, Angus & Julia Stone , First aid kit  en ons eigen Zap Mama.

Het materiaal werd naar een hoger niveau getild door de dynamiek, de positive vibes en de levendige uitstraling van de zusjes. Ze gaven het publiek een boost en zorgden voor een soort verbondenheid die het leven mooi en uniek maken . Dat dit gevoel mag behouden blijven …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/ibeyi-01-03-2018/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/esther-and-fatou-01-03-2018/

Organisatie Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

The BellRays

The Bellrays - Stevige rock met een gouden soulrandje

Geschreven door

Ik weet niet of het ene met het andere te maken heeft maar daags na dit optreden werd ik geveld door een gemene griep waardoor mijn herinneringen aan deze avond soms wat wazig zijn.

Na een eerdere ontmoeting wist ik dat Drums‘n’Guns mijn ding niet is. Maar zie, dit vijftal uit Waregem begon met een brok geïnspireerde postrock die me meteen weer hoop gaf. Helaas keerden de gitaren, vanaf het tweede nummer, hun steven richting (post)metal en leek Sam Dufoor met zijn zwaar aangezette zang en theatrale armbewegingen te solliciteren voor een stek bij een progrockband. Wat het moest voorstellen weet ik niet maar hier had ik geen enkele affiniteit mee. De laatste twee songs klonken dan plots weer melodieuzer en ontdaan van dat botte gitaargeluid zodat het toch nog even mooi werd.

Het echtpaar Lisa Kekaula en Robert Vennum (Riverside, Californië) zag ik reeds talloze keren aan het werk. Meestal als The BellRays maar ook een paar keer gewoon als Bob & Lisa of laatst (2015) in volle glorie samen met een uitgebreide Spaanse band als Lisa & The Lips op Sjock.
Nu was het blijkbaar tijd om The BellRays, acht jaar na de vorige en uitstekende plaat, “Black Lightning”, nieuw leven in te blazen. Onder de deskundige leiding van Jim Diamond werd een nieuwe plaat, “Punk funk rock soul Vol 2” (vol 1 is een EP’tje) opgenomen en daaraan werd ook een tour gekoppeld.
Afgaande op die titel leek er weinig mis te kunnen gaan, toch bleef ik bij de eerste nummers wat met gemengde gevoelens zitten. Het gitaarspel van Vennum klonk wat steriel en balanceerde vervaarlijk tussen harde rock en hardrock waarbij het te vaak het laatste werd. Gelukkig beterde dat gaandeweg, niet in het minst door de ongebreidelde gretigheid van zowel de bassist als de drummer terwijl Vennum zelf ook steeds beter de rock-‘n-roll finesse in de vingers terugvond.
Maar de pijler van de groep is uiteraard Lisa Kekaula, zowat de mooiste stem uit de garagerock. Dit optreden had eigenlijk vorig jaar al moeten doorgaan maar werd toen uitgesteld wegens stemproblemen. Problemen die blijkbaar helemaal van de baan zijn want die stem klonk krachtiger en soulvoller dan ooit en als je ze met iemand wil vergelijken kom je uit bij de allergrootsten zoals Aretha Franklin. Een geboren frontvrouw ook, twijfel over wie de leiding had kon er niet zijn. Toen ze op een gegeven moment van plaats wilde wisselen,  deed ze dat met een teken aan manlief zoals je een hond naar zijn mand verwijst. En een publieksmenner. We werden herhaaldelijk gevraagd om wat meer lawaai te maken (het is hier net een kerk) waarop ze zelfs even tussen het publiek ging lopen om ons aan te moedigen. Hilarisch werd het toen ze tijdens een wat stiller nummer aan twee tetterende dames aan de zijkant vroeg of ze soms de microfoon nodig hadden. Toen er geen reactie kwam volgde een bulderend “Shut up” maar ook dat kon de twee niet uit hun, wellicht diepgaand, gesprek halen.
‘Punk funk rock soul Vol.2’, waaruit alle nummers de revue passeerden is een wat misleidende titel. Rock, vooral rock en een beetje soul hoorden we maar punk of funk? Een blues : “Every chance I get” en wat powerpop : “I can’t hide”, dat wel. Niet alles uit die plaat is even sterk maar tijdens de mindere momenten was er dan nog steeds de immer begeesterende Kekaula. Zelfs tijdens die enkele nummers die ze niet zelf zong , bleef ze prominent aanwezig. Niets uit het verre verleden wel  een drietal songs uit ‘Black lightning’ en eentje uit ‘Hard,sweet and sticky’ (2008). Het was misschien niet de meest originele bis, “Johnny B Goode”, gezongen door Robert Vennum, inclusief poging tot duckwalk, maar dit monument van Chuck Berry gaat er bij mij nog steeds in.

The BellRays, terug van eigenlijk nooit ver weggeweest!

Organisatie: 4AD, Diksmuide

King Gizzard & The Lizard Wizard

King Gizzard & The Lizard Wizard - Psychedelische rollercoaster

Geschreven door

Het is geleden van die snikhete dag in juni 2017 dat wij een werkelijk uitzinnig concertje meemaakten van King Gizzard & The Lizard Wizard in een kolkende Kortrijkse Kreun. Toen al bekroonden wij deze krachttoer als concert van het Jaar, tot ene Nick Cave een paar maanden later met een prestatie buiten categorie roet in het eten kwam gooien. Maar King Gizzard is toch maar mooi op nummer 2 gebleven.

Ondertussen is de buitentemperatuur zowat 40 graden lager en heeft King Gizzard al 4 nieuwe platen uitgebracht. Jawel, 4, en we zijn amper 8 maanden verder. Van een productief bandje gesproken, hier kunnen zelfs Ty Segall en John Dwyer niet tegenop.
King Gizzard is hot, de Gentse Vooruit is propvol geladen voor deze Australische freaks en wederom is het een kolkend feestje dat wordt opgefleurd met vermakelijke beelden die baden in een seventies LSD sausje en niet gespaard zijn van de nodige humor.
Wat wij al lang wisten wordt met stip bevestigd, King Gizzard & The Lizard Wizard is één van de meest energieke en opwindende bands van dit moment, is er eigenlijk één rockfestival die naam waardig die hier deze zomer onderuit zal kunnen ?
Het duurt deze keer misschien iets langer dan die fameuze avond in juni om het publiek op te warmen. Is ook niet moeilijk, in Kortrijk was iedereen al haast gesmolten van voor er één noot gespeeld werd, in de Vooruit komt alleman binnen met ijspegels op de neus. Maar eenmaal de trein goed op dreef is, is er geen houden meer aan. Na een hoogst vermakelijke inloopronde met prikkelende pareltjes als onder andere “Rattlesnake”, “Open Water” en “Sleep Drifter” schakelt King Gizzard over op een driftige heavy-metal modus met “Digital Black” en “The Lord Of Lightning”, de strafste kopstoten uit ‘Murder Of The Universe’.
Ondertussen wordt er ook nog eens met branie een dwarsfluit beroerd en komt het hele zootje in een lekkere psychedelische en freaky sfeer terecht. Een  uitgesponnen “Crumbling Castle” is een bekoorlijke en nonchalante trip doorheen de backstage van Woodstock, het is een wandeling in mushroomland die enkele keren plagerig dreigt te stoppen om dan steeds heel fijntjes terug open te breken.
De echte waanzin komt er wanneer King Gizzard & The Lizard Wizard het tempo helemaal in de rooie jaagt met de ophitsende explosieve drieling “Robot Stop”, “Big Fat Wasp” en het fenomenale “Gamma Knife”, drie ophitsende prijsbeestjes uit dat wervelende album ‘Nonagon Infinity’. De toestanden in de zaal moeten hier al helemaal niet meer onderdoen voor dat legendarische bruisende feestje in De Kreun.

Als iedereen buiten adem is dan is de tijd aangekomen voor de Zappateske psychedelica en lome jazz van een bijzonder lang en wonderlijk “The River”, die overheerlijke feelgood song uit ‘Quarters’. Met daaraan gekoppeld nog een prettig gestoord “God Is In The Rhythm” lijkt het wel of The Mothers Of Invention terug zijn opgestaan. Verrukkelijk einde van een alweer geweldige show.

Organisatie: Democrazy, Gent

Franz Ferdinand

Franz Ferdinand – Niet meer de Franz Ferdinand van vroeger …

Geschreven door

De avond van 28 februari. Het moment waarop het in Groenland warmer is dan in hartje Brussel, de dag ook waarop iedereen het op de sociale media over King Gizzard And The Lizard Wizard had, maar helaas ook het tijdstip waarbij we na een tiental minuten beseften dat Franz Ferdinand niet meer was wat het ooit geweest was. De poster waarop de Schotten een vrolijk danspasje plegen was eigenlijk al een teken aan de wand dat de band rond Alex Kapranos zijn snedigheid heeft verloren, en natuurlijk ook de zeer flauwe nieuwe plaat ’Always Ascending’. Over albumtitels gesproken die voor geen meter kloppen!

Een concert dat werd aangekondigd als een double bill, ook al twijfelen we er sterk aan dat The Vaccines daar uiteindelijk zo tevreden mee zijn. “We are supposed to warm you up” schreeuwde zanger Justin Hayward-Young, maar daar slaagde de band die een miljoen platen verkocht niet al te goed in. Niet dat het aan hun lag. Standaardrock met een knipoog naar de glamrock uit de jaren 70. Goed gespeeld, maar het publiek in Vorst (op de uitbundige voorste rij na) was blijkbaar niet vertrouwd met de deuntjes van de Londenaars. Geen memorabel concert, wel meer dan een opwarmer en ironisch genoeg de band die de hoofdact omver blies, ook al had je daar niet veel voor nodig.

Vroeger is niet noodzakelijk beter, en nog minder als je band Franz Ferdinand heet. In 2001 gebruikte je voor de groep uit Glasgow nog het woord postpunk, gewoon omdat ze toen postpunk waren. Ondertussen is er veel gebeurd. Behalve een resem mindere platen, was er ook de gewaagde samenwerking met The Sparks wat de Schotten deed besluiten om het voortaan meer op een elektronische wijze aan te pakken. Niks mis mee, de nieuwe toetsenist Julian Corrie doet wat hij moet doen, alleen moet je er de juiste songs voor hebben. En dat hadden ze gisteren geenszins. Het lijkt wel op het verhaal van die ander verloren gelopen zonen : de Kaiser Chiefs.
“And the Academy Award for good times goes to you. Yeah, the Academy Award for good times goes to you”. Zelfs de goedkoopste souvenirshop zou zo’n tekst niet op zijn tea mugs durven zetten, maar de Schotten hebben daar blijkbaar geen probleem mee. We bedoelen maar, Franz Ferdinand is melig getransformeerd en het levenssap van weleer klinkt uitgedroogd.
Maar om nog eventjes met het sarcastische masker te blijven glunderen: behalve hondstrouwe fans, wie wilde naar Vorst om de nieuwe liedjes te aanhoren? ”Feel the love go” en de titelsong “Always ascending” brengen FF naar een jong(er) publikek en prijken hoog in de lijsten ,  Lois Lane”  klonk wel als iets wat The Human League nu nog zou durven schrijven, ”Lazy Boy” is en blijft gewoon een rotslecht nummer en op “Love Illumination” bleek dat de heren best nog wat repetities konden gebruiken.
Dan maar genieten van de oudjes? Hoewel we er best zin in hadden hoorden we een rommelige versie van “The Dark Of The Matinée” en een al even futloze “Do You Want To”. “Take Me Out” verveelt nooit, zelfs gisteren niet, maar het is en blijft een magere troost.

De meeste fans bleken zich niet te ergeren aan het feit dat Franz Ferdinand zijn ziel aan de duivel had verkocht en bouwden op bevel van Kapranos het obligatoire “zwaai de handen in de lucht”-feestje. Misschien hadden we als opwarmer dat beter ook gedaan, die verkleumde handen deden verdomd veel kou.

Ism Luminousdash.com www.luminousdash.com

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/franz-ferdinand-28-02-2018/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-vaccines-28-02-2018/

Organisatie: Live Nation

 

Rex Orange County

Rex Orange County - Jonge Brit wint harten van adolescenten en meerwaardezoekers

Geschreven door

Rex Orange County mag dan wel met zn drieën op het podium staan, in wezen draait het project rond de nog steeds maar- 19-jarige Alex O'Connor. De jonge Brit staat wat ons betreft een zeer mooie toekomst te wachten, want wat we te zien kregen in de AB Club stemde overeen met de hoge verwachtingen.

Tweede worden in een grote wedstrijd als BBC Sound of 2018, het is de meest ondankbare plek om te belanden. Al hoeft Alex niet wakker te liggen over de toekomst met Rex. Een dik uur van te voren stonden er al een hoop fans de kou te verbijten, om toch maar vooraan aan het podium te kunnen plakken. Jonge meisjes, modebewuste Spotify-veelvraten, maar evenzeer radio-omnivoren stonden netjes aan te schuiven. Het publiek van Rex Orange County weerspiegelt hiermee de muziek van de jonge Brit.
Een half uurtje later dan gepland wordt de toon meteen gezet met
“Apricot Princess”. Achter de babyface van OConner schuilt het talent van een straight-on, ingenieuze creatieveling die weet waar hij het moet gaan zoeken.
De muziek bevat veel tijdloze invloeden die uit de jazz en funk, maar tegelijk ook een jeugdige aantrekkingskracht dankzij de catchy pop waarmee ze het vermengden. De teksten zijn puur en uit het leven gegrepen en doen denken aan die van comfy-emocult-band NeverShoutNever en Alex’ stemtimbre neigt naar die van een vroege Jake Bugg. Dit alles brengen ze met het sprekend gemak, come-as-you-are-gehalte van Ed Sheeran. Veel referenties zoals u leest, maar het geheel klonk vernieuwend en breed en vernuft. Zo kunnen we perfect snappen dat jonge meisjes wegsmolten bij de teksten van
Uno en A Song About Being Sad. Ze zijn als het ware uit het leven gegrepen uit een kalverliefdehoofdje vol met onzekerheden. Live plakten de nummers als secondelijm, net zoals de songteksten die bij het publiek in het geheugen ingebakken waren.
Tegelijk waren de later gebrachte nummers als
Sunflower en Best Friend muzikaal erg sterk opgebouwd. Ze balanceren zowel op plaat als live tussen indie, commercieel en een moeilijker toegankelijk genre als jazz. Zonder dat je live het gevoel krijgt op een concert te staan van een band die zich een van deze drie labels toe-eigent. Gezegend met instrumentaal talent, beschikt de band dan ook over de essentiële benodigdheden hiervoor. Dit talent valt toch vooral aan de frontman toe te schrijven. De drummer deed zijn taak met verve en met het nodige enthousiasme. De bassist daarentegen had misschien een mindere dag, maar stond er gedurende de relatief korte- show best wel beteuterd bij. Muzikaal had eigenlijk ook een (te) beperkte invloed op de muzikale kleur van het optreden.
Tijd en ervaring zullen Rex Orange County naar nog hogere regionen kunnen brengen. Het nummer dat hij met z
n geliefde Thea, de inspiratie van zijn nummers, was ondanks haar knappe verschijning een beetje een minder moment waar ze vooral zichzelf als zangeres in de picture trachtte te zetten. Zangtechnisch klonken de stembanden van Alex soms iets te nasaal en misten we hier-en-daar wat expressiviteit, maar dan zijn we wel heel streng in onze kritiek.

Hij is nog maar negentien jaar jong, maar spontaan gedachten oproepen naar jongere versies van nu grootzaal-uitverkopers, het is niet elke jonge hond weggelegd. Rex Orange County heeft de juiste muzikale paden uitgekozen, het is nu kwestie van ook live deze verder te gaan bestendigen.
Deze zomer valt Rex Orange County opnieuw te bewonderen op Dour Festival. Maak dat je daar bent, want het zou wel eens snel kunnen gaan voor deze Brit.

Setlist: Intro - Apricot Princess - Television/So Far So GoodUno - Sycamore GirlEditionUntitled - A Song About Being Sad - Corduroy Dreams - Loving Is EasySunflower - Best friendHappiness

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

 

Elbow

Elbow – Warm suikerbrood voor stille genieters

Geschreven door


Elbow bevindt sinds 2017 opnieuw volledig onder de mensen. Guy Harvey had in de jaren voordien een vinkje gezet naast het hokje ‘soloproject’, nam afscheid van zijn geliefde en vond op reis rond de wereld een nieuwe vlam. Drummer Richard Jupp besloot na 25 jaar in het rijk der muzikanten dat het eens tijd werd om wat anders te gaan doen. De platen die na ‘Build A Rocket Boys’ waren gekomen, kon je ook bezwaarlijk hoogvliegers noemen, maar een jaar geleden kwam Elbow met prachtplaat ‘Little Fictions’ op de proppen. Alsof ze een verborgen bron van inspiratie, gevoel en drive konden aanboren ergens achter een valse muur in hun repetitiekot, na de gebeurtenissen van de afgelopen jaren.

“This is a song about love and trains, I love trains” was de boodschap waarmee frontman Guy Harvey meer dan één keer een nummer aankondigde. Ietwat ironisch op een dag, waar wij net als veel andere gefrustreerde concertgangers verstrikt raakten in de verkeerstrechter richting Antwerpen, bij gebrek aan zijn geliefde voorkeursmiddel. Bijgevolg moesten we verstek geven voor Jonathan Jeremiah, die er naar horen zeggen – zonder uitbundig te zijn – een aangename en laidback apéro van had gemaakt. Wij schoven dus zonder Ricard onze voeten onder tafel voor de hoofdbrok, en die maakte heel wat ellende goed.

Elbow - Al van bij het begin maakten Harvey en co hun intenties duidelijk. De klemtoon zou vanavond vooral op ouder werk liggen. Aftrappen deden we met “Starlings” en het gekende “The Bones Of You” uit het tien jaar oude ‘The Seldom Seen Kid’. Het eerste maakte ons warm met zijn trompetten, achtergrondzang en uitmuntende strijkers. Het tweede kreeg de handen van het publiek al een eerste keer op elkaar en inspireerde de immer goedgezinde Harvey voor het eerst tot het vragen van wat liefde van het publiek. De frontman bracht de songs zoals steeds met ongelofelijk veel inleving en expressie. Zijn uitstraling heeft iets vertrouwelijks, iets huiselijks, iets dat je automatisch een gevoel van welbehagen geeft. In het verleden strooide hij al eens wat te kwistig met zijn liefde, gisteren in de Lotto Arena was alles perfect gedoseerd zonder daarbij aan spontaniteit te verliezen.

De eerste helft van de show was het op enkele uitschieters na vooral stil genieten van de wonderlijke klankkleur van Guy Harvey, die erg goed bij stem was, en de heerlijke instrumentatie (denk aan de zeemzoete violen en warme piano op oudje “Fugitive Motel”). Verder werd “Station Approach”, ook al weer uit 2005, knap uitgebouwd en vond “The Loneliness of a Tower Crane Driver” voor deze tour na lange tijd opnieuw een plek op de setlist. Ook “New York Morning” klonk hoopvol en warm, en liet ons eerdere ellende snel naar de achtergrond dringen om met volle teugen te genieten. Dit eerste deel van de set deed het publiek bevredigend heen en weer wiegen, de ene al expressiever dan de andere. Harvey pikte er af en toe de meest uitbundige mensen uit, gaf hen speciale aandacht en nam hun gewuif of gezwaai over om het voltallige publiek aan te porren. Af en toe lukte dat goed, maar het was toch vooral in het tweede en meer dynamische deel van het concert dat publiek volledig loskwam.
Aanvankelijk een zoet en zacht suikerbrood dus vooral, wat niet wil zeggen dat er geen plaats was voor af en toe een stevige brok charcuterie. In “Fly Boy Blue / Lunette” liet gitarist Mark Potter zien dat hij een uitstekende gitarist is met wat huilende gitaarpartijen. De mensen die dachten enkel easy listening popnummers te horen, werden meteen een eerste keer van antwoord gediend. Ook “Any Day Now”, ouderdomsdeken van de avond, klonk snediger dan op plaat. Tevens een uitschieter was het politieke “Leaders Of The Free World”, dat na zoveel jaar van stal gehaald mocht worden wegens opnieuw brandend actueel.
We zitten dan intussen al een eindje over de helft van de set. Omslagpunt was de favoriete song van de bandleden zelf. “The Birds” liet ons bloed opnieuw wat sneller pompen met steviger gitaarwerk en synths. Het deed ons zowaar denken aan een band als Editors indertijd in topvorm. Pas bij het tiende nummer was een eerste notering voor ‘Little Fictions’ op te merken. Titelnummer “Little Fictions” was filmisch en theatraal, met een sterke baslijn. Later kwam het in eenvoud uitblinkende “Kindling” van de laatste plaat de hoek om piepen. Single “Magnificent (She Says)” kon ook niet ontbreken en presenteerde zich van bij de eerste noten als een heuse voltreffer. Het nummer deed euforie en trots opwellen, met zijn enig mooie melodieën en zanglijnen. Een triomf is misschien nog de beste omschrijving, bevestigd door het luide applaus bij afloop. De klank bij de nummers van de laatste worp was uitmuntend, en indachtig welke pareltjes ‘Little Fictions’ nog huisvest, is het ergens jammer dat we niet meer van het album te horen kregen.
Uiteraard was er los daarvan meer dan genoeg kwaliteit aanwezig om met een uitstekend label bekroond te worden. Tijdens “Puncture Repair” bleven Harvey en toetsenist Craig Potter met z’n twee over op het podium voor een intiem momentje met enkel piano en zang, en vroegen om een welgemeende dankjewel voor bewezen diensten van Richard Jupp. Nadat het applaus van “Magnificent” uitgedoofd was, besloten de mannen uit Manchester om nog even plankgas te gaan. De volumeknop ging volledig open op de strike die naar de naam “Grounds For Divorce” luistert, met een glansrol voor de gitaar van Mark Potter.
In de bis floten we met z’n allen mee op een integer “Lippy Kids” en het refrein van afsluiter -hoe kan het ook anders- “One Day Like This” bleef zich in ons hoofd herhalen terwijl we aanschoven in de stoet auto’s die huiswaarts keerde. Een sterk finale, zoals we dat van Elbow kunnen verwachten.

We zagen dus een set waarbij stille genieters volop hun hart konden ophalen. Zo smolt een enig mooi “Mirrorball” als chocolade op onze tong, daarbij geholpen door twee discoballen die tientallen lichtstralen mooi de zaal in versplinterden. Guy Harvey entertainde ons bijna twee uur lang op perfecte wijze met domme grapjes en fratsen (even een badje pakken en wat snurken nadat ik het publiek heb leren zingen). Stil genieten veranderde uiteraard ook af en toe in eens flink van jetje geven, of collectief meezingen met Harvey en co. Elbow reikte ons in de Lotto Arena een warme sjaal, muts en handschoenen aan om de koude te gaan trotseren, en wij namen die maar al te graag in ontvangst. Chapeau!

Setlist: Starlings - The Bones Of You - New York Morning - Fly Boy Blue – Lunette - Station Approach - The Loneliness of a Tower Crane Driver - Fugitive Motel - The Birds – Mirrorball - Little Fictions - Puncture Repair - Any Day Now - Leaders Of The Free World – Kindling - Magnificent (She Says) - Grounds For Divorce
Bis: Lippy Kids - One Day Like This

Met dank aan Dansende Beren www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/jonathan-jeremiah-27-02-2018/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/elbow-27-02-2018/

Organisatie: Live Nation

Kendrick Lamar

Kendrick Lamar – Keizerlijke intrede

Geschreven door

Dankzij de grillen van de vakbonden en een eveneens uitverkocht Elbow concert in de Lotto Arena, was het geen sinecure om zich dinsdagavond naar het Sportpaleis te begeven. Maar voor the greatest rapper alive doen we al eens wat extra moeite: enkele files, parkeerproblemen en aanschuifrijen later komen we aan in het Sportpaleis, waar James Blake gelukkig op tijd was om het voorprogramma te verzorgen. Hit “Limit To Your Love” klinkt net door de boxen, maar de Brit nam vooral de gelegenheid aan om te experimenteren met zijn nieuwe, elektronische sound. Een ietwat rare keuze als opwarmer, maar dat James Blake goedgekeurd is door Kendrick en zijn crew was al duidelijk door de recente samenwerking op het ‘Black Panther’ Album.

Het is overigens de eerste keer dat Kendrick Lamar in Antwerpen optreedt. Door de jaren heen heeft de rapper uit Compton heel wat bijnamen verzameld – King Kendrick, K-Dot, Cornrow Kenny, om er enkele uit te pikken – en sinds de release van ‘DAMN.’ mag de grootmeester van de hiphop ook aangesproken worden met Kung Fu Kenny. De Chinese krijgskunst blijkt tevens de visuele rode draad doorheen de show. Clever bedachte animatiefilmpjes, aangepaste kledij en een oosterse danseres zorgen voor het show element. Het podiumkostuum van Lamar, een wit, badjas-achtig gewaad, geeft hem de allure van Chinese gevechtsstrijder, en tevens van oppermachtige paus. We worden al nederig voor hij nog maar een woord heeft uitgesproken.

Dat hij niet gekomen is om geleidelijk aan op te bouwen, bevestigt hij door te starten met een van de hardste platen van zijn meest recente album. “DNA.” is een sterk staaltje rap, maar ook thematisch niet onbelangrijk: het is een ode aan de black culture en een ‘dikke fuck you’ aan iedereen die er ook maar aan denkt om die onrecht aan te doen. Wanneer Lamar zijn gastverzen op “Goosebumps” (Travis Scott) en “Collard Greens” (ScHoolboy Q) brengt, lijkt het even of de setlist een allegaartje van vanalles en nog wat zal worden. Het is echter al snel gedaan met rond de pot te draaien. Wat volgt is `the first test for all the day 1 fans´. “Swimming Pools”, de lead single van het album ‘good kid, m.A.A.d. city’ katapulteerde Lamar zo´n zes jaar geleden van opkomende West Coast rapper naar meest invloedrijke hiphopartiest ter wereld.
De nummers lopen zo vlot in elkaar over dat het lijkt alsof Kendrick zijn hele repertoire op elkaar afgestemd is. De begintonen van “YAH.” die “King Kunta” inleiden bijvoorbeeld of “Untitled 07” dat vlotjes overgaat in “Goosebumps”. Kendrick mixt en matcht dat het een lieve lust is en bij elke nieuwe overgang neemt de ontlading toe. Op het podium staat een man van veel woorden, maar die vervat hij allemaal in zijn muziek. Voor de rest geen poespas: bindteksten, kledingwissels of extra volk op het podium? Het idee alleen al!
Pal in het midden van de set verplaatst Kendrick zich voor wat een letterlijk en figuurlijk hoogtepunt zal worden. Geknield op een platform middenin het publiek kijkt hij met lege ogen de zaal in terwijl de intro van “LUST.” weerklinkt. Krachtig, maar beheerst begint hij aan het nummer. Ondertussen stijgt het platform, omgeven door fonkelende lichtjes, tot Kendrick helemaal boven de mensenzee uitstijgt. Hij ziet er even getroebleerd uit als het nummer klinkt. Rappend over het monotone en never satisfying bestaan van the rich and famous is hij even de ultieme representatie van een leven in een gouden kooi. Hij blijft op zijn hurkje zitten als de gelukzalige eerste tonen van “Money Trees” het publiek uit hun hypnose haalt. ´Money trees is the perfect place for shade, that´s just how I feel!’ schreeuwt het Sportpaleis Lamar toe, die ondertussen opgestaan is en als een keizer de menigte opzweept.
Na een entertainend filmpje waarin Kung Fu Kenny het in een videogame als schildpad opneemt tegen slang – we moeten toch iets te zien krijgen terwijl Lamar zich terug naar het hoofdpodium begeeft – vervolgt hij met het ritmisch sterke nummer “XXX”, een samenwerking met U2. Geen Ieren in het Sportpaleis, wel een indrukwekkende danseres die doorheen het concert meerdere keren een perfect duet aangaat met Kendrick. Rhymes en moves, meer heeft een mens niet nodig. Voorts ontploft de zaal op “M.A.A.D. City”, hult het zoete “LOVE.” het publiek in euforie en op “PRIDE.” besluit de Kung Fu meester om ons met zijn danseres even een mindfuck te bezorgen. Beiden zweven horizontaal boven de vloer; zij leunend met een hand op de grond, hij leunend met een hand op haar. Kendrick heeft ook nog een andere curveball in petto; het refrein van de klassieker “Bitch, Don’t Kill My Vibe” wordt luidkeels meegezongen, maar wij breken vooral ons hoofd over de rest van de de tekst, die compleet verschillend is van het originele nummer. Na navraag bij de superfan in de rij achter ons, blijkt het om de remix met Jay-Z te gaan. Zo leer je nog eens iets van ons dat niet in de Humo vermeld staat.
 “HUMBLE.” krijgt voor de gelegenheid twee versies: de eerste keer stopt Kendrick met zingen, waarna zijn fans het nummer minutenlang zelf aanvullen. Als het nummer niet zo geweldig uitbundig was geweest, hadden we er kippenvel van gekregen. De ironie bereikt zijn toppunt wanneer Kendrick afsluit met de boodschap dat hij niet beter is dan ieder ander in de zaal (lief hoor, maar dat betwijfelen we sterk) en daarna terugkomt om “GOD.” als bisnummer te brengen.

We get the message, Kendrick. Je kwam, rapte en overwon en deed dat met zo´n schijnbaar gemak dat het leek alsof de show vijf minuten duurde in plaats van een dikke zeventig minuten. Het Sportpaleis had zijn naam niet gestolen gisterenavond. Kendrick Lamar – koning van de hiphop – heerste er van de eerste tot de laatste minuut en had zijn 20,000 onderdanen volledig in de greep.
Wie geen tickets kon bemachtigen voor het concert, krijgt nog een herkansing: op zaterdag 18 augustus staat Kendrick Lamar op de main stage van Pukkelpop.

Met dank aan Dansede Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Live Nation

Fornet

Fornet

Geschreven door

Fornet is een indierock band die op deze 5 songs tellende EP in de nineties graaft, ze komen uit bij Pixies, Guided By Voices, Yo La Tengo en dEUS. De songs zijn echter prikkelend en weerbarstig genoeg om niet als kopieën bestempeld te worden. De gitaartjes piepen en kraken naarstig door en ze mogen al eens uit de bocht vliegen. Op de afsluiter “Erase”, misschien wel de beste track op dit plaatje, neigt Fornet zelfs een beetje naar The Fall.
Bovenal zijn dit eigenlijk 5 sterke tracks van een hoopvol indierockgroepje. Licht ontspoorde gitaren zijn terug welkom en ze hoeven niet per sé Triggerfinger of Queens Of The Stone Age achterna te hollen. Het gaat terug de goeie weg op met de Belgische rock dankzij dit soort groepjes, check ook Sons, dirk. en Firefang.

Derek & The Dirt

All Today’s Words

Geschreven door

Meer dan 20 jaar na de split is Derek And The Dirt terug met een nieuw album. De Gentse band maakte de podia onveilig in het begin van de jaren ’90 met zijn vuile gitaarrock. Na het vierde album gooiden ze de handdoek in de ring. Drie overblijvers (Dirk Dhaenens, Yves Meersschaert en Pim De Wolf) vonden elkaar opnieuw en krijgen bijstand van twee nieuwkomers: Frederik Van den Berghe (Admiral Freebee en The Whodads) en Philippe De Vuyst (Les Truttes, Waldorf).
Bij de try-outconcerten vorig jaar was reeds duidelijk dat de reünie niet beperkt zou blijven tot het opwarmen van de oude hits. Behalve enkele klassieke Dirt-nummers stond toen vooral nieuw werk op de setlist. De meeste van die nieuwe nummers hebben het album gehaald.
Het nieuwe album ‘All Today’s Words’ opent met “Butterfly”, dat vorig jaar goed ontvangen werd door de oude en nieuwe fans. De ruige gitaren scheuren je meteen om de oren en je waant je opnieuw in het begin van de jaren ‘90. Het speelplezier druipt van dat eerste nummer en het tempo blijft hoog op “We Still Feel”, ook al zit er parlando in de strofe. Nog meer vintage The Dirt-tracks zijn het stomende “Stop The News”, “Come On” en het stuiterende “Sugar”.
Derek And The Dirt 2.0 beperkt zich niet tot stevige rockers. “My Mistakes” en “Out Of Your Town” zijn schatplichtig aan Tom Petty en het vroege werk van Bruce Springsteen. Op twee andere, het tegendraadse “Closing The Gap” en de rauwe blues van “Mirror”, kruipt Derek in de huid van kameleon Arno en voegt hij er nog wat van zijn typische Dhaenens-drama aan toe.
Dit album heeft een paar knappe ballads, maar misschien niet van het kaliber van een “Rosie” of “Oh By The Way”. “On You Live” en “Out Of Your Town” zijn heel sterke en heel verschillende ballads. De eerste is een tranentrekkende ode aan een overleden collega-muzikant terwijl de tweede (over een gebroken hart) mooi opbouwt naar een zinderende finale. Misschien is “Yes I Can” wel de sleutelsong van ‘All Today’s Words’. Een trage liefdessong waarbij de hoop en de verwachting belangrijker zijn dan de kans op mislukking. Een beetje een metafoor voor de reünie en dit comebackalbum: als je wil dat het lukt, moet je er ook vol voor gaan.
En Derek And The Dirt is er op ‘All Today’s Words’ vol voor gegaan. We hadden het ook niet anders verwacht.

Claw Boys Claw

It’s Not Me, The Horse Is Not Me - Part 1

Geschreven door

De Nederlanders van Claw Boys Claw scoorden hun grootste hit in Vlaanderen met “Rosie”. Dat was in 1992. Het waren de hoogdagen van de eigenzinnige Nederlandse gitaarrock met o.a. Fatal Flowers, Julia P. Herscheimer, Daryll-Ann en Bettie Serveert. Daarna ebde de aandacht voor Claw Boys Claw in Vlaanderen langzaam weg. Ondertussen zijn we 26 jaar verder en de band bestaat nog steeds. Peter Te Bos is nog steeds de zanger van de band, John Cameron is nog steeds de gitarist. Drummer Jeroen Kleijn (o.a. Daryll-An, Spinvis) kwam er pas bij in 2013.

Vijf jaar na het bij het Belgische label Play It Again Sam uitgebrachte album ‘Hammer’ komt de iconische Nederlandse band nu met het splinternieuwe album ‘It’s Not Me, The Horse Is Not Me - Part 1’ bij Butler Records.

'It's Not Me, The Horse Is Not Me - Part 1' is inmiddels de twaalfde langspeler van de band. Het is een herkenbaar Claw Boys Claw-album waarin de garagerock van de jaren ’60 en ’70  nog eens heruitgevonden wordt. Dat wordt dan gekoppeld aan een hoop heerlijke weerbarstigheid waarvan we dachten dat wij er in de Vlaamse rock het patent op hadden.

Single “Polly Maggoo” start als een retestrakke indierocksong zoals we die in de jaren ’90 kenden, verzandt dan in wat psychedelica en neemt een tweede, akoestische start. Het nummer maakt duidelijk dat Claw Boys Claw nog steeds en meer dan ooit de band is van Peter Te Bos. In alles van deze song merk je zijn hand en zijn uit duizend herkenbare stem draagt de song volledig.

Neem alle muziek weg en met enkel zijn stem weet Te Bos je aandacht nog steeds vast te houden. Hij valt grofweg te vergelijken met Jeffrey Lee Pierce van The Gun Club, maar ook met een jonge Roland Van Campenhout of een norse versie van Dirk Dhaenens van Derek & The Dirt.

Niet alle tracks op ‘It’s Not Me, The Horse Is Not Me - Part 1’zijn zo sterk als “Polly Maggoo”. De titeltrack is een gejaagde rocker, maar over de betekenis achter de bizarre titel word je geen haar wijzer. Dat hoeft ook niet. “Red Letter” en het gejaagde “Suck Up the Mountain” hebben vaag iets van Midnight Oil en de Tragically Hip. Op “Throw Me A Bone” kruipt Te Bos een beetje meer in de schaduw en mag Cameron iets meer op de voorgrond, maar voorts zijn de rollen duidelijk verdeeld.

Een nieuwe “Rosie” staat er niet op ‘It’s Not Me, The Horse Is Not Me - Part 1’, maar daar zaten we misschien ook niet op te wachten. Toch is dit één van de beste gitaarrockalbums van het moment. Degelijk zoals ze dat in de jaren ’90 deden.

Hopelijk wil Vlaanderen Claw Boys Claw opnieuw in de armen sluiten, want voorlopig laten ze ons links liggen voor optredens.

 

PerW/Pawlowski

Land Of The Most Forgotten (single)

Geschreven door

Kloot Per W en Mauro Pawlowski maken samen een album. Een eerste single van PerW/Pawlowski, met gastvocalen van Mona Per W, is reeds klaar. Deze “Land Of The Most Forgotten” is misschien nog niet het absolute muzikale vuurwerk dat je mag verwachten als twee iconen van onze vaderlandse indierockscene samen de studio induiken, daarvoor ligt het tempo toch wat traag, maar deze single is alvast wel goed om vol vertrouwen naar het album uit te kijken.
Per W en Pawloski zijn elk in hun generatie toonaangevende buitenbeentjes. Ze speelden in o.m. Polyphonic Size, dEUS, The Misters, Evil Superstars, The Employees, Hitsville Drunks, The Love Substitutes, De Kreuners, De Lama’s, Mitsoobishy Jacson, Maurits Pauwels, Lavvi Ebbel, Gruppo Di Pawlowski.

https://www.youtube.com/watch?v=e4q05VyfZtU

Pagina 238 van 498