AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15418 Items)

Eels

The cautionary tales of Mark Oliver Everett

Geschreven door

Een nieuwe autobio horen we op Mark E Everett’s plaat , met een serie herinneringen en overpeinzingen , een intiem verslag van een persoonlijke strijd . De vorige ‘Wonderful , glorious’, die deel uitmaakte van een drieluik , klonk extravert , rammelde, rommelde en rockte .
Hier hebben we ingenomen werk , sfeervol gehouden door de omzichtig gespeelde, ingehouden, subtiele sounds . De geluidjes van gitaar , piano , strijkers en verdwaalde blazers vallen  allemaal wel op hun plaats in die intieme songs. Openers “Parallels”, “Lockdown hurricane” en “Agatha Chang” geven een zalvende klankkleur en sfeer weer ; “Series of misunderstandings” is geleest op een speelgoedpiano. Een breder, voller instrumentarium hebben we dan op “Where I’m from” en “Kindred spirit”, die ruiken naar lentebloesems. De “Mistakes of my youth” en de bijkomende track “Where I’m going” zijn de uitnodigende, emotievolle, poppy songs . “Gentlermen’s choice” en “Dead reckoning” zijn gelinkt aan het werk van Randy Newman en zijn de meest donkere .
De in het leven zo geplaagde E heeft opnieuw een reeks pareltjes klaar …

 

Fritz Kalkbrenner

Ways over water

Geschreven door

We kennen allemaal dat singletje “Sky and sand “ van broer Paul Kalkbrenner (2009) (vocals btw van Fritz) . Beide DJs  zijn vaandeldragers van de Berlijnse dancescene en het lijkt erop dat Fritz de laatste tijd zijn broer nu bijbeent .
Hij brengt op de nieuwe plaat een reeks warme, soulvolle deephouse door de groovy, bezwerende, aangename beats . Ook zijn er enkele nummers van vocals voorzien , als “Back home” (één van de singles), “Heart of the city”, “The sun” en “Front of the world”. Een mooie combinatie van pop en clubtracks , met o.m. ook die prachtsingle “Void”, waarbij verder ruimte is voor rustgevender werk.
Op die manier is Kalkbrenner binnen het genre niet in een hokje te duwen , maar is er een universeler kader in z’n muziek .

Suuns

Suuns - Sonische krautrock

Geschreven door

Het Canadese Suuns had met hun tweede plaat ‘Images Du Futur’ al één van de betere albums van 2013 uitgebracht. Beetje eigenaardig dat de zomerfestivals deze band links lieten liggen (zeker Pukkelpop heeft hier een kans gemist), maar nu mocht Suuns in de Gentse Vooruit  één en ander komen bewijzen, en ze hebben die kans met beide handen gegrepen.

De band leek ondertussen al een opwindende live sound te hebben ontwikkeld, een bruisende mengeling van elektronica, dissonante gitaren, psychedelische soundscapes en licht opzwepende beats, en dit alles in de juiste verhoudingen. Suuns leek veel te hebben opgestoken van de Duitse krautrock pioniers Neu! en van de neurotische klanken van Suicide. Met deze ingrediënten plus een stel verkwikkende hedendaagse klanken en psychedelische diafragma-beelden op de achtergrond, slaagde Suuns er in om de halfvolle Balzaal mee te nemen in een aangename trip. Als de beats de bovenhand voerden zat Suuns in de buurt van pakweg Caribou en Jagwar Ma, als de gitaren overheersten kwam zowaar een scheut onvervalste Sonic Youth naar boven.
Er zat heel wat groove in songs als “2020”, “Arena” en een zeer opzwepend “Bambi”, maar evenzeer passeerden er snerende gitaren die helse geluidsgolven veroorzaakten in “Powers of Ten” en in de stomende herrie van een haast niet te herkennen “Sunspot”. Suuns week dus bij een hoop songs nogal wat af van de studioversies, er werd flink wat sonische power en experiment toegevoegd, en dat maakte het geheel bijzonder borrelend en scherp.

Een knap en bedrijvig concert dus van een band die met diverse invloeden bijzonder creatief omspringt. Geen idee wanneer er een nieuwe plaat uitkomt, maar het wordt iets om naar uit te kijken.

Organisatie: Vooruit Gent

Bootleg Beatles

Bootleg Beatles - Van tributeband naar muziekgeschiedenisles

Geschreven door

Sedert maart 1980 gaan The Bootleg Beatles met licht wijzigende bezettingen de hort op met hun redelijk fantastische show. Let op de woordkeuze: show.  Toen George Harrisson nog tekenen van leven vertoonde, promoveerde hij deze coverband tot enige officiële Beatlescoverband. Meer nog, deze voortreffelijke gitarist liet zich ooit eens ontvallen dat ze beter de songs en de akkoorden kenden dan de Beatles zelf. Deze keer geen voorbeeld van die typische Beatleshumor.

Deze bootleggers hebben dan ook al meer dan 5000 optredens achter de kiezen, tot en met het voorprogramma van de Beatlesklonen Oasis. In een afgeladen volle Schouwburg bieden The BB’s u een show aan in vijf blokken en wandelen op die manier redelijk chronologisch door de ganse Beatlescatalogus. Met alles erop en eraan. Er wordt gretig van kostuums en pruiken gewisseld waardoor het nochtans voortreffelijke muziekgehalte het ietwat moet afleggen van het showgehalte. Maar toch kan je de carnavaleske verkleedpartijen vergeten als je de angstig goede vertolkingen hoort van pakweg “Strawberry Fields”, “Paperback Writer” en “the Ballad of John and Yoko”. Zoals het een echte Beatle betaamt, gaan ze ook tussendoor grappen. Deel 1 beschrijft de Beatlemania, twee vertrekt vanuit ‘Revolver’ (nog steeds veruit het beste Beatleswerk als je het mij vraagt), drie verkent ‘Sgt Pepper’, vier brengt hulde aan ‘All you need is love’. Vijf: ‘Let it be’.

Een ei zona perfecte show, goed voor de kenners en verkenners. Gelukkig heeft niemand het idee gehad om op het einde een kwelende Yoko-lookalike op het podium te sleuren, anders waren ze ook al gesplit. In tegendeel, met “Hey Jude” komt een einde aan een unieke live ervaring.

Organisatie: Schouwburg Kortrijk, Kortrijk

Swans

Swans - De soundtrack van de apocalyps

Geschreven door

Er zijn zo van die bands die nooit echt bovengronds komen, die in alle omstandigheden hun eigenheid behouden en steeds hun eigen dwarse ding doen, maakt niet uit of de mensen hun platen kopen of niet. Swans is zo een band die al jaren in de underground vertoeft, het daar helemaal naar zijn zin heeft, en inmiddels al een enorme cultstatus heeft verworven. Wereldwijd zijn er zonderlinge vleermuizen die de volledige collectie van Swans in hun kast hebben staan, ook in België leken er volgelingen genoeg te zijn om de AB quasi vol te laten lopen voor de pikdonkere Swans hoogmis.

U kwam maar beter op tijd, want reeds om 20.15 hr. begon Swans aan een bezweringsronde die bijna twee en een half uur zou duren, en dit in amper zes songs. Zes lange brokken onheil, noise, dreiging, donder, overstuurde gitaren, drone geluiden, diepe bassen en bezeten vocals. Kortom, Swans op zijn best, een band die met niets of niemand te vergelijken is, wegens nog krankzinniger dan het smerigste van Grinderman, Einsturzende Neubauten, Sonic Youth, Birthday Party en Foetus.
Uit deze imposante avond halen we gewoon geen hoogtepunten, dit was een monumentale totaalbeleving die we moesten ondergaan en waar we niet heelhuids uitkwamen, een ontzagwekkende hoogmis voor allerlei gespuis die zich niet graag aan het daglicht blootstelt. Wie niet vertrouwd was met Swans’ donkere, onheilspellende en meedogenloze muziek was hier waarschijnlijk al na tien minuten in paniek de zaal uitgerend, doch alle aanwezigen waren doorleefde Swans adepten die uit Michael Gira’s handen aten, die openstonden voor zoveel hemels lawaai, die zich lieten verzwelgen in die verslavende sound en die Swans adoreerden in alles wat ze deden.
En Swans gaf veel terug, de band speelde woest en bezeten, ging de strijd aan met al hun demonen en kleurde meer buiten de lijnen dan er binnen. Michael Gira zette geregeld zijn gitaar aan de kant om zich te bezondigen aan een soort indianendans om zo het sjamanistische karakter van de set nog wat kracht bij te zetten. Swans scheurden hun songs open en lieten ze bloeden tot in het oneindige, tot boven de pijngrens en terug. Striemende noise ging over in onheilspellende post-rock of gitzwarte blues, maar dan de blues die in stukken werd gereten en met een voorhamer en roeste klinknagels terug in elkaar gezet. Wij lieten ons hier zo onverbiddelijk en hardvochtig in meegaan dat wanneer u ons met een loden staaf op de kop zou hebben geslagen, we het nog niet eens gevoeld hadden.

Na twee en een half uur van het meest indrukwekkende kabaal volgde vanuit de zaal een minutenlang hartstochtelijk applaus. Toen wisten wij dat iedereen -maar dan ook iedereen- dit even straf, majestueus en overweldigend vond als wij.
Dit was onze eerste live kennismaking met Swans, wij waren compleet overdonderd, we hadden zopas de perfecte soundtrack bij de ondergang van de wereld meegemaakt. Een unieke, haast bovennatuurlijke ervaring.

Als toemaatje kregen we op de terugweg nog een onverwacht gevolg op deze apocalyptische avond. Op de E40 was een vrachtwagen zijn lading slachtafval verloren. Bijzondere ervaring, zo na een avondje moordende Swans-waanzin tussen de rottende kadavers en de stinkende beuling terug naar huis rijden. Perfect timing.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/swans-25-09-2014/
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Pharrell Williams

Pharrell Williams – Wat een vreemd optreden, wat een vreemd, vreemd optreden…

Geschreven door

Als je een bepaalde leeftijd hebt bereikt is het niet onwaarschijnlijk dat je al eens van Pharrell Williams hebt gehoord vòòr de invasie van dat ene liedje “Whose name must not be spoken off”. Of je kent hem toch misschien als het eeuwig 17 jaar uitziende jong slank ventje dat je in het net nog MTV-tijdperk zag opduiken in clips van Snoop Dogg, Jay Z, Madonna, Justin Timberlake of zijn eigen N*E*R*D. En was dat ook niet die ene gast die er eigenlijk nog altijd een beetje 17 jaar uitziet die je onlangs nog tegenkomt in de clips komt van Daft Punk en Robin Thicke? Willen we maar zeggen: sinds eind jaren ’90 heeft Pharrell Williams een serieuze cv bij mekaar geproduceerd en geschreven. 
In maart heeft hij zijn tweede plaat ‘G I R L’ onder zijn eigen naam op de markt gebracht, een ode aan alle vrouwen in alle maten en vormen.

Dat hij die maten en vormen letterlijk neemt, merk je direct bij de start van het optreden (half elf starten is niet zo vroeg voor de kinderen die hun eerste optreden mee maken), want op de tonen van een mysterieus aandoende tune komen de vijf danseressen op die volgens de zanger een grote rol spelen in het optreden, ze zijn namelijk de base, wat dat ook mag zijn, en het is een bijna perfecte diversiteit van nationaliteit, huids- en haarkleur en vormen (ze zijn wel allemaal zeker kleiner dan de niet zo grote Williams) .
Ze doen een paar Walk like an Egyptian-typerende moves, shaken hun achterste en dan komt de zanger met hoed onder luid gejoel op de begintonen van “Come get it bae” op. Al heel vlug heb je door dat live zingen niet zo nodig is voor een producer, een beetje overdub of zelfs regelrechte playback is blijkbaar zeker toegestaan.
Afsluiten met een ietwat kleffe “thank you  thank you thank you”-serenade zorgt voor nog meer enthousiasme bij een grote groep mensen in het bijna uitverkochte Sportpaleis. Werkelijk in ieder liedje dat volgt doen de base-danseressen hun shakes op een soort soundmix-show van “Frontin’”, “Hunter”, “Monroe”, “Hot in herr” en “Give it to me”,  terwijl Pharrell ietwat houterig van de ene naar de andere kant van het podium gaat.
Na een dikke 25 minuten concert is het podium volledig voor de danseressen die hun getwerk nog eens extra mogen voorstellen en bij het tonen van de voornamen van de danseressen op het grote scherm merk je duidelijk dat er een directe correlatie is tussen de grootte van de boezem van de danseres en het volume van het applaus, want ja, het is een ode aan de vrouw.
En dan is het N*E*R*D-tijd, en gaat het nu over de vrouw die een lapdance for free geeft. Samen met Shay Haley zorgt de zanger nu wel voor een regelrecht en authentiek concertmoment en merk je duidelijk enthousiasme en vuur bij Williams, zeker als hij het optreden even stil legt om een fan die met nog een tiental anderen op het podium mag de levieten te lezen dat je het niet kan maken om toeristische foto’s te trekken terwijl Pharrell Williams op een meter van je staat. Onder andere “Rock star” en “She wants to move” passeren en na deze wervelwind passeren de “Hollaback Girl” (opnieuw mag er een groepje fans het podium op), “Blurred Lines” (ook zo’n regelrechte ode aan de vrouw) en “Get lucky”.
Nog even plichtsgetrouw doen alsof het concert gedaan is om dan na 30 seconden op te komen voor een bissetje, want er was toch nog dat ene liedje dat hij te spelen had. Gelukkig start hij met een superstrakke en funky versie van “Loose yourself to dance” met nu wel een mooie interactie met de band.
En dan is het daar, waar blijkbaar zeer veel mensen op hebben gewacht, hét liedje, met op het grote scherm zeer lelijke visuals die wel goed zouden staan op een dekbedovertrek voor kleuters. Echter is het tegelijkertijd ook een prachtmoment, want twee kinderen in rolstoel mogen samen met de zanger op het podium de boodschap van “Happy” verkondigen, heeft hij zeer mooi en puur contact met hen en betrekt hij ook het publiek erbij, en krijg je potverdikke dan toch wel zeker een krop in de keel en gaat de aanwezige scepsis uiteindelijk dan toch een beetje overboord.
Daar komt ook nog bij dat ik nog nooit een artiest zo lang heb zien blijven hangen op het podium, want toen het Sportpaleis al voor de helft leeggelopen was stond Williams nog te signeren, te zwaaien, te babbelen met fans en na te genieten.
Faut le faire : hoe je mak en een beetje als een houten marionet start en uiteindelijk toch er in slaagt om overtuigend de boodschap van “Happy” te kunnen overbrengen.

Wat een vreemd optreden, wat een vreemd, vreemd optreden…

Organisatie: Live Nation

Elliott Murphy

Elliott Murphy - An American in Paris

Geschreven door

Ik was zot content. Elliott Murphy stemde toe om het interview in de Franse hoofdstad af te nemen. Mijn hoofredacteur tekende echter bezwaar aan. ‘Ghys, het is crisis. Er moet bespaard worden!’. Uiteindelijk vond het vraaggesprek telefonisch plaats.

Ik lees hem mijn introductie voor: ‘Lang geleden arriveerde je als een rockster op een optreden met een Volvo break met Zwitserse nummerplaat en geblindeerde ramen.’
Murphy: ‘Helaas, dat was de wagen van mijn manager.’
‘De kleedkamer bevond zich boven. Het was zichtbaar moeilijk voor jou en je puntschoenen om boven te raken.’ (hij lacht)
Je schreef in het gastenboek: ‘Everything was fine, but there were only five bananas … ‘ (lacht harder).

Elliott Murphy is niet de eerste de beste. Hij staat al 40 jaar op de planken, heeft meer dan 30 cd’s op de teller, gaf 5 boeken uit en speelde zo’n dikke 3000 concerten. Wat meer is, hij mag zich de persoonlijke vriend van Bruce Springsteen noemen.

Hoe lang woon je al in Parijs en waarom verliet je New York?
Ik woon 25 jaar in Parijs. Ik was er voor het eerst in 1971 en speelde toen in de metro. Ik hou van Europa met steden als Amsterdam, Brussel, Barcelona … Ik bracht 4 platen uit in de jaren 70 en ze hadden meer impact in Europa dan in Amerika. Mijn meeste shows waren in Europa en ik had er een groter publiek. Vandaar. De concerten in Frankrijk trokken veel volk. Hoewel het niet duidelijk was of ze mijn teksten verstonden (lacht). Eenmaal per jaar ga ik terug naar New York.

Ben je zeker dat het geen vrouwenhistorie was?
You make me laugh again. Neen hoor, ik ontmoette mijn vrouw Françoise pas in 1983.

Wat in de Franse cultuur trekt je aan?
Eerst en vooral de Franse geschiedenis. Zelfs rock ’n roll is er een deel van de cultuur. Uiteraard stel ik de niet te evenaren gastronomie op prijs. En last but not least de vrouwen. Zoals alles in Frankrijk hebben die stijl.

Hoe sta je tegenover hun wijncultuur en alcohol in het algemeen?
Dat is een individuele zaak. Ieder moet dit voor zich uitmaken. Lang geleden besliste ik om te stoppen met drinken.

Hoe ontmoette je jouw gitarist Olivier Durand?
Via een journalist van het prominente Franse muziektijdschrift Rock & Folk. Ik was op zoek naar een gitaarspeler. Olivier speelde in de bekende Franse groep Little Bob Story en is van de havenstad Le Havre. Dit is zowat het Liverpool van Frankrijk.

Aha, The Beatles waren eigenlijk Fransen.
You are a funny guy.

Op welke van je cd’s ben je het meest fier?
Ongetwijfeld op mijn debuutalbum Aquashow uit 1973 dat opent met Last of the Rockstars. Deze lp werd samen met Bruce Springsteen’s tweede album in het magazine Rolling Stone beschreven als de beste Dylan sinds 1968. Zo kregen we beiden een ‘Nieuwe Dylan’ stempel. Trouwens, Aquashow werd recent uitgeroepen tot Album Classic door het prestigieuze Uncut magazine van Engeland.
Aan de cd ‘12’ uit 1990 heb ik hele goede herinneringen omdat dan mijn zoon Gaspard geboren is en de recente EP Intime omdat hij die geproduceerd heeft.

Op welke van je songs ben je het meest trots?
Songs zijn als je kinderen. Je houdt van allemaal. Sommige ervan zijn evergreens zoals bepaalde tracks op Aquashow. Ik beschik over een goeie 200 composities en kies uit zo’n 115 wat ik live zal spelen.

Op welke songs van andere artiesten ben je jaloers?
Daar vraag je me wat.
Like a Rolling Stone van Dylan of Born to Run van Springsteen. Ik wens dat ik ze geschreven had. Ik verkies vooral singer-songwriters als Leonard Cohen, Joni Mitchell en Bob Dylan.

Naast muzikant ben je ook schrijver. Welke boeken beveel je aan?
Zonder twijfel On the Road van Jack Kerouac en Julian Barnes met A Sense of an Ending.

Je werkte samen met Patrick Riguelle.
Ik liep hem tegen het lijf in een studio in Brussel. We speelden enkele shows samen. Hij verzorgde de background vocals en speelde lap steel op mijn cd’s Soul Surfing en Murphy gets Muddy. Hij heeft een verbazingwekkende stem ondanks het feit dat hij rookt als een schoorsteen. Patrick kan alle genres aan.

Je bent persoonlijk bevriend met Bruce Springsteen. Vertel.
Ik ken Bruce al sinds ‘73 en heb regelmatig contact met hem. We zijn even jong en komen beiden uit de rand van New York. Hij was onlangs op bezoek bij mij toen zijn dochter Jessica deelnam aan een jumpingconcours. Hij nodigt me iedere maal uit als hij in Europa toert. Zo hebben we samen Rock Ballad van mijn album Just a Story From America gespeeld. Samen met Bruce en mijn zoon Gaspard brachten we Born to Run. Ik was behoorlijk nerveus toen we het podium opwandelden. Zijn manager kalmeerde me: ‘Elliott, het is precies als in de goede oude tijd. Enkel voor meer mensen.’ (lacht)

Ben je jaloers op Springsteen?
Neen hoor. Hij verdient het en werkt er hard voor. Hij heeft bakken energie, is op en top professioneel en is super getalenteerd. Op de koop toe, wat een ongelooflijke showman. Ik ben wel jaloers op zijn tourcondities, zijn entourage, de catering … Kortom, alles wat errond hangt.

Je werkte samen met een karrenvracht beroemdheden. Ik neem je de biecht af.
Ik heb respect voor alle artiesten die op mijn platen meegespeeld hebben. Op Night Lights hebben we Jerry Harrison van Talking Heads en Billy Joel. Phil Collins en Mick Taylor van The Rolling Stones waren te gast op Just a Story From America. Zonder het duet met Bruce te vergeten op Selling the Gold. Op dat nummer zingt ook B.J. Scott mee, een fenomenale Brusselse zangeres van Amerikaanse origine. Of Ernie Brooks van The Modern Lovers die me geregeld tijdens concerten komt ondersteunen.
David Johansen van The New York Dolls is gastvocalist op mijn live-cd Montreux ’84. Vroeger speelde ik het voorprogramma van deze excentrieke New Yorkse punkband.
Toch een extra compliment voor Mick Taylor, want dit was een onvergetelijke ervaring.

Vertel iets over Paul Rothchild, de wereldbefaamde producer van The Doors.
Hij verzorgde de opnames voor mijn tweede lp Lost Generation in diezelfde Elektra studio. Hij vertelde me heel wat over Jim Morrison. Deze leefde in het L.A. Cienega Motel in de kamer boven de parkingdoorgang. Zonder telefoon, stel je voor.

Is het gemakkelijk om als artiest te leven?
Neen, het is niet makkelijk. De condities zijn moeilijk.

Denk je er soms aan om met pensioen te gaan?
Ik heb de pensioengerechtigde leeftijd maar denk er niet aan om te stoppen. Ik kan alleen maar beter worden. Moest het te herdoen zijn, zou ik juist hetzelfde doen. Je kan je natuur niet veranderen.

Heb je suggesties voor jonge muzikanten?
Simpel: concentreer je op je muziek, het publiek en vermijd drugs.

Wat denk je over België als Amerikaan die in Parijs woont?
Certainly I do love Belgium. Het beschikt over een goed publiek met een open geest. Er zijn zeer goede muzikanten. Ik heb er al enkele genoemd maar ik denk ook aan Jacques Brel, Arno en Stromae. Jullie hebben een uitstekende muzikale cultuur.

Elliott Murphy bedankt me uitvoerig. Hij kijkt ernaar uit om opnieuw in Gistel te concerteren. Hij vindt het indrukwekkend dat de grote Marvin Gaye er gewoond heeft. Murphy speelde tijdens zijn vorige passage Sexual Healing, nota bene op Valentijnsdag. Dit was de enige maal dat hij een nummer van Marvin Gaye coverde.

Voilà, nu haast ik me naar het perron om de TGV richting Parijs te halen. Mister Murphy stond erop dat ik de drukproef persoonlijk bracht.

Elliott Murphy speelt op zaterdag 25 oktober 2014 in cc Zomerloos Gistel. Toegang € 17

Concrete coconuts

Brussels is an island

Geschreven door

Een heerlijk genietbare , ontspannende trip krijgen we voorgeschoteld door het Brusselse ensemble Concrete Coconuts. Zwoel , dansbaar , aangenaam klinkt het door de versmelting van calypso sounds, Afrikaanse ritmes,  percussies , ukelele,  jazzgetinte blazers en samenzang .
Ze maken er een zwoel , tropisch feestje van  .  Ze zorgen voor positive vibes en stemmingen . Inderdaad , op die manier wordt onze hoofdstad plots ondergedompeld in een eilandje , een blakende zon en  een hemelblauwe hemel . Een beachgevoel dat Brussel wel kan gebruiken …
Info http://concretecoconuts.be

 

Tangled Horns

Immovable Object

Geschreven door

De Antwerpse rockband is al een viertal jaar bezig en komt tot een reeks broeierige , solide  rocksongs, houden van wat grunge , maar ze vallen vooral op door dat riedelende, tintelende , jengelende , gevoelige  gitaarspel , die kan gelinkt worden aan  het onvolprezen Lift to Experience  en de diep dreunende , bezwerende basstunes  van z’n Barkmarkets .
Er valt voldoende afwisseling en  boeiends te rapen als je er de vijf songs op nahoudt , van de intense spanning op “Monument” en “Restraint”  naar de psychedelicatunes op de titelsong, tot een bluesy slide op “Heavy is the head” . Maar we worden vooral van onze sokken geblazen door ”Immovable object” en het mooi uitgesponnen “Monolith” , eentje toch om te koesteren  .
Kortom , Tangled Horns heeft z’n naam niet gestolen en heeft  een interessante EP uit, die energiek , gedreven, boeiend materiaal bevat .
Info http://tangledhorns.com

Inner sun

Arcane Initiation EP

Geschreven door

Inner sun is al een tweetal jaar bezig en brengt een reeks intens broeierige, dromerige songs , die ergens hangen binnen de pop, rock , wave , prog en 70s Britfolk. De gitaar en keys nemen een prominente rol in .
Een sferisch decor zweeft letterlijk over de nummers . De handvol songs zijn gelaagd, compact, ingenomen en zitten goed in elkaar. Op die manier probeert de band  zich verder te ontplooien in hun muzikale identiteit . 
Info http://www.facebook.com/innersunband

Leffingeleuren 2014 thru the eyes & ears of Ollie Nollet

Geschreven door

Het Brusselse duo Hydrogen Sea had zeker iets geweest kunnen zijn. De breekbare vocals van Birsen Uçar waren niet onaardig en deden me zelfs heel even aan Nico denken maar uiteindelijk viel het muzikaal veel te licht uit. Ondanks een molenwiekende PJ Seaux, het leek wel Pete Townsend. Veel luchtverplaatsing om dan één enkele onnozele toets aan te slaan. Even leek het tij na drie nummers te keren toen hij een gitaar beetnam. Maar voor ik het goed en wel besefte had hij het ding al teruggezet en wist ik niet eens wat hij ermee gedaan had.

Intergalatic Lovers brachten doodbrave pop maar voor die vier saaie mussen stond wel ene Lara Chedraoui. Een fantastische zangeres waar velen een moord voor over zouden hebben om haar in hun groep te krijgen. Deze spontane, charismatische verschijning liet de intussen volgelopen tent uit haar hand eten.

Daarna volgden Trentemoller en Magnus die het ongetwijfeld goed deden (hoewel over die laatste de meningen verdeeld waren) maar waar ik met de beste wil van de wereld geen voeling mee kan krijgen.

Dan maar even Robbing Millions (uit Brussel) geprobeerd om na één nummer onthutst de zaal uit te spurten. Pop voor de kleuterklas waarbij ik nog het gevaar loop de intelligentie van onze kleuters te onderschatten.

Intussen was het middernacht geworden en had ik bitter weinig gezien waaraan ik me kon opwarmen. Maar dan verscheen een zootje ongewassen tuig uit Austin, Texas op het kleine podium van het café en viel er eindelijk iets te beleven. In die mate zelfs dat al snel alle ellende vergeten was. Holy Wave heette het bandje en ze bracht beklijvende psychrock die de ene keer dromerig klonk om even later lekker door te drammen. Er werd nogal wat van instrumenten gewisseld en blijkbaar werd iedereen behalve de drummer eens verbannen naar de keyboard, die nochtans erg bepalend was voor hun geluid. Te vergelijken met Jacco Gardner, Morgan Delt, The Warlocks en The Velvet Underground. Een cover van die laatsten kon dan ook niet uitblijven en we kregen een hypnotiserende uitvoering van “Foggy notion”, waarna de gelukzalige grijns op mijn smoel niet meer verdween.

Na een teleurstellende vrijdag kon het op zaterdag alleen maar beter gaan, dacht ik. Maar ook deze tweede dag begon in mineur toen bleek dat BRNS, waarvoor ik mijn middagdutje had opgegeven, verstek liet gaan. Maar dat leverde dan weer een ideale gelegenheid op om eens kennis te maken met Busker Street, het nieuwe en piepkleine podium waarop jong, aanstormend talent het beste van zichzelf mocht geven. Een mooi initiatief dat ik best kon appreciëren en waardoor ik gespaard bleef van één van dé sensaties van het festival, Dotan!

De zanger van het Londense Childhood had, zo te zien, de zoon van Phil Lynott kunnen zijn maar dan was de appel wel heel ver van de boom gevallen. Nee, deze vier hielden het bij lome gitaarpop die erg Brits klonk en waaraan niemand zich een buil kon vallen. Alleen wanneer de leiband van de gitaren wat losser gelaten werd leek er wat meer in te zitten maar vraag me niet wat.

Voor een eerste hoogtepunt moesten we in de tent bij Bombino (een touareg uit Agadez, Niger) zijn. Een aparte verschijning : gehuld in een wit gewaad, met voortdurend een kamerbrede glimlach om de lippen terwijl de communicatie met het publiek zich beperkte tot één enkel prevelend “merci”. Maar de muziek die stond er : aanstekelijke woestijnblues, die de heupen niet onbewogen liet, met in de hoofdrol die eeuwig swingende gitaar van Bombino. Wat een verfijnde schoonheid wist die man uit zijn snaren te knijpen, haast achteloos terwijl hij voortdurend bleef dansen. Misschien had het wel wat ruwer gemogen maar daar wil ik nu niet over kniezen. Eén keer werden we nog opgeschrikt toen de bassist ons plots in bijna vlekkeloos Nederlands toesprak maar voor de rest deden ze er het zwijgen toe en lieten ze de muziek primeren.

The Wytches zijn een trio, afkomstig uit het Engelse Peterborough, dat flink met de haren schudde. Hier zat duidelijk pit in : een diepe bas, een gewelddadige gitaar en een krijsende zanger die soms aan Jack White deed denken. Anderen hoorden dan weer duidelijke sporen van Nirvana. Enkel wanneer ze het tempo lieten zakken liep het grondig fout. Er is duidelijk nog wat werk aan de winkel maar de kiemen waren alvast veelbelovend.

Woods (uit Brooklyn) was de groep waar ik het meest naar uitkeek. Net voor het optreden vernam ik nog het slechte nieuws dat hun vierde man hals over kop naar huis was moeten vertrekken. Toch was het de basiskern die op het podium verscheen : zijnde Jeremy Earl (gitaar, zang), Jarvis Taveniere (bas, gitaar) en Aaron Neveu (drums). Jeremy Earl begon de set op akoestische gitaar voor een drietal folksongs, schitterend gezongen met die unieke hoge stem van hem. Na die schijnbaar simpele songs nam hij zijn elektrische gitaar en waren we vertrokken voor een ellenlang maar steeds boeiend epos op de snaren. De nummers die daarop volgden waren opnieuw gebald en telkens van een superieure klasse. Misschien wat jammer dat Jeremy Earl, die wat weg had van een ernstige professor, geen contact zocht met zijn publiek maar op de muziek viel alleszins niets af te dingen, ondanks die amputatie waar trouwens met geen woord over gerept werd. Dit was misschien wel het mooiste op deze editie van Leffingeleuren.

Op basis van hun laatste plaat had ik van The John Steel Singers (genoemd naar het gelijknamige speelgoedpaard van zanger Tim Morrissey) niet zo gek veel verwacht. Maar op het kleine podium van het café kwamen de vijf uit het Australische Brisbane verrassend sterk uit de hoek. En dat zeker niet met de meest voor de hand liggende muziek. De harmonieuze samenzang van de vier frontmannen, die herinnerde aan The Mama’s and The Papa’s moest het opnemen tegen dwarsliggende gitaren. Een enkele keer klonk het wat melig maar voor het overige klonk dit verbazend fris en zelfs feestelijk wanneer Scott Bromiley zijn trompet bovenhaalde. Een herbeluistering van die laatste plaat dringt zich op!

Op zondag mocht Het Zesde Metaal van Wannes Cappelle de spits afbijten en ze deden dat met verve. Net als Flip Kowlier in het sappige West-Vlaams maar dan wat meer ingetogen. Maar Het Zesde Metaal is veel meer dan allen maar goeie teksten. De songs zitten ook muzikaal bijzonder sterk in elkaar. Filip Wauters (op gitaar en lapsteel) en Tom Pintens op piano en één keer op gitaar (meteen het mooiste nummer van de set) wisten het geheel prachtig in te kleuren.

En ook op deze derde dag werden we aangenaam verrast in het café. Verantwoordelijk hiervoor was de verstilde pracht van Quilt, een kwartet uit Boston, Massachusetts. Een miniatuurmeisje, met ogen waarin je moeiteloos kon verdwalen, zong, was actief op gitaar en orgel en leek de drijvende kracht achter dit gezelschap. Hierbij kreeg ze de hulp van een gitarist (tevens tweede zanger), een bassist en een drummer. Psychedelische folk die weeral eens uit de sixties leek te komen en waarbij ik spontaan aan één van de grootste iconen uit die tijd, Love, moest denken. Het lijkt er intussen op alsof er op iedere hoek van de straat een psych band staat te spelen maar dit Quilt was zeker het ontdekken waard.

De tijd van het geweldige Sixteen Horsepower ligt al een eeuwigheid achter ons en hetgeen David Eugene Edwards tegenwoordig met Wovenhand uitspookt heeft daar nog bijzonder weinig mee gemeen. Americana kun je dit bezwaarlijk noemen, eerder Gothic rock, bijna drone rock. Alle nummers waren gehuld in een donkere, zware sound. Edwards haalde wel zijn mandoline nog eens boven maar het geluid ervan was nauwelijks te herkennen. Impressionant, dat zeker maar ook zwaar op de hand. Ideaal voor in een duistere zaal waarin je je volledig kan laten meezuigen in hun pikzwarte universum. Maar toch iets minder geschikt voor een festival want dit was niet meteen het soort muziek waar je vrolijker van wordt. En toch was ik blij dat ik ze zag. Kan dat?

Neem gerust een kijkje naar de pics (dag 2)
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/leffingeleuren-2014/
Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

U2

Songs Of Innocence

Geschreven door

Dat U2 (alweer) een zwakke plaat heeft gemaakt verbaast ons niks. We zouden pas geschrokken zijn mochten ze plots een kwaliteitsvolle knaller hebben voortgebracht. De Ierse miljonairs hebben immers al sedert ‘Zooropa’ uit ‘93 geen treffelijk album meer bij mekaar kunnen knutselen. Een handvol sterke songs, dat wel, maar een volledig album ? No way.
Natuurlijk mogen we het belang van deze jongens niet onderschatten. Ze joegen een frisse post-punk wind doorheen de jaren tachtig en hebben met enkele cruciale albums, met als absolute mijlpaal ‘Achtung Baby’, definitief hun stempel op de geschiedenis van de rockmuziek gedrukt .
Op vandaag is de relevantie van een groep als U2 echter al ver beneden het vriespunt gezakt. Om de zoveel jaar komen ze nog eens met een mega show op de proppen met als motto ‘the sky is the limit’, maar op artistiek en creatief gebied gaat de band er al lang niet meer op vooruit. Al dat mega spektakel trekt nog steeds ettelijke duizenden trouwe aanhangers naar de grote stadiums, maar die fans zitten daar toch altijd weer ongeduldig te wachten op het werk uit het tijdperk 1980-1993, de periode waarin U2 er wel toe deed.
Mocht u zich al half bedrogen gevoeld hebben met ‘Pop’, ‘All  That You Can’t Leave Behind”, ‘How To Dismantle An Atomic Bomb’ en ‘No Line On The Horizon’ dan heeft u nu pas echt een kat in een zak gekocht (of gedownload, U2 heeft dit ding immers gratis op het internet gegooid, alsof ze zelf wisten dat ze de fans hard aan het bedriegen zijn mochten ze hier geld voor vragen).  
Hoe zeer de groep ook probeert om pittig en krachtig als in hun beste jaren uit de hoek te komen, U2 klinkt op ‘Songs Of Innocence’ vooral als een flauw afkooksel van zichzelf. Daar waar er op elk van de vorige vier platen nog een paar uitschieters stonden die het geheel enigszins overeind hielden, is deze keer zowat alles van inferieure kwaliteit. Wij hebben enkele pogingen ondernomen, maar werkelijk niets is blijven hangen, geen melodie, geen riff, geen spitse solo, laat staan een goeie song. Zowat alles wat hier op staat hebben ze al eens eerder gedaan, maar dan stukken beter. Dit is met voorsprong het slapste wat U2 ooit heeft naar buiten gebracht.
Het zou hen, en hun muzikale toekomst, goed doen mochten ze dat zelf stilaan ook gaan beseffen, maar we vrezen er een beetje voor.
Er zal hier vanzelfsprekend wederom een grootse tournee op volgen waarbij u onvermijdelijk een stel van die nieuwe gedrochten door de strot geduwd zal krijgen vooraleer u zich mag gaan verkneukelen aan toppers als “One”, “Where The Streets Have No Name”, “Bullet The Blue Sky”, “Bad”, “I Will Follow”, “Beautiful Day”, “Vertigo”, “Even Better Than the Real Thing”, “With Or Without You”, “The Fly”, “Elevation”, enz…. U heeft het er voor over, want u bent fan. We kunnen het begrijpen, U2 heeft immers een indrukwekkende songcatalogus, maar deze keer werd daar niets, maar dan ook niets, aan toegevoegd.
Tijd voor herbronning ? Of gewoon tijd om er definitief een punt achter te zetten ? Dat ze er zelf maar moeten uitkomen.

Gary Clark Jr.

Live

Geschreven door

Gary Clark Jr. is een supertalent die zichzelf op de wereldkaart heeft gezet met het beloftevolle ‘Blak and Blu’, een plaat waar hij zijn op de blues geënte gitaarvernuft afwisselt met wat r&b geflirt. Dat laatste mocht hij van ons gerust achterwege laten, maar de formule heeft hem geen windeieren gelegd. De plaat ging in de States vlotjes over de toonbank en de fortuinlijke Gary Clark Jr. deelde ondertussen al het podium met o.a. Alicia Keys, The Rolling Stones en Eric Clapton. Leuk voor het CV, maar hij heeft al die big shots niet nodig, Gary Clark Jr. is een fenomeen op zich en wanneer hij op een podium stapt springen er sowieso vonken en elektriciteit uit. Live klinkt hij immers veel ruiger en authentieker en verklaart hij volledig de liefde aan de blues. Reeds twee maal zijn wij daar al bevoorrechte getuige van geweest in de AB (check onze reviews), telkenmale stond het schuim op onze lippen.

Dit nieuwe live album bevestigt wat wij al langer wisten, het is een prachtige illustratie van Gary Clark Jr. zijn onbegrensde gitaartalent, zijn begeesterd songschrijverschap en zijn diepe adoratie voor de blues. Zoals in de goeie ouwe seventies traditie is dit zelfs een heuse dubbelaar geworden, met tussen de ruige eigen songs ook superbe en vaak lange bewerkingen van blues classics van grootheden Muddy Waters (“Catfish Blues”), BB King (“Three O’ Clock Blues”), Albert Collins (“If Trouble Was Money”) en Leroy Carr (“When The Sun Goes Down”).
Gary Clark Jr. solliciteert hier meermaals naar de titel van de nieuwe Jimi Hendrix, een etiket die hem sowieso al meerdere keren werd toegeschreven en die hij nog wat krachtiger in de verf zet met een uitmuntende versie van “Third Stone From The Sun”. Je voelt gewoon dat Hendrix vanuit de eeuwige jachtvelden goeddunkend zit mee te knikken.
Ook Clark’s eigen composities ontluiken hier als wilde ongeslepen parels die barsten van power, gevoel en adrenaline. Het is smullen van hevige pronkstukken “When My Train Pulls In”, “Ain’t Messin’ Round”, “Numb” en “Bright Lights”, machtige bluesrockers die stuk voor stuk gezegend zijn met bruisende gitaarhoogstandjes. In “Travis County” en “Don’t Owe You A Thing” komt hij aanzetten met onversneden en hitsige rock’n’roll en tijdens “Please Come Home” komt de tedere soulman in hem naar boven met als extraatje nog maar eens een wondermooie sensitieve gitaarsolo.

Een meesterlijke live plaat van een artiest die op een podium al zijn kwaliteiten ten volle tot ontplooiing laat komen. Als doorwinterde Jimi Hendrix fan hebben wij nog maar weinig artiesten geweten die zo dicht in de buurt komen van de meester.

Dan Croll

Sweet disarray

Geschreven door

De Britse sing/songwriter Dan Croll komt aandraven met een leuk indie plaatje . In die indiepopsongs wordt lekker dromerig met keys gestoeid , wat een fijne reeks oplevert als opener “From nowhere” , “Thinking aboutchou”,  en “In/out”; het subtiele semi-akoestische gitaarspel wordt soms op het voorplan geplaatst op nummers als “Only ghost”, “Maway” en de titelsong . Een intensere spanning ervaren we  bij “Must be leaving” en “Always like this”. De stemmenpracht zorgt nog voor een tandje bij in het relaxte songmateriaal. De pop en keys zijn niet echt iets nieuws , maar op zich hebben we hier een goede plaat …

 

Future Islands

Singles

Geschreven door

Het uit Baltimore afkomstige Future Islands is al ruim vijf jaar bezig en komt nu pas in de spotlights door de prachtsingle “Seasons (waiting on you)” uit de nieuwe vierde cd ‘Singles’, en deze is … geen compilatie-album  van singles.
De groep zit ergens tussen Clock Opera, Temper Trap , Beach House en Florence & the machine in met hun indie/synthwavepop, die verweven is van theatraliteit, bombast en dramatiek. De songs hebben een intense opbouw, groove, aanstekelijke, dromerige ritmes en diepe stuwende basstunes op z’n Peter Hooks (ex New Order) doordrongen van elektronica, die de songs sterken.
De songs krijgen zeggingskracht door de vocals van Samuel T. Herring, die  zingt op Anthony Hegarty en Billy Idol-achtige wijze. Hij pusht de song vooruit op bezield emotioneel, indringende wijze. Songs als “Seasons”, “Spirit”, “Sun in the morning” en “Light house” boeien door die  spanning, opwinding  en gevoeligheid. Ietwat gematigder, sfeervoller en dromerig  zijn o.m. “Doves”, “A song for our grandfathers” en “Like the moon”. “Fall from grace” durft alle kanten opgaan en wordt gedomineerd door een rauwe , innemende emotionele zang.
Future Islands verbaast met subtiel uitgewerkt synthpop, (dat net) niet overhelt naar aanstellerig en kitsch en daardoor meer de moeite is …

Pink Mountaintops

Get back

Geschreven door

Pink Mountaintops is het zusterproject van Black Mountain frontman Stephen McBean. De Canadees heeft er al evenveel platen mee uit als van de stonerpop van Black Mountain. Beide bands zijn ook muzikaal nauw met elkaar verbonden.
Eigenlijk is het een verkapte groep, gezien McBean beroep deed op een reeks gasten. Muzikaal proeft hij van rauw rockende ‘90s grunge op z’n Dinosaurs; niet voor niks hielp
J. Mascis een handje in het gitaarspel en er zit Britpop op z’n Babyshambles verweven .
We krijgen een reeks fijne, broeierige  indie grunge rock’n’rollende Britpop nummers dus, waarbij met “Ambumance city” en “The second summer of love” meteen de toon wordt gezet. Met Annie Hardy (Giant drag) , “North Hollywood drag” , hebben we een prachtige litanie/zwanezang . Een nummer als “New teenage mutilation” is op z’n beurt dan poppy. Meesterlijk zet Pink Mountaintops zich naast een Black Mountain …

Azealia Banks

Azealia Banks – vrouwelijke en zelfverzekerde lust voor oor en oog

Geschreven door

Geef op You Tube de namen Azealia Banks en Karl Lagerfeld in en je stoot op een filmpje uit januari 2012. De 23-jarige rapster uit Harlem, New York, met zwart-blauw haar en gekleed door de iconische modeontwerper, brengt een zeer explosieve versie van haar hitsingle “212” (de song met waarschijnlijk de meeste herhalingen van het woord “cunt” ter wereld) in een waarschijnlijk prachtige zaal in Lagerfelds chateau.
De setting, enkel verlicht met kaarsen en de zachte rodetinten van het minipodium, toont een zeer divers publiek van op en af lopende obers, een paar mannen die in een hoek staan te dansen, een hoge concentratie van Ipad filmende vrouwen, zeer stoïcijns kijkende bodyguards en een nog meer stoïcijns uitziende Lagerfeld met hoge kraag. Banks staat er zeer zelfverzekerd bij en grijnst hier en daar ironisch naar het publiek.
Banks, een net geen twintiger die na haar afgebroken studies aan de LaGuardia High School of Performing Arts in Manhattan (de “Fame”school bekend van de gelijknamige film en serie van de jaren 80) en twaalf stielen en dertien ongelukken-castings in musicals, tv-series en films en een job in een stripclub in Queens stilt haar creatieve honger door het schrijven van zeer expliciete raps, zoals “212” die ze zelf in het najaar van 2011 op het internet gooit. De rapster komt in een stroomversnelling terecht van noteringen in Europese hitlijsten, samenwerkingen met Lady Gaga en Kanye West, ontvangt awards als New Style Icon op de Billboard Awards en krijgt meer en meer gigs te pakken op modeshows van de allergrootsten.
Begin 2012 kondigt Banks haar debuutplaat ‘Broke with expensive taste’ aan, maar dan gaat het opeens zeer moeizaam. De samenwerking tussen de platenmaatschappij Polydor/Interscope en de rapster is zeer slecht en uiteindelijk, in de zomer van 2014, is het contract verbroken en wordt de tournee begin dit jaar uitgesteld. Ze is echter nu vrij en kan ze doen wat ze zelf voor ogen heeft en start ze opnieuw op.

Met die overwinningsmentaliteit komt de bloedmooie rapster  op in de zeer stemmige en zacht verlichte Concertzaal van de Vooruit, nadat Slongs Dievanongs een verrassend goed optreden als voorprogramma heeft gegeven (wat is de medezangeres Flex de spitting image van Blondie in haar jonge jaren) . Bekend om de meest crazy stage outfits is Banks nu gekleed in een strak zwart plastic top met buik bloot en een kort, wijd rokje (ze roept na het eerste liedje al om de windblazers op het podium stil te leggen omdat haar ‘pooch’ direct te zien is). Het is een echt elegant en stijlvol plaatje om te zien. Banks wordt geflankeerd door twee sassy dansers die de ene jaren 90 Vogue dance move na de andere doen. Een meter hoger staat de dj achter zijn mixtafel, met naast hem aan beide zijden de achtergrondzangers, elk in zwarte kniebroek, met hun eigen dansbewegingen. Het start direct goed met “Fierce”, een zeer zware beat begeleidt de enorme flow van Banks, die echt wel zeer goed kan rappen en elke tekst er zo moeiteloos uit krijgt.
De rest van de set dendert met die hypnotiserende combinatie van snoeiharde beats en haar geconcentreerd gerap vooruit, met songs als “Chips”, “Bad Bitches Do It”, “Heavy Metal and Reflective”, “Count Contessa”, “1991” en een versnelde “ATM Jam”, haar samenwerking met Pharrell Williams.
Soms zijn de songs zeer kaal en minimalistisch, evenveel gaat ze zeer agressief te werk en schreeuwt ze door een megafoon.

Opgelucht bedankt ze het zeer diverse publiek en werkelijk alle geaardheden zijn ook aanwezig. Banks zelf is biseksueel, maar laat zich eigenlijk gewoon in geen vakje stoppen. “Your lady” start ze a capella op en hoor je voor het eerst wat een pure en soulvolle zangstem ze heeft. Na drie kwartier sluit ze een prachtig en opvallend volwassen optreden af met haar meest bekende liedjes “Liqourice” en “212”.

Organisatie: Live Nation

Psychedelicafestival in de Ancienne Belgique, Brussel - Minifestival vol psychedelisch vertier

Geschreven door

Psychedelicafestival in de Ancienne Belgique, Brussel - Minifestival vol psychedelisch vertier Psychedelicafestival 2014
Ancienne Belgique
Brussel
2014-09-21
Johan Meurisse

- Minifestival vol psychedelisch vertier -
Ook de AB  houdt vinger aan de pols qua psychedelische rock . Na een Roadburn, het Psych Lab, Incubate of verder nog Desertfest en LeGuessWho , konden we op deze autoloze zondag terecht voor een reeks beloftevolle bands in het genre met Goat als absolute headliner. Een aangename ervaring!
Aanbod: Crows – Bo Ningen – White Hills – Madensuyu – Moon Duo - Goat

We sloten aan bij de tweede band deze namiddag , het uit Japan afkomstige  Bo Ningen, al een viertal jaar bezig , die ons letterlijk overspoelden met een wall-of-sound van ‘70s retro, psychedelica en acidsounds. Een snedig, krachtig , explosief geluid - van zwevende, galmende, gitaren , een diep grommende, dreunende bas en bezwerende , opzwepende drums -, intrigeerde door een repetitieve ritmiek, had verrassende wendingen , kon ontsporen en klonk naar het eind noisy, ontregeld, geschift en gek! Adembenemend heerlijk dus.
De nummers werden tot op het bot uitgediept en kregen door de dromerige soms piepende vocals van Taigen Kawabe een toegevoegde waarde .
De zwiepende, zwierende gitaren , de lang wapperende haren, de handbewegingen en de gewaden van twee van de vier, voerden ons in een ruimteschip ver weg van de realiteit.

Het Amerikaanse White Hills zijn live anders en beter. Hun laatst verschenen cd’s worden  in het genre te pas en te onpas gestoord door freaky geluidsuitstapjes, niemandalletjes en tierlantijntjes, die het hectisch geheel van hun hypnotiserende, psychedelische, kosmische trip onderdrukken .
Je wordt letterlijk meegevoerd , meegezogen in hun handvol gespeelde , uitgesponnen nummers als “No game”, “The condition of nothing”, “Underskin” en “In your room”; dit is gruizige, bedwelmende en supersonische spacerock , niet vies van een bulldozergeluid op z’n Cosmic Psychos. Hallucinant.
Fans van Hawkwind, het oude Monster Magnet, Black Mountain, Burning Brides en Warlocks hebben aan dit trio een vette kluif. Ze zijn enorm op elkaar ingespeeld en met de bevallige Ego Sensation , een blonde sensuele dame op z’n Poison Ivy’s, dwaalden we makkelijk af in een erotiserende fantasiewereld .

Madensuyu was hier de enige Belgische vertegenwoordiging. 5 jaar na de vorige cd ‘D is Done’ staat het Gentse duo De Gezelle – Vervondel met ‘Stabat Mater’ meer dan ooit op scherp . Hun unieke noisepop/postrock is door stuiterende, stuwende  elektronica omgeven, heeft een broeierige intensiteit , een ondraaglijk dreigende spanning , kan aanzwellen en wordt overstelpt door geluidsstormen. De stroomstoten , explosies, die worden toegediend en de verbeten, zalvende zanglijnen , de schreeuwzang , de kreten, of ze nu apart of samen zijn, injecteren het geheel.  Huivering!
Indrukwekkend klinkt als het allemaal op z’n plaats terecht komt . Gisteren op Leffingeleuren kregen we kippenvel; werden we op Swans wijze omvergeblazen en sloegen ze ons murw. Onovertroffen!
De verwachting naar vandaag was dan natuurlijk even hoog. Ondanks dat zij steeds naar de keel grijpen, was het ietsje minder beklijvend maar dan nog heb je een uitmuntende Madensuyu.
Eerst moesten ze nog wat op dreef komen , maar na het tweede “On the long run”, hadden we opnieuw die intensiteit ten top met o.m. “Mute song” , “Crucem” en “Give days & a day” .  Ook op oudjes “Oh frail”, “Tread on tread light” en die prachtsingle “Ti:me” ging het duo diep . Hoedanook , Madensuyu stond garant voor een energiek , opwindend, geniaal optreden!

Werden we letterlijk door Madensuyu naar de hel gestampt , dan werden we naar hoge regionen gevoerd en geleid door Moon Duo , het groepje van keyboardspeler Sanae Yamada  en songwriter/gitarist Ripley Johnson, tevens frontman van Wooden Shjips, die we eerder in juni nog in de Magasin 4 zagen .
Een welig vertier van slepende , voortdrijvende , repetitieve, monotone ritmes,  psychedelische tunes en aanzwellende , forsere krachtige ‘repeat’ beats. Aangename drums en dwarrelende gitaarloops vulden aan en durfden wel eens gieren, maar uiterst beheerst . Op de achtergrond zagen we psychedelische lijnen, patronen, cirkels , die meteen ook het lichtdecor vormden .
Bezwerende ‘paddo’ muziek in de sfeer van Spacemen 3, Sonic Boom, Spiritualized en Suicide, die de samenhorigheid, sensualiteit bevordert en rustgevend is door de ritmische onderbouw en de zalvende , ingehouden zang .
Het klonk allemaal lekker ontspannend en het nummer “Circles” blijft er eentje binnen die 60s psychedelica/spacerock om te koesteren.

Absolute headliner was het Zweedse Goat (zie pics), die zou voortkomen uit een vroegere occulte voodoosekte. Bon soit, in underground kringen worden ze al legendarisch omschreven. Ze zijn weinig live te zien en ondernemen  steeds maar een korte tour.
Na ‘World Music’ verscheen net ‘Commune’, ietsje minder ontvlambaar dan het debuut . Maar Goat is iets unieks en magisch , een mélange van een psychedelische, funky, groovy, kosmische 70s retro worldtrip.
De inkleding maakt de sound nog intenser en meer bezwerend. We geraakten nog sneller in die trance en dat sfeertje . De leden zijn gesluierd op z’n Touraegs of met boerka en de twee zangeressen/danseressen hebben een afromasker op.
Meer dan aannemelijk lijkt het na Moon Duo dat met Goat een feestje kan worden uitgebouwd. Het ensemble creëert een hypnotiserende trance - die ergens de Master Musicians Of Bukkake en Tinariwen doen opborrelen -, door de repetitief , opbouwende , huppelende , hitsende ritmiek, de drums , de bongo’s , het pompende basspel en de galmende , fuzzende ‘wahwah’ gitaren, fris , aanstekelijk  sensueel , betoverend , erotiserend én natuurlijk uitermate dansbaar.
Hel wat dynamiek en opwinding hadden we door de dans (heksen) pasjes van de dames op het podium; moeiteloos zetten ze de AB in beweging. Het publiek ging uit zijn dak op de ‘Goat’songs als “Talk to God” , “Let it bleed” , “Goatlord” , “Diarabi”  en “Goathead” . Wat elektro/discokitsch kon worden toegevoegd en met die afrobeats viel alles wel op zijn plaats . Naar het eind walsten, dansten en feestten we nog meer door de tribals en de jams, wat het geheel wervelend maakte.
Goat is goed geoefend en heeft het goed uitgekiend . Niet voor niks was één van afsluiters het verslavende “Goat- slaves”. Wat een beleven. Fenomenaal sterk!
Een passage die we niet gauw zullen vergeten!

De AB heeft alvast een goede zet gedaan om het genre in z’n totaliteit te introduceren en ze hadden met Goat een exclusiviteit.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Leffingeleuren 2014 - zondag 21 september 2014

Geschreven door

Het was rustig op de laatste zondag van de festivalzomer in Leffinge. Geen over en weer geloop op de afsluitende dag tussen de zaal en de festivaltent, alles was te doen in de grote festivaltent , perfect dus voor een relaxte zondagnamiddag aan ‘het zeitje’. De eerste groep begon pas om halfvier, tijd dus voor taart en koffie, en ook voor lokaal talent uit Oostende, op het kerkplein van Leffinge, in de Busker Street: Poorboys en Pilgrims, een folkband, zong in het lokale dialect en bracht onder meer een cover van het controversiële “Zelfmoord” van de Kreuners.

Het festival zelf begon met een band van de andere kant van de provincie, die in avant-premiere al een aantal nummers van de nieuwe plaat lieten horen die op 26 oktober verschijnt. Het Zesde Metaal, de band van Wannes Cappelle, ook met Tom Pintens op keyboard en gitaar, begon met het melancholische “Last van u”. Cappelle speelt met taal, een zin zoals “Mijn leven es ne cross, ke al spikes an, maor min rykoorden angen los”  in “In de plaaster” was een mooi voorbeeld. Ook de nummers van de nieuwe plaat zoals “Nie voe kinders”, “Gie den otto en ik” en “Dag zonder schoenen” staan vol rake, bitterzoete observaties. “Ier bie oes” was melancholisch en herfstig, net als de lofzang op het leven van Frank VDB, “Ploegsteert”.  Capelle en co duwden dan weer het gaspedaal in op “Ik haat u nie” en zo was het een geslaagde algemene repetitie van de nieuwe plaat.
Last van U–In de plaaster­-Nie voe kinders-Gie den otto en ik – ier bie oes-Dag zonder schoenen-rap gemaakt-Ploegsteert-zet mie af-ik haat u nie- toe nu maar

Tom McRae waren we een beetje uit het oog verloren na zijn tweede plaat. Hij heeft er ondertussen al vijf op zijn conto staan en treedt zowel met band als solo op. In Leffinge was het solo, en McRae bewees in ware Luka Bloom stijl dat hij een ras-entertainer is die ook solo een hele festivaltent rond zijn vinger kan winden. Zo liet hij het publiek zingen, (“Dose me up”), fluiten “Boy with the bubblegum” en klappen “One Mississippi” en in dit laatste nummer verwerkte hij nog een stukje “Graceland” van Paul Simon. McRae zei dat hij vooral triestige liedjes speelt, maar wat ons betreft doet hij dat met grote klasse.
For the restless – Karaoke Soul – Summer of John Wayne – dose me up – wont lie –deliver me –strangest land – boy with the bubblegum – One Mississippi

We stonden redelijk vooraan bij de ons onbekende Delta Saints, maar de drums veroorzaakten zo veel luchtverplaatsing, dat we wijselijk terugdeinsden tot aan de PA, waar het geluid goed zat. Deze vijf heiligen komen uit Nashville, Tennessee, en niet uit Louisiana, zoals de bandnaam zou laten vermoeden. De zanger klonk enigszins als Joe Newman van Alt-J, maar dat was dan ook de enige overeenkomst met die alternatieve, nerdy popband. Zelf omschrijven ze zich als “Bourbon fueled, Bayou rock” en dat is niet ver naast de waarheid.”Sometimes i worry” was een blues uit het diepe zuiden met slidegitaar. Het titelnummer van hun plaat “Death Letter Jubilee” passeerde vervolgens de revue en we waanden we ons terug in “The Dukes of Hazzard” toen de zanger een nummer aankondigde van ‘a couple of fellows called Gnarls Barkley’. Jawel, “Crazy”, werd hier een slepende blues, met een grollende stem gezongen, Charles Bradley waardig, en had alles met tempoversnellingen en vertragingen en een stomende climax. Cee-Lo Green was redelijk schabouwelijk op Feest in het Park, dit was andere koek. Vervolgens kregen we met “Get up” geen cover van James Brown, maar wel een boogie, zompige Chicago blues met slide gitaar. Voor deze southern rock waren veel festivalgangers speciaal naar Leffinge gekomen, en we kunnen ze alleen maar gelijk geven.

Voor de meest intense set van de dag moest je bij Woven Hand zijn. De twee laatste platen van Dave Eugene Edwards “The laughing stalk” en “Refractuary obdurate” zijn veel zwaarder, met veel meer heavy gitaren dan wat hij vroeger gedaan heeft.
Live steekt hij nog een tandje bij, het was dus heftig, luid, een intense ervaring. Edwards en de rest van de band bleven heel de set in duisterblauw licht gehuld en de ene song vloeide over in de andere, zodat Woven Hand je bij je nekvel nam, Edwards als een sjamaan die een rituele reiniging uitvoerde.
De man maakte spastische handgebaren en mompelde vreemde woorden, duivels moesten uitgedreven worden. Ja, even nam Edwards de banjo ter hand, maar zelfs een nummer van 16 Horsepower kwam er zwartgeblakerd uit.
Gekletter op de tom drums kondigde naderend onheil aan, er moest boete gedaan worden. Woven hand was een spirituele totaalervaring, verdwaasd liet Edwards Leffinge achter met een Navajo-chant.

Hoofdkaas en afsluiter van Leffinge was Admiral Freebee. De admiraal was beter bij stem dan twee weken terug op Crammerock. Behalve de bindteksten, viel Tom Van Laere niet in herhaling. De blazersectie kleurde het optreden, maar het was toch minder Staxfunk dan twee weken geleden.
De band begon er aan met “Blues for a hypohondriac” waarin Van Laere hoopte op een worst, die je kon krijgen in de restauranttent van het festival en die werkelijk uitstekend was, maar dit volledig terzijde.
Terug naar de muziek, “Last song about you” had een mooie orgelpartij, “Always on the run” werd opgefleurd met wahwah-gitaar en een saxsolo, terwijl “Nothing else to do” dan weer een mooie trompetsolo had. “Breaking away”met zijn akoestische en electrische stukken was het beste nummer vanavond. Van Laere speelde vrij veel keyboards, in het begin nogal aarzelend, een grote keyboardspeler is er niet aan hem verloren.
De finale was vrij gelijk aan wat ik op Crammerock gezien had met “Bad year for rock ’n roll”, “Einstein Brain”, “Oh darkness”, het rustige “Rags ’n run” met sax outro en de epische afsluiter “Ever present” die Van Laere maar niet wou beeindigen zodat hij maar door bleef gaan onder het motto “Trouble and desire”.

Voila, de festivalzomer zat er op, wij waren content dat we hem afgesloten hadden op Leffinge, op naar de concertzalen nu.

Neem gerust een kijkje naar de pics (dag 2)
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/leffingeleuren-2014/
Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Leffingeleuren 2014 – vrijdag 19 september 2014

Geschreven door

Onze Belgische artiesten en bands zijn erg succesvol op de festivals .  Ook op het bijzonder sympathieke festival Leffingeleuren worden zij in de armen gesloten . Maar Leffinge biedt meer dan dat , want de organisatie pakte opnieuw uit met een boeiende affiche over de drie dagen. Ze heeft een neus voor (beloftevolle) bands, die niet vies zijn van wat psychedelica, garagerock’n’roll en gekte, wat we uitermate sterk appreciëren! Een mishmash dus en dat maakt nu net Leffingeleuren een gezellige, leuke, toffe ,wonderschone (ontdekkings) trip om de festivalzomer rond de kerktoren af te sluiten .
13000 bezoekers waren er, goed spelende bands , een dynamisch publiek, veel sfeer en een warme gloed. Dit festival is en blijft iets unieks en magisch …

dag 1 – vrijdag 19 september 2014
Werkomstandigheid belette dat we pas konden aansluiten bij Intergalactic Lovers . De grillig onderhouden indie van Geppetto & The Whales en  de breekbare dreampop van Hydrogen sea, openers van het festival, moesten we aan ons laten voorbijgaan . Niet getreurd , met Intergalactic Lovers hebben we één van de festivalbands  van de voorbije zomer . Ze waren wel op elk plaatsje te zien . Wat opvalt is dat hun
charmante, dromerige en fris aanstekelijke gitaarpoprock met een rauw randje, steeds op even enthousiaste wijze wordt gespeeld . Een bandje rond de bevallige Lara Chadraoui die er steeds voor gaat. Lara, met haar lang wapperende haren, zingt sierlijk en beweegt, kronkelt expressief rond haar micro .  De singles zaten mooi verdeeld. “Northern rd” , “Islands” uit de recente ‘Little heavy burdens’ hoorden we in het eerste deel en naast “She wolf” , zorgden de andere oudjes “Bruises” en “Delay” voor een schitterende finale; ze kregen zelfs een dansbare groove mee .  De songs kregen nog wat meer elan door de beheerste gitaar effects . Het broeierige materiaal werd smaakvol ontvangen . Intergalactic Lovers is een lieflijke rockband, die meer verdient en terecht groots mag worden .

Een apart bandje is Amatorski toch wel uit Gent/Lier . Fraaie , kunstzinnige , sfeervolle, breekbare synthpop , die houdt van wat experimentjes en tegendraadse ritmes . Met de nieuwe cd ‘From Clay to figures’ klinkt het trio , onder Inne Eyserans en Sebastiaan Van den Branden, directer, minder ijl, ijzig en huiverend dan vroeger. Dat gevoel ervaarden we duidelijk en we waren nauwer betrokken bij hun materiaal.
Songs als “Uturn”, “Warszawa”, “Hudson”, “Deer the wood” en “She became Ballerina” zijn meer dan zomaar wat fluisterpop, postrock, trippop of Scandinavische soundscapes. Ze banen zich een weg in je hersenen door hun intrigerende opbouw en sfeerschepping. “Come home” of “Soldier” zijn live al lang opgeborgen; het belet niet dat Amatorski een ‘must see’ blijft.

We waren al ferm onder van de  Deen Anders Trentemöller op Rock Werchter. We waren meer dan tevreden dat hij hier als één van de headliners stond geprogrammeerd . Hij is al ruim vijftien jaar bezig en is meer dan zomaar een DJ. Hij heeft een heuse band achter zich met een zangeres er bovenop; in z’n toegankelijke , aanstekelijke muziek mixt hij ‘80’s dance waveklassiekers aan die kenmerkende Scandinavische koele elektronica, ijzige soundscapes en doom. Tja , hier komt natuurlijk The Knife wel wat bovendrijven . 
Een bezwerend groovy optreden hadden we met vele zweverige psychedelica geluidjes , trance, bleeps en pedaal effects. Onmiskenbaar is die ‘80s wave , die een zekere dreiging omvat. Het heeft iets mee van een duistere roadmovie soundtrack, verweven van flarden Cure, New Order en Talking Heads
.
De vocale nummers waren sterk ,  “Candy tongue” , “River of life“ en zeer zeker “Moan”, één van de hoogtepunten. Een schitterende finale hadden we met het ontregelde , sch€urende, eigenlijk wel geschifte “Silversurfer, ghostrider go!”. Dit was absoluut top .

Ook fronsten we de wenkbrauwen bij het Brusselse Robbing Millions , die in Vlaanderen nog wat van de grond moet komen . De songs van dit creatieve bandje  hebben iets mee van de  poppsychedelica van het vroegere MGMT en Grandaaddy , maar rockten ook en waren dan directer , ruwer en snedig . En daar zit het ‘em net, ze bieden een ondraaglijk boeiende spanning door de verrassende wendingen , de avontuurlijke geluidjes en experimentjes; toch valt er een catchy geluid op, met een onweerstaanbare groove, wat de dansspieren tintelt . Band met potentieel , die bij ons verdient in de spotlights te staan .

Een glimp zagen we nog van Holy wave in het café van de Zwerver . Op basis van een paar songs kunnen we natuurlijk niet veel zeggen , maar psychedelische rock en garagerock’n’roll zijn nauw met elkaar verbonden en werd uiterst aangenaam ervaren .

Tot slot , vóór het nachtwerk van de Nederlandse hiphop van de Opposites en de Britse knoppenfreak Lapalux , hadden we Magnus in de tent, het dance electroproject van CJ Bolland en Tom Barman, die terug van onder het stof werd gehaald met ‘Where neon goes to die’,  tien jaar na ‘The body gave you everything’. En het was meer dan de moeite waard!
Ze beschikken over een volwaardige  band, o.m. met de gitaarcapriolen van Tim Van Hamel.
De twee singles “Puppy” en “Singing man” (op plaat met Tom Smith!) of een ouder als “Summers’s here” waren uitnodigend, dansbaar rockend , met een knipoog naar Depeche Mode, én een CJ Bolland , die af en toe zich de ruimte toe-eigent om de bezwerende trance kracht bij te zetten .
Verder een rockgroep in een elektrobody,  die een onderhoudende sound speelt, aanstekelijk, smachtend , dampend , kreunend en krakend in een juiste drive, friste en overtuiging .
Met Magnus besloten we een aangename , leuke avond …

Neem gerust een kijkje naar de pics (dag2)
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/leffingeleuren-2014/
Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Leffingeleuren 2014 – zaterdag 20 september 2014

Op deze zaterdag hadden we een heel gevarieerde affiche en konden we nog maar eens het aangename en amicale van het pittoreske festival onderstrepen …

We konden nog iets meepikken van de Trashcan Blues Collective , die de ‘Verse Vis’-  wedstrijd won in Leffinge . Ze werden eerder al gerespecteerd in de Humo’s Rock Rally. Het uitgebreid collectief speelt doorleefde, zompige bluesrock, luchtig , fris en speels . Een breed instrumentarium van gitaar, banjo , piano, keys , contrabas en toegevoegde blazers zorgen voor een spannend indringende sound . Ze zijn goed op elkaar ingespeeld en gaan een fijne toekomst tegemoet . Sterke opener. (Johan)

Onverwachts moest BRNS hun optreden cancellen , waardoor Busker street , een nieuw initiatief onder het motto ‘Speel zelf op Leffingeleuren’ wat meer in de picture kwam . Op een heel klein podium op het marktplein, kon je jong sing/songwritertalent uit de eigen streek bewonderen ; stem , gitaar of ander instrument was welkom . Interessante vondst … (Johan)

De Nederlandse sing/songwriterpop wordt de laatste tijd in ons landje ferm geapprecieerd . Eerder waren we al te vinden voor de psychedelische retro van Jacco Gardner , en vorig jaar  brak Blaudzun definitief door .
Recent worden we overspoeld door de gevoelige pop van Dotan , die met “Home” een ‘(wereld) hit op zak heeft . Tja , die trend van Bastille, Imagine dragons of American Authors van  opzwepende percussie en singalongs bereikt iedereen wel .
Dotan Harpenau wordt evenzeer begeleid door een uitgebreid collectief en was voor de eerste keer op Belgische bodem te zien . Meteen in de vroege namiddag was de tent in Leffinge al bijna te klein. Het jonge volkje droeg deze bijna dertigjarige gast op handen . De muziek mag dan inwisselbaar zijn , de sound is hip .
Innemende , broeierige luisterpop met een folky tune , wordt bepaald door semi-akoestisch gitaarspel en mans indringende , heldere stem . Een breed instrumentarium , samenzang en handclaps op z’n Blaudzun’s , geeft de songs meer emotionaliteit en sterkte . Hij werd warm onthaald met “Home II” en “Let the river in”. Zijn debuut komt hier binnenkort uit en het was duidelijk dat hier meer potentieel te horen was dan enkel maar die befaamde single “Home” , die de set natuurlijk op schitterende wijze besloot , door de troms  en de handclaps; fladderende handen brachten het nummer letterlijk naar ongekende hoogtes .
Er viel dus meer te rapen, “Hungry”, “Fall of tonight” waren fijngevoelige songs. Dotan was niet vies om “Stolen dance” van Milky Chance deels om te dopen in een a capella versie . Zijn  optreden ging hier niet onopgemerkt voorbij … (Johan)

Het jonge Britse Childhood opende in de zaal na de BRNS cancel. Het kwartet, met een jonge Kele -Bloc Party- lookalike, mengt rauwe indie , Britpop, shoegaze/wave , psychedelica en dreampop . Ze halen van alles wel iets en brengen een reeks afwisselende , boeiende, creatieve songs , die op die manier Bloc Party, Palma violets, Tame Impala en The Horrors samenperste. Op het eind waren ze enorm op dreef en overweldigden ze met een song als “Solemn skies . Bandje die meteen in de Botanique terecht kan. (Johan)

Bombino
kan je situeren binnen de uit Afrika overgewaaide woestijnblues. Waar bands als Tamikrest en Tinariwen zich eerder op sfeerschepping en trance richten, zorgt  Bombino wel voor wat meer tempo en ritme. In combinatie met zijn uitmuntend soleerwerk (de man is echt wel een begenadigd gitarist, een soort nomadenversie van Jimi Hendrix) zorgde dit voor een knappe set, maar iets meer variatie had wel gemogen. De ritmes en gitaren werkten ergens wel verslavend en ophitsend, maar er werd iets te veel op dezelfde patronen verder geborduurd waardoor onze aandacht soms wel wat ging verslappen. Maar goed, er zat flink wat beweging in het volk die hier met volle teugen en swingende heupen van genoot, dus Bombino was met glans in zijn opzet geslaagd. (Sam)

In Leffingeleuren wisten ze al dat Blood Red Shoes voor een hitsig en uiterst opwindend feestje kon zorgen. Op de editie van 2011 was dit voor ons dé revelatie, het was onze vuurdoop met dit energieke duo en we werden toen compleet achterover geblazen. Anno 2014 bleek dat de twee nog niks van hun pluimen en explosiviteit verloren zijn, wederom raasden zij met de snelheid van een TGV (geen Fyra) door de tent. De set was zowat een kopie van hun stomende passage in april dit jaar in de Botanique (check onze review), de verrassing was er dus misschien een beetje af, maar de gedrevenheid en het vuurwerk waren onbegrensd. Dus ging Leffinge alweer plat. Ze mogen altijd terugkomen! (Sam)

Wat gebeurt er als je de vuilste grunge en de smerigste garagerock door de geluidsmixer haalt, daar een portie ongebreideld jeugdig enthousiasme aan toevoegt en er een laag feedback en distortion onder zet ? Dan krijg je zo iets als The Wytches. Dit wild langharig tuig combineerde Dinosaur Jr, Mudhoney en The Cramps met Nirvana en kwam naar boven met een brok opwindend lawaai. Het scheurde, het brieste, het gierde en het ging regelmatig uit de bocht. Dat zijn van die zaken waar een mens zich zou kunnen aan ergeren, maar die wij uitermate fantastisch vonden. Te meer ook omdat wij nogal wild zijn van dat fameuze debuutplaatje ‘Annabel Dream Reader’ dat er hier zowat volledig werd doorgedraaid.
…Zij die halfweg de set de zaal verlieten om Gabriel Rios te gaan checken, waren niet goed bij hun hoofd. (Sam)

Tja, … die Sam …
De allround sing/songwriter Gabriel Rios , is uiteindelijk toe aan de nieuwe plaat ‘The marauder’s midnight’. Al van vorig jaar kregen we elke maand een nieuw nummer als single te horen. De Wedding Present in de jaren 90 deden het hem al voor .
Door de jaren was hij in allerlei gedaantes te zien . Na zijn trip naar New York , komt hij nu terug fascinerend voor de dag en was hij tijdens de zomer al op verschillende festivals te zien. De cluboptredens kunnen we jou ten stelligste aanraden .
De Belgische ‘El Sympathico’ Puertoricaan doet al menig vrouwenhartje sneller slaan. Ook hier hadden we een volle tent . Leffinge weet z’n sing/songwriters ta appreciëren!
Natuurlijk kwam de nieuwe plaat in de spotlights met een (contra) bassist, cello , af en toe aangevuld met een blazerssectie. De nummers bieden een vernieuwende kijk en balden emotionaliteit , intensiteit  en beleven samen o.m. , “Holy water”, “Police sounds” en “Song n°7”. Een ‘waauw’ gevoel hadden we met “Gold” en “Work song” . Straf ook wat er in het begin  werd gepresteerd op “Straight song”, “Skip the intro”,  “City song” en de start die Gabriel Rios solo aanvatte , een schitterende eigen bewerking van Jimi’s “Voodoo chile” ; een meesterlijke zet!
Oudjes  “Angelhead” en “Broad daylight” werden opgefrist, kregen een aangepast jasje en hadden een broeierige spanning. Een levendige en gevoelige Rios hadden we, die ons solo uitzwaaide . Wat een return . (Johan)

Een mens kan al eens de foute keuzes maken. Wij wilden snel wel even een glimp van de frisse psychedelica van Woods meemaken, wat ons trouwens echt wel beviel, vooraleer we naar levende legende en trip-hop icoon Tricky trokken.  Hier werd retrorock mooi afgewisseld met gevoelige neofolky; het samenspel onder deze drie  boeide en intrigeerde. (Sam en Johan)
Want omdat wij stiekem verwachtten dat de onvoorspelbare Tricky wel eens een wonderlijk concert zou kunnen geven (wij zijn eerder al eens high geworden van een Tricky concert zonder dat wij ook maar één gram verboden product naar binnen hadden gewerkt), wilden wij er geen seconde van missen.
Waren wij hier lelijk bij de neus genomen. Wat een domper, dit was een pijnlijk zielloze vertoning, de naam Tricky onwaardig. De ogenschijnlijk verwarde geest leek steeds maar op te bouwen naar een climax die nooit kwam en brak zijn songs abrupt af. Tot overmaat van ramp kwamen een paar Limp Bizkit achtige gitaren onnodig de weg versperren. Als er dan eens een zeldzame keer een greintje van de magie van weleer naar boven kwam, smoorde Tricky deze onmiddellijk de kiem in door de boel terug plat te leggen.
Aan de uitdrukking en verbijstering van zijn muzikanten was duidelijk te merken dat deze niet in hun nopjes waren met de warrige grillen van hun baas. Het leek zaterdag alsof het Tricky zijn betrachting was om zo veel mogelijk zijn eigen set te saboteren, waar hij helaas ook perfect in slaagde.
Met voorsprong de ontgoocheling van het weekend. (Sam)

Onze reputatie als belgenverdelger ten spijt willen we er u even fijntjes op wijzen dat er in ons landje wel degelijk frisse en originele bands rondlopen, maar het zijn niet deze bands die u tot vervelens toe op Stu Bru hoort passeren. Madensuyu bijvoorbeeld, het best bewaarde geheim van de binnenlandse alternatieve rock. In Leffinge was het al de derde keer dit jaar dat we dit geniale duo mochten aanschouwen (na De Kreun en Boomtown), en de geestdrift en spanning die deze Gentenaars veroorzaken blijft ons boeien tot in het diepste van onze tenen. Stijn Degezelle’s gitaarpartijen sneden door merg en been, PJ Vervondel haalde de meest opwindende klanken uit zijn drums en deed dat even hitsig en overtuigend als Steven Ansell, het driftige drummertje van Blood Red Shoes die enkele ogenblikken geleden de tent al op zijn kop had gezet. Songs als “Days and a Day”, “Crucem” en “Time” zijn wat ons betreft al eeuwige monumenten geworden. Madensuyu schitterde van de eerste tot de laatste seconde en toch haalden enkele verwaande nichten het in hun ijle kop om vroegtijdig de zaal de verlaten om de fake palmboomkitsch van Oscar & The Wolf te gaan bekijken, maar niet vooraleer ze hun haar in de juiste plooi gelegd hadden. (Sam)

… Tja, die Sam alweer … Oscar & the Wolf (Marquee) rond Max Colembie is erg populair geworden op korte tijd . De sound is uitnodigend naar een zorgeloze mood en daar houden de jongeren van . Deze band brengt hemels dromerige, zweverig toegankelijke theatrale indiepop, gepusht door een bezwerende beat. Hij plaatst je in een aparte droomwereld, van palmbomen en glitters, en breidt er zelfs een leuke, overtuigende act aan , wat het materiaal naar een hoger niveau tilt. Er schuilt hier iets sensueels , exotisch, teder , en daar tekenen jongeren voor. Een volle tent ging ervoor,  gaande van “Joaquim”, “Somebody wants you” naar een “Undress” en “Strange entity , die sterk extravert, dansbaar klonk . Ook een fijn, gevoelig “Freed from desire” van Gala werd in een pianoversie uitgediept, alsook een nieuw nummer. Verder een prachtig uitgewerkte versie van de single “Princess” met heel wat snippers en confetti.
Na een overtuigende Rock Werchter , Lokerse Feesten  en Pukkelpop volgden de andere festivals. Hier werden hartjes met de handen gevormd . Dat zal wel bijdragen tot het succes van deze Oscar en zijn Wolfjes! (Johan)


Nog meer broeiende pokkenherrie van eigen bodem, de wonderlijke duizendpoot Mauro met zijn hyperkinetische bende Gruppo Di Pawlowski : potig, compleet geschift, geniaal, verbijsterend. 
Pawlowski smeet zich helemaal, ging als een halve gek tekeer, vond ter plekke de indianendans opnieuw uit, kronkelde meermaals als een slangenmens over de podiumvloer en werd bij zijn wilde act in de rug gesteund door een stel dwarse muzikanten die een extreem strakke en hoekige sound neerpootten.
Op de verbluffende plaat ‘Neutral Village Massacre’ zijn de Albini invloeden niet weg te denken, live was dit iets minder uitgesproken. Het combo ging daarentegen nog iets geweldiger tekeer, Gruppo Di Pawlowski ging gewoon volledig loos en hun buitengewone sound leek eigenlijk met niets te vergelijken. Voor dit soort groepen werd speciaal het woord ‘uniek’ uitgevonden. Het moge trouwens een eer zijn voor Marcel Vanthilt en zijn jaren tachtig groepje Arbeid Adelt om op zo een fantastische manier gecoverd te worden via een uit al zijn voegen barstend “Jonge Helden”, met dank aan het vernuftige brein van Her Pawlowski. Nog een geluk dat er lui zijn als Mauro die de Belgische rockmuziek voortdurend in de ballen stampen.
Zo werd de zaterdag in Leffinge met een splinterbom afgesloten, zelfs de Irakezen kunnen ze zo explosief niet produceren.


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/leffingeleuren-2014/
Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Pagina 315 van 498